Bitterzoet – Samenleven (en breken) met een narcistische partner/ouder
Bitterzoet – Samenleven (en breken) met een narcistische partner/ouder
Pedagogische tact – Op het goede moment het juiste doen, óók in de ogen van de leerling
Jelmer Evers is voormalig docent bij UniC in Utrecht, auteur en onderwijsontwikkelaar. Thans is hij vice-voorzitter bij de Algemene Onderwijsbond. Annonay Andersson (1987) is kinder- en jeugdpsycholoog en thans werkzaam als psycholoog bij de Tobiasschool in Zeist en als hoofdredacteur van het NIVOZ-platform hetkind. Esther de Boer (1971) is sociaal geograaf, ECHA specialist en adviseur bij KPC-groep. Ze concentreert zich op de begeleiding van (hoog)begaafde kinderen. Geert Bors (1973) werkt als hoofdredacteur van Mensenkinderen, het blad van de Jenaplan-vereniging. Hij was tussen 2008 en 2020 redacteur voor NIVOZ en deed eerder onderwijservaring op in het vo, als junior-docent op het University College in Londen. Beate Letschert (1949) is gepromoveerd psycholoog en pedagoog. Ze werkte jarenlang als lerarenopleider aan de Universiteit van Hamburg. Nu is ze Individualpsychologische Berater en Supervisor. Rianne van der Raadt (1986) is pedagoog, met als specialisatie maatschappelijke opvoedingsstukken en was rond 2012-2014 als onderzoekster betrokken bij NIVOZ. Luc Stevens (1941) is emeritus hoogleraar Orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht en founding father van stichting NIVOZ. Hij is bekend door zijn werk rond adaptief onder-wijs en leraar-leerling interactie. Kris Verbeeck (1965) werkt als senior-onderwijsadviseur bij M&O-Groep in Den Bosch en publiceert over innovatieve praktijken in het onderwijs.
Pedagogische tact – Op het goede moment het juiste doen, óók in de ogen van de leerling
Jelmer Evers is voormalig docent bij UniC in Utrecht, auteur en onderwijsontwikkelaar. Thans is hij vice-voorzitter bij de Algemene Onderwijsbond. Annonay Andersson (1987) is kinder- en jeugdpsycholoog en thans werkzaam als psycholoog bij de Tobiasschool in Zeist en als hoofdredacteur van het NIVOZ-platform hetkind. Esther de Boer (1971) is sociaal geograaf, ECHA specialist en adviseur bij KPC-groep. Ze concentreert zich op de begeleiding van (hoog)begaafde kinderen. Geert Bors (1973) werkt als hoofdredacteur van Mensenkinderen, het blad van de Jenaplan-vereniging. Hij was tussen 2008 en 2020 redacteur voor NIVOZ en deed eerder onderwijservaring op in het vo, als junior-docent op het University College in Londen. Beate Letschert (1949) is gepromoveerd psycholoog en pedagoog. Ze werkte jarenlang als lerarenopleider aan de Universiteit van Hamburg. Nu is ze Individualpsychologische Berater en Supervisor. Rianne van der Raadt (1986) is pedagoog, met als specialisatie maatschappelijke opvoedingsstukken en was rond 2012-2014 als onderzoekster betrokken bij NIVOZ. Luc Stevens (1941) is emeritus hoogleraar Orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht en founding father van stichting NIVOZ. Hij is bekend door zijn werk rond adaptief onder-wijs en leraar-leerling interactie. Kris Verbeeck (1965) werkt als senior-onderwijsadviseur bij M&O-Groep in Den Bosch en publiceert over innovatieve praktijken in het onderwijs.
Gezond zwanger worden – Handboek preconceptiezorg
Prof. dr. Eric A.P. Steegers – gynaecoloog, afdelingshoofd en hoogleraar Verloskunde en Gynaecologie in het Erasmus MC in Rotterdam. Hij heeft meerdere lokale en landelijke initiatieven genomen om de verloskundige zorg te verbeteren. Bijvoorbeeld met preconceptiespreekuren en met aandacht voor zwangere vrouwen en gezinnen in armoedesituaties. Dr. Annemarie Mulders – gynaecoloog-perinatoloog in het Erasmus MC in Rotterdam. In de dagelijkse praktijk werkt ze aan de bevordering van gezondheid van aanstaande ouders en het (ongeboren) kind, via inventarisatie, counseling en optimalisatie van preconceptionele risicofactoren tijdens preconceptiespreekuren. Ze is ook betrokken bij de landelijke implementatie van preconceptiezorg. Prof. dr. Yves Jacquemyn – gynaecoloog in het Universitair Ziekenhuis Antwerpen en hoogleraar Obstetrie-Gynaecologie aan de Universiteit Antwerpen. Het overbruggen van culturele en sociale barrières die een goede gezondheidszorg voor met name zwangere vrouwen in de weg staan is de rode draad in zijn werk, zowel in Europa als in Afrika. Drs. Anjo Geluk-Bleumink – publicist, verpleegkundige en socioloog. Ze is (mede-)auteur van onder meer Het Tweelingenboek en Vroeg Geboren.
Gezond zwanger worden – Handboek preconceptiezorg
Prof. dr. Eric A.P. Steegers – gynaecoloog, afdelingshoofd en hoogleraar Verloskunde en Gynaecologie in het Erasmus MC in Rotterdam. Hij heeft meerdere lokale en landelijke initiatieven genomen om de verloskundige zorg te verbeteren. Bijvoorbeeld met preconceptiespreekuren en met aandacht voor zwangere vrouwen en gezinnen in armoedesituaties. Dr. Annemarie Mulders – gynaecoloog-perinatoloog in het Erasmus MC in Rotterdam. In de dagelijkse praktijk werkt ze aan de bevordering van gezondheid van aanstaande ouders en het (ongeboren) kind, via inventarisatie, counseling en optimalisatie van preconceptionele risicofactoren tijdens preconceptiespreekuren. Ze is ook betrokken bij de landelijke implementatie van preconceptiezorg. Prof. dr. Yves Jacquemyn – gynaecoloog in het Universitair Ziekenhuis Antwerpen en hoogleraar Obstetrie-Gynaecologie aan de Universiteit Antwerpen. Het overbruggen van culturele en sociale barrières die een goede gezondheidszorg voor met name zwangere vrouwen in de weg staan is de rode draad in zijn werk, zowel in Europa als in Afrika. Drs. Anjo Geluk-Bleumink – publicist, verpleegkundige en socioloog. Ze is (mede-)auteur van onder meer Het Tweelingenboek en Vroeg Geboren.
Het Masterbudget. Een essentiële planningstool voor de onderneming (Bijzondere reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen nr. 3)
Dr. Jacques Van Der Elst is doctor in business administration (Newport University CA, State approved, 1994), master in financieel management van ondernemingen, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise, gegradueerde in de boekhouding en gewezen IAB-accountant. Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote ondernemingen en was gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel. Dr. J. Van Der Elst doceerde zowel op academisch - als hogeschoolniveau vakken zoals statistiek, financiële wiskunde, financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting. Meer dan 20 jaar is de auteur ook IAB-jurylid geweest van de eindexamencommissies. Zijn vele publicaties situeren zich in de domeinen van de toegepaste wiskunde, het financieel management, de bedrijfseconomie en de accountancy.
Het Masterbudget. Een essentiële planningstool voor de onderneming (Bijzondere reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen nr. 3)
Dr. Jacques Van Der Elst is doctor in business administration (Newport University CA, State approved, 1994), master in financieel management van ondernemingen, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise, gegradueerde in de boekhouding en gewezen IAB-accountant. Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote ondernemingen en was gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel. Dr. J. Van Der Elst doceerde zowel op academisch - als hogeschoolniveau vakken zoals statistiek, financiële wiskunde, financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting. Meer dan 20 jaar is de auteur ook IAB-jurylid geweest van de eindexamencommissies. Zijn vele publicaties situeren zich in de domeinen van de toegepaste wiskunde, het financieel management, de bedrijfseconomie en de accountancy.
Ik ben een vreemdeling geweest – Evangelische gemeenten en migratie
Het geeft in korte hoofdstukken een overzicht van de wetgeving, het ethische en sociologische debat en ook de theologische discussie binnen de protestantse en evangelische kerken. Met de titel wordt verwezen naar een hoofdstuk uit het Mattheüsevangelie dat laat zien hoe wezenlijk het is op dit punt de christelijke levensvisie niet op te geven.
Gottlieb Blokland is voorganger van de protestants-evangelische Bethelkerk in Schaarbeek en voorzitter van de vzw Open Deur. Daarnaast is hij werkzaam als inspecteur-adviseur voor het protestants-evangelisch godsdienstonderwijs. Hij studeerde aan de Universitaire Faculteit voor Protestantse Godgeleerdheid (nu Faculteit voor Protestantse Theologie en Religiestudies) in Brussel en promoveerde aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven.
Ik ben een vreemdeling geweest – Evangelische gemeenten en migratie
Het geeft in korte hoofdstukken een overzicht van de wetgeving, het ethische en sociologische debat en ook de theologische discussie binnen de protestantse en evangelische kerken. Met de titel wordt verwezen naar een hoofdstuk uit het Mattheüsevangelie dat laat zien hoe wezenlijk het is op dit punt de christelijke levensvisie niet op te geven.
Gottlieb Blokland is voorganger van de protestants-evangelische Bethelkerk in Schaarbeek en voorzitter van de vzw Open Deur. Daarnaast is hij werkzaam als inspecteur-adviseur voor het protestants-evangelisch godsdienstonderwijs. Hij studeerde aan de Universitaire Faculteit voor Protestantse Godgeleerdheid (nu Faculteit voor Protestantse Theologie en Religiestudies) in Brussel en promoveerde aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven.
Het huis onder de regenboog – Regenboog-verhalen met duiding en tips
Het huis onder de regenboog verhaalt over 43 uiteenlopende situaties die op de een of andere manier allemaal te maken hebben met (gender) identiteit/seksualiteit. Over de eerste seksuele gevoelens, de vreugde en verwarring. Over het zich anders voelen, de ontkenning en eenzaamheid. Over vruchtbaarheid en transgender-zijn, de verwarring en schaamte. Over uitgaan, het plezier en de gevaren. Over de gevolgen voor thuis, school en werk. Over religie, de schuldgevoelens en vergeving. Over eindelijk jezelf kunnen zijn, de trots en de Gay Pride.
Vrijwel alle aspecten van identiteit onder het brede spectrum van de regenboog komen aan bod. Een peuter die helemaal als zichzelf haar vierde verjaardag mag vieren, een puber waarvan de vader homoseksueel blijkt te zijn, de eerste binder, pesten en alleen in een verzorgingshuis; het is zomaar een greep uit de 43 verhalen.
Bijzonder is voorts dat ieder verhaal in regenboogkleuren geïllustreerd is en bovendien voorzien is van uitleg/tips. Ook geeft dit boek een overzicht op (medisch) transgendergebied. Hierbij zijn ook keuzewijzers opgenomen t.a.v. bijvoorbeeld hormonen. Het huis onder de regenboog eindigt met een beknopt Vademecum op LHBTIQ+-gebied: van uitgaan tot zorg, van logopedie tot kleding.
Dit bijzondere boek is voor iedereen bestemd die op de een of andere wijze te maken heeft met vragen op het brede gebied van (gender)identiteit/seksualiteit. Het boek is tevens te gebruiken als coachingsinstrument tijdens begeleidingsgesprekken, thuis, op school en in praktijken.
Diënne Flohr-Kamphuis, queercoach en beeldend kunstenares, richtte samen met haar man Eric de stichting ‘Het huis onder de regenboog’ in Helmond op. De stichting wil de inclusiviteit in de samenleving bevorderen en wil een thuis zijn voor iedereen die daar behoefte aan heeft. Hier zetelt ook Diënnes eigen onderwijsbureau ‘De slimme juf’, en schildert en schrijft ze in een groot atelier. Ze studeerde aan onder andere de Gerrit Rietveld Academie, VLVU (economie) en Fontys-OSO (leraar speciaal onderwijs en master SEN).
Het huis onder de regenboog – Regenboog-verhalen met duiding en tips
Het huis onder de regenboog verhaalt over 43 uiteenlopende situaties die op de een of andere manier allemaal te maken hebben met (gender) identiteit/seksualiteit. Over de eerste seksuele gevoelens, de vreugde en verwarring. Over het zich anders voelen, de ontkenning en eenzaamheid. Over vruchtbaarheid en transgender-zijn, de verwarring en schaamte. Over uitgaan, het plezier en de gevaren. Over de gevolgen voor thuis, school en werk. Over religie, de schuldgevoelens en vergeving. Over eindelijk jezelf kunnen zijn, de trots en de Gay Pride.
Vrijwel alle aspecten van identiteit onder het brede spectrum van de regenboog komen aan bod. Een peuter die helemaal als zichzelf haar vierde verjaardag mag vieren, een puber waarvan de vader homoseksueel blijkt te zijn, de eerste binder, pesten en alleen in een verzorgingshuis; het is zomaar een greep uit de 43 verhalen.
Bijzonder is voorts dat ieder verhaal in regenboogkleuren geïllustreerd is en bovendien voorzien is van uitleg/tips. Ook geeft dit boek een overzicht op (medisch) transgendergebied. Hierbij zijn ook keuzewijzers opgenomen t.a.v. bijvoorbeeld hormonen. Het huis onder de regenboog eindigt met een beknopt Vademecum op LHBTIQ+-gebied: van uitgaan tot zorg, van logopedie tot kleding.
Dit bijzondere boek is voor iedereen bestemd die op de een of andere wijze te maken heeft met vragen op het brede gebied van (gender)identiteit/seksualiteit. Het boek is tevens te gebruiken als coachingsinstrument tijdens begeleidingsgesprekken, thuis, op school en in praktijken.
Diënne Flohr-Kamphuis, queercoach en beeldend kunstenares, richtte samen met haar man Eric de stichting ‘Het huis onder de regenboog’ in Helmond op. De stichting wil de inclusiviteit in de samenleving bevorderen en wil een thuis zijn voor iedereen die daar behoefte aan heeft. Hier zetelt ook Diënnes eigen onderwijsbureau ‘De slimme juf’, en schildert en schrijft ze in een groot atelier. Ze studeerde aan onder andere de Gerrit Rietveld Academie, VLVU (economie) en Fontys-OSO (leraar speciaal onderwijs en master SEN).
Europees Internationaal Rivierenrecht – 2e, volledig herziene uitgave – 2 volumes
“Het voorliggende werk is monumentaal, niet enkel in omvang maar vooral naar inhoud. Mij is geen andere wetenschappelijke bijdrage bekend die op een zodanig alomvattende wijze het rivierenrecht situeert en analyseert en er eveneens in slaagt om het op een bevattende wijze te duiden. Dr. Marc De Decker etaleert op een meesterlijke manier zijn uitgebreide historische en juridische kennis van het Europese rivierenrecht en voert de lezer mee op een intrigerende tocht naar de schepping van een juridisch systeem waarmee bijna iedereen wordt geconfronteerd maar wat weinigen werkelijk kunnen bevatten.
De verschillende grote ontwikkelingen die stapsgewijs tot stand zijn gekomen, van de Franse revolutie over het Congres van Wenen, het verdrag van Parijs van 1856 naar de grote verkeersconferenties in de 20ste eeuw, worden met meer dan een vaardige hand beschreven en geanalyseerd. Bijzonder boeiend is het plaatsen van het Europese rivierenrecht binnen het grotere kader van het internationaal publiek recht. Fundamentele aspecten zoals de vrijheid van scheepvaart en de institutionalisering van het rivierenrecht worden grondig behandeld en geven zonder meer een grote meerwaarde aan dit boek. Het toetsen van de materie tegenover het recht van de Europese Unie en tegenover andere dan scheepvaartgebruiken van de waterwegen vervolledigt de aanpak van de auteur waarmee het voorliggende werk een bijna alomvattend beeld geeft van het Europese rivierenrecht.
Dit boek verdient veel aandacht. Niet enkel academici maar eveneens praktijkjuristen en diegenen die elke dag met watergebonden vervoer worden geconfronteerd, zullen baat vinden bij het gebruiken van dit werk.
Een absolute aanrader!” (Prof. Dr. E. Somers in het voorwoord)
Marc De Decker (1961) is advocaat aan de balie te Antwerpen, gespecialiseerd in transportrecht en auteur van verschillende publicaties over scheepvaartrecht. Hij is voorzitter van de Federatie Belgische Binnenvaart/Fédération de la batellerie belge en gastprofessor aan de Universiteit Gent voor het vak “European International River Law” in de opleiding “Master of Science in Maritime Sciences”. De eerste editie van het boek “Europees Internationaal Rivierenrecht” werd in 2015 bekroond met de prijs Fondation François Génicot Stichting.
Europees Internationaal Rivierenrecht – 2e, volledig herziene uitgave – 2 volumes
“Het voorliggende werk is monumentaal, niet enkel in omvang maar vooral naar inhoud. Mij is geen andere wetenschappelijke bijdrage bekend die op een zodanig alomvattende wijze het rivierenrecht situeert en analyseert en er eveneens in slaagt om het op een bevattende wijze te duiden. Dr. Marc De Decker etaleert op een meesterlijke manier zijn uitgebreide historische en juridische kennis van het Europese rivierenrecht en voert de lezer mee op een intrigerende tocht naar de schepping van een juridisch systeem waarmee bijna iedereen wordt geconfronteerd maar wat weinigen werkelijk kunnen bevatten.
De verschillende grote ontwikkelingen die stapsgewijs tot stand zijn gekomen, van de Franse revolutie over het Congres van Wenen, het verdrag van Parijs van 1856 naar de grote verkeersconferenties in de 20ste eeuw, worden met meer dan een vaardige hand beschreven en geanalyseerd. Bijzonder boeiend is het plaatsen van het Europese rivierenrecht binnen het grotere kader van het internationaal publiek recht. Fundamentele aspecten zoals de vrijheid van scheepvaart en de institutionalisering van het rivierenrecht worden grondig behandeld en geven zonder meer een grote meerwaarde aan dit boek. Het toetsen van de materie tegenover het recht van de Europese Unie en tegenover andere dan scheepvaartgebruiken van de waterwegen vervolledigt de aanpak van de auteur waarmee het voorliggende werk een bijna alomvattend beeld geeft van het Europese rivierenrecht.
Dit boek verdient veel aandacht. Niet enkel academici maar eveneens praktijkjuristen en diegenen die elke dag met watergebonden vervoer worden geconfronteerd, zullen baat vinden bij het gebruiken van dit werk.
Een absolute aanrader!” (Prof. Dr. E. Somers in het voorwoord)
Marc De Decker (1961) is advocaat aan de balie te Antwerpen, gespecialiseerd in transportrecht en auteur van verschillende publicaties over scheepvaartrecht. Hij is voorzitter van de Federatie Belgische Binnenvaart/Fédération de la batellerie belge en gastprofessor aan de Universiteit Gent voor het vak “European International River Law” in de opleiding “Master of Science in Maritime Sciences”. De eerste editie van het boek “Europees Internationaal Rivierenrecht” werd in 2015 bekroond met de prijs Fondation François Génicot Stichting.
Ziek van verlangen – Mystiek & psychoanalyse (Reeks: Psychoanalyse en Cultuur Nr. 15)
Ziek van verlangen: een bundel met essays van Marc De Kesel, Jan Cambien, Jos de Kroon, Veerle Fraeters, Lieven De Maeyer, Herman Westerink, Erwin Mortier, Bart Vieveen, Janneke van der Leest, Sjef Houppermans, Peter Verstraten en Sander Vloebergs.
Ziek van verlangen – Mystiek & psychoanalyse (Reeks: Psychoanalyse en Cultuur Nr. 15)
Ziek van verlangen: een bundel met essays van Marc De Kesel, Jan Cambien, Jos de Kroon, Veerle Fraeters, Lieven De Maeyer, Herman Westerink, Erwin Mortier, Bart Vieveen, Janneke van der Leest, Sjef Houppermans, Peter Verstraten en Sander Vloebergs.
RIDP 94.1 (2023) – Traditional Criminal Law Categories and AI: Crisis or Palingenesis?
The study of the intersections between technology and crime is a well-established topic for criminal lawyers, gaining increasing significance over time. Initially, in the risk society, and even more so today, in the algorithmic society, the challenges posed by Artificial Intelligence (AI) bring new complexities to light. AI systems are increasingly involved in perpetrating various kinds of harms. They can serve as new tools for committing crimes or directly cause serious harms to fundamental human rights and other relevant legal goods, such as life, physical and moral integrity, privacy, and public order. The specific features of autonomy, opacity, and unpredictability in AI systems, which make them different from other technologies, might challenge responsibility attribution theory. Consequently, as we encounter situations that are no longer entirely “human”, criminal law must address whether the existing laws at national and international levels provide adequate protection.
The starting point to assess the adequacy of criminal laws and policies is to evaluate the potential collision points that may arise when regulating AI-related crimes within the traditional categories of the general part of criminal law. For instance, when decision-making processes and task execution are delegated to artificial agents, what constitutes the actus reus? If the crime committed by the AI system differs from the one intended by the criminal agent, should the agent still be held liable? Furthermore, the unpredictability of AI might challenge the principle of culpability in cases of negligence-based crimes. Additionally, the degree of separation between the human agent’s conduct and the harm caused by the functioning of an AI system may affect the proof of the causality chain and the guilt of the operator.
This volume aims to address these critical questions and to provide a first recommendation, based on an international analysis of the topic. It brings together contributions from national rapporteurs of various countries who collaborated with the general rapporteur in the works of Section I (criminal law - general part) for the upcoming AIDP international congress of 2024.
Lorenzo Picotti is Full Professor in Criminal Law at the University of Verona, Italy.
Beatrice Panattoni is Postdoc Researcher in Criminal Law at the University of Verona, Italy.
RIDP 94.1 (2023) – Traditional Criminal Law Categories and AI: Crisis or Palingenesis?
The study of the intersections between technology and crime is a well-established topic for criminal lawyers, gaining increasing significance over time. Initially, in the risk society, and even more so today, in the algorithmic society, the challenges posed by Artificial Intelligence (AI) bring new complexities to light. AI systems are increasingly involved in perpetrating various kinds of harms. They can serve as new tools for committing crimes or directly cause serious harms to fundamental human rights and other relevant legal goods, such as life, physical and moral integrity, privacy, and public order. The specific features of autonomy, opacity, and unpredictability in AI systems, which make them different from other technologies, might challenge responsibility attribution theory. Consequently, as we encounter situations that are no longer entirely “human”, criminal law must address whether the existing laws at national and international levels provide adequate protection.
The starting point to assess the adequacy of criminal laws and policies is to evaluate the potential collision points that may arise when regulating AI-related crimes within the traditional categories of the general part of criminal law. For instance, when decision-making processes and task execution are delegated to artificial agents, what constitutes the actus reus? If the crime committed by the AI system differs from the one intended by the criminal agent, should the agent still be held liable? Furthermore, the unpredictability of AI might challenge the principle of culpability in cases of negligence-based crimes. Additionally, the degree of separation between the human agent’s conduct and the harm caused by the functioning of an AI system may affect the proof of the causality chain and the guilt of the operator.
This volume aims to address these critical questions and to provide a first recommendation, based on an international analysis of the topic. It brings together contributions from national rapporteurs of various countries who collaborated with the general rapporteur in the works of Section I (criminal law - general part) for the upcoming AIDP international congress of 2024.
Lorenzo Picotti is Full Professor in Criminal Law at the University of Verona, Italy.
Beatrice Panattoni is Postdoc Researcher in Criminal Law at the University of Verona, Italy.
Wetboek Strafrecht – Strafwetboek, Wetboek van Strafvordering, Bijzondere wetten 44ste bijgewerkte druk (Volledig bijgewerkt tot 1 augustus 2023)
Een uitgebreid herwerkt alfabetisch trefwoordenregister maakt het geheel bovendien erg gebruiksvriendelijk. Alle teksten zijn bijgewerkt tot 1 augustus 2023.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar (internationaal en Europees) strafrecht aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en van het Knowledge and Research Platform Privacy, Information Exchange, Law Enforcement and Surveillance(PIXLES). Hij voert internationaal relevant wetenschappelijk onderzoek op het brede terrein van het strafrechtelijk beleid.
Wetboek Strafrecht – Strafwetboek, Wetboek van Strafvordering, Bijzondere wetten 44ste bijgewerkte druk (Volledig bijgewerkt tot 1 augustus 2023)
Een uitgebreid herwerkt alfabetisch trefwoordenregister maakt het geheel bovendien erg gebruiksvriendelijk. Alle teksten zijn bijgewerkt tot 1 augustus 2023.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar (internationaal en Europees) strafrecht aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en van het Knowledge and Research Platform Privacy, Information Exchange, Law Enforcement and Surveillance(PIXLES). Hij voert internationaal relevant wetenschappelijk onderzoek op het brede terrein van het strafrechtelijk beleid.
Taaleigenaardigheden – Onze taal – leuk en leerzaam
> Je zit voor de tv en achter de computer. Waarom niet andersom?
> Kan een stoplicht ook groen zijn?
> Is niet slecht hetzelfde als goed?
> Waarom wel dames en heren, maar niet meisjes en jongens?
> Is er iets mis met Hier zet men koffie en over?
> Lees parterretrap eens van achter naar voor!
> In het Wilhelmus komt een opvallende stijlfiguur voor.
> Eigenlijk zijn stopwoorden zeg maar nogal irritant, toch?
> Van heel wat woorden kun je andere woorden maken.
Over nog veel meer taalaardigheden, stijlfouten en stijlfiguren gaat dit boek, met heel wat voorbeelden en citaten van vroeger en nu.
Onze Taal over het boek: ‘Het is een leuke verzameling eigenaardigheden, met prima uitleg en veel aansprekende voorbeelden, en het leest lekker door.’
Peter van der Horst, zelfstandig taal- en tekstadviseur, heeft vele artikelen, cursussen en boeken geschreven, waaronder Redactiewijzer (Sdu), Stijlwijzer (Sdu), Nieuwe leestekenwijzer (Garant) en Duidelijke taal (Garant).
Taaleigenaardigheden – Onze taal – leuk en leerzaam
> Je zit voor de tv en achter de computer. Waarom niet andersom?
> Kan een stoplicht ook groen zijn?
> Is niet slecht hetzelfde als goed?
> Waarom wel dames en heren, maar niet meisjes en jongens?
> Is er iets mis met Hier zet men koffie en over?
> Lees parterretrap eens van achter naar voor!
> In het Wilhelmus komt een opvallende stijlfiguur voor.
> Eigenlijk zijn stopwoorden zeg maar nogal irritant, toch?
> Van heel wat woorden kun je andere woorden maken.
Over nog veel meer taalaardigheden, stijlfouten en stijlfiguren gaat dit boek, met heel wat voorbeelden en citaten van vroeger en nu.
Onze Taal over het boek: ‘Het is een leuke verzameling eigenaardigheden, met prima uitleg en veel aansprekende voorbeelden, en het leest lekker door.’
Peter van der Horst, zelfstandig taal- en tekstadviseur, heeft vele artikelen, cursussen en boeken geschreven, waaronder Redactiewijzer (Sdu), Stijlwijzer (Sdu), Nieuwe leestekenwijzer (Garant) en Duidelijke taal (Garant).
Energie- en klimaatbeleid ontluisterd – Democratische omwenteling tegen neoliberale doorbraak
Dit boek geeft antwoorden vanuit een energiepolitiek-economisch gezichtspunt. Het is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, literatuur en ervaringen, maar is toch toegankelijk geschreven voor al wie zich afvraagt waar de wereld staat en naartoe kan/moet gaan.
Het boek ontleedt en ontluistert het bestaande energie- en klimaatbeleid. Nieuwe, ongehoorde en ongeschreven visies komen aan bod. Ze verbreken de officieel vertelde illusies en leiden naar nodige omwentelingen. Het boek beschrijft en toetst de haalbaarheid van de omwentelingen. Terwijl het vandaag nog dominante neoliberalisme mensen inprent dat er geen alternatief bestaat, is de fysieke realiteit dat enkel alternatieve oplossingen nog mogelijk zijn. De nieuwe oplossingen zijn bovendien beschikbaar en betaalbaar.
Aviel Verbruggen is emeritus professor aan de Universiteit Antwerpen, gespecialiseerd in energie- en milieueconomie, energietechnologie en -beleid. Hij was een pionier in het energie- en klimaatdebat sinds de jaren 1970. Op de strategisch essentiële keuzes, zoals over atoomkern-energie, hernieuwbare energie en energiebehoud en -efficiëntie, was hij vooruit op zijn tijd. Hij was projectleider van de Vlaamse milieurapporten (1993-1998) en verantwoordelijk voor het ontwerp, de structuur, de inhoud en de publicatie van de eerste rapporten (Garant). Hij was Lid van het IPCC (1998-2014), met een uitzonderlijk actieve bijdrage aan het Speciaal Rapport ‘Renewable Energy Sources and Climate Change Mitigation’ (2011).
De website van de auteur
Energie- en klimaatbeleid ontluisterd – Democratische omwenteling tegen neoliberale doorbraak
Dit boek geeft antwoorden vanuit een energiepolitiek-economisch gezichtspunt. Het is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, literatuur en ervaringen, maar is toch toegankelijk geschreven voor al wie zich afvraagt waar de wereld staat en naartoe kan/moet gaan.
Het boek ontleedt en ontluistert het bestaande energie- en klimaatbeleid. Nieuwe, ongehoorde en ongeschreven visies komen aan bod. Ze verbreken de officieel vertelde illusies en leiden naar nodige omwentelingen. Het boek beschrijft en toetst de haalbaarheid van de omwentelingen. Terwijl het vandaag nog dominante neoliberalisme mensen inprent dat er geen alternatief bestaat, is de fysieke realiteit dat enkel alternatieve oplossingen nog mogelijk zijn. De nieuwe oplossingen zijn bovendien beschikbaar en betaalbaar.
Aviel Verbruggen is emeritus professor aan de Universiteit Antwerpen, gespecialiseerd in energie- en milieueconomie, energietechnologie en -beleid. Hij was een pionier in het energie- en klimaatdebat sinds de jaren 1970. Op de strategisch essentiële keuzes, zoals over atoomkern-energie, hernieuwbare energie en energiebehoud en -efficiëntie, was hij vooruit op zijn tijd. Hij was projectleider van de Vlaamse milieurapporten (1993-1998) en verantwoordelijk voor het ontwerp, de structuur, de inhoud en de publicatie van de eerste rapporten (Garant). Hij was Lid van het IPCC (1998-2014), met een uitzonderlijk actieve bijdrage aan het Speciaal Rapport ‘Renewable Energy Sources and Climate Change Mitigation’ (2011).
De website van de auteur
Uitdagende peuters en kleuters uitdagen – on)gewenst gedrag bij een ontwikkelingsvoorsprong
Uitgangspunt van het boek Uitdagende peuters en kleuters uitdagen is om kennis en inzicht te geven in het gedrag en de behoeften van pientere peuters en kleuters. Daarnaast biedt het praktische handvatten voor een passende begeleiding van deze kinderen in de groep.
In het boek wordt uitgelegd wat een ontwikkelingsvoorsprong is en hoe deze te herkennen. Er wordt beschreven hoe en waarom de ontwikkeling bij uitdagende peuters en kleuters anders verloopt dan bij andere kinderen. Hierbij wordt er een koppeling gelegd tussen diverse theorieën en de praktijk.
Voorkomen is beter dan genezen. De auteurs geven een leidraad om preventief te kunnen handelen door een uitgebreide intake, een uitdagende omgeving en het stellen van doelen.
Voor pientere peuters en kleuters met hardnekkig en ongewenst gedrag biedt het boek een praktische aanpak met ‘De Pientere Blik’. Uiteenlopende gedragingen komen aan bod. Dit alles wordt verduidelijkt aan de hand van praktische voorbeelden. Uitdagende peuters en kleuters uitdagen is een boek dat aansluit bij de praktijk en bedoeld is voor alle professionals die voor peuters en kleuters werken en voor ouders van pientere kinderen.
Marijne Sammels en Willeke Rol hebben beiden vele jaren ervaring in het begeleiden van pientere peuters en kleuters en het opleiden van professionals die met deze kinderen werken. Met dit boek willen ze hun kennis en ervaring delen met het werkveld, zodat het jonge kind met een ontwikkelingsvoorsprong nog beter (h)erkend en begeleid kan worden.
Uitdagende peuters en kleuters uitdagen – on)gewenst gedrag bij een ontwikkelingsvoorsprong
Uitgangspunt van het boek Uitdagende peuters en kleuters uitdagen is om kennis en inzicht te geven in het gedrag en de behoeften van pientere peuters en kleuters. Daarnaast biedt het praktische handvatten voor een passende begeleiding van deze kinderen in de groep.
In het boek wordt uitgelegd wat een ontwikkelingsvoorsprong is en hoe deze te herkennen. Er wordt beschreven hoe en waarom de ontwikkeling bij uitdagende peuters en kleuters anders verloopt dan bij andere kinderen. Hierbij wordt er een koppeling gelegd tussen diverse theorieën en de praktijk.
Voorkomen is beter dan genezen. De auteurs geven een leidraad om preventief te kunnen handelen door een uitgebreide intake, een uitdagende omgeving en het stellen van doelen.
Voor pientere peuters en kleuters met hardnekkig en ongewenst gedrag biedt het boek een praktische aanpak met ‘De Pientere Blik’. Uiteenlopende gedragingen komen aan bod. Dit alles wordt verduidelijkt aan de hand van praktische voorbeelden. Uitdagende peuters en kleuters uitdagen is een boek dat aansluit bij de praktijk en bedoeld is voor alle professionals die voor peuters en kleuters werken en voor ouders van pientere kinderen.
Marijne Sammels en Willeke Rol hebben beiden vele jaren ervaring in het begeleiden van pientere peuters en kleuters en het opleiden van professionals die met deze kinderen werken. Met dit boek willen ze hun kennis en ervaring delen met het werkveld, zodat het jonge kind met een ontwikkelingsvoorsprong nog beter (h)erkend en begeleid kan worden.
De taal van leiders – Hoe toppolitici communiceren
Daniel Mizere is een taal- en communicatiespecialist. Hij werkt als communicatiestrateeg en adviseert bedrijven, politici en ngo’s. Daarvoor was hij militair tolk bij het ministerie van Defensie, waarvoor hij ook meermaals werd ingezet in binnen- en buitenland. Daniel is nog steeds actief als reserveofficier (Kapitein) op het gebied van Communicatie & Engagement. Hij studeerde toegepaste taalkunde (Engels, Frans en Nederlands) aan de Katholieke Universiteit Leuven en behaalde een master in de journalistiek aan de Vrije Universiteit Brussel.
De taal van leiders – Hoe toppolitici communiceren
Daniel Mizere is een taal- en communicatiespecialist. Hij werkt als communicatiestrateeg en adviseert bedrijven, politici en ngo’s. Daarvoor was hij militair tolk bij het ministerie van Defensie, waarvoor hij ook meermaals werd ingezet in binnen- en buitenland. Daniel is nog steeds actief als reserveofficier (Kapitein) op het gebied van Communicatie & Engagement. Hij studeerde toegepaste taalkunde (Engels, Frans en Nederlands) aan de Katholieke Universiteit Leuven en behaalde een master in de journalistiek aan de Vrije Universiteit Brussel.
Verbouwen versus nieuwbouw – Knelpunten in de vastgoedsector
Het tijdstip waarop een gebouw in gebruik werd genomen of nog niet in gebruik werd genomen lijkt cruciaal in de definiëring van “nieuwbouw”. Kan een gebouw na de eerste ingebruikname nog verkocht worden mét toepassing van de btw? Waar ligt de scheidingslijn tussen een verbouwing en een nieuwbouw?
Dit boek analyseert een aantal knelpunten langs de inkomende zijde van de vastgoedmarkt (Wanneer kan een verbouwing aan 6 %?) maar ook aan de uitgaande zijde van de vastgoedmarkt (Wanneer kan de verkoop onder btw-stelsel en aan welk btw-tarief?)
Stefan Ruysschaert is Adviseur bij de FOD Financiën. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en bestuurder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van KMO-vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering.
Verbouwen versus nieuwbouw – Knelpunten in de vastgoedsector
Het tijdstip waarop een gebouw in gebruik werd genomen of nog niet in gebruik werd genomen lijkt cruciaal in de definiëring van “nieuwbouw”. Kan een gebouw na de eerste ingebruikname nog verkocht worden mét toepassing van de btw? Waar ligt de scheidingslijn tussen een verbouwing en een nieuwbouw?
Dit boek analyseert een aantal knelpunten langs de inkomende zijde van de vastgoedmarkt (Wanneer kan een verbouwing aan 6 %?) maar ook aan de uitgaande zijde van de vastgoedmarkt (Wanneer kan de verkoop onder btw-stelsel en aan welk btw-tarief?)
Stefan Ruysschaert is Adviseur bij de FOD Financiën. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en bestuurder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van KMO-vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering.
Making Strategic Choices in Social Science Research (GERN Research Paper Series – nr 7)
Making Strategic Choices in Social Science Research (GERN Research Paper Series – nr 7)
Belgisch Belastingrecht – in hoofdlijnen (28ste uitgave) | hardcover
Achteraan in het boek is een waardevol trefwoordenregister opgenomen. De lezer krijgt een zo geactualiseerd mogelijk beeld van de krachtlijnen van het Belgisch belastingrecht. De structuur van de verschillende fiscale wetboeken wordt gevolgd, wat de praktische bruikbaarheid optimaliseert. Als praktisch referentiewerk hoort dit werk op het bureau van elke fiscalist, accountant, bedrijfsrevisor, fiscale advocaat en notaris.
De materie is bijgewerkt tot het Belgisch Staatsblad van 1 januari 2023.
Jos J. Couturier (†), Gewoon hoogleraar em. Universiteit Antwerpen
Bruno Peeters , Gewoon hoogleraar Universiteit Antwerpen
met medewerking van:
Sylvie De Raedt, Research manager Universiteit Antwerpen, Gastprofessor Universiteit Gent
Rik Smet, Gastprofessor Universiteit Antwerpen
Belgisch Belastingrecht – in hoofdlijnen (28ste uitgave) | hardcover
Achteraan in het boek is een waardevol trefwoordenregister opgenomen. De lezer krijgt een zo geactualiseerd mogelijk beeld van de krachtlijnen van het Belgisch belastingrecht. De structuur van de verschillende fiscale wetboeken wordt gevolgd, wat de praktische bruikbaarheid optimaliseert. Als praktisch referentiewerk hoort dit werk op het bureau van elke fiscalist, accountant, bedrijfsrevisor, fiscale advocaat en notaris.
De materie is bijgewerkt tot het Belgisch Staatsblad van 1 januari 2023.
Jos J. Couturier (†), Gewoon hoogleraar em. Universiteit Antwerpen
Bruno Peeters , Gewoon hoogleraar Universiteit Antwerpen
met medewerking van:
Sylvie De Raedt, Research manager Universiteit Antwerpen, Gastprofessor Universiteit Gent
Rik Smet, Gastprofessor Universiteit Antwerpen
School- en Klaspraktijk (SKP) Jrg. 63 nr. 3 (’22-’23)
In de jaren 90 werd al een eerste keer officieel geëxperimenteerd met aanvangsbegeleiding van jonge leerkrachten. De job van mentor werd in het leven geroepen en er werden allerhande initiatieven genomen. Slechts 3 jaar werden voor deze opdracht onderwijsfondsen vrijgemaakt. Toch blijft sindsdien de overtuiging leven dat die aanvangsbegeleiding nodig is voor de persoonlijke ontwikkeling van de leerkracht. In ‘Begeleiding en beoordeling van startende leraren, een onmogelijke combinatie?’ gaat een team van 4 onderwijsonderzoekers van onderzoeksgroep Beleid en leiderschap in onderwijs (BELLON) van de Universiteit Gent in op de kenmerken, de problemen, de valkuilen, maar vooral ook de goede praktijkvoorbeelden van de aanvangsbegeleiding.
Teamteaching wordt steeds meer toegepast binnen het basisonderwijs. Dat heeft enerzijds te maken met organisatorische factoren, maar ook met de overtuiging dat deze vorm van lesgeven voordelen biedt in vergelijking met soloteaching. Een team experts voerde onderzoek uit om na te gaan of leraren die aan teamteaching doen effectiever lesgeefgedrag rapporteren. In ‘Geef je effectiever les met teamteaching? Het perspectief van Vlaamse leraren lager onderwijs’ wordt eerst duidelijk gemaakt wat onder teamteaching wordt verstaan en welke de kenmerken zijn van effectief lesgeefgedrag. De resultaten van het onderzoek en de besluiten en aanbevelingen zijn zeker de aandacht waard van elke school.
Beeldig brengt ons even terug in de sfeer van het artikel Zumi’s van Barbara Cool dat verscheen in het vorige nummer. Waarop wachten om ermee te beginnen?
Zelfregulerend leren wordt onmiddellijk in verband gebracht met executieve functies en is op dit ogenblik hype binnen het onderwijs. Vormingen, artikels, boeken, … je kunt er als leerkracht niet omheen. In ‘Inzetten op zelfregulerend leren in de klas: inzichten en overtuigingen maken het verschil’ belicht Daphné Van Looy een aspect dat nog maar weinig aandacht kreeg. Haar artikel biedt je een overzicht van de resultaten uit een onderzoek naar de invloed van leerkrachtkenmerken in het ondersteunen van het zelfregulerend leren van leerlingen. Of hoe ook in dit thema de leerkracht het verschil maakt.
In ‘Photovoice. Een krachtig middel om samen met kinderen onderzoek te doen’ is zelfsturing het thema dat werd uitgewerkt. Een team van 4 lerarenopleiders en praktijkonderzoekers binnen de UCLL gebruikte de onderzoeksmethodiek ‘photovoice’ om met leerlingen en leerkrachten van een aantal scholen dat thema te onderzoeken. De leerlingen ontleden hun eigen zelfsturing en komen zo tot een synthese van wat zelfsturing kan zijn.
In de media staat de kwaliteit van het onderwijs in het middelpunt van de belangstelling. Het reken- en leesonderwijs krijgen het hard te verduren. Nationale en internationale tests zorgen ervoor dat de achteruitgang zichtbaar wordt en iedereen die van ver of van dichtbij betrokken is bij onderwijs heeft een mening over de oplossingen. Er zijn daarbij vragen te stellen: Is het inderdaad allemaal kommer en kwel? Staat in de ganse discussie het kind en zijn ontwikkeling nog steeds centraal? Wat is de verhouding tussen relatie enerzijds en methodieken anderzijds? Een moment om eens na te denken over waarover het werkelijk gaat. In ‘Geen prestaties zonder relaties’ geeft Roger Boonen een aanzet. Naar aanleiding van de recente Pirls-onderzoeksresultaten voegde hij er nog een addendum aan toe.
School- en Klaspraktijk (SKP) Jrg. 63 nr. 3 (’22-’23)
In de jaren 90 werd al een eerste keer officieel geëxperimenteerd met aanvangsbegeleiding van jonge leerkrachten. De job van mentor werd in het leven geroepen en er werden allerhande initiatieven genomen. Slechts 3 jaar werden voor deze opdracht onderwijsfondsen vrijgemaakt. Toch blijft sindsdien de overtuiging leven dat die aanvangsbegeleiding nodig is voor de persoonlijke ontwikkeling van de leerkracht. In ‘Begeleiding en beoordeling van startende leraren, een onmogelijke combinatie?’ gaat een team van 4 onderwijsonderzoekers van onderzoeksgroep Beleid en leiderschap in onderwijs (BELLON) van de Universiteit Gent in op de kenmerken, de problemen, de valkuilen, maar vooral ook de goede praktijkvoorbeelden van de aanvangsbegeleiding.
Teamteaching wordt steeds meer toegepast binnen het basisonderwijs. Dat heeft enerzijds te maken met organisatorische factoren, maar ook met de overtuiging dat deze vorm van lesgeven voordelen biedt in vergelijking met soloteaching. Een team experts voerde onderzoek uit om na te gaan of leraren die aan teamteaching doen effectiever lesgeefgedrag rapporteren. In ‘Geef je effectiever les met teamteaching? Het perspectief van Vlaamse leraren lager onderwijs’ wordt eerst duidelijk gemaakt wat onder teamteaching wordt verstaan en welke de kenmerken zijn van effectief lesgeefgedrag. De resultaten van het onderzoek en de besluiten en aanbevelingen zijn zeker de aandacht waard van elke school.
Beeldig brengt ons even terug in de sfeer van het artikel Zumi’s van Barbara Cool dat verscheen in het vorige nummer. Waarop wachten om ermee te beginnen?
Zelfregulerend leren wordt onmiddellijk in verband gebracht met executieve functies en is op dit ogenblik hype binnen het onderwijs. Vormingen, artikels, boeken, … je kunt er als leerkracht niet omheen. In ‘Inzetten op zelfregulerend leren in de klas: inzichten en overtuigingen maken het verschil’ belicht Daphné Van Looy een aspect dat nog maar weinig aandacht kreeg. Haar artikel biedt je een overzicht van de resultaten uit een onderzoek naar de invloed van leerkrachtkenmerken in het ondersteunen van het zelfregulerend leren van leerlingen. Of hoe ook in dit thema de leerkracht het verschil maakt.
In ‘Photovoice. Een krachtig middel om samen met kinderen onderzoek te doen’ is zelfsturing het thema dat werd uitgewerkt. Een team van 4 lerarenopleiders en praktijkonderzoekers binnen de UCLL gebruikte de onderzoeksmethodiek ‘photovoice’ om met leerlingen en leerkrachten van een aantal scholen dat thema te onderzoeken. De leerlingen ontleden hun eigen zelfsturing en komen zo tot een synthese van wat zelfsturing kan zijn.
In de media staat de kwaliteit van het onderwijs in het middelpunt van de belangstelling. Het reken- en leesonderwijs krijgen het hard te verduren. Nationale en internationale tests zorgen ervoor dat de achteruitgang zichtbaar wordt en iedereen die van ver of van dichtbij betrokken is bij onderwijs heeft een mening over de oplossingen. Er zijn daarbij vragen te stellen: Is het inderdaad allemaal kommer en kwel? Staat in de ganse discussie het kind en zijn ontwikkeling nog steeds centraal? Wat is de verhouding tussen relatie enerzijds en methodieken anderzijds? Een moment om eens na te denken over waarover het werkelijk gaat. In ‘Geen prestaties zonder relaties’ geeft Roger Boonen een aanzet. Naar aanleiding van de recente Pirls-onderzoeksresultaten voegde hij er nog een addendum aan toe.
KLEIO jrg. 52, nr. 3 (Juni 2023)
Steven Berrens
108 Van rouwklacht naar liefdeslied: liefde, dood en verlangen in de derde elegie van Tibullus
Mieke de Vos
121 Een hard gelag? Umberto Eco als gids tot de vroegchristelijke humor
Roald Dijkstra 134 Recensies
140 Notitie
143 Website-materiaal
144 Over de auteurs van de artikels
KLEIO jrg. 52, nr. 3 (Juni 2023)
Steven Berrens
108 Van rouwklacht naar liefdeslied: liefde, dood en verlangen in de derde elegie van Tibullus
Mieke de Vos
121 Een hard gelag? Umberto Eco als gids tot de vroegchristelijke humor
Roald Dijkstra 134 Recensies
140 Notitie
143 Website-materiaal
144 Over de auteurs van de artikels
Procedure inzake btw – Controle- en bewijsmiddelen – Verjaring – Geding
In het kader van een btw-controle kan gebruik worden gemaakt van een aantal bewijsmiddelen van het gemeen recht maar ook van een aantal specifieke bewijsmiddelen die voorzien zijn in het W.BTW, zoals de deskundige schatting en de ambtelijke aanslag. Ook het proces-verbaal heeft een bijzondere rol binnen een btw-controle.
Een btw-controle kan maar productief worden verricht binnen de grenzen van de verjaringstermijnen. Hierbij wordt de toepasselijkheid van de verschillende verjaringstermijnen inzake btw toegelicht aan de hand van voorbeelden.
Ten slotte worden op bondige wijze de regels inzake het geding met zijn administratieve en gerechtelijke fase van toepassing op het btw-stelsel toegelicht.
Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Procedure inzake btw – Controle- en bewijsmiddelen – Verjaring – Geding
In het kader van een btw-controle kan gebruik worden gemaakt van een aantal bewijsmiddelen van het gemeen recht maar ook van een aantal specifieke bewijsmiddelen die voorzien zijn in het W.BTW, zoals de deskundige schatting en de ambtelijke aanslag. Ook het proces-verbaal heeft een bijzondere rol binnen een btw-controle.
Een btw-controle kan maar productief worden verricht binnen de grenzen van de verjaringstermijnen. Hierbij wordt de toepasselijkheid van de verschillende verjaringstermijnen inzake btw toegelicht aan de hand van voorbeelden.
Ten slotte worden op bondige wijze de regels inzake het geding met zijn administratieve en gerechtelijke fase van toepassing op het btw-stelsel toegelicht.
Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Algemeen strafrecht – (7e) een overzicht, herziene uitgave
Aan bod komen de algemene principes van het materieel strafrecht, zoals terug te vinden in het algemeen strafrecht van het Strafwetboek (art. 1-100ter Sw.). Achtereenvolgens worden behandeld: het begrip ‘strafrecht’, kenmerken van het strafrecht, het toepassingsgebied van de strafwetten, het misdrijf (incl. rechtvaardigingsgronden, schulduitsluitingsgronden en beslissende verschoningsgronden), de strafbare poging en de strafbare deelneming, de strafrechtelijke sancties en de principes van straftoemeting (incl. verzwarende omstandigheden, wettelijke herhaling, verzachtende omstandigheden, strafverminderende verschoningsgronden, samenloop, opschorting en uitstel).
Bijzonder aan deze uitgave is de nadruk op de interactie met de studenten. Met behulp van een aparte docentenhandleiding met niet minder dan 219 concrete voorbeelden en toepassingen bij de leerstof, krijgen de hoorcolleges een praktische invulling.
De inhoud van deze uitgave is volledig aangepast aan de zogenaamde potpourri-wetten die het strafrecht op heel wat vlakken wijzigden. Er werd ook rekening gehouden met het arrest van het Grondwettelijk Hof van 21 december 2017 waarbij een aantal bepalingen uit de potpourri II-wetgeving werden vernietigd. Bovendien werden enkele belangrijke wetswijzigingen van de voorbije vier jaar opgenomen in deze uitgave en wordt er ook kort ingegaan op de opmerkelijkste nieuwigheden die met het nieuwe Strafwetboek in het verschiet liggen.
Kathleen Duerinckx is lector Strafrecht, Criminologie en Wereldburgerschap & maatschappelijk engagement aan hogeschool UCLL te Leuven.
Algemeen strafrecht – (7e) een overzicht, herziene uitgave
Aan bod komen de algemene principes van het materieel strafrecht, zoals terug te vinden in het algemeen strafrecht van het Strafwetboek (art. 1-100ter Sw.). Achtereenvolgens worden behandeld: het begrip ‘strafrecht’, kenmerken van het strafrecht, het toepassingsgebied van de strafwetten, het misdrijf (incl. rechtvaardigingsgronden, schulduitsluitingsgronden en beslissende verschoningsgronden), de strafbare poging en de strafbare deelneming, de strafrechtelijke sancties en de principes van straftoemeting (incl. verzwarende omstandigheden, wettelijke herhaling, verzachtende omstandigheden, strafverminderende verschoningsgronden, samenloop, opschorting en uitstel).
Bijzonder aan deze uitgave is de nadruk op de interactie met de studenten. Met behulp van een aparte docentenhandleiding met niet minder dan 219 concrete voorbeelden en toepassingen bij de leerstof, krijgen de hoorcolleges een praktische invulling.
De inhoud van deze uitgave is volledig aangepast aan de zogenaamde potpourri-wetten die het strafrecht op heel wat vlakken wijzigden. Er werd ook rekening gehouden met het arrest van het Grondwettelijk Hof van 21 december 2017 waarbij een aantal bepalingen uit de potpourri II-wetgeving werden vernietigd. Bovendien werden enkele belangrijke wetswijzigingen van de voorbije vier jaar opgenomen in deze uitgave en wordt er ook kort ingegaan op de opmerkelijkste nieuwigheden die met het nieuwe Strafwetboek in het verschiet liggen.
Kathleen Duerinckx is lector Strafrecht, Criminologie en Wereldburgerschap & maatschappelijk engagement aan hogeschool UCLL te Leuven.
Btw-eetjes Deel 23
Het gaat om praktische vragen waarmee elke accountant, belastingadviseur of advocaat in zijn of haar fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt.
Deze btw-eetjes werden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven, waardoor men snel vindt wat men zoekt.
Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert is econoom (UGent) en actuaris (VUB) en werkt als adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is ook gastdocent aan de Hogeschool Gent en de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en bestuurder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van KMO vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering.
Btw-eetjes Deel 23
Het gaat om praktische vragen waarmee elke accountant, belastingadviseur of advocaat in zijn of haar fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt.
Deze btw-eetjes werden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven, waardoor men snel vindt wat men zoekt.
Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert is econoom (UGent) en actuaris (VUB) en werkt als adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is ook gastdocent aan de Hogeschool Gent en de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en bestuurder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van KMO vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering.
Jij bent aan zet – Beveilig je organisatie door te denken als de vijand (Reeks Counterplay nr. 1)
Met tal van praktische voorbeelden en nuttige tips, vertaalt Counterplay zich in haalbare methodes op maat van elke organisatie. De mens staat centraal, want hoe je het ook draait of keert: menselijk handelen is cruciaal in elk veiligheidsbeleid. Mensen kunnen je zwakste schakel zijn, maar met de juiste begeleiding en handvaten worden ze je sterkste troef.
Counterplay is bedoeld voor iedereen die wil werken aan veiligheid op de job. Voor security professionals die nieuwe veiligheidsinzichten willen toevoegen aan hun organisatie. Voor medewerkers van hulpdiensten, veiligheidspersoneel van musea en andere instituten, maar ook voor hospitality- en onthaalteams van organisaties en events. Je leert proactief observeren, kritisch naar je eigen (beveiligings)middelen kijken en effectieve barrières opwerpen op een toegankelijke manier.
Kim Covent is adviseur bij de Gentse lokale politie en heeft intussen meer dan 14 jaar ervaring in communicatie en beleid op het lokale niveau. Als internationale spreker geeft ze voordrachten en opleidingen over observatietechnieken, non-verbale communicatie en proactieve beveiliging. Ze zet in op gamification en action learning bij het spotten en begrijpen van afwijkend gedrag en de voorbereidingen van een criminele aanval.
Wesley De Smet, CPP, is afdelingshoofd Facilitair beheer in het Gentse Museum voor Schone Kunsten. Hij is een expert in museumbeveiliging en crisismanagement en werkte eerder als consulent veiligheid & welzijn, preventieadviseur en noodplanningsambtenaar bij verschillende overheidsdiensten. Hij spreekt op nationale en internationale fora en zetelt in het bestuur van ASIS International Benelux Chapter.
Jij bent aan zet – Beveilig je organisatie door te denken als de vijand (Reeks Counterplay nr. 1)
Met tal van praktische voorbeelden en nuttige tips, vertaalt Counterplay zich in haalbare methodes op maat van elke organisatie. De mens staat centraal, want hoe je het ook draait of keert: menselijk handelen is cruciaal in elk veiligheidsbeleid. Mensen kunnen je zwakste schakel zijn, maar met de juiste begeleiding en handvaten worden ze je sterkste troef.
Counterplay is bedoeld voor iedereen die wil werken aan veiligheid op de job. Voor security professionals die nieuwe veiligheidsinzichten willen toevoegen aan hun organisatie. Voor medewerkers van hulpdiensten, veiligheidspersoneel van musea en andere instituten, maar ook voor hospitality- en onthaalteams van organisaties en events. Je leert proactief observeren, kritisch naar je eigen (beveiligings)middelen kijken en effectieve barrières opwerpen op een toegankelijke manier.
Kim Covent is adviseur bij de Gentse lokale politie en heeft intussen meer dan 14 jaar ervaring in communicatie en beleid op het lokale niveau. Als internationale spreker geeft ze voordrachten en opleidingen over observatietechnieken, non-verbale communicatie en proactieve beveiliging. Ze zet in op gamification en action learning bij het spotten en begrijpen van afwijkend gedrag en de voorbereidingen van een criminele aanval.
Wesley De Smet, CPP, is afdelingshoofd Facilitair beheer in het Gentse Museum voor Schone Kunsten. Hij is een expert in museumbeveiliging en crisismanagement en werkte eerder als consulent veiligheid & welzijn, preventieadviseur en noodplanningsambtenaar bij verschillende overheidsdiensten. Hij spreekt op nationale en internationale fora en zetelt in het bestuur van ASIS International Benelux Chapter.
