Samen beter, beter samen. Onderwijs-zorgarrangementen in het speciaal onderwijs
€ 29,00
De voorliggende publicatie Samen beter, beter samen - Onderwijs-zorgarrangementen in het speciaal onderwijs doet verslag van de resultaten van de eerste en tweede tranche proefprojecten van het landelijk programma Onderwijs-zorgarrangementen voor zeer moeilijk plaatsbare leerlingen. Dit programma is door het ministerie van OCW en de directie Gehandicaptenbeleid van het ministerie van VWS geïnitieerd en gefinancierd. Centraal staan de beschrijvingen van zestien programma''s en aanpakken die scholen voor speciaal onderwijs binnen REC cluster 3 en 4 in samenwerking met zorginstellingen (jeugdhulpverlening,jeugdgeestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg) hebben ontwikkeld voor leerlingen met zeer ernstige schoolbelemmeringen.
Bij wijze van inleiding worden de contouren van onderwijs-zorgarrangementen geschetst en wordt een aanzet voor een nadere afbakening en typering van onderwijszorgarrangementen gegeven. Leidraad hiervoor vormen de bevindingen uit de proefprojecten.
Deanne Radema is als senior medewerker verbonden aan het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg van NIZW Jeugd. Ze is betrokken bij projecten op onder meer de terreinen van jonge risicokinderen, geïntegreerde indicatiestelling en onderwijs-zorg arrangementen.
Dolf van Veen is hoofd van het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg en bijzonder hoogleraar Grootstedelijk onderwijs- en jeugdbeleid aan de Universiteit van Nottingham in Engeland.
Fop Verhei] is als hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie en hoofd patiëntenzorg verbonden aan het Erasmus MC, Sophia Kinderziekenhuis te Rotterdam.
Rieme Wouters is als projectleider betrokken bij de samenwerking tussen instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie en orthopedagogische centra (MFC's), verenigd in het MFC-platform.
Bij wijze van inleiding worden de contouren van onderwijs-zorgarrangementen geschetst en wordt een aanzet voor een nadere afbakening en typering van onderwijszorgarrangementen gegeven. Leidraad hiervoor vormen de bevindingen uit de proefprojecten.
Deanne Radema is als senior medewerker verbonden aan het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg van NIZW Jeugd. Ze is betrokken bij projecten op onder meer de terreinen van jonge risicokinderen, geïntegreerde indicatiestelling en onderwijs-zorg arrangementen.
Dolf van Veen is hoofd van het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg en bijzonder hoogleraar Grootstedelijk onderwijs- en jeugdbeleid aan de Universiteit van Nottingham in Engeland.
Fop Verhei] is als hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie en hoofd patiëntenzorg verbonden aan het Erasmus MC, Sophia Kinderziekenhuis te Rotterdam.
Rieme Wouters is als projectleider betrokken bij de samenwerking tussen instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie en orthopedagogische centra (MFC's), verenigd in het MFC-platform.
Samen beter, beter samen. Onderwijs-zorgarrangementen in het speciaal onderwijs
€ 29,00
De voorliggende publicatie Samen beter, beter samen - Onderwijs-zorgarrangementen in het speciaal onderwijs doet verslag van de resultaten van de eerste en tweede tranche proefprojecten van het landelijk programma Onderwijs-zorgarrangementen voor zeer moeilijk plaatsbare leerlingen. Dit programma is door het ministerie van OCW en de directie Gehandicaptenbeleid van het ministerie van VWS geïnitieerd en gefinancierd. Centraal staan de beschrijvingen van zestien programma''s en aanpakken die scholen voor speciaal onderwijs binnen REC cluster 3 en 4 in samenwerking met zorginstellingen (jeugdhulpverlening,jeugdgeestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg) hebben ontwikkeld voor leerlingen met zeer ernstige schoolbelemmeringen.
Bij wijze van inleiding worden de contouren van onderwijs-zorgarrangementen geschetst en wordt een aanzet voor een nadere afbakening en typering van onderwijszorgarrangementen gegeven. Leidraad hiervoor vormen de bevindingen uit de proefprojecten.
Deanne Radema is als senior medewerker verbonden aan het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg van NIZW Jeugd. Ze is betrokken bij projecten op onder meer de terreinen van jonge risicokinderen, geïntegreerde indicatiestelling en onderwijs-zorg arrangementen.
Dolf van Veen is hoofd van het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg en bijzonder hoogleraar Grootstedelijk onderwijs- en jeugdbeleid aan de Universiteit van Nottingham in Engeland.
Fop Verhei] is als hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie en hoofd patiëntenzorg verbonden aan het Erasmus MC, Sophia Kinderziekenhuis te Rotterdam.
Rieme Wouters is als projectleider betrokken bij de samenwerking tussen instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie en orthopedagogische centra (MFC's), verenigd in het MFC-platform.
Bij wijze van inleiding worden de contouren van onderwijs-zorgarrangementen geschetst en wordt een aanzet voor een nadere afbakening en typering van onderwijszorgarrangementen gegeven. Leidraad hiervoor vormen de bevindingen uit de proefprojecten.
Deanne Radema is als senior medewerker verbonden aan het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg van NIZW Jeugd. Ze is betrokken bij projecten op onder meer de terreinen van jonge risicokinderen, geïntegreerde indicatiestelling en onderwijs-zorg arrangementen.
Dolf van Veen is hoofd van het Landelijk Centrum Onderwijs & Jeugdzorg en bijzonder hoogleraar Grootstedelijk onderwijs- en jeugdbeleid aan de Universiteit van Nottingham in Engeland.
Fop Verhei] is als hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie en hoofd patiëntenzorg verbonden aan het Erasmus MC, Sophia Kinderziekenhuis te Rotterdam.
Rieme Wouters is als projectleider betrokken bij de samenwerking tussen instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie en orthopedagogische centra (MFC's), verenigd in het MFC-platform.
De leraar in de kennissamenleving. Beschouwingen over een nieuwe professionele identiteit van de leraar, de innovatie van de lerarenopleiding en het management van de onderwijsvernieuwing
€ 10,00
In dit boek wordt een pleidooi gehouden voor een discussie over de beroepsidentiteit van de leraar in een kennissamenleving. De functie von leraar heeft in de vorige eeuw kenmerken aangenomen van het industriële organisatieconcept in het onderwijs. Hierdoor heeft de functie van leraar sterke ambachtelijke en routinematige kenmerken gekregen die niet meer adequaat zijn voor het leren in de kennissamenleving. Het beroep is dringend aan vernieuwing toe.
In de kennissamenleving wordt van leraren gevraagd dat ze zelf voortdurend blijven leren en hun kennis en creativiteit inzetten voor het arrangeren von moderne leeromgevingen voor leerlingen en studenten. Het leraarsberoep vereist een brede oriëntatie in kennisdomeinen en bekwaamheid in het ontwerpen van aantrekkelijke leerprocessen. Een voortdurende innovatieve beroepshouding is een vereiste voor een moderne beroepsuitoefening van het leraarschap. Het inzetten en benutten van moderne technologie en het herontwerpen von de schoolgebouwen tot moderne leercentra vraagt om duurzame overheidsinvesteringen.
Lerarenopleidingen zullen ingrijpend moeten worden vernieuwd. De tijd dat een leraar kan volstaan met een initiële opleiding, is voorbij. Levenslang leren is ook voor de leraar een vereiste. Leraren-opleidingen moeten in nauwe samenspraak met scholen aanvullende en hogere opleidingen voor leraren aanbieden. Het schoolmanagement moet er zorg voor dragen dat de hogere expertise von leraren ook daadwerkelijk in het onderwijs wordt ingezet. De expertise-ontwikkeling moet de school direct ten goede komen.
Prof. dr. Hubert W.A.M. Coonen (1951) was onder meer directeur van een lerarenopleiding en vice-voorzitter von de Onderwijsraad. Hij is bijzonder hoogleraar op de Fontys-leerstoel Innovatiemanagement aan de Open Universiteit Nederland. Daarnaast is hij decaan van de Faculteit Gedragswetenschappen van de Universiteit Twente en voorzitter van het Landelijk Platform voor de Beroepen in het Onderwijs.
In de kennissamenleving wordt van leraren gevraagd dat ze zelf voortdurend blijven leren en hun kennis en creativiteit inzetten voor het arrangeren von moderne leeromgevingen voor leerlingen en studenten. Het leraarsberoep vereist een brede oriëntatie in kennisdomeinen en bekwaamheid in het ontwerpen van aantrekkelijke leerprocessen. Een voortdurende innovatieve beroepshouding is een vereiste voor een moderne beroepsuitoefening van het leraarschap. Het inzetten en benutten van moderne technologie en het herontwerpen von de schoolgebouwen tot moderne leercentra vraagt om duurzame overheidsinvesteringen.
Lerarenopleidingen zullen ingrijpend moeten worden vernieuwd. De tijd dat een leraar kan volstaan met een initiële opleiding, is voorbij. Levenslang leren is ook voor de leraar een vereiste. Leraren-opleidingen moeten in nauwe samenspraak met scholen aanvullende en hogere opleidingen voor leraren aanbieden. Het schoolmanagement moet er zorg voor dragen dat de hogere expertise von leraren ook daadwerkelijk in het onderwijs wordt ingezet. De expertise-ontwikkeling moet de school direct ten goede komen.
Prof. dr. Hubert W.A.M. Coonen (1951) was onder meer directeur van een lerarenopleiding en vice-voorzitter von de Onderwijsraad. Hij is bijzonder hoogleraar op de Fontys-leerstoel Innovatiemanagement aan de Open Universiteit Nederland. Daarnaast is hij decaan van de Faculteit Gedragswetenschappen van de Universiteit Twente en voorzitter van het Landelijk Platform voor de Beroepen in het Onderwijs.
De leraar in de kennissamenleving. Beschouwingen over een nieuwe professionele identiteit van de leraar, de innovatie van de lerarenopleiding en het management van de onderwijsvernieuwing
€ 10,00
In dit boek wordt een pleidooi gehouden voor een discussie over de beroepsidentiteit van de leraar in een kennissamenleving. De functie von leraar heeft in de vorige eeuw kenmerken aangenomen van het industriële organisatieconcept in het onderwijs. Hierdoor heeft de functie van leraar sterke ambachtelijke en routinematige kenmerken gekregen die niet meer adequaat zijn voor het leren in de kennissamenleving. Het beroep is dringend aan vernieuwing toe.
In de kennissamenleving wordt van leraren gevraagd dat ze zelf voortdurend blijven leren en hun kennis en creativiteit inzetten voor het arrangeren von moderne leeromgevingen voor leerlingen en studenten. Het leraarsberoep vereist een brede oriëntatie in kennisdomeinen en bekwaamheid in het ontwerpen van aantrekkelijke leerprocessen. Een voortdurende innovatieve beroepshouding is een vereiste voor een moderne beroepsuitoefening van het leraarschap. Het inzetten en benutten van moderne technologie en het herontwerpen von de schoolgebouwen tot moderne leercentra vraagt om duurzame overheidsinvesteringen.
Lerarenopleidingen zullen ingrijpend moeten worden vernieuwd. De tijd dat een leraar kan volstaan met een initiële opleiding, is voorbij. Levenslang leren is ook voor de leraar een vereiste. Leraren-opleidingen moeten in nauwe samenspraak met scholen aanvullende en hogere opleidingen voor leraren aanbieden. Het schoolmanagement moet er zorg voor dragen dat de hogere expertise von leraren ook daadwerkelijk in het onderwijs wordt ingezet. De expertise-ontwikkeling moet de school direct ten goede komen.
Prof. dr. Hubert W.A.M. Coonen (1951) was onder meer directeur van een lerarenopleiding en vice-voorzitter von de Onderwijsraad. Hij is bijzonder hoogleraar op de Fontys-leerstoel Innovatiemanagement aan de Open Universiteit Nederland. Daarnaast is hij decaan van de Faculteit Gedragswetenschappen van de Universiteit Twente en voorzitter van het Landelijk Platform voor de Beroepen in het Onderwijs.
In de kennissamenleving wordt van leraren gevraagd dat ze zelf voortdurend blijven leren en hun kennis en creativiteit inzetten voor het arrangeren von moderne leeromgevingen voor leerlingen en studenten. Het leraarsberoep vereist een brede oriëntatie in kennisdomeinen en bekwaamheid in het ontwerpen van aantrekkelijke leerprocessen. Een voortdurende innovatieve beroepshouding is een vereiste voor een moderne beroepsuitoefening van het leraarschap. Het inzetten en benutten van moderne technologie en het herontwerpen von de schoolgebouwen tot moderne leercentra vraagt om duurzame overheidsinvesteringen.
Lerarenopleidingen zullen ingrijpend moeten worden vernieuwd. De tijd dat een leraar kan volstaan met een initiële opleiding, is voorbij. Levenslang leren is ook voor de leraar een vereiste. Leraren-opleidingen moeten in nauwe samenspraak met scholen aanvullende en hogere opleidingen voor leraren aanbieden. Het schoolmanagement moet er zorg voor dragen dat de hogere expertise von leraren ook daadwerkelijk in het onderwijs wordt ingezet. De expertise-ontwikkeling moet de school direct ten goede komen.
Prof. dr. Hubert W.A.M. Coonen (1951) was onder meer directeur van een lerarenopleiding en vice-voorzitter von de Onderwijsraad. Hij is bijzonder hoogleraar op de Fontys-leerstoel Innovatiemanagement aan de Open Universiteit Nederland. Daarnaast is hij decaan van de Faculteit Gedragswetenschappen van de Universiteit Twente en voorzitter van het Landelijk Platform voor de Beroepen in het Onderwijs.
Gezin en opvoeding. Weldadig en gewelddadig
€ 17,10
De laatste decennia heeft de gezinspedagogiek heel wat wetenschappelijke inzichten over zowel de opvoedingssituatie van kinderen in gezinnen, als ook over het ondersteunen van deze gezinnen bij de opvoedingstaak gegenereerd. De handboeken Gezinspedagogiek verschaffen een staalkaart van deze empirische kennis. Naast de feitelijkheden van de gezinsopvoeding, zijn er evenwel ook allerlei normatieve kwesties. Deze publicatie staat stil bij de waardenopties, morele over-wegingen en evaluatieve beschouwingen inzake gezin en opvoeding, die het strikt pedagogische overstijgen.
In de verschillende bijdragen reflecteren auteurs vanuit verschillende discplines — filosofie, ethiek, theologie, historische pedagogiek, fundamentele pedagogiek, onderwijspedagogiek, sociale agogiek — op de hedendaagse situatie van gezin en opvoeding. Een terugkerend thema is de (vruchtbare) spanning tussen de weldadigheid van het opgroeien in gezinnen en de (onvermijdelijke) gewelddadige aspecten van de relaties tussen ouders en kinderen.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen te Brussel.
Evelien Lombaert is wetenschappelijk medewerker bij de Vakgroep Onderwijskunde van de Universiteit Gent.
In de verschillende bijdragen reflecteren auteurs vanuit verschillende discplines — filosofie, ethiek, theologie, historische pedagogiek, fundamentele pedagogiek, onderwijspedagogiek, sociale agogiek — op de hedendaagse situatie van gezin en opvoeding. Een terugkerend thema is de (vruchtbare) spanning tussen de weldadigheid van het opgroeien in gezinnen en de (onvermijdelijke) gewelddadige aspecten van de relaties tussen ouders en kinderen.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen te Brussel.
Evelien Lombaert is wetenschappelijk medewerker bij de Vakgroep Onderwijskunde van de Universiteit Gent.
Gezin en opvoeding. Weldadig en gewelddadig
€ 17,10
De laatste decennia heeft de gezinspedagogiek heel wat wetenschappelijke inzichten over zowel de opvoedingssituatie van kinderen in gezinnen, als ook over het ondersteunen van deze gezinnen bij de opvoedingstaak gegenereerd. De handboeken Gezinspedagogiek verschaffen een staalkaart van deze empirische kennis. Naast de feitelijkheden van de gezinsopvoeding, zijn er evenwel ook allerlei normatieve kwesties. Deze publicatie staat stil bij de waardenopties, morele over-wegingen en evaluatieve beschouwingen inzake gezin en opvoeding, die het strikt pedagogische overstijgen.
In de verschillende bijdragen reflecteren auteurs vanuit verschillende discplines — filosofie, ethiek, theologie, historische pedagogiek, fundamentele pedagogiek, onderwijspedagogiek, sociale agogiek — op de hedendaagse situatie van gezin en opvoeding. Een terugkerend thema is de (vruchtbare) spanning tussen de weldadigheid van het opgroeien in gezinnen en de (onvermijdelijke) gewelddadige aspecten van de relaties tussen ouders en kinderen.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen te Brussel.
Evelien Lombaert is wetenschappelijk medewerker bij de Vakgroep Onderwijskunde van de Universiteit Gent.
In de verschillende bijdragen reflecteren auteurs vanuit verschillende discplines — filosofie, ethiek, theologie, historische pedagogiek, fundamentele pedagogiek, onderwijspedagogiek, sociale agogiek — op de hedendaagse situatie van gezin en opvoeding. Een terugkerend thema is de (vruchtbare) spanning tussen de weldadigheid van het opgroeien in gezinnen en de (onvermijdelijke) gewelddadige aspecten van de relaties tussen ouders en kinderen.
Hans Van Crombrugge doceert fundamentele pedagogiek en gezinspedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen te Brussel.
Evelien Lombaert is wetenschappelijk medewerker bij de Vakgroep Onderwijskunde van de Universiteit Gent.
Kennis ontrafeld. Vijftien hedendaagse filosofen over wetenschap, ethiek en metafysica
€ 16,90
Dit boek behandelt de opvattingen over kennis in het algemeen, en wetenschappelijke kennis in het bijzonder, van vijftien belangrijke 20ste-eeuwse filosofen. De figuren die aan bod komen zijn (in alfabetische volgorde): Gaston Bachelard, Rudolf Carnap, John Dewey, Pierre Duhem, Jürgen Habermas, Martin Heidegger, William James, Imre Lakatos, Ernst Mach, Otto Neurath, Charles S. Peirce, Henri Poincaré, Karl Popper, Moritz Schlick en Ludwig Wittgenstein. Het boek laat de lezer kennismaken met de kennistheoretische en wetenschapsfilosofische opvattingen van deze filosofen. Via deze weg wordt inzicht verschaft in de mogelijke antwoorden op een aantal vragen waarmee filosofen in de 20ste eeuw geworsteld hebben, zoals “Wat is het doel van wetenschap?”, “Wat is de betekenis van waarheid?”, “Wat zijn de grenzen van kennis?”, “Wat onderscheidt wetenschap van ethiek en metafysica?”, “In welke mate is kennis feilbaar?”, enz.
Erik Weber doceert wetenschapsfilosofie en hedendaagse wijsbegeerte aan de Universiteit Gent. Hij publiceerde over onderwerpen uit de algemene wetenschapsfilosofie en uit de filosofie van de sociale wetenschappen, de psychologie en de wiskunde. Zijn werk in deze domeinen bevat zowel logische analyses als methodologische en historische studies.
Erik Weber doceert wetenschapsfilosofie en hedendaagse wijsbegeerte aan de Universiteit Gent. Hij publiceerde over onderwerpen uit de algemene wetenschapsfilosofie en uit de filosofie van de sociale wetenschappen, de psychologie en de wiskunde. Zijn werk in deze domeinen bevat zowel logische analyses als methodologische en historische studies.
Kennis ontrafeld. Vijftien hedendaagse filosofen over wetenschap, ethiek en metafysica
€ 16,90
Dit boek behandelt de opvattingen over kennis in het algemeen, en wetenschappelijke kennis in het bijzonder, van vijftien belangrijke 20ste-eeuwse filosofen. De figuren die aan bod komen zijn (in alfabetische volgorde): Gaston Bachelard, Rudolf Carnap, John Dewey, Pierre Duhem, Jürgen Habermas, Martin Heidegger, William James, Imre Lakatos, Ernst Mach, Otto Neurath, Charles S. Peirce, Henri Poincaré, Karl Popper, Moritz Schlick en Ludwig Wittgenstein. Het boek laat de lezer kennismaken met de kennistheoretische en wetenschapsfilosofische opvattingen van deze filosofen. Via deze weg wordt inzicht verschaft in de mogelijke antwoorden op een aantal vragen waarmee filosofen in de 20ste eeuw geworsteld hebben, zoals “Wat is het doel van wetenschap?”, “Wat is de betekenis van waarheid?”, “Wat zijn de grenzen van kennis?”, “Wat onderscheidt wetenschap van ethiek en metafysica?”, “In welke mate is kennis feilbaar?”, enz.
Erik Weber doceert wetenschapsfilosofie en hedendaagse wijsbegeerte aan de Universiteit Gent. Hij publiceerde over onderwerpen uit de algemene wetenschapsfilosofie en uit de filosofie van de sociale wetenschappen, de psychologie en de wiskunde. Zijn werk in deze domeinen bevat zowel logische analyses als methodologische en historische studies.
Erik Weber doceert wetenschapsfilosofie en hedendaagse wijsbegeerte aan de Universiteit Gent. Hij publiceerde over onderwerpen uit de algemene wetenschapsfilosofie en uit de filosofie van de sociale wetenschappen, de psychologie en de wiskunde. Zijn werk in deze domeinen bevat zowel logische analyses als methodologische en historische studies.
Geen voorraad

De leraar als coach. Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 11)
€ 21,00
Het thema van dit boek roept vragen op als: Wat wil men met die coachende rol bereiken? Hogere prestaties? Meer welbevinden? Preventie van uitval? Een betere zorg voor leerlingen? Willen alle kinderen wel gecoacht worden? Vervangt coachen het instructie geven? Wil de leerling continu op zijn actieve leerhouding en verantwoordelijkheid worden aangesproken? Welke leeromgeving is dan nodig?
Allemaal vragen die Wim Meijer in het eerste hoofdstuk van dit boek aan de orde stelt. Er worden ook fundamentele vragen gesteld: Wat is uiteindelijk de relevantie van dit ''nieuwe leren''- ofwel ''sociaal constructivisme'' - en Heeft de onderwijs-wetenschap het nieuwe leren al wel wetenschappelijk onderbouwd met recente inzichten in leerprocessen?
Sociaal constructivisme in zijn meeste extreme vorm stelt dat kennis geworteld is in de persoonlijke ervaringen van individuen. Men veronderstelt dan dat kennis niet kan worden overgedragen, maar alleen door leerlingen kan worden geconstrueerd. Onderzoekers durven zelfs te stellen dat instructie effectiever en efficiënter is dan zelfontdekkend en zelfverantwoordelijk leren.
Om te voorkomen dat toekomstige generaties leerlingen worden blootgesteld aan slecht onderbouwde onderwijsexperimenten is het noodzakelijk dat de effecten van het nieuwe leren worden vergeleken met die van het gewone leren.
En wie kan dit onderzoek beter doen dan de leraar zelf? De leraar als ''practitioner researcher'', is een professional die bewust kennis over de eigen praktijk ontwikkelt. Door deze kennis bewust te gebruiken voor de continue aanpassing van die praktijk aan veranderende omstandigheden kan deze ook nadrukkelijk bijdragen aan wat wel/niet effectvol en moreel nuttig is. Wetenschappelijke verworvenheden en inzichten worden daarmee dienstbaar aan de verbetering van het onderwijs zoals dat dagelijks gegeven wordt.
In dit boek wordt een grote variëteit van werkwijzen en (praktijk)concepten in het brede veld van (speciaal) onderwijs gepresenteerd. Daaruit blijkt dat men naarstig op zoek is een goede verbinding te maken tussen''oud'' en ''nieuw''. Het is een unieke uitgave geworden waarin praktijkmensen gids willen zijn voor vernieuwende maar vooral verantwoorde onderwijsverbeteringen in het voortgezet onderwijs.
Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Allemaal vragen die Wim Meijer in het eerste hoofdstuk van dit boek aan de orde stelt. Er worden ook fundamentele vragen gesteld: Wat is uiteindelijk de relevantie van dit ''nieuwe leren''- ofwel ''sociaal constructivisme'' - en Heeft de onderwijs-wetenschap het nieuwe leren al wel wetenschappelijk onderbouwd met recente inzichten in leerprocessen?
Sociaal constructivisme in zijn meeste extreme vorm stelt dat kennis geworteld is in de persoonlijke ervaringen van individuen. Men veronderstelt dan dat kennis niet kan worden overgedragen, maar alleen door leerlingen kan worden geconstrueerd. Onderzoekers durven zelfs te stellen dat instructie effectiever en efficiënter is dan zelfontdekkend en zelfverantwoordelijk leren.
Om te voorkomen dat toekomstige generaties leerlingen worden blootgesteld aan slecht onderbouwde onderwijsexperimenten is het noodzakelijk dat de effecten van het nieuwe leren worden vergeleken met die van het gewone leren.
En wie kan dit onderzoek beter doen dan de leraar zelf? De leraar als ''practitioner researcher'', is een professional die bewust kennis over de eigen praktijk ontwikkelt. Door deze kennis bewust te gebruiken voor de continue aanpassing van die praktijk aan veranderende omstandigheden kan deze ook nadrukkelijk bijdragen aan wat wel/niet effectvol en moreel nuttig is. Wetenschappelijke verworvenheden en inzichten worden daarmee dienstbaar aan de verbetering van het onderwijs zoals dat dagelijks gegeven wordt.
In dit boek wordt een grote variëteit van werkwijzen en (praktijk)concepten in het brede veld van (speciaal) onderwijs gepresenteerd. Daaruit blijkt dat men naarstig op zoek is een goede verbinding te maken tussen''oud'' en ''nieuw''. Het is een unieke uitgave geworden waarin praktijkmensen gids willen zijn voor vernieuwende maar vooral verantwoorde onderwijsverbeteringen in het voortgezet onderwijs.
Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
- Nr. 1: Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs
- Nr. 2: Jongeren en grotestadsproblematiek
- Nr. 3: Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs 2
- Nr. 4: De moeilijke klas
- Nr. 5: Gedrag begrijpen
- Nr. 6: Integrale leerlingenzorg in het voortgezet onderwijs
- Nr. 7: Problemen in de taalontwikkeling
- Nr. 8: Problemen in de rekenontwikkeling
- Nr. 9: Het verhaal van de leraar
- Nr. 10: De leraar speciaal onderwijs als master
- <a href="http://www.maklu.be/Maklu
Geen voorraad

De leraar als coach. Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 11)
€ 21,00
Het thema van dit boek roept vragen op als: Wat wil men met die coachende rol bereiken? Hogere prestaties? Meer welbevinden? Preventie van uitval? Een betere zorg voor leerlingen? Willen alle kinderen wel gecoacht worden? Vervangt coachen het instructie geven? Wil de leerling continu op zijn actieve leerhouding en verantwoordelijkheid worden aangesproken? Welke leeromgeving is dan nodig?
Allemaal vragen die Wim Meijer in het eerste hoofdstuk van dit boek aan de orde stelt. Er worden ook fundamentele vragen gesteld: Wat is uiteindelijk de relevantie van dit ''nieuwe leren''- ofwel ''sociaal constructivisme'' - en Heeft de onderwijs-wetenschap het nieuwe leren al wel wetenschappelijk onderbouwd met recente inzichten in leerprocessen?
Sociaal constructivisme in zijn meeste extreme vorm stelt dat kennis geworteld is in de persoonlijke ervaringen van individuen. Men veronderstelt dan dat kennis niet kan worden overgedragen, maar alleen door leerlingen kan worden geconstrueerd. Onderzoekers durven zelfs te stellen dat instructie effectiever en efficiënter is dan zelfontdekkend en zelfverantwoordelijk leren.
Om te voorkomen dat toekomstige generaties leerlingen worden blootgesteld aan slecht onderbouwde onderwijsexperimenten is het noodzakelijk dat de effecten van het nieuwe leren worden vergeleken met die van het gewone leren.
En wie kan dit onderzoek beter doen dan de leraar zelf? De leraar als ''practitioner researcher'', is een professional die bewust kennis over de eigen praktijk ontwikkelt. Door deze kennis bewust te gebruiken voor de continue aanpassing van die praktijk aan veranderende omstandigheden kan deze ook nadrukkelijk bijdragen aan wat wel/niet effectvol en moreel nuttig is. Wetenschappelijke verworvenheden en inzichten worden daarmee dienstbaar aan de verbetering van het onderwijs zoals dat dagelijks gegeven wordt.
In dit boek wordt een grote variëteit van werkwijzen en (praktijk)concepten in het brede veld van (speciaal) onderwijs gepresenteerd. Daaruit blijkt dat men naarstig op zoek is een goede verbinding te maken tussen''oud'' en ''nieuw''. Het is een unieke uitgave geworden waarin praktijkmensen gids willen zijn voor vernieuwende maar vooral verantwoorde onderwijsverbeteringen in het voortgezet onderwijs.
Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Allemaal vragen die Wim Meijer in het eerste hoofdstuk van dit boek aan de orde stelt. Er worden ook fundamentele vragen gesteld: Wat is uiteindelijk de relevantie van dit ''nieuwe leren''- ofwel ''sociaal constructivisme'' - en Heeft de onderwijs-wetenschap het nieuwe leren al wel wetenschappelijk onderbouwd met recente inzichten in leerprocessen?
Sociaal constructivisme in zijn meeste extreme vorm stelt dat kennis geworteld is in de persoonlijke ervaringen van individuen. Men veronderstelt dan dat kennis niet kan worden overgedragen, maar alleen door leerlingen kan worden geconstrueerd. Onderzoekers durven zelfs te stellen dat instructie effectiever en efficiënter is dan zelfontdekkend en zelfverantwoordelijk leren.
Om te voorkomen dat toekomstige generaties leerlingen worden blootgesteld aan slecht onderbouwde onderwijsexperimenten is het noodzakelijk dat de effecten van het nieuwe leren worden vergeleken met die van het gewone leren.
En wie kan dit onderzoek beter doen dan de leraar zelf? De leraar als ''practitioner researcher'', is een professional die bewust kennis over de eigen praktijk ontwikkelt. Door deze kennis bewust te gebruiken voor de continue aanpassing van die praktijk aan veranderende omstandigheden kan deze ook nadrukkelijk bijdragen aan wat wel/niet effectvol en moreel nuttig is. Wetenschappelijke verworvenheden en inzichten worden daarmee dienstbaar aan de verbetering van het onderwijs zoals dat dagelijks gegeven wordt.
In dit boek wordt een grote variëteit van werkwijzen en (praktijk)concepten in het brede veld van (speciaal) onderwijs gepresenteerd. Daaruit blijkt dat men naarstig op zoek is een goede verbinding te maken tussen''oud'' en ''nieuw''. Het is een unieke uitgave geworden waarin praktijkmensen gids willen zijn voor vernieuwende maar vooral verantwoorde onderwijsverbeteringen in het voortgezet onderwijs.
Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
- Nr. 1: Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs
- Nr. 2: Jongeren en grotestadsproblematiek
- Nr. 3: Speciale onderwijszorg in het voortgezet onderwijs 2
- Nr. 4: De moeilijke klas
- Nr. 5: Gedrag begrijpen
- Nr. 6: Integrale leerlingenzorg in het voortgezet onderwijs
- Nr. 7: Problemen in de taalontwikkeling
- Nr. 8: Problemen in de rekenontwikkeling
- Nr. 9: Het verhaal van de leraar
- Nr. 10: De leraar speciaal onderwijs als master
- <a href="http://www.maklu.be/Maklu
Communicatie en coaching in het onderwijs. Investeren in de leraar en in de leerling (Windesheim OSO-Boeken, nr. 4)
€ 12,00
De ondertitel van deze publicatie is Investeren in de leraar en in de leerling. Lezers worden uitgenodigd de communicatie in de klas door hun eigen mentale bril te bekijken. Zij kunnen vervolgens beter beslissen hoe de afstemming en de participatie met de groep of de individuele leerling het best kan gebeuren.
Net zoals een coach werkt aan de vertrouwensrelatie in dialoog met zijn cliënt, werkt de "nieuwe" leraar aan de relatie met zijn leerlingen en neemt daartoe initiatief. Deze investering doet de communicatie met de groep of de leerling vaak beter verlopen. In alle veranderingen die in het onderwijs gaande zijn, is communicatie van het grootste belang.
Alle artikelen dragen bij aan bewustwording van eigenschappen van de competente leraar. De scholen liggen geplaveid met goede leraren en goede ideeën. Deze zorgen voor veranderend perspectief. Zij zijn nieuwsgierig en gefascineerd.
Investeren in communicatie is professionalisering op basis van deze nieuwsgierigheid en fascinatie.
Net zoals een coach werkt aan de vertrouwensrelatie in dialoog met zijn cliënt, werkt de "nieuwe" leraar aan de relatie met zijn leerlingen en neemt daartoe initiatief. Deze investering doet de communicatie met de groep of de leerling vaak beter verlopen. In alle veranderingen die in het onderwijs gaande zijn, is communicatie van het grootste belang.
Alle artikelen dragen bij aan bewustwording van eigenschappen van de competente leraar. De scholen liggen geplaveid met goede leraren en goede ideeën. Deze zorgen voor veranderend perspectief. Zij zijn nieuwsgierig en gefascineerd.
Investeren in communicatie is professionalisering op basis van deze nieuwsgierigheid en fascinatie.
Communicatie en coaching in het onderwijs. Investeren in de leraar en in de leerling (Windesheim OSO-Boeken, nr. 4)
€ 12,00
De ondertitel van deze publicatie is Investeren in de leraar en in de leerling. Lezers worden uitgenodigd de communicatie in de klas door hun eigen mentale bril te bekijken. Zij kunnen vervolgens beter beslissen hoe de afstemming en de participatie met de groep of de individuele leerling het best kan gebeuren.
Net zoals een coach werkt aan de vertrouwensrelatie in dialoog met zijn cliënt, werkt de "nieuwe" leraar aan de relatie met zijn leerlingen en neemt daartoe initiatief. Deze investering doet de communicatie met de groep of de leerling vaak beter verlopen. In alle veranderingen die in het onderwijs gaande zijn, is communicatie van het grootste belang.
Alle artikelen dragen bij aan bewustwording van eigenschappen van de competente leraar. De scholen liggen geplaveid met goede leraren en goede ideeën. Deze zorgen voor veranderend perspectief. Zij zijn nieuwsgierig en gefascineerd.
Investeren in communicatie is professionalisering op basis van deze nieuwsgierigheid en fascinatie.
Net zoals een coach werkt aan de vertrouwensrelatie in dialoog met zijn cliënt, werkt de "nieuwe" leraar aan de relatie met zijn leerlingen en neemt daartoe initiatief. Deze investering doet de communicatie met de groep of de leerling vaak beter verlopen. In alle veranderingen die in het onderwijs gaande zijn, is communicatie van het grootste belang.
Alle artikelen dragen bij aan bewustwording van eigenschappen van de competente leraar. De scholen liggen geplaveid met goede leraren en goede ideeën. Deze zorgen voor veranderend perspectief. Zij zijn nieuwsgierig en gefascineerd.
Investeren in communicatie is professionalisering op basis van deze nieuwsgierigheid en fascinatie.
What everyone should know about the Qur’an (Reeks WATA-Publications, n° 1)
€ 17,90
What Everyone Should Know About the Qur''an is an essential book for everyone wanting to know about the Holy Qur''an. It does not require any previous knowledge of the subject it, however, deals with historical and Qur''anic issues of extreme importance not only because the Qur''an is the Holy Book of over a billion Muslims, but also as it is considered the living miracle of Islam, as well. It is by all means the only miracle in existence in comparison to all other religions.
One of the main concerns of this book is the controversial history of the collection of the Qur''an, not ignoring some linguistic points that are of interest to any reader who wants to know about the Qur''an but does not know where to start. This work paves the way for any reader who wishes to study the Qur''an in any degree of depth.
In addition to discussing the stages of the Qur''an''s revelation, memorisation, writing, etc. this publication goes on to investigate jam''al-Qur''an, i.e., the collection of the Qur''an and its putting together in the form of a Book, in all its stages, as well as its preservation until the present day posing a challenge to all people of intellect.
One of the main concerns of this book is the controversial history of the collection of the Qur''an, not ignoring some linguistic points that are of interest to any reader who wants to know about the Qur''an but does not know where to start. This work paves the way for any reader who wishes to study the Qur''an in any degree of depth.
In addition to discussing the stages of the Qur''an''s revelation, memorisation, writing, etc. this publication goes on to investigate jam''al-Qur''an, i.e., the collection of the Qur''an and its putting together in the form of a Book, in all its stages, as well as its preservation until the present day posing a challenge to all people of intellect.
What everyone should know about the Qur’an (Reeks WATA-Publications, n° 1)
€ 17,90
What Everyone Should Know About the Qur''an is an essential book for everyone wanting to know about the Holy Qur''an. It does not require any previous knowledge of the subject it, however, deals with historical and Qur''anic issues of extreme importance not only because the Qur''an is the Holy Book of over a billion Muslims, but also as it is considered the living miracle of Islam, as well. It is by all means the only miracle in existence in comparison to all other religions.
One of the main concerns of this book is the controversial history of the collection of the Qur''an, not ignoring some linguistic points that are of interest to any reader who wants to know about the Qur''an but does not know where to start. This work paves the way for any reader who wishes to study the Qur''an in any degree of depth.
In addition to discussing the stages of the Qur''an''s revelation, memorisation, writing, etc. this publication goes on to investigate jam''al-Qur''an, i.e., the collection of the Qur''an and its putting together in the form of a Book, in all its stages, as well as its preservation until the present day posing a challenge to all people of intellect.
One of the main concerns of this book is the controversial history of the collection of the Qur''an, not ignoring some linguistic points that are of interest to any reader who wants to know about the Qur''an but does not know where to start. This work paves the way for any reader who wishes to study the Qur''an in any degree of depth.
In addition to discussing the stages of the Qur''an''s revelation, memorisation, writing, etc. this publication goes on to investigate jam''al-Qur''an, i.e., the collection of the Qur''an and its putting together in the form of a Book, in all its stages, as well as its preservation until the present day posing a challenge to all people of intellect.
Geen voorraad

Geen voorraad

Geen voorraad

Beleidsvoerend vermogen van scholen ontwikkelen. Een verkenning
€ 27,90
Scholen verschillen sterk van elkaar, ook in hun vermogen om zelf beleid te voeren.
De overtuiging groeit dat alle scholen hun beleidsvoerend vermogen verder moeten ontwikkelen. Zodat zij kunnen omgaan met een grotere autonomie, met een turbulente schoolomgeving en met de toenemende vraag naar verantwoording.
Academici en praktijkdeskundigen wisselden inzichten en ervaringen uit over het beleidsvoerend vermogen van scholen.
Wat houdt het concreet in?
Welk doel moet het dienen?
Hebben scholen beleidsvoerend vermogen echt nodig?
Waarom slagen sommige scholen er beter in om goede beleidskeuzes te maken en uit te voeren, terwijl andere teruggrijpen naar regels en procedures?
In deze probleemverkenning achterhalen we wat de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen van scholen stimuleert of net afremt. Welke rol spelen interne aspecten zoals schoolleiding en -bestuur, communicatie, participatie, kwaliteitszorg of deskundigheidsbevordering?
En welke invloed hebben externe factoren zoals het overheidsbeleid en de controle, de opleiding en ondersteuning van schoolteams, het personeelsbeleid en de netwerking tussen scholen op de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen?
Dit boek bevat twaalf bijdragen van deskundigen over het thema. Een synthesetekst bundelt verschillende van hun inzichten en de conclusies van debatten met ervaringsdeskundigen. De synthese eindigt met concrete aanwijzingen over hoe je beleidsvoerend vermogen kan ontwikkelen.
Academici en praktijkdeskundigen wisselden inzichten en ervaringen uit over het beleidsvoerend vermogen van scholen.
Wat houdt het concreet in?
Welk doel moet het dienen?
Hebben scholen beleidsvoerend vermogen echt nodig?
Waarom slagen sommige scholen er beter in om goede beleidskeuzes te maken en uit te voeren, terwijl andere teruggrijpen naar regels en procedures?
In deze probleemverkenning achterhalen we wat de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen van scholen stimuleert of net afremt. Welke rol spelen interne aspecten zoals schoolleiding en -bestuur, communicatie, participatie, kwaliteitszorg of deskundigheidsbevordering?
En welke invloed hebben externe factoren zoals het overheidsbeleid en de controle, de opleiding en ondersteuning van schoolteams, het personeelsbeleid en de netwerking tussen scholen op de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen?
Dit boek bevat twaalf bijdragen van deskundigen over het thema. Een synthesetekst bundelt verschillende van hun inzichten en de conclusies van debatten met ervaringsdeskundigen. De synthese eindigt met concrete aanwijzingen over hoe je beleidsvoerend vermogen kan ontwikkelen.
Beleidsvoerend vermogen van scholen ontwikkelen. Een verkenning
€ 27,90
Scholen verschillen sterk van elkaar, ook in hun vermogen om zelf beleid te voeren.
De overtuiging groeit dat alle scholen hun beleidsvoerend vermogen verder moeten ontwikkelen. Zodat zij kunnen omgaan met een grotere autonomie, met een turbulente schoolomgeving en met de toenemende vraag naar verantwoording.
Academici en praktijkdeskundigen wisselden inzichten en ervaringen uit over het beleidsvoerend vermogen van scholen.
Wat houdt het concreet in?
Welk doel moet het dienen?
Hebben scholen beleidsvoerend vermogen echt nodig?
Waarom slagen sommige scholen er beter in om goede beleidskeuzes te maken en uit te voeren, terwijl andere teruggrijpen naar regels en procedures?
In deze probleemverkenning achterhalen we wat de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen van scholen stimuleert of net afremt. Welke rol spelen interne aspecten zoals schoolleiding en -bestuur, communicatie, participatie, kwaliteitszorg of deskundigheidsbevordering?
En welke invloed hebben externe factoren zoals het overheidsbeleid en de controle, de opleiding en ondersteuning van schoolteams, het personeelsbeleid en de netwerking tussen scholen op de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen?
Dit boek bevat twaalf bijdragen van deskundigen over het thema. Een synthesetekst bundelt verschillende van hun inzichten en de conclusies van debatten met ervaringsdeskundigen. De synthese eindigt met concrete aanwijzingen over hoe je beleidsvoerend vermogen kan ontwikkelen.
Academici en praktijkdeskundigen wisselden inzichten en ervaringen uit over het beleidsvoerend vermogen van scholen.
Wat houdt het concreet in?
Welk doel moet het dienen?
Hebben scholen beleidsvoerend vermogen echt nodig?
Waarom slagen sommige scholen er beter in om goede beleidskeuzes te maken en uit te voeren, terwijl andere teruggrijpen naar regels en procedures?
In deze probleemverkenning achterhalen we wat de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen van scholen stimuleert of net afremt. Welke rol spelen interne aspecten zoals schoolleiding en -bestuur, communicatie, participatie, kwaliteitszorg of deskundigheidsbevordering?
En welke invloed hebben externe factoren zoals het overheidsbeleid en de controle, de opleiding en ondersteuning van schoolteams, het personeelsbeleid en de netwerking tussen scholen op de ontwikkeling van beleidsvoerend vermogen?
Dit boek bevat twaalf bijdragen van deskundigen over het thema. Een synthesetekst bundelt verschillende van hun inzichten en de conclusies van debatten met ervaringsdeskundigen. De synthese eindigt met concrete aanwijzingen over hoe je beleidsvoerend vermogen kan ontwikkelen.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking – Wereldoriëntatie – Leerlingenmap (set 5 ex.)
€ 29,20
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert. DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie - Leerlingenmap . Ze bevat de blanco antwoordformulieren voor de genormeerde en de valide toetsen. Verder zijn de portfolio''s, observatie- en attitudelijsten voor de verschillende leerdomeinen erin opgenomen.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie - Leerlingenmap . Ze bevat de blanco antwoordformulieren voor de genormeerde en de valide toetsen. Verder zijn de portfolio''s, observatie- en attitudelijsten voor de verschillende leerdomeinen erin opgenomen.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking – Wereldoriëntatie – Leerlingenmap (set 5 ex.)
€ 29,20
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert. DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie - Leerlingenmap . Ze bevat de blanco antwoordformulieren voor de genormeerde en de valide toetsen. Verder zijn de portfolio''s, observatie- en attitudelijsten voor de verschillende leerdomeinen erin opgenomen.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie - Leerlingenmap . Ze bevat de blanco antwoordformulieren voor de genormeerde en de valide toetsen. Verder zijn de portfolio''s, observatie- en attitudelijsten voor de verschillende leerdomeinen erin opgenomen.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking – Wereldoriëntatie – Deel 3: Evaluatie- en beoordelingsschema’s – Leerkrachtenmap
€ 31,90
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 3: Evaluatie- en beoordelingsschema''s — Leerkrachtenmap. Dit deel bevat de correctiesleutels van de genormeerde en valide toetsen. Daarnaast zijn alle evaluatie- en beoordelingsschema''s erin opgenomen.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 3: Evaluatie- en beoordelingsschema''s — Leerkrachtenmap. Dit deel bevat de correctiesleutels van de genormeerde en valide toetsen. Daarnaast zijn alle evaluatie- en beoordelingsschema''s erin opgenomen.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking – Wereldoriëntatie – Deel 3: Evaluatie- en beoordelingsschema’s – Leerkrachtenmap
€ 31,90
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 3: Evaluatie- en beoordelingsschema''s — Leerkrachtenmap. Dit deel bevat de correctiesleutels van de genormeerde en valide toetsen. Daarnaast zijn alle evaluatie- en beoordelingsschema''s erin opgenomen.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 3: Evaluatie- en beoordelingsschema''s — Leerkrachtenmap. Dit deel bevat de correctiesleutels van de genormeerde en valide toetsen. Daarnaast zijn alle evaluatie- en beoordelingsschema''s erin opgenomen.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking – Wereldoriëntatie – Deel 2: Handleiding voor de genormeerde toetsen
€ 27,00
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 2: Handleiding voor de genormeerde toetsen. Dit deel geeft meer uitleg over de afname, de correctie en de verwerking van de genormeerde toetsen voor wereldoriëntatie.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 2: Handleiding voor de genormeerde toetsen. Dit deel geeft meer uitleg over de afname, de correctie en de verwerking van de genormeerde toetsen voor wereldoriëntatie.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking – Wereldoriëntatie – Deel 2: Handleiding voor de genormeerde toetsen
€ 27,00
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 2: Handleiding voor de genormeerde toetsen. Dit deel geeft meer uitleg over de afname, de correctie en de verwerking van de genormeerde toetsen voor wereldoriëntatie.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 2: Handleiding voor de genormeerde toetsen. Dit deel geeft meer uitleg over de afname, de correctie en de verwerking van de genormeerde toetsen voor wereldoriëntatie.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking: Wereldoriëntatie – Deel 1: Handleiding voor de evaluatie van de eindtermen. Ideeën voor het schoolteam en de klasleerkracht
€ 23,90
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 1: Handleiding voor de evaluatie van de eindtermen — Ideeën voor het schoolteam en de leerkracht. Dit deel geeft meer uitleg over de eindtermen voor natuur, technologie, mens, maatschappij, tijd en ruimte en over de instrumenten om deze eindtermen te evalueren. Het is tevens een handleiding voor het gebruik van de evaluatie- en beoordelingsschema''s en de leerlingenmap.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 1: Handleiding voor de evaluatie van de eindtermen — Ideeën voor het schoolteam en de leerkracht. Dit deel geeft meer uitleg over de eindtermen voor natuur, technologie, mens, maatschappij, tijd en ruimte en over de instrumenten om deze eindtermen te evalueren. Het is tevens een handleiding voor het gebruik van de evaluatie- en beoordelingsschema''s en de leerlingenmap.

DOK – Dossier Output & Kwaliteitsbewaking: Wereldoriëntatie – Deel 1: Handleiding voor de evaluatie van de eindtermen. Ideeën voor het schoolteam en de klasleerkracht
€ 23,90
WOTO — Werkgroep Output en Toetsontwikkeling — ontwikkelt een instrumentarium voor het Basisonderwijs waarmee schoolteams de output en de kwaliteit van hun onderwijs kunnen verantwoorden. Met DOK — Dossier Output en Kwaliteitsbewaking — kan de school nagaan of ze de ontwikkelingsdoelen voldoende nastreeft, of de leerlingen de eindtermen bereiken en in welke mate de kwaliteit van het onderwijs verbetert.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 1: Handleiding voor de evaluatie van de eindtermen — Ideeën voor het schoolteam en de leerkracht. Dit deel geeft meer uitleg over de eindtermen voor natuur, technologie, mens, maatschappij, tijd en ruimte en over de instrumenten om deze eindtermen te evalueren. Het is tevens een handleiding voor het gebruik van de evaluatie- en beoordelingsschema''s en de leerlingenmap.
DOK bevat onder meer genormeerde toetsen voor eindtermen die zich daartoe lenen en andere evaluatie-instrumenten voor eindtermen die veeleer kwalitatief zijn.
Per leergebied worden handleidingen, evaluatie- en beoordelingsschema''s, een leerlingenmap en toetsboeken aangeboden, zodat de school meteen aan de slag kan.
Deze deelpublicatie van DOK is Wereldoriëntatie — Deel 1: Handleiding voor de evaluatie van de eindtermen — Ideeën voor het schoolteam en de leerkracht. Dit deel geeft meer uitleg over de eindtermen voor natuur, technologie, mens, maatschappij, tijd en ruimte en over de instrumenten om deze eindtermen te evalueren. Het is tevens een handleiding voor het gebruik van de evaluatie- en beoordelingsschema''s en de leerlingenmap.
Hoe vrij is de markt zonder (spirituele) grenzen ?
€ 15,90
Het begin van de 21ste eeuw is getekend door een golf van terreur. Het versplintert het ooit gewaande westerse veiligheidsgevoel en het genereert angst. Een nieuwe angst die anderzijds bevestigd wordt door een totaal andere bedreiging: de nabije overstroming van de aarde en haar rijkdommen. Alarmerende milieurapporten volgen elkaar in ijltempo op. Verdragen als Kyoto, afspraken als de Copenhagen akkoorden, conferenties rond Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen `bevelen'' dat we de onomkeerbare destructie van de aarde moeten stoppen. Maar wie zijn `wij'' en wie neemt hier het gezag het roer van het wereldschip 180° te keren?
Was er begin jaren `70 een eerste golf van milieubewustzijn waar te nemen, nu zijn we inmiddels aan een volgende reflectie toe, een reflectie over de vergaande effecten van de economische voortgang. Op dit moment lijkt er geen alternatief te bestaan voor het kapitalistische economisch model. Alternatieve modellen zoals de planeconomie of de coöperatieve economie zijn van het toneel verdwenen of schuiven in de richting van het kapitalistische model (China). Maar het objectief van eeuwige economische groei lijkt wegens zijn rampzalige ecologische voetafdruk niet veralgemeenbaar voor de hele wereld. Zeker niet wanneer we bedenken dat de explosieve groei-economieën China en India gelijkaardige consumptiepatronen beginnen te vertonen als het westen met alle gevolgen vandien. Is er een alternatief denkbaar?
Ethische en ecologische reflecties zijn aan een verdere verdieping toe met vragen als: hoe willen we leven, nu en straks? Hoe moet het bedrijfsleven er dan uit zien? Wie heeft wel en wie geen toegang tot kennis, industrie en welvaart? En in welke verhouding staat dat alles tot het algemeen welzijn, tot menselijk geluk?
Suzan Langenberg en Wim Vandekerckhove zijn bestuurslid van het Vlaams Netwerk voor Zakenethiek en zijn beide actief in zowel het praktische als academische pleidooi voor een kritisch-ethische benadering van het onder-nemen `tout court'.
Ethische en ecologische reflecties zijn aan een verdere verdieping toe met vragen als: hoe willen we leven, nu en straks? Hoe moet het bedrijfsleven er dan uit zien? Wie heeft wel en wie geen toegang tot kennis, industrie en welvaart? En in welke verhouding staat dat alles tot het algemeen welzijn, tot menselijk geluk?
Suzan Langenberg en Wim Vandekerckhove zijn bestuurslid van het Vlaams Netwerk voor Zakenethiek en zijn beide actief in zowel het praktische als academische pleidooi voor een kritisch-ethische benadering van het onder-nemen `tout court'.
Hoe vrij is de markt zonder (spirituele) grenzen ?
€ 15,90
Het begin van de 21ste eeuw is getekend door een golf van terreur. Het versplintert het ooit gewaande westerse veiligheidsgevoel en het genereert angst. Een nieuwe angst die anderzijds bevestigd wordt door een totaal andere bedreiging: de nabije overstroming van de aarde en haar rijkdommen. Alarmerende milieurapporten volgen elkaar in ijltempo op. Verdragen als Kyoto, afspraken als de Copenhagen akkoorden, conferenties rond Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen `bevelen'' dat we de onomkeerbare destructie van de aarde moeten stoppen. Maar wie zijn `wij'' en wie neemt hier het gezag het roer van het wereldschip 180° te keren?
Was er begin jaren `70 een eerste golf van milieubewustzijn waar te nemen, nu zijn we inmiddels aan een volgende reflectie toe, een reflectie over de vergaande effecten van de economische voortgang. Op dit moment lijkt er geen alternatief te bestaan voor het kapitalistische economisch model. Alternatieve modellen zoals de planeconomie of de coöperatieve economie zijn van het toneel verdwenen of schuiven in de richting van het kapitalistische model (China). Maar het objectief van eeuwige economische groei lijkt wegens zijn rampzalige ecologische voetafdruk niet veralgemeenbaar voor de hele wereld. Zeker niet wanneer we bedenken dat de explosieve groei-economieën China en India gelijkaardige consumptiepatronen beginnen te vertonen als het westen met alle gevolgen vandien. Is er een alternatief denkbaar?
Ethische en ecologische reflecties zijn aan een verdere verdieping toe met vragen als: hoe willen we leven, nu en straks? Hoe moet het bedrijfsleven er dan uit zien? Wie heeft wel en wie geen toegang tot kennis, industrie en welvaart? En in welke verhouding staat dat alles tot het algemeen welzijn, tot menselijk geluk?
Suzan Langenberg en Wim Vandekerckhove zijn bestuurslid van het Vlaams Netwerk voor Zakenethiek en zijn beide actief in zowel het praktische als academische pleidooi voor een kritisch-ethische benadering van het onder-nemen `tout court'.
Ethische en ecologische reflecties zijn aan een verdere verdieping toe met vragen als: hoe willen we leven, nu en straks? Hoe moet het bedrijfsleven er dan uit zien? Wie heeft wel en wie geen toegang tot kennis, industrie en welvaart? En in welke verhouding staat dat alles tot het algemeen welzijn, tot menselijk geluk?
Suzan Langenberg en Wim Vandekerckhove zijn bestuurslid van het Vlaams Netwerk voor Zakenethiek en zijn beide actief in zowel het praktische als academische pleidooi voor een kritisch-ethische benadering van het onder-nemen `tout court'.
Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?
€ 20,50
mirtazapine buy online
buy mirtazapineVanuit verschillende invalshoeken belichten de auteurs de wetenschappelijke status van de psychiatrie: vanuit de biologische psychiatrie, en Marc De Kese vanuit de filosofie, Jim vanuit de psychiatrische epidemiologie, Hubert Van E en vanuit de psychoanalytische praktijk en Mooij vanuit een filosofisch dualisme. De meeste auteurs pleiten voor een integratie van de uiteenlopende standpunten en anderen wijzen die mogelijkheid ronduit af. Volgens deze laatste groep is de wetenschap niet bij machte de eenheid van het verschijnsel mens te denken en herbergt het mens zijn zelf een gespletenheid die het mogelijk maakt om mens te zijn.
De bijdragen getuigen van een grote interesse in het onderwerp ''Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?'' Eerder wordt het interessegebied geproblematiseerd dan dat er pasklare blauwdrukken van een wetenschappelijke psychiatrie worden geleverd. Doordat de lichaam-geest problematiek in alle bijdragen in mindere of meerdere mate aan de orde komt, wordt aansluiting gevonden bij een thema dat opnieuw actueel is.
Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?
€ 20,50
mirtazapine buy online
buy mirtazapineVanuit verschillende invalshoeken belichten de auteurs de wetenschappelijke status van de psychiatrie: vanuit de biologische psychiatrie, en Marc De Kese vanuit de filosofie, Jim vanuit de psychiatrische epidemiologie, Hubert Van E en vanuit de psychoanalytische praktijk en Mooij vanuit een filosofisch dualisme. De meeste auteurs pleiten voor een integratie van de uiteenlopende standpunten en anderen wijzen die mogelijkheid ronduit af. Volgens deze laatste groep is de wetenschap niet bij machte de eenheid van het verschijnsel mens te denken en herbergt het mens zijn zelf een gespletenheid die het mogelijk maakt om mens te zijn.
De bijdragen getuigen van een grote interesse in het onderwerp ''Hoe wetenschappelijk is de psychiatrie?'' Eerder wordt het interessegebied geproblematiseerd dan dat er pasklare blauwdrukken van een wetenschappelijke psychiatrie worden geleverd. Doordat de lichaam-geest problematiek in alle bijdragen in mindere of meerdere mate aan de orde komt, wordt aansluiting gevonden bij een thema dat opnieuw actueel is.
Minister Dixit. Een geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid
€ 19,90
Cultuur en beleid: het heeft iets van een verstandshuwelijk. De ene partner: cultuur, altijd om geld verlegen maar bedacht voor inmenging van bovenaf. De andere partner: de beleidsmaker, houdt bij het inzetten van middelen steeds zijn eigen visie op de samenleving voor ogen. Sinds de culturele autonomie is het cultuurbeleid een Vlaams huwelijk geworden.
Dit boek beschrijft hoe in het pas ontvoogde Vlaanderen de klemtoon kwam te liggen op de uitbouw van een sociaal-cultureel netwerk. De jaren ''80 brachten daarna samen met een gestegen zelfbewustzijn een cultuurbeleid dat in het teken van de kunsten stond. Momenteel zien we hoe beide bewegingen moeizaam naar elkaar toe groeien.
Moet gesubsidieerde kunst maatschappelijk relevant zijn? Moet de overheid consument of eerder producent georiënteerd zijn? Hoe verhoudt de overheid zich ten aanzien van de markt? Moet cultuur een dam opwerpen tegen de ''verzuring''? Hoe Vlaams is het Vlaamse cultuurbeleid? De auteur gaat na welke de visies waren van de opeenvolgende ministers m.b.t. deze en andere thema''s. Het boek brengt voor het eerst een globale geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, waardoor het actuele cultuurdebat in een historische context komt te staan.
Wim De Pauw is verbonden aan de opleiding 'sociale en culturele agogiek' aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij publiceerde onder meer over het Vlaamse en Brusselse podiumkunstenbeleid. Momenteel bereidt hij een proefschrift voor over vernieuwing binnen het Vlaamse cultuurbeleid.
Dit boek beschrijft hoe in het pas ontvoogde Vlaanderen de klemtoon kwam te liggen op de uitbouw van een sociaal-cultureel netwerk. De jaren ''80 brachten daarna samen met een gestegen zelfbewustzijn een cultuurbeleid dat in het teken van de kunsten stond. Momenteel zien we hoe beide bewegingen moeizaam naar elkaar toe groeien.
Moet gesubsidieerde kunst maatschappelijk relevant zijn? Moet de overheid consument of eerder producent georiënteerd zijn? Hoe verhoudt de overheid zich ten aanzien van de markt? Moet cultuur een dam opwerpen tegen de ''verzuring''? Hoe Vlaams is het Vlaamse cultuurbeleid? De auteur gaat na welke de visies waren van de opeenvolgende ministers m.b.t. deze en andere thema''s. Het boek brengt voor het eerst een globale geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, waardoor het actuele cultuurdebat in een historische context komt te staan.
Wim De Pauw is verbonden aan de opleiding 'sociale en culturele agogiek' aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij publiceerde onder meer over het Vlaamse en Brusselse podiumkunstenbeleid. Momenteel bereidt hij een proefschrift voor over vernieuwing binnen het Vlaamse cultuurbeleid.
Minister Dixit. Een geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid
€ 19,90
Cultuur en beleid: het heeft iets van een verstandshuwelijk. De ene partner: cultuur, altijd om geld verlegen maar bedacht voor inmenging van bovenaf. De andere partner: de beleidsmaker, houdt bij het inzetten van middelen steeds zijn eigen visie op de samenleving voor ogen. Sinds de culturele autonomie is het cultuurbeleid een Vlaams huwelijk geworden.
Dit boek beschrijft hoe in het pas ontvoogde Vlaanderen de klemtoon kwam te liggen op de uitbouw van een sociaal-cultureel netwerk. De jaren ''80 brachten daarna samen met een gestegen zelfbewustzijn een cultuurbeleid dat in het teken van de kunsten stond. Momenteel zien we hoe beide bewegingen moeizaam naar elkaar toe groeien.
Moet gesubsidieerde kunst maatschappelijk relevant zijn? Moet de overheid consument of eerder producent georiënteerd zijn? Hoe verhoudt de overheid zich ten aanzien van de markt? Moet cultuur een dam opwerpen tegen de ''verzuring''? Hoe Vlaams is het Vlaamse cultuurbeleid? De auteur gaat na welke de visies waren van de opeenvolgende ministers m.b.t. deze en andere thema''s. Het boek brengt voor het eerst een globale geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, waardoor het actuele cultuurdebat in een historische context komt te staan.
Wim De Pauw is verbonden aan de opleiding 'sociale en culturele agogiek' aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij publiceerde onder meer over het Vlaamse en Brusselse podiumkunstenbeleid. Momenteel bereidt hij een proefschrift voor over vernieuwing binnen het Vlaamse cultuurbeleid.
Dit boek beschrijft hoe in het pas ontvoogde Vlaanderen de klemtoon kwam te liggen op de uitbouw van een sociaal-cultureel netwerk. De jaren ''80 brachten daarna samen met een gestegen zelfbewustzijn een cultuurbeleid dat in het teken van de kunsten stond. Momenteel zien we hoe beide bewegingen moeizaam naar elkaar toe groeien.
Moet gesubsidieerde kunst maatschappelijk relevant zijn? Moet de overheid consument of eerder producent georiënteerd zijn? Hoe verhoudt de overheid zich ten aanzien van de markt? Moet cultuur een dam opwerpen tegen de ''verzuring''? Hoe Vlaams is het Vlaamse cultuurbeleid? De auteur gaat na welke de visies waren van de opeenvolgende ministers m.b.t. deze en andere thema''s. Het boek brengt voor het eerst een globale geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, waardoor het actuele cultuurdebat in een historische context komt te staan.
Wim De Pauw is verbonden aan de opleiding 'sociale en culturele agogiek' aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij publiceerde onder meer over het Vlaamse en Brusselse podiumkunstenbeleid. Momenteel bereidt hij een proefschrift voor over vernieuwing binnen het Vlaamse cultuurbeleid.
Eed van Hippokrates. Historische beschouwingen inzake de opdracht en de begrenzingen van het medisch handelen
€ 24,90
Zwangerschapsbegeleiding, voortplantingsgeneeskunde, orgaantransplantatie, behandeling van terminale patiënten, … plaatsen artsen voor grote ethische uitdagingen. Al deze ontwikkelingen hebben een diepgaande impact op de maatschappelijke gezondheidszorg in het algemeen en de relatie arts-patiënt in het bijzonder.
In alle ethische debatten hierover is er één opvallende constante: altijd weer verwijst men naar de hippocratische traditie. Te pas én helaas ook te onpas wordt de hippocratische Eed hierbij als een gezagsargument aangewend. Vaak zonder veel kritische zin worden citaten uit de Eed gebruikt – en ook misbruikt – om het eigen standpunt kracht bij te zetten, wat dan weer door anderen in twijfel wordt getrokken.
Hiermee is duidelijk hoe belangrijk de hippocratische traditie blijft voor de medische ethiek. Er zijn weinig disciplines met een eeuwenoude inspiratiebron die nog zo kernachtig de huidige praktijk beïnvloedt. Dit boek analyseert de ware draagwijdte en betekenis van de hippocratische Eed en de medisch-ethische context waarin hij tot stand is gekomen. De betekenis ervan voor het actuele ethische debat in de geneeskunde is groot.
Deze uitgave is uiteraard van grote importantie voor elke medicus.
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er onder meer psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde, cultuurgeschiedenis van de seksualiteit.
Hiermee is duidelijk hoe belangrijk de hippocratische traditie blijft voor de medische ethiek. Er zijn weinig disciplines met een eeuwenoude inspiratiebron die nog zo kernachtig de huidige praktijk beïnvloedt. Dit boek analyseert de ware draagwijdte en betekenis van de hippocratische Eed en de medisch-ethische context waarin hij tot stand is gekomen. De betekenis ervan voor het actuele ethische debat in de geneeskunde is groot.
Deze uitgave is uiteraard van grote importantie voor elke medicus.
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er onder meer psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde, cultuurgeschiedenis van de seksualiteit.
Eed van Hippokrates. Historische beschouwingen inzake de opdracht en de begrenzingen van het medisch handelen
€ 24,90
Zwangerschapsbegeleiding, voortplantingsgeneeskunde, orgaantransplantatie, behandeling van terminale patiënten, … plaatsen artsen voor grote ethische uitdagingen. Al deze ontwikkelingen hebben een diepgaande impact op de maatschappelijke gezondheidszorg in het algemeen en de relatie arts-patiënt in het bijzonder.
In alle ethische debatten hierover is er één opvallende constante: altijd weer verwijst men naar de hippocratische traditie. Te pas én helaas ook te onpas wordt de hippocratische Eed hierbij als een gezagsargument aangewend. Vaak zonder veel kritische zin worden citaten uit de Eed gebruikt – en ook misbruikt – om het eigen standpunt kracht bij te zetten, wat dan weer door anderen in twijfel wordt getrokken.
Hiermee is duidelijk hoe belangrijk de hippocratische traditie blijft voor de medische ethiek. Er zijn weinig disciplines met een eeuwenoude inspiratiebron die nog zo kernachtig de huidige praktijk beïnvloedt. Dit boek analyseert de ware draagwijdte en betekenis van de hippocratische Eed en de medisch-ethische context waarin hij tot stand is gekomen. De betekenis ervan voor het actuele ethische debat in de geneeskunde is groot.
Deze uitgave is uiteraard van grote importantie voor elke medicus.
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er onder meer psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde, cultuurgeschiedenis van de seksualiteit.
Hiermee is duidelijk hoe belangrijk de hippocratische traditie blijft voor de medische ethiek. Er zijn weinig disciplines met een eeuwenoude inspiratiebron die nog zo kernachtig de huidige praktijk beïnvloedt. Dit boek analyseert de ware draagwijdte en betekenis van de hippocratische Eed en de medisch-ethische context waarin hij tot stand is gekomen. De betekenis ervan voor het actuele ethische debat in de geneeskunde is groot.
Deze uitgave is uiteraard van grote importantie voor elke medicus.
Jan Godderis is gewoon hoogleraar aan de Faculteit der Geneeskunde van de K.U.Leuven. Hij doceert er onder meer psychiatrie, geschiedenis van de geneeskunde, cultuurgeschiedenis van de seksualiteit.
Tussen één en allen. Residentiële behandeling van het moeilijk opvoedbare kind – Herwerkte versie (KOP-serie, nr 17)
€ 19,00
De residentiële hulpverlening aan kinderen en adolescenten kende de laatste decennia een enorme ontwikkeling. In plaats van een verzorgende of gezinsvervangende functie, kreeg ze veeleer een therapeutische opdracht. Men verwacht dat ze nieuwe groeikansen kan bieden aan kinderen die in hun ontwikkeling vastgelopen zijn. Centraal hierin staat het gebruik maken van gewone dagdagelijkse ervaringen, het zgn. therapeutische milieu. Hoe kan een instellingsteam deze opgave realiseren? Wat zijn de belangrijkste oriëntatiepunten bij de behandeling? Welke valkuilen zal men vermijden? Hoe kan men de gebruikte methodiek in therapeutisch perspectief plaatsen? Kunnen kritische incidenten ook tot een verdieping van de behandeling leiden? De titel van het boek, "Tussen één en allen", wijst op de spanning die vaak opgeroepen wordt tussen het beluisteren van het kind en de werkelijkheid van elke dag. De ontmoeting tussen het kind en de hulpverlener wordt er als de kern van de behandeling gezien. Dit is evenwel vaak een doelstelling op langere termijn. Intussen moet het kind ook zijn verweer en wantrouwen kunnen uitdrukken. De behandeling kent in deze zin een procesmatig verloop. Hierbij wordt enkel een beroep gedaan op gewone middelen. In een tijd van gesofisticeerde methodieken klinkt dit als een verfrissende boodschap.
In een eenvoudige taal en aan de hand van talloze voorbeelden verdedigt de auteur de methodiek van het residentiële werk vanuit een psycho-dynamisch standpunt.
Wilfried SMIS, doctor in de psychologie, is verbonden aan "De Berkjes", een Observatie- en Behandelingscentrum in Brugge.
Wilfried SMIS, doctor in de psychologie, is verbonden aan "De Berkjes", een Observatie- en Behandelingscentrum in Brugge.
Tussen één en allen. Residentiële behandeling van het moeilijk opvoedbare kind – Herwerkte versie (KOP-serie, nr 17)
€ 19,00
De residentiële hulpverlening aan kinderen en adolescenten kende de laatste decennia een enorme ontwikkeling. In plaats van een verzorgende of gezinsvervangende functie, kreeg ze veeleer een therapeutische opdracht. Men verwacht dat ze nieuwe groeikansen kan bieden aan kinderen die in hun ontwikkeling vastgelopen zijn. Centraal hierin staat het gebruik maken van gewone dagdagelijkse ervaringen, het zgn. therapeutische milieu. Hoe kan een instellingsteam deze opgave realiseren? Wat zijn de belangrijkste oriëntatiepunten bij de behandeling? Welke valkuilen zal men vermijden? Hoe kan men de gebruikte methodiek in therapeutisch perspectief plaatsen? Kunnen kritische incidenten ook tot een verdieping van de behandeling leiden? De titel van het boek, "Tussen één en allen", wijst op de spanning die vaak opgeroepen wordt tussen het beluisteren van het kind en de werkelijkheid van elke dag. De ontmoeting tussen het kind en de hulpverlener wordt er als de kern van de behandeling gezien. Dit is evenwel vaak een doelstelling op langere termijn. Intussen moet het kind ook zijn verweer en wantrouwen kunnen uitdrukken. De behandeling kent in deze zin een procesmatig verloop. Hierbij wordt enkel een beroep gedaan op gewone middelen. In een tijd van gesofisticeerde methodieken klinkt dit als een verfrissende boodschap.
In een eenvoudige taal en aan de hand van talloze voorbeelden verdedigt de auteur de methodiek van het residentiële werk vanuit een psycho-dynamisch standpunt.
Wilfried SMIS, doctor in de psychologie, is verbonden aan "De Berkjes", een Observatie- en Behandelingscentrum in Brugge.
Wilfried SMIS, doctor in de psychologie, is verbonden aan "De Berkjes", een Observatie- en Behandelingscentrum in Brugge.
Rozen in de knop. Over de kunst in het postmetafysische tijdperk
€ 19,90
Tegenover de eigentijdse kunst heersen overwegend reacties van onwennigheid tot vijandigheid. Toch is het fenomeen er en blijft het de opdracht zich er over te bezinnen.
Rozen in de knop reflectereert over de kunst van 1970 tot heden. Aan de hand van een aantal concrete werken dialogeert de auteur met deze kunst.
Het “metafysische” is de grote leidraad door het boek. Ons tijdperk heeft zichzelf uitgeroepen tot postmetafysisch. Een eerste vraag is: wat betekent dat? Het blijkt dat de kunst met al haar vezels verbonden is met dit einde van de metafysica. Zij werpt derhalve een verhelderend licht op wie wij thans zijn. En niet alleen dat. De hedendaagse kunst draagt zelf actief bij tot de bevrijding van eenduidige denkwijzen en waarheden. Maar is een postmetafysische mens wel mogelijk of wenselijk? Een kunst die zich blijvend wil handhaven in het ametafysische, is wellicht tenslotte uitzichtloos. Net zoals een a-metafysiche cultuur onleefbaar zou kunnen zijn. Mogelijk ligt de toekomst erin dat het metafysische, na de dood van de metafysica, opnieuw voorzichtig een weg kan zoeken. Ook daarvan zijn zekere sporen te ontdekken in de actuele kunst. Geven we die een kans of blijven we liever volharden in de “metafysische paranoia” die het Westen kenmerkt?
Rozen in de knop reflectereert over de kunst van 1970 tot heden. Aan de hand van een aantal concrete werken dialogeert de auteur met deze kunst.
Het “metafysische” is de grote leidraad door het boek. Ons tijdperk heeft zichzelf uitgeroepen tot postmetafysisch. Een eerste vraag is: wat betekent dat? Het blijkt dat de kunst met al haar vezels verbonden is met dit einde van de metafysica. Zij werpt derhalve een verhelderend licht op wie wij thans zijn. En niet alleen dat. De hedendaagse kunst draagt zelf actief bij tot de bevrijding van eenduidige denkwijzen en waarheden. Maar is een postmetafysische mens wel mogelijk of wenselijk? Een kunst die zich blijvend wil handhaven in het ametafysische, is wellicht tenslotte uitzichtloos. Net zoals een a-metafysiche cultuur onleefbaar zou kunnen zijn. Mogelijk ligt de toekomst erin dat het metafysische, na de dood van de metafysica, opnieuw voorzichtig een weg kan zoeken. Ook daarvan zijn zekere sporen te ontdekken in de actuele kunst. Geven we die een kans of blijven we liever volharden in de “metafysische paranoia” die het Westen kenmerkt?
Rozen in de knop. Over de kunst in het postmetafysische tijdperk
€ 19,90
Tegenover de eigentijdse kunst heersen overwegend reacties van onwennigheid tot vijandigheid. Toch is het fenomeen er en blijft het de opdracht zich er over te bezinnen.
Rozen in de knop reflectereert over de kunst van 1970 tot heden. Aan de hand van een aantal concrete werken dialogeert de auteur met deze kunst.
Het “metafysische” is de grote leidraad door het boek. Ons tijdperk heeft zichzelf uitgeroepen tot postmetafysisch. Een eerste vraag is: wat betekent dat? Het blijkt dat de kunst met al haar vezels verbonden is met dit einde van de metafysica. Zij werpt derhalve een verhelderend licht op wie wij thans zijn. En niet alleen dat. De hedendaagse kunst draagt zelf actief bij tot de bevrijding van eenduidige denkwijzen en waarheden. Maar is een postmetafysische mens wel mogelijk of wenselijk? Een kunst die zich blijvend wil handhaven in het ametafysische, is wellicht tenslotte uitzichtloos. Net zoals een a-metafysiche cultuur onleefbaar zou kunnen zijn. Mogelijk ligt de toekomst erin dat het metafysische, na de dood van de metafysica, opnieuw voorzichtig een weg kan zoeken. Ook daarvan zijn zekere sporen te ontdekken in de actuele kunst. Geven we die een kans of blijven we liever volharden in de “metafysische paranoia” die het Westen kenmerkt?
Rozen in de knop reflectereert over de kunst van 1970 tot heden. Aan de hand van een aantal concrete werken dialogeert de auteur met deze kunst.
Het “metafysische” is de grote leidraad door het boek. Ons tijdperk heeft zichzelf uitgeroepen tot postmetafysisch. Een eerste vraag is: wat betekent dat? Het blijkt dat de kunst met al haar vezels verbonden is met dit einde van de metafysica. Zij werpt derhalve een verhelderend licht op wie wij thans zijn. En niet alleen dat. De hedendaagse kunst draagt zelf actief bij tot de bevrijding van eenduidige denkwijzen en waarheden. Maar is een postmetafysische mens wel mogelijk of wenselijk? Een kunst die zich blijvend wil handhaven in het ametafysische, is wellicht tenslotte uitzichtloos. Net zoals een a-metafysiche cultuur onleefbaar zou kunnen zijn. Mogelijk ligt de toekomst erin dat het metafysische, na de dood van de metafysica, opnieuw voorzichtig een weg kan zoeken. Ook daarvan zijn zekere sporen te ontdekken in de actuele kunst. Geven we die een kans of blijven we liever volharden in de “metafysische paranoia” die het Westen kenmerkt?

Digitaal onderwijs is anders
€ 9,50
Het lijkt erop dat de tijd van volle boekentassen definitief voorbij is. De computer rukt op in het onderwijs. Internet dient zich aan als de snelle en actuele leverancier van inhouden waarmee leerlingen aan de slag kunnen. Het oefenen van vaardigheden met behulp van de computer is aantrekkelijk, interactief en past bij het verlangen ''maatwerk'' te leveren in het onderwijs.
Maar het werken met computers, de toepassing van Internet in het onderwijs, vraagt om een nieuwe didactiek. Groepswerk met behulp van computers stelt andere eisen dan het werken met groepjes in de klas. Internet en de royale mogelijkheden van software bieden voor leerlingen ongekende mogelijkheden. Maar hoe bewaken en beoordelen we in school de prestaties van leerlingen, hoe beschermen we de privacy?
De auteurs zijn allen verbonden aan WIJS in Onderwijs (WiO). Deze organisatie organiseert een scala aan conferenties en cursussen voor het onderwijs. Wi0 speelt in op actuele veranderingen en problematiek binnen het onderwijs.
Digitaal onderwijs is anders is tot stand gekomen in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam en School voor de Toekomst.
Maar het werken met computers, de toepassing van Internet in het onderwijs, vraagt om een nieuwe didactiek. Groepswerk met behulp van computers stelt andere eisen dan het werken met groepjes in de klas. Internet en de royale mogelijkheden van software bieden voor leerlingen ongekende mogelijkheden. Maar hoe bewaken en beoordelen we in school de prestaties van leerlingen, hoe beschermen we de privacy?
De auteurs zijn allen verbonden aan WIJS in Onderwijs (WiO). Deze organisatie organiseert een scala aan conferenties en cursussen voor het onderwijs. Wi0 speelt in op actuele veranderingen en problematiek binnen het onderwijs.
Digitaal onderwijs is anders is tot stand gekomen in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam en School voor de Toekomst.

Digitaal onderwijs is anders
€ 9,50
Het lijkt erop dat de tijd van volle boekentassen definitief voorbij is. De computer rukt op in het onderwijs. Internet dient zich aan als de snelle en actuele leverancier van inhouden waarmee leerlingen aan de slag kunnen. Het oefenen van vaardigheden met behulp van de computer is aantrekkelijk, interactief en past bij het verlangen ''maatwerk'' te leveren in het onderwijs.
Maar het werken met computers, de toepassing van Internet in het onderwijs, vraagt om een nieuwe didactiek. Groepswerk met behulp van computers stelt andere eisen dan het werken met groepjes in de klas. Internet en de royale mogelijkheden van software bieden voor leerlingen ongekende mogelijkheden. Maar hoe bewaken en beoordelen we in school de prestaties van leerlingen, hoe beschermen we de privacy?
De auteurs zijn allen verbonden aan WIJS in Onderwijs (WiO). Deze organisatie organiseert een scala aan conferenties en cursussen voor het onderwijs. Wi0 speelt in op actuele veranderingen en problematiek binnen het onderwijs.
Digitaal onderwijs is anders is tot stand gekomen in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam en School voor de Toekomst.
Maar het werken met computers, de toepassing van Internet in het onderwijs, vraagt om een nieuwe didactiek. Groepswerk met behulp van computers stelt andere eisen dan het werken met groepjes in de klas. Internet en de royale mogelijkheden van software bieden voor leerlingen ongekende mogelijkheden. Maar hoe bewaken en beoordelen we in school de prestaties van leerlingen, hoe beschermen we de privacy?
De auteurs zijn allen verbonden aan WIJS in Onderwijs (WiO). Deze organisatie organiseert een scala aan conferenties en cursussen voor het onderwijs. Wi0 speelt in op actuele veranderingen en problematiek binnen het onderwijs.
Digitaal onderwijs is anders is tot stand gekomen in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam en School voor de Toekomst.
Onderwijskansen voor jongeren met gedrags- en emotionele problemen. Een verkenning
€ 23,00
Jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen stellen hun directe omgeving, het onderwijs en de samenleving op de proef. Erg vaak verloopt hun schoolcarrière allesbehalve rimpelloos.
De Vlaamse Onderwijsraad onderzoekt in deze probleemverkenning hoe men de onderwijskansen van deze jongeren kan verbeteren, in de eerste plaats in het buitengewoon secundair onderwijs. Wat kenmerkt deze leerlingen? Hoe kan een school een beter inzicht krijgen in de problemen van deze jongeren om zo betere leervoorwaarden te scheppen? Welke rol kunnen vrienden en familie spelen? Hoc kan men de onderwijsvoorzieningen beter aanpassen aan dc noden van deze leerlingen? Wat komt de conflictpreventie ten goede?
Op de achtergrond is altijd de zorg aanwezig voor de professionele en emotionele uitdagingen waaraan de leraar het hoofd moet bieden. Hoc kan men leraren beter ondersteunen? Welke begeleidings- of opleidingsbehoeften hebben zij? De Vlor belicht ook de noodzaak om de netwerkvorming tussen scholen onderling en tussen scholen en zorginstanties te versterken.
De wetenschappers en ervaringsdeskundigen die hebben meegewerkt aan deze probleemverkenning, behandelen het thema vanuit uiteenlopende invalshoeken. Een bewuste keuze omdat jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen precies behoefte hebben aan een geïntegreerde, multidisciplinaire benadering.
De Vlaamse Onderwijsraad onderzoekt in deze probleemverkenning hoe men de onderwijskansen van deze jongeren kan verbeteren, in de eerste plaats in het buitengewoon secundair onderwijs. Wat kenmerkt deze leerlingen? Hoe kan een school een beter inzicht krijgen in de problemen van deze jongeren om zo betere leervoorwaarden te scheppen? Welke rol kunnen vrienden en familie spelen? Hoc kan men de onderwijsvoorzieningen beter aanpassen aan dc noden van deze leerlingen? Wat komt de conflictpreventie ten goede?
Op de achtergrond is altijd de zorg aanwezig voor de professionele en emotionele uitdagingen waaraan de leraar het hoofd moet bieden. Hoc kan men leraren beter ondersteunen? Welke begeleidings- of opleidingsbehoeften hebben zij? De Vlor belicht ook de noodzaak om de netwerkvorming tussen scholen onderling en tussen scholen en zorginstanties te versterken.
De wetenschappers en ervaringsdeskundigen die hebben meegewerkt aan deze probleemverkenning, behandelen het thema vanuit uiteenlopende invalshoeken. Een bewuste keuze omdat jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen precies behoefte hebben aan een geïntegreerde, multidisciplinaire benadering.
Onderwijskansen voor jongeren met gedrags- en emotionele problemen. Een verkenning
€ 23,00
Jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen stellen hun directe omgeving, het onderwijs en de samenleving op de proef. Erg vaak verloopt hun schoolcarrière allesbehalve rimpelloos.
De Vlaamse Onderwijsraad onderzoekt in deze probleemverkenning hoe men de onderwijskansen van deze jongeren kan verbeteren, in de eerste plaats in het buitengewoon secundair onderwijs. Wat kenmerkt deze leerlingen? Hoe kan een school een beter inzicht krijgen in de problemen van deze jongeren om zo betere leervoorwaarden te scheppen? Welke rol kunnen vrienden en familie spelen? Hoc kan men de onderwijsvoorzieningen beter aanpassen aan dc noden van deze leerlingen? Wat komt de conflictpreventie ten goede?
Op de achtergrond is altijd de zorg aanwezig voor de professionele en emotionele uitdagingen waaraan de leraar het hoofd moet bieden. Hoc kan men leraren beter ondersteunen? Welke begeleidings- of opleidingsbehoeften hebben zij? De Vlor belicht ook de noodzaak om de netwerkvorming tussen scholen onderling en tussen scholen en zorginstanties te versterken.
De wetenschappers en ervaringsdeskundigen die hebben meegewerkt aan deze probleemverkenning, behandelen het thema vanuit uiteenlopende invalshoeken. Een bewuste keuze omdat jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen precies behoefte hebben aan een geïntegreerde, multidisciplinaire benadering.
De Vlaamse Onderwijsraad onderzoekt in deze probleemverkenning hoe men de onderwijskansen van deze jongeren kan verbeteren, in de eerste plaats in het buitengewoon secundair onderwijs. Wat kenmerkt deze leerlingen? Hoe kan een school een beter inzicht krijgen in de problemen van deze jongeren om zo betere leervoorwaarden te scheppen? Welke rol kunnen vrienden en familie spelen? Hoc kan men de onderwijsvoorzieningen beter aanpassen aan dc noden van deze leerlingen? Wat komt de conflictpreventie ten goede?
Op de achtergrond is altijd de zorg aanwezig voor de professionele en emotionele uitdagingen waaraan de leraar het hoofd moet bieden. Hoc kan men leraren beter ondersteunen? Welke begeleidings- of opleidingsbehoeften hebben zij? De Vlor belicht ook de noodzaak om de netwerkvorming tussen scholen onderling en tussen scholen en zorginstanties te versterken.
De wetenschappers en ervaringsdeskundigen die hebben meegewerkt aan deze probleemverkenning, behandelen het thema vanuit uiteenlopende invalshoeken. Een bewuste keuze omdat jongeren met ernstige gedrags- en emotionele problemen precies behoefte hebben aan een geïntegreerde, multidisciplinaire benadering.
Le français du XXIe siècle. Introduction à la francophonie. Eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie
€ 29,00
Quelle est la place du français parmi les 6.500 à 7.000 langues dans le monde? Qu''est-ce que la francophonie? Quel(s) français et quels dialectes parle-t-on en France - dans l''Hexagone - et qu''en est-il du français non hexagonal? Comment faire une bonne description scientifique du français et quelles techniques la linguistique contemporaine applique-t-elle à cet effet? Voici quelques questions fondamentales auxquelles nous tentons de répondre dans les trois premiers chapitres de cet ouvrage.
Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Alex Vanneste est professeur ordinaire à la Universiteit Antwerpen (UA) où il enseigne la linguistique et la grammaire du français moderne, la sociolinguistique et l'informatique pour les sciences humaines.
Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Alex Vanneste est professeur ordinaire à la Universiteit Antwerpen (UA) où il enseigne la linguistique et la grammaire du français moderne, la sociolinguistique et l'informatique pour les sciences humaines.
Le français du XXIe siècle. Introduction à la francophonie. Eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie
€ 29,00
Quelle est la place du français parmi les 6.500 à 7.000 langues dans le monde? Qu''est-ce que la francophonie? Quel(s) français et quels dialectes parle-t-on en France - dans l''Hexagone - et qu''en est-il du français non hexagonal? Comment faire une bonne description scientifique du français et quelles techniques la linguistique contemporaine applique-t-elle à cet effet? Voici quelques questions fondamentales auxquelles nous tentons de répondre dans les trois premiers chapitres de cet ouvrage.
Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Alex Vanneste est professeur ordinaire à la Universiteit Antwerpen (UA) où il enseigne la linguistique et la grammaire du français moderne, la sociolinguistique et l'informatique pour les sciences humaines.
Suit alors une étude approfondie des sons et des mots du français. Comment l''homme produit-il et entend-il les sons? Qu''est-ce qu''un son et comment acquiert-il une fonction linguistique? Comment passe-t-on du son au mot? Quelles sortes de mots y a-t-il? Cette introduction à la francophonie, à la phonétique, à la phonologie et à la morphologie constitue une première prise de connaissance d''une approche scientifique d''une langue vivante, en l''occurrence du français contemporain.
Alex Vanneste est professeur ordinaire à la Universiteit Antwerpen (UA) où il enseigne la linguistique et la grammaire du français moderne, la sociolinguistique et l'informatique pour les sciences humaines.


