Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kosovo onder internationaal toezicht. Een eindig verhaal? (IRCP-reeks, nr. 48)

 28,80

In februari 2008 lanceerde de Raad van de Europese Unie de European Union Rule of Law Mission in Kosovo (EULEX) met als doel de Kosovaarse autoriteiten bij te staan bij de verdere ontwikkeling van een Kosovaarse rechtstaat. Op basis van veldonderzoek in Kosovo en interviews met onder andere leden van EULEX en de Kosovaarse politie wordt in dit boek onderzocht hoe Europa in samenwerking met de lokale overheden met vallen en opstaan een verantwoordelijk, onafhankelijk en goed functionerend politie- en justitieapparaat heeft getracht te creëren. Daarbij wordt dieper ingegaan op de weinig belichte programmatische aanpak van EULEX en op het moeilijke evenwicht tussen het verlenen van meer bevoegdheden aan de Kosovaarse autoriteiten en de uitoefening van het internationaal toezicht.

GPRC – guaranteed peer reviewed content

Jelle Janssens (1981) is criminoloog (2005), behaalde een Master in het Management voor Overheidsorganisaties (2006) en is doctor in de Criminologische Wetenschappen (2013). Hij is een onderzoeker aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid (Universiteit Gent) en lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP). Zijn onderzoeksinteresses gaan uit naar formele en informele sociale controle in postconflictgebieden, (internationaal) strafrechtelijk en politiebeleid, gemeenschapsgerichte politiezorg en plural policing.

Quick View

Kosovo onder internationaal toezicht. Een eindig verhaal? (IRCP-reeks, nr. 48)

 28,80

In februari 2008 lanceerde de Raad van de Europese Unie de European Union Rule of Law Mission in Kosovo (EULEX) met als doel de Kosovaarse autoriteiten bij te staan bij de verdere ontwikkeling van een Kosovaarse rechtstaat. Op basis van veldonderzoek in Kosovo en interviews met onder andere leden van EULEX en de Kosovaarse politie wordt in dit boek onderzocht hoe Europa in samenwerking met de lokale overheden met vallen en opstaan een verantwoordelijk, onafhankelijk en goed functionerend politie- en justitieapparaat heeft getracht te creëren. Daarbij wordt dieper ingegaan op de weinig belichte programmatische aanpak van EULEX en op het moeilijke evenwicht tussen het verlenen van meer bevoegdheden aan de Kosovaarse autoriteiten en de uitoefening van het internationaal toezicht.

GPRC – guaranteed peer reviewed content

Jelle Janssens (1981) is criminoloog (2005), behaalde een Master in het Management voor Overheidsorganisaties (2006) en is doctor in de Criminologische Wetenschappen (2013). Hij is een onderzoeker aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid (Universiteit Gent) en lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP). Zijn onderzoeksinteresses gaan uit naar formele en informele sociale controle in postconflictgebieden, (internationaal) strafrechtelijk en politiebeleid, gemeenschapsgerichte politiezorg en plural policing.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Scénarios pour une nouvelle procédure pénale belge. Etude pratique des problèmes rencontrés (IRCP-reeks, nr. 50)

 75,00



Sur le livre:
La nécessité de procéder à une réforme globale et à une modernisation de la procédure pénale fait consensus depuis longtemps déjà. Après l’arrêt final des travaux de la Commission Franchimont, le débat a connu un second souffle avec l’accord de gouvernement fédéral de 2011, qui réitérait l’intention de rédiger un Code d’instruction criminelle modernisé. En réponse à la note de politique générale du ministre de la Justice, le service de la Politique criminelle a rédigé fin 2012 un cahier de charges pour une « Étude pratique des points d’achoppement dans l’actuelle procédure pénale belge en vue de la rédaction d’une nouvelle procédure pénale ». Cette étude a été confiée à une équipe de recherche de l’université de Gand à l’été 2013 et finalisée à l’automne 2014. Le présent livre regroupe les résultats de l’étude. Entre-temps, le moment de réaliser une réforme de la procédure pénale – l’accord de gouvernement fédéral du 9 octobre 2014 en a encore souligné l’importance – est plus propice que jamais.

Cet ouvrage ne fait pas que relever les nombreux problèmes qui se posent dans le cadre de la procédure pénale actuelle, tels que les ressentent des acteurs comme les magistrats, les avocats et la police. L’analyse des chercheurs établit clairement qu’une réforme globale de la procédure pénale nécessite en réalité un choix politique fondamental concernant la direction de l’instruction préparatoire et le degré de participation des parties dans cette instruction préparatoire. Dès que ce choix politique sera fait, d’autres choix s’imposeront pour aborder les divers autres problèmes. C’est la raison pour laquelle les chercheurs ont développé dans ce livre quatre scénarios différents qui présentent chacun, en fonction des choix fondamentaux à opérer, une proposition globale cohérente en vue d’une procédure pénale plus efficiente.

Ce livre apporte une contribution objective et neutre au futur débat sur la réforme et constitue une lecture recommandée pour toutes les personnes qui s’intéressent pour des raisons professionnelles ou autres à l’avenir de la procédure pénale belge.

GPRC – guaranteed peer reviewed content


Bon de commande

Sur le contenu:
Contenu
Avant-Propos

Quick View

Scénarios pour une nouvelle procédure pénale belge. Etude pratique des problèmes rencontrés (IRCP-reeks, nr. 50)

 75,00



Sur le livre:
La nécessité de procéder à une réforme globale et à une modernisation de la procédure pénale fait consensus depuis longtemps déjà. Après l’arrêt final des travaux de la Commission Franchimont, le débat a connu un second souffle avec l’accord de gouvernement fédéral de 2011, qui réitérait l’intention de rédiger un Code d’instruction criminelle modernisé. En réponse à la note de politique générale du ministre de la Justice, le service de la Politique criminelle a rédigé fin 2012 un cahier de charges pour une « Étude pratique des points d’achoppement dans l’actuelle procédure pénale belge en vue de la rédaction d’une nouvelle procédure pénale ». Cette étude a été confiée à une équipe de recherche de l’université de Gand à l’été 2013 et finalisée à l’automne 2014. Le présent livre regroupe les résultats de l’étude. Entre-temps, le moment de réaliser une réforme de la procédure pénale – l’accord de gouvernement fédéral du 9 octobre 2014 en a encore souligné l’importance – est plus propice que jamais.

Cet ouvrage ne fait pas que relever les nombreux problèmes qui se posent dans le cadre de la procédure pénale actuelle, tels que les ressentent des acteurs comme les magistrats, les avocats et la police. L’analyse des chercheurs établit clairement qu’une réforme globale de la procédure pénale nécessite en réalité un choix politique fondamental concernant la direction de l’instruction préparatoire et le degré de participation des parties dans cette instruction préparatoire. Dès que ce choix politique sera fait, d’autres choix s’imposeront pour aborder les divers autres problèmes. C’est la raison pour laquelle les chercheurs ont développé dans ce livre quatre scénarios différents qui présentent chacun, en fonction des choix fondamentaux à opérer, une proposition globale cohérente en vue d’une procédure pénale plus efficiente.

Ce livre apporte une contribution objective et neutre au futur débat sur la réforme et constitue une lecture recommandée pour toutes les personnes qui s’intéressent pour des raisons professionnelles ou autres à l’avenir de la procédure pénale belge.

GPRC – guaranteed peer reviewed content


Bon de commande

Sur le contenu:
Contenu
Avant-Propos

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Scenario’s voor een nieuwe Belgische strafprocedure. Een praktijkgericht knelpuntenonderzoek (IRCP-reeks, nr. 49)

 77,20
Over de nood aan een globale hervorming en modernisering van de strafprocedure bestaat al geruime tijd eensgezindheid. Na de finale stopzetting van de werkzaamheden van de Commissie Franchimont werd het debat nieuw leven ingeblazen met het federale regeerakkoord van 2011, dat de intentie om een vernieuwd Wetboek van Strafvordering op te stellen, hernam. In antwoord op de algemene beleidsnota van de minister van Justitie, werd door de Dienst voor het Strafrechtelijk Beleid eind 2012 een bestek opgesteld voor een “Praktijkgericht onderzoek naar de knelpunten in de huidige Belgische strafprocedure met het oog op het schrijven van een nieuwe strafprocedure”. Dit onderzoek werd in de zomer van 2013 gegund aan een onderzoeksteam van de Universiteit Gent, en in het najaar van 2014 afgerond. Dit boek bundelt de resultaten ervan. Het momentum voor een hervorming van de strafprocedure – het federale regeerakkoord van 9 oktober 2014 onderstreepte nog maar eens het belang ervan – is intussen groter dan ooit.

Dit boek brengt niet alleen de talrijke knelpunten binnen de huidige strafprocedure in kaart zoals ze worden ervaren door actoren als magistraten, advocaten en politie. De analyse van de onderzoekers maakt duidelijk dat een globale hervorming van de strafprocedure in essentie een basisbeleidskeuze vergt i.v.m. de leiding van het vooronderzoek respectievelijk de mate van participatie vanwege partijen daarin. Eens die politieke keuze gemaakt, dringen verdere keuzes zich om op de diverse andere knelpunten aan te pakken. De onderzoekers hebben daarom in het boek vier verschillende scenario’s uitgewerkt die elk – afhankelijk van de te maken basiskeuzes – een coherent totaalvoorstel inhouden voor een efficiëntere strafprocedure.

Het boek levert een objectieve en neutrale bijdrage aan het komende hervormingsdebat en vormt aanbevolen lectuur voor eenieder die professioneel of anderszins geïnteresseerd is in de toekomst van de Belgische strafprocedure.

GPRC – guaranteed peer reviewed content

Quick View

Scenario’s voor een nieuwe Belgische strafprocedure. Een praktijkgericht knelpuntenonderzoek (IRCP-reeks, nr. 49)

 77,20
Over de nood aan een globale hervorming en modernisering van de strafprocedure bestaat al geruime tijd eensgezindheid. Na de finale stopzetting van de werkzaamheden van de Commissie Franchimont werd het debat nieuw leven ingeblazen met het federale regeerakkoord van 2011, dat de intentie om een vernieuwd Wetboek van Strafvordering op te stellen, hernam. In antwoord op de algemene beleidsnota van de minister van Justitie, werd door de Dienst voor het Strafrechtelijk Beleid eind 2012 een bestek opgesteld voor een “Praktijkgericht onderzoek naar de knelpunten in de huidige Belgische strafprocedure met het oog op het schrijven van een nieuwe strafprocedure”. Dit onderzoek werd in de zomer van 2013 gegund aan een onderzoeksteam van de Universiteit Gent, en in het najaar van 2014 afgerond. Dit boek bundelt de resultaten ervan. Het momentum voor een hervorming van de strafprocedure – het federale regeerakkoord van 9 oktober 2014 onderstreepte nog maar eens het belang ervan – is intussen groter dan ooit.

Dit boek brengt niet alleen de talrijke knelpunten binnen de huidige strafprocedure in kaart zoals ze worden ervaren door actoren als magistraten, advocaten en politie. De analyse van de onderzoekers maakt duidelijk dat een globale hervorming van de strafprocedure in essentie een basisbeleidskeuze vergt i.v.m. de leiding van het vooronderzoek respectievelijk de mate van participatie vanwege partijen daarin. Eens die politieke keuze gemaakt, dringen verdere keuzes zich om op de diverse andere knelpunten aan te pakken. De onderzoekers hebben daarom in het boek vier verschillende scenario’s uitgewerkt die elk – afhankelijk van de te maken basiskeuzes – een coherent totaalvoorstel inhouden voor een efficiëntere strafprocedure.

Het boek levert een objectieve en neutrale bijdrage aan het komende hervormingsdebat en vormt aanbevolen lectuur voor eenieder die professioneel of anderszins geïnteresseerd is in de toekomst van de Belgische strafprocedure.

GPRC – guaranteed peer reviewed content

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 4.

 30,90

Uit de inhoud

Estimating the Risk of Economic Espionage
Emin Daskin

Een schadelijke sektarische bedreiging onderzocht: Takfirisme
Jeroen De Keyser

L’État et le renseignement. L’autre ‘dimension manquante’
Gérald Arboit

Innovaties in de Nederlandse handhavingsketen
Gerard Bakker & René Westra

Escape from Mind-Set Prison: Psychological Impediments to the Intelligence Effort and Structured Analytical Techniques
Kenneth L. Lasoen

La sauvegarde du Potentiel Economique, Scientifique et Industriel (PESI) comme pilier de la politique publique en Intelligence Stratégique (IS). Quelle articulation pour la communauté du renseignement?
Patrick Leroy

Hayward James, Double Agent Snow. The true story of Arthur Owens, Hitler’s chief spy in England
Etienne Verhoeyen

Erratum: artikel Jeroen De Keyser



Quick View

Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 4.

 30,90

Uit de inhoud

Estimating the Risk of Economic Espionage
Emin Daskin

Een schadelijke sektarische bedreiging onderzocht: Takfirisme
Jeroen De Keyser

L’État et le renseignement. L’autre ‘dimension manquante’
Gérald Arboit

Innovaties in de Nederlandse handhavingsketen
Gerard Bakker & René Westra

Escape from Mind-Set Prison: Psychological Impediments to the Intelligence Effort and Structured Analytical Techniques
Kenneth L. Lasoen

La sauvegarde du Potentiel Economique, Scientifique et Industriel (PESI) comme pilier de la politique publique en Intelligence Stratégique (IS). Quelle articulation pour la communauté du renseignement?
Patrick Leroy

Hayward James, Double Agent Snow. The true story of Arthur Owens, Hitler’s chief spy in England
Etienne Verhoeyen

Erratum: artikel Jeroen De Keyser



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Aftrekcorrecties bij controles. De gevolgen van een wijziging van bestemming van een bedrijfsmiddel op het recht op aftrek van de voorbelasting

 22,00

De btw wordt graag integraal in aftrek genomen. Spijtig genoeg is dit volgens de fiscale wetgeving niet mogelijk. Enkel de btw die betrekking heeft op de economische activiteit van de btw-belastingplichtige komt voor aftrek in aanmerking.

De verhouding beroeps/privé kan echter ook gedurende de levensloop van het bedrijfsmiddel wijzigen. Deze bestemmingswijziging impliceert dat er bepaalde aftrekcorrecties moeten verricht worden. Maar hoe zit de complexe relatie tussen aftrekverwerping, onttrekking, herziening en artikel 19, §1 WBTW in elkaar?

Dit boek geeft de theorie systematisch weer en geeft telkens voorbeelden zodat de theorie ook praktisch kan worden toegepast.



Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij doceert het vak btw aan de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool. Zijn talrijke publicaties kenmerken zich door een vaardigheid om de complexe fiscale wetgeving begrijpelijk en praktisch voor te stellen.

Quick View

Aftrekcorrecties bij controles. De gevolgen van een wijziging van bestemming van een bedrijfsmiddel op het recht op aftrek van de voorbelasting

 22,00

De btw wordt graag integraal in aftrek genomen. Spijtig genoeg is dit volgens de fiscale wetgeving niet mogelijk. Enkel de btw die betrekking heeft op de economische activiteit van de btw-belastingplichtige komt voor aftrek in aanmerking.

De verhouding beroeps/privé kan echter ook gedurende de levensloop van het bedrijfsmiddel wijzigen. Deze bestemmingswijziging impliceert dat er bepaalde aftrekcorrecties moeten verricht worden. Maar hoe zit de complexe relatie tussen aftrekverwerping, onttrekking, herziening en artikel 19, §1 WBTW in elkaar?

Dit boek geeft de theorie systematisch weer en geeft telkens voorbeelden zodat de theorie ook praktisch kan worden toegepast.



Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij doceert het vak btw aan de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool. Zijn talrijke publicaties kenmerken zich door een vaardigheid om de complexe fiscale wetgeving begrijpelijk en praktisch voor te stellen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

European Health Law

 77,20

European Health Law is the most authoritative guide to the subject. Written by leading experts in health law, this book offers an in depth review of the main themes in European health law, from patients’ rights and duties, the role of health professionals, and health care financing and rationing, to public health and health related issues, such as occupational health and environmental health. An unparalleled resource for students and practitioners, this is the book you need on European health law.



André den Exter [ed.] is a lecturer in Health law and holds the Jean Monnet Chair on European Union health law at the Institute of Health Policy and Management, Erasmus University Rotterdam.

About the authors

Geen voorraad
Quick View

European Health Law

 77,20

European Health Law is the most authoritative guide to the subject. Written by leading experts in health law, this book offers an in depth review of the main themes in European health law, from patients’ rights and duties, the role of health professionals, and health care financing and rationing, to public health and health related issues, such as occupational health and environmental health. An unparalleled resource for students and practitioners, this is the book you need on European health law.



André den Exter [ed.] is a lecturer in Health law and holds the Jean Monnet Chair on European Union health law at the Institute of Health Policy and Management, Erasmus University Rotterdam.

About the authors

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Indirecte discriminatie op grond van nationaliteit. Rechtvaardigingsgronden in het diensten- en personenverkeer

 97,70

Artikel 18, alinea 1 VWEU bevat een algemeen discriminatieverbod op grond van nationaliteit. Dit verbod omvat volgens het Hof van Justitie naast directe ook indirecte discriminatie, waarbij de discriminatie wordt veroorzaakt door een niet uitdrukkelijk verboden onderscheidingscriterium dat in de praktijk hoofdzakelijk in het nadeel werkt of kan werken van de EU-onderdanen die afkomstig zijn uit een andere lidstaat.

Dit boek onderzoekt wat de slaagkansen zijn van de rechtvaardigingsgronden die de EU-lidstaten voor het Hof van Justitie inroepen om hun nationale maatregelen te rechtvaardigen die de onderdanen afkomstig uit een andere lidstaat op indirecte wijze discrimineren op grond van hun nationaliteit. En meer specifiek: in welke mate slaagt het Hof erin om de belangen van de Unie, de EU-lidstaten en de EU-burgers met elkaar te verzoenen wanneer het zich buigt over de rechtvaardigingsgronden die EU-lidstaten inroepen om hun indirect discriminerende maatregelen in het kader van het diensten- en personenverkeer te rechtvaardigen?
Wanneer is er volgens het Hof van Justitie in het diensten- en personenverkeer sprake van indirecte discriminatie op grond van nationaliteit en welke gronden kunnen de EU-lidstaten inroepen om hun indirect discriminerende nationale maatregelen die betrekking hebben op het diensten- en personenverkeer te rechtvaardigen?



Quick View

Indirecte discriminatie op grond van nationaliteit. Rechtvaardigingsgronden in het diensten- en personenverkeer

 97,70

Artikel 18, alinea 1 VWEU bevat een algemeen discriminatieverbod op grond van nationaliteit. Dit verbod omvat volgens het Hof van Justitie naast directe ook indirecte discriminatie, waarbij de discriminatie wordt veroorzaakt door een niet uitdrukkelijk verboden onderscheidingscriterium dat in de praktijk hoofdzakelijk in het nadeel werkt of kan werken van de EU-onderdanen die afkomstig zijn uit een andere lidstaat.

Dit boek onderzoekt wat de slaagkansen zijn van de rechtvaardigingsgronden die de EU-lidstaten voor het Hof van Justitie inroepen om hun nationale maatregelen te rechtvaardigen die de onderdanen afkomstig uit een andere lidstaat op indirecte wijze discrimineren op grond van hun nationaliteit. En meer specifiek: in welke mate slaagt het Hof erin om de belangen van de Unie, de EU-lidstaten en de EU-burgers met elkaar te verzoenen wanneer het zich buigt over de rechtvaardigingsgronden die EU-lidstaten inroepen om hun indirect discriminerende maatregelen in het kader van het diensten- en personenverkeer te rechtvaardigen?
Wanneer is er volgens het Hof van Justitie in het diensten- en personenverkeer sprake van indirecte discriminatie op grond van nationaliteit en welke gronden kunnen de EU-lidstaten inroepen om hun indirect discriminerende nationale maatregelen die betrekking hebben op het diensten- en personenverkeer te rechtvaardigen?



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Manuel des Auditions 2

 55,00
En matière de techniques d’audition la Belgique se situe au niveau international dans le groupe de tête et est même une pionnière dans certains domaines, comme l’implémentation de coachs d’audition dans les corps de police depuis 2013.

Les textes de cours pour les écoles de police, traduits en français par Caroline Picrit, sont harmonisés au niveau national et ont été rassemblés dans le présent livre. Ils ont été élargis et étayés par des jurisprudences pertinentes, du droit, de la littérature professionnelle tant scientifique, policière que non policière, mais aussi par de la littérature populaire. En effet, une audition est un entretien à propos d’un délit et les mêmes techniques que dans d’autres groupes professionnels et dans la vie quotidienne y sont utilisées. L’audition policière belge n’a pas de secrets.

Les sujets repris dans le ‘Manuel des Auditions 1’ ont été choisis pour fournir suffisamment d’informations pour les situations d’audition auxquelles l’interviewer moyen, le spécialiste du droit ou l’intéressé est confronté. Le ‘Manuel des Auditions 2’ reprend quant à lui des sujets d’audition plus spécifiques.

Bon de commande



Quick View

Manuel des Auditions 2

 55,00
En matière de techniques d’audition la Belgique se situe au niveau international dans le groupe de tête et est même une pionnière dans certains domaines, comme l’implémentation de coachs d’audition dans les corps de police depuis 2013.

Les textes de cours pour les écoles de police, traduits en français par Caroline Picrit, sont harmonisés au niveau national et ont été rassemblés dans le présent livre. Ils ont été élargis et étayés par des jurisprudences pertinentes, du droit, de la littérature professionnelle tant scientifique, policière que non policière, mais aussi par de la littérature populaire. En effet, une audition est un entretien à propos d’un délit et les mêmes techniques que dans d’autres groupes professionnels et dans la vie quotidienne y sont utilisées. L’audition policière belge n’a pas de secrets.

Les sujets repris dans le ‘Manuel des Auditions 1’ ont été choisis pour fournir suffisamment d’informations pour les situations d’audition auxquelles l’interviewer moyen, le spécialiste du droit ou l’intéressé est confronté. Le ‘Manuel des Auditions 2’ reprend quant à lui des sujets d’audition plus spécifiques.

Bon de commande



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Manuel des Auditions 1

 55,00
En matière de techniques d’audition la Belgique se situe au niveau international dans le groupe de tête et est même une pionnière dans certains domaines, comme l’implémentation de coachs d’audition dans les corps de police depuis 2013.

Les textes de cours pour les écoles de police, traduits en français par Caroline Picrit, sont harmonisés au niveau national et ont été rassemblés dans le présent livre. Ils ont été élargis et étayés par des jurisprudences pertinentes, du droit, de la littérature professionnelle tant scientifique, policière que non policière, mais aussi par de la littérature populaire. En effet, une audition est un entretien à propos d’un délit et les mêmes techniques que dans d’autres groupes professionnels et dans la vie quotidienne y sont utilisées. L’audition policière belge n’a pas de secrets.

Les sujets repris dans le ‘Manuel des Auditions 1’ ont été choisis pour fournir suffisamment d’informations pour les situations d’audition auxquelles l’interviewer moyen, le spécialiste du droit ou l’intéressé est confronté. Le ‘Manuel des Auditions 2’ reprend quant à lui des sujets d’audition plus spécifiques.

Bon de commande



Quick View

Manuel des Auditions 1

 55,00
En matière de techniques d’audition la Belgique se situe au niveau international dans le groupe de tête et est même une pionnière dans certains domaines, comme l’implémentation de coachs d’audition dans les corps de police depuis 2013.

Les textes de cours pour les écoles de police, traduits en français par Caroline Picrit, sont harmonisés au niveau national et ont été rassemblés dans le présent livre. Ils ont été élargis et étayés par des jurisprudences pertinentes, du droit, de la littérature professionnelle tant scientifique, policière que non policière, mais aussi par de la littérature populaire. En effet, une audition est un entretien à propos d’un délit et les mêmes techniques que dans d’autres groupes professionnels et dans la vie quotidienne y sont utilisées. L’audition policière belge n’a pas de secrets.

Les sujets repris dans le ‘Manuel des Auditions 1’ ont été choisis pour fournir suffisamment d’informations pour les situations d’audition auxquelles l’interviewer moyen, le spécialiste du droit ou l’intéressé est confronté. Le ‘Manuel des Auditions 2’ reprend quant à lui des sujets d’audition plus spécifiques.

Bon de commande



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De strafuitvoeringsrechtbank aan het werk (Reeks Panopticon Libri, nr. 8)

 55,00
Sinds 1 februari 2007 nemen in België strafuitvoeringsrechtbanken beslissingen over de strafuitvoeringsmodaliteiten van gedetineerden veroordeeld tot meer dan drie jaar gevangenisstraf. De multidisciplinaire samenstelling van deze rechtscolleges, het samenspel tussen de verschillende procesdeelnemers en de moeilijke zoektocht naar een evenwicht tussen het streven naar de sociale re-integratie van de veroordeelde en het inschatten van het risico op recidive vormen een interessante “nieuwe” penale praktijk die tot nu toe nog weinig beschreven en onderzocht werd. In dit boek staan de resultaten van een etnografisch onderzoek naar de beslissingsprocessen, -praktijken en interacties van deze rechtscolleges centraal en wordt getracht een antwoord te formuleren op de vraag “hoe geven de leden van de strafuitvoeringsrechtbanken vorm aan hun beslissingen?” We proberen inzicht te krijgen in hoe de strafuitvoeringsrechtbanken werken, welke betekenis ze daaraan geven, hoe ze de in de Wet op de Externe Rechtspositie geformuleerde tegenindicaties operationaliseren in de dagelijkse beslissingspraktijk en hoe het samenspel tussen de verschillende betrokken procesdeelnemers verloopt.

Veerle Scheirs is als post-doctoraal onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Criminologie en de onderzoeksgroep Crime & Society (CRiS) van de Vrije Universiteit Brussel.

Quick View

De strafuitvoeringsrechtbank aan het werk (Reeks Panopticon Libri, nr. 8)

 55,00
Sinds 1 februari 2007 nemen in België strafuitvoeringsrechtbanken beslissingen over de strafuitvoeringsmodaliteiten van gedetineerden veroordeeld tot meer dan drie jaar gevangenisstraf. De multidisciplinaire samenstelling van deze rechtscolleges, het samenspel tussen de verschillende procesdeelnemers en de moeilijke zoektocht naar een evenwicht tussen het streven naar de sociale re-integratie van de veroordeelde en het inschatten van het risico op recidive vormen een interessante “nieuwe” penale praktijk die tot nu toe nog weinig beschreven en onderzocht werd. In dit boek staan de resultaten van een etnografisch onderzoek naar de beslissingsprocessen, -praktijken en interacties van deze rechtscolleges centraal en wordt getracht een antwoord te formuleren op de vraag “hoe geven de leden van de strafuitvoeringsrechtbanken vorm aan hun beslissingen?” We proberen inzicht te krijgen in hoe de strafuitvoeringsrechtbanken werken, welke betekenis ze daaraan geven, hoe ze de in de Wet op de Externe Rechtspositie geformuleerde tegenindicaties operationaliseren in de dagelijkse beslissingspraktijk en hoe het samenspel tussen de verschillende betrokken procesdeelnemers verloopt.

Veerle Scheirs is als post-doctoraal onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Criminologie en de onderzoeksgroep Crime & Society (CRiS) van de Vrije Universiteit Brussel.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Recht en media. Zijn de media een gevaar of een zegen voor het recht?

 30,80

In deze bundel van het Leidse Mordenate College staat de verwevenheid tussen het recht en de media centraal. Recht en media zijn eenheden die elkaar voortdurend beïnvloeden. Deze interactie vormt aanleiding voor diverse interessante juridische vraagstukken, waarvan een groot aantal in de bijdragen van deze bundel aan bod komt.

Dit boek is verschenen naar aanleiding van het congres ‘Recht en Media’ op 11 mei 2012. Het resultaat is een gevarieerde bundel met interessante bijdragen van professionals en studenten, waarin beoogd wordt vanuit verschillende rechtsgebieden de verwevenheid tussen recht en media te belichten. Onderwerpen als het spanningsveld tussen de social media en privacybescherming, de onschuld-presumptie van verdachten in het strafrecht en de rol van de rechter in het veranderende medialandschap passeren de revue. De media blijken een gevaar én een zegen voor het recht te zijn.

Deze uitgave is geredigeerd door Mordenates E.M.T. Huijzer, D.E. Mulder, W.A. Speldenbrink en D.J. Verhey.
Zij bevat bijdragen van prof. mr. H.J. Snijders, dr. M. Becker, A. Pouw & N. Reijnen, mr. C.W. Zwaaneveld, prof. mr. L. Moerel, mr. drs. A.M.M. Hendrikx, prof. mr. C.P.M. Cleiren, mr. S.A. Gawronski en mr. F.P.Ölçer.

Quick View

Recht en media. Zijn de media een gevaar of een zegen voor het recht?

 30,80

In deze bundel van het Leidse Mordenate College staat de verwevenheid tussen het recht en de media centraal. Recht en media zijn eenheden die elkaar voortdurend beïnvloeden. Deze interactie vormt aanleiding voor diverse interessante juridische vraagstukken, waarvan een groot aantal in de bijdragen van deze bundel aan bod komt.

Dit boek is verschenen naar aanleiding van het congres ‘Recht en Media’ op 11 mei 2012. Het resultaat is een gevarieerde bundel met interessante bijdragen van professionals en studenten, waarin beoogd wordt vanuit verschillende rechtsgebieden de verwevenheid tussen recht en media te belichten. Onderwerpen als het spanningsveld tussen de social media en privacybescherming, de onschuld-presumptie van verdachten in het strafrecht en de rol van de rechter in het veranderende medialandschap passeren de revue. De media blijken een gevaar én een zegen voor het recht te zijn.

Deze uitgave is geredigeerd door Mordenates E.M.T. Huijzer, D.E. Mulder, W.A. Speldenbrink en D.J. Verhey.
Zij bevat bijdragen van prof. mr. H.J. Snijders, dr. M. Becker, A. Pouw & N. Reijnen, mr. C.W. Zwaaneveld, prof. mr. L. Moerel, mr. drs. A.M.M. Hendrikx, prof. mr. C.P.M. Cleiren, mr. S.A. Gawronski en mr. F.P.Ölçer.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Actuele ontwikkelingen inzake EU-justitiebeleid, cannabisbeleid, misdaad en straf, jongeren en jeugdzorg, internationale vrede, veiligheid en gerechtigheid, gewelddadig extremisme & private veiligheid en zelfregulering

 66,90

Deze publicatie bevat de bijdragen uit de vormingssessies van de 7de Postuniversitaire Vormingscyclus Update in de Criminologie.

Centraal staan diverse actuele thema''s binnen het domein van het strafrecht en de criminologie. Lesgevers en onderzoekers van de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent behandelen hierin empirische en theoretische evoluties binnen hun specialisatiegebied.

Quick View

Actuele ontwikkelingen inzake EU-justitiebeleid, cannabisbeleid, misdaad en straf, jongeren en jeugdzorg, internationale vrede, veiligheid en gerechtigheid, gewelddadig extremisme & private veiligheid en zelfregulering

 66,90

Deze publicatie bevat de bijdragen uit de vormingssessies van de 7de Postuniversitaire Vormingscyclus Update in de Criminologie.

Centraal staan diverse actuele thema''s binnen het domein van het strafrecht en de criminologie. Lesgevers en onderzoekers van de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent behandelen hierin empirische en theoretische evoluties binnen hun specialisatiegebied.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Private en commerciële veiligheidszorg in België. Een historisch-criminologisch onderzoek (1870-1934) (Gandaius Meesterlijk, nr. 3)

 32,00
Hoewel verschillende studies aantonen dat de steile opmars van de veiligheidsindustrie zich pas rond de jaren zestig heeft doorgezet, grijpen haar wortels heel wat verder terug in de tijd.
Het buiten beschouwing laten van een historisch perspectief zorgt vandaag voor verkeerde opvattingen over de invulling van de veiligheidszorg.
Om de onjuiste inzichten hierover weg te werken, analyseert de auteur de historische inbedding van de ‘moderne’ veiligheidszorg in België vanuit een criminologische invalshoek.

Quick View

Private en commerciële veiligheidszorg in België. Een historisch-criminologisch onderzoek (1870-1934) (Gandaius Meesterlijk, nr. 3)

 32,00
Hoewel verschillende studies aantonen dat de steile opmars van de veiligheidsindustrie zich pas rond de jaren zestig heeft doorgezet, grijpen haar wortels heel wat verder terug in de tijd.
Het buiten beschouwing laten van een historisch perspectief zorgt vandaag voor verkeerde opvattingen over de invulling van de veiligheidszorg.
Om de onjuiste inzichten hierover weg te werken, analyseert de auteur de historische inbedding van de ‘moderne’ veiligheidszorg in België vanuit een criminologische invalshoek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vzw en fiscaliteit (Reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen, nr. 25)

 69,50
Vzw’s zijn vrijgestelde btw-belastingplichtigen. Hun handelingen situeren zich immers in de sociaal-culturele sector en deze activiteiten zijn meestal vrijgesteld van btw. Het feit dat vzw’s geen winstoogmerk hebben, betekent echter niet dat ze geen btw moeten aanrekenen op bepaalde bijkomstige (commerciële) handelingen die ze stellen. Ze worden hierdoor gemengde btw-belastingplichtigen en krijgen zo een beperkt recht op aftrek van de voorbelasting. In het eerste gedeelte van dit boek wordt de draagwijdte van de vrijstellingen grondig besproken en met voorbeelden geïllustreerd.

Een vzw met fiscale woonplaats in België kan in principe ofwel aan de vennootschapsbelasting ofwel aan de rechtspersonenbelasting (RPB) onderworpen zijn. In een tweede deel van dit boek wordt de positie van de vzw in de inkomstenbelastingen onderzocht. Bijzondere aandacht gaat daarbij naar de aanslag geheime commissielonen in de rechtspersonenbelasting, het fiscaal statuut van bestuurders van een vzw, belastingvrije vergoeding voor vrijwilligers, de omschakeling van de rechtspersonenbelasting naar de vennootschapsbelasting. Daarna wordt de jaarlijkse taks tot vergoeding van de successierechten geanalyseerd en de erkenningsprocedure om fiscaal aftrekbare giften te mogen ontvangen. Als laatste worden de specifieke aansprakelijkheidsregels voor de bedrijfsvoorheffing en de btw behandeld.

Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën (AAF, dienst GO Antwerpen – expertise). Hij is docent btw (UGent en FHS) en auteur van talrijke boeken en bijdragen in gezaghebbende tijdschriften. Hij is o.a. lid van de redactieraad van Fiscalnet en van het Tijdschrift Huur.

Guy Poppe is advocaat met een bijzondere interesse voor zowel de fiscaliteit als het vennootschapsrecht. Hij heeft een brede achtergrond als Licentiaat in de Rechten, in de Toegepaste Economische Wetenschappen en in de Handels- en Financiële Wetenschappen. Guy Poppe publiceert in diverse nieuwsbrieven, werkt mee aan fiscale databanken en geeft geregeld opleidingen over fiscale en vennootschapsrechtelijke onderwerpen.

Meer info over Reeks BBB - Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen

Quick View

Vzw en fiscaliteit (Reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen, nr. 25)

 69,50
Vzw’s zijn vrijgestelde btw-belastingplichtigen. Hun handelingen situeren zich immers in de sociaal-culturele sector en deze activiteiten zijn meestal vrijgesteld van btw. Het feit dat vzw’s geen winstoogmerk hebben, betekent echter niet dat ze geen btw moeten aanrekenen op bepaalde bijkomstige (commerciële) handelingen die ze stellen. Ze worden hierdoor gemengde btw-belastingplichtigen en krijgen zo een beperkt recht op aftrek van de voorbelasting. In het eerste gedeelte van dit boek wordt de draagwijdte van de vrijstellingen grondig besproken en met voorbeelden geïllustreerd.

Een vzw met fiscale woonplaats in België kan in principe ofwel aan de vennootschapsbelasting ofwel aan de rechtspersonenbelasting (RPB) onderworpen zijn. In een tweede deel van dit boek wordt de positie van de vzw in de inkomstenbelastingen onderzocht. Bijzondere aandacht gaat daarbij naar de aanslag geheime commissielonen in de rechtspersonenbelasting, het fiscaal statuut van bestuurders van een vzw, belastingvrije vergoeding voor vrijwilligers, de omschakeling van de rechtspersonenbelasting naar de vennootschapsbelasting. Daarna wordt de jaarlijkse taks tot vergoeding van de successierechten geanalyseerd en de erkenningsprocedure om fiscaal aftrekbare giften te mogen ontvangen. Als laatste worden de specifieke aansprakelijkheidsregels voor de bedrijfsvoorheffing en de btw behandeld.

Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën (AAF, dienst GO Antwerpen – expertise). Hij is docent btw (UGent en FHS) en auteur van talrijke boeken en bijdragen in gezaghebbende tijdschriften. Hij is o.a. lid van de redactieraad van Fiscalnet en van het Tijdschrift Huur.

Guy Poppe is advocaat met een bijzondere interesse voor zowel de fiscaliteit als het vennootschapsrecht. Hij heeft een brede achtergrond als Licentiaat in de Rechten, in de Toegepaste Economische Wetenschappen en in de Handels- en Financiële Wetenschappen. Guy Poppe publiceert in diverse nieuwsbrieven, werkt mee aan fiscale databanken en geeft geregeld opleidingen over fiscale en vennootschapsrechtelijke onderwerpen.

Meer info over Reeks BBB - Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Exit gevangenis? De werking van de strafuitvoeringsrechtbanken en de wet op de externe rechtspositie van veroordeelden tot een vrijheidsstraf (Reeks Panopticon Libri, nr. 6)

 41,20

Sinds de zaak-Dutroux in 1996 is de vervroegde invrijheidstelling van gedetineerden regelmatig voorwerp van emotionele discussies in de media, waarbij de belangen van slachtoffers en gedetineerden vaak tegen elkaar worden uitgespeeld. De zaak-Dutroux heeft de hervorming van het invrijheidstellingstraject van gedetineerden echter in een stroomversnelling gebracht. Het resultaat is een compleet vernieuwde regelgeving, beslissingsprocedure en -praktijk, met als kers op de taart de oprichting van multidisciplinaire strafuitvoeringsrechtbanken.

In dit boek blikken criminologen en juristen terug op dit belangrijke hervormingsproces, dat wordt gesitueerd in zijn historische, maatschappelijke, juridische en beleidsmatige context. Het boek presenteert verder resultaten van de belangrijkste empirische onderzoeken over de toepassing van de nieuwe regelgeving en de aanpassing hieraan door het werkveld. Er wordt afgesloten met een kritische beschouwing van de recente ontwikkelingen, tegen het licht van de oorspronkelijke hervormingsvoorstellen van de zogenaamde commissie Holsters.

Met bijdragen van Kristel Beyens, Tom Daems, Eric Maes, Yves Van Den Berge, Frank Verbruggen, Luc Robert, Benjamin Mine, Carrol Tange, Veerle Scheirs en Sonja Snacken.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content

Quick View

Exit gevangenis? De werking van de strafuitvoeringsrechtbanken en de wet op de externe rechtspositie van veroordeelden tot een vrijheidsstraf (Reeks Panopticon Libri, nr. 6)

 41,20

Sinds de zaak-Dutroux in 1996 is de vervroegde invrijheidstelling van gedetineerden regelmatig voorwerp van emotionele discussies in de media, waarbij de belangen van slachtoffers en gedetineerden vaak tegen elkaar worden uitgespeeld. De zaak-Dutroux heeft de hervorming van het invrijheidstellingstraject van gedetineerden echter in een stroomversnelling gebracht. Het resultaat is een compleet vernieuwde regelgeving, beslissingsprocedure en -praktijk, met als kers op de taart de oprichting van multidisciplinaire strafuitvoeringsrechtbanken.

In dit boek blikken criminologen en juristen terug op dit belangrijke hervormingsproces, dat wordt gesitueerd in zijn historische, maatschappelijke, juridische en beleidsmatige context. Het boek presenteert verder resultaten van de belangrijkste empirische onderzoeken over de toepassing van de nieuwe regelgeving en de aanpassing hieraan door het werkveld. Er wordt afgesloten met een kritische beschouwing van de recente ontwikkelingen, tegen het licht van de oorspronkelijke hervormingsvoorstellen van de zogenaamde commissie Holsters.

Met bijdragen van Kristel Beyens, Tom Daems, Eric Maes, Yves Van Den Berge, Frank Verbruggen, Luc Robert, Benjamin Mine, Carrol Tange, Veerle Scheirs en Sonja Snacken.

GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Onderlinge overheidsaansprakelijkheid voor schendingen van Europees recht

 95,00
In ons recht draagt in beginsel ieder zijn eigen schade. Voor het ‘verplaatsen’ van schade, bijvoorbeeld naar de veroorzaker ervan (onder het motto ‘de veroorzaker betaalt’), dient een bijzondere reden te zijn. Deze kan zijn gelegen in de idee dat de persoon die verwijtbaar schade veroorzaakt, die schade dient te vergoeden. Dit houdt dus een reactie van de rechtsorde in op rechtens verwijtbaar gedrag.

De keuze om schade te verplaatsen, is altijd een (rechts)politieke. Onlangs is deze keuze gemaakt voor het verplaatsen van schade die op grond van EU-recht voor rekening komt van de Nederlandse Staat. Met de inwerkingtreding van de Wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten (Wet NErpe) in 2012 kan deze schade door middel van een verhaalsrecht van de Staat worden verplaatst naar de veroorzakers ervan, zogenoemde publieke entiteiten. Dit zijn bijvoorbeeld medeoverheden, aanbestedingsplichtige entiteiten en concessiehouders.

Ook de omgekeerde situatie doet zich voor. Door EU-recht te schenden kan de Staat schade veroorzaken die voor rekening komt van publieke entiteiten zoals medeoverheden. Voor het verplaatsen van die schade heeft de wetgever niet voorzien in een bijzonder verhaalsrecht.

In dit onderzoek staat centraal het verplaatsen van de ene overheid naar de andere van schade die is terug te voeren op een schending van EU-recht of het EVRM.

Onderzocht is of, en zo ja hoe de ene overheid zich naar huidig recht op de andere zou (moeten) kunnen verhalen en welke voorwaarden vanuit het positieve recht aan een dergelijk verhaalsrecht zouden moeten worden gesteld.

Christien de Kruif (1975) is als universitair docent staats- en bestuursrecht en als opleidingsdirecteur van de Honours Academy verbonden aan de Universiteit Leiden.

Dit is een boek in de Meijers-reeks.

De reeks valt onder verantwoordelijkheid van het E.M. Meijers Instituut van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. De studie werd verricht in het kader van het facultaire onderzoeksprogramma Multilevel Jurisdiction.

Quick View

Onderlinge overheidsaansprakelijkheid voor schendingen van Europees recht

 95,00
In ons recht draagt in beginsel ieder zijn eigen schade. Voor het ‘verplaatsen’ van schade, bijvoorbeeld naar de veroorzaker ervan (onder het motto ‘de veroorzaker betaalt’), dient een bijzondere reden te zijn. Deze kan zijn gelegen in de idee dat de persoon die verwijtbaar schade veroorzaakt, die schade dient te vergoeden. Dit houdt dus een reactie van de rechtsorde in op rechtens verwijtbaar gedrag.

De keuze om schade te verplaatsen, is altijd een (rechts)politieke. Onlangs is deze keuze gemaakt voor het verplaatsen van schade die op grond van EU-recht voor rekening komt van de Nederlandse Staat. Met de inwerkingtreding van de Wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten (Wet NErpe) in 2012 kan deze schade door middel van een verhaalsrecht van de Staat worden verplaatst naar de veroorzakers ervan, zogenoemde publieke entiteiten. Dit zijn bijvoorbeeld medeoverheden, aanbestedingsplichtige entiteiten en concessiehouders.

Ook de omgekeerde situatie doet zich voor. Door EU-recht te schenden kan de Staat schade veroorzaken die voor rekening komt van publieke entiteiten zoals medeoverheden. Voor het verplaatsen van die schade heeft de wetgever niet voorzien in een bijzonder verhaalsrecht.

In dit onderzoek staat centraal het verplaatsen van de ene overheid naar de andere van schade die is terug te voeren op een schending van EU-recht of het EVRM.

Onderzocht is of, en zo ja hoe de ene overheid zich naar huidig recht op de andere zou (moeten) kunnen verhalen en welke voorwaarden vanuit het positieve recht aan een dergelijk verhaalsrecht zouden moeten worden gesteld.

Christien de Kruif (1975) is als universitair docent staats- en bestuursrecht en als opleidingsdirecteur van de Honours Academy verbonden aan de Universiteit Leiden.

Dit is een boek in de Meijers-reeks.

De reeks valt onder verantwoordelijkheid van het E.M. Meijers Instituut van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. De studie werd verricht in het kader van het facultaire onderzoeksprogramma Multilevel Jurisdiction.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Straatkinderen in Kinshasa. Structureel geweld versus agency (Gandaius Meesterlijk, nr. 2)

 22,00

Het beeld dat Europeanen zich vormen van het hedendaags Afrika is er veelal één van troosteloosheid en defaitisme. De situatie van de ontelbare straatkinderen in Kinshasa lijkt daar wel de meest treffende illustratie van.

Dit boek draagt in niet te onderschatten mate bij tot een beter begrip van de leefwereld van deze bashege in de Congolese miljoenenstad. Het onderzoek biedt vernieuwende criminologisch-etnografische inzichten in deze realiteit. Het legt bloot hoe deze kinderen, hoewel ze voortdurend geconfronteerd worden met brutale vormen van structureel geweld, strategieën ontwikkelen om deze uitzichtloze situatie om te keren in een meer offensieve levensstijl. Het geeft aan hoe zij vormen weten te ontwikkelen van eigen informele economieën met nieuwe perspectieven.

Het boek doorbreekt niet alleen het al te enge criminologische denken, redenerend in termen van ‘daders’ en ‘slachtoffers’, maar opent nieuwe mogelijkheden voor diegenen die het goed voor hebben met Afrika. Het toont beleidsmakers, hulpverleners en ontwikkelingswerkers dat er een ontstellend reservoir aan dynamisme en innovatie aanwezig is, op voorwaarde dat men bereid is de leefwereld van de bashege van Kinshasa binnen te treden.

“Maarten Hendriks draagt met zijn criminologisch-etnografische studie bij tot een beter inzicht in de Afrikaanse realiteit van vandaag, wekt de bashege van Kinshasa tot leven en legt bloot hoe deze straatkinderen geen leidzame objecten zijn van structureel geweld maar handelende subjecten met veerkracht en dynamisme.”
Prof. dr. Paul Ponsaers

Quick View

Straatkinderen in Kinshasa. Structureel geweld versus agency (Gandaius Meesterlijk, nr. 2)

 22,00

Het beeld dat Europeanen zich vormen van het hedendaags Afrika is er veelal één van troosteloosheid en defaitisme. De situatie van de ontelbare straatkinderen in Kinshasa lijkt daar wel de meest treffende illustratie van.

Dit boek draagt in niet te onderschatten mate bij tot een beter begrip van de leefwereld van deze bashege in de Congolese miljoenenstad. Het onderzoek biedt vernieuwende criminologisch-etnografische inzichten in deze realiteit. Het legt bloot hoe deze kinderen, hoewel ze voortdurend geconfronteerd worden met brutale vormen van structureel geweld, strategieën ontwikkelen om deze uitzichtloze situatie om te keren in een meer offensieve levensstijl. Het geeft aan hoe zij vormen weten te ontwikkelen van eigen informele economieën met nieuwe perspectieven.

Het boek doorbreekt niet alleen het al te enge criminologische denken, redenerend in termen van ‘daders’ en ‘slachtoffers’, maar opent nieuwe mogelijkheden voor diegenen die het goed voor hebben met Afrika. Het toont beleidsmakers, hulpverleners en ontwikkelingswerkers dat er een ontstellend reservoir aan dynamisme en innovatie aanwezig is, op voorwaarde dat men bereid is de leefwereld van de bashege van Kinshasa binnen te treden.

“Maarten Hendriks draagt met zijn criminologisch-etnografische studie bij tot een beter inzicht in de Afrikaanse realiteit van vandaag, wekt de bashege van Kinshasa tot leven en legt bloot hoe deze straatkinderen geen leidzame objecten zijn van structureel geweld maar handelende subjecten met veerkracht en dynamisme.”
Prof. dr. Paul Ponsaers

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hoogste gerechtshoven in Europa. Een historisch portret.

 64,00

Hoogste gerechtshoven in Europa: Een historisch portret is een rijk geïllustreerde uitgave die het resultaat vormt van ruim drie jaar werk door rechtshistorici en andere juristen.

Het boek behandelt de geschiedenis van de hoogste rechtscolleges in Europa, van de middeleeuwen tot op heden. Ondanks alle verscheidenheid kunnen toch opmerkelijke gemeenschappelijke thema’s en motieven, die de rechtspraktijk op het hoogste niveau hebben beïnvloed, voor het voetlicht worden gebracht.

Interessant is de actualiteit van de problemen waarmee de hoogste rechtscolleges in Europa, zowel vóór als na de komst van Napoleon, te kampen hadden. Verschillen in taal, tradities en rechtssystemen vormen nog altijd een uitdaging voor juristen die werkzaam zijn in (inter)nationale en supranationale hoge rechtscolleges.

Dit boek kadert de huidige rol van de internationale gerechtshoven in een opmerkelijk rijke Europese nalatenschap van rechtstradities en culturen.
In vijfentwintig hoofdstukken brengen vooraanstaande experts een bewogen geschiedenis tot leven, die begint met de Grandi Tribunali in middeleeuws Italië en die via onder meer de Habsburgse Nederlanden eindigt met het huidige Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.

De tekst wordt verlucht met ruim 160 illustraties uit archieven en collecties uit heel Europa, aangevuld met moderne afbeeldingen van onder andere Europese en nationale hoven en instellingen. Afbeeldingen die tot voor kort slechts in een beperkte kring van specialisten bekend waren, zijn nu voor het eerst toegankelijk voor een breder publiek.


"Deze publicatie zal eens te meer de boodschap brengen dat het Europa van de rechters uniek is en dat het van oudsher de geschiedenis van ons continent heeft geboetseerd.
Een onweerstaanbare bibliofiele uitgave voor elke jurist."

Marcel Storme, voormalig rechter ad hoc in het Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Walter Van Gerven, voormalig advocaat-generaal in het Hof van Justitie van de Europese Unie

"By focussing on the highest courts of each country, the editors and contributors have managed to concentrate on a meaningful and illuminating basis of comparison, and to discuss the histories of the various supreme courts in depth, thereby producing a book of real scholarship as well as great beauty."
Baron Neuberger of Abbotsbury, President of the Supreme Court of the United Kingdom.
N.B. Abonnees van het Tijdschrift voor Privaatrecht krijgen deze uitgave in april 2013 als geschenk toegestuurd ter gelegenheid van het vijftigste werkingsjaar van het tijdschrift.

Auteursoverzicht

Quick View

Hoogste gerechtshoven in Europa. Een historisch portret.

 64,00

Hoogste gerechtshoven in Europa: Een historisch portret is een rijk geïllustreerde uitgave die het resultaat vormt van ruim drie jaar werk door rechtshistorici en andere juristen.

Het boek behandelt de geschiedenis van de hoogste rechtscolleges in Europa, van de middeleeuwen tot op heden. Ondanks alle verscheidenheid kunnen toch opmerkelijke gemeenschappelijke thema’s en motieven, die de rechtspraktijk op het hoogste niveau hebben beïnvloed, voor het voetlicht worden gebracht.

Interessant is de actualiteit van de problemen waarmee de hoogste rechtscolleges in Europa, zowel vóór als na de komst van Napoleon, te kampen hadden. Verschillen in taal, tradities en rechtssystemen vormen nog altijd een uitdaging voor juristen die werkzaam zijn in (inter)nationale en supranationale hoge rechtscolleges.

Dit boek kadert de huidige rol van de internationale gerechtshoven in een opmerkelijk rijke Europese nalatenschap van rechtstradities en culturen.
In vijfentwintig hoofdstukken brengen vooraanstaande experts een bewogen geschiedenis tot leven, die begint met de Grandi Tribunali in middeleeuws Italië en die via onder meer de Habsburgse Nederlanden eindigt met het huidige Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.

De tekst wordt verlucht met ruim 160 illustraties uit archieven en collecties uit heel Europa, aangevuld met moderne afbeeldingen van onder andere Europese en nationale hoven en instellingen. Afbeeldingen die tot voor kort slechts in een beperkte kring van specialisten bekend waren, zijn nu voor het eerst toegankelijk voor een breder publiek.


"Deze publicatie zal eens te meer de boodschap brengen dat het Europa van de rechters uniek is en dat het van oudsher de geschiedenis van ons continent heeft geboetseerd.
Een onweerstaanbare bibliofiele uitgave voor elke jurist."

Marcel Storme, voormalig rechter ad hoc in het Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Walter Van Gerven, voormalig advocaat-generaal in het Hof van Justitie van de Europese Unie

"By focussing on the highest courts of each country, the editors and contributors have managed to concentrate on a meaningful and illuminating basis of comparison, and to discuss the histories of the various supreme courts in depth, thereby producing a book of real scholarship as well as great beauty."
Baron Neuberger of Abbotsbury, President of the Supreme Court of the United Kingdom.
N.B. Abonnees van het Tijdschrift voor Privaatrecht krijgen deze uitgave in april 2013 als geschenk toegestuurd ter gelegenheid van het vijftigste werkingsjaar van het tijdschrift.

Auteursoverzicht

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Stress et trauma dans les services de police et de secours

 37,00



Sur le livre:
Les répercussions négatives du stress et du trauma constituent une réalité qui ne peut être mise en doute et depuis plusieurs décennies, elles ont fait l’objet de multiples recherches et publications. Il semble en effet évident que l’exercice de certaines professions particulièrement stressantes puisse engendrer des répercussions tant sur le plan physiologique que psychologique. De telles constations ont été effectuées par de nombreux auteurs de toutes nationalités, notamment chez les contrôleurs aériens, le personnel soignant, mais aussi chez les membres des services d’incendie et les policiers.

Ce livre propose donc d’évoquer, dans sa première partie, une nécessaire revue de la littérature concernant le stress d’un point de vue général pour ensuite l’aborder chez les intervenants. Les autres parties de l’ouvrage se consacreront aux domaines de la psychotraumatologie, des principes de première assistance psychologique ainsi qu’aux techniques d’entretien et d’intervention individuelle ou collective à la suite d’événements bouleversants.

Enfin, le rôle joué par le tissu social de l’intervenant, la description d’un modèle de prévention, de prise en charge et de suivi du stress lié aux interventions dans ces professions seront également abordés, toujours dans une perspective résolument dynamique, pratique, accessible à tous les non « initiés ». Si ce livre s’adresse aux policiers et sauveteurs tant dans un but personnel que de soutien, il est évident que d’autres professions, confrontées également à des situations de crise pourront aisément l’adapter à leur réalité professionnelle.


Sur le contenu:
Table des matières
Préface
Bon de commande


Sur les auteurs:
Erik DE SOIR est doctorant en psychologie et psychothérapeute d’orientation familiale, conjugale et systémique, rattaché à l’Institut royal supérieur de défense. Il est confronté quotidiennement à la prévention, la prise en charge et le traitement de traumatismes psychiques en tant que psychologue sapeur-pompier, spécialiste des traumatismes de guerre et de catastrophe.

Frédéric DAUBECHIES est docteur en psychologie, psychothérapeute en thérapie brève et hypnose ericksonienne. Il est Directeur du service d’Appui Psychologique aux Intervenants (API) en Province de Hainaut, chargé de cours au sein des écoles de police, du feu et des intervenants dans le milieu des services d’urgence et anime des séminaires pour les acteurs de la sécurité publique et de l’urgence.

Patrick VAN DEN STEENE est psychologue, psychothérapeute et hypnothérapeute, spécialisé en thérapie du trauma. Il est coordinateur au sein du Stressteam de la Zone de Police à Schaerbeek – Saint-Josse-Ten-Noode et Evere, et supervise plusieurs réseaux d’intervention et d’aide collégiale dans des services de police et de secours.

Quick View

Stress et trauma dans les services de police et de secours

 37,00



Sur le livre:
Les répercussions négatives du stress et du trauma constituent une réalité qui ne peut être mise en doute et depuis plusieurs décennies, elles ont fait l’objet de multiples recherches et publications. Il semble en effet évident que l’exercice de certaines professions particulièrement stressantes puisse engendrer des répercussions tant sur le plan physiologique que psychologique. De telles constations ont été effectuées par de nombreux auteurs de toutes nationalités, notamment chez les contrôleurs aériens, le personnel soignant, mais aussi chez les membres des services d’incendie et les policiers.

Ce livre propose donc d’évoquer, dans sa première partie, une nécessaire revue de la littérature concernant le stress d’un point de vue général pour ensuite l’aborder chez les intervenants. Les autres parties de l’ouvrage se consacreront aux domaines de la psychotraumatologie, des principes de première assistance psychologique ainsi qu’aux techniques d’entretien et d’intervention individuelle ou collective à la suite d’événements bouleversants.

Enfin, le rôle joué par le tissu social de l’intervenant, la description d’un modèle de prévention, de prise en charge et de suivi du stress lié aux interventions dans ces professions seront également abordés, toujours dans une perspective résolument dynamique, pratique, accessible à tous les non « initiés ». Si ce livre s’adresse aux policiers et sauveteurs tant dans un but personnel que de soutien, il est évident que d’autres professions, confrontées également à des situations de crise pourront aisément l’adapter à leur réalité professionnelle.


Sur le contenu:
Table des matières
Préface
Bon de commande


Sur les auteurs:
Erik DE SOIR est doctorant en psychologie et psychothérapeute d’orientation familiale, conjugale et systémique, rattaché à l’Institut royal supérieur de défense. Il est confronté quotidiennement à la prévention, la prise en charge et le traitement de traumatismes psychiques en tant que psychologue sapeur-pompier, spécialiste des traumatismes de guerre et de catastrophe.

Frédéric DAUBECHIES est docteur en psychologie, psychothérapeute en thérapie brève et hypnose ericksonienne. Il est Directeur du service d’Appui Psychologique aux Intervenants (API) en Province de Hainaut, chargé de cours au sein des écoles de police, du feu et des intervenants dans le milieu des services d’urgence et anime des séminaires pour les acteurs de la sécurité publique et de l’urgence.

Patrick VAN DEN STEENE est psychologue, psychothérapeute et hypnothérapeute, spécialisé en thérapie du trauma. Il est coordinateur au sein du Stressteam de la Zone de Police à Schaerbeek – Saint-Josse-Ten-Noode et Evere, et supervise plusieurs réseaux d’intervention et d’aide collégiale dans des services de police et de secours.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

A Swelling Culture of Control. De genese en toepassing van de wet op de gemeentelijke administratieve sancties in België. (Reeks Politiestudies, nr. 2)

 90,00
Het overlastthema blijft zeer actueel, de polemiek errond groot. De toepassing van de gemeentelijke administratieve sancties in de steden wordt door sommigen een noodzakelijk instrument in een lik-op-stuk-beleid genoemd en door anderen een overdreven vorm van controle op de burger.

De voorliggende publicatie maakt in eerste instantie een reconstructie van 27 jaar veiligheidsbeleid (1985-2007) die de context vormt voor de totstandkoming van de Belgische GAS-wet. Politieke, maar ook sociale en maatschappelijke kenmerken die aanleiding waren voor een vernieuwd veiligheidsbeleid krijgen hier een plaats.
Een tweede empirisch luik zoomt in op de overlastaanpak in de steden Antwerpen en Luik. Een grondige analyse op basis van diepte-interviews met sleutelfiguren en documentanalyse toont aan dat beide steden eerder een inclusief beleid voeren dan een exclusief. De GAS-wet kan m.a.w. geen nieuw instrument van controle worden genoemd.

In dit boek, het resultaat van doorgedreven en uitgebreid doctoraal onderzoek, wordt de overlastaanpak zowel theoretisch als empirisch diepgaand bestudeerd. Een schets van de probleemstelling, het nieuwe veiligheidsdiscours en de overlastaanpak in Groot Brittannië en Nederland leiden dit werk in. Het centrale thema ‘moet de GAS-wet als een nieuw instrument van controle worden beschouwd?’ vindt een antwoord in het empirisch onderzoek. Hiervoor werden niet minder dan 71 bevoorrechte getuigen in België geïnterviewd, waaronder alle ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie uit de onderzoeksperiode. Ook werd een doorgedreven documentanalyse verricht. Het werk van D. Garland de ‘Culture of Control’ (2001) vormde de theoretische leidraad en de inspiratiebron voor zes onderzoeksvragen die peilen naar een eventuele ‘Swelling Culture of Control’.

Elke Devroe (09.10.1963) is criminoloog, hoofd van de Afdeling Research & Development van de Dienst voor het Strafrechtelijk beleid, lid van de onderzoeksgroep ‘Sociale Veiligheidsanalyse’ (SVA) Universiteit Gent, lesgever Oost-Vlaamse politieacademie Opac, lid van de stuurgroep Campbell België, lid van de Vlaamse Vereniging voor Criminologie (VVC), redactielid van diverse vaktijdschriften en hoofdredacteur van de Cahiers Politiestudies.

Folder

Quick View

A Swelling Culture of Control. De genese en toepassing van de wet op de gemeentelijke administratieve sancties in België. (Reeks Politiestudies, nr. 2)

 90,00
Het overlastthema blijft zeer actueel, de polemiek errond groot. De toepassing van de gemeentelijke administratieve sancties in de steden wordt door sommigen een noodzakelijk instrument in een lik-op-stuk-beleid genoemd en door anderen een overdreven vorm van controle op de burger.

De voorliggende publicatie maakt in eerste instantie een reconstructie van 27 jaar veiligheidsbeleid (1985-2007) die de context vormt voor de totstandkoming van de Belgische GAS-wet. Politieke, maar ook sociale en maatschappelijke kenmerken die aanleiding waren voor een vernieuwd veiligheidsbeleid krijgen hier een plaats.
Een tweede empirisch luik zoomt in op de overlastaanpak in de steden Antwerpen en Luik. Een grondige analyse op basis van diepte-interviews met sleutelfiguren en documentanalyse toont aan dat beide steden eerder een inclusief beleid voeren dan een exclusief. De GAS-wet kan m.a.w. geen nieuw instrument van controle worden genoemd.

In dit boek, het resultaat van doorgedreven en uitgebreid doctoraal onderzoek, wordt de overlastaanpak zowel theoretisch als empirisch diepgaand bestudeerd. Een schets van de probleemstelling, het nieuwe veiligheidsdiscours en de overlastaanpak in Groot Brittannië en Nederland leiden dit werk in. Het centrale thema ‘moet de GAS-wet als een nieuw instrument van controle worden beschouwd?’ vindt een antwoord in het empirisch onderzoek. Hiervoor werden niet minder dan 71 bevoorrechte getuigen in België geïnterviewd, waaronder alle ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie uit de onderzoeksperiode. Ook werd een doorgedreven documentanalyse verricht. Het werk van D. Garland de ‘Culture of Control’ (2001) vormde de theoretische leidraad en de inspiratiebron voor zes onderzoeksvragen die peilen naar een eventuele ‘Swelling Culture of Control’.

Elke Devroe (09.10.1963) is criminoloog, hoofd van de Afdeling Research & Development van de Dienst voor het Strafrechtelijk beleid, lid van de onderzoeksgroep ‘Sociale Veiligheidsanalyse’ (SVA) Universiteit Gent, lesgever Oost-Vlaamse politieacademie Opac, lid van de stuurgroep Campbell België, lid van de Vlaamse Vereniging voor Criminologie (VVC), redactielid van diverse vaktijdschriften en hoofdredacteur van de Cahiers Politiestudies.

Folder

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 1. Ethiek en inlichtingen

 35,00
NL
Hoewel inlichtingendiensten, alsook de controle erop, onderhevig zijn aan een juridische omkadering, zijn de keuzes die deze organisaties moeten maken in bepaalde situaties allerminst evident. Zo is het vrijwel onmogelijk en misschien zelfs onwenselijk om bindende richtlijnen uit te vaardigen voor elke situatie waarin morele dilemma’s de bovenhand hebben. Ethiek wordt in deze context terecht omschreven als ‘un monde de raisonnement pour affronter les dilemmes’. Ze zoomt dieper in op die situaties waarin de morele oordeelvorming en de betrouwbaarheid ervan centraal staat.

In dit eerste BISC cahier wordt het onderwerp ‘Ethiek en inlichtingen’ uiteengezet door de focus te leggen op de totstandkoming van een algemeen theoretisch kader, een bespreking van ‘good practices’, de positie van ethiek in de controle op inlichtingendiensten en de rol van ethiek in de relatie tussen journalistiek en inlichtingen.

FR
Bien que les services de renseignement, de même que la manière dont ils sont contrôlés, soient soumis à un encadrement juridique, les choix auxquels ces organisations sont confrontées dans certaines situations sont loin d’être évidents. Il est dès lors pratiquement impossible, et sans doute guère souhaitable, de définir des directives contraignantes pour chaque circonstance où émergent des dilemmes moraux. Dans ce contexte, l’éthique peut à juste titre être décrite comme « un mode de raisonnement pour affronter les dilemmes ». Elle interroge en profondeur les situations où doivent primer la fiabilité et le jugement moral.

La thématique « éthique et renseignement » est envisagée dans ce premier cahier BISC à travers la création d’un cadre théorique général, une discussion des « bonnes pratiques », la position de l’éthique dans le contrôle des services de renseignement, et le rôle de l’éthique dans les relations entre journalisme et renseignement.

Inhoudsopgave / Tables des matières

Quick View

Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 1. Ethiek en inlichtingen

 35,00
NL
Hoewel inlichtingendiensten, alsook de controle erop, onderhevig zijn aan een juridische omkadering, zijn de keuzes die deze organisaties moeten maken in bepaalde situaties allerminst evident. Zo is het vrijwel onmogelijk en misschien zelfs onwenselijk om bindende richtlijnen uit te vaardigen voor elke situatie waarin morele dilemma’s de bovenhand hebben. Ethiek wordt in deze context terecht omschreven als ‘un monde de raisonnement pour affronter les dilemmes’. Ze zoomt dieper in op die situaties waarin de morele oordeelvorming en de betrouwbaarheid ervan centraal staat.

In dit eerste BISC cahier wordt het onderwerp ‘Ethiek en inlichtingen’ uiteengezet door de focus te leggen op de totstandkoming van een algemeen theoretisch kader, een bespreking van ‘good practices’, de positie van ethiek in de controle op inlichtingendiensten en de rol van ethiek in de relatie tussen journalistiek en inlichtingen.

FR
Bien que les services de renseignement, de même que la manière dont ils sont contrôlés, soient soumis à un encadrement juridique, les choix auxquels ces organisations sont confrontées dans certaines situations sont loin d’être évidents. Il est dès lors pratiquement impossible, et sans doute guère souhaitable, de définir des directives contraignantes pour chaque circonstance où émergent des dilemmes moraux. Dans ce contexte, l’éthique peut à juste titre être décrite comme « un mode de raisonnement pour affronter les dilemmes ». Elle interroge en profondeur les situations où doivent primer la fiabilité et le jugement moral.

La thématique « éthique et renseignement » est envisagée dans ce premier cahier BISC à travers la création d’un cadre théorique général, une discussion des « bonnes pratiques », la position de l’éthique dans le contrôle des services de renseignement, et le rôle de l’éthique dans les relations entre journalisme et renseignement.

Inhoudsopgave / Tables des matières

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Naar een facultaire advocatenpraktijk ter versterking van het klinisch rechtsonderwijs? Gandaius Monografieën

 20,00
De idee van een facultaire advocatenpraktijk sluit nauw aan bij het concept van klinisch rechtsonderwijs (clinical legal education). Deze onderwijsvorm, die inhoudt dat rechtenstudenten de kans geboden wordt om in de loop van hun universitaire studie binnen een rechtskliniek het recht praktisch toe te passen op reële casussen, is in sommige niet-Europese landen al jaren stevig verankerd in de rechtenopleiding maar kent de voorbije jaren ook een onmiskenbare opmars aan Europese universiteiten. In België bestaat dergelijke rechtskliniek vooralsnog niet.

Deze studie, die in het kader van een facultair onderwijsinnovatieproject werd gevoerd, onderzoekt de haalbaarheid om het klinisch rechtsonderwijs aan de Gentse Faculteit Rechtsgeleerdheid te versterken via het inrichten van een facultaire advocatenpraktijk.

Quick View

Naar een facultaire advocatenpraktijk ter versterking van het klinisch rechtsonderwijs? Gandaius Monografieën

 20,00
De idee van een facultaire advocatenpraktijk sluit nauw aan bij het concept van klinisch rechtsonderwijs (clinical legal education). Deze onderwijsvorm, die inhoudt dat rechtenstudenten de kans geboden wordt om in de loop van hun universitaire studie binnen een rechtskliniek het recht praktisch toe te passen op reële casussen, is in sommige niet-Europese landen al jaren stevig verankerd in de rechtenopleiding maar kent de voorbije jaren ook een onmiskenbare opmars aan Europese universiteiten. In België bestaat dergelijke rechtskliniek vooralsnog niet.

Deze studie, die in het kader van een facultair onderwijsinnovatieproject werd gevoerd, onderzoekt de haalbaarheid om het klinisch rechtsonderwijs aan de Gentse Faculteit Rechtsgeleerdheid te versterken via het inrichten van een facultaire advocatenpraktijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Update in de criminologie VI. Actuele ontwikkelingen inzake EU-strafrecht, veiligheid, politie, strafprocedure, prostitutie en mensenhandel, … (Gandaius Publicaties, VI)

 65,00

Deze publicatie bevat de bijdragen uit de vormingssessies van de 6de Postuniversitaire Vormingscyclus Update in de Criminologie.

Centraal staan diverse actuele thema''s binnen het domein van het strafrecht en de criminologie. Lesgevers en onderzoekers van vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent behandelen hierin empirische en theoretische evoluties binnen hun specialisatiegebied.

Quick View

Update in de criminologie VI. Actuele ontwikkelingen inzake EU-strafrecht, veiligheid, politie, strafprocedure, prostitutie en mensenhandel, … (Gandaius Publicaties, VI)

 65,00

Deze publicatie bevat de bijdragen uit de vormingssessies van de 6de Postuniversitaire Vormingscyclus Update in de Criminologie.

Centraal staan diverse actuele thema''s binnen het domein van het strafrecht en de criminologie. Lesgevers en onderzoekers van vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent behandelen hierin empirische en theoretische evoluties binnen hun specialisatiegebied.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    37
    Uw winkelwagen
    Ziekenwerk. Een kleine sociologie van alledaags ziekenleven
     13,50
    Dyslexie: stoornis of intelligentie
    Dyslexie: stoornis of intelligentie
    Aantal: 1
    Prijs: 39,00
     39,00
    Pricing Algorithms in EU competition law.
    Pricing Algorithms in EU competition law.
    Aantal: 1
    Prijs: 24,95
     24,95
    ×