Executieve vaardigheden van kinderen met autismespectrumstoornissen. Trainingsboek (SEN-publicaties, nr. 6)
Aan de hand van screening worden de executieve vaardigheden en de tekorten in die vaardigheden in kaart gebracht. Daarna kunnen de executieve vaardigheden worden verbeterd aan de hand van individuele training en spelletjes, psycho-educatie en training in het dagelijks leven. Er is speciale aandacht voor de transfer, iets wat bij kinderen met ASS moeilijk is.
De training kan worden gebruikt binnen residentiële en ambulante settings, zoals revalidatiecentra, mobiele of thuisbegeleiding, begeleiding binnen het onderwijs... Ze is bedoeld voor kinderen met ASS die (rand)normaalbegaafd zijn. Ze is geschikt voor een leeftijd van 6 tot en met 12 jaar.
Mieke Cuyle, psychologe, is trajectbegeleidster IHP – Individueel Handelingsplan bij kinderen en jongeren met autismespectrumstoornis in begeleidingscentra Het Anker en Spermalie in Brugge. Het idee voor deze werkmap is ontstaan uit de doctoraatsstudie ‘Understanding Autism spectrum Disorders from an Executive Functioning Point of View’ van Sylvie Verté (Universiteit Gent). Het trainingsprogramma is ontwikkeld in het kader van een onderzoeksproject van het voormalige Steunpunt Expertisenetwerken (nu SAM, steunpunt Mens en Samenleving).
SAM, steunpunt Mens en Samenleving versterkt sociale professionals, hun organisaties en het beleid, onder meer inzake de ondersteuning van mensen met een handicap. SAM stimuleert de samenwerking tussen sectoren, organiseert en ondersteunt (lerende) netwerken voor sociale professionals, en zet samen met het werkveld projecten en leeractiviteiten op. Meer informatie over SAM op www.samvzw.be.
Executieve vaardigheden van kinderen met autismespectrumstoornissen. Trainingsboek (SEN-publicaties, nr. 6)
Aan de hand van screening worden de executieve vaardigheden en de tekorten in die vaardigheden in kaart gebracht. Daarna kunnen de executieve vaardigheden worden verbeterd aan de hand van individuele training en spelletjes, psycho-educatie en training in het dagelijks leven. Er is speciale aandacht voor de transfer, iets wat bij kinderen met ASS moeilijk is.
De training kan worden gebruikt binnen residentiële en ambulante settings, zoals revalidatiecentra, mobiele of thuisbegeleiding, begeleiding binnen het onderwijs... Ze is bedoeld voor kinderen met ASS die (rand)normaalbegaafd zijn. Ze is geschikt voor een leeftijd van 6 tot en met 12 jaar.
Mieke Cuyle, psychologe, is trajectbegeleidster IHP – Individueel Handelingsplan bij kinderen en jongeren met autismespectrumstoornis in begeleidingscentra Het Anker en Spermalie in Brugge. Het idee voor deze werkmap is ontstaan uit de doctoraatsstudie ‘Understanding Autism spectrum Disorders from an Executive Functioning Point of View’ van Sylvie Verté (Universiteit Gent). Het trainingsprogramma is ontwikkeld in het kader van een onderzoeksproject van het voormalige Steunpunt Expertisenetwerken (nu SAM, steunpunt Mens en Samenleving).
SAM, steunpunt Mens en Samenleving versterkt sociale professionals, hun organisaties en het beleid, onder meer inzake de ondersteuning van mensen met een handicap. SAM stimuleert de samenwerking tussen sectoren, organiseert en ondersteunt (lerende) netwerken voor sociale professionals, en zet samen met het werkveld projecten en leeractiviteiten op. Meer informatie over SAM op www.samvzw.be.
Een alcoholprobleem? Wat nu?
Het gebruik van alcohol is nauwelijks weg te denken uit onze samenleving,
het is als het ware ingebed in onze levensstijl. Overmatig alcoholgebruik
is dan ook één van de grotere problemen in de gezondheidszorg.
In dit boek heeft de auteur samengebracht wat hij in zijn
meer dan dertig jaar ervaring in het werken met alcoholmisbruikers
als nuttig en werkbaar heeft ervaren. Hij gaat ervan uit dat ondanks
het alcoholmisbruik cliënten de innerlijke kracht hebben om unieke,
doeltreffende oplossingen te creëren voor hun problemen.
Het boek beschrijft specifieke en handige technieken voor het begeleiden
van alcoholmisbruikers. Verpleegkundigen, ergotherapeuten, bewegingstherapeuten,
psychologen, psychotherapeuten en artsen vinden
in dit boek diverse efficiënte mogelijkheden die zowel toepasbaar
zijn bij matig als excessief alcoholmisbruik. Het onderstreept hoe zowel
begeleiders als cliënten een gezonde bevredigende toekomst voorop
kunnen stellen en hoe cliënten dit met vallen en opstaan kunnen bereiken
door te minderen of te stoppen met drinken.
Erwin De Bisscop is een erkend oplossingsgericht cognitief systeemtherapeut met een jarenlange ervaring in het begeleiden van alcoholgebruikers. Hij werkt al meer dan dertig jaar in de PAAZ van het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV. Hij is daar onder andere medeoprichter van het POC (poliklinisch ontwenningscentrum) waar hij therapeutisch coördinator is. Bovendien is hij directielid en erkend opleider (oplossingsgerichte cognitieve systeemtherapie en coaching) aan het Korzybski- instituut in Brugge.
Een alcoholprobleem? Wat nu?
Het gebruik van alcohol is nauwelijks weg te denken uit onze samenleving,
het is als het ware ingebed in onze levensstijl. Overmatig alcoholgebruik
is dan ook één van de grotere problemen in de gezondheidszorg.
In dit boek heeft de auteur samengebracht wat hij in zijn
meer dan dertig jaar ervaring in het werken met alcoholmisbruikers
als nuttig en werkbaar heeft ervaren. Hij gaat ervan uit dat ondanks
het alcoholmisbruik cliënten de innerlijke kracht hebben om unieke,
doeltreffende oplossingen te creëren voor hun problemen.
Het boek beschrijft specifieke en handige technieken voor het begeleiden
van alcoholmisbruikers. Verpleegkundigen, ergotherapeuten, bewegingstherapeuten,
psychologen, psychotherapeuten en artsen vinden
in dit boek diverse efficiënte mogelijkheden die zowel toepasbaar
zijn bij matig als excessief alcoholmisbruik. Het onderstreept hoe zowel
begeleiders als cliënten een gezonde bevredigende toekomst voorop
kunnen stellen en hoe cliënten dit met vallen en opstaan kunnen bereiken
door te minderen of te stoppen met drinken.
Erwin De Bisscop is een erkend oplossingsgericht cognitief systeemtherapeut met een jarenlange ervaring in het begeleiden van alcoholgebruikers. Hij werkt al meer dan dertig jaar in de PAAZ van het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV. Hij is daar onder andere medeoprichter van het POC (poliklinisch ontwenningscentrum) waar hij therapeutisch coördinator is. Bovendien is hij directielid en erkend opleider (oplossingsgerichte cognitieve systeemtherapie en coaching) aan het Korzybski- instituut in Brugge.
Experiment en traditie II. Een keuze uit opstellen en voordrachten, ingeleid door Johan van Iseghem
Piet Thomas is, naast en vanuit zijn academische opdracht aan de KU Leuven en KU Leuven – Campus Kortrijk, een leven lang op tal van domeinen werkzaam geweest: als hoogleraar literatuur, als criticus van zowel proza als poëzie, als vertaler, als bloemlezer, als dichter en als inleider op het artistieke werk van anderen. De bijdragen die hij voor dit boek uit zijn vroeger werk selecteerde, hangen op de eerste plaats een tijdsbeeld op. Ze bieden de lezer echter ook de kans om kennis te maken met zowel de scherpe als de milde, altijd alerte Thomas. In vele debatten stelde hij zich allesbehalve neutraal op. Hij participeerde aan heersende disputen en bleef onvermoeibaar actief om bijvoorbeeld zijn poëziekritieken met afgetekende, persoonlijke inzichten te profileren.
In het deel over Nederlandstalig proza worden Louis Paul Boon,
Gerard Walschap en Stijn Streuvels opgevoerd. Thomas manifesteert,
naast ondubbelzinnige restricties, een uitgesproken esthetische
waardering voor Walschaps narratief talent, voor zijn meesterlijke
beschrijvingstechniek en voor zijn esthetisch scheppingsvermogen.
Streuvels ziet hij onder meer als een beoefenaar van de observatiekunst,
die visuele indrukken laat domineren en die met typeringsproza
een scherpe kijk op de werkelijkheid etaleert. In het
interview met Boon zal de lezer beslist genieten van de humoristische
no-nonsense uitvallen van de guitige schrijver en gniffelen
bij de wisselende kansen in het steekspel tussen de hoogleraar en
de creatieve kunstenaar. Het derde deel, met teksten over plastische
kunst, psychoanalyse en religie, werpt een licht op de achtergronden
waartegen het literaire, het kritische en het literair-wetenschappelijke
werk van Piet Thomas zich heeft voltrokken.
Piet Thomas is emeritus hoogleraar literatuurwetenschap en was
recensent voor diverse bladen. Hij leidt ook de rubriek Religie
en poëzie voor kerknet.be. Deze uitgave verschijnt bij zijn 85ste
verjaardag.
Johan van Iseghem doceert Nederlandse letterkunde aan de KU
Leuven – Campus Kortrijk.
Experiment en traditie II. Een keuze uit opstellen en voordrachten, ingeleid door Johan van Iseghem
Piet Thomas is, naast en vanuit zijn academische opdracht aan de KU Leuven en KU Leuven – Campus Kortrijk, een leven lang op tal van domeinen werkzaam geweest: als hoogleraar literatuur, als criticus van zowel proza als poëzie, als vertaler, als bloemlezer, als dichter en als inleider op het artistieke werk van anderen. De bijdragen die hij voor dit boek uit zijn vroeger werk selecteerde, hangen op de eerste plaats een tijdsbeeld op. Ze bieden de lezer echter ook de kans om kennis te maken met zowel de scherpe als de milde, altijd alerte Thomas. In vele debatten stelde hij zich allesbehalve neutraal op. Hij participeerde aan heersende disputen en bleef onvermoeibaar actief om bijvoorbeeld zijn poëziekritieken met afgetekende, persoonlijke inzichten te profileren.
In het deel over Nederlandstalig proza worden Louis Paul Boon,
Gerard Walschap en Stijn Streuvels opgevoerd. Thomas manifesteert,
naast ondubbelzinnige restricties, een uitgesproken esthetische
waardering voor Walschaps narratief talent, voor zijn meesterlijke
beschrijvingstechniek en voor zijn esthetisch scheppingsvermogen.
Streuvels ziet hij onder meer als een beoefenaar van de observatiekunst,
die visuele indrukken laat domineren en die met typeringsproza
een scherpe kijk op de werkelijkheid etaleert. In het
interview met Boon zal de lezer beslist genieten van de humoristische
no-nonsense uitvallen van de guitige schrijver en gniffelen
bij de wisselende kansen in het steekspel tussen de hoogleraar en
de creatieve kunstenaar. Het derde deel, met teksten over plastische
kunst, psychoanalyse en religie, werpt een licht op de achtergronden
waartegen het literaire, het kritische en het literair-wetenschappelijke
werk van Piet Thomas zich heeft voltrokken.
Piet Thomas is emeritus hoogleraar literatuurwetenschap en was
recensent voor diverse bladen. Hij leidt ook de rubriek Religie
en poëzie voor kerknet.be. Deze uitgave verschijnt bij zijn 85ste
verjaardag.
Johan van Iseghem doceert Nederlandse letterkunde aan de KU
Leuven – Campus Kortrijk.
Eigen Kracht – conferenties, burgers aan zet (Cahiers Campus Gelbergen Nr. 1)
Dit boek is een leidraad bij het begrijpen en gebruiken van Eigen Kracht-conferenties voor gezinnen.
Tijdens een Eigen Kracht-conferentie maken mensen samen met familie en bekenden een plan voor de toekomst. Zij worden voor de organisatie van de conferentie geholpen door een onafhankelijke Eigen Krachtcoördinator.
Aan de basis ligt de overtuiging dat ieder individu, gezin of samenlevingsvorm beschikt over een netwerk. Bij het optreden van medische, psychische, relationele problemen hebben mensen de neiging om zich te isoleren. Eigen Kracht-conferenties vertrekken van de hulpvrager en zijn netwerk en ondersteunt die bij het vergroten van zijn kring. Door het vergroten van de kring om iemand heen, vergroot ook het draagvlak en daarmee de slaagkansen voor de uitvoering van het plan.
Eigen Kracht-conferenties zijn een besluitvormingsmodel dat bepaalde burgerrechten wil garanderen: het recht van mensen om (opnieuw) eigenaar te worden van hun hulpvraag en op het behouden van de regie over mogelijke oplossingen. Door burgers te erkennen in hun positie als besluitvormers worden zij niet alleen geactiveerd, maar ontstaat er ook de mogelijkheid tot samenwerking tussen informele en formele zorg.
Door de focus niet te leggen op de problemen, maar op de kracht van
de familie en het sociaal netwerk wijzigt de positie van de hulpvrager.
Vermaatschappelijking van de zorg kan pas mogelijk worden wanneer
de cliënt een andere positie kan innemen. Hij wordt van afhankelijke
hulpvrager een persoon met versterkte mogelijkheden om keuzes te
maken.
Mirjam Beyers (1962) heeft de algemene opleiding aan het HIG – Hoger
Instituut voor Gezinswetenschappen in Brussel gevolgd. Vanaf 1995
tot 2012 was zij bestuurslid en vrijwillig medewerker van de VVOC –
Vlaamse Vereniging voor Ouders van Couveusekinderen. Sinds 2003
is ze betrokken bij de oprichting en ontwikkeling van Eigen Krachtconferenties
in België (EK-c). Ze is medeverantwoordelijk voor beleid
en voor de opleiding en coaching van de onafhankelijke Eigen Krachtcoördinatoren.
EKC.be is partner van Campus Gelbergen.
Cahiers Campus Gelbergen
Eigen Kracht – conferenties, burgers aan zet (Cahiers Campus Gelbergen Nr. 1)
Dit boek is een leidraad bij het begrijpen en gebruiken van Eigen Kracht-conferenties voor gezinnen.
Tijdens een Eigen Kracht-conferentie maken mensen samen met familie en bekenden een plan voor de toekomst. Zij worden voor de organisatie van de conferentie geholpen door een onafhankelijke Eigen Krachtcoördinator.
Aan de basis ligt de overtuiging dat ieder individu, gezin of samenlevingsvorm beschikt over een netwerk. Bij het optreden van medische, psychische, relationele problemen hebben mensen de neiging om zich te isoleren. Eigen Kracht-conferenties vertrekken van de hulpvrager en zijn netwerk en ondersteunt die bij het vergroten van zijn kring. Door het vergroten van de kring om iemand heen, vergroot ook het draagvlak en daarmee de slaagkansen voor de uitvoering van het plan.
Eigen Kracht-conferenties zijn een besluitvormingsmodel dat bepaalde burgerrechten wil garanderen: het recht van mensen om (opnieuw) eigenaar te worden van hun hulpvraag en op het behouden van de regie over mogelijke oplossingen. Door burgers te erkennen in hun positie als besluitvormers worden zij niet alleen geactiveerd, maar ontstaat er ook de mogelijkheid tot samenwerking tussen informele en formele zorg.
Door de focus niet te leggen op de problemen, maar op de kracht van
de familie en het sociaal netwerk wijzigt de positie van de hulpvrager.
Vermaatschappelijking van de zorg kan pas mogelijk worden wanneer
de cliënt een andere positie kan innemen. Hij wordt van afhankelijke
hulpvrager een persoon met versterkte mogelijkheden om keuzes te
maken.
Mirjam Beyers (1962) heeft de algemene opleiding aan het HIG – Hoger
Instituut voor Gezinswetenschappen in Brussel gevolgd. Vanaf 1995
tot 2012 was zij bestuurslid en vrijwillig medewerker van de VVOC –
Vlaamse Vereniging voor Ouders van Couveusekinderen. Sinds 2003
is ze betrokken bij de oprichting en ontwikkeling van Eigen Krachtconferenties
in België (EK-c). Ze is medeverantwoordelijk voor beleid
en voor de opleiding en coaching van de onafhankelijke Eigen Krachtcoördinatoren.
EKC.be is partner van Campus Gelbergen.
Cahiers Campus Gelbergen
Kinderen met cerebrale visuele inperking (CVI)
Wat is een CVI - cerebraal visuele inperking? Waaraan merk je bij schoolkinderen dat ze CVI hebben? Hoe kunnen ouders, leerkrachten, zorgcoördinatoren, therapeuten … deze kinderen helpen ?
Kinderen met CVI kunnen wel zien, maar door een stoornis in de hersenen is hun visueel waarnemingsvermogen gebrekkig. Ze hebben dan ook vaak problemen met lezen, schrijven, rekenen en soms met het leren in het algemeen. Ze ondervinden vooral moeilijkheden wanneer het leren gebaseerd is op het begrijpen en hanteren van visuele informatie en symbolen. Toch is CVI meer dan een leerstoornis.
Kinderen met CVI hebben vaak moeilijkheden met hun fijne motoriek, met praktische vaardigheden, met ruimtelijke oriëntatie en mobiliteit. Toch is CVI meer dan een motorisch probleem.
Kinderen met CVI staan minder actief in de wereld. Ze voelen zich vaak onzeker en angstig. Het lukt hen dan niet om zelfstandigheid te verwerven en om contacten met leeftijdsgenoten uit te bouwen.
Dit boek geeft – per ontwikkelingsdomein – oplossingen en aanwijzingen
om het leren en de ontwikkeling van kinderen met CVI te ondersteunen.
Joke Luyten studeerde orthopedagogiek aan de KU Leuven. Ze is verbonden
aan Centrum Ganspoel in Huldenberg en begeleidt kinderen met CVI, hun gezin en hun school.
Kinderen met cerebrale visuele inperking (CVI)
Wat is een CVI - cerebraal visuele inperking? Waaraan merk je bij schoolkinderen dat ze CVI hebben? Hoe kunnen ouders, leerkrachten, zorgcoördinatoren, therapeuten … deze kinderen helpen ?
Kinderen met CVI kunnen wel zien, maar door een stoornis in de hersenen is hun visueel waarnemingsvermogen gebrekkig. Ze hebben dan ook vaak problemen met lezen, schrijven, rekenen en soms met het leren in het algemeen. Ze ondervinden vooral moeilijkheden wanneer het leren gebaseerd is op het begrijpen en hanteren van visuele informatie en symbolen. Toch is CVI meer dan een leerstoornis.
Kinderen met CVI hebben vaak moeilijkheden met hun fijne motoriek, met praktische vaardigheden, met ruimtelijke oriëntatie en mobiliteit. Toch is CVI meer dan een motorisch probleem.
Kinderen met CVI staan minder actief in de wereld. Ze voelen zich vaak onzeker en angstig. Het lukt hen dan niet om zelfstandigheid te verwerven en om contacten met leeftijdsgenoten uit te bouwen.
Dit boek geeft – per ontwikkelingsdomein – oplossingen en aanwijzingen
om het leren en de ontwikkeling van kinderen met CVI te ondersteunen.
Joke Luyten studeerde orthopedagogiek aan de KU Leuven. Ze is verbonden
aan Centrum Ganspoel in Huldenberg en begeleidt kinderen met CVI, hun gezin en hun school.
Kanji. Snel Japans leren schrijven en onthouden door de kracht van verbeelding
Omdat het doel van de methode niet enkel is een bepaald aantal kanji te onthouden, maar ook te leren hoe men kanji precies kan onthouden, is het boek in drie delen onderverdeeld. In deel 1: Verhalen staat bij elk karakter een volledig verhaal waarmee het geassocieerd kan worden. In deel 2: Plots wordt enkel nog de plot van een verhaal gegeven en is het aan de lezer om eigen details toe te voegen op basis van fantasie en persoonlijke herinneringen. Deel 3: Elementen reikt enkel nog sleutelwoorden en primitieven aan.
Het richt zich zowel op beginners als op meer gevorderde studenten Japans die op zoek zijn naar een manier om wat ze geleerd hebben te systematiseren en beter te onthouden.
James W. Heisig, filosoof, doceert godsdienstfilosofie aan het Nanzan Institute for Religion and Culture, aan de Nanzan University in Japan, waarvan hij directeur was tussen 1991 en 2001. Voordien doceerde hij religie en filosofie aan universiteiten in de Verenigde Staten en Latijns-Amerika. Sarah Van Camp is japanoloog en antropoloog. Ze heeft jaren gewerkt als docent Japans in verschillende taalinstituten en is momenteel werkzaam als vertaler en consultant Japanse zakencultuur in bedrijven.
Kanji. Snel Japans leren schrijven en onthouden door de kracht van verbeelding
Omdat het doel van de methode niet enkel is een bepaald aantal kanji te onthouden, maar ook te leren hoe men kanji precies kan onthouden, is het boek in drie delen onderverdeeld. In deel 1: Verhalen staat bij elk karakter een volledig verhaal waarmee het geassocieerd kan worden. In deel 2: Plots wordt enkel nog de plot van een verhaal gegeven en is het aan de lezer om eigen details toe te voegen op basis van fantasie en persoonlijke herinneringen. Deel 3: Elementen reikt enkel nog sleutelwoorden en primitieven aan.
Het richt zich zowel op beginners als op meer gevorderde studenten Japans die op zoek zijn naar een manier om wat ze geleerd hebben te systematiseren en beter te onthouden.
James W. Heisig, filosoof, doceert godsdienstfilosofie aan het Nanzan Institute for Religion and Culture, aan de Nanzan University in Japan, waarvan hij directeur was tussen 1991 en 2001. Voordien doceerde hij religie en filosofie aan universiteiten in de Verenigde Staten en Latijns-Amerika. Sarah Van Camp is japanoloog en antropoloog. Ze heeft jaren gewerkt als docent Japans in verschillende taalinstituten en is momenteel werkzaam als vertaler en consultant Japanse zakencultuur in bedrijven.
Pervasieve ontwikkelingsstoornissen en de inkleuring door de levensfasen
Een kleuter, een basisschoolkind, een adolescent of een volwassene met autisme zijn in vele opzichten verschillend. Elke levensfase vergt speciale aanpassingen en vaardigheden van patiënten, ouders, docenten, begeleiders, artsen, psychologen en orthopedagogen.
Dit boek wil deze mensen inspireren om vanuit een breed perspectief naar mensen met een pervasieve ontwikkelingsstoornis te kijken.
Fop Verheij, psychiater, is verbonden aan het Erasmus MC-Sophia Kinderziekenhuis in Rotterdam. Hij was vele jaren hoofd van het klinische deel van de Afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie en is hoofd Patiëntenzorg van deze afdeling. Pieter de Nijs is kinder- en jeugdpsychiater in hetzelfde ziekenhuis.
Pervasieve ontwikkelingsstoornissen en de inkleuring door de levensfasen
Een kleuter, een basisschoolkind, een adolescent of een volwassene met autisme zijn in vele opzichten verschillend. Elke levensfase vergt speciale aanpassingen en vaardigheden van patiënten, ouders, docenten, begeleiders, artsen, psychologen en orthopedagogen.
Dit boek wil deze mensen inspireren om vanuit een breed perspectief naar mensen met een pervasieve ontwikkelingsstoornis te kijken.
Fop Verheij, psychiater, is verbonden aan het Erasmus MC-Sophia Kinderziekenhuis in Rotterdam. Hij was vele jaren hoofd van het klinische deel van de Afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie en is hoofd Patiëntenzorg van deze afdeling. Pieter de Nijs is kinder- en jeugdpsychiater in hetzelfde ziekenhuis.
Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot (Academisch Literair, nr. 1)
Koen Rymenants is coördinator wetenschappelijk onderzoek en maatschappelijke dienstverlening bij de centrale administratie van de Artesis Hogeschool Antwerpen. Daarvoor was hij onderzoeker aan de subfaculteit Literatuurwetenschap van de KU Leuven, waar hij in 2004 promoveerde op een proefschrift over Willem Elsschot. Hij publiceert over moderne en hedendaagse literatuur in Nederland en Vlaanderen. Daarnaast is hij redacteur van het tijdschrift Spiegel der Letteren en bestuurslid van het Willem Elsschot Genootschap.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot (Academisch Literair, nr. 1)
Koen Rymenants is coördinator wetenschappelijk onderzoek en maatschappelijke dienstverlening bij de centrale administratie van de Artesis Hogeschool Antwerpen. Daarvoor was hij onderzoeker aan de subfaculteit Literatuurwetenschap van de KU Leuven, waar hij in 2004 promoveerde op een proefschrift over Willem Elsschot. Hij publiceert over moderne en hedendaagse literatuur in Nederland en Vlaanderen. Daarnaast is hij redacteur van het tijdschrift Spiegel der Letteren en bestuurslid van het Willem Elsschot Genootschap.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
