Zelfevaluatie in basisscholen. Praktijkboek
Dit praktijkboek wil de zelfevaluatie van schoolteams vergemakkelijken, ondersteunen en bevorderen door het aanreiken van eenvoudige onderzoeksinstrumenten. Met de zelfreflectie op de verzamelde gegevens stelt het schoolteam haar kwaliteit centraal. Doorheen de 44 onderzoeksinstrumenten krijgen leraren een heleboel pedagogisch-didactische tips en suggesties.
De onderzoeksinstrumenten reiken schoolleiders en schoolbesturen onderwijskundige elementen aan voor functioneringsgesprekken en lerarenevaluaties.
Walter Andries is onderwijsinspecteur. Dit praktijkboek is ontstaan uit zijn meer dan 40 jarenlange onderwijservaring. De auteur was achtereenvolgens onderwijzer, taakleraar, directeur en medewerker van de Vlaamse Onderwijsraad. Sinds 1997 werkt hij als onderwijsinspecteur van de Vlaamse Gemeenschap.
Zelfevaluatie in basisscholen. Praktijkboek
Dit praktijkboek wil de zelfevaluatie van schoolteams vergemakkelijken, ondersteunen en bevorderen door het aanreiken van eenvoudige onderzoeksinstrumenten. Met de zelfreflectie op de verzamelde gegevens stelt het schoolteam haar kwaliteit centraal. Doorheen de 44 onderzoeksinstrumenten krijgen leraren een heleboel pedagogisch-didactische tips en suggesties.
De onderzoeksinstrumenten reiken schoolleiders en schoolbesturen onderwijskundige elementen aan voor functioneringsgesprekken en lerarenevaluaties.
Walter Andries is onderwijsinspecteur. Dit praktijkboek is ontstaan uit zijn meer dan 40 jarenlange onderwijservaring. De auteur was achtereenvolgens onderwijzer, taakleraar, directeur en medewerker van de Vlaamse Onderwijsraad. Sinds 1997 werkt hij als onderwijsinspecteur van de Vlaamse Gemeenschap.
Auteursintentie. Een beknopte geschiedenis (Reeks Colleges Literatuur, nr. 1)
Dit boek behandelt in de eerste plaats de conceptuele vraag met betrekking tot het leesgedrag: Welke rol spelen concepten van auteursintentie en intentie bij de interpretatie van teksten? De auteur reconstrueert de voor het hedendaagse debat relevante concepten en normen met betrekking tot de (auteurs)intentie bij de interpretatie van literaire teksten. Vanuit dat historische perspectief gaat de aandacht vooral naar die momenten waarop een conceptuele verschuiving plaats heeft. Op die manier worden de historische wortels en de normativiteit van de vandaag concurrerende concepten blootgelegd.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Ralf Grüttemeier is hoogleraar Nederlandse letterkunde aan de Carl von Ossietzky Universität Oldenburg, Duitsland.
"Auteursintentie. Een beknopte geschiedenis biedt een nuttige en uitdagende inleiding in het denken over intentionaliteit en auteursintenties in de literatuurstudie. Grüttemeier laat zien welke posities men kan innemen op dit gebied, zonder zich uitdrukkelijk uit te spreken vóór of tegen een van deze posities."
Mark Van Zoggel, Vrije Universiteit Brussel / Huygens ING Den Haag, Spiegel der Letteren 54(2) 267-279
Auteursintentie. Een beknopte geschiedenis (Reeks Colleges Literatuur, nr. 1)
Dit boek behandelt in de eerste plaats de conceptuele vraag met betrekking tot het leesgedrag: Welke rol spelen concepten van auteursintentie en intentie bij de interpretatie van teksten? De auteur reconstrueert de voor het hedendaagse debat relevante concepten en normen met betrekking tot de (auteurs)intentie bij de interpretatie van literaire teksten. Vanuit dat historische perspectief gaat de aandacht vooral naar die momenten waarop een conceptuele verschuiving plaats heeft. Op die manier worden de historische wortels en de normativiteit van de vandaag concurrerende concepten blootgelegd.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Ralf Grüttemeier is hoogleraar Nederlandse letterkunde aan de Carl von Ossietzky Universität Oldenburg, Duitsland.
"Auteursintentie. Een beknopte geschiedenis biedt een nuttige en uitdagende inleiding in het denken over intentionaliteit en auteursintenties in de literatuurstudie. Grüttemeier laat zien welke posities men kan innemen op dit gebied, zonder zich uitdrukkelijk uit te spreken vóór of tegen een van deze posities."
Mark Van Zoggel, Vrije Universiteit Brussel / Huygens ING Den Haag, Spiegel der Letteren 54(2) 267-279
Depressieve patiënten in het algemeen ziekenhuis. Trainingsmodule voor verpleegkundigen (Quadri Committed Research, nr. 2)
Deze praktische handleiding is bedoeld voor docenten en trainers die met (student)- verpleegkundigen aan de slag willen rond dit thema. Ze bevat naast praktische voorbeelden ook een dvd met videofragmenten. De oefeningen worden aangevuld met praktische tips. Na de training zullen professionele hulpverleners de symptomen van depressie beter herkennen. Ze zullen ook gemakkelijker met depressieve patiënten durven communiceren. Een eenvoudig gesprek wordt zo onderdeel van de goede zorg voor een depressieve patiënt.
De training werd ontwikkeld en geëvalueerd tijdens een projectmatige wetenschappelijke samenwerking tussen de Katholieke Hogeschool Limburg in Hasselt, LUCAS – Centrum voor zorgonderzoek en consultancy, verbonden aan de K.U.Leuven en het CGG Suïcidepreventiewerking Limburg. LUCAS heeft een specifieke onderzoekslijn gericht naar depressie en suïcide en is verbonden met het ‘European Alliance Against Depression’- netwerk.
Carolien Schalenbourg is psychiatrisch verpleegkundige en onderzoeksmedewerker bij KHLim Quadri, een onderzoekscentrum van de Katholieke Hogeschool Limburg in Hasselt en diensthoofd in het Psychiatrisch Ziekenhuis Sancta Maria in Melveren. Iris De Coster is senior onderzoeker, vormingsdeskundige bij LUCAS en docent patiëntenbegeleiding en -communicatie aan de Hogeschool-Universiteit Brussel. Prof. dr. Chantal Van Audenhove is directeur van LUCAS en buitengewoon hoogleraar aan de Faculteit Geneeskunde van de K.U.Leuven. Deze uitgave is een initiatief van KHLim-Quadri in Hasselt.
Quadri Committed Research:
Depressieve patiënten in het algemeen ziekenhuis. Trainingsmodule voor verpleegkundigen (Quadri Committed Research, nr. 2)
Deze praktische handleiding is bedoeld voor docenten en trainers die met (student)- verpleegkundigen aan de slag willen rond dit thema. Ze bevat naast praktische voorbeelden ook een dvd met videofragmenten. De oefeningen worden aangevuld met praktische tips. Na de training zullen professionele hulpverleners de symptomen van depressie beter herkennen. Ze zullen ook gemakkelijker met depressieve patiënten durven communiceren. Een eenvoudig gesprek wordt zo onderdeel van de goede zorg voor een depressieve patiënt.
De training werd ontwikkeld en geëvalueerd tijdens een projectmatige wetenschappelijke samenwerking tussen de Katholieke Hogeschool Limburg in Hasselt, LUCAS – Centrum voor zorgonderzoek en consultancy, verbonden aan de K.U.Leuven en het CGG Suïcidepreventiewerking Limburg. LUCAS heeft een specifieke onderzoekslijn gericht naar depressie en suïcide en is verbonden met het ‘European Alliance Against Depression’- netwerk.
Carolien Schalenbourg is psychiatrisch verpleegkundige en onderzoeksmedewerker bij KHLim Quadri, een onderzoekscentrum van de Katholieke Hogeschool Limburg in Hasselt en diensthoofd in het Psychiatrisch Ziekenhuis Sancta Maria in Melveren. Iris De Coster is senior onderzoeker, vormingsdeskundige bij LUCAS en docent patiëntenbegeleiding en -communicatie aan de Hogeschool-Universiteit Brussel. Prof. dr. Chantal Van Audenhove is directeur van LUCAS en buitengewoon hoogleraar aan de Faculteit Geneeskunde van de K.U.Leuven. Deze uitgave is een initiatief van KHLim-Quadri in Hasselt.
Quadri Committed Research:
Dramaqueen of gewoon autisme. Mijn leven voor en na de diagnose (Reeks Ervaringsdeskundigen & Professionals, nr. 7)
Ook blijkt maar weer dat een gesprek over alledaagse dingen veel belangrijker is zoals vanuit oplossingsgericht werken al wordt betoogd, dan menig begeleider zich realiseert. De strategieën die de auteur beschrijft zijn helder en de hulpmiddelen een aanvulling.
Het boek is soms een ongelofelijk verhaal. Studenten, begeleiders en mensen met autisme en hun ouders kunnen door het lezen van dit boek, gaan beseffen hoe lastig autisme is voor de persoon zelf en anderen in de omgeving. Ook is het schrijnend hoe openbare instanties voor tegenwerking zorgen.
Marije van Dongen (°1973) werkte jarenlang als groepsleider en autismebegeleider in de zorg en hulpverlening. Ze is ervaringsdeskundige en ouder-professional (= ze heeft zelf een kind met een autismespectrumstoornis). Marije geeft lezingen en werkt als vrijwilliger mee aan activiteiten en deskundigheidsbevorderingen over autismespectrumstoornissen (ASS).
Dramaqueen of gewoon autisme. Mijn leven voor en na de diagnose (Reeks Ervaringsdeskundigen & Professionals, nr. 7)
Ook blijkt maar weer dat een gesprek over alledaagse dingen veel belangrijker is zoals vanuit oplossingsgericht werken al wordt betoogd, dan menig begeleider zich realiseert. De strategieën die de auteur beschrijft zijn helder en de hulpmiddelen een aanvulling.
Het boek is soms een ongelofelijk verhaal. Studenten, begeleiders en mensen met autisme en hun ouders kunnen door het lezen van dit boek, gaan beseffen hoe lastig autisme is voor de persoon zelf en anderen in de omgeving. Ook is het schrijnend hoe openbare instanties voor tegenwerking zorgen.
Marije van Dongen (°1973) werkte jarenlang als groepsleider en autismebegeleider in de zorg en hulpverlening. Ze is ervaringsdeskundige en ouder-professional (= ze heeft zelf een kind met een autismespectrumstoornis). Marije geeft lezingen en werkt als vrijwilliger mee aan activiteiten en deskundigheidsbevorderingen over autismespectrumstoornissen (ASS).
Woorden te kort. Werkboek voor afasie- en andere taalgroepen (met cd-rom)
Dit boek bevat honderd kant-en-klare werkplannen voor een groepsbehandeling waarin taal centraal staat. De ideeën zijn oorspronkelijk ontwikkeld voor het gebruik in een afasiegroep, maar ze zijn even goed bruikbaar in individuele afasiebehandelingen en in andere taalgroepen, zoals NT2-onderwijs en voortgezet (speciaal) onderwijs.
De werkbladen behorende bij de werkplannen staan op de bijgevoegde cd-rom, zodat ze gemakkelijk te printen en te gebruiken zijn.
Renée van Meenen en Fleur van Heijningen zijn beiden logopedist in het Waterlandziekenhuis in Purmerend.
Woorden te kort. Werkboek voor afasie- en andere taalgroepen (met cd-rom)
Dit boek bevat honderd kant-en-klare werkplannen voor een groepsbehandeling waarin taal centraal staat. De ideeën zijn oorspronkelijk ontwikkeld voor het gebruik in een afasiegroep, maar ze zijn even goed bruikbaar in individuele afasiebehandelingen en in andere taalgroepen, zoals NT2-onderwijs en voortgezet (speciaal) onderwijs.
De werkbladen behorende bij de werkplannen staan op de bijgevoegde cd-rom, zodat ze gemakkelijk te printen en te gebruiken zijn.
Renée van Meenen en Fleur van Heijningen zijn beiden logopedist in het Waterlandziekenhuis in Purmerend.
Samen tot aan de meet. Alternatieven voor zittenblijven
Kinderen die ondermaats presteren op school, krijgen op het einde van het schooljaar vaak het advies om hun jaar over te doen. Maar is zittenblijven wel zinvol? Leermoeilijkheden zijn immers niet de enige reden waarom leerlingen blijven zitten. Heel wat studies tonen aan dat zittenblijven niet altijd een goede remedie is, zeker niet op de lange termijn. Daarom wordt in dit boek gepleit voor scholen waarin alle leerlingen samen overgaan. Om die ononderbroken schoolloopbanen mogelijk te maken, worden er verschillende initiatieven toegelicht die het individuele leerproces van leerlingen kunnen verrijken en versnellen, zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit van het onderwijs.
Dit boek is een inspiratiebron voor schoolleiders, onderwijsondersteuners,
leerkrachten en anderen die zoeken naar effectieve ondersteuning
van zwakke leerlingen. Het biedt zowel een overzicht van het internationale
onderzoek als concrete bouwstenen om op school aan de slag te gaan
met alternatieven voor zittenblijven. De beschreven maatregelen zijn in de
eerste plaats bedoeld voor het basisonderwijs en de eerste jaren van het
secundair onderwijs.
Goedroen Juchtmans, Heidi Knipprath en Anneloes Vandenbroucke
zijn verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Onderwijs en Levenslang
Leren’ van het HIVA (KU Leuven), Onderzoeksinstituut voor Arbeid en
Samenleving.
Barbara Belfi, Bieke De Fraine en Mieke Goos werken bij het Centrum
voor Onderwijseffectiviteit en -Evaluatie van de KU Leuven.
Bengt Verbeeck is als onderwijsjurist verbonden aan de Vakgroep Publiekrecht
van de Universteit Gent.
Zie ook:
Samen tot aan de meet. Inspiratieboek 1
Samen tot aan de meet. Inspiratieboek 2
"een aanrader voor iedereen die met onderwijs bezig is"
Caleidoscoop (jr. 24, nr. 5, blz. 39-40)
Samen tot aan de meet. Alternatieven voor zittenblijven
Kinderen die ondermaats presteren op school, krijgen op het einde van het schooljaar vaak het advies om hun jaar over te doen. Maar is zittenblijven wel zinvol? Leermoeilijkheden zijn immers niet de enige reden waarom leerlingen blijven zitten. Heel wat studies tonen aan dat zittenblijven niet altijd een goede remedie is, zeker niet op de lange termijn. Daarom wordt in dit boek gepleit voor scholen waarin alle leerlingen samen overgaan. Om die ononderbroken schoolloopbanen mogelijk te maken, worden er verschillende initiatieven toegelicht die het individuele leerproces van leerlingen kunnen verrijken en versnellen, zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit van het onderwijs.
Dit boek is een inspiratiebron voor schoolleiders, onderwijsondersteuners,
leerkrachten en anderen die zoeken naar effectieve ondersteuning
van zwakke leerlingen. Het biedt zowel een overzicht van het internationale
onderzoek als concrete bouwstenen om op school aan de slag te gaan
met alternatieven voor zittenblijven. De beschreven maatregelen zijn in de
eerste plaats bedoeld voor het basisonderwijs en de eerste jaren van het
secundair onderwijs.
Goedroen Juchtmans, Heidi Knipprath en Anneloes Vandenbroucke
zijn verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Onderwijs en Levenslang
Leren’ van het HIVA (KU Leuven), Onderzoeksinstituut voor Arbeid en
Samenleving.
Barbara Belfi, Bieke De Fraine en Mieke Goos werken bij het Centrum
voor Onderwijseffectiviteit en -Evaluatie van de KU Leuven.
Bengt Verbeeck is als onderwijsjurist verbonden aan de Vakgroep Publiekrecht
van de Universteit Gent.
Zie ook:
Samen tot aan de meet. Inspiratieboek 1
Samen tot aan de meet. Inspiratieboek 2
"een aanrader voor iedereen die met onderwijs bezig is"
Caleidoscoop (jr. 24, nr. 5, blz. 39-40)
De ethica van Spinoza (Reeks Omtrent Filosofie nr 1)
Naast een commentaar biedt het boek onvermijdelijk ook een interpretatie. De auteur houdt daarbij rekening met het onderzoek van De Dijn en Bartuschat en gaat met hen en met Spinoza uitgebreid in discussie.
Herman Berger is emeritus-hoogleraar systematische wijsbegeerte aan de Theologische Faculteit Tilburg en aan de Faculteit Wijsbegeerte van de Universiteit van Tilburg.
In de media:
Recensie in Civis Mundi - Tijdschrift voor Politieke Filosofie en Cultuur
Reeks Omtrent Filosofie:
- De ethica van Spinoza
- Afrika en China in dialoog
- Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
- Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
- Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
- Filosofie van het verstaan. Een dialoog
De ethica van Spinoza (Reeks Omtrent Filosofie nr 1)
Naast een commentaar biedt het boek onvermijdelijk ook een interpretatie. De auteur houdt daarbij rekening met het onderzoek van De Dijn en Bartuschat en gaat met hen en met Spinoza uitgebreid in discussie.
Herman Berger is emeritus-hoogleraar systematische wijsbegeerte aan de Theologische Faculteit Tilburg en aan de Faculteit Wijsbegeerte van de Universiteit van Tilburg.
In de media:
Recensie in Civis Mundi - Tijdschrift voor Politieke Filosofie en Cultuur
Reeks Omtrent Filosofie:
- De ethica van Spinoza
- Afrika en China in dialoog
- Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
- Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
- Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
- Filosofie van het verstaan. Een dialoog
Kristallen van samenwerken
De wereld is zo complex geworden, dat het bijna onmogelijk is om iets helemaal alleen tot stand te brengen. We hebben voortdurend de hulp van anderen nodig om ons doel te realiseren. Dat betekent samenwerken. Toch schiet dat er om allerlei redenen vaak bij in, onder andere omdat de druk om resultaten te behalen erg groot is. Dat moet en dat kan anders. Want ‘samen’ leidt tot verrassende resultaten!
In dit boek laten Guus Scholten, Chris Kempen en Wijnand van Lieshout zien hoe dat anders kan. Zij vertellen hoe je door bewuste samenwerking met jezelf, de omgeving en anderen het verschil kunt maken. Hoe je met de ‘kristallen van samenwerken’ in Deel III een andere dimensie in je denken opent. Hoe je met nieuwe mogelijkheden en simpele oplossingen de bereidheid tot samenwerking kunt vergroten.
Dit is een boek van ervaringen en verhalen over succes en falen (Deel I) en over hoe samenwerken in de praktijk werkt (Deel II). Aan het eind van het boek (Deel III) vind je de bouwstenen om de eigen samenwerking vorm te geven; de bouwstenen noemen we de ‘kristallen van samenwerken’: twaalf actieve handelingen om de samenwerking te verbeteren. Een mindmap met facetten van samenwerken, gekoppeld aan genummerde passages vind je achteraan in het boek en in de achterflap.
Ook al is het een boek vol met verhalen, je hoeft het boek niet per se integraal te lezen. Je kunt willekeurig ergens beginnen en de rijke informatie tot je nemen.
Het boek biedt handvatten en oplossingen voor organisaties, coaches, managers en leidinggevenden, maar ook voor elk andere geïnteresseerde. Het boek geeft aan iedereen duidelijke inzichten in de processen van samenwerken, hoe samenwerken in de praktijk werkt. Dit inzicht helpt om samenwerken naar een hoger plan te tillen.
Kristallen van samenwerken
De wereld is zo complex geworden, dat het bijna onmogelijk is om iets helemaal alleen tot stand te brengen. We hebben voortdurend de hulp van anderen nodig om ons doel te realiseren. Dat betekent samenwerken. Toch schiet dat er om allerlei redenen vaak bij in, onder andere omdat de druk om resultaten te behalen erg groot is. Dat moet en dat kan anders. Want ‘samen’ leidt tot verrassende resultaten!
In dit boek laten Guus Scholten, Chris Kempen en Wijnand van Lieshout zien hoe dat anders kan. Zij vertellen hoe je door bewuste samenwerking met jezelf, de omgeving en anderen het verschil kunt maken. Hoe je met de ‘kristallen van samenwerken’ in Deel III een andere dimensie in je denken opent. Hoe je met nieuwe mogelijkheden en simpele oplossingen de bereidheid tot samenwerking kunt vergroten.
Dit is een boek van ervaringen en verhalen over succes en falen (Deel I) en over hoe samenwerken in de praktijk werkt (Deel II). Aan het eind van het boek (Deel III) vind je de bouwstenen om de eigen samenwerking vorm te geven; de bouwstenen noemen we de ‘kristallen van samenwerken’: twaalf actieve handelingen om de samenwerking te verbeteren. Een mindmap met facetten van samenwerken, gekoppeld aan genummerde passages vind je achteraan in het boek en in de achterflap.
Ook al is het een boek vol met verhalen, je hoeft het boek niet per se integraal te lezen. Je kunt willekeurig ergens beginnen en de rijke informatie tot je nemen.
Het boek biedt handvatten en oplossingen voor organisaties, coaches, managers en leidinggevenden, maar ook voor elk andere geïnteresseerde. Het boek geeft aan iedereen duidelijke inzichten in de processen van samenwerken, hoe samenwerken in de praktijk werkt. Dit inzicht helpt om samenwerken naar een hoger plan te tillen.
Het fort van Breendonk. Over oorlog, mensenrechten, herinnering
Breendonk, dat vandaag de dag een Nationaal Gedenkteken vormt, is een onvervangbare getuige van het systeem van de naziconcentratiekampen. Iedere dag weer stoppen er heel wat bussen met bezoekers, vaak scholieren, voor de ingang van het fort. Na het bezoek, bij het verlaten van het fort, is er bij ieder mens maar één gedachte mogelijk: “Dit nooit meer!”.
Dit boek gaat in op de betekenis van kampen zoals Breendonk op de hedendaagse samenleving. Het komt daarbij tot de vaststelling dat een democratie nooit uit het oog mag verliezen dat waarden zoals vrijheid, tolerantie en respect nooit definitief verworven zijn. Een voortdurende waakzaamheid blijft geboden.
Carl Ceulemans is docent aan het Departement Gedragswetenschappen – Leerstoel Filosofie van de Koninklijke Militaire School. Jean-Michel Sterkendries is hoogleraar aan het Departement Conflictstudies – Leerstoel Geschiedenis van de Koninklijke Militaire School.
In de media:
Bijdragen tot de eigentijdse geschiedenis - nr. 23
Het fort van Breendonk. Over oorlog, mensenrechten, herinnering
Breendonk, dat vandaag de dag een Nationaal Gedenkteken vormt, is een onvervangbare getuige van het systeem van de naziconcentratiekampen. Iedere dag weer stoppen er heel wat bussen met bezoekers, vaak scholieren, voor de ingang van het fort. Na het bezoek, bij het verlaten van het fort, is er bij ieder mens maar één gedachte mogelijk: “Dit nooit meer!”.
Dit boek gaat in op de betekenis van kampen zoals Breendonk op de hedendaagse samenleving. Het komt daarbij tot de vaststelling dat een democratie nooit uit het oog mag verliezen dat waarden zoals vrijheid, tolerantie en respect nooit definitief verworven zijn. Een voortdurende waakzaamheid blijft geboden.
Carl Ceulemans is docent aan het Departement Gedragswetenschappen – Leerstoel Filosofie van de Koninklijke Militaire School. Jean-Michel Sterkendries is hoogleraar aan het Departement Conflictstudies – Leerstoel Geschiedenis van de Koninklijke Militaire School.
In de media:
Bijdragen tot de eigentijdse geschiedenis - nr. 23
Tien keer beter! 3 Verbeteren van onderwijspraktijk door onderzoek (Reeks Praktijk in Onderzoek, nr. 6)
Kete Kervezee (voorzitter PO-raad) over de Master SEN:
“Deze kwaliteitsimpuls is nodig voor alle geledingen binnen het onderwijs: de leraar, de schoolleider en het schoolbestuur. Resultaatgericht werken lukt alleen met professionals, die voldoende basisscholing hebben en bereid zijn om dagelijks bij te leren van collega’s en van specialisten.”
Tien keer beter! 3 Verbeteren van onderwijspraktijk door onderzoek (Reeks Praktijk in Onderzoek, nr. 6)
Kete Kervezee (voorzitter PO-raad) over de Master SEN:
“Deze kwaliteitsimpuls is nodig voor alle geledingen binnen het onderwijs: de leraar, de schoolleider en het schoolbestuur. Resultaatgericht werken lukt alleen met professionals, die voldoende basisscholing hebben en bereid zijn om dagelijks bij te leren van collega’s en van specialisten.”
Actie-onderzoek door docenten: uitvoering en begeleiding in theorie en praktijk – 2de licht gewijzigde uitgave
Zij bespreekt uitgebreid de literatuur over actieonderzoek in relatie tot literatuur over de ontwikkeling van professionele kennis. Nederlandse en buitenlandse ervaringen illustreren de theorie. Via een casestudie in zes scholen voor voortgezet onderwijs laat zij vervolgens zien dat zowel het leren uitvoeren als het leren begeleiden van actieonderzoek complex maar succesvol kan zijn. De complexiteit zit niet zozeer in de procedurele uitvoering van actieonderzoek op zich, maar in het gegeven dat docenten langzamerhand verschillende handelingen tegelijkertijd eigen moeten maken, handelingen waar zij niet aan gewend zijn. Bovendien maken zij een aantal ontwikkelingen door in hun professionele oriëntaties. Begeleiders zijn succesvoller naarmate zij docenten al doende, ter plekke en bij herhaling steun bieden.
Met haar publicatie maakt Petra Ponte een internationale trend toegankelijk voor de Nederlandse situatie. Hiermee levert zij een belangrijke bijdrage aan de professionalisering van zowel het beroep van docenten als het beroep van opleiders en begeleiders.
Actie-onderzoek door docenten: uitvoering en begeleiding in theorie en praktijk – 2de licht gewijzigde uitgave
Zij bespreekt uitgebreid de literatuur over actieonderzoek in relatie tot literatuur over de ontwikkeling van professionele kennis. Nederlandse en buitenlandse ervaringen illustreren de theorie. Via een casestudie in zes scholen voor voortgezet onderwijs laat zij vervolgens zien dat zowel het leren uitvoeren als het leren begeleiden van actieonderzoek complex maar succesvol kan zijn. De complexiteit zit niet zozeer in de procedurele uitvoering van actieonderzoek op zich, maar in het gegeven dat docenten langzamerhand verschillende handelingen tegelijkertijd eigen moeten maken, handelingen waar zij niet aan gewend zijn. Bovendien maken zij een aantal ontwikkelingen door in hun professionele oriëntaties. Begeleiders zijn succesvoller naarmate zij docenten al doende, ter plekke en bij herhaling steun bieden.
Met haar publicatie maakt Petra Ponte een internationale trend toegankelijk voor de Nederlandse situatie. Hiermee levert zij een belangrijke bijdrage aan de professionalisering van zowel het beroep van docenten als het beroep van opleiders en begeleiders.
Psychoanalyse en neurowetenschap. De geest in de machine (Psychoanalytisch Actueel, nr. 14)
Er zijn wel nog vele vragen. Is het vandaag nog mogelijk kwesties van geheugen, bewustzijn en onbewuste processen los van hun fysiologisch correlaat te onderzoeken? Kunnen de neurowetenschappen theorieën over ontwikkeling, mentale structuur en functie, psychopathologie en behandeling helpen valideren? Kunnen verschillende metapsychologische stromingen aan neurowetenschappelijke bevindingen worden gecorreleerd of leiden ze tot tegenstrijdige gegevens? Zou de recente discipline van de neuropsychoanalyse een overkoepelende theorie kunnen leveren, waarin inzichten uit de neurowetenschappen worden geïntegreerd met een psychoanalytische aandacht voor de subjectieve ervaring?
Ariane Bazan is psychoanalytica, doctor in de biologie en in de psychologie en professor klinische psychologie aan de Université Libre de Bruxelles. Mark Kinet is psychiater, (klinisch) psychotherapeut en psychoanalyticus. Hij is coördinator van de reeks ‘Psychoanalytisch Actueel’.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Psychoanalyse en neurowetenschap. De geest in de machine (Psychoanalytisch Actueel, nr. 14)
Er zijn wel nog vele vragen. Is het vandaag nog mogelijk kwesties van geheugen, bewustzijn en onbewuste processen los van hun fysiologisch correlaat te onderzoeken? Kunnen de neurowetenschappen theorieën over ontwikkeling, mentale structuur en functie, psychopathologie en behandeling helpen valideren? Kunnen verschillende metapsychologische stromingen aan neurowetenschappelijke bevindingen worden gecorreleerd of leiden ze tot tegenstrijdige gegevens? Zou de recente discipline van de neuropsychoanalyse een overkoepelende theorie kunnen leveren, waarin inzichten uit de neurowetenschappen worden geïntegreerd met een psychoanalytische aandacht voor de subjectieve ervaring?
Ariane Bazan is psychoanalytica, doctor in de biologie en in de psychologie en professor klinische psychologie aan de Université Libre de Bruxelles. Mark Kinet is psychiater, (klinisch) psychotherapeut en psychoanalyticus. Hij is coördinator van de reeks ‘Psychoanalytisch Actueel’.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Dingske-Handleiding bij het beeldboek
Deze bijhorende Handleiding is vooral bedoeld voor ondersteuners van mensen met een verstandelijke beperking. De stijgende levensverwachting van personen met een verstandelijke beperking in het algemeen en mensen met downsyndroom in het bijzonder, zorgt voor een sterke stijging van het aantal mensen met dementie. Dementie brengt nieuwe uitdagingen en vragen met zich mee voor de hulpverleners, familieleden en de persoon met een beperking zelf. Om hiermee om te gaan is het belangrijk om in een sfeer van open communicatie inzicht te krijgen in wat er precies aan de hand is en wat de toekomst zal brengen. De Handleiding geeft tips en mogelijkheden om het beeldboek ‘op maat’ van personen met een verstandelijke beperking te gebruiken als instrument om hen over het thema ‘dementie’ te informeren en hierover met hen in dialoog te gaan. Ze kan ook ouders, familieleden, leerkrachten en artsen inspireren om dit beeldboek in te zetten in de communicatie over dementie. Sofie Sergeant is orthopedagoge en educatief medewerker bij Vormingscentrum Handicum.
Patrick Verhaest is psycholoog en wetenschappelijk medewerker bij het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen.
Dingske-Handleiding bij het beeldboek
Deze bijhorende Handleiding is vooral bedoeld voor ondersteuners van mensen met een verstandelijke beperking. De stijgende levensverwachting van personen met een verstandelijke beperking in het algemeen en mensen met downsyndroom in het bijzonder, zorgt voor een sterke stijging van het aantal mensen met dementie. Dementie brengt nieuwe uitdagingen en vragen met zich mee voor de hulpverleners, familieleden en de persoon met een beperking zelf. Om hiermee om te gaan is het belangrijk om in een sfeer van open communicatie inzicht te krijgen in wat er precies aan de hand is en wat de toekomst zal brengen. De Handleiding geeft tips en mogelijkheden om het beeldboek ‘op maat’ van personen met een verstandelijke beperking te gebruiken als instrument om hen over het thema ‘dementie’ te informeren en hierover met hen in dialoog te gaan. Ze kan ook ouders, familieleden, leerkrachten en artsen inspireren om dit beeldboek in te zetten in de communicatie over dementie. Sofie Sergeant is orthopedagoge en educatief medewerker bij Vormingscentrum Handicum.
Patrick Verhaest is psycholoog en wetenschappelijk medewerker bij het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen.
Autonomie. Hoe word ik een persoonlijkheid in een turbulente wereld?
Maar dit boek richt zich op de individuele mens, hoe hij anders kan leven, gelukkig kan zijn en daardoor economische rampen en milieurampen kan voorkomen. Het gaat over autonome zelfbepaling en inspireert het individu om een levenskunst te ontwikkelen die leidt tot duurzaam geluk en zingeving in leven en werken, individueel en sociaal, onafhankelijk van overmatige productie en consumptie. Als we over het vermogen beschikken om onze waarneming te verdiepen, hebben we in ons leven minder nodig om gelukkig te zijn.
Het boek is kritisch, prikkelend en uitdagend en zet mensen aan het denken. Het is geschreven tegen de achtergrond van de filosofie van de levenskunst en positieve psychologie, met een stimulans om die in het dagelijkse leven toe te passen.
Henk Smeijsters studeerde piano bij Jean Antonietti, sociale pedagogiek, andragogiek en muziekwetenschap aan de toenmalige Katholieke Universiteit Nijmegen, waar hij ook promoveerde. Hij was docent muziekpsychologie, muziektherapie, creatieve therapie en onderzoeker aan deze universiteit en aan verscheidene hogescholen. Sinds 2003 is hij lector van KenVaK Kenniskring Kennisontwikkeling Vaktherapieën van de Hogeschool Zuyd, Hogeschool Utrecht, ArtEZ-Hogeschool en de Stenden-Hogeschool. Daarnaast is hij hoofdopleider van de Master of Arts Therapies van de Hogeschool Zuyd en co-promotor van diverse universitaire promoties op het terrein van de vaktherapie. Hij publiceerde veelvuldig in binnen- en buitenland.
In de media:
"Het is een boek waar velen inspiratie en kracht zullen uithalen."
Caleidoscoop (jrg. 25, nr. 2, blz. 42)
Autonomie. Hoe word ik een persoonlijkheid in een turbulente wereld?
Maar dit boek richt zich op de individuele mens, hoe hij anders kan leven, gelukkig kan zijn en daardoor economische rampen en milieurampen kan voorkomen. Het gaat over autonome zelfbepaling en inspireert het individu om een levenskunst te ontwikkelen die leidt tot duurzaam geluk en zingeving in leven en werken, individueel en sociaal, onafhankelijk van overmatige productie en consumptie. Als we over het vermogen beschikken om onze waarneming te verdiepen, hebben we in ons leven minder nodig om gelukkig te zijn.
Het boek is kritisch, prikkelend en uitdagend en zet mensen aan het denken. Het is geschreven tegen de achtergrond van de filosofie van de levenskunst en positieve psychologie, met een stimulans om die in het dagelijkse leven toe te passen.
Henk Smeijsters studeerde piano bij Jean Antonietti, sociale pedagogiek, andragogiek en muziekwetenschap aan de toenmalige Katholieke Universiteit Nijmegen, waar hij ook promoveerde. Hij was docent muziekpsychologie, muziektherapie, creatieve therapie en onderzoeker aan deze universiteit en aan verscheidene hogescholen. Sinds 2003 is hij lector van KenVaK Kenniskring Kennisontwikkeling Vaktherapieën van de Hogeschool Zuyd, Hogeschool Utrecht, ArtEZ-Hogeschool en de Stenden-Hogeschool. Daarnaast is hij hoofdopleider van de Master of Arts Therapies van de Hogeschool Zuyd en co-promotor van diverse universitaire promoties op het terrein van de vaktherapie. Hij publiceerde veelvuldig in binnen- en buitenland.
In de media:
"Het is een boek waar velen inspiratie en kracht zullen uithalen."
Caleidoscoop (jrg. 25, nr. 2, blz. 42)
Spreken, zwijgen, … schrijven. Psychoanalyse en taal (Reeks Psychoanalyse en cultuur, nr. 1)
Peter Verstraten is universitair docent Intermediale Literatuurwetenschap in Leiden. Marc De Kesel is lector Filosofie aan de Arteveldehogeschool te Gent en senior onderzoeker aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Sjef Houppermans is universitair hoofddocent moderne Franse Letterkunde aan de Universiteit Leiden.
"Alle bijdragen zijn zeer de moeite waard gelezen te worden en zet de lezer aan het denken"
MGv (jrg. 68, nr. 4, blz. 190)
Reeks: Psychoanalyse en Cultuur
Nr. 1: Spreken, zwijgen, ... schrijven. Psychoanalyse en taal
P. Verstraten, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)
Nr. 2: Het nieuwe onbehagen in de cultuur
M. Kinet, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)
Nr. 3: De bedrieger bedrogen
S. Houppermans, M. Kinet & M. De Kesel(Red.)
Nr. 4: For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot.
Mark Kinet, Marc De Kesel & Sjef Houppermans (Red.)
Voor de publicaties sinds 1990 zie www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Spreken, zwijgen, … schrijven. Psychoanalyse en taal (Reeks Psychoanalyse en cultuur, nr. 1)
Peter Verstraten is universitair docent Intermediale Literatuurwetenschap in Leiden. Marc De Kesel is lector Filosofie aan de Arteveldehogeschool te Gent en senior onderzoeker aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Sjef Houppermans is universitair hoofddocent moderne Franse Letterkunde aan de Universiteit Leiden.
"Alle bijdragen zijn zeer de moeite waard gelezen te worden en zet de lezer aan het denken"
MGv (jrg. 68, nr. 4, blz. 190)
Reeks: Psychoanalyse en Cultuur
Nr. 1: Spreken, zwijgen, ... schrijven. Psychoanalyse en taal
P. Verstraten, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)
Nr. 2: Het nieuwe onbehagen in de cultuur
M. Kinet, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)
Nr. 3: De bedrieger bedrogen
S. Houppermans, M. Kinet & M. De Kesel(Red.)
Nr. 4: For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot.
Mark Kinet, Marc De Kesel & Sjef Houppermans (Red.)
Voor de publicaties sinds 1990 zie www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs
Dit boek gaat in op de vraag wat scholen jongeren aan burgerschap willen leren, welk beleid ze daartoe ontwikkelen, welke pedagogischdidactische strategieën ze hanteren, en wat in de praktijk effectief is gebleken. Scholen voor burgerschap bundelt de kennis over het werken aan burgerschapsvorming in het Nederlandse onderwijs, en plaatst deze in internationaal perspectief.
De bijdragen in dit boek komen in belangrijke mate voort uit het werk van de Alliantie Burgerschap.
Jules Peschar is emeritus hoogleraar onderwijssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was jarenlang betrokken bij de ontwikkeling van internationale onderwijsindicatoren, ondermeer op het terrein van cross-curriculaire competenties.
Hans Hooghoff is als manager unit Maatschappelijke Thema’s verbonden aan SLO, het nationaal expertiescentrum voor leerplanontwikkeling.
Anne Bert Dijkstra is verbonden aan de Inspectie van het Onderwijs en geeft daar leiding aan programma’s op het terrein van burgerschap, sociale veiligheid en sociale opbrengsten van onderwijs.
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is nauw betrokken bij onderzoek naar burgerschapseducatie en is een van de auteurs van het meetinstrument Burgerschap.
Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs
Dit boek gaat in op de vraag wat scholen jongeren aan burgerschap willen leren, welk beleid ze daartoe ontwikkelen, welke pedagogischdidactische strategieën ze hanteren, en wat in de praktijk effectief is gebleken. Scholen voor burgerschap bundelt de kennis over het werken aan burgerschapsvorming in het Nederlandse onderwijs, en plaatst deze in internationaal perspectief.
De bijdragen in dit boek komen in belangrijke mate voort uit het werk van de Alliantie Burgerschap.
Jules Peschar is emeritus hoogleraar onderwijssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was jarenlang betrokken bij de ontwikkeling van internationale onderwijsindicatoren, ondermeer op het terrein van cross-curriculaire competenties.
Hans Hooghoff is als manager unit Maatschappelijke Thema’s verbonden aan SLO, het nationaal expertiescentrum voor leerplanontwikkeling.
Anne Bert Dijkstra is verbonden aan de Inspectie van het Onderwijs en geeft daar leiding aan programma’s op het terrein van burgerschap, sociale veiligheid en sociale opbrengsten van onderwijs.
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is nauw betrokken bij onderzoek naar burgerschapseducatie en is een van de auteurs van het meetinstrument Burgerschap.
Generaties onder één dak. Succesvol samenwonen in een kangoeroe-,zorg-en meergeneratiewoning
Meergeneratiewonen zit in de lift. Steeds vaker delen twee of zelfs drie generaties een woning. De voordelen zijn duidelijk: een gratis babysit en boodschappendienst, een buffer tegen eenzaamheid, een warme zorg in moeilijke tijden. Maar er zijn ook risico’s: minder privacy, een zorglast die te zwaar kan worden, …
Dit boek bespreekt uitgebreid alle aspecten van meergeneratiewonen: de financiële aspecten (naar Belgisch recht), zorgen voor elkaar, omgaan met conflicten … Het bevat waardevolle juridische en fiscale informatie en geeft concrete tips om zaken samen te bespreken en aan te pakken. Bovendien delen twintig gezinnen hun ervaringen over deze vorm van wonen. Hun getuigenissen zijn gebaseerd op interviews met studenten gezinswetenschappen. Het boek is een gids voor iedereen die overweegt om met meer generaties onder één dak te gaan leven.
Miet Timmers is docent in de opleiding Gezinswetenschappen van de Odisee Hogeschool in Brussel en erkend bemiddelaar. Ze verdiept zich in het samenspel tussen generaties in families en organisaties.
Generaties onder één dak. Succesvol samenwonen in een kangoeroe-,zorg-en meergeneratiewoning
Meergeneratiewonen zit in de lift. Steeds vaker delen twee of zelfs drie generaties een woning. De voordelen zijn duidelijk: een gratis babysit en boodschappendienst, een buffer tegen eenzaamheid, een warme zorg in moeilijke tijden. Maar er zijn ook risico’s: minder privacy, een zorglast die te zwaar kan worden, …
Dit boek bespreekt uitgebreid alle aspecten van meergeneratiewonen: de financiële aspecten (naar Belgisch recht), zorgen voor elkaar, omgaan met conflicten … Het bevat waardevolle juridische en fiscale informatie en geeft concrete tips om zaken samen te bespreken en aan te pakken. Bovendien delen twintig gezinnen hun ervaringen over deze vorm van wonen. Hun getuigenissen zijn gebaseerd op interviews met studenten gezinswetenschappen. Het boek is een gids voor iedereen die overweegt om met meer generaties onder één dak te gaan leven.
Miet Timmers is docent in de opleiding Gezinswetenschappen van de Odisee Hogeschool in Brussel en erkend bemiddelaar. Ze verdiept zich in het samenspel tussen generaties in families en organisaties.
Anders denken. Filosoferen vanaf de basisschool
Catherine C. McCall is verbonden aan de universiteit van Strathclyde in Schotland en is voorzitter van Stichting SOPHIA, de Europese stichting ter bevordering van het filosoferen met kinderen, en een lid van het Raadgevend Comité voor ICPIC - International Council for Philosophical Inquiry with Children.
Anders denken. Filosoferen vanaf de basisschool
Catherine C. McCall is verbonden aan de universiteit van Strathclyde in Schotland en is voorzitter van Stichting SOPHIA, de Europese stichting ter bevordering van het filosoferen met kinderen, en een lid van het Raadgevend Comité voor ICPIC - International Council for Philosophical Inquiry with Children.
De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller (Academisch Literair, nr. 3)
In dit boek onderzoekt Lars Bernaerts die problematiek door een analyse van waanzinnige vertellers en hun retoriek. Hij gaat in op de beelden van waanzin die in literatuur vaak gebruikt worden en ontwerpt een kader om de taal van de ik-vertellers nauwkeurig te analyseren. Dat model bestaat uit verteltheorie, theorieën van narratieve onbetrouwbaarheid en de theorie van taalhandelingen. Met voorbeelden uit de Nederlandse literatuur en uit de westerse literaire canon wordt een en ander aanschouwelijk gemaakt. Ten slotte presenteert deze studie een zorgvuldige en vernieuwende lectuur van drie romans: Waarom ik niet krankzinnig ben van Maurits Dekker, De man die zijn haar kort liet knippen van Johan Daisne en De verwondering van Hugo Claus.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Lars Bernaerts doceert literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit Brussel en is als onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Letterkunde van de Universiteit Gent . Hij publiceert over verteltheorie, over waanzin in literatuur en over modern proza uit Nederland en Vlaanderen.
In de media:
"De retoriek van waanzin is een boek dat - zoals het een boek over taalhandelingen past - ondanks grote complexiteit en techniciteit van het thema zijn lezer niet uit het oog verliest. Door de precieze formuleringen en opbouw, de zorgvuldige omgang met bronnen (parafrases en vertalingen), de geslaagde verbinding van theoretische beschouwingen en concrete illustraties van het potentieel van deze beschouwingen heeft het zijn ambitieuze opzet waargemaakt: een combinatie van narratologie en taalhandelingsanalyse die nieuwe mogelijkheden biedt voor verder onderzoek."
Internationale Neerlandistiek, jrg. 50, nr. 2
"Het aangeboden inzicht getuigt van een literatuurwetenschappelijke grondigheid en expertise die de representatie van waanzin, in haar narratieve functie, tot in de kleinste hoekjes verkent en volledig tot haar recht laten komen."
Arnout De Cleene, FWO Vlaanderen, KU Leuven, Spiegel der Letteren 54(3), 386-388
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller (Academisch Literair, nr. 3)
In dit boek onderzoekt Lars Bernaerts die problematiek door een analyse van waanzinnige vertellers en hun retoriek. Hij gaat in op de beelden van waanzin die in literatuur vaak gebruikt worden en ontwerpt een kader om de taal van de ik-vertellers nauwkeurig te analyseren. Dat model bestaat uit verteltheorie, theorieën van narratieve onbetrouwbaarheid en de theorie van taalhandelingen. Met voorbeelden uit de Nederlandse literatuur en uit de westerse literaire canon wordt een en ander aanschouwelijk gemaakt. Ten slotte presenteert deze studie een zorgvuldige en vernieuwende lectuur van drie romans: Waarom ik niet krankzinnig ben van Maurits Dekker, De man die zijn haar kort liet knippen van Johan Daisne en De verwondering van Hugo Claus.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Lars Bernaerts doceert literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit Brussel en is als onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Letterkunde van de Universiteit Gent . Hij publiceert over verteltheorie, over waanzin in literatuur en over modern proza uit Nederland en Vlaanderen.
In de media:
"De retoriek van waanzin is een boek dat - zoals het een boek over taalhandelingen past - ondanks grote complexiteit en techniciteit van het thema zijn lezer niet uit het oog verliest. Door de precieze formuleringen en opbouw, de zorgvuldige omgang met bronnen (parafrases en vertalingen), de geslaagde verbinding van theoretische beschouwingen en concrete illustraties van het potentieel van deze beschouwingen heeft het zijn ambitieuze opzet waargemaakt: een combinatie van narratologie en taalhandelingsanalyse die nieuwe mogelijkheden biedt voor verder onderzoek."
Internationale Neerlandistiek, jrg. 50, nr. 2
"Het aangeboden inzicht getuigt van een literatuurwetenschappelijke grondigheid en expertise die de representatie van waanzin, in haar narratieve functie, tot in de kleinste hoekjes verkent en volledig tot haar recht laten komen."
Arnout De Cleene, FWO Vlaanderen, KU Leuven, Spiegel der Letteren 54(3), 386-388
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Zwerfjongeren begeleiden. Versterken van hun sociale netwerken
Aandacht voor het sociale netwerk schiet er in de drukte van het regelen en begeleiden nogal eens bij in en wordt vaak voor het nazorgtraject bewaard. Ambulante begeleiders vinden het lastig om jongeren die hun sociale relaties verbruikt hebben of het huis zijn uitgezet, te motiveren tot herstel van oude en het aangaan van nieuwe contacten. Toch is een stabiel netwerk dat een vangnet biedt na een begeleidingstraject, onmisbaar om een zwervend bestaan definitief de rug toe te keren.
Hoe doe je dat, zwerfjongeren helpen een netwerk op te bouwen? Deze vraag staat centraal in dit boek, dat is voortgekomen uit gesprekken in het werkveld en is uitgewerkt met twee instellingen die begeleiding bieden aan zwerfjongeren. Het boek concentreert zich op het uitproberen en evalueren van instrumenten die kunnen helpen om het netwerk samen met jongeren in kaart te brengen, oude contacten te herstellen en nieuwe relaties aan te gaan. Relaties die in de toekomst sociale, emotionele en praktische steun kunnen geven.
Pauline Naber, Ido Sap en Marjolein Bijvoets zijn verbonden aan het Lectoraat Leefwerelden van Jeugd & School of Social Work van de Hogeschool inholland.
Zwerfjongeren begeleiden. Versterken van hun sociale netwerken
Aandacht voor het sociale netwerk schiet er in de drukte van het regelen en begeleiden nogal eens bij in en wordt vaak voor het nazorgtraject bewaard. Ambulante begeleiders vinden het lastig om jongeren die hun sociale relaties verbruikt hebben of het huis zijn uitgezet, te motiveren tot herstel van oude en het aangaan van nieuwe contacten. Toch is een stabiel netwerk dat een vangnet biedt na een begeleidingstraject, onmisbaar om een zwervend bestaan definitief de rug toe te keren.
Hoe doe je dat, zwerfjongeren helpen een netwerk op te bouwen? Deze vraag staat centraal in dit boek, dat is voortgekomen uit gesprekken in het werkveld en is uitgewerkt met twee instellingen die begeleiding bieden aan zwerfjongeren. Het boek concentreert zich op het uitproberen en evalueren van instrumenten die kunnen helpen om het netwerk samen met jongeren in kaart te brengen, oude contacten te herstellen en nieuwe relaties aan te gaan. Relaties die in de toekomst sociale, emotionele en praktische steun kunnen geven.
Pauline Naber, Ido Sap en Marjolein Bijvoets zijn verbonden aan het Lectoraat Leefwerelden van Jeugd & School of Social Work van de Hogeschool inholland.
Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920) (Academisch Literair, nr. 2)
Niettemin waren ze en zijn ze nog steeds stevig met elkaar verbonden. Wetenschap opereert niet vanuit een luchtledig autonoom domein; ze maakt deel uit van een cultuur en tot die cultuur behoort ook de literatuur. En omgekeerd geven schrijvers gewild of ongewild hun eigen interpretaties aan wetenschappelijke ontdekkingen en theorieën die op een of andere manier tot hen komen. Zeker in het verleden, voordat de grote concurrentie van televisie en internet inzette, speelde de literatuur in het verspreiden en ‘vertalen’ van wetenschappelijke kennis een belangrijke rol.
Gedeelde kennis maakt dit fascinerende en complexe proces van kruisbestuiving tussen literatuur en wetenschap zichtbaar aan de hand van een aantal thema’s uit verschillende wetenschapsgebieden, zoals evolutie, hysterie, hypnotisme, smetvrees, occultisme en de vierde dimensie.
Literatuur amuseert en ontroert niet alleen, literatuur brengt ook kennis over. Dat deed ze vroeger en dan doet ze nu nog steeds. Gedeelde kennis laat deze onvermoede kant van de literatuur zien.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Mary Kemperink is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Haar literatuuronderzoek kenmerkt zich door een cultuurhistorische invalshoek, waarbij het accent steeds meer is komen te liggen op de relatie tussen literatuur en wetenschap. Zij is gespecialiseerd in de periode van het fin de siècle en publiceert regelmatig over het proza, de poëzie en het toneel van deze periode. In 2001 verscheen van haar het boek Het verloren paradijs. De Nederlandse literatuur en cultuur van het fin de siècle.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920) (Academisch Literair, nr. 2)
Niettemin waren ze en zijn ze nog steeds stevig met elkaar verbonden. Wetenschap opereert niet vanuit een luchtledig autonoom domein; ze maakt deel uit van een cultuur en tot die cultuur behoort ook de literatuur. En omgekeerd geven schrijvers gewild of ongewild hun eigen interpretaties aan wetenschappelijke ontdekkingen en theorieën die op een of andere manier tot hen komen. Zeker in het verleden, voordat de grote concurrentie van televisie en internet inzette, speelde de literatuur in het verspreiden en ‘vertalen’ van wetenschappelijke kennis een belangrijke rol.
Gedeelde kennis maakt dit fascinerende en complexe proces van kruisbestuiving tussen literatuur en wetenschap zichtbaar aan de hand van een aantal thema’s uit verschillende wetenschapsgebieden, zoals evolutie, hysterie, hypnotisme, smetvrees, occultisme en de vierde dimensie.
Literatuur amuseert en ontroert niet alleen, literatuur brengt ook kennis over. Dat deed ze vroeger en dan doet ze nu nog steeds. Gedeelde kennis laat deze onvermoede kant van de literatuur zien.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Mary Kemperink is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Haar literatuuronderzoek kenmerkt zich door een cultuurhistorische invalshoek, waarbij het accent steeds meer is komen te liggen op de relatie tussen literatuur en wetenschap. Zij is gespecialiseerd in de periode van het fin de siècle en publiceert regelmatig over het proza, de poëzie en het toneel van deze periode. In 2001 verscheen van haar het boek Het verloren paradijs. De Nederlandse literatuur en cultuur van het fin de siècle.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
De kunst van communiceren. Handboek
Communicatie is een bepalende factor in ons leven. Omdat mensen onderling afhankelijk van elkaar zijn, dienen we effectief te communiceren, zodat wij krijgen wat we nodig hebben en de ander ook krijgt wat die nodig heeft. Hierdoor behouden we onze authenticiteit.
Vrijwel alle problemen en conflicten tussen mensen zijn terug te voeren tot ineffectieve communicatie. Hoe meer sturing we kunnen geven aan onze communicatie hoe meer wij in staat zijn onze relaties te beheren. Relatiebeheer in het werk, in het gezin en de familie, met vrienden en kennissen, in vrije tijd en ook, en daar begint het, met ons zelf.
De communicatie zit vol voetangels en klemmen. Zo verwarren we bijvoorbeeld regelmatig onze interpretatie met feiten of denken we dat ons oordeel de waarheid is en gaan daarmee voorbij aan onze eigen verantwoordelijkheid voor het communicatieproces. Het communicatieproces is complex, mede door de rijkdom van denken, voelen, willen, verlangen, dromen en wensen. Die complexiteit vraagt om transparantie.
Alhoewel communiceren ons natuurlijk vermogen is, blijkt telkens weer dat we handvatten nodig hebben. Bewustzijn van hoe we communiceren en hoe we handvatten kunnen gebruiken geeft ons kracht en draagt bij aan ons welbevinden.
Handvatten zijn o.a. de modellen van luisteren, feedback en Geweldloze Communicatie. Praktisch, direct toepasbaar en aansluitend op onze natuurlijke vermogens. Door het inzetten van wezenlijke nieuwsgierigheid, door gevoelens en behoeften te gebruiken zonder ‘soft’ te worden en door vorm te geven aan wat we willen, zijn we in staat contacten te leggen en te onderhouden die effectief, bevredigend en inspirerend zijn.
Inga Teekens is communicatiedeskundige en auteur. Zij introduceerde het model van Geweldloze Communicatie in het Nederlands taalgebied en richtte Authenta op, Centrum voor Authentieke en Geweldloze Communicatie, gevestigd in Den Haag. Teekens ontwikkelt communicatiemiddelen, coacht mensen, bemiddelt in conflicten, begeleidt cultuurveranderingstrajecten, leidt mensen op en geeft trainingen.
De kunst van communiceren. Handboek
Communicatie is een bepalende factor in ons leven. Omdat mensen onderling afhankelijk van elkaar zijn, dienen we effectief te communiceren, zodat wij krijgen wat we nodig hebben en de ander ook krijgt wat die nodig heeft. Hierdoor behouden we onze authenticiteit.
Vrijwel alle problemen en conflicten tussen mensen zijn terug te voeren tot ineffectieve communicatie. Hoe meer sturing we kunnen geven aan onze communicatie hoe meer wij in staat zijn onze relaties te beheren. Relatiebeheer in het werk, in het gezin en de familie, met vrienden en kennissen, in vrije tijd en ook, en daar begint het, met ons zelf.
De communicatie zit vol voetangels en klemmen. Zo verwarren we bijvoorbeeld regelmatig onze interpretatie met feiten of denken we dat ons oordeel de waarheid is en gaan daarmee voorbij aan onze eigen verantwoordelijkheid voor het communicatieproces. Het communicatieproces is complex, mede door de rijkdom van denken, voelen, willen, verlangen, dromen en wensen. Die complexiteit vraagt om transparantie.
Alhoewel communiceren ons natuurlijk vermogen is, blijkt telkens weer dat we handvatten nodig hebben. Bewustzijn van hoe we communiceren en hoe we handvatten kunnen gebruiken geeft ons kracht en draagt bij aan ons welbevinden.
Handvatten zijn o.a. de modellen van luisteren, feedback en Geweldloze Communicatie. Praktisch, direct toepasbaar en aansluitend op onze natuurlijke vermogens. Door het inzetten van wezenlijke nieuwsgierigheid, door gevoelens en behoeften te gebruiken zonder ‘soft’ te worden en door vorm te geven aan wat we willen, zijn we in staat contacten te leggen en te onderhouden die effectief, bevredigend en inspirerend zijn.
Inga Teekens is communicatiedeskundige en auteur. Zij introduceerde het model van Geweldloze Communicatie in het Nederlands taalgebied en richtte Authenta op, Centrum voor Authentieke en Geweldloze Communicatie, gevestigd in Den Haag. Teekens ontwikkelt communicatiemiddelen, coacht mensen, bemiddelt in conflicten, begeleidt cultuurveranderingstrajecten, leidt mensen op en geeft trainingen.
Docent in het voortgezet Montessori-onderwijs (Montessori Mededelingen boeken, nr. 3)
Het document over het docentschap onderscheidt een vijftal rubrieken waarbinnen het werk van de montessorileraar zich afspeelt. Per rubriek worden verschillende aspecten beschreven en nader uitgewerkt. Voor deze uitgave zijn tien docenten en schoolleiders geinterviewd. Citaten uit deze interviews zijn aan het document toegevoegd om zo een levendig beeld te schetsen van de onderwijspraktijk.
Michael Rubinstein was docent aan een school voor voortgezet montessori- onderwijs en werkt nu als zelfstandig onderwijsadviseur. Hij is mededirecteur van het Montessori Kenniscentrum.
Docent in het voortgezet Montessori-onderwijs (Montessori Mededelingen boeken, nr. 3)
Het document over het docentschap onderscheidt een vijftal rubrieken waarbinnen het werk van de montessorileraar zich afspeelt. Per rubriek worden verschillende aspecten beschreven en nader uitgewerkt. Voor deze uitgave zijn tien docenten en schoolleiders geinterviewd. Citaten uit deze interviews zijn aan het document toegevoegd om zo een levendig beeld te schetsen van de onderwijspraktijk.
Michael Rubinstein was docent aan een school voor voortgezet montessori- onderwijs en werkt nu als zelfstandig onderwijsadviseur. Hij is mededirecteur van het Montessori Kenniscentrum.
Handboek bijzondere orthopedagogiek (Kop-serie, nr. 7)
Door de verschillende vormen van handicap die mensen kunnen hebben bijeen te brengen, biedt die boek een totaalbeeld voor iedereen die een inzicht wil verwerven in de bijzondere behoeften van die mensen en de aangewezen ondersteuning. Voor studenten uit diverse opleidingen is het een aangewezen basisstudieboek. Het is ook zeer geschikt voor wie reeds in de praktijk staat, als referentiekader voor zijn eigen handelen.
Het handboek is een werkstuk van de Vakgroep Orthopedagogiek van de Universiteit Gent waar aan de redacteurs (prof. dr. Eric Broeckaert, prof. dr. Geert Van Hove, prof. dr. Stijn Vandevelde, dr. Veerle Soyez en dr. Wouter Vanderplasschen) verbonden zijn. Deze elfde uitgave kwam mede tot stand in samenwerking met het departement Sociaal-Agogisch Werk van de Hogeschool Gent.
Handboek bijzondere orthopedagogiek (Kop-serie, nr. 7)
Door de verschillende vormen van handicap die mensen kunnen hebben bijeen te brengen, biedt die boek een totaalbeeld voor iedereen die een inzicht wil verwerven in de bijzondere behoeften van die mensen en de aangewezen ondersteuning. Voor studenten uit diverse opleidingen is het een aangewezen basisstudieboek. Het is ook zeer geschikt voor wie reeds in de praktijk staat, als referentiekader voor zijn eigen handelen.
Het handboek is een werkstuk van de Vakgroep Orthopedagogiek van de Universiteit Gent waar aan de redacteurs (prof. dr. Eric Broeckaert, prof. dr. Geert Van Hove, prof. dr. Stijn Vandevelde, dr. Veerle Soyez en dr. Wouter Vanderplasschen) verbonden zijn. Deze elfde uitgave kwam mede tot stand in samenwerking met het departement Sociaal-Agogisch Werk van de Hogeschool Gent.