Dementie bij ouderen met een migratieachtergrond
€ 19,50
In dit unieke werk worden de belangrijkste resultaten van vijf jaar onderzoek over dementie en dementiezorg bij ouderen met een migratieachtergrond in België voorgesteld. Dit thema wordt voor het eerst belicht vanuit drie perspectieven, namelijk het perspectief van de ouderen uit de arbeidsmigratie, dat van hun mantelzorgers en dat van de professionele zorgverleners.
Dit boek is wetenschappelijk onderbouwd en beschrijft op basis van de ervaringen van ouderen met Marokkaanse, Turkse en Italiaanse roots, hun mantelzorgers en professionele zorgverleners welke dementiegerelateerde zorg en noden deze ouderen hebben en de gehanteerde zorgaanpak door de mantelzorger en professionele zorgverlener om aan deze noden tegemoet te komen. Daarnaast wordt ook ingegaan op welke bijkomende zorg- en dienstverlening in de toekomst nodig is voor een betere dementiezorg voor deze ouderen met dementie.
In het onderzoek stond de oudere centraal, en deze boodschap wordt doorgetrokken in dit boek. Na een blik op de migratiegeschiedenis en een schets van de noden en behoeften van ouderen met een migratieachtergrond, wordt gekeken naar de beleving van dementie door de ogen van de ouderen en hun mantelzorgers. Vervolgens wordt de diagnosestelling van dementie en de zorg- en hulpverlening voor de ouderen met dementie onder de loep genomen. Hierin wordt beschreven hoe de mantelzorg verloopt en hoe de professionele zorg wordt ingekleurd en ervaren, zowel in België als in het geval van transnationale zorg. Ten slotte worden een aantal internationale inspirerende voorbeelden uit de dementiezorg voor ouderen met een migratieachtergrond voorgesteld en worden aanbevelingen geformuleerd voor een aangepaste dementiezorg voor deze ouderen.
Dit boek wil mantelzorgers, professionele zorgverleners en beleidsmakers inspireren bij de onderbelichte uitdaging om op zoek te gaan naar de gepaste zorg voor dementerende ouderen met een migratieachtergrond. Dit boek kan een eerste aanzet zijn om het thema bespreekbaar te maken en is een inspiratie naar goede en vernieuwende praktijken.
Saloua Berdai Chaouni is biomedisch wetenschapper en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel, Vrije Universiteit Brussel en Karel de Grote Hogeschool, waar ze ook doceert. Haar onderzoek situeert zich op het snijpunt van vergrijzing, diversiteit en zorg. Ze behaalde haar doctoraat in de Agogische Wetenschappen aan de VUB
Ann Claeys is verpleegkundige en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel en Vrije Universiteit Brussel en is docent aan de Erasmushogeschool Brussel. Ze doet onderzoek naar cultuursensitieve zorg en culturele competenties bij zorgprofessionals.
Dit boek is wetenschappelijk onderbouwd en beschrijft op basis van de ervaringen van ouderen met Marokkaanse, Turkse en Italiaanse roots, hun mantelzorgers en professionele zorgverleners welke dementiegerelateerde zorg en noden deze ouderen hebben en de gehanteerde zorgaanpak door de mantelzorger en professionele zorgverlener om aan deze noden tegemoet te komen. Daarnaast wordt ook ingegaan op welke bijkomende zorg- en dienstverlening in de toekomst nodig is voor een betere dementiezorg voor deze ouderen met dementie.
In het onderzoek stond de oudere centraal, en deze boodschap wordt doorgetrokken in dit boek. Na een blik op de migratiegeschiedenis en een schets van de noden en behoeften van ouderen met een migratieachtergrond, wordt gekeken naar de beleving van dementie door de ogen van de ouderen en hun mantelzorgers. Vervolgens wordt de diagnosestelling van dementie en de zorg- en hulpverlening voor de ouderen met dementie onder de loep genomen. Hierin wordt beschreven hoe de mantelzorg verloopt en hoe de professionele zorg wordt ingekleurd en ervaren, zowel in België als in het geval van transnationale zorg. Ten slotte worden een aantal internationale inspirerende voorbeelden uit de dementiezorg voor ouderen met een migratieachtergrond voorgesteld en worden aanbevelingen geformuleerd voor een aangepaste dementiezorg voor deze ouderen.
Dit boek wil mantelzorgers, professionele zorgverleners en beleidsmakers inspireren bij de onderbelichte uitdaging om op zoek te gaan naar de gepaste zorg voor dementerende ouderen met een migratieachtergrond. Dit boek kan een eerste aanzet zijn om het thema bespreekbaar te maken en is een inspiratie naar goede en vernieuwende praktijken.
Saloua Berdai Chaouni is biomedisch wetenschapper en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel, Vrije Universiteit Brussel en Karel de Grote Hogeschool, waar ze ook doceert. Haar onderzoek situeert zich op het snijpunt van vergrijzing, diversiteit en zorg. Ze behaalde haar doctoraat in de Agogische Wetenschappen aan de VUB
Ann Claeys is verpleegkundige en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel en Vrije Universiteit Brussel en is docent aan de Erasmushogeschool Brussel. Ze doet onderzoek naar cultuursensitieve zorg en culturele competenties bij zorgprofessionals.
Dementie bij ouderen met een migratieachtergrond
€ 19,50
In dit unieke werk worden de belangrijkste resultaten van vijf jaar onderzoek over dementie en dementiezorg bij ouderen met een migratieachtergrond in België voorgesteld. Dit thema wordt voor het eerst belicht vanuit drie perspectieven, namelijk het perspectief van de ouderen uit de arbeidsmigratie, dat van hun mantelzorgers en dat van de professionele zorgverleners.
Dit boek is wetenschappelijk onderbouwd en beschrijft op basis van de ervaringen van ouderen met Marokkaanse, Turkse en Italiaanse roots, hun mantelzorgers en professionele zorgverleners welke dementiegerelateerde zorg en noden deze ouderen hebben en de gehanteerde zorgaanpak door de mantelzorger en professionele zorgverlener om aan deze noden tegemoet te komen. Daarnaast wordt ook ingegaan op welke bijkomende zorg- en dienstverlening in de toekomst nodig is voor een betere dementiezorg voor deze ouderen met dementie.
In het onderzoek stond de oudere centraal, en deze boodschap wordt doorgetrokken in dit boek. Na een blik op de migratiegeschiedenis en een schets van de noden en behoeften van ouderen met een migratieachtergrond, wordt gekeken naar de beleving van dementie door de ogen van de ouderen en hun mantelzorgers. Vervolgens wordt de diagnosestelling van dementie en de zorg- en hulpverlening voor de ouderen met dementie onder de loep genomen. Hierin wordt beschreven hoe de mantelzorg verloopt en hoe de professionele zorg wordt ingekleurd en ervaren, zowel in België als in het geval van transnationale zorg. Ten slotte worden een aantal internationale inspirerende voorbeelden uit de dementiezorg voor ouderen met een migratieachtergrond voorgesteld en worden aanbevelingen geformuleerd voor een aangepaste dementiezorg voor deze ouderen.
Dit boek wil mantelzorgers, professionele zorgverleners en beleidsmakers inspireren bij de onderbelichte uitdaging om op zoek te gaan naar de gepaste zorg voor dementerende ouderen met een migratieachtergrond. Dit boek kan een eerste aanzet zijn om het thema bespreekbaar te maken en is een inspiratie naar goede en vernieuwende praktijken.
Saloua Berdai Chaouni is biomedisch wetenschapper en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel, Vrije Universiteit Brussel en Karel de Grote Hogeschool, waar ze ook doceert. Haar onderzoek situeert zich op het snijpunt van vergrijzing, diversiteit en zorg. Ze behaalde haar doctoraat in de Agogische Wetenschappen aan de VUB
Ann Claeys is verpleegkundige en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel en Vrije Universiteit Brussel en is docent aan de Erasmushogeschool Brussel. Ze doet onderzoek naar cultuursensitieve zorg en culturele competenties bij zorgprofessionals.
Dit boek is wetenschappelijk onderbouwd en beschrijft op basis van de ervaringen van ouderen met Marokkaanse, Turkse en Italiaanse roots, hun mantelzorgers en professionele zorgverleners welke dementiegerelateerde zorg en noden deze ouderen hebben en de gehanteerde zorgaanpak door de mantelzorger en professionele zorgverlener om aan deze noden tegemoet te komen. Daarnaast wordt ook ingegaan op welke bijkomende zorg- en dienstverlening in de toekomst nodig is voor een betere dementiezorg voor deze ouderen met dementie.
In het onderzoek stond de oudere centraal, en deze boodschap wordt doorgetrokken in dit boek. Na een blik op de migratiegeschiedenis en een schets van de noden en behoeften van ouderen met een migratieachtergrond, wordt gekeken naar de beleving van dementie door de ogen van de ouderen en hun mantelzorgers. Vervolgens wordt de diagnosestelling van dementie en de zorg- en hulpverlening voor de ouderen met dementie onder de loep genomen. Hierin wordt beschreven hoe de mantelzorg verloopt en hoe de professionele zorg wordt ingekleurd en ervaren, zowel in België als in het geval van transnationale zorg. Ten slotte worden een aantal internationale inspirerende voorbeelden uit de dementiezorg voor ouderen met een migratieachtergrond voorgesteld en worden aanbevelingen geformuleerd voor een aangepaste dementiezorg voor deze ouderen.
Dit boek wil mantelzorgers, professionele zorgverleners en beleidsmakers inspireren bij de onderbelichte uitdaging om op zoek te gaan naar de gepaste zorg voor dementerende ouderen met een migratieachtergrond. Dit boek kan een eerste aanzet zijn om het thema bespreekbaar te maken en is een inspiratie naar goede en vernieuwende praktijken.
Saloua Berdai Chaouni is biomedisch wetenschapper en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel, Vrije Universiteit Brussel en Karel de Grote Hogeschool, waar ze ook doceert. Haar onderzoek situeert zich op het snijpunt van vergrijzing, diversiteit en zorg. Ze behaalde haar doctoraat in de Agogische Wetenschappen aan de VUB
Ann Claeys is verpleegkundige en gerontologe. Ze is verbonden als onderzoeker aan Erasmushogeschool Brussel en Vrije Universiteit Brussel en is docent aan de Erasmushogeschool Brussel. Ze doet onderzoek naar cultuursensitieve zorg en culturele competenties bij zorgprofessionals.
Caleidoscopia: Spelen met diversiteit . Theorie, praktijk en ervaring – Handboek (2e geactualiseerde druk)
€ 22,00
Caleidoscopia, Spelen met diversiteit: Theorie, Praktijk en Ervaring, richt zich op professionals die in hun werk aandacht hebben voor diversiteit en inclusie en de invloed daarvan op hun eigen positie en op die van de mensen met wie ze werken en samenwerken. Zij kunnen het boek gebruiken als een hulpmiddel bij de Caleidoscopiakaarten, het diversiteitsspel dat het Netwerk Caleidoscopia ontwikkeld heeft (www.caleidoscopia.nl).
Het diversiteitsspel bestaat uit acht setjes van negen gekleurde kaarten, waarop acht dimensies van diversiteit plus een blanco kaart in negen talen benoemd zijn: Nederlands, Arabisch, Chinees, Duits, Engels, Frans, Hongaars, Spaans en Turks. Doel van dit spel is om de invloed van diversiteit zichtbaar en bespreekbaar te maken en spelenderwijs te leren omgaan met verschillen en overeenkomsten tussen mensen: in levensfase, genderidentiteit, etniciteit, levensvisie, socialisatie, talent en beperking, sociale klasse, opleiding en beroep, die samen de acht dimensies van diversiteit op de Caleidoscopiakaarten uitdrukken.
Deze tweede druk is door het Netwerk geschreven en geactualiseerd op grond van bijna twintig jaar ervaring met het diversiteitsspel Caleidoscopia. Het legt een verbinding tussen diversiteitstheorieën, het analysemodel ‘intersectioneel denken’ en ervaringen in het omgaan met diversiteit en inclusie. Inspiratiebronnen, methodische uitgangspunten en diversiteitskwaliteiten worden beschreven. Ook zijn vijftig werkvormen met de diversiteitskaarten opgenomen.
Het Caleidoscopia Theorieboek op bol.com.
Het Netwerk Caleidoscopia bestaat uit zeven maatschappelijk bewogen vrouwen die werkzaam en actief zijn in onder andere het onderwijs, het welzijnswerk en de gezondheidszorg, in de vakbond, in de milieubeweging, de vredesbeweging, de vrouwen- en LHBTIQA+-beweging, in organisaties van mensen met een migratieachtergrond, ouderenorganisaties en bij lokale en landelijke overheden alsook het bedrijfsleven.
Het diversiteitsspel bestaat uit acht setjes van negen gekleurde kaarten, waarop acht dimensies van diversiteit plus een blanco kaart in negen talen benoemd zijn: Nederlands, Arabisch, Chinees, Duits, Engels, Frans, Hongaars, Spaans en Turks. Doel van dit spel is om de invloed van diversiteit zichtbaar en bespreekbaar te maken en spelenderwijs te leren omgaan met verschillen en overeenkomsten tussen mensen: in levensfase, genderidentiteit, etniciteit, levensvisie, socialisatie, talent en beperking, sociale klasse, opleiding en beroep, die samen de acht dimensies van diversiteit op de Caleidoscopiakaarten uitdrukken.
Deze tweede druk is door het Netwerk geschreven en geactualiseerd op grond van bijna twintig jaar ervaring met het diversiteitsspel Caleidoscopia. Het legt een verbinding tussen diversiteitstheorieën, het analysemodel ‘intersectioneel denken’ en ervaringen in het omgaan met diversiteit en inclusie. Inspiratiebronnen, methodische uitgangspunten en diversiteitskwaliteiten worden beschreven. Ook zijn vijftig werkvormen met de diversiteitskaarten opgenomen.
Het Caleidoscopia Theorieboek op bol.com.
Het Netwerk Caleidoscopia bestaat uit zeven maatschappelijk bewogen vrouwen die werkzaam en actief zijn in onder andere het onderwijs, het welzijnswerk en de gezondheidszorg, in de vakbond, in de milieubeweging, de vredesbeweging, de vrouwen- en LHBTIQA+-beweging, in organisaties van mensen met een migratieachtergrond, ouderenorganisaties en bij lokale en landelijke overheden alsook het bedrijfsleven.
Caleidoscopia: Spelen met diversiteit . Theorie, praktijk en ervaring – Handboek (2e geactualiseerde druk)
€ 22,00
Caleidoscopia, Spelen met diversiteit: Theorie, Praktijk en Ervaring, richt zich op professionals die in hun werk aandacht hebben voor diversiteit en inclusie en de invloed daarvan op hun eigen positie en op die van de mensen met wie ze werken en samenwerken. Zij kunnen het boek gebruiken als een hulpmiddel bij de Caleidoscopiakaarten, het diversiteitsspel dat het Netwerk Caleidoscopia ontwikkeld heeft (www.caleidoscopia.nl).
Het diversiteitsspel bestaat uit acht setjes van negen gekleurde kaarten, waarop acht dimensies van diversiteit plus een blanco kaart in negen talen benoemd zijn: Nederlands, Arabisch, Chinees, Duits, Engels, Frans, Hongaars, Spaans en Turks. Doel van dit spel is om de invloed van diversiteit zichtbaar en bespreekbaar te maken en spelenderwijs te leren omgaan met verschillen en overeenkomsten tussen mensen: in levensfase, genderidentiteit, etniciteit, levensvisie, socialisatie, talent en beperking, sociale klasse, opleiding en beroep, die samen de acht dimensies van diversiteit op de Caleidoscopiakaarten uitdrukken.
Deze tweede druk is door het Netwerk geschreven en geactualiseerd op grond van bijna twintig jaar ervaring met het diversiteitsspel Caleidoscopia. Het legt een verbinding tussen diversiteitstheorieën, het analysemodel ‘intersectioneel denken’ en ervaringen in het omgaan met diversiteit en inclusie. Inspiratiebronnen, methodische uitgangspunten en diversiteitskwaliteiten worden beschreven. Ook zijn vijftig werkvormen met de diversiteitskaarten opgenomen.
Het Caleidoscopia Theorieboek op bol.com.
Het Netwerk Caleidoscopia bestaat uit zeven maatschappelijk bewogen vrouwen die werkzaam en actief zijn in onder andere het onderwijs, het welzijnswerk en de gezondheidszorg, in de vakbond, in de milieubeweging, de vredesbeweging, de vrouwen- en LHBTIQA+-beweging, in organisaties van mensen met een migratieachtergrond, ouderenorganisaties en bij lokale en landelijke overheden alsook het bedrijfsleven.
Het diversiteitsspel bestaat uit acht setjes van negen gekleurde kaarten, waarop acht dimensies van diversiteit plus een blanco kaart in negen talen benoemd zijn: Nederlands, Arabisch, Chinees, Duits, Engels, Frans, Hongaars, Spaans en Turks. Doel van dit spel is om de invloed van diversiteit zichtbaar en bespreekbaar te maken en spelenderwijs te leren omgaan met verschillen en overeenkomsten tussen mensen: in levensfase, genderidentiteit, etniciteit, levensvisie, socialisatie, talent en beperking, sociale klasse, opleiding en beroep, die samen de acht dimensies van diversiteit op de Caleidoscopiakaarten uitdrukken.
Deze tweede druk is door het Netwerk geschreven en geactualiseerd op grond van bijna twintig jaar ervaring met het diversiteitsspel Caleidoscopia. Het legt een verbinding tussen diversiteitstheorieën, het analysemodel ‘intersectioneel denken’ en ervaringen in het omgaan met diversiteit en inclusie. Inspiratiebronnen, methodische uitgangspunten en diversiteitskwaliteiten worden beschreven. Ook zijn vijftig werkvormen met de diversiteitskaarten opgenomen.
Het Caleidoscopia Theorieboek op bol.com.
Het Netwerk Caleidoscopia bestaat uit zeven maatschappelijk bewogen vrouwen die werkzaam en actief zijn in onder andere het onderwijs, het welzijnswerk en de gezondheidszorg, in de vakbond, in de milieubeweging, de vredesbeweging, de vrouwen- en LHBTIQA+-beweging, in organisaties van mensen met een migratieachtergrond, ouderenorganisaties en bij lokale en landelijke overheden alsook het bedrijfsleven.
Balanced Management – Vier fundamenten voor een wetenschappelijke benadering van management en ondernemen
€ 20,00
Bestaat er zoiets als een wetenschappelijke manier van ondernemen en management?
Fysica, biologie, chemie, geneeskunde, geschiedenis, antropologie en andere kennisdomeinen, ze hebben de laatste eeuwen allemaal een enorme evolutie gekend door de toepassing van een wetenschappelijke modus operandi.
Waarom zou dat niet kunnen voor ondernemen en management? Onderhavig boek legt uit hoe grote en kleine ondernemingen, maar ook ziekenhuizen, scholen en andere organisaties op meer wetenschappelijke wijze hun organisatie kunnen beheren en beheersen en hun ambities waarmaken. De brug tussen wetenschappelijke theorie en de dagelijkse praktijk wordt BALANCED MANAGEMENT gedoopt.
Dit BALANCED MANAGEMENT biedt een kader om bij de dagelijkse professionele uitdagingen en problemen een beroep te doen op hetgeen de wetenschap ons te bieden heeft.
Onderhavig boek schetst bondig de geschiedenis van de economische wetenschap en kadert vanuit dit perspectief de problemen die management en ondernemen lijken te weerhouden om wetenschappelijke methodes toe te passen. Maar het boek ontplooit vooral een methodiek om in de voetsporen te kunnen treden van het succes van andere wetenschappen.
Management en ondernemen gaat over het realiseren van doelen in complexe omstandigheden. Wetenschappelijke inzichten bieden daarvoor een flinke houvast.
Wie een stapje opzij wil zetten om voorbij de waan van de dag zich doelgericht te bezinnen over zijn professionele activiteiten als ondernemer en manager, vindt parels in overvloed in dit boek.
Prof. dr. Marc Buelens Professor Emeritus Vlerick Business School
Jac Cuypers leidt KOBUS, een onderneming die sinds jaar en dag advies verstrekt aan ondernemingen en organisaties. Bovendien heeft Jac als crisismanager een brede waaier van opdrachten uitgevoerd als CEO, CFO en CIO in grote en kleine ondernemingen, profit en non-profit. Dit professionele pad bood hem de mogelijkheid theoretische kennis te toetsen aan de werkelijkheid en de toepasbaarheid in het dagelijkse leven te verfijnen.
Fysica, biologie, chemie, geneeskunde, geschiedenis, antropologie en andere kennisdomeinen, ze hebben de laatste eeuwen allemaal een enorme evolutie gekend door de toepassing van een wetenschappelijke modus operandi.
Waarom zou dat niet kunnen voor ondernemen en management? Onderhavig boek legt uit hoe grote en kleine ondernemingen, maar ook ziekenhuizen, scholen en andere organisaties op meer wetenschappelijke wijze hun organisatie kunnen beheren en beheersen en hun ambities waarmaken. De brug tussen wetenschappelijke theorie en de dagelijkse praktijk wordt BALANCED MANAGEMENT gedoopt.
Dit BALANCED MANAGEMENT biedt een kader om bij de dagelijkse professionele uitdagingen en problemen een beroep te doen op hetgeen de wetenschap ons te bieden heeft.
Onderhavig boek schetst bondig de geschiedenis van de economische wetenschap en kadert vanuit dit perspectief de problemen die management en ondernemen lijken te weerhouden om wetenschappelijke methodes toe te passen. Maar het boek ontplooit vooral een methodiek om in de voetsporen te kunnen treden van het succes van andere wetenschappen.
Management en ondernemen gaat over het realiseren van doelen in complexe omstandigheden. Wetenschappelijke inzichten bieden daarvoor een flinke houvast.
Wie een stapje opzij wil zetten om voorbij de waan van de dag zich doelgericht te bezinnen over zijn professionele activiteiten als ondernemer en manager, vindt parels in overvloed in dit boek.
Prof. dr. Marc Buelens Professor Emeritus Vlerick Business School
Jac Cuypers leidt KOBUS, een onderneming die sinds jaar en dag advies verstrekt aan ondernemingen en organisaties. Bovendien heeft Jac als crisismanager een brede waaier van opdrachten uitgevoerd als CEO, CFO en CIO in grote en kleine ondernemingen, profit en non-profit. Dit professionele pad bood hem de mogelijkheid theoretische kennis te toetsen aan de werkelijkheid en de toepasbaarheid in het dagelijkse leven te verfijnen.
Balanced Management – Vier fundamenten voor een wetenschappelijke benadering van management en ondernemen
€ 20,00
Bestaat er zoiets als een wetenschappelijke manier van ondernemen en management?
Fysica, biologie, chemie, geneeskunde, geschiedenis, antropologie en andere kennisdomeinen, ze hebben de laatste eeuwen allemaal een enorme evolutie gekend door de toepassing van een wetenschappelijke modus operandi.
Waarom zou dat niet kunnen voor ondernemen en management? Onderhavig boek legt uit hoe grote en kleine ondernemingen, maar ook ziekenhuizen, scholen en andere organisaties op meer wetenschappelijke wijze hun organisatie kunnen beheren en beheersen en hun ambities waarmaken. De brug tussen wetenschappelijke theorie en de dagelijkse praktijk wordt BALANCED MANAGEMENT gedoopt.
Dit BALANCED MANAGEMENT biedt een kader om bij de dagelijkse professionele uitdagingen en problemen een beroep te doen op hetgeen de wetenschap ons te bieden heeft.
Onderhavig boek schetst bondig de geschiedenis van de economische wetenschap en kadert vanuit dit perspectief de problemen die management en ondernemen lijken te weerhouden om wetenschappelijke methodes toe te passen. Maar het boek ontplooit vooral een methodiek om in de voetsporen te kunnen treden van het succes van andere wetenschappen.
Management en ondernemen gaat over het realiseren van doelen in complexe omstandigheden. Wetenschappelijke inzichten bieden daarvoor een flinke houvast.
Wie een stapje opzij wil zetten om voorbij de waan van de dag zich doelgericht te bezinnen over zijn professionele activiteiten als ondernemer en manager, vindt parels in overvloed in dit boek.
Prof. dr. Marc Buelens Professor Emeritus Vlerick Business School
Jac Cuypers leidt KOBUS, een onderneming die sinds jaar en dag advies verstrekt aan ondernemingen en organisaties. Bovendien heeft Jac als crisismanager een brede waaier van opdrachten uitgevoerd als CEO, CFO en CIO in grote en kleine ondernemingen, profit en non-profit. Dit professionele pad bood hem de mogelijkheid theoretische kennis te toetsen aan de werkelijkheid en de toepasbaarheid in het dagelijkse leven te verfijnen.
Fysica, biologie, chemie, geneeskunde, geschiedenis, antropologie en andere kennisdomeinen, ze hebben de laatste eeuwen allemaal een enorme evolutie gekend door de toepassing van een wetenschappelijke modus operandi.
Waarom zou dat niet kunnen voor ondernemen en management? Onderhavig boek legt uit hoe grote en kleine ondernemingen, maar ook ziekenhuizen, scholen en andere organisaties op meer wetenschappelijke wijze hun organisatie kunnen beheren en beheersen en hun ambities waarmaken. De brug tussen wetenschappelijke theorie en de dagelijkse praktijk wordt BALANCED MANAGEMENT gedoopt.
Dit BALANCED MANAGEMENT biedt een kader om bij de dagelijkse professionele uitdagingen en problemen een beroep te doen op hetgeen de wetenschap ons te bieden heeft.
Onderhavig boek schetst bondig de geschiedenis van de economische wetenschap en kadert vanuit dit perspectief de problemen die management en ondernemen lijken te weerhouden om wetenschappelijke methodes toe te passen. Maar het boek ontplooit vooral een methodiek om in de voetsporen te kunnen treden van het succes van andere wetenschappen.
Management en ondernemen gaat over het realiseren van doelen in complexe omstandigheden. Wetenschappelijke inzichten bieden daarvoor een flinke houvast.
Wie een stapje opzij wil zetten om voorbij de waan van de dag zich doelgericht te bezinnen over zijn professionele activiteiten als ondernemer en manager, vindt parels in overvloed in dit boek.
Prof. dr. Marc Buelens Professor Emeritus Vlerick Business School
Jac Cuypers leidt KOBUS, een onderneming die sinds jaar en dag advies verstrekt aan ondernemingen en organisaties. Bovendien heeft Jac als crisismanager een brede waaier van opdrachten uitgevoerd als CEO, CFO en CIO in grote en kleine ondernemingen, profit en non-profit. Dit professionele pad bood hem de mogelijkheid theoretische kennis te toetsen aan de werkelijkheid en de toepasbaarheid in het dagelijkse leven te verfijnen.
Hoop als kunst van verantwoord leiderschap
€ 22,00
‘Hoop’ is een belangrijke motiverende kracht. Daarom zetten leiders het strategisch in, gepast en ongepast. Kunnen we iets met ‘hoop’ of is het een sloganwoord dat hoort bij goedkope peptalk, valse troost, zelfhulpboekjes en zelfs misleidende manipulatie?
Patrick Nullens geeft als ethicus een genuanceerd beeld van het fenomeen hoop. Vervolgens verbindt hij hoop aan zingeving, wijsheid en ethisch leiderschap. Zowel hoop als leiderschap worden vaak gedreven door de ongemakkelijke ervaring dat de dingen niet zijn zoals ze moeten zijn. Hoop is de kunst van mogelijkheden die gaat schitteren te midden van een crisis. Dit is precies wat we vandaag zo hard nodig hebben. We staan voor enorme uitdagingen en dit vereist moedig leiderschap, op grote en kleine schaal. Dit boek bespreekt hoop als krachtig instrument voor transities en beleidsvorming.
Patrick Nullens geeft geen eenvoudige antwoorden, maar wel een inspirerende gereedschapskist waar iedere leidinggevende zelf mee aan de slag kan gaan.
‘In bange momenten betekent verantwoord leiderschap het samen vinden van hoop. Het schept nieuwe visie, vertrouwen en verbinding binnen de organisatie. Door hoop kunnen mensen tot grootse prestaties komen. Dit boek is daartoe een inspiratiebron die ik u van harte aanbeveel.’
— Leen Paape, hoogleraar Corporate Governance Nyenrode Business University en ervaren bestuurder.
‘Moedig leiderschap. Dat is wat we nodig hebben in deze tijd. Mensen die voorop lopen en anderen inspireren hetzelfde te doen. Met Aandacht voor Echt. Wat er werkelijk toe doet, voor jezelf, je medemens en moeder aarde. De wijze inzichten van Patrick geven je een route; lees dit boek!’
— Maria van der Heijden, directeur-bestuurder MVO-Nederland
‘Een inspirerend boek waarin de kracht van hoop u zal verwonderen. Het biedt perspectief om vanuit een kwetsbaar verlangen de grote uitdagingen van deze tijd samen op te lossen.’
— Wilfred van Werven, directeur en mede-eigenaar Van Werven Infra & Recycling
Patrick Nullens is hoogleraar leiderschapsethiek en menswaardige samenleving aan de Universiteit voor Humanistiek, Utrecht en doceert ethiek aan bestuurders en toezichthouders. Hij maakte deel uit van een team dat onderzoek deed naar de effecten van hoop in de Nederlandse samenleving.
Patrick Nullens geeft als ethicus een genuanceerd beeld van het fenomeen hoop. Vervolgens verbindt hij hoop aan zingeving, wijsheid en ethisch leiderschap. Zowel hoop als leiderschap worden vaak gedreven door de ongemakkelijke ervaring dat de dingen niet zijn zoals ze moeten zijn. Hoop is de kunst van mogelijkheden die gaat schitteren te midden van een crisis. Dit is precies wat we vandaag zo hard nodig hebben. We staan voor enorme uitdagingen en dit vereist moedig leiderschap, op grote en kleine schaal. Dit boek bespreekt hoop als krachtig instrument voor transities en beleidsvorming.
Patrick Nullens geeft geen eenvoudige antwoorden, maar wel een inspirerende gereedschapskist waar iedere leidinggevende zelf mee aan de slag kan gaan.
‘In bange momenten betekent verantwoord leiderschap het samen vinden van hoop. Het schept nieuwe visie, vertrouwen en verbinding binnen de organisatie. Door hoop kunnen mensen tot grootse prestaties komen. Dit boek is daartoe een inspiratiebron die ik u van harte aanbeveel.’
— Leen Paape, hoogleraar Corporate Governance Nyenrode Business University en ervaren bestuurder.
‘Moedig leiderschap. Dat is wat we nodig hebben in deze tijd. Mensen die voorop lopen en anderen inspireren hetzelfde te doen. Met Aandacht voor Echt. Wat er werkelijk toe doet, voor jezelf, je medemens en moeder aarde. De wijze inzichten van Patrick geven je een route; lees dit boek!’
— Maria van der Heijden, directeur-bestuurder MVO-Nederland
‘Een inspirerend boek waarin de kracht van hoop u zal verwonderen. Het biedt perspectief om vanuit een kwetsbaar verlangen de grote uitdagingen van deze tijd samen op te lossen.’
— Wilfred van Werven, directeur en mede-eigenaar Van Werven Infra & Recycling
Patrick Nullens is hoogleraar leiderschapsethiek en menswaardige samenleving aan de Universiteit voor Humanistiek, Utrecht en doceert ethiek aan bestuurders en toezichthouders. Hij maakte deel uit van een team dat onderzoek deed naar de effecten van hoop in de Nederlandse samenleving.
Hoop als kunst van verantwoord leiderschap
€ 22,00
‘Hoop’ is een belangrijke motiverende kracht. Daarom zetten leiders het strategisch in, gepast en ongepast. Kunnen we iets met ‘hoop’ of is het een sloganwoord dat hoort bij goedkope peptalk, valse troost, zelfhulpboekjes en zelfs misleidende manipulatie?
Patrick Nullens geeft als ethicus een genuanceerd beeld van het fenomeen hoop. Vervolgens verbindt hij hoop aan zingeving, wijsheid en ethisch leiderschap. Zowel hoop als leiderschap worden vaak gedreven door de ongemakkelijke ervaring dat de dingen niet zijn zoals ze moeten zijn. Hoop is de kunst van mogelijkheden die gaat schitteren te midden van een crisis. Dit is precies wat we vandaag zo hard nodig hebben. We staan voor enorme uitdagingen en dit vereist moedig leiderschap, op grote en kleine schaal. Dit boek bespreekt hoop als krachtig instrument voor transities en beleidsvorming.
Patrick Nullens geeft geen eenvoudige antwoorden, maar wel een inspirerende gereedschapskist waar iedere leidinggevende zelf mee aan de slag kan gaan.
‘In bange momenten betekent verantwoord leiderschap het samen vinden van hoop. Het schept nieuwe visie, vertrouwen en verbinding binnen de organisatie. Door hoop kunnen mensen tot grootse prestaties komen. Dit boek is daartoe een inspiratiebron die ik u van harte aanbeveel.’
— Leen Paape, hoogleraar Corporate Governance Nyenrode Business University en ervaren bestuurder.
‘Moedig leiderschap. Dat is wat we nodig hebben in deze tijd. Mensen die voorop lopen en anderen inspireren hetzelfde te doen. Met Aandacht voor Echt. Wat er werkelijk toe doet, voor jezelf, je medemens en moeder aarde. De wijze inzichten van Patrick geven je een route; lees dit boek!’
— Maria van der Heijden, directeur-bestuurder MVO-Nederland
‘Een inspirerend boek waarin de kracht van hoop u zal verwonderen. Het biedt perspectief om vanuit een kwetsbaar verlangen de grote uitdagingen van deze tijd samen op te lossen.’
— Wilfred van Werven, directeur en mede-eigenaar Van Werven Infra & Recycling
Patrick Nullens is hoogleraar leiderschapsethiek en menswaardige samenleving aan de Universiteit voor Humanistiek, Utrecht en doceert ethiek aan bestuurders en toezichthouders. Hij maakte deel uit van een team dat onderzoek deed naar de effecten van hoop in de Nederlandse samenleving.
Patrick Nullens geeft als ethicus een genuanceerd beeld van het fenomeen hoop. Vervolgens verbindt hij hoop aan zingeving, wijsheid en ethisch leiderschap. Zowel hoop als leiderschap worden vaak gedreven door de ongemakkelijke ervaring dat de dingen niet zijn zoals ze moeten zijn. Hoop is de kunst van mogelijkheden die gaat schitteren te midden van een crisis. Dit is precies wat we vandaag zo hard nodig hebben. We staan voor enorme uitdagingen en dit vereist moedig leiderschap, op grote en kleine schaal. Dit boek bespreekt hoop als krachtig instrument voor transities en beleidsvorming.
Patrick Nullens geeft geen eenvoudige antwoorden, maar wel een inspirerende gereedschapskist waar iedere leidinggevende zelf mee aan de slag kan gaan.
‘In bange momenten betekent verantwoord leiderschap het samen vinden van hoop. Het schept nieuwe visie, vertrouwen en verbinding binnen de organisatie. Door hoop kunnen mensen tot grootse prestaties komen. Dit boek is daartoe een inspiratiebron die ik u van harte aanbeveel.’
— Leen Paape, hoogleraar Corporate Governance Nyenrode Business University en ervaren bestuurder.
‘Moedig leiderschap. Dat is wat we nodig hebben in deze tijd. Mensen die voorop lopen en anderen inspireren hetzelfde te doen. Met Aandacht voor Echt. Wat er werkelijk toe doet, voor jezelf, je medemens en moeder aarde. De wijze inzichten van Patrick geven je een route; lees dit boek!’
— Maria van der Heijden, directeur-bestuurder MVO-Nederland
‘Een inspirerend boek waarin de kracht van hoop u zal verwonderen. Het biedt perspectief om vanuit een kwetsbaar verlangen de grote uitdagingen van deze tijd samen op te lossen.’
— Wilfred van Werven, directeur en mede-eigenaar Van Werven Infra & Recycling
Patrick Nullens is hoogleraar leiderschapsethiek en menswaardige samenleving aan de Universiteit voor Humanistiek, Utrecht en doceert ethiek aan bestuurders en toezichthouders. Hij maakte deel uit van een team dat onderzoek deed naar de effecten van hoop in de Nederlandse samenleving.
Aanpakkaarten voor kinderen met aandachts- en werkhoudingsproblemen
€ 41,90
Kinderen geven geregeld blijk van problemen in het aanbrengen van structuur in hun dagelijks leven. Dat kan uiterlijk zichtbaar zijn door frustraties, chaos, onzekerheid, paniek of weigeren om een taak uit te voeren, maar kan zich ook afspelen op denkniveau (werkhoudingsproblemen). Dit bemoeilijkt het functioneren van begaafde kinderen enorm. Zij kunnen goed leren, maar ontwikkelen daarvoor niet altijd de juiste leer- en werkstrategieën.
Deze aanpakkaarten zijn een hulpmiddel voor het aanbrengen van structuur, gericht op diverse deelgebieden en onafhankelijk van een methode.
Ze vormen een verzameling van werkstrategieën voor de vakgebieden rekenen, lezen en begrijpend lezen, spelling, taal en projecten. Inmiddels zijn de aanpakkaarten verder ontwikkeld en herzien. Er zijn kaarten onderverdeeld in Brein Quest, gericht op informatieverwerking, de werking van het cognitieve brein en waarnemen met je brein; Mind Quest, gericht op het emotionele brein, sociaal-emotionele ontwikkeling, gedragsontwikkeling, sociale interactie; gericht op de Slimme Kleuter en op de bovenbouw van de basisschool als ‘Brug naar het Voortgezet Onderwijs’ (VO). De leerkracht, maar ook een begeleider of behandelaar, kan hieruit een voor elk kind afzonderlijk helder stappenplan afleiden en opstellen.
Ze kunnen worden gebruikt bij begaafde kinderen, kinderen met leerproblemen en/of leerstoornissen zoals ASS, AD(H)D, gedragsproblemen, informatieverwerkingsproblemen, beelddenkers en kinderen met dyslexie.
Winny Bosch-Sthijns, orthopedagoog, is stichter-directeur van IE Quest, een praktijk en onderzoeksbureau voor orthopedagogiek en psychologie in Maastricht en Heerlen. Daarvoor was zij leerkracht in het basisonderwijs.
Deze aanpakkaarten zijn een hulpmiddel voor het aanbrengen van structuur, gericht op diverse deelgebieden en onafhankelijk van een methode.
Ze vormen een verzameling van werkstrategieën voor de vakgebieden rekenen, lezen en begrijpend lezen, spelling, taal en projecten. Inmiddels zijn de aanpakkaarten verder ontwikkeld en herzien. Er zijn kaarten onderverdeeld in Brein Quest, gericht op informatieverwerking, de werking van het cognitieve brein en waarnemen met je brein; Mind Quest, gericht op het emotionele brein, sociaal-emotionele ontwikkeling, gedragsontwikkeling, sociale interactie; gericht op de Slimme Kleuter en op de bovenbouw van de basisschool als ‘Brug naar het Voortgezet Onderwijs’ (VO). De leerkracht, maar ook een begeleider of behandelaar, kan hieruit een voor elk kind afzonderlijk helder stappenplan afleiden en opstellen.
Ze kunnen worden gebruikt bij begaafde kinderen, kinderen met leerproblemen en/of leerstoornissen zoals ASS, AD(H)D, gedragsproblemen, informatieverwerkingsproblemen, beelddenkers en kinderen met dyslexie.
Winny Bosch-Sthijns, orthopedagoog, is stichter-directeur van IE Quest, een praktijk en onderzoeksbureau voor orthopedagogiek en psychologie in Maastricht en Heerlen. Daarvoor was zij leerkracht in het basisonderwijs.
Aanpakkaarten voor kinderen met aandachts- en werkhoudingsproblemen
€ 41,90
Kinderen geven geregeld blijk van problemen in het aanbrengen van structuur in hun dagelijks leven. Dat kan uiterlijk zichtbaar zijn door frustraties, chaos, onzekerheid, paniek of weigeren om een taak uit te voeren, maar kan zich ook afspelen op denkniveau (werkhoudingsproblemen). Dit bemoeilijkt het functioneren van begaafde kinderen enorm. Zij kunnen goed leren, maar ontwikkelen daarvoor niet altijd de juiste leer- en werkstrategieën.
Deze aanpakkaarten zijn een hulpmiddel voor het aanbrengen van structuur, gericht op diverse deelgebieden en onafhankelijk van een methode.
Ze vormen een verzameling van werkstrategieën voor de vakgebieden rekenen, lezen en begrijpend lezen, spelling, taal en projecten. Inmiddels zijn de aanpakkaarten verder ontwikkeld en herzien. Er zijn kaarten onderverdeeld in Brein Quest, gericht op informatieverwerking, de werking van het cognitieve brein en waarnemen met je brein; Mind Quest, gericht op het emotionele brein, sociaal-emotionele ontwikkeling, gedragsontwikkeling, sociale interactie; gericht op de Slimme Kleuter en op de bovenbouw van de basisschool als ‘Brug naar het Voortgezet Onderwijs’ (VO). De leerkracht, maar ook een begeleider of behandelaar, kan hieruit een voor elk kind afzonderlijk helder stappenplan afleiden en opstellen.
Ze kunnen worden gebruikt bij begaafde kinderen, kinderen met leerproblemen en/of leerstoornissen zoals ASS, AD(H)D, gedragsproblemen, informatieverwerkingsproblemen, beelddenkers en kinderen met dyslexie.
Winny Bosch-Sthijns, orthopedagoog, is stichter-directeur van IE Quest, een praktijk en onderzoeksbureau voor orthopedagogiek en psychologie in Maastricht en Heerlen. Daarvoor was zij leerkracht in het basisonderwijs.
Deze aanpakkaarten zijn een hulpmiddel voor het aanbrengen van structuur, gericht op diverse deelgebieden en onafhankelijk van een methode.
Ze vormen een verzameling van werkstrategieën voor de vakgebieden rekenen, lezen en begrijpend lezen, spelling, taal en projecten. Inmiddels zijn de aanpakkaarten verder ontwikkeld en herzien. Er zijn kaarten onderverdeeld in Brein Quest, gericht op informatieverwerking, de werking van het cognitieve brein en waarnemen met je brein; Mind Quest, gericht op het emotionele brein, sociaal-emotionele ontwikkeling, gedragsontwikkeling, sociale interactie; gericht op de Slimme Kleuter en op de bovenbouw van de basisschool als ‘Brug naar het Voortgezet Onderwijs’ (VO). De leerkracht, maar ook een begeleider of behandelaar, kan hieruit een voor elk kind afzonderlijk helder stappenplan afleiden en opstellen.
Ze kunnen worden gebruikt bij begaafde kinderen, kinderen met leerproblemen en/of leerstoornissen zoals ASS, AD(H)D, gedragsproblemen, informatieverwerkingsproblemen, beelddenkers en kinderen met dyslexie.
Winny Bosch-Sthijns, orthopedagoog, is stichter-directeur van IE Quest, een praktijk en onderzoeksbureau voor orthopedagogiek en psychologie in Maastricht en Heerlen. Daarvoor was zij leerkracht in het basisonderwijs.
Toegepaste verbeelding – Intuïtieve versus (doel)bewuste creativiteit
€ 36,50
‘Als tranformatie-agent pas ik Agile toe op het denken, werken en organiseren in een bedrijf. Echter wordt er in Agile te weinig focus gelegd op een belangrijke catalysator: namelijk creativiteit en hoe bedrijven/teams dit kunnen gebruiken om succesvol te zijn. Creativiteit gaat verder dan alleen maar brainstormen. Het is de vaardigheid om complexe problemen op te lossen. Dit boek en de CPS-methode hebben mij geleerd om die creativiteitscatalysator in een bedrijf/team naar boven te halen om nog krachtiger in te spelen en te anticiperen op de voortdurende veranderingen in de buitenwereld.’
— Frederik Van Herterijck, Creative and Transformational Leader,
SWIFT and the Financial Services industry
‘Leiders praktisch inzetbare inzichten en tools aanreiken omtrent samenstelling van teams en hen in een creatief klimaat laten innoveren. Dat is wat dit boek zo aantrekkelijk en bruikbaar maakt. Daarnaast leest het ook nog als een trein en biedt het vele inzichten om een organisatie gewoon beter te doen functioneren.’
— Jos Corstjens, Director R&D, OutSide Plant,
Commscope Connectivity Solutions
‘Luc is al meer dan 25 jaar bezig met serieuze creativiteit. Met dit boek biedt hij een venster en brengt hij een overzicht en praktisch inzicht op de volledige toolset. Een gereedschapsset die de potentie heeft om elk serieus creatief probleem waar de mensheid mee geconfronteerd wordt versneld aan te pakken en op te lossen.’
— Piet Vandenbroucke, Vice President IBP and Supply Chain,
Curium Pharma
Het toepassen en concreet maken van onze verbeelding blijkt in toenemende mate belangrijk. We zijn allen creatief en hebben allemaal reeds onze intuïtie gebruikt om bepaalde uitdagingen creatief op te lossen. Maar in welke mate konden we dit denkproces herhalen?
Waarom zou je doelbewust jouw verbeelding en creatieve en probleemoplossingsvaardigheden ontwikkelen? Hoe kunnen studenten en managers complexe problemen aanpakken? Hoe stimuleer je innovatie? Hoe implementeer je nieuwe oplossingen? Is creativiteit de sleutel tot succes? Bij het beantwoorden van deze vragen biedt deze toegankelijke tekst een introductie tot de essentiële vaardigheden en inzichten van het creatief oplossen van problemen en het creëren van de juiste omgevingsfactoren om creatief gedrag mogelijk te maken.
Dit boek ontleedt creativiteit en innovatie en bespreekt tevens de multifunctionele benadering van creativiteit. Het stelt strategieën en instrumenten voor om verantwoordelijken binnen organisaties en binnen het onderwijs te helpen groeien tot creatieve leiders die leiderschapskwaliteiten en creatief gedrag in anderen stimuleren.
Luc De Schryver heeft een Master of Science in creativiteit en innovatie van de University College in Buffalo, New York, USA en een Master Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is als lector verbonden aan UCLL (University College Leuven-Limburg). Hij is tevens zaakvoerder van o2c2 en senior associate bij CPSB, Buffalo, New York, USA.
De auteur is sinds 1990 actief binnen nationale en internationale bedrijven en organisaties. De focus ligt hierbij voornamelijk op het stimuleren van creativiteit (individueel, team- en organisatieniveau) en het begeleiden van innovatie-inspanningen binnen organisaties. Hij heeft samengewerkt met klanten zoals Exxon (USA), Sperian (France), Universiteit van Nyenrode (Nederland), University of West-England (UK), Proximus, VVSG, Mercedes-Benz, Uitgeverij De Boeck, Federale Politie, Janssen Pharmaceutica en de European Insurance and Occupational Pensions Authority (EIOPA).
Als gecertifieerd VIEW- en SOQ-trainer leidt hij anderen op in het productief gebruik van deze psychometrische instrumenten.
— Frederik Van Herterijck, Creative and Transformational Leader,
SWIFT and the Financial Services industry
‘Leiders praktisch inzetbare inzichten en tools aanreiken omtrent samenstelling van teams en hen in een creatief klimaat laten innoveren. Dat is wat dit boek zo aantrekkelijk en bruikbaar maakt. Daarnaast leest het ook nog als een trein en biedt het vele inzichten om een organisatie gewoon beter te doen functioneren.’
— Jos Corstjens, Director R&D, OutSide Plant,
Commscope Connectivity Solutions
‘Luc is al meer dan 25 jaar bezig met serieuze creativiteit. Met dit boek biedt hij een venster en brengt hij een overzicht en praktisch inzicht op de volledige toolset. Een gereedschapsset die de potentie heeft om elk serieus creatief probleem waar de mensheid mee geconfronteerd wordt versneld aan te pakken en op te lossen.’
— Piet Vandenbroucke, Vice President IBP and Supply Chain,
Curium Pharma
Het toepassen en concreet maken van onze verbeelding blijkt in toenemende mate belangrijk. We zijn allen creatief en hebben allemaal reeds onze intuïtie gebruikt om bepaalde uitdagingen creatief op te lossen. Maar in welke mate konden we dit denkproces herhalen?
Waarom zou je doelbewust jouw verbeelding en creatieve en probleemoplossingsvaardigheden ontwikkelen? Hoe kunnen studenten en managers complexe problemen aanpakken? Hoe stimuleer je innovatie? Hoe implementeer je nieuwe oplossingen? Is creativiteit de sleutel tot succes? Bij het beantwoorden van deze vragen biedt deze toegankelijke tekst een introductie tot de essentiële vaardigheden en inzichten van het creatief oplossen van problemen en het creëren van de juiste omgevingsfactoren om creatief gedrag mogelijk te maken.
Dit boek ontleedt creativiteit en innovatie en bespreekt tevens de multifunctionele benadering van creativiteit. Het stelt strategieën en instrumenten voor om verantwoordelijken binnen organisaties en binnen het onderwijs te helpen groeien tot creatieve leiders die leiderschapskwaliteiten en creatief gedrag in anderen stimuleren.
Luc De Schryver heeft een Master of Science in creativiteit en innovatie van de University College in Buffalo, New York, USA en een Master Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is als lector verbonden aan UCLL (University College Leuven-Limburg). Hij is tevens zaakvoerder van o2c2 en senior associate bij CPSB, Buffalo, New York, USA.
De auteur is sinds 1990 actief binnen nationale en internationale bedrijven en organisaties. De focus ligt hierbij voornamelijk op het stimuleren van creativiteit (individueel, team- en organisatieniveau) en het begeleiden van innovatie-inspanningen binnen organisaties. Hij heeft samengewerkt met klanten zoals Exxon (USA), Sperian (France), Universiteit van Nyenrode (Nederland), University of West-England (UK), Proximus, VVSG, Mercedes-Benz, Uitgeverij De Boeck, Federale Politie, Janssen Pharmaceutica en de European Insurance and Occupational Pensions Authority (EIOPA).
Als gecertifieerd VIEW- en SOQ-trainer leidt hij anderen op in het productief gebruik van deze psychometrische instrumenten.
Toegepaste verbeelding – Intuïtieve versus (doel)bewuste creativiteit
€ 36,50
‘Als tranformatie-agent pas ik Agile toe op het denken, werken en organiseren in een bedrijf. Echter wordt er in Agile te weinig focus gelegd op een belangrijke catalysator: namelijk creativiteit en hoe bedrijven/teams dit kunnen gebruiken om succesvol te zijn. Creativiteit gaat verder dan alleen maar brainstormen. Het is de vaardigheid om complexe problemen op te lossen. Dit boek en de CPS-methode hebben mij geleerd om die creativiteitscatalysator in een bedrijf/team naar boven te halen om nog krachtiger in te spelen en te anticiperen op de voortdurende veranderingen in de buitenwereld.’
— Frederik Van Herterijck, Creative and Transformational Leader,
SWIFT and the Financial Services industry
‘Leiders praktisch inzetbare inzichten en tools aanreiken omtrent samenstelling van teams en hen in een creatief klimaat laten innoveren. Dat is wat dit boek zo aantrekkelijk en bruikbaar maakt. Daarnaast leest het ook nog als een trein en biedt het vele inzichten om een organisatie gewoon beter te doen functioneren.’
— Jos Corstjens, Director R&D, OutSide Plant,
Commscope Connectivity Solutions
‘Luc is al meer dan 25 jaar bezig met serieuze creativiteit. Met dit boek biedt hij een venster en brengt hij een overzicht en praktisch inzicht op de volledige toolset. Een gereedschapsset die de potentie heeft om elk serieus creatief probleem waar de mensheid mee geconfronteerd wordt versneld aan te pakken en op te lossen.’
— Piet Vandenbroucke, Vice President IBP and Supply Chain,
Curium Pharma
Het toepassen en concreet maken van onze verbeelding blijkt in toenemende mate belangrijk. We zijn allen creatief en hebben allemaal reeds onze intuïtie gebruikt om bepaalde uitdagingen creatief op te lossen. Maar in welke mate konden we dit denkproces herhalen?
Waarom zou je doelbewust jouw verbeelding en creatieve en probleemoplossingsvaardigheden ontwikkelen? Hoe kunnen studenten en managers complexe problemen aanpakken? Hoe stimuleer je innovatie? Hoe implementeer je nieuwe oplossingen? Is creativiteit de sleutel tot succes? Bij het beantwoorden van deze vragen biedt deze toegankelijke tekst een introductie tot de essentiële vaardigheden en inzichten van het creatief oplossen van problemen en het creëren van de juiste omgevingsfactoren om creatief gedrag mogelijk te maken.
Dit boek ontleedt creativiteit en innovatie en bespreekt tevens de multifunctionele benadering van creativiteit. Het stelt strategieën en instrumenten voor om verantwoordelijken binnen organisaties en binnen het onderwijs te helpen groeien tot creatieve leiders die leiderschapskwaliteiten en creatief gedrag in anderen stimuleren.
Luc De Schryver heeft een Master of Science in creativiteit en innovatie van de University College in Buffalo, New York, USA en een Master Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is als lector verbonden aan UCLL (University College Leuven-Limburg). Hij is tevens zaakvoerder van o2c2 en senior associate bij CPSB, Buffalo, New York, USA.
De auteur is sinds 1990 actief binnen nationale en internationale bedrijven en organisaties. De focus ligt hierbij voornamelijk op het stimuleren van creativiteit (individueel, team- en organisatieniveau) en het begeleiden van innovatie-inspanningen binnen organisaties. Hij heeft samengewerkt met klanten zoals Exxon (USA), Sperian (France), Universiteit van Nyenrode (Nederland), University of West-England (UK), Proximus, VVSG, Mercedes-Benz, Uitgeverij De Boeck, Federale Politie, Janssen Pharmaceutica en de European Insurance and Occupational Pensions Authority (EIOPA).
Als gecertifieerd VIEW- en SOQ-trainer leidt hij anderen op in het productief gebruik van deze psychometrische instrumenten.
— Frederik Van Herterijck, Creative and Transformational Leader,
SWIFT and the Financial Services industry
‘Leiders praktisch inzetbare inzichten en tools aanreiken omtrent samenstelling van teams en hen in een creatief klimaat laten innoveren. Dat is wat dit boek zo aantrekkelijk en bruikbaar maakt. Daarnaast leest het ook nog als een trein en biedt het vele inzichten om een organisatie gewoon beter te doen functioneren.’
— Jos Corstjens, Director R&D, OutSide Plant,
Commscope Connectivity Solutions
‘Luc is al meer dan 25 jaar bezig met serieuze creativiteit. Met dit boek biedt hij een venster en brengt hij een overzicht en praktisch inzicht op de volledige toolset. Een gereedschapsset die de potentie heeft om elk serieus creatief probleem waar de mensheid mee geconfronteerd wordt versneld aan te pakken en op te lossen.’
— Piet Vandenbroucke, Vice President IBP and Supply Chain,
Curium Pharma
Het toepassen en concreet maken van onze verbeelding blijkt in toenemende mate belangrijk. We zijn allen creatief en hebben allemaal reeds onze intuïtie gebruikt om bepaalde uitdagingen creatief op te lossen. Maar in welke mate konden we dit denkproces herhalen?
Waarom zou je doelbewust jouw verbeelding en creatieve en probleemoplossingsvaardigheden ontwikkelen? Hoe kunnen studenten en managers complexe problemen aanpakken? Hoe stimuleer je innovatie? Hoe implementeer je nieuwe oplossingen? Is creativiteit de sleutel tot succes? Bij het beantwoorden van deze vragen biedt deze toegankelijke tekst een introductie tot de essentiële vaardigheden en inzichten van het creatief oplossen van problemen en het creëren van de juiste omgevingsfactoren om creatief gedrag mogelijk te maken.
Dit boek ontleedt creativiteit en innovatie en bespreekt tevens de multifunctionele benadering van creativiteit. Het stelt strategieën en instrumenten voor om verantwoordelijken binnen organisaties en binnen het onderwijs te helpen groeien tot creatieve leiders die leiderschapskwaliteiten en creatief gedrag in anderen stimuleren.
Luc De Schryver heeft een Master of Science in creativiteit en innovatie van de University College in Buffalo, New York, USA en een Master Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is als lector verbonden aan UCLL (University College Leuven-Limburg). Hij is tevens zaakvoerder van o2c2 en senior associate bij CPSB, Buffalo, New York, USA.
De auteur is sinds 1990 actief binnen nationale en internationale bedrijven en organisaties. De focus ligt hierbij voornamelijk op het stimuleren van creativiteit (individueel, team- en organisatieniveau) en het begeleiden van innovatie-inspanningen binnen organisaties. Hij heeft samengewerkt met klanten zoals Exxon (USA), Sperian (France), Universiteit van Nyenrode (Nederland), University of West-England (UK), Proximus, VVSG, Mercedes-Benz, Uitgeverij De Boeck, Federale Politie, Janssen Pharmaceutica en de European Insurance and Occupational Pensions Authority (EIOPA).
Als gecertifieerd VIEW- en SOQ-trainer leidt hij anderen op in het productief gebruik van deze psychometrische instrumenten.
Ik zie je! Verbindend opvoeden in 10 stappen.
€ 25,90
Opvoeden. Wat een beladen term! Je hoort, leest en leert erover. En al doende ontdek
je de valkuilen. Daar navigeer je in het beste geval handig rond. Maar af en toe
tuimel je er ook in. Is dat erg?
Wat kindercoach Uschi Lichter betreft niet. In Ik zie je! geeft ze een pleidooi voor verbindend opvoeden. Met oog voor de signalen die een kind je geeft. Vanuit je buikgevoel, de nodige zelfreflectie én mildheid voor jezelf. Want als volwassenen zijn we in onze opvoedingsstijl sterk beïnvloed door onze eigen ervaringen en persoonlijkheid.
Ik zie je! Verbindend opvoeden in 10 stappen is een boek voor elke opvoeder – van ouder tot leerkracht en sportcoach – die verder wil kijken dan het gedrag van een kind. Die elk kind het gevoel wil geven dat het gezien wordt.
Uschi Lichter deed jarenlang ervaring op als kindercoach, talentontwikkelaar en traumatherapeut. De rode draad? Haar geloof in de enorme kracht van verbinding. Sinds 2015 is ze kindercoach in haar eigen praktijk Het Spinnewip. En niet te vergeten in de context van dit boek: Uschi is ook ervaringsdeskundige, als mama van twee tieners, Floran en Frauke. Haar partner David Vandecan nam de illustraties in het boek voor zijn rekening.
Wat kindercoach Uschi Lichter betreft niet. In Ik zie je! geeft ze een pleidooi voor verbindend opvoeden. Met oog voor de signalen die een kind je geeft. Vanuit je buikgevoel, de nodige zelfreflectie én mildheid voor jezelf. Want als volwassenen zijn we in onze opvoedingsstijl sterk beïnvloed door onze eigen ervaringen en persoonlijkheid.
Ik zie je! Verbindend opvoeden in 10 stappen is een boek voor elke opvoeder – van ouder tot leerkracht en sportcoach – die verder wil kijken dan het gedrag van een kind. Die elk kind het gevoel wil geven dat het gezien wordt.
Uschi Lichter deed jarenlang ervaring op als kindercoach, talentontwikkelaar en traumatherapeut. De rode draad? Haar geloof in de enorme kracht van verbinding. Sinds 2015 is ze kindercoach in haar eigen praktijk Het Spinnewip. En niet te vergeten in de context van dit boek: Uschi is ook ervaringsdeskundige, als mama van twee tieners, Floran en Frauke. Haar partner David Vandecan nam de illustraties in het boek voor zijn rekening.
Ik zie je! Verbindend opvoeden in 10 stappen.
€ 25,90
Opvoeden. Wat een beladen term! Je hoort, leest en leert erover. En al doende ontdek
je de valkuilen. Daar navigeer je in het beste geval handig rond. Maar af en toe
tuimel je er ook in. Is dat erg?
Wat kindercoach Uschi Lichter betreft niet. In Ik zie je! geeft ze een pleidooi voor verbindend opvoeden. Met oog voor de signalen die een kind je geeft. Vanuit je buikgevoel, de nodige zelfreflectie én mildheid voor jezelf. Want als volwassenen zijn we in onze opvoedingsstijl sterk beïnvloed door onze eigen ervaringen en persoonlijkheid.
Ik zie je! Verbindend opvoeden in 10 stappen is een boek voor elke opvoeder – van ouder tot leerkracht en sportcoach – die verder wil kijken dan het gedrag van een kind. Die elk kind het gevoel wil geven dat het gezien wordt.
Uschi Lichter deed jarenlang ervaring op als kindercoach, talentontwikkelaar en traumatherapeut. De rode draad? Haar geloof in de enorme kracht van verbinding. Sinds 2015 is ze kindercoach in haar eigen praktijk Het Spinnewip. En niet te vergeten in de context van dit boek: Uschi is ook ervaringsdeskundige, als mama van twee tieners, Floran en Frauke. Haar partner David Vandecan nam de illustraties in het boek voor zijn rekening.
Wat kindercoach Uschi Lichter betreft niet. In Ik zie je! geeft ze een pleidooi voor verbindend opvoeden. Met oog voor de signalen die een kind je geeft. Vanuit je buikgevoel, de nodige zelfreflectie én mildheid voor jezelf. Want als volwassenen zijn we in onze opvoedingsstijl sterk beïnvloed door onze eigen ervaringen en persoonlijkheid.
Ik zie je! Verbindend opvoeden in 10 stappen is een boek voor elke opvoeder – van ouder tot leerkracht en sportcoach – die verder wil kijken dan het gedrag van een kind. Die elk kind het gevoel wil geven dat het gezien wordt.
Uschi Lichter deed jarenlang ervaring op als kindercoach, talentontwikkelaar en traumatherapeut. De rode draad? Haar geloof in de enorme kracht van verbinding. Sinds 2015 is ze kindercoach in haar eigen praktijk Het Spinnewip. En niet te vergeten in de context van dit boek: Uschi is ook ervaringsdeskundige, als mama van twee tieners, Floran en Frauke. Haar partner David Vandecan nam de illustraties in het boek voor zijn rekening.
Leren, een betekenisvol bouwproces
€ 26,90
Leren staat tegenwoordig in het teken van een leven lang leren. Wat betekent een leven lang leren voor de eindtermen van het middelbaar en hoger onderwijs? Inhoudelijke kennis en specifieke vaardigheden hebben in de praktijk vaak een beperkte houdbaarheidsdatum. Leren gaat niet alleen over het oplossen van concrete problemen, de ontwikkeling van de hard skills. Leren gaat ook over de ontwikkeling van een breed probleemoplossend vermogen, de soft skills. Welke competenties heeft een leerling nodig om ook na zijn schoolloopbaan te blijven leren? Wat is de bijdrage die onderwijsprofessionals kunnen leveren aan de ontwikkeling van dit vermogen?
Leren wordt in dit boek beschouwd als een betekenisvol bouwproces waar de leerling de eigenaar van is en de eindverantwoordelijkheid voor draagt. Het onderwijs heeft de taak leerlingen en studenten te begeleiden bij het steeds beter nemen van de regie over dit leerproces. Het boek geeft een heldere uiteenzetting over de inhoud van het concept regie, welke competenties ermee gemoeid zijn en hoe deze verder ontwikkeld kunnen worden. De competenties zijn nodig om de opgedane kennis en vaardigheden echt eigen te maken, door te ontwikkelen en adequaat in te zetten nu en in de toekomst.
André Baars is afgestudeerd in de onderwijspsychologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (RU), waar hij sinds 1997 ook werkzaam is als onderwijspsycholoog. Hij begeleidt studenten in hun studievoortgang, adviseert studieadviseurs en docenten en ondersteunt opleidingen bij de ontwikkeling van begeleiding voor hun studenten. Naast zijn werkzaamheden aan de RU geeft hij lezingen, workshops en cursussen aan leerlingen, ouders, docenten en andere professionals in het middelbaar en hoger onderwijs. André Baars is coördinator van de professionaliseringscursussen voor de Landelijke Vereniging van Studieadviseurs (LVSA). Voor meer informatie zie andrebaars.com.
Leren, een betekenisvol bouwproces
€ 26,90
Leren staat tegenwoordig in het teken van een leven lang leren. Wat betekent een leven lang leren voor de eindtermen van het middelbaar en hoger onderwijs? Inhoudelijke kennis en specifieke vaardigheden hebben in de praktijk vaak een beperkte houdbaarheidsdatum. Leren gaat niet alleen over het oplossen van concrete problemen, de ontwikkeling van de hard skills. Leren gaat ook over de ontwikkeling van een breed probleemoplossend vermogen, de soft skills. Welke competenties heeft een leerling nodig om ook na zijn schoolloopbaan te blijven leren? Wat is de bijdrage die onderwijsprofessionals kunnen leveren aan de ontwikkeling van dit vermogen?
Leren wordt in dit boek beschouwd als een betekenisvol bouwproces waar de leerling de eigenaar van is en de eindverantwoordelijkheid voor draagt. Het onderwijs heeft de taak leerlingen en studenten te begeleiden bij het steeds beter nemen van de regie over dit leerproces. Het boek geeft een heldere uiteenzetting over de inhoud van het concept regie, welke competenties ermee gemoeid zijn en hoe deze verder ontwikkeld kunnen worden. De competenties zijn nodig om de opgedane kennis en vaardigheden echt eigen te maken, door te ontwikkelen en adequaat in te zetten nu en in de toekomst.
André Baars is afgestudeerd in de onderwijspsychologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (RU), waar hij sinds 1997 ook werkzaam is als onderwijspsycholoog. Hij begeleidt studenten in hun studievoortgang, adviseert studieadviseurs en docenten en ondersteunt opleidingen bij de ontwikkeling van begeleiding voor hun studenten. Naast zijn werkzaamheden aan de RU geeft hij lezingen, workshops en cursussen aan leerlingen, ouders, docenten en andere professionals in het middelbaar en hoger onderwijs. André Baars is coördinator van de professionaliseringscursussen voor de Landelijke Vereniging van Studieadviseurs (LVSA). Voor meer informatie zie andrebaars.com.
Levenskracht, zelfzorg en persoonlijk meesterschap. 10 strategieën om je levenskwaliteit duurzaam te verbeteren
€ 23,00
Meer dan ooit zijn kennis en andere middelen voorhanden om vitaal, vreugdevol en
vredig door het leven te gaan. Tegelijk kan dit moderne leven ons ook ziek, gestresseerd
en ongelukkig maken. Aan ons de keuze. Hoe maak je die keuze? Hoe ontwikkel
je een levenskracht die van binnenuit komt? Hoe breng je dat concreet in de praktijk?
De kwaliteit van je leven duurzaam verbeteren kan door goed voor je hele zelf te zorgen. Dit boek laat 10 elkaar aanvullende strategieën aan bod komen die de lichamelijke, mentale, relationele en spirituele dimensie van jezelf aanspreken. Vanuit die strategieën wordt er een waaier van 100 kleine, haalbare acties voorgesteld, waaruit je kan kiezen en die elk een groot verschil kunnen maken.
Hoe ga je daarmee aan de slag? Hoe kom je in actie? Dat kan maar door leiding te geven aan jezelf. Dit persoonlijk meesterschap vraagt om toewijding, mildheid en inzicht. Net zoals zelfzorg is ook persoonlijk meesterschap een directe bron van levenskracht. Het is die levenskracht die ons ertoe aanzet om telkens weer in te zetten op de kwaliteit van ons leven.
Sven De Weerdt is als doctor in de psychologie gepassioneerd door bewustwording en bewustzijn. Hij is docent aan de UHasselt, faciliteert leiderschapsontwikkeling aan het UZ Leuven, is zelfstandig begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen in de sfeer van zelfzorg, persoonlijk leiderschap en samenwerking. Hij is ook meditatieleraar en auteur van de boeken Cocreatief leiderschap ( samen m et Y ves L arock, G arant), Dansen met de wereld (ASP), Ontdek jezelf (Witsand) en De Dans (BoekBoek).
br/> Voor meer info: Dansen met de Wereld
De kwaliteit van je leven duurzaam verbeteren kan door goed voor je hele zelf te zorgen. Dit boek laat 10 elkaar aanvullende strategieën aan bod komen die de lichamelijke, mentale, relationele en spirituele dimensie van jezelf aanspreken. Vanuit die strategieën wordt er een waaier van 100 kleine, haalbare acties voorgesteld, waaruit je kan kiezen en die elk een groot verschil kunnen maken.
Hoe ga je daarmee aan de slag? Hoe kom je in actie? Dat kan maar door leiding te geven aan jezelf. Dit persoonlijk meesterschap vraagt om toewijding, mildheid en inzicht. Net zoals zelfzorg is ook persoonlijk meesterschap een directe bron van levenskracht. Het is die levenskracht die ons ertoe aanzet om telkens weer in te zetten op de kwaliteit van ons leven.
Sven De Weerdt is als doctor in de psychologie gepassioneerd door bewustwording en bewustzijn. Hij is docent aan de UHasselt, faciliteert leiderschapsontwikkeling aan het UZ Leuven, is zelfstandig begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen in de sfeer van zelfzorg, persoonlijk leiderschap en samenwerking. Hij is ook meditatieleraar en auteur van de boeken Cocreatief leiderschap ( samen m et Y ves L arock, G arant), Dansen met de wereld (ASP), Ontdek jezelf (Witsand) en De Dans (BoekBoek).
br/> Voor meer info: Dansen met de Wereld
Levenskracht, zelfzorg en persoonlijk meesterschap. 10 strategieën om je levenskwaliteit duurzaam te verbeteren
€ 23,00
Meer dan ooit zijn kennis en andere middelen voorhanden om vitaal, vreugdevol en
vredig door het leven te gaan. Tegelijk kan dit moderne leven ons ook ziek, gestresseerd
en ongelukkig maken. Aan ons de keuze. Hoe maak je die keuze? Hoe ontwikkel
je een levenskracht die van binnenuit komt? Hoe breng je dat concreet in de praktijk?
De kwaliteit van je leven duurzaam verbeteren kan door goed voor je hele zelf te zorgen. Dit boek laat 10 elkaar aanvullende strategieën aan bod komen die de lichamelijke, mentale, relationele en spirituele dimensie van jezelf aanspreken. Vanuit die strategieën wordt er een waaier van 100 kleine, haalbare acties voorgesteld, waaruit je kan kiezen en die elk een groot verschil kunnen maken.
Hoe ga je daarmee aan de slag? Hoe kom je in actie? Dat kan maar door leiding te geven aan jezelf. Dit persoonlijk meesterschap vraagt om toewijding, mildheid en inzicht. Net zoals zelfzorg is ook persoonlijk meesterschap een directe bron van levenskracht. Het is die levenskracht die ons ertoe aanzet om telkens weer in te zetten op de kwaliteit van ons leven.
Sven De Weerdt is als doctor in de psychologie gepassioneerd door bewustwording en bewustzijn. Hij is docent aan de UHasselt, faciliteert leiderschapsontwikkeling aan het UZ Leuven, is zelfstandig begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen in de sfeer van zelfzorg, persoonlijk leiderschap en samenwerking. Hij is ook meditatieleraar en auteur van de boeken Cocreatief leiderschap ( samen m et Y ves L arock, G arant), Dansen met de wereld (ASP), Ontdek jezelf (Witsand) en De Dans (BoekBoek).
br/> Voor meer info: Dansen met de Wereld
De kwaliteit van je leven duurzaam verbeteren kan door goed voor je hele zelf te zorgen. Dit boek laat 10 elkaar aanvullende strategieën aan bod komen die de lichamelijke, mentale, relationele en spirituele dimensie van jezelf aanspreken. Vanuit die strategieën wordt er een waaier van 100 kleine, haalbare acties voorgesteld, waaruit je kan kiezen en die elk een groot verschil kunnen maken.
Hoe ga je daarmee aan de slag? Hoe kom je in actie? Dat kan maar door leiding te geven aan jezelf. Dit persoonlijk meesterschap vraagt om toewijding, mildheid en inzicht. Net zoals zelfzorg is ook persoonlijk meesterschap een directe bron van levenskracht. Het is die levenskracht die ons ertoe aanzet om telkens weer in te zetten op de kwaliteit van ons leven.
Sven De Weerdt is als doctor in de psychologie gepassioneerd door bewustwording en bewustzijn. Hij is docent aan de UHasselt, faciliteert leiderschapsontwikkeling aan het UZ Leuven, is zelfstandig begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen in de sfeer van zelfzorg, persoonlijk leiderschap en samenwerking. Hij is ook meditatieleraar en auteur van de boeken Cocreatief leiderschap ( samen m et Y ves L arock, G arant), Dansen met de wereld (ASP), Ontdek jezelf (Witsand) en De Dans (BoekBoek).
br/> Voor meer info: Dansen met de Wereld
Oscar en het avontuur in de speelgoedkist
€ 26,50
Oscar heeft slechte, verdrietige en angstaanjagende dingen meegemaakt. Daardoor is hij vast komen te zitten in de magische wereld van de speelgoedkist op zijn kamer. De lieve draak Helena helpt hem op zijn avontuur en uiteindelijk lukt het hem om weer uit de speelgoedkist te ontsnappen.
Dit is een therapeutisch verhaal en tevens een werkboek voor kinderen met Post Traumatisch Stress Stoornis (PTSS). De bijhorende handleiding voor een theoretische achtergrond en meer uitleg over de oefeningen in het verhaal is beschikbaar via een downloadcode op de website van Garant.
Een recensie in vakblad Vroeg
https://www.vakbladvroeg.nl/avontuurlijke-verhaallijn-welkome-ondersteuning-voor-kinderen-met-ptss/
Doris D’Hooghe is psychotraumatoloog/integratief kindertherapeut en EMDR Practitioner. Ze startte haar carrière als psychiatrisch verpleegkundige en heeft meer dan 35 jaar ervaring als psychotherapeut en kindertherapeut. Ze is oprichter van Traumacentrum België (www.traumacentrum.be) en werkt al 30 jaar in een private praktijk waar ze aan de slag gaat met complexe traumatisering bij zowel kinderen, adolescenten, volwassenen en ouderen.
Frauke Heyde studeerde journalistiek en behaalde een Master in de Filmstudies. Ze is scenariste en schrijfster.
Chris Vosters illustreert kinderboeken en geeft les in het Deeltijds Kunstonderwijs.
Dit is een therapeutisch verhaal en tevens een werkboek voor kinderen met Post Traumatisch Stress Stoornis (PTSS). De bijhorende handleiding voor een theoretische achtergrond en meer uitleg over de oefeningen in het verhaal is beschikbaar via een downloadcode op de website van Garant.
Een recensie in vakblad Vroeg
https://www.vakbladvroeg.nl/avontuurlijke-verhaallijn-welkome-ondersteuning-voor-kinderen-met-ptss/
Doris D’Hooghe is psychotraumatoloog/integratief kindertherapeut en EMDR Practitioner. Ze startte haar carrière als psychiatrisch verpleegkundige en heeft meer dan 35 jaar ervaring als psychotherapeut en kindertherapeut. Ze is oprichter van Traumacentrum België (www.traumacentrum.be) en werkt al 30 jaar in een private praktijk waar ze aan de slag gaat met complexe traumatisering bij zowel kinderen, adolescenten, volwassenen en ouderen.
Frauke Heyde studeerde journalistiek en behaalde een Master in de Filmstudies. Ze is scenariste en schrijfster.
Chris Vosters illustreert kinderboeken en geeft les in het Deeltijds Kunstonderwijs.
Oscar en het avontuur in de speelgoedkist
€ 26,50
Oscar heeft slechte, verdrietige en angstaanjagende dingen meegemaakt. Daardoor is hij vast komen te zitten in de magische wereld van de speelgoedkist op zijn kamer. De lieve draak Helena helpt hem op zijn avontuur en uiteindelijk lukt het hem om weer uit de speelgoedkist te ontsnappen.
Dit is een therapeutisch verhaal en tevens een werkboek voor kinderen met Post Traumatisch Stress Stoornis (PTSS). De bijhorende handleiding voor een theoretische achtergrond en meer uitleg over de oefeningen in het verhaal is beschikbaar via een downloadcode op de website van Garant.
Een recensie in vakblad Vroeg
https://www.vakbladvroeg.nl/avontuurlijke-verhaallijn-welkome-ondersteuning-voor-kinderen-met-ptss/
Doris D’Hooghe is psychotraumatoloog/integratief kindertherapeut en EMDR Practitioner. Ze startte haar carrière als psychiatrisch verpleegkundige en heeft meer dan 35 jaar ervaring als psychotherapeut en kindertherapeut. Ze is oprichter van Traumacentrum België (www.traumacentrum.be) en werkt al 30 jaar in een private praktijk waar ze aan de slag gaat met complexe traumatisering bij zowel kinderen, adolescenten, volwassenen en ouderen.
Frauke Heyde studeerde journalistiek en behaalde een Master in de Filmstudies. Ze is scenariste en schrijfster.
Chris Vosters illustreert kinderboeken en geeft les in het Deeltijds Kunstonderwijs.
Dit is een therapeutisch verhaal en tevens een werkboek voor kinderen met Post Traumatisch Stress Stoornis (PTSS). De bijhorende handleiding voor een theoretische achtergrond en meer uitleg over de oefeningen in het verhaal is beschikbaar via een downloadcode op de website van Garant.
Een recensie in vakblad Vroeg
https://www.vakbladvroeg.nl/avontuurlijke-verhaallijn-welkome-ondersteuning-voor-kinderen-met-ptss/
Doris D’Hooghe is psychotraumatoloog/integratief kindertherapeut en EMDR Practitioner. Ze startte haar carrière als psychiatrisch verpleegkundige en heeft meer dan 35 jaar ervaring als psychotherapeut en kindertherapeut. Ze is oprichter van Traumacentrum België (www.traumacentrum.be) en werkt al 30 jaar in een private praktijk waar ze aan de slag gaat met complexe traumatisering bij zowel kinderen, adolescenten, volwassenen en ouderen.
Frauke Heyde studeerde journalistiek en behaalde een Master in de Filmstudies. Ze is scenariste en schrijfster.
Chris Vosters illustreert kinderboeken en geeft les in het Deeltijds Kunstonderwijs.
Themanr Kleio jrg. 50 nr. 3/4 ( juni-okt 2021) In de spits – Onbekend onbemind – Publieke stemmen
€ 10,00
Kleio bestaat vijftig jaar. Die gelegenheid willen we aangrijpen om onze lezers als themanummer een state of the art aan te bieden met de rubriek 'in de spits'. Hiermee willen we op bondige wijze belangrijke recente tendensen in het brede domein van de klassieke studies voorstellen: wat zijn de meest in het oog springende ontwikkelingen die zich de laatste vijf à tien jaar in diverse specifieke onderzoeksgebieden hebben voorgedaan?
Als tweede onderdeel voorzien we een rubriek 'onbekend, onbemind'. Al geruime tijd worden er in de schoolvakken Latijn en Grieks teksten gelezen die niet tot de typische schoolcanon behoren. Toch is er nog veel dat onbekend en dus onbemind blijft. Het kan gaan om een klassieke dan wel postklassieke tekst, een literaire dan wel een docu-mentaire tekst die docenten en vooral ook hun leerlingen kan aanspreken. De auteur presenteert, vertaalt en situeert de tekst (literair-)historisch en geeft aan waarom hij/zij de tekst van zijn/haar keuze aan docenten en leerlingen wil aanbevelen.
Een derde luik vormt de rubriek 'publieke stemmen'. Hoe kijken prominente deelne-mers aan het cultureel-maatschappelijk debat vandaag tegen de klassieken – als discipline en als schoolvak – aan? Waarin kunnen volgens hen in deze vroege eenentwintigste eeuw nog de zin en waarde van een 'klassieke' of 'gymnasiale' opvoeding zijn gelegen? Op welke manier zou het oudetalenonderwijs zich moeten transformeren om vandaag nog relevant te zijn – in de maatschappij, op school? Of moeten we ons als classici neerleggen bij het feit dat Latijn en Grieks traag maar zeker tot een academisch specialisme voor de happy few, tot een nieuw Sanskriet verschrompelen?
Door de overvloed aan bijdragen komt er volgend jaar overigens een vervolgdubbel-nummer, met nog eens bijdragen van vijftien auteurs die we hier niet konden plaatsen. Ons feest is dus nog niet ten eind.
Toon Van Houdt
Als tweede onderdeel voorzien we een rubriek 'onbekend, onbemind'. Al geruime tijd worden er in de schoolvakken Latijn en Grieks teksten gelezen die niet tot de typische schoolcanon behoren. Toch is er nog veel dat onbekend en dus onbemind blijft. Het kan gaan om een klassieke dan wel postklassieke tekst, een literaire dan wel een docu-mentaire tekst die docenten en vooral ook hun leerlingen kan aanspreken. De auteur presenteert, vertaalt en situeert de tekst (literair-)historisch en geeft aan waarom hij/zij de tekst van zijn/haar keuze aan docenten en leerlingen wil aanbevelen.
Een derde luik vormt de rubriek 'publieke stemmen'. Hoe kijken prominente deelne-mers aan het cultureel-maatschappelijk debat vandaag tegen de klassieken – als discipline en als schoolvak – aan? Waarin kunnen volgens hen in deze vroege eenentwintigste eeuw nog de zin en waarde van een 'klassieke' of 'gymnasiale' opvoeding zijn gelegen? Op welke manier zou het oudetalenonderwijs zich moeten transformeren om vandaag nog relevant te zijn – in de maatschappij, op school? Of moeten we ons als classici neerleggen bij het feit dat Latijn en Grieks traag maar zeker tot een academisch specialisme voor de happy few, tot een nieuw Sanskriet verschrompelen?
Door de overvloed aan bijdragen komt er volgend jaar overigens een vervolgdubbel-nummer, met nog eens bijdragen van vijftien auteurs die we hier niet konden plaatsen. Ons feest is dus nog niet ten eind.
Toon Van Houdt
Themanr Kleio jrg. 50 nr. 3/4 ( juni-okt 2021) In de spits – Onbekend onbemind – Publieke stemmen
€ 10,00
Kleio bestaat vijftig jaar. Die gelegenheid willen we aangrijpen om onze lezers als themanummer een state of the art aan te bieden met de rubriek 'in de spits'. Hiermee willen we op bondige wijze belangrijke recente tendensen in het brede domein van de klassieke studies voorstellen: wat zijn de meest in het oog springende ontwikkelingen die zich de laatste vijf à tien jaar in diverse specifieke onderzoeksgebieden hebben voorgedaan?
Als tweede onderdeel voorzien we een rubriek 'onbekend, onbemind'. Al geruime tijd worden er in de schoolvakken Latijn en Grieks teksten gelezen die niet tot de typische schoolcanon behoren. Toch is er nog veel dat onbekend en dus onbemind blijft. Het kan gaan om een klassieke dan wel postklassieke tekst, een literaire dan wel een docu-mentaire tekst die docenten en vooral ook hun leerlingen kan aanspreken. De auteur presenteert, vertaalt en situeert de tekst (literair-)historisch en geeft aan waarom hij/zij de tekst van zijn/haar keuze aan docenten en leerlingen wil aanbevelen.
Een derde luik vormt de rubriek 'publieke stemmen'. Hoe kijken prominente deelne-mers aan het cultureel-maatschappelijk debat vandaag tegen de klassieken – als discipline en als schoolvak – aan? Waarin kunnen volgens hen in deze vroege eenentwintigste eeuw nog de zin en waarde van een 'klassieke' of 'gymnasiale' opvoeding zijn gelegen? Op welke manier zou het oudetalenonderwijs zich moeten transformeren om vandaag nog relevant te zijn – in de maatschappij, op school? Of moeten we ons als classici neerleggen bij het feit dat Latijn en Grieks traag maar zeker tot een academisch specialisme voor de happy few, tot een nieuw Sanskriet verschrompelen?
Door de overvloed aan bijdragen komt er volgend jaar overigens een vervolgdubbel-nummer, met nog eens bijdragen van vijftien auteurs die we hier niet konden plaatsen. Ons feest is dus nog niet ten eind.
Toon Van Houdt
Als tweede onderdeel voorzien we een rubriek 'onbekend, onbemind'. Al geruime tijd worden er in de schoolvakken Latijn en Grieks teksten gelezen die niet tot de typische schoolcanon behoren. Toch is er nog veel dat onbekend en dus onbemind blijft. Het kan gaan om een klassieke dan wel postklassieke tekst, een literaire dan wel een docu-mentaire tekst die docenten en vooral ook hun leerlingen kan aanspreken. De auteur presenteert, vertaalt en situeert de tekst (literair-)historisch en geeft aan waarom hij/zij de tekst van zijn/haar keuze aan docenten en leerlingen wil aanbevelen.
Een derde luik vormt de rubriek 'publieke stemmen'. Hoe kijken prominente deelne-mers aan het cultureel-maatschappelijk debat vandaag tegen de klassieken – als discipline en als schoolvak – aan? Waarin kunnen volgens hen in deze vroege eenentwintigste eeuw nog de zin en waarde van een 'klassieke' of 'gymnasiale' opvoeding zijn gelegen? Op welke manier zou het oudetalenonderwijs zich moeten transformeren om vandaag nog relevant te zijn – in de maatschappij, op school? Of moeten we ons als classici neerleggen bij het feit dat Latijn en Grieks traag maar zeker tot een academisch specialisme voor de happy few, tot een nieuw Sanskriet verschrompelen?
Door de overvloed aan bijdragen komt er volgend jaar overigens een vervolgdubbel-nummer, met nog eens bijdragen van vijftien auteurs die we hier niet konden plaatsen. Ons feest is dus nog niet ten eind.
Toon Van Houdt
Tom test-R – Handleiding
€ 51,50
De ToM – Theory of Mind test-R is een van de weinige instrumenten die het construct ToM op een gedifferentieerde wijze benadert.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
Tom test-R – Handleiding
€ 51,50
De ToM – Theory of Mind test-R is een van de weinige instrumenten die het construct ToM op een gedifferentieerde wijze benadert.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
Tom test-R-Set: Handleiding (met downloadcode + Werkboek(testplaten) (in opbergkoffer)
€ 150,00
De ToM – Theory of Mind test-R is een van de weinige instrumenten die het construct ToM op een gedifferentieerde wijze benadert.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
Tom test-R-Set: Handleiding (met downloadcode + Werkboek(testplaten) (in opbergkoffer)
€ 150,00
De ToM – Theory of Mind test-R is een van de weinige instrumenten die het construct ToM op een gedifferentieerde wijze benadert.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief).
Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
Tegen het verzinnen. Documentair proza in de Nederlandstalige literatuur van de lange jaren zestig (Reeks Academisch Literair, nr. 14)
€ 32,00
De jaren zestig waren een confronterende tijd voor veel schrijvers. Terwijl betogingen en sit-ins de straten kleurden in Nederland, Vlaanderen en daarbuiten, leken de aloude literaire middelen enkel afstand te creëren tussen auteur en wereld. Schrijvers wilden deelnemen en experimenteerden met manieren om tekstueel met de geobserveerde en gewenste veranderingen in de buitenwereld om te gaan. In Tegen het verzinnen bestudeert de auteur de ‘documentaire tendens’ die in die context opgang maakte: een diverse groep auteurs besloot namelijk om afstand te nemen van de traditionele fictie om in de plaats daarvan de werkelijkheid te documenteren. Er verschenen interviewboeken, collages met daarin allerhande ‘realiteitsfragmenten’ en auteurs als Harry Mulisch en Hugo Claus besloten om reportages te gaan schrijven. Tegen het verzinnen biedt een overzicht van die verzameling experimenten, met veel aandacht voor de context van de lange jaren zestig en
enkele diepgaande analyses van opmerkelijke case-studies.
Lieselot De Taeye doctoreerde in 2018 aan de VUB op een proefschrift over documentaire non-fictieliteratuur in de lange jaren zestig. Na een jaar aan UC Berkeley gewerkt te hebben, is ze nu verbonden aan de UGent, waar ze een driejarig postdoctoraal onderzoeksproject uitvoert over het bovennatuurlijke in literatuur over Congo.
Lieselot De Taeye doctoreerde in 2018 aan de VUB op een proefschrift over documentaire non-fictieliteratuur in de lange jaren zestig. Na een jaar aan UC Berkeley gewerkt te hebben, is ze nu verbonden aan de UGent, waar ze een driejarig postdoctoraal onderzoeksproject uitvoert over het bovennatuurlijke in literatuur over Congo.
Tegen het verzinnen. Documentair proza in de Nederlandstalige literatuur van de lange jaren zestig (Reeks Academisch Literair, nr. 14)
€ 32,00
De jaren zestig waren een confronterende tijd voor veel schrijvers. Terwijl betogingen en sit-ins de straten kleurden in Nederland, Vlaanderen en daarbuiten, leken de aloude literaire middelen enkel afstand te creëren tussen auteur en wereld. Schrijvers wilden deelnemen en experimenteerden met manieren om tekstueel met de geobserveerde en gewenste veranderingen in de buitenwereld om te gaan. In Tegen het verzinnen bestudeert de auteur de ‘documentaire tendens’ die in die context opgang maakte: een diverse groep auteurs besloot namelijk om afstand te nemen van de traditionele fictie om in de plaats daarvan de werkelijkheid te documenteren. Er verschenen interviewboeken, collages met daarin allerhande ‘realiteitsfragmenten’ en auteurs als Harry Mulisch en Hugo Claus besloten om reportages te gaan schrijven. Tegen het verzinnen biedt een overzicht van die verzameling experimenten, met veel aandacht voor de context van de lange jaren zestig en
enkele diepgaande analyses van opmerkelijke case-studies.
Lieselot De Taeye doctoreerde in 2018 aan de VUB op een proefschrift over documentaire non-fictieliteratuur in de lange jaren zestig. Na een jaar aan UC Berkeley gewerkt te hebben, is ze nu verbonden aan de UGent, waar ze een driejarig postdoctoraal onderzoeksproject uitvoert over het bovennatuurlijke in literatuur over Congo.
Lieselot De Taeye doctoreerde in 2018 aan de VUB op een proefschrift over documentaire non-fictieliteratuur in de lange jaren zestig. Na een jaar aan UC Berkeley gewerkt te hebben, is ze nu verbonden aan de UGent, waar ze een driejarig postdoctoraal onderzoeksproject uitvoert over het bovennatuurlijke in literatuur over Congo.
Niet iedereen is hetzelfde. Een andere kijk op fysiotherapie en kinesitherapie aan patiënten met AD(H)D en ASS
€ 18,90
Iedereen kan een ledemaat, een spier of een weefsel overbelasten of beschadigen,
ook personen met AD(H)D en ASS. Voor het herstel ervan kun je
een beroep doen op een fysiotherapeut (in Nederland) of een kinesitherapeut
(in België). Maar niet altijd is een fysio- of kinesitherapeut voldoende
ingespeeld op patiënten met AD(H)D en ASS. Deze patiënten vinden het
behandelingstraject dan psychisch te zwaar en breken trajecten dan voortijdig
af, zodat de lichamelijke klachten onnodig lang blijven duren. En dat
is jammer, want enkele kleine aanpassingen in de behandeling zouden een
groot verschil kunnen maken.
Dit boek gaat in op de verschillende trajectmogelijkheden die de behandeling van deze groep patiënten enorm zou kunnen verbeteren, zodat de behandeling wordt volgehouden en de lichamelijke klachten verdwijnen.
Wietske de Jong is fysiotherapeute en heeft ADHD. Met alle positieve kenmerken van ADHD motiveert ze haar cliënten om het beste uit zichzelf te halen.
Ans Ettema-Essler begeleidt in haar praktijk volwassenen met ADD, ADHD en ASS. Haar werk als coach heeft haar geleerd om in de begeleiding te letten op de kleine dingen die van groot belang kunnen zijn. Hierover heeft ze een aantal boeken geschreven.
Dit boek gaat in op de verschillende trajectmogelijkheden die de behandeling van deze groep patiënten enorm zou kunnen verbeteren, zodat de behandeling wordt volgehouden en de lichamelijke klachten verdwijnen.
Wietske de Jong is fysiotherapeute en heeft ADHD. Met alle positieve kenmerken van ADHD motiveert ze haar cliënten om het beste uit zichzelf te halen.
Ans Ettema-Essler begeleidt in haar praktijk volwassenen met ADD, ADHD en ASS. Haar werk als coach heeft haar geleerd om in de begeleiding te letten op de kleine dingen die van groot belang kunnen zijn. Hierover heeft ze een aantal boeken geschreven.
Niet iedereen is hetzelfde. Een andere kijk op fysiotherapie en kinesitherapie aan patiënten met AD(H)D en ASS
€ 18,90
Iedereen kan een ledemaat, een spier of een weefsel overbelasten of beschadigen,
ook personen met AD(H)D en ASS. Voor het herstel ervan kun je
een beroep doen op een fysiotherapeut (in Nederland) of een kinesitherapeut
(in België). Maar niet altijd is een fysio- of kinesitherapeut voldoende
ingespeeld op patiënten met AD(H)D en ASS. Deze patiënten vinden het
behandelingstraject dan psychisch te zwaar en breken trajecten dan voortijdig
af, zodat de lichamelijke klachten onnodig lang blijven duren. En dat
is jammer, want enkele kleine aanpassingen in de behandeling zouden een
groot verschil kunnen maken.
Dit boek gaat in op de verschillende trajectmogelijkheden die de behandeling van deze groep patiënten enorm zou kunnen verbeteren, zodat de behandeling wordt volgehouden en de lichamelijke klachten verdwijnen.
Wietske de Jong is fysiotherapeute en heeft ADHD. Met alle positieve kenmerken van ADHD motiveert ze haar cliënten om het beste uit zichzelf te halen.
Ans Ettema-Essler begeleidt in haar praktijk volwassenen met ADD, ADHD en ASS. Haar werk als coach heeft haar geleerd om in de begeleiding te letten op de kleine dingen die van groot belang kunnen zijn. Hierover heeft ze een aantal boeken geschreven.
Dit boek gaat in op de verschillende trajectmogelijkheden die de behandeling van deze groep patiënten enorm zou kunnen verbeteren, zodat de behandeling wordt volgehouden en de lichamelijke klachten verdwijnen.
Wietske de Jong is fysiotherapeute en heeft ADHD. Met alle positieve kenmerken van ADHD motiveert ze haar cliënten om het beste uit zichzelf te halen.
Ans Ettema-Essler begeleidt in haar praktijk volwassenen met ADD, ADHD en ASS. Haar werk als coach heeft haar geleerd om in de begeleiding te letten op de kleine dingen die van groot belang kunnen zijn. Hierover heeft ze een aantal boeken geschreven.
Leven op de dag – Een mozaïek van de belevingswereld van mensen met dementie
€ 21,50
Veel mensen met dementie laten zien dat een menswaardig leven mogelijk
is na de diagnose van dementie. Naast lijden is er ook kwaliteit van leven. De
meeste mensen met dementie worden niet dement, maar blijven mensen
met gevoel die steeds meer leven op de dag, in het hier en nu. In dit boek
komen zoveel mogelijk mensen met dementie zelf aan het woord. Een mozaïek
van de belevingswereld van zichzelf en de wereld om hen heen. Mensen
met dementie zijn kwetsbaar en afhankelijk van anderen om zich heel
te kunnen voelen. Als wij begrijpen wat zij van ons nodig hebben, kunnen
wij hen ondersteunen om goed en waardig te kunnen leven. Mensen met
dementie kunnen ons op hun beurt veel leren over de zin van het leven, het
ouder worden en de dood. Lessen over de kracht van kwetsbaarheid.
Dr. John Ekkerink studeerde psycho-gerontologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Als GZ-psycholoog was hij ruim 35 jaar werkzaam bij de Waalboog in Nijmegen, waar verpleeghuis Joachim en Anna deel van uitmaakt. In 1994 promoveerde hij op een studie naar het beloop van dementie bij ouderen in het verpleeghuis. De verhalen van mensen over hun leven met dementie inspireerden hem tot het schrijven van dit boek, om mensen met dementie een stem te geven.
Dr. John Ekkerink studeerde psycho-gerontologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Als GZ-psycholoog was hij ruim 35 jaar werkzaam bij de Waalboog in Nijmegen, waar verpleeghuis Joachim en Anna deel van uitmaakt. In 1994 promoveerde hij op een studie naar het beloop van dementie bij ouderen in het verpleeghuis. De verhalen van mensen over hun leven met dementie inspireerden hem tot het schrijven van dit boek, om mensen met dementie een stem te geven.
Leven op de dag – Een mozaïek van de belevingswereld van mensen met dementie
€ 21,50
Veel mensen met dementie laten zien dat een menswaardig leven mogelijk
is na de diagnose van dementie. Naast lijden is er ook kwaliteit van leven. De
meeste mensen met dementie worden niet dement, maar blijven mensen
met gevoel die steeds meer leven op de dag, in het hier en nu. In dit boek
komen zoveel mogelijk mensen met dementie zelf aan het woord. Een mozaïek
van de belevingswereld van zichzelf en de wereld om hen heen. Mensen
met dementie zijn kwetsbaar en afhankelijk van anderen om zich heel
te kunnen voelen. Als wij begrijpen wat zij van ons nodig hebben, kunnen
wij hen ondersteunen om goed en waardig te kunnen leven. Mensen met
dementie kunnen ons op hun beurt veel leren over de zin van het leven, het
ouder worden en de dood. Lessen over de kracht van kwetsbaarheid.
Dr. John Ekkerink studeerde psycho-gerontologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Als GZ-psycholoog was hij ruim 35 jaar werkzaam bij de Waalboog in Nijmegen, waar verpleeghuis Joachim en Anna deel van uitmaakt. In 1994 promoveerde hij op een studie naar het beloop van dementie bij ouderen in het verpleeghuis. De verhalen van mensen over hun leven met dementie inspireerden hem tot het schrijven van dit boek, om mensen met dementie een stem te geven.
Dr. John Ekkerink studeerde psycho-gerontologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Als GZ-psycholoog was hij ruim 35 jaar werkzaam bij de Waalboog in Nijmegen, waar verpleeghuis Joachim en Anna deel van uitmaakt. In 1994 promoveerde hij op een studie naar het beloop van dementie bij ouderen in het verpleeghuis. De verhalen van mensen over hun leven met dementie inspireerden hem tot het schrijven van dit boek, om mensen met dementie een stem te geven.
‘Ethische kwesties’. Themanr. Filosofie & Praktijk Jrg.42 nr.1 (2021)
€ 15,00
Jan Bransen opent dit nummer van F&P met zijn bijdrage “Er is geen vaccin tegen klimaatverandering”. Als het over de coronacrisis gaat, wordt daar doorgaans een tweede crisis mee verbonden, die wij binnenkort toch ook echt eens het hoofd zullen moeten bieden: de klimaatcrisis. Maar Bransen wil duidelijk maken waarom het schadelijk is om de coronacrisis en de klimaatcrisis in één adem te noemen. Als we het coronavirus hebben kunnen verslaan door objectieve kennis te combineren met centrale controle zullen we blijven geloven dat
deze aanpak de enig juiste is. We zullen blijven negeren dat in het geval van de klimaatcrisis een aanpak op basis van objectieve kennis en centrale controle in feite juist vruchteloos is. Als het om klimaatbewust handelen gaat, is er sprake van een evidente ‘knowledge-action gap’: we hebben de benodigde kennis maar die weten we niet om te zetten in de benodigde daden. En daar gaat het om.
Ineke Malsch zorgt voor de tweede bijdrage: “Breng narratieve ethiek naar de burger. Techno-ethische sciencefiction verhalen als smaakmaker voor dialoog over keuzes in innovatiebeleid”. In haar artikel worden narratief-ethische toekomstverkenningen van mogelijke ethische gevolgen van technologieontwikkeling geplaatst in de bredere ontwikkeling van beleidsondersteunende toekomstverkenningen. Vervolgens wordt een concreet voorbeeld besproken, waarin een techno-ethisch toekomstverhaal de basis vormt van een rollenspel. Dit spel helpt burgers hun mening te vormen over mogelijke consequenties van technologieontwikkeling en zo de eerste barrière voor burgerparticipatie aan besluitvorming over technologie te slechten: het prikkelen van de nieuwsgierigheid. In het nawoord worden suggesties gedaan voor vervolgstappen om die burgers toegang te geven tot de tafels waar besluitvorming plaatsvindt.
In april 2020 deed de Hoge Raad uitspraak in een cassatieverzoek-in-het-belang-van-de-wet naar aanleiding van de eerste tuchtrechterlijke-plus-strafrechterlijke vervolging in Nederland van een arts vanwege het honoreren van een verzoek om euthanasie. In zijn bijdrage “Aangeklaagd voor euthanasie, maar wie was daar eigenlijk verantwoordelijk voor?” bespreekt Ton Vink het verhaal van deze gebeurtenis zoals dat door de arts in kwestie in boekvorm is gegoten. Er is voldoende aanleiding voor vragen: Wie is hier verantwoordelijk en waarvoor precies? Wordt een ‘goede dood’ eigenlijk interessant gevonden, of is ‘dood’ ook wel voldoende? Is de schriftelijke wilsverklaring niet eigenlijk een valkuil? Wat wordt er verstaan onder ‘zelfbeschikking’? En wat levert deze soms toch wel dramatische casus nu uiteindelijk op? Zijn met de uitspraak van de Hoge Raad werkelijk alle vragen beantwoord, of toch niet?
In hun Minima Philosophica “Corona en het goede leven” gaan Cees Maris & Frans Jacobs kritisch in op de argumenten van arts-filosoof Marli Huijer in de NRC van 15 januari dat de lockdown in het kader van Covid-19 disproportioneel is. Hun conclusie: haar argumenten zijn niet goed doordacht.
Kant is een van de favorieten van Donald Loose, zoals ook blijkt uit zijn nieuwe boek Over vriendschap. De praktische filosofie van Kant (Nijmegen: Uitgeverij Vantilt, 2019, 302 pp.). In zijn bijdrage “Amicus Kant, over morele vriendschap” gaat Patrick Delaere er nader op in: Lezingen over filosofische kwesties vanuit kantiaans perspectief monden na een sprankelend eerste deel over de claim of the day dikwijls uit in een hoorcollege over Kants integrale kritische filosofie. Allengs wordt het betoog dan abstracter en krijgt het sermoenachtige trekken. Donald Looses boek vormt hierop geen uitzondering. Kant over vriendschap is zijn onderwerp. Maar vriendschap is het sluitstuk van Kants deugdenleer, en wordt als ingang gebruikt voor een gedegen bespreking van Kants hele praktische filosofie.
In zijn bijdrage “Over Jürgen Habermas, of: Kan een kritische maatschappijtheorie zonder religie?” gaat Pieter Pekelharing de confrontatie aan met Jürgen Habermas en zijn opus magnum getiteld Auch eine Geschichte der Philosophie (Berlin: Suhrkamp, 2019, 1752 pp.). Het werk bestaat uit twee delen: Deel 1, Die okzendentale Konstellation von Glauben und Wissen; Deel 2: Vernünftige Freiheit. Spuren des Diskurses über Glauben und Wissen. Pekelharing concentreert zich daarbij op één aspect van Habermas’ werk: zijn aandacht voor religie. Want hoewel dit boek op het eerste gezicht veel weg heeft van een conventionele geschiedenis van de filosofie – de bekende hoofdfiguren uit de filosofie komen uitvoerig aan bod; de splitsing tussen empirisme en Duits idealisme, tussen Hume en Kant, wordt ampel besproken; sociale, politieke en economische factoren spelen stuk voor stuk een rol – is de hoofdrol in dit werk toch weggelegd voor religie. Maar, in welke vorm of gedaante?
Clemens Driessen gaat in zijn bijdrage “Hekken en bomen, hoe te denken over natuur in Nederland” in op de vraag “Waarom moeten we natuur beschermen?” Hij doet dat mede aan de hand van twee recente publicaties van ervaren krachten in de Nederlandse milieuethiek, Martin Drenthen en zijn Hek, de ethiek vande grens tussen boerenland en natuurgebied. (Gorredijk: Noordhoek, 2020) en Jozef Keulartz en diens Boom-mensen. Over nut en nadeel van de humanisering van de natuur. (Gorredijk: Noordhoek, 2020.). Twee boeken, die vanuit verschillende invalshoeken voor een groot publiek de ins en outs van ethische overwegingen rond het Nederlandse natuurbeheer uiteenzetten. Uiteindelijk gaat het erom, aldus Driessen, een cultuur te ontwikkelen die onze gehechtheid aan landschappen en dieren weet te vertalen in radicale actie.
Floris van den Berg gaat in “Tis but a scratch. Het gevaar van de middenpositie” vervolgens in op het boek Globalisering: ramp of redding? Een speurtocht naar de oorzaken van milieuproblemen en ongelijkheid (Soest: Boekscout, 2020, 196 pp.) door Ton van Rietbergen. Het is belangrijk om de verschillende dimensies of betekenissen van globalisering te onderscheiden. Ten eerste de vraag wat globalisering inhoudt: hoe, wanneer en waar is deze ontstaan? Ten tweede hoe globalisering beoordeeld moet worden. Is het goed of slecht, hoe bepaal je dat en voor wie? Ten derde, als we weten of globalisering (of aspecten daarvan) goed of slecht is, hoe moeten we dan verder? Wie moet dan wat doen? En is er wel een middenpositie mogelijk?
Tot slot besluit de rubriek Signalementen dit nummer van F&P.
Ineke Malsch zorgt voor de tweede bijdrage: “Breng narratieve ethiek naar de burger. Techno-ethische sciencefiction verhalen als smaakmaker voor dialoog over keuzes in innovatiebeleid”. In haar artikel worden narratief-ethische toekomstverkenningen van mogelijke ethische gevolgen van technologieontwikkeling geplaatst in de bredere ontwikkeling van beleidsondersteunende toekomstverkenningen. Vervolgens wordt een concreet voorbeeld besproken, waarin een techno-ethisch toekomstverhaal de basis vormt van een rollenspel. Dit spel helpt burgers hun mening te vormen over mogelijke consequenties van technologieontwikkeling en zo de eerste barrière voor burgerparticipatie aan besluitvorming over technologie te slechten: het prikkelen van de nieuwsgierigheid. In het nawoord worden suggesties gedaan voor vervolgstappen om die burgers toegang te geven tot de tafels waar besluitvorming plaatsvindt.
In april 2020 deed de Hoge Raad uitspraak in een cassatieverzoek-in-het-belang-van-de-wet naar aanleiding van de eerste tuchtrechterlijke-plus-strafrechterlijke vervolging in Nederland van een arts vanwege het honoreren van een verzoek om euthanasie. In zijn bijdrage “Aangeklaagd voor euthanasie, maar wie was daar eigenlijk verantwoordelijk voor?” bespreekt Ton Vink het verhaal van deze gebeurtenis zoals dat door de arts in kwestie in boekvorm is gegoten. Er is voldoende aanleiding voor vragen: Wie is hier verantwoordelijk en waarvoor precies? Wordt een ‘goede dood’ eigenlijk interessant gevonden, of is ‘dood’ ook wel voldoende? Is de schriftelijke wilsverklaring niet eigenlijk een valkuil? Wat wordt er verstaan onder ‘zelfbeschikking’? En wat levert deze soms toch wel dramatische casus nu uiteindelijk op? Zijn met de uitspraak van de Hoge Raad werkelijk alle vragen beantwoord, of toch niet?
In hun Minima Philosophica “Corona en het goede leven” gaan Cees Maris & Frans Jacobs kritisch in op de argumenten van arts-filosoof Marli Huijer in de NRC van 15 januari dat de lockdown in het kader van Covid-19 disproportioneel is. Hun conclusie: haar argumenten zijn niet goed doordacht.
Kant is een van de favorieten van Donald Loose, zoals ook blijkt uit zijn nieuwe boek Over vriendschap. De praktische filosofie van Kant (Nijmegen: Uitgeverij Vantilt, 2019, 302 pp.). In zijn bijdrage “Amicus Kant, over morele vriendschap” gaat Patrick Delaere er nader op in: Lezingen over filosofische kwesties vanuit kantiaans perspectief monden na een sprankelend eerste deel over de claim of the day dikwijls uit in een hoorcollege over Kants integrale kritische filosofie. Allengs wordt het betoog dan abstracter en krijgt het sermoenachtige trekken. Donald Looses boek vormt hierop geen uitzondering. Kant over vriendschap is zijn onderwerp. Maar vriendschap is het sluitstuk van Kants deugdenleer, en wordt als ingang gebruikt voor een gedegen bespreking van Kants hele praktische filosofie.
In zijn bijdrage “Over Jürgen Habermas, of: Kan een kritische maatschappijtheorie zonder religie?” gaat Pieter Pekelharing de confrontatie aan met Jürgen Habermas en zijn opus magnum getiteld Auch eine Geschichte der Philosophie (Berlin: Suhrkamp, 2019, 1752 pp.). Het werk bestaat uit twee delen: Deel 1, Die okzendentale Konstellation von Glauben und Wissen; Deel 2: Vernünftige Freiheit. Spuren des Diskurses über Glauben und Wissen. Pekelharing concentreert zich daarbij op één aspect van Habermas’ werk: zijn aandacht voor religie. Want hoewel dit boek op het eerste gezicht veel weg heeft van een conventionele geschiedenis van de filosofie – de bekende hoofdfiguren uit de filosofie komen uitvoerig aan bod; de splitsing tussen empirisme en Duits idealisme, tussen Hume en Kant, wordt ampel besproken; sociale, politieke en economische factoren spelen stuk voor stuk een rol – is de hoofdrol in dit werk toch weggelegd voor religie. Maar, in welke vorm of gedaante?
Clemens Driessen gaat in zijn bijdrage “Hekken en bomen, hoe te denken over natuur in Nederland” in op de vraag “Waarom moeten we natuur beschermen?” Hij doet dat mede aan de hand van twee recente publicaties van ervaren krachten in de Nederlandse milieuethiek, Martin Drenthen en zijn Hek, de ethiek vande grens tussen boerenland en natuurgebied. (Gorredijk: Noordhoek, 2020) en Jozef Keulartz en diens Boom-mensen. Over nut en nadeel van de humanisering van de natuur. (Gorredijk: Noordhoek, 2020.). Twee boeken, die vanuit verschillende invalshoeken voor een groot publiek de ins en outs van ethische overwegingen rond het Nederlandse natuurbeheer uiteenzetten. Uiteindelijk gaat het erom, aldus Driessen, een cultuur te ontwikkelen die onze gehechtheid aan landschappen en dieren weet te vertalen in radicale actie.
Floris van den Berg gaat in “Tis but a scratch. Het gevaar van de middenpositie” vervolgens in op het boek Globalisering: ramp of redding? Een speurtocht naar de oorzaken van milieuproblemen en ongelijkheid (Soest: Boekscout, 2020, 196 pp.) door Ton van Rietbergen. Het is belangrijk om de verschillende dimensies of betekenissen van globalisering te onderscheiden. Ten eerste de vraag wat globalisering inhoudt: hoe, wanneer en waar is deze ontstaan? Ten tweede hoe globalisering beoordeeld moet worden. Is het goed of slecht, hoe bepaal je dat en voor wie? Ten derde, als we weten of globalisering (of aspecten daarvan) goed of slecht is, hoe moeten we dan verder? Wie moet dan wat doen? En is er wel een middenpositie mogelijk?
Tot slot besluit de rubriek Signalementen dit nummer van F&P.
‘Ethische kwesties’. Themanr. Filosofie & Praktijk Jrg.42 nr.1 (2021)
€ 15,00
Jan Bransen opent dit nummer van F&P met zijn bijdrage “Er is geen vaccin tegen klimaatverandering”. Als het over de coronacrisis gaat, wordt daar doorgaans een tweede crisis mee verbonden, die wij binnenkort toch ook echt eens het hoofd zullen moeten bieden: de klimaatcrisis. Maar Bransen wil duidelijk maken waarom het schadelijk is om de coronacrisis en de klimaatcrisis in één adem te noemen. Als we het coronavirus hebben kunnen verslaan door objectieve kennis te combineren met centrale controle zullen we blijven geloven dat
deze aanpak de enig juiste is. We zullen blijven negeren dat in het geval van de klimaatcrisis een aanpak op basis van objectieve kennis en centrale controle in feite juist vruchteloos is. Als het om klimaatbewust handelen gaat, is er sprake van een evidente ‘knowledge-action gap’: we hebben de benodigde kennis maar die weten we niet om te zetten in de benodigde daden. En daar gaat het om.
Ineke Malsch zorgt voor de tweede bijdrage: “Breng narratieve ethiek naar de burger. Techno-ethische sciencefiction verhalen als smaakmaker voor dialoog over keuzes in innovatiebeleid”. In haar artikel worden narratief-ethische toekomstverkenningen van mogelijke ethische gevolgen van technologieontwikkeling geplaatst in de bredere ontwikkeling van beleidsondersteunende toekomstverkenningen. Vervolgens wordt een concreet voorbeeld besproken, waarin een techno-ethisch toekomstverhaal de basis vormt van een rollenspel. Dit spel helpt burgers hun mening te vormen over mogelijke consequenties van technologieontwikkeling en zo de eerste barrière voor burgerparticipatie aan besluitvorming over technologie te slechten: het prikkelen van de nieuwsgierigheid. In het nawoord worden suggesties gedaan voor vervolgstappen om die burgers toegang te geven tot de tafels waar besluitvorming plaatsvindt.
In april 2020 deed de Hoge Raad uitspraak in een cassatieverzoek-in-het-belang-van-de-wet naar aanleiding van de eerste tuchtrechterlijke-plus-strafrechterlijke vervolging in Nederland van een arts vanwege het honoreren van een verzoek om euthanasie. In zijn bijdrage “Aangeklaagd voor euthanasie, maar wie was daar eigenlijk verantwoordelijk voor?” bespreekt Ton Vink het verhaal van deze gebeurtenis zoals dat door de arts in kwestie in boekvorm is gegoten. Er is voldoende aanleiding voor vragen: Wie is hier verantwoordelijk en waarvoor precies? Wordt een ‘goede dood’ eigenlijk interessant gevonden, of is ‘dood’ ook wel voldoende? Is de schriftelijke wilsverklaring niet eigenlijk een valkuil? Wat wordt er verstaan onder ‘zelfbeschikking’? En wat levert deze soms toch wel dramatische casus nu uiteindelijk op? Zijn met de uitspraak van de Hoge Raad werkelijk alle vragen beantwoord, of toch niet?
In hun Minima Philosophica “Corona en het goede leven” gaan Cees Maris & Frans Jacobs kritisch in op de argumenten van arts-filosoof Marli Huijer in de NRC van 15 januari dat de lockdown in het kader van Covid-19 disproportioneel is. Hun conclusie: haar argumenten zijn niet goed doordacht.
Kant is een van de favorieten van Donald Loose, zoals ook blijkt uit zijn nieuwe boek Over vriendschap. De praktische filosofie van Kant (Nijmegen: Uitgeverij Vantilt, 2019, 302 pp.). In zijn bijdrage “Amicus Kant, over morele vriendschap” gaat Patrick Delaere er nader op in: Lezingen over filosofische kwesties vanuit kantiaans perspectief monden na een sprankelend eerste deel over de claim of the day dikwijls uit in een hoorcollege over Kants integrale kritische filosofie. Allengs wordt het betoog dan abstracter en krijgt het sermoenachtige trekken. Donald Looses boek vormt hierop geen uitzondering. Kant over vriendschap is zijn onderwerp. Maar vriendschap is het sluitstuk van Kants deugdenleer, en wordt als ingang gebruikt voor een gedegen bespreking van Kants hele praktische filosofie.
In zijn bijdrage “Over Jürgen Habermas, of: Kan een kritische maatschappijtheorie zonder religie?” gaat Pieter Pekelharing de confrontatie aan met Jürgen Habermas en zijn opus magnum getiteld Auch eine Geschichte der Philosophie (Berlin: Suhrkamp, 2019, 1752 pp.). Het werk bestaat uit twee delen: Deel 1, Die okzendentale Konstellation von Glauben und Wissen; Deel 2: Vernünftige Freiheit. Spuren des Diskurses über Glauben und Wissen. Pekelharing concentreert zich daarbij op één aspect van Habermas’ werk: zijn aandacht voor religie. Want hoewel dit boek op het eerste gezicht veel weg heeft van een conventionele geschiedenis van de filosofie – de bekende hoofdfiguren uit de filosofie komen uitvoerig aan bod; de splitsing tussen empirisme en Duits idealisme, tussen Hume en Kant, wordt ampel besproken; sociale, politieke en economische factoren spelen stuk voor stuk een rol – is de hoofdrol in dit werk toch weggelegd voor religie. Maar, in welke vorm of gedaante?
Clemens Driessen gaat in zijn bijdrage “Hekken en bomen, hoe te denken over natuur in Nederland” in op de vraag “Waarom moeten we natuur beschermen?” Hij doet dat mede aan de hand van twee recente publicaties van ervaren krachten in de Nederlandse milieuethiek, Martin Drenthen en zijn Hek, de ethiek vande grens tussen boerenland en natuurgebied. (Gorredijk: Noordhoek, 2020) en Jozef Keulartz en diens Boom-mensen. Over nut en nadeel van de humanisering van de natuur. (Gorredijk: Noordhoek, 2020.). Twee boeken, die vanuit verschillende invalshoeken voor een groot publiek de ins en outs van ethische overwegingen rond het Nederlandse natuurbeheer uiteenzetten. Uiteindelijk gaat het erom, aldus Driessen, een cultuur te ontwikkelen die onze gehechtheid aan landschappen en dieren weet te vertalen in radicale actie.
Floris van den Berg gaat in “Tis but a scratch. Het gevaar van de middenpositie” vervolgens in op het boek Globalisering: ramp of redding? Een speurtocht naar de oorzaken van milieuproblemen en ongelijkheid (Soest: Boekscout, 2020, 196 pp.) door Ton van Rietbergen. Het is belangrijk om de verschillende dimensies of betekenissen van globalisering te onderscheiden. Ten eerste de vraag wat globalisering inhoudt: hoe, wanneer en waar is deze ontstaan? Ten tweede hoe globalisering beoordeeld moet worden. Is het goed of slecht, hoe bepaal je dat en voor wie? Ten derde, als we weten of globalisering (of aspecten daarvan) goed of slecht is, hoe moeten we dan verder? Wie moet dan wat doen? En is er wel een middenpositie mogelijk?
Tot slot besluit de rubriek Signalementen dit nummer van F&P.
Ineke Malsch zorgt voor de tweede bijdrage: “Breng narratieve ethiek naar de burger. Techno-ethische sciencefiction verhalen als smaakmaker voor dialoog over keuzes in innovatiebeleid”. In haar artikel worden narratief-ethische toekomstverkenningen van mogelijke ethische gevolgen van technologieontwikkeling geplaatst in de bredere ontwikkeling van beleidsondersteunende toekomstverkenningen. Vervolgens wordt een concreet voorbeeld besproken, waarin een techno-ethisch toekomstverhaal de basis vormt van een rollenspel. Dit spel helpt burgers hun mening te vormen over mogelijke consequenties van technologieontwikkeling en zo de eerste barrière voor burgerparticipatie aan besluitvorming over technologie te slechten: het prikkelen van de nieuwsgierigheid. In het nawoord worden suggesties gedaan voor vervolgstappen om die burgers toegang te geven tot de tafels waar besluitvorming plaatsvindt.
In april 2020 deed de Hoge Raad uitspraak in een cassatieverzoek-in-het-belang-van-de-wet naar aanleiding van de eerste tuchtrechterlijke-plus-strafrechterlijke vervolging in Nederland van een arts vanwege het honoreren van een verzoek om euthanasie. In zijn bijdrage “Aangeklaagd voor euthanasie, maar wie was daar eigenlijk verantwoordelijk voor?” bespreekt Ton Vink het verhaal van deze gebeurtenis zoals dat door de arts in kwestie in boekvorm is gegoten. Er is voldoende aanleiding voor vragen: Wie is hier verantwoordelijk en waarvoor precies? Wordt een ‘goede dood’ eigenlijk interessant gevonden, of is ‘dood’ ook wel voldoende? Is de schriftelijke wilsverklaring niet eigenlijk een valkuil? Wat wordt er verstaan onder ‘zelfbeschikking’? En wat levert deze soms toch wel dramatische casus nu uiteindelijk op? Zijn met de uitspraak van de Hoge Raad werkelijk alle vragen beantwoord, of toch niet?
In hun Minima Philosophica “Corona en het goede leven” gaan Cees Maris & Frans Jacobs kritisch in op de argumenten van arts-filosoof Marli Huijer in de NRC van 15 januari dat de lockdown in het kader van Covid-19 disproportioneel is. Hun conclusie: haar argumenten zijn niet goed doordacht.
Kant is een van de favorieten van Donald Loose, zoals ook blijkt uit zijn nieuwe boek Over vriendschap. De praktische filosofie van Kant (Nijmegen: Uitgeverij Vantilt, 2019, 302 pp.). In zijn bijdrage “Amicus Kant, over morele vriendschap” gaat Patrick Delaere er nader op in: Lezingen over filosofische kwesties vanuit kantiaans perspectief monden na een sprankelend eerste deel over de claim of the day dikwijls uit in een hoorcollege over Kants integrale kritische filosofie. Allengs wordt het betoog dan abstracter en krijgt het sermoenachtige trekken. Donald Looses boek vormt hierop geen uitzondering. Kant over vriendschap is zijn onderwerp. Maar vriendschap is het sluitstuk van Kants deugdenleer, en wordt als ingang gebruikt voor een gedegen bespreking van Kants hele praktische filosofie.
In zijn bijdrage “Over Jürgen Habermas, of: Kan een kritische maatschappijtheorie zonder religie?” gaat Pieter Pekelharing de confrontatie aan met Jürgen Habermas en zijn opus magnum getiteld Auch eine Geschichte der Philosophie (Berlin: Suhrkamp, 2019, 1752 pp.). Het werk bestaat uit twee delen: Deel 1, Die okzendentale Konstellation von Glauben und Wissen; Deel 2: Vernünftige Freiheit. Spuren des Diskurses über Glauben und Wissen. Pekelharing concentreert zich daarbij op één aspect van Habermas’ werk: zijn aandacht voor religie. Want hoewel dit boek op het eerste gezicht veel weg heeft van een conventionele geschiedenis van de filosofie – de bekende hoofdfiguren uit de filosofie komen uitvoerig aan bod; de splitsing tussen empirisme en Duits idealisme, tussen Hume en Kant, wordt ampel besproken; sociale, politieke en economische factoren spelen stuk voor stuk een rol – is de hoofdrol in dit werk toch weggelegd voor religie. Maar, in welke vorm of gedaante?
Clemens Driessen gaat in zijn bijdrage “Hekken en bomen, hoe te denken over natuur in Nederland” in op de vraag “Waarom moeten we natuur beschermen?” Hij doet dat mede aan de hand van twee recente publicaties van ervaren krachten in de Nederlandse milieuethiek, Martin Drenthen en zijn Hek, de ethiek vande grens tussen boerenland en natuurgebied. (Gorredijk: Noordhoek, 2020) en Jozef Keulartz en diens Boom-mensen. Over nut en nadeel van de humanisering van de natuur. (Gorredijk: Noordhoek, 2020.). Twee boeken, die vanuit verschillende invalshoeken voor een groot publiek de ins en outs van ethische overwegingen rond het Nederlandse natuurbeheer uiteenzetten. Uiteindelijk gaat het erom, aldus Driessen, een cultuur te ontwikkelen die onze gehechtheid aan landschappen en dieren weet te vertalen in radicale actie.
Floris van den Berg gaat in “Tis but a scratch. Het gevaar van de middenpositie” vervolgens in op het boek Globalisering: ramp of redding? Een speurtocht naar de oorzaken van milieuproblemen en ongelijkheid (Soest: Boekscout, 2020, 196 pp.) door Ton van Rietbergen. Het is belangrijk om de verschillende dimensies of betekenissen van globalisering te onderscheiden. Ten eerste de vraag wat globalisering inhoudt: hoe, wanneer en waar is deze ontstaan? Ten tweede hoe globalisering beoordeeld moet worden. Is het goed of slecht, hoe bepaal je dat en voor wie? Ten derde, als we weten of globalisering (of aspecten daarvan) goed of slecht is, hoe moeten we dan verder? Wie moet dan wat doen? En is er wel een middenpositie mogelijk?
Tot slot besluit de rubriek Signalementen dit nummer van F&P.
Hoogsensitiviteit ombuigen.12 stappen naar veerkrachtige fijngevoeligheid
€ 32,00
De problematiek van hoogsensitiviteit wordt vaak besproken vanuit de psychologie en de psychotherapie. In dit boek vertrekt de auteur van een andere invalshoek: het werken via het
lichaam van de persoon en de intense verbondenheid en wederzijdse beïnvloeding van lichaam en geest. De auteur belicht, naast de psychologische, ook de lichamelijke aspecten van
hooggevoeligheid. Persoonlijke groei kan zelfs starten vanuit het lichaam: via het ‘wijze’ lichaam kan iemand zijn weke en emotionele hooggevoeligheid laten evolueren naar een veerkrachtige
fijngevoeligheid.
In het boek begeleiden tekeningen de tekst, want uit de praktijk blijkt dat mensen door tekeningen meer inzicht krijgen in hun problematiek. De auteur gebruikt ze dan ook als uitgangspunt voor de begeleiding van mensen die haar hulp vragen.
Via een aantal uitgeschreven oefeningen kun je onmiddellijk zelf aan de slag.
Hilde Custers is licentiate Kinesitherapie en revalidatiewetenschappen. Ze bezit een aggregaatsdiploma voor het hoger secundair onderwijs en het hoger technisch onderwijs.
Ruim 35 jaar werkt ze als zelfstandig kinesitherapeut (fysiotherapeut) in haar groepspraktijk in Koersel-Beringen. Altijd gaat haar interesse uit naar de mens achter de lichamelijke klacht. Ze specialiseerde zich in de behandeling van baby’s en kinderen met motorische en psychomotorische problemen. Ze begeleidt jongeren en volwassenen met pijn- en spanningsklachten. Mede door hun enthousiasme is dit boek tot stand gekomen.
Als ervaringsdeskundige geeft ze ook lezingen en trainingen over het omgaan met hoogsensitiviteit.
In het boek begeleiden tekeningen de tekst, want uit de praktijk blijkt dat mensen door tekeningen meer inzicht krijgen in hun problematiek. De auteur gebruikt ze dan ook als uitgangspunt voor de begeleiding van mensen die haar hulp vragen.
Via een aantal uitgeschreven oefeningen kun je onmiddellijk zelf aan de slag.
Hilde Custers is licentiate Kinesitherapie en revalidatiewetenschappen. Ze bezit een aggregaatsdiploma voor het hoger secundair onderwijs en het hoger technisch onderwijs.
Ruim 35 jaar werkt ze als zelfstandig kinesitherapeut (fysiotherapeut) in haar groepspraktijk in Koersel-Beringen. Altijd gaat haar interesse uit naar de mens achter de lichamelijke klacht. Ze specialiseerde zich in de behandeling van baby’s en kinderen met motorische en psychomotorische problemen. Ze begeleidt jongeren en volwassenen met pijn- en spanningsklachten. Mede door hun enthousiasme is dit boek tot stand gekomen.
Als ervaringsdeskundige geeft ze ook lezingen en trainingen over het omgaan met hoogsensitiviteit.
Hoogsensitiviteit ombuigen.12 stappen naar veerkrachtige fijngevoeligheid
€ 32,00
De problematiek van hoogsensitiviteit wordt vaak besproken vanuit de psychologie en de psychotherapie. In dit boek vertrekt de auteur van een andere invalshoek: het werken via het
lichaam van de persoon en de intense verbondenheid en wederzijdse beïnvloeding van lichaam en geest. De auteur belicht, naast de psychologische, ook de lichamelijke aspecten van
hooggevoeligheid. Persoonlijke groei kan zelfs starten vanuit het lichaam: via het ‘wijze’ lichaam kan iemand zijn weke en emotionele hooggevoeligheid laten evolueren naar een veerkrachtige
fijngevoeligheid.
In het boek begeleiden tekeningen de tekst, want uit de praktijk blijkt dat mensen door tekeningen meer inzicht krijgen in hun problematiek. De auteur gebruikt ze dan ook als uitgangspunt voor de begeleiding van mensen die haar hulp vragen.
Via een aantal uitgeschreven oefeningen kun je onmiddellijk zelf aan de slag.
Hilde Custers is licentiate Kinesitherapie en revalidatiewetenschappen. Ze bezit een aggregaatsdiploma voor het hoger secundair onderwijs en het hoger technisch onderwijs.
Ruim 35 jaar werkt ze als zelfstandig kinesitherapeut (fysiotherapeut) in haar groepspraktijk in Koersel-Beringen. Altijd gaat haar interesse uit naar de mens achter de lichamelijke klacht. Ze specialiseerde zich in de behandeling van baby’s en kinderen met motorische en psychomotorische problemen. Ze begeleidt jongeren en volwassenen met pijn- en spanningsklachten. Mede door hun enthousiasme is dit boek tot stand gekomen.
Als ervaringsdeskundige geeft ze ook lezingen en trainingen over het omgaan met hoogsensitiviteit.
In het boek begeleiden tekeningen de tekst, want uit de praktijk blijkt dat mensen door tekeningen meer inzicht krijgen in hun problematiek. De auteur gebruikt ze dan ook als uitgangspunt voor de begeleiding van mensen die haar hulp vragen.
Via een aantal uitgeschreven oefeningen kun je onmiddellijk zelf aan de slag.
Hilde Custers is licentiate Kinesitherapie en revalidatiewetenschappen. Ze bezit een aggregaatsdiploma voor het hoger secundair onderwijs en het hoger technisch onderwijs.
Ruim 35 jaar werkt ze als zelfstandig kinesitherapeut (fysiotherapeut) in haar groepspraktijk in Koersel-Beringen. Altijd gaat haar interesse uit naar de mens achter de lichamelijke klacht. Ze specialiseerde zich in de behandeling van baby’s en kinderen met motorische en psychomotorische problemen. Ze begeleidt jongeren en volwassenen met pijn- en spanningsklachten. Mede door hun enthousiasme is dit boek tot stand gekomen.
Als ervaringsdeskundige geeft ze ook lezingen en trainingen over het omgaan met hoogsensitiviteit.
Broer of zus, de match van je leven. Fairness in siblingrelaties. (Reeks: Gezinnen, Relaties en Opvoeding, nr. 7)
€ 31,00
Broers en zussen, kortweg 'siblings', dat zijn relaties voor het leven. Soms zijn ze de beste
vrienden, soms komt er afstand in hun relatie, toch blijven ze voor altijd met elkaar
verbonden. Vreemd genoeg krijgt deze unieke gezinsrelatie maar weinig aandacht in
beleid, hulpverlening of onderzoek.
De siblingrelatie mag meer in beeld komen, vinden wij. Siblings inspireren elkaar, zorgen voor elkaar en delen vaak zorgtaken. Fairness is daarbij het sleutelwoord. Zowel ouders als siblings streven naar een faire relatie en zoeken steeds weer naar een evenwicht dat ze als fair aanvoelen.
In dit boek tonen we hoe beleid en hulpverlening de siblingrelatie beter kunnen ondersteunen, zeker als het wat moeilijker gaat. Als siblings uit huis geplaatst worden, bijvoorbeeld, waarom kan dat niet vaker samen? Als je broer of zus aan suïcide denkt, wie zorgt er dan voor jou? Wat als je een erfelijke ziekte hebt en je alleen gered kan worden met de hulp van een sibling? En hoe zit dat precies met de ongelijke behandeling van siblings door hun ouders, nog steeds een groot taboe. Is ongelijk altijd hetzelfde als unfair?
Het zijn maar enkele voorbeelden van thema’s die siblings raken. Telkens vertrekken we van het perspectief van broers en zussen zelf, verwikkeld in de match van hun leven. Kathleen Emmery en Gianni Loosveldt (red.) zijn verbonden aan het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van de hogeschool Odisee. Naar aanleiding van de Internationale Dag van het Gezin brengt het kenniscentrum jaarlijks een publicatie uit.
Met bijdragen van Elisabeth Adriaens, Zeynep Zümer Batur, Eef Cornelissen, Pascal Debruyne, David De Coninck, Kathleen Emmery, Bo Fagardo, Katja Fournier, Dirk Geldof, Bart Henssen, Yu-Chin Her, Johan Lambrecht, Gianni Loosveldt, Koen Matthijs, Patrick Meurs, Dimitri Mortelmans, Tinneke Moyson, Philippe Noens, Alexandre Reynders, Adelheid Rigo, Johan Stuy, Inge Tency, Salvatore Tomaselli, Kaat Van Acker, Hans Van Crombrugge, Benedikte Van den Bruel, Sjaak van der Geest, Simonne Vandewaerde, Karla Van Leeuwen, Joris Van Puyenbroeck, Sofie Van Rumst, Jorik Vergauwen en Claire Wiewauters.
De siblingrelatie mag meer in beeld komen, vinden wij. Siblings inspireren elkaar, zorgen voor elkaar en delen vaak zorgtaken. Fairness is daarbij het sleutelwoord. Zowel ouders als siblings streven naar een faire relatie en zoeken steeds weer naar een evenwicht dat ze als fair aanvoelen.
In dit boek tonen we hoe beleid en hulpverlening de siblingrelatie beter kunnen ondersteunen, zeker als het wat moeilijker gaat. Als siblings uit huis geplaatst worden, bijvoorbeeld, waarom kan dat niet vaker samen? Als je broer of zus aan suïcide denkt, wie zorgt er dan voor jou? Wat als je een erfelijke ziekte hebt en je alleen gered kan worden met de hulp van een sibling? En hoe zit dat precies met de ongelijke behandeling van siblings door hun ouders, nog steeds een groot taboe. Is ongelijk altijd hetzelfde als unfair?
Het zijn maar enkele voorbeelden van thema’s die siblings raken. Telkens vertrekken we van het perspectief van broers en zussen zelf, verwikkeld in de match van hun leven. Kathleen Emmery en Gianni Loosveldt (red.) zijn verbonden aan het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van de hogeschool Odisee. Naar aanleiding van de Internationale Dag van het Gezin brengt het kenniscentrum jaarlijks een publicatie uit.
Met bijdragen van Elisabeth Adriaens, Zeynep Zümer Batur, Eef Cornelissen, Pascal Debruyne, David De Coninck, Kathleen Emmery, Bo Fagardo, Katja Fournier, Dirk Geldof, Bart Henssen, Yu-Chin Her, Johan Lambrecht, Gianni Loosveldt, Koen Matthijs, Patrick Meurs, Dimitri Mortelmans, Tinneke Moyson, Philippe Noens, Alexandre Reynders, Adelheid Rigo, Johan Stuy, Inge Tency, Salvatore Tomaselli, Kaat Van Acker, Hans Van Crombrugge, Benedikte Van den Bruel, Sjaak van der Geest, Simonne Vandewaerde, Karla Van Leeuwen, Joris Van Puyenbroeck, Sofie Van Rumst, Jorik Vergauwen en Claire Wiewauters.
Broer of zus, de match van je leven. Fairness in siblingrelaties. (Reeks: Gezinnen, Relaties en Opvoeding, nr. 7)
€ 31,00
Broers en zussen, kortweg 'siblings', dat zijn relaties voor het leven. Soms zijn ze de beste
vrienden, soms komt er afstand in hun relatie, toch blijven ze voor altijd met elkaar
verbonden. Vreemd genoeg krijgt deze unieke gezinsrelatie maar weinig aandacht in
beleid, hulpverlening of onderzoek.
De siblingrelatie mag meer in beeld komen, vinden wij. Siblings inspireren elkaar, zorgen voor elkaar en delen vaak zorgtaken. Fairness is daarbij het sleutelwoord. Zowel ouders als siblings streven naar een faire relatie en zoeken steeds weer naar een evenwicht dat ze als fair aanvoelen.
In dit boek tonen we hoe beleid en hulpverlening de siblingrelatie beter kunnen ondersteunen, zeker als het wat moeilijker gaat. Als siblings uit huis geplaatst worden, bijvoorbeeld, waarom kan dat niet vaker samen? Als je broer of zus aan suïcide denkt, wie zorgt er dan voor jou? Wat als je een erfelijke ziekte hebt en je alleen gered kan worden met de hulp van een sibling? En hoe zit dat precies met de ongelijke behandeling van siblings door hun ouders, nog steeds een groot taboe. Is ongelijk altijd hetzelfde als unfair?
Het zijn maar enkele voorbeelden van thema’s die siblings raken. Telkens vertrekken we van het perspectief van broers en zussen zelf, verwikkeld in de match van hun leven. Kathleen Emmery en Gianni Loosveldt (red.) zijn verbonden aan het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van de hogeschool Odisee. Naar aanleiding van de Internationale Dag van het Gezin brengt het kenniscentrum jaarlijks een publicatie uit.
Met bijdragen van Elisabeth Adriaens, Zeynep Zümer Batur, Eef Cornelissen, Pascal Debruyne, David De Coninck, Kathleen Emmery, Bo Fagardo, Katja Fournier, Dirk Geldof, Bart Henssen, Yu-Chin Her, Johan Lambrecht, Gianni Loosveldt, Koen Matthijs, Patrick Meurs, Dimitri Mortelmans, Tinneke Moyson, Philippe Noens, Alexandre Reynders, Adelheid Rigo, Johan Stuy, Inge Tency, Salvatore Tomaselli, Kaat Van Acker, Hans Van Crombrugge, Benedikte Van den Bruel, Sjaak van der Geest, Simonne Vandewaerde, Karla Van Leeuwen, Joris Van Puyenbroeck, Sofie Van Rumst, Jorik Vergauwen en Claire Wiewauters.
De siblingrelatie mag meer in beeld komen, vinden wij. Siblings inspireren elkaar, zorgen voor elkaar en delen vaak zorgtaken. Fairness is daarbij het sleutelwoord. Zowel ouders als siblings streven naar een faire relatie en zoeken steeds weer naar een evenwicht dat ze als fair aanvoelen.
In dit boek tonen we hoe beleid en hulpverlening de siblingrelatie beter kunnen ondersteunen, zeker als het wat moeilijker gaat. Als siblings uit huis geplaatst worden, bijvoorbeeld, waarom kan dat niet vaker samen? Als je broer of zus aan suïcide denkt, wie zorgt er dan voor jou? Wat als je een erfelijke ziekte hebt en je alleen gered kan worden met de hulp van een sibling? En hoe zit dat precies met de ongelijke behandeling van siblings door hun ouders, nog steeds een groot taboe. Is ongelijk altijd hetzelfde als unfair?
Het zijn maar enkele voorbeelden van thema’s die siblings raken. Telkens vertrekken we van het perspectief van broers en zussen zelf, verwikkeld in de match van hun leven. Kathleen Emmery en Gianni Loosveldt (red.) zijn verbonden aan het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van de hogeschool Odisee. Naar aanleiding van de Internationale Dag van het Gezin brengt het kenniscentrum jaarlijks een publicatie uit.
Met bijdragen van Elisabeth Adriaens, Zeynep Zümer Batur, Eef Cornelissen, Pascal Debruyne, David De Coninck, Kathleen Emmery, Bo Fagardo, Katja Fournier, Dirk Geldof, Bart Henssen, Yu-Chin Her, Johan Lambrecht, Gianni Loosveldt, Koen Matthijs, Patrick Meurs, Dimitri Mortelmans, Tinneke Moyson, Philippe Noens, Alexandre Reynders, Adelheid Rigo, Johan Stuy, Inge Tency, Salvatore Tomaselli, Kaat Van Acker, Hans Van Crombrugge, Benedikte Van den Bruel, Sjaak van der Geest, Simonne Vandewaerde, Karla Van Leeuwen, Joris Van Puyenbroeck, Sofie Van Rumst, Jorik Vergauwen en Claire Wiewauters.
Autisme en probleemgedrag. Naar een betere afstemming tussen kinderen met autisme en hun niet-autistische omgeving
€ 42,00
Wat heeft probleemgedrag met autisme te maken? Eigenlijk niets: autisme maakt kinderen niet agressief of gevaarlijk. Veel vaker zijn kinderen met autisme zelfs slachtoffer van agressie dan dader.
Geen kind met autisme kiest ervoor om probleemgedrag te stellen. Probleemgedrag is slechts de zichtbare buitenkant van de emotionele ontregeling die kinderen met autisme overvalt wanneer zintuiglijke prikkels, verwarrende informatie of beangstigende ervaringen hun verwerkingsmogelijkheden overstijgen. Sommige kinderen vallen dan anderen of zichzelf aan of vernielen huisraad. Anderen geraken in paniek, hyperventileren, ontwikkelen een depressie of lopen vast in dwangmatig gedrag.
Dit ontregelde gedrag weegt op gezinnen en verzwaart het werk van leerkrachten en begeleiders. In de eerste plaats bedreigt het echter de ontwikkeling en het welzijn van het kind zelf. Wie enkel dit probleemgedrag aanpakt, vergist zich echter van vijand. Probleemgedrag is vooral een signaal dat de leef- en leeromgeving onvoldoende afgestemd is op de noden en gevoeligheden van het kind met autisme. Vanuit een goed inzicht in hoe kinderen met autisme prikkels en informatie verwerken, kan elk van hun probleemgedragingen begrepen worden als een volstrekt logische reactie op een slecht afgestemde situatie. Kinderen met autisme hebben steeds goede redenen om probleemgedrag te stellen. Ons probleem is dat wij hun redenen niet altijd begrijpen. Daar wil dit boek iets aan doen.
Het eerste deel van dit boek wil het inzicht in probleemgedrag vergroten: wat is probleemgedrag, welke impact heeft dit op kind en omgeving, en welke factoren en mechanismen zorgen ervoor dat probleemgedrag ontstaat en blijft voortbestaan?
Het tweede deel reikt bruikbare handvatten aan om probleemgedrag van kinderen en jongeren met autisme op een systematische wijze in kaart te brengen en aan te pakken. De aanpak richt zich steeds op de hele gezins-, klas- of leefgroepdynamiek en niet enkel op wat het kind met autisme zegt of doet.
In het derde deel komen belangrijke basispatronen zoals angst, stress, dwang, verzet of agressie aan bod en wordt de onderliggende dynamiek toegelicht.
Wilfried Peeters is psycholoog en werkt bijna 30 jaar in de autismehulpverlening, waarvan het grootste deel in het expertisecentrum autisme van het UZ Leuven. Door de jaren heen gaf hij talloze vormingen aan hulpverleners en merkte hij de nood aan een helder en praktisch bruikbaar handboek om probleemgedrag aan te pakken bij kinderen en jongeren met autisme. Hij publiceerde hierover verscheidene artikels in wetenschappelijke tijdschriften. Momenteel werkt hij voor een mobiel kinderpsychiatrisch team van het UPC KU Leuven (yuneco combi) en is hij als lector verbonden aan de bachelor-na-bacheloropleiding autisme van de AP-hogeschool in Antwerpen.
Geen kind met autisme kiest ervoor om probleemgedrag te stellen. Probleemgedrag is slechts de zichtbare buitenkant van de emotionele ontregeling die kinderen met autisme overvalt wanneer zintuiglijke prikkels, verwarrende informatie of beangstigende ervaringen hun verwerkingsmogelijkheden overstijgen. Sommige kinderen vallen dan anderen of zichzelf aan of vernielen huisraad. Anderen geraken in paniek, hyperventileren, ontwikkelen een depressie of lopen vast in dwangmatig gedrag.
Dit ontregelde gedrag weegt op gezinnen en verzwaart het werk van leerkrachten en begeleiders. In de eerste plaats bedreigt het echter de ontwikkeling en het welzijn van het kind zelf. Wie enkel dit probleemgedrag aanpakt, vergist zich echter van vijand. Probleemgedrag is vooral een signaal dat de leef- en leeromgeving onvoldoende afgestemd is op de noden en gevoeligheden van het kind met autisme. Vanuit een goed inzicht in hoe kinderen met autisme prikkels en informatie verwerken, kan elk van hun probleemgedragingen begrepen worden als een volstrekt logische reactie op een slecht afgestemde situatie. Kinderen met autisme hebben steeds goede redenen om probleemgedrag te stellen. Ons probleem is dat wij hun redenen niet altijd begrijpen. Daar wil dit boek iets aan doen.
Het eerste deel van dit boek wil het inzicht in probleemgedrag vergroten: wat is probleemgedrag, welke impact heeft dit op kind en omgeving, en welke factoren en mechanismen zorgen ervoor dat probleemgedrag ontstaat en blijft voortbestaan?
Het tweede deel reikt bruikbare handvatten aan om probleemgedrag van kinderen en jongeren met autisme op een systematische wijze in kaart te brengen en aan te pakken. De aanpak richt zich steeds op de hele gezins-, klas- of leefgroepdynamiek en niet enkel op wat het kind met autisme zegt of doet.
In het derde deel komen belangrijke basispatronen zoals angst, stress, dwang, verzet of agressie aan bod en wordt de onderliggende dynamiek toegelicht.
Wilfried Peeters is psycholoog en werkt bijna 30 jaar in de autismehulpverlening, waarvan het grootste deel in het expertisecentrum autisme van het UZ Leuven. Door de jaren heen gaf hij talloze vormingen aan hulpverleners en merkte hij de nood aan een helder en praktisch bruikbaar handboek om probleemgedrag aan te pakken bij kinderen en jongeren met autisme. Hij publiceerde hierover verscheidene artikels in wetenschappelijke tijdschriften. Momenteel werkt hij voor een mobiel kinderpsychiatrisch team van het UPC KU Leuven (yuneco combi) en is hij als lector verbonden aan de bachelor-na-bacheloropleiding autisme van de AP-hogeschool in Antwerpen.
Autisme en probleemgedrag. Naar een betere afstemming tussen kinderen met autisme en hun niet-autistische omgeving
€ 42,00
Wat heeft probleemgedrag met autisme te maken? Eigenlijk niets: autisme maakt kinderen niet agressief of gevaarlijk. Veel vaker zijn kinderen met autisme zelfs slachtoffer van agressie dan dader.
Geen kind met autisme kiest ervoor om probleemgedrag te stellen. Probleemgedrag is slechts de zichtbare buitenkant van de emotionele ontregeling die kinderen met autisme overvalt wanneer zintuiglijke prikkels, verwarrende informatie of beangstigende ervaringen hun verwerkingsmogelijkheden overstijgen. Sommige kinderen vallen dan anderen of zichzelf aan of vernielen huisraad. Anderen geraken in paniek, hyperventileren, ontwikkelen een depressie of lopen vast in dwangmatig gedrag.
Dit ontregelde gedrag weegt op gezinnen en verzwaart het werk van leerkrachten en begeleiders. In de eerste plaats bedreigt het echter de ontwikkeling en het welzijn van het kind zelf. Wie enkel dit probleemgedrag aanpakt, vergist zich echter van vijand. Probleemgedrag is vooral een signaal dat de leef- en leeromgeving onvoldoende afgestemd is op de noden en gevoeligheden van het kind met autisme. Vanuit een goed inzicht in hoe kinderen met autisme prikkels en informatie verwerken, kan elk van hun probleemgedragingen begrepen worden als een volstrekt logische reactie op een slecht afgestemde situatie. Kinderen met autisme hebben steeds goede redenen om probleemgedrag te stellen. Ons probleem is dat wij hun redenen niet altijd begrijpen. Daar wil dit boek iets aan doen.
Het eerste deel van dit boek wil het inzicht in probleemgedrag vergroten: wat is probleemgedrag, welke impact heeft dit op kind en omgeving, en welke factoren en mechanismen zorgen ervoor dat probleemgedrag ontstaat en blijft voortbestaan?
Het tweede deel reikt bruikbare handvatten aan om probleemgedrag van kinderen en jongeren met autisme op een systematische wijze in kaart te brengen en aan te pakken. De aanpak richt zich steeds op de hele gezins-, klas- of leefgroepdynamiek en niet enkel op wat het kind met autisme zegt of doet.
In het derde deel komen belangrijke basispatronen zoals angst, stress, dwang, verzet of agressie aan bod en wordt de onderliggende dynamiek toegelicht.
Wilfried Peeters is psycholoog en werkt bijna 30 jaar in de autismehulpverlening, waarvan het grootste deel in het expertisecentrum autisme van het UZ Leuven. Door de jaren heen gaf hij talloze vormingen aan hulpverleners en merkte hij de nood aan een helder en praktisch bruikbaar handboek om probleemgedrag aan te pakken bij kinderen en jongeren met autisme. Hij publiceerde hierover verscheidene artikels in wetenschappelijke tijdschriften. Momenteel werkt hij voor een mobiel kinderpsychiatrisch team van het UPC KU Leuven (yuneco combi) en is hij als lector verbonden aan de bachelor-na-bacheloropleiding autisme van de AP-hogeschool in Antwerpen.
Geen kind met autisme kiest ervoor om probleemgedrag te stellen. Probleemgedrag is slechts de zichtbare buitenkant van de emotionele ontregeling die kinderen met autisme overvalt wanneer zintuiglijke prikkels, verwarrende informatie of beangstigende ervaringen hun verwerkingsmogelijkheden overstijgen. Sommige kinderen vallen dan anderen of zichzelf aan of vernielen huisraad. Anderen geraken in paniek, hyperventileren, ontwikkelen een depressie of lopen vast in dwangmatig gedrag.
Dit ontregelde gedrag weegt op gezinnen en verzwaart het werk van leerkrachten en begeleiders. In de eerste plaats bedreigt het echter de ontwikkeling en het welzijn van het kind zelf. Wie enkel dit probleemgedrag aanpakt, vergist zich echter van vijand. Probleemgedrag is vooral een signaal dat de leef- en leeromgeving onvoldoende afgestemd is op de noden en gevoeligheden van het kind met autisme. Vanuit een goed inzicht in hoe kinderen met autisme prikkels en informatie verwerken, kan elk van hun probleemgedragingen begrepen worden als een volstrekt logische reactie op een slecht afgestemde situatie. Kinderen met autisme hebben steeds goede redenen om probleemgedrag te stellen. Ons probleem is dat wij hun redenen niet altijd begrijpen. Daar wil dit boek iets aan doen.
Het eerste deel van dit boek wil het inzicht in probleemgedrag vergroten: wat is probleemgedrag, welke impact heeft dit op kind en omgeving, en welke factoren en mechanismen zorgen ervoor dat probleemgedrag ontstaat en blijft voortbestaan?
Het tweede deel reikt bruikbare handvatten aan om probleemgedrag van kinderen en jongeren met autisme op een systematische wijze in kaart te brengen en aan te pakken. De aanpak richt zich steeds op de hele gezins-, klas- of leefgroepdynamiek en niet enkel op wat het kind met autisme zegt of doet.
In het derde deel komen belangrijke basispatronen zoals angst, stress, dwang, verzet of agressie aan bod en wordt de onderliggende dynamiek toegelicht.
Wilfried Peeters is psycholoog en werkt bijna 30 jaar in de autismehulpverlening, waarvan het grootste deel in het expertisecentrum autisme van het UZ Leuven. Door de jaren heen gaf hij talloze vormingen aan hulpverleners en merkte hij de nood aan een helder en praktisch bruikbaar handboek om probleemgedrag aan te pakken bij kinderen en jongeren met autisme. Hij publiceerde hierover verscheidene artikels in wetenschappelijke tijdschriften. Momenteel werkt hij voor een mobiel kinderpsychiatrisch team van het UPC KU Leuven (yuneco combi) en is hij als lector verbonden aan de bachelor-na-bacheloropleiding autisme van de AP-hogeschool in Antwerpen.
Lugubere ‘wiskunde’ Over schedels, moorden en WOII
€ 15,00
Wiskunde schijnt voor velen op zichzelf al luguber, maar hier gaat het over verhalen waarin een verwijzing zit naar wiskunde en schedels, moorden of WOII. Het woord wiskunde staat in de titel tussen aanhalingstekens, niet alleen omdat de vermelde wiskunde voor diehardmathematici geen ‘echte’ wiskunde is, maar ook omdat ze in de besproken voorbeelden al eens fout wordt toegepast.
Elk van de hoofdstukken is, op aanpassingen en uitbreidingen na, gebaseerd op een artikel dat voorheen verscheen in het wetenschapsblad EOS. Ze zijn dus al uitgetest op hun toegankelijkheid voor het ruime publiek. Ze kunnen een inspiratiebron zijn voor hen die de wiskunde willen illustreren met maatschappelijke voorbeelden, met inbegrip van de meest lugubere.
Het voorwoord is van Raf Scheers, Algemeen Hoofdredacteur EOS Wetenschappen.
Dirk Huylebrouck gaf les in Congo, Burundi, Portugal, aan de University of Maryland Global Campus en aan de Faculteit Architectuur van de KU Leuven. Hij schreef al zes boeken: Afrika+ Wiskunde; De Codes van da Vinci, Bach, pi en Co; België + wiskunde; Wiskunst; De Columns van Professor Pi; en, met Emma Grootveld en Rinus Roelofs, de eerste Nederlandse vertaling van de Divina Proportione van Luca Pacioli en Leonardo da Vinci.
Elk van de hoofdstukken is, op aanpassingen en uitbreidingen na, gebaseerd op een artikel dat voorheen verscheen in het wetenschapsblad EOS. Ze zijn dus al uitgetest op hun toegankelijkheid voor het ruime publiek. Ze kunnen een inspiratiebron zijn voor hen die de wiskunde willen illustreren met maatschappelijke voorbeelden, met inbegrip van de meest lugubere.
Het voorwoord is van Raf Scheers, Algemeen Hoofdredacteur EOS Wetenschappen.
Dirk Huylebrouck gaf les in Congo, Burundi, Portugal, aan de University of Maryland Global Campus en aan de Faculteit Architectuur van de KU Leuven. Hij schreef al zes boeken: Afrika+ Wiskunde; De Codes van da Vinci, Bach, pi en Co; België + wiskunde; Wiskunst; De Columns van Professor Pi; en, met Emma Grootveld en Rinus Roelofs, de eerste Nederlandse vertaling van de Divina Proportione van Luca Pacioli en Leonardo da Vinci.
Lugubere ‘wiskunde’ Over schedels, moorden en WOII
€ 15,00
Wiskunde schijnt voor velen op zichzelf al luguber, maar hier gaat het over verhalen waarin een verwijzing zit naar wiskunde en schedels, moorden of WOII. Het woord wiskunde staat in de titel tussen aanhalingstekens, niet alleen omdat de vermelde wiskunde voor diehardmathematici geen ‘echte’ wiskunde is, maar ook omdat ze in de besproken voorbeelden al eens fout wordt toegepast.
Elk van de hoofdstukken is, op aanpassingen en uitbreidingen na, gebaseerd op een artikel dat voorheen verscheen in het wetenschapsblad EOS. Ze zijn dus al uitgetest op hun toegankelijkheid voor het ruime publiek. Ze kunnen een inspiratiebron zijn voor hen die de wiskunde willen illustreren met maatschappelijke voorbeelden, met inbegrip van de meest lugubere.
Het voorwoord is van Raf Scheers, Algemeen Hoofdredacteur EOS Wetenschappen.
Dirk Huylebrouck gaf les in Congo, Burundi, Portugal, aan de University of Maryland Global Campus en aan de Faculteit Architectuur van de KU Leuven. Hij schreef al zes boeken: Afrika+ Wiskunde; De Codes van da Vinci, Bach, pi en Co; België + wiskunde; Wiskunst; De Columns van Professor Pi; en, met Emma Grootveld en Rinus Roelofs, de eerste Nederlandse vertaling van de Divina Proportione van Luca Pacioli en Leonardo da Vinci.
Elk van de hoofdstukken is, op aanpassingen en uitbreidingen na, gebaseerd op een artikel dat voorheen verscheen in het wetenschapsblad EOS. Ze zijn dus al uitgetest op hun toegankelijkheid voor het ruime publiek. Ze kunnen een inspiratiebron zijn voor hen die de wiskunde willen illustreren met maatschappelijke voorbeelden, met inbegrip van de meest lugubere.
Het voorwoord is van Raf Scheers, Algemeen Hoofdredacteur EOS Wetenschappen.
Dirk Huylebrouck gaf les in Congo, Burundi, Portugal, aan de University of Maryland Global Campus en aan de Faculteit Architectuur van de KU Leuven. Hij schreef al zes boeken: Afrika+ Wiskunde; De Codes van da Vinci, Bach, pi en Co; België + wiskunde; Wiskunst; De Columns van Professor Pi; en, met Emma Grootveld en Rinus Roelofs, de eerste Nederlandse vertaling van de Divina Proportione van Luca Pacioli en Leonardo da Vinci.
Ruimte & Maatschappij. Vlaams-Nederlands tijdschrift voor ruimtelijke vraagstukken – Jrg. 12 nr. 3
€ 19,00
Blikopener
Pleidooi voor een doordacht ruimtelijk woningrenovatiebeleid als onderdeel van de post-COVID economische relance 1
Michael Ryckewaert, & Lieve Vanderstraeten
Artikels
Verzet de wissel: de internationale trein als duurzame bijdrage aan de bereikbaarheid van stedelijke agglomeraties 6
Tim Zwanikken, Linde Jehee, Barth Donners & Frank Witlox
Hoe hoogwaardige gebiedsontwikkeling slaagt. Ervaringen in reconstructie van stationsomgevingen 28
Terry van Dijk
Verbeter de wereld, begin bij je mobiscore? Collectieve versus individuele verantwoordelijkheid in de ruimtelijke planning 41
Eva Van Eenoo
Essay
De veeleisende stad: over de moeizame relatie tussen gezinnen en stedelijk wonen 64
Lia Karsten
Eenzame vreemdelingen in een ontrafeld land. Het verlangen blijft 70
Ton Notten
Pleidooi voor een doordacht ruimtelijk woningrenovatiebeleid als onderdeel van de post-COVID economische relance 1
Michael Ryckewaert, & Lieve Vanderstraeten
Artikels
Verzet de wissel: de internationale trein als duurzame bijdrage aan de bereikbaarheid van stedelijke agglomeraties 6
Tim Zwanikken, Linde Jehee, Barth Donners & Frank Witlox
Hoe hoogwaardige gebiedsontwikkeling slaagt. Ervaringen in reconstructie van stationsomgevingen 28
Terry van Dijk
Verbeter de wereld, begin bij je mobiscore? Collectieve versus individuele verantwoordelijkheid in de ruimtelijke planning 41
Eva Van Eenoo
Essay
De veeleisende stad: over de moeizame relatie tussen gezinnen en stedelijk wonen 64
Lia Karsten
Eenzame vreemdelingen in een ontrafeld land. Het verlangen blijft 70
Ton Notten
Ruimte & Maatschappij. Vlaams-Nederlands tijdschrift voor ruimtelijke vraagstukken – Jrg. 12 nr. 3
€ 19,00
Blikopener
Pleidooi voor een doordacht ruimtelijk woningrenovatiebeleid als onderdeel van de post-COVID economische relance 1
Michael Ryckewaert, & Lieve Vanderstraeten
Artikels
Verzet de wissel: de internationale trein als duurzame bijdrage aan de bereikbaarheid van stedelijke agglomeraties 6
Tim Zwanikken, Linde Jehee, Barth Donners & Frank Witlox
Hoe hoogwaardige gebiedsontwikkeling slaagt. Ervaringen in reconstructie van stationsomgevingen 28
Terry van Dijk
Verbeter de wereld, begin bij je mobiscore? Collectieve versus individuele verantwoordelijkheid in de ruimtelijke planning 41
Eva Van Eenoo
Essay
De veeleisende stad: over de moeizame relatie tussen gezinnen en stedelijk wonen 64
Lia Karsten
Eenzame vreemdelingen in een ontrafeld land. Het verlangen blijft 70
Ton Notten
Pleidooi voor een doordacht ruimtelijk woningrenovatiebeleid als onderdeel van de post-COVID economische relance 1
Michael Ryckewaert, & Lieve Vanderstraeten
Artikels
Verzet de wissel: de internationale trein als duurzame bijdrage aan de bereikbaarheid van stedelijke agglomeraties 6
Tim Zwanikken, Linde Jehee, Barth Donners & Frank Witlox
Hoe hoogwaardige gebiedsontwikkeling slaagt. Ervaringen in reconstructie van stationsomgevingen 28
Terry van Dijk
Verbeter de wereld, begin bij je mobiscore? Collectieve versus individuele verantwoordelijkheid in de ruimtelijke planning 41
Eva Van Eenoo
Essay
De veeleisende stad: over de moeizame relatie tussen gezinnen en stedelijk wonen 64
Lia Karsten
Eenzame vreemdelingen in een ontrafeld land. Het verlangen blijft 70
Ton Notten
Lineair programmeren in de bedrijfskunde
€ 19,60
In dit boek wordt de wiskundige techniek van het lineair programmeren zo behandeld dat ook geïnteresseerden met een niet-wiskundige achtergrond er terecht kunnen.
Daardoor kan iedereen bedrijfskundige vraagstukken oplossen waarbij hulpmiddelen van een onderneming op de meest optimale manier moeten worden toegewezen. Voor meer complexe vraagstukken wordt gebruik gemaakt van Oplosser in Excel. Deze tool wordt uitgebreid toegelicht en toegepast.
Het boek bestaat uit vijf hoofdstukken: de eerste drie hoofdstukken bevatten die onderwerpen uit de algebra die vereist zijn om het lineair programmeren te kunnen begrijpen. Het lineair programmeren zelf komt aan bod in het vierde hoofdstuk. In het laatste hoofdstuk wordt de toepassing van het lineair programmeren met Excel op bedrijfkundige vraagstukken uitvoerig gedemonstreerd.
In de bijlagen zijn vraagstukken opgenomen om de opgedane kennis te toetsen.
Jacques Van Der Elst is doctor in business administration (Newport-Ca,State approved university, 1994), master in financieel management van ondernemingen, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote ondernemingen en was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
Jacques Van Der Elst doceerde zowel op academisch als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde , financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
De auteur was ook lid van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten (IAB). Meer dan 20 jaar is hij bij het IAB jurylid geweest van de eindexamencommissies.
Zijn vele publicaties situeren zich in de domeinen van de toegepaste wiskunde, het financieel management, de bedrijfseconomie en de accountancy.
Daardoor kan iedereen bedrijfskundige vraagstukken oplossen waarbij hulpmiddelen van een onderneming op de meest optimale manier moeten worden toegewezen. Voor meer complexe vraagstukken wordt gebruik gemaakt van Oplosser in Excel. Deze tool wordt uitgebreid toegelicht en toegepast.
Het boek bestaat uit vijf hoofdstukken: de eerste drie hoofdstukken bevatten die onderwerpen uit de algebra die vereist zijn om het lineair programmeren te kunnen begrijpen. Het lineair programmeren zelf komt aan bod in het vierde hoofdstuk. In het laatste hoofdstuk wordt de toepassing van het lineair programmeren met Excel op bedrijfkundige vraagstukken uitvoerig gedemonstreerd.
In de bijlagen zijn vraagstukken opgenomen om de opgedane kennis te toetsen.
Jacques Van Der Elst is doctor in business administration (Newport-Ca,State approved university, 1994), master in financieel management van ondernemingen, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote ondernemingen en was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
Jacques Van Der Elst doceerde zowel op academisch als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde , financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
De auteur was ook lid van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten (IAB). Meer dan 20 jaar is hij bij het IAB jurylid geweest van de eindexamencommissies.
Zijn vele publicaties situeren zich in de domeinen van de toegepaste wiskunde, het financieel management, de bedrijfseconomie en de accountancy.
Lineair programmeren in de bedrijfskunde
€ 19,60
In dit boek wordt de wiskundige techniek van het lineair programmeren zo behandeld dat ook geïnteresseerden met een niet-wiskundige achtergrond er terecht kunnen.
Daardoor kan iedereen bedrijfskundige vraagstukken oplossen waarbij hulpmiddelen van een onderneming op de meest optimale manier moeten worden toegewezen. Voor meer complexe vraagstukken wordt gebruik gemaakt van Oplosser in Excel. Deze tool wordt uitgebreid toegelicht en toegepast.
Het boek bestaat uit vijf hoofdstukken: de eerste drie hoofdstukken bevatten die onderwerpen uit de algebra die vereist zijn om het lineair programmeren te kunnen begrijpen. Het lineair programmeren zelf komt aan bod in het vierde hoofdstuk. In het laatste hoofdstuk wordt de toepassing van het lineair programmeren met Excel op bedrijfkundige vraagstukken uitvoerig gedemonstreerd.
In de bijlagen zijn vraagstukken opgenomen om de opgedane kennis te toetsen.
Jacques Van Der Elst is doctor in business administration (Newport-Ca,State approved university, 1994), master in financieel management van ondernemingen, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote ondernemingen en was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
Jacques Van Der Elst doceerde zowel op academisch als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde , financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
De auteur was ook lid van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten (IAB). Meer dan 20 jaar is hij bij het IAB jurylid geweest van de eindexamencommissies.
Zijn vele publicaties situeren zich in de domeinen van de toegepaste wiskunde, het financieel management, de bedrijfseconomie en de accountancy.
Daardoor kan iedereen bedrijfskundige vraagstukken oplossen waarbij hulpmiddelen van een onderneming op de meest optimale manier moeten worden toegewezen. Voor meer complexe vraagstukken wordt gebruik gemaakt van Oplosser in Excel. Deze tool wordt uitgebreid toegelicht en toegepast.
Het boek bestaat uit vijf hoofdstukken: de eerste drie hoofdstukken bevatten die onderwerpen uit de algebra die vereist zijn om het lineair programmeren te kunnen begrijpen. Het lineair programmeren zelf komt aan bod in het vierde hoofdstuk. In het laatste hoofdstuk wordt de toepassing van het lineair programmeren met Excel op bedrijfkundige vraagstukken uitvoerig gedemonstreerd.
In de bijlagen zijn vraagstukken opgenomen om de opgedane kennis te toetsen.
Jacques Van Der Elst is doctor in business administration (Newport-Ca,State approved university, 1994), master in financieel management van ondernemingen, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote ondernemingen en was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
Jacques Van Der Elst doceerde zowel op academisch als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde , financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
De auteur was ook lid van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten (IAB). Meer dan 20 jaar is hij bij het IAB jurylid geweest van de eindexamencommissies.
Zijn vele publicaties situeren zich in de domeinen van de toegepaste wiskunde, het financieel management, de bedrijfseconomie en de accountancy.
Behoud van EU vereist realiteitszin – Beschouwingen en analyses met suggesties voor onderwijs en debat
€ 22,90
Tijdens de coronacrisis kwam de vraag op waarom de Europese Unie (EU) niet actiever ingrijpt. In dit boek wordt dit uit de doeken gedaan. Jammerkreten over ‘te veel EU’ en ‘te weinig EU’ wisselen elkaar af sinds de start van de Europese eenwording. De auteurs nemen duidelijk stelling: de kracht van de EU wordt bepaald door de kracht van de samenstellende delen, dus van de 27 lidstaten, zelfstandig opererende natiestaten, met hun eigen geschiedenis, tradities, taal en cultuur. Tegen die achtergrond worden actuele ontwikkelingen binnen de EU bekritiseerd, met meteen daarop aansluitend een tegengeluid van een andere auteur om de lezer zelf zijn conclusies te laten trekken.
Daarvoor is het noodzakelijk op de hoogte te zijn van de activiteiten die de EU tot een succes maken. Het gaat hierbij vooral om de interne markt en om de euro. De schaduwkanten worden niet weggemoffeld, zoals het profijt dat de maffia heeft van de Europese landbouwsubsidies en de niet ingeloste belofte van welvaartsstijging voor iedereen.
Vervolgens wordt het Europees beleid omtrent klimaatverandering besproken, uitmondend in de Green Deal, nu een beetje op de achtergrond zo lijkt het, maar na de coronapandemie zeker niet meer. Aan de inspanningen van de EU om de lidstaten te ondersteunen bij het bestrijden van deze pandemie is een volgend hoofdstuk gewijd. Onder meer door vaccinontwikkeling in een hogere versnelling te brengen.
Dit boek is een bron van inspiratie voor iedereen met interesse in de relatie tussen de EU en de lidstaten. Voor primair, voortgezet en hoger onderwijs biedt het een uitgelezen kans tot verdieping te komen bij het vormgeven aan Europese en Internationale Oriëntatie (EIO). Het aansprekende, concreet uitgewerkte project waarmee dit boek afsluit, biedt daarvoor alle mogelijkheden. In de bijbehorende online bijlage staan concrete opdrachten en suggesties bij de hoofdstukken die regelmatig worden aangevuld, ideaal voor onderwijs en debatbijeenkomsten.
Daarvoor is het noodzakelijk op de hoogte te zijn van de activiteiten die de EU tot een succes maken. Het gaat hierbij vooral om de interne markt en om de euro. De schaduwkanten worden niet weggemoffeld, zoals het profijt dat de maffia heeft van de Europese landbouwsubsidies en de niet ingeloste belofte van welvaartsstijging voor iedereen.
Vervolgens wordt het Europees beleid omtrent klimaatverandering besproken, uitmondend in de Green Deal, nu een beetje op de achtergrond zo lijkt het, maar na de coronapandemie zeker niet meer. Aan de inspanningen van de EU om de lidstaten te ondersteunen bij het bestrijden van deze pandemie is een volgend hoofdstuk gewijd. Onder meer door vaccinontwikkeling in een hogere versnelling te brengen.
Dit boek is een bron van inspiratie voor iedereen met interesse in de relatie tussen de EU en de lidstaten. Voor primair, voortgezet en hoger onderwijs biedt het een uitgelezen kans tot verdieping te komen bij het vormgeven aan Europese en Internationale Oriëntatie (EIO). Het aansprekende, concreet uitgewerkte project waarmee dit boek afsluit, biedt daarvoor alle mogelijkheden. In de bijbehorende online bijlage staan concrete opdrachten en suggesties bij de hoofdstukken die regelmatig worden aangevuld, ideaal voor onderwijs en debatbijeenkomsten.
Behoud van EU vereist realiteitszin – Beschouwingen en analyses met suggesties voor onderwijs en debat
€ 22,90
Tijdens de coronacrisis kwam de vraag op waarom de Europese Unie (EU) niet actiever ingrijpt. In dit boek wordt dit uit de doeken gedaan. Jammerkreten over ‘te veel EU’ en ‘te weinig EU’ wisselen elkaar af sinds de start van de Europese eenwording. De auteurs nemen duidelijk stelling: de kracht van de EU wordt bepaald door de kracht van de samenstellende delen, dus van de 27 lidstaten, zelfstandig opererende natiestaten, met hun eigen geschiedenis, tradities, taal en cultuur. Tegen die achtergrond worden actuele ontwikkelingen binnen de EU bekritiseerd, met meteen daarop aansluitend een tegengeluid van een andere auteur om de lezer zelf zijn conclusies te laten trekken.
Daarvoor is het noodzakelijk op de hoogte te zijn van de activiteiten die de EU tot een succes maken. Het gaat hierbij vooral om de interne markt en om de euro. De schaduwkanten worden niet weggemoffeld, zoals het profijt dat de maffia heeft van de Europese landbouwsubsidies en de niet ingeloste belofte van welvaartsstijging voor iedereen.
Vervolgens wordt het Europees beleid omtrent klimaatverandering besproken, uitmondend in de Green Deal, nu een beetje op de achtergrond zo lijkt het, maar na de coronapandemie zeker niet meer. Aan de inspanningen van de EU om de lidstaten te ondersteunen bij het bestrijden van deze pandemie is een volgend hoofdstuk gewijd. Onder meer door vaccinontwikkeling in een hogere versnelling te brengen.
Dit boek is een bron van inspiratie voor iedereen met interesse in de relatie tussen de EU en de lidstaten. Voor primair, voortgezet en hoger onderwijs biedt het een uitgelezen kans tot verdieping te komen bij het vormgeven aan Europese en Internationale Oriëntatie (EIO). Het aansprekende, concreet uitgewerkte project waarmee dit boek afsluit, biedt daarvoor alle mogelijkheden. In de bijbehorende online bijlage staan concrete opdrachten en suggesties bij de hoofdstukken die regelmatig worden aangevuld, ideaal voor onderwijs en debatbijeenkomsten.
Daarvoor is het noodzakelijk op de hoogte te zijn van de activiteiten die de EU tot een succes maken. Het gaat hierbij vooral om de interne markt en om de euro. De schaduwkanten worden niet weggemoffeld, zoals het profijt dat de maffia heeft van de Europese landbouwsubsidies en de niet ingeloste belofte van welvaartsstijging voor iedereen.
Vervolgens wordt het Europees beleid omtrent klimaatverandering besproken, uitmondend in de Green Deal, nu een beetje op de achtergrond zo lijkt het, maar na de coronapandemie zeker niet meer. Aan de inspanningen van de EU om de lidstaten te ondersteunen bij het bestrijden van deze pandemie is een volgend hoofdstuk gewijd. Onder meer door vaccinontwikkeling in een hogere versnelling te brengen.
Dit boek is een bron van inspiratie voor iedereen met interesse in de relatie tussen de EU en de lidstaten. Voor primair, voortgezet en hoger onderwijs biedt het een uitgelezen kans tot verdieping te komen bij het vormgeven aan Europese en Internationale Oriëntatie (EIO). Het aansprekende, concreet uitgewerkte project waarmee dit boek afsluit, biedt daarvoor alle mogelijkheden. In de bijbehorende online bijlage staan concrete opdrachten en suggesties bij de hoofdstukken die regelmatig worden aangevuld, ideaal voor onderwijs en debatbijeenkomsten.







