Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Omgaan met agressie in de jeugdzorg

 30,80

Dit boek brengt de kennis over agressie in de jeugdzorg bij elkaar. Het eerste deel biedt een overzicht van de theorie. Alle aspecten van het ontstaan en de ontwikkeling van agressief gedrag van kinderen en jeugdigen worden behandeld. Fop Verheij, hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie, geeft een overzicht. Lonneke Neve en Manuelle Flos bespreken in drie hoofdstukken de invloed van het kind zelf, de ouders en andere opvoeders en de maatschappelijke omstandigheden. De andere hoofdstukken gaan over agressie van kinderen en jeugdigen in de dagbehandeling, de residentiële jeugdzorg en de kinder- en jeugdpsychiatrie. Naast de algemene factoren zijn ook de fysieke inrichting van het gebouw en de leefruimten, de persoon van de hulpverlener en diverse andere factoren van invloed op de kans dat een kind of jeugdige agressief gedrag gaat vertonen.

Marije Valenkamp, Lonneke Neve en Frouke Sondeijker behandelen deze dimensies in aparte hoofdstukken. Verder wordt uitgebreid aandacht besteed aan het veiligheidsbeleid van de professionele instelling en aan training en borging. Daarmee is dit boek van belang voor de praktijk van de dagbehandeling en de residentiële zorg voor kinderen en jeugdigen.

Het boek helpt werkers in de jeugdzorg, gedragsdeskundigen en andere specialisten, managers en bestuurders om agressie beter te begrijpen, te voorkomen en te beheersen. Het is een basis voor opleidingen in het HBO, post-HBO en universitair onderwijs.

Het rijke casusmateriaal in dit boek en de vlotte schrijfstijl maken het een goede toegankelijke publicatie die hopelijk zijn weg vindt naar vele hulpverleners in de jeugdzorg en daarbuiten.
Zorg+Welzijn Magazine, jrg. 20, nr. 7/8, blz. 34

Manuelle Flos is kinder- en jeugdpsychiater bij de afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie/ psychologie, Erasmus mc-Sophia kinderziekenhuis te Rotterdam.

Lonneke Neve, orthopedagoog, is momenteel werkzaam als instellingssupervisor en agressietrainer op de afdeling Kinder- en jeugdpsychiatrie van het Erasmus mc–Sophia te Rotterdam. Hiervoor was ze negen jaar werkzaam als pedagogisch medewerker op twee van de leefgroepen aldaar.

Frouke Sondeijker, kinder- en jeugdpsycholoog, werkte als onderzoeker, ontwikkelaar, trainer en adviseur bij Van Montfoort, Woerden. Momenteel is ze werkzaam als psycholoog en projectleider onderzoek bij de Opvoedpoli te Amsterdam.

Marije Valenkamp, orthopedagoog, is werkzaam als onderzoeker en methodeontwikkelaar bij Van Montfoort te Woerden en bij de afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie/ psychologie van het Erasmus mc-Sophia kinderziekenhuis te Rotterdam. Zij ontwikkelde de Individuele Proactieve AgressiehanteringsMethode (ipam).

Fop Verheij is hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie, afdeling Kinder- en Jeugd psychiatrie/psychologie, Erasmus mc-Sophia kinderziekenhuis, Rotterdam en opleider kinder- en jeugdpsychotherapie, rino Groep, Utrecht.

Quick View

Omgaan met agressie in de jeugdzorg

 30,80

Dit boek brengt de kennis over agressie in de jeugdzorg bij elkaar. Het eerste deel biedt een overzicht van de theorie. Alle aspecten van het ontstaan en de ontwikkeling van agressief gedrag van kinderen en jeugdigen worden behandeld. Fop Verheij, hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie, geeft een overzicht. Lonneke Neve en Manuelle Flos bespreken in drie hoofdstukken de invloed van het kind zelf, de ouders en andere opvoeders en de maatschappelijke omstandigheden. De andere hoofdstukken gaan over agressie van kinderen en jeugdigen in de dagbehandeling, de residentiële jeugdzorg en de kinder- en jeugdpsychiatrie. Naast de algemene factoren zijn ook de fysieke inrichting van het gebouw en de leefruimten, de persoon van de hulpverlener en diverse andere factoren van invloed op de kans dat een kind of jeugdige agressief gedrag gaat vertonen.

Marije Valenkamp, Lonneke Neve en Frouke Sondeijker behandelen deze dimensies in aparte hoofdstukken. Verder wordt uitgebreid aandacht besteed aan het veiligheidsbeleid van de professionele instelling en aan training en borging. Daarmee is dit boek van belang voor de praktijk van de dagbehandeling en de residentiële zorg voor kinderen en jeugdigen.

Het boek helpt werkers in de jeugdzorg, gedragsdeskundigen en andere specialisten, managers en bestuurders om agressie beter te begrijpen, te voorkomen en te beheersen. Het is een basis voor opleidingen in het HBO, post-HBO en universitair onderwijs.

Het rijke casusmateriaal in dit boek en de vlotte schrijfstijl maken het een goede toegankelijke publicatie die hopelijk zijn weg vindt naar vele hulpverleners in de jeugdzorg en daarbuiten.
Zorg+Welzijn Magazine, jrg. 20, nr. 7/8, blz. 34

Manuelle Flos is kinder- en jeugdpsychiater bij de afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie/ psychologie, Erasmus mc-Sophia kinderziekenhuis te Rotterdam.

Lonneke Neve, orthopedagoog, is momenteel werkzaam als instellingssupervisor en agressietrainer op de afdeling Kinder- en jeugdpsychiatrie van het Erasmus mc–Sophia te Rotterdam. Hiervoor was ze negen jaar werkzaam als pedagogisch medewerker op twee van de leefgroepen aldaar.

Frouke Sondeijker, kinder- en jeugdpsycholoog, werkte als onderzoeker, ontwikkelaar, trainer en adviseur bij Van Montfoort, Woerden. Momenteel is ze werkzaam als psycholoog en projectleider onderzoek bij de Opvoedpoli te Amsterdam.

Marije Valenkamp, orthopedagoog, is werkzaam als onderzoeker en methodeontwikkelaar bij Van Montfoort te Woerden en bij de afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie/ psychologie van het Erasmus mc-Sophia kinderziekenhuis te Rotterdam. Zij ontwikkelde de Individuele Proactieve AgressiehanteringsMethode (ipam).

Fop Verheij is hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie, afdeling Kinder- en Jeugd psychiatrie/psychologie, Erasmus mc-Sophia kinderziekenhuis, Rotterdam en opleider kinder- en jeugdpsychotherapie, rino Groep, Utrecht.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Descriptive Adaptation Studies. Epistemological and Methodological Issues

 41,10

It is common practice nowadays for adaptation critics to denounce the lack of meta-theoretical thinking in adaptation studies and to plead for a study of ‘adaptation-as-adaptation’; one that eschews value judgments, steps beyond normative fidelity-based discourse, examines adaptation from an intertextual perspective, and abandons the single-source model for a multiple-source model. This study looks into a research program that does all that and more. It was developed in the late 1980s and presented in the early 1990s as a ‘polysystem’ (PS) study of adaptations.

Since then, the PS label has been replaced with ‘descriptive’. This book studies the question of whether and how a PS approach could evolve into a descriptive adaptation studies (DAS) approach. Although not perfect (no method is), DAS offers a number of assets. Apart from dealing with the above-mentioned issues, DAS transcends an Auteurist approach and looks at explanation beyond the level of individual agency (even if contextualized). As an alternative to the endless accumulation of ad hoc case studies, it suggests corpus-based research into wider trends of adaptational behavior and the roles and functions of sets of adaptations. DAS also allows reflection upon its own epistemic values. It sheds new light on some old issues: How can one define adaptation? What does it mean to study adaptation-as-adaptation? Is equivalence still possible and is the concept still relevant? DAS also tackles some deeper epistemological issues: How can phenomena be compared? Why would difference be more real than sameness or change more real than stasis? How does description relate to evaluation, explanation and prediction, etc.?

This book addresses both theory-minded scholars who are interested in epistemological reflection and practice-oriented adaptation students who want to get started. From a theoretical point of view, it discusses arguments that could support the legitimacy of adaptation studies as an academic discipline. From a practical point of view, it explains in general terms ways of conducting an adaptation study.

Patrick Cattrysse’s work is of utmost importance to Adaptation Studies. As the first extended attempt to develop a rigorous methodology which borrows in very meaningful ways from Adaptation Studies’ cousin Translation Studies, this book should be on every Adaptation scholar’s shelf. While Hutcheons, Sanders and Leitch, to name but a few, layed the groundwork which allowed Adaptation Studies to establish itself as a field of inquiry in its own right, Cattrysse moves the field into the next necessary stage: that of developing conceptual tools which stand the test of critical investigation and allow Adaptation Studies to move beyond the single case-study approach.
(Katja Krebs - University of Bristol)

This book is a bold initiative: it proposes, and illustrates, a comprehensive new empirical research programme for film adaptation studies, inspired by the way systems theory and norm theory have expanded Translation Studies. One of the book’s unusual strengths is the way the proposal is grounded in a thoughtful theoretical discussion of conceptual and methodological issues, dealing with such notions as theory, descriptivism, definition, diachrony and explanation. This gives the work a significance that ranges well beyond Adaptation Studies alone; it deserves the attention of scholars in the humanities in general.
(Andrew Chesterman - University of Helsinki)

This dense and theoretically-informed study argues forcefully for a descriptive systems analysis approach to literature/ film adaptation, building on the author’s earlier corpus-based study of film noir and adaptation. Providing a wide-ranging discussion of important critical questions (including the place of logical positivism in humanistic studies), this book will give adaptation schol

Patrick Cattrysse is an independent researcher. He teaches adaptation studies, narrative studies and screenwriting studies at the Université Libre de Bruxelles, Antwerpen Universiteit and Emerson College European Center.

Quick View

Descriptive Adaptation Studies. Epistemological and Methodological Issues

 41,10

It is common practice nowadays for adaptation critics to denounce the lack of meta-theoretical thinking in adaptation studies and to plead for a study of ‘adaptation-as-adaptation’; one that eschews value judgments, steps beyond normative fidelity-based discourse, examines adaptation from an intertextual perspective, and abandons the single-source model for a multiple-source model. This study looks into a research program that does all that and more. It was developed in the late 1980s and presented in the early 1990s as a ‘polysystem’ (PS) study of adaptations.

Since then, the PS label has been replaced with ‘descriptive’. This book studies the question of whether and how a PS approach could evolve into a descriptive adaptation studies (DAS) approach. Although not perfect (no method is), DAS offers a number of assets. Apart from dealing with the above-mentioned issues, DAS transcends an Auteurist approach and looks at explanation beyond the level of individual agency (even if contextualized). As an alternative to the endless accumulation of ad hoc case studies, it suggests corpus-based research into wider trends of adaptational behavior and the roles and functions of sets of adaptations. DAS also allows reflection upon its own epistemic values. It sheds new light on some old issues: How can one define adaptation? What does it mean to study adaptation-as-adaptation? Is equivalence still possible and is the concept still relevant? DAS also tackles some deeper epistemological issues: How can phenomena be compared? Why would difference be more real than sameness or change more real than stasis? How does description relate to evaluation, explanation and prediction, etc.?

This book addresses both theory-minded scholars who are interested in epistemological reflection and practice-oriented adaptation students who want to get started. From a theoretical point of view, it discusses arguments that could support the legitimacy of adaptation studies as an academic discipline. From a practical point of view, it explains in general terms ways of conducting an adaptation study.

Patrick Cattrysse’s work is of utmost importance to Adaptation Studies. As the first extended attempt to develop a rigorous methodology which borrows in very meaningful ways from Adaptation Studies’ cousin Translation Studies, this book should be on every Adaptation scholar’s shelf. While Hutcheons, Sanders and Leitch, to name but a few, layed the groundwork which allowed Adaptation Studies to establish itself as a field of inquiry in its own right, Cattrysse moves the field into the next necessary stage: that of developing conceptual tools which stand the test of critical investigation and allow Adaptation Studies to move beyond the single case-study approach.
(Katja Krebs - University of Bristol)

This book is a bold initiative: it proposes, and illustrates, a comprehensive new empirical research programme for film adaptation studies, inspired by the way systems theory and norm theory have expanded Translation Studies. One of the book’s unusual strengths is the way the proposal is grounded in a thoughtful theoretical discussion of conceptual and methodological issues, dealing with such notions as theory, descriptivism, definition, diachrony and explanation. This gives the work a significance that ranges well beyond Adaptation Studies alone; it deserves the attention of scholars in the humanities in general.
(Andrew Chesterman - University of Helsinki)

This dense and theoretically-informed study argues forcefully for a descriptive systems analysis approach to literature/ film adaptation, building on the author’s earlier corpus-based study of film noir and adaptation. Providing a wide-ranging discussion of important critical questions (including the place of logical positivism in humanistic studies), this book will give adaptation schol

Patrick Cattrysse is an independent researcher. He teaches adaptation studies, narrative studies and screenwriting studies at the Université Libre de Bruxelles, Antwerpen Universiteit and Emerson College European Center.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Passage – Tijdschrift voor Europese literatuur & cultuur – Jrg. 1 (2013-2014), nr. 1 – Themanummer Literaire ontmoetingsplaatsen

 14,40
Literaire ontmoetingsplaatsen
Brussel Be)
De Passage Saint-Hubert, pleisterplaats van bannelingen en expats
Parijs (Fr)
Het laatste café
Sint-Petersburg (Ru)
Vergeten zijn ze hun eigen bestaan
Edinburgh (Sc)
Birds of a feather flock together
Leipzig (Du)
Des Kaffeegotts geweihter Tempel
Brussel (Be)
Vierentwintig uur vrijheid per dag
Tubingen (Du)
Het gedicht als ontmoetingsplaats
Cabris (Fr)
Over schrijvers en sterke vrouwen

Quick View

Passage – Tijdschrift voor Europese literatuur & cultuur – Jrg. 1 (2013-2014), nr. 1 – Themanummer Literaire ontmoetingsplaatsen

 14,40
Literaire ontmoetingsplaatsen
Brussel Be)
De Passage Saint-Hubert, pleisterplaats van bannelingen en expats
Parijs (Fr)
Het laatste café
Sint-Petersburg (Ru)
Vergeten zijn ze hun eigen bestaan
Edinburgh (Sc)
Birds of a feather flock together
Leipzig (Du)
Des Kaffeegotts geweihter Tempel
Brussel (Be)
Vierentwintig uur vrijheid per dag
Tubingen (Du)
Het gedicht als ontmoetingsplaats
Cabris (Fr)
Over schrijvers en sterke vrouwen

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Articulatie- en fonologische stoornissen (Thomas More Logopedie).2de ongewijzigde druk.

 47,40

Articulatiestoornissen zijn zeer verscheiden van aard en in graad en vormen een belangrijke groep binnen de aanmeldingen bij logopedisten. Vaak zijn de problemen, zeker bij kinderen, het gevolg van een onvoldoende, niet of foutief leren van de productie van de verschillende spraakklanken of van de betekenisdragende functie ervan.

Daarnaast kunnen articulatiestoornissen ook kaderen in een structureel anatomisch tekort en/of het gevolg zijn van of samengaan met een myofunctionele problematiek. Een derde groep wordt gevormd door articulatiestoornissen als onderdeel van een neurologisch ziektebeeld. Ten slotte dienen de articulatiestoornissen ten gevolge auditief perceptuele problemen vermeld te worden. In beide laatste gevallen gaat het vaak om meer dan enkel een articulatorische problematiek en zullen er ook problemen zijn op het vlak van taal, van stem, prosodie, …

In dit handboek behandelen we, na het schetsen van een aantal fundamentele basiselementen, de articulatiestoornissen van fonetische en fonologische aard. Vooreerst wordt de ontwikkeling van de articulatievaardigheid geschetst, zowel vanuit fonetisch als vanuit fonologisch standpunt. Dergelijke informatie vormt immers de basis om te komen tot een adequate diagnose. Een aantal procedures en instrumenten, zowel voor fonetisch als voor fonologisch georiënteerd onderzoek, wordt beschreven. Ook combinaties van beide en aanvullende onderzoeken krijgen aandacht. Er moet eveneens een onderscheid gemaakt worden tussen methoden die fonetisch gericht zijn, en andere die veeleer aansluiten bij een fonologische benadering. Vanuit therapeutisch standpunt stelt zich vaak het probleem van de generalisatie: hoe het in de therapie geleerde gedrag overdragen naar andere situaties en contexten buiten de therapie? Ook daarop wordt ingegaan.

Ten slotte komt nog een aantal bijzondere problemen aan bod. Voorbeelden hiervan zijn: de specifieke articulatieproblematiek die het gevolg is van lip- en/of kaak- en/of verhemeltespleet, en deze die het gevolg is van een neurogene problematiek, zoals de ontwikkelingsdyspraxie van de spraak.

Rik Elen, Gegradueerde en Licentiaat in de Logopedie, is lector aan de opleiding Logopedie en Audiologie van Thomas More in Antwerpen.

Eric Manders, doctor in de Logopedie en Audiologie, is deeltijds docent aan de opleiding Logopedie en Audiologie van Thomas More in Antwerpen en aan de afdeling Logopedische en Audiologische Wetenschappen van de KU Leuven.

Geen voorraad
Quick View

Articulatie- en fonologische stoornissen (Thomas More Logopedie).2de ongewijzigde druk.

 47,40

Articulatiestoornissen zijn zeer verscheiden van aard en in graad en vormen een belangrijke groep binnen de aanmeldingen bij logopedisten. Vaak zijn de problemen, zeker bij kinderen, het gevolg van een onvoldoende, niet of foutief leren van de productie van de verschillende spraakklanken of van de betekenisdragende functie ervan.

Daarnaast kunnen articulatiestoornissen ook kaderen in een structureel anatomisch tekort en/of het gevolg zijn van of samengaan met een myofunctionele problematiek. Een derde groep wordt gevormd door articulatiestoornissen als onderdeel van een neurologisch ziektebeeld. Ten slotte dienen de articulatiestoornissen ten gevolge auditief perceptuele problemen vermeld te worden. In beide laatste gevallen gaat het vaak om meer dan enkel een articulatorische problematiek en zullen er ook problemen zijn op het vlak van taal, van stem, prosodie, …

In dit handboek behandelen we, na het schetsen van een aantal fundamentele basiselementen, de articulatiestoornissen van fonetische en fonologische aard. Vooreerst wordt de ontwikkeling van de articulatievaardigheid geschetst, zowel vanuit fonetisch als vanuit fonologisch standpunt. Dergelijke informatie vormt immers de basis om te komen tot een adequate diagnose. Een aantal procedures en instrumenten, zowel voor fonetisch als voor fonologisch georiënteerd onderzoek, wordt beschreven. Ook combinaties van beide en aanvullende onderzoeken krijgen aandacht. Er moet eveneens een onderscheid gemaakt worden tussen methoden die fonetisch gericht zijn, en andere die veeleer aansluiten bij een fonologische benadering. Vanuit therapeutisch standpunt stelt zich vaak het probleem van de generalisatie: hoe het in de therapie geleerde gedrag overdragen naar andere situaties en contexten buiten de therapie? Ook daarop wordt ingegaan.

Ten slotte komt nog een aantal bijzondere problemen aan bod. Voorbeelden hiervan zijn: de specifieke articulatieproblematiek die het gevolg is van lip- en/of kaak- en/of verhemeltespleet, en deze die het gevolg is van een neurogene problematiek, zoals de ontwikkelingsdyspraxie van de spraak.

Rik Elen, Gegradueerde en Licentiaat in de Logopedie, is lector aan de opleiding Logopedie en Audiologie van Thomas More in Antwerpen.

Eric Manders, doctor in de Logopedie en Audiologie, is deeltijds docent aan de opleiding Logopedie en Audiologie van Thomas More in Antwerpen en aan de afdeling Logopedische en Audiologische Wetenschappen van de KU Leuven.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Zorgbreed – Tijdschrift voor integrale leerlingenzorg – Jrg. 10 (2012-2013), nr. 40 – Themanummer Zorg om de zorgverlener

 9,50

Inhoudsopgave - Editoriaal

Artikels
  • Een zorgzame school zorgt voor haar zorgverleners

  • Structurele ondersteuning van socio-emotionele leerlingenbegeleiders door middel van groepssupervisie

  • Wie zorgt voor wie? Wat verstaan we onder zorg en waar moet onze focus liggen?

  • Wie draagt zorg voor de zorgcoördinator? De noodzaak van zelfzorg in kaart gebracht



  • Meer info over Zorgbreed
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    Zorgbreed – Tijdschrift voor integrale leerlingenzorg – Jrg. 10 (2012-2013), nr. 40 – Themanummer Zorg om de zorgverlener

     9,50

    Inhoudsopgave - Editoriaal

    Artikels
  • Een zorgzame school zorgt voor haar zorgverleners

  • Structurele ondersteuning van socio-emotionele leerlingenbegeleiders door middel van groepssupervisie

  • Wie zorgt voor wie? Wat verstaan we onder zorg en waar moet onze focus liggen?

  • Wie draagt zorg voor de zorgcoördinator? De noodzaak van zelfzorg in kaart gebracht



  • Meer info over Zorgbreed
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Onderwijs op de universiteit. Verkennende studie naar de professionalisering en loopbaanperspectieven van universitair onderwijspersoneel

     16,90

    Dit boek beschrijft de kwaliteitseisen die worden gesteld aan het universitaire onderwijspersoneel en zijn loopbaanmogelijkheden.

    De auteur start met een verkenning van de actuele ontwikkelingen in Nederland. Dan volgt een beschrijving van de internationale beleidsbijdragen van onder meer de OECD en de Europese Commissie over de kwaliteitsverbetering van het universitair onderwijs. Daarna komt de inbreng van de wetenschap aan bod, waarvan de studies van de Carnegie Foundation for the Advancement of Teaching in de Verenigde Staten een belangrijk deel uitmaken. Ook de ontwikkelingen in het universitair onderwijs in het Verenigd Koninkrijk en Australië worden beschreven. Verder komt een tiental HO-experts aan het woord, die hun mening geven over de positie en de kwaliteit van het onderwijs aan de universiteiten.

    In het tweede deel van dit boek worden vijf ‘good practices’ – Maastricht, Utrecht, Rotterdam, Londen en Lund – beschreven, met een blik op de samenhang tussen strategisch beleid en kwaliteits- en personeelsbeleid.

    In het derde deel ten slotte wordt een innovatieagenda geformuleerd aan het adres van bestuur, docenten en studenten om aan de kwaliteit van het universitair onderwijs een krachtige impuls te geven.

    Hubert W.A.M. Coonen studeerde Onderwijskunde aan de Universiteit Utrecht en promoveerde aan de Universiteit Leiden. Hij is ruim 30 jaar werkzaam in het hoger onderwijs. Hij werkte als adviseur hoger onderwijs bij de KPC-Groep in ’s Hertogenbosch, was algemeen directeur van de Educatieve Faculteit van de Hogeschool Utrecht, hoogleraar en decaan aan de Faculteit Gedragswetenschappen van de Universiteit Twente en hoogleraar aan de Open Universiteit in Heerlen. Hij was ook kroonlid en vicevoorzitter van de Onderwijsraad en voorzitter van het Landelijk Platform Beroepen in het Onderwijs. Nu is hij hoogleraar aan de Teachers Academy (TA) van Maastricht University. De TA is nauw verbonden met TIER, het Top Institute for Evidence based Education Research.

    Quick View

    Onderwijs op de universiteit. Verkennende studie naar de professionalisering en loopbaanperspectieven van universitair onderwijspersoneel

     16,90

    Dit boek beschrijft de kwaliteitseisen die worden gesteld aan het universitaire onderwijspersoneel en zijn loopbaanmogelijkheden.

    De auteur start met een verkenning van de actuele ontwikkelingen in Nederland. Dan volgt een beschrijving van de internationale beleidsbijdragen van onder meer de OECD en de Europese Commissie over de kwaliteitsverbetering van het universitair onderwijs. Daarna komt de inbreng van de wetenschap aan bod, waarvan de studies van de Carnegie Foundation for the Advancement of Teaching in de Verenigde Staten een belangrijk deel uitmaken. Ook de ontwikkelingen in het universitair onderwijs in het Verenigd Koninkrijk en Australië worden beschreven. Verder komt een tiental HO-experts aan het woord, die hun mening geven over de positie en de kwaliteit van het onderwijs aan de universiteiten.

    In het tweede deel van dit boek worden vijf ‘good practices’ – Maastricht, Utrecht, Rotterdam, Londen en Lund – beschreven, met een blik op de samenhang tussen strategisch beleid en kwaliteits- en personeelsbeleid.

    In het derde deel ten slotte wordt een innovatieagenda geformuleerd aan het adres van bestuur, docenten en studenten om aan de kwaliteit van het universitair onderwijs een krachtige impuls te geven.

    Hubert W.A.M. Coonen studeerde Onderwijskunde aan de Universiteit Utrecht en promoveerde aan de Universiteit Leiden. Hij is ruim 30 jaar werkzaam in het hoger onderwijs. Hij werkte als adviseur hoger onderwijs bij de KPC-Groep in ’s Hertogenbosch, was algemeen directeur van de Educatieve Faculteit van de Hogeschool Utrecht, hoogleraar en decaan aan de Faculteit Gedragswetenschappen van de Universiteit Twente en hoogleraar aan de Open Universiteit in Heerlen. Hij was ook kroonlid en vicevoorzitter van de Onderwijsraad en voorzitter van het Landelijk Platform Beroepen in het Onderwijs. Nu is hij hoogleraar aan de Teachers Academy (TA) van Maastricht University. De TA is nauw verbonden met TIER, het Top Institute for Evidence based Education Research.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Eén, twee … hupsakee … Heen-en-weerboekjeEén, twee … hupsakee … Heen-en-weerboekje
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Eén, twee … hupsakee … Heen-en-weerboekje

     13,00

    Wanneer je kind naar het kinderdagverblijf gaat, wil je als ouder graag op de hoogte zijn van hoe je kind het doet.

    Met dit heen-en- weerboekje willen we zorgen voor een goede communicatie tussen de ouders en het kinderdagverblijf.
    Het is immers belangrijk voor de opvoeding en de ontwikkeling van het kind dat ouders en begeleid(st)ers altijd goed geïnformeerd zijn.

    Er zijn ook navulblaadjes beschikbaar.
    Deze kunnen ingevoegd worden bij ''Deel 2: Mijn Dagboekje'' van het ''Heen-en-weerboekje''.

    Eén, twee … hupsakee … Heen-en-weerboekjeEén, twee … hupsakee … Heen-en-weerboekje
    Quick View

    Eén, twee … hupsakee … Heen-en-weerboekje

     13,00

    Wanneer je kind naar het kinderdagverblijf gaat, wil je als ouder graag op de hoogte zijn van hoe je kind het doet.

    Met dit heen-en- weerboekje willen we zorgen voor een goede communicatie tussen de ouders en het kinderdagverblijf.
    Het is immers belangrijk voor de opvoeding en de ontwikkeling van het kind dat ouders en begeleid(st)ers altijd goed geïnformeerd zijn.

    Er zijn ook navulblaadjes beschikbaar.
    Deze kunnen ingevoegd worden bij ''Deel 2: Mijn Dagboekje'' van het ''Heen-en-weerboekje''.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 6)

     15,30

    Het is niet ongewoon dat partners na diverse jaren in een relatie op ernstige knooppunten stoten. Deze knooppunten kunnen de relatie haar vitaliteit ontnemen en zelfs in gevaar brengen. Mensen die dit ondervinden, spreken er echter niet gauw over. Bij hulpverleners ontbreekt het soms ook aan een taal om het hierover te hebben.

    Dit boek bespreekt meer specifiek de rol van de seksualiteit bij het vastlopen van relaties. Nu eens raakt de seksualiteit mee betrokken in een relationele moeilijkheid, dan weer is het een seksueel probleem dat de relatie in de gevarenzone brengt. De rode draad in het boek is een fictieve casus, die is samengesteld vanuit het verhaal van diverse koppels die na minstens vijf jaar relatie op consultatie komen. Op die casus wordt vanuit diverse perspectieven ingegaan: psychodynamische, seksuologische, contextueel/ethische en levensloopperspectieven. Telkens worden concrete behandelmogelijkheden beschreven. De seksualiteit krijgt daarin een prominente en specifieke plaats: als belangrijk domein of instrument om de relatie te revitaliseren. Het boek richt zich tot mensen die zoekende zijn op het ogenblik dat hun relatie na een aantal jaren dreigt vast te lopen en daarbij ervaren dat seksuele verschillen en processen een cruciale rol spelen in de moeilijkheden. En ook tot de brede groep hulpverleners die lange termijn partners wil begeleiden bij seksuele/relationele knooppunten.



    Sonja Kauwenberghs, bachelor gezinswetenschappen, werkte eerder in Vluchthuis De Terp in Boechout. Nu werkt zij bij ADIC – Antwerps Drug Interventie Centrum, waar residentiële en op reïntegratie gerichte opvang geboden wordt aan problematische druggebruikers.
    Koen Baeten, doctor in de wijsbegeerte en moraalwetenschappen, master in de familiale en seksuologische wetenschappen, master in de godsdienstwetenschappen en master in de wijsbegeerte. Hij is klinisch seksuoloog, psychoanalyticus en psychotherapeut/relatietherapeut. Hij doceert aan het HIG – Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool- Universiteit Brussel en is onderzoeker bij het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van het HIG. Hij is ook opgeleid in de psychoanalyse.
    Patrick Meurs, doctor in psychologie, master in godsdienstwetenschappen, in culturele antropologie en baccalaureus in de filosofie en opgeleid in psychodynamische kindertherapie. Hij studeerde ook seksuologie, doceert klinische psychologie aan de KU Leuven en gezinswetenschappen aan het HIG. Hij is ook onderzoeker bij het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van het HIG.


    Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie

  • Nr. 1. Verborgen onder mijn buik. Zorg- en hulpverlening aan zwangere vrouwen na vroeger seksueel geweld
  • Nr. 2. De oorverdovende stilte. Omtrent pedofilie: het gepolariseerde debat voorbij
  • Nr. 3. Seksuele ontwikkeling en de rol van broers en zussen
  • Nr. 4. Sexy haar en hoofddoek. Seksuele en niet-seksuele betekenissen
  • Nr. 5. Hulpverlening bij kindermishandeling. Over individuele weerbaarheid en maatschappelijke kwetsbaarheid
  • Nr. 6. Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie
  • Nr. 7. Waarheid, durven... trauma. Seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen kinderen en jongeren
  • Nr. 8. Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. It takes a village to raise a child

  • Quick View

    Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 6)

     15,30

    Het is niet ongewoon dat partners na diverse jaren in een relatie op ernstige knooppunten stoten. Deze knooppunten kunnen de relatie haar vitaliteit ontnemen en zelfs in gevaar brengen. Mensen die dit ondervinden, spreken er echter niet gauw over. Bij hulpverleners ontbreekt het soms ook aan een taal om het hierover te hebben.

    Dit boek bespreekt meer specifiek de rol van de seksualiteit bij het vastlopen van relaties. Nu eens raakt de seksualiteit mee betrokken in een relationele moeilijkheid, dan weer is het een seksueel probleem dat de relatie in de gevarenzone brengt. De rode draad in het boek is een fictieve casus, die is samengesteld vanuit het verhaal van diverse koppels die na minstens vijf jaar relatie op consultatie komen. Op die casus wordt vanuit diverse perspectieven ingegaan: psychodynamische, seksuologische, contextueel/ethische en levensloopperspectieven. Telkens worden concrete behandelmogelijkheden beschreven. De seksualiteit krijgt daarin een prominente en specifieke plaats: als belangrijk domein of instrument om de relatie te revitaliseren. Het boek richt zich tot mensen die zoekende zijn op het ogenblik dat hun relatie na een aantal jaren dreigt vast te lopen en daarbij ervaren dat seksuele verschillen en processen een cruciale rol spelen in de moeilijkheden. En ook tot de brede groep hulpverleners die lange termijn partners wil begeleiden bij seksuele/relationele knooppunten.



    Sonja Kauwenberghs, bachelor gezinswetenschappen, werkte eerder in Vluchthuis De Terp in Boechout. Nu werkt zij bij ADIC – Antwerps Drug Interventie Centrum, waar residentiële en op reïntegratie gerichte opvang geboden wordt aan problematische druggebruikers.
    Koen Baeten, doctor in de wijsbegeerte en moraalwetenschappen, master in de familiale en seksuologische wetenschappen, master in de godsdienstwetenschappen en master in de wijsbegeerte. Hij is klinisch seksuoloog, psychoanalyticus en psychotherapeut/relatietherapeut. Hij doceert aan het HIG – Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool- Universiteit Brussel en is onderzoeker bij het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van het HIG. Hij is ook opgeleid in de psychoanalyse.
    Patrick Meurs, doctor in psychologie, master in godsdienstwetenschappen, in culturele antropologie en baccalaureus in de filosofie en opgeleid in psychodynamische kindertherapie. Hij studeerde ook seksuologie, doceert klinische psychologie aan de KU Leuven en gezinswetenschappen aan het HIG. Hij is ook onderzoeker bij het Kenniscentrum Gezinswetenschappen van het HIG.


    Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie

  • Nr. 1. Verborgen onder mijn buik. Zorg- en hulpverlening aan zwangere vrouwen na vroeger seksueel geweld
  • Nr. 2. De oorverdovende stilte. Omtrent pedofilie: het gepolariseerde debat voorbij
  • Nr. 3. Seksuele ontwikkeling en de rol van broers en zussen
  • Nr. 4. Sexy haar en hoofddoek. Seksuele en niet-seksuele betekenissen
  • Nr. 5. Hulpverlening bij kindermishandeling. Over individuele weerbaarheid en maatschappelijke kwetsbaarheid
  • Nr. 6. Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie
  • Nr. 7. Waarheid, durven... trauma. Seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen kinderen en jongeren
  • Nr. 8. Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. It takes a village to raise a child

  • Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    School- en klaspraktijk – nr. 218 (jrg 54) (mei- juni – juli 2012-2013) – Themanummer Executieve functieproblemen in de klas

     10,75

    Dit nummer van SKP bevat:
    • 1 Theorie
      • Kenmerken van autisme
      • Kenmerken van executieve functies
      • Autisme en executieve functies
      • Executieve functies in de klas bij kinderen met autisme
    • 2 Praktijk
      • Tips voor leerkrachten bij executieve functieproblemen
    • 3 Bijlagen

    Inhoudstafel
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift.Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: bredeachtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruimeaandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingenen -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten,navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost € 34,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (vanaf 5 exemplaren) kost € 18,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    School- en klaspraktijk – nr. 218 (jrg 54) (mei- juni – juli 2012-2013) – Themanummer Executieve functieproblemen in de klas

     10,75

    Dit nummer van SKP bevat:
    • 1 Theorie
      • Kenmerken van autisme
      • Kenmerken van executieve functies
      • Autisme en executieve functies
      • Executieve functies in de klas bij kinderen met autisme
    • 2 Praktijk
      • Tips voor leerkrachten bij executieve functieproblemen
    • 3 Bijlagen

    Inhoudstafel
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift.Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: bredeachtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruimeaandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingenen -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten,navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost € 34,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (vanaf 5 exemplaren) kost € 18,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Afschaffing van de slavernij.  Complexe voorgeschiedenis van een wereldwonderAfschaffing van de slavernij.  Complexe voorgeschiedenis van een wereldwonder
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Afschaffing van de slavernij. Complexe voorgeschiedenis van een wereldwonder

     25,60
    Slavernij is bijna zo oud als de mensheid. Ze kwam in de oudheid al voor bij de Egyptenaren, Grieken, Romeinen en vele andere volkeren in Azië, Afrika en Amerika. Dit boek gaat over de afschaffing van de slavernij. Hoewel dit historisch gezien een unieke gebeurtenis is, zijn daarover nauwelijks boeken geschreven. Toch was die afschaffing niets minder dan een wereldwonder.

    In de eerste helft van de negentiende eeuw maakte Groot-Brittannië als eerste een einde aan de koloniale slavenhandel en de slavernij binnen zijn rijk. Daarna volgden andere koloniale mogendheden zoals Frankrijk, Denemarken en Nederland. In 1865 volgden de Verenigde Staten. Langzaam volgden ook andere landen dit voorbeeld. Ruim honderd jaar later sloot Mauritanië de rij.

    Hoe ging de afschaffing in zijn werk? Welke sociale, politieke en culturele factoren speelden hierbij een rol? Welke individuen en bewegingen waren de gangmakers? Welke invloed hadden de ideeën van de verlichting, de Franse Revolutie en het protestantisme? Wat was de rol van de Katholieke Kerk? Hoe belangrijk was het verzet van de slaven? Welke invloed had hun bekering tot het christendom? Hoe slaagde de abolitiebeweging erin de blanken ervan te doordringen dat ook slaven mensen waren met een hart en een ziel? Welke propagandamiddelen werden in de strijd geworpen? En waarom verliep de afschaffing binnen de Europese koloniale rijken betrekkelijk vredig terwijl er in de Verenigde Staten een bloedige burgeroorlog werd uitgevochten?

    Op deze boeiende vragen geeft dit boek een antwoord. Het maakt duidelijk dat het juist de configuratie van samenvallende processen en ontwikkelingen was die de afschaffing overal onafwendbaar maakte, ondanks de opmerkelijke culturele en structurele verschillen.

    Mart-Jan de Jong is emeritus hoogleraar sociale wetenschappen. Hij was verbonden aan de Roosevelt Academy te Middelburg en de Universiteit Utrecht. Hij heeft zich gespecialiseerd in en gepubliceerd over onderwijssociologie, migratie en integratieprocessen, de verzorgingsstaat en het werk van de grondleggers en grootmeesters van de sociologie.

    Yael Wodnitzky behaalde haar Bachelor of Arts aan de Roosevelt Academy in Middelburg, met extra aandacht voor sociologie, psychologie, religie en filosofie. Zij volgt nu een research master filosofie aan de Universiteit van Utrecht.

    Afschaffing van de slavernij.  Complexe voorgeschiedenis van een wereldwonderAfschaffing van de slavernij.  Complexe voorgeschiedenis van een wereldwonder
    Quick View

    Afschaffing van de slavernij. Complexe voorgeschiedenis van een wereldwonder

     25,60
    Slavernij is bijna zo oud als de mensheid. Ze kwam in de oudheid al voor bij de Egyptenaren, Grieken, Romeinen en vele andere volkeren in Azië, Afrika en Amerika. Dit boek gaat over de afschaffing van de slavernij. Hoewel dit historisch gezien een unieke gebeurtenis is, zijn daarover nauwelijks boeken geschreven. Toch was die afschaffing niets minder dan een wereldwonder.

    In de eerste helft van de negentiende eeuw maakte Groot-Brittannië als eerste een einde aan de koloniale slavenhandel en de slavernij binnen zijn rijk. Daarna volgden andere koloniale mogendheden zoals Frankrijk, Denemarken en Nederland. In 1865 volgden de Verenigde Staten. Langzaam volgden ook andere landen dit voorbeeld. Ruim honderd jaar later sloot Mauritanië de rij.

    Hoe ging de afschaffing in zijn werk? Welke sociale, politieke en culturele factoren speelden hierbij een rol? Welke individuen en bewegingen waren de gangmakers? Welke invloed hadden de ideeën van de verlichting, de Franse Revolutie en het protestantisme? Wat was de rol van de Katholieke Kerk? Hoe belangrijk was het verzet van de slaven? Welke invloed had hun bekering tot het christendom? Hoe slaagde de abolitiebeweging erin de blanken ervan te doordringen dat ook slaven mensen waren met een hart en een ziel? Welke propagandamiddelen werden in de strijd geworpen? En waarom verliep de afschaffing binnen de Europese koloniale rijken betrekkelijk vredig terwijl er in de Verenigde Staten een bloedige burgeroorlog werd uitgevochten?

    Op deze boeiende vragen geeft dit boek een antwoord. Het maakt duidelijk dat het juist de configuratie van samenvallende processen en ontwikkelingen was die de afschaffing overal onafwendbaar maakte, ondanks de opmerkelijke culturele en structurele verschillen.

    Mart-Jan de Jong is emeritus hoogleraar sociale wetenschappen. Hij was verbonden aan de Roosevelt Academy te Middelburg en de Universiteit Utrecht. Hij heeft zich gespecialiseerd in en gepubliceerd over onderwijssociologie, migratie en integratieprocessen, de verzorgingsstaat en het werk van de grondleggers en grootmeesters van de sociologie.

    Yael Wodnitzky behaalde haar Bachelor of Arts aan de Roosevelt Academy in Middelburg, met extra aandacht voor sociologie, psychologie, religie en filosofie. Zij volgt nu een research master filosofie aan de Universiteit van Utrecht.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Eigenheid met respect. Reflecties over het katholiek onderwijs in Antwerpen.

     32,00

    Dit boek bestudeert binnen de stad Antwerpen de eigenheid van de katholieke scholen. Deze studie past in het zogenaamde AWEL-project, opgezet door het begeleidingskorps van het bisdom Antwerpen. Er bleek een behoefte te bestaan aan een discussietekst die de problematiek systematisch kon kaderen en die via voorstellen een dynamiek van overleg op gang zou kunnen brengen. Het eerste deel is een informatief dossier over de situatie in de stad Antwerpen. Er is gekozen voor een systeemaanpak waarbij het onderwijs in de stad Antwerpen – en bij afleiding ook het katholiek onderwijs aldaar – wordt bekeken als een open systeem. Die systeemaanpak vertaalt zich in een benadering op diverse echelons. De situaties op die echelons dienen als subsystemen, die complementair zijn om de problematiek in zijn volledigheid te vatten.

    Het eerste niveau bevat de landelijke overheid, die een grootstedelijk beleid al dan niet kan faciliteren. Dan is er het niveau van de lokale overheid van de stad Antwerpen, die coördinerend kan optreden. Vervolgens is er het beheersniveau van het katholiek onderwijs in de stad, met repercussies op de samenwerkingsverbanden tussen scholen. Een ander niveau is dat van het curriculum. Welke aanpassingen zijn er wenselijk aan het curriculum om aan de grotestadsproblematiek tegemoet te komen? Het volgende en belangrijkste niveau is dat van de concrete school en klas. Daarin komen voorstellen van differentiatie, talenbeleid, ouderwerking, lerarenvisies en groepsvorming in school en klas aan bod. Het resultaat is een reeks voorstellen, die niet allemaal nieuw zijn, maar die wel in samenhang en volgens prioriteit worden gepresenteerd. Sommige van die voorstellen vragen juridische wijzigingen, onder meer het pleidooi voor modulair beroepsgericht onderwijs en aangepaste samenwerkingsvormen binnen een grote stad. Alle voorstellen worden geïllustreerd met praktijkvoorbeelden, die door de pedagogische begeleiding werden verzameld.



    Roger Standaert begon zijn loopbaan als lector aan de lerarenopleiding na zijn studies pedagogische wetenschappen. Vanaf 1976 tot 1989 was hij hoofdcoördinator voor het Vernieuwd Secundair Onderwijs in het katholiek onderwijs. In 1989 promoveerde hij aan de KU Leuven op een comparatief proefschrift over het onderwijsbeleid in een aantal landen. In 1991 werd hij bij het Vlaamse Ministerie van Onderwijs benoemd tot eerste directeur van de nieuw opgerichte Dienst voor Onderwijsontwikkeling (later Curriculum). In 1997 werd hij voorzitter van het Consortium of Institutes for Development and Research in Education in Europe (CIDREE). Vanaf 1998 doceerde hij vergelijkende pedagogiek aan de universiteit Gent. Hij schreef een aantal boeken waaronder ‘Vergelijken van Onderwijssystemen’ en ‘Globalisering van het onderwijs in contexten’ en hij publiceerde talrijke artikelen in binnenlandse en buitenlandse tijdschriften, voornamelijk in verband met lokale autonomie en onderwijsbeleid. Sinds 2012 beëindigde hij zijn professionele loopbaan, maar blijft hij actief in diverse plaatselijke en internationale onderwijsorganisaties.

    Quick View

    Eigenheid met respect. Reflecties over het katholiek onderwijs in Antwerpen.

     32,00

    Dit boek bestudeert binnen de stad Antwerpen de eigenheid van de katholieke scholen. Deze studie past in het zogenaamde AWEL-project, opgezet door het begeleidingskorps van het bisdom Antwerpen. Er bleek een behoefte te bestaan aan een discussietekst die de problematiek systematisch kon kaderen en die via voorstellen een dynamiek van overleg op gang zou kunnen brengen. Het eerste deel is een informatief dossier over de situatie in de stad Antwerpen. Er is gekozen voor een systeemaanpak waarbij het onderwijs in de stad Antwerpen – en bij afleiding ook het katholiek onderwijs aldaar – wordt bekeken als een open systeem. Die systeemaanpak vertaalt zich in een benadering op diverse echelons. De situaties op die echelons dienen als subsystemen, die complementair zijn om de problematiek in zijn volledigheid te vatten.

    Het eerste niveau bevat de landelijke overheid, die een grootstedelijk beleid al dan niet kan faciliteren. Dan is er het niveau van de lokale overheid van de stad Antwerpen, die coördinerend kan optreden. Vervolgens is er het beheersniveau van het katholiek onderwijs in de stad, met repercussies op de samenwerkingsverbanden tussen scholen. Een ander niveau is dat van het curriculum. Welke aanpassingen zijn er wenselijk aan het curriculum om aan de grotestadsproblematiek tegemoet te komen? Het volgende en belangrijkste niveau is dat van de concrete school en klas. Daarin komen voorstellen van differentiatie, talenbeleid, ouderwerking, lerarenvisies en groepsvorming in school en klas aan bod. Het resultaat is een reeks voorstellen, die niet allemaal nieuw zijn, maar die wel in samenhang en volgens prioriteit worden gepresenteerd. Sommige van die voorstellen vragen juridische wijzigingen, onder meer het pleidooi voor modulair beroepsgericht onderwijs en aangepaste samenwerkingsvormen binnen een grote stad. Alle voorstellen worden geïllustreerd met praktijkvoorbeelden, die door de pedagogische begeleiding werden verzameld.



    Roger Standaert begon zijn loopbaan als lector aan de lerarenopleiding na zijn studies pedagogische wetenschappen. Vanaf 1976 tot 1989 was hij hoofdcoördinator voor het Vernieuwd Secundair Onderwijs in het katholiek onderwijs. In 1989 promoveerde hij aan de KU Leuven op een comparatief proefschrift over het onderwijsbeleid in een aantal landen. In 1991 werd hij bij het Vlaamse Ministerie van Onderwijs benoemd tot eerste directeur van de nieuw opgerichte Dienst voor Onderwijsontwikkeling (later Curriculum). In 1997 werd hij voorzitter van het Consortium of Institutes for Development and Research in Education in Europe (CIDREE). Vanaf 1998 doceerde hij vergelijkende pedagogiek aan de universiteit Gent. Hij schreef een aantal boeken waaronder ‘Vergelijken van Onderwijssystemen’ en ‘Globalisering van het onderwijs in contexten’ en hij publiceerde talrijke artikelen in binnenlandse en buitenlandse tijdschriften, voornamelijk in verband met lokale autonomie en onderwijsbeleid. Sinds 2012 beëindigde hij zijn professionele loopbaan, maar blijft hij actief in diverse plaatselijke en internationale onderwijsorganisaties.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    School- en klaspraktijk – nr. 215 (jrg 54) (sept- okt – nov 2012-2013) – Themanummer Leesbevordering op de basisschool

     10,75

    Dit nummer van SKP bevat:
    • Ter oriëntatie
      Interview metNicky Sneijers
    • Een eerste opstapje naarecht leesplezier
      Interview metGuido van Genechten
    • Voorlezen? Natuurlijk
      Interview met BenjaminLeroy, Merel Eyckermanen Jaap Robben
    • Het leescircuit: omdat hetook anders kan
      Interview metGeert De Kockere
    • Hoe ga je om metleesproblemen?
      Interview metNadine Diels
    • Kennen wij elkaar ergensvan?
      Interview metKarel Michielsen
    • LB-tipsOok nog de moeite waard
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift.Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: bredeachtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruimeaandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingenen -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten,navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost € 34,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (vanaf 5 exemplaren) kost € 18,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    School- en klaspraktijk – nr. 215 (jrg 54) (sept- okt – nov 2012-2013) – Themanummer Leesbevordering op de basisschool

     10,75

    Dit nummer van SKP bevat:
    • Ter oriëntatie
      Interview metNicky Sneijers
    • Een eerste opstapje naarecht leesplezier
      Interview metGuido van Genechten
    • Voorlezen? Natuurlijk
      Interview met BenjaminLeroy, Merel Eyckermanen Jaap Robben
    • Het leescircuit: omdat hetook anders kan
      Interview metGeert De Kockere
    • Hoe ga je om metleesproblemen?
      Interview metNadine Diels
    • Kennen wij elkaar ergensvan?
      Interview metKarel Michielsen
    • LB-tipsOok nog de moeite waard
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift.Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: bredeachtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruimeaandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingenen -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten,navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost € 34,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (vanaf 5 exemplaren) kost € 18,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Kennismakingspakket Schoolmakker

     30,00

    Schoolmakker is anders dan een traditionele schoolagenda. Het is een volwaardig “doe”-boek waar zowel leerlingen als ouders en school actief informatie kunnen uitwisselen. Ieder krijgt zijn eigen ruimte in de agenda om allerlei mededelingen en vragen te noteren. Ook de taken en lessen van het kind krijgen er hun plaats.

    Bovendien groeit Schoolmakker mee met de eigenheid en de zelfstandigheid van de kinderen. Als een echte makker biedt hij een herkenbare houvast gedurende vele schooljaren, van de instapklas tot het zesde leerjaar / groep 1-8. Hij leert het kind stapsgewijs belangrijke vaardigheden ontwikkelen, zoals tijdsbesef en leren plannen. Die duidelijke structuur en evolutie komen ook weer in de visuele steun die Schoolmakker biedt.

    Neem nu een Kennismakingspakket en ontvang 1 exemplaar van elk onderdeel (€ 30,-):

    Handleiding + cd-rom
    Kleuters – Groepen 1-2
    Eerste leerjaar – Groep 3
    Tweede leerjaar – Groep 4
    Tweede graad (+14-dagenplanner)– Groepen 5-6
    Derde graad (+maandplanner)– Groepen 7-8

    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    Kennismakingspakket Schoolmakker

     30,00

    Schoolmakker is anders dan een traditionele schoolagenda. Het is een volwaardig “doe”-boek waar zowel leerlingen als ouders en school actief informatie kunnen uitwisselen. Ieder krijgt zijn eigen ruimte in de agenda om allerlei mededelingen en vragen te noteren. Ook de taken en lessen van het kind krijgen er hun plaats.

    Bovendien groeit Schoolmakker mee met de eigenheid en de zelfstandigheid van de kinderen. Als een echte makker biedt hij een herkenbare houvast gedurende vele schooljaren, van de instapklas tot het zesde leerjaar / groep 1-8. Hij leert het kind stapsgewijs belangrijke vaardigheden ontwikkelen, zoals tijdsbesef en leren plannen. Die duidelijke structuur en evolutie komen ook weer in de visuele steun die Schoolmakker biedt.

    Neem nu een Kennismakingspakket en ontvang 1 exemplaar van elk onderdeel (€ 30,-):

    Handleiding + cd-rom
    Kleuters – Groepen 1-2
    Eerste leerjaar – Groep 3
    Tweede leerjaar – Groep 4
    Tweede graad (+14-dagenplanner)– Groepen 5-6
    Derde graad (+maandplanner)– Groepen 7-8

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Empowerment van de context. Een net van steun en stimulatie voor kwetsbare en gekwetste kinderen.

     21,90

    In de geestelijke gezondheidszorg is er een groeiende tendens om meer empowerend te werken. ‘Empowerment’ belichaamt het proces waarbij cliënten vanuit hun eigen kracht vorm en inhoud aan hun leven geven. Helaas blijkt het vaak echter een containerbegrip te zijn, waarbij pasklare antwoorden ontbreken op hoe de hulpverlener dit kan implementeren in de klinische praktijk.

    Dit boek biedt de nodige handvatten voor hulpverleners om zich empowerend op te stellen, specifiek binnen de jeugdhulpverlening. De centrale vraag is: hoe het netwerk van kinderen of jongeren met moeilijkheden of beperkingen – door psychiatrische stoornissen of psychische problemen – voldoende empowerend kan worden? Hierbij komen zowel de eerste-, tweede- als derdelijnshulpverlening, met een uitdieping van specifieke vormen van hulpverlening, aan bod, evenals de algemene organisatie van de huidige gezondheidszorg.

    Het boek wil hulpverleners inspireren om meer empowerend te kijken, denken en handelen. Het is bestemd voor professionals maar ook voor studenten en hun lesgevers.



    Kim De Corte, Sarah Bal en Inge Antrop, klinisch psychologen, zijn verbonden aan de Dienst Kinder- en jeugdpsychiatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent. Elfi Van den haute, kinder- en jeugdpsychiater, voert een zelfstandige praktijk in Gent.

    Quick View

    Empowerment van de context. Een net van steun en stimulatie voor kwetsbare en gekwetste kinderen.

     21,90

    In de geestelijke gezondheidszorg is er een groeiende tendens om meer empowerend te werken. ‘Empowerment’ belichaamt het proces waarbij cliënten vanuit hun eigen kracht vorm en inhoud aan hun leven geven. Helaas blijkt het vaak echter een containerbegrip te zijn, waarbij pasklare antwoorden ontbreken op hoe de hulpverlener dit kan implementeren in de klinische praktijk.

    Dit boek biedt de nodige handvatten voor hulpverleners om zich empowerend op te stellen, specifiek binnen de jeugdhulpverlening. De centrale vraag is: hoe het netwerk van kinderen of jongeren met moeilijkheden of beperkingen – door psychiatrische stoornissen of psychische problemen – voldoende empowerend kan worden? Hierbij komen zowel de eerste-, tweede- als derdelijnshulpverlening, met een uitdieping van specifieke vormen van hulpverlening, aan bod, evenals de algemene organisatie van de huidige gezondheidszorg.

    Het boek wil hulpverleners inspireren om meer empowerend te kijken, denken en handelen. Het is bestemd voor professionals maar ook voor studenten en hun lesgevers.



    Kim De Corte, Sarah Bal en Inge Antrop, klinisch psychologen, zijn verbonden aan de Dienst Kinder- en jeugdpsychiatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent. Elfi Van den haute, kinder- en jeugdpsychiater, voert een zelfstandige praktijk in Gent.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Vertel me wat. Nederlands lezen en spreken voor volwassenen, anderstalige beginners in niveau 1 en 2.

     13,90

    Vertel me wat! is een verzameling korte, eenvoudige verhaaltjes over Trui, een jonge lerares die door haar onhandigheid in allerlei grappige situaties terechtkomt. Het boek leert Nederlands aan anderstalige volwassenen in niveau A1 en A2.



    Véronique Berkein studeerde Germaanse taal- en letterkunde aan de Universiteit Antwerpen. Ze geeft al 25 jaar Nederlands aan anderstaligen in het volwassenonderwijs.

    Quick View

    Vertel me wat. Nederlands lezen en spreken voor volwassenen, anderstalige beginners in niveau 1 en 2.

     13,90

    Vertel me wat! is een verzameling korte, eenvoudige verhaaltjes over Trui, een jonge lerares die door haar onhandigheid in allerlei grappige situaties terechtkomt. Het boek leert Nederlands aan anderstalige volwassenen in niveau A1 en A2.



    Véronique Berkein studeerde Germaanse taal- en letterkunde aan de Universiteit Antwerpen. Ze geeft al 25 jaar Nederlands aan anderstaligen in het volwassenonderwijs.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    VKM. Veertig jaar in beweging tegen kindermishandeling.

     17,00
    In 1970 werd door een groepje geestverwanten, begaan met het lot van mishandelde kinderen, de Vereniging tegen Kindermishandeling (VKM) opgericht met als doel ‘de bescherming van weerloze kinderen tegen lichamelijke en psychische verwaarlozing en mishandeling’, aldus de statuten. Kindermishandeling was een fenomeen waar men zich allerwegen nauwelijks raad mee wist. Al ruim veertig jaar heeft de VKM (sinds 1995 Stichting Voorkoming van Kindermishandeling) zich beijverd voor het bevorderen van hulpverlening en onderzoek, en het verspreiden van kennis bij tal van beroepsgroepen. Als pionier op een betrekkelijk nieuw en onbekend terrein heeft de VKM veel in beweging gezet. “Kindermishandeling bestaat, hoe lang nog?” was een van de leuzen waarmee de VKM zich vroeger tot het grote publiek richtte. Kindermishandeling bestaat nog steeds en het blijft iets waar velen zich niet goed raad mee weten.

    Dit boek is meer dan de beschrijving van veertig jaar VKM. Het geeft ook inzicht in de algemene ontwikkelingen in de aandacht voor kindermishandeling, want kennis van het verleden is onmisbaar bij het werken aan een betere toekomst.

    Quick View

    VKM. Veertig jaar in beweging tegen kindermishandeling.

     17,00
    In 1970 werd door een groepje geestverwanten, begaan met het lot van mishandelde kinderen, de Vereniging tegen Kindermishandeling (VKM) opgericht met als doel ‘de bescherming van weerloze kinderen tegen lichamelijke en psychische verwaarlozing en mishandeling’, aldus de statuten. Kindermishandeling was een fenomeen waar men zich allerwegen nauwelijks raad mee wist. Al ruim veertig jaar heeft de VKM (sinds 1995 Stichting Voorkoming van Kindermishandeling) zich beijverd voor het bevorderen van hulpverlening en onderzoek, en het verspreiden van kennis bij tal van beroepsgroepen. Als pionier op een betrekkelijk nieuw en onbekend terrein heeft de VKM veel in beweging gezet. “Kindermishandeling bestaat, hoe lang nog?” was een van de leuzen waarmee de VKM zich vroeger tot het grote publiek richtte. Kindermishandeling bestaat nog steeds en het blijft iets waar velen zich niet goed raad mee weten.

    Dit boek is meer dan de beschrijving van veertig jaar VKM. Het geeft ook inzicht in de algemene ontwikkelingen in de aandacht voor kindermishandeling, want kennis van het verleden is onmisbaar bij het werken aan een betere toekomst.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Aandacht. Grote en kleine dingen van leven en dood. (Catharina – reeks, Buitenreeks)

     14,30

    Met aandacht kijken, toehoren, spreken maakt anders. Je ziet meer, luistert beter, praat zorgvuldiger. Aandacht voegt kwaliteit toe.

    De teksten uit dit boek willen met aandacht mensen ontmoeten en dingen tegemoet treden. Het is fijn om aandacht te geven, zoals het ook fijn is om oprechte aandacht te krijgen. Mensen worden er mooier van, de werkelijkheid wordt er rijker door.

    Het gaat om leven en werken met aandacht: voor de ander, voor je eigen levensverhaal, voor de feiten en de mystiek, voor de vorm en de inhoud.


    Frank van de Poel studeerde theologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij is geestelijk verzorger in het Catharina Ziekenhuis van Eindhoven.

    Dit boek maakt deel uit van de Catharina-reeks als Buitenreeks (Levensbeschouwing en ethiek in de gezondheidszorg):
    1. Van de zuster, de dokter en het leven dat voorbij gaat
    2. Oncologie en geestelijke verzorging
    3. Hightech en hartelijkheid
    4. Beter ouder. Zorg voor de kwetsbare oudere
    5. Aandacht. Grote en kleine dingen van leven en dood
    6. Toegewijde dokters. Waarom de niet-medische competenties geen bijzaak zijn.

    Quick View

    Aandacht. Grote en kleine dingen van leven en dood. (Catharina – reeks, Buitenreeks)

     14,30

    Met aandacht kijken, toehoren, spreken maakt anders. Je ziet meer, luistert beter, praat zorgvuldiger. Aandacht voegt kwaliteit toe.

    De teksten uit dit boek willen met aandacht mensen ontmoeten en dingen tegemoet treden. Het is fijn om aandacht te geven, zoals het ook fijn is om oprechte aandacht te krijgen. Mensen worden er mooier van, de werkelijkheid wordt er rijker door.

    Het gaat om leven en werken met aandacht: voor de ander, voor je eigen levensverhaal, voor de feiten en de mystiek, voor de vorm en de inhoud.


    Frank van de Poel studeerde theologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij is geestelijk verzorger in het Catharina Ziekenhuis van Eindhoven.

    Dit boek maakt deel uit van de Catharina-reeks als Buitenreeks (Levensbeschouwing en ethiek in de gezondheidszorg):
    1. Van de zuster, de dokter en het leven dat voorbij gaat
    2. Oncologie en geestelijke verzorging
    3. Hightech en hartelijkheid
    4. Beter ouder. Zorg voor de kwetsbare oudere
    5. Aandacht. Grote en kleine dingen van leven en dood
    6. Toegewijde dokters. Waarom de niet-medische competenties geen bijzaak zijn.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Duurzaam HRM en jonge professionals. Een mismatch.Duurzaam HRM en jonge professionals. Een mismatch.
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Duurzaam HRM en jonge professionals. Een mismatch.

     20,50

    Is duurzaam HRM wel het personeelsbeleid van de toekomst met oog voor maatschappelijke ontwikkelingen als het nieuwe werken, met oog ook voor de idealen, wensen en behoeften van de nieuwe generatie werknemers of is duurzaam HRM oude wijn in nieuwe zakken? En heeft de generatie nieuwe werknemers wel een boodschap aan duurzaam HRM?
    Door literatuuronderzoek over duurzaam HRM en over de nieuwe generatie medewerkers, en door gesprekken met personeelsfunctionarissen en die nieuwe werknemers geven de auteurs antwoord op deze en andere vragen. Organisaties en meer specifiek personeelsfunctionarissen vinden in het boek aanknopingspunten voor hoe om te gaan met hun hoog opgeleide medewerkers. Denkers over duurzaamheid worden gevoed met prikkelende standpunten.



    Ineke Jacobs-Moonen, andragoog gericht op duurzaamheidvraagstukken.
    Jaap Brandligt, adviseur gericht op organisatievraagstukken.

    Duurzaam HRM en jonge professionals. Een mismatch.Duurzaam HRM en jonge professionals. Een mismatch.
    Quick View

    Duurzaam HRM en jonge professionals. Een mismatch.

     20,50

    Is duurzaam HRM wel het personeelsbeleid van de toekomst met oog voor maatschappelijke ontwikkelingen als het nieuwe werken, met oog ook voor de idealen, wensen en behoeften van de nieuwe generatie werknemers of is duurzaam HRM oude wijn in nieuwe zakken? En heeft de generatie nieuwe werknemers wel een boodschap aan duurzaam HRM?
    Door literatuuronderzoek over duurzaam HRM en over de nieuwe generatie medewerkers, en door gesprekken met personeelsfunctionarissen en die nieuwe werknemers geven de auteurs antwoord op deze en andere vragen. Organisaties en meer specifiek personeelsfunctionarissen vinden in het boek aanknopingspunten voor hoe om te gaan met hun hoog opgeleide medewerkers. Denkers over duurzaamheid worden gevoed met prikkelende standpunten.



    Ineke Jacobs-Moonen, andragoog gericht op duurzaamheidvraagstukken.
    Jaap Brandligt, adviseur gericht op organisatievraagstukken.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 4

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Placeholder Image
    Quick View

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 4

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 3

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 3

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 2

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 2

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 1

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    Sleutels voor de toekomst. Set van 10 ex. Sleutel 1

     5,00


    Sleutel 1: Kleuter (bestel 10 ex)
    Sleutel 2: Eerste leerjaar/groep 3 (bestel 10 ex)
    Sleutel 3: Secundair Onderwijs (bestel 10 ex)
    Sleutel 4: Verder studeren of werken? (bestel 10 ex))

    Bij de handleiding krijgt u een set met 4 sleutels (1 ex/ sleutel).

    Meer info over de handleiding bij de Sleutels

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      0
      Uw winkelwagen
      Uw winkelwagen is leegVerder winkelen
      ×