Van plié tot grand jeté
Van plié tot grand jeté
Weerbaarheid van jongeren. Denk- en doeboek
Voor heel wat jongeren is het pad naar volwassenheid bezaaid met hindernissen. Ze worden depressief, gebruiken drugs, verminken zichzelf, stoppen met eten, worden agressief en gewelddadig. Ze proberen te ''overleven'' in een voor hen moeilijke samenleving. Vanuit een fundamenteel gebrek aan zelfrespect, eigenwaarde en zelfvertrouwen en weinig verbondenheid met anderen, hebben ze vaak nauwelijks controle over emoties als angst, kwaadheid, verdriet of pijn. Soms worden ze geïntimideerd, gepest, aangerand, misbruikt, mishandeld. Andere jongeren gaan zelf over tot intimideren, pesten, aanranden, misbruiken. Door met jongeren te werken aan weerbaarheid -zelfrespect, emoties, grenzenzullen ze zich beter voelen in hun vel en vertrouwen krijgen in hun eigen mogelijkheden. Dat heeft een remmend effect op het stijgende agressieve en zgn. anti-sociale gedrag van jongeren.
Het boek, dat een denken een doedeel bevat, is bestemd voor iedereen die met jongeren te maken heeft: jeugdwerkers, leerkrachten, hulpverleners, opvoeders, vormingswerkers, therapeuten. Het kan zeker ook ouders helpen om meer inzicht te krijgen in deze problematiek.
Weerbaarheid van jongeren. Denk- en doeboek
Voor heel wat jongeren is het pad naar volwassenheid bezaaid met hindernissen. Ze worden depressief, gebruiken drugs, verminken zichzelf, stoppen met eten, worden agressief en gewelddadig. Ze proberen te ''overleven'' in een voor hen moeilijke samenleving. Vanuit een fundamenteel gebrek aan zelfrespect, eigenwaarde en zelfvertrouwen en weinig verbondenheid met anderen, hebben ze vaak nauwelijks controle over emoties als angst, kwaadheid, verdriet of pijn. Soms worden ze geïntimideerd, gepest, aangerand, misbruikt, mishandeld. Andere jongeren gaan zelf over tot intimideren, pesten, aanranden, misbruiken. Door met jongeren te werken aan weerbaarheid -zelfrespect, emoties, grenzenzullen ze zich beter voelen in hun vel en vertrouwen krijgen in hun eigen mogelijkheden. Dat heeft een remmend effect op het stijgende agressieve en zgn. anti-sociale gedrag van jongeren.
Het boek, dat een denken een doedeel bevat, is bestemd voor iedereen die met jongeren te maken heeft: jeugdwerkers, leerkrachten, hulpverleners, opvoeders, vormingswerkers, therapeuten. Het kan zeker ook ouders helpen om meer inzicht te krijgen in deze problematiek.
Leesschat. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het derde leerjaar – Werkbladen (Leesslang, nr. 3)
Voorrangsbeleid Brussel wordt geleid door Magda Deckers. Leesschat is vooral het werk van Danielle Fierens, VVB-begeleider, in samenwerking met vele leerkrachten. Reeks: Lees(s)lang, nl: 3
Leesschat. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het derde leerjaar – Werkbladen (Leesslang, nr. 3)
Voorrangsbeleid Brussel wordt geleid door Magda Deckers. Leesschat is vooral het werk van Danielle Fierens, VVB-begeleider, in samenwerking met vele leerkrachten. Reeks: Lees(s)lang, nl: 3
Leesschat. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het derde leerjaar – Handboek (Leesslang, nr. 3)
De boeken uit de reeks Lees(s)lang bie-den de leerkracht kant-en-klaar materiaal aan om het begrijpend lezen te stimuleren. Dit derde deel, Leesschat, isbestemd voor het derde leerjaar /groep 5.
De doelstelling blijft dezelfde als van deandere delen in de reeks: bevorderenvan begrijpend lezen. Daartoe kunnendiverse methodieken worden gebruikt:info halen uit een tekst, opdrachteninterpreteren en uitvoeren, teksten illustreren enz. Alle lessen verhogen hetleesplezier en de leesmotivatie. De kinderen krijgen interactieve en taakgerichte leeskansen, aangenaam, speelsen prikkelend gepresenteerd.
Dit lesmateriaal is ook geschikt voorkinderen op een vergelijkbaar niveau inde speciale onderwijszorg. Het kan bijgelijk welke leesmethode worden gebruikt.
Naast dit `Handboek'' is afzonderlijk demap Werkbladen beschikbaar.
Reeks Lees(s)lang:
Leesschat. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het derde leerjaar – Handboek (Leesslang, nr. 3)
De boeken uit de reeks Lees(s)lang bie-den de leerkracht kant-en-klaar materiaal aan om het begrijpend lezen te stimuleren. Dit derde deel, Leesschat, isbestemd voor het derde leerjaar /groep 5.
De doelstelling blijft dezelfde als van deandere delen in de reeks: bevorderenvan begrijpend lezen. Daartoe kunnendiverse methodieken worden gebruikt:info halen uit een tekst, opdrachteninterpreteren en uitvoeren, teksten illustreren enz. Alle lessen verhogen hetleesplezier en de leesmotivatie. De kinderen krijgen interactieve en taakgerichte leeskansen, aangenaam, speelsen prikkelend gepresenteerd.
Dit lesmateriaal is ook geschikt voorkinderen op een vergelijkbaar niveau inde speciale onderwijszorg. Het kan bijgelijk welke leesmethode worden gebruikt.
Naast dit `Handboek'' is afzonderlijk demap Werkbladen beschikbaar.
Reeks Lees(s)lang:
Leesprikkels. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het eerste leerjaar – Werkbladen (Leesslang, nr. 1)
Dit eerste deel uit de reeks, Leesprikkels, biedt leerlingen interactieve en taakgerichte leeskansen. Ze lossen raadsels op, voeren doe-opdrachten uit, stellen stripverhalen samen, gaan op schattenjacht,... Zo zetten ze al doende de stap naar begrijpend lezen. Leesprikkels bundelt 30 lessen voor begrijpend lezen in het eerste leerjaar / groep 3. De activiteiten zijn bedacht, herwerkt en uitgeprobeerd door leerkrachten. Het materiaal is ook geschikt voor groepen van vergelijkbaar niveau in het buitengewoon/speciaalonderwijs. Leesprikkels bevat ook praktische tips voor leerkrachten die zelf soortgelijke activiteiten willen ontwikkelen.
Leesprikkels is naast elke leesmethode te gebruiken. Leerkrachten kunnen vrij kiezen wanneer ze bepaalde activiteiten aanbieden. Dat kan onder meer tijdens hoeken- en contractwerk.
Leesprikkels. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het eerste leerjaar – Werkbladen (Leesslang, nr. 1)
Dit eerste deel uit de reeks, Leesprikkels, biedt leerlingen interactieve en taakgerichte leeskansen. Ze lossen raadsels op, voeren doe-opdrachten uit, stellen stripverhalen samen, gaan op schattenjacht,... Zo zetten ze al doende de stap naar begrijpend lezen. Leesprikkels bundelt 30 lessen voor begrijpend lezen in het eerste leerjaar / groep 3. De activiteiten zijn bedacht, herwerkt en uitgeprobeerd door leerkrachten. Het materiaal is ook geschikt voor groepen van vergelijkbaar niveau in het buitengewoon/speciaalonderwijs. Leesprikkels bevat ook praktische tips voor leerkrachten die zelf soortgelijke activiteiten willen ontwikkelen.
Leesprikkels is naast elke leesmethode te gebruiken. Leerkrachten kunnen vrij kiezen wanneer ze bepaalde activiteiten aanbieden. Dat kan onder meer tijdens hoeken- en contractwerk.
Leesprikkels. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het eerste leerjaar – Handboek (Leesslang, nr. 1)
Via, dit eerste deel uit de reeks, Leesprikkels, krijgen leerlingen interactieve en taakgerichte leeskansen, gepresenteerd op een prikkelende wijze. De leerlingen lossen raadsels op, voeren instructies van doe-opdrachten uit, stellen stripverhalen samen, gaan op- schattenjacht,... Ze zetten zo al doende de stap naar begrijpend lezen.
Leesprikkels bundelt 30 lessen voor begrijpend lezen in het eerste, leerjaar. Al deze activiteiten, zijn stuk voor stuk bedacht, herwerkt en uitgeprobeerd door leerkrachten uit dd praktijk. Het materiaal is ook, geschikt voor groepen van een vergelijkbaar niveau in het buitengewoon onderwijs. Leesprikkels bevat ook praktiscke tips voor leerkrachten die zelf soortgelijke activiteiten willen ontwikkelen.
Leesprikkels is naast elke leesmethode te gebruiken. Leerkrachten kunnen vrij kiezen wanneer ze een bepaalde activiteit aanbieden. Dit kan onder andere tijdens hoeken- en contractwerk.
Reeks Lees(s)lang:
Leesprikkels. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het eerste leerjaar – Handboek (Leesslang, nr. 1)
Via, dit eerste deel uit de reeks, Leesprikkels, krijgen leerlingen interactieve en taakgerichte leeskansen, gepresenteerd op een prikkelende wijze. De leerlingen lossen raadsels op, voeren instructies van doe-opdrachten uit, stellen stripverhalen samen, gaan op- schattenjacht,... Ze zetten zo al doende de stap naar begrijpend lezen.
Leesprikkels bundelt 30 lessen voor begrijpend lezen in het eerste, leerjaar. Al deze activiteiten, zijn stuk voor stuk bedacht, herwerkt en uitgeprobeerd door leerkrachten uit dd praktijk. Het materiaal is ook, geschikt voor groepen van een vergelijkbaar niveau in het buitengewoon onderwijs. Leesprikkels bevat ook praktiscke tips voor leerkrachten die zelf soortgelijke activiteiten willen ontwikkelen.
Leesprikkels is naast elke leesmethode te gebruiken. Leerkrachten kunnen vrij kiezen wanneer ze een bepaalde activiteit aanbieden. Dit kan onder andere tijdens hoeken- en contractwerk.
Reeks Lees(s)lang:
Dictionnaire contextuel du français économique – Tome B: Le commerce
Un ouvrage de référence et d''étude à employer individuellement ou en classe.
Ce dictionnaire d''apprentissage accentue les relations entre les mots par un classement onomasiologique. Les définitions sont données par famille de mots. La terminologie est présentée de façon logique dans des contextes significatifs. Un index exhaustif (termes économiques et collocations) facilite la recherche.
Dictionnaire contextuel du français économique – Tome B: Le commerce
Un ouvrage de référence et d''étude à employer individuellement ou en classe.
Ce dictionnaire d''apprentissage accentue les relations entre les mots par un classement onomasiologique. Les définitions sont données par famille de mots. La terminologie est présentée de façon logique dans des contextes significatifs. Un index exhaustif (termes économiques et collocations) facilite la recherche.
Dictionnaire contextuel du français économique – Tome A: L’entreprise
Un ouvrage de référence et d''étude à employer individuellement ou en classe.
Ce dictionnaire d''apprentissage accentue les relations entre les mots par un classement onomasiologique. Les définitions sont données par famille de mots. La terminologie est présentée de façon logique dans des contextes significatifs. Un index exhaustif (termes économiques et collocations) facilite la recherche.
Dictionnaire contextuel du français économique – Tome A: L’entreprise
Un ouvrage de référence et d''étude à employer individuellement ou en classe.
Ce dictionnaire d''apprentissage accentue les relations entre les mots par un classement onomasiologique. Les définitions sont données par famille de mots. La terminologie est présentée de façon logique dans des contextes significatifs. Un index exhaustif (termes économiques et collocations) facilite la recherche.
Babbeldoos. Spelen met talige elementen – Spelborden
Ondanks de grote inspanningen die het onderwijs levert met taalmethodes allerhande, blijven een aantal kinderen problemen hebben. Babbeldoos is bestemd voor dergelijke kinderen zowel autochtone als allochtone die taalzwakker zijn. De bedoeling van Babbeldoos is via spel taal uit te lokken in interactie bij de kinderen zonder dat zij zich ervan bewust zijn met taal bezig te zijn. Alle activiteiten ervaren de kinderen als spel en niet als taal leren. Spelen met talige elementen dus. Bij Babbeldoos horen vier kleurrijke spelborden om met een groep aan de slag te gaan. Verder staat het boek vol leuke en creatieve activiteiten, met duidelijke uitleg van wat er nodig is en hoe de activiteit het best kan worden georganiseerd. Enkele voorbeelden: maken van een waterlaboratorium, bezoek aan een pottenbakker, groentesoep maken, kijkdozen knutselen, een stokpop maken. Babbeldoos is niet alleen voor de school bedoeld, maar evenzeer voor buurtopbouwwerk, bibliotheken, kinderopvang enz.
Babbeldoos. Spelen met talige elementen – Spelborden
Ondanks de grote inspanningen die het onderwijs levert met taalmethodes allerhande, blijven een aantal kinderen problemen hebben. Babbeldoos is bestemd voor dergelijke kinderen zowel autochtone als allochtone die taalzwakker zijn. De bedoeling van Babbeldoos is via spel taal uit te lokken in interactie bij de kinderen zonder dat zij zich ervan bewust zijn met taal bezig te zijn. Alle activiteiten ervaren de kinderen als spel en niet als taal leren. Spelen met talige elementen dus. Bij Babbeldoos horen vier kleurrijke spelborden om met een groep aan de slag te gaan. Verder staat het boek vol leuke en creatieve activiteiten, met duidelijke uitleg van wat er nodig is en hoe de activiteit het best kan worden georganiseerd. Enkele voorbeelden: maken van een waterlaboratorium, bezoek aan een pottenbakker, groentesoep maken, kijkdozen knutselen, een stokpop maken. Babbeldoos is niet alleen voor de school bedoeld, maar evenzeer voor buurtopbouwwerk, bibliotheken, kinderopvang enz.
Spelend lezen. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het tweede leerjaar – Werkbladen. (Leesslang, nr. 2)
Reeks Lees(s)lang:
Spelend lezen. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het tweede leerjaar – Werkbladen. (Leesslang, nr. 2)
Reeks Lees(s)lang:
Babbeldoos. Spelen met talige elementen – Handboek
Babbeldoos is een initiatief van Opbouwwerk Maasmechelen en OVGB-Onderwijsvoorrangsgebiedenbeleid Limburg.
Babbeldoos. Spelen met talige elementen – Handboek
Babbeldoos is een initiatief van Opbouwwerk Maasmechelen en OVGB-Onderwijsvoorrangsgebiedenbeleid Limburg.
Spelend lezen. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het tweede leerjaar – Handboek. (Leesslang, nr. 2)
Dit boek biedt leerkrachten -vooral eerste en tweede leerjaar - groep drie en vier -direct bruikbaar materiaal.
De doelstelling is meervoudig: begrijpend lezen, info halen uit een tekst, een geschreven opdracht correct interpreteren, een tekst illustreren, enz. Het bevorderen van leesplezier en -motivatie staat daarbij centraal.
Kinderen krijgen via Spelend lezen interactieve en taakgerichte leeskansen, gepresenteerd op een aangename, speelse wijze.
Spelend lezen is naast eender welke leesmethode te gebruiken.
Spelend lezen is gerealiseerd door Onderwijsvoorrangsgebiedenbeleid Limburg i.s.m. vele scholen.
Reeks Lees(s)lang:
Spelend lezen. Leesmateriaal voor begrijpend lezen in het tweede leerjaar – Handboek. (Leesslang, nr. 2)
Dit boek biedt leerkrachten -vooral eerste en tweede leerjaar - groep drie en vier -direct bruikbaar materiaal.
De doelstelling is meervoudig: begrijpend lezen, info halen uit een tekst, een geschreven opdracht correct interpreteren, een tekst illustreren, enz. Het bevorderen van leesplezier en -motivatie staat daarbij centraal.
Kinderen krijgen via Spelend lezen interactieve en taakgerichte leeskansen, gepresenteerd op een aangename, speelse wijze.
Spelend lezen is naast eender welke leesmethode te gebruiken.
Spelend lezen is gerealiseerd door Onderwijsvoorrangsgebiedenbeleid Limburg i.s.m. vele scholen.
Reeks Lees(s)lang:
Succesvol begeleiden van hoogbegaafde kinderen en jongeren (Derde gewijzigde druk)
Wie dieper wil ingaan op de thematiek hoogbegaafdheid zal in dit boek bijzondere aanwijzingen vinden voor het succesvol opvoeden en onderwijzen van hoogbegaafde kinderen en jongeren. De auteurs doorprikken heel wat misverstanden rond hoogbegaafdheid en proberen door te dringen tot de kern van de zaak. Zij ontdekten daarbij dat hoogbegaafdheid veelal te maken heeft met het vinden van een goede balans tussen twee tegenstrijdige kenmerken. Deze balansproblemen raken niet alleen de hoogbegaafde persoon zelf, maar komen ook terug in het onderwijs en de opvoeding van deze kinderen.
Dit boek verschaft de lezer de theoretische achtergronden die noodzakelijk zijn om hoogbegaafde kinderen of leerlingen succesvol te begeleiden. Bovendien worden honderden praktische tips gegeven die onmiddellijk toepasbaar zijn in de praktijk. De auteurs hebben meer dan 30 jaar ervaring in de begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongeren, hun ouders, leerkrachten en begeleiders. Zij pleiten voor opvoeding tot zelfdiscipline en het creëren van open communicatie met deze kinderen. Geheugeneconomie op school krijgt een extra accent. Ook de uitgebreide bijlagen rond uitstelgedrag, zelfvertrouwen, perfectionisme, vlijt, zelfspraak en beloning verschaffen een bijzonder inzicht in deze kernthema’s van hoogbegaafdheid.
Carl D’hondt, orthopedagoog, is erevoorzitter van BEKINA vzw - Begaafde Kinderen en Adolescenten.
Hilde Van Rossen, master in de psychologie, was opleidingscoördinator aan de Hogeschool VIVES, voorheen Katho.
Succesvol begeleiden van hoogbegaafde kinderen en jongeren (Derde gewijzigde druk)
Wie dieper wil ingaan op de thematiek hoogbegaafdheid zal in dit boek bijzondere aanwijzingen vinden voor het succesvol opvoeden en onderwijzen van hoogbegaafde kinderen en jongeren. De auteurs doorprikken heel wat misverstanden rond hoogbegaafdheid en proberen door te dringen tot de kern van de zaak. Zij ontdekten daarbij dat hoogbegaafdheid veelal te maken heeft met het vinden van een goede balans tussen twee tegenstrijdige kenmerken. Deze balansproblemen raken niet alleen de hoogbegaafde persoon zelf, maar komen ook terug in het onderwijs en de opvoeding van deze kinderen.
Dit boek verschaft de lezer de theoretische achtergronden die noodzakelijk zijn om hoogbegaafde kinderen of leerlingen succesvol te begeleiden. Bovendien worden honderden praktische tips gegeven die onmiddellijk toepasbaar zijn in de praktijk. De auteurs hebben meer dan 30 jaar ervaring in de begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongeren, hun ouders, leerkrachten en begeleiders. Zij pleiten voor opvoeding tot zelfdiscipline en het creëren van open communicatie met deze kinderen. Geheugeneconomie op school krijgt een extra accent. Ook de uitgebreide bijlagen rond uitstelgedrag, zelfvertrouwen, perfectionisme, vlijt, zelfspraak en beloning verschaffen een bijzonder inzicht in deze kernthema’s van hoogbegaafdheid.
Carl D’hondt, orthopedagoog, is erevoorzitter van BEKINA vzw - Begaafde Kinderen en Adolescenten.
Hilde Van Rossen, master in de psychologie, was opleidingscoördinator aan de Hogeschool VIVES, voorheen Katho.
Een familie is geen kudde. Een multidisciplinaire studie naar de praktijk, beleving en sociaaljuridische context van solidariteit binnen Familie 2.0
Binnen het SBO-project Family Solidarity 2.0 onderzochten we vier jaar lang de normen, verwachtingen en billijkheid van solidariteit in diverse familievormen. We gebruikten hierbij het concept ‘Familie 2.0’ om te verwijzen naar de grote diversiteit aan gezinsvormen die vandaag bestaat, en waarbij bloedverwantschap en wettelijke verbintenissen niet langer de enige of dominante criteria voor integratie en lidmaatschap vormen.
Hoewel de traditionele familie die gebaseerd is op bloedverwantschap en wettelijk bevestigde afstamming niet per se verouderd is, kan het niet langer als allesomvattend model dienen waarrond onze samenleving is georganiseerd. Hierdoor ontstond de nood aan het bestuderen van casussen die de diversiteit van Familie 2.0 vertegenwoordigen. Binnen ons project brachten we in kaart hoe complexe en diverse Families 2.0 functioneren, hoe leden van Familie 2.0 onderling steun uitwisselen, hoe ze dit ervaren, en waar dit in spanning staat met het huidige sociaal-juridische kader.
Dit boek bundelt de eerste resultaten uit de verschillende deelstudies van ons project. Ze illustreren onder andere de rijkheid en complexiteit van solidariteitsbanden binnen families: op microniveau (tussen familieleden), op mesoniveau (binnen families en organisaties die werken met families) en op macroniveau (ons wettelijk en normatief kader).
Een familie is geen kudde. Een multidisciplinaire studie naar de praktijk, beleving en sociaaljuridische context van solidariteit binnen Familie 2.0
Binnen het SBO-project Family Solidarity 2.0 onderzochten we vier jaar lang de normen, verwachtingen en billijkheid van solidariteit in diverse familievormen. We gebruikten hierbij het concept ‘Familie 2.0’ om te verwijzen naar de grote diversiteit aan gezinsvormen die vandaag bestaat, en waarbij bloedverwantschap en wettelijke verbintenissen niet langer de enige of dominante criteria voor integratie en lidmaatschap vormen.
Hoewel de traditionele familie die gebaseerd is op bloedverwantschap en wettelijk bevestigde afstamming niet per se verouderd is, kan het niet langer als allesomvattend model dienen waarrond onze samenleving is georganiseerd. Hierdoor ontstond de nood aan het bestuderen van casussen die de diversiteit van Familie 2.0 vertegenwoordigen. Binnen ons project brachten we in kaart hoe complexe en diverse Families 2.0 functioneren, hoe leden van Familie 2.0 onderling steun uitwisselen, hoe ze dit ervaren, en waar dit in spanning staat met het huidige sociaal-juridische kader.
Dit boek bundelt de eerste resultaten uit de verschillende deelstudies van ons project. Ze illustreren onder andere de rijkheid en complexiteit van solidariteitsbanden binnen families: op microniveau (tussen familieleden), op mesoniveau (binnen families en organisaties die werken met families) en op macroniveau (ons wettelijk en normatief kader).
Sensoa Vlaggensysteem – Reageren op (grensoverschrijdend) gedrag van kinderen en jongeren
Het Sensoa Vlaggensysteem helpt om seksueel gedrag van kinderen en jongeren eerlijk te beoordelen en er gepast op te reageren. Maar je kan het Vlaggensysteem ook gebruiken om met kinderen en jongeren het gesprek aan te gaan over welk seksueel gedrag wel en niet oké is.
Centraal in het Sensoa Vlaggensysteem staan zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Die bieden begeleiders, kinderen en jongeren houvast bij het beoordelen van seksueel gedrag, en dus ook bij de reactie daarop. Bovendien kunnen die criteria een leidraad vormen voor het eigen seksueel gedrag.
In dit boek wordt het Vlaggensysteem uitgelegd en onderbouwd. Er is ook een hoofdstuk gewijd aan begeleiderscompetenties en er staan cases in om met het team aan de slag te gaan rond seksueel (grensoverschrijdend) gedrag.
In hoofdstuk zes van dit boek zijn 43 kaarten opgenomen waarop concrete situaties staan afgebeeld van seksueel gedrag van kinderen en jongeren. Elke situatie wordt beoordeeld aan de hand van zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Op basis van die beoordeling wordt een pedagogische reactie gesuggereerd.
Sensoa Vlaggensysteem – Reageren op (grensoverschrijdend) gedrag van kinderen en jongeren
Het Sensoa Vlaggensysteem helpt om seksueel gedrag van kinderen en jongeren eerlijk te beoordelen en er gepast op te reageren. Maar je kan het Vlaggensysteem ook gebruiken om met kinderen en jongeren het gesprek aan te gaan over welk seksueel gedrag wel en niet oké is.
Centraal in het Sensoa Vlaggensysteem staan zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Die bieden begeleiders, kinderen en jongeren houvast bij het beoordelen van seksueel gedrag, en dus ook bij de reactie daarop. Bovendien kunnen die criteria een leidraad vormen voor het eigen seksueel gedrag.
In dit boek wordt het Vlaggensysteem uitgelegd en onderbouwd. Er is ook een hoofdstuk gewijd aan begeleiderscompetenties en er staan cases in om met het team aan de slag te gaan rond seksueel (grensoverschrijdend) gedrag.
In hoofdstuk zes van dit boek zijn 43 kaarten opgenomen waarop concrete situaties staan afgebeeld van seksueel gedrag van kinderen en jongeren. Elke situatie wordt beoordeeld aan de hand van zes criteria voor gezond seksueel gedrag. Op basis van die beoordeling wordt een pedagogische reactie gesuggereerd.








KLEIO jrg. 53, nr. 1 (jan 2024)










