Grenzen aan mantelzorg. Sociaaldemografische hypothesen over de toekomst van de zorg (CBGS-publicaties)
Thérèse Jacobs is voormalig algemeen directeur van het CBGS – Centrum voor Bevolkings- en Gezinsstudie in Brussel en hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen. Edith Lodewijckx is wetenschappelijk medewerker bij dit Centrum.
Grenzen aan mantelzorg. Sociaaldemografische hypothesen over de toekomst van de zorg (CBGS-publicaties)
Thérèse Jacobs is voormalig algemeen directeur van het CBGS – Centrum voor Bevolkings- en Gezinsstudie in Brussel en hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen. Edith Lodewijckx is wetenschappelijk medewerker bij dit Centrum.
Adieu!… A Dieu? Verlies en rouw bij jongeren met een beperking (S.O.B.- Katernen, nr. 4)
Jean-Paul Verhaegen, Johan Vandezande en Martine Van Dun zijn stafmedewerkers bij het VVKBuO – Vlaams Verbond van het Katholiek Buitengewoon Onderwijs, waarvan Karel Casaer secretaris-generaal is.
Adieu!… A Dieu? Verlies en rouw bij jongeren met een beperking (S.O.B.- Katernen, nr. 4)
Jean-Paul Verhaegen, Johan Vandezande en Martine Van Dun zijn stafmedewerkers bij het VVKBuO – Vlaams Verbond van het Katholiek Buitengewoon Onderwijs, waarvan Karel Casaer secretaris-generaal is.

Schoolmaatschappelijk werk in uitvoering. Handreiking schoolmaatschappelijk werk in het primair onderwijs
Deze publicatie start met een beschrijving van bestaande praktijken van schoolmaatschappelijk werk in verschillende gemeenten en WSNS-samenwerkingsverbanden. Daarnaast bevat dit boek een handreiking voor de inzet van schoolmaatschappelijk werk, in eerste instantie gericht op WSNS-codrdinatoren die middelen ontvangen in het kader van de Impulsregeling van OCW, maar ook relevant voor andere betrokkenen bij schoolmaatschappelijk werk. En verder bevat dit boek een beknopte rapportage over een onderzoek naar de inzet van de Impulsmiddelen door de samenwerkingsverbanden WSNS, uitgevoerd in maart 2006.
Deze publicatie is tot stand gekomen over verantwoordelijkheid van het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg, in samenwerking met de Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk Werkers (NVMW), de projectorganisatie WSNS Plus en het Servicepunt Schoolmaatschappelijk werk Rotterdam.
Marij Bosdriesz is als adviseur basisonderwijs bij het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg betrokken bij methodiekontwikkeling voor en ondersteuning van samenwerkingsinitiatieven tussen primair onderwijs, lokale partners (zoals schoolmaatschappelijk werk) en jeugdzorg.
Jacqueline Kenkel is, naast haar functie als docent aan de Faculteit Pedagogiekvan de Educatieve Hogeschool van Amsterdam,actief als freelance journalistiek schrijver op het thema 'aansluiting tussen onderwijs en (jeugd)zorg' en schrijft regelmatig voor het LCOJ.

Schoolmaatschappelijk werk in uitvoering. Handreiking schoolmaatschappelijk werk in het primair onderwijs
Deze publicatie start met een beschrijving van bestaande praktijken van schoolmaatschappelijk werk in verschillende gemeenten en WSNS-samenwerkingsverbanden. Daarnaast bevat dit boek een handreiking voor de inzet van schoolmaatschappelijk werk, in eerste instantie gericht op WSNS-codrdinatoren die middelen ontvangen in het kader van de Impulsregeling van OCW, maar ook relevant voor andere betrokkenen bij schoolmaatschappelijk werk. En verder bevat dit boek een beknopte rapportage over een onderzoek naar de inzet van de Impulsmiddelen door de samenwerkingsverbanden WSNS, uitgevoerd in maart 2006.
Deze publicatie is tot stand gekomen over verantwoordelijkheid van het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg, in samenwerking met de Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk Werkers (NVMW), de projectorganisatie WSNS Plus en het Servicepunt Schoolmaatschappelijk werk Rotterdam.
Marij Bosdriesz is als adviseur basisonderwijs bij het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg betrokken bij methodiekontwikkeling voor en ondersteuning van samenwerkingsinitiatieven tussen primair onderwijs, lokale partners (zoals schoolmaatschappelijk werk) en jeugdzorg.
Jacqueline Kenkel is, naast haar functie als docent aan de Faculteit Pedagogiekvan de Educatieve Hogeschool van Amsterdam,actief als freelance journalistiek schrijver op het thema 'aansluiting tussen onderwijs en (jeugd)zorg' en schrijft regelmatig voor het LCOJ.
Wel en wee van familiebedrijven
Dat familiebedrijven een fenomeen op zich zijn, heeft te maken met hun fascinerend karakter. Op een aantal fronten zijn familiebedrijven namelijk uniek. Niet op de laatste plaats door de drie netwerken waarmee ze te maken hebben: de familie, het bedrijf en het eigendom. Alhoewel ieder subsysteem weliswaar zelfstandig opereert, overlappen en beinvloeden ze elkaar, waardoor diverse belangen door elkaar heen kunnnen gaan lopen.
Omdat familiebedrijven zo''n afwijkende bedrijfsdynamiek hebben, is het voor werknemers en potentiele werknemers van belang kennis te nemen van de vele bewonderenswaardigheden van familiebedrijven. Al is het maar om kleine en/of grote gebeurtenissen in de juiste context te kunnen plaatsen.
Ook voor de directeur/eigenaren van familiebedrijven en hun aanverwante familieleden is dit boek een must, omdat het als spiegel fungeert. Een spiegel om de familiale werkelijkheid met grote oplettendheid, nauwkeurigheid en zorgvuldigheid te aanschouwen.
De vele bedrijfsadviseurs tot slot hebben er eveneens baat bij op de hoogte te zijn van het wel en wee van familiebedrijven. Dit om nog beter maatwerk te kunnen leveren en de implementatie daarvan te kunnen vergemakkelijken.
Drs Ursela van Stekelenburg werkt als zelfstandig strateeg, marketeer en communicatiedeskundige en kan bogen op jarenlange ervaring bij verschillende werkgevers in diverse branches. Daarnaast is zij werkzaam als onafhankelijk coach en geregistreerd mediator. Haar zowel generalistische als specialistische knowhow heeft ze samengebracht in haar bedrijf CleverWise Consultancy. Tevens richt ze zich met haar promotieonderzoek aan de Erasmus Universiteit op het people management binnen familiebedrijven.
Wel en wee van familiebedrijven
Dat familiebedrijven een fenomeen op zich zijn, heeft te maken met hun fascinerend karakter. Op een aantal fronten zijn familiebedrijven namelijk uniek. Niet op de laatste plaats door de drie netwerken waarmee ze te maken hebben: de familie, het bedrijf en het eigendom. Alhoewel ieder subsysteem weliswaar zelfstandig opereert, overlappen en beinvloeden ze elkaar, waardoor diverse belangen door elkaar heen kunnnen gaan lopen.
Omdat familiebedrijven zo''n afwijkende bedrijfsdynamiek hebben, is het voor werknemers en potentiele werknemers van belang kennis te nemen van de vele bewonderenswaardigheden van familiebedrijven. Al is het maar om kleine en/of grote gebeurtenissen in de juiste context te kunnen plaatsen.
Ook voor de directeur/eigenaren van familiebedrijven en hun aanverwante familieleden is dit boek een must, omdat het als spiegel fungeert. Een spiegel om de familiale werkelijkheid met grote oplettendheid, nauwkeurigheid en zorgvuldigheid te aanschouwen.
De vele bedrijfsadviseurs tot slot hebben er eveneens baat bij op de hoogte te zijn van het wel en wee van familiebedrijven. Dit om nog beter maatwerk te kunnen leveren en de implementatie daarvan te kunnen vergemakkelijken.
Drs Ursela van Stekelenburg werkt als zelfstandig strateeg, marketeer en communicatiedeskundige en kan bogen op jarenlange ervaring bij verschillende werkgevers in diverse branches. Daarnaast is zij werkzaam als onafhankelijk coach en geregistreerd mediator. Haar zowel generalistische als specialistische knowhow heeft ze samengebracht in haar bedrijf CleverWise Consultancy. Tevens richt ze zich met haar promotieonderzoek aan de Erasmus Universiteit op het people management binnen familiebedrijven.
Jongeren, ouders en drugs (Reeks Alcohol en andere Drugs, nr. 5)
Druggebruik is een complex fenomeen dat verschillende oorzaken en evoluties kent. Zowel individuele eigenschappen van de gebruiker als omgevingsinvloeden en de aard van het gebruikte middel, zullen bepalen of iemands druggebruik problematisch wordt.
In dit boek worden begrippen als experimenteel en problematisch druggebruik concreet omschreven en worden aan ouders en opvoeders handvatten aangereikt om met jonge druggebruikers aan de slag te gaan. Tussen machteloos toekijken en krampachtig verbieden en bestraffen ligt de weg van communicatie, dialoog en doelgericht handelen. Thema''s als het bespreekbaar maken van druggebruik, het waar en hoe begrenzen ervan en het wanneer en waarom een beroep doen op hulpverlening, komen uitvoerig aan bod.
Preventie en hulpverlening nemen een steeds grotere plaats in. Naast de rol van ouders en opvoeders, wordt dieper ingegaan op de doelstellingen en mogelijkheden van hulpverlening aan jonge druggebruikers.
Helga De Ridder is klinisch psychologe. Ze was achtereenvolgens werkzaam in het onderwijs, de Leuvense gevangenissen en een dagcentrum voor drugverslaafden. Momenteel is ze als coordinator verbonden aan Ambulante Drugzorg De Spiegel, een afdeling van vzw De Spiegel.
Jongeren, ouders en drugs (Reeks Alcohol en andere Drugs, nr. 5)
Druggebruik is een complex fenomeen dat verschillende oorzaken en evoluties kent. Zowel individuele eigenschappen van de gebruiker als omgevingsinvloeden en de aard van het gebruikte middel, zullen bepalen of iemands druggebruik problematisch wordt.
In dit boek worden begrippen als experimenteel en problematisch druggebruik concreet omschreven en worden aan ouders en opvoeders handvatten aangereikt om met jonge druggebruikers aan de slag te gaan. Tussen machteloos toekijken en krampachtig verbieden en bestraffen ligt de weg van communicatie, dialoog en doelgericht handelen. Thema''s als het bespreekbaar maken van druggebruik, het waar en hoe begrenzen ervan en het wanneer en waarom een beroep doen op hulpverlening, komen uitvoerig aan bod.
Preventie en hulpverlening nemen een steeds grotere plaats in. Naast de rol van ouders en opvoeders, wordt dieper ingegaan op de doelstellingen en mogelijkheden van hulpverlening aan jonge druggebruikers.
Helga De Ridder is klinisch psychologe. Ze was achtereenvolgens werkzaam in het onderwijs, de Leuvense gevangenissen en een dagcentrum voor drugverslaafden. Momenteel is ze als coordinator verbonden aan Ambulante Drugzorg De Spiegel, een afdeling van vzw De Spiegel.
Facilitating leadership
Facilitating leadership offers a practical approach to leadership, based on hands on expericnce as well as scientific literature. It offers an insight in different types of leadership and their ethical implications, and outlines the necessary day to day competences and possible obstacles when applying facilitating leadership.
Herman Siebens is the principal of the secondary school Koninklijk Atheneum Sint-Jans-Molenbeek, Brussels. He is the former chairman of the Flemish Network for Business Ethics and a current member of the European Business Ethics Network. He has published about many topics in business ethics such as corporate governance, quality care, stress, work-life balance, financial participation, business ethics for not-for-profit organisations, corporate governance for schools, organisational culture, change management, quality of work and CSR.
Facilitating leadership
Facilitating leadership offers a practical approach to leadership, based on hands on expericnce as well as scientific literature. It offers an insight in different types of leadership and their ethical implications, and outlines the necessary day to day competences and possible obstacles when applying facilitating leadership.
Herman Siebens is the principal of the secondary school Koninklijk Atheneum Sint-Jans-Molenbeek, Brussels. He is the former chairman of the Flemish Network for Business Ethics and a current member of the European Business Ethics Network. He has published about many topics in business ethics such as corporate governance, quality care, stress, work-life balance, financial participation, business ethics for not-for-profit organisations, corporate governance for schools, organisational culture, change management, quality of work and CSR.
Identiteit maak je samen. Schoolontwikkeling vanuit groeikansen
Onderwijskundige ontwikkelingen hebben geleid tot een stortvloed aan vernieuwingsvoorstellen op tal van gebieden. De druk op scholen om verantwoordelijkheid te dragen voor opvoeding in normen en waarden neemt toe. Eén verzuchting heeft in deze turbulentie tot de groei van iets nieuws geleid: wat is de samenhang in alles wat er op de scholen afkomt, wat is er de zin van en hoe kunnen we samen nog door de bomen het bos zien en eensgezind samenwerken? Aan dit boek ligt deze verzuchting ten grondslag. Hoe is de veelheid terug te brengen tot éénheid, hoe zijn de vele stemmen die er klinken in harmonie te brengen? Anders gezegd: Hoe krijgen we rust in de tent?e
Jo Morreel en Jos Roemer zijn verbonden aan resp. Akros-Onderwijsbureau in Bergen-op- Zoom en SOL-Identiteitsbegeleiders in Cuijk.onde
Identiteit maak je samen. Schoolontwikkeling vanuit groeikansen
Onderwijskundige ontwikkelingen hebben geleid tot een stortvloed aan vernieuwingsvoorstellen op tal van gebieden. De druk op scholen om verantwoordelijkheid te dragen voor opvoeding in normen en waarden neemt toe. Eén verzuchting heeft in deze turbulentie tot de groei van iets nieuws geleid: wat is de samenhang in alles wat er op de scholen afkomt, wat is er de zin van en hoe kunnen we samen nog door de bomen het bos zien en eensgezind samenwerken? Aan dit boek ligt deze verzuchting ten grondslag. Hoe is de veelheid terug te brengen tot éénheid, hoe zijn de vele stemmen die er klinken in harmonie te brengen? Anders gezegd: Hoe krijgen we rust in de tent?e
Jo Morreel en Jos Roemer zijn verbonden aan resp. Akros-Onderwijsbureau in Bergen-op- Zoom en SOL-Identiteitsbegeleiders in Cuijk.onde
Nog een boek voor twee. Spelbord en -materiaal
Spelbord en -materiaal
Dit spel hoort bij de methode 'Nog een boek voor twee'. Een samenhangende strategie om het begrijpend leesniveau van kinderen te verbeteren.
-----
In de serie boeken 'Nog een boek voor twee' wordt ingegaan op strategieën voor begrijpend lezen. Dit is daarmee een vervolg op de serie 'Een boek voor twee'.
Dit onderdeel is een Leesboek bestemd voor leerjaar 6 / groep 8.
Lezen speelt in onze samenleving een cruciale rol. Leren lezen en vooral leren begrijpend lezen is echter niet voor iedereen even gemakkelijk. Veel kinderen hebben het dan ook niet zo begrepen op begrijpend lezen.
Een belangrijke misvatting is dat als kinderen woorden en zinnen correct kunnen decoderen, hun leesbegrip zich ook wel spontaan zal ontwikkelen en zij meteen de betekenis begrijpen van wat er staat geschreven. Bekwame lezers doen echter wel meer dan het woord voor woord verklanken van wat er op papier staat. Ze jongleren met begrippen, betekenissen en beelden, ze controleren en bewaken hun leesbegrip, ze reflecteren over het leesproces...
Wanneer het dreigt mis te lopen kunnen zij bovendien makkelijk putten uit allerlei strategieën die toelaten beter greep op de tekst te krijgen: ze activeren relevante voorkennis, maken voorspellingen over het verloop van de tekst, controleren de tekst op samenhang en consistentie, passen hun leestempo aan de moeilijkheidsgraad van de tekst aan, onderscheiden hoofd- en bijzaken, herlezen moeilijke passages...
Nog een boek voor twee. Spelbord en -materiaal
Spelbord en -materiaal
Dit spel hoort bij de methode 'Nog een boek voor twee'. Een samenhangende strategie om het begrijpend leesniveau van kinderen te verbeteren.
-----
In de serie boeken 'Nog een boek voor twee' wordt ingegaan op strategieën voor begrijpend lezen. Dit is daarmee een vervolg op de serie 'Een boek voor twee'.
Dit onderdeel is een Leesboek bestemd voor leerjaar 6 / groep 8.
Lezen speelt in onze samenleving een cruciale rol. Leren lezen en vooral leren begrijpend lezen is echter niet voor iedereen even gemakkelijk. Veel kinderen hebben het dan ook niet zo begrepen op begrijpend lezen.
Een belangrijke misvatting is dat als kinderen woorden en zinnen correct kunnen decoderen, hun leesbegrip zich ook wel spontaan zal ontwikkelen en zij meteen de betekenis begrijpen van wat er staat geschreven. Bekwame lezers doen echter wel meer dan het woord voor woord verklanken van wat er op papier staat. Ze jongleren met begrippen, betekenissen en beelden, ze controleren en bewaken hun leesbegrip, ze reflecteren over het leesproces...
Wanneer het dreigt mis te lopen kunnen zij bovendien makkelijk putten uit allerlei strategieën die toelaten beter greep op de tekst te krijgen: ze activeren relevante voorkennis, maken voorspellingen over het verloop van de tekst, controleren de tekst op samenhang en consistentie, passen hun leestempo aan de moeilijkheidsgraad van de tekst aan, onderscheiden hoofd- en bijzaken, herlezen moeilijke passages...

Als een vliegende vis. Over de wording van een filosoof
Bernard Stiegler is hoofd van het Departement Culturele Ontwikkeling van het Centre Pompidou in Parijs. Hij wordt aangezien als één van de belangrijkste Franse filosofen van deze tijd. Judith Wambacq is assistente aan de Opleiding Wijsbegeerte van de KU Brussel. Liesbet Samyn is assistente aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven. Bart Buysenne studeerde wijsbegeerte en is momenteel leraar rooms-katholieke godsdienst.

Als een vliegende vis. Over de wording van een filosoof
Bernard Stiegler is hoofd van het Departement Culturele Ontwikkeling van het Centre Pompidou in Parijs. Hij wordt aangezien als één van de belangrijkste Franse filosofen van deze tijd. Judith Wambacq is assistente aan de Opleiding Wijsbegeerte van de KU Brussel. Liesbet Samyn is assistente aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven. Bart Buysenne studeerde wijsbegeerte en is momenteel leraar rooms-katholieke godsdienst.
Marketing van diensten (met cd-rom)
Het boek zet de principes, concepten en theorieën van dienstenmarketing op een heel toegankelijke manier stap voor stap uiteen en illustreert ze aan de hand van concrete voorbeelden, via concrete leerdoelstellingen, schema’s en toepassingen. Niet alleen wie in deze marketing ingewijd wil worden, maar ook de actieve dienstenmarketeer kan in dit boek nagaan welke theoretische concepten zijn beleidskeuzes bepalen en wat die keuzes impliceren voor de klant en het bedrijf. Wie zichzelf als dienstenmarketeer wil testen, wordt aan het einde geholpen met een doe-het-zelf scorecard.
Koen Maegherman is directeur Product Management bij de Hongaarse K&H Bank, een dochterbedrijf van de KBC Groep. Hij doceerde dienstenmarketing aan de Europese Hogeschool in Brussel en de Lessius-Hogeschool in Antwerpen en werkte mee aan het Marketingjaarboek.
Marketing van diensten (met cd-rom)
Het boek zet de principes, concepten en theorieën van dienstenmarketing op een heel toegankelijke manier stap voor stap uiteen en illustreert ze aan de hand van concrete voorbeelden, via concrete leerdoelstellingen, schema’s en toepassingen. Niet alleen wie in deze marketing ingewijd wil worden, maar ook de actieve dienstenmarketeer kan in dit boek nagaan welke theoretische concepten zijn beleidskeuzes bepalen en wat die keuzes impliceren voor de klant en het bedrijf. Wie zichzelf als dienstenmarketeer wil testen, wordt aan het einde geholpen met een doe-het-zelf scorecard.
Koen Maegherman is directeur Product Management bij de Hongaarse K&H Bank, een dochterbedrijf van de KBC Groep. Hij doceerde dienstenmarketing aan de Europese Hogeschool in Brussel en de Lessius-Hogeschool in Antwerpen en werkte mee aan het Marketingjaarboek.

Kinderen en jongeren met overgewicht. Werkboek voor kinderen
In de handleiding staan er vier draaiboeken (ook protocollen of trainingen genoemd) die daarbij een hulp kunnen zijn: een training voor de ouders van kinderen met overgewicht, een kindtraining, een training voor adolescenten en een apart protocol met bewegingsoefeningen. Bij de handleiding horen drie werkboeken. Dit is er één van.
Kinderen en jongeren met overgewicht is samengesteld door een team van experts en berust op hun jarenlange ervaring. Evaluatie door universitaire medewerkers toont aan dat er goede resultaten te verwachten zijn, op voorwaarde dat het beschreven protocol goed wordt gevolgd onder deskundige begeleiding.
Caroline Braet, doctor in de psychologie, klinisch psycholoog. gedragstherapeut en hoofddocent aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen. Naast onderwijsopdrachten op het domein van de ontwikkelingspsychopathologie doet zij in het bijzonder onderzoek over het ontstaan van kinderobesitas, de behandeling ervan en de gerelateerde problemen bij overgewicht bij kinderen. In dit verband is ze ook consulent op de polikliniek van de Pediatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent en in het Medisch-Pediatrisch Centrum in De Haan. Ze schreef meer dan 100 artikelen en hoofdstukken in boeken over obesitas bij kinderen.
Saskia Mels, klinisch psychologe, is wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen, Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie. Daarnaast werkt zij binnen het jeugdobesitasteam van het Universitair Ziekenhuis Gent en binnen het Universitair Psychologisch Centrum Kind en Adolescent.
Lien Joossens, voedingsdeskundige-diëtiste, heeft een zelfstandige diëtistenpraktijk in Brugge. Na opleidingen Kindvriendelijke consultaties en Gedragstherapeutische vaardigheden voor de diëtist specialiseerde ze zich in de begeleiding van kinderen met overgewicht en jongeren met eetproblemen.

Kinderen en jongeren met overgewicht. Werkboek voor kinderen
In de handleiding staan er vier draaiboeken (ook protocollen of trainingen genoemd) die daarbij een hulp kunnen zijn: een training voor de ouders van kinderen met overgewicht, een kindtraining, een training voor adolescenten en een apart protocol met bewegingsoefeningen. Bij de handleiding horen drie werkboeken. Dit is er één van.
Kinderen en jongeren met overgewicht is samengesteld door een team van experts en berust op hun jarenlange ervaring. Evaluatie door universitaire medewerkers toont aan dat er goede resultaten te verwachten zijn, op voorwaarde dat het beschreven protocol goed wordt gevolgd onder deskundige begeleiding.
Caroline Braet, doctor in de psychologie, klinisch psycholoog. gedragstherapeut en hoofddocent aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen. Naast onderwijsopdrachten op het domein van de ontwikkelingspsychopathologie doet zij in het bijzonder onderzoek over het ontstaan van kinderobesitas, de behandeling ervan en de gerelateerde problemen bij overgewicht bij kinderen. In dit verband is ze ook consulent op de polikliniek van de Pediatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent en in het Medisch-Pediatrisch Centrum in De Haan. Ze schreef meer dan 100 artikelen en hoofdstukken in boeken over obesitas bij kinderen.
Saskia Mels, klinisch psychologe, is wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen, Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie. Daarnaast werkt zij binnen het jeugdobesitasteam van het Universitair Ziekenhuis Gent en binnen het Universitair Psychologisch Centrum Kind en Adolescent.
Lien Joossens, voedingsdeskundige-diëtiste, heeft een zelfstandige diëtistenpraktijk in Brugge. Na opleidingen Kindvriendelijke consultaties en Gedragstherapeutische vaardigheden voor de diëtist specialiseerde ze zich in de begeleiding van kinderen met overgewicht en jongeren met eetproblemen.
Weer siddert in mij de liefde die het lichaam sloopt. Sapphô van Lésbos blijft brandend
Men was als vrouw groots als creatieve geest zoals Sapphô, en dus een ‘Sapphô’, die erin slaagde zich naast de mannen in geschrifte en in poëzie te manifesteren. Men was heroïsch en zichzelf affirmerend als Sapphô, als de mascula Sappho van Horatius. Men was een ‘Sapphô’, wanneer men zich als een kuise pedagoge manifesteerde, die zich over jonge vrouwelijke leerlingen ontfermde die men op het latere (huwelijks)leven voorbereidde. En men was een ‘Sapphô’, wanneer men getuigenis aflegde van een ongebreidelde seksualiteit en vooral ook de gendernorm transcendeerde, waarbij men in de buitenste duisternis riskeerde te worden geworpen.
Dit essay maakt duidelijk waarom Sapphô niet alleen als dichteres werd benaderd. Het gaat geenszins de discussie uit weg met bepaalde burgerlijk-paternalistische en feministische interpretatoren van haar bewaard gebleven poëzie, die beurtelings hebben aangevoerd dat men over de goede lens moet beschikken om naar poëzie te kijken, wil men haar juist interpreteren.
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de KU Leuven. Hij doceert er psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde en cultuurgeschiedenis van de seksualiteit. Eerder verschenen diverse andere monumentale studies van hem.
Weer siddert in mij de liefde die het lichaam sloopt. Sapphô van Lésbos blijft brandend
Men was als vrouw groots als creatieve geest zoals Sapphô, en dus een ‘Sapphô’, die erin slaagde zich naast de mannen in geschrifte en in poëzie te manifesteren. Men was heroïsch en zichzelf affirmerend als Sapphô, als de mascula Sappho van Horatius. Men was een ‘Sapphô’, wanneer men zich als een kuise pedagoge manifesteerde, die zich over jonge vrouwelijke leerlingen ontfermde die men op het latere (huwelijks)leven voorbereidde. En men was een ‘Sapphô’, wanneer men getuigenis aflegde van een ongebreidelde seksualiteit en vooral ook de gendernorm transcendeerde, waarbij men in de buitenste duisternis riskeerde te worden geworpen.
Dit essay maakt duidelijk waarom Sapphô niet alleen als dichteres werd benaderd. Het gaat geenszins de discussie uit weg met bepaalde burgerlijk-paternalistische en feministische interpretatoren van haar bewaard gebleven poëzie, die beurtelings hebben aangevoerd dat men over de goede lens moet beschikken om naar poëzie te kijken, wil men haar juist interpreteren.
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de KU Leuven. Hij doceert er psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde en cultuurgeschiedenis van de seksualiteit. Eerder verschenen diverse andere monumentale studies van hem.
