Ouder worden in een veranderende samenleving (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 1)
Vanuit verschillende invalshoeken schetsen de auteurs een kader van wat ouder worden vandaag betekent. Theoretische benaderingen worden gecombineerd met verhalen uit de praktijk. Telkens gaat het om een kritische benadering van de context waarin zij de gevolgen van ouder worden in een diverse samenleving ervaren. Onder meer de behoefte aan een aangepaste kijk op arbeid, gezondheidzorg en implicaties van interculturaliteit op de zorgsector komen aan bod. De bijdragen komen van academici, van mensen die werken in de praktijk van die diversiteit en uit de vakbondswereld. Verder geeft het boek zowel een kijk op interculturele zorg vanuit het Oost-Vlaams Diversiteitscentrum OdiCE als op het concept van Kwaliteit van Leven. Ook fragmenten uit het levensverhaal van een acteur komen aan bod. Daardoor geeft het boek een breed beeld op de betekenis van ouderdom in de samenleving vanuit politiek, cultureel, sociaal en persoonlijk perspectief.
Charlotte De Kock, Eva Vens, Yasmina Beljoudi en Christian Van Kerckhove zijn verbonden aan de Hogeschool Gent. Deze uitgave is de eerste in de reeks Sociale Wetenschappen Kruispunten, een initiatief van Mix!t, Forum voor studie, documentatie en vorming rond samen/leven van de faculteit Mens en Welzijn, Hogeschool Gent.
Ouder worden in een veranderende samenleving (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 1)
Vanuit verschillende invalshoeken schetsen de auteurs een kader van wat ouder worden vandaag betekent. Theoretische benaderingen worden gecombineerd met verhalen uit de praktijk. Telkens gaat het om een kritische benadering van de context waarin zij de gevolgen van ouder worden in een diverse samenleving ervaren. Onder meer de behoefte aan een aangepaste kijk op arbeid, gezondheidzorg en implicaties van interculturaliteit op de zorgsector komen aan bod. De bijdragen komen van academici, van mensen die werken in de praktijk van die diversiteit en uit de vakbondswereld. Verder geeft het boek zowel een kijk op interculturele zorg vanuit het Oost-Vlaams Diversiteitscentrum OdiCE als op het concept van Kwaliteit van Leven. Ook fragmenten uit het levensverhaal van een acteur komen aan bod. Daardoor geeft het boek een breed beeld op de betekenis van ouderdom in de samenleving vanuit politiek, cultureel, sociaal en persoonlijk perspectief.
Charlotte De Kock, Eva Vens, Yasmina Beljoudi en Christian Van Kerckhove zijn verbonden aan de Hogeschool Gent. Deze uitgave is de eerste in de reeks Sociale Wetenschappen Kruispunten, een initiatief van Mix!t, Forum voor studie, documentatie en vorming rond samen/leven van de faculteit Mens en Welzijn, Hogeschool Gent.
Behoud van talent (Nivoz-Thema’s, deel 3)
Om deze en andere vragen draait het in Behoud van Talent. In dit boek, dat de weerslag is van het NIVOZ-programma Talent, Beleid en Economie, is het woord aan zes vooraanstaande sprekers, die zich bewegen op het snijvlak van onderwijs en samenleving.
Onze kinderen, maar ook wijzelf in ons streven naar ‘een leven lang leren’, verdienen leraren en mentoren die ons stimuleren onze persoonlijke talenten te ontwikkelen. Juist door mensen niet over één kam te scheren en talent op te vatten als een breed begrip, schept onderwijs mogelijkheden voor groei, voor emancipatie, voor gelijkwaardigheid, voor een duurzame samenleving. Een boek voor iedereen die van leren houdt.
Behoud van talent (Nivoz-Thema’s, deel 3)
Om deze en andere vragen draait het in Behoud van Talent. In dit boek, dat de weerslag is van het NIVOZ-programma Talent, Beleid en Economie, is het woord aan zes vooraanstaande sprekers, die zich bewegen op het snijvlak van onderwijs en samenleving.
Onze kinderen, maar ook wijzelf in ons streven naar ‘een leven lang leren’, verdienen leraren en mentoren die ons stimuleren onze persoonlijke talenten te ontwikkelen. Juist door mensen niet over één kam te scheren en talent op te vatten als een breed begrip, schept onderwijs mogelijkheden voor groei, voor emancipatie, voor gelijkwaardigheid, voor een duurzame samenleving. Een boek voor iedereen die van leren houdt.
Positief opvoeden. Inclusief de ontwikkeling van baby tot adolescent
Kinderen maken het meest kans om uit te groeien tot gelukkige, weerbare en sociale volwassenen indien de omgeving hun vertrouwen schenkt en binnen een welbepaald kader investeert in hun mogelijkheden. Dit boek is dus een positief verhaal, zonder naïf te zijn.
Het ontwikkelingsoverzicht gidst de lezer langs het fascinerende traject dat een kind aflegt om te evolueren van baby tot jongvolwassene. Elke leeftijdsfase gaat gepaard met uitdagingen en groeikansen. Aan het eind van elke fase geeft de auteur waardevolle tips mee.
Joost Devolder werkt sinds 1982 als pschychopedagogisch begeleider in de West-Vlaamse Pleeggezinnendienst Roeselare. Deze organisatie zoekt en begeleidt gezinnen die tijdelijk andere ouders helpen bij de opvoeding van hun kinderen..
Dit werk maakt deel uit van een aanpak waarvoor de auteur in 2004 van zijn organisatie de eerste Oswaldprijs ontving uit de handen van de Belgische prinses Mathilde.
Positief opvoeden. Inclusief de ontwikkeling van baby tot adolescent
Kinderen maken het meest kans om uit te groeien tot gelukkige, weerbare en sociale volwassenen indien de omgeving hun vertrouwen schenkt en binnen een welbepaald kader investeert in hun mogelijkheden. Dit boek is dus een positief verhaal, zonder naïf te zijn.
Het ontwikkelingsoverzicht gidst de lezer langs het fascinerende traject dat een kind aflegt om te evolueren van baby tot jongvolwassene. Elke leeftijdsfase gaat gepaard met uitdagingen en groeikansen. Aan het eind van elke fase geeft de auteur waardevolle tips mee.
Joost Devolder werkt sinds 1982 als pschychopedagogisch begeleider in de West-Vlaamse Pleeggezinnendienst Roeselare. Deze organisatie zoekt en begeleidt gezinnen die tijdelijk andere ouders helpen bij de opvoeding van hun kinderen..
Dit werk maakt deel uit van een aanpak waarvoor de auteur in 2004 van zijn organisatie de eerste Oswaldprijs ontving uit de handen van de Belgische prinses Mathilde.
Leerzorg in het onderwijs
Het onderwijs voor kinderen met specifieke leer- en zorgbehoeften kampt momenteel met verschillende problemen. Meer dan vroeger willen ouders dat hun kinderen met een beperking les volgen in een gewone school. Soms heeft het doorverwijzen van leerlingen naar het buitengewoon onderwijs, vooral te maken met de ondersteuning die de oorspronkelijke school kan of wil bieden, of met de mogelijkheden van het buitengewoon onderwijs in de buurt. Ook het onderwijstype waarin een kind belandt heeft gevolgen. Sommige types worden maar in een beperkt aantal scholen aangeboden, waardoor kinderen lang op de bus moeten of op internaat gaan.
De Verenigde Naties hebben intussen een wereldwijde conventie voorbereid om de deelname van personen met een handicap in alle domeinen van de samenleving mogelijk te maken. Het breder openstellen van het gewoon onderwijs voor leerlingen met een handicap, is hiervan een belangrijk onderdeel, en een agendapunt van de Vlaamse regering. Dit boek legt uit hoe dit kan worden gerealiseerd. De voorgestelde hervorming creëert samenhang tussen bestaande en nieuwe maatregelen van zorg. Het laat de scholen voor buitengewoon onderwijs toe ‘hun poorten iets breder open te stellen’, zonder dat hierdoor méér leerlingen binnenkomen. Ook de scholen voor gewoon onderwijs kunnen hun poorten iets breder kunnen openstellen, zodat méér leerlingen die nu aangewezen zijn op buitengewoon onderwijs toch de nodige zorg krijgen om in het gewoon onderwijs te blijven. Naast die verbreding laat het leerzorgkader ook meer verfijning toe door de intensiteit van de zorg preciezer af te stemmen op de behoeften. Hierbij wordt vertrokken van de actuele definitie op beperkingen als een probleem van afstemming tussen het individu en zijn omgeving.
Wim Van Rompu is raadgever op het Kabinet Onderwijs en voorzitter van de Stuurgroep Leerzorg. Theo Mardulier is projectleider van de Stuurgroep Leerzorg. Christine De Coninck is gewezen adviseur bij de Entiteit Curriculum van het Ministerie van Onderwijs. Luc Van Beeumen en Els Exter zijn resp. adjunct-directeur Basisonderwijs en adjunct-directeur Secundair Onderwijs bij het Ministerie van Onderwijs.
Leerzorg in het onderwijs
Het onderwijs voor kinderen met specifieke leer- en zorgbehoeften kampt momenteel met verschillende problemen. Meer dan vroeger willen ouders dat hun kinderen met een beperking les volgen in een gewone school. Soms heeft het doorverwijzen van leerlingen naar het buitengewoon onderwijs, vooral te maken met de ondersteuning die de oorspronkelijke school kan of wil bieden, of met de mogelijkheden van het buitengewoon onderwijs in de buurt. Ook het onderwijstype waarin een kind belandt heeft gevolgen. Sommige types worden maar in een beperkt aantal scholen aangeboden, waardoor kinderen lang op de bus moeten of op internaat gaan.
De Verenigde Naties hebben intussen een wereldwijde conventie voorbereid om de deelname van personen met een handicap in alle domeinen van de samenleving mogelijk te maken. Het breder openstellen van het gewoon onderwijs voor leerlingen met een handicap, is hiervan een belangrijk onderdeel, en een agendapunt van de Vlaamse regering. Dit boek legt uit hoe dit kan worden gerealiseerd. De voorgestelde hervorming creëert samenhang tussen bestaande en nieuwe maatregelen van zorg. Het laat de scholen voor buitengewoon onderwijs toe ‘hun poorten iets breder open te stellen’, zonder dat hierdoor méér leerlingen binnenkomen. Ook de scholen voor gewoon onderwijs kunnen hun poorten iets breder kunnen openstellen, zodat méér leerlingen die nu aangewezen zijn op buitengewoon onderwijs toch de nodige zorg krijgen om in het gewoon onderwijs te blijven. Naast die verbreding laat het leerzorgkader ook meer verfijning toe door de intensiteit van de zorg preciezer af te stemmen op de behoeften. Hierbij wordt vertrokken van de actuele definitie op beperkingen als een probleem van afstemming tussen het individu en zijn omgeving.
Wim Van Rompu is raadgever op het Kabinet Onderwijs en voorzitter van de Stuurgroep Leerzorg. Theo Mardulier is projectleider van de Stuurgroep Leerzorg. Christine De Coninck is gewezen adviseur bij de Entiteit Curriculum van het Ministerie van Onderwijs. Luc Van Beeumen en Els Exter zijn resp. adjunct-directeur Basisonderwijs en adjunct-directeur Secundair Onderwijs bij het Ministerie van Onderwijs.
Op weg naar leerlingprofielen – Praktijkvoorbeeld van determineren en adviseren in het Voortgezet Onderwijs
the abortion pill
how much does the abortion pill cost techinsurgent.comEen praktijkvoorbeeld van determineren en adviseren in het voortgezet onderwijs
Dit boek geeft een beschrijving uit de praktijk hoe een school voor voortgezet onderwijs voor leerlingen van 12 tot 16 jaar, de Leon van Gelder in Groningen, determinatie en advisering ontwikkeld heeft.
De vragen waar het om draait zijn: Hoe zorgen wij als school ervoor dat een leerling op die plek terecht komt die voor hem het meest geschikt is? Hoe doen wij dat verantwoord en zorgvuldig? En vooral ook: hoe werken wij daar met zijn allen (= schoolleiding, teams en individuele docenten) in samenhang aan?
Het boek bevat geen kant- en klaar recept, maar het reikt ideeën, gedachten, mogelijkheden en producten aan waar elke school zijn voordeel mee kan doen. De beschrijving van het proces is praktisch. Elke stap die wordt gezet, eindigt met concrete producten en met een weergave van de reflectie tussen schoolleiding en ondersteuners: hoe ver zijn we nu? Wat is de volgende stap? Wat hebben andere scholen hieraan?
De proef op de som vormen de zogenaamde leerlingprofielen. Deze dienen als handvatten om leerlingen zo goed mogelijk in de meest geschikte leerweg te plaatsen. Het gaat daarbij zowel om cognitieve als algemene leerlingkenmerken. Docenten van de beschreven school gebruiken deze bij hun determinatie en advisering.
Dit boek behandelt tevens het gehele proces van werken aan determinatie en advisering. Een aantal vragen intrigeerden ons: Wat maakte dat de wijze waarop aan determinatie en advisering is gewerkt, ons inziens succesvol was? Wat vraagt dat van de schoolleiding, het team, individuele docenten en van de ondersteuners? Wat maakt dat docenten leren? In het laatste hoofdstuk worden hier enkele gedachten aan gewijd.
Jan Boland is adviseur en trainer bij het Educatief Centrum Noord en Oost (ECNO). Eerder was hij leraar, lerarenopleider, inhoudelijk medewerker bij het Instituut voor de Leerplanontwikkeling.
Janneke Eising is adviseur en trainer bij het Educatief Centrum Noord en Oost (ECNO). Eerder deed zij als docente in het Voortgezet Onderwijs een langdurige ervaring op als docente.
Hans van der Molen is projectleider Vernieuwde Onderbouw. Eerder was hij directeur van een school voor Voortgezet Onderwijs en werkzaam als leidinggevende en als leraar in het Voortgezet Onderwijs.
Op weg naar leerlingprofielen – Praktijkvoorbeeld van determineren en adviseren in het Voortgezet Onderwijs
the abortion pill
how much does the abortion pill cost techinsurgent.comEen praktijkvoorbeeld van determineren en adviseren in het voortgezet onderwijs
Dit boek geeft een beschrijving uit de praktijk hoe een school voor voortgezet onderwijs voor leerlingen van 12 tot 16 jaar, de Leon van Gelder in Groningen, determinatie en advisering ontwikkeld heeft.
De vragen waar het om draait zijn: Hoe zorgen wij als school ervoor dat een leerling op die plek terecht komt die voor hem het meest geschikt is? Hoe doen wij dat verantwoord en zorgvuldig? En vooral ook: hoe werken wij daar met zijn allen (= schoolleiding, teams en individuele docenten) in samenhang aan?
Het boek bevat geen kant- en klaar recept, maar het reikt ideeën, gedachten, mogelijkheden en producten aan waar elke school zijn voordeel mee kan doen. De beschrijving van het proces is praktisch. Elke stap die wordt gezet, eindigt met concrete producten en met een weergave van de reflectie tussen schoolleiding en ondersteuners: hoe ver zijn we nu? Wat is de volgende stap? Wat hebben andere scholen hieraan?
De proef op de som vormen de zogenaamde leerlingprofielen. Deze dienen als handvatten om leerlingen zo goed mogelijk in de meest geschikte leerweg te plaatsen. Het gaat daarbij zowel om cognitieve als algemene leerlingkenmerken. Docenten van de beschreven school gebruiken deze bij hun determinatie en advisering.
Dit boek behandelt tevens het gehele proces van werken aan determinatie en advisering. Een aantal vragen intrigeerden ons: Wat maakte dat de wijze waarop aan determinatie en advisering is gewerkt, ons inziens succesvol was? Wat vraagt dat van de schoolleiding, het team, individuele docenten en van de ondersteuners? Wat maakt dat docenten leren? In het laatste hoofdstuk worden hier enkele gedachten aan gewijd.
Jan Boland is adviseur en trainer bij het Educatief Centrum Noord en Oost (ECNO). Eerder was hij leraar, lerarenopleider, inhoudelijk medewerker bij het Instituut voor de Leerplanontwikkeling.
Janneke Eising is adviseur en trainer bij het Educatief Centrum Noord en Oost (ECNO). Eerder deed zij als docente in het Voortgezet Onderwijs een langdurige ervaring op als docente.
Hans van der Molen is projectleider Vernieuwde Onderbouw. Eerder was hij directeur van een school voor Voortgezet Onderwijs en werkzaam als leidinggevende en als leraar in het Voortgezet Onderwijs.
