Rabauwen,vagebonden en lediggangers. Criminele voorouders berecht en bestraft
De geschiedenis van het strafrecht behoort tot de meest tot de verbeelding sprekende onderdelen van de rechtshistorie. Hoe dieper in de geschiedenis wordt afgedaald, des te vreemder en wreder komt de berechting van misdrijven op de moderne mens over. Een meer genuanceerd beeld van het oude strafrecht wordt in dit boek geschetst.
Beschreven wordt hoe er in vroeger tijd werd omgegaan met mannen en vrouwen die het criminele pad waren opgegaan, hoe zij werden berecht, hoe zij werden gestraft. Aan de hand van concrete strafprocessen wordt stilgestaan bij uiteenlopende strafbare feiten, zoals moord, verkrachting, incest, brandstichting en landloperij, en wordt uiteengezet hoe het met de plegers daarvan afliep. Daarbij wordt ook ingegaan op meer algemene onderwerpen uit de geschiedenis van het strafrecht. Hoe werd bijvoorbeeld vroeger een werkzaamheden van de beul?
De beschreven strafprocessen, waarin men kennismaakt met verre voorouders die hebben terechtgestaan, laten het oude strafrecht werkelijk herleven. Dat maakt dit boek tot een waardevolle bron van informatie voor al degenen die zich willen verdiepen in de boeiende geschiedenis van het strafrecht.
Erik-Jan Broers is universitair docent rechtsgeschiedenis aan de Tilburg Law School. Van zijn hand verschenen reeds diverse boeken en artikelen over de geschiedenis van het strafrecht en strafprocesrecht.
Rabauwen,vagebonden en lediggangers. Criminele voorouders berecht en bestraft
De geschiedenis van het strafrecht behoort tot de meest tot de verbeelding sprekende onderdelen van de rechtshistorie. Hoe dieper in de geschiedenis wordt afgedaald, des te vreemder en wreder komt de berechting van misdrijven op de moderne mens over. Een meer genuanceerd beeld van het oude strafrecht wordt in dit boek geschetst.
Beschreven wordt hoe er in vroeger tijd werd omgegaan met mannen en vrouwen die het criminele pad waren opgegaan, hoe zij werden berecht, hoe zij werden gestraft. Aan de hand van concrete strafprocessen wordt stilgestaan bij uiteenlopende strafbare feiten, zoals moord, verkrachting, incest, brandstichting en landloperij, en wordt uiteengezet hoe het met de plegers daarvan afliep. Daarbij wordt ook ingegaan op meer algemene onderwerpen uit de geschiedenis van het strafrecht. Hoe werd bijvoorbeeld vroeger een werkzaamheden van de beul?
De beschreven strafprocessen, waarin men kennismaakt met verre voorouders die hebben terechtgestaan, laten het oude strafrecht werkelijk herleven. Dat maakt dit boek tot een waardevolle bron van informatie voor al degenen die zich willen verdiepen in de boeiende geschiedenis van het strafrecht.
Erik-Jan Broers is universitair docent rechtsgeschiedenis aan de Tilburg Law School. Van zijn hand verschenen reeds diverse boeken en artikelen over de geschiedenis van het strafrecht en strafprocesrecht.
Ticket to ride. Praktijkonderzoek in muziekeducatie
Wanneer je een muziekleraar vraagt of hij zichzelf als ‘onderzoeker’
ziet, is het antwoord wellicht negatief. Het begrip ‘onderzoek’ wordt
doorgaans geassocieerd met wetenschap en met de academische
wereld, niet met de onderwijspraktijk. Bovendien hebben leraren
het al druk genoeg.
De laatste jaren is er steeds meer belangstelling voor de ‘leraar als
onderzoeker’. Het gaat dan onder meer over het toepassen van resultaten
van (wetenschappelijk) onderzoek, het reflecteren en ter
discussie stellen van het eigen functioneren, het zicht krijgen op en
bevragen van de eigen beroepsopvattingen, maar ook het uitvoeren
van eigen praktijkonderzoek.
Het uitgangspunt van dit boek is dat praktijkonderzoek niet vrijblijvend
is, maar aan de kern van een (volwaardig) professioneel leraarschap
raakt. Het reflecteren over de onderwijspraktijk en het
opzetten van eigen onderzoek zou vanzelfsprekend moeten zijn
voor een ‘volbloed’ muziekleraar. Het boek is een ‘ticket to ride’, een
‘kaartje’ voor een verkennende rit in het boeiende domein van praktijkonderzoek
in muziekeducatie, maar het kan ook een ‘gids’ zijn die
de lezer onder de arm kan houden bij het uitvoeren van eigen onderzoek.
Het wil een open en uitnodigende inspiratiegids of handreiking
zijn voor de leraar (in opleiding).
Adri de Vugt studeerde Schoolmuziek, Pedagogiek en Onderwijskunde.
Hij werkt aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag als
docent onderwijs- en muziekpedagogiek.
Tine Castelein studeerde Muziekpedagogie. Ze is doctoraatsassistent
aan LUCA School of Arts campus Lemmens in Leuven en leraar
in het deeltijds kunstonderwijs.
Thomas De Baets studeerde Muziekpedagogie. Hij is doctor in de
Kunsten en doceert aan LUCA School of Arts campus Lemmens in
Leuven, waar hij verantwoordelijk is voor de educatieve muziekopleidingen.
Ticket to ride. Praktijkonderzoek in muziekeducatie
Wanneer je een muziekleraar vraagt of hij zichzelf als ‘onderzoeker’
ziet, is het antwoord wellicht negatief. Het begrip ‘onderzoek’ wordt
doorgaans geassocieerd met wetenschap en met de academische
wereld, niet met de onderwijspraktijk. Bovendien hebben leraren
het al druk genoeg.
De laatste jaren is er steeds meer belangstelling voor de ‘leraar als
onderzoeker’. Het gaat dan onder meer over het toepassen van resultaten
van (wetenschappelijk) onderzoek, het reflecteren en ter
discussie stellen van het eigen functioneren, het zicht krijgen op en
bevragen van de eigen beroepsopvattingen, maar ook het uitvoeren
van eigen praktijkonderzoek.
Het uitgangspunt van dit boek is dat praktijkonderzoek niet vrijblijvend
is, maar aan de kern van een (volwaardig) professioneel leraarschap
raakt. Het reflecteren over de onderwijspraktijk en het
opzetten van eigen onderzoek zou vanzelfsprekend moeten zijn
voor een ‘volbloed’ muziekleraar. Het boek is een ‘ticket to ride’, een
‘kaartje’ voor een verkennende rit in het boeiende domein van praktijkonderzoek
in muziekeducatie, maar het kan ook een ‘gids’ zijn die
de lezer onder de arm kan houden bij het uitvoeren van eigen onderzoek.
Het wil een open en uitnodigende inspiratiegids of handreiking
zijn voor de leraar (in opleiding).
Adri de Vugt studeerde Schoolmuziek, Pedagogiek en Onderwijskunde.
Hij werkt aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag als
docent onderwijs- en muziekpedagogiek.
Tine Castelein studeerde Muziekpedagogie. Ze is doctoraatsassistent
aan LUCA School of Arts campus Lemmens in Leuven en leraar
in het deeltijds kunstonderwijs.
Thomas De Baets studeerde Muziekpedagogie. Hij is doctor in de
Kunsten en doceert aan LUCA School of Arts campus Lemmens in
Leuven, waar hij verantwoordelijk is voor de educatieve muziekopleidingen.
HistoriANT 5-2017. Jaarboek voor Antwerpse geschiedenis
Veel is er de laatste jaren te doen rond de heraanleg van de leien
en de vernieuwing van het Koninklijk Museum voor Schone
Kunsten van Antwerpen. In dit kader wordt in een eerste artikel
aandacht geschonken aan de opgravingen van belangrijke
onderdelen van de zestiende-eeuwse citadel, die gedurende
eeuwen het stadsbeeld van het zuiden van de stad domineerde.
In een tweede bijdrage wordt een vergeten bron voor de geschiedenis
van Antwerpen voor de schijnwerpers geworpen:
een manuscript dat nooit eerder gepubliceerd iconografisch
materiaal bevat.
Een mooi overzicht van de spectaculaire ontwikkeling van de
Antwerpse pers gedurende de negentiende eeuw wordt in een
volgende bijdrage beschreven.
In een vierde artikel wordt uitvoerig toegelicht dat Antwerpen
naar het einde van de negentiende eeuw de belangrijkste haven
was in Europa wat de invoer van graan en de handel ervan
betreft.
Een laatste bijdrage in het jaarboek beschrijft nauwkeurig hoe
de Antwerp Waterworks Cy Ltd, een Engelse maatschappij die als
eerste voor de waterbevoorrading van de stad Antwerpen en de
haven zorgde, tijdens de moeilijke jaren van de Eerste Wereldoorlog
haar taak opnam.
Kronieken over de werking van het Genootschap voor Antwerpse
Geschiedenis, van de Antwerpse erfgoedbibliotheken,
het onroerend erfgoed van de stad Antwerpen en de talrijke
Antwerpse musea ronden het jaarboek af.
HistoriANT 5-2017. Jaarboek voor Antwerpse geschiedenis
Veel is er de laatste jaren te doen rond de heraanleg van de leien
en de vernieuwing van het Koninklijk Museum voor Schone
Kunsten van Antwerpen. In dit kader wordt in een eerste artikel
aandacht geschonken aan de opgravingen van belangrijke
onderdelen van de zestiende-eeuwse citadel, die gedurende
eeuwen het stadsbeeld van het zuiden van de stad domineerde.
In een tweede bijdrage wordt een vergeten bron voor de geschiedenis
van Antwerpen voor de schijnwerpers geworpen:
een manuscript dat nooit eerder gepubliceerd iconografisch
materiaal bevat.
Een mooi overzicht van de spectaculaire ontwikkeling van de
Antwerpse pers gedurende de negentiende eeuw wordt in een
volgende bijdrage beschreven.
In een vierde artikel wordt uitvoerig toegelicht dat Antwerpen
naar het einde van de negentiende eeuw de belangrijkste haven
was in Europa wat de invoer van graan en de handel ervan
betreft.
Een laatste bijdrage in het jaarboek beschrijft nauwkeurig hoe
de Antwerp Waterworks Cy Ltd, een Engelse maatschappij die als
eerste voor de waterbevoorrading van de stad Antwerpen en de
haven zorgde, tijdens de moeilijke jaren van de Eerste Wereldoorlog
haar taak opnam.
Kronieken over de werking van het Genootschap voor Antwerpse
Geschiedenis, van de Antwerpse erfgoedbibliotheken,
het onroerend erfgoed van de stad Antwerpen en de talrijke
Antwerpse musea ronden het jaarboek af.
De integratief-holistische orthopedagogiek van Professor Eric Broekaert
Dit boek is opgedragen aan en belicht het levenswerk van prof. dr. Eric
Broekaert (1951-2016), die gedurende zijn hele loopbaan verbonden is
geweest aan de Vakgroep Orthopedagogiek van de Universiteit Gent.
Het is geen ‘klasssiek’ liber amicorum geworden, maar een boek waarin
een aantal belangrijke (in het Nederlands vertaalde) peer-reviewed artikelen
van de hand van prof. Broekaert werden verzameld. Deze teksten
geven een goed beeld van de achtergronden en evoluties in het denken
van prof. Broekaert met betrekking tot de theoretische orthopedagogiek
en meer specifiek met betrekking tot zijn integratief-holistische
benadering van de handelingsorthopedagogiek. Daarnaast leiden een
aantal hoofdstukken, geschreven door medewerkers van de Vakgroep
Orthopedagogiek en jarenlange collega’s van prof. Broekaert, het boek
in en uit.
Het boek is relevant voor iedereen die in orthopedagogische theorievorming
én ondersteuning is geïnteresseerd. Volgens de integratiefholistische
benadering van prof. Broekaert zijn deze twee elementen
(theorie en praktijk) immers delen van hetzelfde geheel.
De integratief-holistische orthopedagogiek van Professor Eric Broekaert
Dit boek is opgedragen aan en belicht het levenswerk van prof. dr. Eric
Broekaert (1951-2016), die gedurende zijn hele loopbaan verbonden is
geweest aan de Vakgroep Orthopedagogiek van de Universiteit Gent.
Het is geen ‘klasssiek’ liber amicorum geworden, maar een boek waarin
een aantal belangrijke (in het Nederlands vertaalde) peer-reviewed artikelen
van de hand van prof. Broekaert werden verzameld. Deze teksten
geven een goed beeld van de achtergronden en evoluties in het denken
van prof. Broekaert met betrekking tot de theoretische orthopedagogiek
en meer specifiek met betrekking tot zijn integratief-holistische
benadering van de handelingsorthopedagogiek. Daarnaast leiden een
aantal hoofdstukken, geschreven door medewerkers van de Vakgroep
Orthopedagogiek en jarenlange collega’s van prof. Broekaert, het boek
in en uit.
Het boek is relevant voor iedereen die in orthopedagogische theorievorming
én ondersteuning is geïnteresseerd. Volgens de integratiefholistische
benadering van prof. Broekaert zijn deze twee elementen
(theorie en praktijk) immers delen van hetzelfde geheel.
Wat als werken toch niet leuk was? Paradox van de positieve psychologie in HR
De positieve psychologie heeft zich in HR vertaald in een aantal trends zoals
talentontwikkeling, participatie, zelfsturende teams, het nieuwe werken en
werkbaar werk. Begrippen en theorieën waarbij werknemers het gevoel krijgen
dat werken altijd leuk moet zijn, dat het perfect kan aansluiten bij hun passie
en hobby, dat ze alleen nog zullen doen wat ze graag doen, zelf zullen bepalen
waar en wanneer ze het zullen doen en dat het in perfecte harmonie kan met
hun privéleven.
De realiteit is echter anders. En dan dreigt er gevaar. Als het enige wat we kennen
welbehagen is, dan wordt het bijzonder moeilijk om een onbehaaglijke
situatie te verdragen zoals we die onvermijdelijk zullen tegenkomen. Hiermee
komen we tot een dreigende paradox in de wereld van HR.
Het boek is aanvankelijk geen goednieuwsshow en een tegengewicht voor alle
recente HR-boeken en -theorieën die vooral gebaseerd zijn op de positieve
psychologie. Dit betekent niet dat we pessimistisch of conservatief moeten
worden. Twee begrippen die zich wellicht zullen opdringen bij het lezen van
dit boek en die vaak worden verward met realisme. Met dit boek wil de auteur
de boodschap brengen dat we meer realisme aan de dag moeten leggen wanneer
het gaat om het motiveren en ondersteunen van medewerkers, en dat we
voldoende kritisch moeten blijven ten opzichte van de stortvloed aan hypes.
Nicolas Desmet is coördinator van en HR-consultant bij EPO2 vzw. Hij versterkt sociale ondernemingen op het vlak van HR door middel van training, advies en ondersteuning. Zijn ervaring in HR start in de reguliere economie en gaat via de sociale economie naar de socialprofitsector, zowel in de rol van HR-verantwoordelijke in een organisatie als in de rol van HR-consultant.
Wat als werken toch niet leuk was? Paradox van de positieve psychologie in HR
De positieve psychologie heeft zich in HR vertaald in een aantal trends zoals
talentontwikkeling, participatie, zelfsturende teams, het nieuwe werken en
werkbaar werk. Begrippen en theorieën waarbij werknemers het gevoel krijgen
dat werken altijd leuk moet zijn, dat het perfect kan aansluiten bij hun passie
en hobby, dat ze alleen nog zullen doen wat ze graag doen, zelf zullen bepalen
waar en wanneer ze het zullen doen en dat het in perfecte harmonie kan met
hun privéleven.
De realiteit is echter anders. En dan dreigt er gevaar. Als het enige wat we kennen
welbehagen is, dan wordt het bijzonder moeilijk om een onbehaaglijke
situatie te verdragen zoals we die onvermijdelijk zullen tegenkomen. Hiermee
komen we tot een dreigende paradox in de wereld van HR.
Het boek is aanvankelijk geen goednieuwsshow en een tegengewicht voor alle
recente HR-boeken en -theorieën die vooral gebaseerd zijn op de positieve
psychologie. Dit betekent niet dat we pessimistisch of conservatief moeten
worden. Twee begrippen die zich wellicht zullen opdringen bij het lezen van
dit boek en die vaak worden verward met realisme. Met dit boek wil de auteur
de boodschap brengen dat we meer realisme aan de dag moeten leggen wanneer
het gaat om het motiveren en ondersteunen van medewerkers, en dat we
voldoende kritisch moeten blijven ten opzichte van de stortvloed aan hypes.
Nicolas Desmet is coördinator van en HR-consultant bij EPO2 vzw. Hij versterkt sociale ondernemingen op het vlak van HR door middel van training, advies en ondersteuning. Zijn ervaring in HR start in de reguliere economie en gaat via de sociale economie naar de socialprofitsector, zowel in de rol van HR-verantwoordelijke in een organisatie als in de rol van HR-consultant.
Kies voor hoop. Hoe spiritualiteit de economie kan veranderen.
Hoop is het hart van de economie. Droomt niet elke rechtgeaarde ondernemer
van een economie in dienst van een gelukkiger samenleving?
Maar hoe komt het dan dat business as usual deze geest van hoop
zo weinig uitstraalt? Waarom die kloof tussen economische rationaliteit
en het verlangen naar zin en toekomst?
Op deze vragen zoekt dit boek een antwoord en een oplossing. Het wil
de spirituele kracht van hoop en zingeving op het spoor komen op de
plaats zelf waar ze schijnbaar ontbreekt: in de wetten van de economie.
Dat ondernemen diepe spirituele wortels heeft, is een fascinerende ontdekking.
Luk Bouckaert is emeritus hoogleraar ethiek aan de KU Leuven. Van vorming is hij filosoof en economist. Met enkele collega’s startte hij in 1987 het interdisciplinaire Centrum voor Economie en Ethiek in Leuven. In 2000 stichtte hij het interlevensbeschouwelijke SPES-forum dat zich lokaal en internationaal inzet voor spirituele herbronning in economie en samenleving. Zijn vele publicaties situeren zich vooral op het terrein van bedrijfsethiek en spiritualiteit.
Kies voor hoop. Hoe spiritualiteit de economie kan veranderen.
Hoop is het hart van de economie. Droomt niet elke rechtgeaarde ondernemer
van een economie in dienst van een gelukkiger samenleving?
Maar hoe komt het dan dat business as usual deze geest van hoop
zo weinig uitstraalt? Waarom die kloof tussen economische rationaliteit
en het verlangen naar zin en toekomst?
Op deze vragen zoekt dit boek een antwoord en een oplossing. Het wil
de spirituele kracht van hoop en zingeving op het spoor komen op de
plaats zelf waar ze schijnbaar ontbreekt: in de wetten van de economie.
Dat ondernemen diepe spirituele wortels heeft, is een fascinerende ontdekking.
Luk Bouckaert is emeritus hoogleraar ethiek aan de KU Leuven. Van vorming is hij filosoof en economist. Met enkele collega’s startte hij in 1987 het interdisciplinaire Centrum voor Economie en Ethiek in Leuven. In 2000 stichtte hij het interlevensbeschouwelijke SPES-forum dat zich lokaal en internationaal inzet voor spirituele herbronning in economie en samenleving. Zijn vele publicaties situeren zich vooral op het terrein van bedrijfsethiek en spiritualiteit.
Orthopedagogische werkvelden in beweging. Recente evoluties en veranderingen in Vlaanderen (KOP-Serie,nr 33)
De structuren van de orthopedagogische zorg en ondersteuning voor kinderen
en jongeren in kwetsbare leefsituaties in Vlaanderen zijn ingrijpend
veranderd. Niet alleen hertekende de Integrale Jeugdhulp de toegang tot
en organisatie van het hulpverleningslandschap voor minderjarigen, ook
de afzonderlijke sectoren ondergingen een aantal grondige wijzigingen. De
sector Jongerenwelzijn, die tussenkomt in situaties van verontrusting, evolueerde
naar een meer vraaggerichte en modulair georganiseerde jeugdhulp.
Het M-decreet zorgde voor een ommekeer in het onderwijs aan kinderen en
jongeren met specifieke leerbehoeften, waardoor redelijke aanpassingen en
inclusie voortaan de norm zijn. De begeleiding en ondersteuning van personen
met een beperking vertrekt sinds kort vanuit de inschaling van zorgen
ondersteuningsbehoeften en persoonsvolgende financiering. Binnen de
geestelijke gezondheidszorg werden de Vlaamse bevoegdheden aanzienlijk
uitgebreid en staan de-institutionalisering en vermaatschappelijking van de
zorg centraal. De erkenning van het statuut van ‘klinisch orthopedagoog’ als
gezondheidsberoep opent tenslotte heel wat perspectieven voor (toekomstige)
orthopedagogen en een meer kwaliteitsvolle geestelijke gezondheidszorg.
Deze en andere evoluties binnen het orthopedagogische werkveld worden
in dit boek belicht, aan de hand van een overzicht van de historiek, huidige
zorgorganisatie en op til zijnde veranderingen in vier sectoren: jongerenwelzijn,
onderwijs voor leerlingen met specifieke leerbehoeften, zorg en
ondersteuning voor personen met een beperking en de geestelijke gezondheidszorg.
Hierbij worden de belangrijkste gemeenschappelijke tendensen
en sectoroverschrijdende evoluties beschreven, zoals de Integrale Jeugdhulp
en erkenning van de ‘klinisch orthopedagoog’, die het uitzicht van het orthopedagogisch
werkveld in de toekomst zullen bepalen.
Wouter Vanderplasschen is hoofddocent Orthopedagogiek aan de Universiteit Gent (UGent). Stijn Vandevelde en Sarah De Pauw zijn als docent verbonden aan dezelfde vakgroep, waar Lore Van Damme als postdoctoraal onderzoeker werkt. Claudia Claes is gastprofessor bij de vakgroep Orthopedagogiek van de UGent en decaan van de Faculteit Mens en Welzijn van de Hogeschool Gent (HoGent).
Orthopedagogische werkvelden in beweging. Recente evoluties en veranderingen in Vlaanderen (KOP-Serie,nr 33)
De structuren van de orthopedagogische zorg en ondersteuning voor kinderen
en jongeren in kwetsbare leefsituaties in Vlaanderen zijn ingrijpend
veranderd. Niet alleen hertekende de Integrale Jeugdhulp de toegang tot
en organisatie van het hulpverleningslandschap voor minderjarigen, ook
de afzonderlijke sectoren ondergingen een aantal grondige wijzigingen. De
sector Jongerenwelzijn, die tussenkomt in situaties van verontrusting, evolueerde
naar een meer vraaggerichte en modulair georganiseerde jeugdhulp.
Het M-decreet zorgde voor een ommekeer in het onderwijs aan kinderen en
jongeren met specifieke leerbehoeften, waardoor redelijke aanpassingen en
inclusie voortaan de norm zijn. De begeleiding en ondersteuning van personen
met een beperking vertrekt sinds kort vanuit de inschaling van zorgen
ondersteuningsbehoeften en persoonsvolgende financiering. Binnen de
geestelijke gezondheidszorg werden de Vlaamse bevoegdheden aanzienlijk
uitgebreid en staan de-institutionalisering en vermaatschappelijking van de
zorg centraal. De erkenning van het statuut van ‘klinisch orthopedagoog’ als
gezondheidsberoep opent tenslotte heel wat perspectieven voor (toekomstige)
orthopedagogen en een meer kwaliteitsvolle geestelijke gezondheidszorg.
Deze en andere evoluties binnen het orthopedagogische werkveld worden
in dit boek belicht, aan de hand van een overzicht van de historiek, huidige
zorgorganisatie en op til zijnde veranderingen in vier sectoren: jongerenwelzijn,
onderwijs voor leerlingen met specifieke leerbehoeften, zorg en
ondersteuning voor personen met een beperking en de geestelijke gezondheidszorg.
Hierbij worden de belangrijkste gemeenschappelijke tendensen
en sectoroverschrijdende evoluties beschreven, zoals de Integrale Jeugdhulp
en erkenning van de ‘klinisch orthopedagoog’, die het uitzicht van het orthopedagogisch
werkveld in de toekomst zullen bepalen.
Wouter Vanderplasschen is hoofddocent Orthopedagogiek aan de Universiteit Gent (UGent). Stijn Vandevelde en Sarah De Pauw zijn als docent verbonden aan dezelfde vakgroep, waar Lore Van Damme als postdoctoraal onderzoeker werkt. Claudia Claes is gastprofessor bij de vakgroep Orthopedagogiek van de UGent en decaan van de Faculteit Mens en Welzijn van de Hogeschool Gent (HoGent).
Het verhaal van Thomas. Lees-en werkboek voor echtscheidingskinderen,ouders en begeleiders
Als ouders uit elkaar gaan, is dat voor kinderen een ingrijpend gebeuren
dat ze moeten verwerken. Allerlei gedachten en gevoelens steken
de kop op. Ook een loyaliteitsconflict kan optreden. Ieder kind zal de
echtscheiding van zijn ouders op zijn eigen manier verwerken.
Thomas, een jongen van 11 jaar, vertelt in zijn Dagboek hoe hij omgaat
met de scheiding van zijn ouders. Hij schrijft over de ruzies van zijn
ouders, de echtscheiding zelf en het nieuw samengesteld gezin van zijn
moeder.
Dit boek is bedoeld voor ouders, begeleiders, leraars en andere opvoeders,
maar ook voor de kinderen zelf. Het is zowel een leesboek als een
werkboek. Volwassenen kunnen het samen met de kinderen lezen. De
vragen in het boek zijn een leidraad om met kinderen over de echtscheiding
van hun ouders te praten.
Echtscheidingskinderen zullen ongetwijfeld heel wat van hun eigen
ervaringen herkennen in het verhaal van Thomas. Zo leren zij om hun
gedachten en gevoelens onder woorden te brengen. Dat helpt hen om
de scheiding van hun ouders te verwerken. Ouders, leraars en andere
begeleiders leren de belevingswereld van echtscheidingskinderen kennen
en begrijpen. Dat helpt hen om de kinderen beter te begeleiden.
Ludo Driesen is klinisch kinder- en jeugdpsycholoog en gedragstherapeut. Hij werkte ruim 38 jaar in het Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / litp Campus Noord-Limburg in Overpelt. Hij publiceerde eerder bij Garant diverse boeken omtrent psychologische problemen bij kinderen en adolescenten.
Het verhaal van Thomas. Lees-en werkboek voor echtscheidingskinderen,ouders en begeleiders
Als ouders uit elkaar gaan, is dat voor kinderen een ingrijpend gebeuren
dat ze moeten verwerken. Allerlei gedachten en gevoelens steken
de kop op. Ook een loyaliteitsconflict kan optreden. Ieder kind zal de
echtscheiding van zijn ouders op zijn eigen manier verwerken.
Thomas, een jongen van 11 jaar, vertelt in zijn Dagboek hoe hij omgaat
met de scheiding van zijn ouders. Hij schrijft over de ruzies van zijn
ouders, de echtscheiding zelf en het nieuw samengesteld gezin van zijn
moeder.
Dit boek is bedoeld voor ouders, begeleiders, leraars en andere opvoeders,
maar ook voor de kinderen zelf. Het is zowel een leesboek als een
werkboek. Volwassenen kunnen het samen met de kinderen lezen. De
vragen in het boek zijn een leidraad om met kinderen over de echtscheiding
van hun ouders te praten.
Echtscheidingskinderen zullen ongetwijfeld heel wat van hun eigen
ervaringen herkennen in het verhaal van Thomas. Zo leren zij om hun
gedachten en gevoelens onder woorden te brengen. Dat helpt hen om
de scheiding van hun ouders te verwerken. Ouders, leraars en andere
begeleiders leren de belevingswereld van echtscheidingskinderen kennen
en begrijpen. Dat helpt hen om de kinderen beter te begeleiden.
Ludo Driesen is klinisch kinder- en jeugdpsycholoog en gedragstherapeut. Hij werkte ruim 38 jaar in het Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / litp Campus Noord-Limburg in Overpelt. Hij publiceerde eerder bij Garant diverse boeken omtrent psychologische problemen bij kinderen en adolescenten.
Beginselen van samenleven. Handboek ethiek en rechtsfilosofie.
Iedereen heeft het wel eens over vrijheid, gelijkheid, waardigheid
of legitimiteit. Zeker in discussies over politiek, ethiek en recht
zijn dit terugkomende begrippen. Maar wat betekenen ze precies?
En welk gewicht hebben ze in een debat? Aan de hand van actuele
controverses onderscheiden de auteurs de voornaamste inhouden die
deze beginselen krijgen, en lichten ze deze kritisch door.
De lezer maakt kennis met ‘bronnengelijkheid’ in de discussie rond
herverdeling van welvaart, met ‘nationaal medeburgerschap’ in het
dispuut rond multiculturele problemen en met ‘het recht op een open
toekomst’ in het debat over hoe ver ouders hun eigen kinderen mogen
kneden naar hun eigen denkbeelden.
Bovendien reiken de auteurs een techniek aan die toelaat om
zorgvuldig te redeneren met deze beginselen. Ten slotte worden
toepassingen gegeven op rechtsfilosofische vraagstukken. Waar haalt
een overheid bijvoorbeeld het recht om te straffen of om van een
minderheid gehoorzaamheid te vragen?
Dit boek is ideaal voor wie zoekt naar een grondige kennis van allerlei
beginselen die ons politiek, ethisch en juridisch denken beïnvloeden,
maar zelden worden uiteengezet.
Jan Verplaetse (1969) is moraalfilosoof en hoofddocent aan de
Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent. Hij is de
auteur van For the sake of argument (2006), Het morele brein (2006),
Het morele instinct (2008) en Zonder vrije wil (2011).
Charles Delmotte (1985) studeerde filosofie en rechten aan
Universiteit Gent. Hij is assistent en doctoraal onderzoeker aan de
Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent, en daarnaast
advocaat aan de balie van Kortrijk.
Beginselen van samenleven. Handboek ethiek en rechtsfilosofie.
Iedereen heeft het wel eens over vrijheid, gelijkheid, waardigheid
of legitimiteit. Zeker in discussies over politiek, ethiek en recht
zijn dit terugkomende begrippen. Maar wat betekenen ze precies?
En welk gewicht hebben ze in een debat? Aan de hand van actuele
controverses onderscheiden de auteurs de voornaamste inhouden die
deze beginselen krijgen, en lichten ze deze kritisch door.
De lezer maakt kennis met ‘bronnengelijkheid’ in de discussie rond
herverdeling van welvaart, met ‘nationaal medeburgerschap’ in het
dispuut rond multiculturele problemen en met ‘het recht op een open
toekomst’ in het debat over hoe ver ouders hun eigen kinderen mogen
kneden naar hun eigen denkbeelden.
Bovendien reiken de auteurs een techniek aan die toelaat om
zorgvuldig te redeneren met deze beginselen. Ten slotte worden
toepassingen gegeven op rechtsfilosofische vraagstukken. Waar haalt
een overheid bijvoorbeeld het recht om te straffen of om van een
minderheid gehoorzaamheid te vragen?
Dit boek is ideaal voor wie zoekt naar een grondige kennis van allerlei
beginselen die ons politiek, ethisch en juridisch denken beïnvloeden,
maar zelden worden uiteengezet.
Jan Verplaetse (1969) is moraalfilosoof en hoofddocent aan de
Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent. Hij is de
auteur van For the sake of argument (2006), Het morele brein (2006),
Het morele instinct (2008) en Zonder vrije wil (2011).
Charles Delmotte (1985) studeerde filosofie en rechten aan
Universiteit Gent. Hij is assistent en doctoraal onderzoeker aan de
Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent, en daarnaast
advocaat aan de balie van Kortrijk.
Logicaboek. Praktijk en theorie van het redeneren.Achtste, gewijzigde druk
Dat iedereen in staat zou zijn correct te redeneren is een mythe. Zelfs gestudeerden
kunnen dikwijls niet precies zeggen waar eenvoudig klinkende Nederlandse zinnen op
neerkomen. In onze cultuur bestaat overigens een sterke tendens om meer te beweren
dan aan te tonen.
Dit is een boek voor al wie belang stelt in de logica. Het vereist geen voorkennis. Het
is bruikbaar als praktische en ook als theoretische inleiding. Het behandelt niet alleen
de klassieke logica maar geeft ook een kijk op de veelheid van alternatieven. Met betrekking
tot praktisch redeneren wordt een eenvoudig systeem uitgewerkt, waarvan
de (relevante) implicatie bruikbaar is om Nederlandse zinnen te verwerken. De auteur
gaat moeilijke punten niet uit de weg en kiest onbevangen stelling. Logica wordt hier
niet behandeld als een afgewerkt en dus dood geheel van technieken, maar als een
dynamische discipline die volop in ontwikkeling is.
De pedagogische ervaring van de auteur komt vooral op twee punten tot uiting. Ten
eerste wordt niet alleen getoond wat een correcte redenering is, maar wordt de lezer
stap voor stap geleerd hoe ze op te bouwen. In dit opzicht is het boek uniek. Ten tweede
worden de moeilijkste punten uit de metatheorie van hun abstractheid ontdaan door
soms plastische vergelijkingen.
Voor de lezer die `persoonlijke’ begeleiding wil, zijn bijgaande programma’s beschikbaar
via het internet.
De online oefeningen zijn volledig open en te vinden op:
logicaboek.ugent.be
Wie wil dat de resultaten worden bijgehouden, moet wel even registreren.
Diderik Batens heeft lesgegeven aan de University of Pittsburgh, het Limburgs Universitair Centrum en de Vrije Universiteit Brussel. Hij was gewoon hoogleraar en directeur van het Centrum voor Logica en Wetenschapsfilosofie aan de Universiteit Gent. Sinds zijn emeritaat is hij actief als onderzoeker en voordrachtgever.
Logicaboek. Praktijk en theorie van het redeneren.Achtste, gewijzigde druk
Dat iedereen in staat zou zijn correct te redeneren is een mythe. Zelfs gestudeerden
kunnen dikwijls niet precies zeggen waar eenvoudig klinkende Nederlandse zinnen op
neerkomen. In onze cultuur bestaat overigens een sterke tendens om meer te beweren
dan aan te tonen.
Dit is een boek voor al wie belang stelt in de logica. Het vereist geen voorkennis. Het
is bruikbaar als praktische en ook als theoretische inleiding. Het behandelt niet alleen
de klassieke logica maar geeft ook een kijk op de veelheid van alternatieven. Met betrekking
tot praktisch redeneren wordt een eenvoudig systeem uitgewerkt, waarvan
de (relevante) implicatie bruikbaar is om Nederlandse zinnen te verwerken. De auteur
gaat moeilijke punten niet uit de weg en kiest onbevangen stelling. Logica wordt hier
niet behandeld als een afgewerkt en dus dood geheel van technieken, maar als een
dynamische discipline die volop in ontwikkeling is.
De pedagogische ervaring van de auteur komt vooral op twee punten tot uiting. Ten
eerste wordt niet alleen getoond wat een correcte redenering is, maar wordt de lezer
stap voor stap geleerd hoe ze op te bouwen. In dit opzicht is het boek uniek. Ten tweede
worden de moeilijkste punten uit de metatheorie van hun abstractheid ontdaan door
soms plastische vergelijkingen.
Voor de lezer die `persoonlijke’ begeleiding wil, zijn bijgaande programma’s beschikbaar
via het internet.
De online oefeningen zijn volledig open en te vinden op:
logicaboek.ugent.be
Wie wil dat de resultaten worden bijgehouden, moet wel even registreren.
Diderik Batens heeft lesgegeven aan de University of Pittsburgh, het Limburgs Universitair Centrum en de Vrije Universiteit Brussel. Hij was gewoon hoogleraar en directeur van het Centrum voor Logica en Wetenschapsfilosofie aan de Universiteit Gent. Sinds zijn emeritaat is hij actief als onderzoeker en voordrachtgever.
Spirituele en grootstedelijke zachte trance
Zachte grootstedelijke religieuze trance. Op precieze plaatsen en
momenten, vaak tijdens de weekends, gaan mensen in Brussel op
zoek naar een vorm van zachte religieuze trance, of noem het zelfoverstijging,
geestesverruiming.
Het gaat onder meer om islamitische broederschapsbijeenkomsten
buiten de moskeeën. Het gaat ook om christelijk pentecostaalse en
evangelicaalse erediensten bij Roemeense Roma, Rwandees-Burundese
voormalige vluchtelingen, Braziliaanse migranten, Brusselse
Iraniërs. Het gaat ten slotte eveneens om enkele boeddhistische bijeenkomsten.
Alleen al bij deze publicatie zijn in totaal vele honderden mensen
betrokken, volwassenen, met de meest uiteenlopende achtergronden
en heel verschillende profielen. Wat hier ter sprake komt, is geen
marginaal fenomeen. Het lijkt er veeleer op dat grootstedelijkheid en
multiculturalisme, door een nostalgisch verlangen heen, een hunkering
naar persoonlijke groei en een authentieke zoektocht naar spiritualiteit,
tot dit soort bijeenkomsten leiden. De auteurs beschrijven
die gemeenschappen en hun bijeenkomsten. Ze zoeken er een verklaring
voor en illustreren hun verhalen met foto’s.
Deze publicatie kadert binnen een projectsubsidie van de Erfgoedcel
van de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel.
Johan Leman, antropoloog, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven en voorzitter van Foyer vzw – Multi-etnisch werk in Brussel. Ann Trappers, antropoloog, is stafmedewerker bij Foyer vzw. Foyer vzw, zie www.foyer.be .
Spirituele en grootstedelijke zachte trance
Zachte grootstedelijke religieuze trance. Op precieze plaatsen en
momenten, vaak tijdens de weekends, gaan mensen in Brussel op
zoek naar een vorm van zachte religieuze trance, of noem het zelfoverstijging,
geestesverruiming.
Het gaat onder meer om islamitische broederschapsbijeenkomsten
buiten de moskeeën. Het gaat ook om christelijk pentecostaalse en
evangelicaalse erediensten bij Roemeense Roma, Rwandees-Burundese
voormalige vluchtelingen, Braziliaanse migranten, Brusselse
Iraniërs. Het gaat ten slotte eveneens om enkele boeddhistische bijeenkomsten.
Alleen al bij deze publicatie zijn in totaal vele honderden mensen
betrokken, volwassenen, met de meest uiteenlopende achtergronden
en heel verschillende profielen. Wat hier ter sprake komt, is geen
marginaal fenomeen. Het lijkt er veeleer op dat grootstedelijkheid en
multiculturalisme, door een nostalgisch verlangen heen, een hunkering
naar persoonlijke groei en een authentieke zoektocht naar spiritualiteit,
tot dit soort bijeenkomsten leiden. De auteurs beschrijven
die gemeenschappen en hun bijeenkomsten. Ze zoeken er een verklaring
voor en illustreren hun verhalen met foto’s.
Deze publicatie kadert binnen een projectsubsidie van de Erfgoedcel
van de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel.
Johan Leman, antropoloog, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven en voorzitter van Foyer vzw – Multi-etnisch werk in Brussel. Ann Trappers, antropoloog, is stafmedewerker bij Foyer vzw. Foyer vzw, zie www.foyer.be .
Autisme of taalontwikkelingsstoornis?
Er zit een kind… Het luistert niet, is niet geconcentreerd. Hoe komt het
dat het niet oplet? Autisme of taalontwikkelingsstoornis? Dit boek vertelt
63 verhalen van herkenning. Over thuis en vrije tijd, en over school
en werk. Over kinderen van 3 tot 23 jaar. Alle verhalen worden ondersteund
door een illustratie en gaan vergezeld van een duidelijke uitleg
met praktische tips. Wie meer wil weten over het hoe en waarom, komt
met dit boek aan zijn trekken.
Dit boek is bestemd voor iedereen die op de een of andere manier te
maken heeft met autisme en/of een taalontwikkelingsstoornis. Bovendien
kan het boek als psycho-educatie gebruikt worden.
Bovendien is het uitstekend te gebruiken als leerboek bij handelingsgericht werken voor studie of werk. De 63 verhalen zijn dan te zien als zijnde 63 casussen met separaat tips en een verklaringsmodel.
Diënne Kamphuis, ambulant begeleider in het onderwijs, is specialist op het gebied van autisme en taalproblematieken. Ze is afgestudeerd aan onder andere de Gerrit Rietveld Academie (beeldend kunstenaar), VLVU (leraar economie) en Fontys-OSO (leraar speciaal onderwijs en master SEN).
Autisme of taalontwikkelingsstoornis?
Er zit een kind… Het luistert niet, is niet geconcentreerd. Hoe komt het
dat het niet oplet? Autisme of taalontwikkelingsstoornis? Dit boek vertelt
63 verhalen van herkenning. Over thuis en vrije tijd, en over school
en werk. Over kinderen van 3 tot 23 jaar. Alle verhalen worden ondersteund
door een illustratie en gaan vergezeld van een duidelijke uitleg
met praktische tips. Wie meer wil weten over het hoe en waarom, komt
met dit boek aan zijn trekken.
Dit boek is bestemd voor iedereen die op de een of andere manier te
maken heeft met autisme en/of een taalontwikkelingsstoornis. Bovendien
kan het boek als psycho-educatie gebruikt worden.
Bovendien is het uitstekend te gebruiken als leerboek bij handelingsgericht werken voor studie of werk. De 63 verhalen zijn dan te zien als zijnde 63 casussen met separaat tips en een verklaringsmodel.
Diënne Kamphuis, ambulant begeleider in het onderwijs, is specialist op het gebied van autisme en taalproblematieken. Ze is afgestudeerd aan onder andere de Gerrit Rietveld Academie (beeldend kunstenaar), VLVU (leraar economie) en Fontys-OSO (leraar speciaal onderwijs en master SEN).
Taalbeleid op school. Handboek Praktijk
Scholen dienen oog te hebben voor veranderingen in de samenleving en moeten
in staat zijn deze te vertalen naar hun onderwijs. Dit boek ondersteunt
scholen bij het aangaan van deze uitdaging en gaat in op de vraag hoe ze dit
in hun taalonderwijs kunnen vormgeven. Vele voorbeelden illustreren hoe
scholen en docenten een brug kunnen slaan tussen theorie en praktijk.
In de eerste hoofdstukken worden de achtergronden van taalbeleid belicht.
Vervolgens worden handvatten aangereikt waarmee schoolteams,
taalwerkgroepen, schoolbegeleiders en taalcoördinatoren direct aan de
slag kunnen op de eigen school. Er wordt aandacht besteed aan het schrijven
van een taalbeleidsplan en het uitwerken van verbetertrajecten. Uitgangspunt
is dat duurzame verbeteringen alleen tot stand kunnen komen
als het hele team zich betrokken voelt bij het veranderproces. Daarnaast
wordt er ingegaan op de mogelijkheden die het taalonderwijs biedt om
leerlingen te ondersteunen bij het ontwikkelen van de vaardigheden voor
de 21ste eeuw.
Dit boek is de uitkomst van een denkproces over taalonderwijs en een zoektocht
naar handvatten om kwaliteitsverhoging in de praktijk vorm te geven.
Paula Eversdijk heeft een brede ervaring binnen het onderwijs. Ze ontwerpt en verzorgt nascholingscursussen op het gebied van taal en zorgverbreding en begeleidt schoolteams bij het uitvoeren van verbetertrajecten. Daarbij maakt ze gebruik van de ervaring die ze heeft opgedaan als docent in het primair onderwijs.
Taalbeleid op school. Handboek Praktijk
Scholen dienen oog te hebben voor veranderingen in de samenleving en moeten
in staat zijn deze te vertalen naar hun onderwijs. Dit boek ondersteunt
scholen bij het aangaan van deze uitdaging en gaat in op de vraag hoe ze dit
in hun taalonderwijs kunnen vormgeven. Vele voorbeelden illustreren hoe
scholen en docenten een brug kunnen slaan tussen theorie en praktijk.
In de eerste hoofdstukken worden de achtergronden van taalbeleid belicht.
Vervolgens worden handvatten aangereikt waarmee schoolteams,
taalwerkgroepen, schoolbegeleiders en taalcoördinatoren direct aan de
slag kunnen op de eigen school. Er wordt aandacht besteed aan het schrijven
van een taalbeleidsplan en het uitwerken van verbetertrajecten. Uitgangspunt
is dat duurzame verbeteringen alleen tot stand kunnen komen
als het hele team zich betrokken voelt bij het veranderproces. Daarnaast
wordt er ingegaan op de mogelijkheden die het taalonderwijs biedt om
leerlingen te ondersteunen bij het ontwikkelen van de vaardigheden voor
de 21ste eeuw.
Dit boek is de uitkomst van een denkproces over taalonderwijs en een zoektocht
naar handvatten om kwaliteitsverhoging in de praktijk vorm te geven.
Paula Eversdijk heeft een brede ervaring binnen het onderwijs. Ze ontwerpt en verzorgt nascholingscursussen op het gebied van taal en zorgverbreding en begeleidt schoolteams bij het uitvoeren van verbetertrajecten. Daarbij maakt ze gebruik van de ervaring die ze heeft opgedaan als docent in het primair onderwijs.
Wat bij gewrichtsklachten? Artrose,reuma,fibromyalgie,…
Bewegen is belangrijk voor de algemene conditie, de bloeddruk, tegen diabetes
en overgewicht ook voor de gewrichten. Artrose, reuma, fibromyalgie en
osteoporose maar ook peesletsels zijn aandoeningen die voornamelijk in
en rond de gewrichten voorkomen. Wat te doen bij gewrichtspijn: rusten of
bewegen? Het antwoord is duidelijk: beweeg zoveel als mogelijk, binnen de
eigen grenzen. Na burn-out veroorzaken gewrichtsklachten, nek- en rugpijn de
meeste arbeidsongeschiktheid. Bewegen heeft een preventief effect.
Dit boek, met heel veel tips en oefeningen, is een handleiding hoe men moet
leren omgaan met die klachten.
Philippe Van der Wee is kine/fysiotherapeut en tevens manuele therapeut en acupuncturist. Reeds lang houdt hij lezingen met als onderwerp “Gewrichtsklachten, doe er wat aan”. Hij heeft een praktijk in Kontich en Antwerpen.
Wat bij gewrichtsklachten? Artrose,reuma,fibromyalgie,…
Bewegen is belangrijk voor de algemene conditie, de bloeddruk, tegen diabetes
en overgewicht ook voor de gewrichten. Artrose, reuma, fibromyalgie en
osteoporose maar ook peesletsels zijn aandoeningen die voornamelijk in
en rond de gewrichten voorkomen. Wat te doen bij gewrichtspijn: rusten of
bewegen? Het antwoord is duidelijk: beweeg zoveel als mogelijk, binnen de
eigen grenzen. Na burn-out veroorzaken gewrichtsklachten, nek- en rugpijn de
meeste arbeidsongeschiktheid. Bewegen heeft een preventief effect.
Dit boek, met heel veel tips en oefeningen, is een handleiding hoe men moet
leren omgaan met die klachten.
Philippe Van der Wee is kine/fysiotherapeut en tevens manuele therapeut en acupuncturist. Reeds lang houdt hij lezingen met als onderwerp “Gewrichtsklachten, doe er wat aan”. Hij heeft een praktijk in Kontich en Antwerpen.
Doelmatig handelen door pedagogen en psychologen – Discussies op het snijvlak van filosofie,wetenschap en professionele praktijk
Pedagogen en psychologen krijgen te maken met allerlei normatieve discussies.
Zo worden ze geacht om ‘evidence-based’ te werken en behoren ze te
waken voor overdiagnosticering (volgens sommigen bestaat er niet zoiets als
dyslexie en wordt ADHD vaak onterecht gediagnosticeerd). Ook krijgen ze
met steeds meer partijen te maken. Ze moeten niet alleen hun positie bepalen
tegenover de cliënt en eventueel de ouders, maar vaak ook tegenover oma die
oppast, de voetbalcoach die de jongere drie keer per week ziet, of de leidster
op het kinderdagverblijf. We leven immers in een ‘participatiesamenleving’.
Dit boek geeft de professional inzicht in deze en soortgelijke discussies en
helpt bij de standpuntbepaling. Het is bedoeld voor hbo- en wo-opleidingen
en voor reeds afgestudeerde pedagogen en psychologen. Het behandelt op
een toegankelijke manier diagnosedruk en doelmatig handelen; autonomie,
paternalisme en meerzijdige partijdigheid; evidence-based werken; en terugkerende
discussies in beleid en ethiek. In het eerste hoofdstuk worden vier
niveaus van professioneel denken en handelen besproken, die in de andere
hoofdstukken geregeld terugkeren. Dit alles wordt met veel aan de werkelijkheid
ontleende voorbeelden toegelicht, die verwerkt zijn in tekstblokken en
met vermelding van de bijbehorende internetlinks.
Dit boek helpt bij de vorming van een doelmatig handelende professional.
Agnes Tellings is onderzoeker-docent aan het Behavioural Science Institute en aan de afdeling Pedagogische Wetenschappen & Onderwijskunde van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Zij geeft colleges in de masteropleiding over de onderwerpen in dit boek, en publiceert daarnaast zowel over filosofischethische onderwerpen als over empirisch onderzoek naar woordenschatontwikkeling bij kinderen.
Doelmatig handelen door pedagogen en psychologen – Discussies op het snijvlak van filosofie,wetenschap en professionele praktijk
Pedagogen en psychologen krijgen te maken met allerlei normatieve discussies.
Zo worden ze geacht om ‘evidence-based’ te werken en behoren ze te
waken voor overdiagnosticering (volgens sommigen bestaat er niet zoiets als
dyslexie en wordt ADHD vaak onterecht gediagnosticeerd). Ook krijgen ze
met steeds meer partijen te maken. Ze moeten niet alleen hun positie bepalen
tegenover de cliënt en eventueel de ouders, maar vaak ook tegenover oma die
oppast, de voetbalcoach die de jongere drie keer per week ziet, of de leidster
op het kinderdagverblijf. We leven immers in een ‘participatiesamenleving’.
Dit boek geeft de professional inzicht in deze en soortgelijke discussies en
helpt bij de standpuntbepaling. Het is bedoeld voor hbo- en wo-opleidingen
en voor reeds afgestudeerde pedagogen en psychologen. Het behandelt op
een toegankelijke manier diagnosedruk en doelmatig handelen; autonomie,
paternalisme en meerzijdige partijdigheid; evidence-based werken; en terugkerende
discussies in beleid en ethiek. In het eerste hoofdstuk worden vier
niveaus van professioneel denken en handelen besproken, die in de andere
hoofdstukken geregeld terugkeren. Dit alles wordt met veel aan de werkelijkheid
ontleende voorbeelden toegelicht, die verwerkt zijn in tekstblokken en
met vermelding van de bijbehorende internetlinks.
Dit boek helpt bij de vorming van een doelmatig handelende professional.
Agnes Tellings is onderzoeker-docent aan het Behavioural Science Institute en aan de afdeling Pedagogische Wetenschappen & Onderwijskunde van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Zij geeft colleges in de masteropleiding over de onderwerpen in dit boek, en publiceert daarnaast zowel over filosofischethische onderwerpen als over empirisch onderzoek naar woordenschatontwikkeling bij kinderen.
Vertaalde verbeelding. Muzische inspiratie voor taalstimulering in de meertalige klas
Dit boek is een inspiratiebron om taal aan te leren met muzische werkvormen. Door in te zetten op de raakvlakken tussen taal, actief leren, beeld, muziek en drama zijn activerende werkvormen ontwikkeld waarin interactie en samenwerking tussen leerlingen centraal staan. Voor elk van deze domeinen is er een handleiding voorzien. De muzische workshops zijn gecreëerd binnen het onderzoeksproject taalCULTuur in een unieke samenwerking tussen de departementen Education, MAD School of Arts en Music van de Hogeschool PXL in Hasselt.
De auteurs zijn lector-onderzoeker aan de Hogeschool PXL in Hasselt.
Karen Reekmans geeft vakdidactiek vroeg vreemdetalenonderwijs
en meertaligheid aan de lerarenopleiding PXL-Education lager
en kleuteronderwijs. Verder begeleidt ze studenten die stage lopen
in het immersieonderwijs Nederlands in Luik en is ze verbonden
aan PXL-Research voor praktijkgericht onderzoek over schooltaal
Nederlands als tweede taal in meertalige klassen.
Catherine Roden geeft vakdidactiek wetenschappen en techniek
aan de lerarenopleiding PXL-Education lager onderwijs. Verder is
ze LEGO® Education Academy Certified Trainer.
Kris Nauwelaerts geeft illustratieve vormgeving aan de PXL-MAD
School of Arts. Hij behaalde in 2015 een doctoraat in de beeldende
kunsten met het proefschrift “Ik zie, ik zie wat jij niet ziet. Onderzoek
naar de relatie tussen prentenboeken en de ontwikkeling van
beeldende geletterdheid bij kinderen” en is illustrator van kinderboeken.
Verder is hij verbonden aan PXL-Research voor praktijkgericht
onderzoek over visuele kunsten.
Vertaalde verbeelding. Muzische inspiratie voor taalstimulering in de meertalige klas
Dit boek is een inspiratiebron om taal aan te leren met muzische werkvormen. Door in te zetten op de raakvlakken tussen taal, actief leren, beeld, muziek en drama zijn activerende werkvormen ontwikkeld waarin interactie en samenwerking tussen leerlingen centraal staan. Voor elk van deze domeinen is er een handleiding voorzien. De muzische workshops zijn gecreëerd binnen het onderzoeksproject taalCULTuur in een unieke samenwerking tussen de departementen Education, MAD School of Arts en Music van de Hogeschool PXL in Hasselt.
De auteurs zijn lector-onderzoeker aan de Hogeschool PXL in Hasselt.
Karen Reekmans geeft vakdidactiek vroeg vreemdetalenonderwijs
en meertaligheid aan de lerarenopleiding PXL-Education lager
en kleuteronderwijs. Verder begeleidt ze studenten die stage lopen
in het immersieonderwijs Nederlands in Luik en is ze verbonden
aan PXL-Research voor praktijkgericht onderzoek over schooltaal
Nederlands als tweede taal in meertalige klassen.
Catherine Roden geeft vakdidactiek wetenschappen en techniek
aan de lerarenopleiding PXL-Education lager onderwijs. Verder is
ze LEGO® Education Academy Certified Trainer.
Kris Nauwelaerts geeft illustratieve vormgeving aan de PXL-MAD
School of Arts. Hij behaalde in 2015 een doctoraat in de beeldende
kunsten met het proefschrift “Ik zie, ik zie wat jij niet ziet. Onderzoek
naar de relatie tussen prentenboeken en de ontwikkeling van
beeldende geletterdheid bij kinderen” en is illustrator van kinderboeken.
Verder is hij verbonden aan PXL-Research voor praktijkgericht
onderzoek over visuele kunsten.
Mijn hand in Uw hand: wie zal ons leiden? Fracarita-reeks.Nr 10
Spiritualiteit is in. Managers volgen spiritualiteitssessies
om zo beter gewapend te zijn tegen de stress die het
werk meebrengt. Er is niets tegen een uurtje yoga of een
mindfulness-sessie, maar ware spiritualiteit is van een andere
orde. Spiritualiteit wordt niet beoefend om er voordeel
uit te trekken, maar om als mens te groeien.
In dit boek staat de auteur stil bij wie een mens echt kan
zijn en hoe een mens de weg naar God kan vinden. Hij kijkt
naar leermeesters uit het Oude Testament en naar de wijze
waarop God in hun leven aanwezig was. De leermeester bij
uitstek is Jezus Christus, die zichzelf noemde: “Ik ben de
Weg, de Waarheid en het Leven” (Joh. 14, 6).
Iedere Godsontmoeting zal uitmonden in een vernieuwd op
weg gaan om in de wereld God aanwezig te brengen, om van
zijn liefde te getuigen, om zijn liefde te stralen, om zijn
boodschap uit te dragen. En dat steeds met mijn hand in
Zijn hand.
De auteur denkt na over hoe een spiritueel leven heel vruchtbaar
kan worden in de wereld. Spiritualiteit is immers geen
wegtrekken uit de wereld, maar zal steeds de mens opnieuw
op weg zetten om in de wereld iets van Gods droom te realiseren.
<p<Br. dr. René Stockman, generale overste van de Broeders van Liefde, is doctor in de maatschappelijke gezondheidszorg.
Mijn hand in Uw hand: wie zal ons leiden? Fracarita-reeks.Nr 10
Spiritualiteit is in. Managers volgen spiritualiteitssessies
om zo beter gewapend te zijn tegen de stress die het
werk meebrengt. Er is niets tegen een uurtje yoga of een
mindfulness-sessie, maar ware spiritualiteit is van een andere
orde. Spiritualiteit wordt niet beoefend om er voordeel
uit te trekken, maar om als mens te groeien.
In dit boek staat de auteur stil bij wie een mens echt kan
zijn en hoe een mens de weg naar God kan vinden. Hij kijkt
naar leermeesters uit het Oude Testament en naar de wijze
waarop God in hun leven aanwezig was. De leermeester bij
uitstek is Jezus Christus, die zichzelf noemde: “Ik ben de
Weg, de Waarheid en het Leven” (Joh. 14, 6).
Iedere Godsontmoeting zal uitmonden in een vernieuwd op
weg gaan om in de wereld God aanwezig te brengen, om van
zijn liefde te getuigen, om zijn liefde te stralen, om zijn
boodschap uit te dragen. En dat steeds met mijn hand in
Zijn hand.
De auteur denkt na over hoe een spiritueel leven heel vruchtbaar
kan worden in de wereld. Spiritualiteit is immers geen
wegtrekken uit de wereld, maar zal steeds de mens opnieuw
op weg zetten om in de wereld iets van Gods droom te realiseren.
<p<Br. dr. René Stockman, generale overste van de Broeders van Liefde, is doctor in de maatschappelijke gezondheidszorg.
Dwingende vrijheid. (Reeks: Psychoanalyse en Cultuur, nr 8)
Er wordt weleens gezegd dat we in een dwingende tijd leven, waar autoriteit zoek is. Na de dood van God en het einde van de Grote Verhalen zijn we meer dan ooit tot vrijheid veroordeeld. We kunnen ons dan bijvoorbeeld overgeleverd voelen aan allerlei tot consumptieartikel gereduceerde objecten die ons een vermeend genot zouden moeten verschaffen. Van de weeromstuit ontstaat hier en daar een roep naar meer law and order. Niet helemaal onterecht wordt er dan van uitgegaan dat alleen de/meer wet ons vrijheid kan geven. Sommigen permitteren zich zelfs de vrijheid om harder dan ooit de wet te stellen: of het nu de wet van het Proletariaat of van het Volk is (zoals communisme en fascisme dat een paar decennia geleden deden), of die van de Sharia (zoals het islamfundamentalisme dat vandaag maar al te driest denkt te moeten doen). Freud en zijn psychoanalyse zijn ondertussen in de prullenmand van de intellectuele goegemeente beland. Toch bevat zijn theorie heel wat elementen die klaarheid brengen in deze schijnbare paradox: waarom vrijheid dwingend kan zijn; waarom vrijheid, zeker waar ze zich van elke norm en wet bevrijd weet, deze vaak met nog hardere hand installeert. Tegen de heersende tijdsgeest in biedt deze bundel een forum aan stemmen die de eigengereide band tussen vrijheid en wet/dwang proberen te denken.
Mark Kinet en Trees Traversier zijn bestuursleden en Sjef Houppermans is voorzitter van de Belgisch-Nederlandse Stichting Psychoanalyse en Cultuur. www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Met bijdragen van Marc De Kesel, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Yves Petry, Daan Rutten, David Schrans, Jo Smet, Katrien Steenhoudt, Trees Traversier en Frank Vande Veire.
Dwingende vrijheid. (Reeks: Psychoanalyse en Cultuur, nr 8)
Er wordt weleens gezegd dat we in een dwingende tijd leven, waar autoriteit zoek is. Na de dood van God en het einde van de Grote Verhalen zijn we meer dan ooit tot vrijheid veroordeeld. We kunnen ons dan bijvoorbeeld overgeleverd voelen aan allerlei tot consumptieartikel gereduceerde objecten die ons een vermeend genot zouden moeten verschaffen. Van de weeromstuit ontstaat hier en daar een roep naar meer law and order. Niet helemaal onterecht wordt er dan van uitgegaan dat alleen de/meer wet ons vrijheid kan geven. Sommigen permitteren zich zelfs de vrijheid om harder dan ooit de wet te stellen: of het nu de wet van het Proletariaat of van het Volk is (zoals communisme en fascisme dat een paar decennia geleden deden), of die van de Sharia (zoals het islamfundamentalisme dat vandaag maar al te driest denkt te moeten doen). Freud en zijn psychoanalyse zijn ondertussen in de prullenmand van de intellectuele goegemeente beland. Toch bevat zijn theorie heel wat elementen die klaarheid brengen in deze schijnbare paradox: waarom vrijheid dwingend kan zijn; waarom vrijheid, zeker waar ze zich van elke norm en wet bevrijd weet, deze vaak met nog hardere hand installeert. Tegen de heersende tijdsgeest in biedt deze bundel een forum aan stemmen die de eigengereide band tussen vrijheid en wet/dwang proberen te denken.
Mark Kinet en Trees Traversier zijn bestuursleden en Sjef Houppermans is voorzitter van de Belgisch-Nederlandse Stichting Psychoanalyse en Cultuur. www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Met bijdragen van Marc De Kesel, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Yves Petry, Daan Rutten, David Schrans, Jo Smet, Katrien Steenhoudt, Trees Traversier en Frank Vande Veire.
Ierse meditaties. Naar een nieuw pantheïsme
In de zomer van 2000 maakte filosoof Ulrich Libbrecht een rondreis door Ierland.
Hij bezocht plaatsen die in de middeleeuwen brandpunten waren van intense spiritualiteit
en hoge cultuur. Die plaatsen waren boeiend, maar Skellig Michael trof
hem in het hart. Op dit rotsige uitsteeksel in de Atlantische Oceaan kreeg hij het
gevoel eindelijk thuis te komen. De wereldreiziger had zijn innerlijk landschap
gevonden. Deze Ierse meditaties zijn het verslag van zijn pelgrimstocht door het
groene eiland en naar de kern van zijn eigen wezen.
In het tweede deel ontwikkelt hij een nieuwe pantheïstische wereldvisie aan de
hand van Ierse denkers. Hij laat zich inspireren door grote middeleeuwers als Pelagius
en Eriugena. Dichter bij ons staan de verlichtingsfilosoof John Toland en de
wetenschapper John Tyndall.
Ierse meditaties neemt ons mee naar de verste uithoek van Europa en brengt ons
dichter bij onszelf.
Prof. em. dr. Ulrich Libbrecht (1928-2017) doceerde Chinese klassieke studies, Chinese filosofie en comparatieve filosofie aan de KU Leuven. Hij ontwikkelde een model voor comparatieve filosofie waarin hij wereldbeelden uit Oost en West vergelijkt en integreert. Hij schreef hierover tal van boeken en stichtte in Antwerpen en Utrecht een School voor Comparatieve Filosofie. Hij overleed kort na de voltooiing van dit boek.
Ierse meditaties. Naar een nieuw pantheïsme
In de zomer van 2000 maakte filosoof Ulrich Libbrecht een rondreis door Ierland.
Hij bezocht plaatsen die in de middeleeuwen brandpunten waren van intense spiritualiteit
en hoge cultuur. Die plaatsen waren boeiend, maar Skellig Michael trof
hem in het hart. Op dit rotsige uitsteeksel in de Atlantische Oceaan kreeg hij het
gevoel eindelijk thuis te komen. De wereldreiziger had zijn innerlijk landschap
gevonden. Deze Ierse meditaties zijn het verslag van zijn pelgrimstocht door het
groene eiland en naar de kern van zijn eigen wezen.
In het tweede deel ontwikkelt hij een nieuwe pantheïstische wereldvisie aan de
hand van Ierse denkers. Hij laat zich inspireren door grote middeleeuwers als Pelagius
en Eriugena. Dichter bij ons staan de verlichtingsfilosoof John Toland en de
wetenschapper John Tyndall.
Ierse meditaties neemt ons mee naar de verste uithoek van Europa en brengt ons
dichter bij onszelf.
Prof. em. dr. Ulrich Libbrecht (1928-2017) doceerde Chinese klassieke studies, Chinese filosofie en comparatieve filosofie aan de KU Leuven. Hij ontwikkelde een model voor comparatieve filosofie waarin hij wereldbeelden uit Oost en West vergelijkt en integreert. Hij schreef hierover tal van boeken en stichtte in Antwerpen en Utrecht een School voor Comparatieve Filosofie. Hij overleed kort na de voltooiing van dit boek.
Geloof alleen! Protestanten in België: een verhaal van 500 jaar
In 2017 zal het 500 jaar geleden zijn dat de protestantse kerkhervorming
begon. Deze reformatie veranderde het aanzien van
het christendom in veel Europese landen volledig. Maar weinigen
weten dat het huidige België van meet af aan nauw bij deze
godsdienstige omwenteling betrokken was. In het buitenland beroemde
namen als Guido de Brès, Jacob de Keirsmaeker en Petrus
Dathenus zijn hier nauwelijks bekend. Dit boek beschrijft in grote
lijnen de geschiedenis van het protestantisme en de protestantse
kerken in België. Het schetst de samenhang tussen verschillende
gebeurtenissen en ontwikkelingen in België, maar waar relevant
ook daarbuiten, van het begin in de zestiende eeuw tot in onze
tijd. Ook het gedachtegoed van de protestantse kerken komt aan
bod, zowel op theologisch als kerkelijk-praktisch en persoonlijk
gebied. Hierbij zijn steeds zoveel mogelijk vertegenwoordigers
van protestantse kerken uit België zelf aan het woord gelaten.
De titel verwijst naar een bekende slagzin van de reformatie:
naast het Sola scriptura, alleen door de Schrift, en het Sola gratia,
alleen door genade, is er het Sola fide, alleen door geloof. Samen
vormen ze de basisovertuiging van protestanten in al hun
verscheidenheid: God kennen wij alleen door de Schrift, niet door
menselijke traditie of filosofie, met God verbonden zijn is alleen
mogelijk door de genade die Hij ons in Christus geschonken heeft,
niet door enige vorm van menselijke verdienste, en deze genade
ontvangen wij alleen door geloof, door het vertrouwen in Christus
alleen. Het boek wil bijdragen tot meer begrip voor de waarde
die dit vertrouwen heeft in het leven van velen. Bovendien biedt
het een waardevolle oriëntatie voor iedereen die kennis wil maken
met het protestantisme in België.
Gottlieb Blokland is voorzitter van het Instituut voor Bijbelse Vorming in Leuven, inspecteur-adviseur protestants-evangelische godsdienst bij het Vlaams Ministerie van Onderwijs en voorganger in de protestants-evangelische Bethelkerk in Schaarbeek.
Geloof alleen! Protestanten in België: een verhaal van 500 jaar
In 2017 zal het 500 jaar geleden zijn dat de protestantse kerkhervorming
begon. Deze reformatie veranderde het aanzien van
het christendom in veel Europese landen volledig. Maar weinigen
weten dat het huidige België van meet af aan nauw bij deze
godsdienstige omwenteling betrokken was. In het buitenland beroemde
namen als Guido de Brès, Jacob de Keirsmaeker en Petrus
Dathenus zijn hier nauwelijks bekend. Dit boek beschrijft in grote
lijnen de geschiedenis van het protestantisme en de protestantse
kerken in België. Het schetst de samenhang tussen verschillende
gebeurtenissen en ontwikkelingen in België, maar waar relevant
ook daarbuiten, van het begin in de zestiende eeuw tot in onze
tijd. Ook het gedachtegoed van de protestantse kerken komt aan
bod, zowel op theologisch als kerkelijk-praktisch en persoonlijk
gebied. Hierbij zijn steeds zoveel mogelijk vertegenwoordigers
van protestantse kerken uit België zelf aan het woord gelaten.
De titel verwijst naar een bekende slagzin van de reformatie:
naast het Sola scriptura, alleen door de Schrift, en het Sola gratia,
alleen door genade, is er het Sola fide, alleen door geloof. Samen
vormen ze de basisovertuiging van protestanten in al hun
verscheidenheid: God kennen wij alleen door de Schrift, niet door
menselijke traditie of filosofie, met God verbonden zijn is alleen
mogelijk door de genade die Hij ons in Christus geschonken heeft,
niet door enige vorm van menselijke verdienste, en deze genade
ontvangen wij alleen door geloof, door het vertrouwen in Christus
alleen. Het boek wil bijdragen tot meer begrip voor de waarde
die dit vertrouwen heeft in het leven van velen. Bovendien biedt
het een waardevolle oriëntatie voor iedereen die kennis wil maken
met het protestantisme in België.
Gottlieb Blokland is voorzitter van het Instituut voor Bijbelse Vorming in Leuven, inspecteur-adviseur protestants-evangelische godsdienst bij het Vlaams Ministerie van Onderwijs en voorganger in de protestants-evangelische Bethelkerk in Schaarbeek.
Zelfreflectie in het hoger onderwijs
In de 21ste eeuw moeten beroepsbeoefenaars in staat zijn om hun hele leven lang
na te denken over zichzelf en kritisch en zelfsturend te zijn in hun eigen leerproces.
Door te reflecteren op het eigen leren tijdens de opleiding zouden studenten
tevens meer gemotiveerd worden voor hun eigen leerproces en persoonlijke
ontwikkeling. En door te reflecteren op de eigen persoonlijkheid en kwaliteiten
zouden studenten hun eigen motieven en ambities beter begrijpen en daardoor
betere studiekeuzes maken met minder studie-uitval als gevolg. In de praktijk
worden deze doelen echter (nog) niet behaald. Uit verschillende onderzoeken
blijkt dat studenten een hekel hebben aan reflecteren. Onderwijsactiviteiten
die geassocieerd worden met reflecteren, worden door de meeste studenten
(en docenten) niet serieus genomen, maar ervaren als een verplicht nummer.
Er lijkt sprake van ‘reflectiemoeheid’ en van tegenvallende opbrengsten. Veel
docenten worstelen met de vraag wanneer er sprake is van kwalitatief goede
reflectie en wat de kwaliteit van reflectie bepaalt. Wanneer kan men zeggen
dat een student beter heeft gereflecteerd dan een ander? Studenten, op hun
beurt, weten niet goed wat reflecteren precies inhoudt, terwijl hun docenten er
als vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze al kunnen reflecteren of het wel zullen
leren door het gewoon (zelfstandig) te doen.
In dit boek behandelen de auteurs, allen docenten en/of onderzoekers,
de weerbarstige problematiek van (zelf)reflectie in het onderwijs. Er zijn
theoretische hoofdstukken rond de vraag ‘Wat is reflectie?’, hoofdstukken
waarin
verslag wordt gedaan van onderzoek naar reflectie en hoofdstukken
waarin creatieve alternatieven worden aangedragen voor de gangbare
reflectiepraktijken. Ten slotte zijn er hoofdstukken waarin wordt gereflecteerd
over reflectie. Kunnen docenten het? Is reflectie gevaarlijk? En zijn de nog
onvolgroeide hersenen van studenten in staat tot reflectie?
Frans Meijers was lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse
Hogeschool. Hij is directeur van Meijers Onderzoek & Advies, symposium coeditor
van de British Journal of Guidance and Counselling en voorzitter van de
Dialogical Self Academy. Hij is gespecialiseerd in onderzoek, ontwikkeling en
training op het gebied van loopbaanleren en identiteitsontwikkeling.
Kariene Mittendorff is associate lector Studieloopbaanbegeleiding bij
hogeschool Saxion. Ze is gepromoveerd op de kwaliteit van loopbaanbegeleiding
en in het bijzonder loopbaangesprekken. Ze is projectleider van verschillende
onderzoeken op het gebied van studieloopbaanbegeleiding, studiesucces, de
studiekeuzecheck en de kwaliteit van reflectie.
Zelfreflectie in het hoger onderwijs
In de 21ste eeuw moeten beroepsbeoefenaars in staat zijn om hun hele leven lang
na te denken over zichzelf en kritisch en zelfsturend te zijn in hun eigen leerproces.
Door te reflecteren op het eigen leren tijdens de opleiding zouden studenten
tevens meer gemotiveerd worden voor hun eigen leerproces en persoonlijke
ontwikkeling. En door te reflecteren op de eigen persoonlijkheid en kwaliteiten
zouden studenten hun eigen motieven en ambities beter begrijpen en daardoor
betere studiekeuzes maken met minder studie-uitval als gevolg. In de praktijk
worden deze doelen echter (nog) niet behaald. Uit verschillende onderzoeken
blijkt dat studenten een hekel hebben aan reflecteren. Onderwijsactiviteiten
die geassocieerd worden met reflecteren, worden door de meeste studenten
(en docenten) niet serieus genomen, maar ervaren als een verplicht nummer.
Er lijkt sprake van ‘reflectiemoeheid’ en van tegenvallende opbrengsten. Veel
docenten worstelen met de vraag wanneer er sprake is van kwalitatief goede
reflectie en wat de kwaliteit van reflectie bepaalt. Wanneer kan men zeggen
dat een student beter heeft gereflecteerd dan een ander? Studenten, op hun
beurt, weten niet goed wat reflecteren precies inhoudt, terwijl hun docenten er
als vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze al kunnen reflecteren of het wel zullen
leren door het gewoon (zelfstandig) te doen.
In dit boek behandelen de auteurs, allen docenten en/of onderzoekers,
de weerbarstige problematiek van (zelf)reflectie in het onderwijs. Er zijn
theoretische hoofdstukken rond de vraag ‘Wat is reflectie?’, hoofdstukken
waarin
verslag wordt gedaan van onderzoek naar reflectie en hoofdstukken
waarin creatieve alternatieven worden aangedragen voor de gangbare
reflectiepraktijken. Ten slotte zijn er hoofdstukken waarin wordt gereflecteerd
over reflectie. Kunnen docenten het? Is reflectie gevaarlijk? En zijn de nog
onvolgroeide hersenen van studenten in staat tot reflectie?
Frans Meijers was lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse
Hogeschool. Hij is directeur van Meijers Onderzoek & Advies, symposium coeditor
van de British Journal of Guidance and Counselling en voorzitter van de
Dialogical Self Academy. Hij is gespecialiseerd in onderzoek, ontwikkeling en
training op het gebied van loopbaanleren en identiteitsontwikkeling.
Kariene Mittendorff is associate lector Studieloopbaanbegeleiding bij
hogeschool Saxion. Ze is gepromoveerd op de kwaliteit van loopbaanbegeleiding
en in het bijzonder loopbaangesprekken. Ze is projectleider van verschillende
onderzoeken op het gebied van studieloopbaanbegeleiding, studiesucces, de
studiekeuzecheck en de kwaliteit van reflectie.
Het epos van diabetes type 1 in Belgie. (Cahiers GGG-Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr.8)
Dit boek vertelt de hele geschiedenis van de diabetis type 1. In 2017 bestaan de twee Belgische Diabetesverenigingen 75 jaar. Zij ontstonden in het midden van de tweede wereldoorlog. Enkele artsen en ouders van kinderen met type 1 diabetes wilden de aanvoer van de levensnoodzakelijke insuline en voldoende voeding garanderen. Na de oorlog verplaatste de activiteit zich naar het optimaal behandelen van diabetes als de beste preventie voor complicaties en het oplossen van medico-sociale problemen. Nu steunen zij alle initiatieven om potentiële diabetici op te sporen en de ziekte te voorkomen. Voor erkende patiënten wordt het gebruik van de mini artificiële pancreas aangeraden en de transplantatie van nieuwe ßcellen gestimuleerd.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Pierre Lefèbvre, Raoul Rottiers en Ivo De Leeuw zijn emeriti hoogleraren endocrinologie-diabetologie die vanaf de jaren 60 de hele evolutie van de aanpak van diabetes actief hebben meegemaakt, de internationale verworvenheden in eigen land hebben verspreid en de eigen research in binnen- en buitenland hebben vertaald naar toepasbare realiteit. Alle drie zijn zij erevoorzitter van hun respectieve diabetesverenigingen.
Het epos van diabetes type 1 in Belgie. (Cahiers GGG-Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr.8)
Dit boek vertelt de hele geschiedenis van de diabetis type 1. In 2017 bestaan de twee Belgische Diabetesverenigingen 75 jaar. Zij ontstonden in het midden van de tweede wereldoorlog. Enkele artsen en ouders van kinderen met type 1 diabetes wilden de aanvoer van de levensnoodzakelijke insuline en voldoende voeding garanderen. Na de oorlog verplaatste de activiteit zich naar het optimaal behandelen van diabetes als de beste preventie voor complicaties en het oplossen van medico-sociale problemen. Nu steunen zij alle initiatieven om potentiële diabetici op te sporen en de ziekte te voorkomen. Voor erkende patiënten wordt het gebruik van de mini artificiële pancreas aangeraden en de transplantatie van nieuwe ßcellen gestimuleerd.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Pierre Lefèbvre, Raoul Rottiers en Ivo De Leeuw zijn emeriti hoogleraren endocrinologie-diabetologie die vanaf de jaren 60 de hele evolutie van de aanpak van diabetes actief hebben meegemaakt, de internationale verworvenheden in eigen land hebben verspreid en de eigen research in binnen- en buitenland hebben vertaald naar toepasbare realiteit. Alle drie zijn zij erevoorzitter van hun respectieve diabetesverenigingen.
Verbindende communicatie werkt (derde, licht gewijzigde druk 2017)
Verbindende Communicatie geeft inspiratie aan organisaties die mensen in hun kracht willen zetten. Gemotiveerde medewerkers die zich gerespecteerd weten, werken beter samen, creëren meer kwaliteit en zijn een garantie voor de toekomst.
“Verbindende Communicatie is een vaste waarde bij Colruyt Group. Meer dan 3000
collega’s volgden reeds de training in onze open programma’s of met hun team.
De resultaten zijn vooral te merken in de efficiëntie van meetings, de kracht van de
besluitvorming en de arbeidsvreugde. Efficiënte communicatie vertaalt zich in het
steeds maar beter realiseren van onze missie en de tevredenheid van onze klanten.”
Jef Colruyt, CEO Colruytgroup
“Verbindende Communicatie werkt! We halen betere resultaten doordat medewerkers
het beste van zichzelf willen geven. Dit zorgt voor arbeidsvreugde en kwaliteit.
In onze business is het duo ‘kwaliteit en snelheid’ van essentieel belang. Door de
verbindende besluitvorming komen we tot heldere, duidelijke afspraken ook met
onze collega’s uit het Verre Oosten, Afrika en India. Verbindende Communicatie is
een must voor de organisatie van de toekomst!”
Martijn van der Erve, CEO Van der Erve
“Verbindende Communicatie (VC) is een kr(p)rachtig concept om mensen te brengen
naar de essentie van communicatie. Het inspireert om zonder oordelen meer
impact te hebben en meer bereidheid te creëren bij anderen. Het maakt mensen
gevoeliger voor de wereld van gevoelens, behoeften en waarden. En het maakt hen
minder gevoelig voor oordelen, verplichtingen en druk van buitenaf. Als VC goed
toegepast wordt in een organisatie vaart iedereen er wel bij: de medewerkers, de
klanten en de organisatie. Schitterend en eenvoudig en te leren door iedereen die
gelooft dat verbinding en harmonie meer voordelen oplevert.”
Herbert Detter, Learning & Development Manager Inter IKEA Systems
Verbindende communicatie werkt (derde, licht gewijzigde druk 2017)
Verbindende Communicatie geeft inspiratie aan organisaties die mensen in hun kracht willen zetten. Gemotiveerde medewerkers die zich gerespecteerd weten, werken beter samen, creëren meer kwaliteit en zijn een garantie voor de toekomst.
“Verbindende Communicatie is een vaste waarde bij Colruyt Group. Meer dan 3000
collega’s volgden reeds de training in onze open programma’s of met hun team.
De resultaten zijn vooral te merken in de efficiëntie van meetings, de kracht van de
besluitvorming en de arbeidsvreugde. Efficiënte communicatie vertaalt zich in het
steeds maar beter realiseren van onze missie en de tevredenheid van onze klanten.”
Jef Colruyt, CEO Colruytgroup
“Verbindende Communicatie werkt! We halen betere resultaten doordat medewerkers
het beste van zichzelf willen geven. Dit zorgt voor arbeidsvreugde en kwaliteit.
In onze business is het duo ‘kwaliteit en snelheid’ van essentieel belang. Door de
verbindende besluitvorming komen we tot heldere, duidelijke afspraken ook met
onze collega’s uit het Verre Oosten, Afrika en India. Verbindende Communicatie is
een must voor de organisatie van de toekomst!”
Martijn van der Erve, CEO Van der Erve
“Verbindende Communicatie (VC) is een kr(p)rachtig concept om mensen te brengen
naar de essentie van communicatie. Het inspireert om zonder oordelen meer
impact te hebben en meer bereidheid te creëren bij anderen. Het maakt mensen
gevoeliger voor de wereld van gevoelens, behoeften en waarden. En het maakt hen
minder gevoelig voor oordelen, verplichtingen en druk van buitenaf. Als VC goed
toegepast wordt in een organisatie vaart iedereen er wel bij: de medewerkers, de
klanten en de organisatie. Schitterend en eenvoudig en te leren door iedereen die
gelooft dat verbinding en harmonie meer voordelen oplevert.”
Herbert Detter, Learning & Development Manager Inter IKEA Systems
Tot 7 jaar. Ontwikkeling en opvoeding van jonge kinderen
Ouders, opvoeders, leerkrachten, begeleiders, scholen, jeugdwerkers,…
moeten de ontwikkeling van jonge kinderen zo goed
mogelijk opvolgen en ondersteunen. Tal van studies hebben aangetoond
dat vooral ook de betrokkenheid van ouders een grote
impact heeft.
Daarom legt dit boek uit wat ouders, en anderen, allemaal kunnen
doen om de ontwikkeling van hun jonge kinderen – tot 7
jaar – te stimuleren en hun opvoeding in goede banen te leiden.
Daarbij komen niet alleen de cognitief-verstandelijke vaardigheden
aan bod, maar onder meer ook de sociaal-emotionele ontwikkeling,
het muzisch-creatieve, het motorische, een open blik
op de wereld, zintuiglijke waarneming van de werkelijkheid, het
exploreren van de natuur, het reflecteren. Kortom, alle aspecten
waarmee het kind ook volop te maken krijgt in het basisonderwijs.
Walter Andries is ere-inspecteur bij het Basisonderwijs in Vlaanderen.
Tot 7 jaar. Ontwikkeling en opvoeding van jonge kinderen
Ouders, opvoeders, leerkrachten, begeleiders, scholen, jeugdwerkers,…
moeten de ontwikkeling van jonge kinderen zo goed
mogelijk opvolgen en ondersteunen. Tal van studies hebben aangetoond
dat vooral ook de betrokkenheid van ouders een grote
impact heeft.
Daarom legt dit boek uit wat ouders, en anderen, allemaal kunnen
doen om de ontwikkeling van hun jonge kinderen – tot 7
jaar – te stimuleren en hun opvoeding in goede banen te leiden.
Daarbij komen niet alleen de cognitief-verstandelijke vaardigheden
aan bod, maar onder meer ook de sociaal-emotionele ontwikkeling,
het muzisch-creatieve, het motorische, een open blik
op de wereld, zintuiglijke waarneming van de werkelijkheid, het
exploreren van de natuur, het reflecteren. Kortom, alle aspecten
waarmee het kind ook volop te maken krijgt in het basisonderwijs.
Walter Andries is ere-inspecteur bij het Basisonderwijs in Vlaanderen.





