Psychoanalytische praktijk tussen onbewuste en wetenschap (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 23)
Een van de constanten in de reeks Psychoanalytisch Actueel is dat ze op de psychoanalytische praktijk is gericht. Nu eens komt een specifieke problematiek aan bod, dan weer een welbepaalde therapeutische setting of modus. Dit boek neemt de merites van psychoanalytische praktijkvoering meer in het algemeen onder de loep. Dit gebeurt tegen de achtergrond van enerzijds het onbewuste als onderzoeksobject bij uitstek van die praktijk, en van anderzijds de vraag naar de wetenschappelijke status van diezelfde praktijk. Voor velen staan onbewuste en wetenschap echter op gespannen voet. Kan de oriëntatie op het onbewuste wetenschappelijk wel ernstig genomen worden? Leent het onbewuste zich überhaupt tot wetenschappelijk onderzoek? Wat moeten we dan onder ‘wetenschap’ verstaan en zijn de tegenwoordig overheersende wetenschappelijke criteria voor elk onderzoeksgebied evenzeer geldig? Hoe stuurt en stoort dit debat het reilen en zeilen van de praktijk? Op welke wijze kan de analytische praktijk omgekeerd het debat mee bepalen en er meer zeggenschap in verwerven? Verdient de psychoanalytische benadering het niet gehonoreerd te worden in haar geheel eigen ‘wetenschappelijkheid’?
Binnen het drieluik van dit boek komt de praktijk centraal te staan in het spanningsveld tussen onbewuste en wetenschap. Het is immers slechts in en vanuit deze praktijk dat het debat beslecht of minstens gevoed kan worden.
Met bijdragen van Ariane Bazan, Mattias Desmet, Christine Franckx, Wouter Gomperts, Dominiek Hoens, Sylvia Janson, Mark Kinet, Michel Thys en Myriam Van Gael.
Mark Kinet is psychiater en psychotherapeut. Hij is hoofdredacteur van de reeks Psychoanalytisch
Actueel.
Michel Thys is doctor in de filosofie, psycholoog en psychoanalyticus. Hij is voormalig
hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Psychoanalyse en tevens redactielid van de reeks.
Psychoanalytische praktijk tussen onbewuste en wetenschap (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 23)
Een van de constanten in de reeks Psychoanalytisch Actueel is dat ze op de psychoanalytische praktijk is gericht. Nu eens komt een specifieke problematiek aan bod, dan weer een welbepaalde therapeutische setting of modus. Dit boek neemt de merites van psychoanalytische praktijkvoering meer in het algemeen onder de loep. Dit gebeurt tegen de achtergrond van enerzijds het onbewuste als onderzoeksobject bij uitstek van die praktijk, en van anderzijds de vraag naar de wetenschappelijke status van diezelfde praktijk. Voor velen staan onbewuste en wetenschap echter op gespannen voet. Kan de oriëntatie op het onbewuste wetenschappelijk wel ernstig genomen worden? Leent het onbewuste zich überhaupt tot wetenschappelijk onderzoek? Wat moeten we dan onder ‘wetenschap’ verstaan en zijn de tegenwoordig overheersende wetenschappelijke criteria voor elk onderzoeksgebied evenzeer geldig? Hoe stuurt en stoort dit debat het reilen en zeilen van de praktijk? Op welke wijze kan de analytische praktijk omgekeerd het debat mee bepalen en er meer zeggenschap in verwerven? Verdient de psychoanalytische benadering het niet gehonoreerd te worden in haar geheel eigen ‘wetenschappelijkheid’?
Binnen het drieluik van dit boek komt de praktijk centraal te staan in het spanningsveld tussen onbewuste en wetenschap. Het is immers slechts in en vanuit deze praktijk dat het debat beslecht of minstens gevoed kan worden.
Met bijdragen van Ariane Bazan, Mattias Desmet, Christine Franckx, Wouter Gomperts, Dominiek Hoens, Sylvia Janson, Mark Kinet, Michel Thys en Myriam Van Gael.
Mark Kinet is psychiater en psychotherapeut. Hij is hoofdredacteur van de reeks Psychoanalytisch
Actueel.
Michel Thys is doctor in de filosofie, psycholoog en psychoanalyticus. Hij is voormalig
hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Psychoanalyse en tevens redactielid van de reeks.
Polariteits- en informatiegeneeskunde
Inzichten uit zowel de westerse als de traditionele oosterse geneeskunde vinden er een synthese. Iemand is gezond wanneer de cellen van alle organen goed functioneren. Indien de celstofwisseling een bepaald ritme aanhoudt, `weten'' cellen welke functies ze moeten vervullen. In dit opzicht leunt deze geneeskunde aan bij de genetica. Is dit ritme verstoord, dan treden ziekteverschijnselen op. Deze verstoring kan veroorzaakt worden door bepaalde scheikundige stoffen, want die zijn ook te beschrijven in termen van hun karakteristieke fysische eigen-schappen, zoals elektrische lading, elektromagnetische lading en calorische waarde. Hier slaat polariteitsgeneeskunde de brug naar de traditionele oosterse geneeskunde, want ook de Japanse begrippen yin en yang refereren naar deze fysische eigenschappen.`Yange'' stoffen hebben een positief elektrisch karakter en zijn in staat de celstofwisseling te vertragen. Hierdoor ontstaan stagnatie en opstapeling van afvalstoffen. `Yinne'' stoffen vertonen een negatief elektrisch karakter en bewerkstelligen net het tegenovergestelde. Ze wijzigen het celmilieu zodanig dat een toename van het celtransport en de celspanning optreedt. Deze dualiteit vormt de basis van het verschijnsel `polariteit'' en de toepassingen in de polariteitsgeneeskunde. Welke implicaties hebben deze inzichten voor de medische praktijk? De auteur beschrijft veel voorkomende aandoeningen als kanker, diabetes, chronisch vermoeidheidsyndroom enz. als polariteitstoornissen en legt uit hoe ze biofysisch behandeld kunnen worden. Ook de belangrijkste toepassingen van de informatiegeneeskunde komen concreet aan bod. Voeding, medicatie, voedingssupplementen, kruiden, plantenextracten en homeopathische middelen kunnen onze celstofwisseling beïnvloeden. Ook emotionele en mentale processen, en de toestand van onze leefomgeving, grijpen in belangrijke mate in.
Annik Mollen is arts. Zij maakt deel uit van een groepspraktijk in Antwerpen.
Polariteits- en informatiegeneeskunde
Inzichten uit zowel de westerse als de traditionele oosterse geneeskunde vinden er een synthese. Iemand is gezond wanneer de cellen van alle organen goed functioneren. Indien de celstofwisseling een bepaald ritme aanhoudt, `weten'' cellen welke functies ze moeten vervullen. In dit opzicht leunt deze geneeskunde aan bij de genetica. Is dit ritme verstoord, dan treden ziekteverschijnselen op. Deze verstoring kan veroorzaakt worden door bepaalde scheikundige stoffen, want die zijn ook te beschrijven in termen van hun karakteristieke fysische eigen-schappen, zoals elektrische lading, elektromagnetische lading en calorische waarde. Hier slaat polariteitsgeneeskunde de brug naar de traditionele oosterse geneeskunde, want ook de Japanse begrippen yin en yang refereren naar deze fysische eigenschappen.`Yange'' stoffen hebben een positief elektrisch karakter en zijn in staat de celstofwisseling te vertragen. Hierdoor ontstaan stagnatie en opstapeling van afvalstoffen. `Yinne'' stoffen vertonen een negatief elektrisch karakter en bewerkstelligen net het tegenovergestelde. Ze wijzigen het celmilieu zodanig dat een toename van het celtransport en de celspanning optreedt. Deze dualiteit vormt de basis van het verschijnsel `polariteit'' en de toepassingen in de polariteitsgeneeskunde. Welke implicaties hebben deze inzichten voor de medische praktijk? De auteur beschrijft veel voorkomende aandoeningen als kanker, diabetes, chronisch vermoeidheidsyndroom enz. als polariteitstoornissen en legt uit hoe ze biofysisch behandeld kunnen worden. Ook de belangrijkste toepassingen van de informatiegeneeskunde komen concreet aan bod. Voeding, medicatie, voedingssupplementen, kruiden, plantenextracten en homeopathische middelen kunnen onze celstofwisseling beïnvloeden. Ook emotionele en mentale processen, en de toestand van onze leefomgeving, grijpen in belangrijke mate in.
Annik Mollen is arts. Zij maakt deel uit van een groepspraktijk in Antwerpen.
Dubbele moord op Martin Luther King, Jr. Een definitief en historiografisch eindrapport
Martin Luther King, Jr. neemt vandaag een voorname plaats in binnen de Amerikaanse historiografie. Zijn Nobelprijs voor de Vrede, tweehonderd eredoctoraten en de oprichting van het King Memorial bevestigen die positie. In 1964 en 1965 bezocht hij Nederland en ontving een ereprijs uit de handen van koningin Juliana. Toch kwam King vroegtijdig aan zijn einde. Op 4 april 1968 werd hij vermoord door een rabiaat racist. De wereld stond even stil. Aan dit boek werkte Europees Kingdeskundige Willy Schaeken ruim twaalf jaar. Na grondige analyse verbindt hij de moordaanslag met het historische moordklimaat en de moordomstandigheden. De rol van John Edgar Hoover, de Ku Klux Klan, rechtse groeperingen, de oorlog in Vietnam, het Amerikaanse racisme gaat hij niet uit de weg. Uiteindelijk verbindt de auteur Kings laatste levensjaren met zijn personalistische visie en biedt hij een antwoord op de vraag naar Kings levenselixir.
“Historian Willy Schaeken has added to his stature as a leading King expert with
this insightful account of the civil rights leader’s assassination. By placing King’s
tragic death in the context of twentieth-century American racial relations, he helps
readers understand why it happened.”
Prof. dr. Clayborne Carson
Centennial Professor of History, R. L. Founding Director The Martin Luther King, Jr., Research
and Education Institute (Stanford University), bekroond auteur in US en Europa
“Although a lone gunman - and no one else - murdered Martin Luther King, Jr.,
Willy Schaeken shows how J. Edgar Hoover’s FBI created a ‘climate of murder’
by demonizing King. Schaeken offers a fresh and interesting perspective on King’s
strength, leadership and influence.”
Prof. dr. Adaim Fairclough
Raymond and Beverly Sackler Professor of American History and Culture (Universiteit Leiden),
bekroond auteur in US en Europa
“Willy Schaeken has produced a fascinating study of the final years of Martin
Luther King’s life and the circumstances surrounding his assassination. Schaeken’s
book should be read by anyone who wishes to know the truth about how a lowly
second rate criminal fooled the American public into accepting outrageous and
false conspiracy theories.”
Mel Ayton
Historicus (Durham University, UK) en auteur van ‘A Racial Crime. James Earl Ray and the
Murder of Dr. Martin Luther King, Jr.’ en talrijke historische boeken
Willy Schaeken is historicus, leerkracht godsdienst en Europees Kingdeskundige. Hij schreef diverse boeken over de Civil Rights Movement en artikels over Kings personalistisch-pacifistische theologie. Naast contacten met Kings familie onderhoudt hij goede banden met The Martin Luther King, Jr. Research and Education Institute te Stanford University (San Francisco).
Dubbele moord op Martin Luther King, Jr. Een definitief en historiografisch eindrapport
Martin Luther King, Jr. neemt vandaag een voorname plaats in binnen de Amerikaanse historiografie. Zijn Nobelprijs voor de Vrede, tweehonderd eredoctoraten en de oprichting van het King Memorial bevestigen die positie. In 1964 en 1965 bezocht hij Nederland en ontving een ereprijs uit de handen van koningin Juliana. Toch kwam King vroegtijdig aan zijn einde. Op 4 april 1968 werd hij vermoord door een rabiaat racist. De wereld stond even stil. Aan dit boek werkte Europees Kingdeskundige Willy Schaeken ruim twaalf jaar. Na grondige analyse verbindt hij de moordaanslag met het historische moordklimaat en de moordomstandigheden. De rol van John Edgar Hoover, de Ku Klux Klan, rechtse groeperingen, de oorlog in Vietnam, het Amerikaanse racisme gaat hij niet uit de weg. Uiteindelijk verbindt de auteur Kings laatste levensjaren met zijn personalistische visie en biedt hij een antwoord op de vraag naar Kings levenselixir.
“Historian Willy Schaeken has added to his stature as a leading King expert with
this insightful account of the civil rights leader’s assassination. By placing King’s
tragic death in the context of twentieth-century American racial relations, he helps
readers understand why it happened.”
Prof. dr. Clayborne Carson
Centennial Professor of History, R. L. Founding Director The Martin Luther King, Jr., Research
and Education Institute (Stanford University), bekroond auteur in US en Europa
“Although a lone gunman - and no one else - murdered Martin Luther King, Jr.,
Willy Schaeken shows how J. Edgar Hoover’s FBI created a ‘climate of murder’
by demonizing King. Schaeken offers a fresh and interesting perspective on King’s
strength, leadership and influence.”
Prof. dr. Adaim Fairclough
Raymond and Beverly Sackler Professor of American History and Culture (Universiteit Leiden),
bekroond auteur in US en Europa
“Willy Schaeken has produced a fascinating study of the final years of Martin
Luther King’s life and the circumstances surrounding his assassination. Schaeken’s
book should be read by anyone who wishes to know the truth about how a lowly
second rate criminal fooled the American public into accepting outrageous and
false conspiracy theories.”
Mel Ayton
Historicus (Durham University, UK) en auteur van ‘A Racial Crime. James Earl Ray and the
Murder of Dr. Martin Luther King, Jr.’ en talrijke historische boeken
Willy Schaeken is historicus, leerkracht godsdienst en Europees Kingdeskundige. Hij schreef diverse boeken over de Civil Rights Movement en artikels over Kings personalistisch-pacifistische theologie. Naast contacten met Kings familie onderhoudt hij goede banden met The Martin Luther King, Jr. Research and Education Institute te Stanford University (San Francisco).
Opleiding als sociale scheidslijn. Een nieuw perspectief op een oude kloof.
Over opleiding als sociale scheidslijn is al veel gezegd en geschreven. Maar een gedegen analyse waarin systematisch is onderzocht of de kloof tussen hogeren lageropgeleiden werkelijk is toegenomen in de Nederlandse samenleving, ontbrak nog.
De auteurs laten zien dat er een aanzienlijke kloof is tussen hoger- en lageropgeleiden op het vlak van de arbeidsmarkt, attitudes, politieke participatie en gezondheid. Ook wat betreft vrijwilligerswerk, de huwelijksmarkt en het vermijden van sociale daling is opleidingsniveau een belangrijke factor. Maar in tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, neemt het belang van opleiding voor maatschappelijke kansen niet toe. Opleiding is dus niet als de nieuwe sociale scheidslijn te bestempelen. Ze was dat al en is het nog steeds. Het is bovendien niet waarschijnlijk dat de opleidingskloof alsnog sterk aan belang zal winnen.
Daarmee biedt dit boek voor wetenschappers, beleidsmakers en anderen die zich met het onderwijs bezighouden, een nieuw perspectief op een oude kloof.
Opleiding als sociale scheidslijn. Een nieuw perspectief op een oude kloof.
Over opleiding als sociale scheidslijn is al veel gezegd en geschreven. Maar een gedegen analyse waarin systematisch is onderzocht of de kloof tussen hogeren lageropgeleiden werkelijk is toegenomen in de Nederlandse samenleving, ontbrak nog.
De auteurs laten zien dat er een aanzienlijke kloof is tussen hoger- en lageropgeleiden op het vlak van de arbeidsmarkt, attitudes, politieke participatie en gezondheid. Ook wat betreft vrijwilligerswerk, de huwelijksmarkt en het vermijden van sociale daling is opleidingsniveau een belangrijke factor. Maar in tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, neemt het belang van opleiding voor maatschappelijke kansen niet toe. Opleiding is dus niet als de nieuwe sociale scheidslijn te bestempelen. Ze was dat al en is het nog steeds. Het is bovendien niet waarschijnlijk dat de opleidingskloof alsnog sterk aan belang zal winnen.
Daarmee biedt dit boek voor wetenschappers, beleidsmakers en anderen die zich met het onderwijs bezighouden, een nieuw perspectief op een oude kloof.
Vijftig onderwijstips
Dit boek met onderwijstips is in de eerste plaats bedoeld voor lesgevers uit het hoger onderwijs. Tal van thema’s waarmee een lesgever geconfronteerd wordt, komen aan bod, zoals het activerend lesgeven, klasmanagement, het geven van opdrachten, organiseren van groepswerk, opstellen van examens. Naast de tips zelf, zijn er ook verwijzingen naar verdiepend of verbredend materiaal.
Het Expertisecentrum Hoger Onderwijs (ECHO, www.ua.ac.be/echo) maakt deel uit van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Het ECHO staat in voor de professionalisering van het onderwijzend personeel van de Universiteit Antwerpen en breder van de Associatie Universiteit Hogescholen Antwerpen. Daarnaast voert het centrum (toegepast) onderwijskundig onderzoek uit op het terrein van lesgeven in het hoger onderwijs.
Vijftig onderwijstips
Dit boek met onderwijstips is in de eerste plaats bedoeld voor lesgevers uit het hoger onderwijs. Tal van thema’s waarmee een lesgever geconfronteerd wordt, komen aan bod, zoals het activerend lesgeven, klasmanagement, het geven van opdrachten, organiseren van groepswerk, opstellen van examens. Naast de tips zelf, zijn er ook verwijzingen naar verdiepend of verbredend materiaal.
Het Expertisecentrum Hoger Onderwijs (ECHO, www.ua.ac.be/echo) maakt deel uit van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Het ECHO staat in voor de professionalisering van het onderwijzend personeel van de Universiteit Antwerpen en breder van de Associatie Universiteit Hogescholen Antwerpen. Daarnaast voert het centrum (toegepast) onderwijskundig onderzoek uit op het terrein van lesgeven in het hoger onderwijs.
Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs
Dit boek gaat in op de vraag wat scholen jongeren aan burgerschap willen leren, welk beleid ze daartoe ontwikkelen, welke pedagogischdidactische strategieën ze hanteren, en wat in de praktijk effectief is gebleken. Scholen voor burgerschap bundelt de kennis over het werken aan burgerschapsvorming in het Nederlandse onderwijs, en plaatst deze in internationaal perspectief.
De bijdragen in dit boek komen in belangrijke mate voort uit het werk van de Alliantie Burgerschap.
Jules Peschar is emeritus hoogleraar onderwijssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was jarenlang betrokken bij de ontwikkeling van internationale onderwijsindicatoren, ondermeer op het terrein van cross-curriculaire competenties.
Hans Hooghoff is als manager unit Maatschappelijke Thema’s verbonden aan SLO, het nationaal expertiescentrum voor leerplanontwikkeling.
Anne Bert Dijkstra is verbonden aan de Inspectie van het Onderwijs en geeft daar leiding aan programma’s op het terrein van burgerschap, sociale veiligheid en sociale opbrengsten van onderwijs.
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is nauw betrokken bij onderzoek naar burgerschapseducatie en is een van de auteurs van het meetinstrument Burgerschap.
Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs
Dit boek gaat in op de vraag wat scholen jongeren aan burgerschap willen leren, welk beleid ze daartoe ontwikkelen, welke pedagogischdidactische strategieën ze hanteren, en wat in de praktijk effectief is gebleken. Scholen voor burgerschap bundelt de kennis over het werken aan burgerschapsvorming in het Nederlandse onderwijs, en plaatst deze in internationaal perspectief.
De bijdragen in dit boek komen in belangrijke mate voort uit het werk van de Alliantie Burgerschap.
Jules Peschar is emeritus hoogleraar onderwijssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was jarenlang betrokken bij de ontwikkeling van internationale onderwijsindicatoren, ondermeer op het terrein van cross-curriculaire competenties.
Hans Hooghoff is als manager unit Maatschappelijke Thema’s verbonden aan SLO, het nationaal expertiescentrum voor leerplanontwikkeling.
Anne Bert Dijkstra is verbonden aan de Inspectie van het Onderwijs en geeft daar leiding aan programma’s op het terrein van burgerschap, sociale veiligheid en sociale opbrengsten van onderwijs.
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is nauw betrokken bij onderzoek naar burgerschapseducatie en is een van de auteurs van het meetinstrument Burgerschap.
Mentalisatie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 2)
Fonagy en medewerkers ontwikkelden dit begrip verder tot ‘mentalisatie’, dat opvattingen uit verschillende disciplines integreert. Het begrip heeft een grote impact op de huidige benadering van ontwikkelingspsychologie en psychopathologie. In ons taalgebied, waar zowel Franse als Angelsaksische invloeden een grote rol spelen, is dit mentalisatieconcept al enige tijd in voege. Dit boek wil vanuit deze traditie het begrip ‘mentalisatie’ verduidelijken en in een bredere context plaatsen.
Mark Kinet, psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut, is hoofdgeneesheer van de Kliniek Sint-Jozef in Pittem, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie. Rudi Vermote, psychiater en psychoanalyticus, is diensthoofd van de Klinische Psychoanalytische Psychotherapie voor Persoonlijkheidsstoornissen in het U.C. St-Jozef in Kortenberg.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Mentalisatie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 2)
Fonagy en medewerkers ontwikkelden dit begrip verder tot ‘mentalisatie’, dat opvattingen uit verschillende disciplines integreert. Het begrip heeft een grote impact op de huidige benadering van ontwikkelingspsychologie en psychopathologie. In ons taalgebied, waar zowel Franse als Angelsaksische invloeden een grote rol spelen, is dit mentalisatieconcept al enige tijd in voege. Dit boek wil vanuit deze traditie het begrip ‘mentalisatie’ verduidelijken en in een bredere context plaatsen.
Mark Kinet, psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut, is hoofdgeneesheer van de Kliniek Sint-Jozef in Pittem, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie. Rudi Vermote, psychiater en psychoanalyticus, is diensthoofd van de Klinische Psychoanalytische Psychotherapie voor Persoonlijkheidsstoornissen in het U.C. St-Jozef in Kortenberg.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Mama, mijn buik doet pijn. Kinderen met buikpijn helpen
Mama, mijn buik doet pijn. Kinderen met buikpijn helpen
Boos als een draak. Kinderen en partnergeweld
Welke strategie kinderen ook gebruiken om met het geweld in hun gezin om te gaan, ze lijden onder angst, verdriet, verwarring, schuldgevoelens en machteloosheid. Dit boek is een praktische handleiding voor hulpverleners en andere betrokkenen om kinderen van 5 à 10 jaar die getuigen zijn van geweld tussen hun ouders te helpen. De eerste vraag is hoe deze kinderen te bereiken zijn. Vanuit verschillende aanmeldingsscenario''s moeten ouders en kinderen anders gemotiveerd worden om op een hulpverleningsaanbod in te gaan.
Dan rijst de vraag hoe concreet met deze kinderen moet worden gewerkt. Het sprookje ''Boos als een draak'' is een hulpmiddel. Vanuit het verhaal en oefeningen komen de verschillende aspecten van geweld en de beleving van kinderen aan bod: fenomenologie van het geweld, geheimhouding, ambivalente houding tegenover de pleger, verwarring oorzaak en gevolg, angst, zorg, schuldgevoel…
Hilde Genetello is klinisch en ontwikkelingspsycholoog. Zij is verbonden aan het CAW — Centrum voor Algemeen Welzijnswerk Zuid-Oost-Vlaanderen binnen een project partnergeweld. Daarnaast heeft zij een eigen praktijk voor individuele begeleiding, relatie- en gezinsbegeleiding in Zwevegem.
Boos als een draak. Kinderen en partnergeweld
Welke strategie kinderen ook gebruiken om met het geweld in hun gezin om te gaan, ze lijden onder angst, verdriet, verwarring, schuldgevoelens en machteloosheid. Dit boek is een praktische handleiding voor hulpverleners en andere betrokkenen om kinderen van 5 à 10 jaar die getuigen zijn van geweld tussen hun ouders te helpen. De eerste vraag is hoe deze kinderen te bereiken zijn. Vanuit verschillende aanmeldingsscenario''s moeten ouders en kinderen anders gemotiveerd worden om op een hulpverleningsaanbod in te gaan.
Dan rijst de vraag hoe concreet met deze kinderen moet worden gewerkt. Het sprookje ''Boos als een draak'' is een hulpmiddel. Vanuit het verhaal en oefeningen komen de verschillende aspecten van geweld en de beleving van kinderen aan bod: fenomenologie van het geweld, geheimhouding, ambivalente houding tegenover de pleger, verwarring oorzaak en gevolg, angst, zorg, schuldgevoel…
Hilde Genetello is klinisch en ontwikkelingspsycholoog. Zij is verbonden aan het CAW — Centrum voor Algemeen Welzijnswerk Zuid-Oost-Vlaanderen binnen een project partnergeweld. Daarnaast heeft zij een eigen praktijk voor individuele begeleiding, relatie- en gezinsbegeleiding in Zwevegem.
