Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Maria, de kortste weg naar Jezus (Fracarita-reeks, nr. 2)

 20,60

Maria neemt in de heilsgeschiedenis een bijzondere plaats in. Ze is niet zomaar dat gewone meisje uit Nazareth dat zonder enige voorbereiding een stem hoorde van een engel die haar de boodschap kwam brengen dat ze de moeder van God zou worden. In de christelijke traditie was Maria daartoe voorbereid door haar onbevlekte ontvangenis. Geen gemakkelijk woord voor vandaag.

In dit boek gaat de auteur dieper in op de figuur van Maria om haar ware wezen beter te leren kennen. Hij gaat daarvoor in de leer bij mensen die heel veel hebben nagedacht en geschreven over Maria, en ook bij de concilieteksten die aan Maria werden gewijd, waarbij vooral de geschriften van Paus Johannes Paulus II richtinggevend zijn.

Gelovigen leren Maria op een heel bijzondere wijze kennen bij het bidden van de rozenkrans, een heel oud gebruik. Wordt dit bidden geplaatst in het licht van de 20 mysteries die de rozenkrans letterlijk omkransen, dan lijkt het een tocht aan de hand van Maria’s dagboek door het leven van Jezus zelf. Dat wordt dan echt ‘door Maria naar Jezus’.


René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracarita-reeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.

Quick View

Maria, de kortste weg naar Jezus (Fracarita-reeks, nr. 2)

 20,60

Maria neemt in de heilsgeschiedenis een bijzondere plaats in. Ze is niet zomaar dat gewone meisje uit Nazareth dat zonder enige voorbereiding een stem hoorde van een engel die haar de boodschap kwam brengen dat ze de moeder van God zou worden. In de christelijke traditie was Maria daartoe voorbereid door haar onbevlekte ontvangenis. Geen gemakkelijk woord voor vandaag.

In dit boek gaat de auteur dieper in op de figuur van Maria om haar ware wezen beter te leren kennen. Hij gaat daarvoor in de leer bij mensen die heel veel hebben nagedacht en geschreven over Maria, en ook bij de concilieteksten die aan Maria werden gewijd, waarbij vooral de geschriften van Paus Johannes Paulus II richtinggevend zijn.

Gelovigen leren Maria op een heel bijzondere wijze kennen bij het bidden van de rozenkrans, een heel oud gebruik. Wordt dit bidden geplaatst in het licht van de 20 mysteries die de rozenkrans letterlijk omkransen, dan lijkt het een tocht aan de hand van Maria’s dagboek door het leven van Jezus zelf. Dat wordt dan echt ‘door Maria naar Jezus’.


René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracarita-reeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Social Work in an International Perspective. History, views, diversity and human rights (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 2)

 34,90

In this work academics and practitioners from all five continents highlight the history of the social work profession and its underlying academic and social paradigms. The authors come from Australia, Austria, Brazil, Belgium, Canada, Ghana, Great Britain, India, New Zealand, South Africa and the United States. The structure of this work allows the reader to trace back the historical and political influences in the interpretation of social work in the authors’ countries. Special attention is given to the notions of human rights and social diversity. Are human rights universal and which impact does this universality have on the social work profession? How does categorical work relate to generalist practice and does this in its turn relate to the conception of diversity? The authors approach these main queries in an exemplary and balanced manner using both theoretical analysis and case studies.



The editors are the founding members of Mix!t, a forum for research, documentation and education in living/together, University College Ghent.
Charlotte De Kock has a degree in African and cultural studies. She is active in practice oriented research projects with a focus on intercultural society, marital migration, integration policies, elderly migrants and intra-European migration.
Christian Van Kerckhove is a scientist, philosopher and world traveller. He is head of the Social Work Degree program at University College Ghent and director of Mix!t. He teaches philosophy, social philosophy and ethics and is (co) promoter of several research projects.
Eva Vens is a social worker and has a degree in comparative cultural sciences. She teaches cultural anthropology at University College Ghent and is (co) promotor of several research projects. With colleague Christian Van Kerckhove she is responsible for the development of a diversity policy for the Faculty.

Quick View

Social Work in an International Perspective. History, views, diversity and human rights (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 2)

 34,90

In this work academics and practitioners from all five continents highlight the history of the social work profession and its underlying academic and social paradigms. The authors come from Australia, Austria, Brazil, Belgium, Canada, Ghana, Great Britain, India, New Zealand, South Africa and the United States. The structure of this work allows the reader to trace back the historical and political influences in the interpretation of social work in the authors’ countries. Special attention is given to the notions of human rights and social diversity. Are human rights universal and which impact does this universality have on the social work profession? How does categorical work relate to generalist practice and does this in its turn relate to the conception of diversity? The authors approach these main queries in an exemplary and balanced manner using both theoretical analysis and case studies.



The editors are the founding members of Mix!t, a forum for research, documentation and education in living/together, University College Ghent.
Charlotte De Kock has a degree in African and cultural studies. She is active in practice oriented research projects with a focus on intercultural society, marital migration, integration policies, elderly migrants and intra-European migration.
Christian Van Kerckhove is a scientist, philosopher and world traveller. He is head of the Social Work Degree program at University College Ghent and director of Mix!t. He teaches philosophy, social philosophy and ethics and is (co) promoter of several research projects.
Eva Vens is a social worker and has a degree in comparative cultural sciences. She teaches cultural anthropology at University College Ghent and is (co) promotor of several research projects. With colleague Christian Van Kerckhove she is responsible for the development of a diversity policy for the Faculty.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Van verdringen tot vergeten. Een psychoanalytische herwerking van het geheugen (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 19)Van verdringen tot vergeten. Een psychoanalytische herwerking van het geheugen (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 19)
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Van verdringen tot vergeten. Een psychoanalytische herwerking van het geheugen (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 19)

 25,60

Is vergeten een belangrijker ingrediënt om gelukkig te kunnen zijn dan herinneren? Hebben baby’s een geheugen? Is de pubertijd een herbeleving van de kleutertijd? Kunnen we de verdringing neurofysiologisch verklaren? Hoe wordt er vandaag in een psychoanalytische psychotherapie gewerkt met herinneringen? Worden in een droom verdrongen herinneringen verwerkt? Hoe zijn impliciete relatiepatronen in het geheugen opgeslagen? Het werken met herinneringen in de psychoanalytische praktijk heeft, in de honderd jaar sinds Freud zijn spraakmakende ideeën hierover ontwikkelde, grote veranderingen ondergaan. Teksten van psychoanalytisch geschoolde auteurs uit verschillende domeinen, neurofysiologie, psychologie, filosofie, psychiatrie en theologie, bieden inzicht in de nieuwste ontwikkelingen in het psychoanalytisch denken over het geheugen.
Het spanningsveld tussen herinneren en vergeten fascineert sinds mensenheugenis. Dit boek biedt de lezer een ontdekkingstocht die de verdringing als vertrekpunt heeft en dan, via herinneren en herwerken in dit spanningsveld, de kracht van het vergeten als doel stelt. Het psychoanalytisch kader is hierbij het kompas en de psychoanalytisch psychotherapeut de gids. Casusmateriaal van therapeuten en analytici illustreert hoe deze kennis toegepast wordt in de praktijk.



Lili Philippe is master in de wiskunde en in de klinische psychologie en psychoanalytisch psychotherapeut. Zij is bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie en afgevaardigde voor de European Federation for Psychoanalytic Psychotherapy.
Marc Hebbrecht is psychiater, psychoanalytisch psychotherapeut en psychoanalyticus. Hij is opleidingspsychoanalyticus bij de Belgische Vereniging voor Psychoanalyse en lid van de International Psychoanalytical Association.

Van verdringen tot vergeten. Een psychoanalytische herwerking van het geheugen (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 19)Van verdringen tot vergeten. Een psychoanalytische herwerking van het geheugen (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 19)
Quick View

Van verdringen tot vergeten. Een psychoanalytische herwerking van het geheugen (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 19)

 25,60

Is vergeten een belangrijker ingrediënt om gelukkig te kunnen zijn dan herinneren? Hebben baby’s een geheugen? Is de pubertijd een herbeleving van de kleutertijd? Kunnen we de verdringing neurofysiologisch verklaren? Hoe wordt er vandaag in een psychoanalytische psychotherapie gewerkt met herinneringen? Worden in een droom verdrongen herinneringen verwerkt? Hoe zijn impliciete relatiepatronen in het geheugen opgeslagen? Het werken met herinneringen in de psychoanalytische praktijk heeft, in de honderd jaar sinds Freud zijn spraakmakende ideeën hierover ontwikkelde, grote veranderingen ondergaan. Teksten van psychoanalytisch geschoolde auteurs uit verschillende domeinen, neurofysiologie, psychologie, filosofie, psychiatrie en theologie, bieden inzicht in de nieuwste ontwikkelingen in het psychoanalytisch denken over het geheugen.
Het spanningsveld tussen herinneren en vergeten fascineert sinds mensenheugenis. Dit boek biedt de lezer een ontdekkingstocht die de verdringing als vertrekpunt heeft en dan, via herinneren en herwerken in dit spanningsveld, de kracht van het vergeten als doel stelt. Het psychoanalytisch kader is hierbij het kompas en de psychoanalytisch psychotherapeut de gids. Casusmateriaal van therapeuten en analytici illustreert hoe deze kennis toegepast wordt in de praktijk.



Lili Philippe is master in de wiskunde en in de klinische psychologie en psychoanalytisch psychotherapeut. Zij is bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie en afgevaardigde voor de European Federation for Psychoanalytic Psychotherapy.
Marc Hebbrecht is psychiater, psychoanalytisch psychotherapeut en psychoanalyticus. Hij is opleidingspsychoanalyticus bij de Belgische Vereniging voor Psychoanalyse en lid van de International Psychoanalytical Association.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wie wil er nu niet zelfredzaam zijn?! De mythe van zelfredzaamheid

 24,60

Zelfredzaamheid is een centraal begrip in de discussies van de laatste jaren rond welzijn en zorg. De bredere context van die discussies is, dat Nederland een verandering doormaakt van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving, en zelfredzaamheid wordt vaak gezien als een belangrijk element in die verandering. Zelfredzaamheid ligt ook aan de basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (wmo), die deze verandering wettelijk verankert.
Hoe krijgt zelfredzaamheid betekenis in de praktijk van het sociaal werk? Met welke andere begrippen wordt het begrip verbonden? Wie wordt gezien als zelfredzaam en wie niet? Hoe wordt er gesproken over mensen die zichzelf niet lijken te kunnen te redden?
Deze publicatie doet verslag van een kritische discoursanalyse van het begrip zelfredzaamheid. Onderzocht wordt hoe zelfredzaamheid wordt opgevat als iets dat vanzelf spreekt – wie wil er immers niet zelfredzaam zijn? Ook wordt nagegaan hoe het concept het handelen en denken in de sociale sector domineert, en wat de consequenties daarvan zijn.
Deze studie wil laten zien dat zelfredzaamheid niet vanzelf spreekt en dat de betekenis ervan afhangt van hoe het begrip in de praktijk invulling krijgt. Om zicht te krijgen op invullingen is onder meer gesproken met sociaal werkers in Rotterdam. Op die manieren wordt inzicht gegeven in hoe begrippen doorwerken in de praktijk. Daarnaast wil de studie een aanzet bieden tot een debat over de vraag wat de waarde van zelfredzaamheid is. De centrale stelling is, dat zelfredzaamheid een mythe is.



Richard de Brabander (1964) studeerde filosofie en algemene literatuurwetenschap. In 2003 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is docent ethiek en filosofie aan Hogeschool Inholland in Rotterdam en sinds 2005 verbonden aan het lectoraat Dynamiek van de Stad.

Quick View

Wie wil er nu niet zelfredzaam zijn?! De mythe van zelfredzaamheid

 24,60

Zelfredzaamheid is een centraal begrip in de discussies van de laatste jaren rond welzijn en zorg. De bredere context van die discussies is, dat Nederland een verandering doormaakt van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving, en zelfredzaamheid wordt vaak gezien als een belangrijk element in die verandering. Zelfredzaamheid ligt ook aan de basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (wmo), die deze verandering wettelijk verankert.
Hoe krijgt zelfredzaamheid betekenis in de praktijk van het sociaal werk? Met welke andere begrippen wordt het begrip verbonden? Wie wordt gezien als zelfredzaam en wie niet? Hoe wordt er gesproken over mensen die zichzelf niet lijken te kunnen te redden?
Deze publicatie doet verslag van een kritische discoursanalyse van het begrip zelfredzaamheid. Onderzocht wordt hoe zelfredzaamheid wordt opgevat als iets dat vanzelf spreekt – wie wil er immers niet zelfredzaam zijn? Ook wordt nagegaan hoe het concept het handelen en denken in de sociale sector domineert, en wat de consequenties daarvan zijn.
Deze studie wil laten zien dat zelfredzaamheid niet vanzelf spreekt en dat de betekenis ervan afhangt van hoe het begrip in de praktijk invulling krijgt. Om zicht te krijgen op invullingen is onder meer gesproken met sociaal werkers in Rotterdam. Op die manieren wordt inzicht gegeven in hoe begrippen doorwerken in de praktijk. Daarnaast wil de studie een aanzet bieden tot een debat over de vraag wat de waarde van zelfredzaamheid is. De centrale stelling is, dat zelfredzaamheid een mythe is.



Richard de Brabander (1964) studeerde filosofie en algemene literatuurwetenschap. In 2003 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is docent ethiek en filosofie aan Hogeschool Inholland in Rotterdam en sinds 2005 verbonden aan het lectoraat Dynamiek van de Stad.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Stijlvol vertalen / Traduire avec style. Nederlands – Français

 16,20

Dit boek wil een praktisch werktuig zijn voor vertalingen Nederlands-Frans die beantwoorden aan het eigen karakter van beide talen. De voorbeeldzinnen kunnen uiteraard op diverse manieren worden vertaald, maar de auteur kiest voor de versies die het vlotst lopen in het Frans. Frans is geen Nederlands met Franse woorden. Elke taal heeft vanzelfsprekend haar eigenheid.

De auteur wijst op de verschillen tussen beide talen om de kwaliteit van de vertaling te verbeteren. De veranderingen die een tekst ondergaat bij de overgang van de ene taal naar de andere, zijn niet louter toevallig. Uiteindelijk moet bij de gebruiker van het boek een reflex ontstaan, die als vanzelf resulteert in een goede vertaling, haast automatisch.

Adrien Surewaard was dertig jaar lang werkzaam als vertaler in de verzekeringssector, vooral in Brussel.

Quick View

Stijlvol vertalen / Traduire avec style. Nederlands – Français

 16,20

Dit boek wil een praktisch werktuig zijn voor vertalingen Nederlands-Frans die beantwoorden aan het eigen karakter van beide talen. De voorbeeldzinnen kunnen uiteraard op diverse manieren worden vertaald, maar de auteur kiest voor de versies die het vlotst lopen in het Frans. Frans is geen Nederlands met Franse woorden. Elke taal heeft vanzelfsprekend haar eigenheid.

De auteur wijst op de verschillen tussen beide talen om de kwaliteit van de vertaling te verbeteren. De veranderingen die een tekst ondergaat bij de overgang van de ene taal naar de andere, zijn niet louter toevallig. Uiteindelijk moet bij de gebruiker van het boek een reflex ontstaan, die als vanzelf resulteert in een goede vertaling, haast automatisch.

Adrien Surewaard was dertig jaar lang werkzaam als vertaler in de verzekeringssector, vooral in Brussel.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Lessen uit LOEP: Lerarenopleiders Onderzoeken hun Eigen Praktijk

 22,60

Beter leraren kunnen opleiden door het onderzoeken van je eigen praktijk als lerarenopleider, dat is de inzet van dit boek. Het is ook de inzet van LOEP: Lerarenopleiders Onderzoeken hun Eigen Praktijk. Met de LOEP-benadering introduceren we in het Nederlandse taalgebied het gedachtegoed van de “Self-Study of Teacher Education Practices”-beweging, die zich de voorbije twee decennia prominent ontwikkelde in het internationale onderzoek over de lerarenopleiding. In de LOEP-benadering gaan lerarenopleiders op zoek naar onderbouwde inzichten in hun eigen praktijk, met de bedoeling die praktijk te verbeteren. Door die kennis ook publiek te maken, dragen ze bouwstenen aan voor een gefundeerde didactiek van de lerarenopleiding. Leraren opleiden is immers een vak apart, dat vraagt om aparte professionals.

Het boek gaat van start met de onderwijskundige uitgangspunten en principes van de LOEPbenadering. De systematische, theoretische introductie wordt meteen geconcretiseerd door uitvoerige voorbeelden van LOEP-onderzoek, die te maken hebben met het begeleiden van aspirant-leerkrachten in hun praktijkopleiding (stages, portfolio, reflectie). Ten slotte gaat het boek in op de vraag hoe lerarenopleiders (methodologisch en theoretisch) ondersteund kunnen worden bij het realiseren van hun LOEP-projecten.



Geert Kelchtermans studeerde Pedagogische Wetenschappen en Filosofie en is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven, waar hij het Centrum voor Onderwijsbeleid, -vernieuwing en Lerarenopleiding leidt.

Eline Vanassche is pedagoog en als Aspirant van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek verbonden aan het Centrum voor Onderwijsbeleid, -vernieuwing en Lerarenopleiding van de KU Leuven. Zij bereidt een doctoraatsproefschrift voor over de professionaliteit van de lerarenopleider.

Ann Deketelaere studeerde Pedagogische Wetenschappen en behaalde een doctoraat in de Biomedische Wetenschappen met een proefschrift over portfolio’s als hulpmiddel bij het leren tijdens de stages in de opleiding Geneeskunde. Zij werkt aan de KU Leuven als onderwijsondersteuner bij de Faculteit Geneeskunde, als praktijklector in de Specifieke Lerarenopleiding Gedragswetenschappen en als wetenschappelijk medewerker aan de Onderzoekseenheid Onderwijskunde.

Quick View

Lessen uit LOEP: Lerarenopleiders Onderzoeken hun Eigen Praktijk

 22,60

Beter leraren kunnen opleiden door het onderzoeken van je eigen praktijk als lerarenopleider, dat is de inzet van dit boek. Het is ook de inzet van LOEP: Lerarenopleiders Onderzoeken hun Eigen Praktijk. Met de LOEP-benadering introduceren we in het Nederlandse taalgebied het gedachtegoed van de “Self-Study of Teacher Education Practices”-beweging, die zich de voorbije twee decennia prominent ontwikkelde in het internationale onderzoek over de lerarenopleiding. In de LOEP-benadering gaan lerarenopleiders op zoek naar onderbouwde inzichten in hun eigen praktijk, met de bedoeling die praktijk te verbeteren. Door die kennis ook publiek te maken, dragen ze bouwstenen aan voor een gefundeerde didactiek van de lerarenopleiding. Leraren opleiden is immers een vak apart, dat vraagt om aparte professionals.

Het boek gaat van start met de onderwijskundige uitgangspunten en principes van de LOEPbenadering. De systematische, theoretische introductie wordt meteen geconcretiseerd door uitvoerige voorbeelden van LOEP-onderzoek, die te maken hebben met het begeleiden van aspirant-leerkrachten in hun praktijkopleiding (stages, portfolio, reflectie). Ten slotte gaat het boek in op de vraag hoe lerarenopleiders (methodologisch en theoretisch) ondersteund kunnen worden bij het realiseren van hun LOEP-projecten.



Geert Kelchtermans studeerde Pedagogische Wetenschappen en Filosofie en is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven, waar hij het Centrum voor Onderwijsbeleid, -vernieuwing en Lerarenopleiding leidt.

Eline Vanassche is pedagoog en als Aspirant van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek verbonden aan het Centrum voor Onderwijsbeleid, -vernieuwing en Lerarenopleiding van de KU Leuven. Zij bereidt een doctoraatsproefschrift voor over de professionaliteit van de lerarenopleider.

Ann Deketelaere studeerde Pedagogische Wetenschappen en behaalde een doctoraat in de Biomedische Wetenschappen met een proefschrift over portfolio’s als hulpmiddel bij het leren tijdens de stages in de opleiding Geneeskunde. Zij werkt aan de KU Leuven als onderwijsondersteuner bij de Faculteit Geneeskunde, als praktijklector in de Specifieke Lerarenopleiding Gedragswetenschappen en als wetenschappelijk medewerker aan de Onderzoekseenheid Onderwijskunde.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tonaal gereedschap voor klavierspelers

 56,50

Het muziekonderwijs is volop in beweging. Artistieke tendensen en wetenschappelijke inzichten verbreden onze kijk op muzikaliteit. Heeft het traditionele repertoire daarin nog een plaats? Natuurlijk. Oude inzichten en vaardigheden gooi je niet zomaar overboord.

Recent musicologisch onderzoek werpt een ander licht op de manier waarop musici van barok tot laat negentiende eeuw vaardig werden met muziek. Musica, Impulscentrum voor Muziek zag principiële overeenkomsten tussen de oude partimento-praktijk en eigentijdse benaderingen in jazz en pop. Resultaat werd Tonaal Gereedschap/Tonal Tools, een inspiratieboek en app (Android + iOs) die het oude met het nieuwe verbindt. Negen ‘componenti’ reiken sleutels aan voor een meer auditieve en creatief-inzichtelijke benadering van tonale muziek vanaf het begin.

Tonaal Gereedschap is toepasbaar op elk tonaal idioom en verbindt het repertoire van barok tot romantiek, jazz en pop met improvisatie en compositie. Verwacht geen strakke methodiek. Ieder kan TG op eigen tempo en vanuit eigen inzicht verweven met bestaande didactiek. Reken op een betere integratie van muzikaal inzicht en vaardigheid, een meer betrouwbaar geheugen en vlotter prima vista-spel. Tel daar bij een uitgebreide en parate muzikale fantasie, meer expressie en speelplezier.

TG opent nieuwe artistieke en (auto)didactische perspectieven, en kan de bestaande professionele expertise gevoelig uitbreiden.

Met de reeks CONNECT richt Musica, Impulscentrum voor Muziek zich naar het muziekonderwijs. Doel is het leggen van verbindingen tussen vroeger en nu, praktijk en theorie, creativiteit en vaardigheid, evenals het delen van expertise. Een artistieke benadering van muzikale ontwikkeling staat centraal. De reeks speelt in op actuele noden en biedt originele, consistente en werkbare oplossingen.

Lieven Strobbe is leraar orgel en creatief klavier aan LUCA School of Arts te Leuven en de Stedelijke Academie voor Muziek en Woordkunst te Ekeren.

Quick View

Tonaal gereedschap voor klavierspelers

 56,50

Het muziekonderwijs is volop in beweging. Artistieke tendensen en wetenschappelijke inzichten verbreden onze kijk op muzikaliteit. Heeft het traditionele repertoire daarin nog een plaats? Natuurlijk. Oude inzichten en vaardigheden gooi je niet zomaar overboord.

Recent musicologisch onderzoek werpt een ander licht op de manier waarop musici van barok tot laat negentiende eeuw vaardig werden met muziek. Musica, Impulscentrum voor Muziek zag principiële overeenkomsten tussen de oude partimento-praktijk en eigentijdse benaderingen in jazz en pop. Resultaat werd Tonaal Gereedschap/Tonal Tools, een inspiratieboek en app (Android + iOs) die het oude met het nieuwe verbindt. Negen ‘componenti’ reiken sleutels aan voor een meer auditieve en creatief-inzichtelijke benadering van tonale muziek vanaf het begin.

Tonaal Gereedschap is toepasbaar op elk tonaal idioom en verbindt het repertoire van barok tot romantiek, jazz en pop met improvisatie en compositie. Verwacht geen strakke methodiek. Ieder kan TG op eigen tempo en vanuit eigen inzicht verweven met bestaande didactiek. Reken op een betere integratie van muzikaal inzicht en vaardigheid, een meer betrouwbaar geheugen en vlotter prima vista-spel. Tel daar bij een uitgebreide en parate muzikale fantasie, meer expressie en speelplezier.

TG opent nieuwe artistieke en (auto)didactische perspectieven, en kan de bestaande professionele expertise gevoelig uitbreiden.

Met de reeks CONNECT richt Musica, Impulscentrum voor Muziek zich naar het muziekonderwijs. Doel is het leggen van verbindingen tussen vroeger en nu, praktijk en theorie, creativiteit en vaardigheid, evenals het delen van expertise. Een artistieke benadering van muzikale ontwikkeling staat centraal. De reeks speelt in op actuele noden en biedt originele, consistente en werkbare oplossingen.

Lieven Strobbe is leraar orgel en creatief klavier aan LUCA School of Arts te Leuven en de Stedelijke Academie voor Muziek en Woordkunst te Ekeren.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tonal tools for keyboard players

 56,50

Music education is evolving rapidly. Artistic and scientific developments have broadened our view of musicality. Does the traditional repertoire on tonal music still have any relevance in this context? Of course it does!

Recent musicological research has shed new light on the way musicians from the baroque era to the nineteenth century acquired their skills. As a result, fascinating correlations between baroque partimento practice and the lead sheet approach common in jazz and pop music have emerged.

Tonal tools is an inspirational book and app (Android, iOs) that blends old and current approaches. Nine ''components'' serve as keys for a more aural, creative and tangible approach to tonal music form the very start. Tonal tools is applicable to any tonal idiom and spans the baroque, classical, romantic, jazz and pop repertoire by means of common improvisational and compositional principles.

Don''t expect a straightforward method; interweave Tonal Tools with your usual didactics according to your own pace and needs. Expect a better integration of muscial understanding and skill from your pupils, a more reliable memory and better sight-reading ability, not to mention a broadened muscial imagination, enhanced expressiveness and a joy for playing tonal music.

As a valuable extension to keyboard teachers'' existing professional expertise, Tonal Tools opens new artistic and (auto)didactic perspectives.

CONNECT, Musica''s educational series for music schools and conservatories, builds bridges between the past and present, practice and theory, creativity and skill. It translates proven but sometimes forgotten expertise into a contemporary approach. An artistic view of muscial development is central; the series deals with current artistic and educational needs and offers original, consistent and workable solutions.

If you want to order this title from abroad (outside of Belgium/The Netherlands) please send an email to info@maklu.be/info@maklu.nl with your address-details.

More on this subject: https://www.youtube.com/watch?v=n0r9N-EljtU https://historyofmusictheory.wordpress.com/2017/03/14/some-reflections-about-thoroughbass-pedagogy-today/#_ednref https://derekremes.com/wp-content/uploads/fenarolihandout.pdf https://improvingpianists.com/2020/11/24/chapter-3-a-case-for-partimento-pt-2-improvisation/ https://www.researchcatalogue.net/view/529638/577786

Lieven Strobbe teaches the organ and creative keyboard at LUCA school of Arts in Leuven and the Flemisch Part-time Music Edcuation Academies (DKO) in Ekeren and Wilrijk.

.
.
If you want to order this title from abroad (outside of Belgium/The Netherlands) please send an email to info@maklu.be/info@maklu.nl with your address-details.

Quick View

Tonal tools for keyboard players

 56,50

Music education is evolving rapidly. Artistic and scientific developments have broadened our view of musicality. Does the traditional repertoire on tonal music still have any relevance in this context? Of course it does!

Recent musicological research has shed new light on the way musicians from the baroque era to the nineteenth century acquired their skills. As a result, fascinating correlations between baroque partimento practice and the lead sheet approach common in jazz and pop music have emerged.

Tonal tools is an inspirational book and app (Android, iOs) that blends old and current approaches. Nine ''components'' serve as keys for a more aural, creative and tangible approach to tonal music form the very start. Tonal tools is applicable to any tonal idiom and spans the baroque, classical, romantic, jazz and pop repertoire by means of common improvisational and compositional principles.

Don''t expect a straightforward method; interweave Tonal Tools with your usual didactics according to your own pace and needs. Expect a better integration of muscial understanding and skill from your pupils, a more reliable memory and better sight-reading ability, not to mention a broadened muscial imagination, enhanced expressiveness and a joy for playing tonal music.

As a valuable extension to keyboard teachers'' existing professional expertise, Tonal Tools opens new artistic and (auto)didactic perspectives.

CONNECT, Musica''s educational series for music schools and conservatories, builds bridges between the past and present, practice and theory, creativity and skill. It translates proven but sometimes forgotten expertise into a contemporary approach. An artistic view of muscial development is central; the series deals with current artistic and educational needs and offers original, consistent and workable solutions.

If you want to order this title from abroad (outside of Belgium/The Netherlands) please send an email to info@maklu.be/info@maklu.nl with your address-details.

More on this subject: https://www.youtube.com/watch?v=n0r9N-EljtU https://historyofmusictheory.wordpress.com/2017/03/14/some-reflections-about-thoroughbass-pedagogy-today/#_ednref https://derekremes.com/wp-content/uploads/fenarolihandout.pdf https://improvingpianists.com/2020/11/24/chapter-3-a-case-for-partimento-pt-2-improvisation/ https://www.researchcatalogue.net/view/529638/577786

Lieven Strobbe teaches the organ and creative keyboard at LUCA school of Arts in Leuven and the Flemisch Part-time Music Edcuation Academies (DKO) in Ekeren and Wilrijk.

.
.
If you want to order this title from abroad (outside of Belgium/The Netherlands) please send an email to info@maklu.be/info@maklu.nl with your address-details.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tanden poetsen. Hoe het moet

 13,40

Tanden poetsen doen we dagelijks. Meestal zonder dat we erbij nadenken. Het hoort bij de dagelijkse lichaamsverzorging en verloopt als het ware automatisch. Op het eerste zicht lijkt tanden poetsen ook gemakkelijk, maar in werkelijkheid is het ingewikkelder dan je zou verwachten.

Vele mensen - kinderen en volwassenen - poetsen hun tanden niet zoals het hoort. Niet alleen uit haast, maar vooral omdat ze niet weten hoe het moet. Deze handige gids legt uit, onder meer met foto’s, hoe het dan wel moet. Tegelijk geeft de auteur aan waarom dat zo is en wat de gevolgen zijn bij niet goed poetsen. Die gevolgen kunnen ook veel groter zijn dan de meeste mensen denken, o.a. cardiovasculaire problemen, maagklachten, fitheidsongemakken enz.



Jan Van Loock is tandarts in Turnhout en werkt ook in een groepspraktijk in Tilburg.

Quick View

Tanden poetsen. Hoe het moet

 13,40

Tanden poetsen doen we dagelijks. Meestal zonder dat we erbij nadenken. Het hoort bij de dagelijkse lichaamsverzorging en verloopt als het ware automatisch. Op het eerste zicht lijkt tanden poetsen ook gemakkelijk, maar in werkelijkheid is het ingewikkelder dan je zou verwachten.

Vele mensen - kinderen en volwassenen - poetsen hun tanden niet zoals het hoort. Niet alleen uit haast, maar vooral omdat ze niet weten hoe het moet. Deze handige gids legt uit, onder meer met foto’s, hoe het dan wel moet. Tegelijk geeft de auteur aan waarom dat zo is en wat de gevolgen zijn bij niet goed poetsen. Die gevolgen kunnen ook veel groter zijn dan de meeste mensen denken, o.a. cardiovasculaire problemen, maagklachten, fitheidsongemakken enz.



Jan Van Loock is tandarts in Turnhout en werkt ook in een groepspraktijk in Tilburg.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Een wervelkind. Praktisch handboek voor ouders van kinderen met ADHD, een pittig temperament of tegendraads gedrag

 14,30

Ouders van kinderen met ADHD of een extreem pittig temperament worstelen dagelijks met veel problemen en vragen. Op een toegankelijke manier schetst dit boek wat ADHD is, hoe het ontstaat en hoe ermee om te gaan. Ook wanneer de diagnose niet is gesteld – in geval van druk gedrag, impulsiviteit, slechte concentratie en ernstig tegendraads gedrag – kan deze “gebruiksaanwijzing” op temperamentvolle kinderen worden toegepast. Dankzij dit inzicht kunnen ouders mét hun kinderen adequater reageren op dagdagelijkse zaken, terugkerende probleemsituaties of te nemen hindernissen.

Primair wil dit boek ouders aanspreken, maar ook paramedici, maatschappelijk werkers, groepswerkers, systeemtherapeuten, ... kunnen het in de begeleiding van kinderen en ouders gebruiken.



Giel Vaessen, is systeemtherapeut en opnamecoördinator in de Kinder- en jeugdpsychiatrie van de Mondriaan Zorggroep in Heerlen. Daarnaast doceert hij aan de Faculteit Sociaal-Pedagogische Hulpverlening van de Hogeschool Zuyd in Maastricht.

Quick View

Een wervelkind. Praktisch handboek voor ouders van kinderen met ADHD, een pittig temperament of tegendraads gedrag

 14,30

Ouders van kinderen met ADHD of een extreem pittig temperament worstelen dagelijks met veel problemen en vragen. Op een toegankelijke manier schetst dit boek wat ADHD is, hoe het ontstaat en hoe ermee om te gaan. Ook wanneer de diagnose niet is gesteld – in geval van druk gedrag, impulsiviteit, slechte concentratie en ernstig tegendraads gedrag – kan deze “gebruiksaanwijzing” op temperamentvolle kinderen worden toegepast. Dankzij dit inzicht kunnen ouders mét hun kinderen adequater reageren op dagdagelijkse zaken, terugkerende probleemsituaties of te nemen hindernissen.

Primair wil dit boek ouders aanspreken, maar ook paramedici, maatschappelijk werkers, groepswerkers, systeemtherapeuten, ... kunnen het in de begeleiding van kinderen en ouders gebruiken.



Giel Vaessen, is systeemtherapeut en opnamecoördinator in de Kinder- en jeugdpsychiatrie van de Mondriaan Zorggroep in Heerlen. Daarnaast doceert hij aan de Faculteit Sociaal-Pedagogische Hulpverlening van de Hogeschool Zuyd in Maastricht.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Poumons d’acier, coeurs d’or. Musées et collections médicales et sociales en Belgique, aux Pays-Bas et au Luxembourg

 24,90

Le cinquantième anniversaire de la loi belge sur les Hôpitaux (1963) s’est avéré une belle occasion de recenser le patrimoine médical et social au sein du Benelux dans une publication particulière.

L’histoire de ces diverses collections remonte bien au-delà des cinquante dernières années. Dans ce livre, quarante institutions se présentent à vous par le texte et par l’image. Toutes possèdent un musée – ou une collection ouverte au public – concernant le patrimoine médical, pharmaceutique et social. Ces institutions couvrent pratiquement toutes les périodes historiques et concernent les trois pays du Benelux. Grâce à des récits passionnants et accessibles, illustrés par une iconographie choisie et de qualité, ce livre vise à éveiller l’intérêt d’un large public pour l’histoire spécifi que des collections présentées. De plus, ce livre se veut une invitation à visiter ces musées et collections, pour prolonger la lecture par une activité. Cette publication, pionnière pour nos régions, n’atteindra donc pleinement son objectif que si elle parvient à inciter le lecteur à sortir pour partir à la découverte du riche patrimoine médical, pharmaceutique et social conservé dans nos régions.



Rédacteurs en chef: Patrick Allegaert et Vincent Van Roy; pour Hospitium asbl; avec le soutien du Service public fédéral belge Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement.

Quick View

Poumons d’acier, coeurs d’or. Musées et collections médicales et sociales en Belgique, aux Pays-Bas et au Luxembourg

 24,90

Le cinquantième anniversaire de la loi belge sur les Hôpitaux (1963) s’est avéré une belle occasion de recenser le patrimoine médical et social au sein du Benelux dans une publication particulière.

L’histoire de ces diverses collections remonte bien au-delà des cinquante dernières années. Dans ce livre, quarante institutions se présentent à vous par le texte et par l’image. Toutes possèdent un musée – ou une collection ouverte au public – concernant le patrimoine médical, pharmaceutique et social. Ces institutions couvrent pratiquement toutes les périodes historiques et concernent les trois pays du Benelux. Grâce à des récits passionnants et accessibles, illustrés par une iconographie choisie et de qualité, ce livre vise à éveiller l’intérêt d’un large public pour l’histoire spécifi que des collections présentées. De plus, ce livre se veut une invitation à visiter ces musées et collections, pour prolonger la lecture par une activité. Cette publication, pionnière pour nos régions, n’atteindra donc pleinement son objectif que si elle parvient à inciter le lecteur à sortir pour partir à la découverte du riche patrimoine médical, pharmaceutique et social conservé dans nos régions.



Rédacteurs en chef: Patrick Allegaert et Vincent Van Roy; pour Hospitium asbl; avec le soutien du Service public fédéral belge Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Adieu à Dieu. Naar een religieus atheïsme

 16,40

Prof.em.dr. Ulrich Libbrecht beschrijft hoe hij zich bevrijdde uit de dogmatiek en de symboliek van zijn katholieke opvoeding, zonder daarbij het wezenlijke van de religie over boord te gooien. Dit wezenlijke is voor hem de ervaring, niet de kennis, van het bestaansmysterie. De onkenbare grond van de werkelijkheid vindt hij terug in het Leegte-concept van het boeddhisme, maar ook in het energiebegrip van het taoïsme en de wetenschappen. Het ‘Deus sive Natura’ (God = Natuur) van Spinoza geldt hier voor het hele kosmische proces, dat gestuwd wordt door de Energie, c.q. ‘God’, het onpeilbaar Wonder waar alles deel van uitmaakt. De ontroering door dit wonder is de kern van de spiritualiteit. Dit Grote Geheim is het ‘heim’ waarin we leven.



Ulrich Libbrecht begon als leraar wiskunde in het secundair onderwijs. Na zijn studies sinologie en filosofie in Gent en Leiden doceerde hij Chinese klassieke studies, Chinese filosofie en comparatieve filosofie aan de KU Leuven. Hij ontwikkelde een model voor comparatieve filosofie waarin hij wereldbeelden uit Oost en West vergelijkt en integreert. Hij stichtte in Antwerpen en Utrecht een School voor comparatieve filosofie.

Quick View

Adieu à Dieu. Naar een religieus atheïsme

 16,40

Prof.em.dr. Ulrich Libbrecht beschrijft hoe hij zich bevrijdde uit de dogmatiek en de symboliek van zijn katholieke opvoeding, zonder daarbij het wezenlijke van de religie over boord te gooien. Dit wezenlijke is voor hem de ervaring, niet de kennis, van het bestaansmysterie. De onkenbare grond van de werkelijkheid vindt hij terug in het Leegte-concept van het boeddhisme, maar ook in het energiebegrip van het taoïsme en de wetenschappen. Het ‘Deus sive Natura’ (God = Natuur) van Spinoza geldt hier voor het hele kosmische proces, dat gestuwd wordt door de Energie, c.q. ‘God’, het onpeilbaar Wonder waar alles deel van uitmaakt. De ontroering door dit wonder is de kern van de spiritualiteit. Dit Grote Geheim is het ‘heim’ waarin we leven.



Ulrich Libbrecht begon als leraar wiskunde in het secundair onderwijs. Na zijn studies sinologie en filosofie in Gent en Leiden doceerde hij Chinese klassieke studies, Chinese filosofie en comparatieve filosofie aan de KU Leuven. Hij ontwikkelde een model voor comparatieve filosofie waarin hij wereldbeelden uit Oost en West vergelijkt en integreert. Hij stichtte in Antwerpen en Utrecht een School voor comparatieve filosofie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Evaluatie van het evaluatiesysteem voor leerkrachten in het basisonderwijs en het deeltijds kunstonderwijs

 34,90

Sinds 2009 worden scholen van het basisonderwijs geacht hun leerkrachten te evalueren. Dit maakt deel uit van een cyclus van functionerings- en evaluatiegesprekken, naar analogie met wat in de bedrijfswereld (en sedert 2007 in het secundair onderwijs) gebruikelijk is. Voor het eerst is wetenschappelijk onderzoek beschikbaar over hoe dit in het basisonderwijs en in het deeltijds kunstonderwijs effectief gebeurt, en wat de bedoelde en onbedoelde effecten zijn. Het onderzoek geeft aanleiding tot een aantal duidelijke aanbevelingen met betrekking tot het evaluatiesysteem voor het onderwijzend personeel.
Eerder verscheen van dezelfde onderzoeksgroepen vergelijkbaar onderzoek voor het secundair onderwijs en de centra voor volwassenenonderwijs en leerlingenbegeleiding.



Geert Devos werkt aan de Universiteit Gent. Hij is verbonden aan de onderzoeksgroep Bellon (www.bellon.ugent.be) van de Vakgroep Onderwijskunde.
Lieselot Declercq is zaakvoerder van D-teach en onderzoeker onderwijskunde aan de Universiteit Gent.
Peter Van Petegem, Jan Vanhoof en Eva Delvaux werken aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Ze zijn verbonden aan de onderzoeksgroep EduBROn (www.edubron.be).

Quick View

Evaluatie van het evaluatiesysteem voor leerkrachten in het basisonderwijs en het deeltijds kunstonderwijs

 34,90

Sinds 2009 worden scholen van het basisonderwijs geacht hun leerkrachten te evalueren. Dit maakt deel uit van een cyclus van functionerings- en evaluatiegesprekken, naar analogie met wat in de bedrijfswereld (en sedert 2007 in het secundair onderwijs) gebruikelijk is. Voor het eerst is wetenschappelijk onderzoek beschikbaar over hoe dit in het basisonderwijs en in het deeltijds kunstonderwijs effectief gebeurt, en wat de bedoelde en onbedoelde effecten zijn. Het onderzoek geeft aanleiding tot een aantal duidelijke aanbevelingen met betrekking tot het evaluatiesysteem voor het onderwijzend personeel.
Eerder verscheen van dezelfde onderzoeksgroepen vergelijkbaar onderzoek voor het secundair onderwijs en de centra voor volwassenenonderwijs en leerlingenbegeleiding.



Geert Devos werkt aan de Universiteit Gent. Hij is verbonden aan de onderzoeksgroep Bellon (www.bellon.ugent.be) van de Vakgroep Onderwijskunde.
Lieselot Declercq is zaakvoerder van D-teach en onderzoeker onderwijskunde aan de Universiteit Gent.
Peter Van Petegem, Jan Vanhoof en Eva Delvaux werken aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Ze zijn verbonden aan de onderzoeksgroep EduBROn (www.edubron.be).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ervaren leraren. Diep leren en vitaal ontwikkelen, halverwege uw loopbaan. Een verslag van hoop en bezieling.

 20,50

Leraren in het onderwijs vergrijzen. Verhoudingsgewijs neemt het aantal vergrijsde docenten steeds meer toe. Zij merken dat ervaring twee tegengestelde kanten heeft . Ervaren docenten werken steeds efficiënter met leerlingen, en kunnen bergen van werk verzetten. Maar ervaring maakt het ook lastig om veranderingen aan te brengen in die praktijk. Het werk herhaalt zich en kan makkelijk een sleur worden. Komen ervaren docenten zelf nog aan leren en ontwikkelen toe? Hoe gaat het met hun motivatie? Deze vragen zijn essentieel voor het onderwijs, maar eigenlijk ook voor onze samenleving: die vergrijst immers mee.

Dit boek is een onderzoeksverslag. Ervaren docenten hebben van harte meegewerkt aan diepe interviews. Bovendien heeft de auteur 12 trainingen geleid, met gemiddeld 12 docenten per groep. In deze trainingen is intensief aandacht besteed aan de professionele levensloop van de docenten, hun leerervaringen en hun leerverlangen, en hun beroepstrots. Zij hebben hard gewerkt aan een open houding ten aanzien van de tweede fase van hun beroepspraktijken. Zij besloten weer te gaan leren en ontwikkelen, na afloop van hun trainingen. Dat zat verborgen onder hun praktijk en kwam weer tevoorschijn. Dat is het buitengewoon goede nieuws in dit onderzoeksverslag.



Frits F. Achterberg is trainer, coach, adviseur, ontwerper en docent geweest aan scholen voor het Voortgezet Onderwijs en aan de Universiteit Utrecht, faculteit der sociale wetenschappen, afdeling educatie. Kernactiviteiten: werken met ervaren professionals; levenlang leren en ontwikkelen in de lopende beroepsfasen. Hij ontwerpt activiteiten om vergrijzing tot een maatschappelijke kans te maken.

Quick View

Ervaren leraren. Diep leren en vitaal ontwikkelen, halverwege uw loopbaan. Een verslag van hoop en bezieling.

 20,50

Leraren in het onderwijs vergrijzen. Verhoudingsgewijs neemt het aantal vergrijsde docenten steeds meer toe. Zij merken dat ervaring twee tegengestelde kanten heeft . Ervaren docenten werken steeds efficiënter met leerlingen, en kunnen bergen van werk verzetten. Maar ervaring maakt het ook lastig om veranderingen aan te brengen in die praktijk. Het werk herhaalt zich en kan makkelijk een sleur worden. Komen ervaren docenten zelf nog aan leren en ontwikkelen toe? Hoe gaat het met hun motivatie? Deze vragen zijn essentieel voor het onderwijs, maar eigenlijk ook voor onze samenleving: die vergrijst immers mee.

Dit boek is een onderzoeksverslag. Ervaren docenten hebben van harte meegewerkt aan diepe interviews. Bovendien heeft de auteur 12 trainingen geleid, met gemiddeld 12 docenten per groep. In deze trainingen is intensief aandacht besteed aan de professionele levensloop van de docenten, hun leerervaringen en hun leerverlangen, en hun beroepstrots. Zij hebben hard gewerkt aan een open houding ten aanzien van de tweede fase van hun beroepspraktijken. Zij besloten weer te gaan leren en ontwikkelen, na afloop van hun trainingen. Dat zat verborgen onder hun praktijk en kwam weer tevoorschijn. Dat is het buitengewoon goede nieuws in dit onderzoeksverslag.



Frits F. Achterberg is trainer, coach, adviseur, ontwerper en docent geweest aan scholen voor het Voortgezet Onderwijs en aan de Universiteit Utrecht, faculteit der sociale wetenschappen, afdeling educatie. Kernactiviteiten: werken met ervaren professionals; levenlang leren en ontwikkelen in de lopende beroepsfasen. Hij ontwerpt activiteiten om vergrijzing tot een maatschappelijke kans te maken.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kleuren voor papa. Voor kinderen met een ouder die aan depressie lijdt.

 15,40

De papa van een jong meisje lijdt aan een depressie. Het meisje ervaart verwarrende emoties en probeert te begrijpen wat er met haar papa aan de hand is. Een slechte sfeer in huis werkt in op een kind. Wat een kleurloze thuisomgeving of een depressieve ouder doet met de stemming van een kind, wordt in dit verhaal tekenend weergegeven, bijvoorbeeld wanneer papa aan tafel zit maar weer niet eet. Depressie treft vele mensen, ook mensen met kinderen. Al te vaak wordt er weinig met de kinderen over gesproken en blijven zij met al hun vragen in de kou staan. Praten over de problematiek van de ouder, het kind hierover op gepaste wijze informeren en begeleiden zijn belangrijk en wapenen het kind mede tegen eigen psychische problemen.


Op de downloadpagina van Garant

kun je met de downloadcode uit het boek een handleiding en doe-opdrachten bij het boek downloaden.



Barbara Van Dromme is meester in de grafische vormgeving en illustratie. Ze begeleidt jongeren in het proces zichzelf te leren uitdrukken op een creatieve manier. Ze reikt jonge mensen de tools aan om ontvankelijk te worden voor eigen schoonheid en heelheid, en waakzaam te blijven voor de gevaren binnen onze beeldcultuur. Voor het schrijven en illustreren van dit boek onderbrak zij haar loopbaan als leraar expressie.
Anne Hermans, die de begeleidende tekst schreef en meewerkte aan de opdrachten, is zelfstandig klinisch psychologe en gezinstherapeute. Zij voert haar praktijk in Haacht.

Quick View

Kleuren voor papa. Voor kinderen met een ouder die aan depressie lijdt.

 15,40

De papa van een jong meisje lijdt aan een depressie. Het meisje ervaart verwarrende emoties en probeert te begrijpen wat er met haar papa aan de hand is. Een slechte sfeer in huis werkt in op een kind. Wat een kleurloze thuisomgeving of een depressieve ouder doet met de stemming van een kind, wordt in dit verhaal tekenend weergegeven, bijvoorbeeld wanneer papa aan tafel zit maar weer niet eet. Depressie treft vele mensen, ook mensen met kinderen. Al te vaak wordt er weinig met de kinderen over gesproken en blijven zij met al hun vragen in de kou staan. Praten over de problematiek van de ouder, het kind hierover op gepaste wijze informeren en begeleiden zijn belangrijk en wapenen het kind mede tegen eigen psychische problemen.


Op de downloadpagina van Garant

kun je met de downloadcode uit het boek een handleiding en doe-opdrachten bij het boek downloaden.



Barbara Van Dromme is meester in de grafische vormgeving en illustratie. Ze begeleidt jongeren in het proces zichzelf te leren uitdrukken op een creatieve manier. Ze reikt jonge mensen de tools aan om ontvankelijk te worden voor eigen schoonheid en heelheid, en waakzaam te blijven voor de gevaren binnen onze beeldcultuur. Voor het schrijven en illustreren van dit boek onderbrak zij haar loopbaan als leraar expressie.
Anne Hermans, die de begeleidende tekst schreef en meewerkte aan de opdrachten, is zelfstandig klinisch psychologe en gezinstherapeute. Zij voert haar praktijk in Haacht.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hotelmarketing. Algemene principes en het marketingbeleid in de hotelsector in de provincie Antwerpen

 46,20

Dit boek legt op een heldere manier de basisprincipes van hotelmarketing uit, geïllustreerd met talrijke hotelvoorbeelden. Daarnaast worden de resultaten weergegeven van een projectmatig wetenschappelijk onderzoek van 2011-2013, waarin hotelmanagers en marketeers uit de provincie Antwerpen bevraagd werden over hun marketingbeleid. Dit onderzoek kaderde binnen de opleiding Bachelor Hotelmanagement van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.

De publicatie is een nuttig naslagwerk voor studenten en voor decision makers in de hotelsector.

Christian Holthof is Licentiaat Toegepaste Economische Wetenschappen, Master in Toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA). Hij doceert economische wetenschappen aan de opleiding Bachelor Hotelmanagement van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.

Quick View

Hotelmarketing. Algemene principes en het marketingbeleid in de hotelsector in de provincie Antwerpen

 46,20

Dit boek legt op een heldere manier de basisprincipes van hotelmarketing uit, geïllustreerd met talrijke hotelvoorbeelden. Daarnaast worden de resultaten weergegeven van een projectmatig wetenschappelijk onderzoek van 2011-2013, waarin hotelmanagers en marketeers uit de provincie Antwerpen bevraagd werden over hun marketingbeleid. Dit onderzoek kaderde binnen de opleiding Bachelor Hotelmanagement van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.

De publicatie is een nuttig naslagwerk voor studenten en voor decision makers in de hotelsector.

Christian Holthof is Licentiaat Toegepaste Economische Wetenschappen, Master in Toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA). Hij doceert economische wetenschappen aan de opleiding Bachelor Hotelmanagement van de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

KompASS voor studiesucces. Wegwijzer voor begeleiders en docenten van studenten met autisme (Fontys Reeks Educatief, nr. 14)

 15,40

Studenten met een autismespectrumstoornis (ASS) melden zich steeds vaker aan voor een studie in het hoger onderwijs. Veel studierichtingen in het hoger beroepsonderwijs en op universiteiten zijn geschikt voor deze groep jonge mensen. Ambitieuze scholieren met vaak specifieke mogelijkheden, vaardigheden en kennis. In het hoger onderwijs kunnen deze kwaliteiten verder worden ontwikkeld en tot volle ontplooiing komen. Desondanks lopen studenten met ASS veel risico op studievertraging en studie-uitval.

Deze wegwijzer voor begeleiders en docenten van studenten met autisme is samengesteld door studentendecanen en studiekeuzeadviseurs werkzaam bij Fontys Hogescholen. Zij hebben hun ervaring en aanpak met het werken met studenten met ASS bijeengebracht in deze uitgave. Ook studenten zijn daarbij betrokken.

Dit boek in de Reeks Educatief bevat informatie die de behoefte aan extra aandacht voor studenten met ASS onderbouwt. Aandacht die nodig is vanaf het moment dat de student een studiekeuze wil maken. Maar daar blijft het niet bij. Tijdens de studie ligt er ook een taak voor studieloopbaanbegeleiders en docenten om – binnen de wettelijke mogelijkheden – studenten met ASS te begeleiden naar een succesvolle afronding van de studie.

Dit KompASS voor studiesucces levert daarmee een bijdrage aan meer kennis over autisme in het algemeen en over studeren met ASS in het bijzonder. Een pleidooi voor studenten met ASS die willen studeren in het hoger onderwijs.



Quick View

KompASS voor studiesucces. Wegwijzer voor begeleiders en docenten van studenten met autisme (Fontys Reeks Educatief, nr. 14)

 15,40

Studenten met een autismespectrumstoornis (ASS) melden zich steeds vaker aan voor een studie in het hoger onderwijs. Veel studierichtingen in het hoger beroepsonderwijs en op universiteiten zijn geschikt voor deze groep jonge mensen. Ambitieuze scholieren met vaak specifieke mogelijkheden, vaardigheden en kennis. In het hoger onderwijs kunnen deze kwaliteiten verder worden ontwikkeld en tot volle ontplooiing komen. Desondanks lopen studenten met ASS veel risico op studievertraging en studie-uitval.

Deze wegwijzer voor begeleiders en docenten van studenten met autisme is samengesteld door studentendecanen en studiekeuzeadviseurs werkzaam bij Fontys Hogescholen. Zij hebben hun ervaring en aanpak met het werken met studenten met ASS bijeengebracht in deze uitgave. Ook studenten zijn daarbij betrokken.

Dit boek in de Reeks Educatief bevat informatie die de behoefte aan extra aandacht voor studenten met ASS onderbouwt. Aandacht die nodig is vanaf het moment dat de student een studiekeuze wil maken. Maar daar blijft het niet bij. Tijdens de studie ligt er ook een taak voor studieloopbaanbegeleiders en docenten om – binnen de wettelijke mogelijkheden – studenten met ASS te begeleiden naar een succesvolle afronding van de studie.

Dit KompASS voor studiesucces levert daarmee een bijdrage aan meer kennis over autisme in het algemeen en over studeren met ASS in het bijzonder. Een pleidooi voor studenten met ASS die willen studeren in het hoger onderwijs.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

The Drive to Global Citizenship. Motivating people, Mapping public support, Measuring effects of global education

 23,00

Do we still believe in foreign aid and development education? As governments tend to cut down aid budgets and the public appears to take a more and more sceptical stand, not just the old way of campaigning is under pressure, but also the idea of the North helping the South as such. To materialize the hind-laying value of global solidarity in the present world, a radical re-thinking of the wornout concept of aid is required.

Set against this paradox, this book explores the new notion of global citizenship and the challenges it represents. Self-contained chapters feature coverage of a range of issues: politics, opinion polls, education, the results agenda, private sustainability standards, framing messages for TV-broadcasting and the role of social media. As it is a long road to global citizenship, this book keeps you company for a part of the way.



Ignace Pollet and Jan Van Ongevalle of the HIVA Research Institute for Work and Society (University of Leuven) are the editors of this book.
This publication has been made possible through the fi- nancial support by the Belgian Directorate-General for Development via the University Development Cooperation of the Flemish Interuniversity Council.

Quick View

The Drive to Global Citizenship. Motivating people, Mapping public support, Measuring effects of global education

 23,00

Do we still believe in foreign aid and development education? As governments tend to cut down aid budgets and the public appears to take a more and more sceptical stand, not just the old way of campaigning is under pressure, but also the idea of the North helping the South as such. To materialize the hind-laying value of global solidarity in the present world, a radical re-thinking of the wornout concept of aid is required.

Set against this paradox, this book explores the new notion of global citizenship and the challenges it represents. Self-contained chapters feature coverage of a range of issues: politics, opinion polls, education, the results agenda, private sustainability standards, framing messages for TV-broadcasting and the role of social media. As it is a long road to global citizenship, this book keeps you company for a part of the way.



Ignace Pollet and Jan Van Ongevalle of the HIVA Research Institute for Work and Society (University of Leuven) are the editors of this book.
This publication has been made possible through the fi- nancial support by the Belgian Directorate-General for Development via the University Development Cooperation of the Flemish Interuniversity Council.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Psychotherapie in beweging. Dieren en natuur bij psychodynamische therapie.

 20,60

Het inzetten van dieren in verschillende vormen van zorg is een steeds groeiend fenomeen. Ook in de geestelijke gezondheidszorg is deze innovatieve vorm van zorg, Animal Assisted Intervention, een veelbelovende ontwikkeling. Theoretisch onderbouwde methodes zijn echter nog weinig beschreven. Met dit boek wordt een achtergrond gegeven voor het betrekken van natuur, dieren in het algemeen en honden en paarden in bijzonder, bij een psychodynamische psychotherapie.
De lezer krijgt inzicht in de door de auteurs ontwikkelde methode: EFPP – Equine assisted Focal Psychodynamic Psychotherapy. Ze is ontworpen naar aanleiding van de betrokkenheid bij de nazorg van de cafébrand in Volendam, maar het is duidelijk aangetoond dat EFPP een waardevolle specialistische behandelvorm is voor mensen met verschillende (ernstige) problematiek. Een uitgebreide casus illustreert deze intensieve, ervaringsgerichte maar ook speelse methode, waarbij de non-verbale dimensie vanuit de gehechtheidstheorie een speerpunt is. Grondwaarden als wederkerigheid in de therapeutische relatie, het bieden van een speelplaats voor correctieve emotionele ervaringen en groei, krijgen op een unieke wijze gestalte.



Géza Kovács en Inge Umbgrove zijn respectievelijk GZ-psycholoog en klinisch psycholoog-psychotherapeut. Beiden zijn werkzaam als therapeut, onderzoeker en bestuurder bij Zorggroep Ars Curae en Rainbow Ranch, met vestigingen in Nederland en Spanje.

Quick View

Psychotherapie in beweging. Dieren en natuur bij psychodynamische therapie.

 20,60

Het inzetten van dieren in verschillende vormen van zorg is een steeds groeiend fenomeen. Ook in de geestelijke gezondheidszorg is deze innovatieve vorm van zorg, Animal Assisted Intervention, een veelbelovende ontwikkeling. Theoretisch onderbouwde methodes zijn echter nog weinig beschreven. Met dit boek wordt een achtergrond gegeven voor het betrekken van natuur, dieren in het algemeen en honden en paarden in bijzonder, bij een psychodynamische psychotherapie.
De lezer krijgt inzicht in de door de auteurs ontwikkelde methode: EFPP – Equine assisted Focal Psychodynamic Psychotherapy. Ze is ontworpen naar aanleiding van de betrokkenheid bij de nazorg van de cafébrand in Volendam, maar het is duidelijk aangetoond dat EFPP een waardevolle specialistische behandelvorm is voor mensen met verschillende (ernstige) problematiek. Een uitgebreide casus illustreert deze intensieve, ervaringsgerichte maar ook speelse methode, waarbij de non-verbale dimensie vanuit de gehechtheidstheorie een speerpunt is. Grondwaarden als wederkerigheid in de therapeutische relatie, het bieden van een speelplaats voor correctieve emotionele ervaringen en groei, krijgen op een unieke wijze gestalte.



Géza Kovács en Inge Umbgrove zijn respectievelijk GZ-psycholoog en klinisch psycholoog-psychotherapeut. Beiden zijn werkzaam als therapeut, onderzoeker en bestuurder bij Zorggroep Ars Curae en Rainbow Ranch, met vestigingen in Nederland en Spanje.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Taalontwikkeling

 25,90

Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op diagnostische protocollen.

De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.

Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg in de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider.

Zie ook:
Groeiboek. Basisboek
Groeiboek. Signaleren
Groeiboek. Analyse en handelen. Situering en werkwijze
Groeiboek. Analyse en handelen. Ontwikkeling van de zelfsturing
Groeiboek. Analyse en handelen. Denkontwikkeling
[Groeiboek. Analyse en handelen. Taalontwikkeling]
Groeiboek. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Zintuiglijke ontwikkeling & lichamelijke factoren


De auteur van Groeiboek/Taalontwikkeling, Miet Fournier, is lector aan de Arteveldehogeschool in Gent en aan de Thomas More Hogeschool in Mechelen. Ze schreef eerder al boeken voor het kleuteronderwijs. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, Coördinator Basisonderwijs van het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding regio Gent en eindredacteur / coördinator van de Groeiboekreeks.

Quick View

Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Taalontwikkeling

 25,90

Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op diagnostische protocollen.

De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.

Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg in de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider.

Zie ook:
Groeiboek. Basisboek
Groeiboek. Signaleren
Groeiboek. Analyse en handelen. Situering en werkwijze
Groeiboek. Analyse en handelen. Ontwikkeling van de zelfsturing
Groeiboek. Analyse en handelen. Denkontwikkeling
[Groeiboek. Analyse en handelen. Taalontwikkeling]
Groeiboek. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Zintuiglijke ontwikkeling & lichamelijke factoren


De auteur van Groeiboek/Taalontwikkeling, Miet Fournier, is lector aan de Arteveldehogeschool in Gent en aan de Thomas More Hogeschool in Mechelen. Ze schreef eerder al boeken voor het kleuteronderwijs. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, Coördinator Basisonderwijs van het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding regio Gent en eindredacteur / coördinator van de Groeiboekreeks.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De Nachtegaal en de Kraai. Een optimale stem binnen ieders bereik

 35,90

Wie de stem intens gebruikt, ervaart hoe sterk en hoe fijn ze de mondelinge communicatie kan regelen en beïnvloeden. Dat vraagt veel vaardigheden die in dit boek stapsgewijs aan bod komen: van het fijne horen van verschillen, over stemzorg en stemtechniek naar aandacht voor en afstemming op de omgeving.

Of de stem binnen het beroep wordt gebruikt of erbuiten, altijd vraagt dit de nodige aandacht en inzet. Hierbij speelt motivatie een sleutelrol. Deze motivatie kan de lezer putten uit de brede achtergrond over het hoe en waarom van goed stemgebruik. Wie meteen aan de slag wil, krijgt aanzetten om alles in de praktijk om te zetten. Daarnaast biedt elke topic de mogelijkheid om nog dieper en breder over stem na te denken.

Het boek richt zich in de eerste plaats tot de stemgebruikers zelf (politici, leerkrachten, tolken, gidsen, vertellers, sportlui, pleiters, verkopers, …). Anderzijds doet het appel op de verantwoordelijkheid van de brede omgeving: de werkgever, de beleidsvoerder, de architect, de loopbaanplanner, de coach, de logopedist, de beroepsvereniging, de regisseur, de bewegingswetenschapper, de stemergonoom … Hoe breder het draagvlak voor de uitbouw van goed stemgebruik of de oplossing van stemproblemen, des te meer sprekers van allerlei pluimage het beste uit hun stem kunnen halen, van Nachtegaal tot Kraai.

Op de bijbehorende audio-cd staan fragmenten die helpen om alles in te oefenen.


Wivine Decoster is docent aan de opleiding Logopedische en Audiologische Wetenschappen en de Specifieke Lerarenopleiding Gezondheidswetenschappen van de KU Leuven.

Felix de Jong is foniater in de afdeling Neus-, Keel- en Oorziekten, Gelaat- en Halschirurgie van de Universitaire Ziekenhuizen Leuven en het Universitair Medisch Centrum St. Radboud van Nijmegen. Ook hij doceert aan de opleiding Logopedische en Audiologische Wetenschappen van de KU Leuven. Samen coördineren ze het Expertisecentrum Stem binnen de faculteit Geneeskunde van de KU Leuven.

Quick View

De Nachtegaal en de Kraai. Een optimale stem binnen ieders bereik

 35,90

Wie de stem intens gebruikt, ervaart hoe sterk en hoe fijn ze de mondelinge communicatie kan regelen en beïnvloeden. Dat vraagt veel vaardigheden die in dit boek stapsgewijs aan bod komen: van het fijne horen van verschillen, over stemzorg en stemtechniek naar aandacht voor en afstemming op de omgeving.

Of de stem binnen het beroep wordt gebruikt of erbuiten, altijd vraagt dit de nodige aandacht en inzet. Hierbij speelt motivatie een sleutelrol. Deze motivatie kan de lezer putten uit de brede achtergrond over het hoe en waarom van goed stemgebruik. Wie meteen aan de slag wil, krijgt aanzetten om alles in de praktijk om te zetten. Daarnaast biedt elke topic de mogelijkheid om nog dieper en breder over stem na te denken.

Het boek richt zich in de eerste plaats tot de stemgebruikers zelf (politici, leerkrachten, tolken, gidsen, vertellers, sportlui, pleiters, verkopers, …). Anderzijds doet het appel op de verantwoordelijkheid van de brede omgeving: de werkgever, de beleidsvoerder, de architect, de loopbaanplanner, de coach, de logopedist, de beroepsvereniging, de regisseur, de bewegingswetenschapper, de stemergonoom … Hoe breder het draagvlak voor de uitbouw van goed stemgebruik of de oplossing van stemproblemen, des te meer sprekers van allerlei pluimage het beste uit hun stem kunnen halen, van Nachtegaal tot Kraai.

Op de bijbehorende audio-cd staan fragmenten die helpen om alles in te oefenen.


Wivine Decoster is docent aan de opleiding Logopedische en Audiologische Wetenschappen en de Specifieke Lerarenopleiding Gezondheidswetenschappen van de KU Leuven.

Felix de Jong is foniater in de afdeling Neus-, Keel- en Oorziekten, Gelaat- en Halschirurgie van de Universitaire Ziekenhuizen Leuven en het Universitair Medisch Centrum St. Radboud van Nijmegen. Ook hij doceert aan de opleiding Logopedische en Audiologische Wetenschappen van de KU Leuven. Samen coördineren ze het Expertisecentrum Stem binnen de faculteit Geneeskunde van de KU Leuven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Eén, twee … hupsakee … Navulblaadjes

 14,00

Deze navulblaadjes horen bij het Heen-en-weerboekje, Eén, twee ... hupsakee ...
Ze kunnen ingevoegd worden bij Deel 2: Mijn dagboekje.

(250 blz.)

Quick View

Eén, twee … hupsakee … Navulblaadjes

 14,00

Deze navulblaadjes horen bij het Heen-en-weerboekje, Eén, twee ... hupsakee ...
Ze kunnen ingevoegd worden bij Deel 2: Mijn dagboekje.

(250 blz.)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Heel-meesters (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 2)

 21,00

Dit deel uit de reeks Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg is gewijd aan grote figuren en belangwekkende ontwikkelingen uit de geneeskundige zorg. Het overspant de vijf eeuwen van de medische geschiedenis.

Het cahier bundelt bijdragen over grote medici, onder anderen Andreas Vesalius, Jan Palfijn, Guillaume Dupuytren, Aladar Petz, Aron Izak Kropveld, Antoine Louis, Nicolas-Philippe Ledru en John Gibbon. Maar het handelt evenzeer over aandoeneingen bij Italiaanse hertogen en pausen, over de bezenuving van de baarmoeder of over de ziekte van Addison bij John F. Kennedy.


>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)


Bob Van Hee studeerde geneeskunde van 1960 tot 1967 aan de Universiteit Gent en werd chirurg in Breda en Nijmegen. Daarna was hij hoofddocent Chirurgie en Geschiedenis der Geneeskunde aan de Universiteit Antwerpen. Hij is redacteur van Geschiedenis der Geneeskunde, journal of Medical Biography en Studium.
Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden aan de Universiteit Leiden. Hij publiceerde onder meer over verkeer in het Romeinse Rijk. Hij is eindredacteur van Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.

Quick View

Heel-meesters (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 2)

 21,00

Dit deel uit de reeks Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg is gewijd aan grote figuren en belangwekkende ontwikkelingen uit de geneeskundige zorg. Het overspant de vijf eeuwen van de medische geschiedenis.

Het cahier bundelt bijdragen over grote medici, onder anderen Andreas Vesalius, Jan Palfijn, Guillaume Dupuytren, Aladar Petz, Aron Izak Kropveld, Antoine Louis, Nicolas-Philippe Ledru en John Gibbon. Maar het handelt evenzeer over aandoeneingen bij Italiaanse hertogen en pausen, over de bezenuving van de baarmoeder of over de ziekte van Addison bij John F. Kennedy.


>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)


Bob Van Hee studeerde geneeskunde van 1960 tot 1967 aan de Universiteit Gent en werd chirurg in Breda en Nijmegen. Daarna was hij hoofddocent Chirurgie en Geschiedenis der Geneeskunde aan de Universiteit Antwerpen. Hij is redacteur van Geschiedenis der Geneeskunde, journal of Medical Biography en Studium.
Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden aan de Universiteit Leiden. Hij publiceerde onder meer over verkeer in het Romeinse Rijk. Hij is eindredacteur van Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Qur’anic Term Translation. A Semantic Study from Arabic Perspective (ATI-Academic Publications, n° 7)

 39,00

This book is mainly concerned with the meaning and English translation of Qur’anic terms which are therefore, analyzed both out of and in context.

This book establishes a method of investigation and analysis that linguists and translators could adopt when embarking on analysis of lexical items of the Qur’an and/or when translating it.

Owing to the intrinsic difficulties inherent in the translation of the Qur’an, analytical studies on Qur’anic terms are almost unheard of, in spite of the fact that many are the works that deal with the Qur’an in all languages.

Bearing in mind that ‘perfect’ translation is no more than an illusion, and that absolute synonymy is nothing but a myth, establishing the meaning of specialized Qur’anic terms with any degree of accuracy is an extremely daunting task, especially when addressing this issue in a language that is not that of the Qur’an.

The present work is an attempt to bring the Qur’an a step closer to both the general reader as well as the specialized researcher. In addition to the semantic study of the Qur’anic terms and investigating their translations in six other renowned works, this book also addresses a number of important linguistic and cultural issues that no serious researcher of the Qur’an can afford to miss. Its depth of analysis and extensive notes are meant to save the reader the extraordinary effort required to check a multitude of works necessary to understand the issues at stake.

Ahmed Allaithy obtained his PhD in Comparative Translation of the Holy Qur’an from the University of Durham, UK. He is an Associate Professor of Translation, and the current President of Arabic Translators International (ATI) (www.atinternational.org). He is also the General Editor of ATI-Academic Series, and ATI-Literary Series (Arabic Literature Unveiled). He is an established translator and linguist, writer and poet with many works to his credit. He is a specialist in Translation Studies, Arabic Language, Qur’anic Studies, Arabic Rhetoric and Intercultural Communication.

Quick View

Qur’anic Term Translation. A Semantic Study from Arabic Perspective (ATI-Academic Publications, n° 7)

 39,00

This book is mainly concerned with the meaning and English translation of Qur’anic terms which are therefore, analyzed both out of and in context.

This book establishes a method of investigation and analysis that linguists and translators could adopt when embarking on analysis of lexical items of the Qur’an and/or when translating it.

Owing to the intrinsic difficulties inherent in the translation of the Qur’an, analytical studies on Qur’anic terms are almost unheard of, in spite of the fact that many are the works that deal with the Qur’an in all languages.

Bearing in mind that ‘perfect’ translation is no more than an illusion, and that absolute synonymy is nothing but a myth, establishing the meaning of specialized Qur’anic terms with any degree of accuracy is an extremely daunting task, especially when addressing this issue in a language that is not that of the Qur’an.

The present work is an attempt to bring the Qur’an a step closer to both the general reader as well as the specialized researcher. In addition to the semantic study of the Qur’anic terms and investigating their translations in six other renowned works, this book also addresses a number of important linguistic and cultural issues that no serious researcher of the Qur’an can afford to miss. Its depth of analysis and extensive notes are meant to save the reader the extraordinary effort required to check a multitude of works necessary to understand the issues at stake.

Ahmed Allaithy obtained his PhD in Comparative Translation of the Holy Qur’an from the University of Durham, UK. He is an Associate Professor of Translation, and the current President of Arabic Translators International (ATI) (www.atinternational.org). He is also the General Editor of ATI-Academic Series, and ATI-Literary Series (Arabic Literature Unveiled). He is an established translator and linguist, writer and poet with many works to his credit. He is a specialist in Translation Studies, Arabic Language, Qur’anic Studies, Arabic Rhetoric and Intercultural Communication.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    11
    Uw winkelwagen
    ×