Zonder ‘goesting’ lukt het niet. Stress en bevlogenheid in het onderwijs (Korpus – Katernen Onderwijs: Research en Praktijk Uit Scholen, nr. 2)
Stress en een gebrek aan motivatie komt alsmaar vaker voor in het onderwijs. Zowel leerkrachten als leerlingen hebben ermee te maken. Scholen ondervinden dat dit diep ingrijpt op het welbevinden en de kwaliteit van het onderwijs. Nochtans is er weinig concreets terug te vinden als het gaat om het voeren van een actief schoolbeleid en -management ter zake. En dus gebeurt er de facto niet zoveel in de scholen.
Dit cahier wil enerzijds inzicht verschaffen in deze twee fenomenen en in hun onderlinge samenhang en anderzijds zeer concrete aanwijzingen geven om in een school hierrond een actief beleid en management te voeren. Met de ene voet in de academische kennis, met de andere voet in de alledaagse praktijk van het schoolmanagement.
Herman Siebens is doctor in de onderwijswetenschappen en master in business ethics en godsdienstwetenschappen. Hij is algemeen directeur van de Scholengroep 9 Ringscholen in Vlaams-Brabant.
De redactie van de KORPUS-Reeks bestaat uit prof. dr. Paul Mahieu, prof. dr. Peter Van Petegem en dr. Herman Siebens.
Zonder ‘goesting’ lukt het niet. Stress en bevlogenheid in het onderwijs (Korpus – Katernen Onderwijs: Research en Praktijk Uit Scholen, nr. 2)
Stress en een gebrek aan motivatie komt alsmaar vaker voor in het onderwijs. Zowel leerkrachten als leerlingen hebben ermee te maken. Scholen ondervinden dat dit diep ingrijpt op het welbevinden en de kwaliteit van het onderwijs. Nochtans is er weinig concreets terug te vinden als het gaat om het voeren van een actief schoolbeleid en -management ter zake. En dus gebeurt er de facto niet zoveel in de scholen.
Dit cahier wil enerzijds inzicht verschaffen in deze twee fenomenen en in hun onderlinge samenhang en anderzijds zeer concrete aanwijzingen geven om in een school hierrond een actief beleid en management te voeren. Met de ene voet in de academische kennis, met de andere voet in de alledaagse praktijk van het schoolmanagement.
Herman Siebens is doctor in de onderwijswetenschappen en master in business ethics en godsdienstwetenschappen. Hij is algemeen directeur van de Scholengroep 9 Ringscholen in Vlaams-Brabant.
De redactie van de KORPUS-Reeks bestaat uit prof. dr. Paul Mahieu, prof. dr. Peter Van Petegem en dr. Herman Siebens.
Al kantelt de aarde. Hoe als christen staande blijven in deze wereld (Fracarita-reeks, nr. 5)
Het begin van de 21ste eeuw wordt beschreven als een tijd van grote expansies, maar ook van onverwachte crisissen en algemeen een groeiende vrees voor terrorisme die het maatschappelijk gebeuren meer en meer bezwaart. Nog nooit in de geschiedenis zijn er zo veel mensen op de vlucht geweest. Het is dus een tijd in beweging, maar ook een tijd van angst voor de toekomst!
Ieder reageert op zijn of haar manier op dit tijdsgebeuren. Sommigen zullen zich hullen in onverschilligheid, anderen kruipen weg binnen de muren van een veilig onderkomen. Sommigen vragen zich af of de religie een specifiek antwoord te bieden heeft. Beschikt een christen over een bijzondere kracht om boven deze moeilijkheden uit te stijgen? Opent de Schrift en de navolging van Christus heel eigen wegen om de dikwijls terechte vrees en angst te overwinnen?
Broeder Stockman probeert op deze vragen een antwoord te geven, vanuit een heel persoonlijke reflectie. Hij tracht het antwoord te vinden in een levensechte spiritualiteit, een herontdekken van Gods aanwezigheid in de volle realiteit van het leven. En hij gaat heel ver wanneer hij zich laat confronteren met de ultieme vraag rond de dood, die voor velen de grote taboe van het leven is geworden. Zijn besluit is: als mens weet ik mijn oorsprong en eigenlijk ook mijn bestemming. Dat moet voldoende zijn om de angst te overmeesteren, ook al kantelt de aarde.
René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracarita-reeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.
Al kantelt de aarde. Hoe als christen staande blijven in deze wereld (Fracarita-reeks, nr. 5)
Het begin van de 21ste eeuw wordt beschreven als een tijd van grote expansies, maar ook van onverwachte crisissen en algemeen een groeiende vrees voor terrorisme die het maatschappelijk gebeuren meer en meer bezwaart. Nog nooit in de geschiedenis zijn er zo veel mensen op de vlucht geweest. Het is dus een tijd in beweging, maar ook een tijd van angst voor de toekomst!
Ieder reageert op zijn of haar manier op dit tijdsgebeuren. Sommigen zullen zich hullen in onverschilligheid, anderen kruipen weg binnen de muren van een veilig onderkomen. Sommigen vragen zich af of de religie een specifiek antwoord te bieden heeft. Beschikt een christen over een bijzondere kracht om boven deze moeilijkheden uit te stijgen? Opent de Schrift en de navolging van Christus heel eigen wegen om de dikwijls terechte vrees en angst te overwinnen?
Broeder Stockman probeert op deze vragen een antwoord te geven, vanuit een heel persoonlijke reflectie. Hij tracht het antwoord te vinden in een levensechte spiritualiteit, een herontdekken van Gods aanwezigheid in de volle realiteit van het leven. En hij gaat heel ver wanneer hij zich laat confronteren met de ultieme vraag rond de dood, die voor velen de grote taboe van het leven is geworden. Zijn besluit is: als mens weet ik mijn oorsprong en eigenlijk ook mijn bestemming. Dat moet voldoende zijn om de angst te overmeesteren, ook al kantelt de aarde.
René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracarita-reeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.
Een algemene orthopedagogiek (O&A-Reeks, nr. 8)
Opvoeding kan vanwege diverse redenen moeizaam verlopen. Verschillende soorten hulpverleners kunnen dan op allerlei manieren hulpverlenen. Het is daarbij van groot belang dat opvoeders, jeugdigen, hulpverleners helder met elkaar kunnen communiceren. Dit boek wil daaraan een bijdrage leveren. De auteur geeft een antwoord op de vragen wat stagnerende opvoeding is, welke typen opvoedingsstagnatie te onderscheiden zijn, wat hulpverlenen is en welke soorten hulpverleners er zijn. Omdat er meerdere antwoorden mogelijk zijn, heeft dit boek de titel: Een algemene orthopedagogiek.
Het boek is onder meer bestemd voor studenten in het hoger en postacademisch onderwijs die zich voorbereiden op één van de beroepen als opvoedingshulpverlener. Tevens is het van belang voor studenten in een opleiding tot docent in het basis- of voortgezet onderwijs, omdat zij in hun werk niet alleen doorsnee leerlingen ontmoeten maar ook leerlingen met een specifieke opvoedvraag. Daarnaast is het een waardevolle bron voor professionele hulpverleners die zich willen bezinnen op het kenmerkende van opvoedingshulpverlening.
De auteur licht fijnmazige analyses van en kritische reflecties op opvoedingshulpverlening
toe met vele praktijkvoorbeelden. Hij daagt de lezer uit om grondig na te denken zonder
het contact met de werkelijkheid te verliezen. Met deze publicatie bewijst hij niet alleen
orthopedagogen (in opleiding) een grote dienst, maar ook degenen aan wie zij opvoedingshulp
(gaan) bieden.
Doret de Ruyter (hoogleraar Theoretische Pedagogiek en Opleidingsdirecteur Pedagogische
Wetenschappen Vrije Universiteit Amsterdam).
Prof. dr. Piet de Ruyter was de eerste hoogleraar Orthopedagogiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij hield zich onder meer bezig met de professionalisering van het werk van de groepsleider in de residentiële hulpverlening en met de ontwikkeling van de praktisch pedagogische gezinshulpverlening.
Een algemene orthopedagogiek (O&A-Reeks, nr. 8)
Opvoeding kan vanwege diverse redenen moeizaam verlopen. Verschillende soorten hulpverleners kunnen dan op allerlei manieren hulpverlenen. Het is daarbij van groot belang dat opvoeders, jeugdigen, hulpverleners helder met elkaar kunnen communiceren. Dit boek wil daaraan een bijdrage leveren. De auteur geeft een antwoord op de vragen wat stagnerende opvoeding is, welke typen opvoedingsstagnatie te onderscheiden zijn, wat hulpverlenen is en welke soorten hulpverleners er zijn. Omdat er meerdere antwoorden mogelijk zijn, heeft dit boek de titel: Een algemene orthopedagogiek.
Het boek is onder meer bestemd voor studenten in het hoger en postacademisch onderwijs die zich voorbereiden op één van de beroepen als opvoedingshulpverlener. Tevens is het van belang voor studenten in een opleiding tot docent in het basis- of voortgezet onderwijs, omdat zij in hun werk niet alleen doorsnee leerlingen ontmoeten maar ook leerlingen met een specifieke opvoedvraag. Daarnaast is het een waardevolle bron voor professionele hulpverleners die zich willen bezinnen op het kenmerkende van opvoedingshulpverlening.
De auteur licht fijnmazige analyses van en kritische reflecties op opvoedingshulpverlening
toe met vele praktijkvoorbeelden. Hij daagt de lezer uit om grondig na te denken zonder
het contact met de werkelijkheid te verliezen. Met deze publicatie bewijst hij niet alleen
orthopedagogen (in opleiding) een grote dienst, maar ook degenen aan wie zij opvoedingshulp
(gaan) bieden.
Doret de Ruyter (hoogleraar Theoretische Pedagogiek en Opleidingsdirecteur Pedagogische
Wetenschappen Vrije Universiteit Amsterdam).
Prof. dr. Piet de Ruyter was de eerste hoogleraar Orthopedagogiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij hield zich onder meer bezig met de professionalisering van het werk van de groepsleider in de residentiële hulpverlening en met de ontwikkeling van de praktisch pedagogische gezinshulpverlening.
Zelfverwonding bij jongeren. Een gids voor ouders, leerkrachten, leerlingenbegeleiders ouders en vrienden
Uit recent Europees onderzoek blijkt dat het aantal jongeren dat zichzelf verwondt, toeneemt. Ook scholen en andere organisaties hebben bijgevolg meer en meer te maken met het fenomeen. Voor leerkrachten en leerlingenbegeleiders is het niet gemakkelijk om hiermee om te gaan. Ouders en vrienden weten zich meestal ook geen raad en voelen zich onmachtig wanneer ze geconfronteerd worden met een jongere die zichzelf verwondt.
De eerste opvang en blijvende steun door direct betrokkenen blijkt van groot belang te zijn in het hulpverleningsproces. Als zij beschikken over de juiste informatie en praktische handvatten hebben, die gebaseerd zijn op een oplossingsgericht model, kunnen ouders, school en vrienden van onschatbare waarde zijn voor deze jongeren. Zo hebben zij onder meer behoefte aan ondersteuning om te kunnen reageren op de zogenaamde ‘krasepidemies’. Een school kan rond dit thema een efficiënte, preventieve taak vervullen.
Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.
Nadine Callens, maatschappelijk assistente, is verbonden aan het VCLB – Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Oostende en aan de Provinciale Vormingscel WestVlaanderen. Als zelfstandig nascholer, gevestigd in De Haan, geeft ze ook trainingen in oplossingsgerichte gespreksvoering en voordrachten rond diverse psychosociale thema’s.
Zelfverwonding bij jongeren. Een gids voor ouders, leerkrachten, leerlingenbegeleiders ouders en vrienden
Uit recent Europees onderzoek blijkt dat het aantal jongeren dat zichzelf verwondt, toeneemt. Ook scholen en andere organisaties hebben bijgevolg meer en meer te maken met het fenomeen. Voor leerkrachten en leerlingenbegeleiders is het niet gemakkelijk om hiermee om te gaan. Ouders en vrienden weten zich meestal ook geen raad en voelen zich onmachtig wanneer ze geconfronteerd worden met een jongere die zichzelf verwondt.
De eerste opvang en blijvende steun door direct betrokkenen blijkt van groot belang te zijn in het hulpverleningsproces. Als zij beschikken over de juiste informatie en praktische handvatten hebben, die gebaseerd zijn op een oplossingsgericht model, kunnen ouders, school en vrienden van onschatbare waarde zijn voor deze jongeren. Zo hebben zij onder meer behoefte aan ondersteuning om te kunnen reageren op de zogenaamde ‘krasepidemies’. Een school kan rond dit thema een efficiënte, preventieve taak vervullen.
Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.
Nadine Callens, maatschappelijk assistente, is verbonden aan het VCLB – Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Oostende en aan de Provinciale Vormingscel WestVlaanderen. Als zelfstandig nascholer, gevestigd in De Haan, geeft ze ook trainingen in oplossingsgerichte gespreksvoering en voordrachten rond diverse psychosociale thema’s.
Obesity and pregnancy. An epidemiological and intervention study from a psychosocial perspective.
Maternal obesity and excessive gestational weight gain are both important health care issues contributing to increased perinatal complications in the short, medium and long term for both the mother and her infant.
The epidemiological and psychological characteristics of maternal obesity and related socio-demographic and obstetrical correlates, provide evidence for a tailored weight management strategy for obese women before, during and after a pregnancy.
In this doctoral thesis, we identify socio-demographic, obstetrical and psychological characteristics of maternal obesity, we find evidence for beneficial outcomes of a lifestyle intervention programme in obese pregnant women, and we find support for longer term perinatal complications with postpartum weight retention between the first and second pregnancy.
Further development and implementation of preconception
programmes based on a bio-psycho-social model that explicitly recognizes the
individual needs and interacting lifestyle factors in obese women of reproductive
age in order to prevent pre-pregnancy obesity, excessive gestational weight gain and
postpartum weight retention is a challenge for the near future.
Annick Bogaerts obtained her bachelor degree in Midwifery in 1989 at the
‘Provinciaal Instituut voor Verpleegkunde’ Hasselt. In 1989 she started working as
a midwife at the maternity and delivery ward of Salvator Ziekenhuis, Hasselt. In
1996, she completed her master degree ‘Licentiaat Medisch-Sociale Wetenschappen’
and started to combine working as a midwife in the hospital with teaching at KHLim,
Catholic University College in midwifery education. In 1999, she completed
a ‘postgraduaat neonatologie’. In 2002, she left clinical practice to continue working
as a lecturer in midwifery education. In 2007, she started a PWO (Projectmatig
Wetenschappelijk Onderzoek) – project about Obesity and Pregnancy at KHLim
and PHL, Limburg University College, dpt Healthcare Research, under the supervision
of Ingrid Witters. In 2010, she started her PhD project under the supervision of
Roland Devlieger (KU Leuven/UZ Leuven) and Bea Van den Bergh (Universiteit van
Tilburg).
Obesity and pregnancy. An epidemiological and intervention study from a psychosocial perspective.
Maternal obesity and excessive gestational weight gain are both important health care issues contributing to increased perinatal complications in the short, medium and long term for both the mother and her infant.
The epidemiological and psychological characteristics of maternal obesity and related socio-demographic and obstetrical correlates, provide evidence for a tailored weight management strategy for obese women before, during and after a pregnancy.
In this doctoral thesis, we identify socio-demographic, obstetrical and psychological characteristics of maternal obesity, we find evidence for beneficial outcomes of a lifestyle intervention programme in obese pregnant women, and we find support for longer term perinatal complications with postpartum weight retention between the first and second pregnancy.
Further development and implementation of preconception
programmes based on a bio-psycho-social model that explicitly recognizes the
individual needs and interacting lifestyle factors in obese women of reproductive
age in order to prevent pre-pregnancy obesity, excessive gestational weight gain and
postpartum weight retention is a challenge for the near future.
Annick Bogaerts obtained her bachelor degree in Midwifery in 1989 at the
‘Provinciaal Instituut voor Verpleegkunde’ Hasselt. In 1989 she started working as
a midwife at the maternity and delivery ward of Salvator Ziekenhuis, Hasselt. In
1996, she completed her master degree ‘Licentiaat Medisch-Sociale Wetenschappen’
and started to combine working as a midwife in the hospital with teaching at KHLim,
Catholic University College in midwifery education. In 1999, she completed
a ‘postgraduaat neonatologie’. In 2002, she left clinical practice to continue working
as a lecturer in midwifery education. In 2007, she started a PWO (Projectmatig
Wetenschappelijk Onderzoek) – project about Obesity and Pregnancy at KHLim
and PHL, Limburg University College, dpt Healthcare Research, under the supervision
of Ingrid Witters. In 2010, she started her PhD project under the supervision of
Roland Devlieger (KU Leuven/UZ Leuven) and Bea Van den Bergh (Universiteit van
Tilburg).
Werken met passie
Het vierde ‘Oral History’ project haakt in op de brandende onzekerheid en ontreddering.
Leerlingen van het zesde jaar interviewden mensen vanaf 45 jaar over hun ervaringen op de werkvloer en goten die getuigenissen in verhalen.
Dit boek bestrijkt een brede waaier van beroepen en hangt een levendig beeld op van de aard en de evolutie van het werk, de betrokkenheid bij de arbeid en de omgang met collega’s, bazen en klanten. Sommige getuigen vullen het leven met hun werk en spreken over de verwezenlijking van een droom. Sommigen betreuren hun keuze en mijmeren over gemiste kansen.
Werken met passie
Het vierde ‘Oral History’ project haakt in op de brandende onzekerheid en ontreddering.
Leerlingen van het zesde jaar interviewden mensen vanaf 45 jaar over hun ervaringen op de werkvloer en goten die getuigenissen in verhalen.
Dit boek bestrijkt een brede waaier van beroepen en hangt een levendig beeld op van de aard en de evolutie van het werk, de betrokkenheid bij de arbeid en de omgang met collega’s, bazen en klanten. Sommige getuigen vullen het leven met hun werk en spreken over de verwezenlijking van een droom. Sommigen betreuren hun keuze en mijmeren over gemiste kansen.
Civitas – Maatschappijleer voor de tweede fase havo/vwo – Docentenhandleiding
CIVITAS gaat over `samen leven'', over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht.
De auteurs hebben er vanuit hun jarenlange ervaring voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.
Deze docentenhandleiding hoort bij het basisboek, het opgavenboek vwo en het opgavenboek havo.
Op de site van de auteurs vindt u over deze methode meer informatie en downloads voor leerlingen en leraren.
De antwoorden bij de opgavenbundels zijn voor leraren te verkrijgen door een mail te sturen naar h.philippens@planet.nl.
Vermeld daarin uw naam en uw school, het mailadres van de administratie en het telefoonnummer van de school. Geef ook aan of het om de havo of de vwo-antwoorden gaat.
Na verificatie zullen dan de bestanden met antwoorden worden opgestuurd naar de administratiemail ter attentie van de leraar.
Civitas – Maatschappijleer voor de tweede fase havo/vwo – Docentenhandleiding
CIVITAS gaat over `samen leven'', over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht.
De auteurs hebben er vanuit hun jarenlange ervaring voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.
Deze docentenhandleiding hoort bij het basisboek, het opgavenboek vwo en het opgavenboek havo.
Op de site van de auteurs vindt u over deze methode meer informatie en downloads voor leerlingen en leraren.
De antwoorden bij de opgavenbundels zijn voor leraren te verkrijgen door een mail te sturen naar h.philippens@planet.nl.
Vermeld daarin uw naam en uw school, het mailadres van de administratie en het telefoonnummer van de school. Geef ook aan of het om de havo of de vwo-antwoorden gaat.
Na verificatie zullen dan de bestanden met antwoorden worden opgestuurd naar de administratiemail ter attentie van de leraar.
Mobility Framework and Standard for Teacher Trainees. The Theoretical Framework
The aim of MOST, a three year Comenius 2.1. project, was to develop a European standard of competencies for the beginning teacher. The development of this standard was based on action research by the mobility of teacher trainees for the purpose of teaching practices and a joint evaluation for the recognition of it.
Intensive efforts were made to develop a structural framework to facilitate future mobility of student teachers and teacher trainees within Europe. The application of the common system of credits (ECTS) and academic recognition was therefore implemented. Organising exchange programmes between different partner institutions is an important incentive to develop a shared understanding of the similarities and differences between the school systems of different European countries and to identify the key competencies a beginning teacher should possess to function in a European context.
This volume reflects on the theoretical framework of the project. The educational outcomes behind the project are discussed in a companion volume also published in this series (Issues in European Education Series, N° 7).
Walter Baeten is an international relation officer at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). He was the coordinator of the MOSTProject.
Julie De Ganck is a lecturer of Pedagogy and Communication at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). She was the coordinator of the Belgian team in the MOST-Project.
Mobility Framework and Standard for Teacher Trainees. The Theoretical Framework
The aim of MOST, a three year Comenius 2.1. project, was to develop a European standard of competencies for the beginning teacher. The development of this standard was based on action research by the mobility of teacher trainees for the purpose of teaching practices and a joint evaluation for the recognition of it.
Intensive efforts were made to develop a structural framework to facilitate future mobility of student teachers and teacher trainees within Europe. The application of the common system of credits (ECTS) and academic recognition was therefore implemented. Organising exchange programmes between different partner institutions is an important incentive to develop a shared understanding of the similarities and differences between the school systems of different European countries and to identify the key competencies a beginning teacher should possess to function in a European context.
This volume reflects on the theoretical framework of the project. The educational outcomes behind the project are discussed in a companion volume also published in this series (Issues in European Education Series, N° 7).
Walter Baeten is an international relation officer at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). He was the coordinator of the MOSTProject.
Julie De Ganck is a lecturer of Pedagogy and Communication at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). She was the coordinator of the Belgian team in the MOST-Project.