Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De Polders mee-maken. Bouwstenen voor beeldkwaliteit in de polders tussen Nieuwpoort en Diksmuide

 30,80

’De Polders mee-maken’ houdt een pleidooi voor ruimte als een subjectieve en emotionele plek zoals mensen die zien en beleven. Het boek biedt een gids om aan de hand van bouwstenen, recepten en ingrediënten samen te werken aan de verbetering van de beeldkwaliteit van het landschap. Een grondige analyse van de polders op basis van acht bouwstenen voor beeldkwaliteit, geeft inzichten in hoe en waarom het landschap is gegroeid tot hoe het er nu uitziet. Vervolgens reikt het boek met eenvoudige schetsen en illustratieve beelden recepten aan om mee te werken aan een mooier polderlandschap.



Sylvie Van Damme is Doctor in de Stedenbouw en de Ruimtelijke Planning en gespecialiseerd in landschapsontwerp. Ze is ver-bonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent.
Pieter Foré is MSc. Landschapsarchitectuur en Planning. Hij is verbonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent en daar-naast werkzaam als zelfstandig landschapsarchitect.

Quick View

De Polders mee-maken. Bouwstenen voor beeldkwaliteit in de polders tussen Nieuwpoort en Diksmuide

 30,80

’De Polders mee-maken’ houdt een pleidooi voor ruimte als een subjectieve en emotionele plek zoals mensen die zien en beleven. Het boek biedt een gids om aan de hand van bouwstenen, recepten en ingrediënten samen te werken aan de verbetering van de beeldkwaliteit van het landschap. Een grondige analyse van de polders op basis van acht bouwstenen voor beeldkwaliteit, geeft inzichten in hoe en waarom het landschap is gegroeid tot hoe het er nu uitziet. Vervolgens reikt het boek met eenvoudige schetsen en illustratieve beelden recepten aan om mee te werken aan een mooier polderlandschap.



Sylvie Van Damme is Doctor in de Stedenbouw en de Ruimtelijke Planning en gespecialiseerd in landschapsontwerp. Ze is ver-bonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent.
Pieter Foré is MSc. Landschapsarchitectuur en Planning. Hij is verbonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent en daar-naast werkzaam als zelfstandig landschapsarchitect.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De andere mogelijkheid. Beelden van kwaliteit voor mensen met een beperking

 15,50

Wat is de kwaliteit van zorg en ondersteuning die door zorginstellingen aan mensen met een verstandelijke beperking wordt geboden? En, hoe komen we aan een antwoord op deze vraag? Het gangbare antwoord luidt: door het meten van prestatie-indicatoren.
In dit boek bewandelt de auteur een andere weg: op locatie gaan kijken en met mensen praten.
De uitkomst van dit kwaliteitsonderzoek bestaat uit observaties van de dagelijkse zorgpraktijk die een beeld geven van hoe het leven van mensen met een beperking eruitziet. Vandaar Beelden van Kwaliteit. De auteur heeft een aantal van deze beelden verzameld en geeft er zijn commentaar bij. Belangrijke vragen die aan bod komen, zijn: wat zegt de tevredenheid van cliënten over de kwaliteit van de zorg? Wat is de relatie tussen kwaliteit en veiligheid? Wat is de betekenis van werk voor mensen met een beperking?
Uit zijn bespreking komt naar voren dat de kunst om goed naar cliënten te kijken, laat zien hoe het anders en beter kan. Het boek maakt duidelijk dat een vermogen om goed waar te nemen een andere mogelijkheid zichtbaar maakt.



Hans Reinders is hoogleraar ethiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam, waar hij ook de Bernard Lievegoed leerstoel bekleedt.

Quick View

De andere mogelijkheid. Beelden van kwaliteit voor mensen met een beperking

 15,50

Wat is de kwaliteit van zorg en ondersteuning die door zorginstellingen aan mensen met een verstandelijke beperking wordt geboden? En, hoe komen we aan een antwoord op deze vraag? Het gangbare antwoord luidt: door het meten van prestatie-indicatoren.
In dit boek bewandelt de auteur een andere weg: op locatie gaan kijken en met mensen praten.
De uitkomst van dit kwaliteitsonderzoek bestaat uit observaties van de dagelijkse zorgpraktijk die een beeld geven van hoe het leven van mensen met een beperking eruitziet. Vandaar Beelden van Kwaliteit. De auteur heeft een aantal van deze beelden verzameld en geeft er zijn commentaar bij. Belangrijke vragen die aan bod komen, zijn: wat zegt de tevredenheid van cliënten over de kwaliteit van de zorg? Wat is de relatie tussen kwaliteit en veiligheid? Wat is de betekenis van werk voor mensen met een beperking?
Uit zijn bespreking komt naar voren dat de kunst om goed naar cliënten te kijken, laat zien hoe het anders en beter kan. Het boek maakt duidelijk dat een vermogen om goed waar te nemen een andere mogelijkheid zichtbaar maakt.



Hans Reinders is hoogleraar ethiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam, waar hij ook de Bernard Lievegoed leerstoel bekleedt.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wie wil er nu niet zelfredzaam zijn?! De mythe van zelfredzaamheid

 24,60

Zelfredzaamheid is een centraal begrip in de discussies van de laatste jaren rond welzijn en zorg. De bredere context van die discussies is, dat Nederland een verandering doormaakt van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving, en zelfredzaamheid wordt vaak gezien als een belangrijk element in die verandering. Zelfredzaamheid ligt ook aan de basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (wmo), die deze verandering wettelijk verankert.
Hoe krijgt zelfredzaamheid betekenis in de praktijk van het sociaal werk? Met welke andere begrippen wordt het begrip verbonden? Wie wordt gezien als zelfredzaam en wie niet? Hoe wordt er gesproken over mensen die zichzelf niet lijken te kunnen te redden?
Deze publicatie doet verslag van een kritische discoursanalyse van het begrip zelfredzaamheid. Onderzocht wordt hoe zelfredzaamheid wordt opgevat als iets dat vanzelf spreekt – wie wil er immers niet zelfredzaam zijn? Ook wordt nagegaan hoe het concept het handelen en denken in de sociale sector domineert, en wat de consequenties daarvan zijn.
Deze studie wil laten zien dat zelfredzaamheid niet vanzelf spreekt en dat de betekenis ervan afhangt van hoe het begrip in de praktijk invulling krijgt. Om zicht te krijgen op invullingen is onder meer gesproken met sociaal werkers in Rotterdam. Op die manieren wordt inzicht gegeven in hoe begrippen doorwerken in de praktijk. Daarnaast wil de studie een aanzet bieden tot een debat over de vraag wat de waarde van zelfredzaamheid is. De centrale stelling is, dat zelfredzaamheid een mythe is.



Richard de Brabander (1964) studeerde filosofie en algemene literatuurwetenschap. In 2003 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is docent ethiek en filosofie aan Hogeschool Inholland in Rotterdam en sinds 2005 verbonden aan het lectoraat Dynamiek van de Stad.

Quick View

Wie wil er nu niet zelfredzaam zijn?! De mythe van zelfredzaamheid

 24,60

Zelfredzaamheid is een centraal begrip in de discussies van de laatste jaren rond welzijn en zorg. De bredere context van die discussies is, dat Nederland een verandering doormaakt van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving, en zelfredzaamheid wordt vaak gezien als een belangrijk element in die verandering. Zelfredzaamheid ligt ook aan de basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (wmo), die deze verandering wettelijk verankert.
Hoe krijgt zelfredzaamheid betekenis in de praktijk van het sociaal werk? Met welke andere begrippen wordt het begrip verbonden? Wie wordt gezien als zelfredzaam en wie niet? Hoe wordt er gesproken over mensen die zichzelf niet lijken te kunnen te redden?
Deze publicatie doet verslag van een kritische discoursanalyse van het begrip zelfredzaamheid. Onderzocht wordt hoe zelfredzaamheid wordt opgevat als iets dat vanzelf spreekt – wie wil er immers niet zelfredzaam zijn? Ook wordt nagegaan hoe het concept het handelen en denken in de sociale sector domineert, en wat de consequenties daarvan zijn.
Deze studie wil laten zien dat zelfredzaamheid niet vanzelf spreekt en dat de betekenis ervan afhangt van hoe het begrip in de praktijk invulling krijgt. Om zicht te krijgen op invullingen is onder meer gesproken met sociaal werkers in Rotterdam. Op die manieren wordt inzicht gegeven in hoe begrippen doorwerken in de praktijk. Daarnaast wil de studie een aanzet bieden tot een debat over de vraag wat de waarde van zelfredzaamheid is. De centrale stelling is, dat zelfredzaamheid een mythe is.



Richard de Brabander (1964) studeerde filosofie en algemene literatuurwetenschap. In 2003 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is docent ethiek en filosofie aan Hogeschool Inholland in Rotterdam en sinds 2005 verbonden aan het lectoraat Dynamiek van de Stad.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vlinders in de buik. Over kalverliefde

 17,40

Kalverliefde is een normale zaak, maar het is ook een serieuze zaak. Die eerste vlinders in de buik zijn een opwindende ervaring. Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn. Verliefdheid kan stresserend zijn. En dan is er nog liefdesverdriet … En wat als je verliefd wordt op iemand van hetzelfde geslacht? Wat als je ouders je liefje niet zien zitten? Of als je verliefd bent op een ster aan het showbizzfirmament? Of als je gevoelens misbruikt worden door een loverboy? En wat met datingsites?

Dit boek is bestemd voor jongeren, ouders en voor alle anderen die, al dan niet professioneel, te maken hebben met jongeren.

Ludo Driesen, psycholoog en gedragstherapeut, is verbonden aan het CGG/litp – Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / Limburgs Instituut voor Therapie en Integrale Personenzorg, Campus Noord-Limburg in Overpelt. (www.ludodriesen.be)

Quick View

Vlinders in de buik. Over kalverliefde

 17,40

Kalverliefde is een normale zaak, maar het is ook een serieuze zaak. Die eerste vlinders in de buik zijn een opwindende ervaring. Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn. Verliefdheid kan stresserend zijn. En dan is er nog liefdesverdriet … En wat als je verliefd wordt op iemand van hetzelfde geslacht? Wat als je ouders je liefje niet zien zitten? Of als je verliefd bent op een ster aan het showbizzfirmament? Of als je gevoelens misbruikt worden door een loverboy? En wat met datingsites?

Dit boek is bestemd voor jongeren, ouders en voor alle anderen die, al dan niet professioneel, te maken hebben met jongeren.

Ludo Driesen, psycholoog en gedragstherapeut, is verbonden aan het CGG/litp – Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / Limburgs Instituut voor Therapie en Integrale Personenzorg, Campus Noord-Limburg in Overpelt. (www.ludodriesen.be)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Een journalistiek geheim ontsluierd

 29,50
Dit boek gaat over de stelselmatige beïnvloeding van de Nederlandse journalistiek tijdens de Eerste Wereldoorlog vanuit Wenen. Niet door krantenlezers in te palmen met Sachertorte of Mozartkugel voor bij de schaars geworden koffie, maar door bijna alle redacties van gemanipuleerd nieuws en geregisseerde reportages te voorzien.

De Dubbelmonarchie huurde de Tsjech Robert Saudek in om de publieke opinie in het neutrale Nederland en ver daarbuiten te winnen voor de belangen van Oostenrijk-Hongarije. Via het Hollandsch Nieuws-Bureau in Den Haag slaagde deze gewiekste spindoctor er in, het vertrouwen van redacties en individuele journalisten te winnen. Buiten medeweten van zijn opdrachtgevers aan de Donau speelde hij bovendien een dubbelspel - onder andere door zijn diensten ook in Berlijn aan te bieden.

Journalisten wrongen zich in allerlei bochten om een bezoek aan het Oostelijke Front te kunnen brengen. Na toelating door het Oostenrijks-Hongaarse Kriegspressequartier bedreven zij embedded oorlogsverslaggeving. Voorzien van een perskaart werden Nederlandse legerofficieren in de gelegenheid gesteld, het oorlogsgebeuren in ogenschouw te nemen.

Al met al gaat het in Een journalistiek geheim ontsluierd om geheimzinnige affaires die nu pas als een vergeten - of verdrongen? - hoofdstuk in de persgeschiedenis aan het licht komen. Journalisten die boter op hun hoofd hadden deden na 1918 geen beroep op het zelfreinigend vermogen van hun beroepsgroep. Zij werkten de mythe van een onafhankelijke journalistiek in een afzijdig gebleven Nederland in de hand. De auteur vraagt zich af of mede daardoor de risico’s van het proces van gelijkschakeling in het begin van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn onderschat.

Prof. dr. J.M.H.J. Hemels (1944) gaf op 20 maart 2009 een openbaar college bij gelegenheid van zijn afscheid als hoogleraar Communicatiewetenschap in het bijzonder communicatiegeschiedenis, aan de Universiteit van Amsterdam. Hij werkte het onderwerp van zijn afscheidscollege uit voor dit nieuwste boek. Het bevat ook teksten van collega’s, oud-studente Sacha de Boer en anderen over de scheidend hoogleraar, alsmede biografische en bibliografische gegevens over hem.

Quick View

Een journalistiek geheim ontsluierd

 29,50
Dit boek gaat over de stelselmatige beïnvloeding van de Nederlandse journalistiek tijdens de Eerste Wereldoorlog vanuit Wenen. Niet door krantenlezers in te palmen met Sachertorte of Mozartkugel voor bij de schaars geworden koffie, maar door bijna alle redacties van gemanipuleerd nieuws en geregisseerde reportages te voorzien.

De Dubbelmonarchie huurde de Tsjech Robert Saudek in om de publieke opinie in het neutrale Nederland en ver daarbuiten te winnen voor de belangen van Oostenrijk-Hongarije. Via het Hollandsch Nieuws-Bureau in Den Haag slaagde deze gewiekste spindoctor er in, het vertrouwen van redacties en individuele journalisten te winnen. Buiten medeweten van zijn opdrachtgevers aan de Donau speelde hij bovendien een dubbelspel - onder andere door zijn diensten ook in Berlijn aan te bieden.

Journalisten wrongen zich in allerlei bochten om een bezoek aan het Oostelijke Front te kunnen brengen. Na toelating door het Oostenrijks-Hongaarse Kriegspressequartier bedreven zij embedded oorlogsverslaggeving. Voorzien van een perskaart werden Nederlandse legerofficieren in de gelegenheid gesteld, het oorlogsgebeuren in ogenschouw te nemen.

Al met al gaat het in Een journalistiek geheim ontsluierd om geheimzinnige affaires die nu pas als een vergeten - of verdrongen? - hoofdstuk in de persgeschiedenis aan het licht komen. Journalisten die boter op hun hoofd hadden deden na 1918 geen beroep op het zelfreinigend vermogen van hun beroepsgroep. Zij werkten de mythe van een onafhankelijke journalistiek in een afzijdig gebleven Nederland in de hand. De auteur vraagt zich af of mede daardoor de risico’s van het proces van gelijkschakeling in het begin van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn onderschat.

Prof. dr. J.M.H.J. Hemels (1944) gaf op 20 maart 2009 een openbaar college bij gelegenheid van zijn afscheid als hoogleraar Communicatiewetenschap in het bijzonder communicatiegeschiedenis, aan de Universiteit van Amsterdam. Hij werkte het onderwerp van zijn afscheidscollege uit voor dit nieuwste boek. Het bevat ook teksten van collega’s, oud-studente Sacha de Boer en anderen over de scheidend hoogleraar, alsmede biografische en bibliografische gegevens over hem.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Memories of architecture. Architectural Heritage and Historiography in the Distant Past

 45,00
In the world of conservation it is widely believed that the concern with historical architecture, in Europe at least, emerged during the nineteenth century, even if there had been some earlier initiatives in the Renaissance. This book draws on a number of sources to show that this concern may actually be as old as European civilization itself. The same is also true of the destruction of architecture. But the destruction of historical architecture can produce traumatic experiences, which survive in the collective memory of people. One can demolish a building, but not its memory. But how was this memory passed on in the distant past? Nearly everything we know about the past is based on the research of nineteenth-century historians. Looking beyond that age to a more distant past, one finds a totally different world of learning. Before 1800 very little systematic research was done in the field of architectural history, which does not mean that humanity had no interest in historic architecture. Veneration for the great architectural legacy of the past is found in the oldest European historiography. Christian emperors made laws to protect Roman temple architecture. The great Gothic cathedrals were admired throughout the ages and this gave rise to a determination to perfect these buildings begun by previous generations. There is more continuity in the conservation of historical architecture than we realized. It might be instructive for modern conservationists to discover how citizens in the Middle Ages took pride in the beauty of their own city. Some of these cities are still there to be admired. What has been lost is kept alive in history books and in the arts.

Wim Denslagen (1646) is architectural historian and professor in the history and theory of conservation at the Utrecht University. Actually he is working for the ministry of Culture in the Netherlands on the history of landscape perceptions. He published among others Architectural Restoration in Western Europe: Controversy and Continuity (1994) and Architectural Imitations (in 2005 with Niels Gutschow). His book Romantisch modernisme (2004) will be published in English in May 2009.

Quick View

Memories of architecture. Architectural Heritage and Historiography in the Distant Past

 45,00
In the world of conservation it is widely believed that the concern with historical architecture, in Europe at least, emerged during the nineteenth century, even if there had been some earlier initiatives in the Renaissance. This book draws on a number of sources to show that this concern may actually be as old as European civilization itself. The same is also true of the destruction of architecture. But the destruction of historical architecture can produce traumatic experiences, which survive in the collective memory of people. One can demolish a building, but not its memory. But how was this memory passed on in the distant past? Nearly everything we know about the past is based on the research of nineteenth-century historians. Looking beyond that age to a more distant past, one finds a totally different world of learning. Before 1800 very little systematic research was done in the field of architectural history, which does not mean that humanity had no interest in historic architecture. Veneration for the great architectural legacy of the past is found in the oldest European historiography. Christian emperors made laws to protect Roman temple architecture. The great Gothic cathedrals were admired throughout the ages and this gave rise to a determination to perfect these buildings begun by previous generations. There is more continuity in the conservation of historical architecture than we realized. It might be instructive for modern conservationists to discover how citizens in the Middle Ages took pride in the beauty of their own city. Some of these cities are still there to be admired. What has been lost is kept alive in history books and in the arts.

Wim Denslagen (1646) is architectural historian and professor in the history and theory of conservation at the Utrecht University. Actually he is working for the ministry of Culture in the Netherlands on the history of landscape perceptions. He published among others Architectural Restoration in Western Europe: Controversy and Continuity (1994) and Architectural Imitations (in 2005 with Niels Gutschow). His book Romantisch modernisme (2004) will be published in English in May 2009.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

In de ban van de moderniteit. De sacralisering van het zelf en computertechnologie

 20,00
Bijna een eeuw geleden formuleerde de socioloog Max Weber zijn invloedrijke these over de ''onttovering van de wereld''. Onder invloed van wetenschap en technologie zou er volgens Webersteeds minder plats zijn voor mysterieuze machten en krachten, aangezien, in principe, alle dingen door berekening te beheersen zijn. Maar is de hedendaagse samenleving wel daadwerkelijk ''onttoverd'', ontdaan van magisch-mytische voorstellingen over de omgeving? In deze studie onderzoekt Stef Aupers tendensen tot hertovering in het hart van de laatmoderne samenleving. Op basis van diepte-interviews met new-ageaanhangers, spirituele managers in het bedrijfsleven en ICT-goeroes in Silicon Valley concludeert hij dat modernisering nuet noodzakelijkerwijs geleid heeft tot een onttovering van de wereld, zoals Weber veronderstelde. Paradoxaal genoeg blijkt dit proces verantwoordelijk voor de opkomst en populariteit van verschillende new-agedenkbeelden in de hoog-technische samenleving. Stef Aupers is socioloog en verbonden aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam. Hij publiceerdein nationale en internationale sociologische tijdschriften en samen met Anneke van Otterloo het boek ''New Age. Een godsdiensthistorische en sociologische benadering''. Vanaf 2004 is hij verbonden aan het onderzoeksproject ''Cyberspace Salvations'' van het NOW-programma ''The Future of the Religious Past''.

Quick View

In de ban van de moderniteit. De sacralisering van het zelf en computertechnologie

 20,00
Bijna een eeuw geleden formuleerde de socioloog Max Weber zijn invloedrijke these over de ''onttovering van de wereld''. Onder invloed van wetenschap en technologie zou er volgens Webersteeds minder plats zijn voor mysterieuze machten en krachten, aangezien, in principe, alle dingen door berekening te beheersen zijn. Maar is de hedendaagse samenleving wel daadwerkelijk ''onttoverd'', ontdaan van magisch-mytische voorstellingen over de omgeving? In deze studie onderzoekt Stef Aupers tendensen tot hertovering in het hart van de laatmoderne samenleving. Op basis van diepte-interviews met new-ageaanhangers, spirituele managers in het bedrijfsleven en ICT-goeroes in Silicon Valley concludeert hij dat modernisering nuet noodzakelijkerwijs geleid heeft tot een onttovering van de wereld, zoals Weber veronderstelde. Paradoxaal genoeg blijkt dit proces verantwoordelijk voor de opkomst en populariteit van verschillende new-agedenkbeelden in de hoog-technische samenleving. Stef Aupers is socioloog en verbonden aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam. Hij publiceerdein nationale en internationale sociologische tijdschriften en samen met Anneke van Otterloo het boek ''New Age. Een godsdiensthistorische en sociologische benadering''. Vanaf 2004 is hij verbonden aan het onderzoeksproject ''Cyberspace Salvations'' van het NOW-programma ''The Future of the Religious Past''.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De hang naar zuiverheid. De cultuur van het moderne Europa

 21,55
Dit boek gaat over de wijze waarop het begrip ''zuiverheid'' zich in de negentiende en twintigste eeuw in Europa manifesteerde in kunst, literatuur, (medische) wetenschap en ideologie en tot welke herschikking van posities dit kan leiden.

Vast staat dat de auteurs met het uitwerken van de ''hang naar zuiverheid'' een krachtig instrument gedefinieerd hebben om de geschiedenis van het moderne Europa opnieuw in te delen.

"Ik ken geen boek dat zo''n compleet, helder en scherp inzicht biedt in een even breed en vergelijkend perspectief als deze studie" (George L. Mosse).

"Het zou me niet verbazen als dit boek in latere analyses van de geschiedschrijving als een nieuw begin, of een standaardstudie zal worden aangemerkt." (J.C.H. Blom).

De auteurs van dit boek - historici, kunsthistorici en taalwetenschappers, verbonden aan het Huizinga Instituut voor Cultuurgeschiedenis - hebben in hun bijdragen een ideeënhistorisch perspectief gecombineerd met een biografische benadering. Zij buigen zich over Wagner, Rousseau, Céline en Pasteur, Lombroso, Von Krafft-Ebing en Weiniger, Nordau, Hiller, Lanz von Liebenfels en Jünger.

Quick View

De hang naar zuiverheid. De cultuur van het moderne Europa

 21,55
Dit boek gaat over de wijze waarop het begrip ''zuiverheid'' zich in de negentiende en twintigste eeuw in Europa manifesteerde in kunst, literatuur, (medische) wetenschap en ideologie en tot welke herschikking van posities dit kan leiden.

Vast staat dat de auteurs met het uitwerken van de ''hang naar zuiverheid'' een krachtig instrument gedefinieerd hebben om de geschiedenis van het moderne Europa opnieuw in te delen.

"Ik ken geen boek dat zo''n compleet, helder en scherp inzicht biedt in een even breed en vergelijkend perspectief als deze studie" (George L. Mosse).

"Het zou me niet verbazen als dit boek in latere analyses van de geschiedschrijving als een nieuw begin, of een standaardstudie zal worden aangemerkt." (J.C.H. Blom).

De auteurs van dit boek - historici, kunsthistorici en taalwetenschappers, verbonden aan het Huizinga Instituut voor Cultuurgeschiedenis - hebben in hun bijdragen een ideeënhistorisch perspectief gecombineerd met een biografische benadering. Zij buigen zich over Wagner, Rousseau, Céline en Pasteur, Lombroso, Von Krafft-Ebing en Weiniger, Nordau, Hiller, Lanz von Liebenfels en Jünger.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen