Gebarenwoordenboek
Maurice Buyens (°1940), die de leiding had over het redactieteam, is Broeder van Liefde en zoon van dove ouders. Hij is algemeen secretaris van Fevlado en oprichter en verantwoordelijke van de graduaatopleiding “Tolk voor Doven”.
Gebarenwoordenboek
Maurice Buyens (°1940), die de leiding had over het redactieteam, is Broeder van Liefde en zoon van dove ouders. Hij is algemeen secretaris van Fevlado en oprichter en verantwoordelijke van de graduaatopleiding “Tolk voor Doven”.
Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten
Schoolleiders en leerkrachten ervaren dat ze doeltreffender gebruik kunnen maken van de informatie waarover ze beschikken om problemen waarmee ze geconfronteerd worden te begrijpen en het hoofd te bieden. Vanuit de overtuiging dat informatiegebruik een meerwaarde kan betekenen voor het nemen van beleids- en praktijkbeslissingen, zetten scholen informatiegebruik dan ook steeds prominenter op hun agenda. Hun streven is om via informatie aspecten van de eigen onderwijsprocessen en -resultaten in kaart te brengen en verder te ontwikkelen. De aandacht voor informatiegebruik wordt daarnaast geprikkeld door verwachtingen van buiten de school. Schoolleiders en leerkrachten zijn zoekende in hoe ze informatie kunnen aanwenden om verantwoording af te leggen voor hun onderwijsprocessen en -resultaten. Beide streefdoelen realiseren blijkt echter bijzonder moeilijk te zijn. Het beschikbare informatieaanbod is vaak niet afgestemd op informatiebehoeften, belangrijke informatiebronnen ontbreken en het is aangewezen vaardigheden en attitudes doelbewust verder te ontwikkelen.
Dit boek biedt wetenschappelijk gefundeerde inzichten in hoe en waarom Vlaamse schoolleiders en leerkrachten verschillende soorten informatie aanwenden. Het beschrijft bestaande initiatieven en geeft inzicht in de randvoorwaarden die tot succesvol informatiegebruik kunnen bijdragen. Het boek formuleert aan de hand van richtinggevende principes concrete aanbevelingen om het informatiegebruik in scholen verder te ondersteunen. Op die manier vormt het een houvast, zowel voor schoolleiders en leerkrachten die aan een informatiecultuur wensen te werken als voor hun begeleiders en beleidsmakers die een context wensen te creëren die informatiegebruik in scholen mee mogelijk maakt.
Roos Van Gasse, Jan Vanhoof, Paul Mahieu en Peter Van Petegem zijn verbonden aan het IOIW – Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen – van de Universiteit Antwerpen. Ze maken deel uit van de onderzoeksgroep Edubron (www.edubron.be).
Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten
Schoolleiders en leerkrachten ervaren dat ze doeltreffender gebruik kunnen maken van de informatie waarover ze beschikken om problemen waarmee ze geconfronteerd worden te begrijpen en het hoofd te bieden. Vanuit de overtuiging dat informatiegebruik een meerwaarde kan betekenen voor het nemen van beleids- en praktijkbeslissingen, zetten scholen informatiegebruik dan ook steeds prominenter op hun agenda. Hun streven is om via informatie aspecten van de eigen onderwijsprocessen en -resultaten in kaart te brengen en verder te ontwikkelen. De aandacht voor informatiegebruik wordt daarnaast geprikkeld door verwachtingen van buiten de school. Schoolleiders en leerkrachten zijn zoekende in hoe ze informatie kunnen aanwenden om verantwoording af te leggen voor hun onderwijsprocessen en -resultaten. Beide streefdoelen realiseren blijkt echter bijzonder moeilijk te zijn. Het beschikbare informatieaanbod is vaak niet afgestemd op informatiebehoeften, belangrijke informatiebronnen ontbreken en het is aangewezen vaardigheden en attitudes doelbewust verder te ontwikkelen.
Dit boek biedt wetenschappelijk gefundeerde inzichten in hoe en waarom Vlaamse schoolleiders en leerkrachten verschillende soorten informatie aanwenden. Het beschrijft bestaande initiatieven en geeft inzicht in de randvoorwaarden die tot succesvol informatiegebruik kunnen bijdragen. Het boek formuleert aan de hand van richtinggevende principes concrete aanbevelingen om het informatiegebruik in scholen verder te ondersteunen. Op die manier vormt het een houvast, zowel voor schoolleiders en leerkrachten die aan een informatiecultuur wensen te werken als voor hun begeleiders en beleidsmakers die een context wensen te creëren die informatiegebruik in scholen mee mogelijk maakt.
Roos Van Gasse, Jan Vanhoof, Paul Mahieu en Peter Van Petegem zijn verbonden aan het IOIW – Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen – van de Universiteit Antwerpen. Ze maken deel uit van de onderzoeksgroep Edubron (www.edubron.be).
Sam Superman … en hoe een stemming draaien kan
Sam is een jongen zoals er vele jongens zijn, en ook meisjes. Soms
denkt Sam dat hij alles kan. En durft hij ook alles. Hij zweeft dan in
zijn hoofd en krijgt het hoog in zijn bol. Dat vinden anderen niet leuk.
Maar soms voelt Sam zich helemaal niet lekker. Hij is die dag lusteloos,
verdrietig, zelfs angstig. Dan kruipt hij liever weg in bed. Hij wil het
liefst alleen zijn. Dat vinden anderen ook niet leuk.
Dit prentenboek helpt om ervaringen van almacht en onmacht bij
kinderen en volwassenen bespreekbaar te maken. Deze gevoelens
gaan soms voorbij, maar ze kunnen ook geregeld terugkeren of blijven
overheersen. Ze ondermijnen dan het welbevinden van het kind of
de volwassene.
Ouders, grote zus en broer, juffen en meesters, begeleiders, hulpverleners,
… krijgen op een website toegelicht wanneer, waarom en
hoe ze dit boek kunnen gebruiken. Ze vinden er ook suggesties en
werkbladen. Ga hiervoor naar www.dl.garant-uitgevers.eu en geef de
code in die op blz. 2 van dit boek staat.
Ayse Dogan (tekst) werkt als zelfstandig klinisch psycholoog en cliëntgerichtexperiëntieel
psychotherapeut. Ze is als leertherapeut verbonden aan een
Postgraduaat Opleiding Psychotherapie. Zij heeft ervaring met zowel jong als
oud in verscheidene gezondheidsorganisaties.
Katrien Cuyvers (illustratie) werkt al geruime tijd als ergotherapeut binnen
de psychiatrie. Ze maakt deel uit van een ambulant team dat psychiatrische
thuisbegeleiding biedt.
Sam Superman … en hoe een stemming draaien kan
Sam is een jongen zoals er vele jongens zijn, en ook meisjes. Soms
denkt Sam dat hij alles kan. En durft hij ook alles. Hij zweeft dan in
zijn hoofd en krijgt het hoog in zijn bol. Dat vinden anderen niet leuk.
Maar soms voelt Sam zich helemaal niet lekker. Hij is die dag lusteloos,
verdrietig, zelfs angstig. Dan kruipt hij liever weg in bed. Hij wil het
liefst alleen zijn. Dat vinden anderen ook niet leuk.
Dit prentenboek helpt om ervaringen van almacht en onmacht bij
kinderen en volwassenen bespreekbaar te maken. Deze gevoelens
gaan soms voorbij, maar ze kunnen ook geregeld terugkeren of blijven
overheersen. Ze ondermijnen dan het welbevinden van het kind of
de volwassene.
Ouders, grote zus en broer, juffen en meesters, begeleiders, hulpverleners,
… krijgen op een website toegelicht wanneer, waarom en
hoe ze dit boek kunnen gebruiken. Ze vinden er ook suggesties en
werkbladen. Ga hiervoor naar www.dl.garant-uitgevers.eu en geef de
code in die op blz. 2 van dit boek staat.
Ayse Dogan (tekst) werkt als zelfstandig klinisch psycholoog en cliëntgerichtexperiëntieel
psychotherapeut. Ze is als leertherapeut verbonden aan een
Postgraduaat Opleiding Psychotherapie. Zij heeft ervaring met zowel jong als
oud in verscheidene gezondheidsorganisaties.
Katrien Cuyvers (illustratie) werkt al geruime tijd als ergotherapeut binnen
de psychiatrie. Ze maakt deel uit van een ambulant team dat psychiatrische
thuisbegeleiding biedt.
ToM-basistraining. Box met Handboek en lesmateriaal
De ToM-basistraining is een complete training die bedoeld is om kinderen en jongeren met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking in de leeftijd van 8-14 jaar te helpen om emoties, gedrag en gevoelens te leren herkennen bij zichzelf, maar vooral ook bij een ander. ToM staat voor ‘Theory of Mind’, wat wil zeggen: nadenken over de gedachten van anderen.
Vele mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking hebben moeite om zich in te leven in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander. Voor hen is het lastig om de wereld van anderen te begrijpen en daar op een gepaste manier op te reageren. Ze hebben dan ook hulp nodig om iets te begrijpen van onze wereld die bol staat van, voor hen vaak onbegrijpelijke, interacties tussen mensen.
In het boek Leren denken over denken en leren begrijpen van emoties, ontwikkelde dr. Pim Steerneman een training om sociale interacties en meer specifiek ‘Theory of Mind’ te oefenen. Op De Zonnehoek, school voor zeer moeilijk lerende kinderen in Apeldoorn, is deze training verder uitgewerkt. Daarnaast bleek het wenselijk een compleet werkboek te maken, waardoor zowel de kinderen, als familie, groepsleiding, meesters en/of juffen, optimaal betrokken raakten bij de training. Ook ontstond passend materiaal. Het eindresultaat is een zeer praktisch totaalpakket, waarmee leerkrachten, IB-ers, trainers, coaches, hulpverleners en groepsleiders, meteen aan de slag kunnen.
ToM-basistraining bestaat uit:
- Handleiding met lesbeschrijvingen
- Werkboek (apart verkrijgbaar voor de leerlingen, ISBN 9789044133141)
- Materiaal, zoals fotokaarten, praatkaartjes, pictogrammen, emotiethermometer e.d.
- Downloads, zoals een informatiefolder, certificaat voor de deelnemers, ToM-spel, eindverslag enz.
Mirjam van Campen-Hoekstra is al jaren werkzaam in het ZMLK-onderwijs. Zij heeft veel ervaring in het werken met leerlingen met een verstandelijke beperking, vaak in combinatie met een stoornis in het autistisch spectrum. Zij heeft op grond van haar jarenlange praktijkervaringen de methode van dr. P. Steerneman bewerkt tot een handzaam instrument.
ToM-basistraining. Box met Handboek en lesmateriaal
De ToM-basistraining is een complete training die bedoeld is om kinderen en jongeren met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking in de leeftijd van 8-14 jaar te helpen om emoties, gedrag en gevoelens te leren herkennen bij zichzelf, maar vooral ook bij een ander. ToM staat voor ‘Theory of Mind’, wat wil zeggen: nadenken over de gedachten van anderen.
Vele mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking hebben moeite om zich in te leven in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander. Voor hen is het lastig om de wereld van anderen te begrijpen en daar op een gepaste manier op te reageren. Ze hebben dan ook hulp nodig om iets te begrijpen van onze wereld die bol staat van, voor hen vaak onbegrijpelijke, interacties tussen mensen.
In het boek Leren denken over denken en leren begrijpen van emoties, ontwikkelde dr. Pim Steerneman een training om sociale interacties en meer specifiek ‘Theory of Mind’ te oefenen. Op De Zonnehoek, school voor zeer moeilijk lerende kinderen in Apeldoorn, is deze training verder uitgewerkt. Daarnaast bleek het wenselijk een compleet werkboek te maken, waardoor zowel de kinderen, als familie, groepsleiding, meesters en/of juffen, optimaal betrokken raakten bij de training. Ook ontstond passend materiaal. Het eindresultaat is een zeer praktisch totaalpakket, waarmee leerkrachten, IB-ers, trainers, coaches, hulpverleners en groepsleiders, meteen aan de slag kunnen.
ToM-basistraining bestaat uit:
- Handleiding met lesbeschrijvingen
- Werkboek (apart verkrijgbaar voor de leerlingen, ISBN 9789044133141)
- Materiaal, zoals fotokaarten, praatkaartjes, pictogrammen, emotiethermometer e.d.
- Downloads, zoals een informatiefolder, certificaat voor de deelnemers, ToM-spel, eindverslag enz.
Mirjam van Campen-Hoekstra is al jaren werkzaam in het ZMLK-onderwijs. Zij heeft veel ervaring in het werken met leerlingen met een verstandelijke beperking, vaak in combinatie met een stoornis in het autistisch spectrum. Zij heeft op grond van haar jarenlange praktijkervaringen de methode van dr. P. Steerneman bewerkt tot een handzaam instrument.
Leren niet verleren. Voor wie ouderen wil ondersteunen bij leren.
Levenslang leren kan ondersteund worden zowel door spontaan leren als door gerichte educatie. Hierbinnen staan doelen als ‘empowerment stimuleren’ en ‘participatie bevorderen’ centraal. Maar hoe zet je dit alles om in praktijk?
Els Messelis is maatschappelijk werkster en gerontologe, met expertise in psychosociale en educatieve gerontologie. Ze is als opleidingscoördinator en lector Seniorenconsulentenvorming verbonden aan de Hogere Leergangen voor Fiscale en Sociale Wetenschappen van de Hogeschool-Universiteit Brussel.
Arlette Van Assel is maatschappelijk werkster en sociaal pedagoge. Ze heeft jarenlang gewerkt in de Geestelijke Gezondheidszorg, als preventiefunctionaris, als coördinator van projecten rond ouder-worden en als afdelingsmanager. Ze was actief betrokken bij het opzetten van geheugentrainingen in Vlaanderen en in Oost-Europa.
Powerpointpresentatie: Conferentie Leren niet verleren- dinsdag 18 december 2012
Overzicht van onze conferenties: www.hetboekenpodium.eu
Leren niet verleren. Voor wie ouderen wil ondersteunen bij leren.
Levenslang leren kan ondersteund worden zowel door spontaan leren als door gerichte educatie. Hierbinnen staan doelen als ‘empowerment stimuleren’ en ‘participatie bevorderen’ centraal. Maar hoe zet je dit alles om in praktijk?
Els Messelis is maatschappelijk werkster en gerontologe, met expertise in psychosociale en educatieve gerontologie. Ze is als opleidingscoördinator en lector Seniorenconsulentenvorming verbonden aan de Hogere Leergangen voor Fiscale en Sociale Wetenschappen van de Hogeschool-Universiteit Brussel.
Arlette Van Assel is maatschappelijk werkster en sociaal pedagoge. Ze heeft jarenlang gewerkt in de Geestelijke Gezondheidszorg, als preventiefunctionaris, als coördinator van projecten rond ouder-worden en als afdelingsmanager. Ze was actief betrokken bij het opzetten van geheugentrainingen in Vlaanderen en in Oost-Europa.
Powerpointpresentatie: Conferentie Leren niet verleren- dinsdag 18 december 2012
Overzicht van onze conferenties: www.hetboekenpodium.eu
Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920) (Academisch Literair, nr. 2)
Niettemin waren ze en zijn ze nog steeds stevig met elkaar verbonden. Wetenschap opereert niet vanuit een luchtledig autonoom domein; ze maakt deel uit van een cultuur en tot die cultuur behoort ook de literatuur. En omgekeerd geven schrijvers gewild of ongewild hun eigen interpretaties aan wetenschappelijke ontdekkingen en theorieën die op een of andere manier tot hen komen. Zeker in het verleden, voordat de grote concurrentie van televisie en internet inzette, speelde de literatuur in het verspreiden en ‘vertalen’ van wetenschappelijke kennis een belangrijke rol.
Gedeelde kennis maakt dit fascinerende en complexe proces van kruisbestuiving tussen literatuur en wetenschap zichtbaar aan de hand van een aantal thema’s uit verschillende wetenschapsgebieden, zoals evolutie, hysterie, hypnotisme, smetvrees, occultisme en de vierde dimensie.
Literatuur amuseert en ontroert niet alleen, literatuur brengt ook kennis over. Dat deed ze vroeger en dan doet ze nu nog steeds. Gedeelde kennis laat deze onvermoede kant van de literatuur zien.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Mary Kemperink is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Haar literatuuronderzoek kenmerkt zich door een cultuurhistorische invalshoek, waarbij het accent steeds meer is komen te liggen op de relatie tussen literatuur en wetenschap. Zij is gespecialiseerd in de periode van het fin de siècle en publiceert regelmatig over het proza, de poëzie en het toneel van deze periode. In 2001 verscheen van haar het boek Het verloren paradijs. De Nederlandse literatuur en cultuur van het fin de siècle.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920) (Academisch Literair, nr. 2)
Niettemin waren ze en zijn ze nog steeds stevig met elkaar verbonden. Wetenschap opereert niet vanuit een luchtledig autonoom domein; ze maakt deel uit van een cultuur en tot die cultuur behoort ook de literatuur. En omgekeerd geven schrijvers gewild of ongewild hun eigen interpretaties aan wetenschappelijke ontdekkingen en theorieën die op een of andere manier tot hen komen. Zeker in het verleden, voordat de grote concurrentie van televisie en internet inzette, speelde de literatuur in het verspreiden en ‘vertalen’ van wetenschappelijke kennis een belangrijke rol.
Gedeelde kennis maakt dit fascinerende en complexe proces van kruisbestuiving tussen literatuur en wetenschap zichtbaar aan de hand van een aantal thema’s uit verschillende wetenschapsgebieden, zoals evolutie, hysterie, hypnotisme, smetvrees, occultisme en de vierde dimensie.
Literatuur amuseert en ontroert niet alleen, literatuur brengt ook kennis over. Dat deed ze vroeger en dan doet ze nu nog steeds. Gedeelde kennis laat deze onvermoede kant van de literatuur zien.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Mary Kemperink is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Haar literatuuronderzoek kenmerkt zich door een cultuurhistorische invalshoek, waarbij het accent steeds meer is komen te liggen op de relatie tussen literatuur en wetenschap. Zij is gespecialiseerd in de periode van het fin de siècle en publiceert regelmatig over het proza, de poëzie en het toneel van deze periode. In 2001 verscheen van haar het boek Het verloren paradijs. De Nederlandse literatuur en cultuur van het fin de siècle.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Inspirerende docenten. Inzichten en verhalen uit het hoger beroepsonderwijs
De auteur heeft voorbeelden van inspirerend docentschap in het hoger beroepsonderwijs opgediept en in tien verhalen vastgelegd. Het boek bevat een uitwerking van vele thema’s die deel uitmaken van inspirerend docentschap, zoals: een vraagbehoefte bij studenten oproepen, hoge eisen stellen, leren van fouten en een open leerklimaat creëren. Per thema wordt duidelijk hoe gedrag en beweegredenen van verschillende docenten zich tot elkaar verhouden. De lezer krijgt inzicht in de manier waarop hun gedrag en attitude een bijzondere betekenis krijgen voor studenten.
De kwaliteiten van inspirerende docenten in het hoger beroepsonderwijs komen zo aan het licht. Het boek biedt andere docenten de mogelijkheid op zichzelf te reflecteren en op hun manier van lesgeven en de beweegredenen daarvoor. Het kan tevens een bijdrage leveren aan het gesprek op hogescholen over de kwaliteit van het onderwijs en de professionele ruimte. De docenten tonen hoe ze gestimuleerd maar ook beperkt worden door factoren in hun omgeving. In het boek laten zij zien hoe zij hun ruimte benutten om inspirerend en geïnspireerd te zijn en blijven.
Het boek vormt de neerslag van onderzoek in het hoger beroepsonderwijs en is primair bedoeld voor docenten en opleidingsmanagers. Een vertaalslag naar de praktijk van de hogere niveaus in het middelbaar beroepsonderwijs is evenwel goed mogelijk. Daarnaast zal het boek zijn weg vinden naar professionaliseringstrajecten voor docenten.
Edith Roefs werkt als docent, supervisor en coördinator bij de School of Management & Law van de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle. Daarnaast is zij als lid van de kenniskring verbonden aan het lectoraat Pedagogische kwaliteit van het onderwijs.
Inspirerende docenten. Inzichten en verhalen uit het hoger beroepsonderwijs
De auteur heeft voorbeelden van inspirerend docentschap in het hoger beroepsonderwijs opgediept en in tien verhalen vastgelegd. Het boek bevat een uitwerking van vele thema’s die deel uitmaken van inspirerend docentschap, zoals: een vraagbehoefte bij studenten oproepen, hoge eisen stellen, leren van fouten en een open leerklimaat creëren. Per thema wordt duidelijk hoe gedrag en beweegredenen van verschillende docenten zich tot elkaar verhouden. De lezer krijgt inzicht in de manier waarop hun gedrag en attitude een bijzondere betekenis krijgen voor studenten.
De kwaliteiten van inspirerende docenten in het hoger beroepsonderwijs komen zo aan het licht. Het boek biedt andere docenten de mogelijkheid op zichzelf te reflecteren en op hun manier van lesgeven en de beweegredenen daarvoor. Het kan tevens een bijdrage leveren aan het gesprek op hogescholen over de kwaliteit van het onderwijs en de professionele ruimte. De docenten tonen hoe ze gestimuleerd maar ook beperkt worden door factoren in hun omgeving. In het boek laten zij zien hoe zij hun ruimte benutten om inspirerend en geïnspireerd te zijn en blijven.
Het boek vormt de neerslag van onderzoek in het hoger beroepsonderwijs en is primair bedoeld voor docenten en opleidingsmanagers. Een vertaalslag naar de praktijk van de hogere niveaus in het middelbaar beroepsonderwijs is evenwel goed mogelijk. Daarnaast zal het boek zijn weg vinden naar professionaliseringstrajecten voor docenten.
Edith Roefs werkt als docent, supervisor en coördinator bij de School of Management & Law van de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle. Daarnaast is zij als lid van de kenniskring verbonden aan het lectoraat Pedagogische kwaliteit van het onderwijs.
Angelsaksen versus Rijnlanders. Zoektocht naar overeenkomsten en verschillen in Europees en Amerikaans denken. 3de herziene en vermeerderde druk
Dit boek is een tour d''horizon langsheen die onderwerpen waarop het Angelsaksische denken in de afgelopen jaren een stempel heeft gedrukt. De auteurs gaan op zoek naar de reden van deze schijnbaar onstuitbare opmars en schetsen een beeld van de overeenkomsten en de verschillen tussen Angelsaksische opvattingen en Europese - beter geformuleerd - Rijnlandse opvattingen.
De auteurs gaan vanuit hun ruime wetenschappelijke en management- en organisatie-ervaring in op onderwerpen die van wezenlijk belang zijn voor de toekomst van Europa. Aan de hand van thema''s op het terrein van management en organisatie, samenwerking, besturingsmodellen, wetenschap, economie en recht proberen zij zowel de Europese als de Angelsaksische uitgangspunten te schetsen en aan te geven waar overeenkomsten en waar verschillen te vinden zijn. Uit het boek komt naar voren hoe dynamisch het Europese gedachtegoed is in vergelijking met Amerikaanse ideeën en opvattingen.
Ze geven ook aan dat Europa ook voor strategische keuzes staat. De sluipende veramerikanisering is moeilijk terug te draaien en zal leiden tot fundamentele veranderingen die ver af staan van Europese traditie.
Het boek heeft niet de pretentie pasklare antwoorden te geven. Het is met recht een zoektocht. Het doel is wel dat het aanzet tot denken en een basis biedt voor verdere ideevorming en discussie.
Mr. drs. J.J. Brouwer studeerde Geneeskunde en Rechten in Groningen. Eerder werkte hij bij meerdere adviesbureaus. Sinds 1995 is hij managing partner van CinC Management Consultants BV. Zijn interessegebieden zijn strategie en samenwerkingsvraagstukken. Hij publiceert geregeld in vakbladen en is auteur van een aantal boeken, variërend van het werken met toekomstscenario's in de gezondheidszorg tot management en organisatie van het Duitse, Britse en Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog.
Prof. Dr. P.A. Moerman was na zijn studie bedrijfseconometrie bij Philips werkzaam op het terrein van planning, productiebesturing en operations research. Nadien was hij hoogleraar Industriële Economie & Productievraagstukken bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 1997 is hij lid van het mede door hem opgerichte Genootschap voor Interdisciplinaire Studies 'De Uil van Minerva'. Vanuit dit Genootschap leeft bij hem een intense interesse voor de discrepantie tussen de pretenties van de economische wetenschap en het gebrek aan potentie om belangrijke gebeurtenissen te voorzien en te sturen.
Mr. G.J. de Ruijter studeerde bedrijfs- en economisch recht aan de Universiteit Utrecht en is advocaat ondernemingsrecht. Het door hem opgerichte advocatenkantoor - Bauhaus Advocaten - begeleidt oprichters, managers en financiers van innovatieve ondernemingen in start- en groeifase.
Angelsaksen versus Rijnlanders. Zoektocht naar overeenkomsten en verschillen in Europees en Amerikaans denken. 3de herziene en vermeerderde druk
Dit boek is een tour d''horizon langsheen die onderwerpen waarop het Angelsaksische denken in de afgelopen jaren een stempel heeft gedrukt. De auteurs gaan op zoek naar de reden van deze schijnbaar onstuitbare opmars en schetsen een beeld van de overeenkomsten en de verschillen tussen Angelsaksische opvattingen en Europese - beter geformuleerd - Rijnlandse opvattingen.
De auteurs gaan vanuit hun ruime wetenschappelijke en management- en organisatie-ervaring in op onderwerpen die van wezenlijk belang zijn voor de toekomst van Europa. Aan de hand van thema''s op het terrein van management en organisatie, samenwerking, besturingsmodellen, wetenschap, economie en recht proberen zij zowel de Europese als de Angelsaksische uitgangspunten te schetsen en aan te geven waar overeenkomsten en waar verschillen te vinden zijn. Uit het boek komt naar voren hoe dynamisch het Europese gedachtegoed is in vergelijking met Amerikaanse ideeën en opvattingen.
Ze geven ook aan dat Europa ook voor strategische keuzes staat. De sluipende veramerikanisering is moeilijk terug te draaien en zal leiden tot fundamentele veranderingen die ver af staan van Europese traditie.
Het boek heeft niet de pretentie pasklare antwoorden te geven. Het is met recht een zoektocht. Het doel is wel dat het aanzet tot denken en een basis biedt voor verdere ideevorming en discussie.
Mr. drs. J.J. Brouwer studeerde Geneeskunde en Rechten in Groningen. Eerder werkte hij bij meerdere adviesbureaus. Sinds 1995 is hij managing partner van CinC Management Consultants BV. Zijn interessegebieden zijn strategie en samenwerkingsvraagstukken. Hij publiceert geregeld in vakbladen en is auteur van een aantal boeken, variërend van het werken met toekomstscenario's in de gezondheidszorg tot management en organisatie van het Duitse, Britse en Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog.
Prof. Dr. P.A. Moerman was na zijn studie bedrijfseconometrie bij Philips werkzaam op het terrein van planning, productiebesturing en operations research. Nadien was hij hoogleraar Industriële Economie & Productievraagstukken bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 1997 is hij lid van het mede door hem opgerichte Genootschap voor Interdisciplinaire Studies 'De Uil van Minerva'. Vanuit dit Genootschap leeft bij hem een intense interesse voor de discrepantie tussen de pretenties van de economische wetenschap en het gebrek aan potentie om belangrijke gebeurtenissen te voorzien en te sturen.
Mr. G.J. de Ruijter studeerde bedrijfs- en economisch recht aan de Universiteit Utrecht en is advocaat ondernemingsrecht. Het door hem opgerichte advocatenkantoor - Bauhaus Advocaten - begeleidt oprichters, managers en financiers van innovatieve ondernemingen in start- en groeifase.
Seksuele mishandeling van jonge kinderen
Dit boek is in de eerste plaats geschreven voor iedere professional die in dit veld actief is, maar het is ook geschikt voor studenten van HBO-opleidingen en universiteiten. Het is voorzien van vele praktijkvoorbeelden en omvat twee uitgewerkte casussen.
Marieth Guelen, orthopedagoog, is hoofd van een Psychologische/ Pedagogische Praktijk in West-Brabant.
Cecile van Pottelberghe, maatschappelijk werkster en historica, is stafmedewerker bij een zorgorganisatie in West-Brabant.
Seksuele mishandeling van jonge kinderen
Dit boek is in de eerste plaats geschreven voor iedere professional die in dit veld actief is, maar het is ook geschikt voor studenten van HBO-opleidingen en universiteiten. Het is voorzien van vele praktijkvoorbeelden en omvat twee uitgewerkte casussen.
Marieth Guelen, orthopedagoog, is hoofd van een Psychologische/ Pedagogische Praktijk in West-Brabant.
Cecile van Pottelberghe, maatschappelijk werkster en historica, is stafmedewerker bij een zorgorganisatie in West-Brabant.
Encyclopedisch woordenboek van de psychologie
Het gaat zoveel mogelijk uit van empirisch wetenschappelijk benaderingen binnen de psychologie. Verder is onderzocht welke woorden in de psychologie de laatste tien jaar actueel zijn geworden. Er is ook terdege rekening gehouden met het grote belang van de DSM-IV classificatie in de klinische psychologie, van motivatietheorieën en de actualiteit van woorden uit de cognitieve psychologie, neuropsychologie, cognitieve gedragstherapie en GZ-psychologie.
Dit woordenboek is bestemd voor wie beroepsmatig met psychologie te maken heeft zoals psychologen, psychotherapeuten, psychiatrisch verpleegkundigen en andere werknemers in de GGz maar ook voor iedereen die op zoek is naar de betekenis van termen uit de psychologie.
Piet van der Ploeg is ingenieur in de medische diagnostische beeldtechniek en psycholoog. Hij is docent aan de Haagse Hogeschool en therapeut bij het CCGT - Centrum voor Cognitieve Gedragstherapie in Zoetermeer.
Encyclopedisch woordenboek van de psychologie
Het gaat zoveel mogelijk uit van empirisch wetenschappelijk benaderingen binnen de psychologie. Verder is onderzocht welke woorden in de psychologie de laatste tien jaar actueel zijn geworden. Er is ook terdege rekening gehouden met het grote belang van de DSM-IV classificatie in de klinische psychologie, van motivatietheorieën en de actualiteit van woorden uit de cognitieve psychologie, neuropsychologie, cognitieve gedragstherapie en GZ-psychologie.
Dit woordenboek is bestemd voor wie beroepsmatig met psychologie te maken heeft zoals psychologen, psychotherapeuten, psychiatrisch verpleegkundigen en andere werknemers in de GGz maar ook voor iedereen die op zoek is naar de betekenis van termen uit de psychologie.
Piet van der Ploeg is ingenieur in de medische diagnostische beeldtechniek en psycholoog. Hij is docent aan de Haagse Hogeschool en therapeut bij het CCGT - Centrum voor Cognitieve Gedragstherapie in Zoetermeer.
Le français du XXIe siècle. Introduction à la francophonie. Eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie
Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Alex Vanneste est professeur ordinaire à la Universiteit Antwerpen (UA) où il enseigne la linguistique et la grammaire du français moderne, la sociolinguistique et l'informatique pour les sciences humaines.
Le français du XXIe siècle. Introduction à la francophonie. Eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie
Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Alex Vanneste est professeur ordinaire à la Universiteit Antwerpen (UA) où il enseigne la linguistique et la grammaire du français moderne, la sociolinguistique et l'informatique pour les sciences humaines.
Boekhouding en financiële rapportering – Boek 1. Met bespreking van de IAS/IFRS-normen
Steeds meer mensen komen in contact met financiële informatie. Om de gegevens juist te interpreteren is een helder inzicht in de materie noodzakelijk.
De doelstelling van dit tweedelig werk bestaat erin de boekhoudtechniek en de basisprincipes, die aan de grondslag liggen van de financiële rapportering, op een eenvoudige en verhelderende wijze uiteen te zetten. Het accent ligt vooral op het begrijpen van en het verwerven van inzicht in de informatie die wordt gerapporteerd in een jaarrekening.
Dit eerste boek bespreekt de rol van de boekhouding en de financiële rapportering, legt de techniek van het dubbel boekhouden uit en bespreekt de erkennings- en waarderingsprincipes die moeten worden gevolgd om een balans en een resultatenrekening op te stellen. Daarnaast wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste verrichtingen en hoe die boekhoudkundig worden verwerkt. Bij de bespreking van de boekhoudkundige principes en normen wordt aandacht besteed aan zowel de Belgische als de internationale regelgeving. In het tweede boek wordt ingegaan op de boekhoudkundige verrichtingen die typisch zijn of meer voorkomen in grotere vennootschappen.
Als handboek is dit werk in de eerste plaats bestemd voor de economische richtingen van het universitair en het hoger onderwijs. Door de logische en originele opbouw en door de talrijke voorbeelden, illustraties en gevalstudies richt dit werk zich ook tot de individuele lezer.
Carlos Siau is doctor in de Economische Wetenschappen (Vrije Universiteit Brussel, 1983) en gewoon hoogleraar Accountancy aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst (Campus VLEKHO), waar hij tevens vakgroepvoorzitter is van de afstudeerrichting Accountancy. Hij was als deeltijds professor gedurende verscheidene jaren verbonden aan het Vesalius College, een samenwerkingsverband tussen de VUB en Boston University. Hij was tevens gastprofessor aan verscheidene buitenlandse universiteiten, waaronder het Bentley College (Boston) en het Center for Management Training. (Universiteit van Warschau), en publiceerde in diverse vaktijdschriften.
Roger Mercken is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, 1987) en gewoon hoogleraar Accountancy en Beleidsinformatica aan de Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Hasselt. Hij was ook gastprofessor aan de KU Leuven en het Vesalius College en voorheen verbonden aan VLEKHOBrussel. Hij publiceerde in diverse tijdschriften en vaknieuwsbrieven. Hij werkte ook mee aan een aantal onderzoeksprojecten op het vlak van financiële rapportering, o.a. in een samenwerking LUC-UFSIA (Universiteit Antwerpen).
Boekhouding en financiële rapportering – Boek 1. Met bespreking van de IAS/IFRS-normen
Steeds meer mensen komen in contact met financiële informatie. Om de gegevens juist te interpreteren is een helder inzicht in de materie noodzakelijk.
De doelstelling van dit tweedelig werk bestaat erin de boekhoudtechniek en de basisprincipes, die aan de grondslag liggen van de financiële rapportering, op een eenvoudige en verhelderende wijze uiteen te zetten. Het accent ligt vooral op het begrijpen van en het verwerven van inzicht in de informatie die wordt gerapporteerd in een jaarrekening.
Dit eerste boek bespreekt de rol van de boekhouding en de financiële rapportering, legt de techniek van het dubbel boekhouden uit en bespreekt de erkennings- en waarderingsprincipes die moeten worden gevolgd om een balans en een resultatenrekening op te stellen. Daarnaast wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste verrichtingen en hoe die boekhoudkundig worden verwerkt. Bij de bespreking van de boekhoudkundige principes en normen wordt aandacht besteed aan zowel de Belgische als de internationale regelgeving. In het tweede boek wordt ingegaan op de boekhoudkundige verrichtingen die typisch zijn of meer voorkomen in grotere vennootschappen.
Als handboek is dit werk in de eerste plaats bestemd voor de economische richtingen van het universitair en het hoger onderwijs. Door de logische en originele opbouw en door de talrijke voorbeelden, illustraties en gevalstudies richt dit werk zich ook tot de individuele lezer.
Carlos Siau is doctor in de Economische Wetenschappen (Vrije Universiteit Brussel, 1983) en gewoon hoogleraar Accountancy aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst (Campus VLEKHO), waar hij tevens vakgroepvoorzitter is van de afstudeerrichting Accountancy. Hij was als deeltijds professor gedurende verscheidene jaren verbonden aan het Vesalius College, een samenwerkingsverband tussen de VUB en Boston University. Hij was tevens gastprofessor aan verscheidene buitenlandse universiteiten, waaronder het Bentley College (Boston) en het Center for Management Training. (Universiteit van Warschau), en publiceerde in diverse vaktijdschriften.
Roger Mercken is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, 1987) en gewoon hoogleraar Accountancy en Beleidsinformatica aan de Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Hasselt. Hij was ook gastprofessor aan de KU Leuven en het Vesalius College en voorheen verbonden aan VLEKHOBrussel. Hij publiceerde in diverse tijdschriften en vaknieuwsbrieven. Hij werkte ook mee aan een aantal onderzoeksprojecten op het vlak van financiële rapportering, o.a. in een samenwerking LUC-UFSIA (Universiteit Antwerpen).
