Autisme of taalontwikkelingsstoornis?
Er zit een kind… Het luistert niet, is niet geconcentreerd. Hoe komt het
dat het niet oplet? Autisme of taalontwikkelingsstoornis? Dit boek vertelt
63 verhalen van herkenning. Over thuis en vrije tijd, en over school
en werk. Over kinderen van 3 tot 23 jaar. Alle verhalen worden ondersteund
door een illustratie en gaan vergezeld van een duidelijke uitleg
met praktische tips. Wie meer wil weten over het hoe en waarom, komt
met dit boek aan zijn trekken.
Dit boek is bestemd voor iedereen die op de een of andere manier te
maken heeft met autisme en/of een taalontwikkelingsstoornis. Bovendien
kan het boek als psycho-educatie gebruikt worden.
Bovendien is het uitstekend te gebruiken als leerboek bij handelingsgericht werken voor studie of werk. De 63 verhalen zijn dan te zien als zijnde 63 casussen met separaat tips en een verklaringsmodel.
Diënne Kamphuis, ambulant begeleider in het onderwijs, is specialist op het gebied van autisme en taalproblematieken. Ze is afgestudeerd aan onder andere de Gerrit Rietveld Academie (beeldend kunstenaar), VLVU (leraar economie) en Fontys-OSO (leraar speciaal onderwijs en master SEN).
Autisme of taalontwikkelingsstoornis?
Er zit een kind… Het luistert niet, is niet geconcentreerd. Hoe komt het
dat het niet oplet? Autisme of taalontwikkelingsstoornis? Dit boek vertelt
63 verhalen van herkenning. Over thuis en vrije tijd, en over school
en werk. Over kinderen van 3 tot 23 jaar. Alle verhalen worden ondersteund
door een illustratie en gaan vergezeld van een duidelijke uitleg
met praktische tips. Wie meer wil weten over het hoe en waarom, komt
met dit boek aan zijn trekken.
Dit boek is bestemd voor iedereen die op de een of andere manier te
maken heeft met autisme en/of een taalontwikkelingsstoornis. Bovendien
kan het boek als psycho-educatie gebruikt worden.
Bovendien is het uitstekend te gebruiken als leerboek bij handelingsgericht werken voor studie of werk. De 63 verhalen zijn dan te zien als zijnde 63 casussen met separaat tips en een verklaringsmodel.
Diënne Kamphuis, ambulant begeleider in het onderwijs, is specialist op het gebied van autisme en taalproblematieken. Ze is afgestudeerd aan onder andere de Gerrit Rietveld Academie (beeldend kunstenaar), VLVU (leraar economie) en Fontys-OSO (leraar speciaal onderwijs en master SEN).
Taalbeleid op school. Handboek Praktijk
Scholen dienen oog te hebben voor veranderingen in de samenleving en moeten
in staat zijn deze te vertalen naar hun onderwijs. Dit boek ondersteunt
scholen bij het aangaan van deze uitdaging en gaat in op de vraag hoe ze dit
in hun taalonderwijs kunnen vormgeven. Vele voorbeelden illustreren hoe
scholen en docenten een brug kunnen slaan tussen theorie en praktijk.
In de eerste hoofdstukken worden de achtergronden van taalbeleid belicht.
Vervolgens worden handvatten aangereikt waarmee schoolteams,
taalwerkgroepen, schoolbegeleiders en taalcoördinatoren direct aan de
slag kunnen op de eigen school. Er wordt aandacht besteed aan het schrijven
van een taalbeleidsplan en het uitwerken van verbetertrajecten. Uitgangspunt
is dat duurzame verbeteringen alleen tot stand kunnen komen
als het hele team zich betrokken voelt bij het veranderproces. Daarnaast
wordt er ingegaan op de mogelijkheden die het taalonderwijs biedt om
leerlingen te ondersteunen bij het ontwikkelen van de vaardigheden voor
de 21ste eeuw.
Dit boek is de uitkomst van een denkproces over taalonderwijs en een zoektocht
naar handvatten om kwaliteitsverhoging in de praktijk vorm te geven.
Paula Eversdijk heeft een brede ervaring binnen het onderwijs. Ze ontwerpt en verzorgt nascholingscursussen op het gebied van taal en zorgverbreding en begeleidt schoolteams bij het uitvoeren van verbetertrajecten. Daarbij maakt ze gebruik van de ervaring die ze heeft opgedaan als docent in het primair onderwijs.
Taalbeleid op school. Handboek Praktijk
Scholen dienen oog te hebben voor veranderingen in de samenleving en moeten
in staat zijn deze te vertalen naar hun onderwijs. Dit boek ondersteunt
scholen bij het aangaan van deze uitdaging en gaat in op de vraag hoe ze dit
in hun taalonderwijs kunnen vormgeven. Vele voorbeelden illustreren hoe
scholen en docenten een brug kunnen slaan tussen theorie en praktijk.
In de eerste hoofdstukken worden de achtergronden van taalbeleid belicht.
Vervolgens worden handvatten aangereikt waarmee schoolteams,
taalwerkgroepen, schoolbegeleiders en taalcoördinatoren direct aan de
slag kunnen op de eigen school. Er wordt aandacht besteed aan het schrijven
van een taalbeleidsplan en het uitwerken van verbetertrajecten. Uitgangspunt
is dat duurzame verbeteringen alleen tot stand kunnen komen
als het hele team zich betrokken voelt bij het veranderproces. Daarnaast
wordt er ingegaan op de mogelijkheden die het taalonderwijs biedt om
leerlingen te ondersteunen bij het ontwikkelen van de vaardigheden voor
de 21ste eeuw.
Dit boek is de uitkomst van een denkproces over taalonderwijs en een zoektocht
naar handvatten om kwaliteitsverhoging in de praktijk vorm te geven.
Paula Eversdijk heeft een brede ervaring binnen het onderwijs. Ze ontwerpt en verzorgt nascholingscursussen op het gebied van taal en zorgverbreding en begeleidt schoolteams bij het uitvoeren van verbetertrajecten. Daarbij maakt ze gebruik van de ervaring die ze heeft opgedaan als docent in het primair onderwijs.
Wat bij gewrichtsklachten? Artrose,reuma,fibromyalgie,…
Bewegen is belangrijk voor de algemene conditie, de bloeddruk, tegen diabetes
en overgewicht ook voor de gewrichten. Artrose, reuma, fibromyalgie en
osteoporose maar ook peesletsels zijn aandoeningen die voornamelijk in
en rond de gewrichten voorkomen. Wat te doen bij gewrichtspijn: rusten of
bewegen? Het antwoord is duidelijk: beweeg zoveel als mogelijk, binnen de
eigen grenzen. Na burn-out veroorzaken gewrichtsklachten, nek- en rugpijn de
meeste arbeidsongeschiktheid. Bewegen heeft een preventief effect.
Dit boek, met heel veel tips en oefeningen, is een handleiding hoe men moet
leren omgaan met die klachten.
Philippe Van der Wee is kine/fysiotherapeut en tevens manuele therapeut en acupuncturist. Reeds lang houdt hij lezingen met als onderwerp “Gewrichtsklachten, doe er wat aan”. Hij heeft een praktijk in Kontich en Antwerpen.
Wat bij gewrichtsklachten? Artrose,reuma,fibromyalgie,…
Bewegen is belangrijk voor de algemene conditie, de bloeddruk, tegen diabetes
en overgewicht ook voor de gewrichten. Artrose, reuma, fibromyalgie en
osteoporose maar ook peesletsels zijn aandoeningen die voornamelijk in
en rond de gewrichten voorkomen. Wat te doen bij gewrichtspijn: rusten of
bewegen? Het antwoord is duidelijk: beweeg zoveel als mogelijk, binnen de
eigen grenzen. Na burn-out veroorzaken gewrichtsklachten, nek- en rugpijn de
meeste arbeidsongeschiktheid. Bewegen heeft een preventief effect.
Dit boek, met heel veel tips en oefeningen, is een handleiding hoe men moet
leren omgaan met die klachten.
Philippe Van der Wee is kine/fysiotherapeut en tevens manuele therapeut en acupuncturist. Reeds lang houdt hij lezingen met als onderwerp “Gewrichtsklachten, doe er wat aan”. Hij heeft een praktijk in Kontich en Antwerpen.
Doelmatig handelen door pedagogen en psychologen – Discussies op het snijvlak van filosofie,wetenschap en professionele praktijk
Pedagogen en psychologen krijgen te maken met allerlei normatieve discussies.
Zo worden ze geacht om ‘evidence-based’ te werken en behoren ze te
waken voor overdiagnosticering (volgens sommigen bestaat er niet zoiets als
dyslexie en wordt ADHD vaak onterecht gediagnosticeerd). Ook krijgen ze
met steeds meer partijen te maken. Ze moeten niet alleen hun positie bepalen
tegenover de cliënt en eventueel de ouders, maar vaak ook tegenover oma die
oppast, de voetbalcoach die de jongere drie keer per week ziet, of de leidster
op het kinderdagverblijf. We leven immers in een ‘participatiesamenleving’.
Dit boek geeft de professional inzicht in deze en soortgelijke discussies en
helpt bij de standpuntbepaling. Het is bedoeld voor hbo- en wo-opleidingen
en voor reeds afgestudeerde pedagogen en psychologen. Het behandelt op
een toegankelijke manier diagnosedruk en doelmatig handelen; autonomie,
paternalisme en meerzijdige partijdigheid; evidence-based werken; en terugkerende
discussies in beleid en ethiek. In het eerste hoofdstuk worden vier
niveaus van professioneel denken en handelen besproken, die in de andere
hoofdstukken geregeld terugkeren. Dit alles wordt met veel aan de werkelijkheid
ontleende voorbeelden toegelicht, die verwerkt zijn in tekstblokken en
met vermelding van de bijbehorende internetlinks.
Dit boek helpt bij de vorming van een doelmatig handelende professional.
Agnes Tellings is onderzoeker-docent aan het Behavioural Science Institute en aan de afdeling Pedagogische Wetenschappen & Onderwijskunde van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Zij geeft colleges in de masteropleiding over de onderwerpen in dit boek, en publiceert daarnaast zowel over filosofischethische onderwerpen als over empirisch onderzoek naar woordenschatontwikkeling bij kinderen.
Doelmatig handelen door pedagogen en psychologen – Discussies op het snijvlak van filosofie,wetenschap en professionele praktijk
Pedagogen en psychologen krijgen te maken met allerlei normatieve discussies.
Zo worden ze geacht om ‘evidence-based’ te werken en behoren ze te
waken voor overdiagnosticering (volgens sommigen bestaat er niet zoiets als
dyslexie en wordt ADHD vaak onterecht gediagnosticeerd). Ook krijgen ze
met steeds meer partijen te maken. Ze moeten niet alleen hun positie bepalen
tegenover de cliënt en eventueel de ouders, maar vaak ook tegenover oma die
oppast, de voetbalcoach die de jongere drie keer per week ziet, of de leidster
op het kinderdagverblijf. We leven immers in een ‘participatiesamenleving’.
Dit boek geeft de professional inzicht in deze en soortgelijke discussies en
helpt bij de standpuntbepaling. Het is bedoeld voor hbo- en wo-opleidingen
en voor reeds afgestudeerde pedagogen en psychologen. Het behandelt op
een toegankelijke manier diagnosedruk en doelmatig handelen; autonomie,
paternalisme en meerzijdige partijdigheid; evidence-based werken; en terugkerende
discussies in beleid en ethiek. In het eerste hoofdstuk worden vier
niveaus van professioneel denken en handelen besproken, die in de andere
hoofdstukken geregeld terugkeren. Dit alles wordt met veel aan de werkelijkheid
ontleende voorbeelden toegelicht, die verwerkt zijn in tekstblokken en
met vermelding van de bijbehorende internetlinks.
Dit boek helpt bij de vorming van een doelmatig handelende professional.
Agnes Tellings is onderzoeker-docent aan het Behavioural Science Institute en aan de afdeling Pedagogische Wetenschappen & Onderwijskunde van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Zij geeft colleges in de masteropleiding over de onderwerpen in dit boek, en publiceert daarnaast zowel over filosofischethische onderwerpen als over empirisch onderzoek naar woordenschatontwikkeling bij kinderen.
Vertaalde verbeelding. Muzische inspiratie voor taalstimulering in de meertalige klas
Dit boek is een inspiratiebron om taal aan te leren met muzische werkvormen. Door in te zetten op de raakvlakken tussen taal, actief leren, beeld, muziek en drama zijn activerende werkvormen ontwikkeld waarin interactie en samenwerking tussen leerlingen centraal staan. Voor elk van deze domeinen is er een handleiding voorzien. De muzische workshops zijn gecreëerd binnen het onderzoeksproject taalCULTuur in een unieke samenwerking tussen de departementen Education, MAD School of Arts en Music van de Hogeschool PXL in Hasselt.
De auteurs zijn lector-onderzoeker aan de Hogeschool PXL in Hasselt.
Karen Reekmans geeft vakdidactiek vroeg vreemdetalenonderwijs
en meertaligheid aan de lerarenopleiding PXL-Education lager
en kleuteronderwijs. Verder begeleidt ze studenten die stage lopen
in het immersieonderwijs Nederlands in Luik en is ze verbonden
aan PXL-Research voor praktijkgericht onderzoek over schooltaal
Nederlands als tweede taal in meertalige klassen.
Catherine Roden geeft vakdidactiek wetenschappen en techniek
aan de lerarenopleiding PXL-Education lager onderwijs. Verder is
ze LEGO® Education Academy Certified Trainer.
Kris Nauwelaerts geeft illustratieve vormgeving aan de PXL-MAD
School of Arts. Hij behaalde in 2015 een doctoraat in de beeldende
kunsten met het proefschrift “Ik zie, ik zie wat jij niet ziet. Onderzoek
naar de relatie tussen prentenboeken en de ontwikkeling van
beeldende geletterdheid bij kinderen” en is illustrator van kinderboeken.
Verder is hij verbonden aan PXL-Research voor praktijkgericht
onderzoek over visuele kunsten.
Vertaalde verbeelding. Muzische inspiratie voor taalstimulering in de meertalige klas
Dit boek is een inspiratiebron om taal aan te leren met muzische werkvormen. Door in te zetten op de raakvlakken tussen taal, actief leren, beeld, muziek en drama zijn activerende werkvormen ontwikkeld waarin interactie en samenwerking tussen leerlingen centraal staan. Voor elk van deze domeinen is er een handleiding voorzien. De muzische workshops zijn gecreëerd binnen het onderzoeksproject taalCULTuur in een unieke samenwerking tussen de departementen Education, MAD School of Arts en Music van de Hogeschool PXL in Hasselt.
De auteurs zijn lector-onderzoeker aan de Hogeschool PXL in Hasselt.
Karen Reekmans geeft vakdidactiek vroeg vreemdetalenonderwijs
en meertaligheid aan de lerarenopleiding PXL-Education lager
en kleuteronderwijs. Verder begeleidt ze studenten die stage lopen
in het immersieonderwijs Nederlands in Luik en is ze verbonden
aan PXL-Research voor praktijkgericht onderzoek over schooltaal
Nederlands als tweede taal in meertalige klassen.
Catherine Roden geeft vakdidactiek wetenschappen en techniek
aan de lerarenopleiding PXL-Education lager onderwijs. Verder is
ze LEGO® Education Academy Certified Trainer.
Kris Nauwelaerts geeft illustratieve vormgeving aan de PXL-MAD
School of Arts. Hij behaalde in 2015 een doctoraat in de beeldende
kunsten met het proefschrift “Ik zie, ik zie wat jij niet ziet. Onderzoek
naar de relatie tussen prentenboeken en de ontwikkeling van
beeldende geletterdheid bij kinderen” en is illustrator van kinderboeken.
Verder is hij verbonden aan PXL-Research voor praktijkgericht
onderzoek over visuele kunsten.
Mijn hand in Uw hand: wie zal ons leiden? Fracarita-reeks.Nr 10
Spiritualiteit is in. Managers volgen spiritualiteitssessies
om zo beter gewapend te zijn tegen de stress die het
werk meebrengt. Er is niets tegen een uurtje yoga of een
mindfulness-sessie, maar ware spiritualiteit is van een andere
orde. Spiritualiteit wordt niet beoefend om er voordeel
uit te trekken, maar om als mens te groeien.
In dit boek staat de auteur stil bij wie een mens echt kan
zijn en hoe een mens de weg naar God kan vinden. Hij kijkt
naar leermeesters uit het Oude Testament en naar de wijze
waarop God in hun leven aanwezig was. De leermeester bij
uitstek is Jezus Christus, die zichzelf noemde: “Ik ben de
Weg, de Waarheid en het Leven” (Joh. 14, 6).
Iedere Godsontmoeting zal uitmonden in een vernieuwd op
weg gaan om in de wereld God aanwezig te brengen, om van
zijn liefde te getuigen, om zijn liefde te stralen, om zijn
boodschap uit te dragen. En dat steeds met mijn hand in
Zijn hand.
De auteur denkt na over hoe een spiritueel leven heel vruchtbaar
kan worden in de wereld. Spiritualiteit is immers geen
wegtrekken uit de wereld, maar zal steeds de mens opnieuw
op weg zetten om in de wereld iets van Gods droom te realiseren.
<p<Br. dr. René Stockman, generale overste van de Broeders van Liefde, is doctor in de maatschappelijke gezondheidszorg.
Mijn hand in Uw hand: wie zal ons leiden? Fracarita-reeks.Nr 10
Spiritualiteit is in. Managers volgen spiritualiteitssessies
om zo beter gewapend te zijn tegen de stress die het
werk meebrengt. Er is niets tegen een uurtje yoga of een
mindfulness-sessie, maar ware spiritualiteit is van een andere
orde. Spiritualiteit wordt niet beoefend om er voordeel
uit te trekken, maar om als mens te groeien.
In dit boek staat de auteur stil bij wie een mens echt kan
zijn en hoe een mens de weg naar God kan vinden. Hij kijkt
naar leermeesters uit het Oude Testament en naar de wijze
waarop God in hun leven aanwezig was. De leermeester bij
uitstek is Jezus Christus, die zichzelf noemde: “Ik ben de
Weg, de Waarheid en het Leven” (Joh. 14, 6).
Iedere Godsontmoeting zal uitmonden in een vernieuwd op
weg gaan om in de wereld God aanwezig te brengen, om van
zijn liefde te getuigen, om zijn liefde te stralen, om zijn
boodschap uit te dragen. En dat steeds met mijn hand in
Zijn hand.
De auteur denkt na over hoe een spiritueel leven heel vruchtbaar
kan worden in de wereld. Spiritualiteit is immers geen
wegtrekken uit de wereld, maar zal steeds de mens opnieuw
op weg zetten om in de wereld iets van Gods droom te realiseren.
<p<Br. dr. René Stockman, generale overste van de Broeders van Liefde, is doctor in de maatschappelijke gezondheidszorg.
Dwingende vrijheid. (Reeks: Psychoanalyse en Cultuur, nr 8)
Er wordt weleens gezegd dat we in een dwingende tijd leven, waar autoriteit zoek is. Na de dood van God en het einde van de Grote Verhalen zijn we meer dan ooit tot vrijheid veroordeeld. We kunnen ons dan bijvoorbeeld overgeleverd voelen aan allerlei tot consumptieartikel gereduceerde objecten die ons een vermeend genot zouden moeten verschaffen. Van de weeromstuit ontstaat hier en daar een roep naar meer law and order. Niet helemaal onterecht wordt er dan van uitgegaan dat alleen de/meer wet ons vrijheid kan geven. Sommigen permitteren zich zelfs de vrijheid om harder dan ooit de wet te stellen: of het nu de wet van het Proletariaat of van het Volk is (zoals communisme en fascisme dat een paar decennia geleden deden), of die van de Sharia (zoals het islamfundamentalisme dat vandaag maar al te driest denkt te moeten doen). Freud en zijn psychoanalyse zijn ondertussen in de prullenmand van de intellectuele goegemeente beland. Toch bevat zijn theorie heel wat elementen die klaarheid brengen in deze schijnbare paradox: waarom vrijheid dwingend kan zijn; waarom vrijheid, zeker waar ze zich van elke norm en wet bevrijd weet, deze vaak met nog hardere hand installeert. Tegen de heersende tijdsgeest in biedt deze bundel een forum aan stemmen die de eigengereide band tussen vrijheid en wet/dwang proberen te denken.
Mark Kinet en Trees Traversier zijn bestuursleden en Sjef Houppermans is voorzitter van de Belgisch-Nederlandse Stichting Psychoanalyse en Cultuur. www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Met bijdragen van Marc De Kesel, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Yves Petry, Daan Rutten, David Schrans, Jo Smet, Katrien Steenhoudt, Trees Traversier en Frank Vande Veire.
Dwingende vrijheid. (Reeks: Psychoanalyse en Cultuur, nr 8)
Er wordt weleens gezegd dat we in een dwingende tijd leven, waar autoriteit zoek is. Na de dood van God en het einde van de Grote Verhalen zijn we meer dan ooit tot vrijheid veroordeeld. We kunnen ons dan bijvoorbeeld overgeleverd voelen aan allerlei tot consumptieartikel gereduceerde objecten die ons een vermeend genot zouden moeten verschaffen. Van de weeromstuit ontstaat hier en daar een roep naar meer law and order. Niet helemaal onterecht wordt er dan van uitgegaan dat alleen de/meer wet ons vrijheid kan geven. Sommigen permitteren zich zelfs de vrijheid om harder dan ooit de wet te stellen: of het nu de wet van het Proletariaat of van het Volk is (zoals communisme en fascisme dat een paar decennia geleden deden), of die van de Sharia (zoals het islamfundamentalisme dat vandaag maar al te driest denkt te moeten doen). Freud en zijn psychoanalyse zijn ondertussen in de prullenmand van de intellectuele goegemeente beland. Toch bevat zijn theorie heel wat elementen die klaarheid brengen in deze schijnbare paradox: waarom vrijheid dwingend kan zijn; waarom vrijheid, zeker waar ze zich van elke norm en wet bevrijd weet, deze vaak met nog hardere hand installeert. Tegen de heersende tijdsgeest in biedt deze bundel een forum aan stemmen die de eigengereide band tussen vrijheid en wet/dwang proberen te denken.
Mark Kinet en Trees Traversier zijn bestuursleden en Sjef Houppermans is voorzitter van de Belgisch-Nederlandse Stichting Psychoanalyse en Cultuur. www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Met bijdragen van Marc De Kesel, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Yves Petry, Daan Rutten, David Schrans, Jo Smet, Katrien Steenhoudt, Trees Traversier en Frank Vande Veire.
Ierse meditaties. Naar een nieuw pantheïsme
In de zomer van 2000 maakte filosoof Ulrich Libbrecht een rondreis door Ierland.
Hij bezocht plaatsen die in de middeleeuwen brandpunten waren van intense spiritualiteit
en hoge cultuur. Die plaatsen waren boeiend, maar Skellig Michael trof
hem in het hart. Op dit rotsige uitsteeksel in de Atlantische Oceaan kreeg hij het
gevoel eindelijk thuis te komen. De wereldreiziger had zijn innerlijk landschap
gevonden. Deze Ierse meditaties zijn het verslag van zijn pelgrimstocht door het
groene eiland en naar de kern van zijn eigen wezen.
In het tweede deel ontwikkelt hij een nieuwe pantheïstische wereldvisie aan de
hand van Ierse denkers. Hij laat zich inspireren door grote middeleeuwers als Pelagius
en Eriugena. Dichter bij ons staan de verlichtingsfilosoof John Toland en de
wetenschapper John Tyndall.
Ierse meditaties neemt ons mee naar de verste uithoek van Europa en brengt ons
dichter bij onszelf.
Prof. em. dr. Ulrich Libbrecht (1928-2017) doceerde Chinese klassieke studies, Chinese filosofie en comparatieve filosofie aan de KU Leuven. Hij ontwikkelde een model voor comparatieve filosofie waarin hij wereldbeelden uit Oost en West vergelijkt en integreert. Hij schreef hierover tal van boeken en stichtte in Antwerpen en Utrecht een School voor Comparatieve Filosofie. Hij overleed kort na de voltooiing van dit boek.
Ierse meditaties. Naar een nieuw pantheïsme
In de zomer van 2000 maakte filosoof Ulrich Libbrecht een rondreis door Ierland.
Hij bezocht plaatsen die in de middeleeuwen brandpunten waren van intense spiritualiteit
en hoge cultuur. Die plaatsen waren boeiend, maar Skellig Michael trof
hem in het hart. Op dit rotsige uitsteeksel in de Atlantische Oceaan kreeg hij het
gevoel eindelijk thuis te komen. De wereldreiziger had zijn innerlijk landschap
gevonden. Deze Ierse meditaties zijn het verslag van zijn pelgrimstocht door het
groene eiland en naar de kern van zijn eigen wezen.
In het tweede deel ontwikkelt hij een nieuwe pantheïstische wereldvisie aan de
hand van Ierse denkers. Hij laat zich inspireren door grote middeleeuwers als Pelagius
en Eriugena. Dichter bij ons staan de verlichtingsfilosoof John Toland en de
wetenschapper John Tyndall.
Ierse meditaties neemt ons mee naar de verste uithoek van Europa en brengt ons
dichter bij onszelf.
Prof. em. dr. Ulrich Libbrecht (1928-2017) doceerde Chinese klassieke studies, Chinese filosofie en comparatieve filosofie aan de KU Leuven. Hij ontwikkelde een model voor comparatieve filosofie waarin hij wereldbeelden uit Oost en West vergelijkt en integreert. Hij schreef hierover tal van boeken en stichtte in Antwerpen en Utrecht een School voor Comparatieve Filosofie. Hij overleed kort na de voltooiing van dit boek.
Geloof alleen! Protestanten in België: een verhaal van 500 jaar
In 2017 zal het 500 jaar geleden zijn dat de protestantse kerkhervorming
begon. Deze reformatie veranderde het aanzien van
het christendom in veel Europese landen volledig. Maar weinigen
weten dat het huidige België van meet af aan nauw bij deze
godsdienstige omwenteling betrokken was. In het buitenland beroemde
namen als Guido de Brès, Jacob de Keirsmaeker en Petrus
Dathenus zijn hier nauwelijks bekend. Dit boek beschrijft in grote
lijnen de geschiedenis van het protestantisme en de protestantse
kerken in België. Het schetst de samenhang tussen verschillende
gebeurtenissen en ontwikkelingen in België, maar waar relevant
ook daarbuiten, van het begin in de zestiende eeuw tot in onze
tijd. Ook het gedachtegoed van de protestantse kerken komt aan
bod, zowel op theologisch als kerkelijk-praktisch en persoonlijk
gebied. Hierbij zijn steeds zoveel mogelijk vertegenwoordigers
van protestantse kerken uit België zelf aan het woord gelaten.
De titel verwijst naar een bekende slagzin van de reformatie:
naast het Sola scriptura, alleen door de Schrift, en het Sola gratia,
alleen door genade, is er het Sola fide, alleen door geloof. Samen
vormen ze de basisovertuiging van protestanten in al hun
verscheidenheid: God kennen wij alleen door de Schrift, niet door
menselijke traditie of filosofie, met God verbonden zijn is alleen
mogelijk door de genade die Hij ons in Christus geschonken heeft,
niet door enige vorm van menselijke verdienste, en deze genade
ontvangen wij alleen door geloof, door het vertrouwen in Christus
alleen. Het boek wil bijdragen tot meer begrip voor de waarde
die dit vertrouwen heeft in het leven van velen. Bovendien biedt
het een waardevolle oriëntatie voor iedereen die kennis wil maken
met het protestantisme in België.
Gottlieb Blokland is voorzitter van het Instituut voor Bijbelse Vorming in Leuven, inspecteur-adviseur protestants-evangelische godsdienst bij het Vlaams Ministerie van Onderwijs en voorganger in de protestants-evangelische Bethelkerk in Schaarbeek.
Geloof alleen! Protestanten in België: een verhaal van 500 jaar
In 2017 zal het 500 jaar geleden zijn dat de protestantse kerkhervorming
begon. Deze reformatie veranderde het aanzien van
het christendom in veel Europese landen volledig. Maar weinigen
weten dat het huidige België van meet af aan nauw bij deze
godsdienstige omwenteling betrokken was. In het buitenland beroemde
namen als Guido de Brès, Jacob de Keirsmaeker en Petrus
Dathenus zijn hier nauwelijks bekend. Dit boek beschrijft in grote
lijnen de geschiedenis van het protestantisme en de protestantse
kerken in België. Het schetst de samenhang tussen verschillende
gebeurtenissen en ontwikkelingen in België, maar waar relevant
ook daarbuiten, van het begin in de zestiende eeuw tot in onze
tijd. Ook het gedachtegoed van de protestantse kerken komt aan
bod, zowel op theologisch als kerkelijk-praktisch en persoonlijk
gebied. Hierbij zijn steeds zoveel mogelijk vertegenwoordigers
van protestantse kerken uit België zelf aan het woord gelaten.
De titel verwijst naar een bekende slagzin van de reformatie:
naast het Sola scriptura, alleen door de Schrift, en het Sola gratia,
alleen door genade, is er het Sola fide, alleen door geloof. Samen
vormen ze de basisovertuiging van protestanten in al hun
verscheidenheid: God kennen wij alleen door de Schrift, niet door
menselijke traditie of filosofie, met God verbonden zijn is alleen
mogelijk door de genade die Hij ons in Christus geschonken heeft,
niet door enige vorm van menselijke verdienste, en deze genade
ontvangen wij alleen door geloof, door het vertrouwen in Christus
alleen. Het boek wil bijdragen tot meer begrip voor de waarde
die dit vertrouwen heeft in het leven van velen. Bovendien biedt
het een waardevolle oriëntatie voor iedereen die kennis wil maken
met het protestantisme in België.
Gottlieb Blokland is voorzitter van het Instituut voor Bijbelse Vorming in Leuven, inspecteur-adviseur protestants-evangelische godsdienst bij het Vlaams Ministerie van Onderwijs en voorganger in de protestants-evangelische Bethelkerk in Schaarbeek.
Zelfreflectie in het hoger onderwijs
In de 21ste eeuw moeten beroepsbeoefenaars in staat zijn om hun hele leven lang
na te denken over zichzelf en kritisch en zelfsturend te zijn in hun eigen leerproces.
Door te reflecteren op het eigen leren tijdens de opleiding zouden studenten
tevens meer gemotiveerd worden voor hun eigen leerproces en persoonlijke
ontwikkeling. En door te reflecteren op de eigen persoonlijkheid en kwaliteiten
zouden studenten hun eigen motieven en ambities beter begrijpen en daardoor
betere studiekeuzes maken met minder studie-uitval als gevolg. In de praktijk
worden deze doelen echter (nog) niet behaald. Uit verschillende onderzoeken
blijkt dat studenten een hekel hebben aan reflecteren. Onderwijsactiviteiten
die geassocieerd worden met reflecteren, worden door de meeste studenten
(en docenten) niet serieus genomen, maar ervaren als een verplicht nummer.
Er lijkt sprake van ‘reflectiemoeheid’ en van tegenvallende opbrengsten. Veel
docenten worstelen met de vraag wanneer er sprake is van kwalitatief goede
reflectie en wat de kwaliteit van reflectie bepaalt. Wanneer kan men zeggen
dat een student beter heeft gereflecteerd dan een ander? Studenten, op hun
beurt, weten niet goed wat reflecteren precies inhoudt, terwijl hun docenten er
als vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze al kunnen reflecteren of het wel zullen
leren door het gewoon (zelfstandig) te doen.
In dit boek behandelen de auteurs, allen docenten en/of onderzoekers,
de weerbarstige problematiek van (zelf)reflectie in het onderwijs. Er zijn
theoretische hoofdstukken rond de vraag ‘Wat is reflectie?’, hoofdstukken
waarin
verslag wordt gedaan van onderzoek naar reflectie en hoofdstukken
waarin creatieve alternatieven worden aangedragen voor de gangbare
reflectiepraktijken. Ten slotte zijn er hoofdstukken waarin wordt gereflecteerd
over reflectie. Kunnen docenten het? Is reflectie gevaarlijk? En zijn de nog
onvolgroeide hersenen van studenten in staat tot reflectie?
Frans Meijers was lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse
Hogeschool. Hij is directeur van Meijers Onderzoek & Advies, symposium coeditor
van de British Journal of Guidance and Counselling en voorzitter van de
Dialogical Self Academy. Hij is gespecialiseerd in onderzoek, ontwikkeling en
training op het gebied van loopbaanleren en identiteitsontwikkeling.
Kariene Mittendorff is associate lector Studieloopbaanbegeleiding bij
hogeschool Saxion. Ze is gepromoveerd op de kwaliteit van loopbaanbegeleiding
en in het bijzonder loopbaangesprekken. Ze is projectleider van verschillende
onderzoeken op het gebied van studieloopbaanbegeleiding, studiesucces, de
studiekeuzecheck en de kwaliteit van reflectie.
Zelfreflectie in het hoger onderwijs
In de 21ste eeuw moeten beroepsbeoefenaars in staat zijn om hun hele leven lang
na te denken over zichzelf en kritisch en zelfsturend te zijn in hun eigen leerproces.
Door te reflecteren op het eigen leren tijdens de opleiding zouden studenten
tevens meer gemotiveerd worden voor hun eigen leerproces en persoonlijke
ontwikkeling. En door te reflecteren op de eigen persoonlijkheid en kwaliteiten
zouden studenten hun eigen motieven en ambities beter begrijpen en daardoor
betere studiekeuzes maken met minder studie-uitval als gevolg. In de praktijk
worden deze doelen echter (nog) niet behaald. Uit verschillende onderzoeken
blijkt dat studenten een hekel hebben aan reflecteren. Onderwijsactiviteiten
die geassocieerd worden met reflecteren, worden door de meeste studenten
(en docenten) niet serieus genomen, maar ervaren als een verplicht nummer.
Er lijkt sprake van ‘reflectiemoeheid’ en van tegenvallende opbrengsten. Veel
docenten worstelen met de vraag wanneer er sprake is van kwalitatief goede
reflectie en wat de kwaliteit van reflectie bepaalt. Wanneer kan men zeggen
dat een student beter heeft gereflecteerd dan een ander? Studenten, op hun
beurt, weten niet goed wat reflecteren precies inhoudt, terwijl hun docenten er
als vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze al kunnen reflecteren of het wel zullen
leren door het gewoon (zelfstandig) te doen.
In dit boek behandelen de auteurs, allen docenten en/of onderzoekers,
de weerbarstige problematiek van (zelf)reflectie in het onderwijs. Er zijn
theoretische hoofdstukken rond de vraag ‘Wat is reflectie?’, hoofdstukken
waarin
verslag wordt gedaan van onderzoek naar reflectie en hoofdstukken
waarin creatieve alternatieven worden aangedragen voor de gangbare
reflectiepraktijken. Ten slotte zijn er hoofdstukken waarin wordt gereflecteerd
over reflectie. Kunnen docenten het? Is reflectie gevaarlijk? En zijn de nog
onvolgroeide hersenen van studenten in staat tot reflectie?
Frans Meijers was lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse
Hogeschool. Hij is directeur van Meijers Onderzoek & Advies, symposium coeditor
van de British Journal of Guidance and Counselling en voorzitter van de
Dialogical Self Academy. Hij is gespecialiseerd in onderzoek, ontwikkeling en
training op het gebied van loopbaanleren en identiteitsontwikkeling.
Kariene Mittendorff is associate lector Studieloopbaanbegeleiding bij
hogeschool Saxion. Ze is gepromoveerd op de kwaliteit van loopbaanbegeleiding
en in het bijzonder loopbaangesprekken. Ze is projectleider van verschillende
onderzoeken op het gebied van studieloopbaanbegeleiding, studiesucces, de
studiekeuzecheck en de kwaliteit van reflectie.
Het epos van diabetes type 1 in Belgie. (Cahiers GGG-Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr.8)
Dit boek vertelt de hele geschiedenis van de diabetis type 1. In 2017 bestaan de twee Belgische Diabetesverenigingen 75 jaar. Zij ontstonden in het midden van de tweede wereldoorlog. Enkele artsen en ouders van kinderen met type 1 diabetes wilden de aanvoer van de levensnoodzakelijke insuline en voldoende voeding garanderen. Na de oorlog verplaatste de activiteit zich naar het optimaal behandelen van diabetes als de beste preventie voor complicaties en het oplossen van medico-sociale problemen. Nu steunen zij alle initiatieven om potentiële diabetici op te sporen en de ziekte te voorkomen. Voor erkende patiënten wordt het gebruik van de mini artificiële pancreas aangeraden en de transplantatie van nieuwe ßcellen gestimuleerd.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Pierre Lefèbvre, Raoul Rottiers en Ivo De Leeuw zijn emeriti hoogleraren endocrinologie-diabetologie die vanaf de jaren 60 de hele evolutie van de aanpak van diabetes actief hebben meegemaakt, de internationale verworvenheden in eigen land hebben verspreid en de eigen research in binnen- en buitenland hebben vertaald naar toepasbare realiteit. Alle drie zijn zij erevoorzitter van hun respectieve diabetesverenigingen.
Het epos van diabetes type 1 in Belgie. (Cahiers GGG-Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr.8)
Dit boek vertelt de hele geschiedenis van de diabetis type 1. In 2017 bestaan de twee Belgische Diabetesverenigingen 75 jaar. Zij ontstonden in het midden van de tweede wereldoorlog. Enkele artsen en ouders van kinderen met type 1 diabetes wilden de aanvoer van de levensnoodzakelijke insuline en voldoende voeding garanderen. Na de oorlog verplaatste de activiteit zich naar het optimaal behandelen van diabetes als de beste preventie voor complicaties en het oplossen van medico-sociale problemen. Nu steunen zij alle initiatieven om potentiële diabetici op te sporen en de ziekte te voorkomen. Voor erkende patiënten wordt het gebruik van de mini artificiële pancreas aangeraden en de transplantatie van nieuwe ßcellen gestimuleerd.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Pierre Lefèbvre, Raoul Rottiers en Ivo De Leeuw zijn emeriti hoogleraren endocrinologie-diabetologie die vanaf de jaren 60 de hele evolutie van de aanpak van diabetes actief hebben meegemaakt, de internationale verworvenheden in eigen land hebben verspreid en de eigen research in binnen- en buitenland hebben vertaald naar toepasbare realiteit. Alle drie zijn zij erevoorzitter van hun respectieve diabetesverenigingen.
Verbindende communicatie werkt (derde, licht gewijzigde druk 2017)
Verbindende Communicatie geeft inspiratie aan organisaties die mensen in hun kracht willen zetten. Gemotiveerde medewerkers die zich gerespecteerd weten, werken beter samen, creëren meer kwaliteit en zijn een garantie voor de toekomst.
“Verbindende Communicatie is een vaste waarde bij Colruyt Group. Meer dan 3000
collega’s volgden reeds de training in onze open programma’s of met hun team.
De resultaten zijn vooral te merken in de efficiëntie van meetings, de kracht van de
besluitvorming en de arbeidsvreugde. Efficiënte communicatie vertaalt zich in het
steeds maar beter realiseren van onze missie en de tevredenheid van onze klanten.”
Jef Colruyt, CEO Colruytgroup
“Verbindende Communicatie werkt! We halen betere resultaten doordat medewerkers
het beste van zichzelf willen geven. Dit zorgt voor arbeidsvreugde en kwaliteit.
In onze business is het duo ‘kwaliteit en snelheid’ van essentieel belang. Door de
verbindende besluitvorming komen we tot heldere, duidelijke afspraken ook met
onze collega’s uit het Verre Oosten, Afrika en India. Verbindende Communicatie is
een must voor de organisatie van de toekomst!”
Martijn van der Erve, CEO Van der Erve
“Verbindende Communicatie (VC) is een kr(p)rachtig concept om mensen te brengen
naar de essentie van communicatie. Het inspireert om zonder oordelen meer
impact te hebben en meer bereidheid te creëren bij anderen. Het maakt mensen
gevoeliger voor de wereld van gevoelens, behoeften en waarden. En het maakt hen
minder gevoelig voor oordelen, verplichtingen en druk van buitenaf. Als VC goed
toegepast wordt in een organisatie vaart iedereen er wel bij: de medewerkers, de
klanten en de organisatie. Schitterend en eenvoudig en te leren door iedereen die
gelooft dat verbinding en harmonie meer voordelen oplevert.”
Herbert Detter, Learning & Development Manager Inter IKEA Systems
Verbindende communicatie werkt (derde, licht gewijzigde druk 2017)
Verbindende Communicatie geeft inspiratie aan organisaties die mensen in hun kracht willen zetten. Gemotiveerde medewerkers die zich gerespecteerd weten, werken beter samen, creëren meer kwaliteit en zijn een garantie voor de toekomst.
“Verbindende Communicatie is een vaste waarde bij Colruyt Group. Meer dan 3000
collega’s volgden reeds de training in onze open programma’s of met hun team.
De resultaten zijn vooral te merken in de efficiëntie van meetings, de kracht van de
besluitvorming en de arbeidsvreugde. Efficiënte communicatie vertaalt zich in het
steeds maar beter realiseren van onze missie en de tevredenheid van onze klanten.”
Jef Colruyt, CEO Colruytgroup
“Verbindende Communicatie werkt! We halen betere resultaten doordat medewerkers
het beste van zichzelf willen geven. Dit zorgt voor arbeidsvreugde en kwaliteit.
In onze business is het duo ‘kwaliteit en snelheid’ van essentieel belang. Door de
verbindende besluitvorming komen we tot heldere, duidelijke afspraken ook met
onze collega’s uit het Verre Oosten, Afrika en India. Verbindende Communicatie is
een must voor de organisatie van de toekomst!”
Martijn van der Erve, CEO Van der Erve
“Verbindende Communicatie (VC) is een kr(p)rachtig concept om mensen te brengen
naar de essentie van communicatie. Het inspireert om zonder oordelen meer
impact te hebben en meer bereidheid te creëren bij anderen. Het maakt mensen
gevoeliger voor de wereld van gevoelens, behoeften en waarden. En het maakt hen
minder gevoelig voor oordelen, verplichtingen en druk van buitenaf. Als VC goed
toegepast wordt in een organisatie vaart iedereen er wel bij: de medewerkers, de
klanten en de organisatie. Schitterend en eenvoudig en te leren door iedereen die
gelooft dat verbinding en harmonie meer voordelen oplevert.”
Herbert Detter, Learning & Development Manager Inter IKEA Systems
Tot 7 jaar. Ontwikkeling en opvoeding van jonge kinderen
Ouders, opvoeders, leerkrachten, begeleiders, scholen, jeugdwerkers,…
moeten de ontwikkeling van jonge kinderen zo goed
mogelijk opvolgen en ondersteunen. Tal van studies hebben aangetoond
dat vooral ook de betrokkenheid van ouders een grote
impact heeft.
Daarom legt dit boek uit wat ouders, en anderen, allemaal kunnen
doen om de ontwikkeling van hun jonge kinderen – tot 7
jaar – te stimuleren en hun opvoeding in goede banen te leiden.
Daarbij komen niet alleen de cognitief-verstandelijke vaardigheden
aan bod, maar onder meer ook de sociaal-emotionele ontwikkeling,
het muzisch-creatieve, het motorische, een open blik
op de wereld, zintuiglijke waarneming van de werkelijkheid, het
exploreren van de natuur, het reflecteren. Kortom, alle aspecten
waarmee het kind ook volop te maken krijgt in het basisonderwijs.
Walter Andries is ere-inspecteur bij het Basisonderwijs in Vlaanderen.
Tot 7 jaar. Ontwikkeling en opvoeding van jonge kinderen
Ouders, opvoeders, leerkrachten, begeleiders, scholen, jeugdwerkers,…
moeten de ontwikkeling van jonge kinderen zo goed
mogelijk opvolgen en ondersteunen. Tal van studies hebben aangetoond
dat vooral ook de betrokkenheid van ouders een grote
impact heeft.
Daarom legt dit boek uit wat ouders, en anderen, allemaal kunnen
doen om de ontwikkeling van hun jonge kinderen – tot 7
jaar – te stimuleren en hun opvoeding in goede banen te leiden.
Daarbij komen niet alleen de cognitief-verstandelijke vaardigheden
aan bod, maar onder meer ook de sociaal-emotionele ontwikkeling,
het muzisch-creatieve, het motorische, een open blik
op de wereld, zintuiglijke waarneming van de werkelijkheid, het
exploreren van de natuur, het reflecteren. Kortom, alle aspecten
waarmee het kind ook volop te maken krijgt in het basisonderwijs.
Walter Andries is ere-inspecteur bij het Basisonderwijs in Vlaanderen.
Rembert Dodoens. Een zestiende-eeuwse kruidenwetenschapper, zijn tijd- en vakgenoten en zijn betekenis. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 7)
Rembert Dodoens (Mechelen, 1517/18 – Leiden, 1585) is erg belangrijk
figuur in de wetenschapsgeschiedenis van de Nederlanden. Hij wordt vooral
geassocieerd met de botanica en zijn legendarische ‘Cruijdeboeck’. Hieraan
besteedt deze publicatie de nodige aandacht, maar ze wil ook verder kijken.
Zo staat ze ook stil bij de inbreng van Dodoens op het medische domein. Vele
van de door hem beschreven kruiden werden immers geïmplementeerd in
de medische wetenschap en sommige beschreven exotische en endemische
kruiden en plantenextracten worden vandaag nog altijd gebruikt. Er is
meteen ook een duidelijke link naar de farmaceutische wetenschappen.
Reeds in de zestiende eeuw werden de inzichten van Dodoens toegepast
bij de vervaardiging van verscheidene doelgerichte en baanbrekende
geneesmiddelen.
Dit innovatieve boek werpt een heldere blik op de ontelbare verwezenlijkingen
van deze wereldbefaamde Mechelse wetenschapper. De wetenschappelijke
erfenis van Dodoens kan nauwelijks overschat worden.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Rembert Dodoens. Een zestiende-eeuwse kruidenwetenschapper, zijn tijd- en vakgenoten en zijn betekenis. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 7)
Rembert Dodoens (Mechelen, 1517/18 – Leiden, 1585) is erg belangrijk
figuur in de wetenschapsgeschiedenis van de Nederlanden. Hij wordt vooral
geassocieerd met de botanica en zijn legendarische ‘Cruijdeboeck’. Hieraan
besteedt deze publicatie de nodige aandacht, maar ze wil ook verder kijken.
Zo staat ze ook stil bij de inbreng van Dodoens op het medische domein. Vele
van de door hem beschreven kruiden werden immers geïmplementeerd in
de medische wetenschap en sommige beschreven exotische en endemische
kruiden en plantenextracten worden vandaag nog altijd gebruikt. Er is
meteen ook een duidelijke link naar de farmaceutische wetenschappen.
Reeds in de zestiende eeuw werden de inzichten van Dodoens toegepast
bij de vervaardiging van verscheidene doelgerichte en baanbrekende
geneesmiddelen.
Dit innovatieve boek werpt een heldere blik op de ontelbare verwezenlijkingen
van deze wereldbefaamde Mechelse wetenschapper. De wetenschappelijke
erfenis van Dodoens kan nauwelijks overschat worden.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Een leraar als geen ander Ontwikkeling van professionele identiteit van leraren door verhalen
Professionele identiteit is een belangrijk begrip voor leraren. Dit boek helpt
de (aanstaande) leraar in zijn zoektocht naar zijn professionele identiteit. Hij
start met zijn eigen belangwekkende ervaringen in de klas, leert daar op
samenhangende wijze over te vertellen en vervolgens over die ervaringen
na te denken, er commentaar op te leveren en tenslotte verslag uit te
brengen van zijn zoektocht. Vertellen, ontwerpen, plannen en structureren
blijken essentiële denkactiviteiten in de ontwikkeling van de professionele
identiteit. Die identiteit manifesteert zich in de verhalen en heet daarom
narratieve professionele identiteit. Het boek bevat een groot aantal voorbeelden
en citaten uit reële verhalen en verslagen van (aanstaande) leraren.
In eerste instantie is het boek bestemd voor studenten van pabo’s, maar
het kan ook van dienst zijn bij andere lerarenopleidingen, nascholingscursussen
of masteropleidingen, in Nederland en in Vlaanderen.
Leraren kunnen nooit ophouden met na te denken over hun professionele
identiteit, de identiteit die ze delen met heel veel andere leraren. Tegelijkertijd
is iedere leraar uniek. Zijn persoonlijke identiteit kleurt zijn professionele
identiteit. Iedere leraar is een leraar als elke andere, maar elke leraar is
ook een leraar als geen ander!
De auteurs zijn werkzaam aan of anderszins betrokken bij Katholieke Pabo Zwolle en hebben ruime ervaring als lerarenopleider.
Een leraar als geen ander Ontwikkeling van professionele identiteit van leraren door verhalen
Professionele identiteit is een belangrijk begrip voor leraren. Dit boek helpt
de (aanstaande) leraar in zijn zoektocht naar zijn professionele identiteit. Hij
start met zijn eigen belangwekkende ervaringen in de klas, leert daar op
samenhangende wijze over te vertellen en vervolgens over die ervaringen
na te denken, er commentaar op te leveren en tenslotte verslag uit te
brengen van zijn zoektocht. Vertellen, ontwerpen, plannen en structureren
blijken essentiële denkactiviteiten in de ontwikkeling van de professionele
identiteit. Die identiteit manifesteert zich in de verhalen en heet daarom
narratieve professionele identiteit. Het boek bevat een groot aantal voorbeelden
en citaten uit reële verhalen en verslagen van (aanstaande) leraren.
In eerste instantie is het boek bestemd voor studenten van pabo’s, maar
het kan ook van dienst zijn bij andere lerarenopleidingen, nascholingscursussen
of masteropleidingen, in Nederland en in Vlaanderen.
Leraren kunnen nooit ophouden met na te denken over hun professionele
identiteit, de identiteit die ze delen met heel veel andere leraren. Tegelijkertijd
is iedere leraar uniek. Zijn persoonlijke identiteit kleurt zijn professionele
identiteit. Iedere leraar is een leraar als elke andere, maar elke leraar is
ook een leraar als geen ander!
De auteurs zijn werkzaam aan of anderszins betrokken bij Katholieke Pabo Zwolle en hebben ruime ervaring als lerarenopleider.
Stadschap Brussel. Kritische bespiegelingen over het stedelijke landschap.
Het stadschap is een belangrijk archiefstuk. De kronkels en vormen
van straten en pleinen zijn getuigen en dikwijls even zo vele littekens
van de geschiedenis van de stad. Gebouwen zijn getuigen van
hun tijd, ook al is hun functie in de loop der tijden veranderd, ook al
zijn zij inmiddels vele keren verbouwd en is de leesbaarheid van hun
verhaal soms vervaagd.
Het boek buigt zich over de archeologie van de toekomst of de
recente metamorfosen van de stad, nieuwe architectuur, nieuwe
gezichten, merkwaardige ingrepen, zowel positieve als van een kritische
noot te voorziene ‘ongelukjes’. Het gaat vooral over tastbare
realisaties, met tussendoor ook al eens een (kwaad) woord over
plannen en speculaties. Deze publicatie vormt een rijk geïllustreerde
bijdrage met commentaren en bespiegelingen bij het veranderende
stadschap, het stedelijke landschap, zoals het zich vandaag
aan onze blik voordoet. Meteen laat ze zien hoe Brussel ook anders
had gekund of nog kan.
Marcel Rijdams, architect-stedenbouwkundige, is stadsactivist en geëngageerd burger in Brussel.
Stadschap Brussel. Kritische bespiegelingen over het stedelijke landschap.
Het stadschap is een belangrijk archiefstuk. De kronkels en vormen
van straten en pleinen zijn getuigen en dikwijls even zo vele littekens
van de geschiedenis van de stad. Gebouwen zijn getuigen van
hun tijd, ook al is hun functie in de loop der tijden veranderd, ook al
zijn zij inmiddels vele keren verbouwd en is de leesbaarheid van hun
verhaal soms vervaagd.
Het boek buigt zich over de archeologie van de toekomst of de
recente metamorfosen van de stad, nieuwe architectuur, nieuwe
gezichten, merkwaardige ingrepen, zowel positieve als van een kritische
noot te voorziene ‘ongelukjes’. Het gaat vooral over tastbare
realisaties, met tussendoor ook al eens een (kwaad) woord over
plannen en speculaties. Deze publicatie vormt een rijk geïllustreerde
bijdrage met commentaren en bespiegelingen bij het veranderende
stadschap, het stedelijke landschap, zoals het zich vandaag
aan onze blik voordoet. Meteen laat ze zien hoe Brussel ook anders
had gekund of nog kan.
Marcel Rijdams, architect-stedenbouwkundige, is stadsactivist en geëngageerd burger in Brussel.
Oplossingsgerichte aanpak van obesitas. Ervaringen van tieners en hun ouders
Overgewicht neemt in Europa in hoog tempo toe. Gewaarschuwd wordt voor Amerikaanse
toestanden: obesitas als volksziekte nummer 1. Niet alleen onder volwassenen, maar ook
onder jeugd is het probleem groeiend. De gevolgen van overgewicht zijn ernstig voor hun
gezondheid, voor hun sociale en psychische functioneren, nu en in de toekomst.
Hoe obesitas op een succesvolle manier aan te pakken? Gezonde voeding thuis, op school
en in de sportkantine, actief bewegen in de buurt en op school, ouders van informatie en
tips voorzien, stimuleren van een gezonde en actieve leefstijl. En dan liefst op een positieve
manier, want een opgeheven vinger en moraliserende toon - vertellen hoe het ‘moet’ - werken
averechts.
Dit boek beschrijft op een toegankelijke manier hoe een multidisciplinair team van een Amsterdamse
kinderpolikliniek een Zweedse behandelmethode vertaalde naar de Nederlandse
situatie. Kern van de behandeling bestaat uit motiveren en coachen van kinderen en hun
ouders om hun leefstijl stapsgewijs, in eigen tempo, passend bij hun leefsituatie te veranderen.
Geen dwingende gedragsvoorschriften, maar positief stimuleren van het gezin om
haalbare doelen te stellen en hen daarin ondersteunen.
Daarnaast komt in het boek een sociaal en cultureel diverse groep tieners en ouders aan
het woord. Hoe ervaren ze de begeleiding? Lukt het om de adviezen en tips toe te passen,
hun leefstijl te veranderen? Wat helpt en stimuleert om vol te houden? De beschreven ervaringen
kunnen een brede groep behandelaars - diëtisten, artsen, gezinscoaches, verpleegkundigen,
sportbegeleiders - informeren en inspireren om niet alleen oog te hebben voor
de medische en lichamelijke kant. Er is veel meer nodig dan wegen, meten en dieetlijstjes
opstellen. Van belang is aan te sluiten bij de gezinssituatie en leefomgeving van tieners en
ouders, te kijken en te luisteren naar wat zij nodig hebben, en begeleiding op maat aan te
bieden. Niet elke tiener is immers hetzelfde.
Pauline Naber is als lector Leefwerelden van Jeugd verbonden aan Hogeschool Inholland, Emran Riffi Acharki is werkzaam als docent bij Hogeschool van Amsterdam.
Oplossingsgerichte aanpak van obesitas. Ervaringen van tieners en hun ouders
Overgewicht neemt in Europa in hoog tempo toe. Gewaarschuwd wordt voor Amerikaanse
toestanden: obesitas als volksziekte nummer 1. Niet alleen onder volwassenen, maar ook
onder jeugd is het probleem groeiend. De gevolgen van overgewicht zijn ernstig voor hun
gezondheid, voor hun sociale en psychische functioneren, nu en in de toekomst.
Hoe obesitas op een succesvolle manier aan te pakken? Gezonde voeding thuis, op school
en in de sportkantine, actief bewegen in de buurt en op school, ouders van informatie en
tips voorzien, stimuleren van een gezonde en actieve leefstijl. En dan liefst op een positieve
manier, want een opgeheven vinger en moraliserende toon - vertellen hoe het ‘moet’ - werken
averechts.
Dit boek beschrijft op een toegankelijke manier hoe een multidisciplinair team van een Amsterdamse
kinderpolikliniek een Zweedse behandelmethode vertaalde naar de Nederlandse
situatie. Kern van de behandeling bestaat uit motiveren en coachen van kinderen en hun
ouders om hun leefstijl stapsgewijs, in eigen tempo, passend bij hun leefsituatie te veranderen.
Geen dwingende gedragsvoorschriften, maar positief stimuleren van het gezin om
haalbare doelen te stellen en hen daarin ondersteunen.
Daarnaast komt in het boek een sociaal en cultureel diverse groep tieners en ouders aan
het woord. Hoe ervaren ze de begeleiding? Lukt het om de adviezen en tips toe te passen,
hun leefstijl te veranderen? Wat helpt en stimuleert om vol te houden? De beschreven ervaringen
kunnen een brede groep behandelaars - diëtisten, artsen, gezinscoaches, verpleegkundigen,
sportbegeleiders - informeren en inspireren om niet alleen oog te hebben voor
de medische en lichamelijke kant. Er is veel meer nodig dan wegen, meten en dieetlijstjes
opstellen. Van belang is aan te sluiten bij de gezinssituatie en leefomgeving van tieners en
ouders, te kijken en te luisteren naar wat zij nodig hebben, en begeleiding op maat aan te
bieden. Niet elke tiener is immers hetzelfde.
Pauline Naber is als lector Leefwerelden van Jeugd verbonden aan Hogeschool Inholland, Emran Riffi Acharki is werkzaam als docent bij Hogeschool van Amsterdam.
Middelburg en de Mediene. Joods leven in Zeeland door de eeuwen heen.
De geschiedenis van de Joden in Middelburg en de rest van Zeeland is een fascinerend onderwerp, waarin actuele thema’s als godsdienstvrijheid, tolerantie, integratie en discriminatie een belangrijke rol spelen. Middelburg is trots op zijn vrijheidsgezindheid en inderdaad, toen Portugese Joden zich aan het begin van de zeventiende eeuw in Middelburg vestigden, konden zij in de Zeeuwse hoofdstad veilig terugkeren naar de godsdienst die zij onder de druk van de Spaanse Inquisitie hadden moeten opgeven. Ondanks de oppositie van de Middelburgse kerkenraad werd aan de godsdienstvrijheid voor Joden niet getornd, ook al werden zij in andere opzichten gediscrimineerd. Toen de Joden gelijkberechtigd werden aan het einde van de achttiende eeuw, begon hun integratie in de Nederlandse maatschappij. In dit boek wordt in detail getoond hoe succesvol die was tot het fatale jaar 1942, toen de Zeeuwse Joden werden gedeporteerd naar Amsterdam op weg naar de vernietiging. Dit leek het einde te betekenen van het Joodse leven in Zeeland, maar het is anders gegaan, zoals in dit boek wordt uiteengezet. De synagoge van Middelburg, die tijdens de oorlog in een puinhoop was veranderd, werd in volle glorie hersteld, terwijl ook de Joodse gemeente van Zeeland is herleefd. Als teken hiervan weerklinkt in de fraaie Middelburgse synagoge elke sjabbat en elke feestdag weer de stem van de voorzanger. De boeiende geschiedenis van de Joden in Zeeland wordt in dit rijk geïllustreerde boek levendig beschreven door een keur van deskundigen, waardoor een veelzijdig beeld ontstaat van de plaats die deze bevolkingsgroep binnen Zeeland heeft ingenomen en nog steeds inneemt door de eeuwen heen.
KLAAS A.D. SMELIK doceerde Hebreeuws, Hebreeuwse Bijbel, Jodendom, Oude Geschiedenis en Oudoosterse religies in Amsterdam, Utrecht, Den Haag, Brussel, Leuven en Gent. Sinds 2006 is hij directeur van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum in Middelburg. Hij heeft een veertigtal boeken op zijn naam staan.
ARJAN VAN DIXHOORN is sinds 2013 namens het Familiefonds Hurgronje bijzonder hoogleraar in de Geschiedenis van Zeeland in de Wereld aan het University College Roosevelt (Universiteit Utrecht) in Middelburg. Van 2005 tot en met 2014 was hij postdoctoraal onderzoeker aan de universiteiten van Antwerpen en Gent.
Middelburg en de Mediene. Joods leven in Zeeland door de eeuwen heen.
De geschiedenis van de Joden in Middelburg en de rest van Zeeland is een fascinerend onderwerp, waarin actuele thema’s als godsdienstvrijheid, tolerantie, integratie en discriminatie een belangrijke rol spelen. Middelburg is trots op zijn vrijheidsgezindheid en inderdaad, toen Portugese Joden zich aan het begin van de zeventiende eeuw in Middelburg vestigden, konden zij in de Zeeuwse hoofdstad veilig terugkeren naar de godsdienst die zij onder de druk van de Spaanse Inquisitie hadden moeten opgeven. Ondanks de oppositie van de Middelburgse kerkenraad werd aan de godsdienstvrijheid voor Joden niet getornd, ook al werden zij in andere opzichten gediscrimineerd. Toen de Joden gelijkberechtigd werden aan het einde van de achttiende eeuw, begon hun integratie in de Nederlandse maatschappij. In dit boek wordt in detail getoond hoe succesvol die was tot het fatale jaar 1942, toen de Zeeuwse Joden werden gedeporteerd naar Amsterdam op weg naar de vernietiging. Dit leek het einde te betekenen van het Joodse leven in Zeeland, maar het is anders gegaan, zoals in dit boek wordt uiteengezet. De synagoge van Middelburg, die tijdens de oorlog in een puinhoop was veranderd, werd in volle glorie hersteld, terwijl ook de Joodse gemeente van Zeeland is herleefd. Als teken hiervan weerklinkt in de fraaie Middelburgse synagoge elke sjabbat en elke feestdag weer de stem van de voorzanger. De boeiende geschiedenis van de Joden in Zeeland wordt in dit rijk geïllustreerde boek levendig beschreven door een keur van deskundigen, waardoor een veelzijdig beeld ontstaat van de plaats die deze bevolkingsgroep binnen Zeeland heeft ingenomen en nog steeds inneemt door de eeuwen heen.
KLAAS A.D. SMELIK doceerde Hebreeuws, Hebreeuwse Bijbel, Jodendom, Oude Geschiedenis en Oudoosterse religies in Amsterdam, Utrecht, Den Haag, Brussel, Leuven en Gent. Sinds 2006 is hij directeur van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum in Middelburg. Hij heeft een veertigtal boeken op zijn naam staan.
ARJAN VAN DIXHOORN is sinds 2013 namens het Familiefonds Hurgronje bijzonder hoogleraar in de Geschiedenis van Zeeland in de Wereld aan het University College Roosevelt (Universiteit Utrecht) in Middelburg. Van 2005 tot en met 2014 was hij postdoctoraal onderzoeker aan de universiteiten van Antwerpen en Gent.
Praktijkboek Non-profit crowdfunding
Dit is het eerste Nederlandstalige boek dat de crowdfunders in België voor de non-profit erg transparant in kaart brengt. Het doet een opsomming van alle crowdfunders die ooit zijn opgestart of wilden opstarten, inclusief wie stopten. Het zet alle succesfactoren rond crowdfunding netjes op een rij en geeft een individuele, vaak kritische analyse van alle relevante crowdfunders voor de non-profitsector, met een quotatie van hun resultaten en technische kenmerken.
De auteur geeft een blik achter de schermen, toont verbanden en relaties aan tussen verschillende initiatieven in de crowdfundingwereld, bespreekt desbetreffende websites en biedt een duidelijke werkmethode aan voor crowdfunding voor non-profit.
Dirk A.J. Coeckelbergh is een van de bekendste auteurs rond non-profit, sociale economie, ethiek en financiën. Hij studeerde rechtsgeleerdheid, politieke en sociale wetenschappen, innovatieve sociale marketing en cultuurmanagement. Hij werkte als bankier-verzekeraar. Momenteel is hij consultant, freelance docent, bestuurder en adviseur van vennootschappen en verenigingen.
Praktijkboek Non-profit crowdfunding
Dit is het eerste Nederlandstalige boek dat de crowdfunders in België voor de non-profit erg transparant in kaart brengt. Het doet een opsomming van alle crowdfunders die ooit zijn opgestart of wilden opstarten, inclusief wie stopten. Het zet alle succesfactoren rond crowdfunding netjes op een rij en geeft een individuele, vaak kritische analyse van alle relevante crowdfunders voor de non-profitsector, met een quotatie van hun resultaten en technische kenmerken.
De auteur geeft een blik achter de schermen, toont verbanden en relaties aan tussen verschillende initiatieven in de crowdfundingwereld, bespreekt desbetreffende websites en biedt een duidelijke werkmethode aan voor crowdfunding voor non-profit.
Dirk A.J. Coeckelbergh is een van de bekendste auteurs rond non-profit, sociale economie, ethiek en financiën. Hij studeerde rechtsgeleerdheid, politieke en sociale wetenschappen, innovatieve sociale marketing en cultuurmanagement. Hij werkte als bankier-verzekeraar. Momenteel is hij consultant, freelance docent, bestuurder en adviseur van vennootschappen en verenigingen.
Het gezin in Vlaanderen 2.0. Over het eigene van gezinnen en gezinsbeleid. (Reeks: Gezinnen, Relaties en Opvoeding, nr. 3)
Het gezin in Vlaanderen 2.0 onderzoekt hoe gezinnen de laatste vijftig jaar evolueerden, en wat dit betekent voor het gezinsbeleid in Vlaanderen. Wat is een gezin? Vijftig jaar geleden was die vraag vrij eenvoudig te beantwoorden. Ondertussen maakte onze maatschappij een enorme evolutie door. Mannen en vrouwen volgen niet meer de voorgeschreven paden en ook gezinnen zijn diverser dan ooit. Nieuw samengestelde gezinnen, eenoudergezinnen, feitelijke gezinnen, gezinnen met een migratieachtergrond, … het concept ‘gezin’ is volop in beweging. Hoe kan het gezinsbeleid inspelen op die voortdurende evolutie? Is er nood aan een nieuwe definitie van gezin?
Het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Odisee Hogeschool legde de vragen voor aan academici, hulpverleners en middenveldorganisaties. Het resultaat is een veelkleurig portret vol uitdagingen. En kansen, want in al hun diversiteit zijn gezinnen in deze rusteloze tijden meer dan ooit haarden van verbondenheid. Verschillende auteurs pleiten ervoor om gezinsvriendelijke maatregelen los te koppelen van een bepaalde gezinsvorm. Misschien zijn mensen- en kinderrechten een beter uitgangspunt voor de bescherming van alle gezinnen van vandaag?
Dirk Luyten is doctor in de sociale wetenschappen en master in de stedenbouw en ruimtelijke planning. Hij is lector gezinsbeleid aan de opleiding gezinswetenschappen en onderzoeker bij het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee).
Hans Van Crombrugge is doctor in de pedagogische wetenschappen, hoofdlector aan de opleiding gezinswetenschappen (Odisee) en verbonden aan het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee).
Kathleen Emmery is master in de criminologie en coördinator van het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee) en doet onderzoek naar gezinsbeleid in Vlaanderen.
Het gezin in Vlaanderen 2.0. Over het eigene van gezinnen en gezinsbeleid. (Reeks: Gezinnen, Relaties en Opvoeding, nr. 3)
Het gezin in Vlaanderen 2.0 onderzoekt hoe gezinnen de laatste vijftig jaar evolueerden, en wat dit betekent voor het gezinsbeleid in Vlaanderen. Wat is een gezin? Vijftig jaar geleden was die vraag vrij eenvoudig te beantwoorden. Ondertussen maakte onze maatschappij een enorme evolutie door. Mannen en vrouwen volgen niet meer de voorgeschreven paden en ook gezinnen zijn diverser dan ooit. Nieuw samengestelde gezinnen, eenoudergezinnen, feitelijke gezinnen, gezinnen met een migratieachtergrond, … het concept ‘gezin’ is volop in beweging. Hoe kan het gezinsbeleid inspelen op die voortdurende evolutie? Is er nood aan een nieuwe definitie van gezin?
Het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Odisee Hogeschool legde de vragen voor aan academici, hulpverleners en middenveldorganisaties. Het resultaat is een veelkleurig portret vol uitdagingen. En kansen, want in al hun diversiteit zijn gezinnen in deze rusteloze tijden meer dan ooit haarden van verbondenheid. Verschillende auteurs pleiten ervoor om gezinsvriendelijke maatregelen los te koppelen van een bepaalde gezinsvorm. Misschien zijn mensen- en kinderrechten een beter uitgangspunt voor de bescherming van alle gezinnen van vandaag?
Dirk Luyten is doctor in de sociale wetenschappen en master in de stedenbouw en ruimtelijke planning. Hij is lector gezinsbeleid aan de opleiding gezinswetenschappen en onderzoeker bij het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee).
Hans Van Crombrugge is doctor in de pedagogische wetenschappen, hoofdlector aan de opleiding gezinswetenschappen (Odisee) en verbonden aan het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee).
Kathleen Emmery is master in de criminologie en coördinator van het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee) en doet onderzoek naar gezinsbeleid in Vlaanderen.
De bewuste Bourgondiër. Van ongezond naar gezond voedingspatroon.
Voeding staat onder vuur. Iedereen weet wel wat gezonde voeding is, maar we passen het op grote schaal niet toe. We blijken massaal een westers voedingspatroon toe te passen, dat in verband staat met de ontwikkeling van een aantal chronische ziekten. Hoe is het zo ver kunnen komen? Het boek gaat terug naar het begin van de twintigste eeuw en bekijkt de toepassing van voeding tot in het heden. Op deze wijze wordt duidelijk hoe het huidige westerse voedingspatroon is ontstaan. Het gevolg is een jungle van voeding, kennis en dogma’s waar we vandaag mee te maken hebben. Tevens wordt de complexiteit van de voedingswetenschappen toegelicht evenals de relatie van het westerse voedingspatroon met tal van chronische ziekten. In detail gaat de auteur in op het genoemde westerse voedingspatroon en op de verschillen met het gezonde voedingspatroon dat vaak beschermend werkt. Om de transitie naar een dergelijk gezond voedingspatroon succesvol te maken is de rol van de consument erg belangrijk. Enkel met een mentaliteitswijziging zal dit mogelijk zijn. Om het gezonde voedingspatroon gemakkelijk toepasbaar te maken wordt ‘de bewuste Bourgondiër’ in het leven geroepen. Want voeding is vooral genieten, maar bewust. Deze indringende publicatie is niet alleen bestemd voor professionals, maar evenzeer voor consumenten en patiënten en voor ouders en grootouders die een verschil willen maken voor hun eigen gezondheid, maar ook die van hun kinderen en kleinkinderen. Kortom, voor iedereen die de dagelijks noodzakelijke voeding als een te respecteren levenszaak beschouwt en een gezond voedingspatroon wil aanleren.
Erica Rutten studeerde voeding- en dieetleer aan de KU Leuven en werd vervolgens doctor in de voedingswetenschappen aan de Universiteit Maastricht. Ze schreef en werkte mee aan tal van internationale onderzoeken en wetenschappelijke artikelen. Met het concept ‘De stem van de Bewuste Bourgondiër’ wil ze haar kennis delen met particulieren, bedrijven, organisaties en professionals. Daarnaast heeft ze een netwerk van Bewuste Partners die haar concept ondersteunen. Ze is lid van de Nederlandse Academie voor Voedingswetenschappen en van de Belgian Nutrition Society.
De bewuste Bourgondiër. Van ongezond naar gezond voedingspatroon.
Voeding staat onder vuur. Iedereen weet wel wat gezonde voeding is, maar we passen het op grote schaal niet toe. We blijken massaal een westers voedingspatroon toe te passen, dat in verband staat met de ontwikkeling van een aantal chronische ziekten. Hoe is het zo ver kunnen komen? Het boek gaat terug naar het begin van de twintigste eeuw en bekijkt de toepassing van voeding tot in het heden. Op deze wijze wordt duidelijk hoe het huidige westerse voedingspatroon is ontstaan. Het gevolg is een jungle van voeding, kennis en dogma’s waar we vandaag mee te maken hebben. Tevens wordt de complexiteit van de voedingswetenschappen toegelicht evenals de relatie van het westerse voedingspatroon met tal van chronische ziekten. In detail gaat de auteur in op het genoemde westerse voedingspatroon en op de verschillen met het gezonde voedingspatroon dat vaak beschermend werkt. Om de transitie naar een dergelijk gezond voedingspatroon succesvol te maken is de rol van de consument erg belangrijk. Enkel met een mentaliteitswijziging zal dit mogelijk zijn. Om het gezonde voedingspatroon gemakkelijk toepasbaar te maken wordt ‘de bewuste Bourgondiër’ in het leven geroepen. Want voeding is vooral genieten, maar bewust. Deze indringende publicatie is niet alleen bestemd voor professionals, maar evenzeer voor consumenten en patiënten en voor ouders en grootouders die een verschil willen maken voor hun eigen gezondheid, maar ook die van hun kinderen en kleinkinderen. Kortom, voor iedereen die de dagelijks noodzakelijke voeding als een te respecteren levenszaak beschouwt en een gezond voedingspatroon wil aanleren.
Erica Rutten studeerde voeding- en dieetleer aan de KU Leuven en werd vervolgens doctor in de voedingswetenschappen aan de Universiteit Maastricht. Ze schreef en werkte mee aan tal van internationale onderzoeken en wetenschappelijke artikelen. Met het concept ‘De stem van de Bewuste Bourgondiër’ wil ze haar kennis delen met particulieren, bedrijven, organisaties en professionals. Daarnaast heeft ze een netwerk van Bewuste Partners die haar concept ondersteunen. Ze is lid van de Nederlandse Academie voor Voedingswetenschappen en van de Belgian Nutrition Society.
Introductie tot epidemiologie en biostatistiek
Een basiskennis van epidemiologie en biostatistiek is essentieel om de omvangrijke literatuur goed te begrijpen en om op wetenschappelijk correcte wijze te handelen en te behandelen. Voor medici en paramedici zijn ze essentiële instrumenten om optimaal te kunnen fungeren. En dit zeker in onze steeds harder hollende informatiemaatschappij.
Om het boek, dat duidelijke antwoorden geeft op essentiële vragen, voor elke belangstellende vlot toegankelijk te maken, besteedt de auteur ook uitdrukkelijke aandacht aan een didactische presentatie. In elk hoofdstuk komt dezelfde structuur terug, met gemeten rubrieken: korte introductie tot het hoofdstuk, blokken met interessante weetjes, toetsvragen, blokken met bijzondere informatie, samenvattingen … Daarnaast zijn op vele plaatsen voorbeelden opgenomen.
Patrick Mullie studeerde voeding- en dieetleer aan de Regaschool in Leuven en epidemiologie aan de Universiteit Maastricht. Hij promoveerde tot doctor in de biomedische wetenschappen aan de KU Leuven. Hij doceert systematische literatuuranalyse aan de Vrije Universiteit Brussel en is lector voedingleer, epidemiologie en wetenschappelijke onderzoeksvaardigheden aan de Erasmushogeschool in Brussel. Ook is hij onderzoeksdirecteur bij de Afdeling Epidemiologie en Biostatistiek van Defensie en research director aan het International Research Institute in Lyon. Daarnaast is hij als expert verbonden aan de Hoge Gezondheidsraad van België en aan de American Society of Nutrition.
Introductie tot epidemiologie en biostatistiek
Een basiskennis van epidemiologie en biostatistiek is essentieel om de omvangrijke literatuur goed te begrijpen en om op wetenschappelijk correcte wijze te handelen en te behandelen. Voor medici en paramedici zijn ze essentiële instrumenten om optimaal te kunnen fungeren. En dit zeker in onze steeds harder hollende informatiemaatschappij.
Om het boek, dat duidelijke antwoorden geeft op essentiële vragen, voor elke belangstellende vlot toegankelijk te maken, besteedt de auteur ook uitdrukkelijke aandacht aan een didactische presentatie. In elk hoofdstuk komt dezelfde structuur terug, met gemeten rubrieken: korte introductie tot het hoofdstuk, blokken met interessante weetjes, toetsvragen, blokken met bijzondere informatie, samenvattingen … Daarnaast zijn op vele plaatsen voorbeelden opgenomen.
Patrick Mullie studeerde voeding- en dieetleer aan de Regaschool in Leuven en epidemiologie aan de Universiteit Maastricht. Hij promoveerde tot doctor in de biomedische wetenschappen aan de KU Leuven. Hij doceert systematische literatuuranalyse aan de Vrije Universiteit Brussel en is lector voedingleer, epidemiologie en wetenschappelijke onderzoeksvaardigheden aan de Erasmushogeschool in Brussel. Ook is hij onderzoeksdirecteur bij de Afdeling Epidemiologie en Biostatistiek van Defensie en research director aan het International Research Institute in Lyon. Daarnaast is hij als expert verbonden aan de Hoge Gezondheidsraad van België en aan de American Society of Nutrition.
Kinderen met een licht verstandelijke beperking in het passend onderwijs. Visie op ondersteuning in de klas.
Om zich op een positieve manier te kunnen ontwikkelen hebben kinderen met een licht verstandelijke beperking in het passend onderwijs gepaste begeleiding en zorg nodig. Daarvoor is het van groot belang dat schoolbesturen, leerkrachten en interne begeleiders een visie ter ondersteuning formuleren en toepassen. Dit boek biedt concrete handvatten om met de ontwikkeling van zo’n visie aan de slag te gaan. Hierbij gaat ruime aandacht naar de relatie tussen onderzoek en praktijk. De ondersteuning van deze kinderen en hun ouders stoelt op drie pijlers: de vroegsignalering van onderwijsleerproblemen, de waarborging van de positieve effecten van inclusief onderwijs en het mogelijk maken van sociale integratie in de klas en daarbuiten. Jeugdhulp en passend onderwijs moeten worden verbonden, waarbij rekening wordt gehouden met verschillen tussen kinderen, veel waarde wordt gehecht aan de participatie van ouders en vertrouwen wordt gegeven aan de deskundigheid van de leerkracht.
Mariëtte Huizinga is universitair hoofddocent bij de sectie Onderwijswetenschappen
aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Haar
onderzoeksdomein betreft de variabiliteit in de ontwikkeling van
doelgericht en sociaal adaptief gedrag van kinderen.
Dorien Graas is lector Jeugd in het Domein Gezondheid en Welzijn
van de Hogeschool Windesheim. Haar belangrijkste onderzoeksdomein
betreft de samenwerking onderwijs en jeugdhulp. Ze promoveerde
op het thema geschiedenis en ontwikkelingen in het
speciaal onderwijs.
Anika Bexkens is GZ-psycholoog in opleiding tot Specialist bij
GGZ-Delfland, afdeling Jeugd. Zij is universitair docent aan de
Universiteit Leiden, Ontwikkelings- en Onderwijspsychologie.
Haar onderzoeksdomein betreft de ontwikkeling van sociaaladaptieve
vaardigheden bij kinderen en adolescenten met een
licht verstandelijke beperking en gedragsproblematiek.
Kinderen met een licht verstandelijke beperking in het passend onderwijs. Visie op ondersteuning in de klas.
Om zich op een positieve manier te kunnen ontwikkelen hebben kinderen met een licht verstandelijke beperking in het passend onderwijs gepaste begeleiding en zorg nodig. Daarvoor is het van groot belang dat schoolbesturen, leerkrachten en interne begeleiders een visie ter ondersteuning formuleren en toepassen. Dit boek biedt concrete handvatten om met de ontwikkeling van zo’n visie aan de slag te gaan. Hierbij gaat ruime aandacht naar de relatie tussen onderzoek en praktijk. De ondersteuning van deze kinderen en hun ouders stoelt op drie pijlers: de vroegsignalering van onderwijsleerproblemen, de waarborging van de positieve effecten van inclusief onderwijs en het mogelijk maken van sociale integratie in de klas en daarbuiten. Jeugdhulp en passend onderwijs moeten worden verbonden, waarbij rekening wordt gehouden met verschillen tussen kinderen, veel waarde wordt gehecht aan de participatie van ouders en vertrouwen wordt gegeven aan de deskundigheid van de leerkracht.
Mariëtte Huizinga is universitair hoofddocent bij de sectie Onderwijswetenschappen
aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Haar
onderzoeksdomein betreft de variabiliteit in de ontwikkeling van
doelgericht en sociaal adaptief gedrag van kinderen.
Dorien Graas is lector Jeugd in het Domein Gezondheid en Welzijn
van de Hogeschool Windesheim. Haar belangrijkste onderzoeksdomein
betreft de samenwerking onderwijs en jeugdhulp. Ze promoveerde
op het thema geschiedenis en ontwikkelingen in het
speciaal onderwijs.
Anika Bexkens is GZ-psycholoog in opleiding tot Specialist bij
GGZ-Delfland, afdeling Jeugd. Zij is universitair docent aan de
Universiteit Leiden, Ontwikkelings- en Onderwijspsychologie.
Haar onderzoeksdomein betreft de ontwikkeling van sociaaladaptieve
vaardigheden bij kinderen en adolescenten met een
licht verstandelijke beperking en gedragsproblematiek.
Sociale media en online travel agents in de hotelsector
In dit boek wordt de werking van sociale media en OTA’s – online travel agents uiteengezet en geïllustreerd met voorbeelden uit de hotelsector. Daarnaast worden de resultaten weergegeven van het projectmatig wetenschappelijk onderzoek HoVla, waarbij de focus lag op online reputatiemanagement en de impact van sociale media en OTA’s op de hotelprestaties in de vijf Vlaamse Kunststeden.
Dit onderzoek kaderde binnen de opleiding bachelor hotelmanagement van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen. De publicatie is een nuttige handleiding voor hotelhouders, marketingmedewerkers, promotoren, studenten en geïnteresseerde hotelgebruikers.
Christian Holthof is licentiaat toegepaste economische wetenschappen,
master in toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij
nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program
van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA).
Hij doceert economische wetenschappen aan de opleiding bachelor hotelmanagement
van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.
Sophie van Tilburg is master in de communicatiewetenschappen. Zij is
als onderzoekster verbonden aan de opleiding bachelor hotelmanagement
van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.
Sociale media en online travel agents in de hotelsector
In dit boek wordt de werking van sociale media en OTA’s – online travel agents uiteengezet en geïllustreerd met voorbeelden uit de hotelsector. Daarnaast worden de resultaten weergegeven van het projectmatig wetenschappelijk onderzoek HoVla, waarbij de focus lag op online reputatiemanagement en de impact van sociale media en OTA’s op de hotelprestaties in de vijf Vlaamse Kunststeden.
Dit onderzoek kaderde binnen de opleiding bachelor hotelmanagement van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen. De publicatie is een nuttige handleiding voor hotelhouders, marketingmedewerkers, promotoren, studenten en geïnteresseerde hotelgebruikers.
Christian Holthof is licentiaat toegepaste economische wetenschappen,
master in toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij
nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program
van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA).
Hij doceert economische wetenschappen aan de opleiding bachelor hotelmanagement
van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.
Sophie van Tilburg is master in de communicatiewetenschappen. Zij is
als onderzoekster verbonden aan de opleiding bachelor hotelmanagement
van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.







