
Van den Vos Reynaerde. De feiten
€ 34,00
Van den vos Reynaerde is een vaste waarde in de canon van de Nederlandse literatuur. Op
scholen en aan universiteiten staat hij steevast op de leeslijst; wetenschappers buigen zich
eeuwen na het ontstaan ervan nog steeds over de diepere gronden en het vernuft dat aan de
tekst ten grondslag liggen. Die studie wordt echter grotendeels gevoerd vanuit een literatuurwetenschappelijke
invalshoek, waarbij de tekst het middelpunt van de belangstelling is.
Maar hoe belangrijk was de historische mentaliteit van de auteur, van zijn omgeving en zijn publiek voor het ontstaan van Van den vos Reynaerde, en wat moeten we ons hierbij voorstellen? Welke zijn de reflecties uit die periode die in het verhaal terug te vinden zijn en mede de draagwijdte en de boodschap van de tekst bepalen? En waarom? Dit boek geeft op deze vragen een antwoord door het middeleeuwse verhaal te confronteren met de historische realiteit van die tijd. Daarbij wordt ruim gebruik gemaakt van een veelheid aan nieuwe historische gegevens uit authentieke bronnen en oorkonden, en recente literatuur over de middeleeuwen.
Het historisch referentiekader rondom Van den vos Reynaerde wordt ingevuld aan de hand van een brede synthese van de politieke, sociaal-maatschappelijke en culturele ontwikkelingen zoals die zich in de eerste helft van de dertiende eeuw voltrokken. De elementen in het verhaal die een historische betekenis kunnen hebben worden opgespoord en toegelicht. Vervolgens wordt de context cultuur-historisch geanalyseerd langs drie maatschappelijke invalshoeken: de politieke actualiteit en de verborgen kritiek erop, de toenmalige geleerde opvattingen over ethiek en symboliek, en het ‘volkse’ discours met zijn groteske kenmerken. Ten slotte worden de achtergronden en het profiel van de auteur, Willem die madocke maecte, hieraan vastgeknoopt en wordt zijn identiteit onthuld.
Het resultaat is een verrassende interpretatie van Van den vos Reynaerde, die zowel de literair- als de historisch geïnteresseerde lezer vernieuwende inzichten aanreikt over deze unieke tekst, zijn tijd en zijn auteur. Een boek voor hen Diet verstaen met goeden sinne.
Rudi Malfliet is professor emeritus Natuurkunde aan de Universiteit Groningen en historicus. Sinds enkele jaren verdiept hij zich in de historische achtergronden van Van den vos Reynaerde.
Maar hoe belangrijk was de historische mentaliteit van de auteur, van zijn omgeving en zijn publiek voor het ontstaan van Van den vos Reynaerde, en wat moeten we ons hierbij voorstellen? Welke zijn de reflecties uit die periode die in het verhaal terug te vinden zijn en mede de draagwijdte en de boodschap van de tekst bepalen? En waarom? Dit boek geeft op deze vragen een antwoord door het middeleeuwse verhaal te confronteren met de historische realiteit van die tijd. Daarbij wordt ruim gebruik gemaakt van een veelheid aan nieuwe historische gegevens uit authentieke bronnen en oorkonden, en recente literatuur over de middeleeuwen.
Het historisch referentiekader rondom Van den vos Reynaerde wordt ingevuld aan de hand van een brede synthese van de politieke, sociaal-maatschappelijke en culturele ontwikkelingen zoals die zich in de eerste helft van de dertiende eeuw voltrokken. De elementen in het verhaal die een historische betekenis kunnen hebben worden opgespoord en toegelicht. Vervolgens wordt de context cultuur-historisch geanalyseerd langs drie maatschappelijke invalshoeken: de politieke actualiteit en de verborgen kritiek erop, de toenmalige geleerde opvattingen over ethiek en symboliek, en het ‘volkse’ discours met zijn groteske kenmerken. Ten slotte worden de achtergronden en het profiel van de auteur, Willem die madocke maecte, hieraan vastgeknoopt en wordt zijn identiteit onthuld.
Het resultaat is een verrassende interpretatie van Van den vos Reynaerde, die zowel de literair- als de historisch geïnteresseerde lezer vernieuwende inzichten aanreikt over deze unieke tekst, zijn tijd en zijn auteur. Een boek voor hen Diet verstaen met goeden sinne.
Rudi Malfliet is professor emeritus Natuurkunde aan de Universiteit Groningen en historicus. Sinds enkele jaren verdiept hij zich in de historische achtergronden van Van den vos Reynaerde.

Van den Vos Reynaerde. De feiten
€ 34,00
Van den vos Reynaerde is een vaste waarde in de canon van de Nederlandse literatuur. Op
scholen en aan universiteiten staat hij steevast op de leeslijst; wetenschappers buigen zich
eeuwen na het ontstaan ervan nog steeds over de diepere gronden en het vernuft dat aan de
tekst ten grondslag liggen. Die studie wordt echter grotendeels gevoerd vanuit een literatuurwetenschappelijke
invalshoek, waarbij de tekst het middelpunt van de belangstelling is.
Maar hoe belangrijk was de historische mentaliteit van de auteur, van zijn omgeving en zijn publiek voor het ontstaan van Van den vos Reynaerde, en wat moeten we ons hierbij voorstellen? Welke zijn de reflecties uit die periode die in het verhaal terug te vinden zijn en mede de draagwijdte en de boodschap van de tekst bepalen? En waarom? Dit boek geeft op deze vragen een antwoord door het middeleeuwse verhaal te confronteren met de historische realiteit van die tijd. Daarbij wordt ruim gebruik gemaakt van een veelheid aan nieuwe historische gegevens uit authentieke bronnen en oorkonden, en recente literatuur over de middeleeuwen.
Het historisch referentiekader rondom Van den vos Reynaerde wordt ingevuld aan de hand van een brede synthese van de politieke, sociaal-maatschappelijke en culturele ontwikkelingen zoals die zich in de eerste helft van de dertiende eeuw voltrokken. De elementen in het verhaal die een historische betekenis kunnen hebben worden opgespoord en toegelicht. Vervolgens wordt de context cultuur-historisch geanalyseerd langs drie maatschappelijke invalshoeken: de politieke actualiteit en de verborgen kritiek erop, de toenmalige geleerde opvattingen over ethiek en symboliek, en het ‘volkse’ discours met zijn groteske kenmerken. Ten slotte worden de achtergronden en het profiel van de auteur, Willem die madocke maecte, hieraan vastgeknoopt en wordt zijn identiteit onthuld.
Het resultaat is een verrassende interpretatie van Van den vos Reynaerde, die zowel de literair- als de historisch geïnteresseerde lezer vernieuwende inzichten aanreikt over deze unieke tekst, zijn tijd en zijn auteur. Een boek voor hen Diet verstaen met goeden sinne.
Rudi Malfliet is professor emeritus Natuurkunde aan de Universiteit Groningen en historicus. Sinds enkele jaren verdiept hij zich in de historische achtergronden van Van den vos Reynaerde.
Maar hoe belangrijk was de historische mentaliteit van de auteur, van zijn omgeving en zijn publiek voor het ontstaan van Van den vos Reynaerde, en wat moeten we ons hierbij voorstellen? Welke zijn de reflecties uit die periode die in het verhaal terug te vinden zijn en mede de draagwijdte en de boodschap van de tekst bepalen? En waarom? Dit boek geeft op deze vragen een antwoord door het middeleeuwse verhaal te confronteren met de historische realiteit van die tijd. Daarbij wordt ruim gebruik gemaakt van een veelheid aan nieuwe historische gegevens uit authentieke bronnen en oorkonden, en recente literatuur over de middeleeuwen.
Het historisch referentiekader rondom Van den vos Reynaerde wordt ingevuld aan de hand van een brede synthese van de politieke, sociaal-maatschappelijke en culturele ontwikkelingen zoals die zich in de eerste helft van de dertiende eeuw voltrokken. De elementen in het verhaal die een historische betekenis kunnen hebben worden opgespoord en toegelicht. Vervolgens wordt de context cultuur-historisch geanalyseerd langs drie maatschappelijke invalshoeken: de politieke actualiteit en de verborgen kritiek erop, de toenmalige geleerde opvattingen over ethiek en symboliek, en het ‘volkse’ discours met zijn groteske kenmerken. Ten slotte worden de achtergronden en het profiel van de auteur, Willem die madocke maecte, hieraan vastgeknoopt en wordt zijn identiteit onthuld.
Het resultaat is een verrassende interpretatie van Van den vos Reynaerde, die zowel de literair- als de historisch geïnteresseerde lezer vernieuwende inzichten aanreikt over deze unieke tekst, zijn tijd en zijn auteur. Een boek voor hen Diet verstaen met goeden sinne.
Rudi Malfliet is professor emeritus Natuurkunde aan de Universiteit Groningen en historicus. Sinds enkele jaren verdiept hij zich in de historische achtergronden van Van den vos Reynaerde.

Professionalisering door praktijkonderzoek
€ 21,00
Praktijkonderzoek heeft inmiddels een plaats gevonden op opleidingen op hogeschoolniveau.Op de hogeschool Windesheim vindt er jaarlijks een symposium plaats voor studentonderzoekvan de masteropleiding Speciale Onderwijszorg. Vijf van deze studentonderzoeken zijn ter gelegenheidvan dit symposium, de zogenaamde Vlootschouw, gebundeld in dit boek.
Naast de praktijkonderzoeken zijn ook een drietal docentbijdragen opgenomen. Zij gaan naderin op de meerwaarde van het uitvoeren van praktijkonderzoek. Wat heeft de student aan eenpraktijkonderzoek tijdens de opleiding en wat blijft hiervan over na het afronden van de studie?Welke waarde heeft het praktijkonderzoek voor de scholen en op welke manier kan het eenplek krijgen in schoolontwikkeling?
De vijf studentonderzoeken zijn gevarieerd van onderwerp en afkomstig uit basisonderwijsen voortgezet onderwijs. De onderzoeken zijn verricht in de eigen werksituatie met door destudenten zelf gekozen onderzoeksvragen. De voorbeelden laten zien dat onderzoek praktischbruikbaar kan zijn en dat dit op heel uiteenlopende manieren kan gebeuren.
Dit boek is bestemd voor uiteenlopende doelgroepen, zowel (aanstaande) masterstudenten,zusteropleidingen en professionals uit het onderwijs. Het kan dienen als informatiebron, terinspiratie dan wel om de nieuwste ontwikkelingen te kunnen volgen.
Naast de praktijkonderzoeken zijn ook een drietal docentbijdragen opgenomen. Zij gaan naderin op de meerwaarde van het uitvoeren van praktijkonderzoek. Wat heeft de student aan eenpraktijkonderzoek tijdens de opleiding en wat blijft hiervan over na het afronden van de studie?Welke waarde heeft het praktijkonderzoek voor de scholen en op welke manier kan het eenplek krijgen in schoolontwikkeling?
De vijf studentonderzoeken zijn gevarieerd van onderwerp en afkomstig uit basisonderwijsen voortgezet onderwijs. De onderzoeken zijn verricht in de eigen werksituatie met door destudenten zelf gekozen onderzoeksvragen. De voorbeelden laten zien dat onderzoek praktischbruikbaar kan zijn en dat dit op heel uiteenlopende manieren kan gebeuren.
Dit boek is bestemd voor uiteenlopende doelgroepen, zowel (aanstaande) masterstudenten,zusteropleidingen en professionals uit het onderwijs. Het kan dienen als informatiebron, terinspiratie dan wel om de nieuwste ontwikkelingen te kunnen volgen.

Professionalisering door praktijkonderzoek
€ 21,00
Praktijkonderzoek heeft inmiddels een plaats gevonden op opleidingen op hogeschoolniveau.Op de hogeschool Windesheim vindt er jaarlijks een symposium plaats voor studentonderzoekvan de masteropleiding Speciale Onderwijszorg. Vijf van deze studentonderzoeken zijn ter gelegenheidvan dit symposium, de zogenaamde Vlootschouw, gebundeld in dit boek.
Naast de praktijkonderzoeken zijn ook een drietal docentbijdragen opgenomen. Zij gaan naderin op de meerwaarde van het uitvoeren van praktijkonderzoek. Wat heeft de student aan eenpraktijkonderzoek tijdens de opleiding en wat blijft hiervan over na het afronden van de studie?Welke waarde heeft het praktijkonderzoek voor de scholen en op welke manier kan het eenplek krijgen in schoolontwikkeling?
De vijf studentonderzoeken zijn gevarieerd van onderwerp en afkomstig uit basisonderwijsen voortgezet onderwijs. De onderzoeken zijn verricht in de eigen werksituatie met door destudenten zelf gekozen onderzoeksvragen. De voorbeelden laten zien dat onderzoek praktischbruikbaar kan zijn en dat dit op heel uiteenlopende manieren kan gebeuren.
Dit boek is bestemd voor uiteenlopende doelgroepen, zowel (aanstaande) masterstudenten,zusteropleidingen en professionals uit het onderwijs. Het kan dienen als informatiebron, terinspiratie dan wel om de nieuwste ontwikkelingen te kunnen volgen.
Naast de praktijkonderzoeken zijn ook een drietal docentbijdragen opgenomen. Zij gaan naderin op de meerwaarde van het uitvoeren van praktijkonderzoek. Wat heeft de student aan eenpraktijkonderzoek tijdens de opleiding en wat blijft hiervan over na het afronden van de studie?Welke waarde heeft het praktijkonderzoek voor de scholen en op welke manier kan het eenplek krijgen in schoolontwikkeling?
De vijf studentonderzoeken zijn gevarieerd van onderwerp en afkomstig uit basisonderwijsen voortgezet onderwijs. De onderzoeken zijn verricht in de eigen werksituatie met door destudenten zelf gekozen onderzoeksvragen. De voorbeelden laten zien dat onderzoek praktischbruikbaar kan zijn en dat dit op heel uiteenlopende manieren kan gebeuren.
Dit boek is bestemd voor uiteenlopende doelgroepen, zowel (aanstaande) masterstudenten,zusteropleidingen en professionals uit het onderwijs. Het kan dienen als informatiebron, terinspiratie dan wel om de nieuwste ontwikkelingen te kunnen volgen.
Bekwaam en speciaal. Generiek competentieprofiel speciale onderwijszorg – 3de licht gewijzigde druk
€ 13,50
In dit rapport wordt een generiek competentieprofiel voor de speciale onderwijszorg beschreven. Dit profiel geeft richting aan de individuele ontwikkeling van de leraar en de ontwikkeling van de professionaliteit van een team als geheel.
Een schoot als geheel dient over alle genoemde competenties te beschikken. Dan pas kunnen alle leerlingen rekenen op een optimale ontwikkelingskans.
Met dit competentieprofiel kan nagegaan worden op welke gebieden een schoolteam zich verder kan ontwikkelen. Is dat in de breedte of juist in de diepte?
Drie kritische punten vormen de kern van de onderbouwing en de uitwerking van het competentieprofiel.
•In hoeverre is speciale onderwijszorg te typeren als een eigen domein dat om bijzondere bekwaamheden vraagt?
•Welke specifieke eisen worden gesteld aan de begeleiding van het leren en de ontwikkeling van leerlingen met een bijzondere hulpvraag?
•Welke structuur is het meest geschikt om de kenmerkende professionaliteit van leraren speciale onderwijszorg in beeld te brengen?
Dit rapport is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel (SBL). Daarmee stuit dit product aan bij de competentieprofielen die reeds eerder voor de educatieve sector ontwikkeld zijn. De ontbrekende schakel ''een gelegitimeerd beroepsprofiel als basis voor de opleidingen die verzorgd worden door de 3 opleidingsinstellingen voor speciale onderwijszorg'' is hiermee binnen handbereik.
Het bestuur en de directie van het Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs (WOSO) leggen met de aanbieding van dit rapport de basis voor de accreditatie van deze voortgezette HBO-opleidingen tot HBO-masteropleidingen. Legitimering van dit profiel betekent een uitdaging aan de schoot en aan de leerkracht om de eigen (kennis)ontwikkeling ter hand te nemen. Die impuls zal direct ten goede komen aan die leerlingen die behoefte en recht hebben aan speciaal onderwijs.
Inhoudsopgave
Een schoot als geheel dient over alle genoemde competenties te beschikken. Dan pas kunnen alle leerlingen rekenen op een optimale ontwikkelingskans.
Met dit competentieprofiel kan nagegaan worden op welke gebieden een schoolteam zich verder kan ontwikkelen. Is dat in de breedte of juist in de diepte?
Drie kritische punten vormen de kern van de onderbouwing en de uitwerking van het competentieprofiel.
•In hoeverre is speciale onderwijszorg te typeren als een eigen domein dat om bijzondere bekwaamheden vraagt?
•Welke specifieke eisen worden gesteld aan de begeleiding van het leren en de ontwikkeling van leerlingen met een bijzondere hulpvraag?
•Welke structuur is het meest geschikt om de kenmerkende professionaliteit van leraren speciale onderwijszorg in beeld te brengen?
Dit rapport is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel (SBL). Daarmee stuit dit product aan bij de competentieprofielen die reeds eerder voor de educatieve sector ontwikkeld zijn. De ontbrekende schakel ''een gelegitimeerd beroepsprofiel als basis voor de opleidingen die verzorgd worden door de 3 opleidingsinstellingen voor speciale onderwijszorg'' is hiermee binnen handbereik.
Het bestuur en de directie van het Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs (WOSO) leggen met de aanbieding van dit rapport de basis voor de accreditatie van deze voortgezette HBO-opleidingen tot HBO-masteropleidingen. Legitimering van dit profiel betekent een uitdaging aan de schoot en aan de leerkracht om de eigen (kennis)ontwikkeling ter hand te nemen. Die impuls zal direct ten goede komen aan die leerlingen die behoefte en recht hebben aan speciaal onderwijs.
Inhoudsopgave
Bekwaam en speciaal. Generiek competentieprofiel speciale onderwijszorg – 3de licht gewijzigde druk
€ 13,50
In dit rapport wordt een generiek competentieprofiel voor de speciale onderwijszorg beschreven. Dit profiel geeft richting aan de individuele ontwikkeling van de leraar en de ontwikkeling van de professionaliteit van een team als geheel.
Een schoot als geheel dient over alle genoemde competenties te beschikken. Dan pas kunnen alle leerlingen rekenen op een optimale ontwikkelingskans.
Met dit competentieprofiel kan nagegaan worden op welke gebieden een schoolteam zich verder kan ontwikkelen. Is dat in de breedte of juist in de diepte?
Drie kritische punten vormen de kern van de onderbouwing en de uitwerking van het competentieprofiel.
•In hoeverre is speciale onderwijszorg te typeren als een eigen domein dat om bijzondere bekwaamheden vraagt?
•Welke specifieke eisen worden gesteld aan de begeleiding van het leren en de ontwikkeling van leerlingen met een bijzondere hulpvraag?
•Welke structuur is het meest geschikt om de kenmerkende professionaliteit van leraren speciale onderwijszorg in beeld te brengen?
Dit rapport is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel (SBL). Daarmee stuit dit product aan bij de competentieprofielen die reeds eerder voor de educatieve sector ontwikkeld zijn. De ontbrekende schakel ''een gelegitimeerd beroepsprofiel als basis voor de opleidingen die verzorgd worden door de 3 opleidingsinstellingen voor speciale onderwijszorg'' is hiermee binnen handbereik.
Het bestuur en de directie van het Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs (WOSO) leggen met de aanbieding van dit rapport de basis voor de accreditatie van deze voortgezette HBO-opleidingen tot HBO-masteropleidingen. Legitimering van dit profiel betekent een uitdaging aan de schoot en aan de leerkracht om de eigen (kennis)ontwikkeling ter hand te nemen. Die impuls zal direct ten goede komen aan die leerlingen die behoefte en recht hebben aan speciaal onderwijs.
Inhoudsopgave
Een schoot als geheel dient over alle genoemde competenties te beschikken. Dan pas kunnen alle leerlingen rekenen op een optimale ontwikkelingskans.
Met dit competentieprofiel kan nagegaan worden op welke gebieden een schoolteam zich verder kan ontwikkelen. Is dat in de breedte of juist in de diepte?
Drie kritische punten vormen de kern van de onderbouwing en de uitwerking van het competentieprofiel.
•In hoeverre is speciale onderwijszorg te typeren als een eigen domein dat om bijzondere bekwaamheden vraagt?
•Welke specifieke eisen worden gesteld aan de begeleiding van het leren en de ontwikkeling van leerlingen met een bijzondere hulpvraag?
•Welke structuur is het meest geschikt om de kenmerkende professionaliteit van leraren speciale onderwijszorg in beeld te brengen?
Dit rapport is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel (SBL). Daarmee stuit dit product aan bij de competentieprofielen die reeds eerder voor de educatieve sector ontwikkeld zijn. De ontbrekende schakel ''een gelegitimeerd beroepsprofiel als basis voor de opleidingen die verzorgd worden door de 3 opleidingsinstellingen voor speciale onderwijszorg'' is hiermee binnen handbereik.
Het bestuur en de directie van het Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs (WOSO) leggen met de aanbieding van dit rapport de basis voor de accreditatie van deze voortgezette HBO-opleidingen tot HBO-masteropleidingen. Legitimering van dit profiel betekent een uitdaging aan de schoot en aan de leerkracht om de eigen (kennis)ontwikkeling ter hand te nemen. Die impuls zal direct ten goede komen aan die leerlingen die behoefte en recht hebben aan speciaal onderwijs.
Inhoudsopgave
Perspectief op inclusief. Vruchten van praktijkonderzoek (Reeks Ervaringsdeskundigen & Professionals, deel 6)
€ 21,60
In dit boek wordt de lezer meegenomen in een interactief dialogisch proces
op weg naar een ‘Perspectief op inclusief’. Aan dat proces is deelgenomen
door een collectief van 35 scholen uit één samenwerkingsverband.
Om voor de eigen regio zo’n perspectief te openen is een veldbreed
opvattingenonderzoek gestart. Vele stemmen werden daarin gehoord
en ieders opvatting werd daarbij erkend. Het onderzoek heeft geleid
tot een breed beeld van de uiteenlopende opvattingen in de regio;
vervolgens zijn daaruit een aantal scenario’s voor de toekomst afgeleid.
In aansluiting op dit onderzoek hebben acht collega’s uit deze regio
de opleiding HBO Master SEN (Special Educational Needs) gevolgd
in de leerroute ‘Praktijkgericht onderzoek & inclusie’. Zij hebben
kleinschalig praktijkgericht onderzoek uitgevoerd naar deelthema’s uit
het opvattingenonderzoek, toegespitst op hun eigen concrete praktijk
en professionele situatie. Thema’s van die onderzoeken zijn geweest:
visieontwikkeling m.b.t. inclusie, de één-zorgroute, de integratieklas, de
brede school, inclusie & mentaliteit, perspectief op inclusief vanuit de
beleving van ouders & leerlingen op het SBO en ambulante begeleiding
verkend vanuit de behoeften van ouders, leerlingen en leerkrachten. De
opbrengsten van deze acht onderzoeken kunnen als voorbeeld dienen
voor iedere school in de regio. De methoden van praktijkonderzoek
waarmee de collega’s aan de slag zijn gegaan stimuleren de interactieve
kennis- en praktijkontwikkeling in de regio.
Het belang van ieder kind zal daarbij steeds centraal staan. Wanneer een regio zich daarvoor inzet wordt inclusie….. een passende uitdaging. Dit boek is een steun in de rug voor alle scholen en instellingen die de komende jaren voor de enorme uitdaging staan om inclusief passend onderwijs, of liever nog: passend inclusief onderwijs waar te maken.
Het belang van ieder kind zal daarbij steeds centraal staan. Wanneer een regio zich daarvoor inzet wordt inclusie….. een passende uitdaging. Dit boek is een steun in de rug voor alle scholen en instellingen die de komende jaren voor de enorme uitdaging staan om inclusief passend onderwijs, of liever nog: passend inclusief onderwijs waar te maken.
Perspectief op inclusief. Vruchten van praktijkonderzoek (Reeks Ervaringsdeskundigen & Professionals, deel 6)
€ 21,60
In dit boek wordt de lezer meegenomen in een interactief dialogisch proces
op weg naar een ‘Perspectief op inclusief’. Aan dat proces is deelgenomen
door een collectief van 35 scholen uit één samenwerkingsverband.
Om voor de eigen regio zo’n perspectief te openen is een veldbreed
opvattingenonderzoek gestart. Vele stemmen werden daarin gehoord
en ieders opvatting werd daarbij erkend. Het onderzoek heeft geleid
tot een breed beeld van de uiteenlopende opvattingen in de regio;
vervolgens zijn daaruit een aantal scenario’s voor de toekomst afgeleid.
In aansluiting op dit onderzoek hebben acht collega’s uit deze regio
de opleiding HBO Master SEN (Special Educational Needs) gevolgd
in de leerroute ‘Praktijkgericht onderzoek & inclusie’. Zij hebben
kleinschalig praktijkgericht onderzoek uitgevoerd naar deelthema’s uit
het opvattingenonderzoek, toegespitst op hun eigen concrete praktijk
en professionele situatie. Thema’s van die onderzoeken zijn geweest:
visieontwikkeling m.b.t. inclusie, de één-zorgroute, de integratieklas, de
brede school, inclusie & mentaliteit, perspectief op inclusief vanuit de
beleving van ouders & leerlingen op het SBO en ambulante begeleiding
verkend vanuit de behoeften van ouders, leerlingen en leerkrachten. De
opbrengsten van deze acht onderzoeken kunnen als voorbeeld dienen
voor iedere school in de regio. De methoden van praktijkonderzoek
waarmee de collega’s aan de slag zijn gegaan stimuleren de interactieve
kennis- en praktijkontwikkeling in de regio.
Het belang van ieder kind zal daarbij steeds centraal staan. Wanneer een regio zich daarvoor inzet wordt inclusie….. een passende uitdaging. Dit boek is een steun in de rug voor alle scholen en instellingen die de komende jaren voor de enorme uitdaging staan om inclusief passend onderwijs, of liever nog: passend inclusief onderwijs waar te maken.
Het belang van ieder kind zal daarbij steeds centraal staan. Wanneer een regio zich daarvoor inzet wordt inclusie….. een passende uitdaging. Dit boek is een steun in de rug voor alle scholen en instellingen die de komende jaren voor de enorme uitdaging staan om inclusief passend onderwijs, of liever nog: passend inclusief onderwijs waar te maken.
Perspectieven op literatuur. Filosofische reflecties bij Barnes, Camus, De Koninck, Hesse, Houellebecq, Roth, Streuvels en Winterson (Reeks Literatuur in veelvoud, nr. 23)
€ 21,00
Eindigheid en sterfelijkheid zijn belangrijke en veel terugkerende thema’s in de wereldliteratuur. We
vinden ze niet enkel in het werk van prominente Amerikaanse schrijvers, maar evenzeer in ons
eigen Vlaamse proza. Soms leidt het inzicht van deze eindigheid tot aanvaarding en berusting,
soms wordt tegen de erkenning van de eindigheid in gedacht, wat heel vaak aanleiding geeft
tot morele (of immorele) bijklanken. Dit boek reflecteert diepgaand over de wijze waarop deze
thema’s werkzaam zijn in het oeuvre van Herman de Coninck, Stijn Streuvels, Julian Barnes,
Albert Camus, Hermann Hesse, Michel Houellebecq, Jeanette Winterson en Philip Roth.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Hij heeft in zijn werk een filosofie van eindigheid en sterfelijkheid ontworpen, waarin die begrippen niet noodzakelijk negatief ingekleurd worden, maar via de aanvaarding ervan veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden scheppen om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Hij heeft in zijn werk een filosofie van eindigheid en sterfelijkheid ontworpen, waarin die begrippen niet noodzakelijk negatief ingekleurd worden, maar via de aanvaarding ervan veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden scheppen om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
Perspectieven op literatuur. Filosofische reflecties bij Barnes, Camus, De Koninck, Hesse, Houellebecq, Roth, Streuvels en Winterson (Reeks Literatuur in veelvoud, nr. 23)
€ 21,00
Eindigheid en sterfelijkheid zijn belangrijke en veel terugkerende thema’s in de wereldliteratuur. We
vinden ze niet enkel in het werk van prominente Amerikaanse schrijvers, maar evenzeer in ons
eigen Vlaamse proza. Soms leidt het inzicht van deze eindigheid tot aanvaarding en berusting,
soms wordt tegen de erkenning van de eindigheid in gedacht, wat heel vaak aanleiding geeft
tot morele (of immorele) bijklanken. Dit boek reflecteert diepgaand over de wijze waarop deze
thema’s werkzaam zijn in het oeuvre van Herman de Coninck, Stijn Streuvels, Julian Barnes,
Albert Camus, Hermann Hesse, Michel Houellebecq, Jeanette Winterson en Philip Roth.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Hij heeft in zijn werk een filosofie van eindigheid en sterfelijkheid ontworpen, waarin die begrippen niet noodzakelijk negatief ingekleurd worden, maar via de aanvaarding ervan veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden scheppen om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Hij heeft in zijn werk een filosofie van eindigheid en sterfelijkheid ontworpen, waarin die begrippen niet noodzakelijk negatief ingekleurd worden, maar via de aanvaarding ervan veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden scheppen om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
Solidariteit – Rivaliteit. Ruil en gift bij Marcel Mauss en Pierre Bourdieu
€ 31,00
Solidariteit en rivaliteit zijn twee krachten die in de fundamenten van onze
maatschappij aan het werk zijn. Ze bepalen hoe wij ons tegenover anderen
verhouden en positioneren, wat wij willen delen en wat wij liever voor onszelf
houden. In dit boek wordt, aan de hand van het concept ‘gift’ en aanverwante
begrippen zoals ‘ruil’ en ‘wederkerigheid’, op diepgaande wijze over
deze kernbegrippen nagedacht via de confrontatie met het werk van twee
voorname Franse sociologen: Marcel Mauss en Pierre Bourdieu.
In Mauss’ beroemde Essai sur le don worden de begrippen don en contredon (waarbij we vooral denken aan de potlatch) ten onrechte haast exclusief als rivaliserend tegenover elkaar gesteld. Dat leidt tot een confrontatie met Bourdieus opvattingen over le sens de l’honneur in de Kabylische samenleving. Ook bij hem ontbreekt echter elke verwijzing naar solidariteit. Om deze uiteenzettingen goed te begrijpen, worden de grondbegrippen van Bourdieus sociologie en zijn uitlatingen over eer, ruil en gift in de Kabylische samenleving hier grondig en kritisch tegen het licht gehouden. Van daaruit spiegelen we zijn opvattingen aan die van sociologen als Max Weber en Peter Berger en wordt een filosofie van de solidariteit opgezet die nauw verwant is met wat Alain Caillé en Jacques Godbout in een aantal werken over l’esprit du don gezegd hebben.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Dit boek is een verdere uitdieping van wat hij een filosofie van de eindigheid noemt. Daarin wordt dit begrip niet negatief ingekleurd, maar via de aanvaarding ervan schept het veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
In Mauss’ beroemde Essai sur le don worden de begrippen don en contredon (waarbij we vooral denken aan de potlatch) ten onrechte haast exclusief als rivaliserend tegenover elkaar gesteld. Dat leidt tot een confrontatie met Bourdieus opvattingen over le sens de l’honneur in de Kabylische samenleving. Ook bij hem ontbreekt echter elke verwijzing naar solidariteit. Om deze uiteenzettingen goed te begrijpen, worden de grondbegrippen van Bourdieus sociologie en zijn uitlatingen over eer, ruil en gift in de Kabylische samenleving hier grondig en kritisch tegen het licht gehouden. Van daaruit spiegelen we zijn opvattingen aan die van sociologen als Max Weber en Peter Berger en wordt een filosofie van de solidariteit opgezet die nauw verwant is met wat Alain Caillé en Jacques Godbout in een aantal werken over l’esprit du don gezegd hebben.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Dit boek is een verdere uitdieping van wat hij een filosofie van de eindigheid noemt. Daarin wordt dit begrip niet negatief ingekleurd, maar via de aanvaarding ervan schept het veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
Solidariteit – Rivaliteit. Ruil en gift bij Marcel Mauss en Pierre Bourdieu
€ 31,00
Solidariteit en rivaliteit zijn twee krachten die in de fundamenten van onze
maatschappij aan het werk zijn. Ze bepalen hoe wij ons tegenover anderen
verhouden en positioneren, wat wij willen delen en wat wij liever voor onszelf
houden. In dit boek wordt, aan de hand van het concept ‘gift’ en aanverwante
begrippen zoals ‘ruil’ en ‘wederkerigheid’, op diepgaande wijze over
deze kernbegrippen nagedacht via de confrontatie met het werk van twee
voorname Franse sociologen: Marcel Mauss en Pierre Bourdieu.
In Mauss’ beroemde Essai sur le don worden de begrippen don en contredon (waarbij we vooral denken aan de potlatch) ten onrechte haast exclusief als rivaliserend tegenover elkaar gesteld. Dat leidt tot een confrontatie met Bourdieus opvattingen over le sens de l’honneur in de Kabylische samenleving. Ook bij hem ontbreekt echter elke verwijzing naar solidariteit. Om deze uiteenzettingen goed te begrijpen, worden de grondbegrippen van Bourdieus sociologie en zijn uitlatingen over eer, ruil en gift in de Kabylische samenleving hier grondig en kritisch tegen het licht gehouden. Van daaruit spiegelen we zijn opvattingen aan die van sociologen als Max Weber en Peter Berger en wordt een filosofie van de solidariteit opgezet die nauw verwant is met wat Alain Caillé en Jacques Godbout in een aantal werken over l’esprit du don gezegd hebben.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Dit boek is een verdere uitdieping van wat hij een filosofie van de eindigheid noemt. Daarin wordt dit begrip niet negatief ingekleurd, maar via de aanvaarding ervan schept het veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
In Mauss’ beroemde Essai sur le don worden de begrippen don en contredon (waarbij we vooral denken aan de potlatch) ten onrechte haast exclusief als rivaliserend tegenover elkaar gesteld. Dat leidt tot een confrontatie met Bourdieus opvattingen over le sens de l’honneur in de Kabylische samenleving. Ook bij hem ontbreekt echter elke verwijzing naar solidariteit. Om deze uiteenzettingen goed te begrijpen, worden de grondbegrippen van Bourdieus sociologie en zijn uitlatingen over eer, ruil en gift in de Kabylische samenleving hier grondig en kritisch tegen het licht gehouden. Van daaruit spiegelen we zijn opvattingen aan die van sociologen als Max Weber en Peter Berger en wordt een filosofie van de solidariteit opgezet die nauw verwant is met wat Alain Caillé en Jacques Godbout in een aantal werken over l’esprit du don gezegd hebben.
Willy Coolsaet is ere-professor aan de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit Gent. Dit boek is een verdere uitdieping van wat hij een filosofie van de eindigheid noemt. Daarin wordt dit begrip niet negatief ingekleurd, maar via de aanvaarding ervan schept het veeleer positieve mogelijkheidsvoorwaarden om überhaupt in staat te zijn een goed leven te leiden.
Michel Seuphor (1901-1999). Grensverkenner van de avant-garde. Themanummer Zacht Lawijd, jaargang 8, nr. 3
€ 23,90
Michel Seuphor (pseudoniem van F. Berckelaers, 1901-1999) was zo''n beetje de Jean Cocteau van de Vlaamse avant-garde: hij schreef literatuur, was actief als beeldend kunstenaar, bemiddelaar, tijdschriftredacteur en stond aan de wieg van talrijke clubjes en verenigingen. Met het tijdschrift Het Overzicht heeft Seuphor vanaf eind 1922 een beglangrijke rol gespeeld in de verspreiding van het werk en de ideeën van de internationale avant-garde in Vlaanderen. Ook na zijn vertrek naar Frankrijk in 1925 bleef hij de grenzen van de avant-garde verkennen.
In dit boek wordt aandacht besteed aan zijn nederlandstalige gedichten, aan zijn relatie met de Vlaamse graficus Victor Delhez, aan zijn betrekkingen met de Italiaanse futurist F.T. Marinetti, aan de manier waarop hij reageerde op de concurrenten van ''t Fonteintje, aan de verhouding van het Antwerpse Het Overzicht tot de Brusselse avant-garde, aan zijn relatie met de Nederlandse schilders Piet Mondriaan en Carel Willink, aan zijn vroege Parijse tijd en de autobiografie die hij daarover schreef, aan het constructivistische gezelschap Cercle et Carré en aan de religieuze wending die zijn leven in de loop van de jaren dertig nam. De bundel wordt afgesloten met een interview dat Michel Seuphor aan het einde van zijn leven gaf over zijn jonge jaren.
Zacht Lawijd is een uitgave van de Stichting ZL in samenwerking met het Letterenhuis Antwerpen, en het Letterkundig Museum Den Haag.
In dit boek wordt aandacht besteed aan zijn nederlandstalige gedichten, aan zijn relatie met de Vlaamse graficus Victor Delhez, aan zijn betrekkingen met de Italiaanse futurist F.T. Marinetti, aan de manier waarop hij reageerde op de concurrenten van ''t Fonteintje, aan de verhouding van het Antwerpse Het Overzicht tot de Brusselse avant-garde, aan zijn relatie met de Nederlandse schilders Piet Mondriaan en Carel Willink, aan zijn vroege Parijse tijd en de autobiografie die hij daarover schreef, aan het constructivistische gezelschap Cercle et Carré en aan de religieuze wending die zijn leven in de loop van de jaren dertig nam. De bundel wordt afgesloten met een interview dat Michel Seuphor aan het einde van zijn leven gaf over zijn jonge jaren.
Zacht Lawijd is een uitgave van de Stichting ZL in samenwerking met het Letterenhuis Antwerpen, en het Letterkundig Museum Den Haag.
Michel Seuphor (1901-1999). Grensverkenner van de avant-garde. Themanummer Zacht Lawijd, jaargang 8, nr. 3
€ 23,90
Michel Seuphor (pseudoniem van F. Berckelaers, 1901-1999) was zo''n beetje de Jean Cocteau van de Vlaamse avant-garde: hij schreef literatuur, was actief als beeldend kunstenaar, bemiddelaar, tijdschriftredacteur en stond aan de wieg van talrijke clubjes en verenigingen. Met het tijdschrift Het Overzicht heeft Seuphor vanaf eind 1922 een beglangrijke rol gespeeld in de verspreiding van het werk en de ideeën van de internationale avant-garde in Vlaanderen. Ook na zijn vertrek naar Frankrijk in 1925 bleef hij de grenzen van de avant-garde verkennen.
In dit boek wordt aandacht besteed aan zijn nederlandstalige gedichten, aan zijn relatie met de Vlaamse graficus Victor Delhez, aan zijn betrekkingen met de Italiaanse futurist F.T. Marinetti, aan de manier waarop hij reageerde op de concurrenten van ''t Fonteintje, aan de verhouding van het Antwerpse Het Overzicht tot de Brusselse avant-garde, aan zijn relatie met de Nederlandse schilders Piet Mondriaan en Carel Willink, aan zijn vroege Parijse tijd en de autobiografie die hij daarover schreef, aan het constructivistische gezelschap Cercle et Carré en aan de religieuze wending die zijn leven in de loop van de jaren dertig nam. De bundel wordt afgesloten met een interview dat Michel Seuphor aan het einde van zijn leven gaf over zijn jonge jaren.
Zacht Lawijd is een uitgave van de Stichting ZL in samenwerking met het Letterenhuis Antwerpen, en het Letterkundig Museum Den Haag.
In dit boek wordt aandacht besteed aan zijn nederlandstalige gedichten, aan zijn relatie met de Vlaamse graficus Victor Delhez, aan zijn betrekkingen met de Italiaanse futurist F.T. Marinetti, aan de manier waarop hij reageerde op de concurrenten van ''t Fonteintje, aan de verhouding van het Antwerpse Het Overzicht tot de Brusselse avant-garde, aan zijn relatie met de Nederlandse schilders Piet Mondriaan en Carel Willink, aan zijn vroege Parijse tijd en de autobiografie die hij daarover schreef, aan het constructivistische gezelschap Cercle et Carré en aan de religieuze wending die zijn leven in de loop van de jaren dertig nam. De bundel wordt afgesloten met een interview dat Michel Seuphor aan het einde van zijn leven gaf over zijn jonge jaren.
Zacht Lawijd is een uitgave van de Stichting ZL in samenwerking met het Letterenhuis Antwerpen, en het Letterkundig Museum Den Haag.

Slaapstoornissen – Vertaling van Sleep Medicine Pearls. Vertaling: Joeri Peelmans
€ 46,00
Het fenomeen van de slaap houdt wetenschappers al eeuwen bezig. Van de Grieken tot op vandaag
is slaap het onderwerp geweest van speculaties en fundamenteel
onderzoek. Vooral sinds het begin van de
twintigste eeuw zijn er tal van wetenschappelijke meetinstrumenten
en laboratoria ontwikkeld om slaapgedrag en
-problemen te onderzoeken en te meten.
Dit boek geldt als een standaardwerk voor het slaaponderzoek. Het omvat een verkenning van de diagnostische hulpmiddelen en de fysiologische principes van dit onderzoek. Het biedt een grondige theoretische inleiding en bespreekt concrete casussen. Daardoor is het zowel nuttig voor beginnende slaaplaboranten als voor ervaren artsen en paramedici.
Richard B. Berry is hoogleraar geneeskunde aan de University of Florida in Gainesville en een autoriteit op het gebied van slaapstoornissen.
Joeri Peelmans is verpleegkundige in het AZ St.-Dimpna in Geel en medewerker van het aldaar gevestigde slaaplaboratorium.
Dit boek geldt als een standaardwerk voor het slaaponderzoek. Het omvat een verkenning van de diagnostische hulpmiddelen en de fysiologische principes van dit onderzoek. Het biedt een grondige theoretische inleiding en bespreekt concrete casussen. Daardoor is het zowel nuttig voor beginnende slaaplaboranten als voor ervaren artsen en paramedici.
Richard B. Berry is hoogleraar geneeskunde aan de University of Florida in Gainesville en een autoriteit op het gebied van slaapstoornissen.
Joeri Peelmans is verpleegkundige in het AZ St.-Dimpna in Geel en medewerker van het aldaar gevestigde slaaplaboratorium.

Slaapstoornissen – Vertaling van Sleep Medicine Pearls. Vertaling: Joeri Peelmans
€ 46,00
Het fenomeen van de slaap houdt wetenschappers al eeuwen bezig. Van de Grieken tot op vandaag
is slaap het onderwerp geweest van speculaties en fundamenteel
onderzoek. Vooral sinds het begin van de
twintigste eeuw zijn er tal van wetenschappelijke meetinstrumenten
en laboratoria ontwikkeld om slaapgedrag en
-problemen te onderzoeken en te meten.
Dit boek geldt als een standaardwerk voor het slaaponderzoek. Het omvat een verkenning van de diagnostische hulpmiddelen en de fysiologische principes van dit onderzoek. Het biedt een grondige theoretische inleiding en bespreekt concrete casussen. Daardoor is het zowel nuttig voor beginnende slaaplaboranten als voor ervaren artsen en paramedici.
Richard B. Berry is hoogleraar geneeskunde aan de University of Florida in Gainesville en een autoriteit op het gebied van slaapstoornissen.
Joeri Peelmans is verpleegkundige in het AZ St.-Dimpna in Geel en medewerker van het aldaar gevestigde slaaplaboratorium.
Dit boek geldt als een standaardwerk voor het slaaponderzoek. Het omvat een verkenning van de diagnostische hulpmiddelen en de fysiologische principes van dit onderzoek. Het biedt een grondige theoretische inleiding en bespreekt concrete casussen. Daardoor is het zowel nuttig voor beginnende slaaplaboranten als voor ervaren artsen en paramedici.
Richard B. Berry is hoogleraar geneeskunde aan de University of Florida in Gainesville en een autoriteit op het gebied van slaapstoornissen.
Joeri Peelmans is verpleegkundige in het AZ St.-Dimpna in Geel en medewerker van het aldaar gevestigde slaaplaboratorium.

Gepraktiseerde religie thuis en sociale limieten
€ 33,90
De plaats die religie in onze samenleving inneemt en het
effect ervan op onze maatschappelijke gewoontes, zijn
niet altijd even eenvoudig vast te stellen. Elke religie
heeft zijn eigen waarden en normen en die, die wij thuis meekrijgen,
kunnen bepalend zijn voor ons sociaal gedrag. Dit boek
is de weergave van een onderzoek naar de samenhang tussen de
religie-intensiteit in de thuissituatie, de wijze van opvoeding aldaar
en de houding van jongeren tussen 12 en 21 jaar ten opzichte
van sociale limieten (normen, waarden, wetten en regels)
in de Nederlandse samenleving. Het onderzoek concentreert
zich op de volgende type gezinnen: Gereformeerd vrijgemaakte,
Liberaal joodse-, Sanatan Dharma Hindoe, Soennitische Moslim
en Seculiere. Daarmee biedt het boek een inzicht van mogelijke
verschillen tussen religieuze en seculiere ouders en hun kinderen
en tussen verschillende religieuze groepen onderling. Om de
religie-intensiteit van de ouders te kunnen meten, is hier voor het
eerst een speciaal instrument ontwikkeld. Voor iedere religieuze
onderzoeksgroep werd hiervan een aparte versie geconstrueerd.
Dit onderzoek is verricht binnen het internationale RPO (Reactie Patronen Onderzoek) van de vakgroep Orthopedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) in Nederland, onder leiding van prof. dr. J.E. Rink. Het RPO is verspreid over meer dan tien universiteiten, binnen Europa, Noord-Amerika, Nieuw Zeeland en daarbuiten. Daartoe zijn er verschillende instrumenten ontwikkeld.
Dr. S.H. Mousavi Torshezi is als islamoloog afgestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Tijdens het verrichten van dit onderzoek was hij verbonden aan de vakgroep Orthopedagogiek van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen (GMW) aan de RUG, alwaar hij in 2009 promoveerde in de sociale wetenschappen. Hij geeft geregeld lezingen, cursussen en gastcolleges over de islam, opvoeding, religie en interculturele communicatie.
Dit onderzoek is verricht binnen het internationale RPO (Reactie Patronen Onderzoek) van de vakgroep Orthopedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) in Nederland, onder leiding van prof. dr. J.E. Rink. Het RPO is verspreid over meer dan tien universiteiten, binnen Europa, Noord-Amerika, Nieuw Zeeland en daarbuiten. Daartoe zijn er verschillende instrumenten ontwikkeld.
Dr. S.H. Mousavi Torshezi is als islamoloog afgestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Tijdens het verrichten van dit onderzoek was hij verbonden aan de vakgroep Orthopedagogiek van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen (GMW) aan de RUG, alwaar hij in 2009 promoveerde in de sociale wetenschappen. Hij geeft geregeld lezingen, cursussen en gastcolleges over de islam, opvoeding, religie en interculturele communicatie.

Gepraktiseerde religie thuis en sociale limieten
€ 33,90
De plaats die religie in onze samenleving inneemt en het
effect ervan op onze maatschappelijke gewoontes, zijn
niet altijd even eenvoudig vast te stellen. Elke religie
heeft zijn eigen waarden en normen en die, die wij thuis meekrijgen,
kunnen bepalend zijn voor ons sociaal gedrag. Dit boek
is de weergave van een onderzoek naar de samenhang tussen de
religie-intensiteit in de thuissituatie, de wijze van opvoeding aldaar
en de houding van jongeren tussen 12 en 21 jaar ten opzichte
van sociale limieten (normen, waarden, wetten en regels)
in de Nederlandse samenleving. Het onderzoek concentreert
zich op de volgende type gezinnen: Gereformeerd vrijgemaakte,
Liberaal joodse-, Sanatan Dharma Hindoe, Soennitische Moslim
en Seculiere. Daarmee biedt het boek een inzicht van mogelijke
verschillen tussen religieuze en seculiere ouders en hun kinderen
en tussen verschillende religieuze groepen onderling. Om de
religie-intensiteit van de ouders te kunnen meten, is hier voor het
eerst een speciaal instrument ontwikkeld. Voor iedere religieuze
onderzoeksgroep werd hiervan een aparte versie geconstrueerd.
Dit onderzoek is verricht binnen het internationale RPO (Reactie Patronen Onderzoek) van de vakgroep Orthopedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) in Nederland, onder leiding van prof. dr. J.E. Rink. Het RPO is verspreid over meer dan tien universiteiten, binnen Europa, Noord-Amerika, Nieuw Zeeland en daarbuiten. Daartoe zijn er verschillende instrumenten ontwikkeld.
Dr. S.H. Mousavi Torshezi is als islamoloog afgestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Tijdens het verrichten van dit onderzoek was hij verbonden aan de vakgroep Orthopedagogiek van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen (GMW) aan de RUG, alwaar hij in 2009 promoveerde in de sociale wetenschappen. Hij geeft geregeld lezingen, cursussen en gastcolleges over de islam, opvoeding, religie en interculturele communicatie.
Dit onderzoek is verricht binnen het internationale RPO (Reactie Patronen Onderzoek) van de vakgroep Orthopedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) in Nederland, onder leiding van prof. dr. J.E. Rink. Het RPO is verspreid over meer dan tien universiteiten, binnen Europa, Noord-Amerika, Nieuw Zeeland en daarbuiten. Daartoe zijn er verschillende instrumenten ontwikkeld.
Dr. S.H. Mousavi Torshezi is als islamoloog afgestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Tijdens het verrichten van dit onderzoek was hij verbonden aan de vakgroep Orthopedagogiek van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen (GMW) aan de RUG, alwaar hij in 2009 promoveerde in de sociale wetenschappen. Hij geeft geregeld lezingen, cursussen en gastcolleges over de islam, opvoeding, religie en interculturele communicatie.
Ouders in soorten
€ 16,30
Ouders zijn die mensen die verantwoordelijkheid opnemen voor
de zorg en opvoeding van de kinderen met wie ze in een gezinsverband
samenleven. Er bestaan verschillende gezinsvormen, zoals
er verschillende redenen en omstandigheden zijn waarom en
waarin mensen met kinderen samenleven. Met andere woorden:
er zijn ouders in soorten.
In de gezinspedagogiek zoekt men naar antwoorden op de vraag wat ouders tot goede opvoeders van hun kinderen maakt. Een verantwoordelijke ouder is iemand die een besef van verantwoordelijkheid heeft en die op grond daarvan poogt zo verantwoord mogelijk te handelen.
De vraag is op welke wijze ouders hun verantwoordelijkheid zouden moeten opnemen om goede opvoeders te zijn. Welke inzichten, vaardigheden en houdingen kenmerken de goede ouder?
In het eerste deel staat de auteur stil bij de verschillende antwoorden op de vraag wat de kenmerken van een goede ouder zijn. Daarna reconstrueert hij de diverse opvattingen over de goede ouder. Het zal duidelijk worden dat ouderschap een heel complex gegeven is dat vele aspecten en dimensies kent. De vergelijking van de verschillende invullingen laat ook toe genuanceerd en kritisch te denken over wie of wat ‘goede ouders’ zijn.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool Universiteit Brussel. Voordien was hij verbonden aan de universiteiten van Leuven, Gent en Plymouth.
In de gezinspedagogiek zoekt men naar antwoorden op de vraag wat ouders tot goede opvoeders van hun kinderen maakt. Een verantwoordelijke ouder is iemand die een besef van verantwoordelijkheid heeft en die op grond daarvan poogt zo verantwoord mogelijk te handelen.
De vraag is op welke wijze ouders hun verantwoordelijkheid zouden moeten opnemen om goede opvoeders te zijn. Welke inzichten, vaardigheden en houdingen kenmerken de goede ouder?
In het eerste deel staat de auteur stil bij de verschillende antwoorden op de vraag wat de kenmerken van een goede ouder zijn. Daarna reconstrueert hij de diverse opvattingen over de goede ouder. Het zal duidelijk worden dat ouderschap een heel complex gegeven is dat vele aspecten en dimensies kent. De vergelijking van de verschillende invullingen laat ook toe genuanceerd en kritisch te denken over wie of wat ‘goede ouders’ zijn.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool Universiteit Brussel. Voordien was hij verbonden aan de universiteiten van Leuven, Gent en Plymouth.
Ouders in soorten
€ 16,30
Ouders zijn die mensen die verantwoordelijkheid opnemen voor
de zorg en opvoeding van de kinderen met wie ze in een gezinsverband
samenleven. Er bestaan verschillende gezinsvormen, zoals
er verschillende redenen en omstandigheden zijn waarom en
waarin mensen met kinderen samenleven. Met andere woorden:
er zijn ouders in soorten.
In de gezinspedagogiek zoekt men naar antwoorden op de vraag wat ouders tot goede opvoeders van hun kinderen maakt. Een verantwoordelijke ouder is iemand die een besef van verantwoordelijkheid heeft en die op grond daarvan poogt zo verantwoord mogelijk te handelen.
De vraag is op welke wijze ouders hun verantwoordelijkheid zouden moeten opnemen om goede opvoeders te zijn. Welke inzichten, vaardigheden en houdingen kenmerken de goede ouder?
In het eerste deel staat de auteur stil bij de verschillende antwoorden op de vraag wat de kenmerken van een goede ouder zijn. Daarna reconstrueert hij de diverse opvattingen over de goede ouder. Het zal duidelijk worden dat ouderschap een heel complex gegeven is dat vele aspecten en dimensies kent. De vergelijking van de verschillende invullingen laat ook toe genuanceerd en kritisch te denken over wie of wat ‘goede ouders’ zijn.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool Universiteit Brussel. Voordien was hij verbonden aan de universiteiten van Leuven, Gent en Plymouth.
In de gezinspedagogiek zoekt men naar antwoorden op de vraag wat ouders tot goede opvoeders van hun kinderen maakt. Een verantwoordelijke ouder is iemand die een besef van verantwoordelijkheid heeft en die op grond daarvan poogt zo verantwoord mogelijk te handelen.
De vraag is op welke wijze ouders hun verantwoordelijkheid zouden moeten opnemen om goede opvoeders te zijn. Welke inzichten, vaardigheden en houdingen kenmerken de goede ouder?
In het eerste deel staat de auteur stil bij de verschillende antwoorden op de vraag wat de kenmerken van een goede ouder zijn. Daarna reconstrueert hij de diverse opvattingen over de goede ouder. Het zal duidelijk worden dat ouderschap een heel complex gegeven is dat vele aspecten en dimensies kent. De vergelijking van de verschillende invullingen laat ook toe genuanceerd en kritisch te denken over wie of wat ‘goede ouders’ zijn.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool Universiteit Brussel. Voordien was hij verbonden aan de universiteiten van Leuven, Gent en Plymouth.

Lire et saisir. Exercices du bon lecteur
€ 24,90
Lire et saisir richt zich in de eerste plaats tot diegenen
die de basis Frans onder de knie hebben en zich verder
willen trainen in begrijpend lezen. Aan de hand van
meerkeuzevragen toetst de lezer of hij de tekst perfect
begrepen heeft. De vijftig oefenteksten zijn van literaire,
journalistieke of politieke aard en zijn gerangschikt
naar stijgende moeilijkheidsgraad. Ook de lengte van de
leesteksten wordt langer: daar waar het eerste deel nog
korte losse teksten biedt, wordt er in het tweede en derde
deel naar romans verwezen. Dankzij een handige sleutel
is dit oefenboek uitermate geschikt als didactisch middel
voor de leerkracht Frans, voor de autodidactische student
en voor al wie graag zijn leesvaardigheid in de taal van
Molière verder wil ontwikkelen.
Filip Verroens gaf les in het secundair onderwijs en is als onderzoeker Franse taalkunde verbonden aan de onderzoeksgroep Contragram van de Universiteit Gent.
Filip Verroens gaf les in het secundair onderwijs en is als onderzoeker Franse taalkunde verbonden aan de onderzoeksgroep Contragram van de Universiteit Gent.

Lire et saisir. Exercices du bon lecteur
€ 24,90
Lire et saisir richt zich in de eerste plaats tot diegenen
die de basis Frans onder de knie hebben en zich verder
willen trainen in begrijpend lezen. Aan de hand van
meerkeuzevragen toetst de lezer of hij de tekst perfect
begrepen heeft. De vijftig oefenteksten zijn van literaire,
journalistieke of politieke aard en zijn gerangschikt
naar stijgende moeilijkheidsgraad. Ook de lengte van de
leesteksten wordt langer: daar waar het eerste deel nog
korte losse teksten biedt, wordt er in het tweede en derde
deel naar romans verwezen. Dankzij een handige sleutel
is dit oefenboek uitermate geschikt als didactisch middel
voor de leerkracht Frans, voor de autodidactische student
en voor al wie graag zijn leesvaardigheid in de taal van
Molière verder wil ontwikkelen.
Filip Verroens gaf les in het secundair onderwijs en is als onderzoeker Franse taalkunde verbonden aan de onderzoeksgroep Contragram van de Universiteit Gent.
Filip Verroens gaf les in het secundair onderwijs en is als onderzoeker Franse taalkunde verbonden aan de onderzoeksgroep Contragram van de Universiteit Gent.

Gezinsproblemen oplossen. Opvoedings- en gedragsproblemen toegelicht
€ 24,90
Heel wat problemen die binnen het gezin opduiken, zijn nietzo eenvoudig op te lossen. De wortels van conflicten liggenvaak erg diep en pogingen om gezinsverhoudingen te verbeterenbotsen vaak op onbegrip en onwil. Een helpende handvan buitenaf is daarom vaak aangewezen. In dit boek wordentwintig voorbeelden van gezinsproblemen besproken. Ze variërenvan gedragsmoeilijkheden bij heel jonge kinderen totopstandig gedrag bij pubers. In andere casussen gaat het omruzie tussen de gescheiden ouders of over ouders die zichgrote zorgen maken over de ontwikkeling van hun geadopteerdkind.
De besproken voorbeelden weerspiegelen de gezinsopvoedingvan deze tijd: de meeste kinderen groeien op bij vaderen moeder, anderen bij een alleenstaande ouder, bij holebi’s, bijadoptieouders of gedeeltelijk bij de grootouders.
Ook het medium waarin deze casussen zijn behandeld, is vandeze tijd. Ouders signaleerden hun problemen via e-mail aande therapeut en kregen per kerende e-mail advies en begeleiding.
Hoewel enigszins afstandelijk, laat deze communicatievormeen snelle maar overdachte dialoog toe. Dit boek geeft dezedialogen nagenoeg letterlijk weer en elke casus wordt gevolgddoor deskundig commentaar waarin de essentie van de hulpverleningaan gezinnen wordt toegelicht. Daardoor is dit boekallesbehalve een droog theoretisch traktaat, maar een plaatswaar concrete vragen over problemen gekoppeld worden aanadvies uit de dagelijkse praktijk van de therapeut.
De besproken voorbeelden weerspiegelen de gezinsopvoedingvan deze tijd: de meeste kinderen groeien op bij vaderen moeder, anderen bij een alleenstaande ouder, bij holebi’s, bijadoptieouders of gedeeltelijk bij de grootouders.
Ook het medium waarin deze casussen zijn behandeld, is vandeze tijd. Ouders signaleerden hun problemen via e-mail aande therapeut en kregen per kerende e-mail advies en begeleiding.
Hoewel enigszins afstandelijk, laat deze communicatievormeen snelle maar overdachte dialoog toe. Dit boek geeft dezedialogen nagenoeg letterlijk weer en elke casus wordt gevolgddoor deskundig commentaar waarin de essentie van de hulpverleningaan gezinnen wordt toegelicht. Daardoor is dit boekallesbehalve een droog theoretisch traktaat, maar een plaatswaar concrete vragen over problemen gekoppeld worden aanadvies uit de dagelijkse praktijk van de therapeut.

Gezinsproblemen oplossen. Opvoedings- en gedragsproblemen toegelicht
€ 24,90
Heel wat problemen die binnen het gezin opduiken, zijn nietzo eenvoudig op te lossen. De wortels van conflicten liggenvaak erg diep en pogingen om gezinsverhoudingen te verbeterenbotsen vaak op onbegrip en onwil. Een helpende handvan buitenaf is daarom vaak aangewezen. In dit boek wordentwintig voorbeelden van gezinsproblemen besproken. Ze variërenvan gedragsmoeilijkheden bij heel jonge kinderen totopstandig gedrag bij pubers. In andere casussen gaat het omruzie tussen de gescheiden ouders of over ouders die zichgrote zorgen maken over de ontwikkeling van hun geadopteerdkind.
De besproken voorbeelden weerspiegelen de gezinsopvoedingvan deze tijd: de meeste kinderen groeien op bij vaderen moeder, anderen bij een alleenstaande ouder, bij holebi’s, bijadoptieouders of gedeeltelijk bij de grootouders.
Ook het medium waarin deze casussen zijn behandeld, is vandeze tijd. Ouders signaleerden hun problemen via e-mail aande therapeut en kregen per kerende e-mail advies en begeleiding.
Hoewel enigszins afstandelijk, laat deze communicatievormeen snelle maar overdachte dialoog toe. Dit boek geeft dezedialogen nagenoeg letterlijk weer en elke casus wordt gevolgddoor deskundig commentaar waarin de essentie van de hulpverleningaan gezinnen wordt toegelicht. Daardoor is dit boekallesbehalve een droog theoretisch traktaat, maar een plaatswaar concrete vragen over problemen gekoppeld worden aanadvies uit de dagelijkse praktijk van de therapeut.
De besproken voorbeelden weerspiegelen de gezinsopvoedingvan deze tijd: de meeste kinderen groeien op bij vaderen moeder, anderen bij een alleenstaande ouder, bij holebi’s, bijadoptieouders of gedeeltelijk bij de grootouders.
Ook het medium waarin deze casussen zijn behandeld, is vandeze tijd. Ouders signaleerden hun problemen via e-mail aande therapeut en kregen per kerende e-mail advies en begeleiding.
Hoewel enigszins afstandelijk, laat deze communicatievormeen snelle maar overdachte dialoog toe. Dit boek geeft dezedialogen nagenoeg letterlijk weer en elke casus wordt gevolgddoor deskundig commentaar waarin de essentie van de hulpverleningaan gezinnen wordt toegelicht. Daardoor is dit boekallesbehalve een droog theoretisch traktaat, maar een plaatswaar concrete vragen over problemen gekoppeld worden aanadvies uit de dagelijkse praktijk van de therapeut.
Tom test-R – Werkboek(testplaten) (in opbergkoffer)
€ 100,00
De ToM – Theory of Mind test-R is een van de weinige
instrumenten die het construct ToM op een gedifferentieerde
wijze benadert.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief). Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Bij dit Werkboek hoort ook een Handleiding (met CD-Rom).
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief). Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Bij dit Werkboek hoort ook een Handleiding (met CD-Rom).
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
Tom test-R – Werkboek(testplaten) (in opbergkoffer)
€ 100,00
De ToM – Theory of Mind test-R is een van de weinige
instrumenten die het construct ToM op een gedifferentieerde
wijze benadert.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief). Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Bij dit Werkboek hoort ook een Handleiding (met CD-Rom).
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
De test meet de drie stadia waarlangs ToM zich ontwikkelt: (1) voorlopers van ToM (doen-alsof, emotieherkenning en het onderkennen van verschil tussen fysisch en mentaal); (2) eerste manifestaties van ToM (first order belief en false belief) en (3) hoogste niveau van ToM (second order belief). Met behulp van een gestructureerd interview, dat bestaat uit 14 items, wordt informatie verzameld over de mate waarin kinderen van 4 tot en met 12 jaar beschikken over sociaal begrip, sociaal inzicht en sociale sensitiviteit. De afname van dit interview duurt gemiddeld twintig minuten.
Het instrument is met name bedoeld voor de doelgroep kinderen met autismespectrumstoornissen.
Bij dit Werkboek hoort ook een Handleiding (met CD-Rom).
Pim Steerneman, doctor in de psychologie, was tot voor kort voorzitter van de Raad van Bestuur van Rubicon Jeugdzorg in Horn. Nu is hij voorzitter van de Raad van Bestuur van Sevagram in Heerlen.
Cor Meesters, doctor in de psychologie, is verbonden aan het Departement Medische, klinische en experimentele psychologie van de Universiteit Maastricht.
Als ik jou. Poëzie voor anderstaligen
€ 21,60
Dit boek laat anderstaligen kennismaken met
Nederlandstalige poëzie. De auteurs verzamelden
gedichten van een twintigtal schrijvers uit
Vlaanderen en Nederland. Bij elk gedicht staan
leuke, speelse en creatieve opdrachten. Op de
bijgevoegde gratis dvd kun je alle gedichten horen
en zien.
‘Als ik jou’ is zowel voor beginnende als voor gevorderde taalleerders geschikt. De meeste opdrachten – de ene al wat makkelijker dan de andere – zijn bruikbaar in alle niveaus van het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor talen.
‘Als ik jou’ is zowel voor beginnende als voor gevorderde taalleerders geschikt. De meeste opdrachten – de ene al wat makkelijker dan de andere – zijn bruikbaar in alle niveaus van het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor talen.
Als ik jou. Poëzie voor anderstaligen
€ 21,60
Dit boek laat anderstaligen kennismaken met
Nederlandstalige poëzie. De auteurs verzamelden
gedichten van een twintigtal schrijvers uit
Vlaanderen en Nederland. Bij elk gedicht staan
leuke, speelse en creatieve opdrachten. Op de
bijgevoegde gratis dvd kun je alle gedichten horen
en zien.
‘Als ik jou’ is zowel voor beginnende als voor gevorderde taalleerders geschikt. De meeste opdrachten – de ene al wat makkelijker dan de andere – zijn bruikbaar in alle niveaus van het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor talen.
‘Als ik jou’ is zowel voor beginnende als voor gevorderde taalleerders geschikt. De meeste opdrachten – de ene al wat makkelijker dan de andere – zijn bruikbaar in alle niveaus van het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor talen.
Simulatie Teamtraining Acute Gezondheidszorg en Verloskunde . Leer- en werkboek
€ 20,60
De praktijk van de verloskunde is het werk van vele handen. In het belang
van elke patiënt is het essentieel dat de samenwerking tussen de
betrokkenen optimaal verloopt. Dat is echter niet altijd het geval. Artsen
en verpleegkundigen volgen vaak eigen procedures en methodes
die een goede onderlinge verstandhouding in de weg staan. Dat leidt
tot onnodige vertragingen, onrust en onzekerheid in de verloskamer,
terwijl in situaties waarin snel gehandeld moet worden, net een doeltreffende
coördinatie is vereist.
Dit leer- en werkboek is ontwikkeld om een optimale samenwerking te bewerkstelligen binnen verloskundige teams. Op basis van teamstrategieën buiten de gezondheidszorg en centraal georganiseerde vaardigheidstrainingen biedt dit boek een theoretische en praktische handleiding over welke ingrediënten en instrumenten nodig zijn om een simulatie teamtraining in de acute zorg op te zetten. Die maakt het voor het verloskundige team mogelijk te oefenen in zowel vaak als niet-vaak voorkomende situaties. Het boek is uiterst praktijkgericht en bevat vragenlijsten om de kennis, prioriteiten en eigenheden van teamleden te testen. Vanuit die inzichten kan dan ingeschat worden hoe individueel-bepaalde zaken binnen het collectief op elkaar afgestemd kunnen worden. Als dusdanig is dit boek een aangewezen gids voor zowel mensen uit de gezondheidszorg als voor docenten die hen moeten voorbereiden op wat er zoal komt kijken bij de dagelijkse praktijk van de verloskunde. De hier voorgestelde trainingsmethodiek is overigens ook toepasbaar buiten de verloskunde.
Marion Heres, gynaecoloog, is verbonden aan het Sint-Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam. Zij is gespecialiseerd in acute verloskunde en maakt deel uit van het Medisch Stafbestuur.
Heleen Vermeulen is patiëntveiligheidsfunctionaris en hoofd van het Bureau Kwaliteit, Veiligheid & Projecten in hetzelfde ziekenhuis.
Dit leer- en werkboek is ontwikkeld om een optimale samenwerking te bewerkstelligen binnen verloskundige teams. Op basis van teamstrategieën buiten de gezondheidszorg en centraal georganiseerde vaardigheidstrainingen biedt dit boek een theoretische en praktische handleiding over welke ingrediënten en instrumenten nodig zijn om een simulatie teamtraining in de acute zorg op te zetten. Die maakt het voor het verloskundige team mogelijk te oefenen in zowel vaak als niet-vaak voorkomende situaties. Het boek is uiterst praktijkgericht en bevat vragenlijsten om de kennis, prioriteiten en eigenheden van teamleden te testen. Vanuit die inzichten kan dan ingeschat worden hoe individueel-bepaalde zaken binnen het collectief op elkaar afgestemd kunnen worden. Als dusdanig is dit boek een aangewezen gids voor zowel mensen uit de gezondheidszorg als voor docenten die hen moeten voorbereiden op wat er zoal komt kijken bij de dagelijkse praktijk van de verloskunde. De hier voorgestelde trainingsmethodiek is overigens ook toepasbaar buiten de verloskunde.
Marion Heres, gynaecoloog, is verbonden aan het Sint-Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam. Zij is gespecialiseerd in acute verloskunde en maakt deel uit van het Medisch Stafbestuur.
Heleen Vermeulen is patiëntveiligheidsfunctionaris en hoofd van het Bureau Kwaliteit, Veiligheid & Projecten in hetzelfde ziekenhuis.
Simulatie Teamtraining Acute Gezondheidszorg en Verloskunde . Leer- en werkboek
€ 20,60
De praktijk van de verloskunde is het werk van vele handen. In het belang
van elke patiënt is het essentieel dat de samenwerking tussen de
betrokkenen optimaal verloopt. Dat is echter niet altijd het geval. Artsen
en verpleegkundigen volgen vaak eigen procedures en methodes
die een goede onderlinge verstandhouding in de weg staan. Dat leidt
tot onnodige vertragingen, onrust en onzekerheid in de verloskamer,
terwijl in situaties waarin snel gehandeld moet worden, net een doeltreffende
coördinatie is vereist.
Dit leer- en werkboek is ontwikkeld om een optimale samenwerking te bewerkstelligen binnen verloskundige teams. Op basis van teamstrategieën buiten de gezondheidszorg en centraal georganiseerde vaardigheidstrainingen biedt dit boek een theoretische en praktische handleiding over welke ingrediënten en instrumenten nodig zijn om een simulatie teamtraining in de acute zorg op te zetten. Die maakt het voor het verloskundige team mogelijk te oefenen in zowel vaak als niet-vaak voorkomende situaties. Het boek is uiterst praktijkgericht en bevat vragenlijsten om de kennis, prioriteiten en eigenheden van teamleden te testen. Vanuit die inzichten kan dan ingeschat worden hoe individueel-bepaalde zaken binnen het collectief op elkaar afgestemd kunnen worden. Als dusdanig is dit boek een aangewezen gids voor zowel mensen uit de gezondheidszorg als voor docenten die hen moeten voorbereiden op wat er zoal komt kijken bij de dagelijkse praktijk van de verloskunde. De hier voorgestelde trainingsmethodiek is overigens ook toepasbaar buiten de verloskunde.
Marion Heres, gynaecoloog, is verbonden aan het Sint-Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam. Zij is gespecialiseerd in acute verloskunde en maakt deel uit van het Medisch Stafbestuur.
Heleen Vermeulen is patiëntveiligheidsfunctionaris en hoofd van het Bureau Kwaliteit, Veiligheid & Projecten in hetzelfde ziekenhuis.
Dit leer- en werkboek is ontwikkeld om een optimale samenwerking te bewerkstelligen binnen verloskundige teams. Op basis van teamstrategieën buiten de gezondheidszorg en centraal georganiseerde vaardigheidstrainingen biedt dit boek een theoretische en praktische handleiding over welke ingrediënten en instrumenten nodig zijn om een simulatie teamtraining in de acute zorg op te zetten. Die maakt het voor het verloskundige team mogelijk te oefenen in zowel vaak als niet-vaak voorkomende situaties. Het boek is uiterst praktijkgericht en bevat vragenlijsten om de kennis, prioriteiten en eigenheden van teamleden te testen. Vanuit die inzichten kan dan ingeschat worden hoe individueel-bepaalde zaken binnen het collectief op elkaar afgestemd kunnen worden. Als dusdanig is dit boek een aangewezen gids voor zowel mensen uit de gezondheidszorg als voor docenten die hen moeten voorbereiden op wat er zoal komt kijken bij de dagelijkse praktijk van de verloskunde. De hier voorgestelde trainingsmethodiek is overigens ook toepasbaar buiten de verloskunde.
Marion Heres, gynaecoloog, is verbonden aan het Sint-Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam. Zij is gespecialiseerd in acute verloskunde en maakt deel uit van het Medisch Stafbestuur.
Heleen Vermeulen is patiëntveiligheidsfunctionaris en hoofd van het Bureau Kwaliteit, Veiligheid & Projecten in hetzelfde ziekenhuis.
Perspectieven op samen leraren opleiden
€ 23,60
Het opleiden van leraren is al geruime tijd niet meer een exclusieve
aangelegenheid voor universiteiten en hogescholen. Instituten voor
lerarenopleidingen en opleidingsscholen zijn in de afgelopen jaren
intensief gaan samenwerken in de leerroutes van nieuwe leraren.
Scholen zijn daarbij in het afgelopen decennium steeds meer een
eigen rol gaan vervullen. Onderdeel van deze veranderingen is ook dat
schoolopleiders zijn toegetreden tot de beroepsgroep lerarenopleiders.
Het lidmaatschap van de VELON – Vereniging Lerarenopleiders
Nederland – en registratie in het beroepsregister bij de Stichting
Register Lerarenopleiders staan voor hen open.
Dit boek brengt de kennis en de huidige stand van zaken met betrekking tot het samen opleiden van leraren door instituten voor de lerarenopleidingen (hbo-instellingen en universiteiten) en scholen in beeld. De nadruk ligt op de opleidingsscholen en de schoolopleiders.
De empirische evidentie van de veronderstelde positieve effecten van het samen leraren opleiden moet nog worden aangetoond. De grote vraag is natuurlijk: Worden de leraren die worden opgeleid in opleidingsscholen ook betere leraren? En worden ze beter dan de huidige leraren, die hen bovendien ook nog moeten opleiden? Specialisten ter zake lichten vanuit verschillende perspectieven dit samen opleiden toe. Ook wordt ingegaan op ontwikkelingen rond de beroepsregistratie van schoolopleiders.
De VELON kent als onafhankelijke beroepsvereniging van lerarenopleiders verschillende verantwoordelijkheden. De vereniging draagt zorg voor de verdere ontwikkeling van het samen opleiden en ondersteunt de leden van de beroepsgroep (schoolopleiders en instituutsopleiders). Daarnaast levert de VELON bijdragen aan een effectieve samenwerking tussen opleidingsinstituten en opleidingsscholen. De vereniging zoekt naar empirisch onderbouwde antwoorden op de vraag naar de effecten van deze samenwerking. Deze bundel geeft daartoe alvast een aanzet.
Dit boek brengt de kennis en de huidige stand van zaken met betrekking tot het samen opleiden van leraren door instituten voor de lerarenopleidingen (hbo-instellingen en universiteiten) en scholen in beeld. De nadruk ligt op de opleidingsscholen en de schoolopleiders.
De empirische evidentie van de veronderstelde positieve effecten van het samen leraren opleiden moet nog worden aangetoond. De grote vraag is natuurlijk: Worden de leraren die worden opgeleid in opleidingsscholen ook betere leraren? En worden ze beter dan de huidige leraren, die hen bovendien ook nog moeten opleiden? Specialisten ter zake lichten vanuit verschillende perspectieven dit samen opleiden toe. Ook wordt ingegaan op ontwikkelingen rond de beroepsregistratie van schoolopleiders.
De VELON kent als onafhankelijke beroepsvereniging van lerarenopleiders verschillende verantwoordelijkheden. De vereniging draagt zorg voor de verdere ontwikkeling van het samen opleiden en ondersteunt de leden van de beroepsgroep (schoolopleiders en instituutsopleiders). Daarnaast levert de VELON bijdragen aan een effectieve samenwerking tussen opleidingsinstituten en opleidingsscholen. De vereniging zoekt naar empirisch onderbouwde antwoorden op de vraag naar de effecten van deze samenwerking. Deze bundel geeft daartoe alvast een aanzet.
Perspectieven op samen leraren opleiden
€ 23,60
Het opleiden van leraren is al geruime tijd niet meer een exclusieve
aangelegenheid voor universiteiten en hogescholen. Instituten voor
lerarenopleidingen en opleidingsscholen zijn in de afgelopen jaren
intensief gaan samenwerken in de leerroutes van nieuwe leraren.
Scholen zijn daarbij in het afgelopen decennium steeds meer een
eigen rol gaan vervullen. Onderdeel van deze veranderingen is ook dat
schoolopleiders zijn toegetreden tot de beroepsgroep lerarenopleiders.
Het lidmaatschap van de VELON – Vereniging Lerarenopleiders
Nederland – en registratie in het beroepsregister bij de Stichting
Register Lerarenopleiders staan voor hen open.
Dit boek brengt de kennis en de huidige stand van zaken met betrekking tot het samen opleiden van leraren door instituten voor de lerarenopleidingen (hbo-instellingen en universiteiten) en scholen in beeld. De nadruk ligt op de opleidingsscholen en de schoolopleiders.
De empirische evidentie van de veronderstelde positieve effecten van het samen leraren opleiden moet nog worden aangetoond. De grote vraag is natuurlijk: Worden de leraren die worden opgeleid in opleidingsscholen ook betere leraren? En worden ze beter dan de huidige leraren, die hen bovendien ook nog moeten opleiden? Specialisten ter zake lichten vanuit verschillende perspectieven dit samen opleiden toe. Ook wordt ingegaan op ontwikkelingen rond de beroepsregistratie van schoolopleiders.
De VELON kent als onafhankelijke beroepsvereniging van lerarenopleiders verschillende verantwoordelijkheden. De vereniging draagt zorg voor de verdere ontwikkeling van het samen opleiden en ondersteunt de leden van de beroepsgroep (schoolopleiders en instituutsopleiders). Daarnaast levert de VELON bijdragen aan een effectieve samenwerking tussen opleidingsinstituten en opleidingsscholen. De vereniging zoekt naar empirisch onderbouwde antwoorden op de vraag naar de effecten van deze samenwerking. Deze bundel geeft daartoe alvast een aanzet.
Dit boek brengt de kennis en de huidige stand van zaken met betrekking tot het samen opleiden van leraren door instituten voor de lerarenopleidingen (hbo-instellingen en universiteiten) en scholen in beeld. De nadruk ligt op de opleidingsscholen en de schoolopleiders.
De empirische evidentie van de veronderstelde positieve effecten van het samen leraren opleiden moet nog worden aangetoond. De grote vraag is natuurlijk: Worden de leraren die worden opgeleid in opleidingsscholen ook betere leraren? En worden ze beter dan de huidige leraren, die hen bovendien ook nog moeten opleiden? Specialisten ter zake lichten vanuit verschillende perspectieven dit samen opleiden toe. Ook wordt ingegaan op ontwikkelingen rond de beroepsregistratie van schoolopleiders.
De VELON kent als onafhankelijke beroepsvereniging van lerarenopleiders verschillende verantwoordelijkheden. De vereniging draagt zorg voor de verdere ontwikkeling van het samen opleiden en ondersteunt de leden van de beroepsgroep (schoolopleiders en instituutsopleiders). Daarnaast levert de VELON bijdragen aan een effectieve samenwerking tussen opleidingsinstituten en opleidingsscholen. De vereniging zoekt naar empirisch onderbouwde antwoorden op de vraag naar de effecten van deze samenwerking. Deze bundel geeft daartoe alvast een aanzet.
De kunst van het zorgen. Over verbinding in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking
€ 21,90
Vele ontwikkelingen in de zorgsector worden de laatste jaren beheerst
door het streven naar verbetering van kwaliteit. Het uitgangspunt van
overheid en zorgverzekeraars is dat kwaliteit ‘meetbaar’ moet zijn.
Door het vaststellen van uitkomstmaten, zogenaamde output-indicatoren,
wil men het resultaat van verbetertrajecten op wetenschappelijke
wijze kunnen vaststellen. Dit streven naar kwantificering heeft
een effect op wat onder kwaliteit wordt verstaan. Wat niet of nauwelijks
meetbaar is, valt alleen al daardoor buiten het begrip kwaliteit.
Meetbare eenheden zijn bijvoorbeeld het aantal meldingen van
incidenten en calamiteiten of van vrijheidsbeperkende maatregelen.
Minder meetbaar zijn bijvoorbeeld die aspecten van goede zorg die
betrekking hebben op de relatie tussen zorgverleners en cliënten.
Juist die aspecten worden in dit boek naar voren gehaald. Dat gebeurt door middel van een cultuurantropologische studie over het thema ‘verbinding’ in een dagelijkse zorgpraktijk. Het betreft een woonhuis voor mensen met een verstandelijke beperking. Het verlenen van goede zorg aan deze mensen is een kunst, de kunst van het zorgen, waarin het erom gaat mensen tot bloei te laten komen. Voor mensen met een beperking is het van belang om zich met de wereld om hen heen te kunnen verbinden. Dan komen mogelijkheden tot ontwikkeling die anders verborgen blijven. Dit lukt echter alleen wanneer zorgverleners erin slagen om eerst zelf een verbinding met deze mensen aan te gaan. Kwaliteit van zorg is kwaliteit van wat zich tussen mensen afspeelt, veel meer dan van veiligheidsprocedures en bedrijfsprocessen.
Karen Wuertz antropologe en extern onderzoekster bij de Bernard Lievegoed Leerstoel van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Hans Reinders is hoogleraar ethiek en houder van de Bernard Lievegoed leerstoel voor ethische aspecten van zorg- en hulpverlening vanuit de antroposofie, beide aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Juist die aspecten worden in dit boek naar voren gehaald. Dat gebeurt door middel van een cultuurantropologische studie over het thema ‘verbinding’ in een dagelijkse zorgpraktijk. Het betreft een woonhuis voor mensen met een verstandelijke beperking. Het verlenen van goede zorg aan deze mensen is een kunst, de kunst van het zorgen, waarin het erom gaat mensen tot bloei te laten komen. Voor mensen met een beperking is het van belang om zich met de wereld om hen heen te kunnen verbinden. Dan komen mogelijkheden tot ontwikkeling die anders verborgen blijven. Dit lukt echter alleen wanneer zorgverleners erin slagen om eerst zelf een verbinding met deze mensen aan te gaan. Kwaliteit van zorg is kwaliteit van wat zich tussen mensen afspeelt, veel meer dan van veiligheidsprocedures en bedrijfsprocessen.
Karen Wuertz antropologe en extern onderzoekster bij de Bernard Lievegoed Leerstoel van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Hans Reinders is hoogleraar ethiek en houder van de Bernard Lievegoed leerstoel voor ethische aspecten van zorg- en hulpverlening vanuit de antroposofie, beide aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
De kunst van het zorgen. Over verbinding in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking
€ 21,90
Vele ontwikkelingen in de zorgsector worden de laatste jaren beheerst
door het streven naar verbetering van kwaliteit. Het uitgangspunt van
overheid en zorgverzekeraars is dat kwaliteit ‘meetbaar’ moet zijn.
Door het vaststellen van uitkomstmaten, zogenaamde output-indicatoren,
wil men het resultaat van verbetertrajecten op wetenschappelijke
wijze kunnen vaststellen. Dit streven naar kwantificering heeft
een effect op wat onder kwaliteit wordt verstaan. Wat niet of nauwelijks
meetbaar is, valt alleen al daardoor buiten het begrip kwaliteit.
Meetbare eenheden zijn bijvoorbeeld het aantal meldingen van
incidenten en calamiteiten of van vrijheidsbeperkende maatregelen.
Minder meetbaar zijn bijvoorbeeld die aspecten van goede zorg die
betrekking hebben op de relatie tussen zorgverleners en cliënten.
Juist die aspecten worden in dit boek naar voren gehaald. Dat gebeurt door middel van een cultuurantropologische studie over het thema ‘verbinding’ in een dagelijkse zorgpraktijk. Het betreft een woonhuis voor mensen met een verstandelijke beperking. Het verlenen van goede zorg aan deze mensen is een kunst, de kunst van het zorgen, waarin het erom gaat mensen tot bloei te laten komen. Voor mensen met een beperking is het van belang om zich met de wereld om hen heen te kunnen verbinden. Dan komen mogelijkheden tot ontwikkeling die anders verborgen blijven. Dit lukt echter alleen wanneer zorgverleners erin slagen om eerst zelf een verbinding met deze mensen aan te gaan. Kwaliteit van zorg is kwaliteit van wat zich tussen mensen afspeelt, veel meer dan van veiligheidsprocedures en bedrijfsprocessen.
Karen Wuertz antropologe en extern onderzoekster bij de Bernard Lievegoed Leerstoel van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Hans Reinders is hoogleraar ethiek en houder van de Bernard Lievegoed leerstoel voor ethische aspecten van zorg- en hulpverlening vanuit de antroposofie, beide aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Juist die aspecten worden in dit boek naar voren gehaald. Dat gebeurt door middel van een cultuurantropologische studie over het thema ‘verbinding’ in een dagelijkse zorgpraktijk. Het betreft een woonhuis voor mensen met een verstandelijke beperking. Het verlenen van goede zorg aan deze mensen is een kunst, de kunst van het zorgen, waarin het erom gaat mensen tot bloei te laten komen. Voor mensen met een beperking is het van belang om zich met de wereld om hen heen te kunnen verbinden. Dan komen mogelijkheden tot ontwikkeling die anders verborgen blijven. Dit lukt echter alleen wanneer zorgverleners erin slagen om eerst zelf een verbinding met deze mensen aan te gaan. Kwaliteit van zorg is kwaliteit van wat zich tussen mensen afspeelt, veel meer dan van veiligheidsprocedures en bedrijfsprocessen.
Karen Wuertz antropologe en extern onderzoekster bij de Bernard Lievegoed Leerstoel van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Hans Reinders is hoogleraar ethiek en houder van de Bernard Lievegoed leerstoel voor ethische aspecten van zorg- en hulpverlening vanuit de antroposofie, beide aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Public Relations. Planning en werkvelden – 2de geactualiseerde en vermeerderde druk
€ 26,00
Er gaan talrijke betekenissen schuil onder de term Public Relations.Meer zelfs: een heleboel verschillende termen worden gehanteerdom het vakgebied van Public Relations aan te geven. CorporateCommunication, Communicatiemanagement, Public Affairs, …
Je vindt op internationaal vlak de opleiding Public Relations terug in het domeinvan de Sociale wetenschappen, Politieke wetenschappen, Bestuurskundeof -leer, Communicatiewetenschappen, …
Het merendeel van de praktijkbeoefenaars (zowel binnen de adviesbranche alsbinnen de bedrijfswereld) genoot geen PR-opleiding, hoewel we op dit vlakstilaan aan een inhaalbeweging bezig zijn.
Deze zaken geven onmiddellijk aan dat we het hier hebben over een disciplinedie qua invulling en perceptie niet altijd even duidelijk is.
De bedoeling van dit studieboek is dieper in te gaan op de strategische inzichtenen werkvelden van Public Relations. Het is met andere woorden eenverdieping van wat in een eerste jaar binnen een opleiding Bachelor in Communicatiemanagementgegeven werd of van een kennis die de lezer eldersheeft opgedaan.
Je vindt op internationaal vlak de opleiding Public Relations terug in het domeinvan de Sociale wetenschappen, Politieke wetenschappen, Bestuurskundeof -leer, Communicatiewetenschappen, …
Het merendeel van de praktijkbeoefenaars (zowel binnen de adviesbranche alsbinnen de bedrijfswereld) genoot geen PR-opleiding, hoewel we op dit vlakstilaan aan een inhaalbeweging bezig zijn.
Deze zaken geven onmiddellijk aan dat we het hier hebben over een disciplinedie qua invulling en perceptie niet altijd even duidelijk is.
De bedoeling van dit studieboek is dieper in te gaan op de strategische inzichtenen werkvelden van Public Relations. Het is met andere woorden eenverdieping van wat in een eerste jaar binnen een opleiding Bachelor in Communicatiemanagementgegeven werd of van een kennis die de lezer eldersheeft opgedaan.

Public Relations. Planning en werkvelden – 2de geactualiseerde en vermeerderde druk
€ 26,00
Er gaan talrijke betekenissen schuil onder de term Public Relations.Meer zelfs: een heleboel verschillende termen worden gehanteerdom het vakgebied van Public Relations aan te geven. CorporateCommunication, Communicatiemanagement, Public Affairs, …
Je vindt op internationaal vlak de opleiding Public Relations terug in het domeinvan de Sociale wetenschappen, Politieke wetenschappen, Bestuurskundeof -leer, Communicatiewetenschappen, …
Het merendeel van de praktijkbeoefenaars (zowel binnen de adviesbranche alsbinnen de bedrijfswereld) genoot geen PR-opleiding, hoewel we op dit vlakstilaan aan een inhaalbeweging bezig zijn.
Deze zaken geven onmiddellijk aan dat we het hier hebben over een disciplinedie qua invulling en perceptie niet altijd even duidelijk is.
De bedoeling van dit studieboek is dieper in te gaan op de strategische inzichtenen werkvelden van Public Relations. Het is met andere woorden eenverdieping van wat in een eerste jaar binnen een opleiding Bachelor in Communicatiemanagementgegeven werd of van een kennis die de lezer eldersheeft opgedaan.
Je vindt op internationaal vlak de opleiding Public Relations terug in het domeinvan de Sociale wetenschappen, Politieke wetenschappen, Bestuurskundeof -leer, Communicatiewetenschappen, …
Het merendeel van de praktijkbeoefenaars (zowel binnen de adviesbranche alsbinnen de bedrijfswereld) genoot geen PR-opleiding, hoewel we op dit vlakstilaan aan een inhaalbeweging bezig zijn.
Deze zaken geven onmiddellijk aan dat we het hier hebben over een disciplinedie qua invulling en perceptie niet altijd even duidelijk is.
De bedoeling van dit studieboek is dieper in te gaan op de strategische inzichtenen werkvelden van Public Relations. Het is met andere woorden eenverdieping van wat in een eerste jaar binnen een opleiding Bachelor in Communicatiemanagementgegeven werd of van een kennis die de lezer eldersheeft opgedaan.
Leven in de risicomaatschappij. Deel 3: Aanbevelingen voor doeltreffend risicoreguleringsmanagement
€ 21,00
Reguleringsmanagement omvat een geheel van maatregelen
die een betere wetgeving beogen, voornamelijk door de
introductie van principes van integrale kwaliteitszorg in het
wetgevingsbeleid. De consequente invoering daarvan verloopt
niet zonder moeilijkheden, wegens diverse hardnekkige
obstakels die structureel in het huidige wetgevingsproces
verankerd zitten. De auteur toont het nut van
reguleringsmanagement aan en formuleert aanbevelingen
om de bestaande obstakels te overstijgen en een optimale
implementatie van reguleringsmanagement mogelijk te
maken.
Bij het tot stand komen van wetgeving bij professionele, maatschappelijke en milieurisico’s, blijken een aantal nukkige knelpunten te blijven bestaan: het gebrek aan visie, aan samenwerking, aan ex-ante- en ex-post-impactanalyses en aan objectieve criteria die het beleid onderbouwen. Dit boek reikt mogelijke oplossingen aan vanuit good practices. Stap voor stap wordt een geheel van aandachtspunten uitgewerkt, die de vereisten van doeltreffend risicomanagement door de overheid, de fundamentele beginselen van de rechtsstaat en de principes van integrale kwaliteitszorg integreren onder de noemer ‘risicoreguleringsmanagement’.
Deze aanbevelingen zijn niet alleen voor beleidsmakers bestemd, ze kunnen ook privé-risicomanagers inspireren bij het uitstippelen van een risicobeleid en onderbouwde keuzes met betrekking tot risicobeheersingsmaatregelen binnen hun organisatie. Ze gaan mutatis mutandis ook op voor elk beleidsthema.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
Bij het tot stand komen van wetgeving bij professionele, maatschappelijke en milieurisico’s, blijken een aantal nukkige knelpunten te blijven bestaan: het gebrek aan visie, aan samenwerking, aan ex-ante- en ex-post-impactanalyses en aan objectieve criteria die het beleid onderbouwen. Dit boek reikt mogelijke oplossingen aan vanuit good practices. Stap voor stap wordt een geheel van aandachtspunten uitgewerkt, die de vereisten van doeltreffend risicomanagement door de overheid, de fundamentele beginselen van de rechtsstaat en de principes van integrale kwaliteitszorg integreren onder de noemer ‘risicoreguleringsmanagement’.
Deze aanbevelingen zijn niet alleen voor beleidsmakers bestemd, ze kunnen ook privé-risicomanagers inspireren bij het uitstippelen van een risicobeleid en onderbouwde keuzes met betrekking tot risicobeheersingsmaatregelen binnen hun organisatie. Ze gaan mutatis mutandis ook op voor elk beleidsthema.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
Leven in de risicomaatschappij. Deel 3: Aanbevelingen voor doeltreffend risicoreguleringsmanagement
€ 21,00
Reguleringsmanagement omvat een geheel van maatregelen
die een betere wetgeving beogen, voornamelijk door de
introductie van principes van integrale kwaliteitszorg in het
wetgevingsbeleid. De consequente invoering daarvan verloopt
niet zonder moeilijkheden, wegens diverse hardnekkige
obstakels die structureel in het huidige wetgevingsproces
verankerd zitten. De auteur toont het nut van
reguleringsmanagement aan en formuleert aanbevelingen
om de bestaande obstakels te overstijgen en een optimale
implementatie van reguleringsmanagement mogelijk te
maken.
Bij het tot stand komen van wetgeving bij professionele, maatschappelijke en milieurisico’s, blijken een aantal nukkige knelpunten te blijven bestaan: het gebrek aan visie, aan samenwerking, aan ex-ante- en ex-post-impactanalyses en aan objectieve criteria die het beleid onderbouwen. Dit boek reikt mogelijke oplossingen aan vanuit good practices. Stap voor stap wordt een geheel van aandachtspunten uitgewerkt, die de vereisten van doeltreffend risicomanagement door de overheid, de fundamentele beginselen van de rechtsstaat en de principes van integrale kwaliteitszorg integreren onder de noemer ‘risicoreguleringsmanagement’.
Deze aanbevelingen zijn niet alleen voor beleidsmakers bestemd, ze kunnen ook privé-risicomanagers inspireren bij het uitstippelen van een risicobeleid en onderbouwde keuzes met betrekking tot risicobeheersingsmaatregelen binnen hun organisatie. Ze gaan mutatis mutandis ook op voor elk beleidsthema.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
Bij het tot stand komen van wetgeving bij professionele, maatschappelijke en milieurisico’s, blijken een aantal nukkige knelpunten te blijven bestaan: het gebrek aan visie, aan samenwerking, aan ex-ante- en ex-post-impactanalyses en aan objectieve criteria die het beleid onderbouwen. Dit boek reikt mogelijke oplossingen aan vanuit good practices. Stap voor stap wordt een geheel van aandachtspunten uitgewerkt, die de vereisten van doeltreffend risicomanagement door de overheid, de fundamentele beginselen van de rechtsstaat en de principes van integrale kwaliteitszorg integreren onder de noemer ‘risicoreguleringsmanagement’.
Deze aanbevelingen zijn niet alleen voor beleidsmakers bestemd, ze kunnen ook privé-risicomanagers inspireren bij het uitstippelen van een risicobeleid en onderbouwde keuzes met betrekking tot risicobeheersingsmaatregelen binnen hun organisatie. Ze gaan mutatis mutandis ook op voor elk beleidsthema.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
Leven in de risicomaatschappij. Deel 2: Kritische analyse van de Belgische wetgeving: welzijn op het werk, civiele veiligheid en Sevesorisico’s
€ 55,00
Het stijgende aantal professionele, maatschappelijke
en milieurisico’s, hun maatschappelijke impact en de
toenemende onzekerheid over de mogelijke effecten van
nieuwe en gekende risico’s hebben de afgelopen decennia
gezorgd voor een gestage toename van de wetgeving.
In dit boek wordt de huidige regelgeving inzake welzijn
op het werk, civiele veiligheid en Sevesorisico’s kritisch
geanalyseerd. De centrale vraag is in welke mate de huidige
wettelijke verplichtingen een adequaat kader aanreiken om
risico’s doeltreffend aan te pakken. Zowel het operationeel
beleid, zoals het door de wetgeving wordt opgelegd, als het
wetgevingsbeleid van de overheid zelf, vormen het voorwerp
van de analyse.
De toetsing gebeurt aan de hand van een roadmap, die een leidraad omvat met negen essentiële vereisten waaraan risicomanagement dient te voldoen om doeltreffend te zijn. Uit de vergelijking van het operationeel en het wetgevingsbeleid per risicodomein en de onderlinge vergelijking van de drie risicodomeinen, komen ondubbelzinnig de goede en zwakke kanten van de huidige benadering naar voor.
Het analytisch kader (de roadmap) en de conclusies uit de vergelijking bieden samen een methodologische leidraad en concrete aandachtspunten (zowel voor private als voor publieke risicomanagers) die substantiële verbeteringen mogelijk maken om de impact van risico’s juister in te schatten en beter onderbouwde beslissingen te nemen om die impact drastisch te beperken.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
De toetsing gebeurt aan de hand van een roadmap, die een leidraad omvat met negen essentiële vereisten waaraan risicomanagement dient te voldoen om doeltreffend te zijn. Uit de vergelijking van het operationeel en het wetgevingsbeleid per risicodomein en de onderlinge vergelijking van de drie risicodomeinen, komen ondubbelzinnig de goede en zwakke kanten van de huidige benadering naar voor.
Het analytisch kader (de roadmap) en de conclusies uit de vergelijking bieden samen een methodologische leidraad en concrete aandachtspunten (zowel voor private als voor publieke risicomanagers) die substantiële verbeteringen mogelijk maken om de impact van risico’s juister in te schatten en beter onderbouwde beslissingen te nemen om die impact drastisch te beperken.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
Leven in de risicomaatschappij. Deel 2: Kritische analyse van de Belgische wetgeving: welzijn op het werk, civiele veiligheid en Sevesorisico’s
€ 55,00
Het stijgende aantal professionele, maatschappelijke
en milieurisico’s, hun maatschappelijke impact en de
toenemende onzekerheid over de mogelijke effecten van
nieuwe en gekende risico’s hebben de afgelopen decennia
gezorgd voor een gestage toename van de wetgeving.
In dit boek wordt de huidige regelgeving inzake welzijn
op het werk, civiele veiligheid en Sevesorisico’s kritisch
geanalyseerd. De centrale vraag is in welke mate de huidige
wettelijke verplichtingen een adequaat kader aanreiken om
risico’s doeltreffend aan te pakken. Zowel het operationeel
beleid, zoals het door de wetgeving wordt opgelegd, als het
wetgevingsbeleid van de overheid zelf, vormen het voorwerp
van de analyse.
De toetsing gebeurt aan de hand van een roadmap, die een leidraad omvat met negen essentiële vereisten waaraan risicomanagement dient te voldoen om doeltreffend te zijn. Uit de vergelijking van het operationeel en het wetgevingsbeleid per risicodomein en de onderlinge vergelijking van de drie risicodomeinen, komen ondubbelzinnig de goede en zwakke kanten van de huidige benadering naar voor.
Het analytisch kader (de roadmap) en de conclusies uit de vergelijking bieden samen een methodologische leidraad en concrete aandachtspunten (zowel voor private als voor publieke risicomanagers) die substantiële verbeteringen mogelijk maken om de impact van risico’s juister in te schatten en beter onderbouwde beslissingen te nemen om die impact drastisch te beperken.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
De toetsing gebeurt aan de hand van een roadmap, die een leidraad omvat met negen essentiële vereisten waaraan risicomanagement dient te voldoen om doeltreffend te zijn. Uit de vergelijking van het operationeel en het wetgevingsbeleid per risicodomein en de onderlinge vergelijking van de drie risicodomeinen, komen ondubbelzinnig de goede en zwakke kanten van de huidige benadering naar voor.
Het analytisch kader (de roadmap) en de conclusies uit de vergelijking bieden samen een methodologische leidraad en concrete aandachtspunten (zowel voor private als voor publieke risicomanagers) die substantiële verbeteringen mogelijk maken om de impact van risico’s juister in te schatten en beter onderbouwde beslissingen te nemen om die impact drastisch te beperken.
Kathleen van Heuverswyn, doctor in de rechten, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen. Voordien werkte zij als juridisch adviseur risicomanagement in private en publieke organisaties, zowel in nationale als Europese context.
Pride, Prejudice and Ignorance. The western Image of the Muslim Orient (ATI-Academic Publications, n° 5)
€ 17,60
Spanning eleven centuries of conflict between Islam and the West, this book
presents an account of the development of the Western image of the Muslim
Orient from the advent of Islam to the eighteenth century. In an introductory
chapter, the book goes even beyond the emergence of Islam to trace the
Eurocentric outlook that characterized the Western views of the Muslim world
to the Graeco-Roman’s conception of Eastern cultures as essentially different
and inferior, despotic and morally decadent. For Eastern Christians and medieval
Europeans alike, the Bible was a source of some of the most hostile interpretations
of the coming and meteoric spread of Islam. Against the backdrop of the
Crusades, some of the most offensive material and absurd fantasies were created
about Islam and the Prophet. Many medieval prejudices persisted during the
Renaissance and beyond. The rise of the Ottomans and their rapid advance in
Europe resulted in the resurgence of antagonistic feelings against the Muslims.
At the same time, the first-hand experience accompanying the spread of trade
and diplomatic relations with the Ottomans helped ameliorate the otherwise
totally negative image of Islam. The extension of travel to the Ottoman provinces
provided the West with more objective and accurate accounts of the Muslim
Orient. The book shows how a reappraisal of Islam and its prophet was an indirect
outcome of the Enlightenment project. The book sheds light on the origins of
the stereotypical image of Islam as reflected in the different manifestations of
European culture.
Muhammad Fahmy Raiyah is Assistant Professor of English literature at Mansoura University, Egypt, and King Khalid University, Saudi Arabia.
Muhammad Fahmy Raiyah is Assistant Professor of English literature at Mansoura University, Egypt, and King Khalid University, Saudi Arabia.
Pride, Prejudice and Ignorance. The western Image of the Muslim Orient (ATI-Academic Publications, n° 5)
€ 17,60
Spanning eleven centuries of conflict between Islam and the West, this book
presents an account of the development of the Western image of the Muslim
Orient from the advent of Islam to the eighteenth century. In an introductory
chapter, the book goes even beyond the emergence of Islam to trace the
Eurocentric outlook that characterized the Western views of the Muslim world
to the Graeco-Roman’s conception of Eastern cultures as essentially different
and inferior, despotic and morally decadent. For Eastern Christians and medieval
Europeans alike, the Bible was a source of some of the most hostile interpretations
of the coming and meteoric spread of Islam. Against the backdrop of the
Crusades, some of the most offensive material and absurd fantasies were created
about Islam and the Prophet. Many medieval prejudices persisted during the
Renaissance and beyond. The rise of the Ottomans and their rapid advance in
Europe resulted in the resurgence of antagonistic feelings against the Muslims.
At the same time, the first-hand experience accompanying the spread of trade
and diplomatic relations with the Ottomans helped ameliorate the otherwise
totally negative image of Islam. The extension of travel to the Ottoman provinces
provided the West with more objective and accurate accounts of the Muslim
Orient. The book shows how a reappraisal of Islam and its prophet was an indirect
outcome of the Enlightenment project. The book sheds light on the origins of
the stereotypical image of Islam as reflected in the different manifestations of
European culture.
Muhammad Fahmy Raiyah is Assistant Professor of English literature at Mansoura University, Egypt, and King Khalid University, Saudi Arabia.
Muhammad Fahmy Raiyah is Assistant Professor of English literature at Mansoura University, Egypt, and King Khalid University, Saudi Arabia.
Society, Religion, and Poetry in Pre-Islamic Arabia (Arabic Literature Unveiled, N° 1)
€ 28,50
The growing diversity of our society makes that we are increasingly confronted with foreign cultures and their art forms. The Western Canon has in recent years lost some of its monopoly in favour of influences from the Middle and Far East. This offers quite a few new perspectives, but for these cultures it is not always self-evident to find their way to a Western audience. The different language, the lack of familiarity with Arabic society, and several other cultural aspects hinder an easy access and interest. This is definitely the case for early-Arabic literature. One of the most important poetic works from pre-Islamic Arabia is the Mu''allaqat or ''The Hangign Odes''. These odes can be considered as the best poetic work in a tradition that spans six centuries (from the first to the sixth century AD). They describe in a poetic form the early-Arabic life of the bedouin communities in great detail and are widely read, praised and studied in Arabic schools and universities.
This book is devoted to making these odes accesible for a Western audience. The first part consists of seven essays that provide a thorough insight of the society in which these odes originated, with sharp critical analyses of the country, its overview of pre-Islamic Arabia with an emphasis on the influence of Christianity; the Nabataeans, the reign of the fourth century Queen Mavia; and an analysis of the structure of pre-Islamic poetry. The second part consists of a poetic translation of the Mu''allaqat in English.
Ibrahim Mumayiz was professor of English literature at several universities in the Middle East. He has widely published on English literature, sixteenth century English Catholic history, and on Arabic-English poetry translations.
This book is devoted to making these odes accesible for a Western audience. The first part consists of seven essays that provide a thorough insight of the society in which these odes originated, with sharp critical analyses of the country, its overview of pre-Islamic Arabia with an emphasis on the influence of Christianity; the Nabataeans, the reign of the fourth century Queen Mavia; and an analysis of the structure of pre-Islamic poetry. The second part consists of a poetic translation of the Mu''allaqat in English.
Ibrahim Mumayiz was professor of English literature at several universities in the Middle East. He has widely published on English literature, sixteenth century English Catholic history, and on Arabic-English poetry translations.
Society, Religion, and Poetry in Pre-Islamic Arabia (Arabic Literature Unveiled, N° 1)
€ 28,50
The growing diversity of our society makes that we are increasingly confronted with foreign cultures and their art forms. The Western Canon has in recent years lost some of its monopoly in favour of influences from the Middle and Far East. This offers quite a few new perspectives, but for these cultures it is not always self-evident to find their way to a Western audience. The different language, the lack of familiarity with Arabic society, and several other cultural aspects hinder an easy access and interest. This is definitely the case for early-Arabic literature. One of the most important poetic works from pre-Islamic Arabia is the Mu''allaqat or ''The Hangign Odes''. These odes can be considered as the best poetic work in a tradition that spans six centuries (from the first to the sixth century AD). They describe in a poetic form the early-Arabic life of the bedouin communities in great detail and are widely read, praised and studied in Arabic schools and universities.
This book is devoted to making these odes accesible for a Western audience. The first part consists of seven essays that provide a thorough insight of the society in which these odes originated, with sharp critical analyses of the country, its overview of pre-Islamic Arabia with an emphasis on the influence of Christianity; the Nabataeans, the reign of the fourth century Queen Mavia; and an analysis of the structure of pre-Islamic poetry. The second part consists of a poetic translation of the Mu''allaqat in English.
Ibrahim Mumayiz was professor of English literature at several universities in the Middle East. He has widely published on English literature, sixteenth century English Catholic history, and on Arabic-English poetry translations.
This book is devoted to making these odes accesible for a Western audience. The first part consists of seven essays that provide a thorough insight of the society in which these odes originated, with sharp critical analyses of the country, its overview of pre-Islamic Arabia with an emphasis on the influence of Christianity; the Nabataeans, the reign of the fourth century Queen Mavia; and an analysis of the structure of pre-Islamic poetry. The second part consists of a poetic translation of the Mu''allaqat in English.
Ibrahim Mumayiz was professor of English literature at several universities in the Middle East. He has widely published on English literature, sixteenth century English Catholic history, and on Arabic-English poetry translations.
Mag ik ook wat zeggen? Empoweren van ouderen in een woon- en zorgcentrum
€ 21,00
Empowerment, een modewoord of veeleer (juist bittere)
noodzaak in de ouderenzorg? Ouderen die in een woonen
zorgcentrum verblijven, hebben heel weinig controle
over de manier waarop beslissingen over gezondheid en
autonomie worden genomen. Vaak hebben ze zaken niet
meer zelf in handen, hoewel ze daartoe nog perfect in
staat zijn. Voor dit fenomeen zijn er een aantal mogelijke
verklaringen. Zo is de invloed van het hospitalisatiesyndroom
zeker niet te onderschatten. Maar ook de kenmerken
van de huidige generatie ouderen, die ook wel de
‘stille generatie’ wordt genoemd, spelen een rol.
De auteurs willen een antwoord geven op de waargenomen behoeften binnen de sector. Ze bieden handvatten tot empowerment aan. Meteen presenteren ze een methodiek tot implementatie van empowerment op de afdelingen. Verder verdient empowerment als onderdeel van kwaliteitszorg de nodige aandacht. Empowerment zou vervat moeten zitten in het dagelijkse handelen in de ouderenzorg, zodat de huidige generatie ouderen een stem hebben in de beslissingen. Ook moet de sector zich voorbereiden op de komst van de toekomstige generatie ouderen. Deze generatie zal, anders dan de huidige, heel gepast de ‘protestgeneratie’ worden genoemd.
Deze uitgave is een initiatief van de Katholieke Hogeschool Kempen in Geel en VONK3, het Vlaams onderzoeks- en kenniscentrum voor de derde leeftijd, dat gelieerd is aan de hogeschool. Koen Geenen, ergotherapeut, is opleidingscoördinator van de Opleiding Ergotherapie van deze hogeschool en hij is medewerker bij Vonk3. De coauteurs zijn verbonden aan dezelfde hogeschool.
De auteurs willen een antwoord geven op de waargenomen behoeften binnen de sector. Ze bieden handvatten tot empowerment aan. Meteen presenteren ze een methodiek tot implementatie van empowerment op de afdelingen. Verder verdient empowerment als onderdeel van kwaliteitszorg de nodige aandacht. Empowerment zou vervat moeten zitten in het dagelijkse handelen in de ouderenzorg, zodat de huidige generatie ouderen een stem hebben in de beslissingen. Ook moet de sector zich voorbereiden op de komst van de toekomstige generatie ouderen. Deze generatie zal, anders dan de huidige, heel gepast de ‘protestgeneratie’ worden genoemd.
Deze uitgave is een initiatief van de Katholieke Hogeschool Kempen in Geel en VONK3, het Vlaams onderzoeks- en kenniscentrum voor de derde leeftijd, dat gelieerd is aan de hogeschool. Koen Geenen, ergotherapeut, is opleidingscoördinator van de Opleiding Ergotherapie van deze hogeschool en hij is medewerker bij Vonk3. De coauteurs zijn verbonden aan dezelfde hogeschool.
Mag ik ook wat zeggen? Empoweren van ouderen in een woon- en zorgcentrum
€ 21,00
Empowerment, een modewoord of veeleer (juist bittere)
noodzaak in de ouderenzorg? Ouderen die in een woonen
zorgcentrum verblijven, hebben heel weinig controle
over de manier waarop beslissingen over gezondheid en
autonomie worden genomen. Vaak hebben ze zaken niet
meer zelf in handen, hoewel ze daartoe nog perfect in
staat zijn. Voor dit fenomeen zijn er een aantal mogelijke
verklaringen. Zo is de invloed van het hospitalisatiesyndroom
zeker niet te onderschatten. Maar ook de kenmerken
van de huidige generatie ouderen, die ook wel de
‘stille generatie’ wordt genoemd, spelen een rol.
De auteurs willen een antwoord geven op de waargenomen behoeften binnen de sector. Ze bieden handvatten tot empowerment aan. Meteen presenteren ze een methodiek tot implementatie van empowerment op de afdelingen. Verder verdient empowerment als onderdeel van kwaliteitszorg de nodige aandacht. Empowerment zou vervat moeten zitten in het dagelijkse handelen in de ouderenzorg, zodat de huidige generatie ouderen een stem hebben in de beslissingen. Ook moet de sector zich voorbereiden op de komst van de toekomstige generatie ouderen. Deze generatie zal, anders dan de huidige, heel gepast de ‘protestgeneratie’ worden genoemd.
Deze uitgave is een initiatief van de Katholieke Hogeschool Kempen in Geel en VONK3, het Vlaams onderzoeks- en kenniscentrum voor de derde leeftijd, dat gelieerd is aan de hogeschool. Koen Geenen, ergotherapeut, is opleidingscoördinator van de Opleiding Ergotherapie van deze hogeschool en hij is medewerker bij Vonk3. De coauteurs zijn verbonden aan dezelfde hogeschool.
De auteurs willen een antwoord geven op de waargenomen behoeften binnen de sector. Ze bieden handvatten tot empowerment aan. Meteen presenteren ze een methodiek tot implementatie van empowerment op de afdelingen. Verder verdient empowerment als onderdeel van kwaliteitszorg de nodige aandacht. Empowerment zou vervat moeten zitten in het dagelijkse handelen in de ouderenzorg, zodat de huidige generatie ouderen een stem hebben in de beslissingen. Ook moet de sector zich voorbereiden op de komst van de toekomstige generatie ouderen. Deze generatie zal, anders dan de huidige, heel gepast de ‘protestgeneratie’ worden genoemd.
Deze uitgave is een initiatief van de Katholieke Hogeschool Kempen in Geel en VONK3, het Vlaams onderzoeks- en kenniscentrum voor de derde leeftijd, dat gelieerd is aan de hogeschool. Koen Geenen, ergotherapeut, is opleidingscoördinator van de Opleiding Ergotherapie van deze hogeschool en hij is medewerker bij Vonk3. De coauteurs zijn verbonden aan dezelfde hogeschool.
Cultures in dialogue. A translational perspective (ATI-Academic Publications, n° 4)
€ 19,90
Translation is intercultural communication par excellence. As such, it
assumes a considerable role in the encounters between different cultures
and their respective languages. This important role of translation stems
from the fact that translating involves the carrying-over of specific
socio-cultural input to and recuperated by specific target reading cultures,
which have at their disposal an established system of representation
with its own norms for text production and consumption of meanings
vis-Ã -vis self, other, objects, and events. This system ultimately evolves
into a master discourse of translation through which identity, similarity
and difference are identified, negotiated, accepted and/or resisted.
Translational encounters take place at both the intra and inter cultural
levels. The chapters in this volume address these issues from different
cultural angles of vision (Americas, Northern Ireland, Hong Kong, India,
and the Arab/Muslim World).
Said Faiq is professor ‘Translation & Intercultural Studies’ at the American University of Sharjah (VAE) and Exeter University (GB). He has published worldwide in the fields of translation studies and the dialogue between cultures.
Said Faiq is professor ‘Translation & Intercultural Studies’ at the American University of Sharjah (VAE) and Exeter University (GB). He has published worldwide in the fields of translation studies and the dialogue between cultures.
Cultures in dialogue. A translational perspective (ATI-Academic Publications, n° 4)
€ 19,90
Translation is intercultural communication par excellence. As such, it
assumes a considerable role in the encounters between different cultures
and their respective languages. This important role of translation stems
from the fact that translating involves the carrying-over of specific
socio-cultural input to and recuperated by specific target reading cultures,
which have at their disposal an established system of representation
with its own norms for text production and consumption of meanings
vis-Ã -vis self, other, objects, and events. This system ultimately evolves
into a master discourse of translation through which identity, similarity
and difference are identified, negotiated, accepted and/or resisted.
Translational encounters take place at both the intra and inter cultural
levels. The chapters in this volume address these issues from different
cultural angles of vision (Americas, Northern Ireland, Hong Kong, India,
and the Arab/Muslim World).
Said Faiq is professor ‘Translation & Intercultural Studies’ at the American University of Sharjah (VAE) and Exeter University (GB). He has published worldwide in the fields of translation studies and the dialogue between cultures.
Said Faiq is professor ‘Translation & Intercultural Studies’ at the American University of Sharjah (VAE) and Exeter University (GB). He has published worldwide in the fields of translation studies and the dialogue between cultures.