Niet zomaar een boek – Een oplossingsgerichte reis
Een dagboek heeft iets geheimzinnigs.Het belooft inkijk te geven in dediepste roerselen, de geheimstegedachten, de grote en kleinebelevenissen die een verschil maken.Het wordt een geschiedenis, eenbiografie die jou beschrijft, en jedaardoor ook bepaalt. Een blauwdrukvan een door jou gecreëerde identiteit.Want woorden beschrijven niet derealiteit.
Woorden scheppen de realiteit.Ze belichten geselecteerde aspectenvan dat erg complexe geheel… enhetgeen waarop je focust, wordtversterkt. Dat hebben we vanHeisenberg geleerd.In de hersenen vormen zich sporen,leert recent wetenschappelijkonderzoek.
Probleemsporen ontstaan bij hetfocussen op problemen, zodat weriskeren te denken dat we enkelprobleem zijn, slachtoffer van onsleven. Oplossingssporen wordengevormd bij het focussen op sterktes,resources, oplossingen en geven eenbeter gevoel. Ze helpen ontdekkendat we keuzes kunnen maken, dat wegreep hebben op ons leven.De toekomst is maakbaar door demanier waarop we haar beschrijven.
In ‘Niet zomaar een boek’ gidstde auteur in die onderneming.De vragen helpen om eeneigen, unieke ‘handleiding’ teontdekken, te behouden watrealistisch naar een gewenstetoekomst leidt, te verruimen watons belemmert. Ze verleggen defocus van probleemversterkendnaar oplossingversterkend, vanfalen naar successen, van jezelfals ‘lijdend’ voorwerp naar jezelfals ‘onderwerp’ van je leven, eeningrijpende ontdekkingstocht.Voor wie iets extra’s wenst,worden helpende techniekenaangereikt.
‘Life is not the way it is supposedto be. It is the way it is. The wayyou cope with it is what makesthe difference.’
(Virginia Satir)
‘Deze reis maakt het verschil.Men weze gewaarschuwd.Dit boek kan je leven ingrijpendveranderen.’
(Dr. Myriam Le Fevere de Ten Hove)
Niet zomaar een boek – Een oplossingsgerichte reis
Een dagboek heeft iets geheimzinnigs.Het belooft inkijk te geven in dediepste roerselen, de geheimstegedachten, de grote en kleinebelevenissen die een verschil maken.Het wordt een geschiedenis, eenbiografie die jou beschrijft, en jedaardoor ook bepaalt. Een blauwdrukvan een door jou gecreëerde identiteit.Want woorden beschrijven niet derealiteit.
Woorden scheppen de realiteit.Ze belichten geselecteerde aspectenvan dat erg complexe geheel… enhetgeen waarop je focust, wordtversterkt. Dat hebben we vanHeisenberg geleerd.In de hersenen vormen zich sporen,leert recent wetenschappelijkonderzoek.
Probleemsporen ontstaan bij hetfocussen op problemen, zodat weriskeren te denken dat we enkelprobleem zijn, slachtoffer van onsleven. Oplossingssporen wordengevormd bij het focussen op sterktes,resources, oplossingen en geven eenbeter gevoel. Ze helpen ontdekkendat we keuzes kunnen maken, dat wegreep hebben op ons leven.De toekomst is maakbaar door demanier waarop we haar beschrijven.
In ‘Niet zomaar een boek’ gidstde auteur in die onderneming.De vragen helpen om eeneigen, unieke ‘handleiding’ teontdekken, te behouden watrealistisch naar een gewenstetoekomst leidt, te verruimen watons belemmert. Ze verleggen defocus van probleemversterkendnaar oplossingversterkend, vanfalen naar successen, van jezelfals ‘lijdend’ voorwerp naar jezelfals ‘onderwerp’ van je leven, eeningrijpende ontdekkingstocht.Voor wie iets extra’s wenst,worden helpende techniekenaangereikt.
‘Life is not the way it is supposedto be. It is the way it is. The wayyou cope with it is what makesthe difference.’
(Virginia Satir)
‘Deze reis maakt het verschil.Men weze gewaarschuwd.Dit boek kan je leven ingrijpendveranderen.’
(Dr. Myriam Le Fevere de Ten Hove)
Wanneer woorden tekortschieten.Creatief op zoek naar het doorleefde levensverhaal
Het levensverhaal van eenieder is uniek, met ups en downs, met tekortschietenvreugde en verdriet. Oudere volwassenen denken graag na over allelevenservaring die ze hebben opgedaan.
De auteur geeft in dit boek een aantal inzichten over hoe men metpassie kan leven en hoe men creativiteit kan brengen in het eigen levenen levensverhaal. Ook toont de auteur hoe begeleiders/coaches opzoek kunnen gaan naar het doorleefde levensverhaal van individuelemensen of mensen in groep, waarbij ze niet alleen expert zijn, maarook vertrouwenspersoon en begeleider. Hierbij is het belangrijk om deoudere volwassene centraal te stellen en te werken vanuit zijn sterktes,mogelijkheden, talenten, dromen en competenties. Er wordt niet enkelingezet op het verleden en het heden. Ook de toekomst komt aan bod.Hoe kan het leven er over vijf of tien jaar uitzien?
Dit boek is bedoeld voor iedereen die op een creatieve manier zijnlevensverhaal naar boven wil brengen. Het is ook bedoeld voor begeleiders/coaches die ondersteuning bieden om het levensverhaal vanoudere volwassenen in beeld te brengen.
Wanneer woorden tekortschieten.Creatief op zoek naar het doorleefde levensverhaal
Het levensverhaal van eenieder is uniek, met ups en downs, met tekortschietenvreugde en verdriet. Oudere volwassenen denken graag na over allelevenservaring die ze hebben opgedaan.
De auteur geeft in dit boek een aantal inzichten over hoe men metpassie kan leven en hoe men creativiteit kan brengen in het eigen levenen levensverhaal. Ook toont de auteur hoe begeleiders/coaches opzoek kunnen gaan naar het doorleefde levensverhaal van individuelemensen of mensen in groep, waarbij ze niet alleen expert zijn, maarook vertrouwenspersoon en begeleider. Hierbij is het belangrijk om deoudere volwassene centraal te stellen en te werken vanuit zijn sterktes,mogelijkheden, talenten, dromen en competenties. Er wordt niet enkelingezet op het verleden en het heden. Ook de toekomst komt aan bod.Hoe kan het leven er over vijf of tien jaar uitzien?
Dit boek is bedoeld voor iedereen die op een creatieve manier zijnlevensverhaal naar boven wil brengen. Het is ook bedoeld voor begeleiders/coaches die ondersteuning bieden om het levensverhaal vanoudere volwassenen in beeld te brengen.
Jaarboek KMSKA 2015-2016
Het jaarboek van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen is één van de langstlopende en belangrijkste kunsthistorische tijdschriften. In deze uitgave krijgen wetenschappelijke bijdragen van de onderzoekers van het museum en auteurs uit binnen- en buitenland hun plaats. Diverse thema’s en kunstenaars, zoals de Antwerpse kunstenaarsfamilie Coignet en Jan Van Beers, komen in deze rijk geïllustreerde uitgave aan bod.
Paul Vandenbroeck voerde de eindredactie. Hij is medewerker collectieonderzoek bij het KMSKA en doceert aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de KU Leuven.
Jaarboek KMSKA 2015-2016
Het jaarboek van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen is één van de langstlopende en belangrijkste kunsthistorische tijdschriften. In deze uitgave krijgen wetenschappelijke bijdragen van de onderzoekers van het museum en auteurs uit binnen- en buitenland hun plaats. Diverse thema’s en kunstenaars, zoals de Antwerpse kunstenaarsfamilie Coignet en Jan Van Beers, komen in deze rijk geïllustreerde uitgave aan bod.
Paul Vandenbroeck voerde de eindredactie. Hij is medewerker collectieonderzoek bij het KMSKA en doceert aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de KU Leuven.
Start to teach. Inspiratiegids over aanvangsbegeleiding in het onderwijs
Starters in het onderwijs worden keer op keer als een probleem voorgesteld in de media.Ze vallen bij bosjes uit en hun contracten deugen niet. Maar een bredere kijk op hunpositie ontbreekt. Wat kunnen de onderwijscollega’s, mentoren, directieleden, pedagogischbegeleiders, lerarenopleiders en beleidsmakers doen om hen te helpen? En omgekeerd:hoe kunnen starters hun collega’s helpen?
Deze inspiratiegids heeft een dubbele rol: enerzijds het thema vanuit een brederperspectief bekijken, anderzijds realistische en ambitieuze praktijkvoorbeelden vanaanvangsbegeleiding van zowel pennen uit het werkveld als de academische wereldvoorstellen. Met andere woorden, de inspiratiegids zoomt in op belangrijke factorendie bepalend zijn voor het slagen van de eerste jaren in de onderwijspraktijk, zoals dezin om de job te doen, het belang van samenwerking, levenslang leren met elkaar en(gedeeld) leiderschap. Daarnaast hebben deze voorbeelden één gemeenschappelijkdoel: vanuit een brede, vernieuwende kijk en op onderbouwde wijze de startendeleraar welkom heten in het onderwijslandschap. Er worden prikkelende initiatievenover taal- en landsgrenzen heen gepresenteerd waarmee beleidsverantwoordelijken,lerarenopleiders, pedagogisch begeleiders, (coördinerend) directeurs, mentoren enleraren hun voordeel zullen doen.
Het boek biedt een inspiratiebron voor iedereen die de starter op een voetstuk wilplaatsen en daarbij oog heeft voor passie en talenten.
Start to teach. Inspiratiegids over aanvangsbegeleiding in het onderwijs
Starters in het onderwijs worden keer op keer als een probleem voorgesteld in de media.Ze vallen bij bosjes uit en hun contracten deugen niet. Maar een bredere kijk op hunpositie ontbreekt. Wat kunnen de onderwijscollega’s, mentoren, directieleden, pedagogischbegeleiders, lerarenopleiders en beleidsmakers doen om hen te helpen? En omgekeerd:hoe kunnen starters hun collega’s helpen?
Deze inspiratiegids heeft een dubbele rol: enerzijds het thema vanuit een brederperspectief bekijken, anderzijds realistische en ambitieuze praktijkvoorbeelden vanaanvangsbegeleiding van zowel pennen uit het werkveld als de academische wereldvoorstellen. Met andere woorden, de inspiratiegids zoomt in op belangrijke factorendie bepalend zijn voor het slagen van de eerste jaren in de onderwijspraktijk, zoals dezin om de job te doen, het belang van samenwerking, levenslang leren met elkaar en(gedeeld) leiderschap. Daarnaast hebben deze voorbeelden één gemeenschappelijkdoel: vanuit een brede, vernieuwende kijk en op onderbouwde wijze de startendeleraar welkom heten in het onderwijslandschap. Er worden prikkelende initiatievenover taal- en landsgrenzen heen gepresenteerd waarmee beleidsverantwoordelijken,lerarenopleiders, pedagogisch begeleiders, (coördinerend) directeurs, mentoren enleraren hun voordeel zullen doen.
Het boek biedt een inspiratiebron voor iedereen die de starter op een voetstuk wilplaatsen en daarbij oog heeft voor passie en talenten.
Burn-out ontmaskerd.De dieperliggende oorzaken van een burn-out
Check ook haar website www.coachingbijburnout.be
Burn-out ontmaskerd.De dieperliggende oorzaken van een burn-out
Check ook haar website www.coachingbijburnout.be
Wat moet? En wat is nodig? Over de filosofie van Rudolf Boehm (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 6)
Rudolf Boehm heeft een omvangrijk oeuvre gepubliceerd, het resultaat vanvele jaren onderzoek. Het betreft enerzijds werken die heel concreet stellingnemen tegen het klassieke filosofische denken, anderzijds bouwstenen vooreen nieuwe grondslag van de fenomenologie. Het is een tragische denkwijze.Dit kan verwondering wekken. Immers, gewoonlijk geldt dat in onze moderne,sentimentele cultuur de zin voor tragiek verloren is gegaan. De filosofie vanBoehm, geïnspireerd door een lectuur van Schillers Wallenstein, wijst op hettegendeel. Ze omschrijft de moderniteit als een cultuur die zichzelf verscheurtin een ideaal dat haar ondergang bezegelt. Het gaat weliswaar om een zelfverschuldigdeverlorenheid. Dit boek toont hoe deze filosofie een inspiratiebronkan zijn voor vandaag.
Wat moet? En wat is nodig? Over de filosofie van Rudolf Boehm (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 6)
Rudolf Boehm heeft een omvangrijk oeuvre gepubliceerd, het resultaat vanvele jaren onderzoek. Het betreft enerzijds werken die heel concreet stellingnemen tegen het klassieke filosofische denken, anderzijds bouwstenen vooreen nieuwe grondslag van de fenomenologie. Het is een tragische denkwijze.Dit kan verwondering wekken. Immers, gewoonlijk geldt dat in onze moderne,sentimentele cultuur de zin voor tragiek verloren is gegaan. De filosofie vanBoehm, geïnspireerd door een lectuur van Schillers Wallenstein, wijst op hettegendeel. Ze omschrijft de moderniteit als een cultuur die zichzelf verscheurtin een ideaal dat haar ondergang bezegelt. Het gaat weliswaar om een zelfverschuldigdeverlorenheid. Dit boek toont hoe deze filosofie een inspiratiebronkan zijn voor vandaag.
Korte therapie. Handleiding bij het Brugse model voor psychotherapie met een toepassing op kinderen en jongeren
In dit boek wordt het ‘Brugse model’ van korte therapie voorgesteld. Dit model is ontstaan aan het Korzybski Instituut in Brugge, met Luc Isebaert, Marie-Christine Cabié, Louis Cauffman en Myriam Le Fevere de Ten Hove. Het werd door de Amerikaanse deelnemers op het ‘Therapeutic Conversation 3’-congres in Denver (Colorado – USA) omgedoopt tot ‘The Bruges Model’. Hierin is ‘kort’ geen doel op zich, maar het vanzelfsprekende gevolg van de respectvolle benadering van de cliënt, waarbij hij opnieuw de mogelijkheid ontdekt om zelf te kiezen in zijn doen en denken, om zijn leven zelf terug in handen te nemen, en zo te ontsnappen aan het keurslijf van de symptomen.
Vanuit de overtuiging dat de patiënt de meeste knowhow in huis heeft – maar vaak niet het besef of de strategie om deze te gebruiken – geven wij, als therapeut, onszelf niet de opdracht hem te vergezellen tot het probleem volledig is opgelost, maar stoppen we wanneer de patiënt voldoende op de goede weg is gezet. Deze coöperatieve werkwijze tussen cliënt en therapeut vermijdt ook het creëren van weerstand.
De leidraad voor het gebruiken van dit model van korte therapie wordt dan specifiek toegepast op kinderen en jongeren. Kinderen zijn voortdurend in evolutie: dit impliceert wisselende mogelijkheden en beperkingen. Pubers en adolescenten zijn niet happig op psychotherapie, zeker niet wanneer de ouders vragende partij zijn. Het boek toont aan hoe er kan mee omgegaan worden.
Korte therapie. Handleiding bij het Brugse model voor psychotherapie met een toepassing op kinderen en jongeren
In dit boek wordt het ‘Brugse model’ van korte therapie voorgesteld. Dit model is ontstaan aan het Korzybski Instituut in Brugge, met Luc Isebaert, Marie-Christine Cabié, Louis Cauffman en Myriam Le Fevere de Ten Hove. Het werd door de Amerikaanse deelnemers op het ‘Therapeutic Conversation 3’-congres in Denver (Colorado – USA) omgedoopt tot ‘The Bruges Model’. Hierin is ‘kort’ geen doel op zich, maar het vanzelfsprekende gevolg van de respectvolle benadering van de cliënt, waarbij hij opnieuw de mogelijkheid ontdekt om zelf te kiezen in zijn doen en denken, om zijn leven zelf terug in handen te nemen, en zo te ontsnappen aan het keurslijf van de symptomen.
Vanuit de overtuiging dat de patiënt de meeste knowhow in huis heeft – maar vaak niet het besef of de strategie om deze te gebruiken – geven wij, als therapeut, onszelf niet de opdracht hem te vergezellen tot het probleem volledig is opgelost, maar stoppen we wanneer de patiënt voldoende op de goede weg is gezet. Deze coöperatieve werkwijze tussen cliënt en therapeut vermijdt ook het creëren van weerstand.
De leidraad voor het gebruiken van dit model van korte therapie wordt dan specifiek toegepast op kinderen en jongeren. Kinderen zijn voortdurend in evolutie: dit impliceert wisselende mogelijkheden en beperkingen. Pubers en adolescenten zijn niet happig op psychotherapie, zeker niet wanneer de ouders vragende partij zijn. Het boek toont aan hoe er kan mee omgegaan worden.
Sensoa Flag System.Reacting to sexually (un)acceptable behaviour of children and young people
The Sensoa Flag System© is an evidence-based tool for identifying acceptable andunacceptable sexual behaviour of children and young people.“The Flag System helps to asses a situation when discussing it in team and to decide togetherwhat behaviour to allow.”
“The Flag System helps us to create learning opportunities for the young people we attendto and to examine our own discourse as educators and as an organization.”“As a team the Flag System has made us pay more attention to which behaviour is acceptableand how to support our young people in their sexual development.”
Sensoa Flag System is meant for child care workers and professionals working withchildren and young people ages 0 – 18 years. It is used by professionals in differentsettings (care, education, social work, sports and other fields) to discuss sexual (un)acceptable behaviour amongst and toward children and young people with co-workers,management, parents and other care-takers. It can also be used to have the conversationwith children and young people directly about which behaviour is okay andwhich behaviour is not and why this is the case.
The Flag System uses six criteria for determining which sexual behaviour is (un)acceptable.Based on these six criteria and using the Developmental Chart the behaviouris assigned a flag. There are four flags ranging from behaviour that is okay to very seriouslyunacceptable behaviour. An educational response is linked to each of the flags.Drawings and case history help (professional) educators to assess and discuss (unacceptable)sexual behaviour amongst and with respect to children and young people.
Sensoa Flag System.Reacting to sexually (un)acceptable behaviour of children and young people
The Sensoa Flag System© is an evidence-based tool for identifying acceptable andunacceptable sexual behaviour of children and young people.“The Flag System helps to asses a situation when discussing it in team and to decide togetherwhat behaviour to allow.”
“The Flag System helps us to create learning opportunities for the young people we attendto and to examine our own discourse as educators and as an organization.”“As a team the Flag System has made us pay more attention to which behaviour is acceptableand how to support our young people in their sexual development.”
Sensoa Flag System is meant for child care workers and professionals working withchildren and young people ages 0 – 18 years. It is used by professionals in differentsettings (care, education, social work, sports and other fields) to discuss sexual (un)acceptable behaviour amongst and toward children and young people with co-workers,management, parents and other care-takers. It can also be used to have the conversationwith children and young people directly about which behaviour is okay andwhich behaviour is not and why this is the case.
The Flag System uses six criteria for determining which sexual behaviour is (un)acceptable.Based on these six criteria and using the Developmental Chart the behaviouris assigned a flag. There are four flags ranging from behaviour that is okay to very seriouslyunacceptable behaviour. An educational response is linked to each of the flags.Drawings and case history help (professional) educators to assess and discuss (unacceptable)sexual behaviour amongst and with respect to children and young people.
Het bruggesprek. Een opstap naar vormend onderwijs
Onderwijs maakt toekomst en heeft daarom de taak om leerlingen voor te bereiden op eensamenleving die totaal onvoorspelbaar is en voortdurend verandert. Hoe doen leerkrachtendat?
Bruggesprekken kunnen een aanzet zijn om kinderen te leren naar zichzelf te kijken, omeen beter zelfbeeld te ontwikkelen. Van daaruit kunnen ze stappen zetten naar anderen.De wereld stopt niet aan de eigen gemeente. Kinderen worden later burgers die hun verantwoordelijkheidopnemen en hun deel bijdragen om een betere wereld tot stand te brengen.
Bruggesprekken willen dat aanleren door het verbinden van gevoel, verstand en handelen,vroeger en nu, ik en anderen.
In het bruggesprek is de leerkracht naast deskundige ook mens. Soms vertelt de leerkrachtuit eigen ervaringen, soms geeft hij een persoonlijke kijk of beleving. De leerkracht staatmodel als mens. Dit is onderwijs met een visie. Een delicate, maar wezenlijke opdracht.De vele voorbeelden in dit boek leren leerkrachten het bruggesprek stap voor stap in deklas toe te passen en hun onderwijs diepgaander en spannender te maken.
Dit boek is bedoeld voor leerkrachten uit het basisonderwijs, maar kan zeker ook gebruiktworden in het secundair onderwijs.
Het bruggesprek. Een opstap naar vormend onderwijs
Onderwijs maakt toekomst en heeft daarom de taak om leerlingen voor te bereiden op eensamenleving die totaal onvoorspelbaar is en voortdurend verandert. Hoe doen leerkrachtendat?
Bruggesprekken kunnen een aanzet zijn om kinderen te leren naar zichzelf te kijken, omeen beter zelfbeeld te ontwikkelen. Van daaruit kunnen ze stappen zetten naar anderen.De wereld stopt niet aan de eigen gemeente. Kinderen worden later burgers die hun verantwoordelijkheidopnemen en hun deel bijdragen om een betere wereld tot stand te brengen.
Bruggesprekken willen dat aanleren door het verbinden van gevoel, verstand en handelen,vroeger en nu, ik en anderen.
In het bruggesprek is de leerkracht naast deskundige ook mens. Soms vertelt de leerkrachtuit eigen ervaringen, soms geeft hij een persoonlijke kijk of beleving. De leerkracht staatmodel als mens. Dit is onderwijs met een visie. Een delicate, maar wezenlijke opdracht.De vele voorbeelden in dit boek leren leerkrachten het bruggesprek stap voor stap in deklas toe te passen en hun onderwijs diepgaander en spannender te maken.
Dit boek is bedoeld voor leerkrachten uit het basisonderwijs, maar kan zeker ook gebruiktworden in het secundair onderwijs.
Zonder schulden op de schoolbank.Omgaan met onbetaalde schoolrekening.Een inspiratiegids
Suzy is vorige zomer gescheiden. De drie kinderen, Sofie (13), Lena (10) enBas (7) wonen bij hun mama en gaan sporadisch op bezoek bij hun papa,die vaak in het buitenland is voor zijn werk. Suzy kocht haar man uit enbetaalt nu de lening voor hun woning alleen af. Helaas blijkt al gauw dathaar inkomen niet volstaat voor de afbetaling én het onderhoud van dezewoning. De rekeningen beginnen zich op te stapelen en er is geen geldmeer voor kledij, uitstapjes of andere leuke dingen. Wanneer Suzy ook deschoolrekening niet meer kan betalen, is ze zo beschaamd dat ze haar kinderenalleen naar school stuurt en niet meer naar het oudercontact gaat.De toenemende armoede heeft een voelbare impact op het onderwijs.Steeds meer scholen worden geconfronteerd met kinderen die met eenlege maag naar school komen, maar ook met kinderen van zogenaamde‘nieuwe armen’, die het ooit goed hadden en door ziekte, scheidingof het verlies van werk plots in armoede zijn beland. Vaak blijven deschoolrekeningen van deze kinderen onbetaald.
Dit boek biedt heel wat inspiratie en handvatten om een oplossing tevinden voor scholen, leerlingen en hun ouder(s). Het benadert hetprobleem van onbetaalde schoolrekeningen in zijn totaliteit en vanuiteen duidelijke visie. Het biedt inzicht in de redenen waarom ouders deschoolrekening niet betalen. Je vindt in dit boek ook praktijkvoorbeeldenen werkinstrumenten waar je meteen mee aan de slag kan.
SOS - vzw SOS Schulden Op School gaat uit van het feit dat armoedeeen complex gegeven is waarbij verschillende levensdomeinen getroffenworden, ook onderwijs. Kosten op school kunnen dan ook eendrempel zijn en uitsluiting in de hand werken. Schulden op Schoolpleit in dit boek voor een menswaardige aanpak van onbetaalde schoolrekeningen.
Zonder schulden op de schoolbank.Omgaan met onbetaalde schoolrekening.Een inspiratiegids
Suzy is vorige zomer gescheiden. De drie kinderen, Sofie (13), Lena (10) enBas (7) wonen bij hun mama en gaan sporadisch op bezoek bij hun papa,die vaak in het buitenland is voor zijn werk. Suzy kocht haar man uit enbetaalt nu de lening voor hun woning alleen af. Helaas blijkt al gauw dathaar inkomen niet volstaat voor de afbetaling én het onderhoud van dezewoning. De rekeningen beginnen zich op te stapelen en er is geen geldmeer voor kledij, uitstapjes of andere leuke dingen. Wanneer Suzy ook deschoolrekening niet meer kan betalen, is ze zo beschaamd dat ze haar kinderenalleen naar school stuurt en niet meer naar het oudercontact gaat.De toenemende armoede heeft een voelbare impact op het onderwijs.Steeds meer scholen worden geconfronteerd met kinderen die met eenlege maag naar school komen, maar ook met kinderen van zogenaamde‘nieuwe armen’, die het ooit goed hadden en door ziekte, scheidingof het verlies van werk plots in armoede zijn beland. Vaak blijven deschoolrekeningen van deze kinderen onbetaald.
Dit boek biedt heel wat inspiratie en handvatten om een oplossing tevinden voor scholen, leerlingen en hun ouder(s). Het benadert hetprobleem van onbetaalde schoolrekeningen in zijn totaliteit en vanuiteen duidelijke visie. Het biedt inzicht in de redenen waarom ouders deschoolrekening niet betalen. Je vindt in dit boek ook praktijkvoorbeeldenen werkinstrumenten waar je meteen mee aan de slag kan.
SOS - vzw SOS Schulden Op School gaat uit van het feit dat armoedeeen complex gegeven is waarbij verschillende levensdomeinen getroffenworden, ook onderwijs. Kosten op school kunnen dan ook eendrempel zijn en uitsluiting in de hand werken. Schulden op Schoolpleit in dit boek voor een menswaardige aanpak van onbetaalde schoolrekeningen.
De Oorlogsorde der Geneesheren 1941-1944.Beslechting van een broederstrijd.(Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 9)
Na de inval van de Duitse legers in mei 1940 legde het militairbestuur aan de Belgische artsen een reorganisatie vanhun beroepsverenigingen op met vorming van één enkele organisatie.De bestaande twee grote verenigingen gingen hierop inmaar al spoedig kwamen de communautaire geschillen die hen tijdenshet interbellum hadden verdeeld, aan de oppervlakte. Dit leidde tot een felletweestrijd en de oprichting van de Oorlogsorde, waaraan vooral flamingantischeartsen meewerkten. Ze werden wel gesteund door een aantal Waalseartsen. De Oorlogsorde werd van nabij gecontroleerd door het Duitse militairebestuur en door het Belgische ministerie dat geleid werd door eensecretaris-generaal. Na haar oprichting poogde de Oorlogsorde de geneeskundeen de volksgezondheid onder haar controle te brengen en te reorganiseren.
Ze kwam daarbij niet alleen in conflict met een belangrijk deelvan de Belgische artsen maar werd ook betrokken bij maatregelen die vande bezetter uitgingen. Dit is haar leiders na de bezetting zwaar aangerekendgeweest. Het einde van de oorlog bracht niet alleen het verdwijnen van deOorlogsorde mee maar luidde tevens een nieuw tijdperk in de aanpak van devolksgezondheid in België in.
Dit boek beschrijft het verloop van de gebeurtenissen. Gevoelige en controversiëlethema’s, zoals de soms betwistbare houding van de tegenstandersvan de Oorlogsorde, de mogelijke collaboratie met de bezetter, de radicalehouding van sommige bestuurders of de verhouding met de joodse artsen,worden geenszins uit de weg gegaan. De auteur is er zich ten volle vanbewust hoe, meer dan 70 jaar na de feiten, deze aspecten nog bijzondergevoelig liggen.
>>Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
De Oorlogsorde der Geneesheren 1941-1944.Beslechting van een broederstrijd.(Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 9)
Na de inval van de Duitse legers in mei 1940 legde het militairbestuur aan de Belgische artsen een reorganisatie vanhun beroepsverenigingen op met vorming van één enkele organisatie.De bestaande twee grote verenigingen gingen hierop inmaar al spoedig kwamen de communautaire geschillen die hen tijdenshet interbellum hadden verdeeld, aan de oppervlakte. Dit leidde tot een felletweestrijd en de oprichting van de Oorlogsorde, waaraan vooral flamingantischeartsen meewerkten. Ze werden wel gesteund door een aantal Waalseartsen. De Oorlogsorde werd van nabij gecontroleerd door het Duitse militairebestuur en door het Belgische ministerie dat geleid werd door eensecretaris-generaal. Na haar oprichting poogde de Oorlogsorde de geneeskundeen de volksgezondheid onder haar controle te brengen en te reorganiseren.
Ze kwam daarbij niet alleen in conflict met een belangrijk deelvan de Belgische artsen maar werd ook betrokken bij maatregelen die vande bezetter uitgingen. Dit is haar leiders na de bezetting zwaar aangerekendgeweest. Het einde van de oorlog bracht niet alleen het verdwijnen van deOorlogsorde mee maar luidde tevens een nieuw tijdperk in de aanpak van devolksgezondheid in België in.
Dit boek beschrijft het verloop van de gebeurtenissen. Gevoelige en controversiëlethema’s, zoals de soms betwistbare houding van de tegenstandersvan de Oorlogsorde, de mogelijke collaboratie met de bezetter, de radicalehouding van sommige bestuurders of de verhouding met de joodse artsen,worden geenszins uit de weg gegaan. De auteur is er zich ten volle vanbewust hoe, meer dan 70 jaar na de feiten, deze aspecten nog bijzondergevoelig liggen.
>>Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
De geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht van de advocaat
De geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht van de advocaat
Macht en slavernij. En verzet,bevrijding en vrijheid (Cahiers Campus Gelbergen Nr.7)
De meest uitgesproken vorm van negatief, vaak gewelddadige dwangen bevel, is slavernij. Meestal als minderwaardig voorgestelde mensenworden hier volledig onderworpen aan de absolute en willekeurigedespotie van een heer. Deze verslavingsmacht kan echter ook positiefuitpakken en leiden tot een merkwaardige verstrengeling vanonderworpenheid, overgave en zich vrij werken. Juist bij slavernij zijnverzet en bevrijding het meest ondubbelzinnig aan het werk als ‘tegende macht in werkende handelingen’.
In de wereld van nu is slavernij verboden en zijn alle mensen totvrij geboren, gelijke en gelijkwaardige leden van de mensenfamilie‘verklaard’. Betekent dit dat macht en slavernij verdwenen zijn? Oftenminste, dat zij veranderd zijn in een vrij en ongedwongen omgaan,samenleven en samenwerken met elkaar? Of is er geen spat veranderd?
Macht en slavernij. En verzet,bevrijding en vrijheid (Cahiers Campus Gelbergen Nr.7)
De meest uitgesproken vorm van negatief, vaak gewelddadige dwangen bevel, is slavernij. Meestal als minderwaardig voorgestelde mensenworden hier volledig onderworpen aan de absolute en willekeurigedespotie van een heer. Deze verslavingsmacht kan echter ook positiefuitpakken en leiden tot een merkwaardige verstrengeling vanonderworpenheid, overgave en zich vrij werken. Juist bij slavernij zijnverzet en bevrijding het meest ondubbelzinnig aan het werk als ‘tegende macht in werkende handelingen’.
In de wereld van nu is slavernij verboden en zijn alle mensen totvrij geboren, gelijke en gelijkwaardige leden van de mensenfamilie‘verklaard’. Betekent dit dat macht en slavernij verdwenen zijn? Oftenminste, dat zij veranderd zijn in een vrij en ongedwongen omgaan,samenleven en samenwerken met elkaar? Of is er geen spat veranderd?
Sociaal Werk. De studie en het beroep
Het sociaal werk is een dynamische, ondernemende sector. Dat is ook nodig in eensamenleving die snel verandert, waar sociale problemen een weerbarstig karakterhebben en nieuwe uitdagingen voortdurend opduiken. Tegelijk staat het sociaal werkonder druk. Vermarkting, vermaatschappelijking, globalisering, individualisering enz. zijnevoluties die vragen naar een stevige positionering van het sociaal werk. Het strevennaar een rechtvaardige samenleving, naar duurzame oplossingen voor sociale kwestiesen het zoeken naar krachtige vormen van empowerment en emancipatie blijven ook indeze turbulente context de ambities van sociaal werkers. Al deze vragen en uitdagingendagen de opleiding sociaal werk voortdurend uit om te zoeken naar sterk onderwijs omde toekomstige sociaal werker optimaal aan de startlijn van de beroepsuitoefening tekrijgen.
In dit boek verhelderen lectoren en opleidingsverantwoordelijken hoe die opleiding eenbijdrage levert tot de positionering, profilering en professionalisering van het sociaalwerk en de sociaal werker.
Sociaal Werk. De studie en het beroep
Het sociaal werk is een dynamische, ondernemende sector. Dat is ook nodig in eensamenleving die snel verandert, waar sociale problemen een weerbarstig karakterhebben en nieuwe uitdagingen voortdurend opduiken. Tegelijk staat het sociaal werkonder druk. Vermarkting, vermaatschappelijking, globalisering, individualisering enz. zijnevoluties die vragen naar een stevige positionering van het sociaal werk. Het strevennaar een rechtvaardige samenleving, naar duurzame oplossingen voor sociale kwestiesen het zoeken naar krachtige vormen van empowerment en emancipatie blijven ook indeze turbulente context de ambities van sociaal werkers. Al deze vragen en uitdagingendagen de opleiding sociaal werk voortdurend uit om te zoeken naar sterk onderwijs omde toekomstige sociaal werker optimaal aan de startlijn van de beroepsuitoefening tekrijgen.
In dit boek verhelderen lectoren en opleidingsverantwoordelijken hoe die opleiding eenbijdrage levert tot de positionering, profilering en professionalisering van het sociaalwerk en de sociaal werker.
Partnerstigma bij extrafamiliaal pedoseksueel misbruik. Een kwalitatief onderzoek (Gandaius Meesterlijk 7)
Onderzoek naar daders en slachtoffers van
extrafamiliaal pedoseksueel misbruik is, ook
in Vlaanderen, behoorlijk gevorderd. Reële
onderzoeksinteresse naar partners of expartners,
als dichtste naasten van daders, bleef
tot dusver evenwel uit, zelfs internationaal.
Nochtans zijn zij misschien de verborgen slachtoffers.
De omvang van de stigmatisering die zij ervaren, blijkt verrassend
groot, en de maatschappelijke assimilatie met de door hun (ex-)
partners gepleegde feiten vrijwel totaal. Ook zelfstigma blijkt
systematisch voorhanden. Partners en ex-partners voelen zich niet
gehoord en ervaren belangrijke drempels naar en in de hulpverlening.
“Dominique Scappini levert met haar kwalitatieve studie
naar stigmatisering van partners van extrafamiliale pedoseksuele
misdrijfplegers een belangrijke bijdrage aan het doorbreken van een
taboe dat vooralsnog zowel maatschappelijk als wetenschappelijk
onderbelicht bleef.” - Prof. Dr. Gert Vermeulen
Gandaius Meesterlijk:
- Seksueel partnergeweld in Vlaanderen. Een belevingsstudie
S. Vandecapelle - Straatkinderen (bashege) in Kinshasa. Structureel geweld versus agency
M. Hendriks - Private en commerciële veiligheidszorg in België. Een historisch-criminologisch onderzoek (1870-1934)
P. Leloup - Schadebeperkende maatregelen voor de stad Gent. Een onderzoek naar de lokale noden en prioriteiten
L. Favril, F. Vander Laenen & T. Decorte - Perceiving crime as alternative? A randomized scenario study
B. Van Damme & L. Pauwels - Socialisatie, morele emoties en morele normen. Een empirisch onderzoek vanuit een geïntegreerd perspectief
A. De Buck, L. Pauwels
Partnerstigma bij extrafamiliaal pedoseksueel misbruik. Een kwalitatief onderzoek (Gandaius Meesterlijk 7)
Onderzoek naar daders en slachtoffers van
extrafamiliaal pedoseksueel misbruik is, ook
in Vlaanderen, behoorlijk gevorderd. Reële
onderzoeksinteresse naar partners of expartners,
als dichtste naasten van daders, bleef
tot dusver evenwel uit, zelfs internationaal.
Nochtans zijn zij misschien de verborgen slachtoffers.
De omvang van de stigmatisering die zij ervaren, blijkt verrassend
groot, en de maatschappelijke assimilatie met de door hun (ex-)
partners gepleegde feiten vrijwel totaal. Ook zelfstigma blijkt
systematisch voorhanden. Partners en ex-partners voelen zich niet
gehoord en ervaren belangrijke drempels naar en in de hulpverlening.
“Dominique Scappini levert met haar kwalitatieve studie
naar stigmatisering van partners van extrafamiliale pedoseksuele
misdrijfplegers een belangrijke bijdrage aan het doorbreken van een
taboe dat vooralsnog zowel maatschappelijk als wetenschappelijk
onderbelicht bleef.” - Prof. Dr. Gert Vermeulen
Gandaius Meesterlijk:
- Seksueel partnergeweld in Vlaanderen. Een belevingsstudie
S. Vandecapelle - Straatkinderen (bashege) in Kinshasa. Structureel geweld versus agency
M. Hendriks - Private en commerciële veiligheidszorg in België. Een historisch-criminologisch onderzoek (1870-1934)
P. Leloup - Schadebeperkende maatregelen voor de stad Gent. Een onderzoek naar de lokale noden en prioriteiten
L. Favril, F. Vander Laenen & T. Decorte - Perceiving crime as alternative? A randomized scenario study
B. Van Damme & L. Pauwels - Socialisatie, morele emoties en morele normen. Een empirisch onderzoek vanuit een geïntegreerd perspectief
A. De Buck, L. Pauwels
Socialisatie, morele emoties en morele normen. Een empirisch onderzoek vanuit een geïntegreerd perspectief.Gandaius Meesterlijk, nr. 6
Deze publicatie is een grondige herwerking en uitbreiding
van een verkennende theorie-toetsende
studie die werd uitgevoerd als masterproef in de
Criminologische Wetenschappen (UGent). Deze
publicatie sluit hiermee aan bij de hedendaagse
criminologische aandacht voor individuele
beslissingsprocessen met betrekking tot normoverschrijdend gedrag
en de rol van het morele besef. De studie focust op de betekenis van
belangrijke socialiserende actoren (bindingen met ouders, ouderlijk
toezicht, betrokkenheid op school) ter verklaring van individuele
verschillen in regelovertreding bij adolescenten en de mediërende rol
van morele normen en anticipatie op de morele emoties schaamte en
schuld, twee belangrijke secundaire emoties. Extra aandacht wordt
besteed aan de effecten van de situationele blootstelling aan deviante
peers in interactie met de individuele moraliteit.
Het onderzoek is gevoerd vanuit een geïntegreerd perspectief aangevuld
met inzichten uit de hedendaagse sociale en morele psychologie.
De studie gaat ook in op de betekenis van de resultaten
voor verder onderzoek naar morele beslissingsprocessen, een braakliggend
terrein in de etiologische criminologie.
Gandaius Meesterlijk:
- Seksueel partnergeweld in Vlaanderen. Een belevingsstudie
S. Vandecapelle - Straatkinderen (bashege) in Kinshasa. Structureel geweld versus agency
M. Hendriks - Private en commerciële veiligheidszorg in België. Een historisch-criminologisch onderzoek (1870-1934)
P. Leloup - Schadebeperkende maatregelen voor de stad Gent. Een onderzoek naar de lokale noden en prioriteiten
L. Favril, F. Vander Laenen & T. Decorte - Perceiving crime as alternative? A randomized scenario study
B. Van Damme & L. Pauwels
Ann De Buck studeerde in 2016 af aan de Universiteit Gent als
master in de Criminologische Wetenschappen.
Prof. Dr. Lieven Pauwels was promotor van het onderzoek.
Socialisatie, morele emoties en morele normen. Een empirisch onderzoek vanuit een geïntegreerd perspectief.Gandaius Meesterlijk, nr. 6
Deze publicatie is een grondige herwerking en uitbreiding
van een verkennende theorie-toetsende
studie die werd uitgevoerd als masterproef in de
Criminologische Wetenschappen (UGent). Deze
publicatie sluit hiermee aan bij de hedendaagse
criminologische aandacht voor individuele
beslissingsprocessen met betrekking tot normoverschrijdend gedrag
en de rol van het morele besef. De studie focust op de betekenis van
belangrijke socialiserende actoren (bindingen met ouders, ouderlijk
toezicht, betrokkenheid op school) ter verklaring van individuele
verschillen in regelovertreding bij adolescenten en de mediërende rol
van morele normen en anticipatie op de morele emoties schaamte en
schuld, twee belangrijke secundaire emoties. Extra aandacht wordt
besteed aan de effecten van de situationele blootstelling aan deviante
peers in interactie met de individuele moraliteit.
Het onderzoek is gevoerd vanuit een geïntegreerd perspectief aangevuld
met inzichten uit de hedendaagse sociale en morele psychologie.
De studie gaat ook in op de betekenis van de resultaten
voor verder onderzoek naar morele beslissingsprocessen, een braakliggend
terrein in de etiologische criminologie.
Gandaius Meesterlijk:
- Seksueel partnergeweld in Vlaanderen. Een belevingsstudie
S. Vandecapelle - Straatkinderen (bashege) in Kinshasa. Structureel geweld versus agency
M. Hendriks - Private en commerciële veiligheidszorg in België. Een historisch-criminologisch onderzoek (1870-1934)
P. Leloup - Schadebeperkende maatregelen voor de stad Gent. Een onderzoek naar de lokale noden en prioriteiten
L. Favril, F. Vander Laenen & T. Decorte - Perceiving crime as alternative? A randomized scenario study
B. Van Damme & L. Pauwels
Ann De Buck studeerde in 2016 af aan de Universiteit Gent als
master in de Criminologische Wetenschappen.
Prof. Dr. Lieven Pauwels was promotor van het onderzoek.
Borstvoeding natuurlijk eenvoudig
Dit boek is de vertaling van de Amerikaanse bestseller Breastfeeding made simple. Het is eenbruikbare aanvulling op de boeken over borstvoeding die al op de Nederlandstalige marktaanwezig zijn. Het gaat uit van de basisbehoeften van een baby, waarbij borstvoeding demeest natuurlijke voeding is. Het boek is opgebouwd rond zeven principes, de natuurwettenvan borstvoeding genoemd.Ben je zelf zwanger, kersverse mama of papa? Inzicht in deze natuurwetten helpt je om eengezonde en onbezorgde start te nemen.Ben je zorgverlener? De heldere beschrijving van de fysiologie van borstvoeding en deadviezen bij voorkomen en verhelpen van problemen, helpen je om ouders beter tebegeleiden bij hun keuze.Borstvoeding lijkt soms een hele uitdaging. Dit boek helpt borstvoeding eenvoudigermaken. Borstvoeding, natuurlijk eenvoudig! Een must op het nachtkastje van elke moederen zorgverlener.
“Dit boek is een essentiële partner voor de moederen de zorgverlener. Het zal vele moeders helpen omborstvoeding eenvoudiger te maken waardoor zij opnatuurlijke wijze langer borstvoeding zullen kunnengeven.”(Em. prof. dr. Hugo Devlieger, kinderarts)
Borstvoeding natuurlijk eenvoudig
Dit boek is de vertaling van de Amerikaanse bestseller Breastfeeding made simple. Het is eenbruikbare aanvulling op de boeken over borstvoeding die al op de Nederlandstalige marktaanwezig zijn. Het gaat uit van de basisbehoeften van een baby, waarbij borstvoeding demeest natuurlijke voeding is. Het boek is opgebouwd rond zeven principes, de natuurwettenvan borstvoeding genoemd.Ben je zelf zwanger, kersverse mama of papa? Inzicht in deze natuurwetten helpt je om eengezonde en onbezorgde start te nemen.Ben je zorgverlener? De heldere beschrijving van de fysiologie van borstvoeding en deadviezen bij voorkomen en verhelpen van problemen, helpen je om ouders beter tebegeleiden bij hun keuze.Borstvoeding lijkt soms een hele uitdaging. Dit boek helpt borstvoeding eenvoudigermaken. Borstvoeding, natuurlijk eenvoudig! Een must op het nachtkastje van elke moederen zorgverlener.
“Dit boek is een essentiële partner voor de moederen de zorgverlener. Het zal vele moeders helpen omborstvoeding eenvoudiger te maken waardoor zij opnatuurlijke wijze langer borstvoeding zullen kunnengeven.”(Em. prof. dr. Hugo Devlieger, kinderarts)
Positieve identiteitsontwikkeling met moslimjongeren. Een tool- en handboek voor eerstelijnswerkers
Eerstelijnswerkers die vandaag willen werken aan positieve identiteitsontwikkelingmet moslimjongeren staan onder een sterke maatschappelijke druk. Het publiekedebat is immers in de ban van thema’s als ‘terreur’, ‘religieus extremisme’, ‘radicalisme’.Thema’s waarbij voortdurend en vanzelfsprekend een link wordt gelegd metmoslims. De complexiteit van de actuele realiteit, de onduidelijkheid rond begrippenals terreur en radicalisering en de angst die hierdoor in de hand wordt gewerkt,creëren bij heel wat leerkrachten, schooldirecties, jeugdwerkers en hulpverlenerseen handelingsverlegenheid. Of erger: een handelingsdwang. Een repressieve veiligheidslogicadreigt in het eerstelijnswerk stilaan de ‘normale’ pedagogische logicate verdringen. Een antiradicaliseringsindustrie speelt daar gretig op in met praktischechecklists, quick fixes, hapklare ‘tools’ en handige methodiekjes. Met kortebijscholingsprogramma’s waarin experts pasklare antwoorden bieden op dringendepraktijkcases hopen we te leren hoe we radicaliserende jongeren vroegtijdig kunnendetecteren en weerwerk bieden. ‘Preventie van radicalisering’ is de bril gewordenwaardoor we naar ons dagelijkse werk met jongeren kijken. Maar werken weop die manier geen selffulfilling prophecy in de hand? In welke mate creëren weprecies het probleem dat we eigenlijk trachten in te dijken?
Dit tool- en handboek is een poging om in het huidige radicaliseringsdiscourseven een stapje achteruit te zetten en terug te keren naar de vraag: Wat is onzepedagogische opdracht als eerstelijnswerkers? Hoe verhouden we ons tot de actuelecontext en met welke visie gaan we daarin aan de slag? Hoe krijgen we deglazen in onze professionele bril weer helder? Wat is onze reële handelingsruimteen hoe kunnen we die ten volle gebruiken? Hoe krijgen we opnieuw vertrouwenin de deskundigheid waarover we beschikken om een diepgaande, constructieverol te spelen in de positieve identiteitsontwikkeling van (moslim)jongeren?Dit boek toont hoe visie, handelingssleutels en concrete methodische tools intrinsiekmet elkaar verbonden zijn. In het omgaan met (levensbeschouwelijke)diversiteit pleiten de auteurs ervoor om consequent te durven kiezen voor eentransformatielogica en een emancipatorische aanpak.
Positieve identiteitsontwikkeling met moslimjongeren. Een tool- en handboek voor eerstelijnswerkers
Eerstelijnswerkers die vandaag willen werken aan positieve identiteitsontwikkelingmet moslimjongeren staan onder een sterke maatschappelijke druk. Het publiekedebat is immers in de ban van thema’s als ‘terreur’, ‘religieus extremisme’, ‘radicalisme’.Thema’s waarbij voortdurend en vanzelfsprekend een link wordt gelegd metmoslims. De complexiteit van de actuele realiteit, de onduidelijkheid rond begrippenals terreur en radicalisering en de angst die hierdoor in de hand wordt gewerkt,creëren bij heel wat leerkrachten, schooldirecties, jeugdwerkers en hulpverlenerseen handelingsverlegenheid. Of erger: een handelingsdwang. Een repressieve veiligheidslogicadreigt in het eerstelijnswerk stilaan de ‘normale’ pedagogische logicate verdringen. Een antiradicaliseringsindustrie speelt daar gretig op in met praktischechecklists, quick fixes, hapklare ‘tools’ en handige methodiekjes. Met kortebijscholingsprogramma’s waarin experts pasklare antwoorden bieden op dringendepraktijkcases hopen we te leren hoe we radicaliserende jongeren vroegtijdig kunnendetecteren en weerwerk bieden. ‘Preventie van radicalisering’ is de bril gewordenwaardoor we naar ons dagelijkse werk met jongeren kijken. Maar werken weop die manier geen selffulfilling prophecy in de hand? In welke mate creëren weprecies het probleem dat we eigenlijk trachten in te dijken?
Dit tool- en handboek is een poging om in het huidige radicaliseringsdiscourseven een stapje achteruit te zetten en terug te keren naar de vraag: Wat is onzepedagogische opdracht als eerstelijnswerkers? Hoe verhouden we ons tot de actuelecontext en met welke visie gaan we daarin aan de slag? Hoe krijgen we deglazen in onze professionele bril weer helder? Wat is onze reële handelingsruimteen hoe kunnen we die ten volle gebruiken? Hoe krijgen we opnieuw vertrouwenin de deskundigheid waarover we beschikken om een diepgaande, constructieverol te spelen in de positieve identiteitsontwikkeling van (moslim)jongeren?Dit boek toont hoe visie, handelingssleutels en concrete methodische tools intrinsiekmet elkaar verbonden zijn. In het omgaan met (levensbeschouwelijke)diversiteit pleiten de auteurs ervoor om consequent te durven kiezen voor eentransformatielogica en een emancipatorische aanpak.
Essential Texts on European and International Asylum and Migration Law And Policy
This volume comprises the relevant legal instruments and principal policy
documents in the area of international and European asylum and migration,
including the latest versions of pending legislative proposals.
The range of issues covered is comprehensive: human rights; nationality and
statelessness; equal treatment, non-discrimination, racism and xenophobia;
citizenship, residence and free movement; borders, border management and
entry; visa and passenger data; labour migration; family reunification; asylum,
subsidiary and temporary protection; irregular migration; and trafficking in human
beings.
The texts have been ordered according to the multilateral co-operation level within
which they were drawn up: either the United Nations, the Council of Europe or
the European Union (including Schengen-level instruments).
This edition provides practitioners, authorities, policy makers, scholars and
students throughout Europe with an accurate, up-to-date and forward-looking
compilation of essential texts on asylum and migration matters.
Gert Vermeulen is full professor of criminal law and EU justice and home
affairs, and director at the Institute for International Research on Criminal Policy
(IRCP) at Ghent University, Belgium.
Ellen Desmet is assistant professor of asylum and migration law at Ghent
University, Belgium.
Essential Texts on European and International Asylum and Migration Law And Policy
This volume comprises the relevant legal instruments and principal policy
documents in the area of international and European asylum and migration,
including the latest versions of pending legislative proposals.
The range of issues covered is comprehensive: human rights; nationality and
statelessness; equal treatment, non-discrimination, racism and xenophobia;
citizenship, residence and free movement; borders, border management and
entry; visa and passenger data; labour migration; family reunification; asylum,
subsidiary and temporary protection; irregular migration; and trafficking in human
beings.
The texts have been ordered according to the multilateral co-operation level within
which they were drawn up: either the United Nations, the Council of Europe or
the European Union (including Schengen-level instruments).
This edition provides practitioners, authorities, policy makers, scholars and
students throughout Europe with an accurate, up-to-date and forward-looking
compilation of essential texts on asylum and migration matters.
Gert Vermeulen is full professor of criminal law and EU justice and home
affairs, and director at the Institute for International Research on Criminal Policy
(IRCP) at Ghent University, Belgium.
Ellen Desmet is assistant professor of asylum and migration law at Ghent
University, Belgium.
Data Protection and Privacy Under Pressure. Transatlantic tensions,EU Surveillance and big data
Since the Snowden revelations, the adoption in May 2016 of the GeneralData Protection Regulation and several ground-breaking judgments ofthe Court of Justice of the European Union, data protection andprivacy are high on the agenda of policymakers, industries and thelegal research community.
Against this backdrop, Data Protection and Privacy under Pressuresheds light on key developments where individuals’ rights to dataprotection and privacy are at stake. The book discusses the persistenttransatlantic tensions around various EU-US data transfer mechanismsand EU jurisdiction claims over non-EU-based companies, both sparkedby milestone court cases. Additionally, it scrutinises the expandingcontrol or surveillance mechanisms and interconnection of databases inthe areas of migration control, internal security and law enforcement,and oversight thereon. Finally, it explores current and future legalchallenges related to big data and automated decision-making in thecontexts of policing, pharmaceutics and advertising.
Data Protection and Privacy Under Pressure. Transatlantic tensions,EU Surveillance and big data
Since the Snowden revelations, the adoption in May 2016 of the GeneralData Protection Regulation and several ground-breaking judgments ofthe Court of Justice of the European Union, data protection andprivacy are high on the agenda of policymakers, industries and thelegal research community.
Against this backdrop, Data Protection and Privacy under Pressuresheds light on key developments where individuals’ rights to dataprotection and privacy are at stake. The book discusses the persistenttransatlantic tensions around various EU-US data transfer mechanismsand EU jurisdiction claims over non-EU-based companies, both sparkedby milestone court cases. Additionally, it scrutinises the expandingcontrol or surveillance mechanisms and interconnection of databases inthe areas of migration control, internal security and law enforcement,and oversight thereon. Finally, it explores current and future legalchallenges related to big data and automated decision-making in thecontexts of policing, pharmaceutics and advertising.
Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 8. Stay behind
Artikelen / Articles
Retour sur le Stay behind : un quart de siècle de polémique pour quatredécennies d’activités secrètes
Emmanuel Debruyne
Le Stay behind belge entre histoire et théories du complot : un quart desiècle d’idées et de littérature sur un réseau secret en Belgique (1990-2015)
Florian Babusiaux
Le SDRA VIII : Structure et missions d’un réseau Stay behind en Belgique,1949-1991
Maxime Bruggeman
Le Stay behind (Gladio) en Italie: une histoire militaire à relire aprèspresque trente ans de scandale politique et médiatique
Maria Gabriella Pasqualini
A propos des armées secrètes de l’OTAN
Gérald Arboit
La Drôle de Guerre des Stay behind en Belgique (1939-1940)
Etienne Verhoeyen
Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 8. Stay behind
Artikelen / Articles
Retour sur le Stay behind : un quart de siècle de polémique pour quatredécennies d’activités secrètes
Emmanuel Debruyne
Le Stay behind belge entre histoire et théories du complot : un quart desiècle d’idées et de littérature sur un réseau secret en Belgique (1990-2015)
Florian Babusiaux
Le SDRA VIII : Structure et missions d’un réseau Stay behind en Belgique,1949-1991
Maxime Bruggeman
Le Stay behind (Gladio) en Italie: une histoire militaire à relire aprèspresque trente ans de scandale politique et médiatique
Maria Gabriella Pasqualini
A propos des armées secrètes de l’OTAN
Gérald Arboit
La Drôle de Guerre des Stay behind en Belgique (1939-1940)
Etienne Verhoeyen
Medische terminologie in praktijk.
Dit boek vult een leemte voor opleidingen in demedische sector. Hierbij komt men onlosmakelijkin contact met het medisch vakjargon. Dit boekmaakt de geïnteresseerden hierin wegwijs.Eerst geeft het algemene richtlijnen over deschrijfwijze van de medische termen zoals devolgorde van de woorddelen, trema of liggendstreepje, afkortingen en meervoud.
Ook de uitspraak wordt even toegelicht.
Vervolgens past de auteur de termen toe op deligging van de organen en de weefsels ten opzichtevan elkaar, evenals op de lichaamsbewegingen.Hierna doet ze de woorddelen zelf (prefix, suffixen stam) uitvoerig uit de doeken.
Tot slot diept dit boek de termen uit die het vaakstvoorkomen bij een algemeen klinisch onderzoek.En om de opgedane kennis onmiddellijk toete kunnen passen is de theorie doorspekt metoefeningen.
Medische terminologie in praktijk.
Dit boek vult een leemte voor opleidingen in demedische sector. Hierbij komt men onlosmakelijkin contact met het medisch vakjargon. Dit boekmaakt de geïnteresseerden hierin wegwijs.Eerst geeft het algemene richtlijnen over deschrijfwijze van de medische termen zoals devolgorde van de woorddelen, trema of liggendstreepje, afkortingen en meervoud.
Ook de uitspraak wordt even toegelicht.
Vervolgens past de auteur de termen toe op deligging van de organen en de weefsels ten opzichtevan elkaar, evenals op de lichaamsbewegingen.Hierna doet ze de woorddelen zelf (prefix, suffixen stam) uitvoerig uit de doeken.
Tot slot diept dit boek de termen uit die het vaakstvoorkomen bij een algemeen klinisch onderzoek.En om de opgedane kennis onmiddellijk toete kunnen passen is de theorie doorspekt metoefeningen.
Is dan alles relatief?
Het probleem van het relativisme is op de meest dringende wijze aan deorde in tijden van overgang en verandering. Geen wonder dat het éénvan de opvallendste kenmerken is van de zogeheten postmoderne tijdwaarin snelle en diepgaande veranderingen en transformaties scheringen inslag zijn. Een groeiend aantal tijdgenoten vindt het evident dat erniet één waarheid is, maar meerdere waarheden, afhankelijk van tijd,plaats en cultuur. De doorsnee relativist vraagt zich zelden af waaropzijn stellingname in feite berust. Nog minder is hij op de hoogte vanhet feit dat een aantal kritische bemerkingen kan worden gemaakt bijde relativistische overtuigingen en argumentaties.
De bedoeling van dit boek is de lezer aan te sporen zich nader te bezinnenover de keuze die hij heeft gemaakt en kennis te nemen van dekritische vragen die daarbij kunnen worden gesteld. Het relativisme isimmers alles behalve een eenduidige entiteit. Het is een buitengewooncomplex fenomeen. In de hedendaagse cultuur neemt het verschillendevormen aan in de sociologie, de geschiedenis, de filosofie, de antropologie,het dagelijkse leven. Is het relativisme de definitieve, boven alletwijfel verheven waarheid waartegen geen enkele kritiek is opgewassenof zijn er goede redenen om dat te betwijfelen?
“Opnieuw een buitengewoon rijk boek van prof. em. dr. Valeer Neckebrouck,rijk aan informatie en aan insider inzicht over de nauwe bandtussen het heersende hedendaagse relativisme en de ontwikkelingsgangvan de culturele antropologie. Het prijzenswaardige doel, door de auteurgesteld in het voorwoord, is aan te tonen – ook voor een breed publiek –dat het cultuurrelativisme niet evident is, hoewel het vandaag zo wordtgesteld en opgevat, zowel binnen als buiten de academische wereld. Eenhelder boek, een plezier ook om te lezen.” - Prof. em. dr. Herman De Dijn
Is dan alles relatief?
Het probleem van het relativisme is op de meest dringende wijze aan deorde in tijden van overgang en verandering. Geen wonder dat het éénvan de opvallendste kenmerken is van de zogeheten postmoderne tijdwaarin snelle en diepgaande veranderingen en transformaties scheringen inslag zijn. Een groeiend aantal tijdgenoten vindt het evident dat erniet één waarheid is, maar meerdere waarheden, afhankelijk van tijd,plaats en cultuur. De doorsnee relativist vraagt zich zelden af waaropzijn stellingname in feite berust. Nog minder is hij op de hoogte vanhet feit dat een aantal kritische bemerkingen kan worden gemaakt bijde relativistische overtuigingen en argumentaties.
De bedoeling van dit boek is de lezer aan te sporen zich nader te bezinnenover de keuze die hij heeft gemaakt en kennis te nemen van dekritische vragen die daarbij kunnen worden gesteld. Het relativisme isimmers alles behalve een eenduidige entiteit. Het is een buitengewooncomplex fenomeen. In de hedendaagse cultuur neemt het verschillendevormen aan in de sociologie, de geschiedenis, de filosofie, de antropologie,het dagelijkse leven. Is het relativisme de definitieve, boven alletwijfel verheven waarheid waartegen geen enkele kritiek is opgewassenof zijn er goede redenen om dat te betwijfelen?
“Opnieuw een buitengewoon rijk boek van prof. em. dr. Valeer Neckebrouck,rijk aan informatie en aan insider inzicht over de nauwe bandtussen het heersende hedendaagse relativisme en de ontwikkelingsgangvan de culturele antropologie. Het prijzenswaardige doel, door de auteurgesteld in het voorwoord, is aan te tonen – ook voor een breed publiek –dat het cultuurrelativisme niet evident is, hoewel het vandaag zo wordtgesteld en opgevat, zowel binnen als buiten de academische wereld. Eenhelder boek, een plezier ook om te lezen.” - Prof. em. dr. Herman De Dijn
Etty Hillesum en het pad naar zelfverwerkelijking. Reeks: Etty Hillesum Studies nr. 9
Eén van de fascinerende aspecten van de nagelaten geschriften van EttyHillesum is de manier waarop zij zich in een uiterst hachelijke situatieen in een verbazend hoog tempo innerlijk heeft kunnen ontwikkelentot een persoonlijkheid die zich vanuit een diepgaande zelfreflectie opandere mensen betrokken weet.
Een manier om het pad naar zelfverwerkelijking, dat Etty Hillesum inde periode 1941-1943 is gegaan, in kaart te brengen is te letten op de persoonlijkevoornaamwoorden die zij in haar dagboeken gebruikt. Gaandewegverplaatste zij zich vanuit het ‘ik’ in een ‘jij’ en een ‘men’ – omten slotte op te gaan in een ‘wij’. Een andere aanpak is om haar ideeënte vergelijken met die van de Joodse psychiater Viktor Frankl. Beidenbewogen zich in het spanningsveld tussen vrijheid en gevangenschapen wilden in de meest extreme omstandigheden hun menselijkheid nietopgeven.
De eerlijke zelfreflectie van Etty Hillesum staat in schril contrast met demanier waarop nazi’s als kampcommandant Albert Konrad Gemmekeren de ‘kroonjurist van het Derde Rijk’ Carl Schmitt hun persoonlijke verantwoordelijkheidprobeerden te ontlopen door zich voor te doen als eenspeelbal van het lot. Niettemin had de Bulgaars-Franse filosoof TzvetanTodorov naast bewondering ook kritiek op Etty Hillesum, omdat zij –volgens hem – niet in verzet kwam. De vraag is in hoeverre deze kritiekgegrond is of dat Etty Hillesum een eigen manier had om verzet teplegen. In dit opzicht kan de vergelijking met de Bijbelse Esther zinvolzijn. Beide vrouwen kiezen voor hun volk, wanneer dit met uitroeiingwordt bedreigd.
De serie Etty Hillesum Studies is een uitgave van het Etty HillesumOnderzoekscentrum te Middelburg en staat onder redactie van KlaasA.D. Smelik, Julie Benschop, Lotte Bergen, Marja Clement, Meins G.S.Coetsier, Gerrit Van Oord en Jurjen Wiersma.
Etty Hillesum en het pad naar zelfverwerkelijking. Reeks: Etty Hillesum Studies nr. 9
Eén van de fascinerende aspecten van de nagelaten geschriften van EttyHillesum is de manier waarop zij zich in een uiterst hachelijke situatieen in een verbazend hoog tempo innerlijk heeft kunnen ontwikkelentot een persoonlijkheid die zich vanuit een diepgaande zelfreflectie opandere mensen betrokken weet.
Een manier om het pad naar zelfverwerkelijking, dat Etty Hillesum inde periode 1941-1943 is gegaan, in kaart te brengen is te letten op de persoonlijkevoornaamwoorden die zij in haar dagboeken gebruikt. Gaandewegverplaatste zij zich vanuit het ‘ik’ in een ‘jij’ en een ‘men’ – omten slotte op te gaan in een ‘wij’. Een andere aanpak is om haar ideeënte vergelijken met die van de Joodse psychiater Viktor Frankl. Beidenbewogen zich in het spanningsveld tussen vrijheid en gevangenschapen wilden in de meest extreme omstandigheden hun menselijkheid nietopgeven.
De eerlijke zelfreflectie van Etty Hillesum staat in schril contrast met demanier waarop nazi’s als kampcommandant Albert Konrad Gemmekeren de ‘kroonjurist van het Derde Rijk’ Carl Schmitt hun persoonlijke verantwoordelijkheidprobeerden te ontlopen door zich voor te doen als eenspeelbal van het lot. Niettemin had de Bulgaars-Franse filosoof TzvetanTodorov naast bewondering ook kritiek op Etty Hillesum, omdat zij –volgens hem – niet in verzet kwam. De vraag is in hoeverre deze kritiekgegrond is of dat Etty Hillesum een eigen manier had om verzet teplegen. In dit opzicht kan de vergelijking met de Bijbelse Esther zinvolzijn. Beide vrouwen kiezen voor hun volk, wanneer dit met uitroeiingwordt bedreigd.
De serie Etty Hillesum Studies is een uitgave van het Etty HillesumOnderzoekscentrum te Middelburg en staat onder redactie van KlaasA.D. Smelik, Julie Benschop, Lotte Bergen, Marja Clement, Meins G.S.Coetsier, Gerrit Van Oord en Jurjen Wiersma.