Filter
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Seksualiteit in de jeugdfase vroeger en nu. Ouders en jongeren aan het woord

 17,00
Algemeen wordt aangenomen dat ouders hun kinderen tegenwoordig vrijer opvoeden dan zijzelf zijn opgevoed. Maar hoe de seksuele opvoedingswaarden en -praktijken er nu uit zien en hoe jongeren en ouders de opvoeding op dit gebied waarderen, is onbekend. Evenmin is duidelijk hoe de jeugd de seksuele vrijheid zelf beleeft. Janita Ravesloot heeft die vragen over de verandering van de betekenis van seksualiteit voor en na de ''culturele seksuele revolutie'' beantwoord door meer dan honderd jongeren en hun ouders aan het woord te laten. Daardoor kreeg ze inzicht in de wijze waarop in gezinnen om wordt gegaan met seksualiteit, kon ze horen hoe ouders met hun kinderen over seksualiteit spreken en spraken en kon ze de verschillende perspectieven binnen gezinnen vergelijken. Een van haar conclusies is o.a. dat in het `moderne gezin'' in principe alles ter discussie staat, maar dat de seksuele opvoeding over het algemeen gekenmerkt wordt door non-interventie. Verder moet ze constateren dat er nog steeds een sekse-specifieke verdeling in de opvoeding bestaat op dit terrein. Met deze studie heeft Janita Ravesloot de kennislacune gevuld over de subjectieve kanten van het proces van seksuele volwassenwording van de hedendaagse jeugd en hun ouders. Janita Ravesloot is verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Leiden.

Placeholder Image
Quick View

Seksualiteit in de jeugdfase vroeger en nu. Ouders en jongeren aan het woord

 17,00
Algemeen wordt aangenomen dat ouders hun kinderen tegenwoordig vrijer opvoeden dan zijzelf zijn opgevoed. Maar hoe de seksuele opvoedingswaarden en -praktijken er nu uit zien en hoe jongeren en ouders de opvoeding op dit gebied waarderen, is onbekend. Evenmin is duidelijk hoe de jeugd de seksuele vrijheid zelf beleeft. Janita Ravesloot heeft die vragen over de verandering van de betekenis van seksualiteit voor en na de ''culturele seksuele revolutie'' beantwoord door meer dan honderd jongeren en hun ouders aan het woord te laten. Daardoor kreeg ze inzicht in de wijze waarop in gezinnen om wordt gegaan met seksualiteit, kon ze horen hoe ouders met hun kinderen over seksualiteit spreken en spraken en kon ze de verschillende perspectieven binnen gezinnen vergelijken. Een van haar conclusies is o.a. dat in het `moderne gezin'' in principe alles ter discussie staat, maar dat de seksuele opvoeding over het algemeen gekenmerkt wordt door non-interventie. Verder moet ze constateren dat er nog steeds een sekse-specifieke verdeling in de opvoeding bestaat op dit terrein. Met deze studie heeft Janita Ravesloot de kennislacune gevuld over de subjectieve kanten van het proces van seksuele volwassenwording van de hedendaagse jeugd en hun ouders. Janita Ravesloot is verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Leiden.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De etnisch-culturele positie van de tweede generatie Surinamers

 14,75
Kunnen kinderen van Surinamers, Turken en Marokkanen in Nederland eigenlijk wel tot de 'etnische minderheden' gerekend worden? In dit boek doet Anja van Heelsum verslag van een onderzoek onder tweede-generatie Surinamers in Amsterdam. Zij vraagt zich daarbij af welke positie zij innemen en hoe die gemeten kan worden.

Uit de resultaten wordt duidelijk dat de integratie van Surinamers veel sneller plaatsvindt dan wel gedacht wordt. Zo blijkt bijvoorbeeld dat tweede-generatie Surinamers een vergelijkbaar opleidingsniveau hebben al hun Nederlandse leeftijdgenoten. Helt problematische beeld van minderheden in de Nederlandse samenleving komt daarmee onder druk te staan.

Het onderzoek is niet alleen interessant vanwege deze belangrijke conclusie, maar het biedt ook een grondige en uitgebreide methodische en theoretische onderbouwing van het operationaliseringsproces van de etnisch-culturele positie.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

De etnisch-culturele positie van de tweede generatie Surinamers

 14,75
Kunnen kinderen van Surinamers, Turken en Marokkanen in Nederland eigenlijk wel tot de 'etnische minderheden' gerekend worden? In dit boek doet Anja van Heelsum verslag van een onderzoek onder tweede-generatie Surinamers in Amsterdam. Zij vraagt zich daarbij af welke positie zij innemen en hoe die gemeten kan worden.

Uit de resultaten wordt duidelijk dat de integratie van Surinamers veel sneller plaatsvindt dan wel gedacht wordt. Zo blijkt bijvoorbeeld dat tweede-generatie Surinamers een vergelijkbaar opleidingsniveau hebben al hun Nederlandse leeftijdgenoten. Helt problematische beeld van minderheden in de Nederlandse samenleving komt daarmee onder druk te staan.

Het onderzoek is niet alleen interessant vanwege deze belangrijke conclusie, maar het biedt ook een grondige en uitgebreide methodische en theoretische onderbouwing van het operationaliseringsproces van de etnisch-culturele positie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Veelsoortig assortiment. Allochtoon ondernemerschap in Amsterdam als incorporatietraject 1965-1995

 15,75
De immigrantengroepen die de afgelopen dertig jaar Nederland zijn binnengekomen, zijn op verschillende manieren gaan deelnemen aan het economisch verkeer: als werknemer en tegenwoordig ook steeds meer als zelfstandig ondernemer. Volgens August Choenni leert de ervaring in Amsterdam dat de weg van het starten van een onderneming om zo een eigen plek in de samenleving te vinden, niet voor alle die groepen dezelfde mogelijkheden biedt. Hij is dit nagegaan voor de Egyptenaren, Patkistani, Turken, Marokkanen, Surinamers en Antillianen in de hoofdstad. Zijn conclusie is dat er bij deze groepen sprake is van verschillende achtergronden die er voor zorgen dat er gesproken kon worden van een veelsoortig assortiment.

Placeholder Image
Quick View

Veelsoortig assortiment. Allochtoon ondernemerschap in Amsterdam als incorporatietraject 1965-1995

 15,75
De immigrantengroepen die de afgelopen dertig jaar Nederland zijn binnengekomen, zijn op verschillende manieren gaan deelnemen aan het economisch verkeer: als werknemer en tegenwoordig ook steeds meer als zelfstandig ondernemer. Volgens August Choenni leert de ervaring in Amsterdam dat de weg van het starten van een onderneming om zo een eigen plek in de samenleving te vinden, niet voor alle die groepen dezelfde mogelijkheden biedt. Hij is dit nagegaan voor de Egyptenaren, Patkistani, Turken, Marokkanen, Surinamers en Antillianen in de hoofdstad. Zijn conclusie is dat er bij deze groepen sprake is van verschillende achtergronden die er voor zorgen dat er gesproken kon worden van een veelsoortig assortiment.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Interculturele communicatie in het onderwijs

 7,44
INTERCULTURELE COMMUNICATIE IN HET ONDER

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Interculturele communicatie in het onderwijs

 7,44
INTERCULTURELE COMMUNICATIE IN HET ONDER

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Air-conditioned lifestyle. Nieuwe rijken in Jakarta

 13,80
Dit boek gaat over de ''Orang Kaya Baru'', de nieuwe rijken van het moderne Jakarta (Indonesië). Zij vormen de bovenste laag van de middenklasse, die in het midden van de jaren zestig is ontstaan na de explosieve economische ontwikkeling, die door Soeharto''s autoritaire ''Orde Baru'' (Nieuwe Orde) in gang is gezet. Deze snel groeiende middenklasse jogt voor het werk, consumeert afwisselend fastfood en health food en kijkt ''s avonds onderuitgezakt voor de buis naar soaps, waarin joggen, fastfood en moderne relatieperikelen centraal staan. Een ogenschijnlijk universele manier van leven, vol met de voortbrengselen van de moderne massaproductie. Dit consumptiepatroon is een relatief nieuw fenomeen in deze niet-westerse culturen. Daar zijn het vaak de ''nouveaux riches'' die dit fenomeen het eerst en het hevigst omarmen, want alleen door hun consumptiegedrag kunnen zij zich van de rest van de samenleving onderscheiden; kenmerkend voor de oude elite is immers haar aristocratische afkomst en opstelling. De moderne consumptie is zo een ideale uitdrukking voor de nieuwe sociale status van de zich gestaag uitbreidende middenklasse. De ''Orang Kaya Baru'' is het meest gebaat bij de stabiliteit en overzichtelijkheid, die door de economische politiek van de ''Orde Baru'' is ontstaan; zij hebben veel te verliezen. Lizzy van Leeuwen is jurist en antropoloog en thans werkzaam bij de Gemeente Amsterdam.

Quick View

Air-conditioned lifestyle. Nieuwe rijken in Jakarta

 13,80
Dit boek gaat over de ''Orang Kaya Baru'', de nieuwe rijken van het moderne Jakarta (Indonesië). Zij vormen de bovenste laag van de middenklasse, die in het midden van de jaren zestig is ontstaan na de explosieve economische ontwikkeling, die door Soeharto''s autoritaire ''Orde Baru'' (Nieuwe Orde) in gang is gezet. Deze snel groeiende middenklasse jogt voor het werk, consumeert afwisselend fastfood en health food en kijkt ''s avonds onderuitgezakt voor de buis naar soaps, waarin joggen, fastfood en moderne relatieperikelen centraal staan. Een ogenschijnlijk universele manier van leven, vol met de voortbrengselen van de moderne massaproductie. Dit consumptiepatroon is een relatief nieuw fenomeen in deze niet-westerse culturen. Daar zijn het vaak de ''nouveaux riches'' die dit fenomeen het eerst en het hevigst omarmen, want alleen door hun consumptiegedrag kunnen zij zich van de rest van de samenleving onderscheiden; kenmerkend voor de oude elite is immers haar aristocratische afkomst en opstelling. De moderne consumptie is zo een ideale uitdrukking voor de nieuwe sociale status van de zich gestaag uitbreidende middenklasse. De ''Orang Kaya Baru'' is het meest gebaat bij de stabiliteit en overzichtelijkheid, die door de economische politiek van de ''Orde Baru'' is ontstaan; zij hebben veel te verliezen. Lizzy van Leeuwen is jurist en antropoloog en thans werkzaam bij de Gemeente Amsterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Money be man

door
 12,39
Health care policy should be based on understanding of what takes place at the community level. This study explores how people in a coastal village in Ghana perceive and use modern pharmaceuticals. In this G speaking community, 35 kilometers from the capital, there are no proper health care facilities. Most people purchase their medicines in two drugstores which sell products that they are not supposed to sell according to government rules. The author focuses on local perceptions of anatomy and etiology and on people's health expenditure. His book is a search for- the social and cultural basis of the popularity of pharmaceuticals. "Money be man", an inscription on a local lorry, captures the villagers' main concern: without money one cannot remain healthy.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Money be man

door
 12,39
Health care policy should be based on understanding of what takes place at the community level. This study explores how people in a coastal village in Ghana perceive and use modern pharmaceuticals. In this G speaking community, 35 kilometers from the capital, there are no proper health care facilities. Most people purchase their medicines in two drugstores which sell products that they are not supposed to sell according to government rules. The author focuses on local perceptions of anatomy and etiology and on people's health expenditure. His book is a search for- the social and cultural basis of the popularity of pharmaceuticals. "Money be man", an inscription on a local lorry, captures the villagers' main concern: without money one cannot remain healthy.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Reacties op racistisch geweld

 7,44
REACTIES OP RACISTISCH GEWELD

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Reacties op racistisch geweld

 7,44
REACTIES OP RACISTISCH GEWELD

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Bestrijding van vooroordeel, discriminatie en racisme

door
 7,44
BESTRIJDING VAN VOOROORDEEL, DISCRIMINAT

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Bestrijding van vooroordeel, discriminatie en racisme

door
 7,44
BESTRIJDING VAN VOOROORDEEL, DISCRIMINAT

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Europa: ja, nee, geen mening. Europese gezindheid in Nederland

 6,20
Waar dit boek over gaat

Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.

De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Europa: ja, nee, geen mening. Europese gezindheid in Nederland

 6,20
Waar dit boek over gaat

Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.

De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Income and wealth inequality in the Netherlands 16th-20th century

 29,50
The ''new inequality'' of the 1980''s and 1990''s has recently given rise to a lively debate about the relationship between economic growth and income distribution. This debate is the background of the study by Lee Soltow an Jan Luiten van Zanden, who, staying close to the sources, have mapped in some detail the long-term development of income and wealth inequality in the Netherlands between c. 1500 and the present. Their starting point is the hypothesis of Simon Kuznets that income inequality increased during the first phase of modern economic growth, but that in the second phase, which begins in most Western countries around the turn of the twentieth century, a marked levelling out of income differences followed. The development of inequality during the Golden Age, when growth resulted in a marked increase in inequality seems to confirm this idea. However, the analysis of the connection between growth and inequality in the nineteenth and twentieth century leads them to question the Kuznets hypothesis. Lee Soltow is professor of Economics at Ohio University (Athens). Among his publications on the subject are: ''Distribution of wealth and income in the United States in 1978'' (1989) and ''Men and wealth in the United States 1850-1870'' (1975). Jan Luiten van Zanden is professor of Economic and Social History at Utrecht University (the Netherlands). Among his publications on the subject are: ''The economic history of the Netherlands 1914-1955: a small open economy in the ''long'' twentieth century'' (1998). ''The economic development of the Netherlands since 1870'' (1996) and ''The rise and decline of Holland''s economy: merchant capitalism and the labour market'' (1993).

Quick View

Income and wealth inequality in the Netherlands 16th-20th century

 29,50
The ''new inequality'' of the 1980''s and 1990''s has recently given rise to a lively debate about the relationship between economic growth and income distribution. This debate is the background of the study by Lee Soltow an Jan Luiten van Zanden, who, staying close to the sources, have mapped in some detail the long-term development of income and wealth inequality in the Netherlands between c. 1500 and the present. Their starting point is the hypothesis of Simon Kuznets that income inequality increased during the first phase of modern economic growth, but that in the second phase, which begins in most Western countries around the turn of the twentieth century, a marked levelling out of income differences followed. The development of inequality during the Golden Age, when growth resulted in a marked increase in inequality seems to confirm this idea. However, the analysis of the connection between growth and inequality in the nineteenth and twentieth century leads them to question the Kuznets hypothesis. Lee Soltow is professor of Economics at Ohio University (Athens). Among his publications on the subject are: ''Distribution of wealth and income in the United States in 1978'' (1989) and ''Men and wealth in the United States 1850-1870'' (1975). Jan Luiten van Zanden is professor of Economic and Social History at Utrecht University (the Netherlands). Among his publications on the subject are: ''The economic history of the Netherlands 1914-1955: a small open economy in the ''long'' twentieth century'' (1998). ''The economic development of the Netherlands since 1870'' (1996) and ''The rise and decline of Holland''s economy: merchant capitalism and the labour market'' (1993).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Vroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in AmsterdamVroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in Amsterdam
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in Amsterdam

 17,35
In de achttiende eeuw is de verloskunde als academische discipline gevestigd en valt gelijktijdig de opkomst waar te nemen van de mannelijke verloskundige: de vroedmeester. Deze ontwikkelingen worden wel als de 'verloskundige revolutie' aangeduid. In dit kader past ook het vestigen van de verloskunde als apart specialisme, wat in ons land voor het eerst in Amsterdam gebeurde. In 1946 werd daar het vroedmeesterschap losgemaakt van de uitoefening van de algemene heelmeesterpraktijk en gebonden aan een apart examen. In de meeste westerse landen hebben de vroedvrouwen sedertdien flink terrein verloren en is de klinische bevalling regel geworden. De grotere rol van de mannelijke verloskundige heeft geleid tot een toename van medische interventies in de tot dan toe door vroedvrouwen beheerste verloskundige praktijk. Op dit patroon vormt Nederland een uitzondering. De thuisbevalling is hier veel vaker blijven voorkomen dan elders, terwijl de medicalisering van de verloskunde minder ver is voortgeschreden. Kenmerkend voor ons land is juist de sterke positie van de vroedvrouw en de met haar verbonden bevallingscultuur. De wortels daarvan zijn reeds in de achttiende eeuw zichtbaar, zoals in dit boek wordt geschetst. Centraal staat een tweetal grote conflicten die in Amsterdam tussen 1746 en 1805 rond het vroedmeesterschap en de toegang tot de vroedmarkt zijn uitgevochten.

Geen voorraad
Vroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in AmsterdamVroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in Amsterdam
Quick View

Vroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in Amsterdam

 17,35
In de achttiende eeuw is de verloskunde als academische discipline gevestigd en valt gelijktijdig de opkomst waar te nemen van de mannelijke verloskundige: de vroedmeester. Deze ontwikkelingen worden wel als de 'verloskundige revolutie' aangeduid. In dit kader past ook het vestigen van de verloskunde als apart specialisme, wat in ons land voor het eerst in Amsterdam gebeurde. In 1946 werd daar het vroedmeesterschap losgemaakt van de uitoefening van de algemene heelmeesterpraktijk en gebonden aan een apart examen. In de meeste westerse landen hebben de vroedvrouwen sedertdien flink terrein verloren en is de klinische bevalling regel geworden. De grotere rol van de mannelijke verloskundige heeft geleid tot een toename van medische interventies in de tot dan toe door vroedvrouwen beheerste verloskundige praktijk. Op dit patroon vormt Nederland een uitzondering. De thuisbevalling is hier veel vaker blijven voorkomen dan elders, terwijl de medicalisering van de verloskunde minder ver is voortgeschreden. Kenmerkend voor ons land is juist de sterke positie van de vroedvrouw en de met haar verbonden bevallingscultuur. De wortels daarvan zijn reeds in de achttiende eeuw zichtbaar, zoals in dit boek wordt geschetst. Centraal staat een tweetal grote conflicten die in Amsterdam tussen 1746 en 1805 rond het vroedmeesterschap en de toegang tot de vroedmarkt zijn uitgevochten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Verkoop van de politiek. De verkiezingscampagne van 1994

 17,00
De verkiezingen van mei 1994 hebben op het partijpolitieke front een kleine aardverschuiving te zien gegeven. De gevoelige verliezen van het CDA en de PvdA en de winst van D66 en de VVD hebben Nederland in vierstromenland veranderd, voldoende reden de campagne van een nader onderzoek te onderwerpen. Het belang van de media is sterk toegenomen. In de campagne van 1994 had het NOS-journaal niet langer het monopolie, speelden lokale zenders voor het eerst een rol en was er veel aandacht voor persoonlijke conflicten tussen politici. De keuze die de kiezers maken komt niet of nauwelijks tot stand op basis van eigen waarneming van het doen en laten van politieke partijen. De massamedia vormen de onmisbare schakel tussen partijen en kiezers. Wat tot de kiezer komt is het resultaat van een intensief interactieproces tussen media en politiek. De analyse van dit delicate proces is het onderwerp van dit boek. In het eerste deel komen de campagneleiders zelf aan het woord. De geschreven pers en de televisie staan centraal in de volgende twee delen. Ten slotte wordt ingegaan op de vraag of er sprake is van "veramerikanisering" van de campagne en wordt aandacht besteed aan het groeiende wantrouwen tussen media en politiek. Kees Brants en Philip van Praag jr. zijn beiden verbonden aan de faculteit PSCW van de Universiteit van Amsterdam.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Verkoop van de politiek. De verkiezingscampagne van 1994

 17,00
De verkiezingen van mei 1994 hebben op het partijpolitieke front een kleine aardverschuiving te zien gegeven. De gevoelige verliezen van het CDA en de PvdA en de winst van D66 en de VVD hebben Nederland in vierstromenland veranderd, voldoende reden de campagne van een nader onderzoek te onderwerpen. Het belang van de media is sterk toegenomen. In de campagne van 1994 had het NOS-journaal niet langer het monopolie, speelden lokale zenders voor het eerst een rol en was er veel aandacht voor persoonlijke conflicten tussen politici. De keuze die de kiezers maken komt niet of nauwelijks tot stand op basis van eigen waarneming van het doen en laten van politieke partijen. De massamedia vormen de onmisbare schakel tussen partijen en kiezers. Wat tot de kiezer komt is het resultaat van een intensief interactieproces tussen media en politiek. De analyse van dit delicate proces is het onderwerp van dit boek. In het eerste deel komen de campagneleiders zelf aan het woord. De geschreven pers en de televisie staan centraal in de volgende twee delen. Ten slotte wordt ingegaan op de vraag of er sprake is van "veramerikanisering" van de campagne en wordt aandacht besteed aan het groeiende wantrouwen tussen media en politiek. Kees Brants en Philip van Praag jr. zijn beiden verbonden aan de faculteit PSCW van de Universiteit van Amsterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen