Ondersteunend opvoeden. Kompas in een complexe wereld
In een wereld die perfectie en verdeeldheid propageert, waar het algoritme prachtige technologie infecteert en de noodkreet naar vrede, menswaardigheid en zorg voor de planeet door zieke politieke leiders wordt genegeerd, raken ouders en kinderen gedesoriënteerd.
Welke ankerpunten heb je nog als bezorgde ouder? Hoe kan je jouw kind wegwijs maken in deze complexe wereld? Wat zijn de bouwstenen van je kind? En hoe kan je je kind helpen om daar constructief mee om te gaan? Maar ook, hoe kan je als ouder jezelf helpen om een goede ouder te zijn?
Dit boek wil op een bevattelijke manier teruggaan naar de essentie en de eenvoud: opvoeden benaderen als een reis met je kind waarbij je probeert te zorgen voor en te genieten van elkaar.
De auteur is hoopvol en gelooft rotsvast in de competenties van ouders en kinderen. Zelfvertrouwen is zowel voor kinderen als voor ouders een belangrijke hefboom. Het ‘opvoedkompas’ wijst de drie richtingen aan die er voor kinderen en ouders toe doen om met een gerust hart te kunnen zeggen: ‘We zijn goed bezig!’
Dit kompas wordt aangevuld met een inspiratielijst met tips die helpen om de gewenste richtingen aan te houden.
Tot slot neemt het boek je mee in de wondere wereld van hoe kinderen ‘ont-wikkelen’. Elke ontwikkelingsfase gaat gepaard met specifieke uitdagingen en kansen, zowel voor ouder als kind.
JOOST DEVOLDER werkte ruim 40 jaar als pleegzorgmedewerker binnen de Jeugdhulp. Het thema ‘opvoeding’ groeide uit tot een passie. In 2004 ontving hij voor zijn vernieuwend werk een award uit de handen van de toenmalige Prinses Mathilde. In 2005 verscheen zijn eerste boek Positief opvoeden (Garant) dat door verschillende organisaties werd gebruikt om ouders te inspireren. In 2011 volgde Opvoeding in evolutie (Garant).
Ondersteunend opvoeden. Kompas in een complexe wereld
In een wereld die perfectie en verdeeldheid propageert, waar het algoritme prachtige technologie infecteert en de noodkreet naar vrede, menswaardigheid en zorg voor de planeet door zieke politieke leiders wordt genegeerd, raken ouders en kinderen gedesoriënteerd.
Welke ankerpunten heb je nog als bezorgde ouder? Hoe kan je jouw kind wegwijs maken in deze complexe wereld? Wat zijn de bouwstenen van je kind? En hoe kan je je kind helpen om daar constructief mee om te gaan? Maar ook, hoe kan je als ouder jezelf helpen om een goede ouder te zijn?
Dit boek wil op een bevattelijke manier teruggaan naar de essentie en de eenvoud: opvoeden benaderen als een reis met je kind waarbij je probeert te zorgen voor en te genieten van elkaar.
De auteur is hoopvol en gelooft rotsvast in de competenties van ouders en kinderen. Zelfvertrouwen is zowel voor kinderen als voor ouders een belangrijke hefboom. Het ‘opvoedkompas’ wijst de drie richtingen aan die er voor kinderen en ouders toe doen om met een gerust hart te kunnen zeggen: ‘We zijn goed bezig!’
Dit kompas wordt aangevuld met een inspiratielijst met tips die helpen om de gewenste richtingen aan te houden.
Tot slot neemt het boek je mee in de wondere wereld van hoe kinderen ‘ont-wikkelen’. Elke ontwikkelingsfase gaat gepaard met specifieke uitdagingen en kansen, zowel voor ouder als kind.
JOOST DEVOLDER werkte ruim 40 jaar als pleegzorgmedewerker binnen de Jeugdhulp. Het thema ‘opvoeding’ groeide uit tot een passie. In 2004 ontving hij voor zijn vernieuwend werk een award uit de handen van de toenmalige Prinses Mathilde. In 2005 verscheen zijn eerste boek Positief opvoeden (Garant) dat door verschillende organisaties werd gebruikt om ouders te inspireren. In 2011 volgde Opvoeding in evolutie (Garant).
Het dierenrijk als bron van geneesmiddelen, (volks)geneeskunde en farmacie (Reeks Cahiers GGG Geschiedenis van de Geneeskunde en de Gezondheidszorg, nr. 20)
Door de eeuwen heen hebben apothekers een fascinatie gehad voor dieren. Dit was in de eerste plaats het geval in het productie-proces van geneesmiddelen. Vele likkepotten, zalven, pillen, oliën of lotions werden aangemaakt op basis van ingrediënten, verkregen uit dieren. Immers, aan dieren werden allerhande gunstige eigenschappen toegekend, die de gezondheid van de mens ten goede konden komen. Men kan het zo gauw niet bedenken, maar zowat alle dieren werden in aanmerking genomen om ziekten tegen te gaan. In dit boek passeren talloze diersoorten de revue, waarvan de eigenschappen op de één of andere manier heilzaam bleken te zijn voor de mens.
Maar ook als uithangbord of decoratie gebruikten apothekers, drogisten of kruideniers allerhande opgezette dieren of afbeeldingen om hun apotheek mee op te smukken. Zo droegen apotheken door de eeuwen heen ook de namen van exotische of lokale beesten, of werden apothekerspotten versierd met afbeeldingen van beren, olifanten, slangen of andere diersoorten.
Aangezien dieren genezing konden brengen, werden ze het favoriete hulpmiddel van de vele geneesheiligen, die door de mensheid eeuwen lang vereerd en aanbeden werden om hun gezondheid te beschermen of te herstellen. De auteur brengt een panoplie van heiligen ten tonele, die elk voor een bepaalde ziekte of aandoening genezing kon brengen in onze Lage Landen.
Kortom, in dit boek komt de onverbrekelijke band tussen de apotheker en de wonderlijke dierenwereld tot uiting, een band die ons telkens weer blijft verbazen en intrigeren.
Guy Gilias (1944) toonde reeds tijdens zijn apothekersstudies belangstelling voor de geschiedenis van zijn beroep. Tien jaar lang was hij voorzitter van de Kring voor de Geschiedenis van de Farmacie in de Benelux. Hij werd benoemd tot lid van de Académie Internationale d’Histoire de la Pharmacie en werd laureaat van de Prijs Frans Daels (afdeling Farmacie), uitgereikt door de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België. Hij gaf verscheidene lezingen over farmaceutisch historische onderwerpen, publiceerde artikelen in gespecialiseerde tijdschriften en schreef verschillende boeken met betrekking tot de geschiedenis van de farmacie.
Het dierenrijk als bron van geneesmiddelen, (volks)geneeskunde en farmacie (Reeks Cahiers GGG Geschiedenis van de Geneeskunde en de Gezondheidszorg, nr. 20)
Door de eeuwen heen hebben apothekers een fascinatie gehad voor dieren. Dit was in de eerste plaats het geval in het productie-proces van geneesmiddelen. Vele likkepotten, zalven, pillen, oliën of lotions werden aangemaakt op basis van ingrediënten, verkregen uit dieren. Immers, aan dieren werden allerhande gunstige eigenschappen toegekend, die de gezondheid van de mens ten goede konden komen. Men kan het zo gauw niet bedenken, maar zowat alle dieren werden in aanmerking genomen om ziekten tegen te gaan. In dit boek passeren talloze diersoorten de revue, waarvan de eigenschappen op de één of andere manier heilzaam bleken te zijn voor de mens.
Maar ook als uithangbord of decoratie gebruikten apothekers, drogisten of kruideniers allerhande opgezette dieren of afbeeldingen om hun apotheek mee op te smukken. Zo droegen apotheken door de eeuwen heen ook de namen van exotische of lokale beesten, of werden apothekerspotten versierd met afbeeldingen van beren, olifanten, slangen of andere diersoorten.
Aangezien dieren genezing konden brengen, werden ze het favoriete hulpmiddel van de vele geneesheiligen, die door de mensheid eeuwen lang vereerd en aanbeden werden om hun gezondheid te beschermen of te herstellen. De auteur brengt een panoplie van heiligen ten tonele, die elk voor een bepaalde ziekte of aandoening genezing kon brengen in onze Lage Landen.
Kortom, in dit boek komt de onverbrekelijke band tussen de apotheker en de wonderlijke dierenwereld tot uiting, een band die ons telkens weer blijft verbazen en intrigeren.
Guy Gilias (1944) toonde reeds tijdens zijn apothekersstudies belangstelling voor de geschiedenis van zijn beroep. Tien jaar lang was hij voorzitter van de Kring voor de Geschiedenis van de Farmacie in de Benelux. Hij werd benoemd tot lid van de Académie Internationale d’Histoire de la Pharmacie en werd laureaat van de Prijs Frans Daels (afdeling Farmacie), uitgereikt door de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België. Hij gaf verscheidene lezingen over farmaceutisch historische onderwerpen, publiceerde artikelen in gespecialiseerde tijdschriften en schreef verschillende boeken met betrekking tot de geschiedenis van de farmacie.
Mijn werkbalans. Tool voor loopbaancoaches, HRm’ers, leidinggevenden en medewerkers (Handleiding + Kaartjes + Spelbord)
Leidraad voor de begeleider Bij het leggen van de kaarten
– Wat doe je bij deze kaart? Kies je voor de groene of de rode?
– Kan je hier een voorbeeld van geven?
– Wat doet je twijfelen?
– Welke argumenten kan je hiervoor aanhalen?
Na het leggen van de kaarten
– Kleurt je globale beeld overwegend positief (groen) of negatief (rood)?
– Is dit herkenbaar voor jou?
– Hoe zwaar wegen de verschillende facetten bij je door? Hoe belangrijk zijn ze voor je?
– Wat loopt nog goed dat je wil behouden?
– Wat is er nu moeilijk? Wat wil je in de plaats? Hoe zie je dit concreet?
– Welke facetten of onderdelen kan je wel (of niet) beïnvloeden?
– Wat is een eerste kleine stap die je hierin kan zetten?
– Wie kan je hierbij helpen? Met wie kan je dit bespreken?
– Welke acties kan je hierin ondernemen?
– Hoe zou je je competenties en talenten meer kunnen inzetten?
– Welke conclusies maak je voor jezelf?
Mijn werkbalans. Tool voor loopbaancoaches, HRm’ers, leidinggevenden en medewerkers (Handleiding + Kaartjes + Spelbord)
Leidraad voor de begeleider Bij het leggen van de kaarten
– Wat doe je bij deze kaart? Kies je voor de groene of de rode?
– Kan je hier een voorbeeld van geven?
– Wat doet je twijfelen?
– Welke argumenten kan je hiervoor aanhalen?
Na het leggen van de kaarten
– Kleurt je globale beeld overwegend positief (groen) of negatief (rood)?
– Is dit herkenbaar voor jou?
– Hoe zwaar wegen de verschillende facetten bij je door? Hoe belangrijk zijn ze voor je?
– Wat loopt nog goed dat je wil behouden?
– Wat is er nu moeilijk? Wat wil je in de plaats? Hoe zie je dit concreet?
– Welke facetten of onderdelen kan je wel (of niet) beïnvloeden?
– Wat is een eerste kleine stap die je hierin kan zetten?
– Wie kan je hierbij helpen? Met wie kan je dit bespreken?
– Welke acties kan je hierin ondernemen?
– Hoe zou je je competenties en talenten meer kunnen inzetten?
– Welke conclusies maak je voor jezelf?
Essential Texts in Social and Cultural Anthropology – Vol. 2 Posthuman Anthropology
In this second volume of essential texts, we leave postmodern/postcolonial theory for new theoretical perspectives. Postmodern theory had the ambition to leave the modern behind but stopped short with an epistemological crisis. Postmodern theory however introduced innovative perspectives in theory that should be retained, such as positionality in research, deterritorialization, the ethnography of imagination, and the rhizomatic.
Posthuman theory builds on a different set of theories, that developed inside and outside of anthropology, most importantly science and technology studies, and philosophical strands including transmodern and transhuman orientations. The term ‘posthuman’ may be misleading as it does not involve the end of the human, but rather the end of the modern human, and the incorporation of the human in a larger perspective and context, making room for nonhuman beings such as animals and technology.
While the introduction of disability was limited in volume 1, it takes on a greater amplitude in this volume. People with disabilities’ experiences are familiar with the way the modern Vitruvian men is bypassed and in engaging with technology and with animals and other nonhuman beings. Rethinking (and re-doing) disability appears to be productive at both a discursive and narrative level, and provides an openings to relating with environments, by pushing for inclusion (in which not only other humans, but also other living and non-living things taking up significant time and space, and thus decenter modern humans). This leads to an ontological turn and a new humanization, somewhere between hope and staying with the trouble, with much attention for the materiality of the body and its prosthetics in future worlds. In four parts, the reader moves from tensions between disability, posthuman, and anthropology. A pragmatic theoretical approach is developed in part 3 with a focus on theory and new materialism, living, moving, and making, and resumes in part 4 with an attention to posthuman words in ‘care’, ‘(re)wilding’, ‘neurodiversity’ and ‘repair’.
Patrick J. Devlieger is a sociocultural anthropologist who was trained at KU Leuven and the University of Illinois. He worked extensively within the anthropology of disability and for the last decade in the history of leprosy sites and settlements. He has researched and taught in participatory fieldwork labs in Belgium, DR Congo, Canada, China, South Africa and New Zealand.
Essential Texts in Social and Cultural Anthropology – Vol. 2 Posthuman Anthropology
In this second volume of essential texts, we leave postmodern/postcolonial theory for new theoretical perspectives. Postmodern theory had the ambition to leave the modern behind but stopped short with an epistemological crisis. Postmodern theory however introduced innovative perspectives in theory that should be retained, such as positionality in research, deterritorialization, the ethnography of imagination, and the rhizomatic.
Posthuman theory builds on a different set of theories, that developed inside and outside of anthropology, most importantly science and technology studies, and philosophical strands including transmodern and transhuman orientations. The term ‘posthuman’ may be misleading as it does not involve the end of the human, but rather the end of the modern human, and the incorporation of the human in a larger perspective and context, making room for nonhuman beings such as animals and technology.
While the introduction of disability was limited in volume 1, it takes on a greater amplitude in this volume. People with disabilities’ experiences are familiar with the way the modern Vitruvian men is bypassed and in engaging with technology and with animals and other nonhuman beings. Rethinking (and re-doing) disability appears to be productive at both a discursive and narrative level, and provides an openings to relating with environments, by pushing for inclusion (in which not only other humans, but also other living and non-living things taking up significant time and space, and thus decenter modern humans). This leads to an ontological turn and a new humanization, somewhere between hope and staying with the trouble, with much attention for the materiality of the body and its prosthetics in future worlds. In four parts, the reader moves from tensions between disability, posthuman, and anthropology. A pragmatic theoretical approach is developed in part 3 with a focus on theory and new materialism, living, moving, and making, and resumes in part 4 with an attention to posthuman words in ‘care’, ‘(re)wilding’, ‘neurodiversity’ and ‘repair’.
Patrick J. Devlieger is a sociocultural anthropologist who was trained at KU Leuven and the University of Illinois. He worked extensively within the anthropology of disability and for the last decade in the history of leprosy sites and settlements. He has researched and taught in participatory fieldwork labs in Belgium, DR Congo, Canada, China, South Africa and New Zealand.
Wetboek Strafrecht – Strafwetboek, Wetboek van Strafvordering, Bijzondere wetten 44ste bijgewerkte druk (Volledig bijgewerkt tot 1 augustus 2023)
Een uitgebreid herwerkt alfabetisch trefwoordenregister maakt het geheel bovendien erg gebruiksvriendelijk. Alle teksten zijn bijgewerkt tot 1 augustus 2023.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar (internationaal en Europees) strafrecht aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en van het Knowledge and Research Platform Privacy, Information Exchange, Law Enforcement and Surveillance(PIXLES). Hij voert internationaal relevant wetenschappelijk onderzoek op het brede terrein van het strafrechtelijk beleid.
Wetboek Strafrecht – Strafwetboek, Wetboek van Strafvordering, Bijzondere wetten 44ste bijgewerkte druk (Volledig bijgewerkt tot 1 augustus 2023)
Een uitgebreid herwerkt alfabetisch trefwoordenregister maakt het geheel bovendien erg gebruiksvriendelijk. Alle teksten zijn bijgewerkt tot 1 augustus 2023.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar (internationaal en Europees) strafrecht aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en van het Knowledge and Research Platform Privacy, Information Exchange, Law Enforcement and Surveillance(PIXLES). Hij voert internationaal relevant wetenschappelijk onderzoek op het brede terrein van het strafrechtelijk beleid.
Blijven staan ondanks de storm – Toolbox. Handleiding voor hulpverleners.
In deze box voor hulpverleners zitten tools om met deze ouders en gezinnen te werken vanuit het gedachtegoed dat eerder beschreven werd in het boek ‘Blijven staan ondanks de storm. Handvatten voor ouders in een hoogconflictscheiding’ (Garant, 2018). De box bevat heldere gesprekskaarten en een handleiding hoe en wanneer de kaarten te gebruiken. In klare taal biedt de auteur handvatten aan hulpverleners om met ouders en jongeren in gesprek te gaan. De gesprekskaarten kunnen gebruikt worden ter ondersteuning voor psycho-educatie of als concrete handvatten en oefeningen. Ook bevat de box een aantal inspiratiekaarten met bekende en/of passende uitspraken.
De box is er voor elke hulpverlener die stevig wil blijven staan wanneer de storm waar ouders in een hoogconflictscheiding middenin zitten, de praktijk komt binnenwaaien.
Deze box bevat:
- handleiding
- 25 psycho-educatieve gesprekskaarten
- 16 inspiratiekaarten
- online oefeningen
Vanessa Maesis oprichtster van Alianza, een project van CGG PassAnt vzw, waar ze de voorbije 12 jaar actief was. Ze is klinisch psycholoog en systeemtherapeut. Vandaag werkt ze in een privépraktijk en geeft vormingen en opleidingen rond het thema ‘Conflictueus ouderschap na scheiding’. Samen met Christel Cornelis schreef ze het boek Blijven staan ondanks de storm. Handvatten voor ouders in een hoogconflictscheiding (Garant, 2018). Ze heeft ruim 15 jaar ervaring in het therapeutisch werken met ouders en kinderen in scheiding.
Blijven staan ondanks de storm – Toolbox. Handleiding voor hulpverleners.
In deze box voor hulpverleners zitten tools om met deze ouders en gezinnen te werken vanuit het gedachtegoed dat eerder beschreven werd in het boek ‘Blijven staan ondanks de storm. Handvatten voor ouders in een hoogconflictscheiding’ (Garant, 2018). De box bevat heldere gesprekskaarten en een handleiding hoe en wanneer de kaarten te gebruiken. In klare taal biedt de auteur handvatten aan hulpverleners om met ouders en jongeren in gesprek te gaan. De gesprekskaarten kunnen gebruikt worden ter ondersteuning voor psycho-educatie of als concrete handvatten en oefeningen. Ook bevat de box een aantal inspiratiekaarten met bekende en/of passende uitspraken.
De box is er voor elke hulpverlener die stevig wil blijven staan wanneer de storm waar ouders in een hoogconflictscheiding middenin zitten, de praktijk komt binnenwaaien.
Deze box bevat:
- handleiding
- 25 psycho-educatieve gesprekskaarten
- 16 inspiratiekaarten
- online oefeningen
Vanessa Maesis oprichtster van Alianza, een project van CGG PassAnt vzw, waar ze de voorbije 12 jaar actief was. Ze is klinisch psycholoog en systeemtherapeut. Vandaag werkt ze in een privépraktijk en geeft vormingen en opleidingen rond het thema ‘Conflictueus ouderschap na scheiding’. Samen met Christel Cornelis schreef ze het boek Blijven staan ondanks de storm. Handvatten voor ouders in een hoogconflictscheiding (Garant, 2018). Ze heeft ruim 15 jaar ervaring in het therapeutisch werken met ouders en kinderen in scheiding.
Sensoa Vlaggensysteem – Reageren op (grensoverschrijdend) gedrag van kinderen en jongeren
Het Sensoa Vlaggensysteem helpt om seksueel gedrag van kinderen en jongeren eerlijk te beoordelen en er gepast op te reageren. Maar je kan het Vlaggensysteem ook gebruiken om met kinderen en jongeren het gesprek aan te gaan over welk seksueel gedrag wel en niet oké is.
Centraal in het Sensoa Vlaggensysteem staan zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Die bieden begeleiders, kinderen en jongeren houvast bij het beoordelen van seksueel gedrag, en dus ook bij de reactie daarop. Bovendien kunnen die criteria een leidraad vormen voor het eigen seksueel gedrag.
In dit boek wordt het Vlaggensysteem uitgelegd en onderbouwd. Er is ook een hoofdstuk gewijd aan begeleiderscompetenties en er staan cases in om met het team aan de slag te gaan rond seksueel (grensoverschrijdend) gedrag.
In hoofdstuk zes van dit boek zijn 43 kaarten opgenomen waarop concrete situaties staan afgebeeld van seksueel gedrag van kinderen en jongeren. Elke situatie wordt beoordeeld aan de hand van zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Op basis van die beoordeling wordt een pedagogische reactie gesuggereerd.
Sensoa Vlaggensysteem – Reageren op (grensoverschrijdend) gedrag van kinderen en jongeren
Het Sensoa Vlaggensysteem helpt om seksueel gedrag van kinderen en jongeren eerlijk te beoordelen en er gepast op te reageren. Maar je kan het Vlaggensysteem ook gebruiken om met kinderen en jongeren het gesprek aan te gaan over welk seksueel gedrag wel en niet oké is.
Centraal in het Sensoa Vlaggensysteem staan zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Die bieden begeleiders, kinderen en jongeren houvast bij het beoordelen van seksueel gedrag, en dus ook bij de reactie daarop. Bovendien kunnen die criteria een leidraad vormen voor het eigen seksueel gedrag.
In dit boek wordt het Vlaggensysteem uitgelegd en onderbouwd. Er is ook een hoofdstuk gewijd aan begeleiderscompetenties en er staan cases in om met het team aan de slag te gaan rond seksueel (grensoverschrijdend) gedrag.
In hoofdstuk zes van dit boek zijn 43 kaarten opgenomen waarop concrete situaties staan afgebeeld van seksueel gedrag van kinderen en jongeren. Elke situatie wordt beoordeeld aan de hand van zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Op basis van die beoordeling wordt een pedagogische reactie gesuggereerd.