Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Midzomernachtsdroom

 12,00
Midzomernachtsdroom is een van de bekendste comedies van Shakespeare. Het gaat om een magisch spel, een soort doos van Pandora waaruit behalve feeërieke ook boosaardige elementen ontsnappen. De erotiek is dominant. Roes en instinct maken de personages tragisch, karikaturaal - uiteindelijk gelukkig. Eén van de spilfiguren is Puck. Hij moet orde op zaken stellen, maar hij creëert chaos.
JOHAN BOONEN vertaalt toneel in functie van de acteur. Hij vindt de speelbaarheid van een tekst essentieel. Bovendien hecht hij aan respect voor -en grondig onderzoek van -het origineel. Het resultaat is een ongewoon heldere vertaling waarin ook vormelijke elementen zoals vers, rijm enz. verwerkt zijn.

JOHAN BOONEN schrijft en vertaalt voor toneel, radio, televisie, film. Hij doceert tekstanalyse en dramaturgie aan de Erasmushogeschool in Brussel.

Quick View

Midzomernachtsdroom

 12,00
Midzomernachtsdroom is een van de bekendste comedies van Shakespeare. Het gaat om een magisch spel, een soort doos van Pandora waaruit behalve feeërieke ook boosaardige elementen ontsnappen. De erotiek is dominant. Roes en instinct maken de personages tragisch, karikaturaal - uiteindelijk gelukkig. Eén van de spilfiguren is Puck. Hij moet orde op zaken stellen, maar hij creëert chaos.
JOHAN BOONEN vertaalt toneel in functie van de acteur. Hij vindt de speelbaarheid van een tekst essentieel. Bovendien hecht hij aan respect voor -en grondig onderzoek van -het origineel. Het resultaat is een ongewoon heldere vertaling waarin ook vormelijke elementen zoals vers, rijm enz. verwerkt zijn.

JOHAN BOONEN schrijft en vertaalt voor toneel, radio, televisie, film. Hij doceert tekstanalyse en dramaturgie aan de Erasmushogeschool in Brussel.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap (Handelsversie)

 32,90
Opvoeding en onderwijs zijn dagelijkse mediakost: dan is er weer een pleidooi voor een nieuw onderwijsconcept, dan een notitie over opvoedingsondersteuning, een wetenschapper die op grond van onderzoek een nieuwe manier van leren propageert, dan weer een beleidsmaatregel om de output van het onderwijs te verhogen. De invalshoek van waaruit dat gebeurt, is steeds weer anders. Wat verstaan we vandaag eigenlijk onder opvoeding en onderwijs?

Deze vraag is het uitgangspunt van In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap. Ze wordt beantwoord vanuit vier twintigste-eeuwse denkers: Hannah Arendt, Jacques Lacan, Michel Serres en Michael Polanyi. Aan de hand van aan hen ontleende concepten brengt de auteur opvoeding, onderwijs en de activiteiten van opvoeders en leraren in kaart. Opvoeding en onderwijs zijn gericht op het in de wereld laten komen van kinderen en jongeren. Daarvoor zullen opvoeders en leraren hen niet alleen de middelen moeten aanreiken waarmee de mens de wereld heeft ingericht, maar hen ook in staat moeten stellen om met behulp daarvan initiatieven te nemen. Want alleen zo kunnen ze deelgenoot worden en ‘in de wereld komen’. Daarbij gaat het niet om identiteit, maar om subjectiviteit. Een kind of jongere verschijnt als subject - altijd ten overstaan van anderen - als het tegen dingen aanloopt die hij niet begrijpt, als er letterlijk en figuurlijk iets dwars komt te zitten. Dat ‘tegen iets aanlopen’ is een communicatief gebeuren. Het proces van opvoeding en onderwijs is geen maakproces. De houding van de leraar of opvoeder, zijn ethos, is daarbij cruciaal, meer dan het toepassen van (wetenschappelijke) kennis.

Wouter Pols was leraar in het speciaal onderwijs en opleider in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs. Momenteel is hij als docent en onderzoeker verbonden aan het kenniscentrum Talentontwikkeling van de Hogeschool Rotterdam.

Quick View

In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap (Handelsversie)

 32,90
Opvoeding en onderwijs zijn dagelijkse mediakost: dan is er weer een pleidooi voor een nieuw onderwijsconcept, dan een notitie over opvoedingsondersteuning, een wetenschapper die op grond van onderzoek een nieuwe manier van leren propageert, dan weer een beleidsmaatregel om de output van het onderwijs te verhogen. De invalshoek van waaruit dat gebeurt, is steeds weer anders. Wat verstaan we vandaag eigenlijk onder opvoeding en onderwijs?

Deze vraag is het uitgangspunt van In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap. Ze wordt beantwoord vanuit vier twintigste-eeuwse denkers: Hannah Arendt, Jacques Lacan, Michel Serres en Michael Polanyi. Aan de hand van aan hen ontleende concepten brengt de auteur opvoeding, onderwijs en de activiteiten van opvoeders en leraren in kaart. Opvoeding en onderwijs zijn gericht op het in de wereld laten komen van kinderen en jongeren. Daarvoor zullen opvoeders en leraren hen niet alleen de middelen moeten aanreiken waarmee de mens de wereld heeft ingericht, maar hen ook in staat moeten stellen om met behulp daarvan initiatieven te nemen. Want alleen zo kunnen ze deelgenoot worden en ‘in de wereld komen’. Daarbij gaat het niet om identiteit, maar om subjectiviteit. Een kind of jongere verschijnt als subject - altijd ten overstaan van anderen - als het tegen dingen aanloopt die hij niet begrijpt, als er letterlijk en figuurlijk iets dwars komt te zitten. Dat ‘tegen iets aanlopen’ is een communicatief gebeuren. Het proces van opvoeding en onderwijs is geen maakproces. De houding van de leraar of opvoeder, zijn ethos, is daarbij cruciaal, meer dan het toepassen van (wetenschappelijke) kennis.

Wouter Pols was leraar in het speciaal onderwijs en opleider in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs. Momenteel is hij als docent en onderzoeker verbonden aan het kenniscentrum Talentontwikkeling van de Hogeschool Rotterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Anders kijken naar het studiehuis. Een analysemodel voor onderwijsvernieuwing

 32,90
Veel grootschalige onderwijsvernieuwingen verliezen in de loop van het ontwikkelingsproces maatschappelijk draagvlak. Een recent voorbeeld daarvan is het studiehuis: aanvankelijk met veel enthousiasme ontvangen, later door velen verguisd. De vraag waarom zoiets gebeurt, vormt de aanleiding tot het onderzoek waarvan dit boek een verslag is. Het onderzoek bestaat uit twee delen. In het eerste deel wordt een theoretisch kader ontworpen dat uitmondt in een model om onderwijsvernieuwingen te analyseren. Vervolgens wordt met behulp van het model naar de ontwikkeling van het studiehuis gekeken. Daarbij wordt gebruik gemaakt van interviews die de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs in 2007 heeft afgenomen ten behoeve van haar onderzoek naar onderwijsvernieuwingen. Een van de conclusies uit het onderzoek is dat het idee studiehuis in de loop van het vernieuwingsproces zover wordt uitgehold dat het zijn functie voor het voortgezet onderwijs niet kan waarmaken.

Op basis van het ontwikkelde model worden zeven aandachtspunten geformuleerd voor toekomstige onderwijsvernieuwingen. De aandachtspunten worden gebruikt voor een kritische analyse van de aanbevelingen die resulteren uit het onderzoek van de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs.

Thérèse Carpay heeft twaalf jaar les gegeven aan een school voor havo en vwo. In die periode was ze zowel binnen als buiten de school betrokken bij de ontwikkeling van het studiehuis. Na het docentschap was ze tien jaar lerarenopleider aan het Instituut voor Leraar en School, de universitaire lerarenopleiding van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het beschreven onderzoek werd verricht aan dit instituut.

Quick View

Anders kijken naar het studiehuis. Een analysemodel voor onderwijsvernieuwing

 32,90
Veel grootschalige onderwijsvernieuwingen verliezen in de loop van het ontwikkelingsproces maatschappelijk draagvlak. Een recent voorbeeld daarvan is het studiehuis: aanvankelijk met veel enthousiasme ontvangen, later door velen verguisd. De vraag waarom zoiets gebeurt, vormt de aanleiding tot het onderzoek waarvan dit boek een verslag is. Het onderzoek bestaat uit twee delen. In het eerste deel wordt een theoretisch kader ontworpen dat uitmondt in een model om onderwijsvernieuwingen te analyseren. Vervolgens wordt met behulp van het model naar de ontwikkeling van het studiehuis gekeken. Daarbij wordt gebruik gemaakt van interviews die de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs in 2007 heeft afgenomen ten behoeve van haar onderzoek naar onderwijsvernieuwingen. Een van de conclusies uit het onderzoek is dat het idee studiehuis in de loop van het vernieuwingsproces zover wordt uitgehold dat het zijn functie voor het voortgezet onderwijs niet kan waarmaken.

Op basis van het ontwikkelde model worden zeven aandachtspunten geformuleerd voor toekomstige onderwijsvernieuwingen. De aandachtspunten worden gebruikt voor een kritische analyse van de aanbevelingen die resulteren uit het onderzoek van de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs.

Thérèse Carpay heeft twaalf jaar les gegeven aan een school voor havo en vwo. In die periode was ze zowel binnen als buiten de school betrokken bij de ontwikkeling van het studiehuis. Na het docentschap was ze tien jaar lerarenopleider aan het Instituut voor Leraar en School, de universitaire lerarenopleiding van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het beschreven onderzoek werd verricht aan dit instituut.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

A van Abyssaal. De vrouw als kunst – De kunst als vrouw

 27,90
Van de prehistorie tot nu is de vrouw het bevoorrechte onderwerp van de kunst geweest. De vrouwals kunst, of de samenhorigheid van het vrouwelijke en de kunst, kan geen louter toeval zijn. De actuele kunst is de eerste om de traditionele mythe van de vrouw af te wijzen. Ze keert de traditie van de kunst om: niet meer de vrouwals kunst, maar de kunst als vrouw. Dit komt neer op een conflict tussen twee metaforen van de vrouw dat vele vragen oproept. In dit boek komen grote denkers aan het woord, zoals Plato, Bataille en Levinas, maar ook Freud en Lacan, en Derrida. Meer nog luistert de auteur naar vrouwen, o.a. Lou Andreas Salome, Julia Kristeva, Luce Irigaray, Hildegard von Bingen. Hij heeft aandacht voor dichters, zowel voor de Egyptische liefdespoëzie als voor Homeros, San Juan de la Cruz en NovalisMaar vooral is dit boek een tocht door de hele kunstgeschiedenis: van de Venus van Willendorf en Lascaux, over de Egyptische grafschilderkunst, de 16e eeuw met Giorgione en Baldung Grien, de 1ge eeuw metFiissli, Munch, Moreau en Wiertz, tot de 2Oe eeuw met de late Monet, Matisse en Magritte. De nadruk ligt evenwel op actuele kunstenaars, mannen en vrouwen, zoals Marius Kruk, Bill Viola, Amish Kapoor, Cindy Sherman, Louise Bourgeois, Anne Mendieta.

Francis Smets doceert cultuurgeschiedenis en cultuurfilosotie aan de KHLim -Katholieke Hogeschool Limburg.

Quick View

A van Abyssaal. De vrouw als kunst – De kunst als vrouw

 27,90
Van de prehistorie tot nu is de vrouw het bevoorrechte onderwerp van de kunst geweest. De vrouwals kunst, of de samenhorigheid van het vrouwelijke en de kunst, kan geen louter toeval zijn. De actuele kunst is de eerste om de traditionele mythe van de vrouw af te wijzen. Ze keert de traditie van de kunst om: niet meer de vrouwals kunst, maar de kunst als vrouw. Dit komt neer op een conflict tussen twee metaforen van de vrouw dat vele vragen oproept. In dit boek komen grote denkers aan het woord, zoals Plato, Bataille en Levinas, maar ook Freud en Lacan, en Derrida. Meer nog luistert de auteur naar vrouwen, o.a. Lou Andreas Salome, Julia Kristeva, Luce Irigaray, Hildegard von Bingen. Hij heeft aandacht voor dichters, zowel voor de Egyptische liefdespoëzie als voor Homeros, San Juan de la Cruz en NovalisMaar vooral is dit boek een tocht door de hele kunstgeschiedenis: van de Venus van Willendorf en Lascaux, over de Egyptische grafschilderkunst, de 16e eeuw met Giorgione en Baldung Grien, de 1ge eeuw metFiissli, Munch, Moreau en Wiertz, tot de 2Oe eeuw met de late Monet, Matisse en Magritte. De nadruk ligt evenwel op actuele kunstenaars, mannen en vrouwen, zoals Marius Kruk, Bill Viola, Amish Kapoor, Cindy Sherman, Louise Bourgeois, Anne Mendieta.

Francis Smets doceert cultuurgeschiedenis en cultuurfilosotie aan de KHLim -Katholieke Hogeschool Limburg.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Themagecentreerde interactie. De kunst zichzelf en groepen te leiden

 13,20
De TGI -Themagecentreerde interactie, ontwikkeld door Ruth C. Cohn, is momenteel een van de meest gebruikte methodieken voor het werken met groepen. Overal waar groepen mensen hun samenwerkingsen communicatlevaardigheden willen verbeteren, blijkt TGI daartoe een efficiënte methode te zijn. Dit beknopte boek maakt duidelijk wat er schuilgaat achter de benaming TGI. Het legt de filosofische en theoretische uitgangspunten uit en beschrijft de praktijkprincipes. Hoe TGI in de praktijk werkt, leert het verhaal van Inge, dat door het hele boek loopt. De vlotte leesbaarheid en het inleidende karakter maken dit boek ook geschikt voor opleidingen in onderwijs, vormingsen welzijnswerk. Het bevat tevens de adressen van de internationale beweging rond TGI.

STANDHARDT is verbonden aan verschillende opleidingsen vormingsinstellingen. GEERT KELCHTERMANS en ANN DEKETELAERE, beiden pedagoog, zijn wetenschappelijk medewerker aan de KU Leuven.

Quick View

Themagecentreerde interactie. De kunst zichzelf en groepen te leiden

 13,20
De TGI -Themagecentreerde interactie, ontwikkeld door Ruth C. Cohn, is momenteel een van de meest gebruikte methodieken voor het werken met groepen. Overal waar groepen mensen hun samenwerkingsen communicatlevaardigheden willen verbeteren, blijkt TGI daartoe een efficiënte methode te zijn. Dit beknopte boek maakt duidelijk wat er schuilgaat achter de benaming TGI. Het legt de filosofische en theoretische uitgangspunten uit en beschrijft de praktijkprincipes. Hoe TGI in de praktijk werkt, leert het verhaal van Inge, dat door het hele boek loopt. De vlotte leesbaarheid en het inleidende karakter maken dit boek ook geschikt voor opleidingen in onderwijs, vormingsen welzijnswerk. Het bevat tevens de adressen van de internationale beweging rond TGI.

STANDHARDT is verbonden aan verschillende opleidingsen vormingsinstellingen. GEERT KELCHTERMANS en ANN DEKETELAERE, beiden pedagoog, zijn wetenschappelijk medewerker aan de KU Leuven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

La santé n’est pas une marchandise

 19,90
Dans ce livre, Geert Messiaen nous donne un aperçu de l’assurance-maladie belge d’un point de vue général, et des avis des Mutualités Libérales en particulier, ainsi qu’une vision personnelle de la politique en matière de santé en Belgique et en Europe. L’auteur plaide sincèrement en faveur de l’incomparable système de soins de santé belge. Ce livre s’adresse à toutes les personnes qui s’intéressent aux soins de santé en Belgique.

Dans son livre précédent, “Onvoltooide symfonie”, il réglait déjà ses comptes, sans mâcher ses mots, avec certaines situations régionales politiques au sein de sa ville natale, Roulers, et insiste sur certaines questions sociales prioritaires.

Geert Messiaen est le secrétaire général de l’Union Nationale des Mutualités Libérales.

Placeholder Image
Quick View

La santé n’est pas une marchandise

 19,90
Dans ce livre, Geert Messiaen nous donne un aperçu de l’assurance-maladie belge d’un point de vue général, et des avis des Mutualités Libérales en particulier, ainsi qu’une vision personnelle de la politique en matière de santé en Belgique et en Europe. L’auteur plaide sincèrement en faveur de l’incomparable système de soins de santé belge. Ce livre s’adresse à toutes les personnes qui s’intéressent aux soins de santé en Belgique.

Dans son livre précédent, “Onvoltooide symfonie”, il réglait déjà ses comptes, sans mâcher ses mots, avec certaines situations régionales politiques au sein de sa ville natale, Roulers, et insiste sur certaines questions sociales prioritaires.

Geert Messiaen est le secrétaire général de l’Union Nationale des Mutualités Libérales.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De leraar als coach. Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 11)

 21,00
Het thema van dit boek roept vragen op als: Wat wil men met die coachende rol bereiken? Hogere prestaties? Meer welbevinden? Preventie van uitval? Een betere zorg voor leerlingen? Willen alle kinderen wel gecoacht worden? Vervangt coachen het instructie geven? Wil de leerling continu op zijn actieve leerhouding en verantwoordelijkheid worden aangesproken? Welke leeromgeving is dan nodig?

Allemaal vragen die Wim Meijer in het eerste hoofdstuk van dit boek aan de orde stelt. Er worden ook fundamentele vragen gesteld: Wat is uiteindelijk de relevantie van dit ''nieuwe leren''- ofwel ''sociaal constructivisme'' - en Heeft de onderwijs-wetenschap het nieuwe leren al wel wetenschappelijk onderbouwd met recente inzichten in leerprocessen?

Sociaal constructivisme in zijn meeste extreme vorm stelt dat kennis geworteld is in de persoonlijke ervaringen van individuen. Men veronderstelt dan dat kennis niet kan worden overgedragen, maar alleen door leerlingen kan worden geconstrueerd. Onderzoekers durven zelfs te stellen dat instructie effectiever en efficiënter is dan zelfontdekkend en zelfverantwoordelijk leren.

Om te voorkomen dat toekomstige generaties leerlingen worden blootgesteld aan slecht onderbouwde onderwijsexperimenten is het noodzakelijk dat de effecten van het nieuwe leren worden vergeleken met die van het gewone leren.

En wie kan dit onderzoek beter doen dan de leraar zelf? De leraar als ''practitioner researcher'', is een professional die bewust kennis over de eigen praktijk ontwikkelt. Door deze kennis bewust te gebruiken voor de continue aanpassing van die praktijk aan veranderende omstandigheden kan deze ook nadrukkelijk bijdragen aan wat wel/niet effectvol en moreel nuttig is. Wetenschappelijke verworvenheden en inzichten worden daarmee dienstbaar aan de verbetering van het onderwijs zoals dat dagelijks gegeven wordt.

In dit boek wordt een grote variëteit van werkwijzen en (praktijk)concepten in het brede veld van (speciaal) onderwijs gepresenteerd. Daaruit blijkt dat men naarstig op zoek is een goede verbinding te maken tussen''oud'' en ''nieuw''. Het is een unieke uitgave geworden waarin praktijkmensen gids willen zijn voor vernieuwende maar vooral verantwoorde onderwijsverbeteringen in het voortgezet onderwijs.


Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

De leraar als coach. Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 11)

 21,00
Het thema van dit boek roept vragen op als: Wat wil men met die coachende rol bereiken? Hogere prestaties? Meer welbevinden? Preventie van uitval? Een betere zorg voor leerlingen? Willen alle kinderen wel gecoacht worden? Vervangt coachen het instructie geven? Wil de leerling continu op zijn actieve leerhouding en verantwoordelijkheid worden aangesproken? Welke leeromgeving is dan nodig?

Allemaal vragen die Wim Meijer in het eerste hoofdstuk van dit boek aan de orde stelt. Er worden ook fundamentele vragen gesteld: Wat is uiteindelijk de relevantie van dit ''nieuwe leren''- ofwel ''sociaal constructivisme'' - en Heeft de onderwijs-wetenschap het nieuwe leren al wel wetenschappelijk onderbouwd met recente inzichten in leerprocessen?

Sociaal constructivisme in zijn meeste extreme vorm stelt dat kennis geworteld is in de persoonlijke ervaringen van individuen. Men veronderstelt dan dat kennis niet kan worden overgedragen, maar alleen door leerlingen kan worden geconstrueerd. Onderzoekers durven zelfs te stellen dat instructie effectiever en efficiënter is dan zelfontdekkend en zelfverantwoordelijk leren.

Om te voorkomen dat toekomstige generaties leerlingen worden blootgesteld aan slecht onderbouwde onderwijsexperimenten is het noodzakelijk dat de effecten van het nieuwe leren worden vergeleken met die van het gewone leren.

En wie kan dit onderzoek beter doen dan de leraar zelf? De leraar als ''practitioner researcher'', is een professional die bewust kennis over de eigen praktijk ontwikkelt. Door deze kennis bewust te gebruiken voor de continue aanpassing van die praktijk aan veranderende omstandigheden kan deze ook nadrukkelijk bijdragen aan wat wel/niet effectvol en moreel nuttig is. Wetenschappelijke verworvenheden en inzichten worden daarmee dienstbaar aan de verbetering van het onderwijs zoals dat dagelijks gegeven wordt.

In dit boek wordt een grote variëteit van werkwijzen en (praktijk)concepten in het brede veld van (speciaal) onderwijs gepresenteerd. Daaruit blijkt dat men naarstig op zoek is een goede verbinding te maken tussen''oud'' en ''nieuw''. Het is een unieke uitgave geworden waarin praktijkmensen gids willen zijn voor vernieuwende maar vooral verantwoorde onderwijsverbeteringen in het voortgezet onderwijs.


Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Reflecterende taaldidactiek (Fontys-OSO-Reeks, nr. 16)

 14,90
Taalontwikkeling is een continu proces, dat een leven lang duurt. In dit proces is sprake van taalverwerving en taal leren; twee componenten die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Kinderen met taalontwikkelingsproblemen hebben specifieke ondersteuning nodig in het ontwikkelen van taal. Met name reflectie op eigen taalgebruik in communicatie biedt gelegenheid vanuit functioneel taalgebruik inzicht te verwerven in inhoud en vorm van de eigen taal.

Annie Essers was vele jaren werkzaam aan het Instituut voor Doven (nu Viataal) te Sint Michielsgestel. Ze werkt nu als docent aan het Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg van Fontys Hogescholen te Tilburg.

Quick View

Reflecterende taaldidactiek (Fontys-OSO-Reeks, nr. 16)

 14,90
Taalontwikkeling is een continu proces, dat een leven lang duurt. In dit proces is sprake van taalverwerving en taal leren; twee componenten die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Kinderen met taalontwikkelingsproblemen hebben specifieke ondersteuning nodig in het ontwikkelen van taal. Met name reflectie op eigen taalgebruik in communicatie biedt gelegenheid vanuit functioneel taalgebruik inzicht te verwerven in inhoud en vorm van de eigen taal.

Annie Essers was vele jaren werkzaam aan het Instituut voor Doven (nu Viataal) te Sint Michielsgestel. Ze werkt nu als docent aan het Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg van Fontys Hogescholen te Tilburg.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen
    ×