Prenups
Mensen die willen gaan samenleven of trouwen realiseren zich over het algemeen onvoldoende dat het belangrijk is om met elkaar een goede huwelijksovereenkomst te sluiten. Voor hen is het van groot belang dat zij in samenspraak met een legal mediator (advocaat of notaris) tot goede en evenwichtige afspraken komen op basis van hun wederzijdse belangen. De inhoud moet passen bij ieder van de beide partners en voor hen gezamenlijk een uitstekende start van hun huwelijk of samenwoning betekenen.
Als een samenlevingsovereenkomst of een akte van huwelijkse voorwaarden via de weg van Prenups wordt gesloten, dan weten mensen die gaan samenleven of trouwen waar zij aan toe zijn. De mediator bespreekt met de partners wat hun verwachting is van hun huwelijk of samenleven. Hij of zij wijst de partners op de belangrijke aspecten die moeten worden geregeld en helpt de partners daarover inhoudelijk met elkaar van gedachten te wisselen. Op die wijze ontstaat duidelijkheid en worden confl icten tijdens en na het samenleven of huwelijk voorkomen. Die aanpak vergroot de kans dat mensen het samen wél redden. Het resultaat is een huwelijksovereenkomst die elke keer geheel is toegesneden op het huwelijk of de samenwoning van de specifi eke partners.
In dit boek behandelen Nederlandse specialisten de juridische, fiscale, zakelijke en menselijke aspecten van deze ‘prenuptial agreements’, kort gezegd: Prenups.
Dr. mr. F. Schonewille is partner in Schonewille & Schonewille Legal Mediation te Amsterdam, legal mediator, certifi ed IMI Mediation Advocate en als arbiter verbonden aan de familiekamer van het NAI. Schonewille is voorts docent en onderzoeker op het terrein van mediation en recht, erfrecht en relatievermogensrecht, secretaris van de Stichting Prenups en redactielid van het Tijdschri voor Confl icthantering.
Mr. dr. L.H.M. Zonnenberg is advocaat-scheidingsmediator bij BANNING N.V. te ’s-Hertogenbosch, raadsheer-plaatsvervanger in de Gerechtshoven Amsterdam en Den Haag, vFAS- en MfN-mediator, NAI-arbiter, docent voor en auteur bij diverse cursusinstellingen, redactielid van EB en RFR en voorzi er van de Stichting Prenups.
Prenups
Mensen die willen gaan samenleven of trouwen realiseren zich over het algemeen onvoldoende dat het belangrijk is om met elkaar een goede huwelijksovereenkomst te sluiten. Voor hen is het van groot belang dat zij in samenspraak met een legal mediator (advocaat of notaris) tot goede en evenwichtige afspraken komen op basis van hun wederzijdse belangen. De inhoud moet passen bij ieder van de beide partners en voor hen gezamenlijk een uitstekende start van hun huwelijk of samenwoning betekenen.
Als een samenlevingsovereenkomst of een akte van huwelijkse voorwaarden via de weg van Prenups wordt gesloten, dan weten mensen die gaan samenleven of trouwen waar zij aan toe zijn. De mediator bespreekt met de partners wat hun verwachting is van hun huwelijk of samenleven. Hij of zij wijst de partners op de belangrijke aspecten die moeten worden geregeld en helpt de partners daarover inhoudelijk met elkaar van gedachten te wisselen. Op die wijze ontstaat duidelijkheid en worden confl icten tijdens en na het samenleven of huwelijk voorkomen. Die aanpak vergroot de kans dat mensen het samen wél redden. Het resultaat is een huwelijksovereenkomst die elke keer geheel is toegesneden op het huwelijk of de samenwoning van de specifi eke partners.
In dit boek behandelen Nederlandse specialisten de juridische, fiscale, zakelijke en menselijke aspecten van deze ‘prenuptial agreements’, kort gezegd: Prenups.
Dr. mr. F. Schonewille is partner in Schonewille & Schonewille Legal Mediation te Amsterdam, legal mediator, certifi ed IMI Mediation Advocate en als arbiter verbonden aan de familiekamer van het NAI. Schonewille is voorts docent en onderzoeker op het terrein van mediation en recht, erfrecht en relatievermogensrecht, secretaris van de Stichting Prenups en redactielid van het Tijdschri voor Confl icthantering.
Mr. dr. L.H.M. Zonnenberg is advocaat-scheidingsmediator bij BANNING N.V. te ’s-Hertogenbosch, raadsheer-plaatsvervanger in de Gerechtshoven Amsterdam en Den Haag, vFAS- en MfN-mediator, NAI-arbiter, docent voor en auteur bij diverse cursusinstellingen, redactielid van EB en RFR en voorzi er van de Stichting Prenups.
Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 2 – 8ste herziene uitgave
Deze cursustekst vormt de geschreven basis voor het opleidingsonderdeel Strafrecht en Strafprocesrecht. Hierin vindt elke juridische bachelor wat men moet weten over Belgisch strafrecht en strafprocesrecht, ook al stapt zij of hij na het behalen van het bachelordiploma rechtstreeks de arbeidsmarkt op of gaat zij of hij een andere juridische richting uit.
Tegelijkertijd vormt deze cursus ook de basisopleiding voor criminologen in het tweede jaar van de bacheloropleiding criminologie. In deze bacheloropleiding worden het materieel strafrecht (de rechtsnormen die bepalen wie, waarvoor, wanneer strafbaar is en waarom en welke sancties opgelegd kunnen worden) en het formeel strafrecht (de regels aangaande het verloop van een strafproces) samengevoegd.
Zie ook: Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 1
Prof. dr. Frank Verbruggen is hoogleraar aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven. Hij doet onderzoek naar georganiseerde criminaliteit, de aanpassing van het strafrecht aan de digitalisering van de maatschappij en de Europeanisering van strafrecht en justitie. Hij is tevens gastdocent aan de UHasselt en advocaat aan de balie te Leuven.
Prof. dr. Raf Verstraeten is buitengewoon hoogleraar aan de KU Leuven waar hij strafprocesrecht en economisch, fiscaal en sociaal strafrecht doceert. Daarnaast is hij advocaat bij de balie te Brussel.
Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 2 – 8ste herziene uitgave
Deze cursustekst vormt de geschreven basis voor het opleidingsonderdeel Strafrecht en Strafprocesrecht. Hierin vindt elke juridische bachelor wat men moet weten over Belgisch strafrecht en strafprocesrecht, ook al stapt zij of hij na het behalen van het bachelordiploma rechtstreeks de arbeidsmarkt op of gaat zij of hij een andere juridische richting uit.
Tegelijkertijd vormt deze cursus ook de basisopleiding voor criminologen in het tweede jaar van de bacheloropleiding criminologie. In deze bacheloropleiding worden het materieel strafrecht (de rechtsnormen die bepalen wie, waarvoor, wanneer strafbaar is en waarom en welke sancties opgelegd kunnen worden) en het formeel strafrecht (de regels aangaande het verloop van een strafproces) samengevoegd.
Zie ook: Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 1
Prof. dr. Frank Verbruggen is hoogleraar aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven. Hij doet onderzoek naar georganiseerde criminaliteit, de aanpassing van het strafrecht aan de digitalisering van de maatschappij en de Europeanisering van strafrecht en justitie. Hij is tevens gastdocent aan de UHasselt en advocaat aan de balie te Leuven.
Prof. dr. Raf Verstraeten is buitengewoon hoogleraar aan de KU Leuven waar hij strafprocesrecht en economisch, fiscaal en sociaal strafrecht doceert. Daarnaast is hij advocaat bij de balie te Brussel.
Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 1 – 8ste, herziene uitgave
Deze cursustekst vormt de geschreven basis voor het opleidingsonderdeel Strafrecht en Strafprocesrecht. Hierin vindt elke juridische bachelor wat men moet weten over Belgisch strafrecht en strafprocesrecht, ook al stapt zij of hij na het behalen van het bachelordiploma rechtstreeks de arbeidsmarkt op of gaat zij of hij een andere juridische richting uit.
Tegelijkertijd vormt deze cursus ook de basisopleiding voor criminologen in het tweede jaar van de bacheloropleiding criminologie. In deze bacheloropleiding worden het materieel strafrecht (de rechtsnormen die bepalen wie, waarvoor, wanneer strafbaar is en waarom en welke sancties opgelegd kunnen worden) en het formeel strafrecht (de regels aangaande het verloop van een strafproces) samengevoegd.
Zie ook: Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 2
Prof. dr. Frank Verbruggen is hoogleraar aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven. Hij doet onderzoek naar georganiseerde criminaliteit, de aanpassing van het strafrecht aan de digitalisering van de maatschappij en de Europeanisering van strafrecht en justitie. Hij is tevens gastdocent aan de UHasselt en advocaat aan de balie te Leuven.
Prof. dr. Raf Verstraeten is buitengewoon hoogleraar aan de KU Leuven waar hij strafprocesrecht en economisch, fiscaal en sociaal strafrecht doceert. Daarnaast is hij advocaat bij de balie te Brussel.
Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 1 – 8ste, herziene uitgave
Deze cursustekst vormt de geschreven basis voor het opleidingsonderdeel Strafrecht en Strafprocesrecht. Hierin vindt elke juridische bachelor wat men moet weten over Belgisch strafrecht en strafprocesrecht, ook al stapt zij of hij na het behalen van het bachelordiploma rechtstreeks de arbeidsmarkt op of gaat zij of hij een andere juridische richting uit.
Tegelijkertijd vormt deze cursus ook de basisopleiding voor criminologen in het tweede jaar van de bacheloropleiding criminologie. In deze bacheloropleiding worden het materieel strafrecht (de rechtsnormen die bepalen wie, waarvoor, wanneer strafbaar is en waarom en welke sancties opgelegd kunnen worden) en het formeel strafrecht (de regels aangaande het verloop van een strafproces) samengevoegd.
Zie ook: Strafrecht & strafprocesrecht voor Bachelors, deel 2
Prof. dr. Frank Verbruggen is hoogleraar aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven. Hij doet onderzoek naar georganiseerde criminaliteit, de aanpassing van het strafrecht aan de digitalisering van de maatschappij en de Europeanisering van strafrecht en justitie. Hij is tevens gastdocent aan de UHasselt en advocaat aan de balie te Leuven.
Prof. dr. Raf Verstraeten is buitengewoon hoogleraar aan de KU Leuven waar hij strafprocesrecht en economisch, fiscaal en sociaal strafrecht doceert. Daarnaast is hij advocaat bij de balie te Brussel.

Wetgeving gezondheidszorg (3de, herziene uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten Nederland)
De bundel is overzichtelijk, gemakkelijk hanteerbaar en voorzien van een uitgebreid trefwoordenregister. Deze herziene en vermeerderde uitgave is specifiek ontwikkeld voor de Rotterdamse masteropleiding Recht van de gezondheidszorg, maar leent zich uitstekend voor alle andere opleidingen waarin gezondheidsrecht aan bod komt. Daarnaast is de verzameling een handig hulpmiddel in de dagelijkse juridische praktijk.
De teksten zijn geactualiseerd tot 1 augustus 2014.

Wetgeving gezondheidszorg (3de, herziene uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten Nederland)
De bundel is overzichtelijk, gemakkelijk hanteerbaar en voorzien van een uitgebreid trefwoordenregister. Deze herziene en vermeerderde uitgave is specifiek ontwikkeld voor de Rotterdamse masteropleiding Recht van de gezondheidszorg, maar leent zich uitstekend voor alle andere opleidingen waarin gezondheidsrecht aan bod komt. Daarnaast is de verzameling een handig hulpmiddel in de dagelijkse juridische praktijk.
De teksten zijn geactualiseerd tot 1 augustus 2014.
De gevangenisbewaarder. Het professioneel leven in beeld (Reeks Panopticon Libri, nr. 7)
Gevangenissen vormen zonder twijfel unieke werkomgevingen. Weinig andere instellingen zijn immers belast met de centrale taak van het waken over een populatie die er niet vrijwillig verblijft en bovendien potentieel gevaarlijk is. Het onderzoek naar gevangenisbewaarders heeft zich in de loop der jaren voornamelijk gefocust op hun professionele attitudes en cultuur, alsook op de impact van gevangeniswerk op hun sociale en private levens. We hebben tot op heden echter weinig kennis over wat bewaarders daadwerkelijk op dagelijkse basis doen en welke mechanismen er ten grondslag liggen van deze attitudes en gedrag. Hanne Tournel observeerde meer dan een jaar in een Belgische gevangenis. Dit boek biedt een unieke kijk in het professionele leven van bewaarders en speelt in op deze heersende lacunes.
Hanne Tournel is licentiate (2007) en doctor (2013) in de Criminologische Wetenschappen en sedert 2007 verbonden aan de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel. Zij verrichtte diverse gevangenisstudies (langgestrafte gedetineerden, hulp- en dienstverlening in gevangenissen). Deze ervaringen wakkerden haar interesse aan voor de beroepsgroep van bewaarders, waaraan zij haar doctoraatsonderzoek wijdde. Dit onderzoek resulteerde in een diepgaande, etnografische studie van het werk van bewaarders in een Belgische gevangenis (wat, hoe, waarom).
De gevangenisbewaarder. Het professioneel leven in beeld (Reeks Panopticon Libri, nr. 7)
Gevangenissen vormen zonder twijfel unieke werkomgevingen. Weinig andere instellingen zijn immers belast met de centrale taak van het waken over een populatie die er niet vrijwillig verblijft en bovendien potentieel gevaarlijk is. Het onderzoek naar gevangenisbewaarders heeft zich in de loop der jaren voornamelijk gefocust op hun professionele attitudes en cultuur, alsook op de impact van gevangeniswerk op hun sociale en private levens. We hebben tot op heden echter weinig kennis over wat bewaarders daadwerkelijk op dagelijkse basis doen en welke mechanismen er ten grondslag liggen van deze attitudes en gedrag. Hanne Tournel observeerde meer dan een jaar in een Belgische gevangenis. Dit boek biedt een unieke kijk in het professionele leven van bewaarders en speelt in op deze heersende lacunes.
Hanne Tournel is licentiate (2007) en doctor (2013) in de Criminologische Wetenschappen en sedert 2007 verbonden aan de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel. Zij verrichtte diverse gevangenisstudies (langgestrafte gedetineerden, hulp- en dienstverlening in gevangenissen). Deze ervaringen wakkerden haar interesse aan voor de beroepsgroep van bewaarders, waaraan zij haar doctoraatsonderzoek wijdde. Dit onderzoek resulteerde in een diepgaande, etnografische studie van het werk van bewaarders in een Belgische gevangenis (wat, hoe, waarom).

European Journal of Policing Studies – Jaargang 2/1 (2014) (ISSN 2034-760x) – Special issue Policing European Metropolises
Contents:
Introduction
A. Verhage, L. Bisschop, W. Hardyns
Articles
Policing European Metropolises
P. Ponsaers (1), A. Edwards (2), A. Verhage (3) & A. Recasens i Brunet (4)
(1) Senior professor emeritus at Ghent University, Faculty of Law,department Penal Law and Criminology, Belgium and president of the Flemish Centre forPolicing Studies.
(2) Director of the Cardiff Centre for Crime, Law and Justice.
(3) Director of the Institute for Urban Security& Policing Studies [SVA] and postdoc researcher at Ghent University, Belgium.
(4) Associated Professor at the l’Escola de Criminologia de la Universitat d’Oporto (Portugal).
Policing Berlin. From separation by the ‘ironcurtain’ to the new German capitaland a globalised city
H. Aden (1) & E. De Pauw (2)
Abstract
Since the 1990s many authors observe a pluralisation of police functions in Europe. The paper shows that this trend is also recognisable in the city of Berlin. For example, private security companies have gained importance. Their presence may indicate an increasing intensity of formal social control.Prevention in a broach sense has become important for the Berlin State Police. However, policing in this city is also influenced by path-dependencies, going back to the specific situation of a divided city at the frontline of the east-west conflict before 1990 and to the transfer of federal governmentinstitutions to the city since the late 1990s. Specific patterns of the German administrative and legal system also influence policing at Berlin. Compared to the period before 1990 with the presence of the allied military forces and the powerful secret service (Staatssicherheit) in the Eastern part ofthe city, Berlin is probably less securitized today.
Keywords: Berlin Police, comparative research into policing, plural policing, policing globalisedcities, path-dependency
(1) Professor of German and European Public Law at the Berlin School of Economicsand Law.
(2) Lecturer and researcher at the VIVES University College, research group onsafety and security.
Policing Sofia. From centralisation todecentralisation
E. Devroe (1) & M. Petrov (2)
Abstract
In this article, which is embedded in the special issue of the Journal which focuses on the comparativeresearch project ‘Policing European Metropolises’, the general aim is to provide an answerto the research question: ‘Are underlying Anglo-American assumptions regarding trends towardsplural policing recognisable in European local geographical settings’? Our underlying question inthis article concerns whether or not the local empirical situation in Sofia differs from more generalevolutions of policing in Europe. This article will inquire specifically about the (national) influenceof a ‘country in transition’ (Bulgaria) on the territory of the city of Sofia. For reasons of feasibilitythe article is limited to an exploration of the organisation of Bulgarian police. The following mainquestions are answered in this article: (1) What is the nature of the division between the nationalpolice apparatus and local policing bodies?, (2) Are tendencies towards fragmentation and centralisationdetermined at the same time? and (3) Are tendencies towards private governance presentwithin the public domain? Answering these questions requires an exploration of the historicaland contextual background, so that insight into the related Bulgarian realities, particularly thoseof Sofia, might be gained. This article explores the official arrangements regarding the policing ofcrime and disorder in Sofia; it is based on desktop research, mostly internal research from t

European Journal of Policing Studies – Jaargang 2/1 (2014) (ISSN 2034-760x) – Special issue Policing European Metropolises
Contents:
Introduction
A. Verhage, L. Bisschop, W. Hardyns
Articles
Policing European Metropolises
P. Ponsaers (1), A. Edwards (2), A. Verhage (3) & A. Recasens i Brunet (4)
(1) Senior professor emeritus at Ghent University, Faculty of Law,department Penal Law and Criminology, Belgium and president of the Flemish Centre forPolicing Studies.
(2) Director of the Cardiff Centre for Crime, Law and Justice.
(3) Director of the Institute for Urban Security& Policing Studies [SVA] and postdoc researcher at Ghent University, Belgium.
(4) Associated Professor at the l’Escola de Criminologia de la Universitat d’Oporto (Portugal).
Policing Berlin. From separation by the ‘ironcurtain’ to the new German capitaland a globalised city
H. Aden (1) & E. De Pauw (2)
Abstract
Since the 1990s many authors observe a pluralisation of police functions in Europe. The paper shows that this trend is also recognisable in the city of Berlin. For example, private security companies have gained importance. Their presence may indicate an increasing intensity of formal social control.Prevention in a broach sense has become important for the Berlin State Police. However, policing in this city is also influenced by path-dependencies, going back to the specific situation of a divided city at the frontline of the east-west conflict before 1990 and to the transfer of federal governmentinstitutions to the city since the late 1990s. Specific patterns of the German administrative and legal system also influence policing at Berlin. Compared to the period before 1990 with the presence of the allied military forces and the powerful secret service (Staatssicherheit) in the Eastern part ofthe city, Berlin is probably less securitized today.
Keywords: Berlin Police, comparative research into policing, plural policing, policing globalisedcities, path-dependency
(1) Professor of German and European Public Law at the Berlin School of Economicsand Law.
(2) Lecturer and researcher at the VIVES University College, research group onsafety and security.
Policing Sofia. From centralisation todecentralisation
E. Devroe (1) & M. Petrov (2)
Abstract
In this article, which is embedded in the special issue of the Journal which focuses on the comparativeresearch project ‘Policing European Metropolises’, the general aim is to provide an answerto the research question: ‘Are underlying Anglo-American assumptions regarding trends towardsplural policing recognisable in European local geographical settings’? Our underlying question inthis article concerns whether or not the local empirical situation in Sofia differs from more generalevolutions of policing in Europe. This article will inquire specifically about the (national) influenceof a ‘country in transition’ (Bulgaria) on the territory of the city of Sofia. For reasons of feasibilitythe article is limited to an exploration of the organisation of Bulgarian police. The following mainquestions are answered in this article: (1) What is the nature of the division between the nationalpolice apparatus and local policing bodies?, (2) Are tendencies towards fragmentation and centralisationdetermined at the same time? and (3) Are tendencies towards private governance presentwithin the public domain? Answering these questions requires an exploration of the historicaland contextual background, so that insight into the related Bulgarian realities, particularly thoseof Sofia, might be gained. This article explores the official arrangements regarding the policing ofcrime and disorder in Sofia; it is based on desktop research, mostly internal research from t
Koop – 3de, herziene uitgave (Praktijkreeks IPR, deel 12) (Nederlands Recht)
Centraal in dit boek staat de koop van roerende zaken en daarmee de toepasselijkheid van het WKV. Daarbij wordt ook een beknopt overzicht van de materiële regels van het WKV gegeven. De behandeling van de Rome-I Verordening vormt de basis voor het IPR met betrekking tot andere typen van koop en varianten daarvan die daarna worden besproken, zoals koop van onroerende zaken, huurkoop, koop van vorderingen (cessie) en aandelen, de alleenverkoopovereenkomst en franchising. Voorts wordt aandacht besteed aan het toepasselijk recht met betrekking tot algemene voorwaarden, de consumentenkoop, eigendomsvoorbehoud en enige andere goederenrechtelijke kwesties en de rechten van de niet-betaalde verkoper.
Wat betreft de internationale bevoegdheid ligt de nadruk op de EEX-Verordening betreffende bevoegdheid en executie van EU-vonnissen, met bijzondere aandacht voor het in de praktijk zo belangrijke art. 5 lid 1 EEX-Vo en art. 23 EEX-Vo voor de forumkeuze.
Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR.
Roeland Bertrams is advocaat bij de praktijkgroep Ondernemingsrecht, in het bijzonder Banking & Finance bij AKD. Hij is expert op het gebied van bank- en financieel recht, im- en exportfinanciering, persoonlijke en zakelijke zekerheden, internationaal contracteren, internationaal privaatrecht en (internationaal) insolventierecht. Voorts maakt hij deel uit van de Banking Commission van de ICC (International Chamber of Commerce).
Koop – 3de, herziene uitgave (Praktijkreeks IPR, deel 12) (Nederlands Recht)
Centraal in dit boek staat de koop van roerende zaken en daarmee de toepasselijkheid van het WKV. Daarbij wordt ook een beknopt overzicht van de materiële regels van het WKV gegeven. De behandeling van de Rome-I Verordening vormt de basis voor het IPR met betrekking tot andere typen van koop en varianten daarvan die daarna worden besproken, zoals koop van onroerende zaken, huurkoop, koop van vorderingen (cessie) en aandelen, de alleenverkoopovereenkomst en franchising. Voorts wordt aandacht besteed aan het toepasselijk recht met betrekking tot algemene voorwaarden, de consumentenkoop, eigendomsvoorbehoud en enige andere goederenrechtelijke kwesties en de rechten van de niet-betaalde verkoper.
Wat betreft de internationale bevoegdheid ligt de nadruk op de EEX-Verordening betreffende bevoegdheid en executie van EU-vonnissen, met bijzondere aandacht voor het in de praktijk zo belangrijke art. 5 lid 1 EEX-Vo en art. 23 EEX-Vo voor de forumkeuze.
Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR.
Roeland Bertrams is advocaat bij de praktijkgroep Ondernemingsrecht, in het bijzonder Banking & Finance bij AKD. Hij is expert op het gebied van bank- en financieel recht, im- en exportfinanciering, persoonlijke en zakelijke zekerheden, internationaal contracteren, internationaal privaatrecht en (internationaal) insolventierecht. Voorts maakt hij deel uit van de Banking Commission van de ICC (International Chamber of Commerce).
Desistance, social order and responses to crime. Today’s security issues (GERN Research Paper Series, nr 2)
This book contains a selection of papers, which were presented and discussed at the second GERN Doctoral Conference for PhD students, organised by the White Rose Consortium of the Universities of Leeds, Sheffield and York and held in September 2013 at the University of Sheffield, UK. The book is the result of intensive reflection and engagement between the authors and the editors. The essays in the book coalesce around three themes: desistance from offending; creating and recreating social order; and responses to crime and violence. It contains cutting-edge research by emerging European scholars in the field of ‘Desistance, Social Order and Responses to Crime: Today’s Security Issues’.
The second in this series of Research Papers continues the ambition of GERN to monitor and disseminate important new studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of GERN. This series provides an excellent platform from which to survey key emerging topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the commission of crime and the formal reactions to it by actors in the criminal justice system and beyond.
Desistance, social order and responses to crime. Today’s security issues (GERN Research Paper Series, nr 2)
This book contains a selection of papers, which were presented and discussed at the second GERN Doctoral Conference for PhD students, organised by the White Rose Consortium of the Universities of Leeds, Sheffield and York and held in September 2013 at the University of Sheffield, UK. The book is the result of intensive reflection and engagement between the authors and the editors. The essays in the book coalesce around three themes: desistance from offending; creating and recreating social order; and responses to crime and violence. It contains cutting-edge research by emerging European scholars in the field of ‘Desistance, Social Order and Responses to Crime: Today’s Security Issues’.
The second in this series of Research Papers continues the ambition of GERN to monitor and disseminate important new studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of GERN. This series provides an excellent platform from which to survey key emerging topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the commission of crime and the formal reactions to it by actors in the criminal justice system and beyond.
The Enforcement of EU Competition Rules by Civil Law
However, the risk that the introduction of enforcement-oriented measures into national law is incompatible with private (civil) law is often underestimated or neglected. This book aims to reconcile both EU enforcement and private law perspectives through a detailed study of the English and Slovenian private law systems. Research on the compatibility of EU competitionenforcement- oriented measures with the private law regimes in England and Slovenia is used to argue that some changes to private law (based on proposals for effective enforcement) go too far and risk undermining the integrity of the Legal systems. This book already takes into account the 2014 Directive on antitrust damages actions.
Nina Bucan Gutta is a jurist with a degree in Law from the University of Ljubljana, Slovenia and a master’s degree in fundamental public law from the University of Poitiers, France. She recently completed her PhD in European competition law at the Radboud University, Netherlands. This book is a fully revised and adapted version, based on her PhD research, and takes into account the April 2014 Directive on antitrust damages actions, agreed between the European Parliament and the Council.
The Enforcement of EU Competition Rules by Civil Law
However, the risk that the introduction of enforcement-oriented measures into national law is incompatible with private (civil) law is often underestimated or neglected. This book aims to reconcile both EU enforcement and private law perspectives through a detailed study of the English and Slovenian private law systems. Research on the compatibility of EU competitionenforcement- oriented measures with the private law regimes in England and Slovenia is used to argue that some changes to private law (based on proposals for effective enforcement) go too far and risk undermining the integrity of the Legal systems. This book already takes into account the 2014 Directive on antitrust damages actions.
Nina Bucan Gutta is a jurist with a degree in Law from the University of Ljubljana, Slovenia and a master’s degree in fundamental public law from the University of Poitiers, France. She recently completed her PhD in European competition law at the Radboud University, Netherlands. This book is a fully revised and adapted version, based on her PhD research, and takes into account the April 2014 Directive on antitrust damages actions, agreed between the European Parliament and the Council.
De politie als slachtoffer van geweld (CPS-scriptieprijs 2014)
Op basis van literatuur en diepte-interviews bij lokale politieambtenaren in Vlaamse centrumsteden onderzoekt Vanessa Laureys wat de gevolgen zijn van dit geweld, en hoe de slachtoffers ermee omgaan (de copingstrategieën).Niet alleen biedt dit werk voor de betrokken politieambtenaren praktische handvatten. Ook voor de beleidsverantwoordelijken geeft het een voor de Belgische context unieke beschrijving, met concrete aanbevelingen.
CPS scriptieprijs
Met de CPS Scriptieprijs bekroont het Centrum voor Politiestudies jaarlijks het besteNederlandstalige eindwerk, dat een kritische en vernieuwende blik werpt op een onderwerpaangaande politie en samenleving.
De politie als slachtoffer van geweld (CPS-scriptieprijs 2014)
Op basis van literatuur en diepte-interviews bij lokale politieambtenaren in Vlaamse centrumsteden onderzoekt Vanessa Laureys wat de gevolgen zijn van dit geweld, en hoe de slachtoffers ermee omgaan (de copingstrategieën).Niet alleen biedt dit werk voor de betrokken politieambtenaren praktische handvatten. Ook voor de beleidsverantwoordelijken geeft het een voor de Belgische context unieke beschrijving, met concrete aanbevelingen.
CPS scriptieprijs
Met de CPS Scriptieprijs bekroont het Centrum voor Politiestudies jaarlijks het besteNederlandstalige eindwerk, dat een kritische en vernieuwende blik werpt op een onderwerpaangaande politie en samenleving.
Beslag en executie voor de rechtspraktijk
Talrijke citaten uit rechterlijke uitspraken geven een treffende indruk van de rechtspraktijk. Een overzichtelijk trefwoorden-, artikelen- en jurisprudentieregister biedt de lezers efficiënte zoekingangen voor verdere studie.
‘Juist doordat het boek zo kort en bondig is en tegelijkertijd veel verwijzingen naar jurisprudentie bevat, is het een handige gids om snel de toepasselijke vuistregels voor een bepaalde casus op te zoeken.
Of om even snel te verifiëren of wat men ervan denkt te weten ook (nog steeds) juist is.’ (Mr. J.J.L. Boudewijn in Tijdschrift voor de Procespraktijk, TvPP 2015-1)
H.W.B. thoe Schwartzenberg is docent Burgerlijk procesrecht aan de
Universiteit Leiden. Eerder publiceerde zij bij Maklu ‘Civiel bewijsrecht
voor de rechtspraktijk’.
A.W. Jongbloed is hoogleraar Executie- en beslagrecht aan de Universiteit Utrecht.
Beslag en executie voor de rechtspraktijk
Talrijke citaten uit rechterlijke uitspraken geven een treffende indruk van de rechtspraktijk. Een overzichtelijk trefwoorden-, artikelen- en jurisprudentieregister biedt de lezers efficiënte zoekingangen voor verdere studie.
‘Juist doordat het boek zo kort en bondig is en tegelijkertijd veel verwijzingen naar jurisprudentie bevat, is het een handige gids om snel de toepasselijke vuistregels voor een bepaalde casus op te zoeken.
Of om even snel te verifiëren of wat men ervan denkt te weten ook (nog steeds) juist is.’ (Mr. J.J.L. Boudewijn in Tijdschrift voor de Procespraktijk, TvPP 2015-1)
H.W.B. thoe Schwartzenberg is docent Burgerlijk procesrecht aan de
Universiteit Leiden. Eerder publiceerde zij bij Maklu ‘Civiel bewijsrecht
voor de rechtspraktijk’.
A.W. Jongbloed is hoogleraar Executie- en beslagrecht aan de Universiteit Utrecht.

Diplomatic Law in Belgium (Hardcover)
Foreword by Mr. Didier Reynders, Deputy Prime Minister and Minister of Foreign Affairs, Foreign Trade and European Affairs.
Belgium hosts numerous diplomatic missions. These are either accreditedto the Kingdom of Belgium or to one of the internationalorganisations headquartered in Belgium. Their operation, as wellas the legal status and privileges and immunities of their members, areessentially regulated by the Vienna Convention on Diplomatic Relations,dated 18 April 1961.
This handbook describes Belgium’s practice vis-à-vis these missions, andanalyses the day-to-day implementation of the Vienna Convention by thevarious Belgian authorities. It systematically reviews the limited numberof legislative or regulatory provisions, the Government’s practice – set outinter alia in several ‘circular notes’ communicated to the missions presentin Belgium – and, additionally, identifies the jurisprudence of courts andtribunals and highlights the possible deviations from the practice of theexecutive branch.
Designed as a guide intended primarily for diplomatic missions establishedin Belgium, this handbook is also relevant for civil servants, judges,lawyers and bailiffs encountering questions of diplomatic law in Belgium,as well as for students and researchers seeking information on nationalpractice in this area of law.

Diplomatic Law in Belgium (Hardcover)
Foreword by Mr. Didier Reynders, Deputy Prime Minister and Minister of Foreign Affairs, Foreign Trade and European Affairs.
Belgium hosts numerous diplomatic missions. These are either accreditedto the Kingdom of Belgium or to one of the internationalorganisations headquartered in Belgium. Their operation, as wellas the legal status and privileges and immunities of their members, areessentially regulated by the Vienna Convention on Diplomatic Relations,dated 18 April 1961.
This handbook describes Belgium’s practice vis-à-vis these missions, andanalyses the day-to-day implementation of the Vienna Convention by thevarious Belgian authorities. It systematically reviews the limited numberof legislative or regulatory provisions, the Government’s practice – set outinter alia in several ‘circular notes’ communicated to the missions presentin Belgium – and, additionally, identifies the jurisprudence of courts andtribunals and highlights the possible deviations from the practice of theexecutive branch.
Designed as a guide intended primarily for diplomatic missions establishedin Belgium, this handbook is also relevant for civil servants, judges,lawyers and bailiffs encountering questions of diplomatic law in Belgium,as well as for students and researchers seeking information on nationalpractice in this area of law.
Goederenrecht (Praktijkreeks IPR, deel 10)
In deze monografie Goederenrecht wordt aandacht besteed aan (i) het conflictenrecht met betrekking tot het goederenrechtelijke regime van zaken, vorderingsrechten en aandelen, (ii) het conflictrecht met betrekking tot de obligatoire aspecten van goederenrechtelijke rechtsverhoudingen en (iii) de procesrechtelijke aspecten van geschillen met betrekking tot goederenrechtelijke rechten.
De belangrijkste bronnen die daarbij aan bod komen zijn Titel 10 van Boek 10 BW, de Rome I-Verordening en de EEX-Verordening II.
Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR.
Mr. F. Ibili is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Goederenrecht (Praktijkreeks IPR, deel 10)
In deze monografie Goederenrecht wordt aandacht besteed aan (i) het conflictenrecht met betrekking tot het goederenrechtelijke regime van zaken, vorderingsrechten en aandelen, (ii) het conflictrecht met betrekking tot de obligatoire aspecten van goederenrechtelijke rechtsverhoudingen en (iii) de procesrechtelijke aspecten van geschillen met betrekking tot goederenrechtelijke rechten.
De belangrijkste bronnen die daarbij aan bod komen zijn Titel 10 van Boek 10 BW, de Rome I-Verordening en de EEX-Verordening II.
Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR.
Mr. F. Ibili is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Interregionaal privaatrecht (Praktijkreeks IPR, deel 25)
Elk van de gebiedsdelen heeft ook zijn eigen stelsel van interregionaal privaatrecht, dat ziet op het - intensieve - rechtsverkeer met de andere gebiedsdelen. Er bestaat interregionaal conflictenrecht, interregionaal bevoegdheidsrecht en recht inzake de interregionale rechtskracht van rechterlijke uitspraken en authentieke akten. Interregionaal privaatrecht is voor het overgrote deel ongeschreven recht en de Hoge Raad heeft er maar weinig uitspraken over gegeven. Sommige leerstukken stammen nog uit de koloniale tijd. Het Statuut heeft fundamentele wijzigingen gebracht. Ook daarna is er veel veranderd. De staatkundige hervormingen van 10 oktober 2010 hebben nieuwe vragen doen rijzen.
Dit boek beoogt een handzaam, toegankelijk en praktijkgericht overzicht te geven van de stelsels van interregionaal privaatrecht van de gebiedsdelen van het Koninkrijk.
Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR.
Gerard Lewin werd in 2004 benoemd tot lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie op Curaçao. In 2010 promoveerde hij aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen. Hij werkte als raadsheer bij het gerechtshof Amsterdam en bekleedde als bijzonder hoogleraar de Bregstein-leerstoel aan de Universiteit van Amsterdam. Sinds 2013 werkt hij weer bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Interregionaal privaatrecht (Praktijkreeks IPR, deel 25)
Elk van de gebiedsdelen heeft ook zijn eigen stelsel van interregionaal privaatrecht, dat ziet op het - intensieve - rechtsverkeer met de andere gebiedsdelen. Er bestaat interregionaal conflictenrecht, interregionaal bevoegdheidsrecht en recht inzake de interregionale rechtskracht van rechterlijke uitspraken en authentieke akten. Interregionaal privaatrecht is voor het overgrote deel ongeschreven recht en de Hoge Raad heeft er maar weinig uitspraken over gegeven. Sommige leerstukken stammen nog uit de koloniale tijd. Het Statuut heeft fundamentele wijzigingen gebracht. Ook daarna is er veel veranderd. De staatkundige hervormingen van 10 oktober 2010 hebben nieuwe vragen doen rijzen.
Dit boek beoogt een handzaam, toegankelijk en praktijkgericht overzicht te geven van de stelsels van interregionaal privaatrecht van de gebiedsdelen van het Koninkrijk.
Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR.
Gerard Lewin werd in 2004 benoemd tot lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie op Curaçao. In 2010 promoveerde hij aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen. Hij werkte als raadsheer bij het gerechtshof Amsterdam en bekleedde als bijzonder hoogleraar de Bregstein-leerstoel aan de Universiteit van Amsterdam. Sinds 2013 werkt hij weer bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Het samengestelde gezin en de nalatenschap (Erfenisvakdag Cahiers, nr. 3)
Het samengestelde gezin is een fenomeen dat de afgelopen twee decennia een stormachtige opkomst heeft doorgemaakt. Het is bijgevolg van groot belang dat professionals op het terrein van het erfrecht op de hoogte zijn van de vele aspecten die een rol kunnen spelen bij de afwikkeling van de nalatenschap in de context van een samengesteld gezin. Zij moeten zich immers bewust zijn van de specifieke aard van de kritische situaties die zich hier kunnen voordoen omdat zij alleen op die manier hun cliënten de juiste dienstverlening kunnen bieden en hen kunnen begeleiden in een mediation.
Met bijdragen van Pieter van Onzenoort, Katelijne van Barneveld-Peters, Pauline Schonewille-van Diest, Else-Marie van den Eerenbeemt, Danny Pront en Wouter Burgerhart.
De Erfenisvakdag is een initiatief van de Stichting Nalatenschapsmediation, die ijvert voor de toepassing van mediation bij de afwikkeling van nalatenschappen, alsmede in preventieve zin.
Naar aanleiding van elke
Erfenisvakdag verschijnt een thematisch cahier met een bundeling van de
uitgewerkte voordrachten.
Het samengestelde gezin en de nalatenschap (Erfenisvakdag Cahiers, nr. 3)
Het samengestelde gezin is een fenomeen dat de afgelopen twee decennia een stormachtige opkomst heeft doorgemaakt. Het is bijgevolg van groot belang dat professionals op het terrein van het erfrecht op de hoogte zijn van de vele aspecten die een rol kunnen spelen bij de afwikkeling van de nalatenschap in de context van een samengesteld gezin. Zij moeten zich immers bewust zijn van de specifieke aard van de kritische situaties die zich hier kunnen voordoen omdat zij alleen op die manier hun cliënten de juiste dienstverlening kunnen bieden en hen kunnen begeleiden in een mediation.
Met bijdragen van Pieter van Onzenoort, Katelijne van Barneveld-Peters, Pauline Schonewille-van Diest, Else-Marie van den Eerenbeemt, Danny Pront en Wouter Burgerhart.
De Erfenisvakdag is een initiatief van de Stichting Nalatenschapsmediation, die ijvert voor de toepassing van mediation bij de afwikkeling van nalatenschappen, alsmede in preventieve zin.
Naar aanleiding van elke
Erfenisvakdag verschijnt een thematisch cahier met een bundeling van de
uitgewerkte voordrachten.
Het verband tussen niet-auditdiensten en auditkwaliteit. Empirische studie voor de Belgische auditmarkt (Reeks ICCI 2014-1)
NEDERLANDS
De hoofddoelstelling van deze studie is te onderzoeken of er een verband bestaat tussen niet-auditdiensten en de auditkwaliteit op de Belgische auditmarkt. De studie wordt opgevat in twee delen.
In het eerste deel wordt een beknopt historisch overzicht van het regelgevend kader ten aanzien van niet-auditdiensten gegeven. Vervolgens wordt de evolutie en de samenstelling van de erelonen bestudeerd voor zowel audit- als niet-auditdiensten in België over de periode 2008-2010 en wordt er een vergelijking gemaakt met evoluties in het buitenland. Uit de analyse van de samenstelling van de erelonen voor niet-auditdiensten in België blijkt dat nagenoeg de helft hiervan uit belastingadviesopdrachten wordt gegenereerd.
Uiteindelijk worden de empirische studies die (internationaal) het verband behandelen tussen (de erelonen van) niet-auditdiensten en auditkwaliteit besproken.
In het tweede deel wordt nagegaan of er daadwerkelijk een verband bestaat tussen niet-auditdiensten en de auditkwaliteit op de Belgische auditmarkt.
Een uitgebreide toetsing laat de onderzoekers toe te concluderen dat er weinig empirische ondersteuning is voor de veronderstelling dat niet-auditdiensten een impact (hetzij positief hetzij negatief) hebben op de auditkwaliteit.
Inhoudstafel
Woord vooraf
Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks
FRANCAIS
Le rapport entre les services non-audit et la qualité de l’audit. Etude empirique du marché belge d’audit
L’objectif principal de cette étude est de déterminer s’il existe un lien entre les services non-audit et la qualité de l’audit sur le marché belge de l’audit. L’étude se compose de deux parties.
La première partie présente un bref historique du cadre réglementaire des services nonaudit. Ensuite, l’étude se concentre sur l’évolution et la composition des honoraires facturés au cours de la période 2008-2010 pour les services d’audit et non-audit en Belgique, et établit une comparaison avec les développements internationaux. Il ressort de l’analyse de la composition des honoraires pour les services non-audit en Belgique que pratiquement la moitié de ces honoraires sont issus de missions de conseils fiscaux.
Finalement, les études empiriques qui traitent (au niveau international) du lien entre (les honoraires pour) les services non-audit et la qualité de l’audit sont abordées.
La deuxième partie examine l’existence d’un lien entre les services non-audit et la qualité de l’audit sur le marché belge de l’audit.
Les résultats d’une analyse étendue permettent aux chercheurs de conclure qu’il existe très peu de soutien empirique dans l’hypothèse où les services non-audit ont un impact (qu’il soit négatif ou positif) sur la qualité de l’audit.
Table des matières
Avant-propos
Plus d''information sur la série ICCI (abonnement = 15% de réduction sur le prix normal).
Het verband tussen niet-auditdiensten en auditkwaliteit. Empirische studie voor de Belgische auditmarkt (Reeks ICCI 2014-1)
NEDERLANDS
De hoofddoelstelling van deze studie is te onderzoeken of er een verband bestaat tussen niet-auditdiensten en de auditkwaliteit op de Belgische auditmarkt. De studie wordt opgevat in twee delen.
In het eerste deel wordt een beknopt historisch overzicht van het regelgevend kader ten aanzien van niet-auditdiensten gegeven. Vervolgens wordt de evolutie en de samenstelling van de erelonen bestudeerd voor zowel audit- als niet-auditdiensten in België over de periode 2008-2010 en wordt er een vergelijking gemaakt met evoluties in het buitenland. Uit de analyse van de samenstelling van de erelonen voor niet-auditdiensten in België blijkt dat nagenoeg de helft hiervan uit belastingadviesopdrachten wordt gegenereerd.
Uiteindelijk worden de empirische studies die (internationaal) het verband behandelen tussen (de erelonen van) niet-auditdiensten en auditkwaliteit besproken.
In het tweede deel wordt nagegaan of er daadwerkelijk een verband bestaat tussen niet-auditdiensten en de auditkwaliteit op de Belgische auditmarkt.
Een uitgebreide toetsing laat de onderzoekers toe te concluderen dat er weinig empirische ondersteuning is voor de veronderstelling dat niet-auditdiensten een impact (hetzij positief hetzij negatief) hebben op de auditkwaliteit.
Inhoudstafel
Woord vooraf
Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks
FRANCAIS
Le rapport entre les services non-audit et la qualité de l’audit. Etude empirique du marché belge d’audit
L’objectif principal de cette étude est de déterminer s’il existe un lien entre les services non-audit et la qualité de l’audit sur le marché belge de l’audit. L’étude se compose de deux parties.
La première partie présente un bref historique du cadre réglementaire des services nonaudit. Ensuite, l’étude se concentre sur l’évolution et la composition des honoraires facturés au cours de la période 2008-2010 pour les services d’audit et non-audit en Belgique, et établit une comparaison avec les développements internationaux. Il ressort de l’analyse de la composition des honoraires pour les services non-audit en Belgique que pratiquement la moitié de ces honoraires sont issus de missions de conseils fiscaux.
Finalement, les études empiriques qui traitent (au niveau international) du lien entre (les honoraires pour) les services non-audit et la qualité de l’audit sont abordées.
La deuxième partie examine l’existence d’un lien entre les services non-audit et la qualité de l’audit sur le marché belge de l’audit.
Les résultats d’une analyse étendue permettent aux chercheurs de conclure qu’il existe très peu de soutien empirique dans l’hypothèse où les services non-audit ont un impact (qu’il soit négatif ou positif) sur la qualité de l’audit.
Table des matières
Avant-propos
Plus d''information sur la série ICCI (abonnement = 15% de réduction sur le prix normal).

Praktisch omgaan met uw vennootschap voor vrije beroepen en ondernemers (4de, herziene uitgave)
Fiscaal gezien komt het werken met een vennootschap erop neer dat de vennootschap hetinkomen verdient dat voorheen door de natuurlijke persoon werd verdiend. De vennootschapkeert het inkomen gespreid uit over de diverse soorten van inkomsten die binnen de personenbelastingbestaan.
Dit boek vormt een praktische en toegankelijke leidraad voor de beoefenaars van vrije beroepenen de ondernemers die de werking van een vennootschap willen begrijpen. Het biedt delezer een overzicht van de fiscale mogelijkheden om zijn persoonlijke vermogenssituatie te optimaliseren.Toepassingsvoorbeelden illustreren die principes. Het stelt de lezer in staat omgerichter te overleggen met zijn boekhouder of accountant of hen opdrachten te geven, zonderzelf de technische uitwerking te moeten doorgronden.
Deze vierde vermeerderde uitgave is volledig geactualiseerd, met uitgebreide aandacht voorde fiscaliteit van het onroerend goed en de wagen. Ook worden telkens de laatste begrotingsmaatregelenbesproken.

Praktisch omgaan met uw vennootschap voor vrije beroepen en ondernemers (4de, herziene uitgave)
Fiscaal gezien komt het werken met een vennootschap erop neer dat de vennootschap hetinkomen verdient dat voorheen door de natuurlijke persoon werd verdiend. De vennootschapkeert het inkomen gespreid uit over de diverse soorten van inkomsten die binnen de personenbelastingbestaan.
Dit boek vormt een praktische en toegankelijke leidraad voor de beoefenaars van vrije beroepenen de ondernemers die de werking van een vennootschap willen begrijpen. Het biedt delezer een overzicht van de fiscale mogelijkheden om zijn persoonlijke vermogenssituatie te optimaliseren.Toepassingsvoorbeelden illustreren die principes. Het stelt de lezer in staat omgerichter te overleggen met zijn boekhouder of accountant of hen opdrachten te geven, zonderzelf de technische uitwerking te moeten doorgronden.
Deze vierde vermeerderde uitgave is volledig geactualiseerd, met uitgebreide aandacht voorde fiscaliteit van het onroerend goed en de wagen. Ook worden telkens de laatste begrotingsmaatregelenbesproken.
Partnergeweld. Screening en risicotaxatie
Dit boek geeft een gedetailleerd beeld over wat er mogelijk is op vlak van screening en risicotaxatie bij partnergeweld. Er wordt een antwoord geboden op heel wat vragen waarmee de praktijk en de wetenschap worden geconfronteerd: Welke instrumenten zijn er beschikbaar om partnergeweld op te sporen of om het risico op een herhaling of een escalatie accuraat in te schatten?; Welke instrumenten leveren betrouwbare en valide resultaten op?; Welke methode is gebruiksvriendelijk voor niet-klinische professionals?; Hoe kan er multidisciplinair op een eenduidige wijze worden gecommuniceerd over risico’s?; etc.
Goede screening- en risicotaxatie-instrumenten dragen bij tot betere beslissingen
en effectievere maatregelen, op voorwaarde dat de toepassing en interpretatie
correct gebeuren. Op basis van een nauwkeurig overzicht van de
psychometrische en praktische kwaliteiten van deze instrumenten kunnen
professionals een verantwoorde keuze maken. Het boek bevat heel wat richtlijnen
voor wie op een gestructureerde en evidence-based manier wil werken
in dossiers van partnergeweld.
Anne Groenen is doctor in de criminologische wetenschappen en werkzaam
als onderzoeksleider van APART (apart.nu), het onderzoekscentrum van Thomas
More dat gespecialiseerd is in agressie. Zij is tevens docent sociaal werk
en toegepaste psychologie en is geaffilieerd onderzoeker van het Leuvens Instituut
voor Criminologie, KU Leuven. Verder geeft zij opleidingen aan politie,
justitie en hulpverlening. Ze is auteur van diverse artikelen en boeken over
(partner)geweld en risicotaxatie.
Sarah Matkoski werkt als onderzoeker bij APART. Zij is tevens als vrijwillig medewerker verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie, KU Leuven. Daarnaast werkt zij als klinisch psycholoog in de zelfstandige praktijk BALANZA en participeert zij aan de vierjarige voortgezette opleiding tot systeemtherapeut bij het IPRR.
Partnergeweld. Screening en risicotaxatie
Dit boek geeft een gedetailleerd beeld over wat er mogelijk is op vlak van screening en risicotaxatie bij partnergeweld. Er wordt een antwoord geboden op heel wat vragen waarmee de praktijk en de wetenschap worden geconfronteerd: Welke instrumenten zijn er beschikbaar om partnergeweld op te sporen of om het risico op een herhaling of een escalatie accuraat in te schatten?; Welke instrumenten leveren betrouwbare en valide resultaten op?; Welke methode is gebruiksvriendelijk voor niet-klinische professionals?; Hoe kan er multidisciplinair op een eenduidige wijze worden gecommuniceerd over risico’s?; etc.
Goede screening- en risicotaxatie-instrumenten dragen bij tot betere beslissingen
en effectievere maatregelen, op voorwaarde dat de toepassing en interpretatie
correct gebeuren. Op basis van een nauwkeurig overzicht van de
psychometrische en praktische kwaliteiten van deze instrumenten kunnen
professionals een verantwoorde keuze maken. Het boek bevat heel wat richtlijnen
voor wie op een gestructureerde en evidence-based manier wil werken
in dossiers van partnergeweld.
Anne Groenen is doctor in de criminologische wetenschappen en werkzaam
als onderzoeksleider van APART (apart.nu), het onderzoekscentrum van Thomas
More dat gespecialiseerd is in agressie. Zij is tevens docent sociaal werk
en toegepaste psychologie en is geaffilieerd onderzoeker van het Leuvens Instituut
voor Criminologie, KU Leuven. Verder geeft zij opleidingen aan politie,
justitie en hulpverlening. Ze is auteur van diverse artikelen en boeken over
(partner)geweld en risicotaxatie.
Sarah Matkoski werkt als onderzoeker bij APART. Zij is tevens als vrijwillig medewerker verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie, KU Leuven. Daarnaast werkt zij als klinisch psycholoog in de zelfstandige praktijk BALANZA en participeert zij aan de vierjarige voortgezette opleiding tot systeemtherapeut bij het IPRR.

Recht in beweging – 21ste VRG Alumnidag 2014
Recht in beweging is het uithangbord van de jaarlijkse alumnidag van het Vlaams Rechts Genootschap. Nu de 21ste op rij.
Op deze alumnidag staan de recente ontwikkelingen op het vlak van recht steevast op de agenda. Dit boek bevat de tekst van de lezingen die op 14 maart 2014 door niet minder dan 500 juristen beluisterd en besproken werden.

Recht in beweging – 21ste VRG Alumnidag 2014
Recht in beweging is het uithangbord van de jaarlijkse alumnidag van het Vlaams Rechts Genootschap. Nu de 21ste op rij.
Op deze alumnidag staan de recente ontwikkelingen op het vlak van recht steevast op de agenda. Dit boek bevat de tekst van de lezingen die op 14 maart 2014 door niet minder dan 500 juristen beluisterd en besproken werden.
Reframing Prostitution. From Discourse to Description, From Moralisation to Normalisation?
With contributions across social science disciplines, this international collection presents
a valuable discussion on the importance of empirical studies in various segments
of prostitution, highlights social contexts around it and challenges regulatory responses
that frame our thinking about prostitution, promoting fresh debate about future policy
directions in this area.
Prof. dr. Gert Vermeulen is full professor of international and European criminal law and department chair criminal law and criminology at Ghent University, director of the Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) and extraordinary professor of evidence at Maastricht University.
Nina Peršak is research professor in the area of criminology and sociology of law, Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Faculty of Law, Ghent University.
Reframing Prostitution. From Discourse to Description, From Moralisation to Normalisation?
With contributions across social science disciplines, this international collection presents
a valuable discussion on the importance of empirical studies in various segments
of prostitution, highlights social contexts around it and challenges regulatory responses
that frame our thinking about prostitution, promoting fresh debate about future policy
directions in this area.
Prof. dr. Gert Vermeulen is full professor of international and European criminal law and department chair criminal law and criminology at Ghent University, director of the Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) and extraordinary professor of evidence at Maastricht University.
Nina Peršak is research professor in the area of criminology and sociology of law, Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Faculty of Law, Ghent University.
Risicotaxatie en partnergeweld. Verklarend woordenboek voor welzijn, politie, justitie en gezondheidszorg
Deze uitgave is bestemd voor al wie beoordelingen moet maken van situaties van partnergeweld en al wie op zoek is naar nuttige informatie hieromtrent.
Anne Groenen is onderzoeksleider van APART (apart.nu), het onderzoekscentrum van Thomas More dat gespecialiseerd is in agressie. Zij is tevens docent sociaal werk en toegepaste psychologie en is geaffilieerd onderzoeker van het Leuvens Instituut voor Criminologie, KU Leuven. Verder geeft zij opleidingen aan politie, justitie en hulpverlening. Ze is auteur van diverse artikelen en boeken over (partner)geweld en risicotaxatie.
Sarah Matkoski werkt als onderzoeker bij APART. Zij is tevens als vrijwillig medewerker verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie,
KU Leuven. Daarnaast werkt zij als klinisch psycholoog in de zelfstandige praktijk BALANZA en participeert zij aan de vierjarige voortgezette opleiding tot systeemtherapeut bij het IPRR.
Risicotaxatie en partnergeweld. Verklarend woordenboek voor welzijn, politie, justitie en gezondheidszorg
Deze uitgave is bestemd voor al wie beoordelingen moet maken van situaties van partnergeweld en al wie op zoek is naar nuttige informatie hieromtrent.
Anne Groenen is onderzoeksleider van APART (apart.nu), het onderzoekscentrum van Thomas More dat gespecialiseerd is in agressie. Zij is tevens docent sociaal werk en toegepaste psychologie en is geaffilieerd onderzoeker van het Leuvens Instituut voor Criminologie, KU Leuven. Verder geeft zij opleidingen aan politie, justitie en hulpverlening. Ze is auteur van diverse artikelen en boeken over (partner)geweld en risicotaxatie.
Sarah Matkoski werkt als onderzoeker bij APART. Zij is tevens als vrijwillig medewerker verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie,
KU Leuven. Daarnaast werkt zij als klinisch psycholoog in de zelfstandige praktijk BALANZA en participeert zij aan de vierjarige voortgezette opleiding tot systeemtherapeut bij het IPRR.
Mediation tussen dwang en vrijwilligheid
De bijdragen in dit boek gaan in op de kwestie van verplichting en vrijwilligheid bij mediation, en bespreken de mogelijke effecten en neveneffecten van de veranderingen op het terrein van mediation ten gevolge van de nieuwe wetgeving. Daarnaast wordt een blik geworpen op andere recente ontwikkelingen of interessante aanpakken op deelterreinen van mediation, zoals de kwestie van interculturaliteit en de relatie tussen verlies en conflict.
Volledige auteursinformatie
Mediation tussen dwang en vrijwilligheid
De bijdragen in dit boek gaan in op de kwestie van verplichting en vrijwilligheid bij mediation, en bespreken de mogelijke effecten en neveneffecten van de veranderingen op het terrein van mediation ten gevolge van de nieuwe wetgeving. Daarnaast wordt een blik geworpen op andere recente ontwikkelingen of interessante aanpakken op deelterreinen van mediation, zoals de kwestie van interculturaliteit en de relatie tussen verlies en conflict.
Volledige auteursinformatie
Handboek ontslagrecht (BE) (Hardcover) – Tweede, herziene uitgave
Meer dan ooit is het ontslagrecht een kluwen waarin een fout gauw is gemaakt. De financiële gevolgen van deze fout zijn vaak zeer groot en soms zelfs enorm. Dit boek biedt een toegankelijke en bevattelijke leidraad bij ontslag en dit zowel vanuit werkgevers- als vanuit werknemersperspectief.
Het ontslagrecht wordt behandeld in drie delen:
- Waarbij moet ik stilstaan alvorens tot ontslag over te gaan?
- Hoe moet ik het ontslag concreet organiseren?
- Zijn er nog verplichtingen of formaliteiten na het ontslag?
Het handboek ontslagrecht is bestemd voor iedereen die in de praktijk met personeel en ontslag in aanraking komt: advocaten, bedrijfsjuristen, HR-managers, personeelsverantwoordelijken, werkgeversorganisaties, vakbonden maar ook werknemers zullen in dit boek concrete antwoorden vinden.
Vicky Buelens en Peter Stroobants bouwden vanuit hun praktijk een zeer ruime ervaring op en geven daarnaast seminaries en opleidingen over o.a. ontslagrecht.
Het kantoor Stroobants Buelens advocaten is gespecialiseerd in het individueel en het collectief arbeidsrecht en het sociaal zekerheidsrecht. Het ontslagrecht heeft hierin een prominente plaats.
Handboek ontslagrecht (BE) (Hardcover) – Tweede, herziene uitgave
Meer dan ooit is het ontslagrecht een kluwen waarin een fout gauw is gemaakt. De financiële gevolgen van deze fout zijn vaak zeer groot en soms zelfs enorm. Dit boek biedt een toegankelijke en bevattelijke leidraad bij ontslag en dit zowel vanuit werkgevers- als vanuit werknemersperspectief.
Het ontslagrecht wordt behandeld in drie delen:
- Waarbij moet ik stilstaan alvorens tot ontslag over te gaan?
- Hoe moet ik het ontslag concreet organiseren?
- Zijn er nog verplichtingen of formaliteiten na het ontslag?
Het handboek ontslagrecht is bestemd voor iedereen die in de praktijk met personeel en ontslag in aanraking komt: advocaten, bedrijfsjuristen, HR-managers, personeelsverantwoordelijken, werkgeversorganisaties, vakbonden maar ook werknemers zullen in dit boek concrete antwoorden vinden.
Vicky Buelens en Peter Stroobants bouwden vanuit hun praktijk een zeer ruime ervaring op en geven daarnaast seminaries en opleidingen over o.a. ontslagrecht.
Het kantoor Stroobants Buelens advocaten is gespecialiseerd in het individueel en het collectief arbeidsrecht en het sociaal zekerheidsrecht. Het ontslagrecht heeft hierin een prominente plaats.
Witwassen en financiering van terrorisme – 3de, herziene uitgave
Witwassen van gelden en kapitalen vormt een hardnekkig probleem en is een bedreiging voor het financieel-economisch gebeuren. Het doel is de illegaal verworven vermogensvoordelen terug in het legale circuit te brengen. Dit gebeurt via ingewikkelde (financiële) mechanismen, zonder een spoor na te laten van de illegale oorsprong.
Dit boek is een referentiewerk voor al wie betrokken is bij de bestrijding van het witwassen van kapitalen en financiering van terrorisme. Het beschrijft uitvoerig de werking van het systeem van witwassen, de typologieën en de methoden om atypische transacties tijdig te kunnen herkennen.
De derde editie behandelt onder meer:
- recente wijzigingen aan de anti-witwaswet;
- aanpassingen aan de fiscale wetgeving en het Strafwetboek (“fiscale fraude, al dan niet georganiseerd”);
- een analyse van meer dan 500 jaarlijkse rapporten van meer dan 50 Financial Intelligence Units betreffende verschillende typologieën en witwasmethoden;
- de nieuwe 40 internationale normen van de Financial Action Task Force (FATF) met betrekking tot het witwassen van kapitalen, de financiering van terrorisme en de proliferatie van massavernietigingswapens;
- de vierde Europese anti-witwasrichtlijn.
Geert Delrue is licentiaat in de criminologie en werkzaam als Gerechtelijk Commissaris bij de Federale Gerechtelijke Politie te Kortrijk, waar hij zich vooral heeft gespecialiseerd in fiscale onderzoeken en witwasonderzoeken. Hij is aangesloten als Registered Forensic Auditor bij het Institute for Forensic Auditors. De laatste jaren geeft hij geregeld presentaties tijdens conferenties in België en in het buitenland. Hij geeft ook les aan Belgische en buitenlandse universiteiten.
Witwassen en financiering van terrorisme – 3de, herziene uitgave
Witwassen van gelden en kapitalen vormt een hardnekkig probleem en is een bedreiging voor het financieel-economisch gebeuren. Het doel is de illegaal verworven vermogensvoordelen terug in het legale circuit te brengen. Dit gebeurt via ingewikkelde (financiële) mechanismen, zonder een spoor na te laten van de illegale oorsprong.
Dit boek is een referentiewerk voor al wie betrokken is bij de bestrijding van het witwassen van kapitalen en financiering van terrorisme. Het beschrijft uitvoerig de werking van het systeem van witwassen, de typologieën en de methoden om atypische transacties tijdig te kunnen herkennen.
De derde editie behandelt onder meer:
- recente wijzigingen aan de anti-witwaswet;
- aanpassingen aan de fiscale wetgeving en het Strafwetboek (“fiscale fraude, al dan niet georganiseerd”);
- een analyse van meer dan 500 jaarlijkse rapporten van meer dan 50 Financial Intelligence Units betreffende verschillende typologieën en witwasmethoden;
- de nieuwe 40 internationale normen van de Financial Action Task Force (FATF) met betrekking tot het witwassen van kapitalen, de financiering van terrorisme en de proliferatie van massavernietigingswapens;
- de vierde Europese anti-witwasrichtlijn.
Geert Delrue is licentiaat in de criminologie en werkzaam als Gerechtelijk Commissaris bij de Federale Gerechtelijke Politie te Kortrijk, waar hij zich vooral heeft gespecialiseerd in fiscale onderzoeken en witwasonderzoeken. Hij is aangesloten als Registered Forensic Auditor bij het Institute for Forensic Auditors. De laatste jaren geeft hij geregeld presentaties tijdens conferenties in België en in het buitenland. Hij geeft ook les aan Belgische en buitenlandse universiteiten.
