Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Mentaliseren in beeldende vaktherapie. Met casuïstiek van Gizella Smet en Wijntje van der Ende

 40,10
Gehechtheidtheorie en ontwikkelingspsychologie vormen de pijlers van het concept mentaliseren en worden met veel voorbeeldmateriaal beschreven. Beeldmateriaal toont proceservaringen van cliënten in zowel kinder- als volwassene casuïstiek.

Met verve en passie worden de werkzame factoren van vaktherapie beeldend en muziek geanalyseerd, als het om mentaliseren in het medium gaat. Dit boek maakt het concept mentaliseren methodisch toegankelijk en vooral door het vele beeldmateriaal invoelbaar.

Met enige creativiteit zijn voorbeelden toepasbaar in andere vaktherapeutische media.

Het boek is boeiend lesmateriaal. Een inspiratiebron voor iedereen die geïnteresseerd is in mentaliseren.


Marianne Verfaille is beeldend therapeut, zij heeft meerdere publicaties op haar naam staan. In 2004 is zij haar ontdekkingstocht gestart naar de mogelijkheden die beeldende vaktherapie biedt om het mentaliserende vermogen bij cliënten te vergroten.

Quick View

Mentaliseren in beeldende vaktherapie. Met casuïstiek van Gizella Smet en Wijntje van der Ende

 40,10
Gehechtheidtheorie en ontwikkelingspsychologie vormen de pijlers van het concept mentaliseren en worden met veel voorbeeldmateriaal beschreven. Beeldmateriaal toont proceservaringen van cliënten in zowel kinder- als volwassene casuïstiek.

Met verve en passie worden de werkzame factoren van vaktherapie beeldend en muziek geanalyseerd, als het om mentaliseren in het medium gaat. Dit boek maakt het concept mentaliseren methodisch toegankelijk en vooral door het vele beeldmateriaal invoelbaar.

Met enige creativiteit zijn voorbeelden toepasbaar in andere vaktherapeutische media.

Het boek is boeiend lesmateriaal. Een inspiratiebron voor iedereen die geïnteresseerd is in mentaliseren.


Marianne Verfaille is beeldend therapeut, zij heeft meerdere publicaties op haar naam staan. In 2004 is zij haar ontdekkingstocht gestart naar de mogelijkheden die beeldende vaktherapie biedt om het mentaliserende vermogen bij cliënten te vergroten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Statistiek voor economen

 39,90
De economische wetenschap is een empirisch-wiskundige wetenschap. De rechtvaardiging van de kennis binnen deze wetenschap is immers afhankelijk van empirische observaties en tegelijk worden de theorieën op een wiskundige manier geformuleerd. Een econoom wordt dan ook verwacht in staat te zijn een economisch probleem op een wiskundige wijze te kunnen formuleren en op te lossen en de oplossing te toetsen aan de realiteit aan de hand van geobserveerde data. Om aan deze doelstellingen tegemoet te komen, is in een opleiding in de economische wetenschappen een basisscholing in wiskunde, statistiek en econometrie opgenomen.

Dit studieboek biedt hierbij een gepaste introductie tot de statistiek. Deel 1 loodst de lezer door de beschrijvende statistiek en behandelt het verzamelen en zinvol voorstellen en samenvatten van data. Deel 2 is een introductie tot kansrekenen. Elke statistische analyse steunt immers op het kansrekenen. Deel 3 sluit af met statistische besluitvorming. Met behulp van een statistisch model worden wetenschappelijke conclusies uit de data gehaald. Economische voorbeelden begeleiden de aangebrachte materie. Bij elk deel zijn er tientallen oefeningen voorzien. Een basiskennis van optimalisatie- en integratietechnieken volstaat. Zo kan de praktische betekenis van het kansrekenen en de (univariatie) statistiek verzoend worden met een zeker inzicht in de meer theoretische concepten.

Luc Lauwers doceert onder meer statistiek voor economen aan de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de KU Leuven en is er verbonden aan het Centrum voor Economische Studiën.

Quick View

Statistiek voor economen

 39,90
De economische wetenschap is een empirisch-wiskundige wetenschap. De rechtvaardiging van de kennis binnen deze wetenschap is immers afhankelijk van empirische observaties en tegelijk worden de theorieën op een wiskundige manier geformuleerd. Een econoom wordt dan ook verwacht in staat te zijn een economisch probleem op een wiskundige wijze te kunnen formuleren en op te lossen en de oplossing te toetsen aan de realiteit aan de hand van geobserveerde data. Om aan deze doelstellingen tegemoet te komen, is in een opleiding in de economische wetenschappen een basisscholing in wiskunde, statistiek en econometrie opgenomen.

Dit studieboek biedt hierbij een gepaste introductie tot de statistiek. Deel 1 loodst de lezer door de beschrijvende statistiek en behandelt het verzamelen en zinvol voorstellen en samenvatten van data. Deel 2 is een introductie tot kansrekenen. Elke statistische analyse steunt immers op het kansrekenen. Deel 3 sluit af met statistische besluitvorming. Met behulp van een statistisch model worden wetenschappelijke conclusies uit de data gehaald. Economische voorbeelden begeleiden de aangebrachte materie. Bij elk deel zijn er tientallen oefeningen voorzien. Een basiskennis van optimalisatie- en integratietechnieken volstaat. Zo kan de praktische betekenis van het kansrekenen en de (univariatie) statistiek verzoend worden met een zeker inzicht in de meer theoretische concepten.

Luc Lauwers doceert onder meer statistiek voor economen aan de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de KU Leuven en is er verbonden aan het Centrum voor Economische Studiën.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het raadsel autisme. Psychoanalytische psychotherapie? (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 17)

 20,50

Autisme en psychoanalytische psychotherapie: het is allerminst een evidente combinatie.

Redenen waarom je autisme ver weg zou houden van vroegere - en soms ook actuele -psychoanalyse hebben alles te maken met achterhaalde ideeën over ijskastmoeders die autisme veroorzaken en met autisten die via psychoanalyse van hun autisme genezen zouden kunnen worden. Het negeren van recentere psychoanalytische inzichten met betrekking tot autisme is terug te voeren tot het grote misverstand dat de psychoanalytische theorievorming en praktijk in dit domein zijn blijven stilstaan na Bettelheim. Tevens gaat men er vaak van uit dat de psychoanalyse niets meer zou kunnen betekenen voor mensen met autisme sinds we weten dat autisme als ontwikkelingsstoornis een biologische basis heeft.

Ondanks dit ‘weten’ blijft autisme in zijn diverse vormen een groot raadsel en een complexe opgave binnen de huidige hulpverlening. De behandeling ervan vereist zonder twijfel een multidisciplinaire aanpak. Naast een grondige diagnostiek zijn de begeleiding van ouders, schoolse en pedagogische ondersteuning van kinderen met autisme, van hun gezinnen en leerkrachten van essentieel belang.

Ook wanneer een problematiek biologisch gegrond is, dient er te worden nagedacht over beleving en betekenisgeving. De klinische praktijk moet de mogelijkheden van relatie en communicatie verder in kaart brengen. Het autistisch syndroom beïnvloedt fundamenteel de wijze van in de wereld staan, met andere woorden de wijze om zichzelf en de anderen (niet?) te beleven, een ‘zelfbeeld’ (niet?) te hebben, ervaringen (niet?) op te zoeken, te vrezen, te vermijden. Hoe de zelfen lichaamsbeleving van de personen met autisme begrijpen en helpen ontwikkelen ? Hoe hun primitieve angsten beter verstaan en helpen dragen ?

Bij kinderen en jongeren met autisme kan een aanvullende inbreng van psychoanalytische therapie een zinvolle bijdrage zijn om te proberen hen één of enkele stappen dichter te brengen bij de wereld van menselijke relaties en communicatie.

Ook bij psychoanalytische therapeuten zijn velen nog weinig vertrouwd met deze thematiek, terwijl zij er in hun praktijk meer en meer mee worden geconfronteerd.

Dit boek wil ‘van binnenuit’, door en voor psychoanalytische psychotherapeuten, een inkijk bieden in denk- en werkwijzen van psychoanalytische psychotherapeuten, onder wie de vermaarde Anne Alvarez.

Met bijdragen van Anne Alvarez, Britta Blomberg, Jos De Backer, Filip De Volder, Ilse Theys, Ludi Van Bouwel en Jan Van Camp.

Quick View

Het raadsel autisme. Psychoanalytische psychotherapie? (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 17)

 20,50

Autisme en psychoanalytische psychotherapie: het is allerminst een evidente combinatie.

Redenen waarom je autisme ver weg zou houden van vroegere - en soms ook actuele -psychoanalyse hebben alles te maken met achterhaalde ideeën over ijskastmoeders die autisme veroorzaken en met autisten die via psychoanalyse van hun autisme genezen zouden kunnen worden. Het negeren van recentere psychoanalytische inzichten met betrekking tot autisme is terug te voeren tot het grote misverstand dat de psychoanalytische theorievorming en praktijk in dit domein zijn blijven stilstaan na Bettelheim. Tevens gaat men er vaak van uit dat de psychoanalyse niets meer zou kunnen betekenen voor mensen met autisme sinds we weten dat autisme als ontwikkelingsstoornis een biologische basis heeft.

Ondanks dit ‘weten’ blijft autisme in zijn diverse vormen een groot raadsel en een complexe opgave binnen de huidige hulpverlening. De behandeling ervan vereist zonder twijfel een multidisciplinaire aanpak. Naast een grondige diagnostiek zijn de begeleiding van ouders, schoolse en pedagogische ondersteuning van kinderen met autisme, van hun gezinnen en leerkrachten van essentieel belang.

Ook wanneer een problematiek biologisch gegrond is, dient er te worden nagedacht over beleving en betekenisgeving. De klinische praktijk moet de mogelijkheden van relatie en communicatie verder in kaart brengen. Het autistisch syndroom beïnvloedt fundamenteel de wijze van in de wereld staan, met andere woorden de wijze om zichzelf en de anderen (niet?) te beleven, een ‘zelfbeeld’ (niet?) te hebben, ervaringen (niet?) op te zoeken, te vrezen, te vermijden. Hoe de zelfen lichaamsbeleving van de personen met autisme begrijpen en helpen ontwikkelen ? Hoe hun primitieve angsten beter verstaan en helpen dragen ?

Bij kinderen en jongeren met autisme kan een aanvullende inbreng van psychoanalytische therapie een zinvolle bijdrage zijn om te proberen hen één of enkele stappen dichter te brengen bij de wereld van menselijke relaties en communicatie.

Ook bij psychoanalytische therapeuten zijn velen nog weinig vertrouwd met deze thematiek, terwijl zij er in hun praktijk meer en meer mee worden geconfronteerd.

Dit boek wil ‘van binnenuit’, door en voor psychoanalytische psychotherapeuten, een inkijk bieden in denk- en werkwijzen van psychoanalytische psychotherapeuten, onder wie de vermaarde Anne Alvarez.

Met bijdragen van Anne Alvarez, Britta Blomberg, Jos De Backer, Filip De Volder, Ilse Theys, Ludi Van Bouwel en Jan Van Camp.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Migranten in tijd en ruimte. Culturen van ouder worden

 18,10

Wat betekent het om ouder te worden in een samenleving waar je niet geboren bent? Kijken migranten op dezelfde manier naar hun laatste levensfase als Belgen? En bestaat er voor autochtone ouderen ook niet zoiets als een migratie doorheen de tijd?

Het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg van het CGG Brussel heeft een bevraging gedaan bij een 60-tal ouderen met een verschillende etnisch culturele achtergrond. Via hun levensverhalen krijgt de lezer een genuanceerd beeld over de verschillende manieren waarop ouder worden beleefd wordt. De verzamelde verhalen en visies van oudere allochtonen helpen hulpverleners meer oog te hebben voor cultuurgevoeligheden in de hulpverlening zonder in stereotypen te vervallen. De bijbehorende DVD bevat de documentaire ‘Migranten in Tijd en Ruimte’ waarin acht ouderen zelf aan het woord komen.

Het onderzoek dat de basis vormt van dit boek, gebeurde – binnen het CGG Brussel en gesubsidieerd door het Federaal Impulsfonds – op initiatief en onder leiding van Antoine Gailly, in samenwerking met vertegenwoordigers van andere diensten. Na zijn onverwachte overlijden (2009) besloten zijn naaste medewerkers het werk te beëindigen en de verzamelde gegevens van het onderzoek uit te schrijven, daarbij gebruikmakend van de ideëen en reeds geschreven teksten en bemerkingen van Antoine Gailly. Zonder zijn inspiratie en werkkracht zou dit onderzoek nooit gebeurd zijn.



Antoine Gailly was psycholoog en antropoloog. Hij was oprichter van het vroegere CW Laken en daarna werkzaam op het platform Cultuur en Gezondheid van het CGG Brussel.

Redouane Ben Driss is psycholoog en psycho-analytisch georiënteerde therapeut bij het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg van het Centrum Geestelijke Gezondheid in Brussel.

Stefaan Plysier is medisch-antropologisch geschoolde psycholoog bij het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg van het Centrum Geestelijke Gezondheid in Brussel.

Lili Valcke is sociaal werkster bij Wijkmaatschappelijk Werk in Schaarbeek en is psycho-analytisch georiënteerde therapeute.

Quick View

Migranten in tijd en ruimte. Culturen van ouder worden

 18,10

Wat betekent het om ouder te worden in een samenleving waar je niet geboren bent? Kijken migranten op dezelfde manier naar hun laatste levensfase als Belgen? En bestaat er voor autochtone ouderen ook niet zoiets als een migratie doorheen de tijd?

Het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg van het CGG Brussel heeft een bevraging gedaan bij een 60-tal ouderen met een verschillende etnisch culturele achtergrond. Via hun levensverhalen krijgt de lezer een genuanceerd beeld over de verschillende manieren waarop ouder worden beleefd wordt. De verzamelde verhalen en visies van oudere allochtonen helpen hulpverleners meer oog te hebben voor cultuurgevoeligheden in de hulpverlening zonder in stereotypen te vervallen. De bijbehorende DVD bevat de documentaire ‘Migranten in Tijd en Ruimte’ waarin acht ouderen zelf aan het woord komen.

Het onderzoek dat de basis vormt van dit boek, gebeurde – binnen het CGG Brussel en gesubsidieerd door het Federaal Impulsfonds – op initiatief en onder leiding van Antoine Gailly, in samenwerking met vertegenwoordigers van andere diensten. Na zijn onverwachte overlijden (2009) besloten zijn naaste medewerkers het werk te beëindigen en de verzamelde gegevens van het onderzoek uit te schrijven, daarbij gebruikmakend van de ideëen en reeds geschreven teksten en bemerkingen van Antoine Gailly. Zonder zijn inspiratie en werkkracht zou dit onderzoek nooit gebeurd zijn.



Antoine Gailly was psycholoog en antropoloog. Hij was oprichter van het vroegere CW Laken en daarna werkzaam op het platform Cultuur en Gezondheid van het CGG Brussel.

Redouane Ben Driss is psycholoog en psycho-analytisch georiënteerde therapeut bij het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg van het Centrum Geestelijke Gezondheid in Brussel.

Stefaan Plysier is medisch-antropologisch geschoolde psycholoog bij het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg van het Centrum Geestelijke Gezondheid in Brussel.

Lili Valcke is sociaal werkster bij Wijkmaatschappelijk Werk in Schaarbeek en is psycho-analytisch georiënteerde therapeute.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vragen en antwoorden over dementie. Voor mensen met beginnende dementie (en iedereen in hun omgeving) – 2de editie

 7,90
Het vernemen van de diagnose ‘dementie’ roept bij mensen met beginnende dementie heel wat vragen en twijfels op. Zij krijgen erkenning voor wat zij al vaak vermoedden, namelijk dat er iets ernstigs aan de hand is. Maar ook hebben zij nood aan correcte en toegankelijke informatie over hun ziekte.

Aan die nood wil dit boekje tegemoet komen. In deze uitgave vinden mensen met beginnende dementie basisinformatie over hun ziekte. Tegelijk wordt een spoor van hoop getrokken en een perspectief op de toekomst geopend. Mensen met beginnende dementie zijn immers nog tot heel veel in staat. Dit boekje wil hen ook oproepen zo lang als mogelijk is zelf hun leven zin en richting te geven.

Hilde Delameillieure werkte 12 jaar als gegradueerd ziekenhuisverpleegkundige op diverse afdelingen. Zij vervolmaakte zich door het volgen van de 3 jarige opleiding in de Gezinswetenschappen aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen.
Sinds 2003 is zij werkzaam bij Familiezorg West-Vlaanderen vzw als vormingswerker en familieconsulente bij het Expertisecentrum Dementie Foton te Brugge.

Quick View

Vragen en antwoorden over dementie. Voor mensen met beginnende dementie (en iedereen in hun omgeving) – 2de editie

 7,90
Het vernemen van de diagnose ‘dementie’ roept bij mensen met beginnende dementie heel wat vragen en twijfels op. Zij krijgen erkenning voor wat zij al vaak vermoedden, namelijk dat er iets ernstigs aan de hand is. Maar ook hebben zij nood aan correcte en toegankelijke informatie over hun ziekte.

Aan die nood wil dit boekje tegemoet komen. In deze uitgave vinden mensen met beginnende dementie basisinformatie over hun ziekte. Tegelijk wordt een spoor van hoop getrokken en een perspectief op de toekomst geopend. Mensen met beginnende dementie zijn immers nog tot heel veel in staat. Dit boekje wil hen ook oproepen zo lang als mogelijk is zelf hun leven zin en richting te geven.

Hilde Delameillieure werkte 12 jaar als gegradueerd ziekenhuisverpleegkundige op diverse afdelingen. Zij vervolmaakte zich door het volgen van de 3 jarige opleiding in de Gezinswetenschappen aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen.
Sinds 2003 is zij werkzaam bij Familiezorg West-Vlaanderen vzw als vormingswerker en familieconsulente bij het Expertisecentrum Dementie Foton te Brugge.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Mensenrechten in de Verenigde Naties. Een verhaal over manipulatie, censuur en hypocrisie

 31,00
Dit verhaal onthult de manipulaties, de censuur en de hypocrisie binnen de Verenigde Naties, haar mensenrechtenraden, haar wereldconferenties. Het vertelt waarom en hoe de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens in de jaren 1947-1948 is geschreven. Hoe toen al twee kampen tegenover elkaar stonden. Landen en individuen die lessen trokken uit de waanzin van de Tweede Wereldoorlog door universele rechten voor elke wereldburger af te kondigen tegenover de machthebbers van landen die nooit dulden dat de internationale gemeenschap zich inlaat met hun zaken, ook niet wanneer het over foltering, vrije meningsuiting of de strijd tegen armoede gaat: de soevereinisten. Plus zij die hun goddelijke wetten steeds boven menselijke afspraken stellen: moslimlanden verenigd in de Organisatie van de Islamitische Conferentie. En de Heilige Stoel. In dit verhaal intolerante gelovigen genoemd.

Het boek gaat over censuur in de vn wanneer ngo’s en hoge vn-functionarissen de mond wordt gesnoerd als zij schendingen van mensenrechten aanklagen. Over manipulatie wanneer belangrijke elementen uit de Universele Verklaring quasi stiekem uit de verdragen en teksten geschrapt worden, zoals het recht om van godsdienst te veranderen. Over hypocrisie wanneer landen die de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens al meer dan zestig jaar verwerpen én systematisch schenden, toch zetelen in de Mensenrechtenraad om er te oordelen over mensenrechten in andere landen.

De praktijken van censuur, manipulatie en hypocrisie worden hard gemaakt met teksten en citaten van soevereinisten en intolerante gelovigen zelf. Zo wordt de eerste Nederlandse vertaling van de Verklaring van de Rechten van de Mens in Islam – onderworpen aan de sharia – naast de Universele Verklaring gelegd: een onthullende vergelijking. Zo worden de landen die deel uitmaken van de Mensenrechtenraad, getoetst op hun democratisch gehalte. Ontwikkelingen binnen de vn beïnvloeden de wereldgebeurtenissen buiten de vn-vergaderzalen. Het verloop van de affaire-Rushdie en de zaak van de Deense cartoons illustreren dit.

Tegenover deze nefaste ontwikkelingen pleit het boek voor weerstand. Weerstand omdat vele mensen wereldwijd slachtoffer zijn van grove en systematische schendingen. Weerstand omdat onder meer de Arabische Lente en de groeiende oppositie in China aantonen dat de Universele Verklaring echt universeel is.

Willy Laes was leraar geschiedenis en adjunct-directeur van het Koninklijk Atheneum in Keerbergen. Hij was vrijwilliger, later bestuurslid en de eerste Vlaamse voorzitter van Amnesty International Vlaanderen. Hij behoort tot de generatie die heeft samengewerkt met de founding fathers van de internationale mensenrechtenbeweging. Daarnaast was hij onder meer medeoprichter van de ai–eu Association waarvan hij voorzitter was. Ook nam hij het initiatief voor het Belgisch ngo-forum voor de viering van de 50ste verjaardag van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Momenteel is hij nog steeds actief binnen Amnesty International.

Quick View

Mensenrechten in de Verenigde Naties. Een verhaal over manipulatie, censuur en hypocrisie

 31,00
Dit verhaal onthult de manipulaties, de censuur en de hypocrisie binnen de Verenigde Naties, haar mensenrechtenraden, haar wereldconferenties. Het vertelt waarom en hoe de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens in de jaren 1947-1948 is geschreven. Hoe toen al twee kampen tegenover elkaar stonden. Landen en individuen die lessen trokken uit de waanzin van de Tweede Wereldoorlog door universele rechten voor elke wereldburger af te kondigen tegenover de machthebbers van landen die nooit dulden dat de internationale gemeenschap zich inlaat met hun zaken, ook niet wanneer het over foltering, vrije meningsuiting of de strijd tegen armoede gaat: de soevereinisten. Plus zij die hun goddelijke wetten steeds boven menselijke afspraken stellen: moslimlanden verenigd in de Organisatie van de Islamitische Conferentie. En de Heilige Stoel. In dit verhaal intolerante gelovigen genoemd.

Het boek gaat over censuur in de vn wanneer ngo’s en hoge vn-functionarissen de mond wordt gesnoerd als zij schendingen van mensenrechten aanklagen. Over manipulatie wanneer belangrijke elementen uit de Universele Verklaring quasi stiekem uit de verdragen en teksten geschrapt worden, zoals het recht om van godsdienst te veranderen. Over hypocrisie wanneer landen die de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens al meer dan zestig jaar verwerpen én systematisch schenden, toch zetelen in de Mensenrechtenraad om er te oordelen over mensenrechten in andere landen.

De praktijken van censuur, manipulatie en hypocrisie worden hard gemaakt met teksten en citaten van soevereinisten en intolerante gelovigen zelf. Zo wordt de eerste Nederlandse vertaling van de Verklaring van de Rechten van de Mens in Islam – onderworpen aan de sharia – naast de Universele Verklaring gelegd: een onthullende vergelijking. Zo worden de landen die deel uitmaken van de Mensenrechtenraad, getoetst op hun democratisch gehalte. Ontwikkelingen binnen de vn beïnvloeden de wereldgebeurtenissen buiten de vn-vergaderzalen. Het verloop van de affaire-Rushdie en de zaak van de Deense cartoons illustreren dit.

Tegenover deze nefaste ontwikkelingen pleit het boek voor weerstand. Weerstand omdat vele mensen wereldwijd slachtoffer zijn van grove en systematische schendingen. Weerstand omdat onder meer de Arabische Lente en de groeiende oppositie in China aantonen dat de Universele Verklaring echt universeel is.

Willy Laes was leraar geschiedenis en adjunct-directeur van het Koninklijk Atheneum in Keerbergen. Hij was vrijwilliger, later bestuurslid en de eerste Vlaamse voorzitter van Amnesty International Vlaanderen. Hij behoort tot de generatie die heeft samengewerkt met de founding fathers van de internationale mensenrechtenbeweging. Daarnaast was hij onder meer medeoprichter van de ai–eu Association waarvan hij voorzitter was. Ook nam hij het initiatief voor het Belgisch ngo-forum voor de viering van de 50ste verjaardag van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Momenteel is hij nog steeds actief binnen Amnesty International.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Civitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel havo

 11,00
CIVITAS gaat over ‘samen leven’, over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht.

De auteurs hebben er vanuit hun jarenlange ervaring voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.

Dit werkboek helpt je bij het trede voor trede opgaan van die trap en bij het verkennen van de verdiepingen. Je vindt in dit werkboek opdrachten waarmee je kunt nagaan of je de teksten van CIVITAS goed begrepen en onthouden hebt.

De opdrachten van CIVITAS zijn afwisselend. Laat je verrassen door de vragen. Antwoord altijd alsof je het tegen iemand hebt die dit vak niet kent. Zo zorg je ervoor dat je beantwoording compleet is. Als je in staat bent het een ander uit te leggen, dan blijkt dat je inzicht verworven hebt in de wijze waarop onze samenleving is ingericht.

Deze opgavenbundel hoort bij het basisboek Civitas. Er is ook een docentenhandleiding en een opgavenbundel vwo verkrijgbaar.

De antwoorden bij de opgavenbundels zijn voor leraren te verkrijgen door een mail te sturen naar h.philippens@planet.nl.
Vermeld daarin uw naam en uw school, het mailadres van de administratie en het telefoonnummer van de school. Geef ook aan of het om de havo of de vwo-antwoorden gaat.
Na verificatie zullen dan de bestanden met antwoorden worden opgestuurd naar de administratiemail ter attentie van de leraar.

Quick View

Civitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel havo

 11,00
CIVITAS gaat over ‘samen leven’, over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht.

De auteurs hebben er vanuit hun jarenlange ervaring voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.

Dit werkboek helpt je bij het trede voor trede opgaan van die trap en bij het verkennen van de verdiepingen. Je vindt in dit werkboek opdrachten waarmee je kunt nagaan of je de teksten van CIVITAS goed begrepen en onthouden hebt.

De opdrachten van CIVITAS zijn afwisselend. Laat je verrassen door de vragen. Antwoord altijd alsof je het tegen iemand hebt die dit vak niet kent. Zo zorg je ervoor dat je beantwoording compleet is. Als je in staat bent het een ander uit te leggen, dan blijkt dat je inzicht verworven hebt in de wijze waarop onze samenleving is ingericht.

Deze opgavenbundel hoort bij het basisboek Civitas. Er is ook een docentenhandleiding en een opgavenbundel vwo verkrijgbaar.

De antwoorden bij de opgavenbundels zijn voor leraren te verkrijgen door een mail te sturen naar h.philippens@planet.nl.
Vermeld daarin uw naam en uw school, het mailadres van de administratie en het telefoonnummer van de school. Geef ook aan of het om de havo of de vwo-antwoorden gaat.
Na verificatie zullen dan de bestanden met antwoorden worden opgestuurd naar de administratiemail ter attentie van de leraar.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Civitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel vwoCivitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel vwo
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Civitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel vwo

 11,40
CIVITAS gaat over ‘samen leven’, over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht.

De auteurs hebben er vanuit hun jarenlange ervaring voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.

Dit werkboek helpt je bij het trede voor trede opgaan van die trap en bij het verkennen van de verdiepingen. Je vindt in dit werkboek opdrachten waarmee je kunt nagaan of je de teksten van CIVITAS goed begrepen en onthouden hebt.

De opdrachten van CIVITAS zijn afwisselend. Laat je verrassen door de vragen. Antwoord altijd alsof je het tegen iemand hebt die dit vak niet kent. Zo zorg je ervoor dat je beantwoording compleet is. Als je in staat bent het een ander uit te leggen, dan blijkt dat je inzicht verworven hebt in de wijze waarop onze samenleving is ingericht.

Deze opgavenbundel hoort bij het basisboek Civitas. Er is ook een docentenhandleiding en een opgavenbundel havo verkrijgbaar.

De antwoorden bij de opgavenbundels zijn voor leraren te verkrijgen door een mail te sturen naar h.philippens@planet.nl.
Vermeld daarin uw naam en uw school, het mailadres van de administratie en het telefoonnummer van de school. Geef ook aan of het om de havo of de vwo-antwoorden gaat.
Na verificatie zullen dan de bestanden met antwoorden worden opgestuurd naar de administratiemail ter attentie van de leraar.

Civitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel vwoCivitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel vwo
Quick View

Civitas – Maatschappijleer – Opgavenbundel vwo

 11,40
CIVITAS gaat over ‘samen leven’, over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht.

De auteurs hebben er vanuit hun jarenlange ervaring voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.

Dit werkboek helpt je bij het trede voor trede opgaan van die trap en bij het verkennen van de verdiepingen. Je vindt in dit werkboek opdrachten waarmee je kunt nagaan of je de teksten van CIVITAS goed begrepen en onthouden hebt.

De opdrachten van CIVITAS zijn afwisselend. Laat je verrassen door de vragen. Antwoord altijd alsof je het tegen iemand hebt die dit vak niet kent. Zo zorg je ervoor dat je beantwoording compleet is. Als je in staat bent het een ander uit te leggen, dan blijkt dat je inzicht verworven hebt in de wijze waarop onze samenleving is ingericht.

Deze opgavenbundel hoort bij het basisboek Civitas. Er is ook een docentenhandleiding en een opgavenbundel havo verkrijgbaar.

De antwoorden bij de opgavenbundels zijn voor leraren te verkrijgen door een mail te sturen naar h.philippens@planet.nl.
Vermeld daarin uw naam en uw school, het mailadres van de administratie en het telefoonnummer van de school. Geef ook aan of het om de havo of de vwo-antwoorden gaat.
Na verificatie zullen dan de bestanden met antwoorden worden opgestuurd naar de administratiemail ter attentie van de leraar.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Civitas – Maatschappijleer – Basisboek (2de herziene uitgave)

 24,60
CIVITAS gaat over ‘samen leven’, over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht. Het begrip ‘civitas’ komt uit het oude Rome en hield zowel het staatsburgerschap en de daaraan verbonden rechten in.

Dat samenleven gaat echter niet zonder problemen. Voortdurend is er discussie, beroering, soms zelfs strijd onder de mensen die als burgers deel uit maken van een maatschappij. Soms komen burgers en degenen die leiding geven daarbij tegenover elkaar te staan. Zo zijn in de geschiedenis van Europa sinds het oude Rome nieuwe invullingen van burgerschap en daaraan verbonden rechten ontstaan. Het waren vaak antwoorden op de door de economische en politieke ontwikkeling opgeroepen maatschappelijke vraagstukken en politieke spanningen. Het burgerschap is met die ontwikkelingen mee gegroeid.

Vanuit jarenlange ervaring hebben de auteurs er voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.

Het boek begint met het deel Opbouw. Daarin worden de fundamenten van het begrippenbouwwerk gelegd met behulp van een beeldtaal. Als je die bouwstenen leert hanteren, kun je een beeld krijgen hoe politieke partijen en overheid in de weer zijn om maatschappelijke problemen aan te vatten.

In het tweede deel, de Systemen, maak je kennis met de vier domeinen van het vak maatschappijleer. Dit zijn de vier kamers bovenaan de trap die in de opbouw geconstrueerd is. Omdat je er stap voor stap naartoe gegaan bent, is het er vertrouwd. In die kamers kun je dan uiteindelijk als het ware ook wonen en voel je je er thuis.

Voor deze methode zijn ook een docentenhandleiding en opgavenboeken voor havo en vwo beschikbaar.

Op de site van de auteurs vindt u over deze methode meer informatie en downloads voor leerlingen en leraren.

De auteurs zijn als docenten maatschappijleer havo/vwo verbonden aan scholen in Alkmaar en Rotterdam. Bovendien waren en zijn drie van hen als vakdidactici verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, de Erasmus Universiteit Rotterdam, de Vrije Universiteit van Amsterdam en de Hogeschool InHolland.

Quick View

Civitas – Maatschappijleer – Basisboek (2de herziene uitgave)

 24,60
CIVITAS gaat over ‘samen leven’, over de wijzen waarop mensen de maatschappij hebben ingericht. Het begrip ‘civitas’ komt uit het oude Rome en hield zowel het staatsburgerschap en de daaraan verbonden rechten in.

Dat samenleven gaat echter niet zonder problemen. Voortdurend is er discussie, beroering, soms zelfs strijd onder de mensen die als burgers deel uit maken van een maatschappij. Soms komen burgers en degenen die leiding geven daarbij tegenover elkaar te staan. Zo zijn in de geschiedenis van Europa sinds het oude Rome nieuwe invullingen van burgerschap en daaraan verbonden rechten ontstaan. Het waren vaak antwoorden op de door de economische en politieke ontwikkeling opgeroepen maatschappelijke vraagstukken en politieke spanningen. Het burgerschap is met die ontwikkelingen mee gegroeid.

Vanuit jarenlange ervaring hebben de auteurs er voor gekozen om niet meteen met de deur in huis te vallen, maar eerst de tijd te nemen om met een opbouw van het vak te beginnen. Je gaat trede voor trede een trap op. Je komt steeds op nieuwe verdiepingen en dat levert diepgaande vergezichten op. Op deze manier leer je langzamerhand om maatschappelijke fenomenen te doorzien.

Het boek begint met het deel Opbouw. Daarin worden de fundamenten van het begrippenbouwwerk gelegd met behulp van een beeldtaal. Als je die bouwstenen leert hanteren, kun je een beeld krijgen hoe politieke partijen en overheid in de weer zijn om maatschappelijke problemen aan te vatten.

In het tweede deel, de Systemen, maak je kennis met de vier domeinen van het vak maatschappijleer. Dit zijn de vier kamers bovenaan de trap die in de opbouw geconstrueerd is. Omdat je er stap voor stap naartoe gegaan bent, is het er vertrouwd. In die kamers kun je dan uiteindelijk als het ware ook wonen en voel je je er thuis.

Voor deze methode zijn ook een docentenhandleiding en opgavenboeken voor havo en vwo beschikbaar.

Op de site van de auteurs vindt u over deze methode meer informatie en downloads voor leerlingen en leraren.

De auteurs zijn als docenten maatschappijleer havo/vwo verbonden aan scholen in Alkmaar en Rotterdam. Bovendien waren en zijn drie van hen als vakdidactici verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, de Erasmus Universiteit Rotterdam, de Vrije Universiteit van Amsterdam en de Hogeschool InHolland.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Beginassessments: meten van startcompetenties

 23,90
Dit onderbouwd praktijkboek kijkt vanuit verschillende perspectieven naar het werken met beginassessments in het hoger onderwijs. In het boek is de realiteit niet uit de weg gegaan. Het boek geeft dan ook niet alleen antwoorden op theoretische vragen als welke richtlijnen best in acht genomen worden wanneer een beginassessment ontwikkeld wordt en hoe de antwoorden op de vragen in het beginassessment kunnen geanalyseerd worden. Ook hele praktische vragen komen aan bod en krijgen een eerlijk antwoord: hoe kunnen lectoren en beleidsmakers ermee aan de slag, wat zijn de valkuilen, effecten, toekomstperspectieven en wat vinden studenten er eigenlijk van?

Dit boek is het resultaat van een unieke samenwerking tussen lectoren, onderzoekers, beleidsmakers én studenten van het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote Hogeschool en de master Opleidings- en Onderwijswetenschappen van de Universiteit Antwerpen.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



Geert Speltincx is Coördinator Onderwijs op maat voor Karel de Grote-Hogeschool. Hij studeerde Sociale Pedagogiek aan de K.U.Leuven. Van 2007 tot 2009 was hij verbonden aan de Katholieke Hogeschool Kempen. Na een korte periode als docent in de Lerarenopleiding werkte hij als Coördinator Onderwijsontwikkeling aan deze hogeschool. Tussen 2009 en 2011 werkte hij binnen de Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool als projectleider Onderwijs op maat. Dit project gaat op zoek naar structurele en goed onderbouwde maatregelen om de kwaliteit van de instroom, de doorstroom en uitstroom van kansengroepen te verbeteren.

David Gijbels doceert binnen de master Opleidings- en Onderwijswetenschappen (OOW) en de Specifieke Lerarenopleiding (SLO) aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen (IOIW) van de Universiteit Antwerpen. Voorheen was hij verbonden aan het Expertisecentrum Hoger Onderwijs (ECHO) van de Universiteit Antwerpen en aan de vakgroep onderwijsinnovatie en IT van de Universiteit Maastricht. Hij doet onderzoek binnen de onderzoeksgroep research in education and professional development (REPRO) naar de relatie tussen leren en evalueren binnen het (hoger) onderwijs en op de werkplek. Hij is momenteel coördinator van de special interest group rond learning and professional development van de European Association for Research on Learning and Instruction (EARLI).

Quick View

Beginassessments: meten van startcompetenties

 23,90
Dit onderbouwd praktijkboek kijkt vanuit verschillende perspectieven naar het werken met beginassessments in het hoger onderwijs. In het boek is de realiteit niet uit de weg gegaan. Het boek geeft dan ook niet alleen antwoorden op theoretische vragen als welke richtlijnen best in acht genomen worden wanneer een beginassessment ontwikkeld wordt en hoe de antwoorden op de vragen in het beginassessment kunnen geanalyseerd worden. Ook hele praktische vragen komen aan bod en krijgen een eerlijk antwoord: hoe kunnen lectoren en beleidsmakers ermee aan de slag, wat zijn de valkuilen, effecten, toekomstperspectieven en wat vinden studenten er eigenlijk van?

Dit boek is het resultaat van een unieke samenwerking tussen lectoren, onderzoekers, beleidsmakers én studenten van het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote Hogeschool en de master Opleidings- en Onderwijswetenschappen van de Universiteit Antwerpen.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



Geert Speltincx is Coördinator Onderwijs op maat voor Karel de Grote-Hogeschool. Hij studeerde Sociale Pedagogiek aan de K.U.Leuven. Van 2007 tot 2009 was hij verbonden aan de Katholieke Hogeschool Kempen. Na een korte periode als docent in de Lerarenopleiding werkte hij als Coördinator Onderwijsontwikkeling aan deze hogeschool. Tussen 2009 en 2011 werkte hij binnen de Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool als projectleider Onderwijs op maat. Dit project gaat op zoek naar structurele en goed onderbouwde maatregelen om de kwaliteit van de instroom, de doorstroom en uitstroom van kansengroepen te verbeteren.

David Gijbels doceert binnen de master Opleidings- en Onderwijswetenschappen (OOW) en de Specifieke Lerarenopleiding (SLO) aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen (IOIW) van de Universiteit Antwerpen. Voorheen was hij verbonden aan het Expertisecentrum Hoger Onderwijs (ECHO) van de Universiteit Antwerpen en aan de vakgroep onderwijsinnovatie en IT van de Universiteit Maastricht. Hij doet onderzoek binnen de onderzoeksgroep research in education and professional development (REPRO) naar de relatie tussen leren en evalueren binnen het (hoger) onderwijs en op de werkplek. Hij is momenteel coördinator van de special interest group rond learning and professional development van de European Association for Research on Learning and Instruction (EARLI).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Werk maken van leren. Strategisch VTO-beleid in organisaties

 31,90

Zowat alle organisaties, zowel in de profit als in de social profit, opereren in een veranderende, turbulente omgeving. Staande blijven is een kwestie van het produceren en aanbieden van kwaliteitsvolle goederen en diensten, die in grote mate kennisintensief zijn. Medewerkers zijn dan ook “kenniswerkers” aan wie steeds meer en hogere eisen qua competenties en blijvende ontwikkeling worden gesteld. Hen aantrekken en vooral hen goed inzetten en houden, vereist dat werkend leren en lerend werken dagelijks hand in hand gaan. Dat op een geïntegreerde wijze tot stand brengen in een hedendaagse organisatie is de uitdaging van een strategisch ingebed leer- en VTO-beleid – Vorming, Training, Opleiding.

Werk maken van leren biedt een visie en aanpak voor het voeren van een strategisch leer-en VTO-beleid.
Zo komen onder meer aan bod:
  • competentie- en talentmanagement
  • kennismanagement
  • redenen om te investeren in VTO
  • duurzame leerpatronen
  • VTO-beleidsplannen voor organisaties en medewerkers
  • optimalisering van opleidingen en het bevorderen van werkplekleren
Het boek is een praktische gids voor wie betrokken is bij het beleid van leren en VTO in organisaties: o.a. directies, VTO-coördinatoren, personeelsverantwoordelijken en opleidingsmanagers. Het biedt een leidraad voor het opstarten en verder optimaliseren van het leren binnen de eigen organisatie. Daarbij combineert het een wetenschappelijk onderbouwde benadering met een grote vertrouwdheid met de dagelijkse praktijk.



Herman Baert is hoogleraar Sociale en Arbeidspedagogiek, verbonden aan het Centrum voor Professionele Opleiding & Ontwikkeling en Levenslang Leren van de K.U.Leuven.
Natalie Govaerts, sociaal en arbeidspedagoog, is als wetenschappelijk medewerkster verbonden aan dit centrum.
Karel De Witte doceerde Personeelspsychologie aan deze universiteit. Hij was er ook coördinator Universitaire Permanente Vorming.
Geert Sterck deed aan dezelfde universiteit onderzoek naar het in kaart brengen, optimaliseren en aansturen van leerprocessen in organisaties en werkt momenteel als Learning & Development manager.

In de media:
Recensie LAPP - Leuvense Afgestudeerde Psychologen en Pedagogen

Quick View

Werk maken van leren. Strategisch VTO-beleid in organisaties

 31,90

Zowat alle organisaties, zowel in de profit als in de social profit, opereren in een veranderende, turbulente omgeving. Staande blijven is een kwestie van het produceren en aanbieden van kwaliteitsvolle goederen en diensten, die in grote mate kennisintensief zijn. Medewerkers zijn dan ook “kenniswerkers” aan wie steeds meer en hogere eisen qua competenties en blijvende ontwikkeling worden gesteld. Hen aantrekken en vooral hen goed inzetten en houden, vereist dat werkend leren en lerend werken dagelijks hand in hand gaan. Dat op een geïntegreerde wijze tot stand brengen in een hedendaagse organisatie is de uitdaging van een strategisch ingebed leer- en VTO-beleid – Vorming, Training, Opleiding.

Werk maken van leren biedt een visie en aanpak voor het voeren van een strategisch leer-en VTO-beleid.
Zo komen onder meer aan bod:
  • competentie- en talentmanagement
  • kennismanagement
  • redenen om te investeren in VTO
  • duurzame leerpatronen
  • VTO-beleidsplannen voor organisaties en medewerkers
  • optimalisering van opleidingen en het bevorderen van werkplekleren
Het boek is een praktische gids voor wie betrokken is bij het beleid van leren en VTO in organisaties: o.a. directies, VTO-coördinatoren, personeelsverantwoordelijken en opleidingsmanagers. Het biedt een leidraad voor het opstarten en verder optimaliseren van het leren binnen de eigen organisatie. Daarbij combineert het een wetenschappelijk onderbouwde benadering met een grote vertrouwdheid met de dagelijkse praktijk.



Herman Baert is hoogleraar Sociale en Arbeidspedagogiek, verbonden aan het Centrum voor Professionele Opleiding & Ontwikkeling en Levenslang Leren van de K.U.Leuven.
Natalie Govaerts, sociaal en arbeidspedagoog, is als wetenschappelijk medewerkster verbonden aan dit centrum.
Karel De Witte doceerde Personeelspsychologie aan deze universiteit. Hij was er ook coördinator Universitaire Permanente Vorming.
Geert Sterck deed aan dezelfde universiteit onderzoek naar het in kaart brengen, optimaliseren en aansturen van leerprocessen in organisaties en werkt momenteel als Learning & Development manager.

In de media:
Recensie LAPP - Leuvense Afgestudeerde Psychologen en Pedagogen

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ouder worden, leren en leven

 20,00
Goed ouder worden is een kunst. Diverse taken moeten door de betrokkenen worden opgenomen. Kansen en uitdagingen allerhande dienen zich aan. Er is het groeiende besef van de eindigheid van het menselijk bestaan.

In dit essay komen diverse aspecten van ouder worden ter sprake. Ze worden met de nodige realiteitszin benaderd, maar tegelijk in ontwikkelingsperspectief gezien.

De auteur heeft bij het uitwerken van zijn opvattingen gebruik gemaakt van drie soorten materiaal: 1) zijn eigen levenservaring en die van anderen, 2) de (vak)- literatuur over ouder worden en 3) de globale mensvisie die hij met de jaren ontwikkelde. Juist dat maakt dit boek zo bijzonder, naast de constante aandacht voor de hele mens en voor de verwevenheid van leven en leren. De tekst is geschreven voor een ruim publiek.

Dat wil zeggen: niet voor specialisten maar voor geïnteresseerden die bereid zijn een leesinspanning te doen. Die zijn talrijk zowel onder de ouderen als onder degenen die op een of andere wijze met ouderen te maken hebben: verwanten, vrijwilligers, professionele hulpverleners, beleidsverantwoordelijken.

Jef Stevens (°1938) studeerde psychologie aan de KULeuven. Hij specialiseerde zich in het begeleiden van groepen en organisaties, in leven-gerichte en werkgerichte begeleiding. Als educatief medewerker van het Centrum voor Christelijk Vormingswerk (CCV) heeft hij het grootste gedeelte van zijn loopbaan gewijd aan vorming en begeleiding van volwassenen. De laatste jaren gaat zijn aandacht meer en meer uit naar ouderen en naar de ondersteuning die ze behoeven.

Geen voorraad
Quick View

Ouder worden, leren en leven

 20,00
Goed ouder worden is een kunst. Diverse taken moeten door de betrokkenen worden opgenomen. Kansen en uitdagingen allerhande dienen zich aan. Er is het groeiende besef van de eindigheid van het menselijk bestaan.

In dit essay komen diverse aspecten van ouder worden ter sprake. Ze worden met de nodige realiteitszin benaderd, maar tegelijk in ontwikkelingsperspectief gezien.

De auteur heeft bij het uitwerken van zijn opvattingen gebruik gemaakt van drie soorten materiaal: 1) zijn eigen levenservaring en die van anderen, 2) de (vak)- literatuur over ouder worden en 3) de globale mensvisie die hij met de jaren ontwikkelde. Juist dat maakt dit boek zo bijzonder, naast de constante aandacht voor de hele mens en voor de verwevenheid van leven en leren. De tekst is geschreven voor een ruim publiek.

Dat wil zeggen: niet voor specialisten maar voor geïnteresseerden die bereid zijn een leesinspanning te doen. Die zijn talrijk zowel onder de ouderen als onder degenen die op een of andere wijze met ouderen te maken hebben: verwanten, vrijwilligers, professionele hulpverleners, beleidsverantwoordelijken.

Jef Stevens (°1938) studeerde psychologie aan de KULeuven. Hij specialiseerde zich in het begeleiden van groepen en organisaties, in leven-gerichte en werkgerichte begeleiding. Als educatief medewerker van het Centrum voor Christelijk Vormingswerk (CCV) heeft hij het grootste gedeelte van zijn loopbaan gewijd aan vorming en begeleiding van volwassenen. De laatste jaren gaat zijn aandacht meer en meer uit naar ouderen en naar de ondersteuning die ze behoeven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Gedrag in gezondheid en welzijn – Inleiding in het menselijk gedrag voor wie werkzaam is in de gezondheidszorg en het welzijnswerk of hiervoor in opleiding is.

 15,50

Het brede veld van het menselijk gedrag wordt in dit boek verkend vanuit de relevantie voor de gezondheid en het welzijn, en voor het werken hieraan. Basisbegrippen en -mechanismen worden toegelicht in een heldere en bevattelijke taal, met voorbeelden en beschouwingen. Het boek schuift alle ballast opzij en focust op de zaken die belangrijk zijn, wars van historische aspecten of klassieke indelingen die in traditionele psychologieboeken gehanteerd worden. De schrijfstijl motiveert lezers om de inhoud te bestuderen. Deze publicatie is bestemd voor iedereen die actief is in de gebieden gezondheidszorg en welzijn of die zich daarop voorbereidt.



Andre Vyt is docent aan de Opleidingen Gezondheidszorg en de Lerarenopleiding van de Arteveldehogeschool in Gent en aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is psycholoog, onderwijskundige en expert kwaliteitszorg en afstandsonderwijs. Tot 2008 was hij hoofdredacteur van het Jaarboek Ontwikkelingspsychologie, Orthopedagogiek en Kinderpsychiatrie. Sinds 2002 is hij directeur van het PROSE Netwerk Kwaliteitsmanagement en sedert 2012 voorzitter van EIPEN - European Interprofessional Practice & Education Network.

Geen voorraad
Quick View

Gedrag in gezondheid en welzijn – Inleiding in het menselijk gedrag voor wie werkzaam is in de gezondheidszorg en het welzijnswerk of hiervoor in opleiding is.

 15,50

Het brede veld van het menselijk gedrag wordt in dit boek verkend vanuit de relevantie voor de gezondheid en het welzijn, en voor het werken hieraan. Basisbegrippen en -mechanismen worden toegelicht in een heldere en bevattelijke taal, met voorbeelden en beschouwingen. Het boek schuift alle ballast opzij en focust op de zaken die belangrijk zijn, wars van historische aspecten of klassieke indelingen die in traditionele psychologieboeken gehanteerd worden. De schrijfstijl motiveert lezers om de inhoud te bestuderen. Deze publicatie is bestemd voor iedereen die actief is in de gebieden gezondheidszorg en welzijn of die zich daarop voorbereidt.



Andre Vyt is docent aan de Opleidingen Gezondheidszorg en de Lerarenopleiding van de Arteveldehogeschool in Gent en aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is psycholoog, onderwijskundige en expert kwaliteitszorg en afstandsonderwijs. Tot 2008 was hij hoofdredacteur van het Jaarboek Ontwikkelingspsychologie, Orthopedagogiek en Kinderpsychiatrie. Sinds 2002 is hij directeur van het PROSE Netwerk Kwaliteitsmanagement en sedert 2012 voorzitter van EIPEN - European Interprofessional Practice & Education Network.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het nieuwe onbehagen in de cultuur (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 2)

 25,60

Ruim tachtig jaar geleden en precies midden in het interbellum verscheen een van Freuds meest gelezen essays: Het onbehagen in de cultuur (1929/1930). De boodschap is nogal pessimistisch: ‘Het oogmerk dat de mens ‘gelukkig’ is, komt in het plan van de ‘schepping’ niet voor.’

Freud beklemtoont herhaaldelijk het transhistorisch karakter van dit onbehagen. Het is toe te schrijven aan onbewuste schuldgevoelens als onvermijdelijk nevenproduct van de cultuur. De menselijke conditie heeft onvermijdelijk te lijden onder de tegenstelling tussen beschaving en seksualiteit. Bovendien zijn er onderliggende en interne spanningsverhoudingen tussen libido en zelfbehoud, lustprincipe en realiteitsprincipe, liefde en destructie, Eros en Thanatos.

De prijs die we voor onze cultuur betalen is het verlies van geluk dat het gevolg is van (onbewust) schuldgevoel. Een tragische visie op de menselijke conditie is en blijft tot vandaag kenmerkend voor de psychoanalytische visie. Een categoraal onderscheid tussen normaal en abnormaal bestaat niet, psychopathologie is voornamelijk te begrijpen als de uitvergroting van algemeen menselijke problemen, de mens is innerlijk verdeeld en leeft in een niet op te heffen disharmonie met zichzelf en met de natuur.

In dit boek komen verschillende (cultuur)filosofische en psychoanalytische stemmen aan het woord die Freuds tekst tegen het licht houden van de actuele psychoanalyse en de hedendaagse cultuur. Versnellingsstress, globalisering, consumptiekapitalisme, postmodernisme, neoliberalisme en meritocratie, de cultus van de zelfonthulling, virtuele realiteit, simulatie en cyborgatie zijn slechts enkele van de huidige gegevens. Wat valt er dientengevolge over het nieuwe onbehagen te zeggen? Neemt het ten gevolge van gewijzigde culturele omstandigheden en gevoeligheden andere gedaanten aan?

Met bijdragen van Lieven De Cauter, Marc De Kesel, Joke J. Hermsen, Dominiek Hoens, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Michel Thys, Paul Verhaeghe, Peter Verstraten.



Mark Kinet is bestuurslid van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur, psychiater in de Kliniek St Jozef Pittem en in vrij gevestigde psychoanalytische praktijk te Gent. Hij is o.a. coördinator van de reeks ‘Psychoanalytisch Actueel’ en publiceerde over psychiatrie, klinische psychotherapie, psychoanalyse, liefde en poëzie. Voor een overzicht zie www.markkinet.be.

Marc De Kesel is bestuurslid van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur, PhD filosofie verbonden aan de Arteveldehogeschool Gent en Radboud Universiteit Nijmegen en publiceert over ethiek, kunst- en cultuurkritiek, politieke filosofie, psychoanalyse, religietheorie en de receptie van de Shoah.

Sjef Houppermans is voorzitter van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur. Hij is universitair hoofddocent moderne Franse Letterkunde aan de Universiteit Leiden en redacteur van het Tijdschrift voor Psychoanalyse. "Alle bijdragen zijn zeer de moeite waard gelezen te worden en zet de lezer aan het denken"
MGv (jrg. 68, nr. 4, blz. 190)


Reeks: Psychoanalyse en Cultuur
Nr. 1: Spreken, zwijgen, ... schrijven. Psychoanalyse en taal
P. Verstraten, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 2: Het nieuwe onbehagen in de cultuur
M. Kinet, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 3: De bedrieger bedrogen
S. Houppermans, M. Kinet & M. De Kesel(Red.)

Nr. 4: For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot.
Mark Kinet, Marc De Kesel & Sjef Houppermans (Red.)



Voor de publicaties sinds 1990 zie www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu

Quick View

Het nieuwe onbehagen in de cultuur (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 2)

 25,60

Ruim tachtig jaar geleden en precies midden in het interbellum verscheen een van Freuds meest gelezen essays: Het onbehagen in de cultuur (1929/1930). De boodschap is nogal pessimistisch: ‘Het oogmerk dat de mens ‘gelukkig’ is, komt in het plan van de ‘schepping’ niet voor.’

Freud beklemtoont herhaaldelijk het transhistorisch karakter van dit onbehagen. Het is toe te schrijven aan onbewuste schuldgevoelens als onvermijdelijk nevenproduct van de cultuur. De menselijke conditie heeft onvermijdelijk te lijden onder de tegenstelling tussen beschaving en seksualiteit. Bovendien zijn er onderliggende en interne spanningsverhoudingen tussen libido en zelfbehoud, lustprincipe en realiteitsprincipe, liefde en destructie, Eros en Thanatos.

De prijs die we voor onze cultuur betalen is het verlies van geluk dat het gevolg is van (onbewust) schuldgevoel. Een tragische visie op de menselijke conditie is en blijft tot vandaag kenmerkend voor de psychoanalytische visie. Een categoraal onderscheid tussen normaal en abnormaal bestaat niet, psychopathologie is voornamelijk te begrijpen als de uitvergroting van algemeen menselijke problemen, de mens is innerlijk verdeeld en leeft in een niet op te heffen disharmonie met zichzelf en met de natuur.

In dit boek komen verschillende (cultuur)filosofische en psychoanalytische stemmen aan het woord die Freuds tekst tegen het licht houden van de actuele psychoanalyse en de hedendaagse cultuur. Versnellingsstress, globalisering, consumptiekapitalisme, postmodernisme, neoliberalisme en meritocratie, de cultus van de zelfonthulling, virtuele realiteit, simulatie en cyborgatie zijn slechts enkele van de huidige gegevens. Wat valt er dientengevolge over het nieuwe onbehagen te zeggen? Neemt het ten gevolge van gewijzigde culturele omstandigheden en gevoeligheden andere gedaanten aan?

Met bijdragen van Lieven De Cauter, Marc De Kesel, Joke J. Hermsen, Dominiek Hoens, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Michel Thys, Paul Verhaeghe, Peter Verstraten.



Mark Kinet is bestuurslid van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur, psychiater in de Kliniek St Jozef Pittem en in vrij gevestigde psychoanalytische praktijk te Gent. Hij is o.a. coördinator van de reeks ‘Psychoanalytisch Actueel’ en publiceerde over psychiatrie, klinische psychotherapie, psychoanalyse, liefde en poëzie. Voor een overzicht zie www.markkinet.be.

Marc De Kesel is bestuurslid van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur, PhD filosofie verbonden aan de Arteveldehogeschool Gent en Radboud Universiteit Nijmegen en publiceert over ethiek, kunst- en cultuurkritiek, politieke filosofie, psychoanalyse, religietheorie en de receptie van de Shoah.

Sjef Houppermans is voorzitter van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur. Hij is universitair hoofddocent moderne Franse Letterkunde aan de Universiteit Leiden en redacteur van het Tijdschrift voor Psychoanalyse. "Alle bijdragen zijn zeer de moeite waard gelezen te worden en zet de lezer aan het denken"
MGv (jrg. 68, nr. 4, blz. 190)


Reeks: Psychoanalyse en Cultuur
Nr. 1: Spreken, zwijgen, ... schrijven. Psychoanalyse en taal
P. Verstraten, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 2: Het nieuwe onbehagen in de cultuur
M. Kinet, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 3: De bedrieger bedrogen
S. Houppermans, M. Kinet & M. De Kesel(Red.)

Nr. 4: For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot.
Mark Kinet, Marc De Kesel & Sjef Houppermans (Red.)



Voor de publicaties sinds 1990 zie www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De ronde stad. Communicatie in de Stad van Axen

 17,80
Hoe komt het toch dat je met sommige mensen altijd in dezelfde discussies belandt? Waarom heb je het gevoel dat bepaalde mensen je steeds aanvallen en jij voortdurend in de verdediging schiet? Heb je ook de afspraak met jezelf gemaakt om je niks aan te trekken van nare opmerkingen, maar blijkt de praktijk toch lastiger dan de theorie? En wat moet je met die vriend of vriendin die altijd maar voor je klaarstaat, tot vervelens toe?

Over deze en talrijke andere lastige situaties tussen mensen gaat De Ronde Stad van Lilan Coenen en Maartje ter Horst van Delden, psycholoog, trainer en coach. Sinds 2006 werken zij samen en zij maken daarbij veel gebruik van de methodiek van de Stad van Axen. In dit boek nemen ze je mee op een tocht door de oude stad, met haar pleinen, straten en wijken. Je ontdekt dat de pleinkant rustig en vredig kan zijn terwijl de walkant de donkere randen van de Stad laat zien. Je leert de wijken en de bijbehorende axendieren kennen, waarbij elk axendier zijn eigen kracht bezit.

In dit boek leer je de gedragsmodellen van de stad kennen. Verschillende communicatiestijlen worden uitgewerkt. Elke stijl, elk axendier communiceert op zijn eigen manier. Je leert ook om het plein over te steken naar een andere wijk en naar een andere communicatiestijl. Hierdoor breng je zelf verandering in de siutatie en klim je uit de vicieuze cirkel. Je kunt kiezen voor een effectieve omgangswijze en sturing geven aan de communicatie door meer de eigenschappen van de verschillende stadswijken te gebruiken, ook al zijn die misschien heel anders dan je gewend bent.

De Ronde Stad vertelt je de theorie, ondersteund door praktijkvoorbeelden. Het tweede gedeelte is het echte werkboek waarmee je als begeleider of leidinggevende direct aan de slag kunt.

Lilian Coenen is zelfstandig pyscholoog, trainer en coach in Soest.
Maartje ter horst van Delden is zelfstandig communicatietrainer en -coach in Amersfoort.

"Het boek is toegankelijk geschreven met mooie, speelse illustraties. Dankzij het narratieve karakter en de vele metaforen pakt het boek mij van begin tot eind."
Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 36)

Geen voorraad
Quick View

De ronde stad. Communicatie in de Stad van Axen

 17,80
Hoe komt het toch dat je met sommige mensen altijd in dezelfde discussies belandt? Waarom heb je het gevoel dat bepaalde mensen je steeds aanvallen en jij voortdurend in de verdediging schiet? Heb je ook de afspraak met jezelf gemaakt om je niks aan te trekken van nare opmerkingen, maar blijkt de praktijk toch lastiger dan de theorie? En wat moet je met die vriend of vriendin die altijd maar voor je klaarstaat, tot vervelens toe?

Over deze en talrijke andere lastige situaties tussen mensen gaat De Ronde Stad van Lilan Coenen en Maartje ter Horst van Delden, psycholoog, trainer en coach. Sinds 2006 werken zij samen en zij maken daarbij veel gebruik van de methodiek van de Stad van Axen. In dit boek nemen ze je mee op een tocht door de oude stad, met haar pleinen, straten en wijken. Je ontdekt dat de pleinkant rustig en vredig kan zijn terwijl de walkant de donkere randen van de Stad laat zien. Je leert de wijken en de bijbehorende axendieren kennen, waarbij elk axendier zijn eigen kracht bezit.

In dit boek leer je de gedragsmodellen van de stad kennen. Verschillende communicatiestijlen worden uitgewerkt. Elke stijl, elk axendier communiceert op zijn eigen manier. Je leert ook om het plein over te steken naar een andere wijk en naar een andere communicatiestijl. Hierdoor breng je zelf verandering in de siutatie en klim je uit de vicieuze cirkel. Je kunt kiezen voor een effectieve omgangswijze en sturing geven aan de communicatie door meer de eigenschappen van de verschillende stadswijken te gebruiken, ook al zijn die misschien heel anders dan je gewend bent.

De Ronde Stad vertelt je de theorie, ondersteund door praktijkvoorbeelden. Het tweede gedeelte is het echte werkboek waarmee je als begeleider of leidinggevende direct aan de slag kunt.

Lilian Coenen is zelfstandig pyscholoog, trainer en coach in Soest.
Maartje ter horst van Delden is zelfstandig communicatietrainer en -coach in Amersfoort.

"Het boek is toegankelijk geschreven met mooie, speelse illustraties. Dankzij het narratieve karakter en de vele metaforen pakt het boek mij van begin tot eind."
Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 36)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Plannen voor mensen. Handboek sociaal-ruimtelijke planning

 21,60

Sinds het begin van het nieuwe millennium is stadsontwikkeling steeds vaker synoniem voor stedenbouw. Daarmee stijgen de verwachtingen van stedenbouw. Van de grote bouwwerven in onze steden wordt nu ook steevast een belangrijke maatschappelijke meerwaarde geëist. Deze publicatie gaat in op de praktische en procedurele uitdagingen die hiermee gepaard gaan.

Als eerste Nederlandstalige handboek voor ‘sociaal-ruimtelijke planning’ wil dit boek architecten en stedenbouwkundigen wapenen voor de nieuwe sociale opdracht die ze krijgen. Tegelijk richt dit boek zich tot professionals actief in de ‘sociale sector’: opbouwwerkers, buurtwerkers, jeugdwerkers, buurtregisseurs, integrale veiligheidscoördinatoren... De auteurs gaan er vanuit dat de stedenbouw van de toekomst nog sterker interdisciplinair zal worden. Willen stedenbouwkundige projecten een maatschappelijke meerwaarde realiseren, dan zal de samenwerking met sociale professionals moeten worden versterkt. Met dit boek willen de auteurs beide groepen helpen om samen te werken, om zo meer te halen uit stedenbouwkundige projecten: stenen, maar voor mensen.

De tekst biedt een overzicht van de meest actuele wetenschappelijke kennis over de interactie tussen bebouwde omgeving en sociale praktijken en processen als ontmoeten, veiligheid, sociale cohesie. Op basis van een langlopende samenwerking met de cel sociale planning van de Stad Antwerpen werd bovendien een methodiek ontwikkeld voor sociaal-ruimtelijke planning. Aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden wordt uitgelegd hoe op verschillende momenten van het ruimtelijk planningsproces de samenwerking tussen sociale en stedenbouwkundige professionals kan worden verbeterd en hoe de kennis van sociale professionals gevaloriseerd kan worden in betere, meer sociale stedenbouwkundige projecten.

Inhoudsopgave



Maarten Loopmans is doctor in de Sociale Geografie en docent aan de afdeling Geografie van de Katholieke Universiteit Leuven. Hij doceert tevens bij de master Architectuur aan dezelfde universiteit en bij STeR*, Afdeling Stedenbouw en Ruimtelijke Planning van de Erasmus Hogeschool Brussel. Hij doet onderzoek naar stadsontwikkeling, stadsvernieuwing, stedelijk beleid en de impact van de bebouwde ruimte op sociale processen.

Els Leclercq is afgestudeerd als architect-stedenbouwkundige aan de TU Delft. Momenteel doctoreert ze bij onderzoeksgroep Cosmopolis aan de Vrije Universiteit Brussel en vakgroep Ontwerp en Politiek aan de TU Delft. Hiernaast werkt ze als freelance stedenbouwkundige op projecten die variëren van grootschalige herwaardering- en onderzoeksprojecten tot aan inrichting van het publieke domein.

Caroline Newton is architect-stedenbouwkundige en politicologe en behaalde haar doctoraat in de sociale geografie aan de K.U. Leuven. Ze is verbonden aan de Hogeschool W&K, departement Sint-Lucas, doceert er binnen de opleidingen architectuur en stedenbouw en doet onderzoek op het raakvlak tussen architectuur, stedenbouw en politiek, zowel in het Westen als in het Zuiden.

Quick View

Plannen voor mensen. Handboek sociaal-ruimtelijke planning

 21,60

Sinds het begin van het nieuwe millennium is stadsontwikkeling steeds vaker synoniem voor stedenbouw. Daarmee stijgen de verwachtingen van stedenbouw. Van de grote bouwwerven in onze steden wordt nu ook steevast een belangrijke maatschappelijke meerwaarde geëist. Deze publicatie gaat in op de praktische en procedurele uitdagingen die hiermee gepaard gaan.

Als eerste Nederlandstalige handboek voor ‘sociaal-ruimtelijke planning’ wil dit boek architecten en stedenbouwkundigen wapenen voor de nieuwe sociale opdracht die ze krijgen. Tegelijk richt dit boek zich tot professionals actief in de ‘sociale sector’: opbouwwerkers, buurtwerkers, jeugdwerkers, buurtregisseurs, integrale veiligheidscoördinatoren... De auteurs gaan er vanuit dat de stedenbouw van de toekomst nog sterker interdisciplinair zal worden. Willen stedenbouwkundige projecten een maatschappelijke meerwaarde realiseren, dan zal de samenwerking met sociale professionals moeten worden versterkt. Met dit boek willen de auteurs beide groepen helpen om samen te werken, om zo meer te halen uit stedenbouwkundige projecten: stenen, maar voor mensen.

De tekst biedt een overzicht van de meest actuele wetenschappelijke kennis over de interactie tussen bebouwde omgeving en sociale praktijken en processen als ontmoeten, veiligheid, sociale cohesie. Op basis van een langlopende samenwerking met de cel sociale planning van de Stad Antwerpen werd bovendien een methodiek ontwikkeld voor sociaal-ruimtelijke planning. Aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden wordt uitgelegd hoe op verschillende momenten van het ruimtelijk planningsproces de samenwerking tussen sociale en stedenbouwkundige professionals kan worden verbeterd en hoe de kennis van sociale professionals gevaloriseerd kan worden in betere, meer sociale stedenbouwkundige projecten.

Inhoudsopgave



Maarten Loopmans is doctor in de Sociale Geografie en docent aan de afdeling Geografie van de Katholieke Universiteit Leuven. Hij doceert tevens bij de master Architectuur aan dezelfde universiteit en bij STeR*, Afdeling Stedenbouw en Ruimtelijke Planning van de Erasmus Hogeschool Brussel. Hij doet onderzoek naar stadsontwikkeling, stadsvernieuwing, stedelijk beleid en de impact van de bebouwde ruimte op sociale processen.

Els Leclercq is afgestudeerd als architect-stedenbouwkundige aan de TU Delft. Momenteel doctoreert ze bij onderzoeksgroep Cosmopolis aan de Vrije Universiteit Brussel en vakgroep Ontwerp en Politiek aan de TU Delft. Hiernaast werkt ze als freelance stedenbouwkundige op projecten die variëren van grootschalige herwaardering- en onderzoeksprojecten tot aan inrichting van het publieke domein.

Caroline Newton is architect-stedenbouwkundige en politicologe en behaalde haar doctoraat in de sociale geografie aan de K.U. Leuven. Ze is verbonden aan de Hogeschool W&K, departement Sint-Lucas, doceert er binnen de opleidingen architectuur en stedenbouw en doet onderzoek op het raakvlak tussen architectuur, stedenbouw en politiek, zowel in het Westen als in het Zuiden.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ruimte, regio en mobiliteit. Aspecten van ruimtelijke nabijheid en duurzaam verplaatsingsgedrag in Vlaanderen

 31,00
Dit boek wil een bijdrage leveren tot het inzicht in de wisselwerking tussen personenmobiliteit en ruimtelijke ordening, rekening houdend met de maatschappelijke context van klimaatdoelstellingen en de dreiging van ‘peak-oil’. Dit gebeurt door het ontwikkelen van een aantal kwantitatieve onderzoeksmethodes, die ingebed zijn in een literatuurstudie en toegepast worden op het specifiek geval van de regio Vlaanderen.

Het onderzoek richt zich op het verkennen van de duurzaamheid van de ruimtelijke structuur in relatie tot verplaatsingsgedrag, met specifieke aandacht voor de dagelijks afgelegde afstanden. Duurzaamheid wordt gedefinieerd als robuustheid, niet enkel ten aanzien van een groeiende mobiliteit, maar ook ten aanzien van een mogelijke toekomstige krimp van de mobiliteit. Een dergelijk krimpscenario zou het gevolg kunnen zijn van het ‘peak-oil’-fenomeen (dreigende olieschaarste), of van een doortastend klimaatbeleid. Verder bepaalt de ruimtelijke structuur op zichzelf ook de mogelijkheden om verplaatsingspatronen in een meer duurzame richting te sturen.

Vanuit dit standpunt onderzoekt de verhandeling in welke mate de wederzijdse ruimtelijke nabijheid tussen potentiële bestemmingen bepalend is voor de dagelijkse afstanden die in Vlaanderen worden afgelegd, en hoe ruimtelijke ordening een rol kan spelen in het streven naar een goede bereikbaarheid op basis van een minimale hoeveelheid verkeer.

Kobe Boussauw is doctor in de Wetenschappen: Geografie en is verbonden aan de vakgroep Geografie van de Universiteit Gent. Hij behaalde eerder de diploma’s van burgerlijk ingenieur-architect en ruimtelijk planner. Hij werkte als consultant in een studiebureau, als ambtenaar voor de Vlaamse overheid, en als adviseur voor het programma van UN-Habitat in Kosovo. Het voorliggende onderzoek werd gefinancierd door het Steunpunt Ruimte en Wonen (2007-2011).

Quick View

Ruimte, regio en mobiliteit. Aspecten van ruimtelijke nabijheid en duurzaam verplaatsingsgedrag in Vlaanderen

 31,00
Dit boek wil een bijdrage leveren tot het inzicht in de wisselwerking tussen personenmobiliteit en ruimtelijke ordening, rekening houdend met de maatschappelijke context van klimaatdoelstellingen en de dreiging van ‘peak-oil’. Dit gebeurt door het ontwikkelen van een aantal kwantitatieve onderzoeksmethodes, die ingebed zijn in een literatuurstudie en toegepast worden op het specifiek geval van de regio Vlaanderen.

Het onderzoek richt zich op het verkennen van de duurzaamheid van de ruimtelijke structuur in relatie tot verplaatsingsgedrag, met specifieke aandacht voor de dagelijks afgelegde afstanden. Duurzaamheid wordt gedefinieerd als robuustheid, niet enkel ten aanzien van een groeiende mobiliteit, maar ook ten aanzien van een mogelijke toekomstige krimp van de mobiliteit. Een dergelijk krimpscenario zou het gevolg kunnen zijn van het ‘peak-oil’-fenomeen (dreigende olieschaarste), of van een doortastend klimaatbeleid. Verder bepaalt de ruimtelijke structuur op zichzelf ook de mogelijkheden om verplaatsingspatronen in een meer duurzame richting te sturen.

Vanuit dit standpunt onderzoekt de verhandeling in welke mate de wederzijdse ruimtelijke nabijheid tussen potentiële bestemmingen bepalend is voor de dagelijkse afstanden die in Vlaanderen worden afgelegd, en hoe ruimtelijke ordening een rol kan spelen in het streven naar een goede bereikbaarheid op basis van een minimale hoeveelheid verkeer.

Kobe Boussauw is doctor in de Wetenschappen: Geografie en is verbonden aan de vakgroep Geografie van de Universiteit Gent. Hij behaalde eerder de diploma’s van burgerlijk ingenieur-architect en ruimtelijk planner. Hij werkte als consultant in een studiebureau, als ambtenaar voor de Vlaamse overheid, en als adviseur voor het programma van UN-Habitat in Kosovo. Het voorliggende onderzoek werd gefinancierd door het Steunpunt Ruimte en Wonen (2007-2011).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

With a different glance. Dynamic assessment of functioning of children oriented at development & inclusive learning

 34,00
Despite international developments towards inclusion, many children are excluded and deprived of adequate education, because of an impairment and or functional difficulties: there is not enough support, teachers lack knowledge how to include different children, and assessment reports are rarely suitable for inclusive teaching.

Current functional assessment is too much deficiency oriented and tends to ''blame'' the child. If schools have to become ''inclusive schools for all'', as is laid down in the UN Convention on the Rights of People with disabilities, then the assessment & coaching system needs a thorough reform.

This book wants to propose some alternatives: next to finding out about a child''s functional difficulties, assessment methods also need to look at a child''s learning potential, responsiveness to teaching, and learning context (teachers, parents). The objective of assessment should be to adequately plan and monitor a challenging educational intervention, allowing the child to be maximally included.

Models of ''good practice'' have been collected within the context of the European Comenius DAFFODIL project.

The book wants to make school psychologists and other assessors of special needs, aware of the need and possibility to look at children with a different glance: in a more inclusion-oriented and development-oriented way.


Jo Lebeer is associate professor of disability studies at the University of Antwerp, Belgium. Adelinda Candeias and Luísa Grácio are professors of educational psychology at the University of Evora, Portugal.

Quick View

With a different glance. Dynamic assessment of functioning of children oriented at development & inclusive learning

 34,00
Despite international developments towards inclusion, many children are excluded and deprived of adequate education, because of an impairment and or functional difficulties: there is not enough support, teachers lack knowledge how to include different children, and assessment reports are rarely suitable for inclusive teaching.

Current functional assessment is too much deficiency oriented and tends to ''blame'' the child. If schools have to become ''inclusive schools for all'', as is laid down in the UN Convention on the Rights of People with disabilities, then the assessment & coaching system needs a thorough reform.

This book wants to propose some alternatives: next to finding out about a child''s functional difficulties, assessment methods also need to look at a child''s learning potential, responsiveness to teaching, and learning context (teachers, parents). The objective of assessment should be to adequately plan and monitor a challenging educational intervention, allowing the child to be maximally included.

Models of ''good practice'' have been collected within the context of the European Comenius DAFFODIL project.

The book wants to make school psychologists and other assessors of special needs, aware of the need and possibility to look at children with a different glance: in a more inclusion-oriented and development-oriented way.


Jo Lebeer is associate professor of disability studies at the University of Antwerp, Belgium. Adelinda Candeias and Luísa Grácio are professors of educational psychology at the University of Evora, Portugal.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ik wil mama én papa, allebei. Over echtscheiding, verwerking, loyaliteit en hulpverlening

 29,90
Heel wat kinderen lijden onder de echtscheiding van hun ouders. Alle kinderen moeten de echtscheiding van hun ouders verwerken.

Tegelijkertijd geraken kinderen overhoop met hun loyaliteitsgevoelens en geraken sommigen zelfs in een loyaliteitsconflict. Loyaliteit en loyaliteitsconflict zijn belangrijke begrippen om het leven van echtscheidingskinderen te begrijpen.

De wetgeving rond gezags- en verblijfsco-ouderschap kan een hulpmiddel zijn om een nieuwe vorm van samenleven met respect voor de loyaliteitsgevoelens van de kinderen te vinden.

Indien het de ouders niet lukt om constructief met elkaar om te gaan en rekening te houden met de loyaliteitsgevoelens van hun kinderen, staan er allerlei hulpverleners klaar om ouders en kinderen te helpen de conflicten op te lossen en de pijn te verzachten. Ook onderwijsgevenden hebben hier een rol te vervullen.

Ieder hoofdstuk wordt geïllustreerd met een voorbeeld uit de klinische praktijk.

Dit boek is bedoeld voor ouders en familieleden van echtscheidingskinderen, onderwijsgevenden, psychosociale hulpverleners en juristen. Ook heel wat echtscheidingskinderen zullen geïnteresseerd zijn.

Ludo Driesen is klinisch kinder- en jeugdpsycholoog en gedragstherapeut. Hij werkt in het Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / Limburgs Instituut voor Therapie en integrale Personenzorg (CGG/litp) Campus Noord-Limburg in Overpelt, België.

"Een absolute aanrader."
Caleidoscoop (jrg. 54, nr. 12, blz. 1076-1077)

"(...) een aanrader voor mensen die met kinderen werken. De vele uitgeschreven casussen maken dit werk heel leesbaar, zodat het ook door ouders en oudere echtscheidingskinderen kan gelezen worden"
Tijdschrift voor Welzijnswerk(jrg. 37, nr. 331, blz. 45-46)

Quick View

Ik wil mama én papa, allebei. Over echtscheiding, verwerking, loyaliteit en hulpverlening

 29,90
Heel wat kinderen lijden onder de echtscheiding van hun ouders. Alle kinderen moeten de echtscheiding van hun ouders verwerken.

Tegelijkertijd geraken kinderen overhoop met hun loyaliteitsgevoelens en geraken sommigen zelfs in een loyaliteitsconflict. Loyaliteit en loyaliteitsconflict zijn belangrijke begrippen om het leven van echtscheidingskinderen te begrijpen.

De wetgeving rond gezags- en verblijfsco-ouderschap kan een hulpmiddel zijn om een nieuwe vorm van samenleven met respect voor de loyaliteitsgevoelens van de kinderen te vinden.

Indien het de ouders niet lukt om constructief met elkaar om te gaan en rekening te houden met de loyaliteitsgevoelens van hun kinderen, staan er allerlei hulpverleners klaar om ouders en kinderen te helpen de conflicten op te lossen en de pijn te verzachten. Ook onderwijsgevenden hebben hier een rol te vervullen.

Ieder hoofdstuk wordt geïllustreerd met een voorbeeld uit de klinische praktijk.

Dit boek is bedoeld voor ouders en familieleden van echtscheidingskinderen, onderwijsgevenden, psychosociale hulpverleners en juristen. Ook heel wat echtscheidingskinderen zullen geïnteresseerd zijn.

Ludo Driesen is klinisch kinder- en jeugdpsycholoog en gedragstherapeut. Hij werkt in het Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / Limburgs Instituut voor Therapie en integrale Personenzorg (CGG/litp) Campus Noord-Limburg in Overpelt, België.

"Een absolute aanrader."
Caleidoscoop (jrg. 54, nr. 12, blz. 1076-1077)

"(...) een aanrader voor mensen die met kinderen werken. De vele uitgeschreven casussen maken dit werk heel leesbaar, zodat het ook door ouders en oudere echtscheidingskinderen kan gelezen worden"
Tijdschrift voor Welzijnswerk(jrg. 37, nr. 331, blz. 45-46)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De verbindende kwaliteit van beeldende therapie. Effecten van beeldende therapie in de behandeling van persoonlijkheidsstoornissen. Introductie van een beeldende therapievragenlijst

 50,40
Mensen met persoonlijkheidsproblematiek worstelen vaak met tal van problemen. Zij hebben meestal last van wisselende stemmingen en zijn een speelbal van hun emoties. Impulsen hebben regelmatig de overhand ten opzichte van hun gedachten waardoor allerlei (zelf-) destructief gedrag voor problemen zorgt. Het zelfbeeld is vaak instabiel, diffuus, onderhevig aan bovengenoemde stemmingen en is dus ook ‘ontregeld’.

Beeldende therapie wordt regelmatig gegeven aan cliënten met persoonlijkheidsproblematiek met als doel om door middel van beeldend werk(en) veranderings-, ontwikkelings-, regulatie- en/of acceptatieprocessen op gang te brengen. De kracht van het beeldende medium is gelegen in het feit dat het gaat om de ervaring, de handeling en/of om het scheppende karakter. Het beeldend werken kan zo diverse functies vervullen.

Dit boek beschrijft de bevindingen van een gericht, kwalitatief en kwantitatief onderzoek naar de effecten van beeldende therapie. Beschreven wordt dat gevonden en vastgesteld is dat beeldende therapie zich kenmerkt door een verbindende kwaliteit. Beeldende therapie verbindt de meer cognitieve processen, van gedachten en van woorden, aan de diepere, non-verbale gevoels- of ervaringslagen, waar met praten soms te snel aan wordt voorbij voorbijgegaan.

Cliënten komen op een uitgebreide en invoelbare wijze aan het woord over hun ervaringen met beeldende therapie door treffende citaten en samenvattende teksten. Door de foto’s van hun beeldend werk geven de cliënten de lezers van dit boek letterlijk en figuurlijk een beeld van wat hen bezighield.

Deze beelden maken inzichtelijk wat de kracht is van het beeldend werken en hoe dit je kan raken, als cliënt of als lezer van dit boek. Ook in die zin is het beeldend werk emotieverbindend!

Onderzoek is belangrijk omdat het onderbouwde inzichten oplevert, niet alleen over de werking en de kracht van beeldende therapie maar ook ten behoeve van de verdere ontwikkeling van het vak. De nu gepresenteerde onderzoeksresultaten sluiten dan ook aan bij de huidige ontwikkelingen in het werkveld om werk te maken van het `evidence based’ en `practice based’ onderbouwen van therapeutische interventies en therapeutisch aanbod.

Dit boek bevat naast het bovenstaande ook een specifiek beeldend therapeutische vragenlijst, de BTV-PS b/c, die in dit onderzoek werd ontwikkeld om de effecten van de therapie te onderzoeken. Deze vragenlijst is te gebruiken om de resultaten van en de waardering voor de beeldende therapie te monitoren.


Suzanne Haeyen, MATh, is beeldend therapeut en voorzitter van de leerkring Vaktherapie bij GGNet, bij `Scelta, expertisecentrum voor persoonlijkheidsproblematiek’ in Apeldoorn en Nijmegen. Ze is ook coördinator Inhoud en hoofddocent bij de Deeltijdopleiding Creatieve Therapie van Hogeschool Arnhem Nijmegen. Zij heeft diverse publicaties op haar naam staan over beeldende therapie bij persoonlijkheidsstoornissen.

"Voor het vakgebied is dit boek van essentieel belang, vanwege de unieke vragenlijst die ervaringen en reflecties van cliënten voor, gedurende en na de behandeling in kaart brengt."
Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 40)

Quick View

De verbindende kwaliteit van beeldende therapie. Effecten van beeldende therapie in de behandeling van persoonlijkheidsstoornissen. Introductie van een beeldende therapievragenlijst

 50,40
Mensen met persoonlijkheidsproblematiek worstelen vaak met tal van problemen. Zij hebben meestal last van wisselende stemmingen en zijn een speelbal van hun emoties. Impulsen hebben regelmatig de overhand ten opzichte van hun gedachten waardoor allerlei (zelf-) destructief gedrag voor problemen zorgt. Het zelfbeeld is vaak instabiel, diffuus, onderhevig aan bovengenoemde stemmingen en is dus ook ‘ontregeld’.

Beeldende therapie wordt regelmatig gegeven aan cliënten met persoonlijkheidsproblematiek met als doel om door middel van beeldend werk(en) veranderings-, ontwikkelings-, regulatie- en/of acceptatieprocessen op gang te brengen. De kracht van het beeldende medium is gelegen in het feit dat het gaat om de ervaring, de handeling en/of om het scheppende karakter. Het beeldend werken kan zo diverse functies vervullen.

Dit boek beschrijft de bevindingen van een gericht, kwalitatief en kwantitatief onderzoek naar de effecten van beeldende therapie. Beschreven wordt dat gevonden en vastgesteld is dat beeldende therapie zich kenmerkt door een verbindende kwaliteit. Beeldende therapie verbindt de meer cognitieve processen, van gedachten en van woorden, aan de diepere, non-verbale gevoels- of ervaringslagen, waar met praten soms te snel aan wordt voorbij voorbijgegaan.

Cliënten komen op een uitgebreide en invoelbare wijze aan het woord over hun ervaringen met beeldende therapie door treffende citaten en samenvattende teksten. Door de foto’s van hun beeldend werk geven de cliënten de lezers van dit boek letterlijk en figuurlijk een beeld van wat hen bezighield.

Deze beelden maken inzichtelijk wat de kracht is van het beeldend werken en hoe dit je kan raken, als cliënt of als lezer van dit boek. Ook in die zin is het beeldend werk emotieverbindend!

Onderzoek is belangrijk omdat het onderbouwde inzichten oplevert, niet alleen over de werking en de kracht van beeldende therapie maar ook ten behoeve van de verdere ontwikkeling van het vak. De nu gepresenteerde onderzoeksresultaten sluiten dan ook aan bij de huidige ontwikkelingen in het werkveld om werk te maken van het `evidence based’ en `practice based’ onderbouwen van therapeutische interventies en therapeutisch aanbod.

Dit boek bevat naast het bovenstaande ook een specifiek beeldend therapeutische vragenlijst, de BTV-PS b/c, die in dit onderzoek werd ontwikkeld om de effecten van de therapie te onderzoeken. Deze vragenlijst is te gebruiken om de resultaten van en de waardering voor de beeldende therapie te monitoren.


Suzanne Haeyen, MATh, is beeldend therapeut en voorzitter van de leerkring Vaktherapie bij GGNet, bij `Scelta, expertisecentrum voor persoonlijkheidsproblematiek’ in Apeldoorn en Nijmegen. Ze is ook coördinator Inhoud en hoofddocent bij de Deeltijdopleiding Creatieve Therapie van Hogeschool Arnhem Nijmegen. Zij heeft diverse publicaties op haar naam staan over beeldende therapie bij persoonlijkheidsstoornissen.

"Voor het vakgebied is dit boek van essentieel belang, vanwege de unieke vragenlijst die ervaringen en reflecties van cliënten voor, gedurende en na de behandeling in kaart brengt."
Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 40)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Spraakmakend spraakvermaak. Groepsbehandeling bij dysartrie

 28,80
Logopedisten raken steeds meer doordrongen van het belang van het bestendigen van het geleerde op stoornisniveau in praktijksituaties. De therapie is succesvol wanneer het geleerde in het dagelijks leven kan worden toegepast. De ICF – International Classification of Functioning, Disability and Health, beschreven door de WereldGezondheidsOrganisatie, maakt het belang van het trainen op drie verschillende niveaus inzichtelijk, namelijk functie-, activiteiten- en participatieniveau.

Individuele behandeling is veelal gericht op functieniveau, terwijl de groepsbehandeling zich meer focust op activiteiten- en participatieniveau. Deze twee laatstgenoemde niveaus vallen in het geval van groepsbehandeling bij dysartrie grotendeels samen.

Deze publicatie biedt het nodige oefenmateriaal aan logopedisten die op functioneel niveau aan de communicatie met hun dysartriecliënten willen werken. Het boek heeft in eerste instantie het verbeteren van de communicatie van cliënten met dysartrie tot doel. Daarnaast is het ook bruikbaar binnen afasiegroepen en NT2-trainingen waar  op activiteiten- en participatieniveau wordt getraind. De diversiteit aan functionele gespreksonderwerpen maakt dit mogelijk.

Het eerste deel bestaat uit achtergronden en een handleiding. Hier komen de doelen binnen de groepsbehandeling, de rol van de logopedist, de organisatie en de observatie en evaluatie van de bijeenkomsten aan bod.

Het tweede deel bevat een veertigtal thema’s, wat diverse mogelijkheden biedt voor het uitvoeren van een groepsbehandeling.

Quick View

Spraakmakend spraakvermaak. Groepsbehandeling bij dysartrie

 28,80
Logopedisten raken steeds meer doordrongen van het belang van het bestendigen van het geleerde op stoornisniveau in praktijksituaties. De therapie is succesvol wanneer het geleerde in het dagelijks leven kan worden toegepast. De ICF – International Classification of Functioning, Disability and Health, beschreven door de WereldGezondheidsOrganisatie, maakt het belang van het trainen op drie verschillende niveaus inzichtelijk, namelijk functie-, activiteiten- en participatieniveau.

Individuele behandeling is veelal gericht op functieniveau, terwijl de groepsbehandeling zich meer focust op activiteiten- en participatieniveau. Deze twee laatstgenoemde niveaus vallen in het geval van groepsbehandeling bij dysartrie grotendeels samen.

Deze publicatie biedt het nodige oefenmateriaal aan logopedisten die op functioneel niveau aan de communicatie met hun dysartriecliënten willen werken. Het boek heeft in eerste instantie het verbeteren van de communicatie van cliënten met dysartrie tot doel. Daarnaast is het ook bruikbaar binnen afasiegroepen en NT2-trainingen waar  op activiteiten- en participatieniveau wordt getraind. De diversiteit aan functionele gespreksonderwerpen maakt dit mogelijk.

Het eerste deel bestaat uit achtergronden en een handleiding. Hier komen de doelen binnen de groepsbehandeling, de rol van de logopedist, de organisatie en de observatie en evaluatie van de bijeenkomsten aan bod.

Het tweede deel bevat een veertigtal thema’s, wat diverse mogelijkheden biedt voor het uitvoeren van een groepsbehandeling.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vijftig onderwijstips

 24,70

Dit boek met onderwijstips is in de eerste plaats bedoeld voor lesgevers uit het hoger onderwijs. Tal van thema’s waarmee een lesgever geconfronteerd wordt, komen aan bod, zoals het activerend lesgeven, klasmanagement, het geven van opdrachten, organiseren van groepswerk, opstellen van examens. Naast de tips zelf, zijn er ook verwijzingen naar verdiepend of verbredend materiaal.



Het Expertisecentrum Hoger Onderwijs (ECHO, www.ua.ac.be/echo) maakt deel uit van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Het ECHO staat in voor de professionalisering van het onderwijzend personeel van de Universiteit Antwerpen en breder van de Associatie Universiteit Hogescholen Antwerpen. Daarnaast voert het centrum (toegepast) onderwijskundig onderzoek uit op het terrein van lesgeven in het hoger onderwijs.

Quick View

Vijftig onderwijstips

 24,70

Dit boek met onderwijstips is in de eerste plaats bedoeld voor lesgevers uit het hoger onderwijs. Tal van thema’s waarmee een lesgever geconfronteerd wordt, komen aan bod, zoals het activerend lesgeven, klasmanagement, het geven van opdrachten, organiseren van groepswerk, opstellen van examens. Naast de tips zelf, zijn er ook verwijzingen naar verdiepend of verbredend materiaal.



Het Expertisecentrum Hoger Onderwijs (ECHO, www.ua.ac.be/echo) maakt deel uit van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Het ECHO staat in voor de professionalisering van het onderwijzend personeel van de Universiteit Antwerpen en breder van de Associatie Universiteit Hogescholen Antwerpen. Daarnaast voert het centrum (toegepast) onderwijskundig onderzoek uit op het terrein van lesgeven in het hoger onderwijs.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Op de wijze van de chef (Reeks Keuken en Tafel: nr 1)

 22,00

In een tijd waarin de boekenwinkels uitpuilen van kookboeken in alle vormen en gewichten en waarin de media een zeer groot stuk van hun zendtijd inruimen voor kookrubrieken, ontbreekt vaak de achtergrond van onze culinaire cultuur. Ondanks het feit dat die boeiend en verhelderend is voor de bewuste (hobby)kok en zijn tafelgenoten. Bovendien kruidt een verhaal de spijzen.

Hoog tijd dus om diverse bekende en minderbekende facetten van onze keuken onder de schijnwerper te plaatsen, om kennis te maken met de democratie in onze keuken en een licht op te steken bij de belangrijkste schrijvende klassekoks. Zo worden onder meer klassieke culinaire deugden als zuinigheid, conservatisme en snelheid in eer hersteld. Het helpt ook om de regels van de tafeletiquette opnieuw te hanteren, de Russische service te leren kennen en ons feestgedrag te analyseren. Als toemaatje komen ook twee eeuwenoude smaakmakers aan de orde: bier en kaas.



Eddie Niesten publiceerde diverse boeken over België en zijn geschiedenis. Hierbij ook meerdere uitgaven met betrekking tot gastronomie en culinaire ontwikkelingen. Daarover geeft hij heel wat lezingen en verzorgt hij bijdragen in de media.
Hij is oprichter en bezieler van het cultureel-culinaire initiatief Keukenhistories & Tafelpraat.

Zie ook Keuken en tafel 2: Tweemaal oorlog, driemaal honger

Quick View

Op de wijze van de chef (Reeks Keuken en Tafel: nr 1)

 22,00

In een tijd waarin de boekenwinkels uitpuilen van kookboeken in alle vormen en gewichten en waarin de media een zeer groot stuk van hun zendtijd inruimen voor kookrubrieken, ontbreekt vaak de achtergrond van onze culinaire cultuur. Ondanks het feit dat die boeiend en verhelderend is voor de bewuste (hobby)kok en zijn tafelgenoten. Bovendien kruidt een verhaal de spijzen.

Hoog tijd dus om diverse bekende en minderbekende facetten van onze keuken onder de schijnwerper te plaatsen, om kennis te maken met de democratie in onze keuken en een licht op te steken bij de belangrijkste schrijvende klassekoks. Zo worden onder meer klassieke culinaire deugden als zuinigheid, conservatisme en snelheid in eer hersteld. Het helpt ook om de regels van de tafeletiquette opnieuw te hanteren, de Russische service te leren kennen en ons feestgedrag te analyseren. Als toemaatje komen ook twee eeuwenoude smaakmakers aan de orde: bier en kaas.



Eddie Niesten publiceerde diverse boeken over België en zijn geschiedenis. Hierbij ook meerdere uitgaven met betrekking tot gastronomie en culinaire ontwikkelingen. Daarover geeft hij heel wat lezingen en verzorgt hij bijdragen in de media.
Hij is oprichter en bezieler van het cultureel-culinaire initiatief Keukenhistories & Tafelpraat.

Zie ook Keuken en tafel 2: Tweemaal oorlog, driemaal honger

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Citymarketing in Amsterdam. Een organisatieantropologische studie van het publiek-private samenwerkingsverband op citymarketinggebied in Amsterdam

 29,00
Hedendaagse stedelijke beleidsprocessen komen niet alleen meer tot stand door wethouders en ambtenaren. Beleidsbepaling en -uitvoering krijgen in steeds grotere mate te maken met inmenging van derden: het bedrijfsleven, het sociale middenveld en soms ook de lokale bevolking. Citymarketing is zo’n beleidsveld waar zich dit voordoet.

Citymarketing is een complex proces dat pas recentelijk is opgekomen en dat zowel in de praktijk als in de (academische) literatuur nog een onontgonnen terrein is. Het wordt hier omschreven als ‘een complex beleidsproces bestaande uit verschillende, met elkaar samenhangende activiteiten gericht op het behouden en aantrekken van specifieke doelgroepen waarbij verscheidene stakeholders met uiteenlopende belangen betrokken zijn.’

Citymarketing is ontstaan als reactie op de toenemende onderlinge concurrentie tussen steden. Ook Amsterdam ziet zich geconfronteerd met een stijgende concurrentie en een onder druk staande concurrentiepositie en startte daarom in 2003 met citymarketing.

Dit proefschrift verhaalt over hoe de samenwerking tussen publieke en private partijen in Amsterdam op citymarketinggebied tot stand komt en zich ontwikkelt. Het blikt terug op het verloop van het Amsterdamse citymarketingproces en schetst een vaak ontluisterend beeld: ruzies en trage besluitvorming kenmerkten de samenwerking op citymarketinggebied de afgelopen acht jaar.

Angelique Lombarts heeft haar eigen bedrijf AloAconsultancy. Daarnaast is zij lector city marketing en leisure management aan de hogeschool Inholland. Zij onderzoekt en adviseert gemeenten over de aantrekkelijkheid van hun stad.

Quick View

Citymarketing in Amsterdam. Een organisatieantropologische studie van het publiek-private samenwerkingsverband op citymarketinggebied in Amsterdam

 29,00
Hedendaagse stedelijke beleidsprocessen komen niet alleen meer tot stand door wethouders en ambtenaren. Beleidsbepaling en -uitvoering krijgen in steeds grotere mate te maken met inmenging van derden: het bedrijfsleven, het sociale middenveld en soms ook de lokale bevolking. Citymarketing is zo’n beleidsveld waar zich dit voordoet.

Citymarketing is een complex proces dat pas recentelijk is opgekomen en dat zowel in de praktijk als in de (academische) literatuur nog een onontgonnen terrein is. Het wordt hier omschreven als ‘een complex beleidsproces bestaande uit verschillende, met elkaar samenhangende activiteiten gericht op het behouden en aantrekken van specifieke doelgroepen waarbij verscheidene stakeholders met uiteenlopende belangen betrokken zijn.’

Citymarketing is ontstaan als reactie op de toenemende onderlinge concurrentie tussen steden. Ook Amsterdam ziet zich geconfronteerd met een stijgende concurrentie en een onder druk staande concurrentiepositie en startte daarom in 2003 met citymarketing.

Dit proefschrift verhaalt over hoe de samenwerking tussen publieke en private partijen in Amsterdam op citymarketinggebied tot stand komt en zich ontwikkelt. Het blikt terug op het verloop van het Amsterdamse citymarketingproces en schetst een vaak ontluisterend beeld: ruzies en trage besluitvorming kenmerkten de samenwerking op citymarketinggebied de afgelopen acht jaar.

Angelique Lombarts heeft haar eigen bedrijf AloAconsultancy. Daarnaast is zij lector city marketing en leisure management aan de hogeschool Inholland. Zij onderzoekt en adviseert gemeenten over de aantrekkelijkheid van hun stad.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen
    ×