Van buurtwerk 2.0 naar buurtwerk 3.0. Krijtlijnen tussen verleden,heden en toekomst
Anno 2017 bestaat het Brugse buurtwerk net geen dertig jaar.
Dit boek is het resultaat van een inspirerend visietraject waarin werd
teruggeblikt op de historische wortels van het buurtwerk, kritisch
werd gereflecteerd over hedendaagse uitdagingen en complexiteiten,
en stevige toekomstscenario’s werden verbeeld.
De bijdragen werden geschreven door een divers collectief van auteurs,
die ook betrokken waren in het visietraject.
Van buurtwerk 2.0 naar buurtwerk 3.0. Krijtlijnen tussen verleden,heden en toekomst
Anno 2017 bestaat het Brugse buurtwerk net geen dertig jaar.
Dit boek is het resultaat van een inspirerend visietraject waarin werd
teruggeblikt op de historische wortels van het buurtwerk, kritisch
werd gereflecteerd over hedendaagse uitdagingen en complexiteiten,
en stevige toekomstscenario’s werden verbeeld.
De bijdragen werden geschreven door een divers collectief van auteurs,
die ook betrokken waren in het visietraject.
Migraties en interculturele toekomst. Essay.
In dit essay bespreekt de auteur waarom Europa tot in 2050-2060 een in-migratiecontinent zal zijn. Van dan af zal de werelddemografie stagneren. Bij normale groeibewegingen zal Europa binnen 40 jaar 700 miljoen inwoners tellen, onder wie ruim 8% 80-plussers, Afrika 2 miljard 800 miljoen inwoners en Azië 5 miljard 200 miljoen. In de tussenliggende decennia zullen de migraties een mengeling zijn van asiel-, globaliserings-, (laaggeschoolde) verstedelijkings- en ontwikkelingsmigraties die vooral uit Afrika en het Nabije Oosten verstandig gekanaliseerd zullen moeten worden, zodat win-winsituaties worden gerealiseerd.
Voor de integratie zullen overheden moeten uitgaan van inclusie en maatwerk. Onderwijs, veiligheidsbeleid – ook via sociale cohesie – en promotie van ondernemerschap zullen essentieel zijn om te slagen. Het essay sluit af met concrete aanbevelingen voor toekomstig beleid.
Johan Leman, antropoloog, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven. Hij is voorzitter van Foyer – Multi-etnisch werk in Sint-Jans- Molenbeek. Hij was kabinetschef van de Koninklijk Commissaris voor het migrantenbeleid en de eerste directeur van het landelijke Centrum voor Gelijkekansenbeleid en Racismebestrijding, gevestigd in Brussel.
Migraties en interculturele toekomst. Essay.
In dit essay bespreekt de auteur waarom Europa tot in 2050-2060 een in-migratiecontinent zal zijn. Van dan af zal de werelddemografie stagneren. Bij normale groeibewegingen zal Europa binnen 40 jaar 700 miljoen inwoners tellen, onder wie ruim 8% 80-plussers, Afrika 2 miljard 800 miljoen inwoners en Azië 5 miljard 200 miljoen. In de tussenliggende decennia zullen de migraties een mengeling zijn van asiel-, globaliserings-, (laaggeschoolde) verstedelijkings- en ontwikkelingsmigraties die vooral uit Afrika en het Nabije Oosten verstandig gekanaliseerd zullen moeten worden, zodat win-winsituaties worden gerealiseerd.
Voor de integratie zullen overheden moeten uitgaan van inclusie en maatwerk. Onderwijs, veiligheidsbeleid – ook via sociale cohesie – en promotie van ondernemerschap zullen essentieel zijn om te slagen. Het essay sluit af met concrete aanbevelingen voor toekomstig beleid.
Johan Leman, antropoloog, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven. Hij is voorzitter van Foyer – Multi-etnisch werk in Sint-Jans- Molenbeek. Hij was kabinetschef van de Koninklijk Commissaris voor het migrantenbeleid en de eerste directeur van het landelijke Centrum voor Gelijkekansenbeleid en Racismebestrijding, gevestigd in Brussel.
Nieuw leven. Over verlangen, vervulling, verlies en goede zorg.Catharina-reeks, nr. 7)
Na 19 jaar wordt Koen Jordens opnieuw vader. Mieke Geyskens is de gynaecoloog die tijdens haar opleiding tot medisch specialist de geboorte van zijn eerste kind begeleidde. Nu zal zij opnieuw de bevalling ‘doen’. Tijdens de zwangerschap raken ze met elkaar in gesprek over levenservaring, werkbeleving en betekenisgeving. Hoe beleeft een dokter die zelf ook moeder is, verwachting en nieuw leven? Hoe gaat ze om met de broosheid van het leven, met kwetsbaarheid en verlies? Wat betekent voor haar de relatie arts-patiënt, die soms oppervlakkig en functioneel is, maar die ook heel indringend en intens kan zijn? Wat maakt haar werk bijzonder, wat daagt haar uit? Welke mensen blijven haar bij? En wordt ze, net als de aanstaande moeder en vader, ook zo geroerd door het beeld van die eerste echo?
Koen Jordens tekende het verhaal van Mieke Geyskens op. Het gaat over nieuw leven, over verlangen, vervulling, verlies én goede zorg. Zorgverleners en ervaringsdeskundigen reageren vervolgens op haar verhaal. Zodoende is dit boek niet alleen het aansprekende verhaal van een dokter, het gaat evenzeer over kwaliteit van zorg en over de rol van de zorgverlener.
Mieke Geyskens, gynaecoloog, is diensthoofd Gynaecologie en Verloskunde in het
AZ Herentals.
Koen Jordens is geestelijk verzorger en specialistmanager Geestelijke verzorging &
Ethiek in het Catharina Ziekenhuis Eindhoven.
Nieuw leven. Over verlangen, vervulling, verlies en goede zorg.Catharina-reeks, nr. 7)
Na 19 jaar wordt Koen Jordens opnieuw vader. Mieke Geyskens is de gynaecoloog die tijdens haar opleiding tot medisch specialist de geboorte van zijn eerste kind begeleidde. Nu zal zij opnieuw de bevalling ‘doen’. Tijdens de zwangerschap raken ze met elkaar in gesprek over levenservaring, werkbeleving en betekenisgeving. Hoe beleeft een dokter die zelf ook moeder is, verwachting en nieuw leven? Hoe gaat ze om met de broosheid van het leven, met kwetsbaarheid en verlies? Wat betekent voor haar de relatie arts-patiënt, die soms oppervlakkig en functioneel is, maar die ook heel indringend en intens kan zijn? Wat maakt haar werk bijzonder, wat daagt haar uit? Welke mensen blijven haar bij? En wordt ze, net als de aanstaande moeder en vader, ook zo geroerd door het beeld van die eerste echo?
Koen Jordens tekende het verhaal van Mieke Geyskens op. Het gaat over nieuw leven, over verlangen, vervulling, verlies én goede zorg. Zorgverleners en ervaringsdeskundigen reageren vervolgens op haar verhaal. Zodoende is dit boek niet alleen het aansprekende verhaal van een dokter, het gaat evenzeer over kwaliteit van zorg en over de rol van de zorgverlener.
Mieke Geyskens, gynaecoloog, is diensthoofd Gynaecologie en Verloskunde in het
AZ Herentals.
Koen Jordens is geestelijk verzorger en specialistmanager Geestelijke verzorging &
Ethiek in het Catharina Ziekenhuis Eindhoven.
Wetenschapsethisch manifest. Blauwdruk van een vernieuwde universiteit.
Geregeld klaagt er een stem over mistoestanden aan de universiteiten. Jonge vorsers zouden kampen met mentale problemen. Academici zouden onder al te grote werkdruk staan. De media rapporteren over opleidingen die uitdoven, over een fraudegeval of over een conflict tussen onderzoekers. De universitaire overheden erkennen dat er weleens een probleem de kop opsteekt, maar minimaliseren zo snel en efficiënt mogelijk de omvang daarvan. Heimelijk wordt er geprutst waar het knelt, in de hoop dat het allemaal niet zo’n vaart zal lopen. Het ongenoegen stijgt daarentegen: studenten, assistenten en hoogleraren verenigen zich, houden symposia en zoeken naar oplossingen.
Dit boek is niet alleen getuige van al wat er misloopt in de universitaire wereld, het biedt ook een oplossing aan een compleet scheefgegroeide situatie. Gedreven door de marktlogica van de maatschappij waarin de universiteit ingebed ligt, concentreren de academici zich thans vooral op publicaties. De kwaliteit van het onderwijs, van het onderzoek en van het academische leven lijdt hieronder. Maar de complexiteit van de academische wereld vraagt om een bijzondere aanpak. De auteur beschrijft een holistische benadering om de academici weer te laten excelleren in onderwijs, onderzoek en dienstverlening.
“Universiteiten staan steeds vaker in het brandpunt van de belangstelling. Studenten
verwachten een goede toekomst met een universitair diploma, de samenleving oplossingen
voor de grote hedendaagse problemen, bedrijven nieuwe innovaties en winstgevende toepassingen.
Dat legt een grote druk op de universiteiten, die daar op verschillende wijzen
mee omgaan. De discussies over de toekomst van de universiteit laaien dus op. En dat is
goed, omdat universiteiten ook de traditionele waarden van onafhankelijkheid, objectiviteit
en waarheidsvinding moeten koesteren. De spanning tussen die waarden en de hedendaagse
verwachtingen is groot, zoals Gustaaf Cornelis in zijn boek beschrijft.”
Dr. Karl Dittrich, Voorzitter VSNU - Vereniging van Universiteiten (Nederland)
Gustaaf C. Cornelis doceert wetenschapsfilosofie aan de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen. Hij studeerde wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit Brussel, Universiteit Gent en de Atheense Polytechnische Universiteit. Hij is auteur van diverse wetenschapsfilosofische artikels en boeken, waaronder Francis Bacon ‘twittert’: de nieuwe academie.
Wetenschapsethisch manifest. Blauwdruk van een vernieuwde universiteit.
Geregeld klaagt er een stem over mistoestanden aan de universiteiten. Jonge vorsers zouden kampen met mentale problemen. Academici zouden onder al te grote werkdruk staan. De media rapporteren over opleidingen die uitdoven, over een fraudegeval of over een conflict tussen onderzoekers. De universitaire overheden erkennen dat er weleens een probleem de kop opsteekt, maar minimaliseren zo snel en efficiënt mogelijk de omvang daarvan. Heimelijk wordt er geprutst waar het knelt, in de hoop dat het allemaal niet zo’n vaart zal lopen. Het ongenoegen stijgt daarentegen: studenten, assistenten en hoogleraren verenigen zich, houden symposia en zoeken naar oplossingen.
Dit boek is niet alleen getuige van al wat er misloopt in de universitaire wereld, het biedt ook een oplossing aan een compleet scheefgegroeide situatie. Gedreven door de marktlogica van de maatschappij waarin de universiteit ingebed ligt, concentreren de academici zich thans vooral op publicaties. De kwaliteit van het onderwijs, van het onderzoek en van het academische leven lijdt hieronder. Maar de complexiteit van de academische wereld vraagt om een bijzondere aanpak. De auteur beschrijft een holistische benadering om de academici weer te laten excelleren in onderwijs, onderzoek en dienstverlening.
“Universiteiten staan steeds vaker in het brandpunt van de belangstelling. Studenten
verwachten een goede toekomst met een universitair diploma, de samenleving oplossingen
voor de grote hedendaagse problemen, bedrijven nieuwe innovaties en winstgevende toepassingen.
Dat legt een grote druk op de universiteiten, die daar op verschillende wijzen
mee omgaan. De discussies over de toekomst van de universiteit laaien dus op. En dat is
goed, omdat universiteiten ook de traditionele waarden van onafhankelijkheid, objectiviteit
en waarheidsvinding moeten koesteren. De spanning tussen die waarden en de hedendaagse
verwachtingen is groot, zoals Gustaaf Cornelis in zijn boek beschrijft.”
Dr. Karl Dittrich, Voorzitter VSNU - Vereniging van Universiteiten (Nederland)
Gustaaf C. Cornelis doceert wetenschapsfilosofie aan de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen. Hij studeerde wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit Brussel, Universiteit Gent en de Atheense Polytechnische Universiteit. Hij is auteur van diverse wetenschapsfilosofische artikels en boeken, waaronder Francis Bacon ‘twittert’: de nieuwe academie.
Wetgeving, ethiek en deontologie voor logopedisten en audiologen (Omtrent Logopedie, nr. 4)
Dit boek is een grondig herwerkte versie van Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten (Garant, 2008) en focust niet alleen op logopedisten maar ook op audiologen, andere geïnteresseerde gezondheidszorgberoepen, het onderwijsveld, verzekerings- en gezondheidszorginstellingen.
Het accent ligt daarom niet enkel op gezondheidswetgeving maar ook op wetgeving in diverse sectoren waarin logopedisten en audiologen actief zijn. Bovendien krijgen ethiek en deontologie met casuïstiek een belangrijke plaats in deze publicatie. Door de overvloed aan informatie is het een aangewezen naslagwerk voor artsen, gezondheidswerkers, onderwijsmensen en verantwoordelijken in verzekerings- en gezondheidsinstellingen die de zorg voor logopedie en audiologie delen.
De auteurs opteerden ook om deze publicatie overvloedig te voorzien van website- en contactadressen waar de geïnteresseerde beroepsuitoefenaar geactualiseerde informatie kan vinden. Op deze manier wordt Wetgeving, ethiek en deontologie voor logopedisten en audiologen een naslagwerk dat toegang biedt tot de allerlaatste ontwikkelingen binnen de logopedie en audiologie.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is voormalig diensthoofd
en adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout en directeur van de Centra voor
Ambulante Revalidatie van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen, en van het revalidatiecentrum
voor Niet-Aangeboren Hersenletsels te Turnhout. Hij is verbonden aan de Universiteit
Antwerpen als postdocoraal onderzoeker en tot het academiejaar 2014-2015 aan de Universiteit
Gent als gastprofessor. Hij is auteur van vele publicaties over stem, stotteren, taal, afasie en
wetgeving. Hij was bestuurslid en voorzitter van de Belgische Beroepsvereniging voor Logopedisten
(1973-1980) en voorzitter en gedelegeerd bestuurder van de Vlaamse Vereniging voor
Logopedisten (1980-2013). Daarnaast is hij al vele jaren co-organisator van de postacademische
vorming Stemstoornissen. Momenteel is hij bestuurder in verschillende zorg-, onderwijs- en
culturele instellingen en organisaties.
Toon Blux is logopedist en tewerkgesteld in het Imeldaziekenhuis in Bonheiden. Hij publiceerde
rond afasie, stem en wetgeving. Hij was een gewaardeerd spreker op VVL-congressen, studiedagen,
symposia en intensieve cursussen. Van 1980 tot 1994 was hij bestuurslid van de beroepsvereniging.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair
Revalidatiecentrum voor Communicatiestoornissen aan het UZ Antwerpen en hoofddocent
aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedische
en Audiologische Wetenschappen van de Universiteit Gent, onder meer voor het vak
Stemstoornissen en co-organisator van de postacademische vorming Stemstoornissen. Hij is
voormalig hoofdredacteur en momenteel redacteur van het tijdschrift Logopedie. Van 1992 tot
2006 was hij bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.
Wetgeving, ethiek en deontologie voor logopedisten en audiologen (Omtrent Logopedie, nr. 4)
Dit boek is een grondig herwerkte versie van Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten (Garant, 2008) en focust niet alleen op logopedisten maar ook op audiologen, andere geïnteresseerde gezondheidszorgberoepen, het onderwijsveld, verzekerings- en gezondheidszorginstellingen.
Het accent ligt daarom niet enkel op gezondheidswetgeving maar ook op wetgeving in diverse sectoren waarin logopedisten en audiologen actief zijn. Bovendien krijgen ethiek en deontologie met casuïstiek een belangrijke plaats in deze publicatie. Door de overvloed aan informatie is het een aangewezen naslagwerk voor artsen, gezondheidswerkers, onderwijsmensen en verantwoordelijken in verzekerings- en gezondheidsinstellingen die de zorg voor logopedie en audiologie delen.
De auteurs opteerden ook om deze publicatie overvloedig te voorzien van website- en contactadressen waar de geïnteresseerde beroepsuitoefenaar geactualiseerde informatie kan vinden. Op deze manier wordt Wetgeving, ethiek en deontologie voor logopedisten en audiologen een naslagwerk dat toegang biedt tot de allerlaatste ontwikkelingen binnen de logopedie en audiologie.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is voormalig diensthoofd
en adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout en directeur van de Centra voor
Ambulante Revalidatie van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen, en van het revalidatiecentrum
voor Niet-Aangeboren Hersenletsels te Turnhout. Hij is verbonden aan de Universiteit
Antwerpen als postdocoraal onderzoeker en tot het academiejaar 2014-2015 aan de Universiteit
Gent als gastprofessor. Hij is auteur van vele publicaties over stem, stotteren, taal, afasie en
wetgeving. Hij was bestuurslid en voorzitter van de Belgische Beroepsvereniging voor Logopedisten
(1973-1980) en voorzitter en gedelegeerd bestuurder van de Vlaamse Vereniging voor
Logopedisten (1980-2013). Daarnaast is hij al vele jaren co-organisator van de postacademische
vorming Stemstoornissen. Momenteel is hij bestuurder in verschillende zorg-, onderwijs- en
culturele instellingen en organisaties.
Toon Blux is logopedist en tewerkgesteld in het Imeldaziekenhuis in Bonheiden. Hij publiceerde
rond afasie, stem en wetgeving. Hij was een gewaardeerd spreker op VVL-congressen, studiedagen,
symposia en intensieve cursussen. Van 1980 tot 1994 was hij bestuurslid van de beroepsvereniging.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair
Revalidatiecentrum voor Communicatiestoornissen aan het UZ Antwerpen en hoofddocent
aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedische
en Audiologische Wetenschappen van de Universiteit Gent, onder meer voor het vak
Stemstoornissen en co-organisator van de postacademische vorming Stemstoornissen. Hij is
voormalig hoofdredacteur en momenteel redacteur van het tijdschrift Logopedie. Van 1992 tot
2006 was hij bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.