Kolom Kortom. Kolomscholen en Afkortingen- en websitegids voor onderwijs en jeugdzorg Amsterdam en omstreken
Vliegen de afkortingen je bij besprekingen ook wel eens om de oren? Moet je je vaak door documenten met vreemde lettercombinaties worstelen? Kortom, vraag jij je wel eens af hoe je kunt overleven in die afkortingensoep?
Met deze gids zit je snel op het goede spoor. De afkortingen die aan bod komen, zijn vooral afkomstig uit het primair, voortgezet en speciaal onderwijs met bijzondere aandacht voor de regio Amsterdam. Naast gangbare afkortingen wordt stilgestaan bij alle Kolomscholen en bevat het boek een lijst met interessante websites over kinderen, onderwijs en jeugdzorg.
Deze uitgave is een initiatief van Kolom, Stichting voor Speciaal Onderwijs met vestigingen in Amsterdam en Haarlem.
Kolom Kortom. Kolomscholen en Afkortingen- en websitegids voor onderwijs en jeugdzorg Amsterdam en omstreken
Vliegen de afkortingen je bij besprekingen ook wel eens om de oren? Moet je je vaak door documenten met vreemde lettercombinaties worstelen? Kortom, vraag jij je wel eens af hoe je kunt overleven in die afkortingensoep?
Met deze gids zit je snel op het goede spoor. De afkortingen die aan bod komen, zijn vooral afkomstig uit het primair, voortgezet en speciaal onderwijs met bijzondere aandacht voor de regio Amsterdam. Naast gangbare afkortingen wordt stilgestaan bij alle Kolomscholen en bevat het boek een lijst met interessante websites over kinderen, onderwijs en jeugdzorg.
Deze uitgave is een initiatief van Kolom, Stichting voor Speciaal Onderwijs met vestigingen in Amsterdam en Haarlem.
International Journal of Child and Family Welfare (IJCFW) 2015 – Jrg 16 – Nr 1/2
Supporting children when providing services to families experiencing multiple problems: Perspectives and evidence.
Recently, there has been growing interest amongst researchers, practitioners and policy-makers in approaches to understanding and ways of helping parents, children and the communities in which they live to respond to families experiencing multiple problems (FEMPs). There is a strong need for information - both descriptive in terms of the services actually offered directly to children as well as their ability to benefit from the services provided to the whole family, and also evaluative, with a focus on outcomes. Motivated by the need for practice-oriented knowledge this special issue was prepared.
The contributions have been divided into two parts; the first part focusing on perspectives on helping these families with special attention to the position and the interests of children; the second part covering empirical research on intervention programmes for FEMPs that support them in coping with daily struggles and challenges, and helping them to prevent unnecessary out-of-home placement of a child.
The (guest) editors: Jana Knot-Dickscheit, June Thoburn, Erik J. Knorth.
The authors: Erik J. Knorth, Jana Knot-Dickscheit, June Thoburn, Tim Tausendfreund, Brigid M. Daniel, Inge Busschers, Leonieke Boendermaker, Marian Brandon, Penny Sorensen, Sue Bailey, Sara Connolly, Sofia Rodrigues, Madalena Alarcão, Liliana Sousa, Anat Zeira, Cinzia Canali, Tiziano Vecchiato, Harm Damen, Jan W. Veerman
International Journal of Child and Family Welfare (IJCFW) 2015 – Jrg 16 – Nr 1/2
Supporting children when providing services to families experiencing multiple problems: Perspectives and evidence.
Recently, there has been growing interest amongst researchers, practitioners and policy-makers in approaches to understanding and ways of helping parents, children and the communities in which they live to respond to families experiencing multiple problems (FEMPs). There is a strong need for information - both descriptive in terms of the services actually offered directly to children as well as their ability to benefit from the services provided to the whole family, and also evaluative, with a focus on outcomes. Motivated by the need for practice-oriented knowledge this special issue was prepared.
The contributions have been divided into two parts; the first part focusing on perspectives on helping these families with special attention to the position and the interests of children; the second part covering empirical research on intervention programmes for FEMPs that support them in coping with daily struggles and challenges, and helping them to prevent unnecessary out-of-home placement of a child.
The (guest) editors: Jana Knot-Dickscheit, June Thoburn, Erik J. Knorth.
The authors: Erik J. Knorth, Jana Knot-Dickscheit, June Thoburn, Tim Tausendfreund, Brigid M. Daniel, Inge Busschers, Leonieke Boendermaker, Marian Brandon, Penny Sorensen, Sue Bailey, Sara Connolly, Sofia Rodrigues, Madalena Alarcão, Liliana Sousa, Anat Zeira, Cinzia Canali, Tiziano Vecchiato, Harm Damen, Jan W. Veerman
Buitenschoolse hulp en zorg op school: succes verzekerd!?
De indruk bestaat dat het gebruik van buitenschoolse hulp de voorbije jaren is gestegen.
Dat de buitenschoolse hulp zo’n groot ‘succes’ kent, lijkt moeilijk te rijmen
met de inspanningen om het zorgaanbod op school te versterken. In opdracht van
de Vlaamse overheid werd een grootschalig onderzoek opgezet met als doel de bestaande
praktijken inzake buitenschoolse hulp in kaart te brengen. Niet alleen bestudeerden
de onderzoekers de omvang en aard van de buitenschoolse hulp, ook
de rol en motieven van centrale actoren – zoals ouders, zorgverantwoordelijken en
CLB-medewerkers – in het besluitvormingsproces werden onder de loep genomen,
evenals de communicatie en afstemming tussen de buitenschoolse hulp en de zorg
op school. Ten slotte zochten de onderzoekers naar factoren die de verschillen in
het gebruik van buitenschoolse hulp kunnen verklaren. Ze gingen het effect na van
kenmerken van zorg op school en andere schoolkenmerken en onderzochten ook
het effect van kind-, SES- en migratiegerelateerde kenmerken op het gebruik van
buitenschoolse hulp.
De reflecties aangaande de bevindingen uit deze studie kaderen de auteurs binnen
drie centrale invalshoeken: (1) het model van geïntegreerde zorg op school en het
idee van het zorg- of ondersteuningscontinuüm, (2) de beweging naar medicalisering
van de hulpverlening en (3) het maatschappelijk perspectief van het in standhouden
en vergroten van sociale ongelijkheid van onderwijskansen.
Karine Verschueren is als gewoon hoogleraar verbonden aan de onderzoekseenheid
Schoolpsychologie en Ontwikkelingspsychologie van Kind en Adolescent van de KU
Leuven.
Elke Struyf is als hoogleraar onderwijskunde verbonden aan de Antwerp School
of Education en het departement Opleidings- en Onderwijswetenschappen van de
Universiteit Antwerpen.
Eleonora Vervoort behaalde in 2013 een doctoraat in de psychologie en werkte als
postdoctoraal onderzoeker aan de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen.
Kathleen Bodvin is werkzaam als wetenschappelijk medewerker aan de onderzoeksgroep
Edubron van de Universiteit Antwerpen.
Lucia De Haene is als docente verbonden aan de onderzoekseenheid Educatie,
Cultuur en Samenleving van de KU Leuven.
Buitenschoolse hulp en zorg op school: succes verzekerd!?
De indruk bestaat dat het gebruik van buitenschoolse hulp de voorbije jaren is gestegen.
Dat de buitenschoolse hulp zo’n groot ‘succes’ kent, lijkt moeilijk te rijmen
met de inspanningen om het zorgaanbod op school te versterken. In opdracht van
de Vlaamse overheid werd een grootschalig onderzoek opgezet met als doel de bestaande
praktijken inzake buitenschoolse hulp in kaart te brengen. Niet alleen bestudeerden
de onderzoekers de omvang en aard van de buitenschoolse hulp, ook
de rol en motieven van centrale actoren – zoals ouders, zorgverantwoordelijken en
CLB-medewerkers – in het besluitvormingsproces werden onder de loep genomen,
evenals de communicatie en afstemming tussen de buitenschoolse hulp en de zorg
op school. Ten slotte zochten de onderzoekers naar factoren die de verschillen in
het gebruik van buitenschoolse hulp kunnen verklaren. Ze gingen het effect na van
kenmerken van zorg op school en andere schoolkenmerken en onderzochten ook
het effect van kind-, SES- en migratiegerelateerde kenmerken op het gebruik van
buitenschoolse hulp.
De reflecties aangaande de bevindingen uit deze studie kaderen de auteurs binnen
drie centrale invalshoeken: (1) het model van geïntegreerde zorg op school en het
idee van het zorg- of ondersteuningscontinuüm, (2) de beweging naar medicalisering
van de hulpverlening en (3) het maatschappelijk perspectief van het in standhouden
en vergroten van sociale ongelijkheid van onderwijskansen.
Karine Verschueren is als gewoon hoogleraar verbonden aan de onderzoekseenheid
Schoolpsychologie en Ontwikkelingspsychologie van Kind en Adolescent van de KU
Leuven.
Elke Struyf is als hoogleraar onderwijskunde verbonden aan de Antwerp School
of Education en het departement Opleidings- en Onderwijswetenschappen van de
Universiteit Antwerpen.
Eleonora Vervoort behaalde in 2013 een doctoraat in de psychologie en werkte als
postdoctoraal onderzoeker aan de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen.
Kathleen Bodvin is werkzaam als wetenschappelijk medewerker aan de onderzoeksgroep
Edubron van de Universiteit Antwerpen.
Lucia De Haene is als docente verbonden aan de onderzoekseenheid Educatie,
Cultuur en Samenleving van de KU Leuven.
Alles is water. 2000 jaar Europese riviervaart
‘Les rivières sont des chemins qui marchent et qui portent où l’on veut aller’, schreef de Franse filosoof en wiskundige Pascal. Zijn Britse tijdgenoot, ‘the water poet’ John Taylor beschreef ze als the ‘cherishing veines of the body of every Countrey, Kingdome, and Nation’. Het zijn slechts enkele citaten die het aanzienlijk belang weergeven dat internationale rivieren en het gebruik ervan voor transportdoeleinden in de politieke en economische geschiedenis van Europa hebben gespeeld en tot op de dag van heden nog steeds spelen.
Dit boek analyseert deze geschiedenis over een periode van ruim 2000 jaar, van de tijd van de Romeinen tot op heden. Het beschrijft de eeuwenlange strijd tussen steden en staten om de heerschappij over de rivieren, met de meer dan 200 jaar durende sluiting van de Schelde als triest culminatiepunt en de ommekeer met het Scheldedecreet in 1792, in het zog van de Franse Revolutie, met afkondiging van vrije scheepvaart voor alle ingezetenen van oeverstaten. Het sindsdien in de internationale orde erkend beginsel van de belangengemeenschap van oeverstaten, heeft niet belet dat de strijd om het vrij gebruik van rivieren ononderbroken is verder gegaan. Sinds vijftig jaar zijn ook de Europese Instellingen zich in deze strijd gaan mengen en hebben zij er een nieuwe dimensie aan gegeven.
Marc De Decker studeerde rechten en maritieme wetenschappen. Sinds ruim dertig jaar is hij als advocaat en voorzitter van de Federatie van de Belgisch Binnenvaart nauw betrokken met de ontwikkelingen in de scheepvaart. Tevens is hij docent aan de UGent, waar hij de cursus European International River Law doceert. Hij schreef verschillende boeken en bijdragen over de riviervaart en ontving voor zijn boek over Europees Internationaal Rivierenrecht in 2015 de prijs van de Stichting François Génicot. Het huidige werk is het resultaat van vele jaren opzoekingswerk.
Alles is water. 2000 jaar Europese riviervaart
‘Les rivières sont des chemins qui marchent et qui portent où l’on veut aller’, schreef de Franse filosoof en wiskundige Pascal. Zijn Britse tijdgenoot, ‘the water poet’ John Taylor beschreef ze als the ‘cherishing veines of the body of every Countrey, Kingdome, and Nation’. Het zijn slechts enkele citaten die het aanzienlijk belang weergeven dat internationale rivieren en het gebruik ervan voor transportdoeleinden in de politieke en economische geschiedenis van Europa hebben gespeeld en tot op de dag van heden nog steeds spelen.
Dit boek analyseert deze geschiedenis over een periode van ruim 2000 jaar, van de tijd van de Romeinen tot op heden. Het beschrijft de eeuwenlange strijd tussen steden en staten om de heerschappij over de rivieren, met de meer dan 200 jaar durende sluiting van de Schelde als triest culminatiepunt en de ommekeer met het Scheldedecreet in 1792, in het zog van de Franse Revolutie, met afkondiging van vrije scheepvaart voor alle ingezetenen van oeverstaten. Het sindsdien in de internationale orde erkend beginsel van de belangengemeenschap van oeverstaten, heeft niet belet dat de strijd om het vrij gebruik van rivieren ononderbroken is verder gegaan. Sinds vijftig jaar zijn ook de Europese Instellingen zich in deze strijd gaan mengen en hebben zij er een nieuwe dimensie aan gegeven.
Marc De Decker studeerde rechten en maritieme wetenschappen. Sinds ruim dertig jaar is hij als advocaat en voorzitter van de Federatie van de Belgisch Binnenvaart nauw betrokken met de ontwikkelingen in de scheepvaart. Tevens is hij docent aan de UGent, waar hij de cursus European International River Law doceert. Hij schreef verschillende boeken en bijdragen over de riviervaart en ontving voor zijn boek over Europees Internationaal Rivierenrecht in 2015 de prijs van de Stichting François Génicot. Het huidige werk is het resultaat van vele jaren opzoekingswerk.
Jongereninformatie- en -advieswerk.
Jongeren hebben op hun weg naar volwassenheid informatiebehoeften en problemen die duidelijk verschillen van die van volwassenen. Deze specifieke behoefte wordt beïnvloed door de psychische en lichamelijke ontwikkeling van jongeren. De noodzakelijke informatie houdt verband met hun dagelijkse levenssituaties, om zich te oriënteren in hun leefwereld of keuzes te maken of om problemen op te lossen. In talrijke sectoren, die op grond van hun functie direct contact hebben met jongeren, zoals jeugdwerk, jeugdhulpverlening, bibliotheken, onderwijs enz. bestaat reeds lang aandacht voor deze informatie- en hulpvragen van kinderen en jongeren. Maar dit is vaak op een impliciete wijze.
In dit eerste handboek in het Nederlandse taalgebied worden alle aspecten van het jongereninformatie- en -advieswerk behandeld. Het focust op de doelgroep, de motiveringen, de diagnostiek en de hulpverleningsprincipes en -methodes van deze werkvorm in Nederland en Vlaanderen. De auteurs behandelen de ontwikkelingen en diverse visies op dit gebied, systematisch, geïntegreerd en allesomvattend. Het boek besteedt niet alleen aandacht aan de actuele praktijk, maar ook aan de evolutie van de jongereninformatie en adviesfunctie en aan mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Het is bestemd voor iedereen die, als professional of vrijwilliger, betrokken is bij jongereninformatie en -advies.
Willy Faché is emeritus hoogleraar sociale pedagogiek aan de Universiteit Gent. Hij richtte diverse jeugdinformatie- en adviescentra op, lokaal en nationaal. Hij was ook adviserend lid van de WHO – Working Group on Youth Advisory en adviseur bij het Committee of Experts on Youth Information in Europe bij de Raad van Europa.
Jongereninformatie- en -advieswerk.
Jongeren hebben op hun weg naar volwassenheid informatiebehoeften en problemen die duidelijk verschillen van die van volwassenen. Deze specifieke behoefte wordt beïnvloed door de psychische en lichamelijke ontwikkeling van jongeren. De noodzakelijke informatie houdt verband met hun dagelijkse levenssituaties, om zich te oriënteren in hun leefwereld of keuzes te maken of om problemen op te lossen. In talrijke sectoren, die op grond van hun functie direct contact hebben met jongeren, zoals jeugdwerk, jeugdhulpverlening, bibliotheken, onderwijs enz. bestaat reeds lang aandacht voor deze informatie- en hulpvragen van kinderen en jongeren. Maar dit is vaak op een impliciete wijze.
In dit eerste handboek in het Nederlandse taalgebied worden alle aspecten van het jongereninformatie- en -advieswerk behandeld. Het focust op de doelgroep, de motiveringen, de diagnostiek en de hulpverleningsprincipes en -methodes van deze werkvorm in Nederland en Vlaanderen. De auteurs behandelen de ontwikkelingen en diverse visies op dit gebied, systematisch, geïntegreerd en allesomvattend. Het boek besteedt niet alleen aandacht aan de actuele praktijk, maar ook aan de evolutie van de jongereninformatie en adviesfunctie en aan mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Het is bestemd voor iedereen die, als professional of vrijwilliger, betrokken is bij jongereninformatie en -advies.
Willy Faché is emeritus hoogleraar sociale pedagogiek aan de Universiteit Gent. Hij richtte diverse jeugdinformatie- en adviescentra op, lokaal en nationaal. Hij was ook adviserend lid van de WHO – Working Group on Youth Advisory en adviseur bij het Committee of Experts on Youth Information in Europe bij de Raad van Europa.
Praktische audiologie en audiometrie – 4de herziene uitgave
Van oudsher wordt de mens geboeid door het fenomeen ‘horen’ en in het bijzonder
het slecht of helemaal niet kunnen horen. De term audiologie refereert
dan ook aan die tak van de medische wetenschappen die zich bezig houdt met
de studie van het auditief stelsel in de breedst mogelijke zin. Een belangrijk aspect
van de audiologie is het evalueren en het kwantificeren van het gehoor: de audiometrie.
Omdat de moderne geneeskunde voorziet in een adequate behandeling voor
elk soort gehoorverlies, tot en met de totale doofheid, kan het belang van het correct
kwantificeren van dit gehoorverlies niet genoeg benadrukt worden.
Dit boek bespreekt systematisch en overzichtelijk de meest courante audiometrische
tests, van eenvoudige gehoordrempelbepalingen tot meer geavanceerde onderzoeken,
zoals: elektrocochleografie, geëvokeerde hersenstampotentialen (BERA),
oto-akoestische emissies en steady state auditief geëvokeerde responsen (A.S.S.R.).
Het schenkt ook aandacht aan screeningstechnieken, dit in het kader van de vroegtijdige
opsporing van gehoorstoornissen bij pasgeborenen en jonge kinderen. Er is
ook een hoofdstuk gewijd aan de evaluatie van oorsuizingen of tinnitus, een zeer
actuele topic.
Deze publicatie richt zich tot iedereen die begaan is met het gehoor en de evaluatie
ervan: artsen, logopedisten, audiologen, N.K.O.-verpleegkundigen en andere paramedische
beroepen.
Glen Forton volgde de opleiding geneeskunde en vervolgens de opleiding tot neus-,
keel- en oorarts aan de Universiteit Antwerpen, waar hij ook promoveerde. Hij is
revalidatie-arts. Momenteel is hij verbonden aan de dienst NKO van het fusieziekenhuis
AZ Delta in Roeselare, waar hij diensthoofd is en zich met de otologie en de
neuro-otologie bezig houdt. Daarnaast is hij consulent aan het Revalidatiecentrum
voor Taal- & Ontwikkelingsproblemen in Roeselare en het Centrum voor Ambulante
Revalidatie “Stappie” in Oostende. Hij is ook gastlector aan de Universiteit Antwerpen.
Bob Depuydt is logopedist en audioloog. Momenteel is hij zelfstandig gehoorprothesist
in Roeselare.
Peter Carton is hoofdaudioloog in de dienst NKO van het AZ Delta in Roeselare. Hij
is ook stagemeester voor de opleiding audiologie.
Paul Van de Heyning is diensthoofd NKO van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen
en gewoon hoogleraar NKO aan de Universiteit Antwerpen. Hij is auteur van talloze
publicaties in de internationale vakliteratuur en geniet internationale faam in zijn
domein.
Praktische audiologie en audiometrie – 4de herziene uitgave
Van oudsher wordt de mens geboeid door het fenomeen ‘horen’ en in het bijzonder
het slecht of helemaal niet kunnen horen. De term audiologie refereert
dan ook aan die tak van de medische wetenschappen die zich bezig houdt met
de studie van het auditief stelsel in de breedst mogelijke zin. Een belangrijk aspect
van de audiologie is het evalueren en het kwantificeren van het gehoor: de audiometrie.
Omdat de moderne geneeskunde voorziet in een adequate behandeling voor
elk soort gehoorverlies, tot en met de totale doofheid, kan het belang van het correct
kwantificeren van dit gehoorverlies niet genoeg benadrukt worden.
Dit boek bespreekt systematisch en overzichtelijk de meest courante audiometrische
tests, van eenvoudige gehoordrempelbepalingen tot meer geavanceerde onderzoeken,
zoals: elektrocochleografie, geëvokeerde hersenstampotentialen (BERA),
oto-akoestische emissies en steady state auditief geëvokeerde responsen (A.S.S.R.).
Het schenkt ook aandacht aan screeningstechnieken, dit in het kader van de vroegtijdige
opsporing van gehoorstoornissen bij pasgeborenen en jonge kinderen. Er is
ook een hoofdstuk gewijd aan de evaluatie van oorsuizingen of tinnitus, een zeer
actuele topic.
Deze publicatie richt zich tot iedereen die begaan is met het gehoor en de evaluatie
ervan: artsen, logopedisten, audiologen, N.K.O.-verpleegkundigen en andere paramedische
beroepen.
Glen Forton volgde de opleiding geneeskunde en vervolgens de opleiding tot neus-,
keel- en oorarts aan de Universiteit Antwerpen, waar hij ook promoveerde. Hij is
revalidatie-arts. Momenteel is hij verbonden aan de dienst NKO van het fusieziekenhuis
AZ Delta in Roeselare, waar hij diensthoofd is en zich met de otologie en de
neuro-otologie bezig houdt. Daarnaast is hij consulent aan het Revalidatiecentrum
voor Taal- & Ontwikkelingsproblemen in Roeselare en het Centrum voor Ambulante
Revalidatie “Stappie” in Oostende. Hij is ook gastlector aan de Universiteit Antwerpen.
Bob Depuydt is logopedist en audioloog. Momenteel is hij zelfstandig gehoorprothesist
in Roeselare.
Peter Carton is hoofdaudioloog in de dienst NKO van het AZ Delta in Roeselare. Hij
is ook stagemeester voor de opleiding audiologie.
Paul Van de Heyning is diensthoofd NKO van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen
en gewoon hoogleraar NKO aan de Universiteit Antwerpen. Hij is auteur van talloze
publicaties in de internationale vakliteratuur en geniet internationale faam in zijn
domein.
Ont-moeten. Ondersteuning van mensen in maatschappelijk kwetsbare leefsituaties
Hulpverleners komen steeds meer onder druk te staan. De intensieve informatiedoorstroming, de hoge verwachtingen om de problemen snel en zo efficiënt mogelijk op te lossen, het toenemend administratief werk en de hoge caseload (meer cliënten op korte tijd begeleiden) zijn een dagelijks gegeven. Er mag geen tijd ‘verspild’ worden. Nochtans is het net die zogenaamde verspilde tijd waarin hulpverleners tijd kunnen maken voor een gesprek of een spel met hun cliënt. Dit zijn momenten waarin niets moet en echte ont-moeting plaatsvindt. Op dergelijke micromomenten worden bouwstenen gelegd voor een warme, duurzame en wederkerige relatie in tijden van lief en leed. Deze samenwerkingsrelatie vormt immers het fundament om met de cliënt, die zich bevindt in een maatschappelijk kwetsbare levenssituatie, samen te zoeken hoe zijn levenskwaliteit kan toenemen.
In dit boeiend praktijkboek worden hulpverleners, management, cliënten en hun netwerk uitgenodigd om stil te staan bij deze samenwerkingsrelatie gekleurd door warmte, betrokkenheid en authenticiteit. De publicatie is gelardeerd met herkenbare praktijkvoorbeelden, handige tips en suggesties. Het is een boek waarin ongetwijfeld menig hulpverlener en cliënt zich zal herkennen. Het biedt bovendien concrete handvatten voor de praktijk, in het bijzonder voor hulpverleners in spe. Op een bevlogen wijze slaagt de auteur erin om hulpverleners uit te nodigen tot reflectie over het meest wezenlijke aspect van hun opdracht. Al wie dit leest, heeft zin om weer verder te gaan!
Vera Van Hove is docent Orthopedagogiek aan de Faculteit Mens en Welzijn van Hogeschool Gent. Ze was werkzaam in de sector voor personen met een verstandelijke beperking. Ze geeft geregeld praktijkgerichte voordrachten aan professionals en ouders.
Ont-moeten. Ondersteuning van mensen in maatschappelijk kwetsbare leefsituaties
Hulpverleners komen steeds meer onder druk te staan. De intensieve informatiedoorstroming, de hoge verwachtingen om de problemen snel en zo efficiënt mogelijk op te lossen, het toenemend administratief werk en de hoge caseload (meer cliënten op korte tijd begeleiden) zijn een dagelijks gegeven. Er mag geen tijd ‘verspild’ worden. Nochtans is het net die zogenaamde verspilde tijd waarin hulpverleners tijd kunnen maken voor een gesprek of een spel met hun cliënt. Dit zijn momenten waarin niets moet en echte ont-moeting plaatsvindt. Op dergelijke micromomenten worden bouwstenen gelegd voor een warme, duurzame en wederkerige relatie in tijden van lief en leed. Deze samenwerkingsrelatie vormt immers het fundament om met de cliënt, die zich bevindt in een maatschappelijk kwetsbare levenssituatie, samen te zoeken hoe zijn levenskwaliteit kan toenemen.
In dit boeiend praktijkboek worden hulpverleners, management, cliënten en hun netwerk uitgenodigd om stil te staan bij deze samenwerkingsrelatie gekleurd door warmte, betrokkenheid en authenticiteit. De publicatie is gelardeerd met herkenbare praktijkvoorbeelden, handige tips en suggesties. Het is een boek waarin ongetwijfeld menig hulpverlener en cliënt zich zal herkennen. Het biedt bovendien concrete handvatten voor de praktijk, in het bijzonder voor hulpverleners in spe. Op een bevlogen wijze slaagt de auteur erin om hulpverleners uit te nodigen tot reflectie over het meest wezenlijke aspect van hun opdracht. Al wie dit leest, heeft zin om weer verder te gaan!
Vera Van Hove is docent Orthopedagogiek aan de Faculteit Mens en Welzijn van Hogeschool Gent. Ze was werkzaam in de sector voor personen met een verstandelijke beperking. Ze geeft geregeld praktijkgerichte voordrachten aan professionals en ouders.
De nieuwe Grieken en Romeinen. Verrassende confrontaties met de klassieke oudheid (Kleio-reeks, nr. 1)
De klassieke oudheid leeft – al was het maar in de vorm van oneliners en oppervlakkige
vergelijkingen. Maar leeft de oudheid echt? Heeft zij nog iets wezenlijks te vertellen? Of
is ze een onherroepelijk vreemde plek geworden, een alibi zelfs? Is de oudheid misschien
wel interessant, maar al bij al weinig relevant?
Dit spitse boek begint waar de kreten en slogans eindigen, bij de nuancering. Het is nu
geschreven – dat kan nu eenmaal niet anders – en confronteert de lezer met Grieken en
Romeinen en hun ideeën en emoties. Verrassend? Herkenbaar? Verrassend herkenbaar?
Is de oudheid eindelijk dood of is ze alweer herboren? Beleven we het einde van een
cultuur of een nieuwe renaissance? Dit boek geeft een antwoord.
Patrick De Rynck studeerde klassieke talen. Hij werkt als freelancer in onder meer de
cultuur- en erfgoedsector, schreef en vertaalde een aantal boeken en recenseert publicaties
over de oudheid in de kranten De Standaard en De Morgen.
Toon Van Houdt is als classicus en cultuurhistoricus verbonden aan de KU Leuven, waar
hij onder meer receptiegeschiedenis van de Grieks-Romeinse oudheid doceert. Hij publiceert
geregeld voor een breed publiek in de tijdschriften Kleio en Streven.
De nieuwe Grieken en Romeinen. Verrassende confrontaties met de klassieke oudheid (Kleio-reeks, nr. 1)
De klassieke oudheid leeft – al was het maar in de vorm van oneliners en oppervlakkige
vergelijkingen. Maar leeft de oudheid echt? Heeft zij nog iets wezenlijks te vertellen? Of
is ze een onherroepelijk vreemde plek geworden, een alibi zelfs? Is de oudheid misschien
wel interessant, maar al bij al weinig relevant?
Dit spitse boek begint waar de kreten en slogans eindigen, bij de nuancering. Het is nu
geschreven – dat kan nu eenmaal niet anders – en confronteert de lezer met Grieken en
Romeinen en hun ideeën en emoties. Verrassend? Herkenbaar? Verrassend herkenbaar?
Is de oudheid eindelijk dood of is ze alweer herboren? Beleven we het einde van een
cultuur of een nieuwe renaissance? Dit boek geeft een antwoord.
Patrick De Rynck studeerde klassieke talen. Hij werkt als freelancer in onder meer de
cultuur- en erfgoedsector, schreef en vertaalde een aantal boeken en recenseert publicaties
over de oudheid in de kranten De Standaard en De Morgen.
Toon Van Houdt is als classicus en cultuurhistoricus verbonden aan de KU Leuven, waar
hij onder meer receptiegeschiedenis van de Grieks-Romeinse oudheid doceert. Hij publiceert
geregeld voor een breed publiek in de tijdschriften Kleio en Streven.
Goed Bezig Check-up. Blijf aan het stuur van je werkleven staan.
De Goed Bezig Check-up is eigenlijk een eenvoudig concept: net zoals met de jaarlijkse tandarts en autocontroles, waarom niet ook de tijd nemen om jaarlijks zijn werkleven te checken? Wat doe ik? Waarom doe ik dat? Welke keuze maak ik? Hoe blijf ik tevreden? De reflectieoefeningen worden begeleid aan de hand van 3 stappen en met behulp van 8 wegwijzers. Eerst wordt een inventaris opgemaakt van de voorbije periode. Goed bezig? In de tweede stap wordt stilgestaan bij hoe we het (ook wel) zouden willen, waar we meer rekening willen mee houden en waarom. Dat gieten we in een belofte aan onszelf. Tenslotte be-leven we in de derde stap wat we ons hebben voorgenomen. Anderen betrekken bij ons succes en on track blijven zijn dan nog meer aan de orde. Als bonus werden de wegwijzers herwerkt voor leidinggevenden zodat ze hun medewerkers kunnen inspireren en ondersteunen in hun jaarlijkse Goed Bezig Check-up.
Dit boek is bedoeld voor mensen die vooruit willen in hun werk-leven. Die niet als “slachtoffer” hun volgende stap willen laten afhangen van anderen maar weten dat zij de belangrijkste actor zijn in hun eigen verhaal. Die bereid zijn wat vroeger voor hen werkte maar nu niet meer zo succesvol is, te vervangen door nieuwe ideeën en hun “gouden kooi” durven te challengen. Die op die manier hun bijdrage willen leveren aan en voor een groter geheel.
"Veronika ken ik al jaren als een topcoach. Ze heeft nu ook een uitstekend boek geschreven. De Goed Bezig Check-up biedt een inspirerende en praktische handleiding voor eenieder die bewust(er) wil stilstaan bij zijn/haar leven."
Meredith Van Overloop, managing partner van Triangis.
"Ben ik wel goed bezig ? Om eerlijk te zijn: het is een vraag die ik me zelden expliciet stel. Zolang je graag doet wat je doet, en het gevoel hebt dat je op geregelde tijdstippen nog verrast wordt door je werk in het bijzonder en het leven in het algemeen, stel de vraag zich minder acuut.
Rondom mij zie ik helaas teveel mensen die zich niet meer in fase voelen met hun werk aan de ene kant, en met een evenwichtig leven aan de andere kant.
Ze hebben of ambities die ze niet kunnen of durven realiseren, of ze vinden de energie niet meer om wat hen verwacht wordt te doen, en er nog plezier aan te beleven ook.
Veronika Wuyts reikt vragen en opstapjes aan omdat evenwicht terug te vinden. Bij momenten confronterend, bij momenten logisch klinkend.
De finale boodschap is: neem je leven zélf in handen, voor een ander het voor jou doet.
Ik maak altijd graag de vergelijking met iemand die in water of sneeuw aan het schuiven is.
Wie zich dan schrap zet, riskeert iets te breken, wie soepel meegaat, komt misschien op onvermoede plekken.
Een inspirerende gids zoals dit boek, helpt bij die zoektocht."
Jan Hautekiet.
"Het boek “Goed Bezig Check-up” van Veronika Wuyts inspireert tot een jaarlijkse check up van je leven en loopbaan. Het boek biedt aansprekende tools voor onderzoek en actieplan voor een vervullende loopbaan. Het nodigt je uit om eerlijk naar jezelf te kijken, om concrete stappen te zetten om je levens- en loopbaandromen te realiseren en om hierin focus te houden. De check-up kan je zien als een mini retraite en een investering in je eigen levens- en werkgeluk. Ik ben ervan overtuigd dat deze check up bijdraagt aan duurzame bevlogenheid en inzetbaarheid. Het is vlot geschreven, toegankelijk en heeft een frisse en overzichtelijke vormgeving. Anders dan veel andere loopbaanboeken, beschouwt het boek de mens nadrukkelijk in zijn context: dat is een waardevolle toevoeging."
Annita Rogier, Stress en burn-out coach, loopbaancoach, trainer.
Na haar studies Politieke en Sociale Wetenschappen koos Veronika Wuyts om leren en ontwikkelen van mensen als focus te nemen van haar werkleven. Eerst als interne medewerker en sinds 2008 als zelfstandig professional coach, begeleidt ze coachees in het bewust worden van hun mogelijkheden en het beleven van de keuzes die daardoor ontstaan. Naast docente aan de EHSAL Management School, coacht ze in bedrijven als Telenet, Azelis, Grant Thornton, Tata Steel, Nestlé e.a.
Goed Bezig Check-up. Blijf aan het stuur van je werkleven staan.
De Goed Bezig Check-up is eigenlijk een eenvoudig concept: net zoals met de jaarlijkse tandarts en autocontroles, waarom niet ook de tijd nemen om jaarlijks zijn werkleven te checken? Wat doe ik? Waarom doe ik dat? Welke keuze maak ik? Hoe blijf ik tevreden? De reflectieoefeningen worden begeleid aan de hand van 3 stappen en met behulp van 8 wegwijzers. Eerst wordt een inventaris opgemaakt van de voorbije periode. Goed bezig? In de tweede stap wordt stilgestaan bij hoe we het (ook wel) zouden willen, waar we meer rekening willen mee houden en waarom. Dat gieten we in een belofte aan onszelf. Tenslotte be-leven we in de derde stap wat we ons hebben voorgenomen. Anderen betrekken bij ons succes en on track blijven zijn dan nog meer aan de orde. Als bonus werden de wegwijzers herwerkt voor leidinggevenden zodat ze hun medewerkers kunnen inspireren en ondersteunen in hun jaarlijkse Goed Bezig Check-up.
Dit boek is bedoeld voor mensen die vooruit willen in hun werk-leven. Die niet als “slachtoffer” hun volgende stap willen laten afhangen van anderen maar weten dat zij de belangrijkste actor zijn in hun eigen verhaal. Die bereid zijn wat vroeger voor hen werkte maar nu niet meer zo succesvol is, te vervangen door nieuwe ideeën en hun “gouden kooi” durven te challengen. Die op die manier hun bijdrage willen leveren aan en voor een groter geheel.
"Veronika ken ik al jaren als een topcoach. Ze heeft nu ook een uitstekend boek geschreven. De Goed Bezig Check-up biedt een inspirerende en praktische handleiding voor eenieder die bewust(er) wil stilstaan bij zijn/haar leven."
Meredith Van Overloop, managing partner van Triangis.
"Ben ik wel goed bezig ? Om eerlijk te zijn: het is een vraag die ik me zelden expliciet stel. Zolang je graag doet wat je doet, en het gevoel hebt dat je op geregelde tijdstippen nog verrast wordt door je werk in het bijzonder en het leven in het algemeen, stel de vraag zich minder acuut.
Rondom mij zie ik helaas teveel mensen die zich niet meer in fase voelen met hun werk aan de ene kant, en met een evenwichtig leven aan de andere kant.
Ze hebben of ambities die ze niet kunnen of durven realiseren, of ze vinden de energie niet meer om wat hen verwacht wordt te doen, en er nog plezier aan te beleven ook.
Veronika Wuyts reikt vragen en opstapjes aan omdat evenwicht terug te vinden. Bij momenten confronterend, bij momenten logisch klinkend.
De finale boodschap is: neem je leven zélf in handen, voor een ander het voor jou doet.
Ik maak altijd graag de vergelijking met iemand die in water of sneeuw aan het schuiven is.
Wie zich dan schrap zet, riskeert iets te breken, wie soepel meegaat, komt misschien op onvermoede plekken.
Een inspirerende gids zoals dit boek, helpt bij die zoektocht."
Jan Hautekiet.
"Het boek “Goed Bezig Check-up” van Veronika Wuyts inspireert tot een jaarlijkse check up van je leven en loopbaan. Het boek biedt aansprekende tools voor onderzoek en actieplan voor een vervullende loopbaan. Het nodigt je uit om eerlijk naar jezelf te kijken, om concrete stappen te zetten om je levens- en loopbaandromen te realiseren en om hierin focus te houden. De check-up kan je zien als een mini retraite en een investering in je eigen levens- en werkgeluk. Ik ben ervan overtuigd dat deze check up bijdraagt aan duurzame bevlogenheid en inzetbaarheid. Het is vlot geschreven, toegankelijk en heeft een frisse en overzichtelijke vormgeving. Anders dan veel andere loopbaanboeken, beschouwt het boek de mens nadrukkelijk in zijn context: dat is een waardevolle toevoeging."
Annita Rogier, Stress en burn-out coach, loopbaancoach, trainer.
Na haar studies Politieke en Sociale Wetenschappen koos Veronika Wuyts om leren en ontwikkelen van mensen als focus te nemen van haar werkleven. Eerst als interne medewerker en sinds 2008 als zelfstandig professional coach, begeleidt ze coachees in het bewust worden van hun mogelijkheden en het beleven van de keuzes die daardoor ontstaan. Naast docente aan de EHSAL Management School, coacht ze in bedrijven als Telenet, Azelis, Grant Thornton, Tata Steel, Nestlé e.a.
El nuevo modelo diagnóstico para el márketing
El nuevo modelo diagnóstico para el márketing
Keuzewijzer tussen thuiszorg en residentiële zorg
Keuzewijzer tussen thuiszorg en residentiële zorg
Gezinspedagogiek – Deel 1: Actuele thema’s in onderzoek en praktijk
Lieve V ANDEMEULEBROECKE is hoogleraar en hoofd van het Centrum voor Gezinspedagogiek van de KU Leuven. Hans VAN CROMBRUGGE doceert pedagogiek aan het Centrum voor Gezinswetenschappen in Brussel. Jan GERRIS is hoogleraar en hoofd van de Afdeling Gezinspedagogiek van de KU Nijmegen.
Gezinspedagogiek – Deel 1: Actuele thema’s in onderzoek en praktijk
Lieve V ANDEMEULEBROECKE is hoogleraar en hoofd van het Centrum voor Gezinspedagogiek van de KU Leuven. Hans VAN CROMBRUGGE doceert pedagogiek aan het Centrum voor Gezinswetenschappen in Brussel. Jan GERRIS is hoogleraar en hoofd van de Afdeling Gezinspedagogiek van de KU Nijmegen.
Taalbeschouwing op de basisschool – Reisgids met een leerlijn en 40 uitgewerkte lessen met tekstmaterialen
Taalbeschouwing is meer en anders dan de klassieke zins- en
woordontleding. Lesgevers hoeven echter niet afgeschrikt te worden
door dit relatief nieuwe begrip. Leerlingen moeten leren om vanuit
heel veel benaderingswijzen op eigen manieren naar taal te kijken.
Daarover gaat Taalbeschouwing op de basisschool.
De auteurs benaderen het fenomeen taalbeschouwing op twee manieren.
In het Basisboek overschouwen ze het veld en brengen ze de lezer vanuit
een aantal achtergronden en overwegingen tot bij de praktijk.
Dit boek, de Reisgids, vertrekt vanuit de praktijk. Het bevat een werkplan dat
de school kan gebruiken voor het opzetten en uitwerken van het onderdeel
taalbeschouwing, en een heleboel lessuggesties, telkens voorzien van uitdagend
en voor kinderen boeiend taalmateriaal.
Ides Callebaut doceert taal en taaldidactiek aan de Lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brugge Oostende, Marc Stevens aan de Lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brussel.
Taalbeschouwing op de basisschool – Reisgids met een leerlijn en 40 uitgewerkte lessen met tekstmaterialen
Taalbeschouwing is meer en anders dan de klassieke zins- en
woordontleding. Lesgevers hoeven echter niet afgeschrikt te worden
door dit relatief nieuwe begrip. Leerlingen moeten leren om vanuit
heel veel benaderingswijzen op eigen manieren naar taal te kijken.
Daarover gaat Taalbeschouwing op de basisschool.
De auteurs benaderen het fenomeen taalbeschouwing op twee manieren.
In het Basisboek overschouwen ze het veld en brengen ze de lezer vanuit
een aantal achtergronden en overwegingen tot bij de praktijk.
Dit boek, de Reisgids, vertrekt vanuit de praktijk. Het bevat een werkplan dat
de school kan gebruiken voor het opzetten en uitwerken van het onderdeel
taalbeschouwing, en een heleboel lessuggesties, telkens voorzien van uitdagend
en voor kinderen boeiend taalmateriaal.
Ides Callebaut doceert taal en taaldidactiek aan de Lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brugge Oostende, Marc Stevens aan de Lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brussel.
Leren zwemmen. Didactiek van het zwemonderwijs
Werner VAN ASSCHE doceert aan het Departement Lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Leuven.
Leren zwemmen. Didactiek van het zwemonderwijs
Werner VAN ASSCHE doceert aan het Departement Lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Leuven.
Verwantschap en verschil. Over de plaats van het gezin en de betekenis van het ouderschap in de moderne pedagogiek
Hans VAN CROMBRUGGE doceert aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen in Brussel.
Verwantschap en verschil. Over de plaats van het gezin en de betekenis van het ouderschap in de moderne pedagogiek
Hans VAN CROMBRUGGE doceert aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen in Brussel.
Taalbeschouwing op de basisschool. Basisboek
Ook in het onderwijs gaat men er meer en meer van uit dat het er in het werkelijke leven vooral op aankomt concrete situaties te kunnen aanpakken en beheersen.
In taalonderwijs gaat het er dan om dat je situaties leert beheersen door de manier waarop je je taal gebruikt. Taalgebruik wordt dus de kern van taalonderwijs en dus ook van taalbeschouwing.
De bedoeling is dat leerlingen hun eigen taalgebruik verbeteren door te kijken hoe zij en anderen taal gebruiken en door daarover na te denken. Of over hoe ze zich veel ellende kunnen besparen.
Wij vinden het ook ongelooflijk boeiend te zien en een beetje te begrijpen hoe wij taal gebruiken en hoe ons taalsysteem in elkaar zit. Taalbeschouwing is dan een vorm van wereldoriëntatie. Niet over konijnen of paardebloemen of de kledij in de middeleeuwen, maar over onszelf. Nadenken over taalbeschouwingsonderwijs kan niet zonder ook over taal zelf na te denken. Daarover kan de lezer in dit boek dus ook heel wat vinden.
Ides Callebaut en Sofie De Jonckheere doceren taal en taaldidactiek aan de lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brugge Oostende. Marc Stevens is verbonden aan de lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brussel.
Taalbeschouwing op de basisschool. Basisboek
Ook in het onderwijs gaat men er meer en meer van uit dat het er in het werkelijke leven vooral op aankomt concrete situaties te kunnen aanpakken en beheersen.
In taalonderwijs gaat het er dan om dat je situaties leert beheersen door de manier waarop je je taal gebruikt. Taalgebruik wordt dus de kern van taalonderwijs en dus ook van taalbeschouwing.
De bedoeling is dat leerlingen hun eigen taalgebruik verbeteren door te kijken hoe zij en anderen taal gebruiken en door daarover na te denken. Of over hoe ze zich veel ellende kunnen besparen.
Wij vinden het ook ongelooflijk boeiend te zien en een beetje te begrijpen hoe wij taal gebruiken en hoe ons taalsysteem in elkaar zit. Taalbeschouwing is dan een vorm van wereldoriëntatie. Niet over konijnen of paardebloemen of de kledij in de middeleeuwen, maar over onszelf. Nadenken over taalbeschouwingsonderwijs kan niet zonder ook over taal zelf na te denken. Daarover kan de lezer in dit boek dus ook heel wat vinden.
Ides Callebaut en Sofie De Jonckheere doceren taal en taaldidactiek aan de lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brugge Oostende. Marc Stevens is verbonden aan de lerarenopleiding van de Katholieke Hogeschool Brussel.
7 lessen in emotionele intelligentie. Met 26 oefeningen
Emotionele intelligentie komt steeds meer in de belangstelling. Om te slagen in het leven is er immers meer nodig dan de klassieke intelligentie, gemeten door de IQ-test. Jammer genoeg brengt de literatuur weinig oplossingen aan om de eigen emotionele intelligentie bewust uit te werken. Door hun jarenlange ervaring met opleidingen helpen de auteurs van dit boek de lezer om zijn emotionele intelligentie aan te scherpen, zowel in het privé-leven als in professionele context.
Dit boek reikt modellen aan uit de neurolinguïstiek om de relaties met anderen succesvol te laten verlopen, een beter evenwicht hierin te bereiken en meer plezier te beleven in het leven. De lezer vindt in dit boek hoe hij zijn leven beter in eigen handen kan nemen, hoe zijn emoties hem hierbij kunnen helpen en hoe hij met meer mensenkennis succesvoller door het leven kan gaan.
Het boek bevat een reeks praktische oefeningen en een werkplan om zich deze emotionele intelligentie op 14 dagen eigen te maken. Tevens biedt het uitgebreide referenties naar aanverwante literatuur, zowel in boeken als op het Internet.
Patrick E. Merlevede is handelsingenieur, richting beleidsinformatica (Faculteit Economische en Toegepaste Economische Wetenschappen) en master of science in artificial intelligence (Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetennschappen) KU Leuven. Hij specialiseerde zich verder in de neurolinguïstiek aan de NLP University in Santa Cruz, een onderdeel van de University of California. Momenteel staat hij aan het hoofd van ‘Acknowledge’, zijn eigen consulting bedrijf.
Rudy C. Vandamme is psycholoog, filosoof en antropoloog. Hij volgde allerhande opleidingen in neuro-linguistiek en is erkend door de Internationale Associatie als NLP-trainer.
7 lessen in emotionele intelligentie. Met 26 oefeningen
Emotionele intelligentie komt steeds meer in de belangstelling. Om te slagen in het leven is er immers meer nodig dan de klassieke intelligentie, gemeten door de IQ-test. Jammer genoeg brengt de literatuur weinig oplossingen aan om de eigen emotionele intelligentie bewust uit te werken. Door hun jarenlange ervaring met opleidingen helpen de auteurs van dit boek de lezer om zijn emotionele intelligentie aan te scherpen, zowel in het privé-leven als in professionele context.
Dit boek reikt modellen aan uit de neurolinguïstiek om de relaties met anderen succesvol te laten verlopen, een beter evenwicht hierin te bereiken en meer plezier te beleven in het leven. De lezer vindt in dit boek hoe hij zijn leven beter in eigen handen kan nemen, hoe zijn emoties hem hierbij kunnen helpen en hoe hij met meer mensenkennis succesvoller door het leven kan gaan.
Het boek bevat een reeks praktische oefeningen en een werkplan om zich deze emotionele intelligentie op 14 dagen eigen te maken. Tevens biedt het uitgebreide referenties naar aanverwante literatuur, zowel in boeken als op het Internet.
Patrick E. Merlevede is handelsingenieur, richting beleidsinformatica (Faculteit Economische en Toegepaste Economische Wetenschappen) en master of science in artificial intelligence (Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetennschappen) KU Leuven. Hij specialiseerde zich verder in de neurolinguïstiek aan de NLP University in Santa Cruz, een onderdeel van de University of California. Momenteel staat hij aan het hoofd van ‘Acknowledge’, zijn eigen consulting bedrijf.
Rudy C. Vandamme is psycholoog, filosoof en antropoloog. Hij volgde allerhande opleidingen in neuro-linguistiek en is erkend door de Internationale Associatie als NLP-trainer.
Financieel beheer voor managers
Ludo POELAERT is senior management consultant bij Team Consult Belgium en gastlector aan de Erasmushogeschool. in Brussel.
Financieel beheer voor managers
Ludo POELAERT is senior management consultant bij Team Consult Belgium en gastlector aan de Erasmushogeschool. in Brussel.
Werkmap studiemethoden
Gilbert VAN AELST is verbonden aan de Lerarenopleiding, Afdeling Criminologie van de KU Leuven en hij doceert aan de Katholieke Hogeschool Leuven.
Werkmap studiemethoden
Gilbert VAN AELST is verbonden aan de Lerarenopleiding, Afdeling Criminologie van de KU Leuven en hij doceert aan de Katholieke Hogeschool Leuven.
Advanced writing in English. A Guide for Dutch Authors
Het boek bestaat uit vier delen. Het eerste deel behandelt het schrijven van het essay in zijn vele varianten ; het tweede deel het schrijven van een wetenschappelijk rapport ; het derde deel het schrijven van brieven aan redacties van tijdschriften, aan vakgenoten e.d. Naast structureel / inhoudelijke aspecten komen hierbij ook allerlei steeds terugkerende fouten (‘common errors’) aan de orde. Het vierde deel behandelt vanuit een contrastieve benadering die onderdelen van de Engelse Grammatica die problemen opleveren voor Nederlandstaligen.
Het boek is gebaseerd op de jarenlange ervaring die de auteurs hebben opgedaan bij het geven van cursussen schrijfvaardigheid aan studenten en medewerkers van verschillende universiteiten en instituten, en bij het redigeren en corrigeren van artikelen, dissertaties en boeken. Het is, mede door de vele oefeningen en taalnotities, ook zeer geschikt voor zelfstudie.
Taal: Engels
Marianne Sanders, Andrée Tingloo en Hans Verhulst zijn medewerkers aan het Talencentrum van de Universiteit in Tilburg.
Advanced writing in English. A Guide for Dutch Authors
Het boek bestaat uit vier delen. Het eerste deel behandelt het schrijven van het essay in zijn vele varianten ; het tweede deel het schrijven van een wetenschappelijk rapport ; het derde deel het schrijven van brieven aan redacties van tijdschriften, aan vakgenoten e.d. Naast structureel / inhoudelijke aspecten komen hierbij ook allerlei steeds terugkerende fouten (‘common errors’) aan de orde. Het vierde deel behandelt vanuit een contrastieve benadering die onderdelen van de Engelse Grammatica die problemen opleveren voor Nederlandstaligen.
Het boek is gebaseerd op de jarenlange ervaring die de auteurs hebben opgedaan bij het geven van cursussen schrijfvaardigheid aan studenten en medewerkers van verschillende universiteiten en instituten, en bij het redigeren en corrigeren van artikelen, dissertaties en boeken. Het is, mede door de vele oefeningen en taalnotities, ook zeer geschikt voor zelfstudie.
Taal: Engels
Marianne Sanders, Andrée Tingloo en Hans Verhulst zijn medewerkers aan het Talencentrum van de Universiteit in Tilburg.
Een bundel intense duisternis. Psychoanalytische opstellen rond W.R. Bion
lef DEHING is psychiater in Brussel en leeranalyticus vafi de Belgische School voor Iungiaanse Psychoanalyse.
Een bundel intense duisternis. Psychoanalytische opstellen rond W.R. Bion
lef DEHING is psychiater in Brussel en leeranalyticus vafi de Belgische School voor Iungiaanse Psychoanalyse.
Tussen autonomie en geborgenheid. Dementerende ouderen en hun omgeving
Chantal VAN AUDENHOVE en Frans LAMMERTYN zijn resp. onderzoeksleider en directeur van LUCAS, KU Leuven. Ward ROMMEL, Anja DECLERCQ en Jan DE CLERCQ zijn er onderzoeker.
Tussen autonomie en geborgenheid. Dementerende ouderen en hun omgeving
Chantal VAN AUDENHOVE en Frans LAMMERTYN zijn resp. onderzoeksleider en directeur van LUCAS, KU Leuven. Ward ROMMEL, Anja DECLERCQ en Jan DE CLERCQ zijn er onderzoeker.
SMOG – Spreken Met Ondersteuning van Gebaren. Het handboek
Dit handboek legt uit hoe SMOG werd ontwikkeld, waarom het werkt en hoe het in individuele en groepsbegeleiding kan worden ingepast.
Dr. Filip Loncke is orthopedagoog-neurolinguïst.Martine Nijsis logopediste en Louis Smetis eredirecteur van een secundaire school voor buitengewoon onderwijs.
SMOG – Spreken Met Ondersteuning van Gebaren. Het handboek
Dit handboek legt uit hoe SMOG werd ontwikkeld, waarom het werkt en hoe het in individuele en groepsbegeleiding kan worden ingepast.
Dr. Filip Loncke is orthopedagoog-neurolinguïst.Martine Nijsis logopediste en Louis Smetis eredirecteur van een secundaire school voor buitengewoon onderwijs.
Aangrijpende belevenissen van kinderen. Angst, pesten, dood, scheiden, misbruik
Pim STEERNEMAN is als orthopedagoog/psychodiagnosticus verbonden aan de RIAGG-Jeugdzorg in Heerlen. Hij publiceerde eerder bij Garant onder meer Leren denken over denken en Ieren begrijpen van emoties.
Aangrijpende belevenissen van kinderen. Angst, pesten, dood, scheiden, misbruik
Pim STEERNEMAN is als orthopedagoog/psychodiagnosticus verbonden aan de RIAGG-Jeugdzorg in Heerlen. Hij publiceerde eerder bij Garant onder meer Leren denken over denken en Ieren begrijpen van emoties.



