Filter
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Praktijkboek beroepsgeheim en informatieverstrekking in de zorg (Nederlands Recht)

 25,70
Het medisch beroepsgeheim is bepalend in de relatie tussen hulpverlener en patiënt, maar zonder adequate informatieverstrekking is werken in de zorg niet mogelijk. Het gevolg is dat hulpverleners altijd een keuze moeten maken tussen spreken of zwijgen. Tijd om te overleggen met collega’s of om een handboek te raadplegen ontbreekt meestal. Ook het uitstellen van de keuze tussen geheimhouding en informatieverstrekking is een keuze. Zelfs niet kiezen is een keuze. Dit praktijkboek beschrijft in (vaak korte) casus verschillende situaties waarin die keuze een rol speelt. Het praktijkboek is bedoeld als handreiking voor elke hulpverlener die wordt geconfronteerd met dilemma’s over geheimhouden en informatieverstrekking en waarbij het antwoord nu wordt verwacht.

Mw. Mr. Dr. W.L.J.M. (Wilma) Duijst studeerde geneeskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam en rechten aan de Open Universiteit Nederland. In 2005 promoveerde zij op het proefschrift ‘Boeven in het ziekenhuis, Een juridische beschouwing over de verhouding tussen het medisch beroepsgeheim en de opsporing van strafbare feiten’. Zij doceert strafrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen en is onder meer betrokken bij de opleiding voor huisartsen, kinderartsen en justitiële geneeskundigen. Daarnaast is zij forensisch geneeskundige in de regio Ijsselland en is plaatsvervangend (straf ) rechter bij de rechtbank Arnhem.

Geen voorraad
Quick View

Praktijkboek beroepsgeheim en informatieverstrekking in de zorg (Nederlands Recht)

 25,70
Het medisch beroepsgeheim is bepalend in de relatie tussen hulpverlener en patiënt, maar zonder adequate informatieverstrekking is werken in de zorg niet mogelijk. Het gevolg is dat hulpverleners altijd een keuze moeten maken tussen spreken of zwijgen. Tijd om te overleggen met collega’s of om een handboek te raadplegen ontbreekt meestal. Ook het uitstellen van de keuze tussen geheimhouding en informatieverstrekking is een keuze. Zelfs niet kiezen is een keuze. Dit praktijkboek beschrijft in (vaak korte) casus verschillende situaties waarin die keuze een rol speelt. Het praktijkboek is bedoeld als handreiking voor elke hulpverlener die wordt geconfronteerd met dilemma’s over geheimhouden en informatieverstrekking en waarbij het antwoord nu wordt verwacht.

Mw. Mr. Dr. W.L.J.M. (Wilma) Duijst studeerde geneeskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam en rechten aan de Open Universiteit Nederland. In 2005 promoveerde zij op het proefschrift ‘Boeven in het ziekenhuis, Een juridische beschouwing over de verhouding tussen het medisch beroepsgeheim en de opsporing van strafbare feiten’. Zij doceert strafrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen en is onder meer betrokken bij de opleiding voor huisartsen, kinderartsen en justitiële geneeskundigen. Daarnaast is zij forensisch geneeskundige in de regio Ijsselland en is plaatsvervangend (straf ) rechter bij de rechtbank Arnhem.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Rechten en plichten van de ambtenaar (Reeks Integraal Ambtenarenrecht, deel 2) (Nederlands Recht)

 34,50
Veel van de rechten en plichten van de ambtenaar worden vrij gedetailleerd uitgewerkt in het op hem van toepassing zijnde rechtspositiereglement.
Aan de aanstelling, arbeidsduur, werktijden, vakantieverlof, buitengewoon verlof, plichtsverzuim en ontslag - om slechts een aantal te noemen - worden in de verschillende reglementen afzonderlijke hoofdstukken gewijd.

Naast die uitgewerkte onderwerpen heeft de ambtenaar echter nog een relatief groot aantal andere rechten en plichten. Vaak wordt daar slechts één artikel aan gewijd en in sommige gevallen is zelfs volstaan met één artikellid. En een aantal – en beslist niet de onbelangrijkste - rechten treffen we helemaal niet aan in het betreffende rechtspositiereglement, namelijk de grondrechten. De ambtenaar is primair burger en geniet om die reden dezelfde rechten als ieder ander; dus ook hij kan zo nodig een beroep doen op zijn grondrechten.

Dit tweede boekdeel in de reeks Integraal Ambtenarenrecht gaat allereerst in op een aantal grondrechten die voor de ambtenaar als zodanig van belang zijn. Vervolgens wordt de rechtspositie van de ambtenaar onder de loep genomen.
Het boek sluit af met de onderwerpen die in de reglementen worden aangeduid als de “overige rechten en verplichtingen van de ambtenaar”.

Dr. mr. Steven F.H. Jellinghaus ( 1969) is als advocaat/mediator verbonden aan De Voort Hermes de Bont advocaten te Tilburg en als universitair docent aan de vakgroep sociaal recht en sociale politiek van de Universiteit van Tilburg. Hij is redacteur/medewerker van een aantal periodieken, waaronder Arbeid Integraal en Jurisprudentie in Nederland. Hij heeft een groot aantal publicaties op zijn naam en doceert met grote regelmaat (post-academisch onderwijs). Drs. Paul J.J.M. van der Heijden ( 1966) studeerde Juridische Bestuurswetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. Hij is thans werkzaam als bedrijfsjurist bij de regiopolitie Midden en West Brabant te Tilburg. Hij heeft een grote expertise opgebouwd in het ambtenarenrecht. Tevens doceert en publiceert hij geregeld op dit rechtsgebied.

Meer informatie over Reeks Integraal Ambtenarenrecht

Quick View

Rechten en plichten van de ambtenaar (Reeks Integraal Ambtenarenrecht, deel 2) (Nederlands Recht)

 34,50
Veel van de rechten en plichten van de ambtenaar worden vrij gedetailleerd uitgewerkt in het op hem van toepassing zijnde rechtspositiereglement.
Aan de aanstelling, arbeidsduur, werktijden, vakantieverlof, buitengewoon verlof, plichtsverzuim en ontslag - om slechts een aantal te noemen - worden in de verschillende reglementen afzonderlijke hoofdstukken gewijd.

Naast die uitgewerkte onderwerpen heeft de ambtenaar echter nog een relatief groot aantal andere rechten en plichten. Vaak wordt daar slechts één artikel aan gewijd en in sommige gevallen is zelfs volstaan met één artikellid. En een aantal – en beslist niet de onbelangrijkste - rechten treffen we helemaal niet aan in het betreffende rechtspositiereglement, namelijk de grondrechten. De ambtenaar is primair burger en geniet om die reden dezelfde rechten als ieder ander; dus ook hij kan zo nodig een beroep doen op zijn grondrechten.

Dit tweede boekdeel in de reeks Integraal Ambtenarenrecht gaat allereerst in op een aantal grondrechten die voor de ambtenaar als zodanig van belang zijn. Vervolgens wordt de rechtspositie van de ambtenaar onder de loep genomen.
Het boek sluit af met de onderwerpen die in de reglementen worden aangeduid als de “overige rechten en verplichtingen van de ambtenaar”.

Dr. mr. Steven F.H. Jellinghaus ( 1969) is als advocaat/mediator verbonden aan De Voort Hermes de Bont advocaten te Tilburg en als universitair docent aan de vakgroep sociaal recht en sociale politiek van de Universiteit van Tilburg. Hij is redacteur/medewerker van een aantal periodieken, waaronder Arbeid Integraal en Jurisprudentie in Nederland. Hij heeft een groot aantal publicaties op zijn naam en doceert met grote regelmaat (post-academisch onderwijs). Drs. Paul J.J.M. van der Heijden ( 1966) studeerde Juridische Bestuurswetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. Hij is thans werkzaam als bedrijfsjurist bij de regiopolitie Midden en West Brabant te Tilburg. Hij heeft een grote expertise opgebouwd in het ambtenarenrecht. Tevens doceert en publiceert hij geregeld op dit rechtsgebied.

Meer informatie over Reeks Integraal Ambtenarenrecht

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ambtenaarschap, sollicitatie en aanstelling (Reeks Integraal Ambtenarenrecht, deel 1) (Nederlands Recht)

 34,50
Dit eerste boek in de Reeks Integraal Ambtenarenrecht gaat nader in op de systematiek van het ambtenarenrecht en de sollicitatie en bijbehorende aanstelling. Bij het schrijven staan de rijksambtenaar en de gemeentelijke ambtenaar centraal.

Dit boek kan echter ook van dienst zijn in andere sectoren, omdat waar nodig verwezen wordt naar andere rechtspositiereglementen dan het ARAR en de CAR/UWO.
Daarnaast hebben de auteurs ernaar gestreefd een gedegen handboek samen te stellen door middel van een uitvoerige bespreking van de toepasselijke regelgeving, jurisprudentie en parlementaire stukken. Hierbij is steeds de praktische toepasbaarheid voor ogen gehouden.

Dit eerste deel in deze reeks is daarmee een onmisbaar naslagwerk geworden voor overheidsjuristen en personeelsfunctionarissen, maar ook voor advocaten en andere rechtshulpverleners.

Dr. mr. Steven F.H. Jellinghaus is als advocaat/mediator verbonden aan De Voort Hermes de Bont advocaten te Tilburg en als universitair docent aan de vakgroep sociaal recht en sociale politiek van de Universiteit van Tilburg.
Hij is redacteur/medewerker van een aantal periodieken, waaronder Arbeid Integraal en Jurisprudentie in Nederland. Hij heeft een groot aantal publicaties op zijn naam en doceert met grote regelmaat (post-academisch onderwijs).

Drs. Paul J.J.M. van der Heijden studeerde Juridische Bestuurswetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. Hij is thans werkzaam als bedrijfsjurist bij de regiopolitie Midden en West Brabant te Tilburg. Hij heeft een grote expertise opgebouwd in het ambtenarenrecht. Tevens doceert en publiceert hij geregeld op dit rechtsgebied.

Meer informatie over Reeks Integraal Ambtenarenrecht

Quick View

Ambtenaarschap, sollicitatie en aanstelling (Reeks Integraal Ambtenarenrecht, deel 1) (Nederlands Recht)

 34,50
Dit eerste boek in de Reeks Integraal Ambtenarenrecht gaat nader in op de systematiek van het ambtenarenrecht en de sollicitatie en bijbehorende aanstelling. Bij het schrijven staan de rijksambtenaar en de gemeentelijke ambtenaar centraal.

Dit boek kan echter ook van dienst zijn in andere sectoren, omdat waar nodig verwezen wordt naar andere rechtspositiereglementen dan het ARAR en de CAR/UWO.
Daarnaast hebben de auteurs ernaar gestreefd een gedegen handboek samen te stellen door middel van een uitvoerige bespreking van de toepasselijke regelgeving, jurisprudentie en parlementaire stukken. Hierbij is steeds de praktische toepasbaarheid voor ogen gehouden.

Dit eerste deel in deze reeks is daarmee een onmisbaar naslagwerk geworden voor overheidsjuristen en personeelsfunctionarissen, maar ook voor advocaten en andere rechtshulpverleners.

Dr. mr. Steven F.H. Jellinghaus is als advocaat/mediator verbonden aan De Voort Hermes de Bont advocaten te Tilburg en als universitair docent aan de vakgroep sociaal recht en sociale politiek van de Universiteit van Tilburg.
Hij is redacteur/medewerker van een aantal periodieken, waaronder Arbeid Integraal en Jurisprudentie in Nederland. Hij heeft een groot aantal publicaties op zijn naam en doceert met grote regelmaat (post-academisch onderwijs).

Drs. Paul J.J.M. van der Heijden studeerde Juridische Bestuurswetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. Hij is thans werkzaam als bedrijfsjurist bij de regiopolitie Midden en West Brabant te Tilburg. Hij heeft een grote expertise opgebouwd in het ambtenarenrecht. Tevens doceert en publiceert hij geregeld op dit rechtsgebied.

Meer informatie over Reeks Integraal Ambtenarenrecht

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Beginselen van behoorlijk bestuur (Nederlands Recht)

 32,00
De algemene beginselen van behoorlijk bestuur blijven van groot belang voor de bestuurlijke praktijk en dus voor het bestuursrecht. Zij zijn slechts deels gecodifi ceerd in de Algemene wet bestuursrecht, Grondwet en verdragen en daarom lastig toegankelijk.

De praktijk heeft derhalve behoefte aan een (handzaam) overzicht van de belangrijkste beginselen en hun betekenis voor het bestuur(proces)recht. Dit boek komt op een unieke manier aan deze behoefte tegemoet. Na een algemene inleiding geeft het boek een overzicht van de belangrijkste beginselen van behoorlijk bestuur in het Nederlandse bestuursrecht. Daarbij is vooral aandacht besteed aan de (talrijke) jurisprudentie.

Hugo Pennarts is advocaat te Rotterdam en als docent verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij verzorgt regelmatig cursussen en publicaties op het terrein van het bestuursrecht. Hij is onder meer lid van de Algemene bezwaarcommissie Erasmus Universiteit en voorzitter van de bezwaaradviescommissie gemeente Dirksland.

Quick View

Beginselen van behoorlijk bestuur (Nederlands Recht)

 32,00
De algemene beginselen van behoorlijk bestuur blijven van groot belang voor de bestuurlijke praktijk en dus voor het bestuursrecht. Zij zijn slechts deels gecodifi ceerd in de Algemene wet bestuursrecht, Grondwet en verdragen en daarom lastig toegankelijk.

De praktijk heeft derhalve behoefte aan een (handzaam) overzicht van de belangrijkste beginselen en hun betekenis voor het bestuur(proces)recht. Dit boek komt op een unieke manier aan deze behoefte tegemoet. Na een algemene inleiding geeft het boek een overzicht van de belangrijkste beginselen van behoorlijk bestuur in het Nederlandse bestuursrecht. Daarbij is vooral aandacht besteed aan de (talrijke) jurisprudentie.

Hugo Pennarts is advocaat te Rotterdam en als docent verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij verzorgt regelmatig cursussen en publicaties op het terrein van het bestuursrecht. Hij is onder meer lid van de Algemene bezwaarcommissie Erasmus Universiteit en voorzitter van de bezwaaradviescommissie gemeente Dirksland.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Een brug tussen justitie en drughulpverlening. Een evaluatie van het proefzorgproject (Reeks Dienst voor het Strafrechtelijk beleid, nr. 29)

 32,00
In 2005 ging binnen het gerechtelijk arrondissement Gent het pilootproject ‘Proefzorg’ van start. Via dit project, uitgewerkt door het Gentse parket in overleg met de hulpverleningssector, kunnen daders van slachtofferloze feiten die te kampen hebben met een verslavingsproblematiek naar de hulpverlening gekanaliseerd worden.
De doelstelling van Proefzorg bestaat erin het parket, reeds op het echelon van opsporing en vervolging, voldoende armslag te geven om de delinquent – die bekent feiten te hebben gepleegd en bij wie een verslavingsverschijnsel of ziekte aan de grondslag van de feiten ligt – vlot, efficiënt en adequaat naar de hulpverlening te kunnen sluizen.
In België bestaan er op alle echelons van de strafrechtsbedeling verschillende modaliteiten waarbij middelengebruikers naar de hulpverlening kunnen doorverwezen worden.
Niettemin bestaat er op het niveau van de opsporing en de vervolging een leemte om middelengebruikers door te verwijzen. Proefzorg tracht deze lacune in te vullen.

Samen met de start van Proefzorg werd een wetenschappelijke evaluatie opgezet en uitgevoerd in een samenwerkingsverband tussen de Dienst voor het Strafrechtelijk beleid en het ‘Institute for international Research on Criminal Policy’ (IRCP) van de Universiteit Gent.
Deze evaluatie werd uitgevoerd in 2005-2007 en bevat twee complementaire luiken: een kwantitatieve gegevensverwerking en een kwalitatieve analyse. Deze twee luiken werden samengebracht tot een globale evaluatie, zodat een zo neutraal, evenwichtig én volledig mogelijk beeld kan gevormd worden over de effectiviteit van het project.

Placeholder Image
Quick View

Een brug tussen justitie en drughulpverlening. Een evaluatie van het proefzorgproject (Reeks Dienst voor het Strafrechtelijk beleid, nr. 29)

 32,00
In 2005 ging binnen het gerechtelijk arrondissement Gent het pilootproject ‘Proefzorg’ van start. Via dit project, uitgewerkt door het Gentse parket in overleg met de hulpverleningssector, kunnen daders van slachtofferloze feiten die te kampen hebben met een verslavingsproblematiek naar de hulpverlening gekanaliseerd worden.
De doelstelling van Proefzorg bestaat erin het parket, reeds op het echelon van opsporing en vervolging, voldoende armslag te geven om de delinquent – die bekent feiten te hebben gepleegd en bij wie een verslavingsverschijnsel of ziekte aan de grondslag van de feiten ligt – vlot, efficiënt en adequaat naar de hulpverlening te kunnen sluizen.
In België bestaan er op alle echelons van de strafrechtsbedeling verschillende modaliteiten waarbij middelengebruikers naar de hulpverlening kunnen doorverwezen worden.
Niettemin bestaat er op het niveau van de opsporing en de vervolging een leemte om middelengebruikers door te verwijzen. Proefzorg tracht deze lacune in te vullen.

Samen met de start van Proefzorg werd een wetenschappelijke evaluatie opgezet en uitgevoerd in een samenwerkingsverband tussen de Dienst voor het Strafrechtelijk beleid en het ‘Institute for international Research on Criminal Policy’ (IRCP) van de Universiteit Gent.
Deze evaluatie werd uitgevoerd in 2005-2007 en bevat twee complementaire luiken: een kwantitatieve gegevensverwerking en een kwalitatieve analyse. Deze twee luiken werden samengebracht tot een globale evaluatie, zodat een zo neutraal, evenwichtig én volledig mogelijk beeld kan gevormd worden over de effectiviteit van het project.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Who Rules the Coast?

 40,00
This book represents the results of a Flemish research carried out in the framework of the European Interreg IIIB North-West Europe Project COREPOINT (Coastal Research and Policy Integration). It consists of a thorough scientific analysis of two policy processes in the Belgian marine and coastal environment: the designation of the marine protected areas and the drawing up of provincial spatial implementation plans for beaches and sea dikes. The book analyses the legal framework and the concrete application of this for both cases.

Central to the book is the question in which way these policy processes worked out and in particular, what role participation played in this. In order to answer this question, the researchers analysed documents and the related scientific literature.
Additionally they conducted a series of in-depth interviews with representatives of different spheres of society: state (politicians and public servants), civil society and market. In the description of the policy processes attention is given to the roles of various agents and coalitions (networks), the distribution of power, the current rules as well as the policy discourses used.

This book provides inspiration for scientists, those involved in making policy as well as all of those who make their living from the sea or use it during their leisure time.

Placeholder Image
Quick View

Who Rules the Coast?

 40,00
This book represents the results of a Flemish research carried out in the framework of the European Interreg IIIB North-West Europe Project COREPOINT (Coastal Research and Policy Integration). It consists of a thorough scientific analysis of two policy processes in the Belgian marine and coastal environment: the designation of the marine protected areas and the drawing up of provincial spatial implementation plans for beaches and sea dikes. The book analyses the legal framework and the concrete application of this for both cases.

Central to the book is the question in which way these policy processes worked out and in particular, what role participation played in this. In order to answer this question, the researchers analysed documents and the related scientific literature.
Additionally they conducted a series of in-depth interviews with representatives of different spheres of society: state (politicians and public servants), civil society and market. In the description of the policy processes attention is given to the roles of various agents and coalitions (networks), the distribution of power, the current rules as well as the policy discourses used.

This book provides inspiration for scientists, those involved in making policy as well as all of those who make their living from the sea or use it during their leisure time.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Inzicht in het ambtenarenrecht – 2de herziene uitgave (Nederlands Recht)

 30,00
Dit boek bespreekt de meest voorkomende problemen rond het ambtenarenrecht.
Deze situeren zich voornamelijk op het vlak van het functioneren, ontslag, reorganisatie en sociale zekerheid.

Het is een praktijkboek waarin de lezer op een vlotte wijze terugvindt wat er wel en niet kan, welke procedures er gelden en waar de valkuilen liggen.

Naast de juridische praktijk komt ook de personeelspraktijk in deze uitgave ruim aan bod, met voldoende praktische tips.

Sinds de eerste uitgave van dit boek is de wet- en regelgeving veranderd, zijn er nieuwe ontwikkelingen geweest in de rechtspraak maar zijn er ook wijzigingen geweest in de wijze van toetsing door de rechter. Gezien het actuele belang, krijgt ook het onderwerp integriteit in deze editie speciale aandacht.

Deze uitgave is bij uitstek geschikt voor P&O en juristen ambtenarenrecht. Het vormt ook een toegankelijk gids voor elke ambtenaar bij de rijks- of decentrale overheid.

mr. Th.A. Velo is werkzaam geweest als personeelsconsulent, hoofd personeelszaken bij de politie, hoofd van de afdeling 'rechtspositie en arbeidsvoorwaarden' bij de universiteit Utrecht en als interim manager P&O.
Thans is hij advocaat bij Velo Advocaten, gespecialiseerd in het ambtenarenrecht, arbeidsrecht en bestuursrecht. Hij is voorzitter van verschillende bezwarenadviescommissies en een klachtencommissie van een ziekenhuis.
Theo Velo publiceert regelmatig op dit domein en is als docent verbonden aan de PAO Universiteit Utrecht, de opleiding sociaal recht (OSR) en Hogeschool InHolland.

Geen voorraad
Quick View

Inzicht in het ambtenarenrecht – 2de herziene uitgave (Nederlands Recht)

 30,00
Dit boek bespreekt de meest voorkomende problemen rond het ambtenarenrecht.
Deze situeren zich voornamelijk op het vlak van het functioneren, ontslag, reorganisatie en sociale zekerheid.

Het is een praktijkboek waarin de lezer op een vlotte wijze terugvindt wat er wel en niet kan, welke procedures er gelden en waar de valkuilen liggen.

Naast de juridische praktijk komt ook de personeelspraktijk in deze uitgave ruim aan bod, met voldoende praktische tips.

Sinds de eerste uitgave van dit boek is de wet- en regelgeving veranderd, zijn er nieuwe ontwikkelingen geweest in de rechtspraak maar zijn er ook wijzigingen geweest in de wijze van toetsing door de rechter. Gezien het actuele belang, krijgt ook het onderwerp integriteit in deze editie speciale aandacht.

Deze uitgave is bij uitstek geschikt voor P&O en juristen ambtenarenrecht. Het vormt ook een toegankelijk gids voor elke ambtenaar bij de rijks- of decentrale overheid.

mr. Th.A. Velo is werkzaam geweest als personeelsconsulent, hoofd personeelszaken bij de politie, hoofd van de afdeling 'rechtspositie en arbeidsvoorwaarden' bij de universiteit Utrecht en als interim manager P&O.
Thans is hij advocaat bij Velo Advocaten, gespecialiseerd in het ambtenarenrecht, arbeidsrecht en bestuursrecht. Hij is voorzitter van verschillende bezwarenadviescommissies en een klachtencommissie van een ziekenhuis.
Theo Velo publiceert regelmatig op dit domein en is als docent verbonden aan de PAO Universiteit Utrecht, de opleiding sociaal recht (OSR) en Hogeschool InHolland.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Naar een parketbeleidsplan voor de parketten van eerste aanleg (Reeks Dienst Strafrechtelijk Beleid, nr. 27)

 40,00
In dit boek wordt een inzicht geboden in de meerwaarde van een parketbeleidsplan voor het parket. Het biedt de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek gericht op een kennisvermeerdering van de terminologie ‘beleidscyclus’ en ‘beleidsplan’ op parketniveau. De laatste jaren wordt binnen de parketorganisatie steeds meer aandacht besteed aan het werken in een beleidscyclus en zetten de parketten zich in om de in de wet op de geïntegreerde politie op twee niveaus voorziene beleidscyclus voor de politiediensten, vanuit het parket mee vorm te geven. Met het oog op een afstemming van de prioriteiten van de parketten en de politiediensten, wordt intensief overlegd tussen beide diensten en tussen de bestuurlijke overheid en de gerechtelijke overheid in de zonale veiligheidsraad. Het opnemen van de prioriteiten van de procureur des Konings in een parketbeleidsplan maakt het vooropgestelde parketbeleid transparanter voor de diverse partners in de veiligheidsketen.

Het uitgangspunt van dit onderzoek vormt dan ook de vraagstelling of er binnen de parketten kan gewerkt worden met een eenvormig parketbeleidsplan en wat de meningen van een aantal belanghebbende bevoorrechte getuigen daarover zijn.

Dit werk betekent een meerwaarde voor alle actoren binnen het strafrechtelijke beleid die in het ketendenken professioneel werkzaam zijn binnen een beleidscyclus. Ook diegenen die nog niet werken binnen de strategische beleidscyclus zullen in dit onderzoek nuttige handvaten en tips kunnen vinden in het streven naar een werking binnen de beleidscyclus.

De auteurs zijn allen criminoloog.

Placeholder Image
Quick View

Naar een parketbeleidsplan voor de parketten van eerste aanleg (Reeks Dienst Strafrechtelijk Beleid, nr. 27)

 40,00
In dit boek wordt een inzicht geboden in de meerwaarde van een parketbeleidsplan voor het parket. Het biedt de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek gericht op een kennisvermeerdering van de terminologie ‘beleidscyclus’ en ‘beleidsplan’ op parketniveau. De laatste jaren wordt binnen de parketorganisatie steeds meer aandacht besteed aan het werken in een beleidscyclus en zetten de parketten zich in om de in de wet op de geïntegreerde politie op twee niveaus voorziene beleidscyclus voor de politiediensten, vanuit het parket mee vorm te geven. Met het oog op een afstemming van de prioriteiten van de parketten en de politiediensten, wordt intensief overlegd tussen beide diensten en tussen de bestuurlijke overheid en de gerechtelijke overheid in de zonale veiligheidsraad. Het opnemen van de prioriteiten van de procureur des Konings in een parketbeleidsplan maakt het vooropgestelde parketbeleid transparanter voor de diverse partners in de veiligheidsketen.

Het uitgangspunt van dit onderzoek vormt dan ook de vraagstelling of er binnen de parketten kan gewerkt worden met een eenvormig parketbeleidsplan en wat de meningen van een aantal belanghebbende bevoorrechte getuigen daarover zijn.

Dit werk betekent een meerwaarde voor alle actoren binnen het strafrechtelijke beleid die in het ketendenken professioneel werkzaam zijn binnen een beleidscyclus. Ook diegenen die nog niet werken binnen de strategische beleidscyclus zullen in dit onderzoek nuttige handvaten en tips kunnen vinden in het streven naar een werking binnen de beleidscyclus.

De auteurs zijn allen criminoloog.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Politionele jeugdzorg (Reeks Politie Praktijk Boeken)

 32,00
Deze uitgave geeft een overzicht van het politiewerk binnen de gerechtelijke en buitengerechtelijke jeugdbescherming. Het belicht vanuit een pragmatisch oogpunt de belangrijkste fenomenen en feiten in het politioneel werkveld. Tevens legt de auteur de nadruk op de proceswaarborgen en deontologische principes in de omgang met minderjarige slachtoffers en daders.

Het boek geeft een praktische toelichting bij de relevante wetgeving inzake kinderen, jeugd en gezin en bevat handige richtlijnen voor het politioneel optreden. Ook bij de bespreking van de meest relevante strafwetsartikelen m.b.t. minderjarigen worden telkens aandachtspunten bij het politioneel onderzoek aangereikt.

Wim D’haese is van opleiding maatschappelijk werker, criminoloog en seksuoloog. Hij is commissaris bij de lokale politie Leuven, waar hij de leiding heeft over de jeugd- en sociale dienst en een aantal gezins- en jeugdgerelateerde projecten. Hij is lesgever aan het trainings- en opleidingscentrum P.I.V.O te Asse, de Federale school en de bestuursschool OVO te Berchem. Tevens is hij reeds jaren actief als vrijwillig wetenschappelijk medewerker aan het Leuvens Instituut voor Criminologie en publiceert regelmatig wetenschappelijke artikels. Hij is een veel gevraagd spreker op congressen en workshops.

Placeholder Image
Quick View

Politionele jeugdzorg (Reeks Politie Praktijk Boeken)

 32,00
Deze uitgave geeft een overzicht van het politiewerk binnen de gerechtelijke en buitengerechtelijke jeugdbescherming. Het belicht vanuit een pragmatisch oogpunt de belangrijkste fenomenen en feiten in het politioneel werkveld. Tevens legt de auteur de nadruk op de proceswaarborgen en deontologische principes in de omgang met minderjarige slachtoffers en daders.

Het boek geeft een praktische toelichting bij de relevante wetgeving inzake kinderen, jeugd en gezin en bevat handige richtlijnen voor het politioneel optreden. Ook bij de bespreking van de meest relevante strafwetsartikelen m.b.t. minderjarigen worden telkens aandachtspunten bij het politioneel onderzoek aangereikt.

Wim D’haese is van opleiding maatschappelijk werker, criminoloog en seksuoloog. Hij is commissaris bij de lokale politie Leuven, waar hij de leiding heeft over de jeugd- en sociale dienst en een aantal gezins- en jeugdgerelateerde projecten. Hij is lesgever aan het trainings- en opleidingscentrum P.I.V.O te Asse, de Federale school en de bestuursschool OVO te Berchem. Tevens is hij reeds jaren actief als vrijwillig wetenschappelijk medewerker aan het Leuvens Instituut voor Criminologie en publiceert regelmatig wetenschappelijke artikels. Hij is een veel gevraagd spreker op congressen en workshops.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Privacy en strafrecht. Nieuwe en grensoverschrijdende verkenningen

 70,00
In dit boek wordt het spanningsveld tussen strafrecht en privacy aan een scherpe en kritische juridische analyse onderworpen. Tal van tot op vandaag on(der)belicht gebleven deelaspecten van de problematiek komen aan bod en sluipende tendensen tot strafrechtelijke aanwending van gegevens die in een andere dan de strafrechtelijke sfeer worden of werden verzameld, worden geïdentificeerd.

Vooreerst passeren de privacy van gedetineerden alsook van minderjarigen (bvb. in jeugdinstellingen) de revue. Vervolgens wordt gefocust op de strafrechtelijke aanwending van gegevens betreffende asielzoekers en migranten, respectievelijk van medische gegevens. Daarna volgen drie basisstukken over achtereenvolgens het bewijs in strafzaken en privacy, politieregisters en privacy, en pers (inzonderheid gerechtsjournalistiek) en privacy. Drie daaropvolgende hoofdstukken haken uitdrukkelijk aan bij tot op heden onderbelichte uitdagingen ingevolge of versterkt door de ontwikkeling van nieuwe technologie. Komen in dit verband aan bod: biometrische en elektronische identificatoren, passagiersgegevensdoorgifte EU-VS, en cybercriminaliteit. Tenslotte volgt een trio van hoofdstukken gewijd aan private recherche en privacy, privacy in de werksfeer, en cameragebruik en (private) recherche. Een afzonderlijke analyse van de nieuwe camerawet van 21 maart 2007 rondt het geheel af.

Het globale resultaat is een coherente en boeiende synthese geworden van grondig onderzoek van regelgeving, rechtsleer, rechtspraak, beleid en praktijk in binnen- en buitenland enerzijds en kritische reflectie, duiding en stellingname anderzijds.

Dit boek zal eenieder interesseren die het boeiende raakvlak tussen strafrecht en privacy verder op kritische wijze wil verkennen.

Quick View

Privacy en strafrecht. Nieuwe en grensoverschrijdende verkenningen

 70,00
In dit boek wordt het spanningsveld tussen strafrecht en privacy aan een scherpe en kritische juridische analyse onderworpen. Tal van tot op vandaag on(der)belicht gebleven deelaspecten van de problematiek komen aan bod en sluipende tendensen tot strafrechtelijke aanwending van gegevens die in een andere dan de strafrechtelijke sfeer worden of werden verzameld, worden geïdentificeerd.

Vooreerst passeren de privacy van gedetineerden alsook van minderjarigen (bvb. in jeugdinstellingen) de revue. Vervolgens wordt gefocust op de strafrechtelijke aanwending van gegevens betreffende asielzoekers en migranten, respectievelijk van medische gegevens. Daarna volgen drie basisstukken over achtereenvolgens het bewijs in strafzaken en privacy, politieregisters en privacy, en pers (inzonderheid gerechtsjournalistiek) en privacy. Drie daaropvolgende hoofdstukken haken uitdrukkelijk aan bij tot op heden onderbelichte uitdagingen ingevolge of versterkt door de ontwikkeling van nieuwe technologie. Komen in dit verband aan bod: biometrische en elektronische identificatoren, passagiersgegevensdoorgifte EU-VS, en cybercriminaliteit. Tenslotte volgt een trio van hoofdstukken gewijd aan private recherche en privacy, privacy in de werksfeer, en cameragebruik en (private) recherche. Een afzonderlijke analyse van de nieuwe camerawet van 21 maart 2007 rondt het geheel af.

Het globale resultaat is een coherente en boeiende synthese geworden van grondig onderzoek van regelgeving, rechtsleer, rechtspraak, beleid en praktijk in binnen- en buitenland enerzijds en kritische reflectie, duiding en stellingname anderzijds.

Dit boek zal eenieder interesseren die het boeiende raakvlak tussen strafrecht en privacy verder op kritische wijze wil verkennen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Herstelrecht en procedurele waarborgenHerstelrecht en procedurele waarborgen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Herstelrecht en procedurele waarborgen

 45,00

Wereldwijd ontwikkelen zich herstelgerichte reacties op strafbaar gedrag. De uitbreidende praktijk en de kritische evaluatie ervan, alsook de tot standkoming van nationale en internationale regelgeving rond herstelgerichte praktijken stellen in toenemende mate de vraag aan de orde of deze informele praktijken met voldoende en adequate procedurele waarborgen worden omringd. Omdat ze vaak binnen of in de schaduw van het strafproces plaats vinden, is de bekommernis dubbel. Wordt aan klassieke strafrechtelijke waarborgen, zoals het vermoeden van onschuld, rechtsbijstand en proportionaliteit, voldoende belang gehecht in herstelrechtelijke processen? En is men in staat om binnen de strafrechtelijke context de fundamentele werkingsprincipes van herstelgerichte processen te vrijwaren, zoals de vrijwilligheid van deelname, de neutraliteit van de bemiddelaar en de vertrouwelijkheid van de dialoog?

In dit boek worden beide bekommernissen onderzocht vanuit de herstelrechtelijke literatuur en een empirisch onderzoek naar de praktijk van herstelbemiddeling voor meerderjarige verdachten in Vlaanderen. Het onderzoek tracht een brug te slaan tussen een juridische, een herstelrechtelijke en een praktijkgerichte benadering van de problematiek van de procedurele waarborgen in herstelgerichte processen.

"Een van de allerbeste proefschriften die ik de afgelopen jaren onder ogen heb gekregen"
(Prof. mr. Marc Groenhuysen)



Katrien Lauwaert studeerde rechten en criminologie aan de K.U. Leuven. Zij is sinds begin 2008 werkzaam als docent aan de Universiteit van Luik. Dit boek is het resultaat van haar promotieonderzoek, uitgevoerd aan de Universiteit van Maastricht, waar zij cum laude promoveerde.

Herstelrecht en procedurele waarborgenHerstelrecht en procedurele waarborgen
Quick View

Herstelrecht en procedurele waarborgen

 45,00

Wereldwijd ontwikkelen zich herstelgerichte reacties op strafbaar gedrag. De uitbreidende praktijk en de kritische evaluatie ervan, alsook de tot standkoming van nationale en internationale regelgeving rond herstelgerichte praktijken stellen in toenemende mate de vraag aan de orde of deze informele praktijken met voldoende en adequate procedurele waarborgen worden omringd. Omdat ze vaak binnen of in de schaduw van het strafproces plaats vinden, is de bekommernis dubbel. Wordt aan klassieke strafrechtelijke waarborgen, zoals het vermoeden van onschuld, rechtsbijstand en proportionaliteit, voldoende belang gehecht in herstelrechtelijke processen? En is men in staat om binnen de strafrechtelijke context de fundamentele werkingsprincipes van herstelgerichte processen te vrijwaren, zoals de vrijwilligheid van deelname, de neutraliteit van de bemiddelaar en de vertrouwelijkheid van de dialoog?

In dit boek worden beide bekommernissen onderzocht vanuit de herstelrechtelijke literatuur en een empirisch onderzoek naar de praktijk van herstelbemiddeling voor meerderjarige verdachten in Vlaanderen. Het onderzoek tracht een brug te slaan tussen een juridische, een herstelrechtelijke en een praktijkgerichte benadering van de problematiek van de procedurele waarborgen in herstelgerichte processen.

"Een van de allerbeste proefschriften die ik de afgelopen jaren onder ogen heb gekregen"
(Prof. mr. Marc Groenhuysen)



Katrien Lauwaert studeerde rechten en criminologie aan de K.U. Leuven. Zij is sinds begin 2008 werkzaam als docent aan de Universiteit van Luik. Dit boek is het resultaat van haar promotieonderzoek, uitgevoerd aan de Universiteit van Maastricht, waar zij cum laude promoveerde.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

The Reception and Transmission of Civil Procedural Law in the Global Society. Legislative and Legal Educational Assistance to Other Countries in Procedural Law

 68,00
In modern times the civil procedural laws of every country have been influenced by those of other countries. The Japanese legal system was itself influenced by Chinese culture and later developed independently under the policy of national isolation. After the Meiji revolution of 1868 Japan was however urged by Western countries to establish a modern legal system. Since that time Japan has modernised its civil procedural law, using French, German and American law as its models.

Japan has recently tried to contribute by way of legislative and legal educational assistance to other Asian countries (Vietnam, Cambodia, etc.) in civil and procedural law. The civil procedural laws of different countries should be expected to harmonize with each other in the Global Society.

This book is the outcome of the Congress of the IAPL at the Ritsumeikan University in Kyoto, Japan. In this book, various outstanding authors are treating a contemporary legal problem in their own civil procedural system.

Prof. Dr. Dr. h.c. Marcel Storme is of the President International Association for Procedural Law (IAPL) and professor emeritus procedural law at Ghent University, Belgium.
Prof. Dr. Masahisa Deguchi is vice of the IAPL and professor civil procedural law at the Law Faculty of Ritsumeikan University, Kyoto, Japan.

Quick View

The Reception and Transmission of Civil Procedural Law in the Global Society. Legislative and Legal Educational Assistance to Other Countries in Procedural Law

 68,00
In modern times the civil procedural laws of every country have been influenced by those of other countries. The Japanese legal system was itself influenced by Chinese culture and later developed independently under the policy of national isolation. After the Meiji revolution of 1868 Japan was however urged by Western countries to establish a modern legal system. Since that time Japan has modernised its civil procedural law, using French, German and American law as its models.

Japan has recently tried to contribute by way of legislative and legal educational assistance to other Asian countries (Vietnam, Cambodia, etc.) in civil and procedural law. The civil procedural laws of different countries should be expected to harmonize with each other in the Global Society.

This book is the outcome of the Congress of the IAPL at the Ritsumeikan University in Kyoto, Japan. In this book, various outstanding authors are treating a contemporary legal problem in their own civil procedural system.

Prof. Dr. Dr. h.c. Marcel Storme is of the President International Association for Procedural Law (IAPL) and professor emeritus procedural law at Ghent University, Belgium.
Prof. Dr. Masahisa Deguchi is vice of the IAPL and professor civil procedural law at the Law Faculty of Ritsumeikan University, Kyoto, Japan.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Interim measures in international commercial arbitration (AIA – Association for International Arbitration Series)

 33,00
The Association for International Arbitration (AIA) was founded in order to promote Arbitration and increase the level of knowledge about Alternative Dispute Resolutions.This book is the result of a conference held in October 2007.The contributions are written by international experts and based on analytical insights and research of new tendencies that provide in-depth information.The theme is a vital issue for arbitration services users and practitioners and also an interesting topic for scholars and students.

Quick View

Interim measures in international commercial arbitration (AIA – Association for International Arbitration Series)

 33,00
The Association for International Arbitration (AIA) was founded in order to promote Arbitration and increase the level of knowledge about Alternative Dispute Resolutions.This book is the result of a conference held in October 2007.The contributions are written by international experts and based on analytical insights and research of new tendencies that provide in-depth information.The theme is a vital issue for arbitration services users and practitioners and also an interesting topic for scholars and students.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Arbitrage: Boetiekrecht? (Reeks Openingsredes Vlaamse conferentie der Balie van Gent)

 14,95
Arbitrage: boetiekrecht? omvat een beschrijving van arbitrage vanuit enkele atypische invalshoeken. Via softe beschouwingen en harde juristiek wordt een beschrijving gegeven van deze alternatieve vorm van geschillenbeslechting. Vanuit de beleving van arbitrage wordt een overzicht gegeven van haar voor- en (vermeende) nadelen. Een aantal figuren eigen aan arbitrage geven een illustratie van haar boetiekgehalte. Het geheel wordt afgewisseld met voorbeelden, war stories en een historische situering.

Dirk De Meulemeester (Antwerpen, 1970) is advocaat-vennoot bij De Meulemeester & Partners en verbonden aan de Balie te Gent (www.lexlitis.eu). Hij is arbiter bij het Cepina en het ICC. De auteur is licentiaat in de rechten (Universiteit Gent, 1993) en studeerde English Legal Methods aan de Universiteit van Cambridge. Eerder schreef hij o.m. Het Kosten- en Tarievenboek (1996); Het ontslag om dringende reden – Grondvoorwaarden en vormvereisten (1997); Het ontslag om dringende reden – Gevallenstudie (1997); De arbitrage voor de Geschillencommissie Reizen (1998); Reizen zonder stress (2005) Van Aandelenoptie tot Zwijgrecht (2006).

Placeholder Image
Quick View

Arbitrage: Boetiekrecht? (Reeks Openingsredes Vlaamse conferentie der Balie van Gent)

 14,95
Arbitrage: boetiekrecht? omvat een beschrijving van arbitrage vanuit enkele atypische invalshoeken. Via softe beschouwingen en harde juristiek wordt een beschrijving gegeven van deze alternatieve vorm van geschillenbeslechting. Vanuit de beleving van arbitrage wordt een overzicht gegeven van haar voor- en (vermeende) nadelen. Een aantal figuren eigen aan arbitrage geven een illustratie van haar boetiekgehalte. Het geheel wordt afgewisseld met voorbeelden, war stories en een historische situering.

Dirk De Meulemeester (Antwerpen, 1970) is advocaat-vennoot bij De Meulemeester & Partners en verbonden aan de Balie te Gent (www.lexlitis.eu). Hij is arbiter bij het Cepina en het ICC. De auteur is licentiaat in de rechten (Universiteit Gent, 1993) en studeerde English Legal Methods aan de Universiteit van Cambridge. Eerder schreef hij o.m. Het Kosten- en Tarievenboek (1996); Het ontslag om dringende reden – Grondvoorwaarden en vormvereisten (1997); Het ontslag om dringende reden – Gevallenstudie (1997); De arbitrage voor de Geschillencommissie Reizen (1998); Reizen zonder stress (2005) Van Aandelenoptie tot Zwijgrecht (2006).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het administratief beroep

 70,00

Wanneer een administratieve overheid een beslissing neemt die een burger raakt, hoeft deze het daar niet altijd mee eens te zijn. Op grond van algemene beginselen en wetteksten heeft de burger de mogelijkheid om deze beslissingen te betwisten bij diezelfde of hogere overheden. Naargelang het beroep al dan niet is voorzien in een tekst spreekt men van georganiseerd of niet-georganiseerd beroep. Verder onderscheidt men willig en hiërarchisch beroep naargelang verhaal wordt gehaald bij dezelfde overheid of een hogere overheid. Dit administratief beroep is in België een belangrijke schakel in de rechtsbescherming van de burger tegen het optreden van de overheid.

In dit boek bespreken de auteurs de mogelijkheden tot administratief beroep in de meest belangrijke en frequent voorkomende rechtsdomeinen. Na de uitwerking van deze inzichtelijke praktijkvoorbeelden, volgt een overkoepelende uitwerking van de algemene beginselen betreffende het administratief beroep.

Om de gebruikswaarde en –vriendelijkheid van dit handboek nog te verhogen, is het voorzien van een uitgebreide bibliografie en een exhaustief trefwoordenregister.

Met bijdragen van Jochen Anthierens, Elif Can, Wouter De Cock, Stefaan Desrumaux, Michiel Deweirdt, Koen Geelen, Elsbeth Loncke, Dirk Van de Sijpe, Kris Wauters en voorwoord van Prof. dr. Aube Wirtgen.



Kris Wauters is advocaat bij de balie te Hasselt, verbonden aan het kantoor Monard-D’Hulst en gespecialiseerd in het publiek recht. In het kader van het publiek recht behandelt hij zowel dossiers inzake staatsrecht als dossiers wat betreft administratief recht. Daarbij worden zowel overheidsinstanties, bedrijven en particulieren geadviseerd en verdedigd. Daarnaast is hij extern promovendus aan de Universiteit van Maastricht, waar hij een proefschrift voorbereidt rond de preventieve en voorlopige rechtsbescherming bij de gunning van overheidsovereenkomsten. Hij is auteur van verschillende publicaties in het publiek recht en specifiek in het aanbestedingsrecht.

Placeholder Image
Quick View

Het administratief beroep

 70,00

Wanneer een administratieve overheid een beslissing neemt die een burger raakt, hoeft deze het daar niet altijd mee eens te zijn. Op grond van algemene beginselen en wetteksten heeft de burger de mogelijkheid om deze beslissingen te betwisten bij diezelfde of hogere overheden. Naargelang het beroep al dan niet is voorzien in een tekst spreekt men van georganiseerd of niet-georganiseerd beroep. Verder onderscheidt men willig en hiërarchisch beroep naargelang verhaal wordt gehaald bij dezelfde overheid of een hogere overheid. Dit administratief beroep is in België een belangrijke schakel in de rechtsbescherming van de burger tegen het optreden van de overheid.

In dit boek bespreken de auteurs de mogelijkheden tot administratief beroep in de meest belangrijke en frequent voorkomende rechtsdomeinen. Na de uitwerking van deze inzichtelijke praktijkvoorbeelden, volgt een overkoepelende uitwerking van de algemene beginselen betreffende het administratief beroep.

Om de gebruikswaarde en –vriendelijkheid van dit handboek nog te verhogen, is het voorzien van een uitgebreide bibliografie en een exhaustief trefwoordenregister.

Met bijdragen van Jochen Anthierens, Elif Can, Wouter De Cock, Stefaan Desrumaux, Michiel Deweirdt, Koen Geelen, Elsbeth Loncke, Dirk Van de Sijpe, Kris Wauters en voorwoord van Prof. dr. Aube Wirtgen.



Kris Wauters is advocaat bij de balie te Hasselt, verbonden aan het kantoor Monard-D’Hulst en gespecialiseerd in het publiek recht. In het kader van het publiek recht behandelt hij zowel dossiers inzake staatsrecht als dossiers wat betreft administratief recht. Daarbij worden zowel overheidsinstanties, bedrijven en particulieren geadviseerd en verdedigd. Daarnaast is hij extern promovendus aan de Universiteit van Maastricht, waar hij een proefschrift voorbereidt rond de preventieve en voorlopige rechtsbescherming bij de gunning van overheidsovereenkomsten. Hij is auteur van verschillende publicaties in het publiek recht en specifiek in het aanbestedingsrecht.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Oplichting en misbruik van vertrouwen (Reeks Politie Praktijk Boeken)

 45,00
Oplichting en misbruik van vertrouwen zijn twee typische gevallen van fraude. Beide misdrijven worden in de praktijk soms ten onrechte met elkaar verward, het betreft immers twee volledig verschillende misdrijven.

Dit boek behandelt het onderzoek naar gevallen van eenvoudige, niet georganiseerde fraude. Het biedt een praktische leidraad bij het uitvoeren van een onderzoek terzake. Bijzonder nuttig zijn in dat opzicht de voorbeelden van brieven en processen-verbaal.

Geert Delrue is als Gerechtelijk Commissaris werkzaam bij de Federale Gerechtelijke Politie te Kortrijk.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Oplichting en misbruik van vertrouwen (Reeks Politie Praktijk Boeken)

 45,00
Oplichting en misbruik van vertrouwen zijn twee typische gevallen van fraude. Beide misdrijven worden in de praktijk soms ten onrechte met elkaar verward, het betreft immers twee volledig verschillende misdrijven.

Dit boek behandelt het onderzoek naar gevallen van eenvoudige, niet georganiseerde fraude. Het biedt een praktische leidraad bij het uitvoeren van een onderzoek terzake. Bijzonder nuttig zijn in dat opzicht de voorbeelden van brieven en processen-verbaal.

Geert Delrue is als Gerechtelijk Commissaris werkzaam bij de Federale Gerechtelijke Politie te Kortrijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Strafbare dwang. Over het bestanddeel ‘dwingen’ en strafbaarstellingen van dwang, in het bijzonder art. 284 SrStrafbare dwang. Over het bestanddeel ‘dwingen’ en strafbaarstellingen van dwang, in het bijzonder art. 284 Sr
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Strafbare dwang. Over het bestanddeel ‘dwingen’ en strafbaarstellingen van dwang, in het bijzonder art. 284 Sr

 48,00
Een beduidend aantal Nederlandse strafbaarstellingen is opgetrokken rond het werkwoord ‘dwingen’, ook wel dwangdelicten genoemd. Te denken valt aan bepaalde misdrijven tegen overheidsorganen, aan vormen van mensenhandel, aan afpersing en afdreiging, maar ook aan aanranding en verkrachting. De vraag wat het bestanddeel ‘dwingen’ precies inhoudt is daarmee zowel juridisch als maatschappelijk van grote betekenis. In deze wetenschappelijke studie wordt het bestanddeel ‘dwingen’ grondig geanalyseerd. Verschillende deelproblemen passeren de revue, zoals de onvrijwilligheid en het bewustzijn van de gedwongene, het opzet van de dwinger en de onvermijdbaarheid van de gevolgen.

Daarnaast richt het onderzoek zich op de inhoud en strekking van de algemene dwangbepaling art. 284 Sr, waarbij de ook elders voorkomende dwangmiddelen ‘geweld’, ‘bedreiging’ en de ‘andere feitelijkheid’ uitvoerig worden belicht. Door de congruente structuur van de dwangdelicten worden vele daarvan bij de analyse betrokken (in het bijzonder verkrachting en aanranding) en gelden conclusies dikwijls voor de gehele delictscategorie. Dit boek besteedt aandacht aan het positiefrechtelijk kader en de knelpunten daarin. Daardoor is het interessant voor de rechtspraktijk, de wetgever en de wetenschap.

Kai Lindenberg is strafrechtjurist en als universitair docent verbonden aan de sectie Algemene Rechtswetenschap bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.Gedurende het onderzoek was hij werkzaam bij de vakgroep Strafrecht en Criminologie van dezelfde faculteit.

Strafbare dwang. Over het bestanddeel ‘dwingen’ en strafbaarstellingen van dwang, in het bijzonder art. 284 SrStrafbare dwang. Over het bestanddeel ‘dwingen’ en strafbaarstellingen van dwang, in het bijzonder art. 284 Sr
Quick View

Strafbare dwang. Over het bestanddeel ‘dwingen’ en strafbaarstellingen van dwang, in het bijzonder art. 284 Sr

 48,00
Een beduidend aantal Nederlandse strafbaarstellingen is opgetrokken rond het werkwoord ‘dwingen’, ook wel dwangdelicten genoemd. Te denken valt aan bepaalde misdrijven tegen overheidsorganen, aan vormen van mensenhandel, aan afpersing en afdreiging, maar ook aan aanranding en verkrachting. De vraag wat het bestanddeel ‘dwingen’ precies inhoudt is daarmee zowel juridisch als maatschappelijk van grote betekenis. In deze wetenschappelijke studie wordt het bestanddeel ‘dwingen’ grondig geanalyseerd. Verschillende deelproblemen passeren de revue, zoals de onvrijwilligheid en het bewustzijn van de gedwongene, het opzet van de dwinger en de onvermijdbaarheid van de gevolgen.

Daarnaast richt het onderzoek zich op de inhoud en strekking van de algemene dwangbepaling art. 284 Sr, waarbij de ook elders voorkomende dwangmiddelen ‘geweld’, ‘bedreiging’ en de ‘andere feitelijkheid’ uitvoerig worden belicht. Door de congruente structuur van de dwangdelicten worden vele daarvan bij de analyse betrokken (in het bijzonder verkrachting en aanranding) en gelden conclusies dikwijls voor de gehele delictscategorie. Dit boek besteedt aandacht aan het positiefrechtelijk kader en de knelpunten daarin. Daardoor is het interessant voor de rechtspraktijk, de wetgever en de wetenschap.

Kai Lindenberg is strafrechtjurist en als universitair docent verbonden aan de sectie Algemene Rechtswetenschap bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.Gedurende het onderzoek was hij werkzaam bij de vakgroep Strafrecht en Criminologie van dezelfde faculteit.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Terreurbestrijding in België en Europa. De interactie tussen inlichtingendiensten, politie en justitie

 43,20
Uit het woord vooraf door Prof. Dr. Gert Vermeulen.

Het onderwerp van voorliggend boek, hoewel het raakt aan centrale vragen in het huidige nationale en Europese strafrechtelijk beleid, bleef tot op heden zeer onderbelicht in de criminologische literatuur.

De auteur, die tijdens haar opleiding criminologische wetenschappen aan de Universiteit Gent de kans kreeg stage te lopen bij de Algemene Dienst Inlichtingen en Veiligheid (ADIV) van de Krijgsmacht – de Belgische militaire inlichtingendienst – zet met dit boek een zeer evenwichtige en geslaagde denkoefening neer, die tegelijk moedig en kritisch is. Diegenen die haar (en daarmee indirect ook de UGent), inzonderheid vanuit afdeling counter-intelligence (CI) van ADIV, de mogelijkheid hebben geboden om op de best mogelijke manier en in (gegroeid) wederzijds professioneel vertrouwen wetenschappelijk onderzoek te verrichten naar de relatie tussen inlichtingendiensten, politie en justitie in de context van terrorismebestrijding, hebben daarmee succesvol een belangrijke bouwsteen gelegd voor een tot op vandaag zo goed als onontgonnen wetenschappelijk onderzoeksterrein.

Op basis van uitsluitend niet-confidentiële informatie en bronnen, en dus zonder gevaar op going native, neemt auteur de lezer mee in een analyse die doelgericht focust op de meest complexe en fundamentele vragen die rijzen in de context van de (horizontale, verticale en diagonale) interactie binnen en tussen de inlichtingdiensten en de politie- en gerechtelijke wereld in de aanpak van terrorisme, en dit zowel op nationaal vlak als binnen de EU.

De lezer krijgt niet alleen alle hoeken van de kamer van de inlichtingendiensten te zien. Hij krijgt ook het bredere plan voorgelegd, met kritische zoom op de (soms onlogische of onverwachte) doorgangen naar en connecties met andere kamers en verdiepingen, mogelijk disfunctionele aspecten van de globale veiligheidsconstructie, veiligheidsrisico’s, verzakkingen en zo meer. Daarbij brengt de auteur (her)- bewegwijzering en gevaarbordjes aan die de lezer, alsook de burger en bewoner van het veiligheidshuis, minstens dwingen niet onnadenkend een aantal van de gekozen of zich ontwikkelende veiligheidstrajecten te bewandelen die mogelijk als sluipwegen of doodlopende gangen moeten worden beschouwd.

Wezensvragen i.v.m. de (vaak sterk vertroebelende) verhouding tussen preventie, prospectie, proactie en repressie, tussen (militair- of burgerlijk-) bestuurlijke en gerechtelijke finaliteit, tussen informatie, intelligence en counterintelligence, tussen counterterrorisme en antiterrorisme, tussen inlichtingen- en veiligheids-, politie- en gerechtelijk werk, tussen 2de en 3de EU-pijler, enzomeer worden met rustige trefzekerheid op scherp gesteld en op onderbouwde wijze beantwoord. De consequenties bij het beantwoorden ervan (rekening houdend met de fundamenten van rechtsstatelijkheid, legitimiteit en mensenrechtelijkheid) voor het globale evenwicht van de (in de strijd tegen het terrorisme steeds meer verbouwde) veiligheidsconstructie, worden prima aangeduid, zonder dat de lezer keuzes opgedrongen krijgt.

Het theoretisch reflectiekader is sterk en helder uiteengezet, wat een stapsgewijze, systematische en coherente argumentatie toelaat, die nooit gratuit of ongenuanceerd is.

Het geheel is goed historisch-institutioneel en strafrechtspolitiek gekaderd (maar blijft steeds ad rem) en laat tegelijk een (verhelderend) licht schijnen op een aantal actuele vragen, o.m. in verband met het Coördinatieorgaan voor de Dreigingsanalyse (OCAD), de aankomende BIMWet (Wet Bijzondere Inlichtingenmethoden) en de noodzaak aan een burgerlijke en militaire Europese inlichtingendienst (in de 2de EU-pijler).

De meertalige bronnenstudie is indrukwekkend, zowel naar omvang als naar diversiteit en bandbreedte. Zowel strikt criminologische literatuur, politiek-wetenschappelijke literatuur, do

Quick View

Terreurbestrijding in België en Europa. De interactie tussen inlichtingendiensten, politie en justitie

 43,20
Uit het woord vooraf door Prof. Dr. Gert Vermeulen.

Het onderwerp van voorliggend boek, hoewel het raakt aan centrale vragen in het huidige nationale en Europese strafrechtelijk beleid, bleef tot op heden zeer onderbelicht in de criminologische literatuur.

De auteur, die tijdens haar opleiding criminologische wetenschappen aan de Universiteit Gent de kans kreeg stage te lopen bij de Algemene Dienst Inlichtingen en Veiligheid (ADIV) van de Krijgsmacht – de Belgische militaire inlichtingendienst – zet met dit boek een zeer evenwichtige en geslaagde denkoefening neer, die tegelijk moedig en kritisch is. Diegenen die haar (en daarmee indirect ook de UGent), inzonderheid vanuit afdeling counter-intelligence (CI) van ADIV, de mogelijkheid hebben geboden om op de best mogelijke manier en in (gegroeid) wederzijds professioneel vertrouwen wetenschappelijk onderzoek te verrichten naar de relatie tussen inlichtingendiensten, politie en justitie in de context van terrorismebestrijding, hebben daarmee succesvol een belangrijke bouwsteen gelegd voor een tot op vandaag zo goed als onontgonnen wetenschappelijk onderzoeksterrein.

Op basis van uitsluitend niet-confidentiële informatie en bronnen, en dus zonder gevaar op going native, neemt auteur de lezer mee in een analyse die doelgericht focust op de meest complexe en fundamentele vragen die rijzen in de context van de (horizontale, verticale en diagonale) interactie binnen en tussen de inlichtingdiensten en de politie- en gerechtelijke wereld in de aanpak van terrorisme, en dit zowel op nationaal vlak als binnen de EU.

De lezer krijgt niet alleen alle hoeken van de kamer van de inlichtingendiensten te zien. Hij krijgt ook het bredere plan voorgelegd, met kritische zoom op de (soms onlogische of onverwachte) doorgangen naar en connecties met andere kamers en verdiepingen, mogelijk disfunctionele aspecten van de globale veiligheidsconstructie, veiligheidsrisico’s, verzakkingen en zo meer. Daarbij brengt de auteur (her)- bewegwijzering en gevaarbordjes aan die de lezer, alsook de burger en bewoner van het veiligheidshuis, minstens dwingen niet onnadenkend een aantal van de gekozen of zich ontwikkelende veiligheidstrajecten te bewandelen die mogelijk als sluipwegen of doodlopende gangen moeten worden beschouwd.

Wezensvragen i.v.m. de (vaak sterk vertroebelende) verhouding tussen preventie, prospectie, proactie en repressie, tussen (militair- of burgerlijk-) bestuurlijke en gerechtelijke finaliteit, tussen informatie, intelligence en counterintelligence, tussen counterterrorisme en antiterrorisme, tussen inlichtingen- en veiligheids-, politie- en gerechtelijk werk, tussen 2de en 3de EU-pijler, enzomeer worden met rustige trefzekerheid op scherp gesteld en op onderbouwde wijze beantwoord. De consequenties bij het beantwoorden ervan (rekening houdend met de fundamenten van rechtsstatelijkheid, legitimiteit en mensenrechtelijkheid) voor het globale evenwicht van de (in de strijd tegen het terrorisme steeds meer verbouwde) veiligheidsconstructie, worden prima aangeduid, zonder dat de lezer keuzes opgedrongen krijgt.

Het theoretisch reflectiekader is sterk en helder uiteengezet, wat een stapsgewijze, systematische en coherente argumentatie toelaat, die nooit gratuit of ongenuanceerd is.

Het geheel is goed historisch-institutioneel en strafrechtspolitiek gekaderd (maar blijft steeds ad rem) en laat tegelijk een (verhelderend) licht schijnen op een aantal actuele vragen, o.m. in verband met het Coördinatieorgaan voor de Dreigingsanalyse (OCAD), de aankomende BIMWet (Wet Bijzondere Inlichtingenmethoden) en de noodzaak aan een burgerlijke en militaire Europese inlichtingendienst (in de 2de EU-pijler).

De meertalige bronnenstudie is indrukwekkend, zowel naar omvang als naar diversiteit en bandbreedte. Zowel strikt criminologische literatuur, politiek-wetenschappelijke literatuur, do

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De nieuwe echtscheidingswet. Wet van 12 april 2007

 43,00
De nieuwe echtscheidingswet is vanaf 1 september 2007 in werking. Vele procedures zullen gevoerd worden vooraleer de rechtspraak standpunten zal kunnen innemen en de rechtsleer diepgaande studies aan de problemen zal hebben gewijd.

Toch is er dringende nood aan een instrument om die wet, die zo diep ingrijpt in het leven van veel burgers, in de praktijk te kunnen toepassen. De emoties van een echtscheiding zorgen zo al voor genoeg verwarring voor de betrokken rechtsonderhorigen. Proberen helder te zien in de nieuwe echtscheidingswet is dus een noodzaak.

De aanpak van het boek is zowel praktisch – met modellen – als grondig. Het is nu al duidelijk dat er ernstige betwistingen zullen rijzen. Aan de hand van de voorbereidende werken en de algemene rechtsprincipes worden grondig onderbouwde oplossingen aangereikt.

Erratum

Jacques Tremmery is advocaat en plaatsvervangend vrederechter te Menen. Hij is doctor in de rechten en licentiaat in het notariaat.
De problemen van het familierecht behoren tot zijn specialisaties waarin hij tientallen jaren praktijkervaring heeft. Van de auteur verschenen eerder bij Maklu de bestsellers “Onderhoudsgeld voor kinderen” en “Vereffening-verdeling tussen echtgenoten”.

Placeholder Image
Quick View

De nieuwe echtscheidingswet. Wet van 12 april 2007

 43,00
De nieuwe echtscheidingswet is vanaf 1 september 2007 in werking. Vele procedures zullen gevoerd worden vooraleer de rechtspraak standpunten zal kunnen innemen en de rechtsleer diepgaande studies aan de problemen zal hebben gewijd.

Toch is er dringende nood aan een instrument om die wet, die zo diep ingrijpt in het leven van veel burgers, in de praktijk te kunnen toepassen. De emoties van een echtscheiding zorgen zo al voor genoeg verwarring voor de betrokken rechtsonderhorigen. Proberen helder te zien in de nieuwe echtscheidingswet is dus een noodzaak.

De aanpak van het boek is zowel praktisch – met modellen – als grondig. Het is nu al duidelijk dat er ernstige betwistingen zullen rijzen. Aan de hand van de voorbereidende werken en de algemene rechtsprincipes worden grondig onderbouwde oplossingen aangereikt.

Erratum

Jacques Tremmery is advocaat en plaatsvervangend vrederechter te Menen. Hij is doctor in de rechten en licentiaat in het notariaat.
De problemen van het familierecht behoren tot zijn specialisaties waarin hij tientallen jaren praktijkervaring heeft. Van de auteur verschenen eerder bij Maklu de bestsellers “Onderhoudsgeld voor kinderen” en “Vereffening-verdeling tussen echtgenoten”.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Grensoverschrijdend drugstoerisme. Nieuwe uitdagingen voor de Euregio’s (IRCP-reeks)

 25,00
Grensoverschrijdende drugsfenomenen vertonen meer dan ooit een ongekende dynamiek.De grens die loopt door de Euregio Scheldemond en door de Euregio Zuid-WestVlaanderen – Henegouwen – Nord-Pas-de-Calais, werkt hierbij sterk faciliterend, zowelvoor de aanbod- als de vraagzijde.

Deze drugsfenomenen hebben gevolgen voor drie landen (België, Nederland en Frankrijk)en de twee vermelde Euregio’s. De rijke samenwerkingstraditie in de beide Euregio’sbiedt echter perspectieven tot onderlinge dwarsverbindingen op verschillende vlakken:beleidsmatig, bestuurlijk, preventief, hulpverlening, justitieel en politioneel.

Twee fenomenen behoren in het bijzonder tot dit grensoverschrijdend drugstoerisme.Enerzijds is er het drugstoerisme vanuit België en Frankrijk, dat verbonden is aan deNederlandse coffeeshops. Anderzijds is er het relatief recente fenomeen van de illegaledrugspanden. Dit laatste fenomeen heeft zich sinds het begin van deze eeuw vanuitNederland naar een aantal Belgische grootsteden verplaatst.

Om de samenwerking en de beleidsafstemming rond het grensoverschrijdend drugstoerismete optimaliseren, organiseerden de provincies Oost- en West-Vlaanderen enZeeland, op 26 mei 2006 een symposium, in samenwerking met IRCP (Institute forInternational Research on Criminal Policy), de Oost-Vlaamse Politieacademie enVZW Drugbeleid 2000. Op basis van empirisch onderzoek over coffeeshoptoeristen endrugspanden, en met vier paneldiscussies werden de mogelijkheden en strategieën opvlak van het bestuur, beleid, politie, justitie en preventie/hulpverlening behandeld.

Dit boek vormt de neerslag van het symposium. De inhoud blijft brandend actueel voorbeleidsmakers, politiemensen, justitiemensen, preventiewerkers en hulpverleners die inhun praktijk te maken krijgen met het fenomeen van grensoverschrijdend drugstoerisme.
Placeholder Image
Quick View

Grensoverschrijdend drugstoerisme. Nieuwe uitdagingen voor de Euregio’s (IRCP-reeks)

 25,00
Grensoverschrijdende drugsfenomenen vertonen meer dan ooit een ongekende dynamiek.De grens die loopt door de Euregio Scheldemond en door de Euregio Zuid-WestVlaanderen – Henegouwen – Nord-Pas-de-Calais, werkt hierbij sterk faciliterend, zowelvoor de aanbod- als de vraagzijde.

Deze drugsfenomenen hebben gevolgen voor drie landen (België, Nederland en Frankrijk)en de twee vermelde Euregio’s. De rijke samenwerkingstraditie in de beide Euregio’sbiedt echter perspectieven tot onderlinge dwarsverbindingen op verschillende vlakken:beleidsmatig, bestuurlijk, preventief, hulpverlening, justitieel en politioneel.

Twee fenomenen behoren in het bijzonder tot dit grensoverschrijdend drugstoerisme.Enerzijds is er het drugstoerisme vanuit België en Frankrijk, dat verbonden is aan deNederlandse coffeeshops. Anderzijds is er het relatief recente fenomeen van de illegaledrugspanden. Dit laatste fenomeen heeft zich sinds het begin van deze eeuw vanuitNederland naar een aantal Belgische grootsteden verplaatst.

Om de samenwerking en de beleidsafstemming rond het grensoverschrijdend drugstoerismete optimaliseren, organiseerden de provincies Oost- en West-Vlaanderen enZeeland, op 26 mei 2006 een symposium, in samenwerking met IRCP (Institute forInternational Research on Criminal Policy), de Oost-Vlaamse Politieacademie enVZW Drugbeleid 2000. Op basis van empirisch onderzoek over coffeeshoptoeristen endrugspanden, en met vier paneldiscussies werden de mogelijkheden en strategieën opvlak van het bestuur, beleid, politie, justitie en preventie/hulpverlening behandeld.

Dit boek vormt de neerslag van het symposium. De inhoud blijft brandend actueel voorbeleidsmakers, politiemensen, justitiemensen, preventiewerkers en hulpverleners die inhun praktijk te maken krijgen met het fenomeen van grensoverschrijdend drugstoerisme.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Groenboek nieuwe Belgische zeewet. Consultatiedocument ter voorbereiding van een nieuw Belgisch maritiem wetboek

 22,00
Onder impuls van de Minister van Mobiliteit en de Noordzee en de Koninklijke Belgische Redersvereniging is een expertenteam o.l.v. Prof. Dr. Eric Van Hooydonk gestart met de voorbereiding van een nieuw Belgisch maritiem wetboek. Dit zal de bestaande Zeewet uit 1879 volledig vervangen.

Dit Groenboek bevat concrete hervormingsvoorstellen en dient als basis voor een brede publieke consultatie van de betrokken scheepvaart- en havensectoren en de maritiemjuridische dienstverleners. Deze consultatie zal mee de inhoud van de nieuwe belgische Zeewet bepalen.

Placeholder Image
Quick View

Groenboek nieuwe Belgische zeewet. Consultatiedocument ter voorbereiding van een nieuw Belgisch maritiem wetboek

 22,00
Onder impuls van de Minister van Mobiliteit en de Noordzee en de Koninklijke Belgische Redersvereniging is een expertenteam o.l.v. Prof. Dr. Eric Van Hooydonk gestart met de voorbereiding van een nieuw Belgisch maritiem wetboek. Dit zal de bestaande Zeewet uit 1879 volledig vervangen.

Dit Groenboek bevat concrete hervormingsvoorstellen en dient als basis voor een brede publieke consultatie van de betrokken scheepvaart- en havensectoren en de maritiemjuridische dienstverleners. Deze consultatie zal mee de inhoud van de nieuwe belgische Zeewet bepalen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Teboekstelling en registratie van schepen

 60,00
Na de succesrijke herinvlagging van de Belgische vloot is er een toegenomen behoefte aan informatie over de teboekstelling en registratie van schepen.

Er komen immers heel wat vragen bij kijken. Welke zijn de voorwaarden en modaliteiten voor de teboekstelling van een binnenschip of voor de registratie van een zeeschip in België? Welke documenten en formulieren moet een eigenaar of exploitant van een schip opmaken? Wat zijn de gevolgen van teboekstelling of registratie? Wat is de taak en de verantwoordelijkheid van de scheepshypotheekbewaarder? Hoe is de teboekstelling en registratie van schepen internationaal en Europees geregeld? Hoe gebeurt één en ander in de buurlanden? Hoe kan de weten regelgeving in België worden verbeterd?

Deze en vele andere vragen krijgen een antwoord in het voorliggende boek. Het is een waardevolle gids voor alle beroepsmensen die zich dagelijks met transacties rond schepen en scheepvaart bezighouden: reders, bankiers, advocaten, gerechtsdeurwaarders, notarissen, makelaars,...;

Erratum

blz. 207: 9,04 EUR moet zijn: 29,04 EUR (zoals overal elders in de voorbeelden).
blz. 205 : onder punt 2°bis: het tarief is geen 1.000.000 EUR maar 1.000,00 EUR
Download hier een printvriendelijke versie.

Guido De Latte is sinds 1994 scheepshypotheekbewaarder te Antwerpen en als geen ander geplaatst om vanuit zijn dagelijkse praktijk deze materie te behandelen. Eerder verscheen van zijn hand het boek Zakelijke rechten en hypotheken op schepen.s

Placeholder Image
Quick View

Teboekstelling en registratie van schepen

 60,00
Na de succesrijke herinvlagging van de Belgische vloot is er een toegenomen behoefte aan informatie over de teboekstelling en registratie van schepen.

Er komen immers heel wat vragen bij kijken. Welke zijn de voorwaarden en modaliteiten voor de teboekstelling van een binnenschip of voor de registratie van een zeeschip in België? Welke documenten en formulieren moet een eigenaar of exploitant van een schip opmaken? Wat zijn de gevolgen van teboekstelling of registratie? Wat is de taak en de verantwoordelijkheid van de scheepshypotheekbewaarder? Hoe is de teboekstelling en registratie van schepen internationaal en Europees geregeld? Hoe gebeurt één en ander in de buurlanden? Hoe kan de weten regelgeving in België worden verbeterd?

Deze en vele andere vragen krijgen een antwoord in het voorliggende boek. Het is een waardevolle gids voor alle beroepsmensen die zich dagelijks met transacties rond schepen en scheepvaart bezighouden: reders, bankiers, advocaten, gerechtsdeurwaarders, notarissen, makelaars,...;

Erratum

blz. 207: 9,04 EUR moet zijn: 29,04 EUR (zoals overal elders in de voorbeelden).
blz. 205 : onder punt 2°bis: het tarief is geen 1.000.000 EUR maar 1.000,00 EUR
Download hier een printvriendelijke versie.

Guido De Latte is sinds 1994 scheepshypotheekbewaarder te Antwerpen en als geen ander geplaatst om vanuit zijn dagelijkse praktijk deze materie te behandelen. Eerder verscheen van zijn hand het boek Zakelijke rechten en hypotheken op schepen.s

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Recht in beweging. 14de VRG-Alumnidag 2007 (Reeks VRG Alumni Leuven)

 39,50
Uit het woord vooraf:
"Recht in beweging", zo luidt de titel van dit boek. En zo is dat. Het recht isimmers een geheel van normen, die de maatschappelijke ontwikkelingen "ingoede banen" dienen te leiden. Nog nooit kende onze samenleving dergelijkeexplosieve ontwikkelingen, die gepaard gaan met de globalisatie van onze informatiemaatschappijenerzijds en de nieuwe technologieën anderzijds.

Het recht is een schaduwloper, die de ontwikkelingen op de voet volgt, eventueeleen voorloper wanneer het aankomende gebeurtenissen mee gestalte geeft.Alles wordt trouwens in vraag gesteld.
"Recht in beweging" is dan ook het uithangbord van onze jaarlijkse Alumnidagen.Nu de 14e op rij.
Op onze Alumnidag staan de recente ontwikkelingen op het stuk van rechtsteevast op de agenda. Onze Alumni en in groeiende mate ook juristen, die aanandere universiteiten gevormd werden, kunnen er kiezen tussen door de bandniet minder dan 29 voordrachten, die door de collega''s van de faculteit of doordoorwinterde praktizijnen of beleidsmensen gegeven worden.Spijtig genoeg dient men een keuze te maken en kan men slechts een tweetalvan die voordrachten volgen. Vandaar de vraag van de Alumni om toch ook tekunnen beschikken over de basisinformatie betreffende al de topics die behandeldworden.
Dit boek bevat de tekst van de lezingen, die op 9 maart 2007 door niet minderdan 600 juristen beluisterd en besproken werden.Meteen een bundel van onschatbare waarde. De laatste stand van zaken en nogmeer dan dat.
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Recht in beweging. 14de VRG-Alumnidag 2007 (Reeks VRG Alumni Leuven)

 39,50
Uit het woord vooraf:
"Recht in beweging", zo luidt de titel van dit boek. En zo is dat. Het recht isimmers een geheel van normen, die de maatschappelijke ontwikkelingen "ingoede banen" dienen te leiden. Nog nooit kende onze samenleving dergelijkeexplosieve ontwikkelingen, die gepaard gaan met de globalisatie van onze informatiemaatschappijenerzijds en de nieuwe technologieën anderzijds.

Het recht is een schaduwloper, die de ontwikkelingen op de voet volgt, eventueeleen voorloper wanneer het aankomende gebeurtenissen mee gestalte geeft.Alles wordt trouwens in vraag gesteld.
"Recht in beweging" is dan ook het uithangbord van onze jaarlijkse Alumnidagen.Nu de 14e op rij.
Op onze Alumnidag staan de recente ontwikkelingen op het stuk van rechtsteevast op de agenda. Onze Alumni en in groeiende mate ook juristen, die aanandere universiteiten gevormd werden, kunnen er kiezen tussen door de bandniet minder dan 29 voordrachten, die door de collega''s van de faculteit of doordoorwinterde praktizijnen of beleidsmensen gegeven worden.Spijtig genoeg dient men een keuze te maken en kan men slechts een tweetalvan die voordrachten volgen. Vandaar de vraag van de Alumni om toch ook tekunnen beschikken over de basisinformatie betreffende al de topics die behandeldworden.
Dit boek bevat de tekst van de lezingen, die op 9 maart 2007 door niet minderdan 600 juristen beluisterd en besproken werden.Meteen een bundel van onschatbare waarde. De laatste stand van zaken en nogmeer dan dat.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen
    ×