Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.
De auteurs bespreken maatregelen en mechanismen om deze risico’s te vermijden. Het boek laat zien in hoeverre onderwijsvoorrangsbeleid en brede scholen risicoleerlingen bij de les kunnen houden.
Dr. George Muskens leidde in de jaren tachtig het geruchtmakende onderzoek naar de taakbelasting van leraren in het voortgezet onderwijs. Tussen 2007 en 2009 gaf hij leiding aan een Europees onderzoek in opdracht van de Europese Commissie naar de aanpak van risicoleerlingen in tien verschillende landen.
Dorothee Peters MSc heeft verschillende baanbrekende publicaties op haar naam staan over segregatie en vermenging in het Nederlandse onderwijs. Momenteel is zij voor een promotieonderzoek naar lokaal gezondheidsbeleid verbonden aan het Academisch Medisch Centrum (AMC) – Universiteit van Amsterdam.
Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.
De auteurs bespreken maatregelen en mechanismen om deze risico’s te vermijden. Het boek laat zien in hoeverre onderwijsvoorrangsbeleid en brede scholen risicoleerlingen bij de les kunnen houden.
Dr. George Muskens leidde in de jaren tachtig het geruchtmakende onderzoek naar de taakbelasting van leraren in het voortgezet onderwijs. Tussen 2007 en 2009 gaf hij leiding aan een Europees onderzoek in opdracht van de Europese Commissie naar de aanpak van risicoleerlingen in tien verschillende landen.
Dorothee Peters MSc heeft verschillende baanbrekende publicaties op haar naam staan over segregatie en vermenging in het Nederlandse onderwijs. Momenteel is zij voor een promotieonderzoek naar lokaal gezondheidsbeleid verbonden aan het Academisch Medisch Centrum (AMC) – Universiteit van Amsterdam.
Onderwijs en de keten
Die ontwikkelingen stellen hoge eisen aan de leraar. Hij dient om te kunnen gaan met verschillen tussen leerlingen en zal veel meer maatwerk moeten leveren. Ook ziet hij zich voor de opgave gesteld zijn professionaliteit verder te ontwikkelen. Drie dingen staan daarbij centraal: beter inspelen op onderwijsbehoeften van leerlingen, nauwer samenwerken met ouders en andere bij het onderwijs betrokken partijen en het kritisch volgen van het eigen onderwijs kritisch en dat zo nodig verbeteren. Kennis over samenwerken en gedifferentieerd onderwijs speelt daarbij een belangrijke rol.
Dit boek is geschreven door leden en lectoren van de Kenniskring ‘Onderwijszorg en samenwerking in de Keten’. Het is hun taak bij te dragen aan kennisontwikkeling over onderwijszorg en passend onderwijs en hier ontmoeten kenniskring en werkveld elkaar. Dit boek doet verslag van de activiteiten van de Kenniskringleden, waarin thema’s aan de orde komen als: video-interactiebegeleiding voor leraren, reboundvoorzieningen, samenwerken met ouders, omgaan met gedragsproblemen via schoolontwikkeling, leesmotivatie en rekengesprekken.
Het boek is bestemd voor professionals in het onderwijs, voor studenten van lerarenopleidingen en voor hun opleiders. Ook leden van educatieve kenniskringen kunnen in dit boek aanknopingspunten vinden voor hun onderzoek.
Onderwijs en de keten
Die ontwikkelingen stellen hoge eisen aan de leraar. Hij dient om te kunnen gaan met verschillen tussen leerlingen en zal veel meer maatwerk moeten leveren. Ook ziet hij zich voor de opgave gesteld zijn professionaliteit verder te ontwikkelen. Drie dingen staan daarbij centraal: beter inspelen op onderwijsbehoeften van leerlingen, nauwer samenwerken met ouders en andere bij het onderwijs betrokken partijen en het kritisch volgen van het eigen onderwijs kritisch en dat zo nodig verbeteren. Kennis over samenwerken en gedifferentieerd onderwijs speelt daarbij een belangrijke rol.
Dit boek is geschreven door leden en lectoren van de Kenniskring ‘Onderwijszorg en samenwerking in de Keten’. Het is hun taak bij te dragen aan kennisontwikkeling over onderwijszorg en passend onderwijs en hier ontmoeten kenniskring en werkveld elkaar. Dit boek doet verslag van de activiteiten van de Kenniskringleden, waarin thema’s aan de orde komen als: video-interactiebegeleiding voor leraren, reboundvoorzieningen, samenwerken met ouders, omgaan met gedragsproblemen via schoolontwikkeling, leesmotivatie en rekengesprekken.
Het boek is bestemd voor professionals in het onderwijs, voor studenten van lerarenopleidingen en voor hun opleiders. Ook leden van educatieve kenniskringen kunnen in dit boek aanknopingspunten vinden voor hun onderzoek.
Paul Gustave Van Hecke – Themanummer Zacht Lawijd, jg. 11 nr. 2
Paul Gustave Van Hecke – Themanummer Zacht Lawijd, jg. 11 nr. 2
Hoe cash zorg verandert. Multidisciplinaire benadering van de persoonlijke financiering in de zorg.
Dit boek gaat dieper in op de persoonlijke financiering als instrument en concept. De diverse eigenschappen en maatschappelijke evoluties die elkaar kruisen via het persoonlijk financieringsmechanisme worden onder het licht gehouden. Zowel verschillende onderzoeksdisciplines, de empirische , cultuur- en organisatiesociologie, alsook onderzoekers in het sociaal beleid, de orthopedagogische wetenschappen en beleidsmakers komen aan het woord.
Het boek bekijkt kritisch in welke mate de oorspronkelijke doelstellingen worden gerealiseerd, wat de randvoorwaarden zijn en welke nieuwe vragen zich aandienen.
Deze publicatie is gerealiseerd bij het emeritaat van prof.dr. Jef Breda. Mede dankzij zijn jarenlange inzet met zijn onderzoeksgroep ‘Welzijn en de Verzorgingsstaat’ heeft de persoonlijke financiering in het Vlaamse zorglandschap voet aan wal gekregen.
Hoe cash zorg verandert. Multidisciplinaire benadering van de persoonlijke financiering in de zorg.
Dit boek gaat dieper in op de persoonlijke financiering als instrument en concept. De diverse eigenschappen en maatschappelijke evoluties die elkaar kruisen via het persoonlijk financieringsmechanisme worden onder het licht gehouden. Zowel verschillende onderzoeksdisciplines, de empirische , cultuur- en organisatiesociologie, alsook onderzoekers in het sociaal beleid, de orthopedagogische wetenschappen en beleidsmakers komen aan het woord.
Het boek bekijkt kritisch in welke mate de oorspronkelijke doelstellingen worden gerealiseerd, wat de randvoorwaarden zijn en welke nieuwe vragen zich aandienen.
Deze publicatie is gerealiseerd bij het emeritaat van prof.dr. Jef Breda. Mede dankzij zijn jarenlange inzet met zijn onderzoeksgroep ‘Welzijn en de Verzorgingsstaat’ heeft de persoonlijke financiering in het Vlaamse zorglandschap voet aan wal gekregen.
Cruciale dialogen
Veel is inmiddels bekend over het management van de traditionele basiscomponenten van elk systeem, elke techniek en organisatie. Voor de belangrijkste factor in de kennismaatschappij van de 21ste eeuw, de mens, geldt dat in mindere mate.
De ‘cruciale dialogen’-methodiek omvat vier fasen, acht basiscondities en zestien vaardigheden. Het betreft een ‘top-down’ - ‘bottom-up’ veranderingsproces, waarbij elk niveau het onderliggende opleidt en coacht en tijdens dit proces ook zelf van dit volgende niveau leert en daardoor blijvend verandert.
Het hoofddoel is het bevorderen van de effectiviteit, efficiëntie, creativiteit en het plezier van de belangrijkste systeemfactor, de mens. Dit wordt bereikt door waarderend te luisteren, nadien oplossingen te zoeken en die consequent uit te voeren.
Johan Roels is burgerlijk werktuigkundig ingenieur en burgerlijk ingenieur veiligheidstechnieken. Hij bekleedde in een eerste leven diverse functies binnen de groep Rhône-Poulenc. Zijn tweede leven beleefde hij onder de vlag van Loss Control Centre Belgium en in zijn derde leven gaf hij gestalte aan SynerChange International. Hij beleeft nu zijn vierde leven als ‘Thought Engineer’.
Cruciale dialogen
Veel is inmiddels bekend over het management van de traditionele basiscomponenten van elk systeem, elke techniek en organisatie. Voor de belangrijkste factor in de kennismaatschappij van de 21ste eeuw, de mens, geldt dat in mindere mate.
De ‘cruciale dialogen’-methodiek omvat vier fasen, acht basiscondities en zestien vaardigheden. Het betreft een ‘top-down’ - ‘bottom-up’ veranderingsproces, waarbij elk niveau het onderliggende opleidt en coacht en tijdens dit proces ook zelf van dit volgende niveau leert en daardoor blijvend verandert.
Het hoofddoel is het bevorderen van de effectiviteit, efficiëntie, creativiteit en het plezier van de belangrijkste systeemfactor, de mens. Dit wordt bereikt door waarderend te luisteren, nadien oplossingen te zoeken en die consequent uit te voeren.
Johan Roels is burgerlijk werktuigkundig ingenieur en burgerlijk ingenieur veiligheidstechnieken. Hij bekleedde in een eerste leven diverse functies binnen de groep Rhône-Poulenc. Zijn tweede leven beleefde hij onder de vlag van Loss Control Centre Belgium en in zijn derde leven gaf hij gestalte aan SynerChange International. Hij beleeft nu zijn vierde leven als ‘Thought Engineer’.
Geestelijke gezondheidszorg in het licht van zingeving en spiritualiteit
Dit boek neemt de lezer mee in een doorlichting van deze actuele context vanuit zingeving en spiritualiteit, en wel met oog voor een integraal zorgperspectief. De auteur vertrekt vanuit de praktijk van de GGZ en biedt handvatten voor zorgprofessionals en therapeuten. Daarnaast worden aanbevelingen voor het beleid gegeven.
Inspiratiebronnen zijn onder andere cliëntenparticipatie en de ethische dimensie van de zorg. Ruime aandacht is besteed aan de therapeutische relatie, monitoring in psychotherapie, de ethische dimensie van psychotherapie, en de begeleiding van religieuze thema’s in psychotherapie.
Het boek eindigt met een zijweg naar twee theologen, Rahner en Pohier, die handvatten kunnen aanreiken voor een visie op menszijn, ethiek en zingeving.
Walter Krikilion is doctor in theologie, baccalaureus in filosofie, en psychotherapeut. Hij werkt als stafmedewerker patiëntenzorg in het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum van Geel en heeft als aandachtsgebieden zingeving, levensbeschouwing, ethiek, cliëntenparticipatie, en kenniscentrum. Hij is als therapeut verbonden aan het Centrum voor Levensbeschouwing en Zingeving in Turnhout.
Hij is auteur van De merkwaardige alliantie van dood en leven: Theologie en psychoanalyse bij Jacques Pohier (Leuven/Apeldoorn: Garant, 1998) en redacteur van De therapeutische relatie (Antwerpen/Apeldoorn: Garant, 2006).
Bij Icuro, koepel van Vlaamse ziekenhuizen met publieke partners, is hij voorzitter van de Werkgroep GGZ in een publieke context en van de Werkgroep Ethiek in de Kliniek. Verder is hij lid van de Stuurgroep Psychiatrische Ziekenhuizen van Zorgnet Vlaanderen en lid van de Raad van Advies van het Nederlandse KSGV – kenniscentrum voor levensbeschouwing en geestelijke gezondheid.
"het lezen ervan zal iedere hulpverlener helpen om meer professioneel en vooral meer zingericht te functioneren"
Ethische perspectieven, jrg. 24,nr. 1, blz. 126
"boeiende inkijk in de psychiatrische zorg"
Tertio (jrg. 13, nr. 664, blz. 8)
"De belangrijkste thema's op dit terrein komen aan bod op een genuanceerde en verdiepende wijze."
Pastorale Verkenningen - Tijdschrift voor het Justitiepastoraat (jrg. 7, nr. 4, blz. 28)
De veelheid van gezichtspunten maakt dit boek fris, te meer omdat de uiteenlopende perspectieven op soms verrassend praktische wijze aan elkaar geknoopt worden. Het boek is dan ook niet alleen reflectief, maar ook rijk aan concrete adviezen. (...) De mogelijkheden die hij schetst voor een bredere ggz zijn aansprekend en getuigen van diepgang (...). Ik beveel het boek dan ook van harte aan.
M. Tamminga, Tijdschrift voor Psychotherapie (jrg. 39, nr. 3, blz. 213-216)
"een degelijk, uitdagend en inspirerend werk waarbij theorie en praktijk elkaar de hand reiken"
Pastorale Perspectieven (nr. 159 -2013/2, blz. 34)
"Er zijn de laatste jaren meerdere boeken verschenen waarin aandacht is gegeven aan de plaats die zingeving inneemt of kan innemen in een therapeutische relatie, (...). Dit boek onderscheidt zich van andere publicaties omdat het behalve gedegen en theoretisch, ook een persoonlijk, warm pleidooi is."
Counselling Magazine (recensies november 2013, deel 3)
Radio 1: Braambos - Focus
(herbeluister hier het interview)
"Helder van opbouw en schrijfstijl zoekt Krikilion in zijn analyse steeds de diepte op, en geeft zo stof tot kritisch verder nadenken. Pittig en prikkelend."
Zin in Zorg(jr. 15, nr. 3, blz. 17)
"Met dit boek levert Walter Krikilion een interessante bijdrage in de zoektocht naar de integratie van zingeving en religie in de geestelijke gezondheidszorg (…) Walter Krikilion verdient alle waardering voor dit werk. Het is niet alleen interessant voor zorgverleners in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook bij andere welzijnswerkers in de sector gehandicaptenzorg, ouderenzorg, bijzondere jeugdzorg… zal dit boek interesse wekken." J. Renders, Tijdschrift voor Welzijnswerk (jrg. 37, nr. 333, 2013, blz. 55)
"Samenwerking, leren van elkaar, vorming en nadenken over de eigen kracht, kwetsbaarheid en spiritualiteit als zorgverlener zijn daarbij hefbomen om levensbeschouwing, zingeving en spiritualiteit binnen voorzieningen een plek te geven (…) Over het algemeen is dit een toegankelijk boek dat professionaliteit en uniciteit, kracht en kwetsbaarheid verbindt vanuit het streven naan een kwaliteitsvolle integrale
Geestelijke gezondheidszorg in het licht van zingeving en spiritualiteit
Dit boek neemt de lezer mee in een doorlichting van deze actuele context vanuit zingeving en spiritualiteit, en wel met oog voor een integraal zorgperspectief. De auteur vertrekt vanuit de praktijk van de GGZ en biedt handvatten voor zorgprofessionals en therapeuten. Daarnaast worden aanbevelingen voor het beleid gegeven.
Inspiratiebronnen zijn onder andere cliëntenparticipatie en de ethische dimensie van de zorg. Ruime aandacht is besteed aan de therapeutische relatie, monitoring in psychotherapie, de ethische dimensie van psychotherapie, en de begeleiding van religieuze thema’s in psychotherapie.
Het boek eindigt met een zijweg naar twee theologen, Rahner en Pohier, die handvatten kunnen aanreiken voor een visie op menszijn, ethiek en zingeving.
Walter Krikilion is doctor in theologie, baccalaureus in filosofie, en psychotherapeut. Hij werkt als stafmedewerker patiëntenzorg in het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum van Geel en heeft als aandachtsgebieden zingeving, levensbeschouwing, ethiek, cliëntenparticipatie, en kenniscentrum. Hij is als therapeut verbonden aan het Centrum voor Levensbeschouwing en Zingeving in Turnhout.
Hij is auteur van De merkwaardige alliantie van dood en leven: Theologie en psychoanalyse bij Jacques Pohier (Leuven/Apeldoorn: Garant, 1998) en redacteur van De therapeutische relatie (Antwerpen/Apeldoorn: Garant, 2006).
Bij Icuro, koepel van Vlaamse ziekenhuizen met publieke partners, is hij voorzitter van de Werkgroep GGZ in een publieke context en van de Werkgroep Ethiek in de Kliniek. Verder is hij lid van de Stuurgroep Psychiatrische Ziekenhuizen van Zorgnet Vlaanderen en lid van de Raad van Advies van het Nederlandse KSGV – kenniscentrum voor levensbeschouwing en geestelijke gezondheid.
"het lezen ervan zal iedere hulpverlener helpen om meer professioneel en vooral meer zingericht te functioneren"
Ethische perspectieven, jrg. 24,nr. 1, blz. 126
"boeiende inkijk in de psychiatrische zorg"
Tertio (jrg. 13, nr. 664, blz. 8)
"De belangrijkste thema's op dit terrein komen aan bod op een genuanceerde en verdiepende wijze."
Pastorale Verkenningen - Tijdschrift voor het Justitiepastoraat (jrg. 7, nr. 4, blz. 28)
De veelheid van gezichtspunten maakt dit boek fris, te meer omdat de uiteenlopende perspectieven op soms verrassend praktische wijze aan elkaar geknoopt worden. Het boek is dan ook niet alleen reflectief, maar ook rijk aan concrete adviezen. (...) De mogelijkheden die hij schetst voor een bredere ggz zijn aansprekend en getuigen van diepgang (...). Ik beveel het boek dan ook van harte aan.
M. Tamminga, Tijdschrift voor Psychotherapie (jrg. 39, nr. 3, blz. 213-216)
"een degelijk, uitdagend en inspirerend werk waarbij theorie en praktijk elkaar de hand reiken"
Pastorale Perspectieven (nr. 159 -2013/2, blz. 34)
"Er zijn de laatste jaren meerdere boeken verschenen waarin aandacht is gegeven aan de plaats die zingeving inneemt of kan innemen in een therapeutische relatie, (...). Dit boek onderscheidt zich van andere publicaties omdat het behalve gedegen en theoretisch, ook een persoonlijk, warm pleidooi is."
Counselling Magazine (recensies november 2013, deel 3)
Radio 1: Braambos - Focus
(herbeluister hier het interview)
"Helder van opbouw en schrijfstijl zoekt Krikilion in zijn analyse steeds de diepte op, en geeft zo stof tot kritisch verder nadenken. Pittig en prikkelend."
Zin in Zorg(jr. 15, nr. 3, blz. 17)
"Met dit boek levert Walter Krikilion een interessante bijdrage in de zoektocht naar de integratie van zingeving en religie in de geestelijke gezondheidszorg (…) Walter Krikilion verdient alle waardering voor dit werk. Het is niet alleen interessant voor zorgverleners in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook bij andere welzijnswerkers in de sector gehandicaptenzorg, ouderenzorg, bijzondere jeugdzorg… zal dit boek interesse wekken." J. Renders, Tijdschrift voor Welzijnswerk (jrg. 37, nr. 333, 2013, blz. 55)
"Samenwerking, leren van elkaar, vorming en nadenken over de eigen kracht, kwetsbaarheid en spiritualiteit als zorgverlener zijn daarbij hefbomen om levensbeschouwing, zingeving en spiritualiteit binnen voorzieningen een plek te geven (…) Over het algemeen is dit een toegankelijk boek dat professionaliteit en uniciteit, kracht en kwetsbaarheid verbindt vanuit het streven naan een kwaliteitsvolle integrale
Inequalities in Health Care for Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 2)
COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.
This second volume is concerned with the changes that are needed to improve the matching of health services to the needs of these groups. Its chapters analyse work on ‘cultural competence’ in the USA and Europe, as well as the use of interpreters and cultural mediators to overcome linguistic and cultural barriers. Other topics covered include user involvement, services for unaccompanied minors and Roma communities, the relation between NGO’s and mainstream services and the incorporation of non-Western approaches in Western health care. The final section of the book examines the health aspects of irregular migration in the Mediterranean region, viewed in the context of the complex political, legal and human rights issues that this phenomenon raises.
Also available:
COST Series on Health and Diversity - Vol 1
about the authors and editors
Inequalities in Health Care for Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 2)
COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.
This second volume is concerned with the changes that are needed to improve the matching of health services to the needs of these groups. Its chapters analyse work on ‘cultural competence’ in the USA and Europe, as well as the use of interpreters and cultural mediators to overcome linguistic and cultural barriers. Other topics covered include user involvement, services for unaccompanied minors and Roma communities, the relation between NGO’s and mainstream services and the incorporation of non-Western approaches in Western health care. The final section of the book examines the health aspects of irregular migration in the Mediterranean region, viewed in the context of the complex political, legal and human rights issues that this phenomenon raises.
Also available:
COST Series on Health and Diversity - Vol 1
about the authors and editors

Met naam en toenaam
Waar komen onze persoonsnamen vandaan?
Dit boek gaat dieper in op vragen als:
Ward Van Osta doceerde aan de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen een aan de Universiteit Antwerpen. Van zijn hand verschenen diverse publicaties op het vlak van heemkunde, volkskunde, lokale geschiedenis en (plaats)naamkunde.
In de media:
Wat een prachtig boek! (...) Het bevat een antwoord op zowat alle vragen die een mens zich kan stellen met betrekking tot namen en familienamen. Ik had nooit gedacht dat er zoveel boeiende geschiedenis te vertellen valt over het fenomeen van de naamgeving! (...) Van Osta bespreekt het werkelijk allemaal. Ik denk dat dit het meest omvangrijks naslagwerkje is over namen in het Nederlands. (JG)
ChristusRex.be

Met naam en toenaam
Waar komen onze persoonsnamen vandaan?
Dit boek gaat dieper in op vragen als:
Ward Van Osta doceerde aan de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen een aan de Universiteit Antwerpen. Van zijn hand verschenen diverse publicaties op het vlak van heemkunde, volkskunde, lokale geschiedenis en (plaats)naamkunde.
In de media:
Wat een prachtig boek! (...) Het bevat een antwoord op zowat alle vragen die een mens zich kan stellen met betrekking tot namen en familienamen. Ik had nooit gedacht dat er zoveel boeiende geschiedenis te vertellen valt over het fenomeen van de naamgeving! (...) Van Osta bespreekt het werkelijk allemaal. Ik denk dat dit het meest omvangrijks naslagwerkje is over namen in het Nederlands. (JG)
ChristusRex.be
Health Inequalities and Risk Factors among Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 1)
COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.
This first volume starts by asking how much we know about migrant and ethnic minority health and where the barriers to scientific progress lie. For example, what is the relation between migration, ethnicity and the socioeconomic determinants of health? Particular groups discussed include refugees and asylum seekers, domestic workers, new migrants, ‘mixed marriages’ and disadvantaged ethnic minorities. Specific health issues examined range from maternal and child health to problems of ageing, mental health and infectious diseases. The final section of the book discusses prevention programmes targeting obesity, diabetes, coronary vascular diseases and cancer. These topics form only a small selection of the full range of issues in this rapidly growing field, but they illustrate well the fascinating challenges which it presents.
Also available:
COST Series on Health and Diversity - Vol 2
About the authors and editors
Health Inequalities and Risk Factors among Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 1)
COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.
This first volume starts by asking how much we know about migrant and ethnic minority health and where the barriers to scientific progress lie. For example, what is the relation between migration, ethnicity and the socioeconomic determinants of health? Particular groups discussed include refugees and asylum seekers, domestic workers, new migrants, ‘mixed marriages’ and disadvantaged ethnic minorities. Specific health issues examined range from maternal and child health to problems of ageing, mental health and infectious diseases. The final section of the book discusses prevention programmes targeting obesity, diabetes, coronary vascular diseases and cancer. These topics form only a small selection of the full range of issues in this rapidly growing field, but they illustrate well the fascinating challenges which it presents.
Also available:
COST Series on Health and Diversity - Vol 2
About the authors and editors
Universal Psychosocial Indicator for Five-Year-Old Boys and Girls (UPSI-5) Handbook and User Manual
The UPSI-5 provides an urgently needed counterpart to the strictly physical indicators and mortality indicators commonly used to measure young children''s wellbeing and survival. It is an easy to use global screening device that can assess the psychosocial wellbeing of large populations of 5-year-children. ICDI designed it to serve three main purposes:
UPSI-5 is primarily meant for governmental, non-governmental and UN agencies concerned about the well-being and development of young children, who work with large numbers of them and would benefit from obtaining overall impressions about their psychosocial status. The UPSI-5 is not an instrument to be used for individual diagnostic purposes. It should, therefore, only be interpreted as a first indication that further professional attention may need to be sought.
This book consists of two parts. Part One makes a plea to take more seriously children''s mental and emotional status, and the ways in which they relate to other children, their families, caregivers, communities and their broader environment. It also presents the rationale for introducing the UPSI-5 in programmes and policies benefiting children. Part Two explains in detail how to make best use of the UPSI-5.
Universal Psychosocial Indicator for Five-Year-Old Boys and Girls (UPSI-5) Handbook and User Manual
The UPSI-5 provides an urgently needed counterpart to the strictly physical indicators and mortality indicators commonly used to measure young children''s wellbeing and survival. It is an easy to use global screening device that can assess the psychosocial wellbeing of large populations of 5-year-children. ICDI designed it to serve three main purposes:
UPSI-5 is primarily meant for governmental, non-governmental and UN agencies concerned about the well-being and development of young children, who work with large numbers of them and would benefit from obtaining overall impressions about their psychosocial status. The UPSI-5 is not an instrument to be used for individual diagnostic purposes. It should, therefore, only be interpreted as a first indication that further professional attention may need to be sought.
This book consists of two parts. Part One makes a plea to take more seriously children''s mental and emotional status, and the ways in which they relate to other children, their families, caregivers, communities and their broader environment. It also presents the rationale for introducing the UPSI-5 in programmes and policies benefiting children. Part Two explains in detail how to make best use of the UPSI-5.
Oud, niet out. Over ouderen met beperkingen en inclusie
Onze samenleving telt meer en meer ouderwordende personen met een verstandelijke beperking. Tegelijk met de relatief onbekende zorgvraag van ouderen met beperkingen en de handelingsverlegenheid die hieruit voortvloeit, wordt van iedereen die verantwoordelijk is of instaat voor de dagelijkse ondersteuning, verwacht – op grond van volwaardig burgerschap en kwaliteit van bestaan – een inclusief beleid te voeren.
Het boek brengt Europese, Amerikaanse en Vlaamse bijdragen samen, die vanuit verschillende perspectieven (overheid, voorzieningen uit de gehandicaptenzorg en reguliere diensten, gebruiker, academische wereld) inzoomen op kwaliteit van bestaan, beleidsopties, samenwerkingsverbanden, knelpunten en uitdagingen.
Het bevat voorbeelden van goede praktijken, uitdagingen en aanzetten tot antwoorden op tal van vragen.
De redacteuren zijn verbonden aan vzw Den Achtkanter, een dienstverleningscentrum voor volwassenen met verstandelijke beperkingen of met een niet-aangeboren hersenletsel in Kortrijk.
Johan Warnez, psycholoog, is er agogisch directeur. Hij is coauteur van diverse boeken. Nathalie Schepens, die een lerarenopleiding volgde, is er als stuurgroeplid verantwoordelijk voor de residentiële woonondersteuning. Caren Seynaeve, orthopedagoge, is er lid van de kwaliteitsunit.
Oud, niet out. Over ouderen met beperkingen en inclusie
Onze samenleving telt meer en meer ouderwordende personen met een verstandelijke beperking. Tegelijk met de relatief onbekende zorgvraag van ouderen met beperkingen en de handelingsverlegenheid die hieruit voortvloeit, wordt van iedereen die verantwoordelijk is of instaat voor de dagelijkse ondersteuning, verwacht – op grond van volwaardig burgerschap en kwaliteit van bestaan – een inclusief beleid te voeren.
Het boek brengt Europese, Amerikaanse en Vlaamse bijdragen samen, die vanuit verschillende perspectieven (overheid, voorzieningen uit de gehandicaptenzorg en reguliere diensten, gebruiker, academische wereld) inzoomen op kwaliteit van bestaan, beleidsopties, samenwerkingsverbanden, knelpunten en uitdagingen.
Het bevat voorbeelden van goede praktijken, uitdagingen en aanzetten tot antwoorden op tal van vragen.
De redacteuren zijn verbonden aan vzw Den Achtkanter, een dienstverleningscentrum voor volwassenen met verstandelijke beperkingen of met een niet-aangeboren hersenletsel in Kortrijk.
Johan Warnez, psycholoog, is er agogisch directeur. Hij is coauteur van diverse boeken. Nathalie Schepens, die een lerarenopleiding volgde, is er als stuurgroeplid verantwoordelijk voor de residentiële woonondersteuning. Caren Seynaeve, orthopedagoge, is er lid van de kwaliteitsunit.
Sensopathisch spel
Kinderen kliederen graag met zand, water, verf, klei,… Ze zijn immers erg op hun zintuigen gericht. Ze willen bekijken, horen, proeven, ruiken en vooral ook betasten.
Dit boek gaat over het zintuiglijke beleven van alledaagse materialen op een speelse manier, d.i. het sensopathisch spel. Het wordt te weinig aangeboden aan jonge kinderen, omdat ze wel eens ‘rommel’ maken. Jammer, want kinderen leren veel van dat kliederen.
Het eerste deel legt uit wat sensopathisch spel inhoudt en wat de functie ervan is voor kinderen en wat ze ermee kunnen leren. Het tweede deel geeft aan hoe je het in de praktijk doet en biedt tal van voorbeelden van daadwerkelijk spel.
Iedereen die met kinderen speelt, vindt hier originele inspiratie.
Sharon Vleugel-Ruissen is opgeleid tot leerkracht basisonderwijs. Ze werkt bij diverse scholen. Zij volgde ook een opleiding voor spelbegeleidster en ze was actief in de zorg voor kinderen met een beperking.
"aantrekkelijk en praktisch boek"
Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 37)
Sensopathisch spel
Kinderen kliederen graag met zand, water, verf, klei,… Ze zijn immers erg op hun zintuigen gericht. Ze willen bekijken, horen, proeven, ruiken en vooral ook betasten.
Dit boek gaat over het zintuiglijke beleven van alledaagse materialen op een speelse manier, d.i. het sensopathisch spel. Het wordt te weinig aangeboden aan jonge kinderen, omdat ze wel eens ‘rommel’ maken. Jammer, want kinderen leren veel van dat kliederen.
Het eerste deel legt uit wat sensopathisch spel inhoudt en wat de functie ervan is voor kinderen en wat ze ermee kunnen leren. Het tweede deel geeft aan hoe je het in de praktijk doet en biedt tal van voorbeelden van daadwerkelijk spel.
Iedereen die met kinderen speelt, vindt hier originele inspiratie.
Sharon Vleugel-Ruissen is opgeleid tot leerkracht basisonderwijs. Ze werkt bij diverse scholen. Zij volgde ook een opleiding voor spelbegeleidster en ze was actief in de zorg voor kinderen met een beperking.
"aantrekkelijk en praktisch boek"
Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 37)

