Ouderen met karakter (Reeks Senioren in de maatschappij, nr. 3)
In dit derde boek in de reeks Senioren in de maatschappij, staat de samenhang van persoonlijkheid en ouder worden centraal. Het boek geeft informatie over de vorming van de persoonlijkheid in de jeugd en de persoonlijkheidsontwikkeling tijdens de levensloop. In zes hoofdstukken wordt toegewerkt naar de interactie tussen het karakter en veroudering. Speciale aandacht bestaat er voor problemen bij het ouder worden die samenhangen met persoonlijkheidsproblematiek.
De auteurs beschrijven praktijksituaties en recente wetenschappelijke inzichten op dit intrigerende terrein van de psychologie en psychiatrie. Het boek is bestemd voor een breed publiek van geïnteresseerden, maar in het bijzonder voor mensen die werkzaam zijn in de welzijns- en gezondheidszorg voor ouderen.
Drs. G.J.J.A (Noud) Engelen studeerde psychogerontologie
aan de Radboud Universiteit in
Nijmegen. Hij werkte vele jaren als klinisch
ouderenpsycholoog in de ambulante geestelijke
gezondheidszorg en verrichtte wetenschappelijk
onderzoek op het terrein van persoonlijkheidsstoornissen
bij ouderen. Sinds 2001 is hij directeur
van Mondriaan Ouderen in Heerlen-Maastricht.
Prof. dr. S.P.J (Bas) van Alphen is als gezondheidszorgpsycholoog
en programmaleider werkzaam
bij Mondriaan Ouderen in Heerlen-Maastricht.
In 2006 promoveerde hij op diagnostische
aspecten van persoonlijkheidsstoornissen bij
ouderen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.
Sinds 2012 is hij als bijzonder hoogleraar
klinische ouderenpsychologie verbonden aan de
Vrije Universiteit Brussel.
Ouderen met karakter (Reeks Senioren in de maatschappij, nr. 3)
In dit derde boek in de reeks Senioren in de maatschappij, staat de samenhang van persoonlijkheid en ouder worden centraal. Het boek geeft informatie over de vorming van de persoonlijkheid in de jeugd en de persoonlijkheidsontwikkeling tijdens de levensloop. In zes hoofdstukken wordt toegewerkt naar de interactie tussen het karakter en veroudering. Speciale aandacht bestaat er voor problemen bij het ouder worden die samenhangen met persoonlijkheidsproblematiek.
De auteurs beschrijven praktijksituaties en recente wetenschappelijke inzichten op dit intrigerende terrein van de psychologie en psychiatrie. Het boek is bestemd voor een breed publiek van geïnteresseerden, maar in het bijzonder voor mensen die werkzaam zijn in de welzijns- en gezondheidszorg voor ouderen.
Drs. G.J.J.A (Noud) Engelen studeerde psychogerontologie
aan de Radboud Universiteit in
Nijmegen. Hij werkte vele jaren als klinisch
ouderenpsycholoog in de ambulante geestelijke
gezondheidszorg en verrichtte wetenschappelijk
onderzoek op het terrein van persoonlijkheidsstoornissen
bij ouderen. Sinds 2001 is hij directeur
van Mondriaan Ouderen in Heerlen-Maastricht.
Prof. dr. S.P.J (Bas) van Alphen is als gezondheidszorgpsycholoog
en programmaleider werkzaam
bij Mondriaan Ouderen in Heerlen-Maastricht.
In 2006 promoveerde hij op diagnostische
aspecten van persoonlijkheidsstoornissen bij
ouderen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.
Sinds 2012 is hij als bijzonder hoogleraar
klinische ouderenpsychologie verbonden aan de
Vrije Universiteit Brussel.
Naar een cultuur van de vrede in maatschappij en school
In iedere samenleving is het bewaren en versterken van een vredescultuur onmiskenbaar een uitzonderlijk hoog goed. Het bevorderen van een cultuur van de vrede is een actief proces en wordt, door de afwezigheid van het kwaad en/of geweld – wat dat ook mag betekenen? – een noodzakelijke mogelijkheidsvoorwaarde om de aandacht voor menswaardigheid gaande te houden en uit te diepen.
Dit boek wil een bijdrage leveren tot de irenologie als geesteswetenschap. Het eerste deel behandelt de problematiek van de mens- en de wereldbeelden van de samenleving: het heroïsche, Messiaanse, ascetische en harmonische mens- en wereldbeeld. Het tweede deel gaat in het bijzonder in op de dynamische ontwikkeling van het ‘ik’-organisme, door de verbondenheid met zichzelf, de andere(n), het andere (de natuur en de cultuur), het totale bestaan (of de ‘Andere’ in een godsdienstig perspectief). Vervolgens komen samenlevingsmodellen en omgangsvormen in de maatschappij aan bod, zoals het racistisch of apartheidsmodel, het assimilatiemodel, het model van de multiculturaliteit/het verzuilingsmodel en het model van de interculturaliteit, met het intercultureel onderwijs als de noodzakelijke uitdaging en opdracht voor elke leerkracht.
Het derde deel omvat een pleidooi voor een ‘vredes-actieve’ school.
Deze ‘geweldige’ school stelt in haar schoolvisie en schoolwerkplan de vredeseducatie centraal.
Enerzijds door het goede te bevorderen: de ethische gezindheid en de positieve energie van de
leerlingen. Anderzijds door de leerlingen zo veel mogelijk te behoeden voor en te verlossen
van het kwade: de negatieve energie die veelal gepaard gaat met allerlei vormen van geweld en
gewelddadigheid. Jongeren zullen er leren in ‘vrede’ te leven met zichzelf en de wereld.
Roger Boonen doceerde algemene didactiek, intercultureel onderwijs en vredeseducatie aan het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen. Hij is erecoördinator VLO – Vernieuwd Lager Onderwijs, gewezen Pedagogisch Opdrachthouder van het bisdom Antwerpen en erehoofdredacteur van het pedagogische tijdschrift School- en klaspraktijk. Hij heeft diverse pedagogisch-didactische publicaties op zijn naam. Hij is initiatiefnemer en coördinator van de meerjarige Opleiding Vredeseducatie in samenwerking met het Vredescentrum van de Provincie en de Stad Antwerpen, de Universiteit Antwerpen en andere organisaties.
Naar een cultuur van de vrede in maatschappij en school
In iedere samenleving is het bewaren en versterken van een vredescultuur onmiskenbaar een uitzonderlijk hoog goed. Het bevorderen van een cultuur van de vrede is een actief proces en wordt, door de afwezigheid van het kwaad en/of geweld – wat dat ook mag betekenen? – een noodzakelijke mogelijkheidsvoorwaarde om de aandacht voor menswaardigheid gaande te houden en uit te diepen.
Dit boek wil een bijdrage leveren tot de irenologie als geesteswetenschap. Het eerste deel behandelt de problematiek van de mens- en de wereldbeelden van de samenleving: het heroïsche, Messiaanse, ascetische en harmonische mens- en wereldbeeld. Het tweede deel gaat in het bijzonder in op de dynamische ontwikkeling van het ‘ik’-organisme, door de verbondenheid met zichzelf, de andere(n), het andere (de natuur en de cultuur), het totale bestaan (of de ‘Andere’ in een godsdienstig perspectief). Vervolgens komen samenlevingsmodellen en omgangsvormen in de maatschappij aan bod, zoals het racistisch of apartheidsmodel, het assimilatiemodel, het model van de multiculturaliteit/het verzuilingsmodel en het model van de interculturaliteit, met het intercultureel onderwijs als de noodzakelijke uitdaging en opdracht voor elke leerkracht.
Het derde deel omvat een pleidooi voor een ‘vredes-actieve’ school.
Deze ‘geweldige’ school stelt in haar schoolvisie en schoolwerkplan de vredeseducatie centraal.
Enerzijds door het goede te bevorderen: de ethische gezindheid en de positieve energie van de
leerlingen. Anderzijds door de leerlingen zo veel mogelijk te behoeden voor en te verlossen
van het kwade: de negatieve energie die veelal gepaard gaat met allerlei vormen van geweld en
gewelddadigheid. Jongeren zullen er leren in ‘vrede’ te leven met zichzelf en de wereld.
Roger Boonen doceerde algemene didactiek, intercultureel onderwijs en vredeseducatie aan het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen. Hij is erecoördinator VLO – Vernieuwd Lager Onderwijs, gewezen Pedagogisch Opdrachthouder van het bisdom Antwerpen en erehoofdredacteur van het pedagogische tijdschrift School- en klaspraktijk. Hij heeft diverse pedagogisch-didactische publicaties op zijn naam. Hij is initiatiefnemer en coördinator van de meerjarige Opleiding Vredeseducatie in samenwerking met het Vredescentrum van de Provincie en de Stad Antwerpen, de Universiteit Antwerpen en andere organisaties.

Gekleurd door het leven. Getuigenissen van jonge Turkse en Marokkaanse vrouwen over hun schooljaren en eerste ervaringen op de arbeidsmarkt
Dit is derde en (voorlopig) laatste deel in een reeks waarin verslag gedaan wordt van onderzoek naar de onderwijs- en arbeidsloopbanen van allochtonen in Vlaanderen:
In de eerste twee boeken worden veralgemeenbare uitspraken gedaan op basis van statistische analyses. Deze analyses leidden tot erg relevante inzichten over de leerprestaties van allochtonen in het onderwijs en hun intrede op de arbeidsmarkt.
Desalniettemin bleek ook dat niet alle bijzonderheden in de school- en arbeidsloopbanen van de allochtone jongeren via kwantitatieve analyses kunnen worden geduid. Meer bepaald viel op hoe één groep allochtonen in het bijzonder moeilijkheden ondervond om aansluiting te vinden op school en op de arbeidsmarkt: de meisjes van Turkse en Marokkaanse herkomst. In dit boek staat deze groep centraal. We laten hen zelf aan het woord.
Dit boek gaat dieper in op de achterliggende processen die de erg opvallende trajecten van Turkse en Marokkaanse vrouwen mee vorm geven.
Wat zijn de belangrijkste belemmeringen voor een volwaardige participatie van deze vrouwen aan het onderwijs en op de arbeidsmarkt?
En zijn er ook specifieke kansen?
Welke rol spelen genderrelaties hierin?
Om meer inzicht te verwerven in de achterliggende processen van sociale achterstelling, uitsluiting en discriminatie in de onderwijs- en arbeidsloopbanen van deze vrouwen werden een aantal Turkse en Marokkaanse vrouwen uit het eerdere onderzoek opnieuw bezocht voor een diepgaand vervolginterview over hun school- en beroepsloopbaan. Dit boek brengt hun verhalen, toetst ze af aan eerdere bevindingen en duidt ze met inzichten uit de literatuur.
De auteurs van dit boek zijn verbonden aan de onderzoeksgroep TOR van de Vrije Universiteit Brussel en lid van de interuniversitaire onderzoeksgroep SONAR die de overgang van school naar werk bestudeert.
Ignace Glorieux is gewoon hoogleraar sociologie. Zijn voornaamste onderzoeksdomeinen zijn tijdsbesteding en tijdsordening, de transitie van school naar werk en cultuurparticipatie.
Suzana Koelet was lange tijd verbonden aan de onderzoeksgroep TOR, deed aan de Universiteit Antwerpen onderzoek naar echtscheiding bij personen van Turkse en Marokkaanse herkomst en is recent aangesteld aan de Interface Demography van de Vrije Universiteit Brussel.
Ilse Laurijssen bereidt een proefschrift voor over de verschillen in de vroege arbeidsloopbanen van mannen en vrouwen.

Gekleurd door het leven. Getuigenissen van jonge Turkse en Marokkaanse vrouwen over hun schooljaren en eerste ervaringen op de arbeidsmarkt
Dit is derde en (voorlopig) laatste deel in een reeks waarin verslag gedaan wordt van onderzoek naar de onderwijs- en arbeidsloopbanen van allochtonen in Vlaanderen:
In de eerste twee boeken worden veralgemeenbare uitspraken gedaan op basis van statistische analyses. Deze analyses leidden tot erg relevante inzichten over de leerprestaties van allochtonen in het onderwijs en hun intrede op de arbeidsmarkt.
Desalniettemin bleek ook dat niet alle bijzonderheden in de school- en arbeidsloopbanen van de allochtone jongeren via kwantitatieve analyses kunnen worden geduid. Meer bepaald viel op hoe één groep allochtonen in het bijzonder moeilijkheden ondervond om aansluiting te vinden op school en op de arbeidsmarkt: de meisjes van Turkse en Marokkaanse herkomst. In dit boek staat deze groep centraal. We laten hen zelf aan het woord.
Dit boek gaat dieper in op de achterliggende processen die de erg opvallende trajecten van Turkse en Marokkaanse vrouwen mee vorm geven.
Wat zijn de belangrijkste belemmeringen voor een volwaardige participatie van deze vrouwen aan het onderwijs en op de arbeidsmarkt?
En zijn er ook specifieke kansen?
Welke rol spelen genderrelaties hierin?
Om meer inzicht te verwerven in de achterliggende processen van sociale achterstelling, uitsluiting en discriminatie in de onderwijs- en arbeidsloopbanen van deze vrouwen werden een aantal Turkse en Marokkaanse vrouwen uit het eerdere onderzoek opnieuw bezocht voor een diepgaand vervolginterview over hun school- en beroepsloopbaan. Dit boek brengt hun verhalen, toetst ze af aan eerdere bevindingen en duidt ze met inzichten uit de literatuur.
De auteurs van dit boek zijn verbonden aan de onderzoeksgroep TOR van de Vrije Universiteit Brussel en lid van de interuniversitaire onderzoeksgroep SONAR die de overgang van school naar werk bestudeert.
Ignace Glorieux is gewoon hoogleraar sociologie. Zijn voornaamste onderzoeksdomeinen zijn tijdsbesteding en tijdsordening, de transitie van school naar werk en cultuurparticipatie.
Suzana Koelet was lange tijd verbonden aan de onderzoeksgroep TOR, deed aan de Universiteit Antwerpen onderzoek naar echtscheiding bij personen van Turkse en Marokkaanse herkomst en is recent aangesteld aan de Interface Demography van de Vrije Universiteit Brussel.
Ilse Laurijssen bereidt een proefschrift voor over de verschillen in de vroege arbeidsloopbanen van mannen en vrouwen.
De investeringsbeslissing. Een beleidsgerichte analyse (+ cd-rom)
Het is dan ook niet verwonderlijk dat er ter ondersteuning van die beslissingsprocessen zoveel technieken en methoden werden ontwikkeld. Dit werk wil de voornaamste hulpmiddelen in kaart brengen en op een praktijkgerichte wijze integreren. Dit gaat van eenvoudige modellen die uitgaan van een goed voorspelbare, deterministische omgeving tot complexe strategische situaties met veel risico en onzekerheid, waarin beroep wordt gedaan op Monte-Carlo simulatie of optiewaarderingsmodellen zoals het Black-Scholesmodel of het binomiaalmodel. Hierbij wordt ruim aandacht besteed aan de (soms verrassende) invloed van de vennootschapsbelastingen op het resultaat van de analyse.
Wetenschappelijk stevig gefundeerde analysemethoden worden op een toepassingsgerichte wijze aangebracht. Hierbij wordt uitgebreid gebruik gemaakt van Microsoft Excel werkbladen die meegeleverd worden op de cd-rom. Hoewel het boek ook goed zonder de elektronische werkbladen kan worden gebruikt, leveren die werkbladen een duidelijke meerwaarde op. De Excel werkbladen hebben namelijk een dubbel doel. Enerzijds zijn ze zo opgebouwd dat zij een levendige illustratie zijn van de technieken. De lezer kan daarmee zelf moeiteloos nagaan wat de impact is van allerlei variaties in de beslissingsparameters. Die numerieke en grafi sche verkenningen helpen om het inzicht in de technieken te verdiepen. Anderzijds wordt de opbouw van deze werkbladen ook duidelijk, stapsgewijze in de tekst besproken. Het gebruik van Excel-mogelijkheden die door sommige lezers misschien minder vaak gebruikt worden (zoals b.v. doelzoeken of macro’s) wordt omstandig toegelicht. Het handboek kan daardoor ook gebruikt worden om de kennis van een aantal Excel-mogelijkheden te verdiepen. De bedoeling is de theorie te vertalen in toepassing en de lezer te helpen bij het opbouwen van eigen werkbladen voor de eigen praktijksituatie.
De combinatie van wetenschappelijke basis en interactieve praktijkgerichtheid maakt van dit werk een innovatieve bijdrage tot het domein. Dit handboek is zowel bestemd voor studenten in het universitair en het hoger onderwijs als voor ondernemers, managers en analisten op alle niveaus in de organisatie die betrokken zijn bij investeringsprojecten.
Roger Mercken is Master of Business Administration en doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven). Hij is gewoon hoogleraar Accountancy en Bedrijfskunde aan de Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen van het Limburgs Universitair Centrum in Diepenbeek. Hij doceert de vakken Investeringen, Vennootschapsboekhouden, Externe controle, Computer Auditing en Strategie & Informatiemanagement. Hij is actief in diverse management-onderzoeksgebieden en participeerde in een aantal onderzoeksprojecten. Hij publiceerde in diverse nationale en internationale wetenschappelijke tijdschriften en is ook medeauteur van twee handboeken ‘Boekhouding en fi nanciële rapportering’.
De investeringsbeslissing. Een beleidsgerichte analyse (+ cd-rom)
Het is dan ook niet verwonderlijk dat er ter ondersteuning van die beslissingsprocessen zoveel technieken en methoden werden ontwikkeld. Dit werk wil de voornaamste hulpmiddelen in kaart brengen en op een praktijkgerichte wijze integreren. Dit gaat van eenvoudige modellen die uitgaan van een goed voorspelbare, deterministische omgeving tot complexe strategische situaties met veel risico en onzekerheid, waarin beroep wordt gedaan op Monte-Carlo simulatie of optiewaarderingsmodellen zoals het Black-Scholesmodel of het binomiaalmodel. Hierbij wordt ruim aandacht besteed aan de (soms verrassende) invloed van de vennootschapsbelastingen op het resultaat van de analyse.
Wetenschappelijk stevig gefundeerde analysemethoden worden op een toepassingsgerichte wijze aangebracht. Hierbij wordt uitgebreid gebruik gemaakt van Microsoft Excel werkbladen die meegeleverd worden op de cd-rom. Hoewel het boek ook goed zonder de elektronische werkbladen kan worden gebruikt, leveren die werkbladen een duidelijke meerwaarde op. De Excel werkbladen hebben namelijk een dubbel doel. Enerzijds zijn ze zo opgebouwd dat zij een levendige illustratie zijn van de technieken. De lezer kan daarmee zelf moeiteloos nagaan wat de impact is van allerlei variaties in de beslissingsparameters. Die numerieke en grafi sche verkenningen helpen om het inzicht in de technieken te verdiepen. Anderzijds wordt de opbouw van deze werkbladen ook duidelijk, stapsgewijze in de tekst besproken. Het gebruik van Excel-mogelijkheden die door sommige lezers misschien minder vaak gebruikt worden (zoals b.v. doelzoeken of macro’s) wordt omstandig toegelicht. Het handboek kan daardoor ook gebruikt worden om de kennis van een aantal Excel-mogelijkheden te verdiepen. De bedoeling is de theorie te vertalen in toepassing en de lezer te helpen bij het opbouwen van eigen werkbladen voor de eigen praktijksituatie.
De combinatie van wetenschappelijke basis en interactieve praktijkgerichtheid maakt van dit werk een innovatieve bijdrage tot het domein. Dit handboek is zowel bestemd voor studenten in het universitair en het hoger onderwijs als voor ondernemers, managers en analisten op alle niveaus in de organisatie die betrokken zijn bij investeringsprojecten.
Roger Mercken is Master of Business Administration en doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven). Hij is gewoon hoogleraar Accountancy en Bedrijfskunde aan de Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen van het Limburgs Universitair Centrum in Diepenbeek. Hij doceert de vakken Investeringen, Vennootschapsboekhouden, Externe controle, Computer Auditing en Strategie & Informatiemanagement. Hij is actief in diverse management-onderzoeksgebieden en participeerde in een aantal onderzoeksprojecten. Hij publiceerde in diverse nationale en internationale wetenschappelijke tijdschriften en is ook medeauteur van twee handboeken ‘Boekhouding en fi nanciële rapportering’.