Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Een open relatie, niet voor watjes, Over (on)veiligheid in de liefde

 22,00
Een open relatie, zou jij dat kunnen?

De vrijheid om nieuwe liefdes te ontdekken kent tenslotte ook een onveilige kant. Jaloezie, onzekerheid en ruzie, is waar de meeste open relaties mee te maken krijgen. In dit boek worden deze emoties niet als de oorzaak van problemen beschouwd maar als een natuurlijk gegeven en vertrekpunt voor de groei naar een veilige verbondenheid tussen partners.

De belangrijkste vaardigheid die partners moeten aanleren is niet loslaten maar hechten. Veilige hechting binnen de primaire relatie is de sleutel naar een vrije en comfortabele secundaire relatie. De vele praktijkvoorbeelden geven inzicht in de verschillende fasen, rollen en valkuilen binnen de open relatie en hoe je daarmee omgaat. Al ligt de focus op open relaties, ook bij monogame relaties kunnen gevoelens als jaloezie of onzekerheid de kop op steken, zoals bij een te leuke collega, buur of ex-partner. Dit boek bekijkt alles vanuit een zeer specifiek perspectief, maar de emotie raakt aan de basis van alle vormen van menselijke intimiteit.

Een open relatie, niet voor watjes is het eerste boek over open relaties en Emotionally Focused Therapy en is een onmisbare gids voor stellen en relatietherapeuten.



Rhea Darens is sinds 1987 samen met haar partner en sinds 2011 hebben ze een open relatie. Samen hebben ze drie kinderen. Ze is een EFTrelatietherapeut voor stellen in monogame en non-monogame relaties.

openrelatie.nu

Quick View

Een open relatie, niet voor watjes, Over (on)veiligheid in de liefde

 22,00
Een open relatie, zou jij dat kunnen?

De vrijheid om nieuwe liefdes te ontdekken kent tenslotte ook een onveilige kant. Jaloezie, onzekerheid en ruzie, is waar de meeste open relaties mee te maken krijgen. In dit boek worden deze emoties niet als de oorzaak van problemen beschouwd maar als een natuurlijk gegeven en vertrekpunt voor de groei naar een veilige verbondenheid tussen partners.

De belangrijkste vaardigheid die partners moeten aanleren is niet loslaten maar hechten. Veilige hechting binnen de primaire relatie is de sleutel naar een vrije en comfortabele secundaire relatie. De vele praktijkvoorbeelden geven inzicht in de verschillende fasen, rollen en valkuilen binnen de open relatie en hoe je daarmee omgaat. Al ligt de focus op open relaties, ook bij monogame relaties kunnen gevoelens als jaloezie of onzekerheid de kop op steken, zoals bij een te leuke collega, buur of ex-partner. Dit boek bekijkt alles vanuit een zeer specifiek perspectief, maar de emotie raakt aan de basis van alle vormen van menselijke intimiteit.

Een open relatie, niet voor watjes is het eerste boek over open relaties en Emotionally Focused Therapy en is een onmisbare gids voor stellen en relatietherapeuten.



Rhea Darens is sinds 1987 samen met haar partner en sinds 2011 hebben ze een open relatie. Samen hebben ze drie kinderen. Ze is een EFTrelatietherapeut voor stellen in monogame en non-monogame relaties.

openrelatie.nu

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Eén vrouw, vele gezichten

 21,50
Pas in 1948 mochten Belgische vrouwen gaan stemmen. Een jaar later publiceerde de Franse filosofe Simone de Beauvoir haar meesterwerk De Tweede Sekse. Ze kwam op voor de totale gelijkwaardigheid van man en vrouw. Het boek was de aanzet voor de tweede Feministische Golf, die uitgroeide tot internationale vrouwenbewegingen die streden tegen vrouwenonderdrukking, rolpatronen, stereotiepe vrouwenbeelden, opgelegde schoonheidsidealen, voor gelijk loon voor gelijk werk, seksuele bevrijding en ‘baas in eigen buik’ (recht op abortus). Na een korte stilte (+/- 1990-2010) waarbij men er gemakshalve van uitging dat vrouwen niet langer werden onderdrukt en feminisme overbodig was, bleek – helaas – maar al te duidelijk dat dit niet zo was. In deze lijn situeert zich dit boek. Eén vrouw, vele gezichten is geen eenzijdig feministisch pamflet maar een multipele insteek van vrouwenbeelden. Reeds in Genesis (Oud Testament) werd vrouwen een identiteit aangemeten en een keurslijf opgedrongen dat hun niet toebehoort. Een rijke greep uit de literatuur toont hoe vrouwen zelf daartegen in opstand kwamen en hun eigen plaats opeisten. Een fotokatern laat ons zien dat dé vrouw niet bestaat, wel vele vrouwen. Tegen deze achtergrond vertellen heel diverse vrouwen hoe zij naar vrouwen kijken of zich vrouw voelen.

Els Heyvaert (1960) is leerkracht, beeldend kunstenaar en illustrator. Els was reeds op haar 17de lid van de feministische beweging Dolle Mina Gent.

Christian Van Kerckhove (1957) is filosoof met een bijzondere interesse voor de wijsgerige antropologie.

Beiden zijn wereldreizigers.
Over hun wereldomzeiling met hun zeiljacht Agapètos schreven ze Het geluk leeft aan boord. Het ongeluk zeilt mee. (Lanasta, 2012). Over hun reizen over land publiceerden ze het boek Van de wereld. Filosofische reisimpressies van gebruiken, rituelen en sjamanisme. (Garant, 2016). In 2021 verscheen hun boek Samenleven met de dood. Hoezo? (Garant).

Quick View

Eén vrouw, vele gezichten

 21,50
Pas in 1948 mochten Belgische vrouwen gaan stemmen. Een jaar later publiceerde de Franse filosofe Simone de Beauvoir haar meesterwerk De Tweede Sekse. Ze kwam op voor de totale gelijkwaardigheid van man en vrouw. Het boek was de aanzet voor de tweede Feministische Golf, die uitgroeide tot internationale vrouwenbewegingen die streden tegen vrouwenonderdrukking, rolpatronen, stereotiepe vrouwenbeelden, opgelegde schoonheidsidealen, voor gelijk loon voor gelijk werk, seksuele bevrijding en ‘baas in eigen buik’ (recht op abortus). Na een korte stilte (+/- 1990-2010) waarbij men er gemakshalve van uitging dat vrouwen niet langer werden onderdrukt en feminisme overbodig was, bleek – helaas – maar al te duidelijk dat dit niet zo was. In deze lijn situeert zich dit boek. Eén vrouw, vele gezichten is geen eenzijdig feministisch pamflet maar een multipele insteek van vrouwenbeelden. Reeds in Genesis (Oud Testament) werd vrouwen een identiteit aangemeten en een keurslijf opgedrongen dat hun niet toebehoort. Een rijke greep uit de literatuur toont hoe vrouwen zelf daartegen in opstand kwamen en hun eigen plaats opeisten. Een fotokatern laat ons zien dat dé vrouw niet bestaat, wel vele vrouwen. Tegen deze achtergrond vertellen heel diverse vrouwen hoe zij naar vrouwen kijken of zich vrouw voelen.

Els Heyvaert (1960) is leerkracht, beeldend kunstenaar en illustrator. Els was reeds op haar 17de lid van de feministische beweging Dolle Mina Gent.

Christian Van Kerckhove (1957) is filosoof met een bijzondere interesse voor de wijsgerige antropologie.

Beiden zijn wereldreizigers.
Over hun wereldomzeiling met hun zeiljacht Agapètos schreven ze Het geluk leeft aan boord. Het ongeluk zeilt mee. (Lanasta, 2012). Over hun reizen over land publiceerden ze het boek Van de wereld. Filosofische reisimpressies van gebruiken, rituelen en sjamanisme. (Garant, 2016). In 2021 verscheen hun boek Samenleven met de dood. Hoezo? (Garant).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wupke. De wereld op zijn kop

 22,00
Wupke is een vrolijk uiltje met veel vriendjes. Maar wanneer zijn papa wordt opgenomen in het ziekenhuis, staat zijn wereld op zijn kop. Hij begrijpt het allemaal niet en denkt dat het zijn schuld is, dat hij iets verkeerd gedaan heeft. Wanneer een ouder of familielid in een psychiatrisch ziekenhuis wordt opgenomen is het niet eenvoudig om aan een kind uit te leggen wat er aan de hand is. Vooral bij heel jonge kinderen is er een drempel. Met dit prentenboek heeft de auteur getracht om via illustraties een antwoord te geven op alle mogelijke vragen die kinderen zich in deze complexe situatie zouden kunnen stellen. Elk familieverhaal is uniek en geeft de mogelijkheid om samen met het kind de antwoorden op zijn vragen te zoeken en die te vertalen naar zijn eigen leefwereld. De tekeningen zijn bewust neutraal gemaakt, zodat het over eender wie uit het gezin of de familie kan gaan. Het verhaal is in eerste instantie bedoeld om te gebruiken in een familiesituatie met een drugsproblematiek of een psychose, maar het kan ook in andere, moeilijke situaties die om een opname vragen, gebruikt worden. Maar ook zonder enige familieproblematiek is het gewoon een leuk voorleesboek!

Hilde Vergult heeft een diploma als Bachelor in de verpleegkunde. Ze is referentieverpleegkunde KOPP en familiewerking, en werkt al meer dan 20 jaar als psychiatrisch verpleegkundige op acute diensten. Ze ontwierp Wupke als knuffel om de band tussen het kind en het familielid te versterken/behouden, wanneer het familielid in opname is. Hilde is nu werkzaam op een afdeling voor volwassen bij wie ambulante hulp in de thuiscontext ontoereikend is. Karen Van Nuffel coacht jongeren met diverse ‘rugzakjes’ binnen onderwijs. Ze gebruikt haar achtergrond als sociaal agoge om een ingrijpend verhaal te ondersteunen met bevattelijke beelden voor de allerkleinsten.

Quick View

Wupke. De wereld op zijn kop

 22,00
Wupke is een vrolijk uiltje met veel vriendjes. Maar wanneer zijn papa wordt opgenomen in het ziekenhuis, staat zijn wereld op zijn kop. Hij begrijpt het allemaal niet en denkt dat het zijn schuld is, dat hij iets verkeerd gedaan heeft. Wanneer een ouder of familielid in een psychiatrisch ziekenhuis wordt opgenomen is het niet eenvoudig om aan een kind uit te leggen wat er aan de hand is. Vooral bij heel jonge kinderen is er een drempel. Met dit prentenboek heeft de auteur getracht om via illustraties een antwoord te geven op alle mogelijke vragen die kinderen zich in deze complexe situatie zouden kunnen stellen. Elk familieverhaal is uniek en geeft de mogelijkheid om samen met het kind de antwoorden op zijn vragen te zoeken en die te vertalen naar zijn eigen leefwereld. De tekeningen zijn bewust neutraal gemaakt, zodat het over eender wie uit het gezin of de familie kan gaan. Het verhaal is in eerste instantie bedoeld om te gebruiken in een familiesituatie met een drugsproblematiek of een psychose, maar het kan ook in andere, moeilijke situaties die om een opname vragen, gebruikt worden. Maar ook zonder enige familieproblematiek is het gewoon een leuk voorleesboek!

Hilde Vergult heeft een diploma als Bachelor in de verpleegkunde. Ze is referentieverpleegkunde KOPP en familiewerking, en werkt al meer dan 20 jaar als psychiatrisch verpleegkundige op acute diensten. Ze ontwierp Wupke als knuffel om de band tussen het kind en het familielid te versterken/behouden, wanneer het familielid in opname is. Hilde is nu werkzaam op een afdeling voor volwassen bij wie ambulante hulp in de thuiscontext ontoereikend is. Karen Van Nuffel coacht jongeren met diverse ‘rugzakjes’ binnen onderwijs. Ze gebruikt haar achtergrond als sociaal agoge om een ingrijpend verhaal te ondersteunen met bevattelijke beelden voor de allerkleinsten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wetenschap: wat, hoe en waarom? Systematische inleiding tot de wetenschapsfilosofie

 37,00
Wetenschapsfilosofie is kritische reflectie over wetenschap en wetenschappelijk onderzoek. Wetenschappelijk onderzoek neemt uiteenlopende vormen aan en mondt ook uit in verschillende soorten resultaten. Die variatie leidt tot verschillende clusters van vragen die in dit boek aan bod komen, zoals: Wat zijn wetenschappelijke experimenten? Aan welke voorwaarden moeten ze voldoen om betrouwbare informatie te geven? Welke soort kennis kunnen ze opleveren? Evenzeer vragen als: Wat zijn wetenschappelijke theorieën? Hoe komen ze tot stand? Hoe kunnen we ze vergelijken en beoordelen? Daarnaast is er ook ruime aandacht voor vragen over wetenschap als geheel, over haar sociale en maatschappelijke rol en over haar relatie tot andere kennisvormen, bijvoorbeeld: Wat is het doel – of de doelen – van wetenschap? Hoe kan wetenschapsbeleid vormgegeven worden? Zijn er grenzen aan wetenschap? Hoe verhoudt wetenschap zich tot religie, ethiek of metafysica?



Erik Weber is gewoon hoogleraar aan de Universiteit Gent, waar hij wetenschapsfilosofie en metafysica doceert en onderzoek verricht in deze domeinen.

  Bert Leuridan is hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen. Hij doceert onder meer wetenschapsfilosofie en logica. Zijn onderzoek is voornamelijk geconcentreerd op wetenschapsfilosofie.

Merel Lefevere is onderwijsbegeleider kennisleer en wetenschapsfilosofie aan de Universiteit Gent. Zij verzorgt er de werkcolleges bij de vakken wetenschapsfilosofie.

Quick View

Wetenschap: wat, hoe en waarom? Systematische inleiding tot de wetenschapsfilosofie

 37,00
Wetenschapsfilosofie is kritische reflectie over wetenschap en wetenschappelijk onderzoek. Wetenschappelijk onderzoek neemt uiteenlopende vormen aan en mondt ook uit in verschillende soorten resultaten. Die variatie leidt tot verschillende clusters van vragen die in dit boek aan bod komen, zoals: Wat zijn wetenschappelijke experimenten? Aan welke voorwaarden moeten ze voldoen om betrouwbare informatie te geven? Welke soort kennis kunnen ze opleveren? Evenzeer vragen als: Wat zijn wetenschappelijke theorieën? Hoe komen ze tot stand? Hoe kunnen we ze vergelijken en beoordelen? Daarnaast is er ook ruime aandacht voor vragen over wetenschap als geheel, over haar sociale en maatschappelijke rol en over haar relatie tot andere kennisvormen, bijvoorbeeld: Wat is het doel – of de doelen – van wetenschap? Hoe kan wetenschapsbeleid vormgegeven worden? Zijn er grenzen aan wetenschap? Hoe verhoudt wetenschap zich tot religie, ethiek of metafysica?



Erik Weber is gewoon hoogleraar aan de Universiteit Gent, waar hij wetenschapsfilosofie en metafysica doceert en onderzoek verricht in deze domeinen.

  Bert Leuridan is hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen. Hij doceert onder meer wetenschapsfilosofie en logica. Zijn onderzoek is voornamelijk geconcentreerd op wetenschapsfilosofie.

Merel Lefevere is onderwijsbegeleider kennisleer en wetenschapsfilosofie aan de Universiteit Gent. Zij verzorgt er de werkcolleges bij de vakken wetenschapsfilosofie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kinderen van de zorg. Zes eeuwen stedelijke jeugdzorg in Antwerpen

 37,00
Stierf de helft van de vondelingen voor hun vijftien jaar? Hoeveel duizenden kinderen werden er vanuit Antwerpen uitbesteed op het platteland? Hoe kwamen de wezen terecht in de schoolstrijd? Was er tijdens de Tweede Wereldoorlog een razzia in het Meisjesweeshuis?
Dit boek brengt een vergeten en deels verdrongen sociale geschiedenis opnieuw tot leven: de opvang van vondelingen, verlatelingen, wezen en andere kinderen in precaire situaties. In Antwerpen was dat eeuwenlang een stedelijke aangelegenheid. De evolutie van de stad bepaalde mee de opvang in instellingen en uitbestedingen bij kostgezinnen op het platteland.
Opvattingen van vroegere elites over de opvang versteenden eerst in grote godshuizen als het Vondelingenhuis, het Maagdenhuis en het Knechtjeshuis. Later verschenen Gestichten voor verlaten kinderen, grootschalige weeshuizen en tehuizen voor zwakke kinderen. Meer recent gingen de instellingen aansluiten bij het normale leven en kwam het ondersteunen van de gezinscontext centraal te staan.
Zes eeuwen stedelijke jeugdzorg is meer dan regels, cijfers en centen. Het is tegelijk een verhaal van sociale ongelijkheid en bittere armoede en van barmhartigheid en idealisme. Het staat vol van persoonlijke geschiedenissen.
Het relaas leert dat de opvang van kinderen in precaire situaties van alle tijden is en elke samenleving steeds opnieuw voor uitdagingen stelt.

Naast vele illustraties bevat het boek veertien monologen. Deze monologen zijn literaire fictie geplaatst in een historisch kader. Erik Vlaminck en Ellen Van Pelt slepen de lezer mee in de wereld van vondelingen, arme wezen, kwekelingen en opvoeders.


Dirk Luyten is doctor in de sociale wetenschappen en master in de stedenbouw. Hij was enkele jaren verbonden aan de KULeuven en later aan Gezinswetenschappen (Odisee Hogeschool). In de sociale sector nam hij diverse bestuurs- en directiefuncties op. Hij publiceert rond sociale thema’s.

Erik Zwysen was in Antwerpen maatschappelijk werker en projectcoördinator in de dienst voor pleegzorg De Mutsaard, directeur bij de thuisbegeleidingsdienst Joba en bij de voorziening voor Bijzondere Jeugdbijstand De Hand. Momenteel werkt hij aan een geschiedenis van de pleegzorg in Vlaanderen.

Sietske Van den Wyngaert is doctor in de geschiedenis, gespecialiseerd in jeugdzorg in het vroegmoderne Antwerpen. In haar proefschrift onderzocht ze de leer- en werktrajecten die kansarme jongeren aflegden ter voorbereiding van het betreden van de arbeidsmarkt. Momenteel is ze verbonden aan het Felixarchief in Antwerpen.

Erik Vlaminck is roman- en theaterauteur. In een vorig leven was hij projectcoördinator in de psychiatrie en in de thuislozenzorg. Omdat hij het niet laten kan, schrijft hij ook de column Brieven van Dikke Freddy.

Ellen Van Pelt debuteerde in 2015 met de roman Drift. In 2020 publiceerde ze Deze wereld is geen ergernis waard, een biografie over schrijver Roger Van de Velde. Ze werkte voorheen als psychologe in bijzondere jeugdzorg.

Quick View

Kinderen van de zorg. Zes eeuwen stedelijke jeugdzorg in Antwerpen

 37,00
Stierf de helft van de vondelingen voor hun vijftien jaar? Hoeveel duizenden kinderen werden er vanuit Antwerpen uitbesteed op het platteland? Hoe kwamen de wezen terecht in de schoolstrijd? Was er tijdens de Tweede Wereldoorlog een razzia in het Meisjesweeshuis?
Dit boek brengt een vergeten en deels verdrongen sociale geschiedenis opnieuw tot leven: de opvang van vondelingen, verlatelingen, wezen en andere kinderen in precaire situaties. In Antwerpen was dat eeuwenlang een stedelijke aangelegenheid. De evolutie van de stad bepaalde mee de opvang in instellingen en uitbestedingen bij kostgezinnen op het platteland.
Opvattingen van vroegere elites over de opvang versteenden eerst in grote godshuizen als het Vondelingenhuis, het Maagdenhuis en het Knechtjeshuis. Later verschenen Gestichten voor verlaten kinderen, grootschalige weeshuizen en tehuizen voor zwakke kinderen. Meer recent gingen de instellingen aansluiten bij het normale leven en kwam het ondersteunen van de gezinscontext centraal te staan.
Zes eeuwen stedelijke jeugdzorg is meer dan regels, cijfers en centen. Het is tegelijk een verhaal van sociale ongelijkheid en bittere armoede en van barmhartigheid en idealisme. Het staat vol van persoonlijke geschiedenissen.
Het relaas leert dat de opvang van kinderen in precaire situaties van alle tijden is en elke samenleving steeds opnieuw voor uitdagingen stelt.

Naast vele illustraties bevat het boek veertien monologen. Deze monologen zijn literaire fictie geplaatst in een historisch kader. Erik Vlaminck en Ellen Van Pelt slepen de lezer mee in de wereld van vondelingen, arme wezen, kwekelingen en opvoeders.


Dirk Luyten is doctor in de sociale wetenschappen en master in de stedenbouw. Hij was enkele jaren verbonden aan de KULeuven en later aan Gezinswetenschappen (Odisee Hogeschool). In de sociale sector nam hij diverse bestuurs- en directiefuncties op. Hij publiceert rond sociale thema’s.

Erik Zwysen was in Antwerpen maatschappelijk werker en projectcoördinator in de dienst voor pleegzorg De Mutsaard, directeur bij de thuisbegeleidingsdienst Joba en bij de voorziening voor Bijzondere Jeugdbijstand De Hand. Momenteel werkt hij aan een geschiedenis van de pleegzorg in Vlaanderen.

Sietske Van den Wyngaert is doctor in de geschiedenis, gespecialiseerd in jeugdzorg in het vroegmoderne Antwerpen. In haar proefschrift onderzocht ze de leer- en werktrajecten die kansarme jongeren aflegden ter voorbereiding van het betreden van de arbeidsmarkt. Momenteel is ze verbonden aan het Felixarchief in Antwerpen.

Erik Vlaminck is roman- en theaterauteur. In een vorig leven was hij projectcoördinator in de psychiatrie en in de thuislozenzorg. Omdat hij het niet laten kan, schrijft hij ook de column Brieven van Dikke Freddy.

Ellen Van Pelt debuteerde in 2015 met de roman Drift. In 2020 publiceerde ze Deze wereld is geen ergernis waard, een biografie over schrijver Roger Van de Velde. Ze werkte voorheen als psychologe in bijzondere jeugdzorg.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tussen idealen en dwalingen – Verhalen over onderwijs

 26,00
Tussen idealen en dwalingen geeft een beeld hoe mooi en hoe moeilijk het docentschap is, waarom het onderwijs zo vaak onder vuur ligt (het ‘Piggelmeecomplex’) en waarom het zo moeilijk is om het onderwijs succesvol te veranderen. De inspiratie voor het boek is afkomstig uit boeken, essays en pamfetten die geschiedenis schreven. Ooit zei Euclides: ‘De meeste ideeën over onderwijs zijn niet nieuw, maar niet iedereen kent de oude ideeën’; na het verschijnen van dit boek kan niemand dit langer volhouden.

Copier schrijft toegankelijk. Het boek leest als een trein en zoekt waar nodig de diepte. Het zet aan tot denken en is onmisbare literatuur voor iedereen die het onderwijs een warm hart toedraagt.



Johan Copier was lange tijd docent in het voortgezet onderwijs, adviseur in het wetenschappelijk onderwijs en directeur in het hoger beroepsonderwijs en het voortgezet onderwijs. Nu is hij onderwijsanalist: hij leest, denkt en schrijft over onderwijs.

Quick View

Tussen idealen en dwalingen – Verhalen over onderwijs

 26,00
Tussen idealen en dwalingen geeft een beeld hoe mooi en hoe moeilijk het docentschap is, waarom het onderwijs zo vaak onder vuur ligt (het ‘Piggelmeecomplex’) en waarom het zo moeilijk is om het onderwijs succesvol te veranderen. De inspiratie voor het boek is afkomstig uit boeken, essays en pamfetten die geschiedenis schreven. Ooit zei Euclides: ‘De meeste ideeën over onderwijs zijn niet nieuw, maar niet iedereen kent de oude ideeën’; na het verschijnen van dit boek kan niemand dit langer volhouden.

Copier schrijft toegankelijk. Het boek leest als een trein en zoekt waar nodig de diepte. Het zet aan tot denken en is onmisbare literatuur voor iedereen die het onderwijs een warm hart toedraagt.



Johan Copier was lange tijd docent in het voortgezet onderwijs, adviseur in het wetenschappelijk onderwijs en directeur in het hoger beroepsonderwijs en het voortgezet onderwijs. Nu is hij onderwijsanalist: hij leest, denkt en schrijft over onderwijs.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De LeertASS – Een methode voor leren leren met autisme

 59,00
Bij het ‘leren’ en ‘naar school gaan’ spelen waarnemen en denken voortdurend een rol. Je moet kennis kunnen verwerken, het leren kunnen organiseren en je moet heel wat sociale en communicatievaardigheden kunnen inzetten. Mensen met ASS hebben een typische manier van waarnemen en denken, die hen bijzondere kwaliteiten, maar ook veel onduidelijkheid en stress kan geven. Bovendien vragen de verwachtingen van de omgeving en de vele prikkels bij het ‘naar school gaan’ heel veel van deze jongeren. Zo kan ook het ‘aankunnen’ onder druk komen te staan. En zonder áánkunnen is er geen kunnen. Dit boek wil daarom inzicht geven in de complexiteit van ‘leren leren’ met autisme.
De leertASS -methode is als een ‘tas’ vol leerpakketjes om efficiënter te ‘leren leren’ in balans met ‘leren leven’. Het is een proces om – samen en op maat – met de jongere beweging te krijgen in wat vastzit en een evenwicht te vinden in uitdagingen en mogelijkheden. De omgeving en het netwerk van de jongere zijn hierbij van essentieel belang. Enkel dan krijgen deze jongeren dezelfde kansen als hun medeleerlingen.
Deze methode is in de eerste plaats geschreven voor normaal- tot hoogbegaafde jongeren met autisme vanaf 12 jaar, maar kan ook andere jongeren een gestructureerde methode voor ‘leren leren’ bieden.



Kathleen Put is licentiate wiskunde en heeft 20 jaar les gegeven in het secundair onderwijs. Zij behaalde eveneens een bachelordiploma Autismespectrumstoornissen en is sinds 5 jaar aan de slag als auticoach bij Autinoom. Kathleen is ook mama van zonen met ASS. Met haar ervaring vanuit deze drie domeinen ontwikkelde Kathleen de methode van de leertASS.
Cindy Vanderplas is leerkracht secundair onderwijs en gaf er 22 jaar les. Ze is bachelor in de Autismespectrumstoornissen. Ze geeft les aan de banaba ASS in de AP Hogeschool, en werkt daarnaast als onderwijs- en leerkrachtondersteuner voor het ondersteuningsnetwerk Antwerpen Plus. Ze werkte het stuk rond neurologie van de leertAS uit en ondersteunde het verdere uitschrijven van de methode.

Quick View

De LeertASS – Een methode voor leren leren met autisme

 59,00
Bij het ‘leren’ en ‘naar school gaan’ spelen waarnemen en denken voortdurend een rol. Je moet kennis kunnen verwerken, het leren kunnen organiseren en je moet heel wat sociale en communicatievaardigheden kunnen inzetten. Mensen met ASS hebben een typische manier van waarnemen en denken, die hen bijzondere kwaliteiten, maar ook veel onduidelijkheid en stress kan geven. Bovendien vragen de verwachtingen van de omgeving en de vele prikkels bij het ‘naar school gaan’ heel veel van deze jongeren. Zo kan ook het ‘aankunnen’ onder druk komen te staan. En zonder áánkunnen is er geen kunnen. Dit boek wil daarom inzicht geven in de complexiteit van ‘leren leren’ met autisme.
De leertASS -methode is als een ‘tas’ vol leerpakketjes om efficiënter te ‘leren leren’ in balans met ‘leren leven’. Het is een proces om – samen en op maat – met de jongere beweging te krijgen in wat vastzit en een evenwicht te vinden in uitdagingen en mogelijkheden. De omgeving en het netwerk van de jongere zijn hierbij van essentieel belang. Enkel dan krijgen deze jongeren dezelfde kansen als hun medeleerlingen.
Deze methode is in de eerste plaats geschreven voor normaal- tot hoogbegaafde jongeren met autisme vanaf 12 jaar, maar kan ook andere jongeren een gestructureerde methode voor ‘leren leren’ bieden.



Kathleen Put is licentiate wiskunde en heeft 20 jaar les gegeven in het secundair onderwijs. Zij behaalde eveneens een bachelordiploma Autismespectrumstoornissen en is sinds 5 jaar aan de slag als auticoach bij Autinoom. Kathleen is ook mama van zonen met ASS. Met haar ervaring vanuit deze drie domeinen ontwikkelde Kathleen de methode van de leertASS.
Cindy Vanderplas is leerkracht secundair onderwijs en gaf er 22 jaar les. Ze is bachelor in de Autismespectrumstoornissen. Ze geeft les aan de banaba ASS in de AP Hogeschool, en werkt daarnaast als onderwijs- en leerkrachtondersteuner voor het ondersteuningsnetwerk Antwerpen Plus. Ze werkte het stuk rond neurologie van de leertAS uit en ondersteunde het verdere uitschrijven van de methode.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Filosofie & Praktijk – Jrg. 43 (2022), nr. 3/4 Thema: African Philosophy

 15,00
De inleiding op het feitelijke thema van deze speciale uitgave van Filosofie & Praktijk, volgt hierna in “Introductory: African philosophy and interculturality”. Naast de leden van de themaredactie – Birgit Boogaard, Michael Eze en Cees Maris – wordt aan het nummer verder meegewerkt door, in alfabetische volgorde: Yonas B. Abebe, Joseph C. A. Agbakoba, Anthony Chinaemerem Ajah, Henk Haeen, Wilfred Lajul, Stephnen Nkansah Morgan, Pius Mosima, Louise F. Müller, Beatrice Okyere-Manu, Angela Roothaan, Vitalis Chukwuemeka Ugwu, Meera Venkatachalam. Korte informatie over de auteurs is aan het slot van dit nummer bijeen gebracht in “About the authors”.
The introduction to the actual topic of this special issue of Philosophy & Practice, will subsequently be provided in “Introductory: African philosophy and interculturality”. Apart from the theme editors – Birgit Boogaard, Michael Eze and Cees Maris – contributors to the issue are, in alphabetical order: Yonas B. Abebe, Joseph C. A. Agbakoba, Anthony Chinaemerem Ajah, Henk Haenen, Wilfred Lajul, Stephen Nkansah Morgan, Pius Mosima, Louise F. Müller, Beatrice Okyere-Manu, Angela Roothaan, Vitalis Chukwuemeka Ugwu, Meera Venkatachalam. Some brief information about the authors is collected at the end of the issue in “About the authors”.
Rest mij wat deze ‘special’ betreft nog erop te wijzen dat dit een dubbelnummer betreft, de nrs. 3 en 4 van deze 43e jaargang van F&P én dat een groot deel van de bijdragen niet in het Nederlands maar in het Engels worden aangeboden. Voor F&P tot op heden ongebruikelijk, maar in dit geval alleszins redelijk. Voor het overige verwijs ik graag naar de inleiding door de themaredactie.


Geen voorraad
Quick View

Filosofie & Praktijk – Jrg. 43 (2022), nr. 3/4 Thema: African Philosophy

 15,00
De inleiding op het feitelijke thema van deze speciale uitgave van Filosofie & Praktijk, volgt hierna in “Introductory: African philosophy and interculturality”. Naast de leden van de themaredactie – Birgit Boogaard, Michael Eze en Cees Maris – wordt aan het nummer verder meegewerkt door, in alfabetische volgorde: Yonas B. Abebe, Joseph C. A. Agbakoba, Anthony Chinaemerem Ajah, Henk Haeen, Wilfred Lajul, Stephnen Nkansah Morgan, Pius Mosima, Louise F. Müller, Beatrice Okyere-Manu, Angela Roothaan, Vitalis Chukwuemeka Ugwu, Meera Venkatachalam. Korte informatie over de auteurs is aan het slot van dit nummer bijeen gebracht in “About the authors”.
The introduction to the actual topic of this special issue of Philosophy & Practice, will subsequently be provided in “Introductory: African philosophy and interculturality”. Apart from the theme editors – Birgit Boogaard, Michael Eze and Cees Maris – contributors to the issue are, in alphabetical order: Yonas B. Abebe, Joseph C. A. Agbakoba, Anthony Chinaemerem Ajah, Henk Haenen, Wilfred Lajul, Stephen Nkansah Morgan, Pius Mosima, Louise F. Müller, Beatrice Okyere-Manu, Angela Roothaan, Vitalis Chukwuemeka Ugwu, Meera Venkatachalam. Some brief information about the authors is collected at the end of the issue in “About the authors”.
Rest mij wat deze ‘special’ betreft nog erop te wijzen dat dit een dubbelnummer betreft, de nrs. 3 en 4 van deze 43e jaargang van F&P én dat een groot deel van de bijdragen niet in het Nederlands maar in het Engels worden aangeboden. Voor F&P tot op heden ongebruikelijk, maar in dit geval alleszins redelijk. Voor het overige verwijs ik graag naar de inleiding door de themaredactie.


Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Naoma en de Tie-Dye Club. Een verhaal over Validation

 24,00
Naoma is een oma uit duizenden. Ze is een superheld in aandacht geven en luisteren. Ze kijkt dwars door alles wat nep is en ziet wie je werkelijk bent achter je angst, boosheid of pijn. Harold en Maidy gaan graag met haar op stap. Ze leren van haar hoe ze moeten omgaan met de monsters die verdrietige mensen achtervolgen. Naoma laat hen zien hoe ze mensen kunnen helpen die in tijd en plaats verdwaald zijn.
Naoma lijkt wel een beetje op Naomi Feil, die een methode ontwikkelde om respectvol met personen met dementie om te gaan. Deze ‘Validation’-methode geraakte sindsdien over de hele wereld verspreid en was de inspiratie voor dit boek. Bij dit prentenboek hoort een digitale handleiding met meer informatie over Naomi Feil, Validation en hoe je dit boek samen met kinderen kunt lezen.


Amber ten Brink heeft een diploma Vrije Grafiek van de Academie van Antwerpen. Daarnaast heeft ze getuigschriften van de opleiding voor zorgkundige +, Referentiepersoon Dementie en gecertificeerd Validation-werker. Op dit moment werkt ze als activiteitenbegeleider in het Woon- en Zorgcentrum Heilig Hart te Grimbergen.
Ze schreef eerder Kom, we gaan een haai melken! (Garant, 2020), Angèle heeft u nodig! Een educatief bordspel over omgaan met personen met dementie (Creare Depuydt en partners, 2018) en het prentenboek Touwtje springen met Oma (Garant, 2014).

Quick View

Naoma en de Tie-Dye Club. Een verhaal over Validation

 24,00
Naoma is een oma uit duizenden. Ze is een superheld in aandacht geven en luisteren. Ze kijkt dwars door alles wat nep is en ziet wie je werkelijk bent achter je angst, boosheid of pijn. Harold en Maidy gaan graag met haar op stap. Ze leren van haar hoe ze moeten omgaan met de monsters die verdrietige mensen achtervolgen. Naoma laat hen zien hoe ze mensen kunnen helpen die in tijd en plaats verdwaald zijn.
Naoma lijkt wel een beetje op Naomi Feil, die een methode ontwikkelde om respectvol met personen met dementie om te gaan. Deze ‘Validation’-methode geraakte sindsdien over de hele wereld verspreid en was de inspiratie voor dit boek. Bij dit prentenboek hoort een digitale handleiding met meer informatie over Naomi Feil, Validation en hoe je dit boek samen met kinderen kunt lezen.


Amber ten Brink heeft een diploma Vrije Grafiek van de Academie van Antwerpen. Daarnaast heeft ze getuigschriften van de opleiding voor zorgkundige +, Referentiepersoon Dementie en gecertificeerd Validation-werker. Op dit moment werkt ze als activiteitenbegeleider in het Woon- en Zorgcentrum Heilig Hart te Grimbergen.
Ze schreef eerder Kom, we gaan een haai melken! (Garant, 2020), Angèle heeft u nodig! Een educatief bordspel over omgaan met personen met dementie (Creare Depuydt en partners, 2018) en het prentenboek Touwtje springen met Oma (Garant, 2014).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Myologie vóór Vesalius – Giovanni Battista Canani en zijn Musculorum Humani Corporis Picturata Dissectio (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 17)

 35,00
Hoewel Giambattista Canani (1515-1579 n.s.) van Ferrara een merkwaardige en vooraanstaande arts-anatoom was in de zestiende eeuw, is hij heden veel minder gekend dan zijn tijdgenoten zoals Vesalius, Fallopio of Colombo. Sterker nog, zijn enig werk over de musculaire anatomie van het bovenste lidmaat Musculorum humani corporis picturata dissectio kan aanzien worden als een meesterwerk uit zijn tijd, even innovatief als Vesalius’ Fabrica. Niet enkel inhoudelijk is de Picturata dissectio revolutionair maar ook de koperetsen zijn van een uitzonderlijke kwaliteit en nauwgezetheid. Dit is het resultaat van Canani’s veelvuldig dissectiewerk op mensenlijken, uitgevoerd met een uitzonderlijke zorg en gedreven om de anatomie tot in de kleinste details te ontdekken.
Er bestaan momenteel maar enkele originele exemplaren en dit zeer zeldzaam werk is enkel te bewonderen in de meest prestigieuze bibliotheken: in Europa vooral in Italië (Bologna, Ferrara, Padua, Pavia, Milaan) en in Dresden, Glasgow, Krakow, Londen, Oxford, Uppsala en Wenen. De enige twee origine - le exemplaren in de V.S. bevinden zich in de Yale University Library en in de Rubenstein Library van de Duke University, waarvan een facsimile is bijgevoegd.

Studie van dit historisch belangrijke en ook mooie werk is daarom een absolute aanrader.


Francis van Glabbeek is professor aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is orthopedisch chirurg en adjunct-diensthoofd van de afdeling orthopedie en traumatologie van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen, met het bovenste lidmaat als specialisatie. Aan de faculteit geneeskunde is hij verantwoordelijk voor de musculoskeletale anatomie en de geschiedenis van de geneeskunde.

Maurits Biesbrouck publiceerde naast een Nederlandse vertaling van het eerste boek van de Fabrica 1543 van Vesalius een Vesalius-bibliografe en een overzicht met bespreking van de edities van zijn werken, beide jaarlijks bijgewerkt in Vesalius.be.

Jacqueline Vons is professor emeritus klassieke talen aan de Université François Rabelais (Tours) en lid van de Académie des sciences, belles-lettres et arts de Touraine. Samen met Prof. Stephane Velut, professor anatomie aan dezelfde universiteit, publiceerde zij in 2008 de eerste Franse vertaling van Vesalius’Epitome en werkt momenteel voor de Bibliothèque interuniversitaire de Santé - Pôle médecine, Université de Paris, aan de Franse vertaling van de Fabrica 1543 van Vesalius.

Quick View

Myologie vóór Vesalius – Giovanni Battista Canani en zijn Musculorum Humani Corporis Picturata Dissectio (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 17)

 35,00
Hoewel Giambattista Canani (1515-1579 n.s.) van Ferrara een merkwaardige en vooraanstaande arts-anatoom was in de zestiende eeuw, is hij heden veel minder gekend dan zijn tijdgenoten zoals Vesalius, Fallopio of Colombo. Sterker nog, zijn enig werk over de musculaire anatomie van het bovenste lidmaat Musculorum humani corporis picturata dissectio kan aanzien worden als een meesterwerk uit zijn tijd, even innovatief als Vesalius’ Fabrica. Niet enkel inhoudelijk is de Picturata dissectio revolutionair maar ook de koperetsen zijn van een uitzonderlijke kwaliteit en nauwgezetheid. Dit is het resultaat van Canani’s veelvuldig dissectiewerk op mensenlijken, uitgevoerd met een uitzonderlijke zorg en gedreven om de anatomie tot in de kleinste details te ontdekken.
Er bestaan momenteel maar enkele originele exemplaren en dit zeer zeldzaam werk is enkel te bewonderen in de meest prestigieuze bibliotheken: in Europa vooral in Italië (Bologna, Ferrara, Padua, Pavia, Milaan) en in Dresden, Glasgow, Krakow, Londen, Oxford, Uppsala en Wenen. De enige twee origine - le exemplaren in de V.S. bevinden zich in de Yale University Library en in de Rubenstein Library van de Duke University, waarvan een facsimile is bijgevoegd.

Studie van dit historisch belangrijke en ook mooie werk is daarom een absolute aanrader.


Francis van Glabbeek is professor aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is orthopedisch chirurg en adjunct-diensthoofd van de afdeling orthopedie en traumatologie van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen, met het bovenste lidmaat als specialisatie. Aan de faculteit geneeskunde is hij verantwoordelijk voor de musculoskeletale anatomie en de geschiedenis van de geneeskunde.

Maurits Biesbrouck publiceerde naast een Nederlandse vertaling van het eerste boek van de Fabrica 1543 van Vesalius een Vesalius-bibliografe en een overzicht met bespreking van de edities van zijn werken, beide jaarlijks bijgewerkt in Vesalius.be.

Jacqueline Vons is professor emeritus klassieke talen aan de Université François Rabelais (Tours) en lid van de Académie des sciences, belles-lettres et arts de Touraine. Samen met Prof. Stephane Velut, professor anatomie aan dezelfde universiteit, publiceerde zij in 2008 de eerste Franse vertaling van Vesalius’Epitome en werkt momenteel voor de Bibliothèque interuniversitaire de Santé - Pôle médecine, Université de Paris, aan de Franse vertaling van de Fabrica 1543 van Vesalius.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Myology before Vesalius – Giovanni Battista Canani (1515 – 1579 n.s.) and his Musculorum Humani Corporis Picturata Dissectio

 39,00
Giambattista Canani (1515-1579 n.s.) from Ferrara was a remarkable and leading physician-anatomist in the sixteenth century, but he is far less well known today than his contemporaries such as Vesalius, Fallopio or Colombo. His only work on the muscular anatomy of the upper limb Musculorum humani corporis picturata dissectio can in fact be considered as a masterpiece of its time, no less innovative than Vesalius’ Fabrica. The Picturata dissectio is revolutionary in its content and contains copper etchings of exceptional quality and precision. This is the result of Canani’s extensive dissections of human corpses, performed meticulously and with a determination to discover the tiniest details of the human anatomy.
Only a few original copies of this very rare work are nowin existence, and it can only be seen in a small number of the most prestigious libraries: in Europe mostly in Italy (Bologna, Ferrara, Padua, Pavia, Milan) but also in Dresden, Glasgow, Krakow, London, Oxford, Uppsala and Vienna. The only two original copies in the United States are in the Yale University Library and the Rubenstein Library of Duke University, the latter here published in facsimile.
The study of this beautiful and historically significant work is strongly recommended.

Pre-order this book now for 39 euro + shipping
Delivery Location
Belgium / The Netherlands €44,00 EUR EU (outside Belgium /Netherlands) €49,00 EUR World (outside EU) €58,00 EUR


Francis van Glabbeek is Professor at the Faculty of Medicine and Health Sciences at the University of Antwerp. He is an orthopaedic surgeon and Assistant Head of the Orthopaedics and Trauma Department of Antwerp University Hospital, specialising in the upper limb. Within the faculty of medicine, he is responsible for musculoskeletal anatomy and the history of medicine.

Maurits Biesbrouck published a Dutch translation of the first volume of the 1543 Fabrica by Vesalius, as well as a Vesalius bibliography and a summary and discussion of the editions of his works, both of which are updated every year at www.andreasvesalius.be.

Jacqueline Vons Professor Emeritus of classical languages at Université François Rabelais in Tours and a member of the Académie des sciences, belles-lettres et arts de Touraine. Together with Prof. Stephane Velut, Professor of anatomy at the same university, she published the first French translation of Vesalius’s Epitome and is currently working for the Interuniversity Library of Medicine (BIUM) in Paris on the French translation of Vesalius’s 1543 Fabrica.

Quick View

Myology before Vesalius – Giovanni Battista Canani (1515 – 1579 n.s.) and his Musculorum Humani Corporis Picturata Dissectio

 39,00
Giambattista Canani (1515-1579 n.s.) from Ferrara was a remarkable and leading physician-anatomist in the sixteenth century, but he is far less well known today than his contemporaries such as Vesalius, Fallopio or Colombo. His only work on the muscular anatomy of the upper limb Musculorum humani corporis picturata dissectio can in fact be considered as a masterpiece of its time, no less innovative than Vesalius’ Fabrica. The Picturata dissectio is revolutionary in its content and contains copper etchings of exceptional quality and precision. This is the result of Canani’s extensive dissections of human corpses, performed meticulously and with a determination to discover the tiniest details of the human anatomy.
Only a few original copies of this very rare work are nowin existence, and it can only be seen in a small number of the most prestigious libraries: in Europe mostly in Italy (Bologna, Ferrara, Padua, Pavia, Milan) but also in Dresden, Glasgow, Krakow, London, Oxford, Uppsala and Vienna. The only two original copies in the United States are in the Yale University Library and the Rubenstein Library of Duke University, the latter here published in facsimile.
The study of this beautiful and historically significant work is strongly recommended.

Pre-order this book now for 39 euro + shipping
Delivery Location
Belgium / The Netherlands €44,00 EUR EU (outside Belgium /Netherlands) €49,00 EUR World (outside EU) €58,00 EUR


Francis van Glabbeek is Professor at the Faculty of Medicine and Health Sciences at the University of Antwerp. He is an orthopaedic surgeon and Assistant Head of the Orthopaedics and Trauma Department of Antwerp University Hospital, specialising in the upper limb. Within the faculty of medicine, he is responsible for musculoskeletal anatomy and the history of medicine.

Maurits Biesbrouck published a Dutch translation of the first volume of the 1543 Fabrica by Vesalius, as well as a Vesalius bibliography and a summary and discussion of the editions of his works, both of which are updated every year at www.andreasvesalius.be.

Jacqueline Vons Professor Emeritus of classical languages at Université François Rabelais in Tours and a member of the Académie des sciences, belles-lettres et arts de Touraine. Together with Prof. Stephane Velut, Professor of anatomy at the same university, she published the first French translation of Vesalius’s Epitome and is currently working for the Interuniversity Library of Medicine (BIUM) in Paris on the French translation of Vesalius’s 1543 Fabrica.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Professionele leergemeenschappen – Een inleiding (6e gewijzigde druk)

 23,00
De samenleving verwacht steeds meer van de school. Die vele en toenemende verwachtingen kunnen niet ingelost worden als leerkrachten in de beslotenheid van hun eigen leslokaal onderwijs geven zonder zich veel te bekommeren om wat de collega’s doen. Doorgaande leerlijnen, hoge opbrengsten en een goed en aangenaam leerklimaat vraagt de collectieve inspanning van het team. Goed onderwijs is – zo wordt steeds meer duidelijk – ook afhankelijk van de mate waarin leerkrachten als team samen werken en samen leren. Met andere woorden, goed onderwijs gedijt bij de ontwikkeling van scholen als professionele leergemeenschappen.

Deze publicatie biedt een inleiding op de school als professionele leergemeenschap. Kenmerken en effecten van professionele leergemeenschappen worden beschreven. Uitgebreid wordt ingegaan op de vraag hoe een school zich ontwikkelt tot een professionele leergemeenschap, op de interventies die daarbij effectief zijn en op de rol van de schoolleider. In bijlagen vindt de lezer een aantal praktische instrumenten, zoals vragenlijsten en kijkwijzers, die behulpzaam kunnen zijn bij het ontwikkelen van een school tot een professionele leergemeenschap.

Bij de zesde druk van dit boek is een nieuw hoofdstuk toegevoegd waarin teruggeblikt wordt op drie decennia professionele leergemeenschappen.



Prof. em. dr. E. Verbiest is zelfstandig gevestigd onderwijsadviseur. Hij was lector voor Schoolontwikkeling en Schoolmanagement aan Fontys Hogescholen en gastprofessor Onderwijsinnovatie aan de Universiteit Antwerpen. Eerder was hij projectleider van Magistrum, opleidingen voor schoolleiders. Hij publiceert op het terrein van schoolontwikkeling en het opleiden van schoolleiders.

Quick View

Professionele leergemeenschappen – Een inleiding (6e gewijzigde druk)

 23,00
De samenleving verwacht steeds meer van de school. Die vele en toenemende verwachtingen kunnen niet ingelost worden als leerkrachten in de beslotenheid van hun eigen leslokaal onderwijs geven zonder zich veel te bekommeren om wat de collega’s doen. Doorgaande leerlijnen, hoge opbrengsten en een goed en aangenaam leerklimaat vraagt de collectieve inspanning van het team. Goed onderwijs is – zo wordt steeds meer duidelijk – ook afhankelijk van de mate waarin leerkrachten als team samen werken en samen leren. Met andere woorden, goed onderwijs gedijt bij de ontwikkeling van scholen als professionele leergemeenschappen.

Deze publicatie biedt een inleiding op de school als professionele leergemeenschap. Kenmerken en effecten van professionele leergemeenschappen worden beschreven. Uitgebreid wordt ingegaan op de vraag hoe een school zich ontwikkelt tot een professionele leergemeenschap, op de interventies die daarbij effectief zijn en op de rol van de schoolleider. In bijlagen vindt de lezer een aantal praktische instrumenten, zoals vragenlijsten en kijkwijzers, die behulpzaam kunnen zijn bij het ontwikkelen van een school tot een professionele leergemeenschap.

Bij de zesde druk van dit boek is een nieuw hoofdstuk toegevoegd waarin teruggeblikt wordt op drie decennia professionele leergemeenschappen.



Prof. em. dr. E. Verbiest is zelfstandig gevestigd onderwijsadviseur. Hij was lector voor Schoolontwikkeling en Schoolmanagement aan Fontys Hogescholen en gastprofessor Onderwijsinnovatie aan de Universiteit Antwerpen. Eerder was hij projectleider van Magistrum, opleidingen voor schoolleiders. Hij publiceert op het terrein van schoolontwikkeling en het opleiden van schoolleiders.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Autisme anders bekijken – Omdat geen kind hetzelfde is

 21,60
Er zijn net zo veel vormen van autisme als kleuren in het spectrum. Wat bij het ene kind ontspannend werkt, zorgt voor stress bij een ander kind. Autisme anders bekijken vraagt om verder te kijken dan een diagnose en het gedrag dat in eerste instantie te zien is.

Elk kind is uniek en vraagt om een eigen benadering. Aan de hand van acht thema’s, die ook voorkomen op het Autismepaspoort®, beschrijft autismespecialist Suzanne Agterberg-Rouwhorst hoe je oorzaken van gedrag kunt herkennen en hoe je daar vervolgens mee kunt omgaan. Het (h)erkennen van die specifeke behoeften, maar ook van de kwaliteiten van een kind met autisme, zorgt voor meer begrip en de mogelijkheid om aangepast en preventief te handelen. Niet reageren op wat zich ‘aan de buitenkant’ afspeelt, maar juist op wat er werkelijk speelt ‘onder de ijsberg’. Wie als ouder, leerkracht of hulpverlener kan inspelen op die oorzaken van gedrag, maakt het leren en leven van kinderen met autisme een stuk aangenamer. Door de voorbeelden uit de praktijk geeft dit boek de lezer veel herkenning.



Suzanne Agterberg-Rouwhorst (1974) heeft 25 jaar ervaring als leerkracht en autismespecialist in zowel regulier als speciaal onderwijs. In 2014 rondde zij haar Master SEN cum laude af met haar onderzoek ‘Autisme, een andere wereld’. Met dit onderzoek won zij de Fontys ‘Denk Groter prijs’ en de ‘HanneMiekeprijs’ van de Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA). Autisme Anders Bekijken is een weergave van haar onderzoek, waarbij zij haar ervaringen als autismespecialist op een school voor Voortgezet Speciaal Onderwijs gebruikt om de theorie tot leven te brengen. Suzanne ontwikkelde het Autismepaspoort en de Jouw Autisme Methodiek. Vanuit haar bureau Spectrumvisie verzorgt zij trainingen over autisme aan scholen en instellingen.

Quick View

Autisme anders bekijken – Omdat geen kind hetzelfde is

 21,60
Er zijn net zo veel vormen van autisme als kleuren in het spectrum. Wat bij het ene kind ontspannend werkt, zorgt voor stress bij een ander kind. Autisme anders bekijken vraagt om verder te kijken dan een diagnose en het gedrag dat in eerste instantie te zien is.

Elk kind is uniek en vraagt om een eigen benadering. Aan de hand van acht thema’s, die ook voorkomen op het Autismepaspoort®, beschrijft autismespecialist Suzanne Agterberg-Rouwhorst hoe je oorzaken van gedrag kunt herkennen en hoe je daar vervolgens mee kunt omgaan. Het (h)erkennen van die specifeke behoeften, maar ook van de kwaliteiten van een kind met autisme, zorgt voor meer begrip en de mogelijkheid om aangepast en preventief te handelen. Niet reageren op wat zich ‘aan de buitenkant’ afspeelt, maar juist op wat er werkelijk speelt ‘onder de ijsberg’. Wie als ouder, leerkracht of hulpverlener kan inspelen op die oorzaken van gedrag, maakt het leren en leven van kinderen met autisme een stuk aangenamer. Door de voorbeelden uit de praktijk geeft dit boek de lezer veel herkenning.



Suzanne Agterberg-Rouwhorst (1974) heeft 25 jaar ervaring als leerkracht en autismespecialist in zowel regulier als speciaal onderwijs. In 2014 rondde zij haar Master SEN cum laude af met haar onderzoek ‘Autisme, een andere wereld’. Met dit onderzoek won zij de Fontys ‘Denk Groter prijs’ en de ‘HanneMiekeprijs’ van de Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA). Autisme Anders Bekijken is een weergave van haar onderzoek, waarbij zij haar ervaringen als autismespecialist op een school voor Voortgezet Speciaal Onderwijs gebruikt om de theorie tot leven te brengen. Suzanne ontwikkelde het Autismepaspoort en de Jouw Autisme Methodiek. Vanuit haar bureau Spectrumvisie verzorgt zij trainingen over autisme aan scholen en instellingen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Marketingplan. De kunst van het in- en uitzoomen. Stapsgewijs model met checklists, tools en tips

 26,00
Elke marketeer zal binnen de onderneming waarin hij actief is, vanuit een analyse van de huidige en toekomstige situatie (zowel extern als intern) bepaalde marketingbeslissingen nemen. Het hanteren van een planmatige structuur geeft daarbij een houvast.
In dit boek worden een kader en een aantal tools/tips aangereikt die de product-, brand- of marketingmanager toelaten om het marketingplan beter te structureren en aan te sturen. Deze werkwijze is bruikbaar op diverse planningsniveaus (merk-, business unit of ondernemingsniveau) en in verschillende markten (business-to-consumer, business-to-business, internationaal enz.).
De kunst bij het ontwikkelen van een consistent en dynamisch marketingplan bestaat erin om op bepaalde componenten in te zoomen met het juiste detailniveau, maar tegelijkertijd ook het ruimere plaatje te blijven zien (uitzoomen op het groter geheel van verschillende met elkaar verweven componenten). Ook heeft het boek oog voor het maken van groeibewegingen, waarbij moet worden nagegaan in welke mate men connecteert/disconnecteert met het heden en verleden als bedrijf/merk.
In deze nieuwe, herziene uitgave is er nog meer oog voor de nieuwe trends in de marketingwereld, o.a. de toenemende ‘digitalisering’ en de ‘agility’ om ook om te gaan met omgevingsveranderingen zoals bv. een pandemie als Covid-19. Ook werd het luik tactiek (over de marketingmix) grondig uitgebreid met heel wat theoretische aanvullingen.


Marc Logman is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen. Hij doceert marketing en business modeling aan verschillende universiteiten (onder meer de KU Leuven en de Universiteit Hasselt). Hij publiceerde vele internationale artikels. In 2008 won hij een Internationale Award van SAVE International voor beste paper van het jaar rond value engineering (waardeanalyse) en in 2018 won hij de Garant-studieboekprijs met de vorige versie van dit boek.

Quick View

Marketingplan. De kunst van het in- en uitzoomen. Stapsgewijs model met checklists, tools en tips

 26,00
Elke marketeer zal binnen de onderneming waarin hij actief is, vanuit een analyse van de huidige en toekomstige situatie (zowel extern als intern) bepaalde marketingbeslissingen nemen. Het hanteren van een planmatige structuur geeft daarbij een houvast.
In dit boek worden een kader en een aantal tools/tips aangereikt die de product-, brand- of marketingmanager toelaten om het marketingplan beter te structureren en aan te sturen. Deze werkwijze is bruikbaar op diverse planningsniveaus (merk-, business unit of ondernemingsniveau) en in verschillende markten (business-to-consumer, business-to-business, internationaal enz.).
De kunst bij het ontwikkelen van een consistent en dynamisch marketingplan bestaat erin om op bepaalde componenten in te zoomen met het juiste detailniveau, maar tegelijkertijd ook het ruimere plaatje te blijven zien (uitzoomen op het groter geheel van verschillende met elkaar verweven componenten). Ook heeft het boek oog voor het maken van groeibewegingen, waarbij moet worden nagegaan in welke mate men connecteert/disconnecteert met het heden en verleden als bedrijf/merk.
In deze nieuwe, herziene uitgave is er nog meer oog voor de nieuwe trends in de marketingwereld, o.a. de toenemende ‘digitalisering’ en de ‘agility’ om ook om te gaan met omgevingsveranderingen zoals bv. een pandemie als Covid-19. Ook werd het luik tactiek (over de marketingmix) grondig uitgebreid met heel wat theoretische aanvullingen.


Marc Logman is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen. Hij doceert marketing en business modeling aan verschillende universiteiten (onder meer de KU Leuven en de Universiteit Hasselt). Hij publiceerde vele internationale artikels. In 2008 won hij een Internationale Award van SAVE International voor beste paper van het jaar rond value engineering (waardeanalyse) en in 2018 won hij de Garant-studieboekprijs met de vorige versie van dit boek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Burgerschapseducatie. Tolerantie, morele vaardigheden en kritisch denken

 16,00
Burgerschapseducatie is in Nederland en Vlaanderen een verplicht onderdeel van het primair en secundair onderwijs, en behelst méér dan kennis overdragen over de liberale democratie, het politiek systeem en de rechtsstaat. De eindtermen vermelden onder meer verdraagzaamheid, omgaan met diversiteit, en in dialoog gaan. In dit boek worden de in de eindtermen genoemde competenties samengevat onder tolerantie, morele vaardigheden, en kritisch denken.

Dit is niet eenvoudig voor de school, in een samenleving met harde tegenstellingen, complotdenkers, nepnieuws, en sociale media vol hate speech, seksisme en bedreigingen.
Gericht op docenten/leraren, pedagogen en studenten voor die beroepen worden de belangrijkste filosofsche discussies, theorievorming en empirisch onderzoek rond deze drie begrippen besproken, en enkele voor veel docenten/leraren lastige problemen. Namelijk, hoe voorkom je indoctrinatie? Hoe behandel je gevoelige onderwerpen? Hoe maak je leerlingen echt weerbaar? Het boek bevat een groot aantal didactische suggesties.



Agnes Tellings werkte 15 jaar bij Wijsgerige & Historische Pedagogiek en 15 jaar bij Pedagogische Wetenschappen & Onderwijskunde aan de Radboud Universiteit, waar zij sinds haar pensionering in 2020 gastonderzoeker is. Zij heeft dus expertise in filosofisch én empirisch onderzoek. In 2021 was zij co-redacteur van een themanummer over tolerantie in opvoeding en onderwijs van het wetenschappelijk tijdschrift Pedagogiek.

Quick View

Burgerschapseducatie. Tolerantie, morele vaardigheden en kritisch denken

 16,00
Burgerschapseducatie is in Nederland en Vlaanderen een verplicht onderdeel van het primair en secundair onderwijs, en behelst méér dan kennis overdragen over de liberale democratie, het politiek systeem en de rechtsstaat. De eindtermen vermelden onder meer verdraagzaamheid, omgaan met diversiteit, en in dialoog gaan. In dit boek worden de in de eindtermen genoemde competenties samengevat onder tolerantie, morele vaardigheden, en kritisch denken.

Dit is niet eenvoudig voor de school, in een samenleving met harde tegenstellingen, complotdenkers, nepnieuws, en sociale media vol hate speech, seksisme en bedreigingen.
Gericht op docenten/leraren, pedagogen en studenten voor die beroepen worden de belangrijkste filosofsche discussies, theorievorming en empirisch onderzoek rond deze drie begrippen besproken, en enkele voor veel docenten/leraren lastige problemen. Namelijk, hoe voorkom je indoctrinatie? Hoe behandel je gevoelige onderwerpen? Hoe maak je leerlingen echt weerbaar? Het boek bevat een groot aantal didactische suggesties.



Agnes Tellings werkte 15 jaar bij Wijsgerige & Historische Pedagogiek en 15 jaar bij Pedagogische Wetenschappen & Onderwijskunde aan de Radboud Universiteit, waar zij sinds haar pensionering in 2020 gastonderzoeker is. Zij heeft dus expertise in filosofisch én empirisch onderzoek. In 2021 was zij co-redacteur van een themanummer over tolerantie in opvoeding en onderwijs van het wetenschappelijk tijdschrift Pedagogiek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het Stuivenbergziekenhuis (1879-2022). Een erfgoedicoon in Antwerpen

 42,50
Het Stuivenberggasthuis werd als tweede ziekenhuis in Antwerpen gebouwd tussen 1879 en 1884, en ontving haar eerste patiënt op 2 januari 1885. Architect Baeckelmans maakte de revolutionaire plannen voor een toentertijd hypermodern ziekenhuis, waardoor de modernste snufjes van luchtverversing en verwarming, verzorging en verpleging, doch korte tijd later ook elektrische verlichting, bacteriologisch onderzoek en radiologische beeldvorming, werkelijkheid werden.

In ‘het Stuivenberg’ werd in 1902 ook de eerste Beroepsschool voor Ziekenverpleging in België opgericht. Zij zou later uitgroeien tot het prestigieuze Hoger Instituut voor Verpleegkunde (HIV).

In de meer dan 140-jarige geschiedenis van het Stuivenberg zin honderdduizenden patiënten behandeld, geopereerd, of verzorgd geworden door opeenvolgende teams van artsen en verpleegkundigen, alsmede dienst- en administratieve personeelsleden. Zij zorgden voor een geneeskundige zorg, die alsmaar performanter werd door de vele ontdekkingen, uitvindingen en technologische ontwikkelingen, die zich in die periode hebben voorgedaan. Ziekten als tuberculose, kinderverlamming, beroerten, nierziekten en vele andere, doch evenzeer operaties aan buikorganen, bloedvaten of beenderen worden uitgebreid besproken.

Niet het minst worden geneesheren als Albin Lambote, Fritz Sano en Ludo van Bogaert gehuldigd; zij waren wereldwijd voortrekkers in de orthopedie, de psychiatrie en de neurologie. Doch evenzeer hebben tientallen, ja honderden artsen en verpleegkundigen meegeholpen aan de faam die het Stuivenberg genoot bij de Antwerpse bevolking. Van hen, en van de door hen verstrekte medische zorgen in vrijwel alle domeinen van de zorg, wordt in dit boek verslag uitgebracht.

Met het aanstaande vertrek van de patiënten van het acute ziekenhuis Stuivenberg naar de site van het Cadix-hospitaal, wordt aan al deze ‘stuivenbergers’ dit boek in dierbare herinnering opgedragen.



Quick View

Het Stuivenbergziekenhuis (1879-2022). Een erfgoedicoon in Antwerpen

 42,50
Het Stuivenberggasthuis werd als tweede ziekenhuis in Antwerpen gebouwd tussen 1879 en 1884, en ontving haar eerste patiënt op 2 januari 1885. Architect Baeckelmans maakte de revolutionaire plannen voor een toentertijd hypermodern ziekenhuis, waardoor de modernste snufjes van luchtverversing en verwarming, verzorging en verpleging, doch korte tijd later ook elektrische verlichting, bacteriologisch onderzoek en radiologische beeldvorming, werkelijkheid werden.

In ‘het Stuivenberg’ werd in 1902 ook de eerste Beroepsschool voor Ziekenverpleging in België opgericht. Zij zou later uitgroeien tot het prestigieuze Hoger Instituut voor Verpleegkunde (HIV).

In de meer dan 140-jarige geschiedenis van het Stuivenberg zin honderdduizenden patiënten behandeld, geopereerd, of verzorgd geworden door opeenvolgende teams van artsen en verpleegkundigen, alsmede dienst- en administratieve personeelsleden. Zij zorgden voor een geneeskundige zorg, die alsmaar performanter werd door de vele ontdekkingen, uitvindingen en technologische ontwikkelingen, die zich in die periode hebben voorgedaan. Ziekten als tuberculose, kinderverlamming, beroerten, nierziekten en vele andere, doch evenzeer operaties aan buikorganen, bloedvaten of beenderen worden uitgebreid besproken.

Niet het minst worden geneesheren als Albin Lambote, Fritz Sano en Ludo van Bogaert gehuldigd; zij waren wereldwijd voortrekkers in de orthopedie, de psychiatrie en de neurologie. Doch evenzeer hebben tientallen, ja honderden artsen en verpleegkundigen meegeholpen aan de faam die het Stuivenberg genoot bij de Antwerpse bevolking. Van hen, en van de door hen verstrekte medische zorgen in vrijwel alle domeinen van de zorg, wordt in dit boek verslag uitgebracht.

Met het aanstaande vertrek van de patiënten van het acute ziekenhuis Stuivenberg naar de site van het Cadix-hospitaal, wordt aan al deze ‘stuivenbergers’ dit boek in dierbare herinnering opgedragen.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Slavernij/Oekraïne. Themanummer Filosofie & Praktijk- – Jrg. 43 nr. 2 (2022)

 15,00
Dit tweede nummer van jaargang 43 van Filosofie & Praktijk heeft twee actuele kwesties als thema: de discussie rond het Nederlandse slavernijverleden en de eventuele excuses daarvoor, naast de actualiteit van de Russische inval in Oekraïne. Om te beginnen buigt Menno Kamminga zich in zijn bijdrage “De morele betwistbaarheid van nationale slavernijexcuses” over een kwestie die Nederland duidelijk verdeelt: moeten er excuses komen voor het nationale slavernijverleden, of niet. De huidige premier Mark Rutte stelt slavernijexcuses begrijpelijk maar niet verstandig te vinden. Slachtoffers en daders zijn allang dood; huidige generaties zijn niet zomaar verantwoordelijk voor vroeger leed onder een ander staatsbestel; en excuses kunnen tot polarisatie leiden. Niettemin ijveren linkse politieke partijen en actievoerders ervoor dat de regering eindelijk excuses aanbiedt in 2023, wanneer 150 jaar afschaffing van de slavernij wordt herdacht. Zoals de regering in januari 2020 excuses aanbood voor de overheidsrol bij de Holocaust, zou zij dat ook moeten doen voor de nationale betrokkenheid bij de gruweldaden van slavenhandel en slavernij. De druk op de regering neemt toe door de excuses die Amsterdam, Rotterdam en Utrecht hebben aangeboden voor hun stedelijke slavernijverleden, en de plannen van andere steden hiertoe. Maar de maatschappelijke weerstand is groot. Op deze discussie komt F&P in een later nummer daarom nog eens terug. In “Meten met meerdere maten? Een filosofische reflectie op Ruslands oorlog in Oekraïne” buigt Evert van der Zweerde zich vervolgens over die andere actuele kwestie, de oorlog in Oekraïne. Sinds de invasie van Oekraïne door het Russische leger op 24 februari 2022 staat de wereld bol van de analyses en verklaringen. Deze variëren van psychologische verklaringen van het ‘irrationele’ gedrag van Vladimir Poetin, via economische en geopolitiek-strategische, tot essentialistische duidingen van ‘Rusland’. Wat kan een filosofische reflectie hier nog aan toevoegen? Hetzelfde als altijd: kritische distantie en conceptuele helderheid, in de soms ijdele hoop dat die twee zaken enig verschil maken. Deze bijdrage richt zich op de complexe ‘casus’ van de huidige oorlog, door Rusland ontketend in vooral Oost-Oekraïne, en poogt drie elementen aan te dragen die genoemde kritische reflectie kunnen faciliteren: een historisch perspectief, een poging tot verplaatsing in de Russische situatie en een politiek-filosofische plaatsbepaling. In zijn Minima Philosophica “Wereldhistorische beschouwingen. De actualiteit van de crisis-analyticus Jacob Burckhardt” illustreert Peter Claessens de relevantie van Burckhardt: “Toch is het weinig historici gegeven 150 jaar later nog zoveel actualiteit te bezitten”. In menig opzicht zijn parallellen te trekken tussen Burckhardts visie en de huidige actualiteit. Het meest in het oog springt daarbij – natuurlijk - de parallel tussen Burckhardts beschrijving van de ‘kwaadaardige macht’ en de actualiteit van de oorlog die nu in volle omvang in Oekraïne woedt: “Zwakkere buren worden onderworpen en geannexeerd of anderszins van hun onafhankelijkheid beroofd, niet om ervoor te zorgen dat ze zelf niet meer als agressor optreden, want daarover maken ze zich nog het minst druk, maar om te voorkomen dat een andere staat zich er meester van maakt of ze politiek van zich afhankelijk maakt; het is ze erom te doen de mogelijke politieke bondgenoot van de vijand te onderwerpen. En zijn ze eenmaal deze weg ingeslagen, is er geen houden meer aan; voor alles is er een excuus.” In zijn reviewartikel “Filosofie van menselijkheid. De droom van Johan Braeckman” gaat Floris van den Berg in op het interviewboek Een zoektocht naar menselijkheid. Dirk Verhofstadt in gesprek met Johan Braeckman (2021) door filosoof Dirk Verhofstadt. Na Op zoek naar waarheid, met Etienne Vermeersch (2019) en Op zoek naar harmonie met Paul Cliteur (2012), interviewt Verhofstadt nu Johan Braeckman. Paul van Tongeren zorgt in “Een prachtige nalatenschap” voor een bespreking van het boek van Erik Oger: Als in een honderdvoudige spiegel. Nietzsches perspectivische schrijven. Kalmhout: Pelckmans, 2022, 406 pp. En Jozef Keulartz bespreekt in “Vertel dat maar aan Alexei Navalny, Monsieur Latour!” van Arjen Kleinherenbrink De Constructie van de wereld. De filosofie van Bruno Latour. Amsterdam: Boom, 2022, 240 pp. De rubriek Signalementen vormt zoals gebruikelijk de afsluiting van dit nummer

Geen voorraad
Quick View

Slavernij/Oekraïne. Themanummer Filosofie & Praktijk- – Jrg. 43 nr. 2 (2022)

 15,00
Dit tweede nummer van jaargang 43 van Filosofie & Praktijk heeft twee actuele kwesties als thema: de discussie rond het Nederlandse slavernijverleden en de eventuele excuses daarvoor, naast de actualiteit van de Russische inval in Oekraïne. Om te beginnen buigt Menno Kamminga zich in zijn bijdrage “De morele betwistbaarheid van nationale slavernijexcuses” over een kwestie die Nederland duidelijk verdeelt: moeten er excuses komen voor het nationale slavernijverleden, of niet. De huidige premier Mark Rutte stelt slavernijexcuses begrijpelijk maar niet verstandig te vinden. Slachtoffers en daders zijn allang dood; huidige generaties zijn niet zomaar verantwoordelijk voor vroeger leed onder een ander staatsbestel; en excuses kunnen tot polarisatie leiden. Niettemin ijveren linkse politieke partijen en actievoerders ervoor dat de regering eindelijk excuses aanbiedt in 2023, wanneer 150 jaar afschaffing van de slavernij wordt herdacht. Zoals de regering in januari 2020 excuses aanbood voor de overheidsrol bij de Holocaust, zou zij dat ook moeten doen voor de nationale betrokkenheid bij de gruweldaden van slavenhandel en slavernij. De druk op de regering neemt toe door de excuses die Amsterdam, Rotterdam en Utrecht hebben aangeboden voor hun stedelijke slavernijverleden, en de plannen van andere steden hiertoe. Maar de maatschappelijke weerstand is groot. Op deze discussie komt F&P in een later nummer daarom nog eens terug. In “Meten met meerdere maten? Een filosofische reflectie op Ruslands oorlog in Oekraïne” buigt Evert van der Zweerde zich vervolgens over die andere actuele kwestie, de oorlog in Oekraïne. Sinds de invasie van Oekraïne door het Russische leger op 24 februari 2022 staat de wereld bol van de analyses en verklaringen. Deze variëren van psychologische verklaringen van het ‘irrationele’ gedrag van Vladimir Poetin, via economische en geopolitiek-strategische, tot essentialistische duidingen van ‘Rusland’. Wat kan een filosofische reflectie hier nog aan toevoegen? Hetzelfde als altijd: kritische distantie en conceptuele helderheid, in de soms ijdele hoop dat die twee zaken enig verschil maken. Deze bijdrage richt zich op de complexe ‘casus’ van de huidige oorlog, door Rusland ontketend in vooral Oost-Oekraïne, en poogt drie elementen aan te dragen die genoemde kritische reflectie kunnen faciliteren: een historisch perspectief, een poging tot verplaatsing in de Russische situatie en een politiek-filosofische plaatsbepaling. In zijn Minima Philosophica “Wereldhistorische beschouwingen. De actualiteit van de crisis-analyticus Jacob Burckhardt” illustreert Peter Claessens de relevantie van Burckhardt: “Toch is het weinig historici gegeven 150 jaar later nog zoveel actualiteit te bezitten”. In menig opzicht zijn parallellen te trekken tussen Burckhardts visie en de huidige actualiteit. Het meest in het oog springt daarbij – natuurlijk - de parallel tussen Burckhardts beschrijving van de ‘kwaadaardige macht’ en de actualiteit van de oorlog die nu in volle omvang in Oekraïne woedt: “Zwakkere buren worden onderworpen en geannexeerd of anderszins van hun onafhankelijkheid beroofd, niet om ervoor te zorgen dat ze zelf niet meer als agressor optreden, want daarover maken ze zich nog het minst druk, maar om te voorkomen dat een andere staat zich er meester van maakt of ze politiek van zich afhankelijk maakt; het is ze erom te doen de mogelijke politieke bondgenoot van de vijand te onderwerpen. En zijn ze eenmaal deze weg ingeslagen, is er geen houden meer aan; voor alles is er een excuus.” In zijn reviewartikel “Filosofie van menselijkheid. De droom van Johan Braeckman” gaat Floris van den Berg in op het interviewboek Een zoektocht naar menselijkheid. Dirk Verhofstadt in gesprek met Johan Braeckman (2021) door filosoof Dirk Verhofstadt. Na Op zoek naar waarheid, met Etienne Vermeersch (2019) en Op zoek naar harmonie met Paul Cliteur (2012), interviewt Verhofstadt nu Johan Braeckman. Paul van Tongeren zorgt in “Een prachtige nalatenschap” voor een bespreking van het boek van Erik Oger: Als in een honderdvoudige spiegel. Nietzsches perspectivische schrijven. Kalmhout: Pelckmans, 2022, 406 pp. En Jozef Keulartz bespreekt in “Vertel dat maar aan Alexei Navalny, Monsieur Latour!” van Arjen Kleinherenbrink De Constructie van de wereld. De filosofie van Bruno Latour. Amsterdam: Boom, 2022, 240 pp. De rubriek Signalementen vormt zoals gebruikelijk de afsluiting van dit nummer

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Jongeren en online seksueel grensoverschrijdend gedrag. Wegwijs in het digitale tijdperk

 33,00
Wat is online seksueel grensoverschrijdend gedrag? Is sexting ontwikkelingsadequaat? Wat is deepfake porno? Welke online seksuele grensoverschrijdende activiteiten plegen jongeren? Hoe moet je als hulpverlener jonge online plegers begeleiden? Wat kunnen ouders of andere zorgfiguren doen in de mediaopvoeding?

Deze gids gaat in op de verschillende seksuele activiteiten die op en via het internet en nieuwe media plaatsvinden. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen gezond seksueel gedrag en seksueel grensoverschrijdend gedrag in het digitale landschap. Zowel het wettelijk als hulpverleningskader worden besproken. Problematisch gedrag inzake extreme pornografie, upskirting, seksueelmisbruikbeelden van minderjarigen en peer-to-peer online grooming zijn enkele voorbeelden die in dit boek uitvoerig worden besproken. Thema’s zoals Dark Web, jeugddelinquentierecht, seksuele ontwikkeling, preventieve hulpverlening, mediaopvoeding, monitoring en deontologie komen eveneens aan bod.

Jongeren en online seksueel grensoverschrijdend gedrag: Wegwijs in het digitale tijdperk is een praktische handleiding voor psychologen, seksuologen, criminologen, kinder- en jeugdpsychiaters, juristen en studenten die werken met jongeren die online seksueel grensoverschrijdend hebben gepleegd, of zich in de risicogroep bevinden. Allerlei tools voor de diagnostiek, preventie en therapie worden in dit boek aangereikt. Daarbovenop wordt ook een praktische toepassing aan de hand van verschillende casussen besproken.



Zohra Lkasbi is klinisch kinderpsycholoog, criminoloog en gedragstherapeut. Zij is werkzaam in ZNA Universitair Kinder- en Jeugdpsychiatrie Antwerpen (UKJA), binnen de zorgeenheid externaliserende stoornissen - adolescenten. Zij is gespecialiseerd in de diagnostiek en behandeling van jeugdige zedendelinquenten en adolescenten met een psychiatrische problematiek in combinatie met normoverschrijdend gedrag. Daarnaast heeft ze de laatste jaren expertise opgebouwd over jongeren die online seksueel grensoverschrijdend gedrag hebben gepleegd.

Quick View

Jongeren en online seksueel grensoverschrijdend gedrag. Wegwijs in het digitale tijdperk

 33,00
Wat is online seksueel grensoverschrijdend gedrag? Is sexting ontwikkelingsadequaat? Wat is deepfake porno? Welke online seksuele grensoverschrijdende activiteiten plegen jongeren? Hoe moet je als hulpverlener jonge online plegers begeleiden? Wat kunnen ouders of andere zorgfiguren doen in de mediaopvoeding?

Deze gids gaat in op de verschillende seksuele activiteiten die op en via het internet en nieuwe media plaatsvinden. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen gezond seksueel gedrag en seksueel grensoverschrijdend gedrag in het digitale landschap. Zowel het wettelijk als hulpverleningskader worden besproken. Problematisch gedrag inzake extreme pornografie, upskirting, seksueelmisbruikbeelden van minderjarigen en peer-to-peer online grooming zijn enkele voorbeelden die in dit boek uitvoerig worden besproken. Thema’s zoals Dark Web, jeugddelinquentierecht, seksuele ontwikkeling, preventieve hulpverlening, mediaopvoeding, monitoring en deontologie komen eveneens aan bod.

Jongeren en online seksueel grensoverschrijdend gedrag: Wegwijs in het digitale tijdperk is een praktische handleiding voor psychologen, seksuologen, criminologen, kinder- en jeugdpsychiaters, juristen en studenten die werken met jongeren die online seksueel grensoverschrijdend hebben gepleegd, of zich in de risicogroep bevinden. Allerlei tools voor de diagnostiek, preventie en therapie worden in dit boek aangereikt. Daarbovenop wordt ook een praktische toepassing aan de hand van verschillende casussen besproken.



Zohra Lkasbi is klinisch kinderpsycholoog, criminoloog en gedragstherapeut. Zij is werkzaam in ZNA Universitair Kinder- en Jeugdpsychiatrie Antwerpen (UKJA), binnen de zorgeenheid externaliserende stoornissen - adolescenten. Zij is gespecialiseerd in de diagnostiek en behandeling van jeugdige zedendelinquenten en adolescenten met een psychiatrische problematiek in combinatie met normoverschrijdend gedrag. Daarnaast heeft ze de laatste jaren expertise opgebouwd over jongeren die online seksueel grensoverschrijdend gedrag hebben gepleegd.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Inleiding gezondheidspromotie voor verpleeg- en vroedkunde

 21,50
Wat is gezondheid en gezond gedrag? Impliceert gezond gedrag ook gezondheidsgeletterdheid? Zijn we in staat om voor onze eigen gezondheid en die van anderen te zorgen? En hoe kan gezondheidspromotie en gezondheidseducatie het beste voorbereid en aangepakt worden?
Verpleegkundigen en vroedvrouwen hebben een opdracht in het versterken van de gezondheidsvaardigheden en het gezonde gedrag van hun zorgvragers. Dit handboek biedt kaders om hun competenties voor deze opdracht verder te ontwikkelen, dit zowel in hun werk met individuele zorgvragers als met doelgroepen.
In deze publicatie wordt aandacht gegeven aan de link met communicatie en relationele vaardigheden en wordt veel verwezen naar relevante bronnen en organisaties.



Christine Ceulemans is socioloog. Zij begeleidt studenten Verpleegkunde en Vroedkunde aan de Karel de Grote Hogeschool tijdens hun opleiding tot gezondheidspromotor en maatschappelijk-sensitieve zorgverlener. Daarnaast werkt ze als zorgcoach binnen deze hogeschool.

Quick View

Inleiding gezondheidspromotie voor verpleeg- en vroedkunde

 21,50
Wat is gezondheid en gezond gedrag? Impliceert gezond gedrag ook gezondheidsgeletterdheid? Zijn we in staat om voor onze eigen gezondheid en die van anderen te zorgen? En hoe kan gezondheidspromotie en gezondheidseducatie het beste voorbereid en aangepakt worden?
Verpleegkundigen en vroedvrouwen hebben een opdracht in het versterken van de gezondheidsvaardigheden en het gezonde gedrag van hun zorgvragers. Dit handboek biedt kaders om hun competenties voor deze opdracht verder te ontwikkelen, dit zowel in hun werk met individuele zorgvragers als met doelgroepen.
In deze publicatie wordt aandacht gegeven aan de link met communicatie en relationele vaardigheden en wordt veel verwezen naar relevante bronnen en organisaties.



Christine Ceulemans is socioloog. Zij begeleidt studenten Verpleegkunde en Vroedkunde aan de Karel de Grote Hogeschool tijdens hun opleiding tot gezondheidspromotor en maatschappelijk-sensitieve zorgverlener. Daarnaast werkt ze als zorgcoach binnen deze hogeschool.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het hemd met de onmogelijke knopen – Praktische gids op jouw weg met de ziekte van Parkinson

 29,50
En plots laten mijn vingers het niet meer toe een hemd te knopen...

Het vernemen van de diagnose van de ziekte van Parkinson gaat veelal gepaard met een zoektocht naar informatie en de hoop op innovatieve behandelingen die de ziekte kunnen afremmen, stopzetten of genezen. Het world wide web voorziet jou van informatie, soms correct en diepgaand, maar vaak ook minder betrouwbaar of onjuist. Dit boek wil tegemoetkomen aan de chaos aan online-informatie door op een gestructureerde manier wetenschappelijk betrouwbare kennis aan te bieden. De ziekte van Parkinson is een bijzondere ziekte, waarbij ook het leren omgaan met de symptomen een hele uitdaging is. Naast een bron van informatie wil dit boek een praktische gids zijn op jouw weg met de ziekte van Parkinson. Dit is een boek voor personen met de ziekte van Parkinson, hun partner, kinderen en hun bredere omgeving.



Miet De Letter is als onderzoeker en hoofddocent verbonden aan de faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de UGent. Ze is voorzitter van de opleiding Logopedische en Audiologische Wetenschappen en van de Interdisciplinaire Postgraduaatopleiding Neurorevalidatie van de UGent. Met een team van experten staat ze aan het roer van Parkinson Zorgwijzer Vlaanderen. Haar klinische en wetenschappelijke expertise grijpt ze aan om studenten en cursisten op te leiden tot gespecialiseerde zorgverstrekkers voor personen met de ziekte van Parkinson.

Tom Steeland is als zelfstandige logopedist gespecialiseerd in parkinsonzorg. Met een team van logopedisten heeft hij een jarenlange ervaring opgebouwd in de thuisbegeleiding van personen met de ziekte van Parkinson en hun omgeving. Hij streeft naar een parkinsonzorg in interdisciplinair samenwerkingsverband, waarbij de persoon achter de patiënt met de ziekte van Parkinson centraal staat.

Patrick Santens is neuroloog in het UZ Gent en gewoon hoogleraar neurologie aan de UGent. Zijn hoofdspecialisatie situeert zich in het vakgebied van de bewegingsstoornissen, in het bijzonder de ziekte van Parkinson en aanverwante stoornissen.

Geen voorraad
Quick View

Het hemd met de onmogelijke knopen – Praktische gids op jouw weg met de ziekte van Parkinson

 29,50
En plots laten mijn vingers het niet meer toe een hemd te knopen...

Het vernemen van de diagnose van de ziekte van Parkinson gaat veelal gepaard met een zoektocht naar informatie en de hoop op innovatieve behandelingen die de ziekte kunnen afremmen, stopzetten of genezen. Het world wide web voorziet jou van informatie, soms correct en diepgaand, maar vaak ook minder betrouwbaar of onjuist. Dit boek wil tegemoetkomen aan de chaos aan online-informatie door op een gestructureerde manier wetenschappelijk betrouwbare kennis aan te bieden. De ziekte van Parkinson is een bijzondere ziekte, waarbij ook het leren omgaan met de symptomen een hele uitdaging is. Naast een bron van informatie wil dit boek een praktische gids zijn op jouw weg met de ziekte van Parkinson. Dit is een boek voor personen met de ziekte van Parkinson, hun partner, kinderen en hun bredere omgeving.



Miet De Letter is als onderzoeker en hoofddocent verbonden aan de faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de UGent. Ze is voorzitter van de opleiding Logopedische en Audiologische Wetenschappen en van de Interdisciplinaire Postgraduaatopleiding Neurorevalidatie van de UGent. Met een team van experten staat ze aan het roer van Parkinson Zorgwijzer Vlaanderen. Haar klinische en wetenschappelijke expertise grijpt ze aan om studenten en cursisten op te leiden tot gespecialiseerde zorgverstrekkers voor personen met de ziekte van Parkinson.

Tom Steeland is als zelfstandige logopedist gespecialiseerd in parkinsonzorg. Met een team van logopedisten heeft hij een jarenlange ervaring opgebouwd in de thuisbegeleiding van personen met de ziekte van Parkinson en hun omgeving. Hij streeft naar een parkinsonzorg in interdisciplinair samenwerkingsverband, waarbij de persoon achter de patiënt met de ziekte van Parkinson centraal staat.

Patrick Santens is neuroloog in het UZ Gent en gewoon hoogleraar neurologie aan de UGent. Zijn hoofdspecialisatie situeert zich in het vakgebied van de bewegingsstoornissen, in het bijzonder de ziekte van Parkinson en aanverwante stoornissen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Logica en filosofie van de taal – Voor al wie bezig is met taal en tekst

 31,00
Denken en taal zijn met elkaar verbonden als de lijnen in de tekening van een haas die eruitziet als een eend of van een eend die eruitziet als een haas, afankelijk van hoe je ze bekijkt. Soms lijkt taal denken. Soms lijkt denken taal. Voor wie aandachtig kijkt vallen zij nooit samen.

Dit boek biedt een brede inleiding in de analyse van denken en taal. Het is bedoeld voor al wie bezig is met taal en tekst, in het dagelijks leven, op school en op de werkvloer. Het vereist geen voorkennis. De uiteenzetting is opgebouwd uit twee delen. In het eerste deel staat het denken centraal. De twee belangrijkste vragen daaromtrent zijn: de vraag van de informele logica naar de relevantie van een argument, en de vraag van de formele logica naar de juistheid van een conclusie. In het tweede deel ligt de nadruk op taal en haar verhouding tot betekenis, het denken en de werkelijkheid. De stof wordt toegelicht aan de hand van voorbeelden afkomstig uit een grote verscheidenheid aan domeinen, politiek, literair en wetenschappelijk, die tonen hoe belangrijk een juiste kijk op denken en taal is om in de wereld onze weg te vinden. Om de zelfwerkzaamheid van de lezer te stimuleren, zijn aan het eind van ieder hoofdstuk opgaven opgenomen.

De titel van het boek wijst er meteen op dat het onderwerp ‘logica en filosofie van de taal’ niet alleen is weggelegd voor specialisten (al dan niet in ivoren torens). En al lijkt het op het eerste gezicht bedoeld voor een academisch niveau, het is ook ‘geschikt als leidraad bij cursussen laatste jaar middelbaar onderwijs ter voorbereiding op het hoger onderwijs en voor al wie bezig is met taal en tekst’ (Jan Cumps, Voor u gelezen, Impuls voor onderwijsbegeleiding, 47(4), p.199).



Van 2009 tot 2019 was Martine Lejeune (PhD filosofie) gastprofessor filosofie aan de Universiteit Gent. Zij studeerde filosofie aan de Universiteit Gent en promoveerde aan de Universiteit Antwerpen op een proefschrift over speculatieve logica. Sinds 2022 is zij voltijds schrijfster. Zij schrijft fictie en non-fictie.

Quick View

Logica en filosofie van de taal – Voor al wie bezig is met taal en tekst

 31,00
Denken en taal zijn met elkaar verbonden als de lijnen in de tekening van een haas die eruitziet als een eend of van een eend die eruitziet als een haas, afankelijk van hoe je ze bekijkt. Soms lijkt taal denken. Soms lijkt denken taal. Voor wie aandachtig kijkt vallen zij nooit samen.

Dit boek biedt een brede inleiding in de analyse van denken en taal. Het is bedoeld voor al wie bezig is met taal en tekst, in het dagelijks leven, op school en op de werkvloer. Het vereist geen voorkennis. De uiteenzetting is opgebouwd uit twee delen. In het eerste deel staat het denken centraal. De twee belangrijkste vragen daaromtrent zijn: de vraag van de informele logica naar de relevantie van een argument, en de vraag van de formele logica naar de juistheid van een conclusie. In het tweede deel ligt de nadruk op taal en haar verhouding tot betekenis, het denken en de werkelijkheid. De stof wordt toegelicht aan de hand van voorbeelden afkomstig uit een grote verscheidenheid aan domeinen, politiek, literair en wetenschappelijk, die tonen hoe belangrijk een juiste kijk op denken en taal is om in de wereld onze weg te vinden. Om de zelfwerkzaamheid van de lezer te stimuleren, zijn aan het eind van ieder hoofdstuk opgaven opgenomen.

De titel van het boek wijst er meteen op dat het onderwerp ‘logica en filosofie van de taal’ niet alleen is weggelegd voor specialisten (al dan niet in ivoren torens). En al lijkt het op het eerste gezicht bedoeld voor een academisch niveau, het is ook ‘geschikt als leidraad bij cursussen laatste jaar middelbaar onderwijs ter voorbereiding op het hoger onderwijs en voor al wie bezig is met taal en tekst’ (Jan Cumps, Voor u gelezen, Impuls voor onderwijsbegeleiding, 47(4), p.199).



Van 2009 tot 2019 was Martine Lejeune (PhD filosofie) gastprofessor filosofie aan de Universiteit Gent. Zij studeerde filosofie aan de Universiteit Gent en promoveerde aan de Universiteit Antwerpen op een proefschrift over speculatieve logica. Sinds 2022 is zij voltijds schrijfster. Zij schrijft fictie en non-fictie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Filosoferen in sociaal werk. De kracht van het niet-weten in de agogische praktijk.

 31,00
Sociaal werkers maken voortdurend agogische keuzes, gebaseerd op vooronderstellingen en beelden over wat waar is en wat niet, over wie de mens is, over hoe een goede samenleving eruitziet, over wat goed handelen is en over wie de ander is die ik ontmoet. Wat een sociaal werker schrijft, zegt of welke acties hij onderneemt, is nooit het onbetwistbare resultaat van een wetenschappelijke formule of een objectieve berekening. Hij wordt voortdurend uitgedaagd om kritische vragen te stellen, zeker ook over zijn eigen overtuigingen. Hij zal moeten filosoferen.

Filosoferen is een spel. Het is spelen met de heersende principes, de gangbare opinies en de gedeelde waarden van een samenleving. Het is graven naar de onderliggende vooronderstellingen die hen schragen en hen testen op hun houdbaarheid, maar het is geen vrijblijvend spel. Diepgewortelde ideeën ter discussie stellen kan ontwrichtend zijn. Filosofie brengt zowel het denken als mensen, de samenleving dus, in beweging. Dit maakt de filosofie tot een krachtige bondgenoot voor alle beroepen die sociaal onrecht aan de kaak stellen en streven naar een meer rechtvaardige samenleving.



Daniël Janssens, Aleidis Devillé en Jonathan Lambaerts zijn allen verbonden aan de Opleiding Sociaal werk van Hogeschool Thomas More, Campus Geel. Wim Wouters is raadgever sociaal werk, armoede en diversiteit op het kabinet van Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn.

Quick View

Filosoferen in sociaal werk. De kracht van het niet-weten in de agogische praktijk.

 31,00
Sociaal werkers maken voortdurend agogische keuzes, gebaseerd op vooronderstellingen en beelden over wat waar is en wat niet, over wie de mens is, over hoe een goede samenleving eruitziet, over wat goed handelen is en over wie de ander is die ik ontmoet. Wat een sociaal werker schrijft, zegt of welke acties hij onderneemt, is nooit het onbetwistbare resultaat van een wetenschappelijke formule of een objectieve berekening. Hij wordt voortdurend uitgedaagd om kritische vragen te stellen, zeker ook over zijn eigen overtuigingen. Hij zal moeten filosoferen.

Filosoferen is een spel. Het is spelen met de heersende principes, de gangbare opinies en de gedeelde waarden van een samenleving. Het is graven naar de onderliggende vooronderstellingen die hen schragen en hen testen op hun houdbaarheid, maar het is geen vrijblijvend spel. Diepgewortelde ideeën ter discussie stellen kan ontwrichtend zijn. Filosofie brengt zowel het denken als mensen, de samenleving dus, in beweging. Dit maakt de filosofie tot een krachtige bondgenoot voor alle beroepen die sociaal onrecht aan de kaak stellen en streven naar een meer rechtvaardige samenleving.



Daniël Janssens, Aleidis Devillé en Jonathan Lambaerts zijn allen verbonden aan de Opleiding Sociaal werk van Hogeschool Thomas More, Campus Geel. Wim Wouters is raadgever sociaal werk, armoede en diversiteit op het kabinet van Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ken je innerlijke goden en godinnen

 23,00
Ken jij je innerlijke goden en godinnen? In dit boek laat Jan Van der Vurst elk van de 12 Olympische godinnen en goden de revue passeren: hun betekenis in de Griekse mythes, maar vooral de rol die ze spelen in ons dagelijks leven. Elk van hen is de belichaming van een oerkracht, is onvervangbaar en speelt zijn eigen rol, in iedere vrouw, in iedere man. Geen van hen is echt een lieverdje, maar wel houden ze elkaar in evenwicht.

Soms zijn bepaalde goden of godinnen wat ondergeschoven geraakt of nemen ze een grotere plaats in dan ons lief is. De auteur toont hoe we bestaansrecht kunnen geven aan alle aspecten van onze persoon en biedt praktische handvaten om eventueel een ander, beter evenwicht in onszelf te vinden. Hierdoor winnen we zowel aan kracht (zelfkennis, persoonlijke groei) als aan mildheid.



Jan Van der Vurst werkt als consulent en opleider in het domein van menselijk gedrag. Hij voert opdrachten uit voor bedrijven in de vijf continenten. Van der Vurst publiceerde enkele boeken over invloed, over moed en over stakeholder management. Hij leidt het training- en adviesbureau Jeran.

Quick View

Ken je innerlijke goden en godinnen

 23,00
Ken jij je innerlijke goden en godinnen? In dit boek laat Jan Van der Vurst elk van de 12 Olympische godinnen en goden de revue passeren: hun betekenis in de Griekse mythes, maar vooral de rol die ze spelen in ons dagelijks leven. Elk van hen is de belichaming van een oerkracht, is onvervangbaar en speelt zijn eigen rol, in iedere vrouw, in iedere man. Geen van hen is echt een lieverdje, maar wel houden ze elkaar in evenwicht.

Soms zijn bepaalde goden of godinnen wat ondergeschoven geraakt of nemen ze een grotere plaats in dan ons lief is. De auteur toont hoe we bestaansrecht kunnen geven aan alle aspecten van onze persoon en biedt praktische handvaten om eventueel een ander, beter evenwicht in onszelf te vinden. Hierdoor winnen we zowel aan kracht (zelfkennis, persoonlijke groei) als aan mildheid.



Jan Van der Vurst werkt als consulent en opleider in het domein van menselijk gedrag. Hij voert opdrachten uit voor bedrijven in de vijf continenten. Van der Vurst publiceerde enkele boeken over invloed, over moed en over stakeholder management. Hij leidt het training- en adviesbureau Jeran.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Démence chez les personnes âgées issues de l’immigration

 19,50
Cet ouvrage unique présente les principales conclusions d’une étude de cinq ans sur la démence et sa prise en charge chez les personnes âgées issues de l’immigration en Belgique. Pour la première fois, cette thématique est examinée sous trois angles : celui des travailleurs migrants âgés, celui de leurs aidants proches et celui des soignants professionnels.

S’inscrivant dans une démarche scientifique, cet ouvrage s’appuie sur les témoignages de personnes âgées d’origines marocaine, turque et italienne, de leurs aidants proches et de soignants professionnels pour décrire la prise en charge de l’alzheimer chez ces seniors, leurs besoins et les stratégies de soins mises en œuvre par les aidants proches et les intervenants professionnels pour y répondre. Il aborde en outre les services et les soins qui seront nécessaires à l’avenir pour assurer une meilleure prise en charge de la maladie chez ces aînés.

La personne âgée était au cœur de l’étude menée, et cela transparaît également dans le message que cet ouvrage cherche à faire passer. Après un bref aperçu de l’histoire de l’immigration en Belgique et une esquisse des besoins des seniors issus de cette immigration, les auteures donnent à voir la manière dont les personnes âgées et leurs aidants proches vivent l’alzheimer. Elles se penchent ensuite sur le déroulement du processus diagnostique lié à l’alzheimer ainsi que sur les soins et l’assistance apportés aux personnes âgées qui en souffrent. Cette partie de l’ouvrage s’attache à décrire les soins informels apportés par les aidants proches, ainsi que les influences qui s’exercent sur les soins professionnels et la perception dont ils font l’objet, tant en Belgique qu’à l’étranger. Enfin, l’ouvrage présente plusieurs exemples de projets inspirants menés dans d’autres pays et formule des recommandations en vue d’une prise en charge mieux adaptée des personnes âgées issues de l’immigration.

Cet ouvrage se veut une source d’inspiration pour les aidants proches, les soignants professionnels et les décideurs politiques, et entend les aider à relever le défi, trop peu mis en lumière, qui consiste à proposer des soins adaptés aux seniors issus de l’immigration atteints de démence. Il peut contribuer à amorcer le dialogue sur cette problématique et propose des pistes pour améliorer et moderniser la pratique en la matière.



Dr. Saloua Berdai Chaouni a une doctorat en agogique pour adults et est diplômée en sciences biomédicales et gérontologue. Elle est chercheuse rattachée à l’Erasmushogeschool Brussel, à la Vrije Universiteit Brussel et à la Karel de Grote Hogeschool, où elle enseigne également. Ses recherches se situent à la croisée du vieillissement, de la diversité et des soins.

Ann Claeys est infirmière et gérontologue. Elle est chercheuse rattachée à l’Erasmushogeschool Brussel, où elle est également chargée de cours, et à la Vrije Universiteit Brussel. Elle mène des recherches sur les soins sensibles à la culture et sur les compétences culturelles chez les professionnels des soins.

Quick View

Démence chez les personnes âgées issues de l’immigration

 19,50
Cet ouvrage unique présente les principales conclusions d’une étude de cinq ans sur la démence et sa prise en charge chez les personnes âgées issues de l’immigration en Belgique. Pour la première fois, cette thématique est examinée sous trois angles : celui des travailleurs migrants âgés, celui de leurs aidants proches et celui des soignants professionnels.

S’inscrivant dans une démarche scientifique, cet ouvrage s’appuie sur les témoignages de personnes âgées d’origines marocaine, turque et italienne, de leurs aidants proches et de soignants professionnels pour décrire la prise en charge de l’alzheimer chez ces seniors, leurs besoins et les stratégies de soins mises en œuvre par les aidants proches et les intervenants professionnels pour y répondre. Il aborde en outre les services et les soins qui seront nécessaires à l’avenir pour assurer une meilleure prise en charge de la maladie chez ces aînés.

La personne âgée était au cœur de l’étude menée, et cela transparaît également dans le message que cet ouvrage cherche à faire passer. Après un bref aperçu de l’histoire de l’immigration en Belgique et une esquisse des besoins des seniors issus de cette immigration, les auteures donnent à voir la manière dont les personnes âgées et leurs aidants proches vivent l’alzheimer. Elles se penchent ensuite sur le déroulement du processus diagnostique lié à l’alzheimer ainsi que sur les soins et l’assistance apportés aux personnes âgées qui en souffrent. Cette partie de l’ouvrage s’attache à décrire les soins informels apportés par les aidants proches, ainsi que les influences qui s’exercent sur les soins professionnels et la perception dont ils font l’objet, tant en Belgique qu’à l’étranger. Enfin, l’ouvrage présente plusieurs exemples de projets inspirants menés dans d’autres pays et formule des recommandations en vue d’une prise en charge mieux adaptée des personnes âgées issues de l’immigration.

Cet ouvrage se veut une source d’inspiration pour les aidants proches, les soignants professionnels et les décideurs politiques, et entend les aider à relever le défi, trop peu mis en lumière, qui consiste à proposer des soins adaptés aux seniors issus de l’immigration atteints de démence. Il peut contribuer à amorcer le dialogue sur cette problématique et propose des pistes pour améliorer et moderniser la pratique en la matière.



Dr. Saloua Berdai Chaouni a une doctorat en agogique pour adults et est diplômée en sciences biomédicales et gérontologue. Elle est chercheuse rattachée à l’Erasmushogeschool Brussel, à la Vrije Universiteit Brussel et à la Karel de Grote Hogeschool, où elle enseigne également. Ses recherches se situent à la croisée du vieillissement, de la diversité et des soins.

Ann Claeys est infirmière et gérontologue. Elle est chercheuse rattachée à l’Erasmushogeschool Brussel, où elle est également chargée de cours, et à la Vrije Universiteit Brussel. Elle mène des recherches sur les soins sensibles à la culture et sur les compétences culturelles chez les professionnels des soins.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    11
    Uw winkelwagen
    ×