Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hoe vrij is de markt zonder (spirituele) grenzen ?

 15,90
Het begin van de 21ste eeuw is getekend door een golf van terreur. Het versplintert het ooit gewaande westerse veiligheidsgevoel en het genereert angst. Een nieuwe angst die anderzijds bevestigd wordt door een totaal andere bedreiging: de nabije overstroming van de aarde en haar rijkdommen. Alarmerende milieurapporten volgen elkaar in ijltempo op. Verdragen als Kyoto, afspraken als de Copenhagen akkoorden, conferenties rond Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen `bevelen'' dat we de onomkeerbare destructie van de aarde moeten stoppen. Maar wie zijn `wij'' en wie neemt hier het gezag het roer van het wereldschip 180° te keren? Was er begin jaren `70 een eerste golf van milieubewustzijn waar te nemen, nu zijn we inmiddels aan een volgende reflectie toe, een reflectie over de vergaande effecten van de economische voortgang. Op dit moment lijkt er geen alternatief te bestaan voor het kapitalistische economisch model. Alternatieve modellen zoals de planeconomie of de coöperatieve economie zijn van het toneel verdwenen of schuiven in de richting van het kapitalistische model (China). Maar het objectief van eeuwige economische groei lijkt wegens zijn rampzalige ecologische voetafdruk niet veralgemeenbaar voor de hele wereld. Zeker niet wanneer we bedenken dat de explosieve groei-economieën China en India gelijkaardige consumptiepatronen beginnen te vertonen als het westen met alle gevolgen vandien. Is er een alternatief denkbaar?
Ethische en ecologische reflecties zijn aan een verdere verdieping toe met vragen als: hoe willen we leven, nu en straks? Hoe moet het bedrijfsleven er dan uit zien? Wie heeft wel en wie geen toegang tot kennis, industrie en welvaart? En in welke verhouding staat dat alles tot het algemeen welzijn, tot menselijk geluk?

Suzan Langenberg en Wim Vandekerckhove zijn bestuurslid van het Vlaams Netwerk voor Zakenethiek en zijn beide actief in zowel het praktische als academische pleidooi voor een kritisch-ethische benadering van het onder-nemen `tout court'.

Quick View

Hoe vrij is de markt zonder (spirituele) grenzen ?

 15,90
Het begin van de 21ste eeuw is getekend door een golf van terreur. Het versplintert het ooit gewaande westerse veiligheidsgevoel en het genereert angst. Een nieuwe angst die anderzijds bevestigd wordt door een totaal andere bedreiging: de nabije overstroming van de aarde en haar rijkdommen. Alarmerende milieurapporten volgen elkaar in ijltempo op. Verdragen als Kyoto, afspraken als de Copenhagen akkoorden, conferenties rond Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen `bevelen'' dat we de onomkeerbare destructie van de aarde moeten stoppen. Maar wie zijn `wij'' en wie neemt hier het gezag het roer van het wereldschip 180° te keren? Was er begin jaren `70 een eerste golf van milieubewustzijn waar te nemen, nu zijn we inmiddels aan een volgende reflectie toe, een reflectie over de vergaande effecten van de economische voortgang. Op dit moment lijkt er geen alternatief te bestaan voor het kapitalistische economisch model. Alternatieve modellen zoals de planeconomie of de coöperatieve economie zijn van het toneel verdwenen of schuiven in de richting van het kapitalistische model (China). Maar het objectief van eeuwige economische groei lijkt wegens zijn rampzalige ecologische voetafdruk niet veralgemeenbaar voor de hele wereld. Zeker niet wanneer we bedenken dat de explosieve groei-economieën China en India gelijkaardige consumptiepatronen beginnen te vertonen als het westen met alle gevolgen vandien. Is er een alternatief denkbaar?
Ethische en ecologische reflecties zijn aan een verdere verdieping toe met vragen als: hoe willen we leven, nu en straks? Hoe moet het bedrijfsleven er dan uit zien? Wie heeft wel en wie geen toegang tot kennis, industrie en welvaart? En in welke verhouding staat dat alles tot het algemeen welzijn, tot menselijk geluk?

Suzan Langenberg en Wim Vandekerckhove zijn bestuurslid van het Vlaams Netwerk voor Zakenethiek en zijn beide actief in zowel het praktische als academische pleidooi voor een kritisch-ethische benadering van het onder-nemen `tout court'.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?

 20,50

mirtazapine buy online

buy mirtazapine
De psychiatrie is een weten dat van zich doet spreken. Maar waarop is dit weten gebaseerd? Op de biologie? Op de psychologie? Op de interactie tussen beide? Of weten we het gewoonweg niet en wordt onze onwetendheid overdekt met vele verhalen over de (psychopathologische) mens die allemaal wel wat waars bevatten maar elkaar heel vaak tegenspreken of elkaar zelfs uitsluiten?

Vanuit verschillende invalshoeken belichten de auteurs de wetenschappelijke status van de psychiatrie: vanuit de biologische psychiatrie, en Marc De Kese vanuit de filosofie, Jim vanuit de psychiatrische epidemiologie, Hubert Van E en vanuit de psychoanalytische praktijk en Mooij vanuit een filosofisch dualisme. De meeste auteurs pleiten voor een integratie van de uiteenlopende standpunten en anderen wijzen die mogelijkheid ronduit af. Volgens deze laatste groep is de wetenschap niet bij machte de eenheid van het verschijnsel mens te denken en herbergt het mens zijn zelf een gespletenheid die het mogelijk maakt om mens te zijn.

De bijdragen getuigen van een grote interesse in het onderwerp ''Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?'' Eerder wordt het interessegebied geproblematiseerd dan dat er pasklare blauwdrukken van een wetenschappelijke psychiatrie worden geleverd. Doordat de lichaam-geest problematiek in alle bijdragen in mindere of meerdere mate aan de orde komt, wordt aansluiting gevonden bij een thema dat opnieuw actueel is.

Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?
Quick View

Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?

 20,50

mirtazapine buy online

buy mirtazapine
De psychiatrie is een weten dat van zich doet spreken. Maar waarop is dit weten gebaseerd? Op de biologie? Op de psychologie? Op de interactie tussen beide? Of weten we het gewoonweg niet en wordt onze onwetendheid overdekt met vele verhalen over de (psychopathologische) mens die allemaal wel wat waars bevatten maar elkaar heel vaak tegenspreken of elkaar zelfs uitsluiten?

Vanuit verschillende invalshoeken belichten de auteurs de wetenschappelijke status van de psychiatrie: vanuit de biologische psychiatrie, en Marc De Kese vanuit de filosofie, Jim vanuit de psychiatrische epidemiologie, Hubert Van E en vanuit de psychoanalytische praktijk en Mooij vanuit een filosofisch dualisme. De meeste auteurs pleiten voor een integratie van de uiteenlopende standpunten en anderen wijzen die mogelijkheid ronduit af. Volgens deze laatste groep is de wetenschap niet bij machte de eenheid van het verschijnsel mens te denken en herbergt het mens zijn zelf een gespletenheid die het mogelijk maakt om mens te zijn.

De bijdragen getuigen van een grote interesse in het onderwerp ''Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?'' Eerder wordt het interessegebied geproblematiseerd dan dat er pasklare blauwdrukken van een wetenschappelijke psychiatrie worden geleverd. Doordat de lichaam-geest problematiek in alle bijdragen in mindere of meerdere mate aan de orde komt, wordt aansluiting gevonden bij een thema dat opnieuw actueel is.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Minister Dixit. Een geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid

 19,90
Cultuur en beleid: het heeft iets van een verstandshuwelijk. De ene partner: cultuur, altijd om geld verlegen maar bedacht voor inmenging van bovenaf. De andere partner: de beleidsmaker, houdt bij het inzetten van middelen steeds zijn eigen visie op de samenleving voor ogen. Sinds de culturele autonomie is het cultuurbeleid een Vlaams huwelijk geworden.
Dit boek beschrijft hoe in het pas ontvoogde Vlaanderen de klemtoon kwam te liggen op de uitbouw van een sociaal-cultureel netwerk. De jaren ''80 brachten daarna samen met een gestegen zelfbewustzijn een cultuurbeleid dat in het teken van de kunsten stond. Momenteel zien we hoe beide bewegingen moeizaam naar elkaar toe groeien.

Moet gesubsidieerde kunst maatschappelijk relevant zijn? Moet de overheid consument of eerder producent georiënteerd zijn? Hoe verhoudt de overheid zich ten aanzien van de markt? Moet cultuur een dam opwerpen tegen de ''verzuring''? Hoe Vlaams is het Vlaamse cultuurbeleid? De auteur gaat na welke de visies waren van de opeenvolgende ministers m.b.t. deze en andere thema''s. Het boek brengt voor het eerst een globale geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, waardoor het actuele cultuurdebat in een historische context komt te staan.

Wim De Pauw is verbonden aan de opleiding 'sociale en culturele agogiek' aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij publiceerde onder meer over het Vlaamse en Brusselse podiumkunstenbeleid. Momenteel bereidt hij een proefschrift voor over vernieuwing binnen het Vlaamse cultuurbeleid.

Quick View

Minister Dixit. Een geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid

 19,90
Cultuur en beleid: het heeft iets van een verstandshuwelijk. De ene partner: cultuur, altijd om geld verlegen maar bedacht voor inmenging van bovenaf. De andere partner: de beleidsmaker, houdt bij het inzetten van middelen steeds zijn eigen visie op de samenleving voor ogen. Sinds de culturele autonomie is het cultuurbeleid een Vlaams huwelijk geworden.
Dit boek beschrijft hoe in het pas ontvoogde Vlaanderen de klemtoon kwam te liggen op de uitbouw van een sociaal-cultureel netwerk. De jaren ''80 brachten daarna samen met een gestegen zelfbewustzijn een cultuurbeleid dat in het teken van de kunsten stond. Momenteel zien we hoe beide bewegingen moeizaam naar elkaar toe groeien.

Moet gesubsidieerde kunst maatschappelijk relevant zijn? Moet de overheid consument of eerder producent georiënteerd zijn? Hoe verhoudt de overheid zich ten aanzien van de markt? Moet cultuur een dam opwerpen tegen de ''verzuring''? Hoe Vlaams is het Vlaamse cultuurbeleid? De auteur gaat na welke de visies waren van de opeenvolgende ministers m.b.t. deze en andere thema''s. Het boek brengt voor het eerst een globale geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, waardoor het actuele cultuurdebat in een historische context komt te staan.

Wim De Pauw is verbonden aan de opleiding 'sociale en culturele agogiek' aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij publiceerde onder meer over het Vlaamse en Brusselse podiumkunstenbeleid. Momenteel bereidt hij een proefschrift voor over vernieuwing binnen het Vlaamse cultuurbeleid.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Eed van Hippokrates. Historische beschouwingen inzake de opdracht en de begrenzingen van het medisch handelen

 24,90
Zwangerschapsbegeleiding, voortplantingsgeneeskunde, orgaantransplantatie, behandeling van terminale patiënten, … plaatsen artsen voor grote ethische uitdagingen. Al deze ontwikkelingen hebben een diepgaande impact op de maatschappelijke gezondheidszorg in het algemeen en de relatie arts-patiënt in het bijzonder. In alle ethische debatten hierover is er één opvallende constante: altijd weer verwijst men naar de hippocratische traditie. Te pas én helaas ook te onpas wordt de hippocratische Eed hierbij als een gezagsargument aangewend. Vaak zonder veel kritische zin worden citaten uit de Eed gebruikt – en ook misbruikt – om het eigen standpunt kracht bij te zetten, wat dan weer door anderen in twijfel wordt getrokken.
Hiermee is duidelijk hoe belangrijk de hippocratische traditie blijft voor de medische ethiek. Er zijn weinig disciplines met een eeuwenoude inspiratiebron die nog zo kernachtig de huidige praktijk beïnvloedt. Dit boek analyseert de ware draagwijdte en betekenis van de hippocratische Eed en de medisch-ethische context waarin hij tot stand is gekomen. De betekenis ervan voor het actuele ethische debat in de geneeskunde is groot.
Deze uitgave is uiteraard van grote importantie voor elke medicus.

Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er onder meer psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde, cultuurgeschiedenis van de seksualiteit.

Quick View

Eed van Hippokrates. Historische beschouwingen inzake de opdracht en de begrenzingen van het medisch handelen

 24,90
Zwangerschapsbegeleiding, voortplantingsgeneeskunde, orgaantransplantatie, behandeling van terminale patiënten, … plaatsen artsen voor grote ethische uitdagingen. Al deze ontwikkelingen hebben een diepgaande impact op de maatschappelijke gezondheidszorg in het algemeen en de relatie arts-patiënt in het bijzonder. In alle ethische debatten hierover is er één opvallende constante: altijd weer verwijst men naar de hippocratische traditie. Te pas én helaas ook te onpas wordt de hippocratische Eed hierbij als een gezagsargument aangewend. Vaak zonder veel kritische zin worden citaten uit de Eed gebruikt – en ook misbruikt – om het eigen standpunt kracht bij te zetten, wat dan weer door anderen in twijfel wordt getrokken.
Hiermee is duidelijk hoe belangrijk de hippocratische traditie blijft voor de medische ethiek. Er zijn weinig disciplines met een eeuwenoude inspiratiebron die nog zo kernachtig de huidige praktijk beïnvloedt. Dit boek analyseert de ware draagwijdte en betekenis van de hippocratische Eed en de medisch-ethische context waarin hij tot stand is gekomen. De betekenis ervan voor het actuele ethische debat in de geneeskunde is groot.
Deze uitgave is uiteraard van grote importantie voor elke medicus.

Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er onder meer psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde, cultuurgeschiedenis van de seksualiteit.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tussen één en allen. Residentiële behandeling van het moeilijk opvoedbare kind – Herwerkte versie (KOP-serie, nr 17)

door
 19,00
De residentiële hulpverlening aan kinderen en adolescenten kende de laatste decennia een enorme ontwikkeling. In plaats van een verzorgende of gezinsvervangende functie, kreeg ze veeleer een therapeutische opdracht. Men verwacht dat ze nieuwe groeikansen kan bieden aan kinderen die in hun ontwikkeling vastgelopen zijn. Centraal hierin staat het gebruik maken van gewone dagdagelijkse ervaringen, het zgn. therapeutische milieu. Hoe kan een instellingsteam deze opgave realiseren? Wat zijn de belangrijkste oriëntatiepunten bij de behandeling? Welke valkuilen zal men vermijden? Hoe kan men de gebruikte methodiek in therapeutisch perspectief plaatsen? Kunnen kritische incidenten ook tot een verdieping van de behandeling leiden? De titel van het boek, "Tussen één en allen", wijst op de spanning die vaak opgeroepen wordt tussen het beluisteren van het kind en de werkelijkheid van elke dag. De ontmoeting tussen het kind en de hulpverlener wordt er als de kern van de behandeling gezien. Dit is evenwel vaak een doelstelling op langere termijn. Intussen moet het kind ook zijn verweer en wantrouwen kunnen uitdrukken. De behandeling kent in deze zin een procesmatig verloop. Hierbij wordt enkel een beroep gedaan op gewone middelen. In een tijd van gesofisticeerde methodieken klinkt dit als een verfrissende boodschap. In een eenvoudige taal en aan de hand van talloze voorbeelden verdedigt de auteur de methodiek van het residentiële werk vanuit een psycho-dynamisch standpunt.

Wilfried SMIS, doctor in de psychologie, is verbonden aan "De Berkjes", een Observatie- en Behandelingscentrum in Brugge.

Quick View

Tussen één en allen. Residentiële behandeling van het moeilijk opvoedbare kind – Herwerkte versie (KOP-serie, nr 17)

door
 19,00
De residentiële hulpverlening aan kinderen en adolescenten kende de laatste decennia een enorme ontwikkeling. In plaats van een verzorgende of gezinsvervangende functie, kreeg ze veeleer een therapeutische opdracht. Men verwacht dat ze nieuwe groeikansen kan bieden aan kinderen die in hun ontwikkeling vastgelopen zijn. Centraal hierin staat het gebruik maken van gewone dagdagelijkse ervaringen, het zgn. therapeutische milieu. Hoe kan een instellingsteam deze opgave realiseren? Wat zijn de belangrijkste oriëntatiepunten bij de behandeling? Welke valkuilen zal men vermijden? Hoe kan men de gebruikte methodiek in therapeutisch perspectief plaatsen? Kunnen kritische incidenten ook tot een verdieping van de behandeling leiden? De titel van het boek, "Tussen één en allen", wijst op de spanning die vaak opgeroepen wordt tussen het beluisteren van het kind en de werkelijkheid van elke dag. De ontmoeting tussen het kind en de hulpverlener wordt er als de kern van de behandeling gezien. Dit is evenwel vaak een doelstelling op langere termijn. Intussen moet het kind ook zijn verweer en wantrouwen kunnen uitdrukken. De behandeling kent in deze zin een procesmatig verloop. Hierbij wordt enkel een beroep gedaan op gewone middelen. In een tijd van gesofisticeerde methodieken klinkt dit als een verfrissende boodschap. In een eenvoudige taal en aan de hand van talloze voorbeelden verdedigt de auteur de methodiek van het residentiële werk vanuit een psycho-dynamisch standpunt.

Wilfried SMIS, doctor in de psychologie, is verbonden aan "De Berkjes", een Observatie- en Behandelingscentrum in Brugge.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Rozen in de knop. Over de kunst in het postmetafysische tijdperk

 19,90
Tegenover de eigentijdse kunst heersen overwegend reacties van onwennigheid tot vijandigheid. Toch is het fenomeen er en blijft het de opdracht zich er over te bezinnen.
Rozen in de knop reflectereert over de kunst van 1970 tot heden. Aan de hand van een aantal concrete werken dialogeert de auteur met deze kunst.
Het “metafysische” is de grote leidraad door het boek. Ons tijdperk heeft zichzelf uitgeroepen tot postmetafysisch. Een eerste vraag is: wat betekent dat? Het blijkt dat de kunst met al haar vezels verbonden is met dit einde van de metafysica. Zij werpt derhalve een verhelderend licht op wie wij thans zijn. En niet alleen dat. De hedendaagse kunst draagt zelf actief bij tot de bevrijding van eenduidige denkwijzen en waarheden. Maar is een postmetafysische mens wel mogelijk of wenselijk? Een kunst die zich blijvend wil handhaven in het ametafysische, is wellicht tenslotte uitzichtloos. Net zoals een a-metafysiche cultuur onleefbaar zou kunnen zijn. Mogelijk ligt de toekomst erin dat het metafysische, na de dood van de metafysica, opnieuw voorzichtig een weg kan zoeken. Ook daarvan zijn zekere sporen te ontdekken in de actuele kunst. Geven we die een kans of blijven we liever volharden in de “metafysische paranoia” die het Westen kenmerkt?

Quick View

Rozen in de knop. Over de kunst in het postmetafysische tijdperk

 19,90
Tegenover de eigentijdse kunst heersen overwegend reacties van onwennigheid tot vijandigheid. Toch is het fenomeen er en blijft het de opdracht zich er over te bezinnen.
Rozen in de knop reflectereert over de kunst van 1970 tot heden. Aan de hand van een aantal concrete werken dialogeert de auteur met deze kunst.
Het “metafysische” is de grote leidraad door het boek. Ons tijdperk heeft zichzelf uitgeroepen tot postmetafysisch. Een eerste vraag is: wat betekent dat? Het blijkt dat de kunst met al haar vezels verbonden is met dit einde van de metafysica. Zij werpt derhalve een verhelderend licht op wie wij thans zijn. En niet alleen dat. De hedendaagse kunst draagt zelf actief bij tot de bevrijding van eenduidige denkwijzen en waarheden. Maar is een postmetafysische mens wel mogelijk of wenselijk? Een kunst die zich blijvend wil handhaven in het ametafysische, is wellicht tenslotte uitzichtloos. Net zoals een a-metafysiche cultuur onleefbaar zou kunnen zijn. Mogelijk ligt de toekomst erin dat het metafysische, na de dood van de metafysica, opnieuw voorzichtig een weg kan zoeken. Ook daarvan zijn zekere sporen te ontdekken in de actuele kunst. Geven we die een kans of blijven we liever volharden in de “metafysische paranoia” die het Westen kenmerkt?

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Digitaal onderwijs is anders

 9,50
Het lijkt erop dat de tijd van volle boekentassen definitief voorbij is. De computer rukt op in het onderwijs. Internet dient zich aan als de snelle en actuele leverancier van inhouden waarmee leerlingen aan de slag kunnen. Het oefenen van vaardigheden met behulp van de computer is aantrekkelijk, interactief en past bij het verlangen ''maatwerk'' te leveren in het onderwijs.

Maar het werken met computers, de toepassing van Internet in het onderwijs, vraagt om een nieuwe didactiek. Groepswerk met behulp van computers stelt andere eisen dan het werken met groepjes in de klas. Internet en de royale mogelijkheden van software bieden voor leerlingen ongekende mogelijkheden. Maar hoe bewaken en beoordelen we in school de prestaties van leerlingen, hoe beschermen we de privacy?

De auteurs zijn allen verbonden aan WIJS in Onderwijs (WiO). Deze organisatie organiseert een scala aan conferenties en cursussen voor het onderwijs. Wi0 speelt in op actuele veranderingen en problematiek binnen het onderwijs.

Digitaal onderwijs is anders is tot stand gekomen in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam en School voor de Toekomst.
Placeholder Image
Quick View

Digitaal onderwijs is anders

 9,50
Het lijkt erop dat de tijd van volle boekentassen definitief voorbij is. De computer rukt op in het onderwijs. Internet dient zich aan als de snelle en actuele leverancier van inhouden waarmee leerlingen aan de slag kunnen. Het oefenen van vaardigheden met behulp van de computer is aantrekkelijk, interactief en past bij het verlangen ''maatwerk'' te leveren in het onderwijs.

Maar het werken met computers, de toepassing van Internet in het onderwijs, vraagt om een nieuwe didactiek. Groepswerk met behulp van computers stelt andere eisen dan het werken met groepjes in de klas. Internet en de royale mogelijkheden van software bieden voor leerlingen ongekende mogelijkheden. Maar hoe bewaken en beoordelen we in school de prestaties van leerlingen, hoe beschermen we de privacy?

De auteurs zijn allen verbonden aan WIJS in Onderwijs (WiO). Deze organisatie organiseert een scala aan conferenties en cursussen voor het onderwijs. Wi0 speelt in op actuele veranderingen en problematiek binnen het onderwijs.

Digitaal onderwijs is anders is tot stand gekomen in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam en School voor de Toekomst.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Onderwijskansen voor jongeren met gedrags- en emotionele problemen. Een verkenning

 23,00
Jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen stellen hun directe omgeving, het onderwijs en de samenleving op de proef. Erg vaak verloopt hun schoolcarrière allesbehalve rimpelloos.

De Vlaamse Onderwijsraad onderzoekt in deze probleemverkenning hoe men de onderwijskansen van deze jongeren kan verbeteren, in de eerste plaats in het buitengewoon secundair onderwijs. Wat kenmerkt deze leerlingen? Hoe kan een school een beter inzicht krijgen in de problemen van deze jongeren om zo betere leervoorwaarden te scheppen? Welke rol kunnen vrienden en familie spelen? Hoc kan men de onderwijsvoorzieningen beter aanpassen aan dc noden van deze leerlingen? Wat komt de conflictpreventie ten goede?

Op de achtergrond is altijd de zorg aanwezig voor de professionele en emotionele uitdagingen waaraan de leraar het hoofd moet bieden. Hoc kan men leraren beter ondersteunen? Welke begeleidings- of opleidingsbehoeften hebben zij? De Vlor belicht ook de noodzaak om de netwerkvorming tussen scholen onderling en tussen scholen en zorginstanties te versterken.

De wetenschappers en ervaringsdeskundigen die hebben meegewerkt aan deze probleemverkenning, behandelen het thema vanuit uiteenlopende invalshoeken. Een bewuste keuze omdat jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen precies behoefte hebben aan een geïntegreerde, multidisciplinaire benadering.

Quick View

Onderwijskansen voor jongeren met gedrags- en emotionele problemen. Een verkenning

 23,00
Jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen stellen hun directe omgeving, het onderwijs en de samenleving op de proef. Erg vaak verloopt hun schoolcarrière allesbehalve rimpelloos.

De Vlaamse Onderwijsraad onderzoekt in deze probleemverkenning hoe men de onderwijskansen van deze jongeren kan verbeteren, in de eerste plaats in het buitengewoon secundair onderwijs. Wat kenmerkt deze leerlingen? Hoe kan een school een beter inzicht krijgen in de problemen van deze jongeren om zo betere leervoorwaarden te scheppen? Welke rol kunnen vrienden en familie spelen? Hoc kan men de onderwijsvoorzieningen beter aanpassen aan dc noden van deze leerlingen? Wat komt de conflictpreventie ten goede?

Op de achtergrond is altijd de zorg aanwezig voor de professionele en emotionele uitdagingen waaraan de leraar het hoofd moet bieden. Hoc kan men leraren beter ondersteunen? Welke begeleidings- of opleidingsbehoeften hebben zij? De Vlor belicht ook de noodzaak om de netwerkvorming tussen scholen onderling en tussen scholen en zorginstanties te versterken.

De wetenschappers en ervaringsdeskundigen die hebben meegewerkt aan deze probleemverkenning, behandelen het thema vanuit uiteenlopende invalshoeken. Een bewuste keuze omdat jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen precies behoefte hebben aan een geïntegreerde, multidisciplinaire benadering.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Le français du XXIe siècle. Introduction à la francophonie. Eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie

 29,00
Quelle est la place du français parmi les 6.500 à 7.000 langues dans le monde? Qu''est-ce que la francophonie? Quel(s) français et quels dialectes parle-t-on en France - dans l''Hexagone - et qu''en est-il du français non hexagonal? Comment faire une bonne description scientifique du français et quelles techniques la linguistique contemporaine applique-t-elle à cet effet? Voici quelques questions fondamentales auxquelles nous tentons de répondre dans les trois premiers chapitres de cet ouvrage.

Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Quick View

Le français du XXIe siècle. Introduction à la francophonie. Eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie

 29,00
Quelle est la place du français parmi les 6.500 à 7.000 langues dans le monde? Qu''est-ce que la francophonie? Quel(s) français et quels dialectes parle-t-on en France - dans l''Hexagone - et qu''en est-il du français non hexagonal? Comment faire une bonne description scientifique du français et quelles techniques la linguistique contemporaine applique-t-elle à cet effet? Voici quelques questions fondamentales auxquelles nous tentons de répondre dans les trois premiers chapitres de cet ouvrage.

Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Blindness and the multi-sensorial city (met cd-rom)

 44,00
What is the result of developing a very specific dialogue, between people with a visual impairment and non-disabled people, in a very specific environment, the historic environment of a city? This dialogue process, wich defines a cultural model of disability, is the central theme in this book. It builds on the need for adapting and modifying the environment rather than the person. This book envisions the making of a multi-sensorial city, one in which a visual esthetics is questioned by the need for functionality, other forms of perception such as tactile and auditory, and considering the co-existence of the historical and the supermodern, including the impact of new technologies. By taking visual limitations as a starting point, fresh departures are taken with questions on the development of a local accessibility policy, the design of multi-sensorial environments, and possible applications in tourism and education. At a more fundamental theoretical level, this book inquires about the nature of disability, the city and their dialectics.

Patrick Devlieger is associate professor in the Department of Social and Cultural Anthropology, University of Leuven (Belgium) and research assistant professor at the Department of Disability and Human Development, University of Illinois at Chicago.
Frank Renders is a graduate student researcher in anthropology at the University of Leuven.
Hubert Froyen is professor in architecture at the Provinciale Hogeschool Limburg.
Kristel Wildiers is equal chances consultant at the City of Leuven.

Quick View

Blindness and the multi-sensorial city (met cd-rom)

 44,00
What is the result of developing a very specific dialogue, between people with a visual impairment and non-disabled people, in a very specific environment, the historic environment of a city? This dialogue process, wich defines a cultural model of disability, is the central theme in this book. It builds on the need for adapting and modifying the environment rather than the person. This book envisions the making of a multi-sensorial city, one in which a visual esthetics is questioned by the need for functionality, other forms of perception such as tactile and auditory, and considering the co-existence of the historical and the supermodern, including the impact of new technologies. By taking visual limitations as a starting point, fresh departures are taken with questions on the development of a local accessibility policy, the design of multi-sensorial environments, and possible applications in tourism and education. At a more fundamental theoretical level, this book inquires about the nature of disability, the city and their dialectics.

Patrick Devlieger is associate professor in the Department of Social and Cultural Anthropology, University of Leuven (Belgium) and research assistant professor at the Department of Disability and Human Development, University of Illinois at Chicago.
Frank Renders is a graduate student researcher in anthropology at the University of Leuven.
Hubert Froyen is professor in architecture at the Provinciale Hogeschool Limburg.
Kristel Wildiers is equal chances consultant at the City of Leuven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Van Clovis tot … di Rupo. De lange weg van de naties in de Lage Landen (Reeks Historama, nr. 1)

door
 30,00
175 jaar geleden voltooide België, als eerste land op het Europese continent, zijn omvorming van een eeuwenoude Ancien Régime-samenleving tot een moderne natiestaat. Uit het enthousiasme van die Revolutie van 1830 ontstond een beweging voor het alzijdig gebruiken van de volkstaal als cultuur- en bestuurstaal. Die “Vlaamse beweging” schiep, in de loop van generaties, een Vlaamse subnatie binnen de Belgische natie, en lokte als reactie een Waalse beweging uit. In de twintigste eeuw keerden beide bewegingen zich tegen het unitaire België. In 1970 werd de federalisering ingezet, die sindsdien leidde tot een steeds verdergaande ontmanteling van de Belgische staat.

Lode Wils, emeritus hoogleraar Nieuwste Geschiedenis aan de K.U. Leuven, beschreef het ontstaan en de ontwikkeling van ons proto-nationaal en nationaal bewustzijn, vanaf de Middeleeuwen tot nu. Als eerste heeft hij hiervoor gebruik gemaakt van de heel verhelderende inzichten, verworden door het internationaal historisch en sociologisch onderzoek naar het fenomeen natievorming.

Quick View

Van Clovis tot … di Rupo. De lange weg van de naties in de Lage Landen (Reeks Historama, nr. 1)

door
 30,00
175 jaar geleden voltooide België, als eerste land op het Europese continent, zijn omvorming van een eeuwenoude Ancien Régime-samenleving tot een moderne natiestaat. Uit het enthousiasme van die Revolutie van 1830 ontstond een beweging voor het alzijdig gebruiken van de volkstaal als cultuur- en bestuurstaal. Die “Vlaamse beweging” schiep, in de loop van generaties, een Vlaamse subnatie binnen de Belgische natie, en lokte als reactie een Waalse beweging uit. In de twintigste eeuw keerden beide bewegingen zich tegen het unitaire België. In 1970 werd de federalisering ingezet, die sindsdien leidde tot een steeds verdergaande ontmanteling van de Belgische staat.

Lode Wils, emeritus hoogleraar Nieuwste Geschiedenis aan de K.U. Leuven, beschreef het ontstaan en de ontwikkeling van ons proto-nationaal en nationaal bewustzijn, vanaf de Middeleeuwen tot nu. Als eerste heeft hij hiervoor gebruik gemaakt van de heel verhelderende inzichten, verworden door het internationaal historisch en sociologisch onderzoek naar het fenomeen natievorming.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Grootse patiënten, kleine therapeuten. Narcisme en psychotherapie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 1)

 15,90
Het is een populaire opvatting de narcist te zien als iemand die niet in staat is een ander lief te hebben en die alleen zichzelf graag ziet en bewondert. We kunnen ons ook een persoon voorstellen die mooi en aantrekkelijk denkt te zijn en wiens autocentrisme de vorm aanneemt van fascinatie door en voor het eigen imago.

Sinds Freud in 1914 dit begrip introduceerde, zijn de opvattingen zowel over de psychopathologie, de psychodynamiek als de psychogenese sterk geëvolueerd. Hiermee gaan uiteenlopende strekkingen over de psychotherapeutische implicaties gepaard. Zo maakt het met name een groot verschil of we het narcisme beschouwen als een fixatie in de ontwikkeling dan wel als een secundaire, defensieve formatie: of narcisme deel uitmaakt van de algemeen menselijke psychologie dan wel verwijst naar een stoornis.

Hoe kunnen we het psychisch lijden van de narcistische patiënt begrijpen? Hoe kunnen we hem uit de gevangenis van het spiegelpaleis of van de echokamer bevrijden? En wat als zijn narcisme soelaas biedt voor nog grotere pijnen? En hoe zit het met narcisme in onze cultuur?

Wellicht mede door de soms hevige tegenoverdrachtsgevoelens van o.a. onmacht en nietigheid die narcistische patiënten oproepen genieten psychoanalytische therapeuten het (voor sommige twijfelachtige) voorrecht zich over deze problematiek te ontfermen. Het is en blijft immers een harde nood om te kraken. Uit diverse psychoanalytische windstreken wordt vanuit hedendaagse inzichten rond psychotherapie en narcisme gereflecteerd.

Met bijdragen van Jan Cambien, Marc Hebbrecht, Thierry Simonelli, Erik Ceysens, Luc Moyson en Mark Kinet.

Mark Kinet, psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut, is hoofdgeneesheer van de Kliniek Sint-Jozef in Pittem, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie. Hij is lid van de Belgische School voor Psychoanalyse en voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie.

Luc Moyson is beleidspsycholoog in een residentieel psychoanalytisch programma voor adolescenten in het U.C. Sint- Jozef in Kortenberg, psychoanalytisch psychotherapeut, opleider en supervisor in de Specialisatie Psychoanalytische Psychotherapie van de KU Leuven en heeft een zelfstandige praktijk. Hij is lid van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie en bestuurslid van de European Federation for Psychoanalytic Psychotherapies.

Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.

Quick View

Grootse patiënten, kleine therapeuten. Narcisme en psychotherapie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 1)

 15,90
Het is een populaire opvatting de narcist te zien als iemand die niet in staat is een ander lief te hebben en die alleen zichzelf graag ziet en bewondert. We kunnen ons ook een persoon voorstellen die mooi en aantrekkelijk denkt te zijn en wiens autocentrisme de vorm aanneemt van fascinatie door en voor het eigen imago.

Sinds Freud in 1914 dit begrip introduceerde, zijn de opvattingen zowel over de psychopathologie, de psychodynamiek als de psychogenese sterk geëvolueerd. Hiermee gaan uiteenlopende strekkingen over de psychotherapeutische implicaties gepaard. Zo maakt het met name een groot verschil of we het narcisme beschouwen als een fixatie in de ontwikkeling dan wel als een secundaire, defensieve formatie: of narcisme deel uitmaakt van de algemeen menselijke psychologie dan wel verwijst naar een stoornis.

Hoe kunnen we het psychisch lijden van de narcistische patiënt begrijpen? Hoe kunnen we hem uit de gevangenis van het spiegelpaleis of van de echokamer bevrijden? En wat als zijn narcisme soelaas biedt voor nog grotere pijnen? En hoe zit het met narcisme in onze cultuur?

Wellicht mede door de soms hevige tegenoverdrachtsgevoelens van o.a. onmacht en nietigheid die narcistische patiënten oproepen genieten psychoanalytische therapeuten het (voor sommige twijfelachtige) voorrecht zich over deze problematiek te ontfermen. Het is en blijft immers een harde nood om te kraken. Uit diverse psychoanalytische windstreken wordt vanuit hedendaagse inzichten rond psychotherapie en narcisme gereflecteerd.

Met bijdragen van Jan Cambien, Marc Hebbrecht, Thierry Simonelli, Erik Ceysens, Luc Moyson en Mark Kinet.

Mark Kinet, psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut, is hoofdgeneesheer van de Kliniek Sint-Jozef in Pittem, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie. Hij is lid van de Belgische School voor Psychoanalyse en voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie.

Luc Moyson is beleidspsycholoog in een residentieel psychoanalytisch programma voor adolescenten in het U.C. Sint- Jozef in Kortenberg, psychoanalytisch psychotherapeut, opleider en supervisor in de Specialisatie Psychoanalytische Psychotherapie van de KU Leuven en heeft een zelfstandige praktijk. Hij is lid van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie en bestuurslid van de European Federation for Psychoanalytic Psychotherapies.

Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Leven met een hoofdprobleem. Neuropsychologische gevolgen van een niet-aangeboren hersenletsel

 18,90
Bij patiënten met een niet-aangeboren hersenletsel (NAH) komen neuropsychologische problemen veelvuldig voor. Neuropsychologische problemen kunnen cognitieve stoornissen (bv. Geheugenproblemen), emotionele problemen (bv. Depressieve stemming en verwerkingsproblemen) en gedragsveranderingen (bv. Onverschillig of ontremd gedrag) zijn.

Dit boek wil in begrijpbare taal de neuropsychologische problemen uitleggen die een NAH-patiënt kan hebben. Het laat de lezer kennis maken met de wetenschap, met name de neuropsychologie, die toelaat deze problemen te onderzoeken en te behandelen.

Kurt Beeckmans, neuropsycholoog, werkt in het Centrum voor Epilepsie en Psycho-Organische Stoornissen in Duffel en is als assistent-docent verbonden aan de Vakgroep Cognitieve en Fysiologische Psychologie van de Vrije Universiteit Brussel.
Karla Michiels, neuropsychologe, werkt bij de Dienst Motorische Revalidatie van het Universitair Ziekenhuis Leuven (Campus Pellenberg).
Beide auteurs hebben ruime ervaring op het vlak van neuropsychologische revalidatie van patiënten met een NAH.

Quick View

Leven met een hoofdprobleem. Neuropsychologische gevolgen van een niet-aangeboren hersenletsel

 18,90
Bij patiënten met een niet-aangeboren hersenletsel (NAH) komen neuropsychologische problemen veelvuldig voor. Neuropsychologische problemen kunnen cognitieve stoornissen (bv. Geheugenproblemen), emotionele problemen (bv. Depressieve stemming en verwerkingsproblemen) en gedragsveranderingen (bv. Onverschillig of ontremd gedrag) zijn.

Dit boek wil in begrijpbare taal de neuropsychologische problemen uitleggen die een NAH-patiënt kan hebben. Het laat de lezer kennis maken met de wetenschap, met name de neuropsychologie, die toelaat deze problemen te onderzoeken en te behandelen.

Kurt Beeckmans, neuropsycholoog, werkt in het Centrum voor Epilepsie en Psycho-Organische Stoornissen in Duffel en is als assistent-docent verbonden aan de Vakgroep Cognitieve en Fysiologische Psychologie van de Vrije Universiteit Brussel.
Karla Michiels, neuropsychologe, werkt bij de Dienst Motorische Revalidatie van het Universitair Ziekenhuis Leuven (Campus Pellenberg).
Beide auteurs hebben ruime ervaring op het vlak van neuropsychologische revalidatie van patiënten met een NAH.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Boek 2: Ouderlijke vaardigheden

 14,40
U herinnert het zich waarschijnlijk nog als gisteren: u houdt uw baby voor de eerste keer in uw armen … een klein hulpeloos wezentje aan het begin van zijn lange levensweg. Pasgeboren, maar toch al een kind met eigen talenten, behoeften, vragen en groeikracht. En daarnaast u als kersverse ouder met verwachtingen, hoop, inzet en eigen vaardigheden.

Samen op weg dan: met hinken, stappen en soms springen. Een lange weg waarbij u met uw baby, uw peuter, kleuter, schoolkind en tiener opschuift en zoveel mogelijk bagage in zijn koffertje steekt. U probeert hem mee te geven wat hij nodig heeft om een gelukkige en zelfstandige volwassene te worden, die op zijn beurt misschien de ouder van een baby wordt.

Dit tweede deel – Boek 2 – Ouderlijke vaardigheden – behandelt het gereedschap van ouders; de vaardigheden die ouders best in hun koffer hebben om kinderen gezond en wel groot te krijgen. Drie woorden keren hier voortdurend weer: sturen, steunen en stimuleren.

Het eerste deel – Boek 1 – Ontwikkeling – beschrijft de weg van baby’s, peuters, kleuters, schoolkinderen en jongeren. We volgen de groeikracht van uw kinderen, maar ook hun groeipijnen en leveren bruikbare tips voor u als ouders. Voorbeelden, tekeningen en schema’s versterken het verhaal.

Groot worden is soms moeilijk, kinderen grootbrengen ook. Soms staat u op één been te hinken, soms stapt u flink door, soms maken u en uw kind een reuzensprong vooruit.

Over opvoeding van kinderen wordt veel gepraat en geschreven, vaak met moeilijke woorden. Beide boeken Hink-Stap-Sprong willen het verhaal herkenbaar houden, met aansprekende voorbeelden en heldere uitleg. Wat u in deze boeken vindt, kan jarenlang meegaan. Wat u nu nog niet kunt gebruiken, bewaart u maar voor later.

Jo Voets is orthopedagoog, gedragstherapeut en opgeleid in Themagecentreerde Interactie. Hij is pedagogisch directeur van OGL (Orthopedagogische Groep Limburg) en initiatiefnemer van de OPZET-projecten (Orthopedagogische Zorg en Training) en van PAS-Opvoedingswinkel. Hij is als docent verbonden aan het departement Sociaal Agogisch Werk van de KHLim, en aan het Centrum voor Gezinswetenschappen

Lieve Michielsen is klinisch psychologe, opgeleid in de systeemtheoretische psychotherapie en in gezinstherapie, en coördineerde Hink-Stap-Sprong.

Sarah Hertens is klinisch psychologe en projectmedewerkster van Hink-Stap-Sprong.

Quick View

Hink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Boek 2: Ouderlijke vaardigheden

 14,40
U herinnert het zich waarschijnlijk nog als gisteren: u houdt uw baby voor de eerste keer in uw armen … een klein hulpeloos wezentje aan het begin van zijn lange levensweg. Pasgeboren, maar toch al een kind met eigen talenten, behoeften, vragen en groeikracht. En daarnaast u als kersverse ouder met verwachtingen, hoop, inzet en eigen vaardigheden.

Samen op weg dan: met hinken, stappen en soms springen. Een lange weg waarbij u met uw baby, uw peuter, kleuter, schoolkind en tiener opschuift en zoveel mogelijk bagage in zijn koffertje steekt. U probeert hem mee te geven wat hij nodig heeft om een gelukkige en zelfstandige volwassene te worden, die op zijn beurt misschien de ouder van een baby wordt.

Dit tweede deel – Boek 2 – Ouderlijke vaardigheden – behandelt het gereedschap van ouders; de vaardigheden die ouders best in hun koffer hebben om kinderen gezond en wel groot te krijgen. Drie woorden keren hier voortdurend weer: sturen, steunen en stimuleren.

Het eerste deel – Boek 1 – Ontwikkeling – beschrijft de weg van baby’s, peuters, kleuters, schoolkinderen en jongeren. We volgen de groeikracht van uw kinderen, maar ook hun groeipijnen en leveren bruikbare tips voor u als ouders. Voorbeelden, tekeningen en schema’s versterken het verhaal.

Groot worden is soms moeilijk, kinderen grootbrengen ook. Soms staat u op één been te hinken, soms stapt u flink door, soms maken u en uw kind een reuzensprong vooruit.

Over opvoeding van kinderen wordt veel gepraat en geschreven, vaak met moeilijke woorden. Beide boeken Hink-Stap-Sprong willen het verhaal herkenbaar houden, met aansprekende voorbeelden en heldere uitleg. Wat u in deze boeken vindt, kan jarenlang meegaan. Wat u nu nog niet kunt gebruiken, bewaart u maar voor later.

Jo Voets is orthopedagoog, gedragstherapeut en opgeleid in Themagecentreerde Interactie. Hij is pedagogisch directeur van OGL (Orthopedagogische Groep Limburg) en initiatiefnemer van de OPZET-projecten (Orthopedagogische Zorg en Training) en van PAS-Opvoedingswinkel. Hij is als docent verbonden aan het departement Sociaal Agogisch Werk van de KHLim, en aan het Centrum voor Gezinswetenschappen

Lieve Michielsen is klinisch psychologe, opgeleid in de systeemtheoretische psychotherapie en in gezinstherapie, en coördineerde Hink-Stap-Sprong.

Sarah Hertens is klinisch psychologe en projectmedewerkster van Hink-Stap-Sprong.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Hink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Deel 1: OntwikkelingHink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Deel 1: Ontwikkeling
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Deel 1: Ontwikkeling

 21,60
Dit tweeluik is het resultaat van een jarenlange zoektocht met ouders naar de verschillende manieren waarop zij het pedagogisch roer kunnen vasthouden. Samen met ouders, grootouders, familie, kinderen, maar ook hulpverleners werkzaam in diverse werkvormen, zochten de auteurs naar de basiselementen van ontwikkeling en naar de kern van pedagogische vaardigheden. In dertien hoofdstukken gaat het over de hinken, stappen en sprongen in de ontwikkeling van kinderen en over de manier waarop ouders hiermee slagvaardig om kunnen gaan. De eerste vijf hoofdstukken, deel 1, beschrijven de weg van baby''s, peuters, kleuters, schoolkinderen en jongeren. De aandacht gaat naar de groeikracht van kinderen, maar ook naar hun groeipijnen en naar bruikbare tips voor ouders. Voorbeelden, tekeningen en schema''s versterken het verhaal. De acht andere hoofdstukken, deel 2, gaan over het gereedschap van ouders: welke vaardigheden hebben ouders best in hun koffer om kinderen gezond en wel groot te krijgen. Drie woorden zullen hier voortdurend terugkomen: sturen, steunen en stimuleren.

Boek 2 - Ouderlijke vaardigheden

Hink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Deel 1: OntwikkelingHink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Deel 1: Ontwikkeling
Quick View

Hink-Stap-Sprong. Een boek vol ontwikkeling en opvoeding. Deel 1: Ontwikkeling

 21,60
Dit tweeluik is het resultaat van een jarenlange zoektocht met ouders naar de verschillende manieren waarop zij het pedagogisch roer kunnen vasthouden. Samen met ouders, grootouders, familie, kinderen, maar ook hulpverleners werkzaam in diverse werkvormen, zochten de auteurs naar de basiselementen van ontwikkeling en naar de kern van pedagogische vaardigheden. In dertien hoofdstukken gaat het over de hinken, stappen en sprongen in de ontwikkeling van kinderen en over de manier waarop ouders hiermee slagvaardig om kunnen gaan. De eerste vijf hoofdstukken, deel 1, beschrijven de weg van baby''s, peuters, kleuters, schoolkinderen en jongeren. De aandacht gaat naar de groeikracht van kinderen, maar ook naar hun groeipijnen en naar bruikbare tips voor ouders. Voorbeelden, tekeningen en schema''s versterken het verhaal. De acht andere hoofdstukken, deel 2, gaan over het gereedschap van ouders: welke vaardigheden hebben ouders best in hun koffer om kinderen gezond en wel groot te krijgen. Drie woorden zullen hier voortdurend terugkomen: sturen, steunen en stimuleren.

Boek 2 - Ouderlijke vaardigheden

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Over bloemkolen en gele limonade. Thuisbegeleiding vanuit systheemtheoretische invalshoek

 13,90
Kadodder kan bogen op een ervaring van vijfentwintig jaar opvoedingsondersteuning bij gezinnen met een thuiswonend lid met een verstandelijke beperking.
Door de jaren heen ontwikkelde Kadodder een duidelijke visie op vraaggestuurde ondersteuning van gezinnen. Een groot respect en vertrouwen in de competenties van de ouders en het gezinslid met de beperking is daarbij het vertrekpunt.

Welke hulpvragen stellen deze gezinnen? Hoe moet de thuisbegeleidingsdienst daarmee omgaan? Hoe worden, samen met de betrokkenen, antwoorden geformuleerd op deze vragen?

De auteurs-thuisbegeleiders beschrijven in dit boek hun visie, doelstellingen en methoden vanuit hun dagelijkse praktijk.
Het hulpverleningsaanbod is voortdurend in evolutie: desinstitutionalisering, inclusie, emancipatorisch denken, zorg op maat, volwaardig burgerschap enz. zijn principes die meer en meer ingang vinden in de gehele zorg voor personen met een verstandelijke beperking.
Kadodder toont aan dat ambulante ondersteuning aan gezinnen met een persoon met een verstandelijke beperking tegemoet kan komen aan complexe hulpvragen en -behoeften.
Kadodder is gevestigd in Zoersel en is vooral actief in de provincie Antwerpen.

Quick View

Over bloemkolen en gele limonade. Thuisbegeleiding vanuit systheemtheoretische invalshoek

 13,90
Kadodder kan bogen op een ervaring van vijfentwintig jaar opvoedingsondersteuning bij gezinnen met een thuiswonend lid met een verstandelijke beperking.
Door de jaren heen ontwikkelde Kadodder een duidelijke visie op vraaggestuurde ondersteuning van gezinnen. Een groot respect en vertrouwen in de competenties van de ouders en het gezinslid met de beperking is daarbij het vertrekpunt.

Welke hulpvragen stellen deze gezinnen? Hoe moet de thuisbegeleidingsdienst daarmee omgaan? Hoe worden, samen met de betrokkenen, antwoorden geformuleerd op deze vragen?

De auteurs-thuisbegeleiders beschrijven in dit boek hun visie, doelstellingen en methoden vanuit hun dagelijkse praktijk.
Het hulpverleningsaanbod is voortdurend in evolutie: desinstitutionalisering, inclusie, emancipatorisch denken, zorg op maat, volwaardig burgerschap enz. zijn principes die meer en meer ingang vinden in de gehele zorg voor personen met een verstandelijke beperking.
Kadodder toont aan dat ambulante ondersteuning aan gezinnen met een persoon met een verstandelijke beperking tegemoet kan komen aan complexe hulpvragen en -behoeften.
Kadodder is gevestigd in Zoersel en is vooral actief in de provincie Antwerpen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ik begrijp deze variaties in een gemoed. Bijdragen colloquium Maurice Roelants

 12,90
Het colloquium over Maurice Roelants, gehouden in de K.U. Brussel op 17 november 2004, had als doel de figuur en het werk van de auteur in een Brussels en internationaal perspectief te plaatsen. Roelants was voor de Vlaamse literatuur van groot belang, maar zijn relatie tot de Franse literatuur - hij was er een grote kenner van - en de promotie van deVlaamse cultuur en literatuur in Brussel en Nederland werd zelden onderzocht. Een aantal literatuurwetenschappers en literatuurhistorici heeft zich over deze thematiek gebogen.

Maurice Roelants blijft vooral bekend als romanvernieuwer. Hij legde daarvoor zelf de basis met zijn roman d''analyse <I<Komen en gaan (1927). Maar ook als cultuuranimator avant-la-lettre, als tijdschriftredacteur en als promotor van het boekwezen en het Nederlandstalige culturele leven in Brussel is hij van onschatbare waarde.
De schrijver werd zijn hele leven gefascineerd en niet weinig beïnvloed door Franse auteurs als Honoré de Balzac, Jules Supervielle en Benjamin Constant, wier werk hij op een subtiele wijze in Vlaanderen en Nederland heeft geintroduceerd. Meermaals heeft hij de invloed van deze Franse meesters op zijn eigen schrijven benadrukt. Zijn blikveld was erg ruim en gevarieerd. Overigens, Roelants had ook iets met Afrika. Hij leverde tal van journalistieke bijdragen en reisverslagen over het zwarte continent. Deze pareltjes zagen zelden het daglicht.
Sommige ervan verzeilden gelukkig in krant of tijdschrift.
Roelants'' rol in het spraakmakende tijdschrift Forum is een ander thema: hij vormde als Vlaming met de Nederlanders E. du Perron en Menno ter Braak de eerste redactie. Hierover is recent onbekend materiaal opgedoken dat een nieuw licht op de bijzondere geschiedenis van Maurice Roelants en de Nederlanders werpt.

Geen voorraad
Quick View

Ik begrijp deze variaties in een gemoed. Bijdragen colloquium Maurice Roelants

 12,90
Het colloquium over Maurice Roelants, gehouden in de K.U. Brussel op 17 november 2004, had als doel de figuur en het werk van de auteur in een Brussels en internationaal perspectief te plaatsen. Roelants was voor de Vlaamse literatuur van groot belang, maar zijn relatie tot de Franse literatuur - hij was er een grote kenner van - en de promotie van deVlaamse cultuur en literatuur in Brussel en Nederland werd zelden onderzocht. Een aantal literatuurwetenschappers en literatuurhistorici heeft zich over deze thematiek gebogen.

Maurice Roelants blijft vooral bekend als romanvernieuwer. Hij legde daarvoor zelf de basis met zijn roman d''analyse <I<Komen en gaan (1927). Maar ook als cultuuranimator avant-la-lettre, als tijdschriftredacteur en als promotor van het boekwezen en het Nederlandstalige culturele leven in Brussel is hij van onschatbare waarde.
De schrijver werd zijn hele leven gefascineerd en niet weinig beïnvloed door Franse auteurs als Honoré de Balzac, Jules Supervielle en Benjamin Constant, wier werk hij op een subtiele wijze in Vlaanderen en Nederland heeft geintroduceerd. Meermaals heeft hij de invloed van deze Franse meesters op zijn eigen schrijven benadrukt. Zijn blikveld was erg ruim en gevarieerd. Overigens, Roelants had ook iets met Afrika. Hij leverde tal van journalistieke bijdragen en reisverslagen over het zwarte continent. Deze pareltjes zagen zelden het daglicht.
Sommige ervan verzeilden gelukkig in krant of tijdschrift.
Roelants'' rol in het spraakmakende tijdschrift Forum is een ander thema: hij vormde als Vlaming met de Nederlanders E. du Perron en Menno ter Braak de eerste redactie. Hierover is recent onbekend materiaal opgedoken dat een nieuw licht op de bijzondere geschiedenis van Maurice Roelants en de Nederlanders werpt.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Arduin – Sturen op talenten – Een zinvol bestaan. Onmogelijkheden worden mogelijkheden (Arduin-serie, nr. 6)

 23,50
Talenten van mensen, ook die van mensen met een verstandelijke beperking, kunnen zich soms lang verborgen houden.Voor een goede ontwikkeling van talenten zijn de levensomstandigheden waarin men zich bevindt van essentieel belang.
Binnen instellingen blijven veel grote en kleine talenten diep verborgen en daarmee is de identiteit van mensen in het geding.

De Stichting Arduin heeft als eerste in Nederland de intramurale instelling geheel ontmanteld. Instellingzorg is niet meer van deze tijd en staat in schril contrast met de Universele Rechten van de Mens.

Arduin heeft in de Provincie Zeeland ruim 115 woningen, 25 bedrijven en 6 Dagcentra. Arduin werkt en denkt vanuit de noodzakelijke scheiding die er moet zijn tussen de leefgebieden: wonen, werken (dagbesteding), scholing en vrije tijd. Arduin ziet deze leefgebieden grofmazig als los van elkaar staande podia waarop mensen zich in verschillende rollen kunnen bewegen.

Het zesde boek uit de Arduin-serie geeft een beeld van vele grote en kleine talenten die ook mensen met een verstandelijke beperking in zich dragen en zich met ondersteuning van Arduin hebben kunnen ontwikkelen, nadat zij van de ene op andere dag de mogelijkheid hadden op 35 uur dagbesteding/werk in de week. U krijgt zicht op het proces, de organisatie en de vele talenten.

Onno Jongewaard werkt vanaf de start in 1994 als lijnmanager in de Stichting Arduin.

Geen voorraad
Quick View

Arduin – Sturen op talenten – Een zinvol bestaan. Onmogelijkheden worden mogelijkheden (Arduin-serie, nr. 6)

 23,50
Talenten van mensen, ook die van mensen met een verstandelijke beperking, kunnen zich soms lang verborgen houden.Voor een goede ontwikkeling van talenten zijn de levensomstandigheden waarin men zich bevindt van essentieel belang.
Binnen instellingen blijven veel grote en kleine talenten diep verborgen en daarmee is de identiteit van mensen in het geding.

De Stichting Arduin heeft als eerste in Nederland de intramurale instelling geheel ontmanteld. Instellingzorg is niet meer van deze tijd en staat in schril contrast met de Universele Rechten van de Mens.

Arduin heeft in de Provincie Zeeland ruim 115 woningen, 25 bedrijven en 6 Dagcentra. Arduin werkt en denkt vanuit de noodzakelijke scheiding die er moet zijn tussen de leefgebieden: wonen, werken (dagbesteding), scholing en vrije tijd. Arduin ziet deze leefgebieden grofmazig als los van elkaar staande podia waarop mensen zich in verschillende rollen kunnen bewegen.

Het zesde boek uit de Arduin-serie geeft een beeld van vele grote en kleine talenten die ook mensen met een verstandelijke beperking in zich dragen en zich met ondersteuning van Arduin hebben kunnen ontwikkelen, nadat zij van de ene op andere dag de mogelijkheid hadden op 35 uur dagbesteding/werk in de week. U krijgt zicht op het proces, de organisatie en de vele talenten.

Onno Jongewaard werkt vanaf de start in 1994 als lijnmanager in de Stichting Arduin.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Positief omgaan met verschillen in de leeromgeving. een visie op differentiatie en gelijke kansen in authentieke middenscholen

 14,90
Dit boek omvat vier hoofdstukken: twee met de blik op maatschappelijke ontwikkelingen, twee met de blik op onderwijskundig-didactische uitdagingen.

In het maatschappelijk georiënteerde luik wordt aangegeven hoe de gelijkheidsgedachte de voorbije twee eeuwen in drie grote golfbewegingen onze samenleving en de school heeft beïnvloed. Dat loopt uit op een omschrijving van wat positief omgaan niet verschillen in de leeromgeving is.

Het tweede luik heeft vooral een onderwijskundig-didactische oriëntatie. In de eerste plaats worden de onderwijskundige uitdagingen rond omgaan met verschillen of gedifferentieerd werken op school en in de klas in kaart gebracht. De bakens worden terug als ijkpunten geplaatst, maar ook verplaatst. Er mag ook eens achterom worden gekeken en het is goed, mede op basis van onderzoeksgegevens, aan te geven wat ''werkt'' en wat niet. Het gaat daarbij over het basis-uitbreidingsmodel, homogeen of heterogeen groeperen, zelfstandig werk, basisvorming, leerwinst, kwalificatiestructuren; sleutelcompetenties en evaluatie.

De rode draad door dit boek is een pleidooi om verschillen tussen leerlingen niet te vertalen in structuren, maar kwalitatief te vertalen in een didactische aanpak. Zo blijft ook basisvorming een haalbare kaart. Het is tevens een uitnodiging om het debat over differentiatie, gelijke kansen en heterogene klassengroepen te voeren op basis van onderzoeksgegevens en niet van ideologie of prestige.

Deze publicatie is gegroeid uit het twintigste Middenschoolcongres van de St.A.M. - Studiegroep Authentieke Middenscholen. Centraal stond een pleidooi om rekening te houden met verschillen tussen leerlingen en zo bij te dragen tot meer gelijke kansen in een meer comprehensieve onderwijsomgeving.

Johan L. Vanderhoeven (1957) is onderwijskundige. Hij was als onderzoeker en lector o.a. verbonden aan het Centrum voor Onderwijsbeleid en -vernieuwing van de K.U.Leuven en aan het Department for Educational Studies van de Oxford University. Hij was werkzaam in de lerarenopleidingen voor het secundair onderwijs (groepen 1, 2 en 3). Hij is medewerker van de Hogere Instituten voor Opvoedkunde van Antwerpen en Hasselt. Thans werkt hij als zelfstandig onderwijsconsulent (JLVCONSULT) en is hij betrokken bij internationale onderwijsprojecten. Hij publiceert over onderwijsbeleid en pedagogiek.

Placeholder Image
Quick View

Positief omgaan met verschillen in de leeromgeving. een visie op differentiatie en gelijke kansen in authentieke middenscholen

 14,90
Dit boek omvat vier hoofdstukken: twee met de blik op maatschappelijke ontwikkelingen, twee met de blik op onderwijskundig-didactische uitdagingen.

In het maatschappelijk georiënteerde luik wordt aangegeven hoe de gelijkheidsgedachte de voorbije twee eeuwen in drie grote golfbewegingen onze samenleving en de school heeft beïnvloed. Dat loopt uit op een omschrijving van wat positief omgaan niet verschillen in de leeromgeving is.

Het tweede luik heeft vooral een onderwijskundig-didactische oriëntatie. In de eerste plaats worden de onderwijskundige uitdagingen rond omgaan met verschillen of gedifferentieerd werken op school en in de klas in kaart gebracht. De bakens worden terug als ijkpunten geplaatst, maar ook verplaatst. Er mag ook eens achterom worden gekeken en het is goed, mede op basis van onderzoeksgegevens, aan te geven wat ''werkt'' en wat niet. Het gaat daarbij over het basis-uitbreidingsmodel, homogeen of heterogeen groeperen, zelfstandig werk, basisvorming, leerwinst, kwalificatiestructuren; sleutelcompetenties en evaluatie.

De rode draad door dit boek is een pleidooi om verschillen tussen leerlingen niet te vertalen in structuren, maar kwalitatief te vertalen in een didactische aanpak. Zo blijft ook basisvorming een haalbare kaart. Het is tevens een uitnodiging om het debat over differentiatie, gelijke kansen en heterogene klassengroepen te voeren op basis van onderzoeksgegevens en niet van ideologie of prestige.

Deze publicatie is gegroeid uit het twintigste Middenschoolcongres van de St.A.M. - Studiegroep Authentieke Middenscholen. Centraal stond een pleidooi om rekening te houden met verschillen tussen leerlingen en zo bij te dragen tot meer gelijke kansen in een meer comprehensieve onderwijsomgeving.

Johan L. Vanderhoeven (1957) is onderwijskundige. Hij was als onderzoeker en lector o.a. verbonden aan het Centrum voor Onderwijsbeleid en -vernieuwing van de K.U.Leuven en aan het Department for Educational Studies van de Oxford University. Hij was werkzaam in de lerarenopleidingen voor het secundair onderwijs (groepen 1, 2 en 3). Hij is medewerker van de Hogere Instituten voor Opvoedkunde van Antwerpen en Hasselt. Thans werkt hij als zelfstandig onderwijsconsulent (JLVCONSULT) en is hij betrokken bij internationale onderwijsprojecten. Hij publiceert over onderwijsbeleid en pedagogiek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Marketing: een kennismaking

 12,10
Marketing: een kennismaking onderscheidt zich van de vele bestaande marketinghandboeken. Het is een beknopte inleiding tot het vak, een overzicht van de evolutie, een situering in de bedrijfsactiviteit en - vanzelfsprekend - een bespreking van de marketingmix. Daarin valt de, in verhouding, ruime aandacht voor marketingcommunicatie op. Het is immers belangrijk dat mensen in het communicatievak beseffen dat hun strategieën en tactieken voortvloeien uit de ondernemings- en marketingdoelstellingen en er een organisch geheel mee vormen. Omgekeerd geldt ook dat de marketing niet als een afzonderlijk functiegebied beschouwd kan worden, maar wel als een geïntegreerd geheel met communicatie. Dit werk is dus in eerste instantie bestemd voor studenten die de studie van marketing zien als een aanloop tot hun verdere studie van alle vormen van geïntegreerde bedrijfscommunicatie.

Placeholder Image
Quick View

Marketing: een kennismaking

 12,10
Marketing: een kennismaking onderscheidt zich van de vele bestaande marketinghandboeken. Het is een beknopte inleiding tot het vak, een overzicht van de evolutie, een situering in de bedrijfsactiviteit en - vanzelfsprekend - een bespreking van de marketingmix. Daarin valt de, in verhouding, ruime aandacht voor marketingcommunicatie op. Het is immers belangrijk dat mensen in het communicatievak beseffen dat hun strategieën en tactieken voortvloeien uit de ondernemings- en marketingdoelstellingen en er een organisch geheel mee vormen. Omgekeerd geldt ook dat de marketing niet als een afzonderlijk functiegebied beschouwd kan worden, maar wel als een geïntegreerd geheel met communicatie. Dit werk is dus in eerste instantie bestemd voor studenten die de studie van marketing zien als een aanloop tot hun verdere studie van alle vormen van geïntegreerde bedrijfscommunicatie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Ontwikkeling langs de levenslijnenOntwikkeling langs de levenslijnen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ontwikkeling langs de levenslijnen

 26,80
Pervasieve ontwikkelingsstoornissen, ook wel autismespectrumstoornissen genoemd, zijn stoornissen die vele domeinen van het leven doordringen. Niet alleen het sociale contact, maar ook de taal, de motoriek en het cognitief functioneren zijn vaak aangedaan. Doordat bij PDD (Pervasive Developmental Disorders) sprake is van een levenslange handicap, zijn de uitingsvormen en de implicaties van de aandoening in elke levensfase anders. Een kleuter, een basisschoolkind, een adolescent of een volwassenen met autisme zijn in vele opzichten verschillend. Elke levensfase vergt speciale aanpassingen en vaardigheden van patiënten, ouders, docenten, begeleiders, artsen, psychologen en orthopedagogen. Dit boek wil deze mensen inspireren om vanuit een breed perpectief naar mensen met een pervasieve ontwikkelingsstoornis te kijken.

Ontwikkeling langs de levenslijnenOntwikkeling langs de levenslijnen
Quick View

Ontwikkeling langs de levenslijnen

 26,80
Pervasieve ontwikkelingsstoornissen, ook wel autismespectrumstoornissen genoemd, zijn stoornissen die vele domeinen van het leven doordringen. Niet alleen het sociale contact, maar ook de taal, de motoriek en het cognitief functioneren zijn vaak aangedaan. Doordat bij PDD (Pervasive Developmental Disorders) sprake is van een levenslange handicap, zijn de uitingsvormen en de implicaties van de aandoening in elke levensfase anders. Een kleuter, een basisschoolkind, een adolescent of een volwassenen met autisme zijn in vele opzichten verschillend. Elke levensfase vergt speciale aanpassingen en vaardigheden van patiënten, ouders, docenten, begeleiders, artsen, psychologen en orthopedagogen. Dit boek wil deze mensen inspireren om vanuit een breed perpectief naar mensen met een pervasieve ontwikkelingsstoornis te kijken.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Overleven in de stad.  Inleiding tot sociale kwaliteit en urban educationOverleven in de stad.  Inleiding tot sociale kwaliteit en urban education
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Overleven in de stad. Inleiding tot sociale kwaliteit en urban education

 21,10
Steeds meer mensen wonen in steden, en kinderen groeien erin op. In tal van opzichten verschillen steden van de landelijke omgeving. In grootte, maar ook fysiek, sociaal, cultureel en in economisch opzicht, en naar de samenstelling van de bevolking. Wereldsteden maken deel uit van globale kennisnetwerken, en dat bepaalt hun karakter in hoge mate.
De eerste vier hoofdstukken van dit boek werpen een licht op metropolen in de VS en Europa. In grote lijnen en met sprekende details. Wat betekent het (over)leven en opgroeien in de stad? Het harde stadsleven komt ter sprake, de globale achtergronden en de gevolgen voor elke generatie, en de smetvrees van sociale professionals. In het tweede deel gaat het om kwesties dichter bij huis. Hoe ontwikkelde het opvoedings-, onderwijs- en jeugdbeleid zich in de voorbije decennia in Nederland? En: gaat er niets boven gedeelde schoolklassen in de stad? Waarom verhardt de aanpak van allochtone jongeren tegenwoordig? Grote steden zijn multicultureel, jazeker, maar wat moeten we vandaag met de interculturele relatiesleutelaars die twintig jaar geleden zo in tel waren?
Dit boek draait om de sociale kwaliteit van steden en urban education (opvoeding, onderwijs, jeugdbeleid), en wat daarbij behulpzaam kan zijn: werk, vrije tijd, ruimtelijke ordening. En dus om wat de stad van professionals vraagt: een nieuwe, interdisciplinaire en praktische kijk op een complex krachtenveld. In het hoger onderwijs neemt de belangstelling voor de stad toe. Het boek besluit daarom met een schets van de professionele identiteit van (sociaal-ped)agogen, leraren en cultureel en maatschappelijk werkers in de stad.

Ton Notten (1946) promoveerde in 1988 aan de Universiteit van Amsterdam op het proefschrift Rationaliteit en het schone streven. Hij doceerde van 1974 tot 1994 andragologie bij diezelfde universiteit. Daarnaast was hij, van 1975 tot 2002, hogeschooldocent en studieleider Sociale pedagogiek bij het Nutsseminarium voor Pedagogiek (opgegaan in de Hogeschool van Amsterdam). Naast zijn professoraat in de Sociale agologie – sinds 1998 – bij de Vrije Universiteit Brussel werd Notten in 2002 lector bij de Hogeschool Rotterdam, met als leeropdracht ‘Opgroeien in de Stad’.

Overleven in de stad.  Inleiding tot sociale kwaliteit en urban educationOverleven in de stad.  Inleiding tot sociale kwaliteit en urban education
Quick View

Overleven in de stad. Inleiding tot sociale kwaliteit en urban education

 21,10
Steeds meer mensen wonen in steden, en kinderen groeien erin op. In tal van opzichten verschillen steden van de landelijke omgeving. In grootte, maar ook fysiek, sociaal, cultureel en in economisch opzicht, en naar de samenstelling van de bevolking. Wereldsteden maken deel uit van globale kennisnetwerken, en dat bepaalt hun karakter in hoge mate.
De eerste vier hoofdstukken van dit boek werpen een licht op metropolen in de VS en Europa. In grote lijnen en met sprekende details. Wat betekent het (over)leven en opgroeien in de stad? Het harde stadsleven komt ter sprake, de globale achtergronden en de gevolgen voor elke generatie, en de smetvrees van sociale professionals. In het tweede deel gaat het om kwesties dichter bij huis. Hoe ontwikkelde het opvoedings-, onderwijs- en jeugdbeleid zich in de voorbije decennia in Nederland? En: gaat er niets boven gedeelde schoolklassen in de stad? Waarom verhardt de aanpak van allochtone jongeren tegenwoordig? Grote steden zijn multicultureel, jazeker, maar wat moeten we vandaag met de interculturele relatiesleutelaars die twintig jaar geleden zo in tel waren?
Dit boek draait om de sociale kwaliteit van steden en urban education (opvoeding, onderwijs, jeugdbeleid), en wat daarbij behulpzaam kan zijn: werk, vrije tijd, ruimtelijke ordening. En dus om wat de stad van professionals vraagt: een nieuwe, interdisciplinaire en praktische kijk op een complex krachtenveld. In het hoger onderwijs neemt de belangstelling voor de stad toe. Het boek besluit daarom met een schets van de professionele identiteit van (sociaal-ped)agogen, leraren en cultureel en maatschappelijk werkers in de stad.

Ton Notten (1946) promoveerde in 1988 aan de Universiteit van Amsterdam op het proefschrift Rationaliteit en het schone streven. Hij doceerde van 1974 tot 1994 andragologie bij diezelfde universiteit. Daarnaast was hij, van 1975 tot 2002, hogeschooldocent en studieleider Sociale pedagogiek bij het Nutsseminarium voor Pedagogiek (opgegaan in de Hogeschool van Amsterdam). Naast zijn professoraat in de Sociale agologie – sinds 1998 – bij de Vrije Universiteit Brussel werd Notten in 2002 lector bij de Hogeschool Rotterdam, met als leeropdracht ‘Opgroeien in de Stad’.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Boekhouding en financiële rapportering – Boek 1. Met bespreking van de IAS/IFRS-normen

 40,00
Aan de ondernemingen worden steeds hogere eisen gesteld op het vlak van hun boekhouding en financiële verslaggeving. Zo moeten, in de Europese Unie, alle beursgenoteerde ondernemingen sinds 2005 hun geconsolideerde jaarrekening opstellen in overeenstemming met de internationale IAS/IFRS-boekhoudnormen. Een uitbreiding van deze verplichting voor niet beursgenoteerde groepen en tot de statutaire jaarrekening van vennootschappen, is op langere termijn waarschijnlijk. Het veralgemeende gebruik van XBRL (Extensible Business Reporting Language), een elektronische internettaal die onafhankelijk is van de gebruikte hard- en software, zal een ware revolutie veroorzaken op het vlak van elektronische uitwisseling en openbaarmaking van financiële informatie.

Steeds meer mensen komen in contact met financiële informatie. Om de gegevens juist te interpreteren is een helder inzicht in de materie noodzakelijk.
De doelstelling van dit tweedelig werk bestaat erin de boekhoudtechniek en de basisprincipes, die aan de grondslag liggen van de financiële rapportering, op een eenvoudige en verhelderende wijze uiteen te zetten. Het accent ligt vooral op het begrijpen van en het verwerven van inzicht in de informatie die wordt gerapporteerd in een jaarrekening.
Dit eerste boek bespreekt de rol van de boekhouding en de financiële rapportering, legt de techniek van het dubbel boekhouden uit en bespreekt de erkennings- en waarderingsprincipes die moeten worden gevolgd om een balans en een resultatenrekening op te stellen. Daarnaast wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste verrichtingen en hoe die boekhoudkundig worden verwerkt. Bij de bespreking van de boekhoudkundige principes en normen wordt aandacht besteed aan zowel de Belgische als de internationale regelgeving. In het tweede boek wordt ingegaan op de boekhoudkundige verrichtingen die typisch zijn of meer voorkomen in grotere vennootschappen.

Als handboek is dit werk in de eerste plaats bestemd voor de economische richtingen van het universitair en het hoger onderwijs. Door de logische en originele opbouw en door de talrijke voorbeelden, illustraties en gevalstudies richt dit werk zich ook tot de individuele lezer.


Carlos Siau is doctor in de Economische Wetenschappen (Vrije Universiteit Brussel, 1983) en gewoon hoogleraar Accountancy aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst (Campus VLEKHO), waar hij tevens vakgroepvoorzitter is van de afstudeerrichting Accountancy. Hij was als deeltijds professor gedurende verscheidene jaren verbonden aan het Vesalius College, een samenwerkingsverband tussen de VUB en Boston University. Hij was tevens gastprofessor aan verscheidene buitenlandse universiteiten, waaronder het Bentley College (Boston) en het Center for Management Training. (Universiteit van Warschau), en publiceerde in diverse vaktijdschriften.

Roger Mercken is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, 1987) en gewoon hoogleraar Accountancy en Beleidsinformatica aan de Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Hasselt. Hij was ook gastprofessor aan de KU Leuven en het Vesalius College en voorheen verbonden aan VLEKHOBrussel. Hij publiceerde in diverse tijdschriften en vaknieuwsbrieven. Hij werkte ook mee aan een aantal onderzoeksprojecten op het vlak van financiële rapportering, o.a. in een samenwerking LUC-UFSIA (Universiteit Antwerpen).

Quick View

Boekhouding en financiële rapportering – Boek 1. Met bespreking van de IAS/IFRS-normen

 40,00
Aan de ondernemingen worden steeds hogere eisen gesteld op het vlak van hun boekhouding en financiële verslaggeving. Zo moeten, in de Europese Unie, alle beursgenoteerde ondernemingen sinds 2005 hun geconsolideerde jaarrekening opstellen in overeenstemming met de internationale IAS/IFRS-boekhoudnormen. Een uitbreiding van deze verplichting voor niet beursgenoteerde groepen en tot de statutaire jaarrekening van vennootschappen, is op langere termijn waarschijnlijk. Het veralgemeende gebruik van XBRL (Extensible Business Reporting Language), een elektronische internettaal die onafhankelijk is van de gebruikte hard- en software, zal een ware revolutie veroorzaken op het vlak van elektronische uitwisseling en openbaarmaking van financiële informatie.

Steeds meer mensen komen in contact met financiële informatie. Om de gegevens juist te interpreteren is een helder inzicht in de materie noodzakelijk.
De doelstelling van dit tweedelig werk bestaat erin de boekhoudtechniek en de basisprincipes, die aan de grondslag liggen van de financiële rapportering, op een eenvoudige en verhelderende wijze uiteen te zetten. Het accent ligt vooral op het begrijpen van en het verwerven van inzicht in de informatie die wordt gerapporteerd in een jaarrekening.
Dit eerste boek bespreekt de rol van de boekhouding en de financiële rapportering, legt de techniek van het dubbel boekhouden uit en bespreekt de erkennings- en waarderingsprincipes die moeten worden gevolgd om een balans en een resultatenrekening op te stellen. Daarnaast wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste verrichtingen en hoe die boekhoudkundig worden verwerkt. Bij de bespreking van de boekhoudkundige principes en normen wordt aandacht besteed aan zowel de Belgische als de internationale regelgeving. In het tweede boek wordt ingegaan op de boekhoudkundige verrichtingen die typisch zijn of meer voorkomen in grotere vennootschappen.

Als handboek is dit werk in de eerste plaats bestemd voor de economische richtingen van het universitair en het hoger onderwijs. Door de logische en originele opbouw en door de talrijke voorbeelden, illustraties en gevalstudies richt dit werk zich ook tot de individuele lezer.


Carlos Siau is doctor in de Economische Wetenschappen (Vrije Universiteit Brussel, 1983) en gewoon hoogleraar Accountancy aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst (Campus VLEKHO), waar hij tevens vakgroepvoorzitter is van de afstudeerrichting Accountancy. Hij was als deeltijds professor gedurende verscheidene jaren verbonden aan het Vesalius College, een samenwerkingsverband tussen de VUB en Boston University. Hij was tevens gastprofessor aan verscheidene buitenlandse universiteiten, waaronder het Bentley College (Boston) en het Center for Management Training. (Universiteit van Warschau), en publiceerde in diverse vaktijdschriften.

Roger Mercken is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, 1987) en gewoon hoogleraar Accountancy en Beleidsinformatica aan de Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen van de Universiteit Hasselt. Hij was ook gastprofessor aan de KU Leuven en het Vesalius College en voorheen verbonden aan VLEKHOBrussel. Hij publiceerde in diverse tijdschriften en vaknieuwsbrieven. Hij werkte ook mee aan een aantal onderzoeksprojecten op het vlak van financiële rapportering, o.a. in een samenwerking LUC-UFSIA (Universiteit Antwerpen).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen
    ×