Hersenfuncties bij leer- en ontwikkelingsstoornissen
€ 12,40
Van leraren wordt verwacht dat zij hun leerlingen brengen tot het verwerven van nieuwe en steeds complexere
vaardigheden. In zekere zin kunnen zij beschouwd worden als programmeurs van gedrag. Nu is het
zo dat in schoolse middens er heel veel aandacht gaat naar vorm en inhoud van de ''gedragsprogramma''s'',
maar dat er weinig geweten is over de hardware, met name de hersenen, waarmee zal moeten worden
gewerkt. Dit is des te verwonderlijker in een tijd waarin alle leraren kennis dienen te hebben van de ''bijzondere
onderwijsbehoeften'' die bij sommige leerlingen bestaan.
De uitgangsvraag bij het schrijven van dit boek is dan ook geweest: Wat moeten leraren en leerlingbegeleiders weten over de menselijke hersenen? Om hierop een antwoord te geven, gaan we kort in op groei en bouw van de hersenen als orgaan. In, een voor leraren veel spannender, volgend deel kijken we naar wat op dit ogenblik geweten is over het functioneren van de hersenen. We doen dit op drie manieren. Vooreerst kijken we naar het hersenweefsel: welke structurele of chemische afwijkingen kunnen het bestaan van leer- en ontwikkelingsstoornissen verklaren? Ten tweede worden basisprincipes van enkele (oude en recente) medische beeldvormingtechnieken verklaard, om vervolgens een overzicht te geven van belangrijke, wetenschappelijke studies die helpen aan te tonen hoe anders de hersenen van leer- en ontwikkelingsgestoorde kinderen en volwassenen werken. Sommigen hebben echter geen hoge pet op van medische beeldvorming. Zij kijken veel liever naar wat mensen doen en hoe ze het doen en of daar patronen in te herkennen zijn. Daarom gaan we in een derde deel in op enkele beroemde, zoniet beruchte, stellingen die gebaseerd zijn op ''gelijktijdig optredende gedragssymptomen''.
Dit boek is bedoeld als inleiding. Medische voorkennis is niet vereist. Tekst en figuren leveren voldoende bouwstenen om tot een onderbouwde visie te komen. Voor vele leraren is dit een kennismaking met het boeiend domein van de neuropsychologie. Voor clinici kan dit een geactualiseerde opfrissing zijn.
Peter van Vugt is doctor in de Medische Wetenschappen. Hij publiceert over neuropsychologische onderwerpen (o.a. aphasia, autism, dyscalculia, dyslexia, hallucinosis, hemispatial neglect, learning disabilities, MCDD, migraine, tactile agnosia, temporal lobe epilepsy). Als licentiaat in de Romaanse filologie heeft hij ook onderwijservaring. Hij heeft ruime expertise als begeleider van nascholingen. Verder is hij lid van verschillende wetenschappelijke verenigingen en is hij adviseur bij verenigingen van ouders die kinderen hebben met leerstoornissen.
De uitgangsvraag bij het schrijven van dit boek is dan ook geweest: Wat moeten leraren en leerlingbegeleiders weten over de menselijke hersenen? Om hierop een antwoord te geven, gaan we kort in op groei en bouw van de hersenen als orgaan. In, een voor leraren veel spannender, volgend deel kijken we naar wat op dit ogenblik geweten is over het functioneren van de hersenen. We doen dit op drie manieren. Vooreerst kijken we naar het hersenweefsel: welke structurele of chemische afwijkingen kunnen het bestaan van leer- en ontwikkelingsstoornissen verklaren? Ten tweede worden basisprincipes van enkele (oude en recente) medische beeldvormingtechnieken verklaard, om vervolgens een overzicht te geven van belangrijke, wetenschappelijke studies die helpen aan te tonen hoe anders de hersenen van leer- en ontwikkelingsgestoorde kinderen en volwassenen werken. Sommigen hebben echter geen hoge pet op van medische beeldvorming. Zij kijken veel liever naar wat mensen doen en hoe ze het doen en of daar patronen in te herkennen zijn. Daarom gaan we in een derde deel in op enkele beroemde, zoniet beruchte, stellingen die gebaseerd zijn op ''gelijktijdig optredende gedragssymptomen''.
Dit boek is bedoeld als inleiding. Medische voorkennis is niet vereist. Tekst en figuren leveren voldoende bouwstenen om tot een onderbouwde visie te komen. Voor vele leraren is dit een kennismaking met het boeiend domein van de neuropsychologie. Voor clinici kan dit een geactualiseerde opfrissing zijn.
Peter van Vugt is doctor in de Medische Wetenschappen. Hij publiceert over neuropsychologische onderwerpen (o.a. aphasia, autism, dyscalculia, dyslexia, hallucinosis, hemispatial neglect, learning disabilities, MCDD, migraine, tactile agnosia, temporal lobe epilepsy). Als licentiaat in de Romaanse filologie heeft hij ook onderwijservaring. Hij heeft ruime expertise als begeleider van nascholingen. Verder is hij lid van verschillende wetenschappelijke verenigingen en is hij adviseur bij verenigingen van ouders die kinderen hebben met leerstoornissen.
Hersenfuncties bij leer- en ontwikkelingsstoornissen
€ 12,40
Van leraren wordt verwacht dat zij hun leerlingen brengen tot het verwerven van nieuwe en steeds complexere
vaardigheden. In zekere zin kunnen zij beschouwd worden als programmeurs van gedrag. Nu is het
zo dat in schoolse middens er heel veel aandacht gaat naar vorm en inhoud van de ''gedragsprogramma''s'',
maar dat er weinig geweten is over de hardware, met name de hersenen, waarmee zal moeten worden
gewerkt. Dit is des te verwonderlijker in een tijd waarin alle leraren kennis dienen te hebben van de ''bijzondere
onderwijsbehoeften'' die bij sommige leerlingen bestaan.
De uitgangsvraag bij het schrijven van dit boek is dan ook geweest: Wat moeten leraren en leerlingbegeleiders weten over de menselijke hersenen? Om hierop een antwoord te geven, gaan we kort in op groei en bouw van de hersenen als orgaan. In, een voor leraren veel spannender, volgend deel kijken we naar wat op dit ogenblik geweten is over het functioneren van de hersenen. We doen dit op drie manieren. Vooreerst kijken we naar het hersenweefsel: welke structurele of chemische afwijkingen kunnen het bestaan van leer- en ontwikkelingsstoornissen verklaren? Ten tweede worden basisprincipes van enkele (oude en recente) medische beeldvormingtechnieken verklaard, om vervolgens een overzicht te geven van belangrijke, wetenschappelijke studies die helpen aan te tonen hoe anders de hersenen van leer- en ontwikkelingsgestoorde kinderen en volwassenen werken. Sommigen hebben echter geen hoge pet op van medische beeldvorming. Zij kijken veel liever naar wat mensen doen en hoe ze het doen en of daar patronen in te herkennen zijn. Daarom gaan we in een derde deel in op enkele beroemde, zoniet beruchte, stellingen die gebaseerd zijn op ''gelijktijdig optredende gedragssymptomen''.
Dit boek is bedoeld als inleiding. Medische voorkennis is niet vereist. Tekst en figuren leveren voldoende bouwstenen om tot een onderbouwde visie te komen. Voor vele leraren is dit een kennismaking met het boeiend domein van de neuropsychologie. Voor clinici kan dit een geactualiseerde opfrissing zijn.
Peter van Vugt is doctor in de Medische Wetenschappen. Hij publiceert over neuropsychologische onderwerpen (o.a. aphasia, autism, dyscalculia, dyslexia, hallucinosis, hemispatial neglect, learning disabilities, MCDD, migraine, tactile agnosia, temporal lobe epilepsy). Als licentiaat in de Romaanse filologie heeft hij ook onderwijservaring. Hij heeft ruime expertise als begeleider van nascholingen. Verder is hij lid van verschillende wetenschappelijke verenigingen en is hij adviseur bij verenigingen van ouders die kinderen hebben met leerstoornissen.
De uitgangsvraag bij het schrijven van dit boek is dan ook geweest: Wat moeten leraren en leerlingbegeleiders weten over de menselijke hersenen? Om hierop een antwoord te geven, gaan we kort in op groei en bouw van de hersenen als orgaan. In, een voor leraren veel spannender, volgend deel kijken we naar wat op dit ogenblik geweten is over het functioneren van de hersenen. We doen dit op drie manieren. Vooreerst kijken we naar het hersenweefsel: welke structurele of chemische afwijkingen kunnen het bestaan van leer- en ontwikkelingsstoornissen verklaren? Ten tweede worden basisprincipes van enkele (oude en recente) medische beeldvormingtechnieken verklaard, om vervolgens een overzicht te geven van belangrijke, wetenschappelijke studies die helpen aan te tonen hoe anders de hersenen van leer- en ontwikkelingsgestoorde kinderen en volwassenen werken. Sommigen hebben echter geen hoge pet op van medische beeldvorming. Zij kijken veel liever naar wat mensen doen en hoe ze het doen en of daar patronen in te herkennen zijn. Daarom gaan we in een derde deel in op enkele beroemde, zoniet beruchte, stellingen die gebaseerd zijn op ''gelijktijdig optredende gedragssymptomen''.
Dit boek is bedoeld als inleiding. Medische voorkennis is niet vereist. Tekst en figuren leveren voldoende bouwstenen om tot een onderbouwde visie te komen. Voor vele leraren is dit een kennismaking met het boeiend domein van de neuropsychologie. Voor clinici kan dit een geactualiseerde opfrissing zijn.
Peter van Vugt is doctor in de Medische Wetenschappen. Hij publiceert over neuropsychologische onderwerpen (o.a. aphasia, autism, dyscalculia, dyslexia, hallucinosis, hemispatial neglect, learning disabilities, MCDD, migraine, tactile agnosia, temporal lobe epilepsy). Als licentiaat in de Romaanse filologie heeft hij ook onderwijservaring. Hij heeft ruime expertise als begeleider van nascholingen. Verder is hij lid van verschillende wetenschappelijke verenigingen en is hij adviseur bij verenigingen van ouders die kinderen hebben met leerstoornissen.
Beleggen op de golven. Een studie naar vijf golven in de economie met twee beleggingskaarten: illustratie van twee visies op de toekomst
€ 29,90
Om goed te kunnen beleggen moet men visie hebben. Men moet de toekomst
kunnen lezen en inschatten wat die zal brengen. Dat is echter
niet evident. Nochtans voorspellen de auteurs van dit boek dat we – in
tegenstelling tot wat we vandaag meemaken – in de komende tien jaar
een periode van wereldwijde economische groei tegemoet gaan. Ze baseren
deze visie op de studie van de diverse kortere en langere golven
in de economie. Aan de hand daarvan gebruiken ze een beleggingskaart
die reeds gedurende decennia houvast heeft geboden en waarop de lange
golf, ook wel de Kondratieffgolf genoemd, zichtbaar is. Op die golf worden
de zes belangrijke scenario’s zichtbaar die zich op lange termijn voordoen
met hun vaste volgorde: herstel, creatieve transformatie, voorspoed,
recessie, chaotische neergang en depressie. In welk scenario de economie
belandt, hangt onder meer af van hoe sterk bepaalde machten in de
maatschappij zich verhouden. Die verschuiving van de machten gaat in
een vaste cyclus en veroorzaakt de lange golf in de economie met zijn
langdurig gemiddeld goede en slechte tijden. In de huidige fase staan het
bedrijfsleven en individuen sterk, en dat staat borg voor een hoge stijging
van de productiviteit en innovaties. Toename van de productiviteit is vele
malen belangrijker voor economische groei dan schuldafbouw. Daarom
gaan we wereldwijd – met de Emerging Markets voorop – een sterke
groei tegemoet, vooral als de overheid zijn nieuwe macht inzet door te
investeren in infrastructuur.
De groei in de wereld rustte de afgelopen jaren op drie pijlers: de ICTRevolutie, de opkomst van grote Emerging Markets en de Financiële Revolutie met de Asset Economy. Alle drie zijn zwaar ontspoord (de ICT-Revolutie in 2000-2003, de Emerging Markets in de Aziëcrisis van 1997-1998 en de Financiële Revolutie in de Kredietcrisis van 2008-2009). De eerste twee pijlers kennen een sterke heropleving en dat valt ook te verwachten voor de derde pijler. Daarenboven biedt de Groene Revolutie een nieuwe pijler voor een aanzienlijke duurzame groei in de toekomst.
Gerhard ter Veer is voormalig directeur vermogensbeheer van PVF in Amsterdam, dat later opging in het Engelse F&C Asset Management Plc. Peter Vermeulen is strategist bij F&C (Netherlands).
De groei in de wereld rustte de afgelopen jaren op drie pijlers: de ICTRevolutie, de opkomst van grote Emerging Markets en de Financiële Revolutie met de Asset Economy. Alle drie zijn zwaar ontspoord (de ICT-Revolutie in 2000-2003, de Emerging Markets in de Aziëcrisis van 1997-1998 en de Financiële Revolutie in de Kredietcrisis van 2008-2009). De eerste twee pijlers kennen een sterke heropleving en dat valt ook te verwachten voor de derde pijler. Daarenboven biedt de Groene Revolutie een nieuwe pijler voor een aanzienlijke duurzame groei in de toekomst.
Gerhard ter Veer is voormalig directeur vermogensbeheer van PVF in Amsterdam, dat later opging in het Engelse F&C Asset Management Plc. Peter Vermeulen is strategist bij F&C (Netherlands).
Beleggen op de golven. Een studie naar vijf golven in de economie met twee beleggingskaarten: illustratie van twee visies op de toekomst
€ 29,90
Om goed te kunnen beleggen moet men visie hebben. Men moet de toekomst
kunnen lezen en inschatten wat die zal brengen. Dat is echter
niet evident. Nochtans voorspellen de auteurs van dit boek dat we – in
tegenstelling tot wat we vandaag meemaken – in de komende tien jaar
een periode van wereldwijde economische groei tegemoet gaan. Ze baseren
deze visie op de studie van de diverse kortere en langere golven
in de economie. Aan de hand daarvan gebruiken ze een beleggingskaart
die reeds gedurende decennia houvast heeft geboden en waarop de lange
golf, ook wel de Kondratieffgolf genoemd, zichtbaar is. Op die golf worden
de zes belangrijke scenario’s zichtbaar die zich op lange termijn voordoen
met hun vaste volgorde: herstel, creatieve transformatie, voorspoed,
recessie, chaotische neergang en depressie. In welk scenario de economie
belandt, hangt onder meer af van hoe sterk bepaalde machten in de
maatschappij zich verhouden. Die verschuiving van de machten gaat in
een vaste cyclus en veroorzaakt de lange golf in de economie met zijn
langdurig gemiddeld goede en slechte tijden. In de huidige fase staan het
bedrijfsleven en individuen sterk, en dat staat borg voor een hoge stijging
van de productiviteit en innovaties. Toename van de productiviteit is vele
malen belangrijker voor economische groei dan schuldafbouw. Daarom
gaan we wereldwijd – met de Emerging Markets voorop – een sterke
groei tegemoet, vooral als de overheid zijn nieuwe macht inzet door te
investeren in infrastructuur.
De groei in de wereld rustte de afgelopen jaren op drie pijlers: de ICTRevolutie, de opkomst van grote Emerging Markets en de Financiële Revolutie met de Asset Economy. Alle drie zijn zwaar ontspoord (de ICT-Revolutie in 2000-2003, de Emerging Markets in de Aziëcrisis van 1997-1998 en de Financiële Revolutie in de Kredietcrisis van 2008-2009). De eerste twee pijlers kennen een sterke heropleving en dat valt ook te verwachten voor de derde pijler. Daarenboven biedt de Groene Revolutie een nieuwe pijler voor een aanzienlijke duurzame groei in de toekomst.
Gerhard ter Veer is voormalig directeur vermogensbeheer van PVF in Amsterdam, dat later opging in het Engelse F&C Asset Management Plc. Peter Vermeulen is strategist bij F&C (Netherlands).
De groei in de wereld rustte de afgelopen jaren op drie pijlers: de ICTRevolutie, de opkomst van grote Emerging Markets en de Financiële Revolutie met de Asset Economy. Alle drie zijn zwaar ontspoord (de ICT-Revolutie in 2000-2003, de Emerging Markets in de Aziëcrisis van 1997-1998 en de Financiële Revolutie in de Kredietcrisis van 2008-2009). De eerste twee pijlers kennen een sterke heropleving en dat valt ook te verwachten voor de derde pijler. Daarenboven biedt de Groene Revolutie een nieuwe pijler voor een aanzienlijke duurzame groei in de toekomst.
Gerhard ter Veer is voormalig directeur vermogensbeheer van PVF in Amsterdam, dat later opging in het Engelse F&C Asset Management Plc. Peter Vermeulen is strategist bij F&C (Netherlands).
Nicolaas Copernicus (1473-1543). Grondlegger van de moderne astronomie (Reeks Grondleggers, nr. 6)
€ 17,40
Sinds zijn ontstaan werd de mens gefascineerd door de sterrenhemel. Zijn godsdienstige
overtuiging, zijn levensbeschouwing allerhande, zijn zeden en gewoonten werden er
door beïnvloed, zo al niet door geleid. In de 2de eeuw n.C. ontwierp de Griekse
geleerde Ptolemeus een astronomisch stelsel dat vele eeuwen zou trotseren: de aarde
als middelpunt van het heelal en de planeten, met inbegrip van de zon, die daaromheen
zweven in cirkelvormige banen. Dit beeld van het heelal werd in de christenwereld
van de middeleeuwen overgenomen en beklemtoond. De mens, schepping van
God, bevolkt de aarde: het kan niet anders dan dat die aarde het centrum is van het
heelal.
In de 16de eeuw, tijdperk van renaissance en humanisme, maakte de Pool Nicolaas Copernicus, niet zonder aarzeling, zijn bevindingen bekend dat niet de aarde maar de zon het centrum is van een planetenstelsel. Die bevindingen hebben niet onmiddellijk bekendheid en instemming verworven, maar ontegensprekelijk betekenen ze het aanvangspunt van de moderne astronomie en hebben ze een enorme schok teweeggebracht in de gedachtewereld en de levensbeschouwing van de Westerse mens. Wie was Nicolaas Copernicus en hoe is hij tot de redactie van zijn tractaat ‘De revolutionibus orbium coelestium’ gekomen?
In dit boek worden achtereenvolgens belicht: de astronomie voor Copernicus – de geschiedenis van het jonge en woelige Polen – de figuur, het werk en de betekenis van Nicolaas Copernicus.
Paul Morren is licentiaat Geschiedenis en laureaat van de Internationale UNESCOprijs voor het onderwijs van de rechten van de mens. Hij is de ontwerper en directeur van de reeks ‘Grondleggers’, die bij Garant wordt uitgebracht. Bij deze uitgeverij publiceerde hij de studies Atatürk; De rechten van de mens; Van de dood van Karel de Stoute tot de troonsbestijging van Karel V; Theodor Herzl, grondlegger van het politieke zionisme.
In de 16de eeuw, tijdperk van renaissance en humanisme, maakte de Pool Nicolaas Copernicus, niet zonder aarzeling, zijn bevindingen bekend dat niet de aarde maar de zon het centrum is van een planetenstelsel. Die bevindingen hebben niet onmiddellijk bekendheid en instemming verworven, maar ontegensprekelijk betekenen ze het aanvangspunt van de moderne astronomie en hebben ze een enorme schok teweeggebracht in de gedachtewereld en de levensbeschouwing van de Westerse mens. Wie was Nicolaas Copernicus en hoe is hij tot de redactie van zijn tractaat ‘De revolutionibus orbium coelestium’ gekomen?
In dit boek worden achtereenvolgens belicht: de astronomie voor Copernicus – de geschiedenis van het jonge en woelige Polen – de figuur, het werk en de betekenis van Nicolaas Copernicus.
Paul Morren is licentiaat Geschiedenis en laureaat van de Internationale UNESCOprijs voor het onderwijs van de rechten van de mens. Hij is de ontwerper en directeur van de reeks ‘Grondleggers’, die bij Garant wordt uitgebracht. Bij deze uitgeverij publiceerde hij de studies Atatürk; De rechten van de mens; Van de dood van Karel de Stoute tot de troonsbestijging van Karel V; Theodor Herzl, grondlegger van het politieke zionisme.
Nicolaas Copernicus (1473-1543). Grondlegger van de moderne astronomie (Reeks Grondleggers, nr. 6)
€ 17,40
Sinds zijn ontstaan werd de mens gefascineerd door de sterrenhemel. Zijn godsdienstige
overtuiging, zijn levensbeschouwing allerhande, zijn zeden en gewoonten werden er
door beïnvloed, zo al niet door geleid. In de 2de eeuw n.C. ontwierp de Griekse
geleerde Ptolemeus een astronomisch stelsel dat vele eeuwen zou trotseren: de aarde
als middelpunt van het heelal en de planeten, met inbegrip van de zon, die daaromheen
zweven in cirkelvormige banen. Dit beeld van het heelal werd in de christenwereld
van de middeleeuwen overgenomen en beklemtoond. De mens, schepping van
God, bevolkt de aarde: het kan niet anders dan dat die aarde het centrum is van het
heelal.
In de 16de eeuw, tijdperk van renaissance en humanisme, maakte de Pool Nicolaas Copernicus, niet zonder aarzeling, zijn bevindingen bekend dat niet de aarde maar de zon het centrum is van een planetenstelsel. Die bevindingen hebben niet onmiddellijk bekendheid en instemming verworven, maar ontegensprekelijk betekenen ze het aanvangspunt van de moderne astronomie en hebben ze een enorme schok teweeggebracht in de gedachtewereld en de levensbeschouwing van de Westerse mens. Wie was Nicolaas Copernicus en hoe is hij tot de redactie van zijn tractaat ‘De revolutionibus orbium coelestium’ gekomen?
In dit boek worden achtereenvolgens belicht: de astronomie voor Copernicus – de geschiedenis van het jonge en woelige Polen – de figuur, het werk en de betekenis van Nicolaas Copernicus.
Paul Morren is licentiaat Geschiedenis en laureaat van de Internationale UNESCOprijs voor het onderwijs van de rechten van de mens. Hij is de ontwerper en directeur van de reeks ‘Grondleggers’, die bij Garant wordt uitgebracht. Bij deze uitgeverij publiceerde hij de studies Atatürk; De rechten van de mens; Van de dood van Karel de Stoute tot de troonsbestijging van Karel V; Theodor Herzl, grondlegger van het politieke zionisme.
In de 16de eeuw, tijdperk van renaissance en humanisme, maakte de Pool Nicolaas Copernicus, niet zonder aarzeling, zijn bevindingen bekend dat niet de aarde maar de zon het centrum is van een planetenstelsel. Die bevindingen hebben niet onmiddellijk bekendheid en instemming verworven, maar ontegensprekelijk betekenen ze het aanvangspunt van de moderne astronomie en hebben ze een enorme schok teweeggebracht in de gedachtewereld en de levensbeschouwing van de Westerse mens. Wie was Nicolaas Copernicus en hoe is hij tot de redactie van zijn tractaat ‘De revolutionibus orbium coelestium’ gekomen?
In dit boek worden achtereenvolgens belicht: de astronomie voor Copernicus – de geschiedenis van het jonge en woelige Polen – de figuur, het werk en de betekenis van Nicolaas Copernicus.
Paul Morren is licentiaat Geschiedenis en laureaat van de Internationale UNESCOprijs voor het onderwijs van de rechten van de mens. Hij is de ontwerper en directeur van de reeks ‘Grondleggers’, die bij Garant wordt uitgebracht. Bij deze uitgeverij publiceerde hij de studies Atatürk; De rechten van de mens; Van de dood van Karel de Stoute tot de troonsbestijging van Karel V; Theodor Herzl, grondlegger van het politieke zionisme.
ADHD. Op één spoor? Derde herziene uitgave
€ 14,10
De afgelopen jaren is de wetenschappelijke kennis over ADHD - Attention Deficit and Hyperactivity Disorder sterk toegenomen. In de diagnostiek, de behandeling en de farmacotherapie bij ADHD worden voortdurend ontdekkingen gedaan. Heel wat ouders en leerkrachten zijn op zoek naar oorzaken en vooral behandelingen om het kind en de jongere met ADHD zo goed mogelijk te kunnen opvangen en begeleiden.
Vanuit zijn jarenlange onderwijservaring geeft de auteur een antwoord op veelgestelde vragen. Meteen pleit hij voor meer respect, begrip en steun voor mensen die met deze stoornis te maken krijgen. Eerst illustreert hij met een voorbeeld hoe men soms te vlug tot de vermeende conclusie komt dat een kind ADHD heeft. Vervolgens gaat hij dieper in op de specifieke problematiek van ADHD, met een overzicht van de recente ontwikkelingen. Hij overloopt de formele kenmerken van ADHD, beschrijft de verschillende uitingsvormen van de stoornis en licht de oorzaken en beïnvloedende factoren toe.
Maar wat kan eraan worden gedaan? Diverse onderwijskundige en opvoedkundige acties zijn haalbaar en kunnen helpen. In een afzonderlijk hoofdstuk staat ook een volledig, actueel en genuanceerd beeld over medicatie bij ADHD.
Voor iedereen die zorg draagt voor kinderen en jongeren die zich ''anders'' ontwikkelen: leerkrachten, ouders, leerlingenbegeleiders, schoolpsychologen en -pedagogen, zorgcoördinatoren enz. is dit boek een efficiënte leidraad.
Met voorwoorden van prof. dr. Annemie Desoete (Universiteit Gent) en dr. Dieter Baeyens (Universiteit Gent).
Karl Baert was onderwijzer. Hij studeerde pedagogische wetenschappen aan de Open Universiteit in Heerlen en is nu onderwijsinspecteur bij de Vlaamse Gemeenschap.
Vanuit zijn jarenlange onderwijservaring geeft de auteur een antwoord op veelgestelde vragen. Meteen pleit hij voor meer respect, begrip en steun voor mensen die met deze stoornis te maken krijgen. Eerst illustreert hij met een voorbeeld hoe men soms te vlug tot de vermeende conclusie komt dat een kind ADHD heeft. Vervolgens gaat hij dieper in op de specifieke problematiek van ADHD, met een overzicht van de recente ontwikkelingen. Hij overloopt de formele kenmerken van ADHD, beschrijft de verschillende uitingsvormen van de stoornis en licht de oorzaken en beïnvloedende factoren toe.
Maar wat kan eraan worden gedaan? Diverse onderwijskundige en opvoedkundige acties zijn haalbaar en kunnen helpen. In een afzonderlijk hoofdstuk staat ook een volledig, actueel en genuanceerd beeld over medicatie bij ADHD.
Voor iedereen die zorg draagt voor kinderen en jongeren die zich ''anders'' ontwikkelen: leerkrachten, ouders, leerlingenbegeleiders, schoolpsychologen en -pedagogen, zorgcoördinatoren enz. is dit boek een efficiënte leidraad.
Met voorwoorden van prof. dr. Annemie Desoete (Universiteit Gent) en dr. Dieter Baeyens (Universiteit Gent).
Karl Baert was onderwijzer. Hij studeerde pedagogische wetenschappen aan de Open Universiteit in Heerlen en is nu onderwijsinspecteur bij de Vlaamse Gemeenschap.
ADHD. Op één spoor? Derde herziene uitgave
€ 14,10
De afgelopen jaren is de wetenschappelijke kennis over ADHD - Attention Deficit and Hyperactivity Disorder sterk toegenomen. In de diagnostiek, de behandeling en de farmacotherapie bij ADHD worden voortdurend ontdekkingen gedaan. Heel wat ouders en leerkrachten zijn op zoek naar oorzaken en vooral behandelingen om het kind en de jongere met ADHD zo goed mogelijk te kunnen opvangen en begeleiden.
Vanuit zijn jarenlange onderwijservaring geeft de auteur een antwoord op veelgestelde vragen. Meteen pleit hij voor meer respect, begrip en steun voor mensen die met deze stoornis te maken krijgen. Eerst illustreert hij met een voorbeeld hoe men soms te vlug tot de vermeende conclusie komt dat een kind ADHD heeft. Vervolgens gaat hij dieper in op de specifieke problematiek van ADHD, met een overzicht van de recente ontwikkelingen. Hij overloopt de formele kenmerken van ADHD, beschrijft de verschillende uitingsvormen van de stoornis en licht de oorzaken en beïnvloedende factoren toe.
Maar wat kan eraan worden gedaan? Diverse onderwijskundige en opvoedkundige acties zijn haalbaar en kunnen helpen. In een afzonderlijk hoofdstuk staat ook een volledig, actueel en genuanceerd beeld over medicatie bij ADHD.
Voor iedereen die zorg draagt voor kinderen en jongeren die zich ''anders'' ontwikkelen: leerkrachten, ouders, leerlingenbegeleiders, schoolpsychologen en -pedagogen, zorgcoördinatoren enz. is dit boek een efficiënte leidraad.
Met voorwoorden van prof. dr. Annemie Desoete (Universiteit Gent) en dr. Dieter Baeyens (Universiteit Gent).
Karl Baert was onderwijzer. Hij studeerde pedagogische wetenschappen aan de Open Universiteit in Heerlen en is nu onderwijsinspecteur bij de Vlaamse Gemeenschap.
Vanuit zijn jarenlange onderwijservaring geeft de auteur een antwoord op veelgestelde vragen. Meteen pleit hij voor meer respect, begrip en steun voor mensen die met deze stoornis te maken krijgen. Eerst illustreert hij met een voorbeeld hoe men soms te vlug tot de vermeende conclusie komt dat een kind ADHD heeft. Vervolgens gaat hij dieper in op de specifieke problematiek van ADHD, met een overzicht van de recente ontwikkelingen. Hij overloopt de formele kenmerken van ADHD, beschrijft de verschillende uitingsvormen van de stoornis en licht de oorzaken en beïnvloedende factoren toe.
Maar wat kan eraan worden gedaan? Diverse onderwijskundige en opvoedkundige acties zijn haalbaar en kunnen helpen. In een afzonderlijk hoofdstuk staat ook een volledig, actueel en genuanceerd beeld over medicatie bij ADHD.
Voor iedereen die zorg draagt voor kinderen en jongeren die zich ''anders'' ontwikkelen: leerkrachten, ouders, leerlingenbegeleiders, schoolpsychologen en -pedagogen, zorgcoördinatoren enz. is dit boek een efficiënte leidraad.
Met voorwoorden van prof. dr. Annemie Desoete (Universiteit Gent) en dr. Dieter Baeyens (Universiteit Gent).
Karl Baert was onderwijzer. Hij studeerde pedagogische wetenschappen aan de Open Universiteit in Heerlen en is nu onderwijsinspecteur bij de Vlaamse Gemeenschap.
Praktische harmonie en akkoordenleer van de jazz en aanverwante muziekvormen voor piano (De Veerman-Bibliotheek, nr. 5)
€ 24,70
De harmonie en akkoordenleer van de jazz en aanverwante muziekvormen is een zeer veelomvattend
fenomeen. Het gaat hierbij om de muziek die zijn oorsprong heeft in de samensmelting
van de Afrikaanse en de Europese muziekculturen op het Amerikaanse continent.
Kenmerkend voor deze muziekvormen is de cultuur van improvisatie en interpretatie. Een melodisch
gegeven, door de componist voorzien van een summier harmonisch raamwerk en slechts
genoteerd met enkele akkoordsymbolen, moet door de uitvoerende musicus of arrangeur, in dit boek
beiden verenigd in de pianist, tot een compleet muzikaal geheel worden uitgewerkt op basis van
eigen interpretatie; overigens zonder daarbij het stijlkenmerk van de compositie of de ideeën van de
componist geweld aan te doen. Daarvoor zijn niet alleen kennis en inzicht, maar ook een grote mate
van creativiteit noodzakelijk.
Het doel van dit boek is een complexe, maar uiterst interessante materie op een zeer praktische wijze te benaderen en toegankelijk te maken, gericht op de toepassing ervan aan de piano. Gekozen is voor een methodische, opbouwende, sterk op de speelpraktijk gerichte aanpak. De vele voorbeelden bieden de speler een bron van informatie. De oefeningen waarborgen een gedegen en brede ontwikkeling, maar nodigen de speler ook uit tot een fascinerende zoektocht en vormen een uitdaging voor zijn creativiteit. Voor een beter inzicht wordt waar dat nodig is enige theoretische onderbouwing gegeven.
Het boek is bedoeld voor wie zich, uit hoofde van studie of beroep of uit interesse, wil bekwamen in de praktische toepassing van de harmonie en akkoordenleer van de jazz en de daaraan gerelateerde muziekvormen. Het reikt ideeën aan, inspireert tot nieuwe ontdekkingen en zet aan tot verdere ontplooiing.
Rob van der Linden is componist, pianist en arrangeur. Hij verrichtte baanbrekend pionierswerk voor de introductie van jazz en aanverwante muziekstijlen als erkende studierichting aan de Nederlandse muziekscholen en conservatoria. Hij was ruim 20 jaar hoofdvakdocent aan het Rotterdams Conservatorium.
Het doel van dit boek is een complexe, maar uiterst interessante materie op een zeer praktische wijze te benaderen en toegankelijk te maken, gericht op de toepassing ervan aan de piano. Gekozen is voor een methodische, opbouwende, sterk op de speelpraktijk gerichte aanpak. De vele voorbeelden bieden de speler een bron van informatie. De oefeningen waarborgen een gedegen en brede ontwikkeling, maar nodigen de speler ook uit tot een fascinerende zoektocht en vormen een uitdaging voor zijn creativiteit. Voor een beter inzicht wordt waar dat nodig is enige theoretische onderbouwing gegeven.
Het boek is bedoeld voor wie zich, uit hoofde van studie of beroep of uit interesse, wil bekwamen in de praktische toepassing van de harmonie en akkoordenleer van de jazz en de daaraan gerelateerde muziekvormen. Het reikt ideeën aan, inspireert tot nieuwe ontdekkingen en zet aan tot verdere ontplooiing.
Rob van der Linden is componist, pianist en arrangeur. Hij verrichtte baanbrekend pionierswerk voor de introductie van jazz en aanverwante muziekstijlen als erkende studierichting aan de Nederlandse muziekscholen en conservatoria. Hij was ruim 20 jaar hoofdvakdocent aan het Rotterdams Conservatorium.
Praktische harmonie en akkoordenleer van de jazz en aanverwante muziekvormen voor piano (De Veerman-Bibliotheek, nr. 5)
€ 24,70
De harmonie en akkoordenleer van de jazz en aanverwante muziekvormen is een zeer veelomvattend
fenomeen. Het gaat hierbij om de muziek die zijn oorsprong heeft in de samensmelting
van de Afrikaanse en de Europese muziekculturen op het Amerikaanse continent.
Kenmerkend voor deze muziekvormen is de cultuur van improvisatie en interpretatie. Een melodisch
gegeven, door de componist voorzien van een summier harmonisch raamwerk en slechts
genoteerd met enkele akkoordsymbolen, moet door de uitvoerende musicus of arrangeur, in dit boek
beiden verenigd in de pianist, tot een compleet muzikaal geheel worden uitgewerkt op basis van
eigen interpretatie; overigens zonder daarbij het stijlkenmerk van de compositie of de ideeën van de
componist geweld aan te doen. Daarvoor zijn niet alleen kennis en inzicht, maar ook een grote mate
van creativiteit noodzakelijk.
Het doel van dit boek is een complexe, maar uiterst interessante materie op een zeer praktische wijze te benaderen en toegankelijk te maken, gericht op de toepassing ervan aan de piano. Gekozen is voor een methodische, opbouwende, sterk op de speelpraktijk gerichte aanpak. De vele voorbeelden bieden de speler een bron van informatie. De oefeningen waarborgen een gedegen en brede ontwikkeling, maar nodigen de speler ook uit tot een fascinerende zoektocht en vormen een uitdaging voor zijn creativiteit. Voor een beter inzicht wordt waar dat nodig is enige theoretische onderbouwing gegeven.
Het boek is bedoeld voor wie zich, uit hoofde van studie of beroep of uit interesse, wil bekwamen in de praktische toepassing van de harmonie en akkoordenleer van de jazz en de daaraan gerelateerde muziekvormen. Het reikt ideeën aan, inspireert tot nieuwe ontdekkingen en zet aan tot verdere ontplooiing.
Rob van der Linden is componist, pianist en arrangeur. Hij verrichtte baanbrekend pionierswerk voor de introductie van jazz en aanverwante muziekstijlen als erkende studierichting aan de Nederlandse muziekscholen en conservatoria. Hij was ruim 20 jaar hoofdvakdocent aan het Rotterdams Conservatorium.
Het doel van dit boek is een complexe, maar uiterst interessante materie op een zeer praktische wijze te benaderen en toegankelijk te maken, gericht op de toepassing ervan aan de piano. Gekozen is voor een methodische, opbouwende, sterk op de speelpraktijk gerichte aanpak. De vele voorbeelden bieden de speler een bron van informatie. De oefeningen waarborgen een gedegen en brede ontwikkeling, maar nodigen de speler ook uit tot een fascinerende zoektocht en vormen een uitdaging voor zijn creativiteit. Voor een beter inzicht wordt waar dat nodig is enige theoretische onderbouwing gegeven.
Het boek is bedoeld voor wie zich, uit hoofde van studie of beroep of uit interesse, wil bekwamen in de praktische toepassing van de harmonie en akkoordenleer van de jazz en de daaraan gerelateerde muziekvormen. Het reikt ideeën aan, inspireert tot nieuwe ontdekkingen en zet aan tot verdere ontplooiing.
Rob van der Linden is componist, pianist en arrangeur. Hij verrichtte baanbrekend pionierswerk voor de introductie van jazz en aanverwante muziekstijlen als erkende studierichting aan de Nederlandse muziekscholen en conservatoria. Hij was ruim 20 jaar hoofdvakdocent aan het Rotterdams Conservatorium.
Therapie bij dyscalculie. Introductie
€ 28,00
We staan er niet bij stil, maar een mens verwerkt een heleboel getallen op een dag. Van het lezen van de cijfers op een wekker, tot het ingewikkelde cijferwerk op het werk. Vele mensen krijgen al klamme handen bij de idee dat ze iets correct uit het hoofd moeten uitrekenen. In vele gevallen brengen rekenmachines redding. Maar soms zit het op een dieper niveau fout en spreken we van dyscalculie. De diagnose wordt al geregeld bij kinderen gesteld en de vragen naar concrete hulpverlening bij dyscalcule leerstoornissen nemen dan ook fors toe.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Therapie bij dyscalculie. Introductie
€ 28,00
We staan er niet bij stil, maar een mens verwerkt een heleboel getallen op een dag. Van het lezen van de cijfers op een wekker, tot het ingewikkelde cijferwerk op het werk. Vele mensen krijgen al klamme handen bij de idee dat ze iets correct uit het hoofd moeten uitrekenen. In vele gevallen brengen rekenmachines redding. Maar soms zit het op een dieper niveau fout en spreken we van dyscalculie. De diagnose wordt al geregeld bij kinderen gesteld en de vragen naar concrete hulpverlening bij dyscalcule leerstoornissen nemen dan ook fors toe.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Therapie bij dysorthografie en dyslexie. Introductie
€ 23,60
Dysorthografie (problemen hebben met spellen) en dyslexie (problemen hebben met lezen) komen in de meeste gevallen samen voor en worden daarom samen behandeld.
Dit boek licht recente visies op de behandeling van dysorthografie en dyslexie toe. Het is een uitgesproken doeboek. Via in detail uitgeschreven therapeutische sessies komen de therapeut, het kind en ook de ouders in beeld. Deze mediatiesetting is uniek. Al te vaak wordt de aanwezgheid van ouders tijdens therapie als ''pottenkijken'' ervaren. Dit is een gemiste kans.
De auteur geeft aan hoe ouders als cotherapeut kunnen worden ingeschakeld, zowel tijdens de sessies als thuis, door bijvoorbeeld dagelijks een korte oefenperiode in te lassen met hun kind. Een andere troef is de grote domeinspecificiteit van de sessies. De oefeningen zijn stap voor stap uitgewerkt en gekaderd binnen specifieke doelstellingen. Ze zijn erop gericht zo veel mogelijk in te oefenen, vooral van de metafonologe kennis en het snel serieel (letter) benoemen. De therapeutische sessies kunnen worden toegepast bij kinderen vanaf het eerste leerjaar/groep 3 tot en met bij volwassenen, voor wie dan uiteraard het tempo van de oefeningen wordt opgedreven.
Dit boek richt zich tot de behandelaars van dyslexie en dysorthografie: leerkrachten, therapeuten, begeleiders en - niet te vergeten - ouders.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Dit boek licht recente visies op de behandeling van dysorthografie en dyslexie toe. Het is een uitgesproken doeboek. Via in detail uitgeschreven therapeutische sessies komen de therapeut, het kind en ook de ouders in beeld. Deze mediatiesetting is uniek. Al te vaak wordt de aanwezgheid van ouders tijdens therapie als ''pottenkijken'' ervaren. Dit is een gemiste kans.
De auteur geeft aan hoe ouders als cotherapeut kunnen worden ingeschakeld, zowel tijdens de sessies als thuis, door bijvoorbeeld dagelijks een korte oefenperiode in te lassen met hun kind. Een andere troef is de grote domeinspecificiteit van de sessies. De oefeningen zijn stap voor stap uitgewerkt en gekaderd binnen specifieke doelstellingen. Ze zijn erop gericht zo veel mogelijk in te oefenen, vooral van de metafonologe kennis en het snel serieel (letter) benoemen. De therapeutische sessies kunnen worden toegepast bij kinderen vanaf het eerste leerjaar/groep 3 tot en met bij volwassenen, voor wie dan uiteraard het tempo van de oefeningen wordt opgedreven.
Dit boek richt zich tot de behandelaars van dyslexie en dysorthografie: leerkrachten, therapeuten, begeleiders en - niet te vergeten - ouders.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Therapie bij dysorthografie en dyslexie. Introductie
€ 23,60
Dysorthografie (problemen hebben met spellen) en dyslexie (problemen hebben met lezen) komen in de meeste gevallen samen voor en worden daarom samen behandeld.
Dit boek licht recente visies op de behandeling van dysorthografie en dyslexie toe. Het is een uitgesproken doeboek. Via in detail uitgeschreven therapeutische sessies komen de therapeut, het kind en ook de ouders in beeld. Deze mediatiesetting is uniek. Al te vaak wordt de aanwezgheid van ouders tijdens therapie als ''pottenkijken'' ervaren. Dit is een gemiste kans.
De auteur geeft aan hoe ouders als cotherapeut kunnen worden ingeschakeld, zowel tijdens de sessies als thuis, door bijvoorbeeld dagelijks een korte oefenperiode in te lassen met hun kind. Een andere troef is de grote domeinspecificiteit van de sessies. De oefeningen zijn stap voor stap uitgewerkt en gekaderd binnen specifieke doelstellingen. Ze zijn erop gericht zo veel mogelijk in te oefenen, vooral van de metafonologe kennis en het snel serieel (letter) benoemen. De therapeutische sessies kunnen worden toegepast bij kinderen vanaf het eerste leerjaar/groep 3 tot en met bij volwassenen, voor wie dan uiteraard het tempo van de oefeningen wordt opgedreven.
Dit boek richt zich tot de behandelaars van dyslexie en dysorthografie: leerkrachten, therapeuten, begeleiders en - niet te vergeten - ouders.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Dit boek licht recente visies op de behandeling van dysorthografie en dyslexie toe. Het is een uitgesproken doeboek. Via in detail uitgeschreven therapeutische sessies komen de therapeut, het kind en ook de ouders in beeld. Deze mediatiesetting is uniek. Al te vaak wordt de aanwezgheid van ouders tijdens therapie als ''pottenkijken'' ervaren. Dit is een gemiste kans.
De auteur geeft aan hoe ouders als cotherapeut kunnen worden ingeschakeld, zowel tijdens de sessies als thuis, door bijvoorbeeld dagelijks een korte oefenperiode in te lassen met hun kind. Een andere troef is de grote domeinspecificiteit van de sessies. De oefeningen zijn stap voor stap uitgewerkt en gekaderd binnen specifieke doelstellingen. Ze zijn erop gericht zo veel mogelijk in te oefenen, vooral van de metafonologe kennis en het snel serieel (letter) benoemen. De therapeutische sessies kunnen worden toegepast bij kinderen vanaf het eerste leerjaar/groep 3 tot en met bij volwassenen, voor wie dan uiteraard het tempo van de oefeningen wordt opgedreven.
Dit boek richt zich tot de behandelaars van dyslexie en dysorthografie: leerkrachten, therapeuten, begeleiders en - niet te vergeten - ouders.
Ludo Cuyvers is voorzitter van het Centrum voor Leerstoornissen in Neerpelt. Hij is ook gastdocent aan de Lessius-Hogeschool in Antwerpen, waar hij o.a. aan de wieg stond van het MDCL-Multidisciplinair Diagnostisch Centrum voor Leerstoornissen.
Leerlingenraad en daad. Een handboek voor leerlingenraden en hun begeleiders
€ 19,90
In de meeste secundaire scholen in Vlaanderen heb je een
leerlingenraad. Leerlingen komen er samen om te discussiëren
over de school en acties op poten te zetten. Maar toch verloopt de
werking niet altijd gemakkelijk. Leerlingen weten niet eens dat
er een leerlingenraad bestaat op hun school.
De leerlingenraders vinden dat ze niets mogen organiseren.
Begeleiders vertellen dat ze moeilijk nieuwe leerlingen vinden.
En directies klagen zelfs dat die leerlingenraden van tegenwoordig
‘te braaf’ zijn en te weinig inspraak vragen in serieuze
zaken zoals het schoolbeleid.
Kortom, een leerlingenraad wordt lang niet altijd omgezet in
meer ‘leerlingenparticipatie’ voor alle leerlingen.
Toch hebben heel wat leerlingenraden straffe ideeën en nemen ze toffe initiatieven. De moderne leerlingenraad gaat verder dan de klassieke strijd tegen de school en haar regels. Meer en meer werken leerlingen samen met enthousiaste leerkrachten en directies aan een toffe school voor iedereen. Dit handboek wil speciaal voor die leerlingenraden een bron van inspiratie zijn. Praktijkverhalen en honderden praktische tips helpen je op weg om je leerlingenraad te doen leven op school. Je vindt een antwoord op de volgende vragen. Hoe kan je beter vergaderen? Welke activiteiten kan je organiseren? Hoe kan je leerlingen (blijven) motiveren voor die leerlingenraad? Op welke manier maak je de leerlingenraad bekend? Welke activiteiten zorgen voor een goede groepssfeer? Enz.
Leerlingenraad en daad is een handboek voor gemotiveerde leerlingenraders, enthousiaste begeleiders en iedereen die de inbreng van leerlingen op school waardeert.
De Vlaamse Scholierenkoepel vzw is de koepel van leerlingenraden en de officiëel erkende spreekbuis van scholieren in het secundair onderwijs in Vlaanderen.
VSK telt circa 560 aangesloten leerlingenraden en is als vormingsorganisatie voor leerlingenraden actief in scholen met vormingen en trajectbegeleidingen.
Heel wat leerlingenraden kennen VSK als organisator van de jaarlijkse actiedagen voor leerlingenraden.
Toch hebben heel wat leerlingenraden straffe ideeën en nemen ze toffe initiatieven. De moderne leerlingenraad gaat verder dan de klassieke strijd tegen de school en haar regels. Meer en meer werken leerlingen samen met enthousiaste leerkrachten en directies aan een toffe school voor iedereen. Dit handboek wil speciaal voor die leerlingenraden een bron van inspiratie zijn. Praktijkverhalen en honderden praktische tips helpen je op weg om je leerlingenraad te doen leven op school. Je vindt een antwoord op de volgende vragen. Hoe kan je beter vergaderen? Welke activiteiten kan je organiseren? Hoe kan je leerlingen (blijven) motiveren voor die leerlingenraad? Op welke manier maak je de leerlingenraad bekend? Welke activiteiten zorgen voor een goede groepssfeer? Enz.
Leerlingenraad en daad is een handboek voor gemotiveerde leerlingenraders, enthousiaste begeleiders en iedereen die de inbreng van leerlingen op school waardeert.
De Vlaamse Scholierenkoepel vzw is de koepel van leerlingenraden en de officiëel erkende spreekbuis van scholieren in het secundair onderwijs in Vlaanderen.
VSK telt circa 560 aangesloten leerlingenraden en is als vormingsorganisatie voor leerlingenraden actief in scholen met vormingen en trajectbegeleidingen.
Heel wat leerlingenraden kennen VSK als organisator van de jaarlijkse actiedagen voor leerlingenraden.
Leerlingenraad en daad. Een handboek voor leerlingenraden en hun begeleiders
€ 19,90
In de meeste secundaire scholen in Vlaanderen heb je een
leerlingenraad. Leerlingen komen er samen om te discussiëren
over de school en acties op poten te zetten. Maar toch verloopt de
werking niet altijd gemakkelijk. Leerlingen weten niet eens dat
er een leerlingenraad bestaat op hun school.
De leerlingenraders vinden dat ze niets mogen organiseren.
Begeleiders vertellen dat ze moeilijk nieuwe leerlingen vinden.
En directies klagen zelfs dat die leerlingenraden van tegenwoordig
‘te braaf’ zijn en te weinig inspraak vragen in serieuze
zaken zoals het schoolbeleid.
Kortom, een leerlingenraad wordt lang niet altijd omgezet in
meer ‘leerlingenparticipatie’ voor alle leerlingen.
Toch hebben heel wat leerlingenraden straffe ideeën en nemen ze toffe initiatieven. De moderne leerlingenraad gaat verder dan de klassieke strijd tegen de school en haar regels. Meer en meer werken leerlingen samen met enthousiaste leerkrachten en directies aan een toffe school voor iedereen. Dit handboek wil speciaal voor die leerlingenraden een bron van inspiratie zijn. Praktijkverhalen en honderden praktische tips helpen je op weg om je leerlingenraad te doen leven op school. Je vindt een antwoord op de volgende vragen. Hoe kan je beter vergaderen? Welke activiteiten kan je organiseren? Hoe kan je leerlingen (blijven) motiveren voor die leerlingenraad? Op welke manier maak je de leerlingenraad bekend? Welke activiteiten zorgen voor een goede groepssfeer? Enz.
Leerlingenraad en daad is een handboek voor gemotiveerde leerlingenraders, enthousiaste begeleiders en iedereen die de inbreng van leerlingen op school waardeert.
De Vlaamse Scholierenkoepel vzw is de koepel van leerlingenraden en de officiëel erkende spreekbuis van scholieren in het secundair onderwijs in Vlaanderen.
VSK telt circa 560 aangesloten leerlingenraden en is als vormingsorganisatie voor leerlingenraden actief in scholen met vormingen en trajectbegeleidingen.
Heel wat leerlingenraden kennen VSK als organisator van de jaarlijkse actiedagen voor leerlingenraden.
Toch hebben heel wat leerlingenraden straffe ideeën en nemen ze toffe initiatieven. De moderne leerlingenraad gaat verder dan de klassieke strijd tegen de school en haar regels. Meer en meer werken leerlingen samen met enthousiaste leerkrachten en directies aan een toffe school voor iedereen. Dit handboek wil speciaal voor die leerlingenraden een bron van inspiratie zijn. Praktijkverhalen en honderden praktische tips helpen je op weg om je leerlingenraad te doen leven op school. Je vindt een antwoord op de volgende vragen. Hoe kan je beter vergaderen? Welke activiteiten kan je organiseren? Hoe kan je leerlingen (blijven) motiveren voor die leerlingenraad? Op welke manier maak je de leerlingenraad bekend? Welke activiteiten zorgen voor een goede groepssfeer? Enz.
Leerlingenraad en daad is een handboek voor gemotiveerde leerlingenraders, enthousiaste begeleiders en iedereen die de inbreng van leerlingen op school waardeert.
De Vlaamse Scholierenkoepel vzw is de koepel van leerlingenraden en de officiëel erkende spreekbuis van scholieren in het secundair onderwijs in Vlaanderen.
VSK telt circa 560 aangesloten leerlingenraden en is als vormingsorganisatie voor leerlingenraden actief in scholen met vormingen en trajectbegeleidingen.
Heel wat leerlingenraden kennen VSK als organisator van de jaarlijkse actiedagen voor leerlingenraden.
Duurzaam opvoeden en ontwikkelen
€ 30,80
Duurzaam opvoeden en ontwikkelen (DuOO) is een
benadering die de kwaliteit van interacties verhoogt ten
gunste van ontwikkelingen die de mens en de mensheid
bestemd maken om ''langer te bestaan''.
Het is een constructieve manier van denken en werken. Door DuOO krijg je enerzijds zicht op de complexe realiteit en wordt er anderzijds niet eenvoudig gedaan over die complexiteit.
Een boek voor onderwijs, welzijn, buurtwerk, bedrijfsleven, politie en justitie.
Een boek ter voorkoming van uitval, desinteresse en delinquentie.
Marcel van Herpen is projectleider van het expertisecentrum voor Duurzaam Opvoeden en Ontwikkelen en van het expertisecentrum voor ErvaringsGericht Onderwijs Nederland.
Hij is medeoprichter van bs. Uilenspiegel en van het NIVOZ. Ook is hij eindredacteur van het onderwijstijdschrift Egoscoop en auteur van 'ErvaringsGericht Onderwijs; van oriëntatie tot implementatie'.
Het is een constructieve manier van denken en werken. Door DuOO krijg je enerzijds zicht op de complexe realiteit en wordt er anderzijds niet eenvoudig gedaan over die complexiteit.
Een boek voor onderwijs, welzijn, buurtwerk, bedrijfsleven, politie en justitie.
Een boek ter voorkoming van uitval, desinteresse en delinquentie.
Marcel van Herpen is projectleider van het expertisecentrum voor Duurzaam Opvoeden en Ontwikkelen en van het expertisecentrum voor ErvaringsGericht Onderwijs Nederland.
Hij is medeoprichter van bs. Uilenspiegel en van het NIVOZ. Ook is hij eindredacteur van het onderwijstijdschrift Egoscoop en auteur van 'ErvaringsGericht Onderwijs; van oriëntatie tot implementatie'.
Duurzaam opvoeden en ontwikkelen
€ 30,80
Duurzaam opvoeden en ontwikkelen (DuOO) is een
benadering die de kwaliteit van interacties verhoogt ten
gunste van ontwikkelingen die de mens en de mensheid
bestemd maken om ''langer te bestaan''.
Het is een constructieve manier van denken en werken. Door DuOO krijg je enerzijds zicht op de complexe realiteit en wordt er anderzijds niet eenvoudig gedaan over die complexiteit.
Een boek voor onderwijs, welzijn, buurtwerk, bedrijfsleven, politie en justitie.
Een boek ter voorkoming van uitval, desinteresse en delinquentie.
Marcel van Herpen is projectleider van het expertisecentrum voor Duurzaam Opvoeden en Ontwikkelen en van het expertisecentrum voor ErvaringsGericht Onderwijs Nederland.
Hij is medeoprichter van bs. Uilenspiegel en van het NIVOZ. Ook is hij eindredacteur van het onderwijstijdschrift Egoscoop en auteur van 'ErvaringsGericht Onderwijs; van oriëntatie tot implementatie'.
Het is een constructieve manier van denken en werken. Door DuOO krijg je enerzijds zicht op de complexe realiteit en wordt er anderzijds niet eenvoudig gedaan over die complexiteit.
Een boek voor onderwijs, welzijn, buurtwerk, bedrijfsleven, politie en justitie.
Een boek ter voorkoming van uitval, desinteresse en delinquentie.
Marcel van Herpen is projectleider van het expertisecentrum voor Duurzaam Opvoeden en Ontwikkelen en van het expertisecentrum voor ErvaringsGericht Onderwijs Nederland.
Hij is medeoprichter van bs. Uilenspiegel en van het NIVOZ. Ook is hij eindredacteur van het onderwijstijdschrift Egoscoop en auteur van 'ErvaringsGericht Onderwijs; van oriëntatie tot implementatie'.
Kritiek als des-organisatie. Bedrijfsethiek en waarheidspreken
€ 31,00
Bedrijfsethiek is sinds haar heropleving als wetenschappelijk en praktisch discours zo''n 40 jaar geleden in allerlei vormen gestandaardiseerd en ingebouwd in organisatiepraktijken.
De ontwikkeling en toepassing van bedrijfsethiek is beter bekend onder de term ''Maatschappelijk verantwoord Ondernemen'' (MVO). Bovendien is het thema bedrijfsethiek de laatste jaren ontwikkeld tot een volwaardig studieonderdeel in verschillende curriculae van het hoger onderwijs. Deze institutionalisering van bedrijfsethiek op het niveau van de staat, markt en onderwijs doet vermoeden dat haar kritische rol is uitgespeeld.
Dit boek beantwoordt de vraag welke kritische rol bedrijfsethiek in de toekomst mogelijk kan vervullen, op basis van de analyse van het begrip kritiek als institutionele en individuele ethos. De denkwijze en kritische analyse van de Franse denker Michel Foucault vormt in dit werk de rode draad.
Suzan Langenberg is zaakvoerder van Diversity bvba en is al 20 jaar werkzaam als organisatieadviseur. Zij studeerde filosofie, geschiedenis en seksuologie aan de Universiteit van Amsterdam. Haar aandacht is gericht op de kritische relatie tussen ethiek en de organisatie. Sinds 2002 is ze geregeld werkzaam als docent bedrijfsethiek en dilemma-analyse.
De ontwikkeling en toepassing van bedrijfsethiek is beter bekend onder de term ''Maatschappelijk verantwoord Ondernemen'' (MVO). Bovendien is het thema bedrijfsethiek de laatste jaren ontwikkeld tot een volwaardig studieonderdeel in verschillende curriculae van het hoger onderwijs. Deze institutionalisering van bedrijfsethiek op het niveau van de staat, markt en onderwijs doet vermoeden dat haar kritische rol is uitgespeeld.
Dit boek beantwoordt de vraag welke kritische rol bedrijfsethiek in de toekomst mogelijk kan vervullen, op basis van de analyse van het begrip kritiek als institutionele en individuele ethos. De denkwijze en kritische analyse van de Franse denker Michel Foucault vormt in dit werk de rode draad.
Suzan Langenberg is zaakvoerder van Diversity bvba en is al 20 jaar werkzaam als organisatieadviseur. Zij studeerde filosofie, geschiedenis en seksuologie aan de Universiteit van Amsterdam. Haar aandacht is gericht op de kritische relatie tussen ethiek en de organisatie. Sinds 2002 is ze geregeld werkzaam als docent bedrijfsethiek en dilemma-analyse.
Kritiek als des-organisatie. Bedrijfsethiek en waarheidspreken
€ 31,00
Bedrijfsethiek is sinds haar heropleving als wetenschappelijk en praktisch discours zo''n 40 jaar geleden in allerlei vormen gestandaardiseerd en ingebouwd in organisatiepraktijken.
De ontwikkeling en toepassing van bedrijfsethiek is beter bekend onder de term ''Maatschappelijk verantwoord Ondernemen'' (MVO). Bovendien is het thema bedrijfsethiek de laatste jaren ontwikkeld tot een volwaardig studieonderdeel in verschillende curriculae van het hoger onderwijs. Deze institutionalisering van bedrijfsethiek op het niveau van de staat, markt en onderwijs doet vermoeden dat haar kritische rol is uitgespeeld.
Dit boek beantwoordt de vraag welke kritische rol bedrijfsethiek in de toekomst mogelijk kan vervullen, op basis van de analyse van het begrip kritiek als institutionele en individuele ethos. De denkwijze en kritische analyse van de Franse denker Michel Foucault vormt in dit werk de rode draad.
Suzan Langenberg is zaakvoerder van Diversity bvba en is al 20 jaar werkzaam als organisatieadviseur. Zij studeerde filosofie, geschiedenis en seksuologie aan de Universiteit van Amsterdam. Haar aandacht is gericht op de kritische relatie tussen ethiek en de organisatie. Sinds 2002 is ze geregeld werkzaam als docent bedrijfsethiek en dilemma-analyse.
De ontwikkeling en toepassing van bedrijfsethiek is beter bekend onder de term ''Maatschappelijk verantwoord Ondernemen'' (MVO). Bovendien is het thema bedrijfsethiek de laatste jaren ontwikkeld tot een volwaardig studieonderdeel in verschillende curriculae van het hoger onderwijs. Deze institutionalisering van bedrijfsethiek op het niveau van de staat, markt en onderwijs doet vermoeden dat haar kritische rol is uitgespeeld.
Dit boek beantwoordt de vraag welke kritische rol bedrijfsethiek in de toekomst mogelijk kan vervullen, op basis van de analyse van het begrip kritiek als institutionele en individuele ethos. De denkwijze en kritische analyse van de Franse denker Michel Foucault vormt in dit werk de rode draad.
Suzan Langenberg is zaakvoerder van Diversity bvba en is al 20 jaar werkzaam als organisatieadviseur. Zij studeerde filosofie, geschiedenis en seksuologie aan de Universiteit van Amsterdam. Haar aandacht is gericht op de kritische relatie tussen ethiek en de organisatie. Sinds 2002 is ze geregeld werkzaam als docent bedrijfsethiek en dilemma-analyse.
Gids bij marktonderzoek. Op weg naar betere beleidsbeslissingen
€ 26,00
Dit boek vult de leemte op tussen de
uitgebreide literatuur over de theoretische grondslagen
van marktonderzoek en het zelf opstarten of uitvoeren
van dat marktonderzoek.
De auteurs presenteren vanuit hun praktijkervaring als marktonderzoekers aanbevelingen, inzichten en tips.
Aan de hand van zeer herkenbare casussen en doorspekt met onmiddellijk bruikbare informatie en aftoetslijsten, leiden ze de lezer door de verschillende stappen van het marktonderzoeksproces. Dat begint met het besef dat de analyse van de beschikbare data ontoereikende antwoorden geeft. Daarna komt onder meer aan bod: een marktonderzoeksbureau kiezen, vragenlijsten opstellen, presentatie van onderzoeksresultaten, aanbevelingen in de praktijk omzetten,…
Een uitgebreid publiek vindt hier zijn gading: van de marketeer die in het bedrijf niet meteen kan terugvallen op een marktonderzoeksdepartement en zelf de handen uit de mouwen wil steken tot de zelfstandige ondernemer die zijn ‘business’ beter wil begrijpen of uitbreiden. Het is een boek voor en door praktijkmensen.
Sarah Mertens is Market Research Manager bij het farmabedrijf Merck Sharp & Dohme. Zij is de afgelopen 10 jaar werkzaam geweest in het domein van marktonderzoek binnen de farmaceutische industrie. Zij is handelsingenieur van opleiding, aangevuld met een voortgezette academische opleiding in kwantitatieve analyses en een lerarenopleiding.
Rudi Van Campenhout is Global Patient & Market Insight Manager bij het farmabedrijf UCB. Van origine romanist, specialiseerde hij zich in taalpathologie en volgde nadien een managementopleiding. Hij is al zijn hele loopbaan actief in de farmaceutische industrie, in sales- en marketingfuncties.
De auteurs presenteren vanuit hun praktijkervaring als marktonderzoekers aanbevelingen, inzichten en tips.
Aan de hand van zeer herkenbare casussen en doorspekt met onmiddellijk bruikbare informatie en aftoetslijsten, leiden ze de lezer door de verschillende stappen van het marktonderzoeksproces. Dat begint met het besef dat de analyse van de beschikbare data ontoereikende antwoorden geeft. Daarna komt onder meer aan bod: een marktonderzoeksbureau kiezen, vragenlijsten opstellen, presentatie van onderzoeksresultaten, aanbevelingen in de praktijk omzetten,…
Een uitgebreid publiek vindt hier zijn gading: van de marketeer die in het bedrijf niet meteen kan terugvallen op een marktonderzoeksdepartement en zelf de handen uit de mouwen wil steken tot de zelfstandige ondernemer die zijn ‘business’ beter wil begrijpen of uitbreiden. Het is een boek voor en door praktijkmensen.
Sarah Mertens is Market Research Manager bij het farmabedrijf Merck Sharp & Dohme. Zij is de afgelopen 10 jaar werkzaam geweest in het domein van marktonderzoek binnen de farmaceutische industrie. Zij is handelsingenieur van opleiding, aangevuld met een voortgezette academische opleiding in kwantitatieve analyses en een lerarenopleiding.
Rudi Van Campenhout is Global Patient & Market Insight Manager bij het farmabedrijf UCB. Van origine romanist, specialiseerde hij zich in taalpathologie en volgde nadien een managementopleiding. Hij is al zijn hele loopbaan actief in de farmaceutische industrie, in sales- en marketingfuncties.
Gids bij marktonderzoek. Op weg naar betere beleidsbeslissingen
€ 26,00
Dit boek vult de leemte op tussen de
uitgebreide literatuur over de theoretische grondslagen
van marktonderzoek en het zelf opstarten of uitvoeren
van dat marktonderzoek.
De auteurs presenteren vanuit hun praktijkervaring als marktonderzoekers aanbevelingen, inzichten en tips.
Aan de hand van zeer herkenbare casussen en doorspekt met onmiddellijk bruikbare informatie en aftoetslijsten, leiden ze de lezer door de verschillende stappen van het marktonderzoeksproces. Dat begint met het besef dat de analyse van de beschikbare data ontoereikende antwoorden geeft. Daarna komt onder meer aan bod: een marktonderzoeksbureau kiezen, vragenlijsten opstellen, presentatie van onderzoeksresultaten, aanbevelingen in de praktijk omzetten,…
Een uitgebreid publiek vindt hier zijn gading: van de marketeer die in het bedrijf niet meteen kan terugvallen op een marktonderzoeksdepartement en zelf de handen uit de mouwen wil steken tot de zelfstandige ondernemer die zijn ‘business’ beter wil begrijpen of uitbreiden. Het is een boek voor en door praktijkmensen.
Sarah Mertens is Market Research Manager bij het farmabedrijf Merck Sharp & Dohme. Zij is de afgelopen 10 jaar werkzaam geweest in het domein van marktonderzoek binnen de farmaceutische industrie. Zij is handelsingenieur van opleiding, aangevuld met een voortgezette academische opleiding in kwantitatieve analyses en een lerarenopleiding.
Rudi Van Campenhout is Global Patient & Market Insight Manager bij het farmabedrijf UCB. Van origine romanist, specialiseerde hij zich in taalpathologie en volgde nadien een managementopleiding. Hij is al zijn hele loopbaan actief in de farmaceutische industrie, in sales- en marketingfuncties.
De auteurs presenteren vanuit hun praktijkervaring als marktonderzoekers aanbevelingen, inzichten en tips.
Aan de hand van zeer herkenbare casussen en doorspekt met onmiddellijk bruikbare informatie en aftoetslijsten, leiden ze de lezer door de verschillende stappen van het marktonderzoeksproces. Dat begint met het besef dat de analyse van de beschikbare data ontoereikende antwoorden geeft. Daarna komt onder meer aan bod: een marktonderzoeksbureau kiezen, vragenlijsten opstellen, presentatie van onderzoeksresultaten, aanbevelingen in de praktijk omzetten,…
Een uitgebreid publiek vindt hier zijn gading: van de marketeer die in het bedrijf niet meteen kan terugvallen op een marktonderzoeksdepartement en zelf de handen uit de mouwen wil steken tot de zelfstandige ondernemer die zijn ‘business’ beter wil begrijpen of uitbreiden. Het is een boek voor en door praktijkmensen.
Sarah Mertens is Market Research Manager bij het farmabedrijf Merck Sharp & Dohme. Zij is de afgelopen 10 jaar werkzaam geweest in het domein van marktonderzoek binnen de farmaceutische industrie. Zij is handelsingenieur van opleiding, aangevuld met een voortgezette academische opleiding in kwantitatieve analyses en een lerarenopleiding.
Rudi Van Campenhout is Global Patient & Market Insight Manager bij het farmabedrijf UCB. Van origine romanist, specialiseerde hij zich in taalpathologie en volgde nadien een managementopleiding. Hij is al zijn hele loopbaan actief in de farmaceutische industrie, in sales- en marketingfuncties.
Spelen met inzicht. Een muzikaal receptenboek – Lerarenhandleiding (De Veerman-bibliotheek, nr. 4a)
€ 20,00
Deze Lerarenhandleiding hoort bij Spelen met Inzicht. Een
muzikaal receptenboek. Leerlingenboek en bevat alle oplossingen
van de oefeningen, bijkomende uitleg en extra lessuggesties.
Dit Leerlingenboek voor de begeleidingspraktijk geeft enerzijds oefeningen of ‘recepten’ die het inzichtelijk spelen en het autonoom musiceren bevorderen, en de creativiteit stimuleren. Anderzijds wordt er ook steeds teruggekoppeld naar de theorieles.
De auteur brengt alles op een speelse en voor kinderen aantrekkelijke manier aan, met humoristische personages, tekeningen en kleur. De oefeningen zijn zowel geschikt voor akkoordische (piano, gitaar, orgel) als voor eenstemmige instrumenten. Ze kunnen individueel of in groep (lessen samenspel) worden gebruikt.
Deze publicatie richt zich tot iedereen die vernieuwingen in het muziekonderwijs een warm hart toedraagt. Ze is bij uitstek geschikt voor leerkrachten Begeleidingspraktijk, maar ook leerkrachten Samenspel en instrumentleerkrachten vinden er nuttig materiaal in.
Yves Senden, pedagoog en musicus, is verbonden aan het Conservatorium van de Hogeschool Antwerpen en doceert Improvisatie en Begeleidingspraktijk in het deeltijds kunstonderwijs.
De Veerman is een kunsteducatieve organisatie met een brede kijk op de kunsten en educatie. Zij wil kinderen, jongeren en volwassenen op een actieve manier kennis laten maken met de kunsten. De Veerman is actief in het onderwijs, in het culturele veld en schuwt multiculturele groepen niet.
“De Veerman-bibliotheek” is een reeks publicaties over kunst-educatie in diverse contexten en achtergronden. De Veerman wil hiermee haar werk, onderzoek en expertise met anderen delen. U vindt meer informatie op www.veerman.be
Dit Leerlingenboek voor de begeleidingspraktijk geeft enerzijds oefeningen of ‘recepten’ die het inzichtelijk spelen en het autonoom musiceren bevorderen, en de creativiteit stimuleren. Anderzijds wordt er ook steeds teruggekoppeld naar de theorieles.
De auteur brengt alles op een speelse en voor kinderen aantrekkelijke manier aan, met humoristische personages, tekeningen en kleur. De oefeningen zijn zowel geschikt voor akkoordische (piano, gitaar, orgel) als voor eenstemmige instrumenten. Ze kunnen individueel of in groep (lessen samenspel) worden gebruikt.
Deze publicatie richt zich tot iedereen die vernieuwingen in het muziekonderwijs een warm hart toedraagt. Ze is bij uitstek geschikt voor leerkrachten Begeleidingspraktijk, maar ook leerkrachten Samenspel en instrumentleerkrachten vinden er nuttig materiaal in.
Yves Senden, pedagoog en musicus, is verbonden aan het Conservatorium van de Hogeschool Antwerpen en doceert Improvisatie en Begeleidingspraktijk in het deeltijds kunstonderwijs.
De Veerman is een kunsteducatieve organisatie met een brede kijk op de kunsten en educatie. Zij wil kinderen, jongeren en volwassenen op een actieve manier kennis laten maken met de kunsten. De Veerman is actief in het onderwijs, in het culturele veld en schuwt multiculturele groepen niet.
“De Veerman-bibliotheek” is een reeks publicaties over kunst-educatie in diverse contexten en achtergronden. De Veerman wil hiermee haar werk, onderzoek en expertise met anderen delen. U vindt meer informatie op www.veerman.be
Spelen met inzicht. Een muzikaal receptenboek – Lerarenhandleiding (De Veerman-bibliotheek, nr. 4a)
€ 20,00
Deze Lerarenhandleiding hoort bij Spelen met Inzicht. Een
muzikaal receptenboek. Leerlingenboek en bevat alle oplossingen
van de oefeningen, bijkomende uitleg en extra lessuggesties.
Dit Leerlingenboek voor de begeleidingspraktijk geeft enerzijds oefeningen of ‘recepten’ die het inzichtelijk spelen en het autonoom musiceren bevorderen, en de creativiteit stimuleren. Anderzijds wordt er ook steeds teruggekoppeld naar de theorieles.
De auteur brengt alles op een speelse en voor kinderen aantrekkelijke manier aan, met humoristische personages, tekeningen en kleur. De oefeningen zijn zowel geschikt voor akkoordische (piano, gitaar, orgel) als voor eenstemmige instrumenten. Ze kunnen individueel of in groep (lessen samenspel) worden gebruikt.
Deze publicatie richt zich tot iedereen die vernieuwingen in het muziekonderwijs een warm hart toedraagt. Ze is bij uitstek geschikt voor leerkrachten Begeleidingspraktijk, maar ook leerkrachten Samenspel en instrumentleerkrachten vinden er nuttig materiaal in.
Yves Senden, pedagoog en musicus, is verbonden aan het Conservatorium van de Hogeschool Antwerpen en doceert Improvisatie en Begeleidingspraktijk in het deeltijds kunstonderwijs.
De Veerman is een kunsteducatieve organisatie met een brede kijk op de kunsten en educatie. Zij wil kinderen, jongeren en volwassenen op een actieve manier kennis laten maken met de kunsten. De Veerman is actief in het onderwijs, in het culturele veld en schuwt multiculturele groepen niet.
“De Veerman-bibliotheek” is een reeks publicaties over kunst-educatie in diverse contexten en achtergronden. De Veerman wil hiermee haar werk, onderzoek en expertise met anderen delen. U vindt meer informatie op www.veerman.be
Dit Leerlingenboek voor de begeleidingspraktijk geeft enerzijds oefeningen of ‘recepten’ die het inzichtelijk spelen en het autonoom musiceren bevorderen, en de creativiteit stimuleren. Anderzijds wordt er ook steeds teruggekoppeld naar de theorieles.
De auteur brengt alles op een speelse en voor kinderen aantrekkelijke manier aan, met humoristische personages, tekeningen en kleur. De oefeningen zijn zowel geschikt voor akkoordische (piano, gitaar, orgel) als voor eenstemmige instrumenten. Ze kunnen individueel of in groep (lessen samenspel) worden gebruikt.
Deze publicatie richt zich tot iedereen die vernieuwingen in het muziekonderwijs een warm hart toedraagt. Ze is bij uitstek geschikt voor leerkrachten Begeleidingspraktijk, maar ook leerkrachten Samenspel en instrumentleerkrachten vinden er nuttig materiaal in.
Yves Senden, pedagoog en musicus, is verbonden aan het Conservatorium van de Hogeschool Antwerpen en doceert Improvisatie en Begeleidingspraktijk in het deeltijds kunstonderwijs.
De Veerman is een kunsteducatieve organisatie met een brede kijk op de kunsten en educatie. Zij wil kinderen, jongeren en volwassenen op een actieve manier kennis laten maken met de kunsten. De Veerman is actief in het onderwijs, in het culturele veld en schuwt multiculturele groepen niet.
“De Veerman-bibliotheek” is een reeks publicaties over kunst-educatie in diverse contexten en achtergronden. De Veerman wil hiermee haar werk, onderzoek en expertise met anderen delen. U vindt meer informatie op www.veerman.be
Werken aan stem (Reeks Omtrent logopedie, nr. 6)
€ 37,10
Dit boek is een praktische handleiding voor logopedisten-stemtherapeuten. Zij is uitsluitend
gewijd aan de behandeling en begeleiding van stempatiënten en stemcliënten. In 13 bijdragen brengen 17
stemtherapeuten hun expertise op het vlak van stem samen.
Dit boek sluit aan bij Stemstoornissen: handboek voor de klinische praktijk dat de theoretische basis legt voor een verantwoord en professioneel handelen met stemstoornissen.
Dit boek is praktijkgeoriënteerd en is gebaseerd op ervaringsdeskundigheid. De bijdragen geven een praktische houvast en inspiratie bij de behandeling en zijn geschreven in een voor de patiënt gemakkelijk hanteerbare taal.
Alle belangrijke aspecten van stemtherapie worden aangesneden: stemhygiëne en stemopvoeding, adem en ademcontrole, houding en spanning, glottisspanning en glottissluiting, training van luidheid en toonhoogte, feedbacktherapie, resonantie, stemfocus en -plaatsing, steminzet, mediacoaching en substituutstem na oncologische behandeling.
In aparte bijdragen worden ook de mogelijkheden van medische en chirurgische behandeling geïllustreerd. In bijlage is er een handig overzicht van alle voor de stem relevante referentiedata.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair Revalidatiecentrum van het UZ Antwerpen en docent en onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent, voor onder meer het vak stemstoornissen.
Fons Mertens is logopedist en logopedisch adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout. Hij bouwde een jarenlange expertise op in de behandeling van stemstoornissen en is betrokken bij talrijke onderzoeken en publicaties op het vlak van stem. Hij gaf mee gestalte aan de postacademische vorming stemstoornissen aan de Universiteit Antwerpen.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is directeur van de Revalidatiecentra van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen. Als postdoctoraal onderzoeker is hij verbonden aan de Universiteit Antwerpen. Aan de Universiteit Gent doceert hij aan de opleiding Logopedie en Audiologie als gastprofessor het vak gezondheidswetgeving in de revalidatiesector. Hij is bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.
Omtrent Logopedie:
Nr. 1: Mijn stem, mijn beroep (uitverkocht)
Nr. 2: Taaltherapie bij kinderen
Nr. 3: Ik oefen mijn stem
Nr. 4: Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten
Nr. 5: Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk
Nr. 6: Werken aan stem
Nr. 7: Dysfagie
Dit boek sluit aan bij Stemstoornissen: handboek voor de klinische praktijk dat de theoretische basis legt voor een verantwoord en professioneel handelen met stemstoornissen.
Dit boek is praktijkgeoriënteerd en is gebaseerd op ervaringsdeskundigheid. De bijdragen geven een praktische houvast en inspiratie bij de behandeling en zijn geschreven in een voor de patiënt gemakkelijk hanteerbare taal.
Alle belangrijke aspecten van stemtherapie worden aangesneden: stemhygiëne en stemopvoeding, adem en ademcontrole, houding en spanning, glottisspanning en glottissluiting, training van luidheid en toonhoogte, feedbacktherapie, resonantie, stemfocus en -plaatsing, steminzet, mediacoaching en substituutstem na oncologische behandeling.
In aparte bijdragen worden ook de mogelijkheden van medische en chirurgische behandeling geïllustreerd. In bijlage is er een handig overzicht van alle voor de stem relevante referentiedata.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair Revalidatiecentrum van het UZ Antwerpen en docent en onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent, voor onder meer het vak stemstoornissen.
Fons Mertens is logopedist en logopedisch adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout. Hij bouwde een jarenlange expertise op in de behandeling van stemstoornissen en is betrokken bij talrijke onderzoeken en publicaties op het vlak van stem. Hij gaf mee gestalte aan de postacademische vorming stemstoornissen aan de Universiteit Antwerpen.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is directeur van de Revalidatiecentra van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen. Als postdoctoraal onderzoeker is hij verbonden aan de Universiteit Antwerpen. Aan de Universiteit Gent doceert hij aan de opleiding Logopedie en Audiologie als gastprofessor het vak gezondheidswetgeving in de revalidatiesector. Hij is bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.
Omtrent Logopedie:
Werken aan stem (Reeks Omtrent logopedie, nr. 6)
€ 37,10
Dit boek is een praktische handleiding voor logopedisten-stemtherapeuten. Zij is uitsluitend
gewijd aan de behandeling en begeleiding van stempatiënten en stemcliënten. In 13 bijdragen brengen 17
stemtherapeuten hun expertise op het vlak van stem samen.
Dit boek sluit aan bij Stemstoornissen: handboek voor de klinische praktijk dat de theoretische basis legt voor een verantwoord en professioneel handelen met stemstoornissen.
Dit boek is praktijkgeoriënteerd en is gebaseerd op ervaringsdeskundigheid. De bijdragen geven een praktische houvast en inspiratie bij de behandeling en zijn geschreven in een voor de patiënt gemakkelijk hanteerbare taal.
Alle belangrijke aspecten van stemtherapie worden aangesneden: stemhygiëne en stemopvoeding, adem en ademcontrole, houding en spanning, glottisspanning en glottissluiting, training van luidheid en toonhoogte, feedbacktherapie, resonantie, stemfocus en -plaatsing, steminzet, mediacoaching en substituutstem na oncologische behandeling.
In aparte bijdragen worden ook de mogelijkheden van medische en chirurgische behandeling geïllustreerd. In bijlage is er een handig overzicht van alle voor de stem relevante referentiedata.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair Revalidatiecentrum van het UZ Antwerpen en docent en onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent, voor onder meer het vak stemstoornissen.
Fons Mertens is logopedist en logopedisch adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout. Hij bouwde een jarenlange expertise op in de behandeling van stemstoornissen en is betrokken bij talrijke onderzoeken en publicaties op het vlak van stem. Hij gaf mee gestalte aan de postacademische vorming stemstoornissen aan de Universiteit Antwerpen.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is directeur van de Revalidatiecentra van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen. Als postdoctoraal onderzoeker is hij verbonden aan de Universiteit Antwerpen. Aan de Universiteit Gent doceert hij aan de opleiding Logopedie en Audiologie als gastprofessor het vak gezondheidswetgeving in de revalidatiesector. Hij is bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.
Omtrent Logopedie:
Nr. 1: Mijn stem, mijn beroep (uitverkocht)
Nr. 2: Taaltherapie bij kinderen
Nr. 3: Ik oefen mijn stem
Nr. 4: Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten
Nr. 5: Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk
Nr. 6: Werken aan stem
Nr. 7: Dysfagie
Dit boek sluit aan bij Stemstoornissen: handboek voor de klinische praktijk dat de theoretische basis legt voor een verantwoord en professioneel handelen met stemstoornissen.
Dit boek is praktijkgeoriënteerd en is gebaseerd op ervaringsdeskundigheid. De bijdragen geven een praktische houvast en inspiratie bij de behandeling en zijn geschreven in een voor de patiënt gemakkelijk hanteerbare taal.
Alle belangrijke aspecten van stemtherapie worden aangesneden: stemhygiëne en stemopvoeding, adem en ademcontrole, houding en spanning, glottisspanning en glottissluiting, training van luidheid en toonhoogte, feedbacktherapie, resonantie, stemfocus en -plaatsing, steminzet, mediacoaching en substituutstem na oncologische behandeling.
In aparte bijdragen worden ook de mogelijkheden van medische en chirurgische behandeling geïllustreerd. In bijlage is er een handig overzicht van alle voor de stem relevante referentiedata.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair Revalidatiecentrum van het UZ Antwerpen en docent en onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent, voor onder meer het vak stemstoornissen.
Fons Mertens is logopedist en logopedisch adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout. Hij bouwde een jarenlange expertise op in de behandeling van stemstoornissen en is betrokken bij talrijke onderzoeken en publicaties op het vlak van stem. Hij gaf mee gestalte aan de postacademische vorming stemstoornissen aan de Universiteit Antwerpen.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is directeur van de Revalidatiecentra van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen. Als postdoctoraal onderzoeker is hij verbonden aan de Universiteit Antwerpen. Aan de Universiteit Gent doceert hij aan de opleiding Logopedie en Audiologie als gastprofessor het vak gezondheidswetgeving in de revalidatiesector. Hij is bestuurslid van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.
Omtrent Logopedie:
Survivalkit voor leerkrachten. Oplossingsgericht werken op school (Fontys-OSO-Reeks, nr. 26)
€ 19,60
Dit is een boek boordevol bespiegelingen bij herkenbare situaties binnen een school en in de klas.
Hoewel de titel het doet vermoeden is het geen werk vol kant-en-klare oplossingen. Het beoogt een
boek te zijn dat bijdraagt aan het professioneel handelen van leerkrachten bij grote en kleine problemen
in het hedendaagse onderwijs. Er wordt niet gefocust op problemen, maar het is een voortdurende
zoektocht naar iets bruikbaars voor deze jongere in deze situatie. Het is het verschil tussen probleemgericht
en oplossingsgericht werken. De eerste heeft als thema: Hoe werk je jezelf in de problemen? De
andere: Hoe werk je jezelf uit de problemen?
Oplossingsgericht werken geeft een andere kijk op problemen en dat brengt de oplossing al meteen een stuk dichterbij.
Bij Oplossingsgericht Werken wordt er een beroep gedaan op krachten en sterktes van mensen. De psychotherapeut Milton Erickson sprak in het begin van de vorige eeuw al over de oplossingscapaciteiten van de mens. Hij leerde hen ook deze zelfgenezende capaciteiten te gebruiken.
Bij Oplossingsgericht Werken draagt de therapeut of de leerkracht geen recepten aan om uit de problemen te komen. Wel probeert deze de leerling te helpen om eigen oplossingen te ontdekken. De leerkracht gaat mee op zoek naar stukjes oplossingen die er al zijn voor het probleem. Oplossingsgerichte interventies lokken oplossingsgerichte reacties uit.
Het zet aan om op een opbouwende manier te leren omgaan met problemen, een andere manier van kijken met als gevolg een andere manier van doen. De wijze van Oplossingsgericht Werken zoals in dit boek beschreven, werd ontwikkeld binnen het Brugse model. Dit model ontstond in 1984 kort na de oprichting van het Korzybski-instituut.
Myriam Le Fevere de Ten Hove is kinder- en jeugdpsychiater en staflid van het Korzybski-Instituut in Brugge. Nadine Callens, maatschappelijk werker, is verbonden aan het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Oostende. Tine Gheysen, psycholoog, werkt bij het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Menen. Wouter Maene is leerkracht aan het Medisch-Pedagogisch Instituut van het Gemeenschapsonderwijs 'De Oase' in Gent.
Oplossingsgericht werken geeft een andere kijk op problemen en dat brengt de oplossing al meteen een stuk dichterbij.
Bij Oplossingsgericht Werken wordt er een beroep gedaan op krachten en sterktes van mensen. De psychotherapeut Milton Erickson sprak in het begin van de vorige eeuw al over de oplossingscapaciteiten van de mens. Hij leerde hen ook deze zelfgenezende capaciteiten te gebruiken.
Bij Oplossingsgericht Werken draagt de therapeut of de leerkracht geen recepten aan om uit de problemen te komen. Wel probeert deze de leerling te helpen om eigen oplossingen te ontdekken. De leerkracht gaat mee op zoek naar stukjes oplossingen die er al zijn voor het probleem. Oplossingsgerichte interventies lokken oplossingsgerichte reacties uit.
Het zet aan om op een opbouwende manier te leren omgaan met problemen, een andere manier van kijken met als gevolg een andere manier van doen. De wijze van Oplossingsgericht Werken zoals in dit boek beschreven, werd ontwikkeld binnen het Brugse model. Dit model ontstond in 1984 kort na de oprichting van het Korzybski-instituut.
Myriam Le Fevere de Ten Hove is kinder- en jeugdpsychiater en staflid van het Korzybski-Instituut in Brugge. Nadine Callens, maatschappelijk werker, is verbonden aan het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Oostende. Tine Gheysen, psycholoog, werkt bij het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Menen. Wouter Maene is leerkracht aan het Medisch-Pedagogisch Instituut van het Gemeenschapsonderwijs 'De Oase' in Gent.
Survivalkit voor leerkrachten. Oplossingsgericht werken op school (Fontys-OSO-Reeks, nr. 26)
€ 19,60
Dit is een boek boordevol bespiegelingen bij herkenbare situaties binnen een school en in de klas.
Hoewel de titel het doet vermoeden is het geen werk vol kant-en-klare oplossingen. Het beoogt een
boek te zijn dat bijdraagt aan het professioneel handelen van leerkrachten bij grote en kleine problemen
in het hedendaagse onderwijs. Er wordt niet gefocust op problemen, maar het is een voortdurende
zoektocht naar iets bruikbaars voor deze jongere in deze situatie. Het is het verschil tussen probleemgericht
en oplossingsgericht werken. De eerste heeft als thema: Hoe werk je jezelf in de problemen? De
andere: Hoe werk je jezelf uit de problemen?
Oplossingsgericht werken geeft een andere kijk op problemen en dat brengt de oplossing al meteen een stuk dichterbij.
Bij Oplossingsgericht Werken wordt er een beroep gedaan op krachten en sterktes van mensen. De psychotherapeut Milton Erickson sprak in het begin van de vorige eeuw al over de oplossingscapaciteiten van de mens. Hij leerde hen ook deze zelfgenezende capaciteiten te gebruiken.
Bij Oplossingsgericht Werken draagt de therapeut of de leerkracht geen recepten aan om uit de problemen te komen. Wel probeert deze de leerling te helpen om eigen oplossingen te ontdekken. De leerkracht gaat mee op zoek naar stukjes oplossingen die er al zijn voor het probleem. Oplossingsgerichte interventies lokken oplossingsgerichte reacties uit.
Het zet aan om op een opbouwende manier te leren omgaan met problemen, een andere manier van kijken met als gevolg een andere manier van doen. De wijze van Oplossingsgericht Werken zoals in dit boek beschreven, werd ontwikkeld binnen het Brugse model. Dit model ontstond in 1984 kort na de oprichting van het Korzybski-instituut.
Myriam Le Fevere de Ten Hove is kinder- en jeugdpsychiater en staflid van het Korzybski-Instituut in Brugge. Nadine Callens, maatschappelijk werker, is verbonden aan het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Oostende. Tine Gheysen, psycholoog, werkt bij het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Menen. Wouter Maene is leerkracht aan het Medisch-Pedagogisch Instituut van het Gemeenschapsonderwijs 'De Oase' in Gent.
Oplossingsgericht werken geeft een andere kijk op problemen en dat brengt de oplossing al meteen een stuk dichterbij.
Bij Oplossingsgericht Werken wordt er een beroep gedaan op krachten en sterktes van mensen. De psychotherapeut Milton Erickson sprak in het begin van de vorige eeuw al over de oplossingscapaciteiten van de mens. Hij leerde hen ook deze zelfgenezende capaciteiten te gebruiken.
Bij Oplossingsgericht Werken draagt de therapeut of de leerkracht geen recepten aan om uit de problemen te komen. Wel probeert deze de leerling te helpen om eigen oplossingen te ontdekken. De leerkracht gaat mee op zoek naar stukjes oplossingen die er al zijn voor het probleem. Oplossingsgerichte interventies lokken oplossingsgerichte reacties uit.
Het zet aan om op een opbouwende manier te leren omgaan met problemen, een andere manier van kijken met als gevolg een andere manier van doen. De wijze van Oplossingsgericht Werken zoals in dit boek beschreven, werd ontwikkeld binnen het Brugse model. Dit model ontstond in 1984 kort na de oprichting van het Korzybski-instituut.
Myriam Le Fevere de Ten Hove is kinder- en jeugdpsychiater en staflid van het Korzybski-Instituut in Brugge. Nadine Callens, maatschappelijk werker, is verbonden aan het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Oostende. Tine Gheysen, psycholoog, werkt bij het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding in Menen. Wouter Maene is leerkracht aan het Medisch-Pedagogisch Instituut van het Gemeenschapsonderwijs 'De Oase' in Gent.
Gezichten van de mens bij Paul Ricoeur
€ 16,90
De filosoof Paul Ricoeur kon steeds een ruim publiek aanspreken. Hij
was uitzonderlijk vertrouwd met de geschiedenis van de westerse
wijsbegeerte en zijn gedachtegoed kwam precies tot stand in discussie met
de wijsgerige stromingen van de voorbije eeuw. Hij legde in zijn oeuvre
een lange weg af, en zei zelf dat hij in iedere nieuwe studie op een bepaald
vermogen, een bepaald gezicht, van de mens is ingegaan. Het inzicht in deze
vele gezichten vormt de fundamentele wijsgerige antropologie waar het
Ricoeur steeds om te doen is geweest.
De auteur volgde zelf Ricoeurs colleges in Nanterre. In dit boek ontsluit hij als een tutor zijn gedachtegoed, op een nauwkeurige maar ook begrijpbare manier. Aan elk boek of ''gezicht van de mens'' van Ricoeur wijdt hij een hoofdstuk. Zelf besteedde Ricoeur in ieder van zijn studies veel aandacht aan de dialogen die hij voerde om tot zijn eigen inzichten te besluiten. Op de conclusies die hij hieruit trok wordt in dit boek eveneens het accent gelegd.
Ook de persoonlijke levensgeschiedenis van een filosoof is niet zonder belang om zijn intellectuele ontwikkeling te kunnen volgen. De auteur koppelt dan ook geregeld terug naar de persoonlijke en intellectuele biografie van Ricoeur.
Dit boek richt zich tot liefhebbers van Ricoeur, of mensen die met deze bijzondere filosoof kennis willen maken.
Koen Boey is emeritus-hoogleraar filosofie aan de Universiteit Antwerpen.
De auteur volgde zelf Ricoeurs colleges in Nanterre. In dit boek ontsluit hij als een tutor zijn gedachtegoed, op een nauwkeurige maar ook begrijpbare manier. Aan elk boek of ''gezicht van de mens'' van Ricoeur wijdt hij een hoofdstuk. Zelf besteedde Ricoeur in ieder van zijn studies veel aandacht aan de dialogen die hij voerde om tot zijn eigen inzichten te besluiten. Op de conclusies die hij hieruit trok wordt in dit boek eveneens het accent gelegd.
Ook de persoonlijke levensgeschiedenis van een filosoof is niet zonder belang om zijn intellectuele ontwikkeling te kunnen volgen. De auteur koppelt dan ook geregeld terug naar de persoonlijke en intellectuele biografie van Ricoeur.
Dit boek richt zich tot liefhebbers van Ricoeur, of mensen die met deze bijzondere filosoof kennis willen maken.
Koen Boey is emeritus-hoogleraar filosofie aan de Universiteit Antwerpen.
Gezichten van de mens bij Paul Ricoeur
€ 16,90
De filosoof Paul Ricoeur kon steeds een ruim publiek aanspreken. Hij
was uitzonderlijk vertrouwd met de geschiedenis van de westerse
wijsbegeerte en zijn gedachtegoed kwam precies tot stand in discussie met
de wijsgerige stromingen van de voorbije eeuw. Hij legde in zijn oeuvre
een lange weg af, en zei zelf dat hij in iedere nieuwe studie op een bepaald
vermogen, een bepaald gezicht, van de mens is ingegaan. Het inzicht in deze
vele gezichten vormt de fundamentele wijsgerige antropologie waar het
Ricoeur steeds om te doen is geweest.
De auteur volgde zelf Ricoeurs colleges in Nanterre. In dit boek ontsluit hij als een tutor zijn gedachtegoed, op een nauwkeurige maar ook begrijpbare manier. Aan elk boek of ''gezicht van de mens'' van Ricoeur wijdt hij een hoofdstuk. Zelf besteedde Ricoeur in ieder van zijn studies veel aandacht aan de dialogen die hij voerde om tot zijn eigen inzichten te besluiten. Op de conclusies die hij hieruit trok wordt in dit boek eveneens het accent gelegd.
Ook de persoonlijke levensgeschiedenis van een filosoof is niet zonder belang om zijn intellectuele ontwikkeling te kunnen volgen. De auteur koppelt dan ook geregeld terug naar de persoonlijke en intellectuele biografie van Ricoeur.
Dit boek richt zich tot liefhebbers van Ricoeur, of mensen die met deze bijzondere filosoof kennis willen maken.
Koen Boey is emeritus-hoogleraar filosofie aan de Universiteit Antwerpen.
De auteur volgde zelf Ricoeurs colleges in Nanterre. In dit boek ontsluit hij als een tutor zijn gedachtegoed, op een nauwkeurige maar ook begrijpbare manier. Aan elk boek of ''gezicht van de mens'' van Ricoeur wijdt hij een hoofdstuk. Zelf besteedde Ricoeur in ieder van zijn studies veel aandacht aan de dialogen die hij voerde om tot zijn eigen inzichten te besluiten. Op de conclusies die hij hieruit trok wordt in dit boek eveneens het accent gelegd.
Ook de persoonlijke levensgeschiedenis van een filosoof is niet zonder belang om zijn intellectuele ontwikkeling te kunnen volgen. De auteur koppelt dan ook geregeld terug naar de persoonlijke en intellectuele biografie van Ricoeur.
Dit boek richt zich tot liefhebbers van Ricoeur, of mensen die met deze bijzondere filosoof kennis willen maken.
Koen Boey is emeritus-hoogleraar filosofie aan de Universiteit Antwerpen.
Leren vanuit je passie. Praktijkonderwijs met de blik op de toekomst (Fontys Reeks Educatief, nr.8)
€ 16,00
Praktijkonderwijs Schijndel, onderdeel van het Brabantse Elde College,
startte ruim twee jaar geleden, een onderwijsinnovatie, die is geïnspireerd
door het in de Verenigde Staten ontwikkelde concept ‘One Kid at a
Time’ dat in praktijk wordt gebracht in zogenaamde Big Picture-scholen,
ook ‘MET-scholen’ genoemd. Bij Big Picture staat, net zoals in het
Nederlandse praktijkonderwijs, de leerling nadrukkelijk centraal. Het
onderwijs volgt de leerling en niet andersom. Door de principes van Big
Picture te verbinden met de uitgangspunten van het praktijkonderwijs,
wil de school elke leerling onderwijs bieden dat aansluit bij zijn passie
en zijn persoonlijke kwaliteiten.
Praktijkonderwijs Schijndel en Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijs vonden elkaar in hun fascinatie voor Big Picture en sloegen de handen ineen om het gedachtegoed van Big Picture vorm te gaan geven.
Onder de naam ‘Met4Elde’ begon de school, met ondersteuning van Fontys OSO, een ingrijpend veranderingsproces. De inspanningen zijn erop gericht meer maatwerk voor de leerling te realiseren en een betere doorstroom naar vervolgonderwijs of arbeidsmarkt te bewerkstelligen.
Doel daarvan is dat elke leerling een passende plaats op de arbeidsmarkt verwerft, die hij, omdat hij uitstekend functioneert, tevens behoudt.
Praktijkonderwijs Schijndel en Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijs vonden elkaar in hun fascinatie voor Big Picture en sloegen de handen ineen om het gedachtegoed van Big Picture vorm te gaan geven.
Onder de naam ‘Met4Elde’ begon de school, met ondersteuning van Fontys OSO, een ingrijpend veranderingsproces. De inspanningen zijn erop gericht meer maatwerk voor de leerling te realiseren en een betere doorstroom naar vervolgonderwijs of arbeidsmarkt te bewerkstelligen.
Doel daarvan is dat elke leerling een passende plaats op de arbeidsmarkt verwerft, die hij, omdat hij uitstekend functioneert, tevens behoudt.
Leren vanuit je passie. Praktijkonderwijs met de blik op de toekomst (Fontys Reeks Educatief, nr.8)
€ 16,00
Praktijkonderwijs Schijndel, onderdeel van het Brabantse Elde College,
startte ruim twee jaar geleden, een onderwijsinnovatie, die is geïnspireerd
door het in de Verenigde Staten ontwikkelde concept ‘One Kid at a
Time’ dat in praktijk wordt gebracht in zogenaamde Big Picture-scholen,
ook ‘MET-scholen’ genoemd. Bij Big Picture staat, net zoals in het
Nederlandse praktijkonderwijs, de leerling nadrukkelijk centraal. Het
onderwijs volgt de leerling en niet andersom. Door de principes van Big
Picture te verbinden met de uitgangspunten van het praktijkonderwijs,
wil de school elke leerling onderwijs bieden dat aansluit bij zijn passie
en zijn persoonlijke kwaliteiten.
Praktijkonderwijs Schijndel en Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijs vonden elkaar in hun fascinatie voor Big Picture en sloegen de handen ineen om het gedachtegoed van Big Picture vorm te gaan geven.
Onder de naam ‘Met4Elde’ begon de school, met ondersteuning van Fontys OSO, een ingrijpend veranderingsproces. De inspanningen zijn erop gericht meer maatwerk voor de leerling te realiseren en een betere doorstroom naar vervolgonderwijs of arbeidsmarkt te bewerkstelligen.
Doel daarvan is dat elke leerling een passende plaats op de arbeidsmarkt verwerft, die hij, omdat hij uitstekend functioneert, tevens behoudt.
Praktijkonderwijs Schijndel en Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijs vonden elkaar in hun fascinatie voor Big Picture en sloegen de handen ineen om het gedachtegoed van Big Picture vorm te gaan geven.
Onder de naam ‘Met4Elde’ begon de school, met ondersteuning van Fontys OSO, een ingrijpend veranderingsproces. De inspanningen zijn erop gericht meer maatwerk voor de leerling te realiseren en een betere doorstroom naar vervolgonderwijs of arbeidsmarkt te bewerkstelligen.
Doel daarvan is dat elke leerling een passende plaats op de arbeidsmarkt verwerft, die hij, omdat hij uitstekend functioneert, tevens behoudt.
Kinderen beter leren communiceren. Therapieprogramma voor communicatieve functies
€ 60,70
Kinderen beter leren communiceren is een therapieprogramma
dat zich richt op kinderen met een talige leeftijd vanaf twee jaar die
moeite hebben met het verwoorden van hun intenties. Het is in eerste
instantie ontwikkeld voor kinderen met een stoornis in het autistisch
spectrum, maar de beschreven werkwijze is ook geschikt voor andere
kinderen met taalontwikkelingsstoornissen die problemen ondervinden
bij het uiten van hun bedoelingen middels taal.
Het programma bestaat uit een theoretisch en praktisch deel. Het theoretische deel bevat een verantwoording van het programma, waarin theoretische achtergronden betreffende communicatieve functies beschreven worden en het gebruik van het programma wordt toegelicht. In het praktische deel worden situaties beschreven die de logopedist, maar ook leerkracht, begeleider en ouders helpen om de communicatieve mogelijkheden van het kind te optimaliseren. Aan de hand van een observatielijst kan in beeld worden gebracht met welke communicatieve functies een kind moeite heeft. De functies in deze observatielijst zijn in het therapieprogramma vertaald naar praktische situaties waarin de betreffende communicatieve functie kan worden gestimuleerd. Deze situaties werden uitgetekend, u vindt ze op de bijgevoegde cd-rom.
Voor kinderen met een stoornis in het autistisch spectrum worden interventies beschreven die zinvol zijn gebleken om deze kinderen te helpen in het gebruik van het gewenste communicatieve gedrag. Om generalisatie naar de dagelijkse omgeving van het kind te bevorderen, zijn per communicatieve functie tevens adviezen voor overdracht naar de thuis- en klassensituatie opgenomen.
Freda Kingma-van den Hoogen, logopedist en psycholinguïst, is coördinator taal bij de afdeling Expertise van Regionaal Expertisecentrum Noord-Nederland en verzorgt cursussen op het gebied van autisme en taalontwikkelingsstoornissen.
Het programma bestaat uit een theoretisch en praktisch deel. Het theoretische deel bevat een verantwoording van het programma, waarin theoretische achtergronden betreffende communicatieve functies beschreven worden en het gebruik van het programma wordt toegelicht. In het praktische deel worden situaties beschreven die de logopedist, maar ook leerkracht, begeleider en ouders helpen om de communicatieve mogelijkheden van het kind te optimaliseren. Aan de hand van een observatielijst kan in beeld worden gebracht met welke communicatieve functies een kind moeite heeft. De functies in deze observatielijst zijn in het therapieprogramma vertaald naar praktische situaties waarin de betreffende communicatieve functie kan worden gestimuleerd. Deze situaties werden uitgetekend, u vindt ze op de bijgevoegde cd-rom.
Voor kinderen met een stoornis in het autistisch spectrum worden interventies beschreven die zinvol zijn gebleken om deze kinderen te helpen in het gebruik van het gewenste communicatieve gedrag. Om generalisatie naar de dagelijkse omgeving van het kind te bevorderen, zijn per communicatieve functie tevens adviezen voor overdracht naar de thuis- en klassensituatie opgenomen.
Freda Kingma-van den Hoogen, logopedist en psycholinguïst, is coördinator taal bij de afdeling Expertise van Regionaal Expertisecentrum Noord-Nederland en verzorgt cursussen op het gebied van autisme en taalontwikkelingsstoornissen.
Kinderen beter leren communiceren. Therapieprogramma voor communicatieve functies
€ 60,70
Kinderen beter leren communiceren is een therapieprogramma
dat zich richt op kinderen met een talige leeftijd vanaf twee jaar die
moeite hebben met het verwoorden van hun intenties. Het is in eerste
instantie ontwikkeld voor kinderen met een stoornis in het autistisch
spectrum, maar de beschreven werkwijze is ook geschikt voor andere
kinderen met taalontwikkelingsstoornissen die problemen ondervinden
bij het uiten van hun bedoelingen middels taal.
Het programma bestaat uit een theoretisch en praktisch deel. Het theoretische deel bevat een verantwoording van het programma, waarin theoretische achtergronden betreffende communicatieve functies beschreven worden en het gebruik van het programma wordt toegelicht. In het praktische deel worden situaties beschreven die de logopedist, maar ook leerkracht, begeleider en ouders helpen om de communicatieve mogelijkheden van het kind te optimaliseren. Aan de hand van een observatielijst kan in beeld worden gebracht met welke communicatieve functies een kind moeite heeft. De functies in deze observatielijst zijn in het therapieprogramma vertaald naar praktische situaties waarin de betreffende communicatieve functie kan worden gestimuleerd. Deze situaties werden uitgetekend, u vindt ze op de bijgevoegde cd-rom.
Voor kinderen met een stoornis in het autistisch spectrum worden interventies beschreven die zinvol zijn gebleken om deze kinderen te helpen in het gebruik van het gewenste communicatieve gedrag. Om generalisatie naar de dagelijkse omgeving van het kind te bevorderen, zijn per communicatieve functie tevens adviezen voor overdracht naar de thuis- en klassensituatie opgenomen.
Freda Kingma-van den Hoogen, logopedist en psycholinguïst, is coördinator taal bij de afdeling Expertise van Regionaal Expertisecentrum Noord-Nederland en verzorgt cursussen op het gebied van autisme en taalontwikkelingsstoornissen.
Het programma bestaat uit een theoretisch en praktisch deel. Het theoretische deel bevat een verantwoording van het programma, waarin theoretische achtergronden betreffende communicatieve functies beschreven worden en het gebruik van het programma wordt toegelicht. In het praktische deel worden situaties beschreven die de logopedist, maar ook leerkracht, begeleider en ouders helpen om de communicatieve mogelijkheden van het kind te optimaliseren. Aan de hand van een observatielijst kan in beeld worden gebracht met welke communicatieve functies een kind moeite heeft. De functies in deze observatielijst zijn in het therapieprogramma vertaald naar praktische situaties waarin de betreffende communicatieve functie kan worden gestimuleerd. Deze situaties werden uitgetekend, u vindt ze op de bijgevoegde cd-rom.
Voor kinderen met een stoornis in het autistisch spectrum worden interventies beschreven die zinvol zijn gebleken om deze kinderen te helpen in het gebruik van het gewenste communicatieve gedrag. Om generalisatie naar de dagelijkse omgeving van het kind te bevorderen, zijn per communicatieve functie tevens adviezen voor overdracht naar de thuis- en klassensituatie opgenomen.
Freda Kingma-van den Hoogen, logopedist en psycholinguïst, is coördinator taal bij de afdeling Expertise van Regionaal Expertisecentrum Noord-Nederland en verzorgt cursussen op het gebied van autisme en taalontwikkelingsstoornissen.
Naar een auti-vriendelijke VO-school. Leerlingen met autisme en open opdrachten (Reeks Ervaringsdeskundigen en Professionals, nr. 3)
€ 15,40
‘Hoe bieden we leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum hulp
bij het uitvoeren van open opdrachten?’ is de startvraag van het onderzoeksproject,
dat leidde tot dit boek.
Beschreven wordt hoe Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg, de Ambulante Dienst en het Steunpunt Autisme van REC Vierland samen met leerlingen, ouders, mentoren, docenten, zorgcoördinator en de schoolleiding van Havo Notre Dame des Anges deze vraag onderzoekend beantwoorden.
Dit onderzoek bracht een ontwikkelingsproces op gang naar een auti-vriendelijke school. De leerling zelf, de mentor, de vakdocent, de zorgcoördinator, de ambulant begeleider en de ouders als partners dragen ingrediënten aan die tezamen leiden tot een ‘Bijsluiter’, een persoonlijke handleiding van en voor de leerling.
De expertise rondom autisme wordt bij alle docenten vergroot. Dit leidt tot een visie op autisme. Door actieve ondersteuning van ASS-leerlingen wordt het onderwijs op Havo Notre Dame des Anges adaptiever. Leerlingen met - maar ook zonder ASS - ontvangen beter en meer op hun leerbehoeften afgestemd onderwijs.
In de Salamanca-verklaring van de UNESCO wordt gesteld dat reguliere scholen die bereid zijn leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes op te nemen het meest effectief zijn in het bestrijden van discriminerende opvattingen, het bouwen aan een open gemeenschap, het creëren van een inclusieve maatschappij en het aanbieden van onderwijs voor iedereen. Bovendien voorzien zij in effectief onderwijs voor alle leerlingen (zonder speciale onderwijsbehoeften) en verbeteren zij de doelmatigheid van het gehele onderwijssysteem.
Dit boek is geschreven voor een ieder in het Voortgezet Onderwijs die leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum (ASSleerlingen) op een succesvolle manier wil begeleiden.
Beschreven wordt hoe Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg, de Ambulante Dienst en het Steunpunt Autisme van REC Vierland samen met leerlingen, ouders, mentoren, docenten, zorgcoördinator en de schoolleiding van Havo Notre Dame des Anges deze vraag onderzoekend beantwoorden.
Dit onderzoek bracht een ontwikkelingsproces op gang naar een auti-vriendelijke school. De leerling zelf, de mentor, de vakdocent, de zorgcoördinator, de ambulant begeleider en de ouders als partners dragen ingrediënten aan die tezamen leiden tot een ‘Bijsluiter’, een persoonlijke handleiding van en voor de leerling.
De expertise rondom autisme wordt bij alle docenten vergroot. Dit leidt tot een visie op autisme. Door actieve ondersteuning van ASS-leerlingen wordt het onderwijs op Havo Notre Dame des Anges adaptiever. Leerlingen met - maar ook zonder ASS - ontvangen beter en meer op hun leerbehoeften afgestemd onderwijs.
In de Salamanca-verklaring van de UNESCO wordt gesteld dat reguliere scholen die bereid zijn leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes op te nemen het meest effectief zijn in het bestrijden van discriminerende opvattingen, het bouwen aan een open gemeenschap, het creëren van een inclusieve maatschappij en het aanbieden van onderwijs voor iedereen. Bovendien voorzien zij in effectief onderwijs voor alle leerlingen (zonder speciale onderwijsbehoeften) en verbeteren zij de doelmatigheid van het gehele onderwijssysteem.
Dit boek is geschreven voor een ieder in het Voortgezet Onderwijs die leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum (ASSleerlingen) op een succesvolle manier wil begeleiden.
Naar een auti-vriendelijke VO-school. Leerlingen met autisme en open opdrachten (Reeks Ervaringsdeskundigen en Professionals, nr. 3)
€ 15,40
‘Hoe bieden we leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum hulp
bij het uitvoeren van open opdrachten?’ is de startvraag van het onderzoeksproject,
dat leidde tot dit boek.
Beschreven wordt hoe Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg, de Ambulante Dienst en het Steunpunt Autisme van REC Vierland samen met leerlingen, ouders, mentoren, docenten, zorgcoördinator en de schoolleiding van Havo Notre Dame des Anges deze vraag onderzoekend beantwoorden.
Dit onderzoek bracht een ontwikkelingsproces op gang naar een auti-vriendelijke school. De leerling zelf, de mentor, de vakdocent, de zorgcoördinator, de ambulant begeleider en de ouders als partners dragen ingrediënten aan die tezamen leiden tot een ‘Bijsluiter’, een persoonlijke handleiding van en voor de leerling.
De expertise rondom autisme wordt bij alle docenten vergroot. Dit leidt tot een visie op autisme. Door actieve ondersteuning van ASS-leerlingen wordt het onderwijs op Havo Notre Dame des Anges adaptiever. Leerlingen met - maar ook zonder ASS - ontvangen beter en meer op hun leerbehoeften afgestemd onderwijs.
In de Salamanca-verklaring van de UNESCO wordt gesteld dat reguliere scholen die bereid zijn leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes op te nemen het meest effectief zijn in het bestrijden van discriminerende opvattingen, het bouwen aan een open gemeenschap, het creëren van een inclusieve maatschappij en het aanbieden van onderwijs voor iedereen. Bovendien voorzien zij in effectief onderwijs voor alle leerlingen (zonder speciale onderwijsbehoeften) en verbeteren zij de doelmatigheid van het gehele onderwijssysteem.
Dit boek is geschreven voor een ieder in het Voortgezet Onderwijs die leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum (ASSleerlingen) op een succesvolle manier wil begeleiden.
Beschreven wordt hoe Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg, de Ambulante Dienst en het Steunpunt Autisme van REC Vierland samen met leerlingen, ouders, mentoren, docenten, zorgcoördinator en de schoolleiding van Havo Notre Dame des Anges deze vraag onderzoekend beantwoorden.
Dit onderzoek bracht een ontwikkelingsproces op gang naar een auti-vriendelijke school. De leerling zelf, de mentor, de vakdocent, de zorgcoördinator, de ambulant begeleider en de ouders als partners dragen ingrediënten aan die tezamen leiden tot een ‘Bijsluiter’, een persoonlijke handleiding van en voor de leerling.
De expertise rondom autisme wordt bij alle docenten vergroot. Dit leidt tot een visie op autisme. Door actieve ondersteuning van ASS-leerlingen wordt het onderwijs op Havo Notre Dame des Anges adaptiever. Leerlingen met - maar ook zonder ASS - ontvangen beter en meer op hun leerbehoeften afgestemd onderwijs.
In de Salamanca-verklaring van de UNESCO wordt gesteld dat reguliere scholen die bereid zijn leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes op te nemen het meest effectief zijn in het bestrijden van discriminerende opvattingen, het bouwen aan een open gemeenschap, het creëren van een inclusieve maatschappij en het aanbieden van onderwijs voor iedereen. Bovendien voorzien zij in effectief onderwijs voor alle leerlingen (zonder speciale onderwijsbehoeften) en verbeteren zij de doelmatigheid van het gehele onderwijssysteem.
Dit boek is geschreven voor een ieder in het Voortgezet Onderwijs die leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum (ASSleerlingen) op een succesvolle manier wil begeleiden.
Redeneeropdrachten. Oefeningen voor cognitieve en talige training
€ 30,20
Susan Howell Brubaker is voor de meeste logopedisten die werken met patienten met een niet-aangeboren hersenletsel (NAH) niet onbekend. Ze heeft bekendheid verworven als ''Director of the Speech and Language Pathology Department'' in het William Beaumont hospitaal in Michigan. Velen kennen het Workbook for Aphasia en het Sourcebook for Aphasia . Beide werken werden al vertaald en aangepast aan het Nederlands.
Dit boek is de vertaling van het Workbook for Reasoning Skills en is ontwikkeld als hulpmiddel bij het revalideren van mensen met talige en/of cognitieve disfuncties. De oefeningen bieden de mogelijkheid om de semantiek uit te breiden en proberen het taalgebruik maximaal te stimuleren, maar doen tegelijk een beroep op de actieve inzet en creativiteit van de persoon. De oefeningen stimuleren de aandacht, de concentratie, het probleemoplossend en flexibel denken en het geheugen.
Het werkboek vindt zijn toepassing in een ruime revalidatiesetting. De oefeningen kunnen gebruikt worden bij afasie en cognitieve problemen, maar ook bij kinderen met taal- en/of cognitieve problemen en bij personen die het Nederlands als tweede taal willen leren.
Redeneeropdrachten is verdeeld in zes onderdelen: conclusies trekken, probleemoplossend denken, opdrachten uitvoeren, visueel-logisch sequentiëren, hersenbrekers en cijfers en symbolen. Per onderdeel vindt men reeksen oefeningen terug die telkens vergezeld zijn van duidelijke instructies en voorbeelden.
Vera De Hert en Magda Jansen zijn beiden als logopedist werkzaam in ziekenhuisnetwerk ZNA Antwerpen, campus Stuivenberg. Hun werkveld bestrijkt hoofdzakelijk de behandeling van afasie en cognitieve problemen, van in de acute fase tot aan de patiëntenrevalidatie.
Dit boek is de vertaling van het Workbook for Reasoning Skills en is ontwikkeld als hulpmiddel bij het revalideren van mensen met talige en/of cognitieve disfuncties. De oefeningen bieden de mogelijkheid om de semantiek uit te breiden en proberen het taalgebruik maximaal te stimuleren, maar doen tegelijk een beroep op de actieve inzet en creativiteit van de persoon. De oefeningen stimuleren de aandacht, de concentratie, het probleemoplossend en flexibel denken en het geheugen.
Het werkboek vindt zijn toepassing in een ruime revalidatiesetting. De oefeningen kunnen gebruikt worden bij afasie en cognitieve problemen, maar ook bij kinderen met taal- en/of cognitieve problemen en bij personen die het Nederlands als tweede taal willen leren.
Redeneeropdrachten is verdeeld in zes onderdelen: conclusies trekken, probleemoplossend denken, opdrachten uitvoeren, visueel-logisch sequentiëren, hersenbrekers en cijfers en symbolen. Per onderdeel vindt men reeksen oefeningen terug die telkens vergezeld zijn van duidelijke instructies en voorbeelden.
Vera De Hert en Magda Jansen zijn beiden als logopedist werkzaam in ziekenhuisnetwerk ZNA Antwerpen, campus Stuivenberg. Hun werkveld bestrijkt hoofdzakelijk de behandeling van afasie en cognitieve problemen, van in de acute fase tot aan de patiëntenrevalidatie.
Redeneeropdrachten. Oefeningen voor cognitieve en talige training
€ 30,20
Susan Howell Brubaker is voor de meeste logopedisten die werken met patienten met een niet-aangeboren hersenletsel (NAH) niet onbekend. Ze heeft bekendheid verworven als ''Director of the Speech and Language Pathology Department'' in het William Beaumont hospitaal in Michigan. Velen kennen het Workbook for Aphasia en het Sourcebook for Aphasia . Beide werken werden al vertaald en aangepast aan het Nederlands.
Dit boek is de vertaling van het Workbook for Reasoning Skills en is ontwikkeld als hulpmiddel bij het revalideren van mensen met talige en/of cognitieve disfuncties. De oefeningen bieden de mogelijkheid om de semantiek uit te breiden en proberen het taalgebruik maximaal te stimuleren, maar doen tegelijk een beroep op de actieve inzet en creativiteit van de persoon. De oefeningen stimuleren de aandacht, de concentratie, het probleemoplossend en flexibel denken en het geheugen.
Het werkboek vindt zijn toepassing in een ruime revalidatiesetting. De oefeningen kunnen gebruikt worden bij afasie en cognitieve problemen, maar ook bij kinderen met taal- en/of cognitieve problemen en bij personen die het Nederlands als tweede taal willen leren.
Redeneeropdrachten is verdeeld in zes onderdelen: conclusies trekken, probleemoplossend denken, opdrachten uitvoeren, visueel-logisch sequentiëren, hersenbrekers en cijfers en symbolen. Per onderdeel vindt men reeksen oefeningen terug die telkens vergezeld zijn van duidelijke instructies en voorbeelden.
Vera De Hert en Magda Jansen zijn beiden als logopedist werkzaam in ziekenhuisnetwerk ZNA Antwerpen, campus Stuivenberg. Hun werkveld bestrijkt hoofdzakelijk de behandeling van afasie en cognitieve problemen, van in de acute fase tot aan de patiëntenrevalidatie.
Dit boek is de vertaling van het Workbook for Reasoning Skills en is ontwikkeld als hulpmiddel bij het revalideren van mensen met talige en/of cognitieve disfuncties. De oefeningen bieden de mogelijkheid om de semantiek uit te breiden en proberen het taalgebruik maximaal te stimuleren, maar doen tegelijk een beroep op de actieve inzet en creativiteit van de persoon. De oefeningen stimuleren de aandacht, de concentratie, het probleemoplossend en flexibel denken en het geheugen.
Het werkboek vindt zijn toepassing in een ruime revalidatiesetting. De oefeningen kunnen gebruikt worden bij afasie en cognitieve problemen, maar ook bij kinderen met taal- en/of cognitieve problemen en bij personen die het Nederlands als tweede taal willen leren.
Redeneeropdrachten is verdeeld in zes onderdelen: conclusies trekken, probleemoplossend denken, opdrachten uitvoeren, visueel-logisch sequentiëren, hersenbrekers en cijfers en symbolen. Per onderdeel vindt men reeksen oefeningen terug die telkens vergezeld zijn van duidelijke instructies en voorbeelden.
Vera De Hert en Magda Jansen zijn beiden als logopedist werkzaam in ziekenhuisnetwerk ZNA Antwerpen, campus Stuivenberg. Hun werkveld bestrijkt hoofdzakelijk de behandeling van afasie en cognitieve problemen, van in de acute fase tot aan de patiëntenrevalidatie.
Psychoanalyse en/van het systeem. Bij jongeren en hun gezin (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 7)
€ 23,60
Gezin en jongere zijn altijd enigszins elkaars symptoom. Het is voor de betrokkenen vaak verre van duidelijk wie wat veroorzaakt en hoe. De complexe, want niet-eenduidige en niet-lineaire oorzakelijkheid die hierin speelt, is groot. Wie speelt welke rol en waarom in het ontstaan en/of het voortbestaan van de problemen? En hoe kan hiermee psychotherapeutisch worden gewerkt?
Dit boek staat stil bij de integratie tussen psychoanalytische en systemische perspectieven in de psychiatrische en psychotherapeutische behandeling van jongeren. De psychoanalyse is goed geplaatst om dit te overzien: Wellicht beschikt zij over de meest uitgebreide kaart om het psycho(patho)logische gebied te beschrijven. Haar theorie laat ook toe het steeds complexe ontstaanskarakter van psychische stoornissen tot haar recht te laten komen.
Psychoanalytici, psychoanalytisch (kinder)psychotherapeuten en systeemtherapeuten met analytische affiniteiten zorgen voor multiculturele bijdragen vanuit diverse behandelvisies en -settings. Iedereen die betrokken is bij de geestelijke gezondheidszorg voor jongeren en hun gezinnen zal in dit boek inspiratie vinden.
Mark Kinet is hoofdgeneesheer van de Kliniek St-Jozef, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie, in Pittem. Hij is ook voormalig voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie en lid van de Belgische School voor Psychoanalyse.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Dit boek staat stil bij de integratie tussen psychoanalytische en systemische perspectieven in de psychiatrische en psychotherapeutische behandeling van jongeren. De psychoanalyse is goed geplaatst om dit te overzien: Wellicht beschikt zij over de meest uitgebreide kaart om het psycho(patho)logische gebied te beschrijven. Haar theorie laat ook toe het steeds complexe ontstaanskarakter van psychische stoornissen tot haar recht te laten komen.
Psychoanalytici, psychoanalytisch (kinder)psychotherapeuten en systeemtherapeuten met analytische affiniteiten zorgen voor multiculturele bijdragen vanuit diverse behandelvisies en -settings. Iedereen die betrokken is bij de geestelijke gezondheidszorg voor jongeren en hun gezinnen zal in dit boek inspiratie vinden.
Mark Kinet is hoofdgeneesheer van de Kliniek St-Jozef, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie, in Pittem. Hij is ook voormalig voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie en lid van de Belgische School voor Psychoanalyse.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Psychoanalyse en/van het systeem. Bij jongeren en hun gezin (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 7)
€ 23,60
Gezin en jongere zijn altijd enigszins elkaars symptoom. Het is voor de betrokkenen vaak verre van duidelijk wie wat veroorzaakt en hoe. De complexe, want niet-eenduidige en niet-lineaire oorzakelijkheid die hierin speelt, is groot. Wie speelt welke rol en waarom in het ontstaan en/of het voortbestaan van de problemen? En hoe kan hiermee psychotherapeutisch worden gewerkt?
Dit boek staat stil bij de integratie tussen psychoanalytische en systemische perspectieven in de psychiatrische en psychotherapeutische behandeling van jongeren. De psychoanalyse is goed geplaatst om dit te overzien: Wellicht beschikt zij over de meest uitgebreide kaart om het psycho(patho)logische gebied te beschrijven. Haar theorie laat ook toe het steeds complexe ontstaanskarakter van psychische stoornissen tot haar recht te laten komen.
Psychoanalytici, psychoanalytisch (kinder)psychotherapeuten en systeemtherapeuten met analytische affiniteiten zorgen voor multiculturele bijdragen vanuit diverse behandelvisies en -settings. Iedereen die betrokken is bij de geestelijke gezondheidszorg voor jongeren en hun gezinnen zal in dit boek inspiratie vinden.
Mark Kinet is hoofdgeneesheer van de Kliniek St-Jozef, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie, in Pittem. Hij is ook voormalig voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie en lid van de Belgische School voor Psychoanalyse.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Dit boek staat stil bij de integratie tussen psychoanalytische en systemische perspectieven in de psychiatrische en psychotherapeutische behandeling van jongeren. De psychoanalyse is goed geplaatst om dit te overzien: Wellicht beschikt zij over de meest uitgebreide kaart om het psycho(patho)logische gebied te beschrijven. Haar theorie laat ook toe het steeds complexe ontstaanskarakter van psychische stoornissen tot haar recht te laten komen.
Psychoanalytici, psychoanalytisch (kinder)psychotherapeuten en systeemtherapeuten met analytische affiniteiten zorgen voor multiculturele bijdragen vanuit diverse behandelvisies en -settings. Iedereen die betrokken is bij de geestelijke gezondheidszorg voor jongeren en hun gezinnen zal in dit boek inspiratie vinden.
Mark Kinet is hoofdgeneesheer van de Kliniek St-Jozef, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie, in Pittem. Hij is ook voormalig voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie en lid van de Belgische School voor Psychoanalyse.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Mythen, riten en hun toekomst
€ 19,90
Mythen en riten behoren tot de meest complexe en raadselachtige voortbrengselen van de mens. De moderne, sterk door de Verlichting getekende maatschappij is er in grote mate van overtuigd dat zij definitief met deze enigmatische producten van de cultuur heeft afgerekend. Ze zouden nutteloze overblijfsels zijn uit een voorbijgestreefde fase van de culturele evolutie. Toch blijven velen geïntrigeerd door de bevreemdende verhalen die men mythen noemt en de vormelijke en wijdingsvolle handelingen die bekend staan als riten. Wat zijn mythen en riten nu eigenlijk? Hoe verhouden zij zich tot elkaar? Wat kan men zeggen over hun toekomst en de toekomst van de godsdienst in het algemeen? Dit boek benadert mythen en riten vanuit een antropologisch-wetenschappelijk standpunt. Niet vanuit de vooronderstellingen van de gelovige of atheïst.
Valeer Neckebrouck, doctor in de sociale en culturele antropologie en doctor in de theologie, deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns-Amerika. Hij doceerde aan de Universiteit van Tilburg, de K.U. Leuven en aan de Universidad Intercontinental van Mexico-stad.
Valeer Neckebrouck, doctor in de sociale en culturele antropologie en doctor in de theologie, deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns-Amerika. Hij doceerde aan de Universiteit van Tilburg, de K.U. Leuven en aan de Universidad Intercontinental van Mexico-stad.
Mythen, riten en hun toekomst
€ 19,90
Mythen en riten behoren tot de meest complexe en raadselachtige voortbrengselen van de mens. De moderne, sterk door de Verlichting getekende maatschappij is er in grote mate van overtuigd dat zij definitief met deze enigmatische producten van de cultuur heeft afgerekend. Ze zouden nutteloze overblijfsels zijn uit een voorbijgestreefde fase van de culturele evolutie. Toch blijven velen geïntrigeerd door de bevreemdende verhalen die men mythen noemt en de vormelijke en wijdingsvolle handelingen die bekend staan als riten. Wat zijn mythen en riten nu eigenlijk? Hoe verhouden zij zich tot elkaar? Wat kan men zeggen over hun toekomst en de toekomst van de godsdienst in het algemeen? Dit boek benadert mythen en riten vanuit een antropologisch-wetenschappelijk standpunt. Niet vanuit de vooronderstellingen van de gelovige of atheïst.
Valeer Neckebrouck, doctor in de sociale en culturele antropologie en doctor in de theologie, deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns-Amerika. Hij doceerde aan de Universiteit van Tilburg, de K.U. Leuven en aan de Universidad Intercontinental van Mexico-stad.
Valeer Neckebrouck, doctor in de sociale en culturele antropologie en doctor in de theologie, deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns-Amerika. Hij doceerde aan de Universiteit van Tilburg, de K.U. Leuven en aan de Universidad Intercontinental van Mexico-stad.
Gedragsproblemen bij jongeren met psychiatrische stoornissen. Best practice handelingsplannen voor de praktijk van alledag
€ 30,80
Kinderen en jeugdigen met ernstige gedragsproblemen trekken een zware wissel op hun
omgeving. Zowel ouders, leraren als hulpverleners in de jeugdzorg zitten geregeld met hun
handen in het haar. Doorsnee pedagogische kwaliteiten blijken onvoldoende effect te hebben,
zéker wanneer het jongeren met psychiatrische problematiek in combinatie met stevige
gedragsproblemen betreft, waarbij de gezinsstructuur ernstig ontregeld is. Oorzaak en gevolg
van de gedragsproblemen zijn dan vaak lastig te ontrafelen.
De ontregelde omgevingsstructuur heeft vervolgens weer een negatief effect op de gedachten,
gevoelens en relatiedefinitie van de jongere waardoor zijn negatieve visie op de omgeving
dieper bevestigd raakt en de oppositie steeds heviger wordt. Een negatieve spiraal waar met
de beste intenties maar moeizaam uit te komen is, en de prognoses niet zonnig blijken te zijn.
In dit boek wordt de uit onderzoek gebleken effectieve behandeling vertaald naar de alledaagse praktijk op groepen, in scholen en in samenwerking met de ouders. Per hoofdstuk worden ‘best practice’ handelingsplannen en beroepscompetenties gepresenteerd. Er wordt gebruik gemaakt van de PES-structuur om de problematiek, de oorzakelijke factoren en de symptomatologie inzichtelijk te maken. De Rumba/Smart-eisen worden per behandelaanpak beschreven om de te bereiken zorgresultaten op professionele wijze te vertalen naar de praktijk van alledag. Ook wordt er gebruik gemaakt van het dialoogmodel om samen met de jongere (afhankelijk van leeftijd en problematiek), ouders, leraren en hulpverleners een eenduidige krachten- en probleemanalyse op te stellen als verklaring van de gedragsproblemen. Zo komt men tot een eenduidige empowerment-aanpak, zowel op de groep, op school als thuis. Een absolute voorwaarde in de behandeling/begeleiding van deze doelgroep.
Giel Vaessen werkte als verpleegkundige/groepswerker in de kinder- en jeugdpsychiatrie van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen. Hij werkt er nu als behandelcoördinator, gezinstherapeut en teamleider. Daarnaast geeft hij cursussen aan ouderverenigingen, leraren en hulpverleners in de jeugdzorg.
In dit boek wordt de uit onderzoek gebleken effectieve behandeling vertaald naar de alledaagse praktijk op groepen, in scholen en in samenwerking met de ouders. Per hoofdstuk worden ‘best practice’ handelingsplannen en beroepscompetenties gepresenteerd. Er wordt gebruik gemaakt van de PES-structuur om de problematiek, de oorzakelijke factoren en de symptomatologie inzichtelijk te maken. De Rumba/Smart-eisen worden per behandelaanpak beschreven om de te bereiken zorgresultaten op professionele wijze te vertalen naar de praktijk van alledag. Ook wordt er gebruik gemaakt van het dialoogmodel om samen met de jongere (afhankelijk van leeftijd en problematiek), ouders, leraren en hulpverleners een eenduidige krachten- en probleemanalyse op te stellen als verklaring van de gedragsproblemen. Zo komt men tot een eenduidige empowerment-aanpak, zowel op de groep, op school als thuis. Een absolute voorwaarde in de behandeling/begeleiding van deze doelgroep.
Giel Vaessen werkte als verpleegkundige/groepswerker in de kinder- en jeugdpsychiatrie van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen. Hij werkt er nu als behandelcoördinator, gezinstherapeut en teamleider. Daarnaast geeft hij cursussen aan ouderverenigingen, leraren en hulpverleners in de jeugdzorg.
Gedragsproblemen bij jongeren met psychiatrische stoornissen. Best practice handelingsplannen voor de praktijk van alledag
€ 30,80
Kinderen en jeugdigen met ernstige gedragsproblemen trekken een zware wissel op hun
omgeving. Zowel ouders, leraren als hulpverleners in de jeugdzorg zitten geregeld met hun
handen in het haar. Doorsnee pedagogische kwaliteiten blijken onvoldoende effect te hebben,
zéker wanneer het jongeren met psychiatrische problematiek in combinatie met stevige
gedragsproblemen betreft, waarbij de gezinsstructuur ernstig ontregeld is. Oorzaak en gevolg
van de gedragsproblemen zijn dan vaak lastig te ontrafelen.
De ontregelde omgevingsstructuur heeft vervolgens weer een negatief effect op de gedachten,
gevoelens en relatiedefinitie van de jongere waardoor zijn negatieve visie op de omgeving
dieper bevestigd raakt en de oppositie steeds heviger wordt. Een negatieve spiraal waar met
de beste intenties maar moeizaam uit te komen is, en de prognoses niet zonnig blijken te zijn.
In dit boek wordt de uit onderzoek gebleken effectieve behandeling vertaald naar de alledaagse praktijk op groepen, in scholen en in samenwerking met de ouders. Per hoofdstuk worden ‘best practice’ handelingsplannen en beroepscompetenties gepresenteerd. Er wordt gebruik gemaakt van de PES-structuur om de problematiek, de oorzakelijke factoren en de symptomatologie inzichtelijk te maken. De Rumba/Smart-eisen worden per behandelaanpak beschreven om de te bereiken zorgresultaten op professionele wijze te vertalen naar de praktijk van alledag. Ook wordt er gebruik gemaakt van het dialoogmodel om samen met de jongere (afhankelijk van leeftijd en problematiek), ouders, leraren en hulpverleners een eenduidige krachten- en probleemanalyse op te stellen als verklaring van de gedragsproblemen. Zo komt men tot een eenduidige empowerment-aanpak, zowel op de groep, op school als thuis. Een absolute voorwaarde in de behandeling/begeleiding van deze doelgroep.
Giel Vaessen werkte als verpleegkundige/groepswerker in de kinder- en jeugdpsychiatrie van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen. Hij werkt er nu als behandelcoördinator, gezinstherapeut en teamleider. Daarnaast geeft hij cursussen aan ouderverenigingen, leraren en hulpverleners in de jeugdzorg.
In dit boek wordt de uit onderzoek gebleken effectieve behandeling vertaald naar de alledaagse praktijk op groepen, in scholen en in samenwerking met de ouders. Per hoofdstuk worden ‘best practice’ handelingsplannen en beroepscompetenties gepresenteerd. Er wordt gebruik gemaakt van de PES-structuur om de problematiek, de oorzakelijke factoren en de symptomatologie inzichtelijk te maken. De Rumba/Smart-eisen worden per behandelaanpak beschreven om de te bereiken zorgresultaten op professionele wijze te vertalen naar de praktijk van alledag. Ook wordt er gebruik gemaakt van het dialoogmodel om samen met de jongere (afhankelijk van leeftijd en problematiek), ouders, leraren en hulpverleners een eenduidige krachten- en probleemanalyse op te stellen als verklaring van de gedragsproblemen. Zo komt men tot een eenduidige empowerment-aanpak, zowel op de groep, op school als thuis. Een absolute voorwaarde in de behandeling/begeleiding van deze doelgroep.
Giel Vaessen werkte als verpleegkundige/groepswerker in de kinder- en jeugdpsychiatrie van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen. Hij werkt er nu als behandelcoördinator, gezinstherapeut en teamleider. Daarnaast geeft hij cursussen aan ouderverenigingen, leraren en hulpverleners in de jeugdzorg.
Bedrijfseconomie voor de hotelsector. Tweede, herziene druk
€ 20,50
De hotelsector is een internationale sector met een sterke interesse
voor bedrijfseconomie. Hotelmanagers stellen kostenanalyses op,
hebben inzicht in kostprijsberekeningen en doen vandaag aan revenue
management.
Dit boek besteedt aandacht aan de kostenstructuur van een hotelonderneming en gaat in op de verschillende kostprijsmethodes die hanteerbaar zijn in de hotelsector. Full-costing en Activity Based Costing worden geïllustreerd met praktische hotelvoorbeelden. Ook wordt er een overzicht gegeven van de belangrijkste tendensen op het vlak van revenue management en worden de principes van break-even analyse in de hotelsector grondig uitgelegd.
Christian Holthof is licentiaat in de toegepaste economische wetenschappen, Master in Toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA). Thans doceert hij economische wetenschappen aan de opleiding hotelmanagement van de Plantijnhogeschool te Antwerpen.
Dit boek besteedt aandacht aan de kostenstructuur van een hotelonderneming en gaat in op de verschillende kostprijsmethodes die hanteerbaar zijn in de hotelsector. Full-costing en Activity Based Costing worden geïllustreerd met praktische hotelvoorbeelden. Ook wordt er een overzicht gegeven van de belangrijkste tendensen op het vlak van revenue management en worden de principes van break-even analyse in de hotelsector grondig uitgelegd.
Christian Holthof is licentiaat in de toegepaste economische wetenschappen, Master in Toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA). Thans doceert hij economische wetenschappen aan de opleiding hotelmanagement van de Plantijnhogeschool te Antwerpen.
Bedrijfseconomie voor de hotelsector. Tweede, herziene druk
€ 20,50
De hotelsector is een internationale sector met een sterke interesse
voor bedrijfseconomie. Hotelmanagers stellen kostenanalyses op,
hebben inzicht in kostprijsberekeningen en doen vandaag aan revenue
management.
Dit boek besteedt aandacht aan de kostenstructuur van een hotelonderneming en gaat in op de verschillende kostprijsmethodes die hanteerbaar zijn in de hotelsector. Full-costing en Activity Based Costing worden geïllustreerd met praktische hotelvoorbeelden. Ook wordt er een overzicht gegeven van de belangrijkste tendensen op het vlak van revenue management en worden de principes van break-even analyse in de hotelsector grondig uitgelegd.
Christian Holthof is licentiaat in de toegepaste economische wetenschappen, Master in Toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA). Thans doceert hij economische wetenschappen aan de opleiding hotelmanagement van de Plantijnhogeschool te Antwerpen.
Dit boek besteedt aandacht aan de kostenstructuur van een hotelonderneming en gaat in op de verschillende kostprijsmethodes die hanteerbaar zijn in de hotelsector. Full-costing en Activity Based Costing worden geïllustreerd met praktische hotelvoorbeelden. Ook wordt er een overzicht gegeven van de belangrijkste tendensen op het vlak van revenue management en worden de principes van break-even analyse in de hotelsector grondig uitgelegd.
Christian Holthof is licentiaat in de toegepaste economische wetenschappen, Master in Toerisme en Master of Business Administration (GGS). Hij nam meerdere malen deel aan het Professional Development Program van de Cornell University (School of Hotel Administration, Ithaca, USA). Thans doceert hij economische wetenschappen aan de opleiding hotelmanagement van de Plantijnhogeschool te Antwerpen.
Selfmade. Theater maken – Handleiding voor doe-het-zelvers (Opendoek-Reeks, nr. 1)
€ 59,00
Zelf theater maken, vertrekkend van het witte
blad, de lege scène, het nog niet verwoorde
idee. Onbegonnen werk? Een huzarenstuk? Dit
boek bewijst het tegendeel en reikt de handvatten
aan waarmee je snel en efficiënt de creativiteit
in goede banen kunt leiden. Bij deze manier
van werken hoort geen regisseur, wel een
coach, maar je kunt het ook helemaal zelf doen.
Ook geen ellenlange theatergeschiedenis, geen
overzicht van allerlei soorten spots voor de belichting,
geen nauwkeurige stappenplannen die
al het initiatief uit handen nemen. Via een aantal
creativiteitstimulerende hulpmiddelen realiseer
je alles zelf: Elke deelnemer heeft een creativiteitsschijf
die aangeeft in welke fase van
het creatief proces hij zit. Het overlegbord geeft
een overzicht wat er allemaal te gebeuren staat
en wordt bij elke sessie opengevouwen. Een
pion in de vorm van een voetje vertelt waar ieder
op dat moment aan werkt. In een tekstenmap
staat elk item uitgelegd dat op het bord
voorkomt.
Deze methodiek haalt het beste naar boven in iedereen die zelf theater wil maken.
Karel Moons is kinderpsycholoog. Hij studeerde ook theater aan de Kleine Academie in Brussel. Hij is stafmedewerker bij De Veerman in Leuven.
Deze methodiek haalt het beste naar boven in iedereen die zelf theater wil maken.
Karel Moons is kinderpsycholoog. Hij studeerde ook theater aan de Kleine Academie in Brussel. Hij is stafmedewerker bij De Veerman in Leuven.
Selfmade. Theater maken – Handleiding voor doe-het-zelvers (Opendoek-Reeks, nr. 1)
€ 59,00
Zelf theater maken, vertrekkend van het witte
blad, de lege scène, het nog niet verwoorde
idee. Onbegonnen werk? Een huzarenstuk? Dit
boek bewijst het tegendeel en reikt de handvatten
aan waarmee je snel en efficiënt de creativiteit
in goede banen kunt leiden. Bij deze manier
van werken hoort geen regisseur, wel een
coach, maar je kunt het ook helemaal zelf doen.
Ook geen ellenlange theatergeschiedenis, geen
overzicht van allerlei soorten spots voor de belichting,
geen nauwkeurige stappenplannen die
al het initiatief uit handen nemen. Via een aantal
creativiteitstimulerende hulpmiddelen realiseer
je alles zelf: Elke deelnemer heeft een creativiteitsschijf
die aangeeft in welke fase van
het creatief proces hij zit. Het overlegbord geeft
een overzicht wat er allemaal te gebeuren staat
en wordt bij elke sessie opengevouwen. Een
pion in de vorm van een voetje vertelt waar ieder
op dat moment aan werkt. In een tekstenmap
staat elk item uitgelegd dat op het bord
voorkomt.
Deze methodiek haalt het beste naar boven in iedereen die zelf theater wil maken.
Karel Moons is kinderpsycholoog. Hij studeerde ook theater aan de Kleine Academie in Brussel. Hij is stafmedewerker bij De Veerman in Leuven.
Deze methodiek haalt het beste naar boven in iedereen die zelf theater wil maken.
Karel Moons is kinderpsycholoog. Hij studeerde ook theater aan de Kleine Academie in Brussel. Hij is stafmedewerker bij De Veerman in Leuven.





