Filter
Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.

 23,90
Niet meekomen en uit de boot vallen is een risico voor alle leerlingen in het onderwijs. In die zin zijn alle leerlingen risicoleerlingen. Dit boek richt zich op deze risicoleerlingen die een grote en onevenredige kans lopen op schooluitval, etnische segregatie en discriminatie (‘zwarte’ scholen), (cyber)pesten, specifieke zorg (speciale scholen), enz.

De auteurs bespreken maatregelen en mechanismen om deze risico’s te vermijden. Het boek laat zien in hoeverre onderwijsvoorrangsbeleid en brede scholen risicoleerlingen bij de les kunnen houden.

Dr. George Muskens leidde in de jaren tachtig het geruchtmakende onderzoek naar de taakbelasting van leraren in het voortgezet onderwijs. Tussen 2007 en 2009 gaf hij leiding aan een Europees onderzoek in opdracht van de Europese Commissie naar de aanpak van risicoleerlingen in tien verschillende landen.

Dorothee Peters MSc heeft verschillende baanbrekende publicaties op haar naam staan over segregatie en vermenging in het Nederlandse onderwijs. Momenteel is zij voor een promotieonderzoek naar lokaal gezondheidsbeleid verbonden aan het Academisch Medisch Centrum (AMC) – Universiteit van Amsterdam.

Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.
Quick View

Aan boord en bij de les. Risicoleerlingen in het onderwijs.

 23,90
Niet meekomen en uit de boot vallen is een risico voor alle leerlingen in het onderwijs. In die zin zijn alle leerlingen risicoleerlingen. Dit boek richt zich op deze risicoleerlingen die een grote en onevenredige kans lopen op schooluitval, etnische segregatie en discriminatie (‘zwarte’ scholen), (cyber)pesten, specifieke zorg (speciale scholen), enz.

De auteurs bespreken maatregelen en mechanismen om deze risico’s te vermijden. Het boek laat zien in hoeverre onderwijsvoorrangsbeleid en brede scholen risicoleerlingen bij de les kunnen houden.

Dr. George Muskens leidde in de jaren tachtig het geruchtmakende onderzoek naar de taakbelasting van leraren in het voortgezet onderwijs. Tussen 2007 en 2009 gaf hij leiding aan een Europees onderzoek in opdracht van de Europese Commissie naar de aanpak van risicoleerlingen in tien verschillende landen.

Dorothee Peters MSc heeft verschillende baanbrekende publicaties op haar naam staan over segregatie en vermenging in het Nederlandse onderwijs. Momenteel is zij voor een promotieonderzoek naar lokaal gezondheidsbeleid verbonden aan het Academisch Medisch Centrum (AMC) – Universiteit van Amsterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Onderwijs en de keten

 29,90
Passend onderwijs staat volop in de belangstelling. Is het niet vanwege de ingrijpende verbouwing van het onderwijsveld die voor passend onderwijs nodig is, dan wel vanwege de politieke (financiële?) perikelen die deze vernieuwing begeleiden. Wel bezuinigen? Niet bezuinigen? Passend onderwijs wil een antwoord zijn op de toenemende diversiteit van leerlingen in het regulier onderwijs, een gevolg van het overheidsbeleid zoveel mogelijk leerlingen regulier onderwijs te laten volgen.

Die ontwikkelingen stellen hoge eisen aan de leraar. Hij dient om te kunnen gaan met verschillen tussen leerlingen en zal veel meer maatwerk moeten leveren. Ook ziet hij zich voor de opgave gesteld zijn professionaliteit verder te ontwikkelen. Drie dingen staan daarbij centraal: beter inspelen op onderwijsbehoeften van leerlingen, nauwer samenwerken met ouders en andere bij het onderwijs betrokken partijen en het kritisch volgen van het eigen onderwijs kritisch en dat zo nodig verbeteren. Kennis over samenwerken en gedifferentieerd onderwijs speelt daarbij een belangrijke rol.

Dit boek is geschreven door leden en lectoren van de Kenniskring ‘Onderwijszorg en samenwerking in de Keten’. Het is hun taak bij te dragen aan kennisontwikkeling over onderwijszorg en passend onderwijs en hier ontmoeten kenniskring en werkveld elkaar. Dit boek doet verslag van de activiteiten van de Kenniskringleden, waarin thema’s aan de orde komen als: video-interactiebegeleiding voor leraren, reboundvoorzieningen, samenwerken met ouders, omgaan met gedragsproblemen via schoolontwikkeling, leesmotivatie en rekengesprekken.

Het boek is bestemd voor professionals in het onderwijs, voor studenten van lerarenopleidingen en voor hun opleiders. Ook leden van educatieve kenniskringen kunnen in dit boek aanknopingspunten vinden voor hun onderzoek.

Quick View

Onderwijs en de keten

 29,90
Passend onderwijs staat volop in de belangstelling. Is het niet vanwege de ingrijpende verbouwing van het onderwijsveld die voor passend onderwijs nodig is, dan wel vanwege de politieke (financiële?) perikelen die deze vernieuwing begeleiden. Wel bezuinigen? Niet bezuinigen? Passend onderwijs wil een antwoord zijn op de toenemende diversiteit van leerlingen in het regulier onderwijs, een gevolg van het overheidsbeleid zoveel mogelijk leerlingen regulier onderwijs te laten volgen.

Die ontwikkelingen stellen hoge eisen aan de leraar. Hij dient om te kunnen gaan met verschillen tussen leerlingen en zal veel meer maatwerk moeten leveren. Ook ziet hij zich voor de opgave gesteld zijn professionaliteit verder te ontwikkelen. Drie dingen staan daarbij centraal: beter inspelen op onderwijsbehoeften van leerlingen, nauwer samenwerken met ouders en andere bij het onderwijs betrokken partijen en het kritisch volgen van het eigen onderwijs kritisch en dat zo nodig verbeteren. Kennis over samenwerken en gedifferentieerd onderwijs speelt daarbij een belangrijke rol.

Dit boek is geschreven door leden en lectoren van de Kenniskring ‘Onderwijszorg en samenwerking in de Keten’. Het is hun taak bij te dragen aan kennisontwikkeling over onderwijszorg en passend onderwijs en hier ontmoeten kenniskring en werkveld elkaar. Dit boek doet verslag van de activiteiten van de Kenniskringleden, waarin thema’s aan de orde komen als: video-interactiebegeleiding voor leraren, reboundvoorzieningen, samenwerken met ouders, omgaan met gedragsproblemen via schoolontwikkeling, leesmotivatie en rekengesprekken.

Het boek is bestemd voor professionals in het onderwijs, voor studenten van lerarenopleidingen en voor hun opleiders. Ook leden van educatieve kenniskringen kunnen in dit boek aanknopingspunten vinden voor hun onderzoek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Paul Gustave Van Hecke – Themanummer Zacht Lawijd, jg. 11 nr. 2

 30,00
  • Vooraf
  • Paul-Gustave van Hecke (1887-1967), een levensschets
  • Paul-Gustave van Hecke, de éminence grise achter Couture Norine
  • P.-G. van Hecke en de Noord-Nederlandse literatuur
  • ''À bas le modernisme métèque''. De receptie van Paul-Gustave van Heckes poëzie
  • Het pamflet Pour réparer le retard et le malentendu (1921) als programmatekst
  • Les choses en vogue. P.G. van Hecke in Parijs
  • ''Zoo, komen daar zoo vele groote hansen''. Charley Toorop en Sélection
  • Over samenwerking, vriendschap en de vogelpikmaatschappij. Paul van Ostaijen, Oscar Jespers, P.-G. van Hecke en André De Ridder
  • A Day at the Races
  • ''J''emmerde toutes les dictatures, de Lénine à Mussolini, à travers Breton''. Variétés en het surrealisme: tussen modern en bourgeois
  • Johan Daisne en Paul-Gustave van Hecke
  • ''Il est temps de leur montrer, en douce, comme ça et sans en avoir l''air''. De stille weerwraak van P.-G. van Hecke in het Casino van Knokke


  • Quick View

    Paul Gustave Van Hecke – Themanummer Zacht Lawijd, jg. 11 nr. 2

     30,00
  • Vooraf
  • Paul-Gustave van Hecke (1887-1967), een levensschets
  • Paul-Gustave van Hecke, de éminence grise achter Couture Norine
  • P.-G. van Hecke en de Noord-Nederlandse literatuur
  • ''À bas le modernisme métèque''. De receptie van Paul-Gustave van Heckes poëzie
  • Het pamflet Pour réparer le retard et le malentendu (1921) als programmatekst
  • Les choses en vogue. P.G. van Hecke in Parijs
  • ''Zoo, komen daar zoo vele groote hansen''. Charley Toorop en Sélection
  • Over samenwerking, vriendschap en de vogelpikmaatschappij. Paul van Ostaijen, Oscar Jespers, P.-G. van Hecke en André De Ridder
  • A Day at the Races
  • ''J''emmerde toutes les dictatures, de Lénine à Mussolini, à travers Breton''. Variétés en het surrealisme: tussen modern en bourgeois
  • Johan Daisne en Paul-Gustave van Hecke
  • ''Il est temps de leur montrer, en douce, comme ça et sans en avoir l''air''. De stille weerwraak van P.-G. van Hecke in het Casino van Knokke


  • Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Hoe cash zorg verandert. Multidisciplinaire benadering van de persoonlijke financiering in de zorg.

     24,90
    Meer dan ooit woedt het maatschappelijk debat rond persoonlijke financiering binnen de sector van personen met een beperking. Vanuit nieuwe denkkaders over zorg en vanuit besparingsoverwegingen wijzigt de sector voor mensen met een beperking incrementeel en grondig.

    Dit boek gaat dieper in op de persoonlijke financiering als instrument en concept. De diverse eigenschappen en maatschappelijke evoluties die elkaar kruisen via het persoonlijk financieringsmechanisme worden onder het licht gehouden. Zowel verschillende onderzoeksdisciplines, de empirische , cultuur- en organisatiesociologie, alsook onderzoekers in het sociaal beleid, de orthopedagogische wetenschappen en beleidsmakers komen aan het woord.

    Het boek bekijkt kritisch in welke mate de oorspronkelijke doelstellingen worden gerealiseerd, wat de randvoorwaarden zijn en welke nieuwe vragen zich aandienen.

    Deze publicatie is gerealiseerd bij het emeritaat van prof.dr. Jef Breda. Mede dankzij zijn jarenlange inzet met zijn onderzoeksgroep ‘Welzijn en de Verzorgingsstaat’ heeft de persoonlijke financiering in het Vlaamse zorglandschap voet aan wal gekregen.

    Quick View

    Hoe cash zorg verandert. Multidisciplinaire benadering van de persoonlijke financiering in de zorg.

     24,90
    Meer dan ooit woedt het maatschappelijk debat rond persoonlijke financiering binnen de sector van personen met een beperking. Vanuit nieuwe denkkaders over zorg en vanuit besparingsoverwegingen wijzigt de sector voor mensen met een beperking incrementeel en grondig.

    Dit boek gaat dieper in op de persoonlijke financiering als instrument en concept. De diverse eigenschappen en maatschappelijke evoluties die elkaar kruisen via het persoonlijk financieringsmechanisme worden onder het licht gehouden. Zowel verschillende onderzoeksdisciplines, de empirische , cultuur- en organisatiesociologie, alsook onderzoekers in het sociaal beleid, de orthopedagogische wetenschappen en beleidsmakers komen aan het woord.

    Het boek bekijkt kritisch in welke mate de oorspronkelijke doelstellingen worden gerealiseerd, wat de randvoorwaarden zijn en welke nieuwe vragen zich aandienen.

    Deze publicatie is gerealiseerd bij het emeritaat van prof.dr. Jef Breda. Mede dankzij zijn jarenlange inzet met zijn onderzoeksgroep ‘Welzijn en de Verzorgingsstaat’ heeft de persoonlijke financiering in het Vlaamse zorglandschap voet aan wal gekregen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Cruciale dialogenCruciale dialogen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Cruciale dialogen

     35,00
    Hoe voer je een succesvolle cruciale dialoog? Hoe vermijd je dat een dialoog tot een monoloog, een debat, een discussie of een plat gesprek verwordt? Hoe verkrijg je van iedereen het nodige engagement om problemen op te lossen? Hoe hef je barrières op die verandering in de weg staan? Hoe zet je creativiteit in daadwerkelijke innovatie om?

    Veel is inmiddels bekend over het management van de traditionele basiscomponenten van elk systeem, elke techniek en organisatie. Voor de belangrijkste factor in de kennismaatschappij van de 21ste eeuw, de mens, geldt dat in mindere mate.

    De ‘cruciale dialogen’-methodiek omvat vier fasen, acht basiscondities en zestien vaardigheden. Het betreft een ‘top-down’ - ‘bottom-up’ veranderingsproces, waarbij elk niveau het onderliggende opleidt en coacht en tijdens dit proces ook zelf van dit volgende niveau leert en daardoor blijvend verandert.

    Het hoofddoel is het bevorderen van de effectiviteit, efficiëntie, creativiteit en het plezier van de belangrijkste systeemfactor, de mens. Dit wordt bereikt door waarderend te luisteren, nadien oplossingen te zoeken en die consequent uit te voeren.

    Johan Roels is burgerlijk werktuigkundig ingenieur en burgerlijk ingenieur veiligheidstechnieken. Hij bekleedde in een eerste leven diverse functies binnen de groep Rhône-Poulenc. Zijn tweede leven beleefde hij onder de vlag van Loss Control Centre Belgium en in zijn derde leven gaf hij gestalte aan SynerChange International. Hij beleeft nu zijn vierde leven als ‘Thought Engineer’.

    Cruciale dialogenCruciale dialogen
    Quick View

    Cruciale dialogen

     35,00
    Hoe voer je een succesvolle cruciale dialoog? Hoe vermijd je dat een dialoog tot een monoloog, een debat, een discussie of een plat gesprek verwordt? Hoe verkrijg je van iedereen het nodige engagement om problemen op te lossen? Hoe hef je barrières op die verandering in de weg staan? Hoe zet je creativiteit in daadwerkelijke innovatie om?

    Veel is inmiddels bekend over het management van de traditionele basiscomponenten van elk systeem, elke techniek en organisatie. Voor de belangrijkste factor in de kennismaatschappij van de 21ste eeuw, de mens, geldt dat in mindere mate.

    De ‘cruciale dialogen’-methodiek omvat vier fasen, acht basiscondities en zestien vaardigheden. Het betreft een ‘top-down’ - ‘bottom-up’ veranderingsproces, waarbij elk niveau het onderliggende opleidt en coacht en tijdens dit proces ook zelf van dit volgende niveau leert en daardoor blijvend verandert.

    Het hoofddoel is het bevorderen van de effectiviteit, efficiëntie, creativiteit en het plezier van de belangrijkste systeemfactor, de mens. Dit wordt bereikt door waarderend te luisteren, nadien oplossingen te zoeken en die consequent uit te voeren.

    Johan Roels is burgerlijk werktuigkundig ingenieur en burgerlijk ingenieur veiligheidstechnieken. Hij bekleedde in een eerste leven diverse functies binnen de groep Rhône-Poulenc. Zijn tweede leven beleefde hij onder de vlag van Loss Control Centre Belgium en in zijn derde leven gaf hij gestalte aan SynerChange International. Hij beleeft nu zijn vierde leven als ‘Thought Engineer’.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Geestelijke gezondheidszorg in het licht van zingeving en spiritualiteit

     22,80
    De geestelijke gezondheidszorg is een sector die volop in beweging is. Ook is er heel wat gaande specifiek rond de plaats van psychotherapie in het geheel van de gezondheidszorg. Evidence-based behandelen, geprotocolliseerd werken, maximaal inspelen op de thuiscontext van de cliënt, interdisciplinair samenwerken: deze items zijn vandaag voortdurend aan de orde.

    Dit boek neemt de lezer mee in een doorlichting van deze actuele context vanuit zingeving en spiritualiteit, en wel met oog voor een integraal zorgperspectief. De auteur vertrekt vanuit de praktijk van de GGZ en biedt handvatten voor zorgprofessionals en therapeuten. Daarnaast worden aanbevelingen voor het beleid gegeven.

    Inspiratiebronnen zijn onder andere cliëntenparticipatie en de ethische dimensie van de zorg. Ruime aandacht is besteed aan de therapeutische relatie, monitoring in psychotherapie, de ethische dimensie van psychotherapie, en de begeleiding van religieuze thema’s in psychotherapie.

    Het boek eindigt met een zijweg naar twee theologen, Rahner en Pohier, die handvatten kunnen aanreiken voor een visie op menszijn, ethiek en zingeving.

    Walter Krikilion is doctor in theologie, baccalaureus in filosofie, en psychotherapeut. Hij werkt als stafmedewerker patiëntenzorg in het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum van Geel en heeft als aandachtsgebieden zingeving, levensbeschouwing, ethiek, cliëntenparticipatie, en kenniscentrum. Hij is als therapeut verbonden aan het Centrum voor Levensbeschouwing en Zingeving in Turnhout.

    Hij is auteur van De merkwaardige alliantie van dood en leven: Theologie en psychoanalyse bij Jacques Pohier (Leuven/Apeldoorn: Garant, 1998) en redacteur van De therapeutische relatie (Antwerpen/Apeldoorn: Garant, 2006).

    Bij Icuro, koepel van Vlaamse ziekenhuizen met publieke partners, is hij voorzitter van de Werkgroep GGZ in een publieke context en van de Werkgroep Ethiek in de Kliniek. Verder is hij lid van de Stuurgroep Psychiatrische Ziekenhuizen van Zorgnet Vlaanderen en lid van de Raad van Advies van het Nederlandse KSGV – kenniscentrum voor levensbeschouwing en geestelijke gezondheid.

    "het lezen ervan zal iedere hulpverlener helpen om meer professioneel en vooral meer zingericht te functioneren"
    Ethische perspectieven, jrg. 24,nr. 1, blz. 126

    "boeiende inkijk in de psychiatrische zorg"
    Tertio (jrg. 13, nr. 664, blz. 8)

    "De belangrijkste thema's op dit terrein komen aan bod op een genuanceerde en verdiepende wijze."
    Pastorale Verkenningen - Tijdschrift voor het Justitiepastoraat (jrg. 7, nr. 4, blz. 28)

    De veelheid van gezichtspunten maakt dit boek fris, te meer omdat de uiteenlopende perspectieven op soms verrassend praktische wijze aan elkaar geknoopt worden. Het boek is dan ook niet alleen reflectief, maar ook rijk aan concrete adviezen. (...) De mogelijkheden die hij schetst voor een bredere ggz zijn aansprekend en getuigen van diepgang (...). Ik beveel het boek dan ook van harte aan.
    M. Tamminga, Tijdschrift voor Psychotherapie (jrg. 39, nr. 3, blz. 213-216)

    "een degelijk, uitdagend en inspirerend werk waarbij theorie en praktijk elkaar de hand reiken"
    Pastorale Perspectieven (nr. 159 -2013/2, blz. 34)

    "Er zijn de laatste jaren meerdere boeken verschenen waarin aandacht is gegeven aan de plaats die zingeving inneemt of kan innemen in een therapeutische relatie, (...). Dit boek onderscheidt zich van andere publicaties omdat het behalve gedegen en theoretisch, ook een persoonlijk, warm pleidooi is."
    Counselling Magazine (recensies november 2013, deel 3)

    Radio 1: Braambos - Focus
    (herbeluister hier het interview)

    "Helder van opbouw en schrijfstijl zoekt Krikilion in zijn analyse steeds de diepte op, en geeft zo stof tot kritisch verder nadenken. Pittig en prikkelend."
    Zin in Zorg(jr. 15, nr. 3, blz. 17)

    "Met dit boek levert Walter Krikilion een interessante bijdrage in de zoektocht naar de integratie van zingeving en religie in de geestelijke gezondheidszorg (…) Walter Krikilion verdient alle waardering voor dit werk. Het is niet alleen interessant voor zorgverleners in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook bij andere welzijnswerkers in de sector gehandicaptenzorg, ouderenzorg, bijzondere jeugdzorg… zal dit boek interesse wekken." J. Renders, Tijdschrift voor Welzijnswerk (jrg. 37, nr. 333, 2013, blz. 55)

    "Samenwerking, leren van elkaar, vorming en nadenken over de eigen kracht, kwetsbaarheid en spiritualiteit als zorgverlener zijn daarbij hefbomen om levensbeschouwing, zingeving en spiritualiteit binnen voorzieningen een plek te geven (…) Over het algemeen is dit een toegankelijk boek dat professionaliteit en uniciteit, kracht en kwetsbaarheid verbindt vanuit het streven naan een kwaliteitsvolle integrale

    Quick View

    Geestelijke gezondheidszorg in het licht van zingeving en spiritualiteit

     22,80
    De geestelijke gezondheidszorg is een sector die volop in beweging is. Ook is er heel wat gaande specifiek rond de plaats van psychotherapie in het geheel van de gezondheidszorg. Evidence-based behandelen, geprotocolliseerd werken, maximaal inspelen op de thuiscontext van de cliënt, interdisciplinair samenwerken: deze items zijn vandaag voortdurend aan de orde.

    Dit boek neemt de lezer mee in een doorlichting van deze actuele context vanuit zingeving en spiritualiteit, en wel met oog voor een integraal zorgperspectief. De auteur vertrekt vanuit de praktijk van de GGZ en biedt handvatten voor zorgprofessionals en therapeuten. Daarnaast worden aanbevelingen voor het beleid gegeven.

    Inspiratiebronnen zijn onder andere cliëntenparticipatie en de ethische dimensie van de zorg. Ruime aandacht is besteed aan de therapeutische relatie, monitoring in psychotherapie, de ethische dimensie van psychotherapie, en de begeleiding van religieuze thema’s in psychotherapie.

    Het boek eindigt met een zijweg naar twee theologen, Rahner en Pohier, die handvatten kunnen aanreiken voor een visie op menszijn, ethiek en zingeving.

    Walter Krikilion is doctor in theologie, baccalaureus in filosofie, en psychotherapeut. Hij werkt als stafmedewerker patiëntenzorg in het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum van Geel en heeft als aandachtsgebieden zingeving, levensbeschouwing, ethiek, cliëntenparticipatie, en kenniscentrum. Hij is als therapeut verbonden aan het Centrum voor Levensbeschouwing en Zingeving in Turnhout.

    Hij is auteur van De merkwaardige alliantie van dood en leven: Theologie en psychoanalyse bij Jacques Pohier (Leuven/Apeldoorn: Garant, 1998) en redacteur van De therapeutische relatie (Antwerpen/Apeldoorn: Garant, 2006).

    Bij Icuro, koepel van Vlaamse ziekenhuizen met publieke partners, is hij voorzitter van de Werkgroep GGZ in een publieke context en van de Werkgroep Ethiek in de Kliniek. Verder is hij lid van de Stuurgroep Psychiatrische Ziekenhuizen van Zorgnet Vlaanderen en lid van de Raad van Advies van het Nederlandse KSGV – kenniscentrum voor levensbeschouwing en geestelijke gezondheid.

    "het lezen ervan zal iedere hulpverlener helpen om meer professioneel en vooral meer zingericht te functioneren"
    Ethische perspectieven, jrg. 24,nr. 1, blz. 126

    "boeiende inkijk in de psychiatrische zorg"
    Tertio (jrg. 13, nr. 664, blz. 8)

    "De belangrijkste thema's op dit terrein komen aan bod op een genuanceerde en verdiepende wijze."
    Pastorale Verkenningen - Tijdschrift voor het Justitiepastoraat (jrg. 7, nr. 4, blz. 28)

    De veelheid van gezichtspunten maakt dit boek fris, te meer omdat de uiteenlopende perspectieven op soms verrassend praktische wijze aan elkaar geknoopt worden. Het boek is dan ook niet alleen reflectief, maar ook rijk aan concrete adviezen. (...) De mogelijkheden die hij schetst voor een bredere ggz zijn aansprekend en getuigen van diepgang (...). Ik beveel het boek dan ook van harte aan.
    M. Tamminga, Tijdschrift voor Psychotherapie (jrg. 39, nr. 3, blz. 213-216)

    "een degelijk, uitdagend en inspirerend werk waarbij theorie en praktijk elkaar de hand reiken"
    Pastorale Perspectieven (nr. 159 -2013/2, blz. 34)

    "Er zijn de laatste jaren meerdere boeken verschenen waarin aandacht is gegeven aan de plaats die zingeving inneemt of kan innemen in een therapeutische relatie, (...). Dit boek onderscheidt zich van andere publicaties omdat het behalve gedegen en theoretisch, ook een persoonlijk, warm pleidooi is."
    Counselling Magazine (recensies november 2013, deel 3)

    Radio 1: Braambos - Focus
    (herbeluister hier het interview)

    "Helder van opbouw en schrijfstijl zoekt Krikilion in zijn analyse steeds de diepte op, en geeft zo stof tot kritisch verder nadenken. Pittig en prikkelend."
    Zin in Zorg(jr. 15, nr. 3, blz. 17)

    "Met dit boek levert Walter Krikilion een interessante bijdrage in de zoektocht naar de integratie van zingeving en religie in de geestelijke gezondheidszorg (…) Walter Krikilion verdient alle waardering voor dit werk. Het is niet alleen interessant voor zorgverleners in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook bij andere welzijnswerkers in de sector gehandicaptenzorg, ouderenzorg, bijzondere jeugdzorg… zal dit boek interesse wekken." J. Renders, Tijdschrift voor Welzijnswerk (jrg. 37, nr. 333, 2013, blz. 55)

    "Samenwerking, leren van elkaar, vorming en nadenken over de eigen kracht, kwetsbaarheid en spiritualiteit als zorgverlener zijn daarbij hefbomen om levensbeschouwing, zingeving en spiritualiteit binnen voorzieningen een plek te geven (…) Over het algemeen is dit een toegankelijk boek dat professionaliteit en uniciteit, kracht en kwetsbaarheid verbindt vanuit het streven naan een kwaliteitsvolle integrale

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Inequalities in Health Care for Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 2)

     38,00
    Migrants and ethnic minorities form a growing part of the population of Europe. They often have higher than average exposure to health risks, while facing barriers to accessing appropriate health care. International bodies have called for policy measures to tackle these inequities.

    COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.

    This second volume is concerned with the changes that are needed to improve the matching of health services to the needs of these groups. Its chapters analyse work on ‘cultural competence’ in the USA and Europe, as well as the use of interpreters and cultural mediators to overcome linguistic and cultural barriers. Other topics covered include user involvement, services for unaccompanied minors and Roma communities, the relation between NGO’s and mainstream services and the incorporation of non-Western approaches in Western health care. The final section of the book examines the health aspects of irregular migration in the Mediterranean region, viewed in the context of the complex political, legal and human rights issues that this phenomenon raises.

    Also available:
    COST Series on Health and Diversity - Vol 1

    about the authors and editors

    Quick View

    Inequalities in Health Care for Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 2)

     38,00
    Migrants and ethnic minorities form a growing part of the population of Europe. They often have higher than average exposure to health risks, while facing barriers to accessing appropriate health care. International bodies have called for policy measures to tackle these inequities.

    COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.

    This second volume is concerned with the changes that are needed to improve the matching of health services to the needs of these groups. Its chapters analyse work on ‘cultural competence’ in the USA and Europe, as well as the use of interpreters and cultural mediators to overcome linguistic and cultural barriers. Other topics covered include user involvement, services for unaccompanied minors and Roma communities, the relation between NGO’s and mainstream services and the incorporation of non-Western approaches in Western health care. The final section of the book examines the health aspects of irregular migration in the Mediterranean region, viewed in the context of the complex political, legal and human rights issues that this phenomenon raises.

    Also available:
    COST Series on Health and Diversity - Vol 1

    about the authors and editors

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Met naam en toenaam

     19,90

    Waar komen onze persoonsnamen vandaan?

    Dit boek gaat dieper in op vragen als:
  • Hoe kwamen onze ‘traditionele’ geboortenamen tot stand en hoe evolueerden ze in de tijd?

  • Hoe ontstonden vleinamen?

  • Hoe ontstonden onze familienamen? Welke soorten zijn te onderscheiden?

  • Welke invloed heeft het geven van bijnamen of spotnamen gehad?

  • Welke rol hebben vondelingennamen gespeeld?

  • Hoe konden namen wijzigen?

  • Wat met bekende merknamen en eponiemen,‘gewone’ woorden die ontstonden uit persoonsnamen?



  • Ward Van Osta doceerde aan de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen een aan de Universiteit Antwerpen. Van zijn hand verschenen diverse publicaties op het vlak van heemkunde, volkskunde, lokale geschiedenis en (plaats)naamkunde.

    In de media:
    Wat een prachtig boek! (...) Het bevat een antwoord op zowat alle vragen die een mens zich kan stellen met betrekking tot namen en familienamen. Ik had nooit gedacht dat er zoveel boeiende geschiedenis te vertellen valt over het fenomeen van de naamgeving! (...) Van Osta bespreekt het werkelijk allemaal. Ik denk dat dit het meest omvangrijks naslagwerkje is over namen in het Nederlands. (JG)
    ChristusRex.be

    Placeholder Image
    Quick View

    Met naam en toenaam

     19,90

    Waar komen onze persoonsnamen vandaan?

    Dit boek gaat dieper in op vragen als:
  • Hoe kwamen onze ‘traditionele’ geboortenamen tot stand en hoe evolueerden ze in de tijd?

  • Hoe ontstonden vleinamen?

  • Hoe ontstonden onze familienamen? Welke soorten zijn te onderscheiden?

  • Welke invloed heeft het geven van bijnamen of spotnamen gehad?

  • Welke rol hebben vondelingennamen gespeeld?

  • Hoe konden namen wijzigen?

  • Wat met bekende merknamen en eponiemen,‘gewone’ woorden die ontstonden uit persoonsnamen?



  • Ward Van Osta doceerde aan de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen een aan de Universiteit Antwerpen. Van zijn hand verschenen diverse publicaties op het vlak van heemkunde, volkskunde, lokale geschiedenis en (plaats)naamkunde.

    In de media:
    Wat een prachtig boek! (...) Het bevat een antwoord op zowat alle vragen die een mens zich kan stellen met betrekking tot namen en familienamen. Ik had nooit gedacht dat er zoveel boeiende geschiedenis te vertellen valt over het fenomeen van de naamgeving! (...) Van Osta bespreekt het werkelijk allemaal. Ik denk dat dit het meest omvangrijks naslagwerkje is over namen in het Nederlands. (JG)
    ChristusRex.be

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Health Inequalities and Risk Factors among Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 1)

     37,90
    Migrants and ethnic minorities form a growing part of the population of Europe. They often have higher than average exposure to health risks, while facing barriers to accessing appropriate health care. International bodies have called for policy measures to tackle these inequities.

    COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.

    This first volume starts by asking how much we know about migrant and ethnic minority health and where the barriers to scientific progress lie. For example, what is the relation between migration, ethnicity and the socioeconomic determinants of health? Particular groups discussed include refugees and asylum seekers, domestic workers, new migrants, ‘mixed marriages’ and disadvantaged ethnic minorities. Specific health issues examined range from maternal and child health to problems of ageing, mental health and infectious diseases. The final section of the book discusses prevention programmes targeting obesity, diabetes, coronary vascular diseases and cancer. These topics form only a small selection of the full range of issues in this rapidly growing field, but they illustrate well the fascinating challenges which it presents.

    Also available:
    COST Series on Health and Diversity - Vol 2

    About the authors and editors

    Quick View

    Health Inequalities and Risk Factors among Migrants and Ethnic Minorities (COST Series on Health and Diversity – Vol 1)

     37,90
    Migrants and ethnic minorities form a growing part of the population of Europe. They often have higher than average exposure to health risks, while facing barriers to accessing appropriate health care. International bodies have called for policy measures to tackle these inequities.

    COST Action IS0603 (Health and Social Care for Migrants and Minorities in Europe) was a European network of researchers from more than 30 countries, which met between 2007 and 2011 to discuss how to strengthen the knowledge base on migrant and ethnic minority health. The COST Series on Diversity and Health comprises two volumes written by leading authorities in the field, illustrating the issues that were discussed.

    This first volume starts by asking how much we know about migrant and ethnic minority health and where the barriers to scientific progress lie. For example, what is the relation between migration, ethnicity and the socioeconomic determinants of health? Particular groups discussed include refugees and asylum seekers, domestic workers, new migrants, ‘mixed marriages’ and disadvantaged ethnic minorities. Specific health issues examined range from maternal and child health to problems of ageing, mental health and infectious diseases. The final section of the book discusses prevention programmes targeting obesity, diabetes, coronary vascular diseases and cancer. These topics form only a small selection of the full range of issues in this rapidly growing field, but they illustrate well the fascinating challenges which it presents.

    Also available:
    COST Series on Health and Diversity - Vol 2

    About the authors and editors

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Universal Psychosocial Indicator for Five-Year-Old Boys and Girls (UPSI-5) Handbook and User Manual

     13,00
    Indicators used in the international development debate on children''s wellbeing typically use ''rough-and-ready'' measurements such as Infant Mortality Rate (IMR) and Under-Five Mortality rate (U5MR) for their physical health, and notions such as ''Height-for-Age'' and ''Weight-for-Height'' for their nutritional status. Indicators that give an impression of the psychosocial wellbeing of young boys and girls are usually lacking. Sometimes, data about school attendance or drop out are presented to this end. But they tell more about the quality of the educational system in a particular location than about the children. The result is that policies and programmes give only piecemeal attention to the psychosocial comfort and security of children, if at all.

    The UPSI-5 provides an urgently needed counterpart to the strictly physical indicators and mortality indicators commonly used to measure young children''s wellbeing and survival. It is an easy to use global screening device that can assess the psychosocial wellbeing of large populations of 5-year-children. ICDI designed it to serve three main purposes:
  • To get a more holistic insight into the well-being of young girls and boys in any given population;
  • To track changes over time, and to make comparisons between child populations;
  • To give more prominence to the psychosocial needs and requirements of young children in policy making and programming.


  • UPSI-5 is primarily meant for governmental, non-governmental and UN agencies concerned about the well-being and development of young children, who work with large numbers of them and would benefit from obtaining overall impressions about their psychosocial status. The UPSI-5 is not an instrument to be used for individual diagnostic purposes. It should, therefore, only be interpreted as a first indication that further professional attention may need to be sought.

    This book consists of two parts. Part One makes a plea to take more seriously children''s mental and emotional status, and the ways in which they relate to other children, their families, caregivers, communities and their broader environment. It also presents the rationale for introducing the UPSI-5 in programmes and policies benefiting children. Part Two explains in detail how to make best use of the UPSI-5.

    Quick View

    Universal Psychosocial Indicator for Five-Year-Old Boys and Girls (UPSI-5) Handbook and User Manual

     13,00
    Indicators used in the international development debate on children''s wellbeing typically use ''rough-and-ready'' measurements such as Infant Mortality Rate (IMR) and Under-Five Mortality rate (U5MR) for their physical health, and notions such as ''Height-for-Age'' and ''Weight-for-Height'' for their nutritional status. Indicators that give an impression of the psychosocial wellbeing of young boys and girls are usually lacking. Sometimes, data about school attendance or drop out are presented to this end. But they tell more about the quality of the educational system in a particular location than about the children. The result is that policies and programmes give only piecemeal attention to the psychosocial comfort and security of children, if at all.

    The UPSI-5 provides an urgently needed counterpart to the strictly physical indicators and mortality indicators commonly used to measure young children''s wellbeing and survival. It is an easy to use global screening device that can assess the psychosocial wellbeing of large populations of 5-year-children. ICDI designed it to serve three main purposes:
  • To get a more holistic insight into the well-being of young girls and boys in any given population;
  • To track changes over time, and to make comparisons between child populations;
  • To give more prominence to the psychosocial needs and requirements of young children in policy making and programming.


  • UPSI-5 is primarily meant for governmental, non-governmental and UN agencies concerned about the well-being and development of young children, who work with large numbers of them and would benefit from obtaining overall impressions about their psychosocial status. The UPSI-5 is not an instrument to be used for individual diagnostic purposes. It should, therefore, only be interpreted as a first indication that further professional attention may need to be sought.

    This book consists of two parts. Part One makes a plea to take more seriously children''s mental and emotional status, and the ways in which they relate to other children, their families, caregivers, communities and their broader environment. It also presents the rationale for introducing the UPSI-5 in programmes and policies benefiting children. Part Two explains in detail how to make best use of the UPSI-5.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Oud, niet out. Over ouderen met beperkingen en inclusie

     31,90

    Onze samenleving telt meer en meer ouderwordende personen met een verstandelijke beperking. Tegelijk met de relatief onbekende zorgvraag van ouderen met beperkingen en de handelingsverlegenheid die hieruit voortvloeit, wordt van iedereen die verantwoordelijk is of instaat voor de dagelijkse ondersteuning, verwacht – op grond van volwaardig burgerschap en kwaliteit van bestaan – een inclusief beleid te voeren.

    Het boek brengt Europese, Amerikaanse en Vlaamse bijdragen samen, die vanuit verschillende perspectieven (overheid, voorzieningen uit de gehandicaptenzorg en reguliere diensten, gebruiker, academische wereld) inzoomen op kwaliteit van bestaan, beleidsopties, samenwerkingsverbanden, knelpunten en uitdagingen.

    Het bevat voorbeelden van goede praktijken, uitdagingen en aanzetten tot antwoorden op tal van vragen.
  • Wat betekent inclusie voor elke stakeholder?
  • Welke visies leven in de betrokken sectoren?
  • Voldoet het huidige aanbod aan voorzieningen en diensten om mensen met een beperking ouder te laten worden op de plaats die ze zelf kiezen?
  • Welke competenties zijn nodig om de zorgvraag van ouderen met beperkingen te beantwoorden?
  • Moet de gehandicaptenzorg deze competenties verwerven, inzetten en aparte eenheden opzetten?
  • Of brengt deze sector de noodzakelijke competenties binnen in de reguliere sector (woon- en zorgcentra, gezinshulp, thuisverplegingsdiensten,…)?




  • De redacteuren zijn verbonden aan vzw Den Achtkanter, een dienstverleningscentrum voor volwassenen met verstandelijke beperkingen of met een niet-aangeboren hersenletsel in Kortrijk.

    Johan Warnez, psycholoog, is er agogisch directeur. Hij is coauteur van diverse boeken. Nathalie Schepens, die een lerarenopleiding volgde, is er als stuurgroeplid verantwoordelijk voor de residentiële woonondersteuning. Caren Seynaeve, orthopedagoge, is er lid van de kwaliteitsunit.

    Quick View

    Oud, niet out. Over ouderen met beperkingen en inclusie

     31,90

    Onze samenleving telt meer en meer ouderwordende personen met een verstandelijke beperking. Tegelijk met de relatief onbekende zorgvraag van ouderen met beperkingen en de handelingsverlegenheid die hieruit voortvloeit, wordt van iedereen die verantwoordelijk is of instaat voor de dagelijkse ondersteuning, verwacht – op grond van volwaardig burgerschap en kwaliteit van bestaan – een inclusief beleid te voeren.

    Het boek brengt Europese, Amerikaanse en Vlaamse bijdragen samen, die vanuit verschillende perspectieven (overheid, voorzieningen uit de gehandicaptenzorg en reguliere diensten, gebruiker, academische wereld) inzoomen op kwaliteit van bestaan, beleidsopties, samenwerkingsverbanden, knelpunten en uitdagingen.

    Het bevat voorbeelden van goede praktijken, uitdagingen en aanzetten tot antwoorden op tal van vragen.
  • Wat betekent inclusie voor elke stakeholder?
  • Welke visies leven in de betrokken sectoren?
  • Voldoet het huidige aanbod aan voorzieningen en diensten om mensen met een beperking ouder te laten worden op de plaats die ze zelf kiezen?
  • Welke competenties zijn nodig om de zorgvraag van ouderen met beperkingen te beantwoorden?
  • Moet de gehandicaptenzorg deze competenties verwerven, inzetten en aparte eenheden opzetten?
  • Of brengt deze sector de noodzakelijke competenties binnen in de reguliere sector (woon- en zorgcentra, gezinshulp, thuisverplegingsdiensten,…)?




  • De redacteuren zijn verbonden aan vzw Den Achtkanter, een dienstverleningscentrum voor volwassenen met verstandelijke beperkingen of met een niet-aangeboren hersenletsel in Kortrijk.

    Johan Warnez, psycholoog, is er agogisch directeur. Hij is coauteur van diverse boeken. Nathalie Schepens, die een lerarenopleiding volgde, is er als stuurgroeplid verantwoordelijk voor de residentiële woonondersteuning. Caren Seynaeve, orthopedagoge, is er lid van de kwaliteitsunit.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Sensopathisch spel

     17,60

    Kinderen kliederen graag met zand, water, verf, klei,… Ze zijn immers erg op hun zintuigen gericht. Ze willen bekijken, horen, proeven, ruiken en vooral ook betasten.

    Dit boek gaat over het zintuiglijke beleven van alledaagse materialen op een speelse manier, d.i. het sensopathisch spel. Het wordt te weinig aangeboden aan jonge kinderen, omdat ze wel eens ‘rommel’ maken. Jammer, want kinderen leren veel van dat kliederen.

    Het eerste deel legt uit wat sensopathisch spel inhoudt en wat de functie ervan is voor kinderen en wat ze ermee kunnen leren. Het tweede deel geeft aan hoe je het in de praktijk doet en biedt tal van voorbeelden van daadwerkelijk spel.

    Iedereen die met kinderen speelt, vindt hier originele inspiratie.

    Sharon Vleugel-Ruissen is opgeleid tot leerkracht basisonderwijs. Ze werkt bij diverse scholen. Zij volgde ook een opleiding voor spelbegeleidster en ze was actief in de zorg voor kinderen met een beperking.

    "aantrekkelijk en praktisch boek"
    Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 37)

    Geen voorraad
    Quick View

    Sensopathisch spel

     17,60

    Kinderen kliederen graag met zand, water, verf, klei,… Ze zijn immers erg op hun zintuigen gericht. Ze willen bekijken, horen, proeven, ruiken en vooral ook betasten.

    Dit boek gaat over het zintuiglijke beleven van alledaagse materialen op een speelse manier, d.i. het sensopathisch spel. Het wordt te weinig aangeboden aan jonge kinderen, omdat ze wel eens ‘rommel’ maken. Jammer, want kinderen leren veel van dat kliederen.

    Het eerste deel legt uit wat sensopathisch spel inhoudt en wat de functie ervan is voor kinderen en wat ze ermee kunnen leren. Het tweede deel geeft aan hoe je het in de praktijk doet en biedt tal van voorbeelden van daadwerkelijk spel.

    Iedereen die met kinderen speelt, vindt hier originele inspiratie.

    Sharon Vleugel-Ruissen is opgeleid tot leerkracht basisonderwijs. Ze werkt bij diverse scholen. Zij volgde ook een opleiding voor spelbegeleidster en ze was actief in de zorg voor kinderen met een beperking.

    "aantrekkelijk en praktisch boek"
    Tijdschrift voor vaktherapie (jrg. 9, nr. 1, blz. 37)

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    [Af]studeren met een functiebeperking

     22,90
    Deze publicatie brengt het verhaal van een student met een functiebeperking in het hoger onderwijs. Het gaat over keuzes maken, stappen zetten en beslissingen nemen. Het is ook een verhaal over de vraag om ‘gewoon student’ te mogen zijn en het liefst even onopvallend als andere studenten. Tegelijk komt hier de behoefte aan voldoende begrip en ondersteuning naar voren.

    Het fictieve verhaal van deze student leidt de lezer door de belangrijkste bevindingen van het onderzoeksproject ‘Af/studeren met een functiebeperking in het onderwijs’, uitgevoerd door de Hogeschool Gent. Samen met de onderzoeksresultaten bieden de praktische aanbevelingen na elk hoofdstuk inspiratie voor een kwaliteitsvolle begeleiding van studenten en werknemers met een functiebeperking.

    Op de bijgeleverde cd-rom staat de volledige tekst van het boek zonder opmaak, zodat het ook hanteerbaar is voor personen met een functiebeperking die ondersteunende software gebruiken.

    Lieven Vernaeve, Master in de Orthopedagogische Wetenschappen (Universiteit Gent, 1989), begeleidde jarenlang teams in het Centrum Algemeen Welzijnswerk Artevelde te Gent en werkt als projectcoördinator in internationale medische en humanitaire missies bij Artsen Zonder Grenzen. In het kader van het onderzoek naar ‘Inclusief Hoger Onderwijs’ was hij als wetenschappelijk medewerker verbonden aan de Hogeschool Gent.

    Sara Drieghe behaalde de master in de Moraalwetenschap en de Specifieke Lerarenopleiding Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen aan de Universiteit Gent. Ze begon haar professionele carrière als lesgever en werd daarna (studie) trajectbegeleider aan de Hogeschool Gent. Vanuit deze ervaring werkte ze als wetenschappelijk medewerker aan het onderzoek naar de realisatie van inclusief hoger onderwijs. Sinds 2011 coördineert zij als vertrouwenspersoon voor de personeelsleden het psychosociaal welzijnsbeleid van de UGent.

    Quick View

    [Af]studeren met een functiebeperking

     22,90
    Deze publicatie brengt het verhaal van een student met een functiebeperking in het hoger onderwijs. Het gaat over keuzes maken, stappen zetten en beslissingen nemen. Het is ook een verhaal over de vraag om ‘gewoon student’ te mogen zijn en het liefst even onopvallend als andere studenten. Tegelijk komt hier de behoefte aan voldoende begrip en ondersteuning naar voren.

    Het fictieve verhaal van deze student leidt de lezer door de belangrijkste bevindingen van het onderzoeksproject ‘Af/studeren met een functiebeperking in het onderwijs’, uitgevoerd door de Hogeschool Gent. Samen met de onderzoeksresultaten bieden de praktische aanbevelingen na elk hoofdstuk inspiratie voor een kwaliteitsvolle begeleiding van studenten en werknemers met een functiebeperking.

    Op de bijgeleverde cd-rom staat de volledige tekst van het boek zonder opmaak, zodat het ook hanteerbaar is voor personen met een functiebeperking die ondersteunende software gebruiken.

    Lieven Vernaeve, Master in de Orthopedagogische Wetenschappen (Universiteit Gent, 1989), begeleidde jarenlang teams in het Centrum Algemeen Welzijnswerk Artevelde te Gent en werkt als projectcoördinator in internationale medische en humanitaire missies bij Artsen Zonder Grenzen. In het kader van het onderzoek naar ‘Inclusief Hoger Onderwijs’ was hij als wetenschappelijk medewerker verbonden aan de Hogeschool Gent.

    Sara Drieghe behaalde de master in de Moraalwetenschap en de Specifieke Lerarenopleiding Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen aan de Universiteit Gent. Ze begon haar professionele carrière als lesgever en werd daarna (studie) trajectbegeleider aan de Hogeschool Gent. Vanuit deze ervaring werkte ze als wetenschappelijk medewerker aan het onderzoek naar de realisatie van inclusief hoger onderwijs. Sinds 2011 coördineert zij als vertrouwenspersoon voor de personeelsleden het psychosociaal welzijnsbeleid van de UGent.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Naar de hel met de hel. Essay over een groot mysterieNaar de hel met de hel. Essay over een groot mysterie
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Naar de hel met de hel. Essay over een groot mysterie

     21,00
    Omtrent de traditionele eschatologische thema’s heerst vandaag in catechese en pastoraal een ooverdovende stilte. Dat is op eminente wijze het geval met de problematiek van de hel. Welke predikant waagt het nog over dat onderwerp, al is het een fundamenteel gegeven in het Nieuwe Testament, ook maar met één woord te reppen? Ook theologen, zelfs kerkelijke gezagsdragers, houden zich op de vlakte en hullen zich in wolken van vaagheid en omzeilend taalgebruik.

    De huidige problematisering van de hel is het gevolg van de invloed van de Verlichting met haar optimistisch mens- en toekomstbeeld. Zij heeft ervoor gezorgd dat de moeilijkheden, die eigenlijk inherent zijn aan het dogma van de hel, en bijgevolg vanaf het begin van het christendom aanwezig, in de moderne tijd aanzienlijk werden aangescherpt en steeds meer gelovigen tot scepticisme werden aangezet.

    De auteur gaat geen enkele van die moeilijkheden uit de weg en slaagt erin de antinomieën waarmee het dogma van de hel belast is, tot een zowel voor de orthodoxie als voor het verstand en het gevoel bevredigende oplossing te brengen.

    Valeer Neckebrouck, antropoloog en theoloog, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven en hij doceerde aan de Universiteit van Tilburg en de Universidad Intercontinental van Mexico-stad. Hij deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns- Amerika.

    Naar de hel met de hel. Essay over een groot mysterieNaar de hel met de hel. Essay over een groot mysterie
    Quick View

    Naar de hel met de hel. Essay over een groot mysterie

     21,00
    Omtrent de traditionele eschatologische thema’s heerst vandaag in catechese en pastoraal een ooverdovende stilte. Dat is op eminente wijze het geval met de problematiek van de hel. Welke predikant waagt het nog over dat onderwerp, al is het een fundamenteel gegeven in het Nieuwe Testament, ook maar met één woord te reppen? Ook theologen, zelfs kerkelijke gezagsdragers, houden zich op de vlakte en hullen zich in wolken van vaagheid en omzeilend taalgebruik.

    De huidige problematisering van de hel is het gevolg van de invloed van de Verlichting met haar optimistisch mens- en toekomstbeeld. Zij heeft ervoor gezorgd dat de moeilijkheden, die eigenlijk inherent zijn aan het dogma van de hel, en bijgevolg vanaf het begin van het christendom aanwezig, in de moderne tijd aanzienlijk werden aangescherpt en steeds meer gelovigen tot scepticisme werden aangezet.

    De auteur gaat geen enkele van die moeilijkheden uit de weg en slaagt erin de antinomieën waarmee het dogma van de hel belast is, tot een zowel voor de orthodoxie als voor het verstand en het gevoel bevredigende oplossing te brengen.

    Valeer Neckebrouck, antropoloog en theoloog, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven en hij doceerde aan de Universiteit van Tilburg en de Universidad Intercontinental van Mexico-stad. Hij deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns- Amerika.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Het bijdehandboekHet bijdehandboek
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Het bijdehandboek

     32,90

    Dit boek is geschreven voor iedereen in het onderwijs die geïnteresseerd is in hoe mensen leren, in de werking van de hersenen en wat dat betekent voor de lessen. De auteurs hebben hun kennis vanuit diverse leertheorieën en hun ervaring in het voortgezet en beroepsonderwijs getoetst aan de nieuwe inzichten uit de hersenwetenschap. Het resultaat is een praktisch boek dat docenten zal inspireren.

    Dit alles is samengevat in 7 principes van het onderwijs. Bij ieder principe is uitgebreid aandacht besteed aan de theoretische achtergrond en in ieder hoofdstuk zijn werkvormen en tips opgenomen.


    Henriëtte Coppes was docent beeldende vorming, schoolleider en senior-adviseur bij KPC Groep, waar ze zich vooral richtte op het primaire proces in het voortgezet onderwijs en het beroepsonderwijs.

    Marlies Rikhof-van Eijck heeft ervaring als adviseur, trainer en teamleider bij CINOP en als senior-adviseur bij KPC Groep. Haar specialiteiten zijn het begeleiden van scholen bij de invoering van e-learning, curriculumontwikkeling, flexibilisering en loopbaanleren.

    Het bijdehandboekHet bijdehandboek
    Quick View

    Het bijdehandboek

     32,90

    Dit boek is geschreven voor iedereen in het onderwijs die geïnteresseerd is in hoe mensen leren, in de werking van de hersenen en wat dat betekent voor de lessen. De auteurs hebben hun kennis vanuit diverse leertheorieën en hun ervaring in het voortgezet en beroepsonderwijs getoetst aan de nieuwe inzichten uit de hersenwetenschap. Het resultaat is een praktisch boek dat docenten zal inspireren.

    Dit alles is samengevat in 7 principes van het onderwijs. Bij ieder principe is uitgebreid aandacht besteed aan de theoretische achtergrond en in ieder hoofdstuk zijn werkvormen en tips opgenomen.


    Henriëtte Coppes was docent beeldende vorming, schoolleider en senior-adviseur bij KPC Groep, waar ze zich vooral richtte op het primaire proces in het voortgezet onderwijs en het beroepsonderwijs.

    Marlies Rikhof-van Eijck heeft ervaring als adviseur, trainer en teamleider bij CINOP en als senior-adviseur bij KPC Groep. Haar specialiteiten zijn het begeleiden van scholen bij de invoering van e-learning, curriculumontwikkeling, flexibilisering en loopbaanleren.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Celan auseinandergeschrieben (Academisch Literair, nr. 6)

     39,90
    Lange tijd werd het onderzoek naar invloeden in de literatuurwetenschap verketterd: hoe kun je immers de impact van de ene schrijver op de andere nagaan? Een echte methodologie bestond daarvoor niet en vaak waren invloedenstudies psychologiserend.

    In dit boek wordt op basis van de theorieën van Gérard Genette, Michel Riffaterre en Harold Bloom een handig model ontwikkeld waarmee invloed beschreven wordt enkel uitgaande van tekstueel materiaal. Het vertrekpunt is steeds een intertekstuele relatie die de aanzet vormt om ook andere teksten van een auteur te toetsen aan het werk waaruit de intertekstuele link afkomstig is.

    Met behulp van die leesstrategie onderzoekt de auteur de invloed van Paul Celan op de Nederlandstalige poëzie. Celan, één van de belangrijkste moderne dichters van de twintigste eeuw, wordt door vele Nederlandstalige dichters een voorbeeld genoemd, maar tot nu toe werd die voorbeeldfunctie nooit grondig onderzocht. Dit boek bevat casestudies over Boudewijn Büch, Mustafa Stitou, Louis Ferron, Jan Kuijper, Huub Beurskens, Peter Nijmeijer, J. Bernlef, Koen Stassijns, Peter Theunynck, Hugues Catharin, Jacques Hamelink, Michel Bartosik, Leonard Nolens, C.O. Jellema, Hans Tentije, Stefan Hertmans, Willy Roggeman en Jan Lauwereyns. Het beschrijft niet alleen hoe Celan functioneert binnen het oeuvre van deze auteurs, maar gaat ook na welke aspecten van de Duitstalige dichter dominant zijn in de creatieve receptie.

    GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



    Carl De Strycker is assistent moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit Gent. Daarvoor was hij verbonden aan de Universität Wien. Hij is redacteur van Internationale Neerlandistiek en Poëziekrant.

    "Deze studie is oprecht stimulerend en geeft een hoogwaardige bijdrage aan het debat over poëzie, geschreven door iemand die weet hoe gedichten werken."
    Vooys (jrg. 30, nr. 4, blz. 75-78)

    "Het resultaat is een prachtig boek."
    De Leeswolf (jrg. 18, nr. 8, blz. 532)

    "knap, erudiet, zeer leesbaar boek"
    Streven (jrg. 80, nr. 3, blz. 270-274)

    Reeks Academisch Literair

    1. Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
      K. Rymenants
    2. Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
      M. Kemperink
    3. De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
      L. Bernaerts
    4. Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
      L. Vermeer
    5. Het discours van de kritiek
      P. Verstraeten
    6. Celan auseinandergeschrieben
      C. De Strycker
    7. Lezer, er zijn ook Belgen
      F. Van Renssen
    8. Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
      E. Ibsch

    Quick View

    Celan auseinandergeschrieben (Academisch Literair, nr. 6)

     39,90
    Lange tijd werd het onderzoek naar invloeden in de literatuurwetenschap verketterd: hoe kun je immers de impact van de ene schrijver op de andere nagaan? Een echte methodologie bestond daarvoor niet en vaak waren invloedenstudies psychologiserend.

    In dit boek wordt op basis van de theorieën van Gérard Genette, Michel Riffaterre en Harold Bloom een handig model ontwikkeld waarmee invloed beschreven wordt enkel uitgaande van tekstueel materiaal. Het vertrekpunt is steeds een intertekstuele relatie die de aanzet vormt om ook andere teksten van een auteur te toetsen aan het werk waaruit de intertekstuele link afkomstig is.

    Met behulp van die leesstrategie onderzoekt de auteur de invloed van Paul Celan op de Nederlandstalige poëzie. Celan, één van de belangrijkste moderne dichters van de twintigste eeuw, wordt door vele Nederlandstalige dichters een voorbeeld genoemd, maar tot nu toe werd die voorbeeldfunctie nooit grondig onderzocht. Dit boek bevat casestudies over Boudewijn Büch, Mustafa Stitou, Louis Ferron, Jan Kuijper, Huub Beurskens, Peter Nijmeijer, J. Bernlef, Koen Stassijns, Peter Theunynck, Hugues Catharin, Jacques Hamelink, Michel Bartosik, Leonard Nolens, C.O. Jellema, Hans Tentije, Stefan Hertmans, Willy Roggeman en Jan Lauwereyns. Het beschrijft niet alleen hoe Celan functioneert binnen het oeuvre van deze auteurs, maar gaat ook na welke aspecten van de Duitstalige dichter dominant zijn in de creatieve receptie.

    GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



    Carl De Strycker is assistent moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit Gent. Daarvoor was hij verbonden aan de Universität Wien. Hij is redacteur van Internationale Neerlandistiek en Poëziekrant.

    "Deze studie is oprecht stimulerend en geeft een hoogwaardige bijdrage aan het debat over poëzie, geschreven door iemand die weet hoe gedichten werken."
    Vooys (jrg. 30, nr. 4, blz. 75-78)

    "Het resultaat is een prachtig boek."
    De Leeswolf (jrg. 18, nr. 8, blz. 532)

    "knap, erudiet, zeer leesbaar boek"
    Streven (jrg. 80, nr. 3, blz. 270-274)

    Reeks Academisch Literair

    1. Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
      K. Rymenants
    2. Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
      M. Kemperink
    3. De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
      L. Bernaerts
    4. Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
      L. Vermeer
    5. Het discours van de kritiek
      P. Verstraeten
    6. Celan auseinandergeschrieben
      C. De Strycker
    7. Lezer, er zijn ook Belgen
      F. Van Renssen
    8. Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
      E. Ibsch

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Jockari. Verblijfskalender 2012

     20,00
    Vele kinderen wonen of verblijven op diverse plaatsen. Vooral echtscheiding en kinderen is vaak geen gemakkelijke combinatie, niet voor de ouders, zeker ook niet voor de kinderen. Het organiseren van praktische afspraken kan vervelende situaties opleveren. Ook emotioneel kan er heel wat verwarring ontstaan. Misschien loopt het daarentegen allemaal best vlot. Maar ook dan moet de noodzakelijke communicatie goed geregeld worden.

    De Verblijfskalender is een handig instrument voor kinderen, ouders (grootouders en andere betrokkenen) om dit alles in goede banen te leiden. Alles kan erop genoteerd worden: school-, vakantie- en weekendregelingen, sportclub, feestjes, doktersbezoeken,… Er is ook ruimte voor pendelboodschappen, zodat misverstanden uitgesloten zijn. Er kunnen ook foto’s in worden geplakt, tekstjes in worden geschreven, tekeningen gemaakt,… In een hoes kunnen bijzondere documenten worden meegegeven. Stickers vergemakkelijken het gebruik. De kalender is ook geschikt voor kinderen in een internaat, ziekenhuis, instelling, uithuisplaatsing,… om het contact met thuis maximaal te onderhouden.

    Hij bevat:

  • Plaats voor activiteiten en verblijfsregeling van max. 4 kinderen op 1 kalender
  • 300 stickertjes voor mama en 300 stickertjes voor papa
  • Overzicht van alle schoolvakanties en stickertjes om deze aan te duiden
  • Hoes voor briefjes, uitnodigingen, voorschriften,…
  • Ruimte achter elke maand voor pendelboodschappen
  • Plaats voor alle belangrijke telefoonnummers


  • De Verblijfskalender is ontworpen door Jennifer Schutters, bemiddelaar in familiezaken, op basis van de ervaringen uit haar praktijk.

    Quick View

    Jockari. Verblijfskalender 2012

     20,00
    Vele kinderen wonen of verblijven op diverse plaatsen. Vooral echtscheiding en kinderen is vaak geen gemakkelijke combinatie, niet voor de ouders, zeker ook niet voor de kinderen. Het organiseren van praktische afspraken kan vervelende situaties opleveren. Ook emotioneel kan er heel wat verwarring ontstaan. Misschien loopt het daarentegen allemaal best vlot. Maar ook dan moet de noodzakelijke communicatie goed geregeld worden.

    De Verblijfskalender is een handig instrument voor kinderen, ouders (grootouders en andere betrokkenen) om dit alles in goede banen te leiden. Alles kan erop genoteerd worden: school-, vakantie- en weekendregelingen, sportclub, feestjes, doktersbezoeken,… Er is ook ruimte voor pendelboodschappen, zodat misverstanden uitgesloten zijn. Er kunnen ook foto’s in worden geplakt, tekstjes in worden geschreven, tekeningen gemaakt,… In een hoes kunnen bijzondere documenten worden meegegeven. Stickers vergemakkelijken het gebruik. De kalender is ook geschikt voor kinderen in een internaat, ziekenhuis, instelling, uithuisplaatsing,… om het contact met thuis maximaal te onderhouden.

    Hij bevat:

  • Plaats voor activiteiten en verblijfsregeling van max. 4 kinderen op 1 kalender
  • 300 stickertjes voor mama en 300 stickertjes voor papa
  • Overzicht van alle schoolvakanties en stickertjes om deze aan te duiden
  • Hoes voor briefjes, uitnodigingen, voorschriften,…
  • Ruimte achter elke maand voor pendelboodschappen
  • Plaats voor alle belangrijke telefoonnummers


  • De Verblijfskalender is ontworpen door Jennifer Schutters, bemiddelaar in familiezaken, op basis van de ervaringen uit haar praktijk.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Ruimte, logistiek en multimodaliteit

     25,90
    De ligging van Vlaanderen en de aanwezigheid van havens, luchthavens en een fijnmazig infrastructuurnetwerk heeft ertoe geleid dat TDL – Transport, Distributie en Logistiek – een belangrijk aandeel in de economie heeft verworven. De transportsector groeit zelfs sneller dan gemiddeld, maar meer TDL-activiteit leidt tot meer vrachtwagens op de wegen, meer uitstoot van schadelijke stoffen en broeikasgassen, meer ongevallen en congestie. Logistieke activiteiten vragen bovendien heel wat ruimte, een schaars goed in Vlaanderen.

    Het staat buiten kijf dat de ruimtelijke planning een grote rol speelt in de duurzame ontwikkeling van de TDL-sector. Dat is in het bijzonder het geval voor de locatie van TDL-activiteiten in relatie tot multimodale netwerken, agglomeraties en markten, waarbij de lokale negatieve milieueffecten zo veel mogelijk uit woonomgevingen geweerd moeten worden.

    Optimalisering van infrastructuur, efficiëntie van het ruimtegebruik en inzetten op ‘slimme’ logistiek zijn thema’s die in de nabije toekomst enkel aan belang winnen, net zoals de functie van dalvervoer en stadsdistributie om de bereikbaarheid van bepaalde gebieden te optimaliseren.

    Kobe Boussauw is gastprofessor-onderzoeker aan de Vakgroep Geografie van de Universiteit Gent, ambtenaar bij de Vlaamse overheid en adviseur bij UN-Habitat in Kosovo. Jonas De Vos bereidt aan dezelfde vakgroep een proefschrift voor over verplaatsingsgedrag. Frank Witlox is hoogleraar economische geografie aan deze vakgroep, directeur van de Doctoral School Natural Sciences aan de Universiteit Gent, en gastprofessor hinterlandvervoer aan de Universiteit Antwerpen-ITMMA.

    Quick View

    Ruimte, logistiek en multimodaliteit

     25,90
    De ligging van Vlaanderen en de aanwezigheid van havens, luchthavens en een fijnmazig infrastructuurnetwerk heeft ertoe geleid dat TDL – Transport, Distributie en Logistiek – een belangrijk aandeel in de economie heeft verworven. De transportsector groeit zelfs sneller dan gemiddeld, maar meer TDL-activiteit leidt tot meer vrachtwagens op de wegen, meer uitstoot van schadelijke stoffen en broeikasgassen, meer ongevallen en congestie. Logistieke activiteiten vragen bovendien heel wat ruimte, een schaars goed in Vlaanderen.

    Het staat buiten kijf dat de ruimtelijke planning een grote rol speelt in de duurzame ontwikkeling van de TDL-sector. Dat is in het bijzonder het geval voor de locatie van TDL-activiteiten in relatie tot multimodale netwerken, agglomeraties en markten, waarbij de lokale negatieve milieueffecten zo veel mogelijk uit woonomgevingen geweerd moeten worden.

    Optimalisering van infrastructuur, efficiëntie van het ruimtegebruik en inzetten op ‘slimme’ logistiek zijn thema’s die in de nabije toekomst enkel aan belang winnen, net zoals de functie van dalvervoer en stadsdistributie om de bereikbaarheid van bepaalde gebieden te optimaliseren.

    Kobe Boussauw is gastprofessor-onderzoeker aan de Vakgroep Geografie van de Universiteit Gent, ambtenaar bij de Vlaamse overheid en adviseur bij UN-Habitat in Kosovo. Jonas De Vos bereidt aan dezelfde vakgroep een proefschrift voor over verplaatsingsgedrag. Frank Witlox is hoogleraar economische geografie aan deze vakgroep, directeur van de Doctoral School Natural Sciences aan de Universiteit Gent, en gastprofessor hinterlandvervoer aan de Universiteit Antwerpen-ITMMA.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    PSV- Percentage spraakverstaanbaarheid bij kinderen. Beoordeling en meting verstaanbaarheid van de spraak. Handleiding + Testboek

     40,00
    Kinderen ondernemen vanaf heel vroege leeftijd pogingen om zich verstaanbaar te maken. Het ene kind is daar al wat succesvoller in dan het andere. Vanuit wetenschappelijk oogpunt is er al enige tijd behoefte aan een objectieve maat en een gestandaardiseerde methode om te bepalen wat ouders en andere volwassenen verstaan van de gesproken uitingen van kinderen. Dat betekent dat in de eerste plaats belangrijk is hoe verstaanbaar een kind zich kan uiten en minder welke weglatingen of fouten het maakt.

    Aan de hand van gewone spreeksituaties werd een methode opgesteld die maakt dat de verstaanbaarheid van kinderen kan worden vergeleken met leeftijdsgenoten. De resultaten geven ook aan hoe het spreken van een kind functioneert en hoe doeltreffend het is. Door de testen een half jaar later te herhalen kan ook objectief het effect van leeftijd, van logopedie of van een operatie op de verstaanbaarheid worden gemeten.

    Deze set bevat de Handleiding en het Testboek.

    Romain Buekers, die promoveerde in Maastricht, werkte als spraak-taalpatholoog op de Keel-, Neus- en Oorafdeling van het Academisch Ziekenhuis Maastricht en als hoofd van de Unit Taal van het Audiologisch Centrum Hoensbroek. Momenteel is hij spraak-taaldeskundige bij het REC – Regionaal Expertise Centrum Zuid- en Oost-Nederland en bij de Commissie permanente vorming van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.

    Quick View

    PSV- Percentage spraakverstaanbaarheid bij kinderen. Beoordeling en meting verstaanbaarheid van de spraak. Handleiding + Testboek

     40,00
    Kinderen ondernemen vanaf heel vroege leeftijd pogingen om zich verstaanbaar te maken. Het ene kind is daar al wat succesvoller in dan het andere. Vanuit wetenschappelijk oogpunt is er al enige tijd behoefte aan een objectieve maat en een gestandaardiseerde methode om te bepalen wat ouders en andere volwassenen verstaan van de gesproken uitingen van kinderen. Dat betekent dat in de eerste plaats belangrijk is hoe verstaanbaar een kind zich kan uiten en minder welke weglatingen of fouten het maakt.

    Aan de hand van gewone spreeksituaties werd een methode opgesteld die maakt dat de verstaanbaarheid van kinderen kan worden vergeleken met leeftijdsgenoten. De resultaten geven ook aan hoe het spreken van een kind functioneert en hoe doeltreffend het is. Door de testen een half jaar later te herhalen kan ook objectief het effect van leeftijd, van logopedie of van een operatie op de verstaanbaarheid worden gemeten.

    Deze set bevat de Handleiding en het Testboek.

    Romain Buekers, die promoveerde in Maastricht, werkte als spraak-taalpatholoog op de Keel-, Neus- en Oorafdeling van het Academisch Ziekenhuis Maastricht en als hoofd van de Unit Taal van het Audiologisch Centrum Hoensbroek. Momenteel is hij spraak-taaldeskundige bij het REC – Regionaal Expertise Centrum Zuid- en Oost-Nederland en bij de Commissie permanente vorming van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Vleermuisouders

     34,00
    Opvoeding krijgt vandaag een gevarieerde en almaar groeiende belangstelling, maar hoe zou een hedendaagse pedagogiek eruit kunnen zien? Als een urban education, die in haar onderzoek en opleidingen oog heeft voor stadse vraagstukken van onderwijs en opvoeding, jeugdzorg, het prikkelen van jong talent en de ruimtelijke ordening van straten en wijken? Wat moeten (aanstaande) professionals dan kennen en kunnen? Hoe kan hun vak eruitzien?

    Dit boek heeft minstens evenveel aandacht voor de determinanten van het opgroeien als voor de binnenkant van het opvoeden. Het vak wordt opnieuw geordend, met oog voor de harde actualiteit van grootstedelijke vraagstukken. Is de verzorgingsstaat bijvoorbeeld gepasseerd door het neoliberalisme? Is er een bruikbare ordening te maken van de ondersteuning van het opgroeien in de stad, en wat moeten de pedagogiek- en andere hogere sociaalagogische opleidingen met de toeloop van studenten die zich vooral interesseren voor het doe-karakter van het vak en de schier talloze prikkels en uitdagingen ervan?

    Dit boek is gegroeid uit bijna veertig jaar ervaring in en om het hoger onderwijs in Nederland en Vlaanderen. Het toont enige scepsis over die overbezorgde ouders, maar ook over grenzeloze wetenschappelijke en stadspolitieke ambities.

    Ton Notten studeerde theologie en andragologie en promoveerde in 1988 aan de Universiteit van Amsterdam op het proefschrift Rationaliteit en het schone streven. Naast zijn professoraat in de Sociale en culturele agogiek aan de Vrije Universiteit Brussel (1998-2011) is hij sinds 2002 lector Opgroeien in de Stad aan de Hogeschool Rotterdam waar hij ook na zijn pensionering, in 2011, onderwijs geeft, onderzoek verricht en promovendi begeleidt. Hij publiceerde ongeveer 300 wetenschappelijke en praktijkgerichte artikelen, columns en (hoofdstukken van) boeken.

    Quick View

    Vleermuisouders

     34,00
    Opvoeding krijgt vandaag een gevarieerde en almaar groeiende belangstelling, maar hoe zou een hedendaagse pedagogiek eruit kunnen zien? Als een urban education, die in haar onderzoek en opleidingen oog heeft voor stadse vraagstukken van onderwijs en opvoeding, jeugdzorg, het prikkelen van jong talent en de ruimtelijke ordening van straten en wijken? Wat moeten (aanstaande) professionals dan kennen en kunnen? Hoe kan hun vak eruitzien?

    Dit boek heeft minstens evenveel aandacht voor de determinanten van het opgroeien als voor de binnenkant van het opvoeden. Het vak wordt opnieuw geordend, met oog voor de harde actualiteit van grootstedelijke vraagstukken. Is de verzorgingsstaat bijvoorbeeld gepasseerd door het neoliberalisme? Is er een bruikbare ordening te maken van de ondersteuning van het opgroeien in de stad, en wat moeten de pedagogiek- en andere hogere sociaalagogische opleidingen met de toeloop van studenten die zich vooral interesseren voor het doe-karakter van het vak en de schier talloze prikkels en uitdagingen ervan?

    Dit boek is gegroeid uit bijna veertig jaar ervaring in en om het hoger onderwijs in Nederland en Vlaanderen. Het toont enige scepsis over die overbezorgde ouders, maar ook over grenzeloze wetenschappelijke en stadspolitieke ambities.

    Ton Notten studeerde theologie en andragologie en promoveerde in 1988 aan de Universiteit van Amsterdam op het proefschrift Rationaliteit en het schone streven. Naast zijn professoraat in de Sociale en culturele agogiek aan de Vrije Universiteit Brussel (1998-2011) is hij sinds 2002 lector Opgroeien in de Stad aan de Hogeschool Rotterdam waar hij ook na zijn pensionering, in 2011, onderwijs geeft, onderzoek verricht en promovendi begeleidt. Hij publiceerde ongeveer 300 wetenschappelijke en praktijkgerichte artikelen, columns en (hoofdstukken van) boeken.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    School- en klaspraktijk – nr. 210(juni.- juli. – augustus. 2011). Themanummer Conflicthantering

     10,75

    Themanummer ''Conflicthantering'':
    • Omgaan met conflicten op school
    • Maatschappij en conflict, bemiddeling, leerlingenbemiddeling
    • Spanning, conflict en geweld op school. Een ethische uitdaging
    • Filosoferen als routekaart bij conflictbeheersing binnen schoolteams
    • Conflicthantering vanuit de context Rots en Water. Een psycho-fysieke competentietraining
    • Het proberen waard: het speelhuisje, de axenroos, de steenbokhoekjes
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift. Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: brede achtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruime aandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingen en -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten, navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost €32,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (minimaal 10 exemplaren) kost € 16,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)

    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    School- en klaspraktijk – nr. 210(juni.- juli. – augustus. 2011). Themanummer Conflicthantering

     10,75

    Themanummer ''Conflicthantering'':
    • Omgaan met conflicten op school
    • Maatschappij en conflict, bemiddeling, leerlingenbemiddeling
    • Spanning, conflict en geweld op school. Een ethische uitdaging
    • Filosoferen als routekaart bij conflictbeheersing binnen schoolteams
    • Conflicthantering vanuit de context Rots en Water. Een psycho-fysieke competentietraining
    • Het proberen waard: het speelhuisje, de axenroos, de steenbokhoekjes
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift. Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: brede achtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruime aandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingen en -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten, navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost €32,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (minimaal 10 exemplaren) kost € 16,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    School- en klaspraktijk – nr. 209 (mrt.- apr. – mei. 2011). Themanummer Herinneringseducatie

     10,75

    Themanummer ''Herinneringseducatie'':
    • Herinneringseducatie: werken aan een houding van actief respect
    • Lesgeven over Anne Frank aan kinderen
    • Korte geschiedenis van de werking rond Anne Frank in Vlaanderen
    • Anne Frank, de mobilisatiekracht van een kind
    • Anne Frank
    • Wereldburgertraject: Anne Frank, de kracht van een kind
    • De tentoonstelling: Lezen en schrijven met Anne Frank
    • Anne Frank spreekt kinderen vandaag aan
    • Wereldburgertrajecten Anne Frank en de eindtermen
    • Steunpunten en boeiende websites
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift. Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: brede achtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruime aandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingen en -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten, navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost €32,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (minimaal 10 exemplaren) kost € 16,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)

    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    School- en klaspraktijk – nr. 209 (mrt.- apr. – mei. 2011). Themanummer Herinneringseducatie

     10,75

    Themanummer ''Herinneringseducatie'':
    • Herinneringseducatie: werken aan een houding van actief respect
    • Lesgeven over Anne Frank aan kinderen
    • Korte geschiedenis van de werking rond Anne Frank in Vlaanderen
    • Anne Frank, de mobilisatiekracht van een kind
    • Anne Frank
    • Wereldburgertraject: Anne Frank, de kracht van een kind
    • De tentoonstelling: Lezen en schrijven met Anne Frank
    • Anne Frank spreekt kinderen vandaag aan
    • Wereldburgertrajecten Anne Frank en de eindtermen
    • Steunpunten en boeiende websites
    Ten Geleide


    Over School-en klaspraktijk:

    SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift. Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: brede achtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

    Daarnaast besteedt het tijdschrift ruime aandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingen en -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten, navormingscentra enz. worden aangeboden.

    Doelgroep:
    Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

    Abonnement:
    School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
    Een gewoon abonnement kost €32,-.
    Een studentenabonnement kost € 25,50.
    Een groepsabonnement (minimaal 10 exemplaren) kost € 16,-.

    Een los nummer kost € 10,75. (Bestel dit nummer)

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Voortgezette accounting. Boekhouding en financiële rapportering – Boek 2

     39,90
    Aan een onderneming worden steeds hogere kwaliteitseisen gesteld op het terrein van externe financiële verslaggeving en de daaraan ten grondslag liggende boekhouding. Er komen ook steeds meer mensen in contact met financiële informatie. Om de gegevens juist te interpreteren is een helder inzicht in de materie noodzakelijk.

    De doelstelling van dit tweedelig werk bestaat erin de lezer meer inzicht bij te brengen in de rol en de werking van een boekhoudkundig systeem en hem meer vertrouwd te maken met de belangrijkste financiële overzichten. Het accent ligt daarbij niet op de boekhoudtechniek als dusdanig, maar op het beheersen van de rapportering in al haar aspecten, om er zo gebruik van te kunnen maken als een doeltreffend en noodzakelijk beleidsinstrument.

    Daar waar het eerste boek bedoeld is als een inleiding in de boekhouding, wordt in dit tweede boek een meer gevorderd domein betreden. Hierin komt het vennootschapsboekhouden in de ruime zin aan bod. Naast de typische verrichtingen voor vennootschappen (oprichting, kapitaalverhoging en -vermindering, vennootschapsbelastingen) gaat de aandacht ook naar de langetermijnfinanciering, financiële vaste activa en de principes van de consolidatie. Verder wordt ook een brug geslagen naar het domein van de analyse van de jaarrekening, door het opnemen van twee hoofdstukken waarin de fundamenten van kasstromen en financiële analyse worden behandeld. Ook wordt aandacht besteed aan de voornaamste verschillen tussen Belgian GAAP en IFRS (International Financial Reporting Standards).

    Dit handboek is in de eerste plaats bestemd voor studenten in het universitair en hoger onderwijs, maar door zijn logische opbouw en stapsgewijze probleembenadering richt het zich ook tot de individuele lezer.

    Roger MERCKEN is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (KULeuven) en hoogleraar Accountancy en Beleidsinformatica aan de Faculteit Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Hasselt. Hij was ook gastprofessor aan de KULeuven en het Vesalius College. Hij publiceerde in diverse vaktijdschriften en vaknieuwsbrieven. Hij werkte mee aan een aantal onderzoeksprojecten op het vlak van financiële rapportering, o.a. in een samenwerking Universiteit Hasselt – Universiteit Antwerpen.

    Carlos SIAU is doctor in de Economische Wetenschappen (Vrije Universiteit Brussel) en is verbonden aan het Center for Business Management Research van HUBrussel. Hij was gastprofessor aan het Bentley College (Boston, USA), het Center for Management Training (Universiteit van Warschau, Polen) en de Linguistische Staatsuniversiteit (Moskou, Rusland). Hij publiceerde reeds in diverse tijdschriften.

    Quick View

    Voortgezette accounting. Boekhouding en financiële rapportering – Boek 2

     39,90
    Aan een onderneming worden steeds hogere kwaliteitseisen gesteld op het terrein van externe financiële verslaggeving en de daaraan ten grondslag liggende boekhouding. Er komen ook steeds meer mensen in contact met financiële informatie. Om de gegevens juist te interpreteren is een helder inzicht in de materie noodzakelijk.

    De doelstelling van dit tweedelig werk bestaat erin de lezer meer inzicht bij te brengen in de rol en de werking van een boekhoudkundig systeem en hem meer vertrouwd te maken met de belangrijkste financiële overzichten. Het accent ligt daarbij niet op de boekhoudtechniek als dusdanig, maar op het beheersen van de rapportering in al haar aspecten, om er zo gebruik van te kunnen maken als een doeltreffend en noodzakelijk beleidsinstrument.

    Daar waar het eerste boek bedoeld is als een inleiding in de boekhouding, wordt in dit tweede boek een meer gevorderd domein betreden. Hierin komt het vennootschapsboekhouden in de ruime zin aan bod. Naast de typische verrichtingen voor vennootschappen (oprichting, kapitaalverhoging en -vermindering, vennootschapsbelastingen) gaat de aandacht ook naar de langetermijnfinanciering, financiële vaste activa en de principes van de consolidatie. Verder wordt ook een brug geslagen naar het domein van de analyse van de jaarrekening, door het opnemen van twee hoofdstukken waarin de fundamenten van kasstromen en financiële analyse worden behandeld. Ook wordt aandacht besteed aan de voornaamste verschillen tussen Belgian GAAP en IFRS (International Financial Reporting Standards).

    Dit handboek is in de eerste plaats bestemd voor studenten in het universitair en hoger onderwijs, maar door zijn logische opbouw en stapsgewijze probleembenadering richt het zich ook tot de individuele lezer.

    Roger MERCKEN is doctor in de Toegepaste Economische Wetenschappen (KULeuven) en hoogleraar Accountancy en Beleidsinformatica aan de Faculteit Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Hasselt. Hij was ook gastprofessor aan de KULeuven en het Vesalius College. Hij publiceerde in diverse vaktijdschriften en vaknieuwsbrieven. Hij werkte mee aan een aantal onderzoeksprojecten op het vlak van financiële rapportering, o.a. in een samenwerking Universiteit Hasselt – Universiteit Antwerpen.

    Carlos SIAU is doctor in de Economische Wetenschappen (Vrije Universiteit Brussel) en is verbonden aan het Center for Business Management Research van HUBrussel. Hij was gastprofessor aan het Bentley College (Boston, USA), het Center for Management Training (Universiteit van Warschau, Polen) en de Linguistische Staatsuniversiteit (Moskou, Rusland). Hij publiceerde reeds in diverse tijdschriften.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Mobility Framework and Standard for Teacher Trainees. The Educational Outcomes

     27,00

    The aim of MOST, a three year Comenius 2.1. project, was to develop a European standard of competencies for the beginning teacher. The development of this standard was based on action research by the mobility of teacher trainees for the purpose of teaching practices and a joint evaluation for the recognition of it. Intensive efforts were made to develop a structural framework to facilitate future mobility of student teachers and teacher trainees within Europe. The application of the common system of credits (ECTS) and academic recognition was therefore implemented.

    Organising exchange programmes between different partner institutions is an important incentive to develop a shared understanding of the similarities and differences between the school systems of different European countries and to identify the key competencies a beginning teacher should possess to function in a European context.

    This volume reflects on the educational outcomes of the project. The theoretical framework behind the project is discussed in a companion volume also published in this series (Issues in European Education Series, N° 6).

    Walter Baeten is an international relation officer at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). He was the coordinator of the MOSTProject.

    Julie De Ganck is a lecturer of Pedagogy and Communication at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). She was the coordinator of the Belgian team in the MOST-Project.

    Quick View

    Mobility Framework and Standard for Teacher Trainees. The Educational Outcomes

     27,00

    The aim of MOST, a three year Comenius 2.1. project, was to develop a European standard of competencies for the beginning teacher. The development of this standard was based on action research by the mobility of teacher trainees for the purpose of teaching practices and a joint evaluation for the recognition of it. Intensive efforts were made to develop a structural framework to facilitate future mobility of student teachers and teacher trainees within Europe. The application of the common system of credits (ECTS) and academic recognition was therefore implemented.

    Organising exchange programmes between different partner institutions is an important incentive to develop a shared understanding of the similarities and differences between the school systems of different European countries and to identify the key competencies a beginning teacher should possess to function in a European context.

    This volume reflects on the educational outcomes of the project. The theoretical framework behind the project is discussed in a companion volume also published in this series (Issues in European Education Series, N° 6).

    Walter Baeten is an international relation officer at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). He was the coordinator of the MOSTProject.

    Julie De Ganck is a lecturer of Pedagogy and Communication at the University College Arteveldehogeschool (Ghent, Belgium). She was the coordinator of the Belgian team in the MOST-Project.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      20
      Uw winkelwagen
      Vijfhonderd jaar geschiedenis van de ingenieur 1500-2010
       39,00
      Plaatshouder
      Diplomatiek recht toegepast in België
      Aantal: 1
      Prijs: 49,95
       49,95
      ADHD. Op één spoor? Derde herziene uitgave
       14,10
      Inspiratiegids voor competentiegerichte opleiding
       38,90
      Voorbij de vraagtekens
      Voorbij de vraagtekens
      Aantal: 1
      Prijs: 18,10
       18,10
      Lesson Study: een praktische gids voor het onderwijs
       20,50
      Filosofie zonder grenzen
      Filosofie zonder grenzen
      Aantal: 1
      Prijs: 32,80
       32,80
      Milieu en milieubehoud. Economische benadering
       25,60
      Jaarboek KMSKA 2013-2014
      Jaarboek KMSKA 2013-2014
      Aantal: 1
      Prijs: 34,50
       34,50
      Jaarboek KMSKA 2017-2018
      Jaarboek KMSKA 2017-2018
      Aantal: 1
      Prijs: 40,00
       40,00
      ×