Staar verder. Naar een kosmopolitisch begrijpen van de relatie tussen blindheid, kunst en maatschappij
Personen met een handicap worden vaak benaderd vanuit
het verschil dat een handicap met zich mee kan brengen.
Dit boek presenteert een andere manier van omgaan met
handicap: de kosmopolitische benadering. Nieuw hieraan is
dat niet het verschil of de focus op individuele behoeften
voorop staat, maar de relatie tussen personen met en zonder
handicap. In dit boek weerklinkt het verhaal van een onderzoek
met blinde, slechtziende en ziende personen die onderling
over die “kosmopolitische relatie” nadenken en samen
kunst beleven om te ontdekken wat deze relatie zou kunnen
betekenen. Hun ervaringen bieden tal van concrete suggesties
voor musea, die op toegankelijkheid en ontmoeting tussen
mensen willen inzetten.
Beleidsmedewerkers, mensen uit het onderwijs, het culturele
en museale veld of de zorgsector, kortom iedereen die
zich in de thema’s toegankelijkheid, inclusie en omgaan met
diversiteit wil verdiepen, kan in het theoretisch kader en de
praktische inzichten in dit boek inspiratie vinden en er zelf
mee aan de slag gaan.
Als kosmopolitisch kunstenaar ben ik ervan overtuigd dat dit het image
is: twee kippen, van totaal verschillende identiteiten, die naar mekaar kijken...
Om zo een image in een museum te hangen, van boven tot onder,
een museum waar iedereen totaal verschillend is en waar men ook nog
naar elkaar durft te luisteren ...
Het verhaal in dit boek is alvast een aanzet tot dit image.
Koen Vanmechelen
Joyce Leysen is professionele bachelor basisonderwijs en master in de educatieve studies en in de sociale en culturele pedagogiek. Ze was vele jaren actief als onderwijzeres en zorgleerkracht aan de Sint-Lambertusschool in Heverlee. Momenteel werkt ze bij de Onderzoeksgroep Educatie, Cultuur en Samenleving van de KU Leuven.
Staar verder. Naar een kosmopolitisch begrijpen van de relatie tussen blindheid, kunst en maatschappij
Personen met een handicap worden vaak benaderd vanuit
het verschil dat een handicap met zich mee kan brengen.
Dit boek presenteert een andere manier van omgaan met
handicap: de kosmopolitische benadering. Nieuw hieraan is
dat niet het verschil of de focus op individuele behoeften
voorop staat, maar de relatie tussen personen met en zonder
handicap. In dit boek weerklinkt het verhaal van een onderzoek
met blinde, slechtziende en ziende personen die onderling
over die “kosmopolitische relatie” nadenken en samen
kunst beleven om te ontdekken wat deze relatie zou kunnen
betekenen. Hun ervaringen bieden tal van concrete suggesties
voor musea, die op toegankelijkheid en ontmoeting tussen
mensen willen inzetten.
Beleidsmedewerkers, mensen uit het onderwijs, het culturele
en museale veld of de zorgsector, kortom iedereen die
zich in de thema’s toegankelijkheid, inclusie en omgaan met
diversiteit wil verdiepen, kan in het theoretisch kader en de
praktische inzichten in dit boek inspiratie vinden en er zelf
mee aan de slag gaan.
Als kosmopolitisch kunstenaar ben ik ervan overtuigd dat dit het image
is: twee kippen, van totaal verschillende identiteiten, die naar mekaar kijken...
Om zo een image in een museum te hangen, van boven tot onder,
een museum waar iedereen totaal verschillend is en waar men ook nog
naar elkaar durft te luisteren ...
Het verhaal in dit boek is alvast een aanzet tot dit image.
Koen Vanmechelen
Joyce Leysen is professionele bachelor basisonderwijs en master in de educatieve studies en in de sociale en culturele pedagogiek. Ze was vele jaren actief als onderwijzeres en zorgleerkracht aan de Sint-Lambertusschool in Heverlee. Momenteel werkt ze bij de Onderzoeksgroep Educatie, Cultuur en Samenleving van de KU Leuven.
Eerst vasthouden, dan loslaten. Het Emancipatorisch Methodisch Kader: houvast voor hulpverleners
Bij de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking komen
emancipatie, zelfbepaling en andere burgerschapsmodellen almaar
meer aan bod. Iedereen is in de weer om deze mensen een plaats te
geven met volwaardige rechten en plichten. Zeker hulpverleners proberen
dit dagelijks in de praktijk te zetten. Deze paradigmaverschuiving
heeft alle actoren in de social profit in het burgerschapsmodel gekatapulteerd.
Cliënten voelen zich niet alleen geëmancipeerd, maar ook
soms eenzaam, geïsoleerd en onveilig. Iedereen, ook de samenleving
in haar geheel, is op zoek naar houvast.
In het spanningsveld tussen zelfbeschikking van de cliënt en de verantwoordelijkheid
als hulpverlener heeft de auteur het EMK – Emancipatorisch
Methodisch Kader ontwikkeld, dat niet alleen kansen tot
zelfontplooiing voor de cliënten garandeert, maar ook veiligheid voor
hem en zijn begeleiders. Het EMK beschrijft het emancipatieproces in
een relationeel, instrumenteel, evaluatief en strategisch kader, rijkelijk
geïllustreerd met praktijksituaties. Het boek is bestemd voor alle betrokkenen
in de social profit.
Karel De Corte studeerde psychologische en pedagogische hulpverlening, richting orthopedagogiek aan de Universiteit Gent. Hij is verbonden aan Den Dries in Evergem, een centrum dat volwassenen met verstandelijke beperkingen woonondersteuning biedt. Daarnaast geeft hij training en vorming over gentle teaching, downsyndroom en het burgerschapsparadigma.
Eerst vasthouden, dan loslaten. Het Emancipatorisch Methodisch Kader: houvast voor hulpverleners
Bij de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking komen
emancipatie, zelfbepaling en andere burgerschapsmodellen almaar
meer aan bod. Iedereen is in de weer om deze mensen een plaats te
geven met volwaardige rechten en plichten. Zeker hulpverleners proberen
dit dagelijks in de praktijk te zetten. Deze paradigmaverschuiving
heeft alle actoren in de social profit in het burgerschapsmodel gekatapulteerd.
Cliënten voelen zich niet alleen geëmancipeerd, maar ook
soms eenzaam, geïsoleerd en onveilig. Iedereen, ook de samenleving
in haar geheel, is op zoek naar houvast.
In het spanningsveld tussen zelfbeschikking van de cliënt en de verantwoordelijkheid
als hulpverlener heeft de auteur het EMK – Emancipatorisch
Methodisch Kader ontwikkeld, dat niet alleen kansen tot
zelfontplooiing voor de cliënten garandeert, maar ook veiligheid voor
hem en zijn begeleiders. Het EMK beschrijft het emancipatieproces in
een relationeel, instrumenteel, evaluatief en strategisch kader, rijkelijk
geïllustreerd met praktijksituaties. Het boek is bestemd voor alle betrokkenen
in de social profit.
Karel De Corte studeerde psychologische en pedagogische hulpverlening, richting orthopedagogiek aan de Universiteit Gent. Hij is verbonden aan Den Dries in Evergem, een centrum dat volwassenen met verstandelijke beperkingen woonondersteuning biedt. Daarnaast geeft hij training en vorming over gentle teaching, downsyndroom en het burgerschapsparadigma.
Mama, mijn hoofd is zo vol. Jasper, kind vol onvoorspelbaarheden
Dit boek is het verhaal van een moeder over de opvoeding van haar zoon Jasper. Als blijkt dat deze andere manier van denken het leerproces en het gedrag van de jongen hypothekeert, gaan de ouders op zoek naar antwoorden bij leerkrachten, artsen en therapeuten.
Het is het realistische, maar hoopgevende verhaal van een lange queeste waarin de auteur niet alleen de antwoorden van de leerkrachten, hulpverleners en artsen opneemt, maar vooral haar verhaal over Jasper en haar kijk op ADHD. Ook Jasper zelf komt aan het woord.
Uit dit verhaal blijkt onder meer hoe moeilijk het is om ADHD te plaatsen binnen tal van andere stoornissen die ook betrekking hebben op hyperkinesie en concentratieproblemen. Om deze reden werd in het tweede deel een overzicht opgenomen van de meest voorkomende (leer)stoornissen met hun voornaamste symptomen, die vaak ook aan Jaspers problemen werden toegeschreven. Ook bevat dit deel een overzicht van therapieën met korte beschrijving, waarvan Jasper er een groot aantal heeft gevolgd.
In zekere zin kan het boek dienen als een leidraad of inspiratiebron voor elkeen die met een kind met ADHD of verwante problemen wordt geconfronteerd en door het bos de bomen niet meer ziet.
Fabianne Verdeyen studeerde regentaat Nederlands en werkt als voltijdse deskundige bij de personeelsdienst in het provinciebestuur van Limburg.
In de media:
Nieuwsbrief Gezondheidsbib CM Brugge
Mama, mijn hoofd is zo vol. Jasper, kind vol onvoorspelbaarheden
Dit boek is het verhaal van een moeder over de opvoeding van haar zoon Jasper. Als blijkt dat deze andere manier van denken het leerproces en het gedrag van de jongen hypothekeert, gaan de ouders op zoek naar antwoorden bij leerkrachten, artsen en therapeuten.
Het is het realistische, maar hoopgevende verhaal van een lange queeste waarin de auteur niet alleen de antwoorden van de leerkrachten, hulpverleners en artsen opneemt, maar vooral haar verhaal over Jasper en haar kijk op ADHD. Ook Jasper zelf komt aan het woord.
Uit dit verhaal blijkt onder meer hoe moeilijk het is om ADHD te plaatsen binnen tal van andere stoornissen die ook betrekking hebben op hyperkinesie en concentratieproblemen. Om deze reden werd in het tweede deel een overzicht opgenomen van de meest voorkomende (leer)stoornissen met hun voornaamste symptomen, die vaak ook aan Jaspers problemen werden toegeschreven. Ook bevat dit deel een overzicht van therapieën met korte beschrijving, waarvan Jasper er een groot aantal heeft gevolgd.
In zekere zin kan het boek dienen als een leidraad of inspiratiebron voor elkeen die met een kind met ADHD of verwante problemen wordt geconfronteerd en door het bos de bomen niet meer ziet.
Fabianne Verdeyen studeerde regentaat Nederlands en werkt als voltijdse deskundige bij de personeelsdienst in het provinciebestuur van Limburg.
In de media:
Nieuwsbrief Gezondheidsbib CM Brugge
De Balten. Op de tweesprong tussen Oost en West
Lewis CARRAFIELLO is coordinator van het Instituut voor Europees Beleid van de KU Leuven. Lutgart SPAEPEN is Team Europe-lid voor België (Europese Commissie). Nico VERTONGEN is projectcoordinator van Flanders' Baltic Central and East European Network (BCE Network) in Brussel.
De Balten. Op de tweesprong tussen Oost en West
Lewis CARRAFIELLO is coordinator van het Instituut voor Europees Beleid van de KU Leuven. Lutgart SPAEPEN is Team Europe-lid voor België (Europese Commissie). Nico VERTONGEN is projectcoordinator van Flanders' Baltic Central and East European Network (BCE Network) in Brussel.
Schriftelijke communicatie
CEVORA is het vormingscentrum van het ANPCB Aanvullend Nationaal Paritair Comité voor Bedienden.
Schriftelijke communicatie
CEVORA is het vormingscentrum van het ANPCB Aanvullend Nationaal Paritair Comité voor Bedienden.
Bekwaam en speciaal. Generiek competentieprofiel speciale onderwijszorg – 3de licht gewijzigde druk
Een schoot als geheel dient over alle genoemde competenties te beschikken. Dan pas kunnen alle leerlingen rekenen op een optimale ontwikkelingskans.
Met dit competentieprofiel kan nagegaan worden op welke gebieden een schoolteam zich verder kan ontwikkelen. Is dat in de breedte of juist in de diepte?
Drie kritische punten vormen de kern van de onderbouwing en de uitwerking van het competentieprofiel.
•In hoeverre is speciale onderwijszorg te typeren als een eigen domein dat om bijzondere bekwaamheden vraagt?
•Welke specifieke eisen worden gesteld aan de begeleiding van het leren en de ontwikkeling van leerlingen met een bijzondere hulpvraag?
•Welke structuur is het meest geschikt om de kenmerkende professionaliteit van leraren speciale onderwijszorg in beeld te brengen?
Dit rapport is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel (SBL). Daarmee stuit dit product aan bij de competentieprofielen die reeds eerder voor de educatieve sector ontwikkeld zijn. De ontbrekende schakel ''een gelegitimeerd beroepsprofiel als basis voor de opleidingen die verzorgd worden door de 3 opleidingsinstellingen voor speciale onderwijszorg'' is hiermee binnen handbereik.
Het bestuur en de directie van het Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs (WOSO) leggen met de aanbieding van dit rapport de basis voor de accreditatie van deze voortgezette HBO-opleidingen tot HBO-masteropleidingen. Legitimering van dit profiel betekent een uitdaging aan de schoot en aan de leerkracht om de eigen (kennis)ontwikkeling ter hand te nemen. Die impuls zal direct ten goede komen aan die leerlingen die behoefte en recht hebben aan speciaal onderwijs.
Inhoudsopgave
Bekwaam en speciaal. Generiek competentieprofiel speciale onderwijszorg – 3de licht gewijzigde druk
Een schoot als geheel dient over alle genoemde competenties te beschikken. Dan pas kunnen alle leerlingen rekenen op een optimale ontwikkelingskans.
Met dit competentieprofiel kan nagegaan worden op welke gebieden een schoolteam zich verder kan ontwikkelen. Is dat in de breedte of juist in de diepte?
Drie kritische punten vormen de kern van de onderbouwing en de uitwerking van het competentieprofiel.
•In hoeverre is speciale onderwijszorg te typeren als een eigen domein dat om bijzondere bekwaamheden vraagt?
•Welke specifieke eisen worden gesteld aan de begeleiding van het leren en de ontwikkeling van leerlingen met een bijzondere hulpvraag?
•Welke structuur is het meest geschikt om de kenmerkende professionaliteit van leraren speciale onderwijszorg in beeld te brengen?
Dit rapport is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel (SBL). Daarmee stuit dit product aan bij de competentieprofielen die reeds eerder voor de educatieve sector ontwikkeld zijn. De ontbrekende schakel ''een gelegitimeerd beroepsprofiel als basis voor de opleidingen die verzorgd worden door de 3 opleidingsinstellingen voor speciale onderwijszorg'' is hiermee binnen handbereik.
Het bestuur en de directie van het Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs (WOSO) leggen met de aanbieding van dit rapport de basis voor de accreditatie van deze voortgezette HBO-opleidingen tot HBO-masteropleidingen. Legitimering van dit profiel betekent een uitdaging aan de schoot en aan de leerkracht om de eigen (kennis)ontwikkeling ter hand te nemen. Die impuls zal direct ten goede komen aan die leerlingen die behoefte en recht hebben aan speciaal onderwijs.
Inhoudsopgave
Immanuel Kant over de ziekten van het hoofd. “Versuch über die Krankheiten des Kopfes”. Nederlandse vertaling met annotaties en commentaar
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er de vakken psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde en cultuurgeschiedenis van de seksualiteit. Van hem verschenen onder meer: Gerontopsychiatrie (1985), Galenos over psychische stoornissen (1988), Antieke geneeskunde over lichaamskwalen en psychische stoornissen van de oude dag (1989), Bijdragen tot de geschiedenis van de begripsontwikkeling in de psychiatrie en de geneeskunde (1990), Handboek geriatrische psychiatrie (cs., 1992), De beste arts zij ook een filosoof? Plato's opvattingen over de geneeskunde (1997), Naar de sterren kijken. Plato - De menselijke dwaasheid en haar medicijn (1997), "Een arts is vele andere mensen waard". Inleiding tot de antieke geneeskunde (1999), Kan men een hemel klaren, even zwart als drek? Historische, psychiatrische en fenomenologisch-antropologische beschouwingen over depressie en melancholie (2000), Bestaan dingen alleen als men ze ziet? Historische, fenomenologisch-psychiatrische en metapsychologische reflecties inzake de waarneming, de verbeelding en het hallucineren (2001), En mijn verrukking neemt geen end. Cultuurhistorische reflecties over drugs, roes, verbeelding en creativiteit (2004), Eed van Hippokrátês. Historische beschouwingen inzake de opdracht en de begrenzingen van het medisch handelen (2005), De Hippocratische geneeskunde in al haar staten. Reflecties over gezondheid en ziekte onder 't zachte fluisteren van de plataan (2005) en "Weer siddert in mij de liefde die het lichaam sloopt". Sapphô van Lésbos blijft brandend (2006).
Immanuel Kant over de ziekten van het hoofd. “Versuch über die Krankheiten des Kopfes”. Nederlandse vertaling met annotaties en commentaar
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er de vakken psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde en cultuurgeschiedenis van de seksualiteit. Van hem verschenen onder meer: Gerontopsychiatrie (1985), Galenos over psychische stoornissen (1988), Antieke geneeskunde over lichaamskwalen en psychische stoornissen van de oude dag (1989), Bijdragen tot de geschiedenis van de begripsontwikkeling in de psychiatrie en de geneeskunde (1990), Handboek geriatrische psychiatrie (cs., 1992), De beste arts zij ook een filosoof? Plato's opvattingen over de geneeskunde (1997), Naar de sterren kijken. Plato - De menselijke dwaasheid en haar medicijn (1997), "Een arts is vele andere mensen waard". Inleiding tot de antieke geneeskunde (1999), Kan men een hemel klaren, even zwart als drek? Historische, psychiatrische en fenomenologisch-antropologische beschouwingen over depressie en melancholie (2000), Bestaan dingen alleen als men ze ziet? Historische, fenomenologisch-psychiatrische en metapsychologische reflecties inzake de waarneming, de verbeelding en het hallucineren (2001), En mijn verrukking neemt geen end. Cultuurhistorische reflecties over drugs, roes, verbeelding en creativiteit (2004), Eed van Hippokrátês. Historische beschouwingen inzake de opdracht en de begrenzingen van het medisch handelen (2005), De Hippocratische geneeskunde in al haar staten. Reflecties over gezondheid en ziekte onder 't zachte fluisteren van de plataan (2005) en "Weer siddert in mij de liefde die het lichaam sloopt". Sapphô van Lésbos blijft brandend (2006).

Sexy haar en hoofddoek. Seksuele en niet-seksuele betekenissen (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 4)
Joke Clijsters is master in de Sociale en culturele antropologie. Zij doet onderzoek naar de seksuologische componenten van maatschappelijkculturele activiteiten.
Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie

Sexy haar en hoofddoek. Seksuele en niet-seksuele betekenissen (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 4)
Joke Clijsters is master in de Sociale en culturele antropologie. Zij doet onderzoek naar de seksuologische componenten van maatschappelijkculturele activiteiten.
Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie