Geen voorraad

Bedrijfseconomische aspecten van Intellectual Capital. Meten is weten, maar hoe weten te meten?
€ 12,00
De werkelijke waarde van een onderneming is vaak veel hoger dan de balans aangeeft. Zo heeft bijvoorbeeld Microsoft een balanswaarde van 28,4 miljard dollar (einde 2000), terwijl de beurswaarde 460,3 miljard bedroeg. Slechts zes procent van de werkelijke waarde van Microsoft is dus in de balans terug te vinden. Dit is te verklaren uit het ontbreken van cijfers over het intellectueel kapitaal: van de kennis van werknemers tot de waarde van de databases, octrooien en een merk. Als er geen instrumenten worden gevonden om het intellectueel kapitaal te meten en op te nemen in de balans, verliest de financiële rapportage elke geloofwaardigheid. Dit boek, de oratie van de auteur, laat zien op welke wijze er over intellectueel kapitaal kan worden gecommuniceerd.
Auke de Bos RA is hoogleraar bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is tevens werkzaam bij Ernst & Young in de controlepraktijk.
Auke de Bos RA is hoogleraar bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is tevens werkzaam bij Ernst & Young in de controlepraktijk.
Geen voorraad

Bedrijfseconomische aspecten van Intellectual Capital. Meten is weten, maar hoe weten te meten?
€ 12,00
De werkelijke waarde van een onderneming is vaak veel hoger dan de balans aangeeft. Zo heeft bijvoorbeeld Microsoft een balanswaarde van 28,4 miljard dollar (einde 2000), terwijl de beurswaarde 460,3 miljard bedroeg. Slechts zes procent van de werkelijke waarde van Microsoft is dus in de balans terug te vinden. Dit is te verklaren uit het ontbreken van cijfers over het intellectueel kapitaal: van de kennis van werknemers tot de waarde van de databases, octrooien en een merk. Als er geen instrumenten worden gevonden om het intellectueel kapitaal te meten en op te nemen in de balans, verliest de financiële rapportage elke geloofwaardigheid. Dit boek, de oratie van de auteur, laat zien op welke wijze er over intellectueel kapitaal kan worden gecommuniceerd.
Auke de Bos RA is hoogleraar bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is tevens werkzaam bij Ernst & Young in de controlepraktijk.
Auke de Bos RA is hoogleraar bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is tevens werkzaam bij Ernst & Young in de controlepraktijk.
Taaltherapie bij kinderen (Omtrent Logopedie, nr. 2)
€ 19,90
Dit boek geeft een overzicht van een aantal vormen en aspecten van dé behandeling
van taalstoornissen bij kinderen. Zowel indirecte en directe taaltherapie als
de behandeling van taalproblemen bij enkele specifieke populaties komen hierbij
aan bod.
Steeds gaat het om doelgericht en vakkundig handelen en telkens is het doel de taalontwikkeling van het kind te bevorderen. Bijna in alle gevallen wordt er veel belang gehecht aan het communicatieve aspect en is er oog voor de totale ontwikkeling van het kind. In heel wat settings vindt de aanpak multidisciplinair en/of zelfs transdisciplinair plaats en wordt er op grote schaal nauw samengewerkt met de ouders/opvoeders als co-therapeuten.
Het basisuitgangspunt van elke vorm van taalbehandeling moet het kind zelf zijn, met zijn mogelijkheden en beperkingen. Het kind moet immers behandeld worden, en niet de zinsbouw of de woordenschat van een kind.
De uiteindelijke bedoeling is dat het kind zich beter gaat voelen, een beter zelfbeeld krijgt en meer communicatieve mogelijkheden gaat ontwikkelen. Een te eenzijdige aandacht voor de beperkingen - de stoornissen - leidt dan ook niet tot optimale ontplooiingskansen. Ook dit belangrijke aspect wordt door meerdere auteurs in de verf gezet.
Dit boek is zeer verscheiden, zodat het kan worden opgevat als een soort praktijkgerichte ‘capita selecta’ met betrekking tot taaltherapie. Elk van de auteurs heeft namelijk vanuit de eigen werksituatie en vanuit de eigen klinische en theoretische inzichten een waardevolle en vaak zeer specifieke invulling gegeven aan de inhoud van de verschillende hoofdstukken.
Deze verscheidenheid is geen nadeel, maar biedt een meerwaarde aan dit boek. Ze getuigt niet enkel van de grote variatie aan taalproblemen die zich kunnen voordoen, maar ook van de zeer uiteenlopende manieren waarop de begeleiding van kinderen met taalproblemen kan worden aangepakt.
Eric Manders is licentiaat en doctor in de Logopedie en Audiologie. Tot voor kort was hij als logopedist-coördinator verbonden aan het Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak (U.Z. Leuven). Momenteel is hij deeltijds docent aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven en deeltijds aan het departement Logopedie & Audiologie van de Lessius-hogeschool te Antwerpen.
Inge Zink is eveneens licentiate en doctor in de Logopedie en Audiologie. Zij is deeltijds docente aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven. Daarnaast is zij betrokken bij de diagnostiek en behandeling van taalgestoorde kinderen in het Universitair Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak te Leuven.
Omtrent Logopedie:
Nr. 1: Mijn stem, mijn beroep (uitverkocht)
Nr. 2: Taaltherapie bij kinderen
Nr. 3: Ik oefen mijn stem
Nr. 4: Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten
Nr. 5: Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk
Nr. 6: Werken aan stem
Nr. 7: Dysfagie
Steeds gaat het om doelgericht en vakkundig handelen en telkens is het doel de taalontwikkeling van het kind te bevorderen. Bijna in alle gevallen wordt er veel belang gehecht aan het communicatieve aspect en is er oog voor de totale ontwikkeling van het kind. In heel wat settings vindt de aanpak multidisciplinair en/of zelfs transdisciplinair plaats en wordt er op grote schaal nauw samengewerkt met de ouders/opvoeders als co-therapeuten.
Het basisuitgangspunt van elke vorm van taalbehandeling moet het kind zelf zijn, met zijn mogelijkheden en beperkingen. Het kind moet immers behandeld worden, en niet de zinsbouw of de woordenschat van een kind.
De uiteindelijke bedoeling is dat het kind zich beter gaat voelen, een beter zelfbeeld krijgt en meer communicatieve mogelijkheden gaat ontwikkelen. Een te eenzijdige aandacht voor de beperkingen - de stoornissen - leidt dan ook niet tot optimale ontplooiingskansen. Ook dit belangrijke aspect wordt door meerdere auteurs in de verf gezet.
Dit boek is zeer verscheiden, zodat het kan worden opgevat als een soort praktijkgerichte ‘capita selecta’ met betrekking tot taaltherapie. Elk van de auteurs heeft namelijk vanuit de eigen werksituatie en vanuit de eigen klinische en theoretische inzichten een waardevolle en vaak zeer specifieke invulling gegeven aan de inhoud van de verschillende hoofdstukken.
Deze verscheidenheid is geen nadeel, maar biedt een meerwaarde aan dit boek. Ze getuigt niet enkel van de grote variatie aan taalproblemen die zich kunnen voordoen, maar ook van de zeer uiteenlopende manieren waarop de begeleiding van kinderen met taalproblemen kan worden aangepakt.
Eric Manders is licentiaat en doctor in de Logopedie en Audiologie. Tot voor kort was hij als logopedist-coördinator verbonden aan het Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak (U.Z. Leuven). Momenteel is hij deeltijds docent aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven en deeltijds aan het departement Logopedie & Audiologie van de Lessius-hogeschool te Antwerpen.
Inge Zink is eveneens licentiate en doctor in de Logopedie en Audiologie. Zij is deeltijds docente aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven. Daarnaast is zij betrokken bij de diagnostiek en behandeling van taalgestoorde kinderen in het Universitair Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak te Leuven.
Omtrent Logopedie:
Taaltherapie bij kinderen (Omtrent Logopedie, nr. 2)
€ 19,90
Dit boek geeft een overzicht van een aantal vormen en aspecten van dé behandeling
van taalstoornissen bij kinderen. Zowel indirecte en directe taaltherapie als
de behandeling van taalproblemen bij enkele specifieke populaties komen hierbij
aan bod.
Steeds gaat het om doelgericht en vakkundig handelen en telkens is het doel de taalontwikkeling van het kind te bevorderen. Bijna in alle gevallen wordt er veel belang gehecht aan het communicatieve aspect en is er oog voor de totale ontwikkeling van het kind. In heel wat settings vindt de aanpak multidisciplinair en/of zelfs transdisciplinair plaats en wordt er op grote schaal nauw samengewerkt met de ouders/opvoeders als co-therapeuten.
Het basisuitgangspunt van elke vorm van taalbehandeling moet het kind zelf zijn, met zijn mogelijkheden en beperkingen. Het kind moet immers behandeld worden, en niet de zinsbouw of de woordenschat van een kind.
De uiteindelijke bedoeling is dat het kind zich beter gaat voelen, een beter zelfbeeld krijgt en meer communicatieve mogelijkheden gaat ontwikkelen. Een te eenzijdige aandacht voor de beperkingen - de stoornissen - leidt dan ook niet tot optimale ontplooiingskansen. Ook dit belangrijke aspect wordt door meerdere auteurs in de verf gezet.
Dit boek is zeer verscheiden, zodat het kan worden opgevat als een soort praktijkgerichte ‘capita selecta’ met betrekking tot taaltherapie. Elk van de auteurs heeft namelijk vanuit de eigen werksituatie en vanuit de eigen klinische en theoretische inzichten een waardevolle en vaak zeer specifieke invulling gegeven aan de inhoud van de verschillende hoofdstukken.
Deze verscheidenheid is geen nadeel, maar biedt een meerwaarde aan dit boek. Ze getuigt niet enkel van de grote variatie aan taalproblemen die zich kunnen voordoen, maar ook van de zeer uiteenlopende manieren waarop de begeleiding van kinderen met taalproblemen kan worden aangepakt.
Eric Manders is licentiaat en doctor in de Logopedie en Audiologie. Tot voor kort was hij als logopedist-coördinator verbonden aan het Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak (U.Z. Leuven). Momenteel is hij deeltijds docent aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven en deeltijds aan het departement Logopedie & Audiologie van de Lessius-hogeschool te Antwerpen.
Inge Zink is eveneens licentiate en doctor in de Logopedie en Audiologie. Zij is deeltijds docente aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven. Daarnaast is zij betrokken bij de diagnostiek en behandeling van taalgestoorde kinderen in het Universitair Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak te Leuven.
Omtrent Logopedie:
Nr. 1: Mijn stem, mijn beroep (uitverkocht)
Nr. 2: Taaltherapie bij kinderen
Nr. 3: Ik oefen mijn stem
Nr. 4: Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten
Nr. 5: Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk
Nr. 6: Werken aan stem
Nr. 7: Dysfagie
Steeds gaat het om doelgericht en vakkundig handelen en telkens is het doel de taalontwikkeling van het kind te bevorderen. Bijna in alle gevallen wordt er veel belang gehecht aan het communicatieve aspect en is er oog voor de totale ontwikkeling van het kind. In heel wat settings vindt de aanpak multidisciplinair en/of zelfs transdisciplinair plaats en wordt er op grote schaal nauw samengewerkt met de ouders/opvoeders als co-therapeuten.
Het basisuitgangspunt van elke vorm van taalbehandeling moet het kind zelf zijn, met zijn mogelijkheden en beperkingen. Het kind moet immers behandeld worden, en niet de zinsbouw of de woordenschat van een kind.
De uiteindelijke bedoeling is dat het kind zich beter gaat voelen, een beter zelfbeeld krijgt en meer communicatieve mogelijkheden gaat ontwikkelen. Een te eenzijdige aandacht voor de beperkingen - de stoornissen - leidt dan ook niet tot optimale ontplooiingskansen. Ook dit belangrijke aspect wordt door meerdere auteurs in de verf gezet.
Dit boek is zeer verscheiden, zodat het kan worden opgevat als een soort praktijkgerichte ‘capita selecta’ met betrekking tot taaltherapie. Elk van de auteurs heeft namelijk vanuit de eigen werksituatie en vanuit de eigen klinische en theoretische inzichten een waardevolle en vaak zeer specifieke invulling gegeven aan de inhoud van de verschillende hoofdstukken.
Deze verscheidenheid is geen nadeel, maar biedt een meerwaarde aan dit boek. Ze getuigt niet enkel van de grote variatie aan taalproblemen die zich kunnen voordoen, maar ook van de zeer uiteenlopende manieren waarop de begeleiding van kinderen met taalproblemen kan worden aangepakt.
Eric Manders is licentiaat en doctor in de Logopedie en Audiologie. Tot voor kort was hij als logopedist-coördinator verbonden aan het Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak (U.Z. Leuven). Momenteel is hij deeltijds docent aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven en deeltijds aan het departement Logopedie & Audiologie van de Lessius-hogeschool te Antwerpen.
Inge Zink is eveneens licentiate en doctor in de Logopedie en Audiologie. Zij is deeltijds docente aan de licentiaatsopleiding Logopedie en Audiologie van de K.U. Leuven. Daarnaast is zij betrokken bij de diagnostiek en behandeling van taalgestoorde kinderen in het Universitair Revalidatiecentrum voor Gehoor en Spraak te Leuven.
Omtrent Logopedie:
Leren en werken als maatschappelijk assistent
€ 12,90
Maatschappelijk assistenten leren en werken midden in een snel evoluerende maatschappij. De dynamiek van de samenleving vereist dat de opleiding even dynamisch georganiseerd wordt. Tegelijk hebben maatschappelijk assistenten de behoefte om met een herkenbaar profiel en een eigen gezicht naar buiten te treden.
Dit boek schetst eerst de geschiedenis van de opleiding en staat stil bij recente ontwikkelingen. Verder gaat het nader in op de gemeenschappelijke stam van het beroeps- en opleidingsprofiel. Het brengt daarna het beroepsprofiel, het opleidingsprofiel en de basiscompetenties in beeld voor respectievelijk de maatschappelijke advisering, het maatschappelijk werk, het personeelswerk en het sociaal-cultureel werk.
De publicatie van dit boek is een initiatief van de VVSH- de overleggroep van de opleidingen maatschappelijk assistent.
Dit boek schetst eerst de geschiedenis van de opleiding en staat stil bij recente ontwikkelingen. Verder gaat het nader in op de gemeenschappelijke stam van het beroeps- en opleidingsprofiel. Het brengt daarna het beroepsprofiel, het opleidingsprofiel en de basiscompetenties in beeld voor respectievelijk de maatschappelijke advisering, het maatschappelijk werk, het personeelswerk en het sociaal-cultureel werk.
De publicatie van dit boek is een initiatief van de VVSH- de overleggroep van de opleidingen maatschappelijk assistent.
Leren en werken als maatschappelijk assistent
€ 12,90
Maatschappelijk assistenten leren en werken midden in een snel evoluerende maatschappij. De dynamiek van de samenleving vereist dat de opleiding even dynamisch georganiseerd wordt. Tegelijk hebben maatschappelijk assistenten de behoefte om met een herkenbaar profiel en een eigen gezicht naar buiten te treden.
Dit boek schetst eerst de geschiedenis van de opleiding en staat stil bij recente ontwikkelingen. Verder gaat het nader in op de gemeenschappelijke stam van het beroeps- en opleidingsprofiel. Het brengt daarna het beroepsprofiel, het opleidingsprofiel en de basiscompetenties in beeld voor respectievelijk de maatschappelijke advisering, het maatschappelijk werk, het personeelswerk en het sociaal-cultureel werk.
De publicatie van dit boek is een initiatief van de VVSH- de overleggroep van de opleidingen maatschappelijk assistent.
Dit boek schetst eerst de geschiedenis van de opleiding en staat stil bij recente ontwikkelingen. Verder gaat het nader in op de gemeenschappelijke stam van het beroeps- en opleidingsprofiel. Het brengt daarna het beroepsprofiel, het opleidingsprofiel en de basiscompetenties in beeld voor respectievelijk de maatschappelijke advisering, het maatschappelijk werk, het personeelswerk en het sociaal-cultureel werk.
De publicatie van dit boek is een initiatief van de VVSH- de overleggroep van de opleidingen maatschappelijk assistent.
Nonverbale communicatie
€ 20,00
Nonverbale cornrnunicatie is een fascinerend aspect van het menselijk gedrag, maar waar ook veel misverstanden over bestaan. Het boek begint dan ook met te bepalen op basis van welke criteria welk gedrag als nonverbaal kan worden beschouwd en welk niet. Meteen wordt hierbij een overzicht gegeven van de verschillende types van nonverbaal gedrag. Daarna komen de functies aan bod die het nonverbale gedrag samen met het verbale vervult in de menselijke interactie. Daarbij rijst de vraag of het nonverbale gedrag anders gecodeerd wordt dan het verbale gedrag. Er is ook de intense discussie tussen de voorstanders van de stelling dat nonverbaal gedrag voor een groot gedeelte aangeboren en dus universeel is en zij die veeleer op het aangeleerde en dus cultuurspecifieke karakter van het nonverbaal gedrag wijzen. Het boek sluit met een bespreking van het begrip ''nonverbale competentie'' , met de voor de hand liggende vraag naar de zin van trainingen die de bedoeling hebben deze vaardigheid te verhogen.
Luc Van Poecke doceert aan het Departement Cornrnunicatiewetenschappen van de K.U.Leuven. Tweede. herziene druk
Luc Van Poecke doceert aan het Departement Cornrnunicatiewetenschappen van de K.U.Leuven. Tweede. herziene druk
Nonverbale communicatie
€ 20,00
Nonverbale cornrnunicatie is een fascinerend aspect van het menselijk gedrag, maar waar ook veel misverstanden over bestaan. Het boek begint dan ook met te bepalen op basis van welke criteria welk gedrag als nonverbaal kan worden beschouwd en welk niet. Meteen wordt hierbij een overzicht gegeven van de verschillende types van nonverbaal gedrag. Daarna komen de functies aan bod die het nonverbale gedrag samen met het verbale vervult in de menselijke interactie. Daarbij rijst de vraag of het nonverbale gedrag anders gecodeerd wordt dan het verbale gedrag. Er is ook de intense discussie tussen de voorstanders van de stelling dat nonverbaal gedrag voor een groot gedeelte aangeboren en dus universeel is en zij die veeleer op het aangeleerde en dus cultuurspecifieke karakter van het nonverbaal gedrag wijzen. Het boek sluit met een bespreking van het begrip ''nonverbale competentie'' , met de voor de hand liggende vraag naar de zin van trainingen die de bedoeling hebben deze vaardigheid te verhogen.
Luc Van Poecke doceert aan het Departement Cornrnunicatiewetenschappen van de K.U.Leuven. Tweede. herziene druk
Luc Van Poecke doceert aan het Departement Cornrnunicatiewetenschappen van de K.U.Leuven. Tweede. herziene druk
Leestekst – Tussentoets. Leestoets om af te nemen wanneer alle letters zijn aangeleerd
€ 10,50
Deze toets kan bij eender welke leesmethode worden gebruikt. Het is een niet-methode-afuankelijke, genormeerde toets om de leesprestaties in kaart te brengen, direct nadat alle letters zijn aangeboden, in januari-februari. Hij werd geconstrueerd omdat andere bestaande toetsen in deze fase te moeilijk blijken. De leestekst, in zinnen, bevat 89 klankzuivere woorden, verdeeld over onder meer medeklinkercombinaties, werkwoordsvormen in de derde persoon enkelvoud, woorden met 2 medeklinkers vooraan, woorden met 2 medeklinkers achteraan. Om naast het technisch lezen een indicatie te krijgen van het leesbegrip zijn 6 vragen over de tekst geformuleerd, die meteen na het lezen gesteld worden. Deze toets moet toelaten sneller en accuraat de vorderingen van de kinderen vast te stellen, zodat kan worden ingegrepen waar dat nodig is.
Het CPS is een organisatie voor onderwijsontwikkeling en advies in Amersfoort die nationaal en internationaal actief IS.
Het CPS is een organisatie voor onderwijsontwikkeling en advies in Amersfoort die nationaal en internationaal actief IS.
Leestekst – Tussentoets. Leestoets om af te nemen wanneer alle letters zijn aangeleerd
€ 10,50
Deze toets kan bij eender welke leesmethode worden gebruikt. Het is een niet-methode-afuankelijke, genormeerde toets om de leesprestaties in kaart te brengen, direct nadat alle letters zijn aangeboden, in januari-februari. Hij werd geconstrueerd omdat andere bestaande toetsen in deze fase te moeilijk blijken. De leestekst, in zinnen, bevat 89 klankzuivere woorden, verdeeld over onder meer medeklinkercombinaties, werkwoordsvormen in de derde persoon enkelvoud, woorden met 2 medeklinkers vooraan, woorden met 2 medeklinkers achteraan. Om naast het technisch lezen een indicatie te krijgen van het leesbegrip zijn 6 vragen over de tekst geformuleerd, die meteen na het lezen gesteld worden. Deze toets moet toelaten sneller en accuraat de vorderingen van de kinderen vast te stellen, zodat kan worden ingegrepen waar dat nodig is.
Het CPS is een organisatie voor onderwijsontwikkeling en advies in Amersfoort die nationaal en internationaal actief IS.
Het CPS is een organisatie voor onderwijsontwikkeling en advies in Amersfoort die nationaal en internationaal actief IS.
Zelfverwonding als boodschap. Beeldvorming en behandeling van zelfverwondend gedrag bij personen met een mentale handicap
€ 22,80
Zelfverwondend gedrag is een aangrijpend fenomeen. Deskundigen uit Vlaanderen, Nederland en de Verenigde Staten van Amerika belichten in dit boek vanuit verschillende invalshoeken de diagnose en de behandeling van ZVG. Uitdrukkelijk komt ook het toepassen van inzichten in de praktijk aan bod, aan de hand van uitgebreide casussen. Deze publicatie is ontstaan uit een tweedaags internationaal symposium bij het vijftigjarig bestaan van de Stichting Marguerite-Marie Delacroix in Tienen.
Herman Wouters, orthopedagoog, is verbonden aan de Stichting Marguerite-Marie Delacroix in Tienen. Jozef Van Driessche, psychiater, is er geneesheer-coordinator.
Herman Wouters, orthopedagoog, is verbonden aan de Stichting Marguerite-Marie Delacroix in Tienen. Jozef Van Driessche, psychiater, is er geneesheer-coordinator.
Zelfverwonding als boodschap. Beeldvorming en behandeling van zelfverwondend gedrag bij personen met een mentale handicap
€ 22,80
Zelfverwondend gedrag is een aangrijpend fenomeen. Deskundigen uit Vlaanderen, Nederland en de Verenigde Staten van Amerika belichten in dit boek vanuit verschillende invalshoeken de diagnose en de behandeling van ZVG. Uitdrukkelijk komt ook het toepassen van inzichten in de praktijk aan bod, aan de hand van uitgebreide casussen. Deze publicatie is ontstaan uit een tweedaags internationaal symposium bij het vijftigjarig bestaan van de Stichting Marguerite-Marie Delacroix in Tienen.
Herman Wouters, orthopedagoog, is verbonden aan de Stichting Marguerite-Marie Delacroix in Tienen. Jozef Van Driessche, psychiater, is er geneesheer-coordinator.
Herman Wouters, orthopedagoog, is verbonden aan de Stichting Marguerite-Marie Delacroix in Tienen. Jozef Van Driessche, psychiater, is er geneesheer-coordinator.
De scriptiesupporter. Een doeltreffende aanpak van je scriptie
€ 14,50
Hoe schrijf ik efficiënt een goede scriptie?
De scriptiesupporter biedt een doeltreffende aanpak. Het scriptieproject wordt in drie overzichtelijke fasen ingedeeld: opzet, uitvoering en afronding. Met behulp van heldere aanwijzingen en praktische voorbeelden doorloop je de fasen stap voor stap. Elk hoofdstuk bevat zorgvuldig gekozen opdrachten. Door deze opdrachten uit te voeren, maak je tegelijkertijd je eigen scriptie.
Naast het verstrekken van de noodzakelijke spelregels en speltechnieken, wil dit boek vooral stimuleren om het spel goed te spelen. Als speler kan je het overzicht gemakkelijk verliezen; als toeschouwer heb je dat overzicht wel. De scriptiesupporter vervult zodoende tevens de functie van een supporter bij een voetbalwedstrijd.
Bram Padmos doceert schriftelijke en mondelinge communicatievaardigheden aan de Hogeschool INHolland in Rotterdam.
De scriptiesupporter. Een doeltreffende aanpak van je scriptie
€ 14,50
Hoe schrijf ik efficiënt een goede scriptie?
De scriptiesupporter biedt een doeltreffende aanpak. Het scriptieproject wordt in drie overzichtelijke fasen ingedeeld: opzet, uitvoering en afronding. Met behulp van heldere aanwijzingen en praktische voorbeelden doorloop je de fasen stap voor stap. Elk hoofdstuk bevat zorgvuldig gekozen opdrachten. Door deze opdrachten uit te voeren, maak je tegelijkertijd je eigen scriptie.
Naast het verstrekken van de noodzakelijke spelregels en speltechnieken, wil dit boek vooral stimuleren om het spel goed te spelen. Als speler kan je het overzicht gemakkelijk verliezen; als toeschouwer heb je dat overzicht wel. De scriptiesupporter vervult zodoende tevens de functie van een supporter bij een voetbalwedstrijd.
Bram Padmos doceert schriftelijke en mondelinge communicatievaardigheden aan de Hogeschool INHolland in Rotterdam.
Convention on the Rights of the Child. Backgrounds, motivation, strategies, main themes
€ 20,00
The adoption and entry into force of the Convention on the Rights of the Child is an important milestone in history. The Convention is the result of many years of arduous effort to improve children’s situation in society. It is also the starting point for developing a new attitude to children.
Obviously, making children’s rights a part of positive law is not the end of the matter. There is in fact a clear connection between legal and social norms (i.e. between the law and educational science). Educational science, teaching us how to deal with children, is all about human and children’s rights. Therefore the relationship between education and the human rights project, particularly the children’s rights project, is central to this book. The author presents a clear view of children’s rights and their background. This book is therefore eminently suited for educational purposes and for those who want to look beyond “the rules”.
Professor Eugeen Verhellen teaches at the Faculty of Psychology and Educational Sciences and the Law Faculty of the University of Gent in Belgium. He is also the director of the Children’s Rights Centre, set up at the university of Gent.
Obviously, making children’s rights a part of positive law is not the end of the matter. There is in fact a clear connection between legal and social norms (i.e. between the law and educational science). Educational science, teaching us how to deal with children, is all about human and children’s rights. Therefore the relationship between education and the human rights project, particularly the children’s rights project, is central to this book. The author presents a clear view of children’s rights and their background. This book is therefore eminently suited for educational purposes and for those who want to look beyond “the rules”.
Professor Eugeen Verhellen teaches at the Faculty of Psychology and Educational Sciences and the Law Faculty of the University of Gent in Belgium. He is also the director of the Children’s Rights Centre, set up at the university of Gent.
Convention on the Rights of the Child. Backgrounds, motivation, strategies, main themes
€ 20,00
The adoption and entry into force of the Convention on the Rights of the Child is an important milestone in history. The Convention is the result of many years of arduous effort to improve children’s situation in society. It is also the starting point for developing a new attitude to children.
Obviously, making children’s rights a part of positive law is not the end of the matter. There is in fact a clear connection between legal and social norms (i.e. between the law and educational science). Educational science, teaching us how to deal with children, is all about human and children’s rights. Therefore the relationship between education and the human rights project, particularly the children’s rights project, is central to this book. The author presents a clear view of children’s rights and their background. This book is therefore eminently suited for educational purposes and for those who want to look beyond “the rules”.
Professor Eugeen Verhellen teaches at the Faculty of Psychology and Educational Sciences and the Law Faculty of the University of Gent in Belgium. He is also the director of the Children’s Rights Centre, set up at the university of Gent.
Obviously, making children’s rights a part of positive law is not the end of the matter. There is in fact a clear connection between legal and social norms (i.e. between the law and educational science). Educational science, teaching us how to deal with children, is all about human and children’s rights. Therefore the relationship between education and the human rights project, particularly the children’s rights project, is central to this book. The author presents a clear view of children’s rights and their background. This book is therefore eminently suited for educational purposes and for those who want to look beyond “the rules”.
Professor Eugeen Verhellen teaches at the Faculty of Psychology and Educational Sciences and the Law Faculty of the University of Gent in Belgium. He is also the director of the Children’s Rights Centre, set up at the university of Gent.
Children and media. Multidisciplinary approaches
€ 19,50
This book offers a large array of approaches to studying childrend and the media, including views from communication theory, developmental psychology, sociology, cultural studies, educational theory and history, with methodologies such as quantitative analysis, ethnographic studies and theoretical inferences.
Topics include chilren''s culture, the child audience, parental regulation of violent TV contents and other forms of parental media guidance, media use and conflict, communication, self-concept and socialisation, problems related to the integration of information and communication technology in schools. The purpose of this multi-and interdisciplinary overview of studies and perspectives is to show how varied and rich are the ways in which children''s use of the media can be studied from the child''s perspective. Throughout this book there is a strong emphasis on children''s experiences and perceptions. Children are active participants in a process of meaning production within the restraints and boundaries of their surroundings and the social and psychological system in which they live. This environment affects them, but - as it all too often ignored - is also affected by them.
While this book studies media and children, the view that children are active participants in producing meaning in their lives is applicable to other areas of interest. This book offers some food for thought and gives provocative perspectives to propagate an active approach to children, an approach that still struggles to complete with the more dominant view of children as mere objects of socialisation.
Bea Van den Bergh is Senior Researcher at the Population and Family Study Centre (CBGS), Brussels.
Jan Van den Bulck is Assistant Professor at the Department of Communication, Katholieke Universiteit Leuven.
Topics include chilren''s culture, the child audience, parental regulation of violent TV contents and other forms of parental media guidance, media use and conflict, communication, self-concept and socialisation, problems related to the integration of information and communication technology in schools. The purpose of this multi-and interdisciplinary overview of studies and perspectives is to show how varied and rich are the ways in which children''s use of the media can be studied from the child''s perspective.
While this book studies media and children, the view that children are active participants in producing meaning in their lives is applicable to other areas of interest. This book offers some food for thought and gives provocative perspectives to propagate an active approach to children, an approach that still struggles to complete with the more dominant view of children as mere objects of socialisation.
Bea Van den Bergh is Senior Researcher at the Population and Family Study Centre (CBGS), Brussels.
Jan Van den Bulck is Assistant Professor at the Department of Communication, Katholieke Universiteit Leuven.
Children and media. Multidisciplinary approaches
€ 19,50
This book offers a large array of approaches to studying childrend and the media, including views from communication theory, developmental psychology, sociology, cultural studies, educational theory and history, with methodologies such as quantitative analysis, ethnographic studies and theoretical inferences.
Topics include chilren''s culture, the child audience, parental regulation of violent TV contents and other forms of parental media guidance, media use and conflict, communication, self-concept and socialisation, problems related to the integration of information and communication technology in schools. The purpose of this multi-and interdisciplinary overview of studies and perspectives is to show how varied and rich are the ways in which children''s use of the media can be studied from the child''s perspective. Throughout this book there is a strong emphasis on children''s experiences and perceptions. Children are active participants in a process of meaning production within the restraints and boundaries of their surroundings and the social and psychological system in which they live. This environment affects them, but - as it all too often ignored - is also affected by them.
While this book studies media and children, the view that children are active participants in producing meaning in their lives is applicable to other areas of interest. This book offers some food for thought and gives provocative perspectives to propagate an active approach to children, an approach that still struggles to complete with the more dominant view of children as mere objects of socialisation.
Bea Van den Bergh is Senior Researcher at the Population and Family Study Centre (CBGS), Brussels.
Jan Van den Bulck is Assistant Professor at the Department of Communication, Katholieke Universiteit Leuven.
Topics include chilren''s culture, the child audience, parental regulation of violent TV contents and other forms of parental media guidance, media use and conflict, communication, self-concept and socialisation, problems related to the integration of information and communication technology in schools. The purpose of this multi-and interdisciplinary overview of studies and perspectives is to show how varied and rich are the ways in which children''s use of the media can be studied from the child''s perspective.
While this book studies media and children, the view that children are active participants in producing meaning in their lives is applicable to other areas of interest. This book offers some food for thought and gives provocative perspectives to propagate an active approach to children, an approach that still struggles to complete with the more dominant view of children as mere objects of socialisation.
Bea Van den Bergh is Senior Researcher at the Population and Family Study Centre (CBGS), Brussels.
Jan Van den Bulck is Assistant Professor at the Department of Communication, Katholieke Universiteit Leuven.
Verdrag inzake de rechten van het kind. Achtergronden, motieven, strategieën, hoofdlijnen
€ 20,00
De aanvaarding van het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind door de Verenigde Naties en het van kracht worden van dit verdrag is een belangrijke historische mijlpaal. Ze is de bekroning van een lang, moeizaam ijveren om de maatschappelijke positie van het kind te verbeteren. Tevens betekent zij het startsein van een hernieuwd denken en handelen omtrent kinderen. De auteur presenteert een duidelijke visie omtrent het wat, waarom en hoe van kinderrechten. Deze uitgave is daarom bij uitstek geschikt voor vorming en opleiding en voor wie verder wil kijken dan ‘regels’.
Verdrag inzake de rechten van het kind. Achtergronden, motieven, strategieën, hoofdlijnen
€ 20,00
De aanvaarding van het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind door de Verenigde Naties en het van kracht worden van dit verdrag is een belangrijke historische mijlpaal. Ze is de bekroning van een lang, moeizaam ijveren om de maatschappelijke positie van het kind te verbeteren. Tevens betekent zij het startsein van een hernieuwd denken en handelen omtrent kinderen. De auteur presenteert een duidelijke visie omtrent het wat, waarom en hoe van kinderrechten. Deze uitgave is daarom bij uitstek geschikt voor vorming en opleiding en voor wie verder wil kijken dan ‘regels’.
GVO en communicatie in de gezondheidszorg
€ 16,00
Werkdruk, tijdgebrek en zovele andere factoren bemoeilijken het uitbouwen van GVO-gezondheidsvoorlichting en opvoeding.
Toch is GVO een onmisbaar element in de gezondheidszorg. Niet alleen verpleegkundigen, vroedvrouwen, maar ook elke gezondheidswerker en zorgverlener heeft als taak cliënten/ patiënten voor te lichten en te begeleiden.
GVO is een vaak onderschatte verantwoordelijkheid. Kennis, inzicht, begrip, professionele grondhouding en vaardigheden, en nog zoveel meer, zijn noodzakelijk. Daarbij spelen eigen waarden en normen, gevoelens en ervaringen voortdurend een rol. Alles moet een eigen plaats krijgen, de patiënt/cliënt ten goede. GVO is geen tussendoor-activiteit, maar vraagt tijd en methode: doelgericht, systematisch en planmatig samenwerken.
Dit boek is in de eerste plaats bedoeld voor verpleegkundigen, vroedvrouwen, ...maar andere gezondheidswerkers zullen er ook hun voordeel mee doen.
Thérese Claessens, vroedvrouw en sociaal verpleegkundige, is praktijklector aan de Karel de Grote Hogeschool, Departement Gezondheidszorg, in Antwerpen.
GVO en communicatie in de gezondheidszorg
€ 16,00
Werkdruk, tijdgebrek en zovele andere factoren bemoeilijken het uitbouwen van GVO-gezondheidsvoorlichting en opvoeding.
Toch is GVO een onmisbaar element in de gezondheidszorg. Niet alleen verpleegkundigen, vroedvrouwen, maar ook elke gezondheidswerker en zorgverlener heeft als taak cliënten/ patiënten voor te lichten en te begeleiden.
GVO is een vaak onderschatte verantwoordelijkheid. Kennis, inzicht, begrip, professionele grondhouding en vaardigheden, en nog zoveel meer, zijn noodzakelijk. Daarbij spelen eigen waarden en normen, gevoelens en ervaringen voortdurend een rol. Alles moet een eigen plaats krijgen, de patiënt/cliënt ten goede. GVO is geen tussendoor-activiteit, maar vraagt tijd en methode: doelgericht, systematisch en planmatig samenwerken.
Dit boek is in de eerste plaats bedoeld voor verpleegkundigen, vroedvrouwen, ...maar andere gezondheidswerkers zullen er ook hun voordeel mee doen.
Thérese Claessens, vroedvrouw en sociaal verpleegkundige, is praktijklector aan de Karel de Grote Hogeschool, Departement Gezondheidszorg, in Antwerpen.

