Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Spreken, zwijgen, … schrijven. Psychoanalyse en taal (Reeks Psychoanalyse en cultuur, nr. 1)

 18,00
“Het onbewuste is gestructureerd als taal”, aldus een fameuze frase van Jacques Lacan. Geen wonder dat het spreken een voorname rol speelt binnen de psychoanalyse. Maar de analyticus is minstens zo geïnteresseerd in wat tussen de regels niet gezegd wordt en waar de tekst hapert. Het primaat ligt bij de betekenaar, bij het ‘zeggen op zich’, en niet bij de betekenis. Om die reden heeft de psychoanalyse een sterk gevoel voor taal ontwikkeld – voor woordspelingen, voor ritme, voor stijl, kortom, voor het literair boetseren van taal. Deze essaybundel gaat in op alle aspecten van de psychoanalyse die te maken hebben met taal en geeft een overzicht van de meest recente inzichten in dit domein.

Peter Verstraten is universitair docent Intermediale Literatuurwetenschap in Leiden. Marc De Kesel is lector Filosofie aan de Arteveldehogeschool te Gent en senior onderzoeker aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Sjef Houppermans is universitair hoofddocent moderne Franse Letterkunde aan de Universiteit Leiden.

"Alle bijdragen zijn zeer de moeite waard gelezen te worden en zet de lezer aan het denken"
MGv (jrg. 68, nr. 4, blz. 190)


Reeks: Psychoanalyse en Cultuur
Nr. 1: Spreken, zwijgen, ... schrijven. Psychoanalyse en taal
P. Verstraten, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 2: Het nieuwe onbehagen in de cultuur
M. Kinet, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 3: De bedrieger bedrogen
S. Houppermans, M. Kinet & M. De Kesel(Red.)

Nr. 4: For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot.
Mark Kinet, Marc De Kesel & Sjef Houppermans (Red.)



Voor de publicaties sinds 1990 zie www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu

Quick View

Spreken, zwijgen, … schrijven. Psychoanalyse en taal (Reeks Psychoanalyse en cultuur, nr. 1)

 18,00
“Het onbewuste is gestructureerd als taal”, aldus een fameuze frase van Jacques Lacan. Geen wonder dat het spreken een voorname rol speelt binnen de psychoanalyse. Maar de analyticus is minstens zo geïnteresseerd in wat tussen de regels niet gezegd wordt en waar de tekst hapert. Het primaat ligt bij de betekenaar, bij het ‘zeggen op zich’, en niet bij de betekenis. Om die reden heeft de psychoanalyse een sterk gevoel voor taal ontwikkeld – voor woordspelingen, voor ritme, voor stijl, kortom, voor het literair boetseren van taal. Deze essaybundel gaat in op alle aspecten van de psychoanalyse die te maken hebben met taal en geeft een overzicht van de meest recente inzichten in dit domein.

Peter Verstraten is universitair docent Intermediale Literatuurwetenschap in Leiden. Marc De Kesel is lector Filosofie aan de Arteveldehogeschool te Gent en senior onderzoeker aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Sjef Houppermans is universitair hoofddocent moderne Franse Letterkunde aan de Universiteit Leiden.

"Alle bijdragen zijn zeer de moeite waard gelezen te worden en zet de lezer aan het denken"
MGv (jrg. 68, nr. 4, blz. 190)


Reeks: Psychoanalyse en Cultuur
Nr. 1: Spreken, zwijgen, ... schrijven. Psychoanalyse en taal
P. Verstraten, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 2: Het nieuwe onbehagen in de cultuur
M. Kinet, M. De Kesel & S. Houppermans (Red.)

Nr. 3: De bedrieger bedrogen
S. Houppermans, M. Kinet & M. De Kesel(Red.)

Nr. 4: For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot.
Mark Kinet, Marc De Kesel & Sjef Houppermans (Red.)



Voor de publicaties sinds 1990 zie www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs

 34,90
Sinds 2006 zijn scholen wettelijk verplicht aandacht te besteden aan actief burgerschap en sociale integratie. Voor het onderwijs is het versterken van burgerschap van leerlingen niet nieuw. Scholen geven daar al lange tijd en op allerlei manieren vorm aan. Denk bijvoorbeeld aan sociale en morele vorming, aan maatschappijleer, levensbeschouwelijke vorming, mensenrechteneducatie, intercultureel onderwijs en aan de maatschappelijke stage. Er zijn veel manieren waarop scholen de opdracht tot bevordering van burgerschap en integratie kunnen invullen. Er is niet één manier de beste of voor alle situaties geschikt. Scholen geven zelf inhoud aan burgerschap en aan wat het onderwijs leerlingen zou moeten leren. Ze houden daarbij rekening met de lokale omgeving, de samenstelling van de leerlingenpopulatie, de wensen van ouders/ verzorgers en de levensbeschouwelijke uitgangspunten van de school.

Dit boek gaat in op de vraag wat scholen jongeren aan burgerschap willen leren, welk beleid ze daartoe ontwikkelen, welke pedagogischdidactische strategieën ze hanteren, en wat in de praktijk effectief is gebleken. Scholen voor burgerschap bundelt de kennis over het werken aan burgerschapsvorming in het Nederlandse onderwijs, en plaatst deze in internationaal perspectief.

De bijdragen in dit boek komen in belangrijke mate voort uit het werk van de Alliantie Burgerschap.

Jules Peschar is emeritus hoogleraar onderwijssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was jarenlang betrokken bij de ontwikkeling van internationale onderwijsindicatoren, ondermeer op het terrein van cross-curriculaire competenties.
Hans Hooghoff is als manager unit Maatschappelijke Thema’s verbonden aan SLO, het nationaal expertiescentrum voor leerplanontwikkeling.
Anne Bert Dijkstra is verbonden aan de Inspectie van het Onderwijs en geeft daar leiding aan programma’s op het terrein van burgerschap, sociale veiligheid en sociale opbrengsten van onderwijs.
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is nauw betrokken bij onderzoek naar burgerschapseducatie en is een van de auteurs van het meetinstrument Burgerschap.

Quick View

Scholen voor burgerschap. Naar een kennisbasis voor burgerschapsonderwijs

 34,90
Sinds 2006 zijn scholen wettelijk verplicht aandacht te besteden aan actief burgerschap en sociale integratie. Voor het onderwijs is het versterken van burgerschap van leerlingen niet nieuw. Scholen geven daar al lange tijd en op allerlei manieren vorm aan. Denk bijvoorbeeld aan sociale en morele vorming, aan maatschappijleer, levensbeschouwelijke vorming, mensenrechteneducatie, intercultureel onderwijs en aan de maatschappelijke stage. Er zijn veel manieren waarop scholen de opdracht tot bevordering van burgerschap en integratie kunnen invullen. Er is niet één manier de beste of voor alle situaties geschikt. Scholen geven zelf inhoud aan burgerschap en aan wat het onderwijs leerlingen zou moeten leren. Ze houden daarbij rekening met de lokale omgeving, de samenstelling van de leerlingenpopulatie, de wensen van ouders/ verzorgers en de levensbeschouwelijke uitgangspunten van de school.

Dit boek gaat in op de vraag wat scholen jongeren aan burgerschap willen leren, welk beleid ze daartoe ontwikkelen, welke pedagogischdidactische strategieën ze hanteren, en wat in de praktijk effectief is gebleken. Scholen voor burgerschap bundelt de kennis over het werken aan burgerschapsvorming in het Nederlandse onderwijs, en plaatst deze in internationaal perspectief.

De bijdragen in dit boek komen in belangrijke mate voort uit het werk van de Alliantie Burgerschap.

Jules Peschar is emeritus hoogleraar onderwijssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was jarenlang betrokken bij de ontwikkeling van internationale onderwijsindicatoren, ondermeer op het terrein van cross-curriculaire competenties.
Hans Hooghoff is als manager unit Maatschappelijke Thema’s verbonden aan SLO, het nationaal expertiescentrum voor leerplanontwikkeling.
Anne Bert Dijkstra is verbonden aan de Inspectie van het Onderwijs en geeft daar leiding aan programma’s op het terrein van burgerschap, sociale veiligheid en sociale opbrengsten van onderwijs.
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is nauw betrokken bij onderzoek naar burgerschapseducatie en is een van de auteurs van het meetinstrument Burgerschap.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Generaties onder één dak. Succesvol samenwonen in een kangoeroe-,zorg-en meergeneratiewoning

 27,80

Meergeneratiewonen zit in de lift. Steeds vaker delen twee of zelfs drie generaties een woning. De voordelen zijn duidelijk: een gratis babysit en boodschappendienst, een buffer tegen eenzaamheid, een warme zorg in moeilijke tijden. Maar er zijn ook risico’s: minder privacy, een zorglast die te zwaar kan worden, …

Dit boek bespreekt uitgebreid alle aspecten van meergeneratiewonen: de financiële aspecten (naar Belgisch recht), zorgen voor elkaar, omgaan met conflicten … Het bevat waardevolle juridische en fiscale informatie en geeft concrete tips om zaken samen te bespreken en aan te pakken. Bovendien delen twintig gezinnen hun ervaringen over deze vorm van wonen. Hun getuigenissen zijn gebaseerd op interviews met studenten gezinswetenschappen. Het boek is een gids voor iedereen die overweegt om met meer generaties onder één dak te gaan leven.



Miet Timmers is docent in de opleiding Gezinswetenschappen van de Odisee Hogeschool in Brussel en erkend bemiddelaar. Ze verdiept zich in het samenspel tussen generaties in families en organisaties.

Quick View

Generaties onder één dak. Succesvol samenwonen in een kangoeroe-,zorg-en meergeneratiewoning

 27,80

Meergeneratiewonen zit in de lift. Steeds vaker delen twee of zelfs drie generaties een woning. De voordelen zijn duidelijk: een gratis babysit en boodschappendienst, een buffer tegen eenzaamheid, een warme zorg in moeilijke tijden. Maar er zijn ook risico’s: minder privacy, een zorglast die te zwaar kan worden, …

Dit boek bespreekt uitgebreid alle aspecten van meergeneratiewonen: de financiële aspecten (naar Belgisch recht), zorgen voor elkaar, omgaan met conflicten … Het bevat waardevolle juridische en fiscale informatie en geeft concrete tips om zaken samen te bespreken en aan te pakken. Bovendien delen twintig gezinnen hun ervaringen over deze vorm van wonen. Hun getuigenissen zijn gebaseerd op interviews met studenten gezinswetenschappen. Het boek is een gids voor iedereen die overweegt om met meer generaties onder één dak te gaan leven.



Miet Timmers is docent in de opleiding Gezinswetenschappen van de Odisee Hogeschool in Brussel en erkend bemiddelaar. Ze verdiept zich in het samenspel tussen generaties in families en organisaties.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Anders denken. Filosoferen vanaf de basisschool

 29,90
Dit boek richt zich tot iedereen die actieve burgers van de 21ste eeuw wil klaarstomen. Het bespreekt Filosofisch Onderzoek, een krachtige leermethode die het zelfvertrouwen en de spreekvaardigheid van kinderen gevoelig kan verbeteren, met ook een positief effect op andere schoolactiviteiten en op interacties in de buitenwereld. De lezer krijgt een overzicht van de oprichting van een ‘Community of Philosophical Inquiry’ (CoPI) in de kleuterklas, de lagere en de middelbare school, het buurthuis en daarbuiten. Ook worden heel wat tips en praktische ideeën aangereikt voor het welslagen van zo’n CoPI. Aan de hand van voorbeelden - gaande van vijfjarigen over ondermaats presterende tieners tot zelfs bejaarden - wordt aangetoond hoe deelnemers aan CoPI-sessies beter leren redeneren, kritisch en creatief leren denken en intellectuele eerlijkheid en moed leren tonen. Met hoofdstukken over de theorie en de ontwikkeling van Filosofisch Onderzoek, de oprichting van een onderzoeksgroep en het gebruik van een CoPI bij verschillende leeftijdsgroepen is dit boek essentiële lectuur voor lesgevers, professionals en maatschappelijk werkers.

Catherine C. McCall is verbonden aan de universiteit van Strathclyde in Schotland en is voorzitter van Stichting SOPHIA, de Europese stichting ter bevordering van het filosoferen met kinderen, en een lid van het Raadgevend Comité voor ICPIC - International Council for Philosophical Inquiry with Children.

Quick View

Anders denken. Filosoferen vanaf de basisschool

 29,90
Dit boek richt zich tot iedereen die actieve burgers van de 21ste eeuw wil klaarstomen. Het bespreekt Filosofisch Onderzoek, een krachtige leermethode die het zelfvertrouwen en de spreekvaardigheid van kinderen gevoelig kan verbeteren, met ook een positief effect op andere schoolactiviteiten en op interacties in de buitenwereld. De lezer krijgt een overzicht van de oprichting van een ‘Community of Philosophical Inquiry’ (CoPI) in de kleuterklas, de lagere en de middelbare school, het buurthuis en daarbuiten. Ook worden heel wat tips en praktische ideeën aangereikt voor het welslagen van zo’n CoPI. Aan de hand van voorbeelden - gaande van vijfjarigen over ondermaats presterende tieners tot zelfs bejaarden - wordt aangetoond hoe deelnemers aan CoPI-sessies beter leren redeneren, kritisch en creatief leren denken en intellectuele eerlijkheid en moed leren tonen. Met hoofdstukken over de theorie en de ontwikkeling van Filosofisch Onderzoek, de oprichting van een onderzoeksgroep en het gebruik van een CoPI bij verschillende leeftijdsgroepen is dit boek essentiële lectuur voor lesgevers, professionals en maatschappelijk werkers.

Catherine C. McCall is verbonden aan de universiteit van Strathclyde in Schotland en is voorzitter van Stichting SOPHIA, de Europese stichting ter bevordering van het filosoferen met kinderen, en een lid van het Raadgevend Comité voor ICPIC - International Council for Philosophical Inquiry with Children.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller (Academisch Literair, nr. 3)

 39,00
De retoriek van waanzin is een literatuurwetenschappelijke studie over waanzinnige vertellersfiguren in moderne literatuur. Zogenaamd gestoorde vertellers herinneren ons door hun wartaal en waanvoorstellingen aan de creatieve kracht van taal en verbeelding. Daarbij maken ze de kracht van literatuur tastbaar. Tegelijk komen de fictionele krankzinnigen in aanvaring met maatschappelijke normen en de uitdragers ervan. Ze confronteren ons dan ook met de conventionele grond van onze interpretaties. Moeten we waanzinnige vertellers als onbetrouwbare figuren beschouwen, of reiken ze ons nieuwe inzichten aan?

In dit boek onderzoekt Lars Bernaerts die problematiek door een analyse van waanzinnige vertellers en hun retoriek. Hij gaat in op de beelden van waanzin die in literatuur vaak gebruikt worden en ontwerpt een kader om de taal van de ik-vertellers nauwkeurig te analyseren. Dat model bestaat uit verteltheorie, theorieën van narratieve onbetrouwbaarheid en de theorie van taalhandelingen. Met voorbeelden uit de Nederlandse literatuur en uit de westerse literaire canon wordt een en ander aanschouwelijk gemaakt. Ten slotte presenteert deze studie een zorgvuldige en vernieuwende lectuur van drie romans: Waarom ik niet krankzinnig ben van Maurits Dekker, De man die zijn haar kort liet knippen van Johan Daisne en De verwondering van Hugo Claus.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



Lars Bernaerts doceert literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit Brussel en is als onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Letterkunde van de Universiteit Gent . Hij publiceert over verteltheorie, over waanzin in literatuur en over modern proza uit Nederland en Vlaanderen.


In de media:
"De retoriek van waanzin is een boek dat - zoals het een boek over taalhandelingen past - ondanks grote complexiteit en techniciteit van het thema zijn lezer niet uit het oog verliest. Door de precieze formuleringen en opbouw, de zorgvuldige omgang met bronnen (parafrases en vertalingen), de geslaagde verbinding van theoretische beschouwingen en concrete illustraties van het potentieel van deze beschouwingen heeft het zijn ambitieuze opzet waargemaakt: een combinatie van narratologie en taalhandelingsanalyse die nieuwe mogelijkheden biedt voor verder onderzoek."
Internationale Neerlandistiek, jrg. 50, nr. 2


"Het aangeboden inzicht getuigt van een literatuurwetenschappelijke grondigheid en expertise die de representatie van waanzin, in haar narratieve functie, tot in de kleinste hoekjes verkent en volledig tot haar recht laten komen."
Arnout De Cleene, FWO Vlaanderen, KU Leuven, Spiegel der Letteren 54(3), 386-388

Reeks Academisch Literair

  1. Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
    K. Rymenants
  2. Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
    M. Kemperink
  3. De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
    L. Bernaerts
  4. Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
    L. Vermeer
  5. Het discours van de kritiek
    P. Verstraeten
  6. Celan auseinandergeschrieben
    C. De Strycker
  7. Lezer, er zijn ook Belgen
    F. Van Renssen
  8. Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
    E. Ibsch

Quick View

De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller (Academisch Literair, nr. 3)

 39,00
De retoriek van waanzin is een literatuurwetenschappelijke studie over waanzinnige vertellersfiguren in moderne literatuur. Zogenaamd gestoorde vertellers herinneren ons door hun wartaal en waanvoorstellingen aan de creatieve kracht van taal en verbeelding. Daarbij maken ze de kracht van literatuur tastbaar. Tegelijk komen de fictionele krankzinnigen in aanvaring met maatschappelijke normen en de uitdragers ervan. Ze confronteren ons dan ook met de conventionele grond van onze interpretaties. Moeten we waanzinnige vertellers als onbetrouwbare figuren beschouwen, of reiken ze ons nieuwe inzichten aan?

In dit boek onderzoekt Lars Bernaerts die problematiek door een analyse van waanzinnige vertellers en hun retoriek. Hij gaat in op de beelden van waanzin die in literatuur vaak gebruikt worden en ontwerpt een kader om de taal van de ik-vertellers nauwkeurig te analyseren. Dat model bestaat uit verteltheorie, theorieën van narratieve onbetrouwbaarheid en de theorie van taalhandelingen. Met voorbeelden uit de Nederlandse literatuur en uit de westerse literaire canon wordt een en ander aanschouwelijk gemaakt. Ten slotte presenteert deze studie een zorgvuldige en vernieuwende lectuur van drie romans: Waarom ik niet krankzinnig ben van Maurits Dekker, De man die zijn haar kort liet knippen van Johan Daisne en De verwondering van Hugo Claus.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



Lars Bernaerts doceert literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit Brussel en is als onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Letterkunde van de Universiteit Gent . Hij publiceert over verteltheorie, over waanzin in literatuur en over modern proza uit Nederland en Vlaanderen.


In de media:
"De retoriek van waanzin is een boek dat - zoals het een boek over taalhandelingen past - ondanks grote complexiteit en techniciteit van het thema zijn lezer niet uit het oog verliest. Door de precieze formuleringen en opbouw, de zorgvuldige omgang met bronnen (parafrases en vertalingen), de geslaagde verbinding van theoretische beschouwingen en concrete illustraties van het potentieel van deze beschouwingen heeft het zijn ambitieuze opzet waargemaakt: een combinatie van narratologie en taalhandelingsanalyse die nieuwe mogelijkheden biedt voor verder onderzoek."
Internationale Neerlandistiek, jrg. 50, nr. 2


"Het aangeboden inzicht getuigt van een literatuurwetenschappelijke grondigheid en expertise die de representatie van waanzin, in haar narratieve functie, tot in de kleinste hoekjes verkent en volledig tot haar recht laten komen."
Arnout De Cleene, FWO Vlaanderen, KU Leuven, Spiegel der Letteren 54(3), 386-388

Reeks Academisch Literair

  1. Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
    K. Rymenants
  2. Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
    M. Kemperink
  3. De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
    L. Bernaerts
  4. Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
    L. Vermeer
  5. Het discours van de kritiek
    P. Verstraeten
  6. Celan auseinandergeschrieben
    C. De Strycker
  7. Lezer, er zijn ook Belgen
    F. Van Renssen
  8. Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
    E. Ibsch

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Zwerfjongeren begeleiden. Versterken van hun sociale netwerken

 15,40
Zwerfjongeren hebben twee kenmerken met elkaar gemeen: ze hebben geen vaste plek om te wonen en een stabiel sociaal netwerk ontbreekt. Het contact met familie is meestal beschadigd of verbroken, relaties met vrienden zijn verwaterd en ontmoetingen met lotgenoten op tijdelijke logeeradressen en op straat zijn vaak vluchtig. Wanneer ze zich melden bij de crisisopvang of een ambulant team, proberen begeleiders eerst de praktische zaken te regelen zoals onderdak en inkomen. Wanneer er sprake is van gedragsproblemen of verslaving, verwijzen ze de betrokkene ook door naar psychiatrische of professionele begeleiding.

Aandacht voor het sociale netwerk schiet er in de drukte van het regelen en begeleiden nogal eens bij in en wordt vaak voor het nazorgtraject bewaard. Ambulante begeleiders vinden het lastig om jongeren die hun sociale relaties verbruikt hebben of het huis zijn uitgezet, te motiveren tot herstel van oude en het aangaan van nieuwe contacten. Toch is een stabiel netwerk dat een vangnet biedt na een begeleidingstraject, onmisbaar om een zwervend bestaan definitief de rug toe te keren.

Hoe doe je dat, zwerfjongeren helpen een netwerk op te bouwen? Deze vraag staat centraal in dit boek, dat is voortgekomen uit gesprekken in het werkveld en is uitgewerkt met twee instellingen die begeleiding bieden aan zwerfjongeren. Het boek concentreert zich op het uitproberen en evalueren van instrumenten die kunnen helpen om het netwerk samen met jongeren in kaart te brengen, oude contacten te herstellen en nieuwe relaties aan te gaan. Relaties die in de toekomst sociale, emotionele en praktische steun kunnen geven.

Pauline Naber, Ido Sap en Marjolein Bijvoets zijn verbonden aan het Lectoraat Leefwerelden van Jeugd & School of Social Work van de Hogeschool inholland.

Quick View

Zwerfjongeren begeleiden. Versterken van hun sociale netwerken

 15,40
Zwerfjongeren hebben twee kenmerken met elkaar gemeen: ze hebben geen vaste plek om te wonen en een stabiel sociaal netwerk ontbreekt. Het contact met familie is meestal beschadigd of verbroken, relaties met vrienden zijn verwaterd en ontmoetingen met lotgenoten op tijdelijke logeeradressen en op straat zijn vaak vluchtig. Wanneer ze zich melden bij de crisisopvang of een ambulant team, proberen begeleiders eerst de praktische zaken te regelen zoals onderdak en inkomen. Wanneer er sprake is van gedragsproblemen of verslaving, verwijzen ze de betrokkene ook door naar psychiatrische of professionele begeleiding.

Aandacht voor het sociale netwerk schiet er in de drukte van het regelen en begeleiden nogal eens bij in en wordt vaak voor het nazorgtraject bewaard. Ambulante begeleiders vinden het lastig om jongeren die hun sociale relaties verbruikt hebben of het huis zijn uitgezet, te motiveren tot herstel van oude en het aangaan van nieuwe contacten. Toch is een stabiel netwerk dat een vangnet biedt na een begeleidingstraject, onmisbaar om een zwervend bestaan definitief de rug toe te keren.

Hoe doe je dat, zwerfjongeren helpen een netwerk op te bouwen? Deze vraag staat centraal in dit boek, dat is voortgekomen uit gesprekken in het werkveld en is uitgewerkt met twee instellingen die begeleiding bieden aan zwerfjongeren. Het boek concentreert zich op het uitproberen en evalueren van instrumenten die kunnen helpen om het netwerk samen met jongeren in kaart te brengen, oude contacten te herstellen en nieuwe relaties aan te gaan. Relaties die in de toekomst sociale, emotionele en praktische steun kunnen geven.

Pauline Naber, Ido Sap en Marjolein Bijvoets zijn verbonden aan het Lectoraat Leefwerelden van Jeugd & School of Social Work van de Hogeschool inholland.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920) (Academisch Literair, nr. 2)

 31,00
Wat hebben literatuur en wetenschap met elkaar te maken? Bijzonder weinig, zou je op het eerste gezicht zeggen. De laatste anderhalve eeuw hebben literatuur en wetenschap zich steeds sterker tegen elkaar afgezet. Het zijn twee werelden geworden met elk hun eigen auteurs, beoordelaars, uitgevers en vakbladen.
Niettemin waren ze en zijn ze nog steeds stevig met elkaar verbonden. Wetenschap opereert niet vanuit een luchtledig autonoom domein; ze maakt deel uit van een cultuur en tot die cultuur behoort ook de literatuur. En omgekeerd geven schrijvers gewild of ongewild hun eigen interpretaties aan wetenschappelijke ontdekkingen en theorieën die op een of andere manier tot hen komen. Zeker in het verleden, voordat de grote concurrentie van televisie en internet inzette, speelde de literatuur in het verspreiden en ‘vertalen’ van wetenschappelijke kennis een belangrijke rol.
Gedeelde kennis maakt dit fascinerende en complexe proces van kruisbestuiving tussen literatuur en wetenschap zichtbaar aan de hand van een aantal thema’s uit verschillende wetenschapsgebieden, zoals evolutie, hysterie, hypnotisme, smetvrees, occultisme en de vierde dimensie.
Literatuur amuseert en ontroert niet alleen, literatuur brengt ook kennis over. Dat deed ze vroeger en dan doet ze nu nog steeds. Gedeelde kennis laat deze onvermoede kant van de literatuur zien.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



Mary Kemperink is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Haar literatuuronderzoek kenmerkt zich door een cultuurhistorische invalshoek, waarbij het accent steeds meer is komen te liggen op de relatie tussen literatuur en wetenschap. Zij is gespecialiseerd in de periode van het fin de siècle en publiceert regelmatig over het proza, de poëzie en het toneel van deze periode. In 2001 verscheen van haar het boek Het verloren paradijs. De Nederlandse literatuur en cultuur van het fin de siècle.

Reeks Academisch Literair

  1. Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
    K. Rymenants
  2. Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
    M. Kemperink
  3. De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
    L. Bernaerts
  4. Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
    L. Vermeer
  5. Het discours van de kritiek
    P. Verstraeten
  6. Celan auseinandergeschrieben
    C. De Strycker
  7. Lezer, er zijn ook Belgen
    F. Van Renssen
  8. Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
    E. Ibsch

Quick View

Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920) (Academisch Literair, nr. 2)

 31,00
Wat hebben literatuur en wetenschap met elkaar te maken? Bijzonder weinig, zou je op het eerste gezicht zeggen. De laatste anderhalve eeuw hebben literatuur en wetenschap zich steeds sterker tegen elkaar afgezet. Het zijn twee werelden geworden met elk hun eigen auteurs, beoordelaars, uitgevers en vakbladen.
Niettemin waren ze en zijn ze nog steeds stevig met elkaar verbonden. Wetenschap opereert niet vanuit een luchtledig autonoom domein; ze maakt deel uit van een cultuur en tot die cultuur behoort ook de literatuur. En omgekeerd geven schrijvers gewild of ongewild hun eigen interpretaties aan wetenschappelijke ontdekkingen en theorieën die op een of andere manier tot hen komen. Zeker in het verleden, voordat de grote concurrentie van televisie en internet inzette, speelde de literatuur in het verspreiden en ‘vertalen’ van wetenschappelijke kennis een belangrijke rol.
Gedeelde kennis maakt dit fascinerende en complexe proces van kruisbestuiving tussen literatuur en wetenschap zichtbaar aan de hand van een aantal thema’s uit verschillende wetenschapsgebieden, zoals evolutie, hysterie, hypnotisme, smetvrees, occultisme en de vierde dimensie.
Literatuur amuseert en ontroert niet alleen, literatuur brengt ook kennis over. Dat deed ze vroeger en dan doet ze nu nog steeds. Gedeelde kennis laat deze onvermoede kant van de literatuur zien.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



Mary Kemperink is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Haar literatuuronderzoek kenmerkt zich door een cultuurhistorische invalshoek, waarbij het accent steeds meer is komen te liggen op de relatie tussen literatuur en wetenschap. Zij is gespecialiseerd in de periode van het fin de siècle en publiceert regelmatig over het proza, de poëzie en het toneel van deze periode. In 2001 verscheen van haar het boek Het verloren paradijs. De Nederlandse literatuur en cultuur van het fin de siècle.

Reeks Academisch Literair

  1. Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
    K. Rymenants
  2. Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
    M. Kemperink
  3. De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
    L. Bernaerts
  4. Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
    L. Vermeer
  5. Het discours van de kritiek
    P. Verstraeten
  6. Celan auseinandergeschrieben
    C. De Strycker
  7. Lezer, er zijn ook Belgen
    F. Van Renssen
  8. Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
    E. Ibsch

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De kunst van communiceren. Handboek

 23,70
Dit boek is geschreven voor iedereen die belang hecht aan de kracht van communiceren en die deze kracht in eigen beheer wil hebben.

Communicatie is een bepalende factor in ons leven. Omdat mensen onderling afhankelijk van elkaar zijn, dienen we effectief te communiceren, zodat wij krijgen wat we nodig hebben en de ander ook krijgt wat die nodig heeft. Hierdoor behouden we onze authenticiteit.

Vrijwel alle problemen en conflicten tussen mensen zijn terug te voeren tot ineffectieve communicatie. Hoe meer sturing we kunnen geven aan onze communicatie hoe meer wij in staat zijn onze relaties te beheren. Relatiebeheer in het werk, in het gezin en de familie, met vrienden en kennissen, in vrije tijd en ook, en daar begint het, met ons zelf.

De communicatie zit vol voetangels en klemmen. Zo verwarren we bijvoorbeeld regelmatig onze interpretatie met feiten of denken we dat ons oordeel de waarheid is en gaan daarmee voorbij aan onze eigen verantwoordelijkheid voor het communicatieproces. Het communicatieproces is complex, mede door de rijkdom van denken, voelen, willen, verlangen, dromen en wensen. Die complexiteit vraagt om transparantie.

Alhoewel communiceren ons natuurlijk vermogen is, blijkt telkens weer dat we handvatten nodig hebben. Bewustzijn van hoe we communiceren en hoe we handvatten kunnen gebruiken geeft ons kracht en draagt bij aan ons welbevinden.

Handvatten zijn o.a. de modellen van luisteren, feedback en Geweldloze Communicatie. Praktisch, direct toepasbaar en aansluitend op onze natuurlijke vermogens. Door het inzetten van wezenlijke nieuwsgierigheid, door gevoelens en behoeften te gebruiken zonder ‘soft’ te worden en door vorm te geven aan wat we willen, zijn we in staat contacten te leggen en te onderhouden die effectief, bevredigend en inspirerend zijn.

Inga Teekens is communicatiedeskundige en auteur. Zij introduceerde het model van Geweldloze Communicatie in het Nederlands taalgebied en richtte Authenta op, Centrum voor Authentieke en Geweldloze Communicatie, gevestigd in Den Haag. Teekens ontwikkelt communicatiemiddelen, coacht mensen, bemiddelt in conflicten, begeleidt cultuurveranderingstrajecten, leidt mensen op en geeft trainingen.

Quick View

De kunst van communiceren. Handboek

 23,70
Dit boek is geschreven voor iedereen die belang hecht aan de kracht van communiceren en die deze kracht in eigen beheer wil hebben.

Communicatie is een bepalende factor in ons leven. Omdat mensen onderling afhankelijk van elkaar zijn, dienen we effectief te communiceren, zodat wij krijgen wat we nodig hebben en de ander ook krijgt wat die nodig heeft. Hierdoor behouden we onze authenticiteit.

Vrijwel alle problemen en conflicten tussen mensen zijn terug te voeren tot ineffectieve communicatie. Hoe meer sturing we kunnen geven aan onze communicatie hoe meer wij in staat zijn onze relaties te beheren. Relatiebeheer in het werk, in het gezin en de familie, met vrienden en kennissen, in vrije tijd en ook, en daar begint het, met ons zelf.

De communicatie zit vol voetangels en klemmen. Zo verwarren we bijvoorbeeld regelmatig onze interpretatie met feiten of denken we dat ons oordeel de waarheid is en gaan daarmee voorbij aan onze eigen verantwoordelijkheid voor het communicatieproces. Het communicatieproces is complex, mede door de rijkdom van denken, voelen, willen, verlangen, dromen en wensen. Die complexiteit vraagt om transparantie.

Alhoewel communiceren ons natuurlijk vermogen is, blijkt telkens weer dat we handvatten nodig hebben. Bewustzijn van hoe we communiceren en hoe we handvatten kunnen gebruiken geeft ons kracht en draagt bij aan ons welbevinden.

Handvatten zijn o.a. de modellen van luisteren, feedback en Geweldloze Communicatie. Praktisch, direct toepasbaar en aansluitend op onze natuurlijke vermogens. Door het inzetten van wezenlijke nieuwsgierigheid, door gevoelens en behoeften te gebruiken zonder ‘soft’ te worden en door vorm te geven aan wat we willen, zijn we in staat contacten te leggen en te onderhouden die effectief, bevredigend en inspirerend zijn.

Inga Teekens is communicatiedeskundige en auteur. Zij introduceerde het model van Geweldloze Communicatie in het Nederlands taalgebied en richtte Authenta op, Centrum voor Authentieke en Geweldloze Communicatie, gevestigd in Den Haag. Teekens ontwikkelt communicatiemiddelen, coacht mensen, bemiddelt in conflicten, begeleidt cultuurveranderingstrajecten, leidt mensen op en geeft trainingen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Docent in het voortgezet Montessori-onderwijs (Montessori Mededelingen boeken, nr. 3)

 14,00
In 2009 hebben de scholen voor voortgezet montessori-onderwijs een richtinggevend document vastgesteld waarin het docentschap aan een montessorischool voor voortgezet onderwijs werd beschreven. Dit document was het vervolg op een eerder stuk waarin zes karakteristieken voor voortgezet montessori-onderwijs waren beschreven en op de nota van de Nederlandse Montessori Vereniging ‘Het Montessorionderwijs in de 21e eeuw’.

Het document over het docentschap onderscheidt een vijftal rubrieken waarbinnen het werk van de montessorileraar zich afspeelt. Per rubriek worden verschillende aspecten beschreven en nader uitgewerkt. Voor deze uitgave zijn tien docenten en schoolleiders geinterviewd. Citaten uit deze interviews zijn aan het document toegevoegd om zo een levendig beeld te schetsen van de onderwijspraktijk.

Michael Rubinstein was docent aan een school voor voortgezet montessori- onderwijs en werkt nu als zelfstandig onderwijsadviseur. Hij is mededirecteur van het Montessori Kenniscentrum.

Quick View

Docent in het voortgezet Montessori-onderwijs (Montessori Mededelingen boeken, nr. 3)

 14,00
In 2009 hebben de scholen voor voortgezet montessori-onderwijs een richtinggevend document vastgesteld waarin het docentschap aan een montessorischool voor voortgezet onderwijs werd beschreven. Dit document was het vervolg op een eerder stuk waarin zes karakteristieken voor voortgezet montessori-onderwijs waren beschreven en op de nota van de Nederlandse Montessori Vereniging ‘Het Montessorionderwijs in de 21e eeuw’.

Het document over het docentschap onderscheidt een vijftal rubrieken waarbinnen het werk van de montessorileraar zich afspeelt. Per rubriek worden verschillende aspecten beschreven en nader uitgewerkt. Voor deze uitgave zijn tien docenten en schoolleiders geinterviewd. Citaten uit deze interviews zijn aan het document toegevoegd om zo een levendig beeld te schetsen van de onderwijspraktijk.

Michael Rubinstein was docent aan een school voor voortgezet montessori- onderwijs en werkt nu als zelfstandig onderwijsadviseur. Hij is mededirecteur van het Montessori Kenniscentrum.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Handboek bijzondere orthopedagogiek (Kop-serie, nr. 7)

 47,30
Dit boek geeft een overzicht van de domeinen van de vier ''traditionele'' groepen van personen met een handicap (een verstandelijke, fysieke, visuele of auditieve handicap), en daarnaast ook nog van personen met gedragsstoornissen, personen met een autisme spectrumstoornis, personen die middelen misbruiken, personen met ernstig meervoudige beperkingen en personen met een dubbele diagnose. Telkens komen nagenoeg dezelfde onderwerpen terug: eerst historiek, etiologie, terminologie, indeling en psychologische aspecten, daarna de orthopedagogische- agogische theorie en praktijk.

Door de verschillende vormen van handicap die mensen kunnen hebben bijeen te brengen, biedt die boek een totaalbeeld voor iedereen die een inzicht wil verwerven in de bijzondere behoeften van die mensen en de aangewezen ondersteuning. Voor studenten uit diverse opleidingen is het een aangewezen basisstudieboek. Het is ook zeer geschikt voor wie reeds in de praktijk staat, als referentiekader voor zijn eigen handelen.

Het handboek is een werkstuk van de Vakgroep Orthopedagogiek van de Universiteit Gent waar aan de redacteurs (prof. dr. Eric Broeckaert, prof. dr. Geert Van Hove, prof. dr. Stijn Vandevelde, dr. Veerle Soyez en dr. Wouter Vanderplasschen) verbonden zijn. Deze elfde uitgave kwam mede tot stand in samenwerking met het departement Sociaal-Agogisch Werk van de Hogeschool Gent.

Quick View

Handboek bijzondere orthopedagogiek (Kop-serie, nr. 7)

 47,30
Dit boek geeft een overzicht van de domeinen van de vier ''traditionele'' groepen van personen met een handicap (een verstandelijke, fysieke, visuele of auditieve handicap), en daarnaast ook nog van personen met gedragsstoornissen, personen met een autisme spectrumstoornis, personen die middelen misbruiken, personen met ernstig meervoudige beperkingen en personen met een dubbele diagnose. Telkens komen nagenoeg dezelfde onderwerpen terug: eerst historiek, etiologie, terminologie, indeling en psychologische aspecten, daarna de orthopedagogische- agogische theorie en praktijk.

Door de verschillende vormen van handicap die mensen kunnen hebben bijeen te brengen, biedt die boek een totaalbeeld voor iedereen die een inzicht wil verwerven in de bijzondere behoeften van die mensen en de aangewezen ondersteuning. Voor studenten uit diverse opleidingen is het een aangewezen basisstudieboek. Het is ook zeer geschikt voor wie reeds in de praktijk staat, als referentiekader voor zijn eigen handelen.

Het handboek is een werkstuk van de Vakgroep Orthopedagogiek van de Universiteit Gent waar aan de redacteurs (prof. dr. Eric Broeckaert, prof. dr. Geert Van Hove, prof. dr. Stijn Vandevelde, dr. Veerle Soyez en dr. Wouter Vanderplasschen) verbonden zijn. Deze elfde uitgave kwam mede tot stand in samenwerking met het departement Sociaal-Agogisch Werk van de Hogeschool Gent.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Zorg om dyslexie (Studies over Taalonderwijs, nr. 7)

 23,20
In het onderwijs worden leesproblemen, meestal in combinatie met spellingproblemen, vaak al vroeg gesignaleerd. Een adequate reactie vanuit de omgeving van het kind is noodzakelijk, zodat de problemen in een zo vroeg mogelijk stadium kunnen worden gepareerd. Dat vraagt om een aanpak van kwaliteitszorg waarbij een goede afstemming tussen ouders, onderwijs, en gezondheidszorg essentieel is. Binnen de school gaat het om een zo vroeg mogelijke signalering en aanpak van leesproblemen, binnen de zorg om spoedige en adequate behandeling van de gesignaleerde leesproblemen. Het is van groot belang dat ouders in alle facetten van dit proces zijn betrokken.

Dit boek geeft een kader voor kwaliteitszorg ten behoeve van kinderen en jeugdigen met dyslexie. Hoe kunnen de diverse protocollen die ontwikkeld zijn voor signalering, diagnostiek en behandeling van dyslexie in de praktijk, worden geoptimaliseerd?

Ludo Verhoeven is hoogleraar Pedagogische Wetenschappen aan de Raboud Universiteit Nijmegen en directeur van het Expertisecentrum Nederlands in Nijmegen.
Frank Wijnen is hoogleraar Psycholinguïstiek aan de Faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Kees van den Bos is hoogleraar Orthopedagogiek, in het bijzonder leesproblemen en dyslexie, aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Ria Kleijnen is lector Onderwijszorg en Samenwerking binnen de Keten aan de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle.

Quick View

Zorg om dyslexie (Studies over Taalonderwijs, nr. 7)

 23,20
In het onderwijs worden leesproblemen, meestal in combinatie met spellingproblemen, vaak al vroeg gesignaleerd. Een adequate reactie vanuit de omgeving van het kind is noodzakelijk, zodat de problemen in een zo vroeg mogelijk stadium kunnen worden gepareerd. Dat vraagt om een aanpak van kwaliteitszorg waarbij een goede afstemming tussen ouders, onderwijs, en gezondheidszorg essentieel is. Binnen de school gaat het om een zo vroeg mogelijke signalering en aanpak van leesproblemen, binnen de zorg om spoedige en adequate behandeling van de gesignaleerde leesproblemen. Het is van groot belang dat ouders in alle facetten van dit proces zijn betrokken.

Dit boek geeft een kader voor kwaliteitszorg ten behoeve van kinderen en jeugdigen met dyslexie. Hoe kunnen de diverse protocollen die ontwikkeld zijn voor signalering, diagnostiek en behandeling van dyslexie in de praktijk, worden geoptimaliseerd?

Ludo Verhoeven is hoogleraar Pedagogische Wetenschappen aan de Raboud Universiteit Nijmegen en directeur van het Expertisecentrum Nederlands in Nijmegen.
Frank Wijnen is hoogleraar Psycholinguïstiek aan de Faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Kees van den Bos is hoogleraar Orthopedagogiek, in het bijzonder leesproblemen en dyslexie, aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Ria Kleijnen is lector Onderwijszorg en Samenwerking binnen de Keten aan de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Biopolitiek en postfordisme

 28,90
De voorbije decennia is de organisatie van arbeid grondig veranderd. Kennis, taal en zorg staan tegenwoordig centraal en flexibiliteit, innovatie, netwerken, klantgerichtheid en dienstverlening zijn de nieuwe kernwoorden.

De overvloed aan informatie en communicatie vergt nieuwe vaardigheden en competenties, waaruit een nieuwe vorm van subjectiviteit is gegroeid.

De auteur verbindt het postfordisme met het fenomeen van biopolitiek – de manier waarop in toenemende mate ons leven beheerst wordt. Hij laat zich inspireren door een groep Italiaanse filosofen, die in het spoor van Marx, Foucault en Deleuze een materialistische visie op biopolitiek ontwikkelen. Naast de dreiging die van deze hedendaagse levensvorm uitgaat, belicht het boek ook de kansen die erdoor gecreëerd worden. Het verlangen van de nieuwe werkende klasse bevat immers het potentieel om een radicale democratie op gang te brengen.

Rob Devos doceert Hedendaagse politieke stromingen en Cultuurfilosofie aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de K.U.Leuven.

Quick View

Biopolitiek en postfordisme

 28,90
De voorbije decennia is de organisatie van arbeid grondig veranderd. Kennis, taal en zorg staan tegenwoordig centraal en flexibiliteit, innovatie, netwerken, klantgerichtheid en dienstverlening zijn de nieuwe kernwoorden.

De overvloed aan informatie en communicatie vergt nieuwe vaardigheden en competenties, waaruit een nieuwe vorm van subjectiviteit is gegroeid.

De auteur verbindt het postfordisme met het fenomeen van biopolitiek – de manier waarop in toenemende mate ons leven beheerst wordt. Hij laat zich inspireren door een groep Italiaanse filosofen, die in het spoor van Marx, Foucault en Deleuze een materialistische visie op biopolitiek ontwikkelen. Naast de dreiging die van deze hedendaagse levensvorm uitgaat, belicht het boek ook de kansen die erdoor gecreëerd worden. Het verlangen van de nieuwe werkende klasse bevat immers het potentieel om een radicale democratie op gang te brengen.

Rob Devos doceert Hedendaagse politieke stromingen en Cultuurfilosofie aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de K.U.Leuven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De dove persoon… zijn verenigingsleven. Geschiedenis van de Vlaams-Belgische dovengemeenschap… tot de jaren 1980 (deel 3)

 69,00
Einde 19de eeuw en begin 20ste eeuw mislukten de verschillende pogingen om tot een overkoepelende dovenorganisatie te komen. Pas in 1936 slaagde de oprichting van Navekados – Nationaal Verbond van Katholieke Doofstommenverenigingen. Het doel was het verdedigen van de belangen en de rechten van de dove persoon en zijn gemeenschap. Het bestuur zorgde voor jaarlijkse actieplannen op de verschillende domeinen van het dagelijkse leven van de dove persoon. Het boek schetst een beeld van de problemen van doven en hoe Navekados hierop een antwoord probeerde te geven.

Dit is het derde boek in de reeks Geschiedenis van de Vlaams-Belgische Dovengemeenschap… tot de jaren 1980.

Maurice Buyens fc groeide op als zoon van dove ouders, in de dovenwereld. Hij was van jongs af aan betrokken bij het verenigingsleven van doven, onderwees doven later ook en werd directeur van het Sint-Gregoriusinstituut. Sinds 1968 was en is hij wekelijks aanwezig op samenkomsten van de Oost-Vlaamse dovenverenigingen. Hij was de laatste algemene secretaris van Navekados en medestichter van Fevlado (Federatie van Vlaamse Dovenverenigingen). Hij was oprichter van de doventolkschool in Gent, het CAB (Communicatie Assistentie-bureau), Cultuur voor Doven vzw, Indigo vzw, Nazorgdienst voor doven vzw en het Dovencentrum Emmaüs in Ledeberg. Hij is eveneens medestichter van het Dovenmuseum Broeder Leothard en bezieler van de bezinningsgroep Emmaüs: Kom en Zie.
De dovenwereld was en is zijn leefwereld.

Quick View

De dove persoon… zijn verenigingsleven. Geschiedenis van de Vlaams-Belgische dovengemeenschap… tot de jaren 1980 (deel 3)

 69,00
Einde 19de eeuw en begin 20ste eeuw mislukten de verschillende pogingen om tot een overkoepelende dovenorganisatie te komen. Pas in 1936 slaagde de oprichting van Navekados – Nationaal Verbond van Katholieke Doofstommenverenigingen. Het doel was het verdedigen van de belangen en de rechten van de dove persoon en zijn gemeenschap. Het bestuur zorgde voor jaarlijkse actieplannen op de verschillende domeinen van het dagelijkse leven van de dove persoon. Het boek schetst een beeld van de problemen van doven en hoe Navekados hierop een antwoord probeerde te geven.

Dit is het derde boek in de reeks Geschiedenis van de Vlaams-Belgische Dovengemeenschap… tot de jaren 1980.

Maurice Buyens fc groeide op als zoon van dove ouders, in de dovenwereld. Hij was van jongs af aan betrokken bij het verenigingsleven van doven, onderwees doven later ook en werd directeur van het Sint-Gregoriusinstituut. Sinds 1968 was en is hij wekelijks aanwezig op samenkomsten van de Oost-Vlaamse dovenverenigingen. Hij was de laatste algemene secretaris van Navekados en medestichter van Fevlado (Federatie van Vlaamse Dovenverenigingen). Hij was oprichter van de doventolkschool in Gent, het CAB (Communicatie Assistentie-bureau), Cultuur voor Doven vzw, Indigo vzw, Nazorgdienst voor doven vzw en het Dovencentrum Emmaüs in Ledeberg. Hij is eveneens medestichter van het Dovenmuseum Broeder Leothard en bezieler van de bezinningsgroep Emmaüs: Kom en Zie.
De dovenwereld was en is zijn leefwereld.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Een school op mensenmaat

 19,80
Hoe moet het op school tussen leerlingen, leerkrachten, directieleden? Wie in het spanningsveld tussen autonomie en verbinding staat, kan littekens en kwetsuren oplopen als hij niet het evenwicht vindt tussen ‘erbij horen’ en ‘zichzelf zijn’. Op school kan het riskant of zelfs ongepast lijken om de eigen beleving ter sprake te brengen. Toch is het een belangrijke manier om zelfvertrouwen en een eigen identiteit op te bouwen. Een groep mensen kan pas echt als team functioneren wanneer elk individu ten volle tot zijn recht kan komen.

Deze publicatie gaat over de persoonsgerichte benadering in het onderwijs. De uitgangspunten zijn de drie psychologische basisbehoeften die zowel voor de kinderen, de leerkrachten als de directieleden gelden: competentie, autonomie en relationele verbondenheid. Als deze drie basisbehoeften in het gedrang komen, dan ontstaat vaak ‘tegengedrag’. Maar neemt de school ze ernstig, dan ontwikkelt zich een goed pedagogisch klimaat waarin iedereen kan groeien.

Marc Mathyssen is pedagogisch begeleider basisonderwijs bij de Diocesane Begeleidingsdienst van Antwerpen en gastdocent aan diverse voortgezette opleidingen voor leerkrachten.

Quick View

Een school op mensenmaat

 19,80
Hoe moet het op school tussen leerlingen, leerkrachten, directieleden? Wie in het spanningsveld tussen autonomie en verbinding staat, kan littekens en kwetsuren oplopen als hij niet het evenwicht vindt tussen ‘erbij horen’ en ‘zichzelf zijn’. Op school kan het riskant of zelfs ongepast lijken om de eigen beleving ter sprake te brengen. Toch is het een belangrijke manier om zelfvertrouwen en een eigen identiteit op te bouwen. Een groep mensen kan pas echt als team functioneren wanneer elk individu ten volle tot zijn recht kan komen.

Deze publicatie gaat over de persoonsgerichte benadering in het onderwijs. De uitgangspunten zijn de drie psychologische basisbehoeften die zowel voor de kinderen, de leerkrachten als de directieleden gelden: competentie, autonomie en relationele verbondenheid. Als deze drie basisbehoeften in het gedrang komen, dan ontstaat vaak ‘tegengedrag’. Maar neemt de school ze ernstig, dan ontwikkelt zich een goed pedagogisch klimaat waarin iedereen kan groeien.

Marc Mathyssen is pedagogisch begeleider basisonderwijs bij de Diocesane Begeleidingsdienst van Antwerpen en gastdocent aan diverse voortgezette opleidingen voor leerkrachten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Langdurige psychoanalytische behandelingen. Leidraad

 24,00
Wij waarheidszoekers, zijn voor onszelf onbekenden – om de eenvoudige reden dat we onszelf nooit gezocht hebben (Friedrich Nietschze). Voor wie wel naar zichzelf op zoek gaat en daarbij een begeleider accepteert, is een Langdurige Psychoanalytische Behandeling (LPB) een optie. Voor deze begeleiders is dit boek een praktisch hulpmiddel.

Wat zijn Langdurige Psychoanalytische Behandelingen? Wat houden ze in en wie past ze toe? Voor wie zijn ze bedoeld? Wat zijn hun mogelijkheden en beperkingen? Dit zijn vragen die in deze Leidraad beantwoord worden. Het is een handreiking voor behandelaars die LPB toepassen, maar is eveneens nuttig voor behandelaars die andere psychotherapeutische methoden toepassen. Iedereen die geïnteresseerd is in het psychoanalytische gedachtegoed en de toepassingen ervan zal hier iets van zijn gading in vinden.

Prof.dr. F. de Jonghe is emeritus hoogleraar psychiatrie aan de Universiteit van Amsterdam, psychiater en psychoanalyticus. Hij is werkzaam in eigen praktijk en als supervisor psychotherapie verbonden aan Arkin en AMC. Eveneens is hij lid van het Arkin-onderzoeksteam.
Dr. M.H.M. de Wolf is klinisch psycholoog en psychoanalyticus. Hij is lid van de raad van bestuur van het NPI en hoofdopleider psychotherapie van de Stichting PDO Amsterdam.
Dr. J. Zevalkink is psychologe en antropologe. Ze is hoofd van de afdeling Onderzoek en Kwaliteitszorg van het NPI en docente ontwikkelingspsychologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Dr. S.C.M. de Maat is GZ-psychologe, en psychotherapeute en psychoanalytica in opleiding. Ze werkt als stafmedewerkster op de afdeling Volwassenen van het NPI.
Dr. P.J. Draijer is klinisch psychologe, psychotherapeute en psychoanalytica. Ze werkt als universitair hoofddocent bij de Vakgroep Psychiatrie van de Vrije Universiteit Amsterdam en als praktijkopleider klinische psychologie en psychotherapie. Tevens werkt ze als supervisor psychotherapie en als behandelaar bij GGZ In- Geest, het NPI en in eigen praktijk.
A.C. van Reekum is psychiater en psychoanalytica in opleiding. Ze is directeur-psychiater en plaatsvervangend opleider bij Altrecht en eveneens werkzaam in eigen praktijk.
Dr. H.L. Van is psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut en werkzaam als opleider psychiatrie bij Arkin Amsterdam.

Quick View

Langdurige psychoanalytische behandelingen. Leidraad

 24,00
Wij waarheidszoekers, zijn voor onszelf onbekenden – om de eenvoudige reden dat we onszelf nooit gezocht hebben (Friedrich Nietschze). Voor wie wel naar zichzelf op zoek gaat en daarbij een begeleider accepteert, is een Langdurige Psychoanalytische Behandeling (LPB) een optie. Voor deze begeleiders is dit boek een praktisch hulpmiddel.

Wat zijn Langdurige Psychoanalytische Behandelingen? Wat houden ze in en wie past ze toe? Voor wie zijn ze bedoeld? Wat zijn hun mogelijkheden en beperkingen? Dit zijn vragen die in deze Leidraad beantwoord worden. Het is een handreiking voor behandelaars die LPB toepassen, maar is eveneens nuttig voor behandelaars die andere psychotherapeutische methoden toepassen. Iedereen die geïnteresseerd is in het psychoanalytische gedachtegoed en de toepassingen ervan zal hier iets van zijn gading in vinden.

Prof.dr. F. de Jonghe is emeritus hoogleraar psychiatrie aan de Universiteit van Amsterdam, psychiater en psychoanalyticus. Hij is werkzaam in eigen praktijk en als supervisor psychotherapie verbonden aan Arkin en AMC. Eveneens is hij lid van het Arkin-onderzoeksteam.
Dr. M.H.M. de Wolf is klinisch psycholoog en psychoanalyticus. Hij is lid van de raad van bestuur van het NPI en hoofdopleider psychotherapie van de Stichting PDO Amsterdam.
Dr. J. Zevalkink is psychologe en antropologe. Ze is hoofd van de afdeling Onderzoek en Kwaliteitszorg van het NPI en docente ontwikkelingspsychologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Dr. S.C.M. de Maat is GZ-psychologe, en psychotherapeute en psychoanalytica in opleiding. Ze werkt als stafmedewerkster op de afdeling Volwassenen van het NPI.
Dr. P.J. Draijer is klinisch psychologe, psychotherapeute en psychoanalytica. Ze werkt als universitair hoofddocent bij de Vakgroep Psychiatrie van de Vrije Universiteit Amsterdam en als praktijkopleider klinische psychologie en psychotherapie. Tevens werkt ze als supervisor psychotherapie en als behandelaar bij GGZ In- Geest, het NPI en in eigen praktijk.
A.C. van Reekum is psychiater en psychoanalytica in opleiding. Ze is directeur-psychiater en plaatsvervangend opleider bij Altrecht en eveneens werkzaam in eigen praktijk.
Dr. H.L. Van is psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut en werkzaam als opleider psychiatrie bij Arkin Amsterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 9 – Werkboek Sociale omgang

 9,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Quick View

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 9 – Werkboek Sociale omgang

 9,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 8 – Werkboek Communicatie

 9,50
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Quick View

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 8 – Werkboek Communicatie

 9,50
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 7 – Werkboek Omgaan met geld

 9,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Quick View

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 7 – Werkboek Omgaan met geld

 9,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 6 – Werkboek Omgaan met tijd

 10,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Quick View

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 6 – Werkboek Omgaan met tijd

 10,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 5 – Werkboek Wassen en strijken

 8,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Quick View

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 5 – Werkboek Wassen en strijken

 8,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 4 – Werkboek Poetsen

 10,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Quick View

Vaardigheden voor mensen met een beperking nr. 4 – Werkboek Poetsen

 10,00
Opruimen en organiseren, poetsen, helder communiceren, efficiënt omgaan met tijd en geld… Het zijn zaken waar mensen in het dagelijkse leven mee te maken krijgen. De ene is er beter in dan de andere, maar over het algemeen vormen deze vaardigheden voor mensen zonder beperkingen geen onoverkomelijk probleem. Dat is anders voor mensen met een beperking, zoals autismespectrumstoornis. Omdat hun denken op een andere manier functioneert, slagen zij er niet altijd in deze eenvoudige dagelijkse vaardigheden zomaar onder de knie te krijgen. En dat bemoeilijkt hun emancipatie in de maatschappij.
Deze werkboeken zijn ontworpen vanuit de visie dat de hulp aan en de begeleiding van deze mensen enkel effectief kan zijn als we met hen op een goede en duidelijke manier communiceren. Aan de hand van een stapsgewijze opbouw en heldere patronen vormen ze praktische leidraden die mensen met een beperking op weg helpen bij het verwerven van deze vaardigheden.

Els Mattelin is psychotherapeut en bezieler van vzw Dynamiek (www.vzwdynamiek.be), een centrum dat therapie, coaching en begeleiding aanbiedt voor mensen met een autismespectrumstoornis en de mensen uit hun omgeving.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Je luistert wel, maar je hoort me niet. Over communicatie met mensen met een verstandelijke beperking (O&A-Reeks, nr. 4)

 24,90
Communicatie lijkt iets vanzelfsprekends, maar er komt eigenlijk veel bij kijken. Naast de taal spelen ook allerlei andere factoren een rol, waar vaak geen rekening mee wordt gehouden: informatieverwerking, alertheid, concentratie, tijdsbesef en emoties. Juist bij kinderen en volwassenen met een verstandelijke beperking kunnen deze zaken de communicatie ernstig belemmeren.

Dit boek biedt een methodiek, het communicatieprofiel, waarin deze factoren in beeld worden gebracht zodat de omgeving beter op hen kan inspelen en goed bij hen kan aansluiten. Dat kan veel (gedrags)problemen voorkomen.

In het eerste deel staat beschreven welke hersenfuncties te maken hebben met communicatie. Belangrijke neurologische begrippen worden uitgelegd en met praktijkvoorbeelden ondersteund.

Het tweede deel licht toe hoe emoties en specifieke stoornissen invloed kunnen hebben op de manier waarop iemand communiceert.

Het derde deel geeft aan hoe men een communicatieprofiel kan maken en illustreert dat opnieuw met praktijkvoorbeelden.Het boek richt zich op begeleiders, leerkrachten en alle anderen die, al dan niet beroepshalve, omgaan met kinderen en volwassenen met een verstandelijke beperking: (ortho)pedagogen,psychologen, logopedisten en sociaal-pedagogische hulpverleners.



Annie Blokhuis, orthopedagoog en gezondheidszorgpsycholoog, werkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Daarvoor was ze werkzaam in het speciaal onderwijs.

Nel van Kooten is logopedist en is gespecialiseerd in communicatie met mensen met een verstandelijke beperking.

Quick View

Je luistert wel, maar je hoort me niet. Over communicatie met mensen met een verstandelijke beperking (O&A-Reeks, nr. 4)

 24,90
Communicatie lijkt iets vanzelfsprekends, maar er komt eigenlijk veel bij kijken. Naast de taal spelen ook allerlei andere factoren een rol, waar vaak geen rekening mee wordt gehouden: informatieverwerking, alertheid, concentratie, tijdsbesef en emoties. Juist bij kinderen en volwassenen met een verstandelijke beperking kunnen deze zaken de communicatie ernstig belemmeren.

Dit boek biedt een methodiek, het communicatieprofiel, waarin deze factoren in beeld worden gebracht zodat de omgeving beter op hen kan inspelen en goed bij hen kan aansluiten. Dat kan veel (gedrags)problemen voorkomen.

In het eerste deel staat beschreven welke hersenfuncties te maken hebben met communicatie. Belangrijke neurologische begrippen worden uitgelegd en met praktijkvoorbeelden ondersteund.

Het tweede deel licht toe hoe emoties en specifieke stoornissen invloed kunnen hebben op de manier waarop iemand communiceert.

Het derde deel geeft aan hoe men een communicatieprofiel kan maken en illustreert dat opnieuw met praktijkvoorbeelden.Het boek richt zich op begeleiders, leerkrachten en alle anderen die, al dan niet beroepshalve, omgaan met kinderen en volwassenen met een verstandelijke beperking: (ortho)pedagogen,psychologen, logopedisten en sociaal-pedagogische hulpverleners.



Annie Blokhuis, orthopedagoog en gezondheidszorgpsycholoog, werkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Daarvoor was ze werkzaam in het speciaal onderwijs.

Nel van Kooten is logopedist en is gespecialiseerd in communicatie met mensen met een verstandelijke beperking.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Als je veel moet praten – Deel 2: Uitspraakvademecum

 11,40
Dit handzame en didactisch grondig doordachte boek behandelt beknopt maar volledig de uitspraak van het Nederlands.

De gebruiker kan kiezen voor een minimumprogramma (basisinformatie) of een maximumprogramma (verdiepingsinformatie), met of zonder ‘theorie’. Het geheel is vooral afgestemd op de praktijk, mede dankzij pittige dialogen.

Met dit boek beschikt de gebruiker over alle gegevens die belangrijk zijn voor een correcte en een gezonde uitspraak.

Jelle AALBRECHT (ps.) is bedrijfsleider. Ward PEINEN doceerde Nederlands en Engels en was pedagogisch begeleider in het secundair onderwijs in Vlaanderen. Paul SAS is opleidingsdocent aan de Lerarenopleiding Basisonderwijs Fontys-PABO in Eindhoven.

Quick View

Als je veel moet praten – Deel 2: Uitspraakvademecum

 11,40
Dit handzame en didactisch grondig doordachte boek behandelt beknopt maar volledig de uitspraak van het Nederlands.

De gebruiker kan kiezen voor een minimumprogramma (basisinformatie) of een maximumprogramma (verdiepingsinformatie), met of zonder ‘theorie’. Het geheel is vooral afgestemd op de praktijk, mede dankzij pittige dialogen.

Met dit boek beschikt de gebruiker over alle gegevens die belangrijk zijn voor een correcte en een gezonde uitspraak.

Jelle AALBRECHT (ps.) is bedrijfsleider. Ward PEINEN doceerde Nederlands en Engels en was pedagogisch begeleider in het secundair onderwijs in Vlaanderen. Paul SAS is opleidingsdocent aan de Lerarenopleiding Basisonderwijs Fontys-PABO in Eindhoven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Anders kijken naar het studiehuis. Een analysemodel voor onderwijsvernieuwing

 32,90
Veel grootschalige onderwijsvernieuwingen verliezen in de loop van het ontwikkelingsproces maatschappelijk draagvlak. Een recent voorbeeld daarvan is het studiehuis: aanvankelijk met veel enthousiasme ontvangen, later door velen verguisd. De vraag waarom zoiets gebeurt, vormt de aanleiding tot het onderzoek waarvan dit boek een verslag is. Het onderzoek bestaat uit twee delen. In het eerste deel wordt een theoretisch kader ontworpen dat uitmondt in een model om onderwijsvernieuwingen te analyseren. Vervolgens wordt met behulp van het model naar de ontwikkeling van het studiehuis gekeken. Daarbij wordt gebruik gemaakt van interviews die de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs in 2007 heeft afgenomen ten behoeve van haar onderzoek naar onderwijsvernieuwingen. Een van de conclusies uit het onderzoek is dat het idee studiehuis in de loop van het vernieuwingsproces zover wordt uitgehold dat het zijn functie voor het voortgezet onderwijs niet kan waarmaken.

Op basis van het ontwikkelde model worden zeven aandachtspunten geformuleerd voor toekomstige onderwijsvernieuwingen. De aandachtspunten worden gebruikt voor een kritische analyse van de aanbevelingen die resulteren uit het onderzoek van de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs.

Thérèse Carpay heeft twaalf jaar les gegeven aan een school voor havo en vwo. In die periode was ze zowel binnen als buiten de school betrokken bij de ontwikkeling van het studiehuis. Na het docentschap was ze tien jaar lerarenopleider aan het Instituut voor Leraar en School, de universitaire lerarenopleiding van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het beschreven onderzoek werd verricht aan dit instituut.

Quick View

Anders kijken naar het studiehuis. Een analysemodel voor onderwijsvernieuwing

 32,90
Veel grootschalige onderwijsvernieuwingen verliezen in de loop van het ontwikkelingsproces maatschappelijk draagvlak. Een recent voorbeeld daarvan is het studiehuis: aanvankelijk met veel enthousiasme ontvangen, later door velen verguisd. De vraag waarom zoiets gebeurt, vormt de aanleiding tot het onderzoek waarvan dit boek een verslag is. Het onderzoek bestaat uit twee delen. In het eerste deel wordt een theoretisch kader ontworpen dat uitmondt in een model om onderwijsvernieuwingen te analyseren. Vervolgens wordt met behulp van het model naar de ontwikkeling van het studiehuis gekeken. Daarbij wordt gebruik gemaakt van interviews die de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs in 2007 heeft afgenomen ten behoeve van haar onderzoek naar onderwijsvernieuwingen. Een van de conclusies uit het onderzoek is dat het idee studiehuis in de loop van het vernieuwingsproces zover wordt uitgehold dat het zijn functie voor het voortgezet onderwijs niet kan waarmaken.

Op basis van het ontwikkelde model worden zeven aandachtspunten geformuleerd voor toekomstige onderwijsvernieuwingen. De aandachtspunten worden gebruikt voor een kritische analyse van de aanbevelingen die resulteren uit het onderzoek van de commissie Parlementair Onderzoek Onderwijs.

Thérèse Carpay heeft twaalf jaar les gegeven aan een school voor havo en vwo. In die periode was ze zowel binnen als buiten de school betrokken bij de ontwikkeling van het studiehuis. Na het docentschap was ze tien jaar lerarenopleider aan het Instituut voor Leraar en School, de universitaire lerarenopleiding van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het beschreven onderzoek werd verricht aan dit instituut.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    6
    Uw winkelwagen
    ×