Filter
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Trauma in de frontlijn

 19,00
Slachtoffers, hulpverleners, ontwikkelingshelpers, journalisten,… vinden mekaar op plaatsen waar hevige confrontaties plaatshebben: oorlogen, rampen, ongevallen en demonstraties. Sommigen staan de slachtoffers bij, anderen leiden de hulp, de journalisten maken hun verslag en de therapeuten beginnen aan de lange weg om de slachtoffers te helpen ‘vergeten’ wat er gebeurde. Nadien keert iedereen weer terug tot de dagelijkse ratrace. Maar wie helpt de hulpverleners, de journalisten? In beroepen waar het stoer staat om zonder verpinken de gruwelijkste dingen te doorstaan, is er geen plaats voor medeleven of flauwdoenerij. Welk effect heeft een oorlog op reporters die zich week na week in gevarenzones begeven?

Hoe kijkt een cameraman aan tegen de trieste rij van weekendongevallen die hij voor een zender gaat filmen? Hoe kunnen journalisten zich het best gedragen in interviews met slachtoffers? Hoe kun je voorkomen dat slachtoffers nog meer beschadigd worden? Wat met de brandweer- en politiemensen die met gruwelijke taferelen worden geconfronteerd? Hoe bescherm je jezelf als hulpverlener?

Trauma in de frontlijn laat een heel ander, maar wel veel realistischer beeld zien van deze supermannen en -vrouwen. Wat bestaat er momenteel aan hulp en in hoever wordt ze voor die bepaalde beroepsgroepen ook efficiënt toegepast? Wat kan er nog verbeteren en hoe kan men zichzelf en zijn collega’s beschermen tegen zware en blijvende schade? En wat met de ethische kant van de zaak: hoe omgaan met slachtoffers?

Denise Van den Broeck is freelance journalist en schrijft vooral over maatschappelijke thema’s. Zij is de Belgische coördinator van het Dart Center for Journalism and Trauma, een wereldwijde organisatie die journalisten helpt die gewerkt hebben in dramatische omstandigheden.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Trauma in de frontlijn

 19,00
Slachtoffers, hulpverleners, ontwikkelingshelpers, journalisten,… vinden mekaar op plaatsen waar hevige confrontaties plaatshebben: oorlogen, rampen, ongevallen en demonstraties. Sommigen staan de slachtoffers bij, anderen leiden de hulp, de journalisten maken hun verslag en de therapeuten beginnen aan de lange weg om de slachtoffers te helpen ‘vergeten’ wat er gebeurde. Nadien keert iedereen weer terug tot de dagelijkse ratrace. Maar wie helpt de hulpverleners, de journalisten? In beroepen waar het stoer staat om zonder verpinken de gruwelijkste dingen te doorstaan, is er geen plaats voor medeleven of flauwdoenerij. Welk effect heeft een oorlog op reporters die zich week na week in gevarenzones begeven?

Hoe kijkt een cameraman aan tegen de trieste rij van weekendongevallen die hij voor een zender gaat filmen? Hoe kunnen journalisten zich het best gedragen in interviews met slachtoffers? Hoe kun je voorkomen dat slachtoffers nog meer beschadigd worden? Wat met de brandweer- en politiemensen die met gruwelijke taferelen worden geconfronteerd? Hoe bescherm je jezelf als hulpverlener?

Trauma in de frontlijn laat een heel ander, maar wel veel realistischer beeld zien van deze supermannen en -vrouwen. Wat bestaat er momenteel aan hulp en in hoever wordt ze voor die bepaalde beroepsgroepen ook efficiënt toegepast? Wat kan er nog verbeteren en hoe kan men zichzelf en zijn collega’s beschermen tegen zware en blijvende schade? En wat met de ethische kant van de zaak: hoe omgaan met slachtoffers?

Denise Van den Broeck is freelance journalist en schrijft vooral over maatschappelijke thema’s. Zij is de Belgische coördinator van het Dart Center for Journalism and Trauma, een wereldwijde organisatie die journalisten helpt die gewerkt hebben in dramatische omstandigheden.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ik leer beter leren. Verbetering van studievaardigheden – Handleiding

 15,50
Efficiënt leren vereist bepaalde vaardigheden. De praktijk leert dat de meeste leerlingen van het voortgezet onderwijs deze studievaardigheden onvoldoende bezitten. Vanuit die vaststelling is dit boek geschreven. Het is een hulpmiddel voor iedereen die gericht met jongeren aan de slag wil op het gebied van studievaardigheden. De hier ontwikkelde methodieken zijn tegelijk toegespitst op leerlingen met leermoeilijkheden of met een ontwikkelingsstoornis, zoals autisme. Immers, vooral deze leerlingen hebben behoefte aan een gestructureerde methode, waarin zij stapsgewijs de vaardigheden kunnen aanleren. Deze methodes kunnen zowel klassikaal als individueel gehanteerd worden.

De Handleiding staat uitgebreid stil bij de manier waarop elke docent de methodieken kan toepassen in specifieke situaties.

In het bijhorende Werkboek staat oefenmateriaal voor de leerlingen.

Inke Brugman, orthopedagoog, is oprichter-directeur van Spectrum Brabant, Centrum voor zorg en onderwijs gevestigd in Veldhoven. Lenneke Bazen is studiecoördinator bij Spectrum Brabant. Zij begeleidt leerlingen met ontwikkelingsproblematiek, zoals ASS en ADHD.

Quick View

Ik leer beter leren. Verbetering van studievaardigheden – Handleiding

 15,50
Efficiënt leren vereist bepaalde vaardigheden. De praktijk leert dat de meeste leerlingen van het voortgezet onderwijs deze studievaardigheden onvoldoende bezitten. Vanuit die vaststelling is dit boek geschreven. Het is een hulpmiddel voor iedereen die gericht met jongeren aan de slag wil op het gebied van studievaardigheden. De hier ontwikkelde methodieken zijn tegelijk toegespitst op leerlingen met leermoeilijkheden of met een ontwikkelingsstoornis, zoals autisme. Immers, vooral deze leerlingen hebben behoefte aan een gestructureerde methode, waarin zij stapsgewijs de vaardigheden kunnen aanleren. Deze methodes kunnen zowel klassikaal als individueel gehanteerd worden.

De Handleiding staat uitgebreid stil bij de manier waarop elke docent de methodieken kan toepassen in specifieke situaties.

In het bijhorende Werkboek staat oefenmateriaal voor de leerlingen.

Inke Brugman, orthopedagoog, is oprichter-directeur van Spectrum Brabant, Centrum voor zorg en onderwijs gevestigd in Veldhoven. Lenneke Bazen is studiecoördinator bij Spectrum Brabant. Zij begeleidt leerlingen met ontwikkelingsproblematiek, zoals ASS en ADHD.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Empathie. Hoeksteen of struikelblok in psychoanalytische psychotherapie (Reeks psychoanalytisch Actueel, nr. 8)

 17,00
Empathie is etymologisch afkomstig van het Griekse ‘en’ en ‘patheia’ en betekent aangedaan zijn door wat er in een ander gebeurt. Het is een complex concept, zowel verwant met als verschillend van andere psychoanalytische concepten zoals identificatie, concordante tegenoverdracht, attunement, containment, sharing, rapport, steun.
Empathie verwijst naar het vermogen zich in de plaats te stellen van de ander, empathie is meeleven met en voelen wat de ander voelt.

Empathie is een fenomenologisch en een psychotherapeutisch concept maar het blijft de vraag of empathie verzoenbaar is met analytische neutraliteit. Vaak in het begin van hun carrière gaan psychotherapeuten er ten onrechte vanuit dat empathie de garantie betekent voor therapeutisch succes en dat dit de noodzakelijke en voldoende voorwaarde vormt voor het welslagen van een therapie.
Empathie is in de eerste plaats een intermenselijke vaardigheid die zich in de loop van het leven progressief ontwikkelt.
In de cognitieve psychologie is vooral het ontwikkelingstraject van de empathie tijdens de lagere schoolperiode beschreven, in de psychodynamische psychologie komen eerder de voorlopers van de empathie-ontwikkeling èn de conflicten rondom empathie in de adolescentie aan bod. Ook uit het psychotherapieonderzoek komt empathie naar voor als een belangrijke variabele.

Op basis van meta-analyses van outcome-onderzoek blijken specifieke behandelvormen en technieken slechts maximaal vijftien procent van de outcome variantie te verklaren. Zij liggen hiermee in een nek-aan-nek race met de placebo-effecten ‘verwachting, hoop en geloof in verandering’. Veertig procent is toe te schrijven aan factoren buiten de therapie zoals spontaan herstel, toevallige factoren in het leven van de cliënt en sociale ondersteuning. De overige dertig procent tenslotte is toe te schrijven aan ‘gemeenschappelijke factoren’, dit zijn relatiefactoren die in de meeste therapieën een rol spelen, zoals: empathie, betrokkenheid, aanvaarding van de cliënt, eigenschappen van cliënt en therapeut en van de therapeutische alliantie.

Empirisch onderzoek van de jaren 1950 tot nu heeft aangetoond dat empathie tussen zeven en tien procent van de outcome variantie verklaart: minstens evenveel en waarschijnlijk meer dan het percentage dat verklaard wordt door specifieke interventies.

In het boek wordt de betekenis van het concept ‘empathie’ voor de psychotherapie genuanceerd belicht.
Er gaat veel aandacht naar het belang van empathie in psychoanalytische psychotherapie. Het geheel wordt geïllustreerd met klinische gevallen. Ook de neurobiologische aspecten en de ontwikkelingsgeschiedenis van empathie worden beschreven.
In een apart hoofdstuk wordt de centrale rol van empathie in de experiëntiële psychotherapie belicht. Aan dit boek hebben gerenommeerde en internationaal bekende psychoanalytici en psychotherapeuten meegewerkt.

Marc Hebbrecht (psychiater en psychoanalyticus) en Ingrid Demuynck (psychologe en psychoanalytica) zijn bestuursleden van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie.
Met bijdragen van Stefano Bolognini, Ingrid Demuynck, Marc Hebbrecht, Mark Kinet, Patrick Meurs, Greet Vanaerschot, Michèle Van Lysebeth-Ledent en Ton van Strien.

Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.

Quick View

Empathie. Hoeksteen of struikelblok in psychoanalytische psychotherapie (Reeks psychoanalytisch Actueel, nr. 8)

 17,00
Empathie is etymologisch afkomstig van het Griekse ‘en’ en ‘patheia’ en betekent aangedaan zijn door wat er in een ander gebeurt. Het is een complex concept, zowel verwant met als verschillend van andere psychoanalytische concepten zoals identificatie, concordante tegenoverdracht, attunement, containment, sharing, rapport, steun.
Empathie verwijst naar het vermogen zich in de plaats te stellen van de ander, empathie is meeleven met en voelen wat de ander voelt.

Empathie is een fenomenologisch en een psychotherapeutisch concept maar het blijft de vraag of empathie verzoenbaar is met analytische neutraliteit. Vaak in het begin van hun carrière gaan psychotherapeuten er ten onrechte vanuit dat empathie de garantie betekent voor therapeutisch succes en dat dit de noodzakelijke en voldoende voorwaarde vormt voor het welslagen van een therapie.
Empathie is in de eerste plaats een intermenselijke vaardigheid die zich in de loop van het leven progressief ontwikkelt.
In de cognitieve psychologie is vooral het ontwikkelingstraject van de empathie tijdens de lagere schoolperiode beschreven, in de psychodynamische psychologie komen eerder de voorlopers van de empathie-ontwikkeling èn de conflicten rondom empathie in de adolescentie aan bod. Ook uit het psychotherapieonderzoek komt empathie naar voor als een belangrijke variabele.

Op basis van meta-analyses van outcome-onderzoek blijken specifieke behandelvormen en technieken slechts maximaal vijftien procent van de outcome variantie te verklaren. Zij liggen hiermee in een nek-aan-nek race met de placebo-effecten ‘verwachting, hoop en geloof in verandering’. Veertig procent is toe te schrijven aan factoren buiten de therapie zoals spontaan herstel, toevallige factoren in het leven van de cliënt en sociale ondersteuning. De overige dertig procent tenslotte is toe te schrijven aan ‘gemeenschappelijke factoren’, dit zijn relatiefactoren die in de meeste therapieën een rol spelen, zoals: empathie, betrokkenheid, aanvaarding van de cliënt, eigenschappen van cliënt en therapeut en van de therapeutische alliantie.

Empirisch onderzoek van de jaren 1950 tot nu heeft aangetoond dat empathie tussen zeven en tien procent van de outcome variantie verklaart: minstens evenveel en waarschijnlijk meer dan het percentage dat verklaard wordt door specifieke interventies.

In het boek wordt de betekenis van het concept ‘empathie’ voor de psychotherapie genuanceerd belicht.
Er gaat veel aandacht naar het belang van empathie in psychoanalytische psychotherapie. Het geheel wordt geïllustreerd met klinische gevallen. Ook de neurobiologische aspecten en de ontwikkelingsgeschiedenis van empathie worden beschreven.
In een apart hoofdstuk wordt de centrale rol van empathie in de experiëntiële psychotherapie belicht. Aan dit boek hebben gerenommeerde en internationaal bekende psychoanalytici en psychotherapeuten meegewerkt.

Marc Hebbrecht (psychiater en psychoanalyticus) en Ingrid Demuynck (psychologe en psychoanalytica) zijn bestuursleden van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie.
Met bijdragen van Stefano Bolognini, Ingrid Demuynck, Marc Hebbrecht, Mark Kinet, Patrick Meurs, Greet Vanaerschot, Michèle Van Lysebeth-Ledent en Ton van Strien.

Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Oppositioneel en opstandig gedrag in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 16)

 12,00
Op weg naar inclusieve en meer geïtegreerde vormen van onderwijs blijkt het omgaan met gedragsproblemen het grootste struikelblok te zijn. Zeker als ongewenst gedrag zich uit in ongehoorzaam gedrag en oppositie tegen de leerkracht, ligt een problematische relatie en daardoor onbegrip voor de hand. Het vermogen van een leerling om te gehoorzamen wordt zelden toegeschreven aan ontwikkelingsachterstand op het terrein van aanpassingsvermogen en frustratietolerantie. Ook hebben kinderen en jongvolwassenen vaak gebrek aan vaardigheid als het gaat om probleemoplossend vermogen.

Onderkenning van de ontoereikendheid van deze vaardigheden bij leerlingen leidt volgens Greene en Albon (2007) tot de volgende opdrachten:
  • Leerkrachten zien in dat het gedrag niet voortvloeit uit een gebrek aan motivatie of uit een tekortschieten van de leerkracht zelf.
  • Leerkrachten krijgen inzicht in de specifieke cognitieve vaardigheden die moeten worden geoefend.
In de kernopgaven die ten grondslag liggen aan de competenties zoals die beschreven zijn door het SBL (2006) staat dat contact en communicatie, omgaan met macht en omgaan met nabijheid en betrokkenheid van de leraar van grote betekenis zijn. Juist bij oppositioneel en opstandig gedrag komt deze kernopgave in beeld.

In (na)scholing leggen onderwijsinstellingen voor speciale onderwijszorg de nadruk op het oefenen en inzicht krijgen in (communicatie)processen die de oorzaak kunnen vormen dat er voor leerlingen barriëres ontstaan om deel te nemen aan het reguliere onderwijs. Het is hoopgevend dat leerkrachen hierdoor in hun dagelijks werk niet meer de strijd aan hoeven te gaan met hun leerlingen. Het gaat immers vrijwel altijd om leerlingen die scheeuwen en vechten om begrip.

Quick View

Oppositioneel en opstandig gedrag in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 16)

 12,00
Op weg naar inclusieve en meer geïtegreerde vormen van onderwijs blijkt het omgaan met gedragsproblemen het grootste struikelblok te zijn. Zeker als ongewenst gedrag zich uit in ongehoorzaam gedrag en oppositie tegen de leerkracht, ligt een problematische relatie en daardoor onbegrip voor de hand. Het vermogen van een leerling om te gehoorzamen wordt zelden toegeschreven aan ontwikkelingsachterstand op het terrein van aanpassingsvermogen en frustratietolerantie. Ook hebben kinderen en jongvolwassenen vaak gebrek aan vaardigheid als het gaat om probleemoplossend vermogen.

Onderkenning van de ontoereikendheid van deze vaardigheden bij leerlingen leidt volgens Greene en Albon (2007) tot de volgende opdrachten:
  • Leerkrachten zien in dat het gedrag niet voortvloeit uit een gebrek aan motivatie of uit een tekortschieten van de leerkracht zelf.
  • Leerkrachten krijgen inzicht in de specifieke cognitieve vaardigheden die moeten worden geoefend.
In de kernopgaven die ten grondslag liggen aan de competenties zoals die beschreven zijn door het SBL (2006) staat dat contact en communicatie, omgaan met macht en omgaan met nabijheid en betrokkenheid van de leraar van grote betekenis zijn. Juist bij oppositioneel en opstandig gedrag komt deze kernopgave in beeld.

In (na)scholing leggen onderwijsinstellingen voor speciale onderwijszorg de nadruk op het oefenen en inzicht krijgen in (communicatie)processen die de oorzaak kunnen vormen dat er voor leerlingen barriëres ontstaan om deel te nemen aan het reguliere onderwijs. Het is hoopgevend dat leerkrachen hierdoor in hun dagelijks werk niet meer de strijd aan hoeven te gaan met hun leerlingen. Het gaat immers vrijwel altijd om leerlingen die scheeuwen en vechten om begrip.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Kennis & Denken & LerenKennis & Denken & Leren
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kennis & Denken & Leren

 29,90
Kan men leren denken? In de klas vergaren leerlingen kennis en werken ze aan de verfijning van hun vaardigheden en competenties. De belangrijkste schakel tussen het verzamelen van de kennis en de toepassing hiervan is het denken.

In dit boek wordt een aanzet gegeven tot het bevorderen van leren denken via het ontwikkelen van metacognitieve kennis. Stapsgewijs brengt de auteur de functie van leren in kaart en verschaft ze inzicht in de lerende mens door de functie en de mogelijkheden tot leren te achterhalen. Ze geeft ook een overzicht van de uitgangspunten van de verschillende opvattingen over het lesgeven.

Vanuit de ontwikkeling van de cognitieve leerpsychologie en opvattingen over vernieuwend lesgeven worden praktijkgerichte antwoorden gegeven op de vraag hoe men leren denken kan bevorderen. Wanneer leerlingen bewust het eigen leren en denken kunnen gebruiken, overzien en verbeteren, dan zijn ze in staat product en proces te relateren door middel van metacognitieve kennis. Tot slot besteedt de auteur aandacht aan manieren om het gebruik van denkvaardigheden aan te leren.

Dit boek is geschikt voor (aanstaande) leraren en begeleiders. Maar ook lerarenopleiders, onderwijskundigen en psychologen die met leerlingen werken, zullen er nuttige informatie in vinden. Tot slot richt het zich tot iedereen die geïnteresseerd is in hoe kennis wordt verworven.

Joke van Velzen, onderwijspsychologe, is onderzoeksdocent en coördineert het onderzoeksgedeelte van de masteropleiding aan de Educatieve Hogeschool van Amsterdam. Voordien doceerde zij aan de lerarenopleiding van de Universiteit Leiden, en aan de lerarenopleiding van de Universiteit Nijmegen.

Kennis & Denken & LerenKennis & Denken & Leren
Quick View

Kennis & Denken & Leren

 29,90
Kan men leren denken? In de klas vergaren leerlingen kennis en werken ze aan de verfijning van hun vaardigheden en competenties. De belangrijkste schakel tussen het verzamelen van de kennis en de toepassing hiervan is het denken.

In dit boek wordt een aanzet gegeven tot het bevorderen van leren denken via het ontwikkelen van metacognitieve kennis. Stapsgewijs brengt de auteur de functie van leren in kaart en verschaft ze inzicht in de lerende mens door de functie en de mogelijkheden tot leren te achterhalen. Ze geeft ook een overzicht van de uitgangspunten van de verschillende opvattingen over het lesgeven.

Vanuit de ontwikkeling van de cognitieve leerpsychologie en opvattingen over vernieuwend lesgeven worden praktijkgerichte antwoorden gegeven op de vraag hoe men leren denken kan bevorderen. Wanneer leerlingen bewust het eigen leren en denken kunnen gebruiken, overzien en verbeteren, dan zijn ze in staat product en proces te relateren door middel van metacognitieve kennis. Tot slot besteedt de auteur aandacht aan manieren om het gebruik van denkvaardigheden aan te leren.

Dit boek is geschikt voor (aanstaande) leraren en begeleiders. Maar ook lerarenopleiders, onderwijskundigen en psychologen die met leerlingen werken, zullen er nuttige informatie in vinden. Tot slot richt het zich tot iedereen die geïnteresseerd is in hoe kennis wordt verworven.

Joke van Velzen, onderwijspsychologe, is onderzoeksdocent en coördineert het onderzoeksgedeelte van de masteropleiding aan de Educatieve Hogeschool van Amsterdam. Voordien doceerde zij aan de lerarenopleiding van de Universiteit Leiden, en aan de lerarenopleiding van de Universiteit Nijmegen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
De canon. Wat elke Nederlander weten moetDe canon. Wat elke Nederlander weten moet
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De canon. Wat elke Nederlander weten moet

 26,80
De kennis van de vaderlandse geschiedenis is gebrekkig bij de Nederlanders, zo blijkt uit een groots opgezette peiling. Ruim duizend mensen maakten voor het onderzoek een test, gebaseerd op de historische canon voor het basisonderwijs. Slechts 17 procent van de ondervraagden wisten dat Nederland pas in de 19e eeuw een koninkrijk werd en ongeveer de helft kon niet vertellen welke eeuw bekend staat als de Gouden Eeuw.

Waar schort het bij uw kennis of waar zou u meer over willen weten? Een item uitkiezen hoeft eigenlijk niet, want de regering liet een speciale canoncommissie een lijst van 50 onderwerpen vastleggen waarvan elke Nederlander op de hoogte moet zijn: van de hunebedden over Koning Willem I tot de Gasbel. De Nederlandse historische en culturele canon zag het licht.

Met dit boek loopt de lezer moeiteloos en met plezier door het rijke Nederlandse heden en verleden. Over elk onderwerp wordt verteld wat er over te weten valt. Bovendien is het boek rijk geïllustreerd.

Maar deze Canon is meer dan zomaar een onderwerpenlijst. De regering heeft het zelf over ‘vensters op de geschiedenis’. Door deze vensters kijken hoeft geen opdracht te zijn, maar is een mooie kans om alles weer in zijn groter geheel te zien. Wie zijn verleden kent, begrijpt immers meer van het heden met al zijn eigenaardigheden. Bovendien schept het een band tussen mensen. Een gezamenlijke taal, een gezamenlijke geschiedenis en een door iedereen erkend gezag zijn de drie elementen die van een groep mensen een volk of een natie maken.
Voor wie in Nederland geboren is, mag de kennis van het verleden tot verplichte kost worden verklaard. Maar ook voor nieuwkomers is het op de hoogte zijn van de achtergronden van de culturele gemeenschap waar zij binnentreden, van groot belang, evenals het leren van de taal.

Bovendien wordt deze canon ook opgenomen in de kerndoelen van het primair (bovenbouw) en het voortgezet onderwijs (onderbouw). Dat betekent dat alle leerlingen van acht tot veertien jaar zich kennis moeten verwerven van de vijftig vensters.

Theo Koops doceert Maatschappijleer aan de Lerarenopleiding van Hogeschool INHOLLAND in Amsterdam.
Jan Willem Bultje was achtereenvolgens leerkracht, uitgever voor Teleac/NOT en Open Universiteit, programmamaker voor radio en tv en auteur van non-fictie boeken voor jeugd en volwassenen.
Henk Frijters doceert Geschiedenis en Filosofie aan het Emmaüscollege in Rotterdam.

De canon. Wat elke Nederlander weten moetDe canon. Wat elke Nederlander weten moet
Quick View

De canon. Wat elke Nederlander weten moet

 26,80
De kennis van de vaderlandse geschiedenis is gebrekkig bij de Nederlanders, zo blijkt uit een groots opgezette peiling. Ruim duizend mensen maakten voor het onderzoek een test, gebaseerd op de historische canon voor het basisonderwijs. Slechts 17 procent van de ondervraagden wisten dat Nederland pas in de 19e eeuw een koninkrijk werd en ongeveer de helft kon niet vertellen welke eeuw bekend staat als de Gouden Eeuw.

Waar schort het bij uw kennis of waar zou u meer over willen weten? Een item uitkiezen hoeft eigenlijk niet, want de regering liet een speciale canoncommissie een lijst van 50 onderwerpen vastleggen waarvan elke Nederlander op de hoogte moet zijn: van de hunebedden over Koning Willem I tot de Gasbel. De Nederlandse historische en culturele canon zag het licht.

Met dit boek loopt de lezer moeiteloos en met plezier door het rijke Nederlandse heden en verleden. Over elk onderwerp wordt verteld wat er over te weten valt. Bovendien is het boek rijk geïllustreerd.

Maar deze Canon is meer dan zomaar een onderwerpenlijst. De regering heeft het zelf over ‘vensters op de geschiedenis’. Door deze vensters kijken hoeft geen opdracht te zijn, maar is een mooie kans om alles weer in zijn groter geheel te zien. Wie zijn verleden kent, begrijpt immers meer van het heden met al zijn eigenaardigheden. Bovendien schept het een band tussen mensen. Een gezamenlijke taal, een gezamenlijke geschiedenis en een door iedereen erkend gezag zijn de drie elementen die van een groep mensen een volk of een natie maken.
Voor wie in Nederland geboren is, mag de kennis van het verleden tot verplichte kost worden verklaard. Maar ook voor nieuwkomers is het op de hoogte zijn van de achtergronden van de culturele gemeenschap waar zij binnentreden, van groot belang, evenals het leren van de taal.

Bovendien wordt deze canon ook opgenomen in de kerndoelen van het primair (bovenbouw) en het voortgezet onderwijs (onderbouw). Dat betekent dat alle leerlingen van acht tot veertien jaar zich kennis moeten verwerven van de vijftig vensters.

Theo Koops doceert Maatschappijleer aan de Lerarenopleiding van Hogeschool INHOLLAND in Amsterdam.
Jan Willem Bultje was achtereenvolgens leerkracht, uitgever voor Teleac/NOT en Open Universiteit, programmamaker voor radio en tv en auteur van non-fictie boeken voor jeugd en volwassenen.
Henk Frijters doceert Geschiedenis en Filosofie aan het Emmaüscollege in Rotterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
De logica van vraaggericht lerenDe logica van vraaggericht leren
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De logica van vraaggericht leren

 36,00
Drie jaar werkte lector Ton Bruining met de kenniskring van het lectoraat Competentiegericht en vraaggestuurd leren aan de ontwikkeling van vraaggestuurde leerarrangementen. Daarbij werd de dialoog gevoerd en de samenwerking gezocht met docenten van Avans Hogeschool, met partners uit het werkveld, met Universiteiten en met onderwijsinnovatiecentra.

In een tijdsgewricht waarin er op vragen als: Wat is goed onderwijs? Welke inhouden zijn belangrijk? Welke rol spelen de vragen van lerenden? Wat moet de relatie lerende - leraar zijn? geen eenduidige antwoorden lijken te bestaan, is het lectoraat op een zoektocht gegaan. Een van de uitkomsten van die zoektocht is de gedachte dat het er in het onderwijs om gaat de lerenden in staat te stellen steeds slimmere vragen te stellen. Die lerenden kunnen kinderen, hbo-studenten, beroepsbeoefenaren of beroepsopleiders zijn.

Vraaggerichtheid is iets anders dan een u-vraagt-wij-draaien-benadering of een zoek-het-zelf-maar-uit-benadering. Vraaggerichtheid betekent niet dat de kennis verkwanseld moet worden, dat resultaten er niet toe doen en dat de leraar als joker wordt ingezet. Vraaggerichtheid is ook iets anders als ik-weet-wat-goed-voorje- is en ik-zal-je-leren-om-de-goede-vragen-te-stellen. Naast de neoliberale logica van het kiezen en de belerende logica van het onderrichten, staat de zorgzame logica van het vraaggericht leren.

De logica van het vraaggericht leren vertrekt vanuit de gemeenschap. Ze neemt niet het individu als uitgangspunt, niet de lerende en niet de leraar. Ze grijpt niet aan in een leertheorie. Ze begint niet bij de inhoud of bij een didactisch stappenplan. Het interesseert de logica van het vraaggericht leren wel, maar het is niet haar beginpunt. De logica van het vraaggericht leren begint bij de vraag: Wat hebben we hier nodig?

In deze bundel zijn de resultaten te vinden van drie jaar nadenken, gesprekken voeren met belanghebbenden, samenwerken en onderzoek doen met als brandpunt de ontwikkeling van vraaggerichte leerarrangementen. Met deze bundel beoogt het lectoraat een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van duurzame leerpraktijken die passen bij de 21e eeuw, die gebaseerd zijn op kennis over onderwijs en leren, die ruimte geven aan de leraar als kenniswerker in de frontlinie van het onderwijs, en die gericht zijn op vragen die er in de toekomst toe doen.

Ton Bruining is als senior adviseur werkzaam voor KPC Groep. Van 2004 tot en met 2007 was hij als lector verbonden aan de pabo van Avans Hogeschool te Breda.

De logica van vraaggericht lerenDe logica van vraaggericht leren
Quick View

De logica van vraaggericht leren

 36,00
Drie jaar werkte lector Ton Bruining met de kenniskring van het lectoraat Competentiegericht en vraaggestuurd leren aan de ontwikkeling van vraaggestuurde leerarrangementen. Daarbij werd de dialoog gevoerd en de samenwerking gezocht met docenten van Avans Hogeschool, met partners uit het werkveld, met Universiteiten en met onderwijsinnovatiecentra.

In een tijdsgewricht waarin er op vragen als: Wat is goed onderwijs? Welke inhouden zijn belangrijk? Welke rol spelen de vragen van lerenden? Wat moet de relatie lerende - leraar zijn? geen eenduidige antwoorden lijken te bestaan, is het lectoraat op een zoektocht gegaan. Een van de uitkomsten van die zoektocht is de gedachte dat het er in het onderwijs om gaat de lerenden in staat te stellen steeds slimmere vragen te stellen. Die lerenden kunnen kinderen, hbo-studenten, beroepsbeoefenaren of beroepsopleiders zijn.

Vraaggerichtheid is iets anders dan een u-vraagt-wij-draaien-benadering of een zoek-het-zelf-maar-uit-benadering. Vraaggerichtheid betekent niet dat de kennis verkwanseld moet worden, dat resultaten er niet toe doen en dat de leraar als joker wordt ingezet. Vraaggerichtheid is ook iets anders als ik-weet-wat-goed-voorje- is en ik-zal-je-leren-om-de-goede-vragen-te-stellen. Naast de neoliberale logica van het kiezen en de belerende logica van het onderrichten, staat de zorgzame logica van het vraaggericht leren.

De logica van het vraaggericht leren vertrekt vanuit de gemeenschap. Ze neemt niet het individu als uitgangspunt, niet de lerende en niet de leraar. Ze grijpt niet aan in een leertheorie. Ze begint niet bij de inhoud of bij een didactisch stappenplan. Het interesseert de logica van het vraaggericht leren wel, maar het is niet haar beginpunt. De logica van het vraaggericht leren begint bij de vraag: Wat hebben we hier nodig?

In deze bundel zijn de resultaten te vinden van drie jaar nadenken, gesprekken voeren met belanghebbenden, samenwerken en onderzoek doen met als brandpunt de ontwikkeling van vraaggerichte leerarrangementen. Met deze bundel beoogt het lectoraat een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van duurzame leerpraktijken die passen bij de 21e eeuw, die gebaseerd zijn op kennis over onderwijs en leren, die ruimte geven aan de leraar als kenniswerker in de frontlinie van het onderwijs, en die gericht zijn op vragen die er in de toekomst toe doen.

Ton Bruining is als senior adviseur werkzaam voor KPC Groep. Van 2004 tot en met 2007 was hij als lector verbonden aan de pabo van Avans Hogeschool te Breda.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Over 1 en ander. Verantwoorde gespreks- en vergadertechnieken

 17,90
Steeds meer mensen vergaderen steeds meer. Sommige mensen vergaderen zelfs het grootste deel van de werkdag. Allerlei wettelijke verplichtingen inzake overleg tussen werknemers en werkgevers dragen hiertoe bij. Maar we hechten ook gewoon meer belang aan goed overleg. Zelfs in die mate dat goed beleid en management niet meer los te koppelen zijn van een goede communicatie met alle betrokkenen. Toch hebben weinig mensen een gedegen opleiding gekregen over communicatie- en vergadertechnieken. Alle goede bedoelingen ten spijt is vergaderen soms een frustrerende en inefficiënte bezigheid.
Dit boek is een praktijkgids in vergadertechnieken en -vaardigheden. Met overzichtelijke schema’s en duidelijke lijstjes (handig te gebruiken in vormingssessies) wordt de lezer wegwijs gemaakt in wat speelt in goed en slecht vergaderen. Ook de vergaderethiek wordt in acht genomen. Een efficiënte vergadering slaagt wanneer de behoeften van alle betrokkenen bevredigd worden. Vergaderen hoeft dus zeker geen slagveld te zijn waarin verschillende partijen hun gelijk proberen te halen. Het eerste deel onderzoekt de basiselementen van elke vergadering: communicatie, inbegrepen groepsprocessen én conflicten. In het tweede deel wordt het vergaderen zelf onder de loep genomen: Wat is een vergadering juist? Wat zijn de procedures en de rol en takenpakketten van de verschillende spelers? In het derde deel komt het ethische aspect aan bod.
Het boek richt zich tot iedereen die zijn vergadervaardigheid wil aanscherpen.

Herman Siebens is directeur van het Koninklijk Technisch Atheneum in Wemmel. Eerder publiceerde hij over zakenethiek, participatie en aanverwante onderwerpen.

Quick View

Over 1 en ander. Verantwoorde gespreks- en vergadertechnieken

 17,90
Steeds meer mensen vergaderen steeds meer. Sommige mensen vergaderen zelfs het grootste deel van de werkdag. Allerlei wettelijke verplichtingen inzake overleg tussen werknemers en werkgevers dragen hiertoe bij. Maar we hechten ook gewoon meer belang aan goed overleg. Zelfs in die mate dat goed beleid en management niet meer los te koppelen zijn van een goede communicatie met alle betrokkenen. Toch hebben weinig mensen een gedegen opleiding gekregen over communicatie- en vergadertechnieken. Alle goede bedoelingen ten spijt is vergaderen soms een frustrerende en inefficiënte bezigheid.
Dit boek is een praktijkgids in vergadertechnieken en -vaardigheden. Met overzichtelijke schema’s en duidelijke lijstjes (handig te gebruiken in vormingssessies) wordt de lezer wegwijs gemaakt in wat speelt in goed en slecht vergaderen. Ook de vergaderethiek wordt in acht genomen. Een efficiënte vergadering slaagt wanneer de behoeften van alle betrokkenen bevredigd worden. Vergaderen hoeft dus zeker geen slagveld te zijn waarin verschillende partijen hun gelijk proberen te halen. Het eerste deel onderzoekt de basiselementen van elke vergadering: communicatie, inbegrepen groepsprocessen én conflicten. In het tweede deel wordt het vergaderen zelf onder de loep genomen: Wat is een vergadering juist? Wat zijn de procedures en de rol en takenpakketten van de verschillende spelers? In het derde deel komt het ethische aspect aan bod.
Het boek richt zich tot iedereen die zijn vergadervaardigheid wil aanscherpen.

Herman Siebens is directeur van het Koninklijk Technisch Atheneum in Wemmel. Eerder publiceerde hij over zakenethiek, participatie en aanverwante onderwerpen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vrouwelijk palet vol dromen. Female palette full of dreams (incl. DVD Ulu)

 29,00
Vijftien vrouwen, twaalf verschillende nationaliteiten. Wat bindt hen? Op het eerste gezicht enkel het feit dat ze op dit moment allemaal in Brugge wonen. Maar misschien ook meer? Vijftien vrouwen gaan samen op zoek naar hun innerlijke sterkte en brengen dit tot uiting in een palet van verhalen en beelden, soms harde realiteit en fantasie. Bestaat er zoiets als de ‘universele vrouw’, over de grenzen van culturen en talen heen? En kan je kracht putten uit verschillen? Het resultaat is het boek Vrouwelijk Palet vol dromen, en de film Ulu. Ulu laat de psychologische zoektocht zien die elke vrouw doormaakt en tekent zo de contouren van de archetypische vrouw, vooral via de kracht van fantasie en de symboliek van rituelen. In Vrouwelijk palet vol dromen maakt de lezer kennis met de individuele vrouwen achter Ulu: hun verhaal, hun droom.
Film en boek bieden inspiratie aan iedereen, man of vrouw, die veerkracht kan putten uit het verhaal van een ander. Ze maken ook duidelijk dat diversiteit een rijkdom is en een zaak van iedereen.
De teksten zijn in het Nederlands, het Engels en de moedertaal van iedere vrouw.

Aan de realisatie van dit boek werkten heel wat mensen mee. Eerst en vooral de 15 vrouwen die hun verhaal schreven. Alle verhalen zijn ontstaan in de schoot van het filmproject Ulu, een sociaal-artistiek project van vzw Brugge Plus en de Diversiteitsdienst van de stad Brugge, met steun van de Vlaamse Overheid.

Bij het boek hoort de DVD van de film 'ULU' van Fleur Boonman.

Quick View

Vrouwelijk palet vol dromen. Female palette full of dreams (incl. DVD Ulu)

 29,00
Vijftien vrouwen, twaalf verschillende nationaliteiten. Wat bindt hen? Op het eerste gezicht enkel het feit dat ze op dit moment allemaal in Brugge wonen. Maar misschien ook meer? Vijftien vrouwen gaan samen op zoek naar hun innerlijke sterkte en brengen dit tot uiting in een palet van verhalen en beelden, soms harde realiteit en fantasie. Bestaat er zoiets als de ‘universele vrouw’, over de grenzen van culturen en talen heen? En kan je kracht putten uit verschillen? Het resultaat is het boek Vrouwelijk Palet vol dromen, en de film Ulu. Ulu laat de psychologische zoektocht zien die elke vrouw doormaakt en tekent zo de contouren van de archetypische vrouw, vooral via de kracht van fantasie en de symboliek van rituelen. In Vrouwelijk palet vol dromen maakt de lezer kennis met de individuele vrouwen achter Ulu: hun verhaal, hun droom.
Film en boek bieden inspiratie aan iedereen, man of vrouw, die veerkracht kan putten uit het verhaal van een ander. Ze maken ook duidelijk dat diversiteit een rijkdom is en een zaak van iedereen.
De teksten zijn in het Nederlands, het Engels en de moedertaal van iedere vrouw.

Aan de realisatie van dit boek werkten heel wat mensen mee. Eerst en vooral de 15 vrouwen die hun verhaal schreven. Alle verhalen zijn ontstaan in de schoot van het filmproject Ulu, een sociaal-artistiek project van vzw Brugge Plus en de Diversiteitsdienst van de stad Brugge, met steun van de Vlaamse Overheid.

Bij het boek hoort de DVD van de film 'ULU' van Fleur Boonman.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Beginnende directeurs basisonderwijs. Een follow-up onderzoek

 32,90
Een directeur heeft op school een belangrijke functie en is onmisbaar. Dat zegt het gezond verstand, maar dat blijkt ook uit veel onderzoek. Recent wordt er veel aandacht besteed aan de vraag wat het betekent directeur te worden. In verschillende landen wordt er boeiend onderzoek opgezet over de professionele ontwikkeling van beginnende directeurs. In deze publicatie wordt een onderzoek beschreven bij beginnende directeurs Basisonderwijs die gedurende twee schooljaren werden gevolg door middel van interviews. Dit leidde tot de beschrijving van hun professionele ontwikkeling aan de hand van een aantal thema’s. Daarin wordt o.a. nagegaan hoe beginnende directeurs omgaan met de vele dagelijkse en diverse taken, hoe ze hun team motiveren, hoe ze problemen en conflicten aanpakken en oplossen, hoe ze in hun school vernieuwingen realiseren, hoe ze proberen beleidsbeslissingen te integreren in het dagelijks werk op school en hoe ze persoonlijk en in overleg met collega’s reflecteren over hun professionele ontwikkeling als schoolleider.

Beginnende, maar ook ervaren directeurs, pedagogische begeleiders en inspecteurs zullen ongetwijfeld veel van de beschreven situaties herkennen. Het boek biedt aan beleidsverantwoordelijken een aantal inzichten over de wijze waarop schoolleiders tegenwoordig, vaak met vallen en opstaan, moeten leren werken aan de realisatie van beleidsvoorstellen.

Het boek bevat drie hoofdstukken. In het eerste hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van buitenlands onderzoek en van een vragenlijstonderzoek bij Vlaamse beginnende directeurs Basisonderwijs. Het tweede hoofdstuk beschrijft uitvoerig de wijze waarop het onderzoek werd uitgevoerd en hoe de interviews verwerkt werden. Het centrale derde hoofdstuk biedt een uitvoerige beschrijving van de professionele ontwikkeling van beginnende directeurs basisonderwijs aan de hand van 11 thema’s.

Roland Vandenberghe is emeritus hoogleraar van de KU Leuven. Hij was hoofd van het Centrum voor Onderwijsbeleid en -vernieuwing aan de faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen.

Quick View

Beginnende directeurs basisonderwijs. Een follow-up onderzoek

 32,90
Een directeur heeft op school een belangrijke functie en is onmisbaar. Dat zegt het gezond verstand, maar dat blijkt ook uit veel onderzoek. Recent wordt er veel aandacht besteed aan de vraag wat het betekent directeur te worden. In verschillende landen wordt er boeiend onderzoek opgezet over de professionele ontwikkeling van beginnende directeurs. In deze publicatie wordt een onderzoek beschreven bij beginnende directeurs Basisonderwijs die gedurende twee schooljaren werden gevolg door middel van interviews. Dit leidde tot de beschrijving van hun professionele ontwikkeling aan de hand van een aantal thema’s. Daarin wordt o.a. nagegaan hoe beginnende directeurs omgaan met de vele dagelijkse en diverse taken, hoe ze hun team motiveren, hoe ze problemen en conflicten aanpakken en oplossen, hoe ze in hun school vernieuwingen realiseren, hoe ze proberen beleidsbeslissingen te integreren in het dagelijks werk op school en hoe ze persoonlijk en in overleg met collega’s reflecteren over hun professionele ontwikkeling als schoolleider.

Beginnende, maar ook ervaren directeurs, pedagogische begeleiders en inspecteurs zullen ongetwijfeld veel van de beschreven situaties herkennen. Het boek biedt aan beleidsverantwoordelijken een aantal inzichten over de wijze waarop schoolleiders tegenwoordig, vaak met vallen en opstaan, moeten leren werken aan de realisatie van beleidsvoorstellen.

Het boek bevat drie hoofdstukken. In het eerste hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van buitenlands onderzoek en van een vragenlijstonderzoek bij Vlaamse beginnende directeurs Basisonderwijs. Het tweede hoofdstuk beschrijft uitvoerig de wijze waarop het onderzoek werd uitgevoerd en hoe de interviews verwerkt werden. Het centrale derde hoofdstuk biedt een uitvoerige beschrijving van de professionele ontwikkeling van beginnende directeurs basisonderwijs aan de hand van 11 thema’s.

Roland Vandenberghe is emeritus hoogleraar van de KU Leuven. Hij was hoofd van het Centrum voor Onderwijsbeleid en -vernieuwing aan de faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Buitengewoon gespecialiseerd. Onderwijs aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften (S.O.B.-Katernen, nr. 7)

 14,90
Vlaanderen kent een sterk netwerk van gespecialiseerde scholen voor buitengewoon onderwijs. Dit maakt een overstap naar inclusief onderwijs minder evident. Hoe kunnen gewone scholen eenzelfde kwaliteitsvol onderwijszorg bieden aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften? Moeten die vele scholen voor buitengewoon onderwijs verdwijnen of moet hun expertise versnipperd worden over zovele andere scholen?
Het Vlaams Verbond voor Katholiek Buitengewoon Onderwijs (VVKBuO) buigt zich over deze vraag sinds begin der jaren negentig van vorige eeuw. Via studiewerk, visieontwikkeling en samenwerkingsprojecten tussen gewoon en buitengewoon onderwijs heeft zij het debat niet geschuwd en zelfs via nascholingsprojecten de aangesloten scholen kansen geboden om zich voor te bereiden op een meer inclusief onderwijs.
Kerngedachte hierbij is: een onderwijscontinuüm uitbouwen, waardoor er voor elke leerling kwaliteitsvol onderwijs op maat kan geboden worden. Samenwerking tussen scholen staat garant voor een kwaliteitsvol aanbod en creëert kansen voor een vergroting van expertise en competenties in elke school.
Dit boek biedt een duidelijke kijk op die visie en bespreekt de verschillende kenmerken die noodzakelijk zijn om kwaliteitsvol onderwijs aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften te realiseren.
Het is een boek dat de scholen een spiegel wil voorhouden en een helder werkkader en werkinstrumenten aanreiken om hun kwaliteit tastbaar te maken. De gespecialiseerde scholen vinden er een stevige leidraad om zich te profileren binnen het onderwijsveld. Gewone scholen kunnen ‘in die spiegel’ zien aan welke aspecten zij kunnen werken om ook aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften een kwaliteitsvol onderwijs aan te bieden.
Via een aan dit boek gekoppelde website bieden wij concrete steekkaarten en documentatiemateriaal om in de school aan de slag te gaan. Met deze combinatie van boek en website staan scholen niet meer alleen om hun weg te vinden in het wijzigende onderwijslandschap. Zij zijn gewapend voor de toekomst.

Karel Casaer is orthopedagoog en secretaris generaal van het VVKBuO. Naast de uitwerking van verschillende hoofdstukken leidde hij de eindredactie van het verzamelde werk van velen. De intense samenwerking van de stafmedewerkers en vele scholen van het Katholiek Verbond voor Buitengewoon Onderwijs (VVKBuO) staan borg voor een degelijke inhoud en praktijkgerichte documentatie.

Quick View

Buitengewoon gespecialiseerd. Onderwijs aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften (S.O.B.-Katernen, nr. 7)

 14,90
Vlaanderen kent een sterk netwerk van gespecialiseerde scholen voor buitengewoon onderwijs. Dit maakt een overstap naar inclusief onderwijs minder evident. Hoe kunnen gewone scholen eenzelfde kwaliteitsvol onderwijszorg bieden aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften? Moeten die vele scholen voor buitengewoon onderwijs verdwijnen of moet hun expertise versnipperd worden over zovele andere scholen?
Het Vlaams Verbond voor Katholiek Buitengewoon Onderwijs (VVKBuO) buigt zich over deze vraag sinds begin der jaren negentig van vorige eeuw. Via studiewerk, visieontwikkeling en samenwerkingsprojecten tussen gewoon en buitengewoon onderwijs heeft zij het debat niet geschuwd en zelfs via nascholingsprojecten de aangesloten scholen kansen geboden om zich voor te bereiden op een meer inclusief onderwijs.
Kerngedachte hierbij is: een onderwijscontinuüm uitbouwen, waardoor er voor elke leerling kwaliteitsvol onderwijs op maat kan geboden worden. Samenwerking tussen scholen staat garant voor een kwaliteitsvol aanbod en creëert kansen voor een vergroting van expertise en competenties in elke school.
Dit boek biedt een duidelijke kijk op die visie en bespreekt de verschillende kenmerken die noodzakelijk zijn om kwaliteitsvol onderwijs aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften te realiseren.
Het is een boek dat de scholen een spiegel wil voorhouden en een helder werkkader en werkinstrumenten aanreiken om hun kwaliteit tastbaar te maken. De gespecialiseerde scholen vinden er een stevige leidraad om zich te profileren binnen het onderwijsveld. Gewone scholen kunnen ‘in die spiegel’ zien aan welke aspecten zij kunnen werken om ook aan leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften een kwaliteitsvol onderwijs aan te bieden.
Via een aan dit boek gekoppelde website bieden wij concrete steekkaarten en documentatiemateriaal om in de school aan de slag te gaan. Met deze combinatie van boek en website staan scholen niet meer alleen om hun weg te vinden in het wijzigende onderwijslandschap. Zij zijn gewapend voor de toekomst.

Karel Casaer is orthopedagoog en secretaris generaal van het VVKBuO. Naast de uitwerking van verschillende hoofdstukken leidde hij de eindredactie van het verzamelde werk van velen. De intense samenwerking van de stafmedewerkers en vele scholen van het Katholiek Verbond voor Buitengewoon Onderwijs (VVKBuO) staan borg voor een degelijke inhoud en praktijkgerichte documentatie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Europe Asia Dialogue on business spirituality (European SPES Cahiers, nr. 2)

 19,80
Values, purposes and functions of European and Asian businesses are topics of vital importance today. European SPES Cahier n.° 2 contains selected papers of the annual conference of the European SPES Forum Europe-Asia Dialogue on Business, Ethics & Spirituality, held in 2006 in Budapest, Hungary. Scholars and practitioners from England, Norway, Sweden and Hungary as well as from India, Indonesia, Japan and the USA share their views on European and Asian ways of doing business.

What are the basic differences between the ethical orientation of European and Asian businesses? How can European and Asian traditions of spirituality contribute to transforming contemporary management theory and praxis? Which new leadership roles emerge for spiritual growth and reflection in the workplace in Europe and Asia?

The European SPES Forum believes that Europe and Asia can be inspired by each other, especially if they return to and apply creatively their own spiritual foundations.

Laszlo Zsolnai is professor and director of the Business Ethics Centre at the Corvinus University of Budapest. He is chairman of the Business Ethics Interfaculty Group of the Community of European Management Schools (CEMS). He is co-founder of the European SPES Forum.

Quick View

Europe Asia Dialogue on business spirituality (European SPES Cahiers, nr. 2)

 19,80
Values, purposes and functions of European and Asian businesses are topics of vital importance today. European SPES Cahier n.° 2 contains selected papers of the annual conference of the European SPES Forum Europe-Asia Dialogue on Business, Ethics & Spirituality, held in 2006 in Budapest, Hungary. Scholars and practitioners from England, Norway, Sweden and Hungary as well as from India, Indonesia, Japan and the USA share their views on European and Asian ways of doing business.

What are the basic differences between the ethical orientation of European and Asian businesses? How can European and Asian traditions of spirituality contribute to transforming contemporary management theory and praxis? Which new leadership roles emerge for spiritual growth and reflection in the workplace in Europe and Asia?

The European SPES Forum believes that Europe and Asia can be inspired by each other, especially if they return to and apply creatively their own spiritual foundations.

Laszlo Zsolnai is professor and director of the Business Ethics Centre at the Corvinus University of Budapest. He is chairman of the Business Ethics Interfaculty Group of the Community of European Management Schools (CEMS). He is co-founder of the European SPES Forum.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Franklin Delano Roosevelt. Grondlegger van een wereldmacht (Reeks Grondleggers, nr. 5)

 20,00
Franklin Delano Roosevelt was de eerste en enige die vier keer op rij tot president van de Verenigde Staten werd verkozen.
In de jaarlijkse enquête van het instituut Zogby werd Roosevelt herhaaldelijk gekozen als de beste president uit de moderne geschiedenis van de Verenigde Staten. Deze hoge onderscheiding werd gemotiveerd door het feit dat hij de Verenigde Staten uit de Grote Depressie haalde en zegevierend door de Tweede Wereldoorlog leidde.

Zo leeft hij ook voort in het collectief geheugen van de Amerikanen. Hij is de vader van de New Deal en de architect van de huidige Organisatie van de Verenigde Naties. Dat hij dit allemaal verwezenlijkte ondanks een zwaar invaliderende handicap, spreekt tot de verbeelding en inspireert.

Het boek schetst een chronologisch portret van Roosevelt als politiek leider en als mens. Het richt zich tot iedereen die interesse heeft in de Amerikaanse geschiedenis en de grote iconen uit de moderne geschiedenis.

Hubert Van Rompuy is ere-rijksinspecteur bij het Vlaamse onderwijs.

Placeholder Image
Quick View

Franklin Delano Roosevelt. Grondlegger van een wereldmacht (Reeks Grondleggers, nr. 5)

 20,00
Franklin Delano Roosevelt was de eerste en enige die vier keer op rij tot president van de Verenigde Staten werd verkozen.
In de jaarlijkse enquête van het instituut Zogby werd Roosevelt herhaaldelijk gekozen als de beste president uit de moderne geschiedenis van de Verenigde Staten. Deze hoge onderscheiding werd gemotiveerd door het feit dat hij de Verenigde Staten uit de Grote Depressie haalde en zegevierend door de Tweede Wereldoorlog leidde.

Zo leeft hij ook voort in het collectief geheugen van de Amerikanen. Hij is de vader van de New Deal en de architect van de huidige Organisatie van de Verenigde Naties. Dat hij dit allemaal verwezenlijkte ondanks een zwaar invaliderende handicap, spreekt tot de verbeelding en inspireert.

Het boek schetst een chronologisch portret van Roosevelt als politiek leider en als mens. Het richt zich tot iedereen die interesse heeft in de Amerikaanse geschiedenis en de grote iconen uit de moderne geschiedenis.

Hubert Van Rompuy is ere-rijksinspecteur bij het Vlaamse onderwijs.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Opportunities for early literacy development: evidence for home and school support

 23,90
A substantial amount of discussion during the past decades has been concerned with children from minority and/or poorly educated parents, lagging behind in the areas of language and literacy. The present volume describes a large-scale investigation in which children from diverse socio economic backgrounds were monitored in their process of learning to read in Dutch primary education. In a set of four constituent projects, we will describe the aspects of both home and school environment that play a role in the development of emergent literacy skills and initial reading behavior. The studies are founded on a theoretical framework in which the contribution of parent involvement and teacher expectations is reviewed, in relation to opportunities to become literate.

Judith Stoep has specialized in (second) language and literacy acquisition, conducting research at the Radboud University of Nijmegen. Currently, she is a senior researcher in the project KLINc (Kids Learning to take INitiatives in communication) at PonTeM/ Viataal (Nijmegen/Sint-Michielsgestel, the Netherlands).

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Opportunities for early literacy development: evidence for home and school support

 23,90
A substantial amount of discussion during the past decades has been concerned with children from minority and/or poorly educated parents, lagging behind in the areas of language and literacy. The present volume describes a large-scale investigation in which children from diverse socio economic backgrounds were monitored in their process of learning to read in Dutch primary education. In a set of four constituent projects, we will describe the aspects of both home and school environment that play a role in the development of emergent literacy skills and initial reading behavior. The studies are founded on a theoretical framework in which the contribution of parent involvement and teacher expectations is reviewed, in relation to opportunities to become literate.

Judith Stoep has specialized in (second) language and literacy acquisition, conducting research at the Radboud University of Nijmegen. Currently, she is a senior researcher in the project KLINc (Kids Learning to take INitiatives in communication) at PonTeM/ Viataal (Nijmegen/Sint-Michielsgestel, the Netherlands).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Oplossingsgericht onderwijzen. Naar een gelukkiger school! (Fontys-OSO-Reeks, nr. 27)

 17,40
De auteurs van dit boek weten uit eigen ervaring op school dat een oplossingsgerichte benadering er toe bij kan dragen dat de school een plezierige plek wordt voor leerkracht en leerling.
Om voor meer scholen de stap naar de oplossingsgericht aanpak mogelijk te maken beschrijven zij het model vanaf de eerste beginselen tot aan een gedetailleerde toepassing. Zij hanteren daarbij de volgende kernprincipes:
- als iets niet kapot is, repareer het dan niet
- kijk naar wat werkt en doe daar meer van
- als iets niet werkt, probeer dan iets anders.

De lezer kan kiezen welke hulpmiddelen en technieken het best toepasbaar zijn in de eigen leer-/ onderwijssituatie.
Door het zien van nieuwe perspectieven op wat er gebeurt, kan er een andere manier van denken worden gecreëerd, die leidt tot werkelijke oplossingen. Een begaanbare route op weg naar een ‘gelukkiger school’.

Dit boek is bedoeld voor alle leerkrachten, ongeacht het niveau waarop ze met leerlingen werken.

Kerstin Måhlberg en Maud Sjöblom werken in de speciale onderwijszorg. Geïnspireerd door het model van oplossingsgericht werken, hebben zij de methodiek toegepast op hun school in de buurt van de Zweedse hoofdstad Stockholm. Zij tonen aan dat de aanpak een inspirerende en praktische benadering biedt bij het werken met jonge mensen en in hun leerproces.

Quick View

Oplossingsgericht onderwijzen. Naar een gelukkiger school! (Fontys-OSO-Reeks, nr. 27)

 17,40
De auteurs van dit boek weten uit eigen ervaring op school dat een oplossingsgerichte benadering er toe bij kan dragen dat de school een plezierige plek wordt voor leerkracht en leerling.
Om voor meer scholen de stap naar de oplossingsgericht aanpak mogelijk te maken beschrijven zij het model vanaf de eerste beginselen tot aan een gedetailleerde toepassing. Zij hanteren daarbij de volgende kernprincipes:
- als iets niet kapot is, repareer het dan niet
- kijk naar wat werkt en doe daar meer van
- als iets niet werkt, probeer dan iets anders.

De lezer kan kiezen welke hulpmiddelen en technieken het best toepasbaar zijn in de eigen leer-/ onderwijssituatie.
Door het zien van nieuwe perspectieven op wat er gebeurt, kan er een andere manier van denken worden gecreëerd, die leidt tot werkelijke oplossingen. Een begaanbare route op weg naar een ‘gelukkiger school’.

Dit boek is bedoeld voor alle leerkrachten, ongeacht het niveau waarop ze met leerlingen werken.

Kerstin Måhlberg en Maud Sjöblom werken in de speciale onderwijszorg. Geïnspireerd door het model van oplossingsgericht werken, hebben zij de methodiek toegepast op hun school in de buurt van de Zweedse hoofdstad Stockholm. Zij tonen aan dat de aanpak een inspirerende en praktische benadering biedt bij het werken met jonge mensen en in hun leerproces.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Passend inclusief onderwijs: doen. Invoeringsprogramma (incl. DVD)

 24,90
Alle kinderen hebben recht op volledige deelname aan de samenleving. Maar vreemd genoeg is dit gedachtegoed in het onderwijs nog niet of vaak slechts gedeeltelijk gerealiseerd. In de praktijk worden nogal wat kinderen, op zijn minst ten dele, uitgesloten.
Deze exclusie moet worden tegengegaan. Daarom is een nadrukkelijke keuze voor passend inclusief onderwijs noodzakelijk. Elke school kan daarvoor kiezen, ongeacht haar concept of onderwijsprofiel.

Dit boek biedt een invoeringsprogramma om passend inclusief onderwijs in de eigen onderwijssituatie op te zetten en uit te voeren. Dit gebeurt aan de hand van verschillende instrumenten, zoals het FIO – Framework voor Inclusief Onderwijs en het IPIO – InvoeringsProgramma voor Inclusief Onderwijs. Het boek bevat ook vele praktijkvoorbeelden.

Rob Franke is oprichter-coördinator van Framework – Educatieve Dienstverlening in Alphen-aan-den-Rijn. Hij is ook deeltijds verbonden aan het Seminarium voor Orthopedagogiek in Utrecht.

Quick View

Passend inclusief onderwijs: doen. Invoeringsprogramma (incl. DVD)

 24,90
Alle kinderen hebben recht op volledige deelname aan de samenleving. Maar vreemd genoeg is dit gedachtegoed in het onderwijs nog niet of vaak slechts gedeeltelijk gerealiseerd. In de praktijk worden nogal wat kinderen, op zijn minst ten dele, uitgesloten.
Deze exclusie moet worden tegengegaan. Daarom is een nadrukkelijke keuze voor passend inclusief onderwijs noodzakelijk. Elke school kan daarvoor kiezen, ongeacht haar concept of onderwijsprofiel.

Dit boek biedt een invoeringsprogramma om passend inclusief onderwijs in de eigen onderwijssituatie op te zetten en uit te voeren. Dit gebeurt aan de hand van verschillende instrumenten, zoals het FIO – Framework voor Inclusief Onderwijs en het IPIO – InvoeringsProgramma voor Inclusief Onderwijs. Het boek bevat ook vele praktijkvoorbeelden.

Rob Franke is oprichter-coördinator van Framework – Educatieve Dienstverlening in Alphen-aan-den-Rijn. Hij is ook deeltijds verbonden aan het Seminarium voor Orthopedagogiek in Utrecht.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Creatief proza. Ideeënboek

 18,90
Onderwijs en creativiteit rijmen niet. Je hoort het wel meer: het onderwijs onderdrukt de creatieve energie. Het basisonderwijs laat nog ruimte voor de creatieve ontplooiing van kinderen. Maar ook daar sijpelen rechtlijnigheid en conformisme geleidelijk binnen. Kinderen leren er binnen de lijntjes te kleuren.
Eenmaal hogerop krijgen die lijntjes de strakke contouren van clichés en vaste schema’s. Convergent denken neemt de plaats in van creatief denken.

En toch. Bijna algemeen erkennen we creativiteit als een belangrijk persoonlijkheids kenmerk. Alleen ontbreekt het ons vaak aan creatieve branie om daar daadwerkelijk iets aan te doen. Het vraagt nu eenmaal ondernemingslust en zin voor avontuur om gebaande wegen te verlaten en het terrein te betreden waar intuïtie, expressie, exploratie en inspiratie thuishoren.

Wie is er bang van creativiteit? Dit boek maakt alvast de weg vrij. Het nodigt taaldocenten uit om te volgen: om creatieve schrijfopdrachten een vooraanstaande plaats te geven in hun lessen en op deze manier de creatieve mogelijkheden van jongeren te verruimen. Creatief schrijven om beter te schrijven, dat vooral, en om te groeien, dat ook. Te groeien in creativiteit.

Creatief proza is in de eerste plaats bedoeld voor voortgezet/secundair onderwijs, maar is ook uitermate geschikt voor schrijfdocenten en cursisten, studenten in de lerarenopleiding en leraren in de hoogste jaren van het basisonderwijs.

Jos Van Thienen is doctor in de taal- en letterkunde. Zijn ervaring als docent in het secundair onderwijs vormt de creatieve onderstroom van dit boek.

Quick View

Creatief proza. Ideeënboek

 18,90
Onderwijs en creativiteit rijmen niet. Je hoort het wel meer: het onderwijs onderdrukt de creatieve energie. Het basisonderwijs laat nog ruimte voor de creatieve ontplooiing van kinderen. Maar ook daar sijpelen rechtlijnigheid en conformisme geleidelijk binnen. Kinderen leren er binnen de lijntjes te kleuren.
Eenmaal hogerop krijgen die lijntjes de strakke contouren van clichés en vaste schema’s. Convergent denken neemt de plaats in van creatief denken.

En toch. Bijna algemeen erkennen we creativiteit als een belangrijk persoonlijkheids kenmerk. Alleen ontbreekt het ons vaak aan creatieve branie om daar daadwerkelijk iets aan te doen. Het vraagt nu eenmaal ondernemingslust en zin voor avontuur om gebaande wegen te verlaten en het terrein te betreden waar intuïtie, expressie, exploratie en inspiratie thuishoren.

Wie is er bang van creativiteit? Dit boek maakt alvast de weg vrij. Het nodigt taaldocenten uit om te volgen: om creatieve schrijfopdrachten een vooraanstaande plaats te geven in hun lessen en op deze manier de creatieve mogelijkheden van jongeren te verruimen. Creatief schrijven om beter te schrijven, dat vooral, en om te groeien, dat ook. Te groeien in creativiteit.

Creatief proza is in de eerste plaats bedoeld voor voortgezet/secundair onderwijs, maar is ook uitermate geschikt voor schrijfdocenten en cursisten, studenten in de lerarenopleiding en leraren in de hoogste jaren van het basisonderwijs.

Jos Van Thienen is doctor in de taal- en letterkunde. Zijn ervaring als docent in het secundair onderwijs vormt de creatieve onderstroom van dit boek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Competentie-ontwikkelend onderwijs. Een verkenning

door
 21,00
In debatten over de vernieuwingen in onderwijs zijn competentiegericht onderwijs en competentie-ontwikkelend onderwijs vaak en graag gebruikte begrippen. In het beroepsgericht secundair onderwijs, het deeltijds onderwijs, het volwassenenonderwijs en het hoger onderwijs lopen al projecten en programma’s om te werken met competenties.

Maar over de precieze inhoud van deze begrippen bestaat in de Vlaamse onderwijswereld geen duidelijkheid. Daarom organiseerde de Vlor hierover een probleemverkenning.

Raadsleden, praktijkdeskundigen en academici zochten, elk vanuit hun specifieke kennis en invalshoek, naar antwoorden op vragen als:
- Wat betekent het begrip competentie nu precies?
- En wat is competentie-ontwikkelend onderwijs?
- Welke meerwaarde heeft competentie-ontwikkelend onderwijs en wat zijn de valkuilen?
- Is competentie-ontwikkelend onderwijs meer aangewezen in bepaalde onderwijsniveaus of -sectoren dan in andere?
- Welke systeemvoorwaarden zijn onmisbaar om competentie-ontwikkelend onderwijs te kunnen organiseren?

Deze publicatie bundelt de bijdragen van de verschillende deskundigen en sluit af met een synthesetekst.

Deze uitgave is een initiatief van de Vlaamse onderwijsraad – Algemene Raad.

Quick View

Competentie-ontwikkelend onderwijs. Een verkenning

door
 21,00
In debatten over de vernieuwingen in onderwijs zijn competentiegericht onderwijs en competentie-ontwikkelend onderwijs vaak en graag gebruikte begrippen. In het beroepsgericht secundair onderwijs, het deeltijds onderwijs, het volwassenenonderwijs en het hoger onderwijs lopen al projecten en programma’s om te werken met competenties.

Maar over de precieze inhoud van deze begrippen bestaat in de Vlaamse onderwijswereld geen duidelijkheid. Daarom organiseerde de Vlor hierover een probleemverkenning.

Raadsleden, praktijkdeskundigen en academici zochten, elk vanuit hun specifieke kennis en invalshoek, naar antwoorden op vragen als:
- Wat betekent het begrip competentie nu precies?
- En wat is competentie-ontwikkelend onderwijs?
- Welke meerwaarde heeft competentie-ontwikkelend onderwijs en wat zijn de valkuilen?
- Is competentie-ontwikkelend onderwijs meer aangewezen in bepaalde onderwijsniveaus of -sectoren dan in andere?
- Welke systeemvoorwaarden zijn onmisbaar om competentie-ontwikkelend onderwijs te kunnen organiseren?

Deze publicatie bundelt de bijdragen van de verschillende deskundigen en sluit af met een synthesetekst.

Deze uitgave is een initiatief van de Vlaamse onderwijsraad – Algemene Raad.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Bologna in European research-intensive universities. Implications for bachelor and master programs

 19,00
The Bologna-declaration changes fundamentally higher education in Europe. It introduces a clear distinction between bachelor and master programs and invites research-intensive universities for a fundamental refl ection on the relationship between research and educational activities.
Some of the prominent questions are: how can students’ learning experiences within a research-intensive context be characterised, what effects can be expected from and what is the actual impact of learning in an environment that in general focuses on research rather than on education and student learning, and how can research be integrated in education in view of optimizing learning.

Considering the literature on the one hand and building upon the in-depth refl ections of faculty-members in European researchintensive universities, the authors Jan Elen and An Verburgh make a number of educational proposals, pertaining to goals, orientation and curriculum structure of bachelors and masters programs as well as to the instructional activities and possible quality assurance processes in research-intensive universities.
The proposals are formulated in view of encouraging ongoing discussion and debate on the nexus between education and research. They aim at increasing the attractiveness and effectiveness of educational activities by stressing the need for a thorough, systematic and diversifi ed integration of research in educational activities.

Jan Elen is professor at the Center of Instructional Psychology and Technology of the KU Leuven, a partner of the League of European Research-Intensive Universities (LERU). He is the former director of the educational support offi ce of the KU Leuven. His research focuses on instructional design in higher education settings. He teaches introductory courses on Learning and Instruction and more advanced courses on educational technology and instructional design.
An Verburgh is currently preparing her PhD. For several years she was an active member of the educational support offi ce of the KU Leuven. In that position she coached the implementation of the bachelor-master structure at the KU Leuven. Her Phd addresses the relationship between research and education at the curriculum level. In contrast to the prevailing literature, she will focus on the actual situation rather than on the perceived or self-reported one.

Placeholder Image
Quick View

Bologna in European research-intensive universities. Implications for bachelor and master programs

 19,00
The Bologna-declaration changes fundamentally higher education in Europe. It introduces a clear distinction between bachelor and master programs and invites research-intensive universities for a fundamental refl ection on the relationship between research and educational activities.
Some of the prominent questions are: how can students’ learning experiences within a research-intensive context be characterised, what effects can be expected from and what is the actual impact of learning in an environment that in general focuses on research rather than on education and student learning, and how can research be integrated in education in view of optimizing learning.

Considering the literature on the one hand and building upon the in-depth refl ections of faculty-members in European researchintensive universities, the authors Jan Elen and An Verburgh make a number of educational proposals, pertaining to goals, orientation and curriculum structure of bachelors and masters programs as well as to the instructional activities and possible quality assurance processes in research-intensive universities.
The proposals are formulated in view of encouraging ongoing discussion and debate on the nexus between education and research. They aim at increasing the attractiveness and effectiveness of educational activities by stressing the need for a thorough, systematic and diversifi ed integration of research in educational activities.

Jan Elen is professor at the Center of Instructional Psychology and Technology of the KU Leuven, a partner of the League of European Research-Intensive Universities (LERU). He is the former director of the educational support offi ce of the KU Leuven. His research focuses on instructional design in higher education settings. He teaches introductory courses on Learning and Instruction and more advanced courses on educational technology and instructional design.
An Verburgh is currently preparing her PhD. For several years she was an active member of the educational support offi ce of the KU Leuven. In that position she coached the implementation of the bachelor-master structure at the KU Leuven. Her Phd addresses the relationship between research and education at the curriculum level. In contrast to the prevailing literature, she will focus on the actual situation rather than on the perceived or self-reported one.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
De lerende stad. Het laboratorium RotterdamDe lerende stad. Het laboratorium Rotterdam
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De lerende stad. Het laboratorium Rotterdam

 21,20
Rotterdam mag zich in een bijzondere belangsteling verheugen. De Maasstad heeft niet alleen taaie problemen, ze formuleert meteen ook de bijbehorende uitdagingen en toont een dadendrang, die bestuurders van andere steden soms de wenkbrauwen doet fronsen-en hen niet zelden inspireert. Globale en landelijke ontwikkelingen komen in Rotterdam samen. De stad kent een ''scheve bevolkingssamenstelling'', zeggen de deskundigen, en ze vergrijst én ze verjongt. Rotterdam moet zijn kennisniveau drastisch verhogen, de economie vraagt om versterking en vernieuwing. En gemeten op de achttien indicatoren van achterstanden en problemen komen zeven van de beoogde prachtwijken van het land in Rotterdam terecht.

De auteurs zijn: Angelina Adam, Paul de Beer, Godfried Engbersen, Radboud Engbersen, Johan Geraets, Jan van Gerwen, Jo Hermanns, Ton de Klerk, Marianne Kloosterman, Jantine Kriens, Theo Magito, Ton Notten (redactie), Geertien Pols, Truida de Raaf, Frans Spierings en Toby Witte.

De lerende stad. Het laboratorium RotterdamDe lerende stad. Het laboratorium Rotterdam
Quick View

De lerende stad. Het laboratorium Rotterdam

 21,20
Rotterdam mag zich in een bijzondere belangsteling verheugen. De Maasstad heeft niet alleen taaie problemen, ze formuleert meteen ook de bijbehorende uitdagingen en toont een dadendrang, die bestuurders van andere steden soms de wenkbrauwen doet fronsen-en hen niet zelden inspireert. Globale en landelijke ontwikkelingen komen in Rotterdam samen. De stad kent een ''scheve bevolkingssamenstelling'', zeggen de deskundigen, en ze vergrijst én ze verjongt. Rotterdam moet zijn kennisniveau drastisch verhogen, de economie vraagt om versterking en vernieuwing. En gemeten op de achttien indicatoren van achterstanden en problemen komen zeven van de beoogde prachtwijken van het land in Rotterdam terecht.

De auteurs zijn: Angelina Adam, Paul de Beer, Godfried Engbersen, Radboud Engbersen, Johan Geraets, Jan van Gerwen, Jo Hermanns, Ton de Klerk, Marianne Kloosterman, Jantine Kriens, Theo Magito, Ton Notten (redactie), Geertien Pols, Truida de Raaf, Frans Spierings en Toby Witte.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

ZL- Literair-historisch tijdschrift. Jrg.7 (2007-2008) – nr. 1: Themanummer Bert Bakker

 19,90
Deze omvangrijke aflevering is volledig gewijd aan de uitgever Bert Bakker (1912-1969). Bakker wordt met Geert Lubberhuizen van De Bezige Bij en Geert van Oorschot gezien als een van de belangrijke vernieuwers van het naoorlogse boekenvak die een blijvende invloed hebben uitgeoefend op het uitgeversvak.

Bakker nam vlak voor de Tweede Wereldoorlog de christelijke Haagse uitgeverij D.A. Daamen onder zijn hoede. De anarchie van de bezetting en Bakkers betrokkenheid bij het illegale blad Vrij Nederland, de clandestiene uitgeverij Mansarde Pers en zijn gevangenschap van enkele maanden zorgden voor een wending in Bakkers leven, waardoor hij na 1945 het enge christelijke milieu van zijn jeugd vaarwel zei en zijn uitgeverij uitbouwde tot een belangrijk literair fonds. Met zijn Ooievaar-pockets was hij in 1954 bovendien een van de eersten die van de kracht van deze moderne verschijningsvorm de vruchten plukte. De hoge oplagen van die boekjes zorgden ervoor dat veel beginnende lezers via de Ooievaars met literatuur in aanraking kwamen.

In een van de bijdragen in deze aflevering van Zacht Lawijd wordt Bakker door een tijdgenoot gekenschetst als ''Een varken dat van Bach hield''. Die aanduiding is natuurlijk vanwege het pakkende karakter wat uitvergroot, maar een feit is dat iedereen die Bakker heeft gekend die vreemde combinatie van sociale platvloersheid en compromisloos enthousiasme voor literatuur opmerkte. Voor auteurs wiens werk hij waardeerde, ging Bakker door roeien en ruiten.

Bert Bakker en zijn fonds worden in deze speciale aflevering in maar liefst veertien bijdragen belicht: zijn plaats binnen het uitgeversveld, zijn positie binnen het Haagse kunstleven, zijn eigen literaire werk, zijn verhouding tot auteurs als Lucebert, Paul Rodenko, Paul Snoek, Hans Warren, Neeltje Maria Min en H. Voordewind, zijn clandestiene Mansarde Pers, zijn tijdschrift Maatstaf, zijn Ooievaar-pockets, en uiterst amusante interviews met tijdgenoten en vroegere personeelsleden. Ook wordt integraal een door C.A.B. Bantzinger tijdens Bakkers gevangenschap in de Tweede Wereldoorlog getekend album opgenomen.



Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

ZL- Literair-historisch tijdschrift. Jrg.7 (2007-2008) – nr. 1: Themanummer Bert Bakker

 19,90
Deze omvangrijke aflevering is volledig gewijd aan de uitgever Bert Bakker (1912-1969). Bakker wordt met Geert Lubberhuizen van De Bezige Bij en Geert van Oorschot gezien als een van de belangrijke vernieuwers van het naoorlogse boekenvak die een blijvende invloed hebben uitgeoefend op het uitgeversvak.

Bakker nam vlak voor de Tweede Wereldoorlog de christelijke Haagse uitgeverij D.A. Daamen onder zijn hoede. De anarchie van de bezetting en Bakkers betrokkenheid bij het illegale blad Vrij Nederland, de clandestiene uitgeverij Mansarde Pers en zijn gevangenschap van enkele maanden zorgden voor een wending in Bakkers leven, waardoor hij na 1945 het enge christelijke milieu van zijn jeugd vaarwel zei en zijn uitgeverij uitbouwde tot een belangrijk literair fonds. Met zijn Ooievaar-pockets was hij in 1954 bovendien een van de eersten die van de kracht van deze moderne verschijningsvorm de vruchten plukte. De hoge oplagen van die boekjes zorgden ervoor dat veel beginnende lezers via de Ooievaars met literatuur in aanraking kwamen.

In een van de bijdragen in deze aflevering van Zacht Lawijd wordt Bakker door een tijdgenoot gekenschetst als ''Een varken dat van Bach hield''. Die aanduiding is natuurlijk vanwege het pakkende karakter wat uitvergroot, maar een feit is dat iedereen die Bakker heeft gekend die vreemde combinatie van sociale platvloersheid en compromisloos enthousiasme voor literatuur opmerkte. Voor auteurs wiens werk hij waardeerde, ging Bakker door roeien en ruiten.

Bert Bakker en zijn fonds worden in deze speciale aflevering in maar liefst veertien bijdragen belicht: zijn plaats binnen het uitgeversveld, zijn positie binnen het Haagse kunstleven, zijn eigen literaire werk, zijn verhouding tot auteurs als Lucebert, Paul Rodenko, Paul Snoek, Hans Warren, Neeltje Maria Min en H. Voordewind, zijn clandestiene Mansarde Pers, zijn tijdschrift Maatstaf, zijn Ooievaar-pockets, en uiterst amusante interviews met tijdgenoten en vroegere personeelsleden. Ook wordt integraal een door C.A.B. Bantzinger tijdens Bakkers gevangenschap in de Tweede Wereldoorlog getekend album opgenomen.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Lief en leed 3. Seks en relaties anders bekeken

door
 20,00
De derde editie van Lief en Leed brengt een speciale bijdrage over de echte of vermeende strijd tussen ‘natuur’ en ‘cultuur’ in het wetenschappelijke onderzoek naar ons seksueel gedrag. Gender, transseksualiteit, de rol van de hersenen, aseksualiteit, homoseksualiteit zijn thema’s waarover telkens debat ontstaat tussen biologische en omgevingsgerichte verklaringen. Rudi Bleys breekt in een verhelderende inleiding een lans voor een interdisciplinaire en onbevooroordeelde kijk.

Eén van de artikels brengt het opmerkelijke liefdesleven van vijftigplussers in Vlaanderen in kaart. Daaruit blijkt onder meer dat seks bij die groep nog steeds vanzelfsprekend is. Maar het geeft ook aan dat hoe ouder men is, hoe minder men actief op zoek gaat naar informatie. Sensoa, Lachesis (Expertise Bureau Latere Leeftijd en Gender) en het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen waren benieuwd naar het seksleven en seksualiteitsbeleving van vijftigplussers. Aan de hand van een webenquête en een bevraging op de 50Plus Beurs in Antwerpen brachten ze het seksleven van de babyboomers in kaart. De resultaten waren verrassend en stellen ons in staat om aanbevelingen te formuleren voor de welzijns- en gezondheidssector.

Naast het wetenschappelijk luik is er ook ruimte voor de maatschappelijke rol van pornografie door de eeuwen heen, seks in Japan, en homoseksualiteit in Polen voor en na de verkiezingen. Verder bijdragen van Jean-Jacques Amy over Margaret Sanger, de moeder van de anticonceptiepil, Jean Paul Van Bendegem over de onvermoede relatie tussen wiskunde en seks en Els Leye over vrouwenbesnijdenis in Europa.

Placeholder Image
Quick View

Lief en leed 3. Seks en relaties anders bekeken

door
 20,00
De derde editie van Lief en Leed brengt een speciale bijdrage over de echte of vermeende strijd tussen ‘natuur’ en ‘cultuur’ in het wetenschappelijke onderzoek naar ons seksueel gedrag. Gender, transseksualiteit, de rol van de hersenen, aseksualiteit, homoseksualiteit zijn thema’s waarover telkens debat ontstaat tussen biologische en omgevingsgerichte verklaringen. Rudi Bleys breekt in een verhelderende inleiding een lans voor een interdisciplinaire en onbevooroordeelde kijk.

Eén van de artikels brengt het opmerkelijke liefdesleven van vijftigplussers in Vlaanderen in kaart. Daaruit blijkt onder meer dat seks bij die groep nog steeds vanzelfsprekend is. Maar het geeft ook aan dat hoe ouder men is, hoe minder men actief op zoek gaat naar informatie. Sensoa, Lachesis (Expertise Bureau Latere Leeftijd en Gender) en het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen waren benieuwd naar het seksleven en seksualiteitsbeleving van vijftigplussers. Aan de hand van een webenquête en een bevraging op de 50Plus Beurs in Antwerpen brachten ze het seksleven van de babyboomers in kaart. De resultaten waren verrassend en stellen ons in staat om aanbevelingen te formuleren voor de welzijns- en gezondheidssector.

Naast het wetenschappelijk luik is er ook ruimte voor de maatschappelijke rol van pornografie door de eeuwen heen, seks in Japan, en homoseksualiteit in Polen voor en na de verkiezingen. Verder bijdragen van Jean-Jacques Amy over Margaret Sanger, de moeder van de anticonceptiepil, Jean Paul Van Bendegem over de onvermoede relatie tussen wiskunde en seks en Els Leye over vrouwenbesnijdenis in Europa.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

The clinical symptomatology and comorbidity of attention-deficit/hyperactive disorder in a healthy school population

 21,00
ADHD is een grote bron van bezorgdheid maar ook van begripsverwarring en discussie bij zowel ouders, leerkrachten, begeleiders als artsen. Iedereen lijkt er wel een mening over te hebben. Reden te meer om ADHD kritisch tegen het licht te houden.

De auteur voerde een onderzoek uit bij een grote groep kinderen in het basisonderwijs. Eerst geeft ze een overzicht van de symptomen, diagnostiek en de behandeling van ADHD volgens de recente literatuur. In de volgende hoofdstukken komen enkele grote onderzoeksvragen aan bod: Welke symptomen van ADHD komen bij welke kinderen voor en wanneer? Hoe valide is het diagnostisch algoritme van de DSM-IV? Hoe vaak komt ADHD voor op deze jonge leeftijd? Kan ADHD afzonderlijk worden gediagnosticeerd en wat is de rol van comorbide stoornissen? Tot slot onderzoekt de auteur hoe kinderen met ADHD worden behandeld en formuleert zij enkele aandachtspunten voor de toekomst.

ADHD blijkt immers vaak ondergediagosticeerd te worden. En er wordt te weinig doorverwezen naar gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg.

Sabine Tremmery is kinder- en jeugdpsychiater in het Psychiatrisch Centrum in Sleidinge. Deze uitgave is de handelsversie van haar proefschrift aan de Universiteit van Maastricht.

Placeholder Image
Quick View

The clinical symptomatology and comorbidity of attention-deficit/hyperactive disorder in a healthy school population

 21,00
ADHD is een grote bron van bezorgdheid maar ook van begripsverwarring en discussie bij zowel ouders, leerkrachten, begeleiders als artsen. Iedereen lijkt er wel een mening over te hebben. Reden te meer om ADHD kritisch tegen het licht te houden.

De auteur voerde een onderzoek uit bij een grote groep kinderen in het basisonderwijs. Eerst geeft ze een overzicht van de symptomen, diagnostiek en de behandeling van ADHD volgens de recente literatuur. In de volgende hoofdstukken komen enkele grote onderzoeksvragen aan bod: Welke symptomen van ADHD komen bij welke kinderen voor en wanneer? Hoe valide is het diagnostisch algoritme van de DSM-IV? Hoe vaak komt ADHD voor op deze jonge leeftijd? Kan ADHD afzonderlijk worden gediagnosticeerd en wat is de rol van comorbide stoornissen? Tot slot onderzoekt de auteur hoe kinderen met ADHD worden behandeld en formuleert zij enkele aandachtspunten voor de toekomst.

ADHD blijkt immers vaak ondergediagosticeerd te worden. En er wordt te weinig doorverwezen naar gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg.

Sabine Tremmery is kinder- en jeugdpsychiater in het Psychiatrisch Centrum in Sleidinge. Deze uitgave is de handelsversie van haar proefschrift aan de Universiteit van Maastricht.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ziekenhuishygiëne. Beknopte praktijkgids

 19,90
Al te vaak lopen patiënten een infectie op in het ziekenhuis. Het probleem is inderdaad groot. Bovendien berichten de media hierover geregeld ongenuanceerd en zelfs onjuist. Terwijl de zorgsector zichzelf almaar strengere normen oplegt.
Dit boek biedt een antwoord op vele problemen. Het is ontstaan uit zijn jarenlange praktijkervaring in ziekenhuisinfectiebeheersing en de talrijke vragen van gezondheidsinspectie, patiënten en hun familie, gezondheidswerkers, ziekenhuizen,… Een tiental specialisten hebben de tekst becommentarieerd.
Het eerste deel is toelichting bij belangrijke begrippen, van Ao-waarde tot zwangere vrouwen. Daarna volgt een overzicht van voorzorgsmaatregelen bij infecties. Een derde deel somt de klinische syndromen of symptomen op waarbij best voorzorgsmaatregelen worden genomen tot de diagnose is gesteld.
Het boek is bedoeld voor medici en paramedici die te maken hebben met de zorg voor hygiëne in ziekenhuizen, woon- en zorgcentra, bij de thuiszorg, in de eerstelijnsgezondheid,…

Guido Demaiter studeerde Ziekenhuisverpleegkunde aan de KATHO in Kortrijk en Medisch-sociale wetenschappen en ziekenhuisbeleid, optie beleid en opleiding van de verpleegkunde, aan de KU Leuven. Daarnaast volgde hij de academische initiële lerarenopleiding. Hij is ziekenhuishygiënist in het Kortrijkse fusieziekenhuis AZ Groeninge.

Quick View

Ziekenhuishygiëne. Beknopte praktijkgids

 19,90
Al te vaak lopen patiënten een infectie op in het ziekenhuis. Het probleem is inderdaad groot. Bovendien berichten de media hierover geregeld ongenuanceerd en zelfs onjuist. Terwijl de zorgsector zichzelf almaar strengere normen oplegt.
Dit boek biedt een antwoord op vele problemen. Het is ontstaan uit zijn jarenlange praktijkervaring in ziekenhuisinfectiebeheersing en de talrijke vragen van gezondheidsinspectie, patiënten en hun familie, gezondheidswerkers, ziekenhuizen,… Een tiental specialisten hebben de tekst becommentarieerd.
Het eerste deel is toelichting bij belangrijke begrippen, van Ao-waarde tot zwangere vrouwen. Daarna volgt een overzicht van voorzorgsmaatregelen bij infecties. Een derde deel somt de klinische syndromen of symptomen op waarbij best voorzorgsmaatregelen worden genomen tot de diagnose is gesteld.
Het boek is bedoeld voor medici en paramedici die te maken hebben met de zorg voor hygiëne in ziekenhuizen, woon- en zorgcentra, bij de thuiszorg, in de eerstelijnsgezondheid,…

Guido Demaiter studeerde Ziekenhuisverpleegkunde aan de KATHO in Kortrijk en Medisch-sociale wetenschappen en ziekenhuisbeleid, optie beleid en opleiding van de verpleegkunde, aan de KU Leuven. Daarnaast volgde hij de academische initiële lerarenopleiding. Hij is ziekenhuishygiënist in het Kortrijkse fusieziekenhuis AZ Groeninge.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    5
    Uw winkelwagen
    ×