Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De bedrijfsrevisor en AML: actualia, vraagstukken en vooruitzichten – Le réviseur d’entreprises face au blanchiment de capitaux: actualités, enjeux et perspectives (ICCI 2024-1)

 45,00

Al meer dan drie decennia is de strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van terrorisme een prioriteit voor overheden en beroepsbeoefenaars. De auteurs onderzoeken de contexten waarin producten en diensten in verschillende sectoren zouden kunnen worden misbruikt voor het witwassen van geld of de financiering van terrorisme. Het onderzoekt ook in detail de rol van bedrijfsrevisoren in het preventief antiwitwasdispositief, met name hun verplichting om vermoedens van witwassen te melden aan de Cel voor Financiële Informatieverwerking (CFI). Het werpt tevens een licht op de uitdagingen waarmee bedrijfsrevisoren in deze context worden geconfronteerd. Gevalsstudies belichten de verschillende technieken die door witwassers worden gebruikt in sectoren die als risicovoller voor het beroep worden beschouwd. Andere regelgevingen, met betrekking tot het register van uiteindelijke begunstigden en de bescherming van klokkenluiders, worden ook uitvoerig besproken, wat een volledig overzicht biedt van de instrumenten die beschikbaar zijn in deze strijd.

Het boek benadrukt daarenboven het toenemende belang van internationale samenwerking in de strijd tegen het witwassen van geld, evenals de implicaties van de herziening van de regels van de Europese Unie inzake de bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.

Het is een waardevol instrument voor iedereen die betrokken is bij de strijd tegen het witwassen van geld, alsmede voor degenen die geïnteresseerd zijn in de rol van bedrijfsrevisoren en de bijbehorende regelgeving.

Depuis plus de trois décennies, la lutte contre le blanchiment d’argent et le financement du terrorisme est devenue une priorité pour les autorités et les professionnels. Les auteurs explorent les contextes dans lesquels les produits et services de divers secteurs pourraient être exploités à des fins de blanchiment de capitaux ou de financement du terrorisme. Il examine également en détail le rôle des réviseurs d’entreprises dans le dispositif préventif anti-blanchiment, notamment leur obligation de signaler les soupçons de blanchiment à la Cellule de traitement des informations financières (CTIF). Il éclaire également les lecteurs sur les défis rencontrés par les réviseurs d’entreprises dans ce contexte.

Des études de cas mettent en lumière les différentes techniques utilisées par les blanchisseurs dans des secteurs considérés comme plus risqués pour la profession. D’autres réglementations, concernant le registre des bénéficiaires effectifs et la protection des lanceurs d’alerte, sont également examinées en détail, offrant un aperçu complet des outils disponibles dans cette lutte.

L’ouvrage souligne également l’importance croissante de la coopération internationale dans la lutte contre le blanchiment d’argent, ainsi que les implications de la révision des règles de l’Union Européenne en matière de lutte contre le blanchiment et de financement du terrorisme.

Il constitue un outil précieux pour tous les acteurs engagés dans la lutte contre le blanchiment d’argent, ainsi que pour ceux intéressés par le rôle des réviseurs d’entreprises et la réglementation y afférente.



Quick View

De bedrijfsrevisor en AML: actualia, vraagstukken en vooruitzichten – Le réviseur d’entreprises face au blanchiment de capitaux: actualités, enjeux et perspectives (ICCI 2024-1)

 45,00

Al meer dan drie decennia is de strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van terrorisme een prioriteit voor overheden en beroepsbeoefenaars. De auteurs onderzoeken de contexten waarin producten en diensten in verschillende sectoren zouden kunnen worden misbruikt voor het witwassen van geld of de financiering van terrorisme. Het onderzoekt ook in detail de rol van bedrijfsrevisoren in het preventief antiwitwasdispositief, met name hun verplichting om vermoedens van witwassen te melden aan de Cel voor Financiële Informatieverwerking (CFI). Het werpt tevens een licht op de uitdagingen waarmee bedrijfsrevisoren in deze context worden geconfronteerd. Gevalsstudies belichten de verschillende technieken die door witwassers worden gebruikt in sectoren die als risicovoller voor het beroep worden beschouwd. Andere regelgevingen, met betrekking tot het register van uiteindelijke begunstigden en de bescherming van klokkenluiders, worden ook uitvoerig besproken, wat een volledig overzicht biedt van de instrumenten die beschikbaar zijn in deze strijd.

Het boek benadrukt daarenboven het toenemende belang van internationale samenwerking in de strijd tegen het witwassen van geld, evenals de implicaties van de herziening van de regels van de Europese Unie inzake de bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.

Het is een waardevol instrument voor iedereen die betrokken is bij de strijd tegen het witwassen van geld, alsmede voor degenen die geïnteresseerd zijn in de rol van bedrijfsrevisoren en de bijbehorende regelgeving.

Depuis plus de trois décennies, la lutte contre le blanchiment d’argent et le financement du terrorisme est devenue une priorité pour les autorités et les professionnels. Les auteurs explorent les contextes dans lesquels les produits et services de divers secteurs pourraient être exploités à des fins de blanchiment de capitaux ou de financement du terrorisme. Il examine également en détail le rôle des réviseurs d’entreprises dans le dispositif préventif anti-blanchiment, notamment leur obligation de signaler les soupçons de blanchiment à la Cellule de traitement des informations financières (CTIF). Il éclaire également les lecteurs sur les défis rencontrés par les réviseurs d’entreprises dans ce contexte.

Des études de cas mettent en lumière les différentes techniques utilisées par les blanchisseurs dans des secteurs considérés comme plus risqués pour la profession. D’autres réglementations, concernant le registre des bénéficiaires effectifs et la protection des lanceurs d’alerte, sont également examinées en détail, offrant un aperçu complet des outils disponibles dans cette lutte.

L’ouvrage souligne également l’importance croissante de la coopération internationale dans la lutte contre le blanchiment d’argent, ainsi que les implications de la révision des règles de l’Union Européenne en matière de lutte contre le blanchiment et de financement du terrorisme.

Il constitue un outil précieux pour tous les acteurs engagés dans la lutte contre le blanchiment d’argent, ainsi que pour ceux intéressés par le rôle des réviseurs d’entreprises et la réglementation y afférente.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het commissarisverslag. – Opgesteld in toepassing van de artikelen 3:75 en 3:80 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en overeenkomstig de ISA’s (ICCI 2023-1)

 75,00
De publicatie "Het commissarisverslag opgesteld in toepassing van de artikelen 3:75 en 3:80 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en overeenkomstig de ISA’s" behandelt in hoofdzaak enkel de verslagen uitgebracht krachtens de wet als commissaris of aangestelde bedrijfsrevisor (hierna samengevat onder de noemer: ‘commissaris’), belast met de controle van de (geconsolideerde) jaarrekening die wordt uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s.

Deze editie houdt rekening met de wet- en regelgeving en de normen, alsook met de vertaling van de in België van toepassing zijnde ISA’s naar het Nederlands en het Frans, bijgewerkt tot 31 december 2022. Zo wordt rekening gehouden met de inwerkingtreding van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, alsook met de herziene versie 2020 van de bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde ISA’s (wordt momenteel herzien). De huidige versie van de publicatie kan worden gebruikt voor jaarrekeningen afgesloten na 31 december 2022.

Het eerste hoofdstuk van de publicatie bespreekt de structuur van het commissarisverslag, rekening houdend met de vereisten van zowel de ISA’s als de Belgische wettelijke en normatieve context. Het tweede hoofdstuk overloopt de verschillende situaties waarmee de commissaris vanaf zijn benoeming door de algemene vergadering kan geconfronteerd worden. In dit hoofdstuk worden concrete voorbeelden van verslagen over de jaarrekening verstrekt volgens diverse thema’s rekening houdend met de omstandigheden die worden opgegeven bij het begin van elk voorbeeld. In zijn verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen moet de commissaris rekening houden met de gevolgen van een aangepast oordeel tot uitdrukking gebracht in zijn verslag over de (geconsolideerde) jaarrekening (eerste deel) en het tweede deel van het verslag zal, in het merendeel van de gevallen, moeten worden aangepast (derde hoofdstuk). In het vierde hoofdstuk wordt de wettelijke context met betrekking tot de tussenkomst van de bedrijfsrevisor bij de ondernemingsraad in herinnering gebracht en wordt een voorbeeldverslag verstrekt dat aan de ondernemingsraad van een bijkantoor kan worden gericht. Vervolgens wordt nagegaan wat de gevolgen zijn van een beslissing tot ontbinding op het commissarisverslag, onder meer wat de toepasselijke waarderingsregels zijn, en dit zowel voor als na de notariële akte (vijfde hoofdstuk). De publicatie bevat in het zesde hoofdstuk tevens een voorbeeld van verslag van niet-bevinding bestemd voor de algemene vergadering dat de commissaris zodra hij vaststelt dat de algemene vergadering niet binnen zes maanden na de afsluitingsdatum van het boekjaar over de jaarrekening beraadslaagt. Ten slotte worden de modelverslagen in het Nederlands en het Frans, die aan de bijkomende norm (herziene versie 2020) bij de in België van toepassing zijnde ISA’s werden gehecht, ter beschikking gesteld (zevende hoofdstuk).

De auteurs hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om bepaalde elementen te verfijnen en aan te vullen. Zo worden op bondige wijze bepaalde aspecten met betrekking tot de correctie van de jaarrekening verder uitgewerkt in verschillende scenario’s, alsook een samenvattende beslissingsboom weergegeven met betrekking tot de ontdekking van in de loop van boekjaar N van een afwijking van materieel belang die een impact heeft op boekjaar N-1. Tevens worden typeverslagen van de commissaris met de standaardformuleringen in het geval dat de commissaris een aangepast oordeel tot uitdrukking brengt ter beschikking gesteld.

Quick View

Het commissarisverslag. – Opgesteld in toepassing van de artikelen 3:75 en 3:80 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en overeenkomstig de ISA’s (ICCI 2023-1)

 75,00
De publicatie "Het commissarisverslag opgesteld in toepassing van de artikelen 3:75 en 3:80 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en overeenkomstig de ISA’s" behandelt in hoofdzaak enkel de verslagen uitgebracht krachtens de wet als commissaris of aangestelde bedrijfsrevisor (hierna samengevat onder de noemer: ‘commissaris’), belast met de controle van de (geconsolideerde) jaarrekening die wordt uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s.

Deze editie houdt rekening met de wet- en regelgeving en de normen, alsook met de vertaling van de in België van toepassing zijnde ISA’s naar het Nederlands en het Frans, bijgewerkt tot 31 december 2022. Zo wordt rekening gehouden met de inwerkingtreding van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, alsook met de herziene versie 2020 van de bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde ISA’s (wordt momenteel herzien). De huidige versie van de publicatie kan worden gebruikt voor jaarrekeningen afgesloten na 31 december 2022.

Het eerste hoofdstuk van de publicatie bespreekt de structuur van het commissarisverslag, rekening houdend met de vereisten van zowel de ISA’s als de Belgische wettelijke en normatieve context. Het tweede hoofdstuk overloopt de verschillende situaties waarmee de commissaris vanaf zijn benoeming door de algemene vergadering kan geconfronteerd worden. In dit hoofdstuk worden concrete voorbeelden van verslagen over de jaarrekening verstrekt volgens diverse thema’s rekening houdend met de omstandigheden die worden opgegeven bij het begin van elk voorbeeld. In zijn verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen moet de commissaris rekening houden met de gevolgen van een aangepast oordeel tot uitdrukking gebracht in zijn verslag over de (geconsolideerde) jaarrekening (eerste deel) en het tweede deel van het verslag zal, in het merendeel van de gevallen, moeten worden aangepast (derde hoofdstuk). In het vierde hoofdstuk wordt de wettelijke context met betrekking tot de tussenkomst van de bedrijfsrevisor bij de ondernemingsraad in herinnering gebracht en wordt een voorbeeldverslag verstrekt dat aan de ondernemingsraad van een bijkantoor kan worden gericht. Vervolgens wordt nagegaan wat de gevolgen zijn van een beslissing tot ontbinding op het commissarisverslag, onder meer wat de toepasselijke waarderingsregels zijn, en dit zowel voor als na de notariële akte (vijfde hoofdstuk). De publicatie bevat in het zesde hoofdstuk tevens een voorbeeld van verslag van niet-bevinding bestemd voor de algemene vergadering dat de commissaris zodra hij vaststelt dat de algemene vergadering niet binnen zes maanden na de afsluitingsdatum van het boekjaar over de jaarrekening beraadslaagt. Ten slotte worden de modelverslagen in het Nederlands en het Frans, die aan de bijkomende norm (herziene versie 2020) bij de in België van toepassing zijnde ISA’s werden gehecht, ter beschikking gesteld (zevende hoofdstuk).

De auteurs hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om bepaalde elementen te verfijnen en aan te vullen. Zo worden op bondige wijze bepaalde aspecten met betrekking tot de correctie van de jaarrekening verder uitgewerkt in verschillende scenario’s, alsook een samenvattende beslissingsboom weergegeven met betrekking tot de ontdekking van in de loop van boekjaar N van een afwijking van materieel belang die een impact heeft op boekjaar N-1. Tevens worden typeverslagen van de commissaris met de standaardformuleringen in het geval dat de commissaris een aangepast oordeel tot uitdrukking brengt ter beschikking gesteld.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Procedure inzake btw – Controle- en bewijsmiddelen – Verjaring – Geding

 37,50
Dit boek geeft op praktische wijze een overzicht van de controlemaatregelen die de btw-administratie heeft om een btw-controle voor te bereiden en uit te voeren. De bewaringstermijnen inzake btw vormen hierbij een functionele grens voor de afwezigheid van onderzoekstermijnen in het btw-stelsel.

In het kader van een btw-controle kan gebruik worden gemaakt van een aantal bewijsmiddelen van het gemeen recht maar ook van een aantal specifieke bewijsmiddelen die voorzien zijn in het W.BTW, zoals de deskundige schatting en de ambtelijke aanslag. Ook het proces-verbaal heeft een bijzondere rol binnen een btw-controle.

Een btw-controle kan maar productief worden verricht binnen de grenzen van de verjaringstermijnen. Hierbij wordt de toepasselijkheid van de verschillende verjaringstermijnen inzake btw toegelicht aan de hand van voorbeelden.

Ten slotte worden op bondige wijze de regels inzake het geding met zijn administratieve en gerechtelijke fase van toepassing op het btw-stelsel toegelicht.



Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).

Quick View

Procedure inzake btw – Controle- en bewijsmiddelen – Verjaring – Geding

 37,50
Dit boek geeft op praktische wijze een overzicht van de controlemaatregelen die de btw-administratie heeft om een btw-controle voor te bereiden en uit te voeren. De bewaringstermijnen inzake btw vormen hierbij een functionele grens voor de afwezigheid van onderzoekstermijnen in het btw-stelsel.

In het kader van een btw-controle kan gebruik worden gemaakt van een aantal bewijsmiddelen van het gemeen recht maar ook van een aantal specifieke bewijsmiddelen die voorzien zijn in het W.BTW, zoals de deskundige schatting en de ambtelijke aanslag. Ook het proces-verbaal heeft een bijzondere rol binnen een btw-controle.

Een btw-controle kan maar productief worden verricht binnen de grenzen van de verjaringstermijnen. Hierbij wordt de toepasselijkheid van de verschillende verjaringstermijnen inzake btw toegelicht aan de hand van voorbeelden.

Ten slotte worden op bondige wijze de regels inzake het geding met zijn administratieve en gerechtelijke fase van toepassing op het btw-stelsel toegelicht.



Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Heibel in het appartementsgebouw – 3de herziene uitgave

 30,00
We leven steeds dichter bij mekaar. Er worden nog steeds bijkomend appartementsgebouwen opgericht. Ook kiezen we voor nieuwe woonvormen waarbij mensen zelfs voorzieningen gaan delen binnen het gebouw. Dat vraagt goede afspraken tussen bewoners en mede-eigenaren. Zo moet er in de eerste plaats eensgezindheid nagestreefd worden over het beheer van de gemeenschappelijke delen van het gebouw. Zeker in tijden waar heel wat verouderde gebouwen aan een grondige renovatiebeurt toe zijn, maar ook voor nieuwe gebouwen waar zich een gedegen onderhoud om te verregaande slijtage en waardevermindering te vermijden voor de toekomst opdringt. Wanneer het samenleven of samen beheren niet soepel verlopen, kan dat tot conflicten leiden die de sfeer in het appartementsgebouw of tussen de actoren gelast met het beheer danig kunnen verzuren. Procedures inzake appartementsmede-eigendom zijn dan ook talrijk, maar vandaag de dag wordt ook gedacht aan de oplossingsgerichte aanpak via bemiddeling.

Dit boek, dat aan zijn derde druk toe is, is in eerste instantie geschreven om conflicten in de kiem te smoren. Het opzet is om alle betrokken mede-eigenaren oplossingen te bieden voor concrete discussies of patstellingen. Een vlotte interne conflictregeling kan immers een tijdrovend en vaak kostelijk rechtsgeding doen voorkomen. Mocht een geschil toch bij de rechter belanden, dan kan het boek als leidraad dienen bij het opvolgen van een aan de gang zijnde procedure. Het boek sluit af met handige modellen voor de praktijk.

Astrid Clabots is advocaat maar ook erkend bemiddelaar. Het vastgoedrecht behoort tot haar specialisaties, waarbij bijzondere focus wordt gelegd op het appartemensrecht. Zij doceert onder meer aan vastgoedprofessionals en is een veelgevraagd spreker.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Heibel in het appartementsgebouw – 3de herziene uitgave

 30,00
We leven steeds dichter bij mekaar. Er worden nog steeds bijkomend appartementsgebouwen opgericht. Ook kiezen we voor nieuwe woonvormen waarbij mensen zelfs voorzieningen gaan delen binnen het gebouw. Dat vraagt goede afspraken tussen bewoners en mede-eigenaren. Zo moet er in de eerste plaats eensgezindheid nagestreefd worden over het beheer van de gemeenschappelijke delen van het gebouw. Zeker in tijden waar heel wat verouderde gebouwen aan een grondige renovatiebeurt toe zijn, maar ook voor nieuwe gebouwen waar zich een gedegen onderhoud om te verregaande slijtage en waardevermindering te vermijden voor de toekomst opdringt. Wanneer het samenleven of samen beheren niet soepel verlopen, kan dat tot conflicten leiden die de sfeer in het appartementsgebouw of tussen de actoren gelast met het beheer danig kunnen verzuren. Procedures inzake appartementsmede-eigendom zijn dan ook talrijk, maar vandaag de dag wordt ook gedacht aan de oplossingsgerichte aanpak via bemiddeling.

Dit boek, dat aan zijn derde druk toe is, is in eerste instantie geschreven om conflicten in de kiem te smoren. Het opzet is om alle betrokken mede-eigenaren oplossingen te bieden voor concrete discussies of patstellingen. Een vlotte interne conflictregeling kan immers een tijdrovend en vaak kostelijk rechtsgeding doen voorkomen. Mocht een geschil toch bij de rechter belanden, dan kan het boek als leidraad dienen bij het opvolgen van een aan de gang zijnde procedure. Het boek sluit af met handige modellen voor de praktijk.

Astrid Clabots is advocaat maar ook erkend bemiddelaar. Het vastgoedrecht behoort tot haar specialisaties, waarbij bijzondere focus wordt gelegd op het appartemensrecht. Zij doceert onder meer aan vastgoedprofessionals en is een veelgevraagd spreker.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen