Zoals het klokje thuis tikt. Samenhuizen van volwassen kinderen met hun ouders. (Reeks: Gezinnen, Relaties en Opvoeding, nr. 1)
Samenhuizen met volwassen kinderen: voor veel gezinnen is dit – al dan niet tijdelijk – een realiteit. Sommige kinderen blijven in Hotel Mama wonen, anderen komen als boemerangkinderen tijdelijk inwonen na een scheiding. Mensen van middelbare leeftijd kiezen er soms voor om te gaan samenwonen met hun bejaarde ouders of hun volwassen kinderen die een beperking hebben, om voor hen te zorgen.
Onderzoekers van het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee) maakten samen met partners een analyse van verschillende vormen van ‘samenhuizen’ van ouders met volwassen kinderen. De auteurs gaan in op de uitdagingen en doen concrete aanbevelingen om dit te ondersteunen en te optimaliseren. Sommige vormen van samenhuizen met volwassen kinderen en ouders zijn vandaag al wijdverspreid. Andere kunnen in de toekomst misschien een antwoord bieden op vragen die een vergrijzende en zorgzame samenleving ons stelt. Dit boek is een inspiratiebron
voor iedereen die professioneel, beleidsmatig of persoonlijk te maken heeft met samenhuizen van volwassen kinderen en hun ouders.
Dirk Luyten is doctor in de sociale wetenschappen en master in de stedenbouw en
ruimtelijke planning, is lector gezinsbeleid aan de opleiding gezinswetenschappen
(Odisee) en onderzoeker bij het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen
(Odisee). Hij is zelfstandig beleidsadviseur woonbeleid (Studio Beleid).
Kathleen Emmery is master in de criminologie en coördinator van het kenniscentrum
Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee). Ze doceert recht aan de opleiding
gezinswetenschappen (Odisee) en doet onderzoek naar gezinsbeleid in Vlaanderen.
Eline Mechels is master in de sociologie en stafmedewerker aan het kenniscentrum
Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee).
Zoals het klokje thuis tikt. Samenhuizen van volwassen kinderen met hun ouders. (Reeks: Gezinnen, Relaties en Opvoeding, nr. 1)
Samenhuizen met volwassen kinderen: voor veel gezinnen is dit – al dan niet tijdelijk – een realiteit. Sommige kinderen blijven in Hotel Mama wonen, anderen komen als boemerangkinderen tijdelijk inwonen na een scheiding. Mensen van middelbare leeftijd kiezen er soms voor om te gaan samenwonen met hun bejaarde ouders of hun volwassen kinderen die een beperking hebben, om voor hen te zorgen.
Onderzoekers van het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee) maakten samen met partners een analyse van verschillende vormen van ‘samenhuizen’ van ouders met volwassen kinderen. De auteurs gaan in op de uitdagingen en doen concrete aanbevelingen om dit te ondersteunen en te optimaliseren. Sommige vormen van samenhuizen met volwassen kinderen en ouders zijn vandaag al wijdverspreid. Andere kunnen in de toekomst misschien een antwoord bieden op vragen die een vergrijzende en zorgzame samenleving ons stelt. Dit boek is een inspiratiebron
voor iedereen die professioneel, beleidsmatig of persoonlijk te maken heeft met samenhuizen van volwassen kinderen en hun ouders.
Dirk Luyten is doctor in de sociale wetenschappen en master in de stedenbouw en
ruimtelijke planning, is lector gezinsbeleid aan de opleiding gezinswetenschappen
(Odisee) en onderzoeker bij het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen
(Odisee). Hij is zelfstandig beleidsadviseur woonbeleid (Studio Beleid).
Kathleen Emmery is master in de criminologie en coördinator van het kenniscentrum
Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee). Ze doceert recht aan de opleiding
gezinswetenschappen (Odisee) en doet onderzoek naar gezinsbeleid in Vlaanderen.
Eline Mechels is master in de sociologie en stafmedewerker aan het kenniscentrum
Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (Odisee).
Renfrew Taalschalen Nederlandse Aanpassing (RTNA) – Set: Handleiding en scoreformulieren + Taalkaarten (in opbergkoffer)(2e druk)
In de logopedische en klinisch linguïstische praktijk heeft menbehoefte aan een volledige testbatterij voor het onderzoek vanalle taalaspecten. In het Nederlands taalgebied zijn reeds enkelewaardevolle tests voorhanden om problemen op vlak vansemantiek, morfologie en syntaxis te onderkennen. Het aanbodom pragmatische vaardigheden en meer specifiek de narratievevaardigheid te evalueren, is eerder beperkt. Nochtans is hetessentieel pragmatiek nauwkeurig te onderzoeken vanwege derelatie met de alledaagse communicatie en in het kader van differentiëlediagnostiek tussen bepaalde vormen van ontwikkelingsstoornissen(Russell, 2007).
Naast het tekort aan genormeerde instrumenten voor narratievevaardigheden, merken we dat er nog geen test beschikbaar isdie de woordvinding analyseert. Woordvinding verwijst naar desnelheid waarmee een woord kan worden opgeroepen uit hetlexicon. De woordenschattests die momenteel gehanteerd wordenin de klinische praktijk, laten niet toe uitspraken te doen overwoordvinding daar er geen tijdslimiet wordt vastgelegd. Tot slotis er nog geen test die kinderen spontaan zinnen laat uiten enwaarbij men rekening dient te houden met de voorkennis van deluisteraar. De Renfrew Taalschalen Nederlandse Aanpassing lijkendeze leemtes te kunnen opvullen.
Renfrew Taalschalen Nederlandse Aanpassing (RTNA) – Set: Handleiding en scoreformulieren + Taalkaarten (in opbergkoffer)(2e druk)
In de logopedische en klinisch linguïstische praktijk heeft menbehoefte aan een volledige testbatterij voor het onderzoek vanalle taalaspecten. In het Nederlands taalgebied zijn reeds enkelewaardevolle tests voorhanden om problemen op vlak vansemantiek, morfologie en syntaxis te onderkennen. Het aanbodom pragmatische vaardigheden en meer specifiek de narratievevaardigheid te evalueren, is eerder beperkt. Nochtans is hetessentieel pragmatiek nauwkeurig te onderzoeken vanwege derelatie met de alledaagse communicatie en in het kader van differentiëlediagnostiek tussen bepaalde vormen van ontwikkelingsstoornissen(Russell, 2007).
Naast het tekort aan genormeerde instrumenten voor narratievevaardigheden, merken we dat er nog geen test beschikbaar isdie de woordvinding analyseert. Woordvinding verwijst naar desnelheid waarmee een woord kan worden opgeroepen uit hetlexicon. De woordenschattests die momenteel gehanteerd wordenin de klinische praktijk, laten niet toe uitspraken te doen overwoordvinding daar er geen tijdslimiet wordt vastgelegd. Tot slotis er nog geen test die kinderen spontaan zinnen laat uiten enwaarbij men rekening dient te houden met de voorkennis van deluisteraar. De Renfrew Taalschalen Nederlandse Aanpassing lijkendeze leemtes te kunnen opvullen.
Een kei in evalueren. Werkboek evalueren in de gezondheidsbevordering
Evalueren is géén passief gebeuren, het doel is om je project of samenwerking een nieuwe impuls te geven. Actie dus. Dit handboek zet je op een toegankelijke manier op weg.
Evaluatieproces van A tot Z
Het boek doet het evaluatieproces van A tot Z uit de doeken en biedt een
kader dat helpt
om het overzicht te houden op alle beslissingen die een evaluatie vereist.
Het is bedoeld
voor iedereen die zijn inspanningen op het vlak van gezondheidsbevordering
naar waarde
wil schatten. Of dat nu een project, actie, product, samenwerking,
interventie of dienstverlening
is.
Toegankelijk
Een kwaliteitsvolle evaluatie start met een gefundeerde voorbereiding.
Hiervoor worden
tools zoals de evaluatiematrix en het RE-AIM-model aangereikt. Je komt ook
te weten hoe
je meetinstrumenten opstelt. De uitvoering van de evaluatie bevat uitleg
over de verzameling,
analyse en interpretatie van de gegevens. Maar ook het resultaat van de
evaluatie
wordt niet vergeten. Hoe gaan we hier nu mee voort? Alle onderdelen van de
theorie komen
op een toegankelijke manier aan bod met concrete voorbeelden.
Dit is een boek om meer en beter te evalueren.
Saidja Steenhuyzen is stafmedewerker wetenschappelijke ondersteuning bij VIGeZ -
Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie, met zetel in Brussel.
Veerle Stevens was stafmedewerker bij VIGeZ. Zij is nu adjunct-directeur bij CGG Passant
vzw.
Een kei in evalueren. Werkboek evalueren in de gezondheidsbevordering
Evalueren is géén passief gebeuren, het doel is om je project of samenwerking een nieuwe impuls te geven. Actie dus. Dit handboek zet je op een toegankelijke manier op weg.
Evaluatieproces van A tot Z
Het boek doet het evaluatieproces van A tot Z uit de doeken en biedt een
kader dat helpt
om het overzicht te houden op alle beslissingen die een evaluatie vereist.
Het is bedoeld
voor iedereen die zijn inspanningen op het vlak van gezondheidsbevordering
naar waarde
wil schatten. Of dat nu een project, actie, product, samenwerking,
interventie of dienstverlening
is.
Toegankelijk
Een kwaliteitsvolle evaluatie start met een gefundeerde voorbereiding.
Hiervoor worden
tools zoals de evaluatiematrix en het RE-AIM-model aangereikt. Je komt ook
te weten hoe
je meetinstrumenten opstelt. De uitvoering van de evaluatie bevat uitleg
over de verzameling,
analyse en interpretatie van de gegevens. Maar ook het resultaat van de
evaluatie
wordt niet vergeten. Hoe gaan we hier nu mee voort? Alle onderdelen van de
theorie komen
op een toegankelijke manier aan bod met concrete voorbeelden.
Dit is een boek om meer en beter te evalueren.
Saidja Steenhuyzen is stafmedewerker wetenschappelijke ondersteuning bij VIGeZ -
Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie, met zetel in Brussel.
Veerle Stevens was stafmedewerker bij VIGeZ. Zij is nu adjunct-directeur bij CGG Passant
vzw.
Lesson Study: een praktische gids voor het onderwijs
Lesson Study is een effectieve benadering voor onderwijsprofessionalisering diein Nederland snel aan populariteit wint. Het is een werkwijze waarbij docentenin teamverband een cyclus doorlopen om het leren van leerlingen te verbeteren.De cyclus bestaat uit de volgende stappen:
- Oriënteren en doelen stellen.
- Ontwerpen van de onderzoeksles met een didactiek om alle leerlingen tebereiken.
- Geven van de eerste onderzoeksles.
- Nabespreken van de eerste onderzoeksles.
- Herzien en nogmaals geven van de onderzoeksles.
- Reflecteren en delen van resultaten.
Lesson Study: een praktische gids voor het onderwijs
Lesson Study is een effectieve benadering voor onderwijsprofessionalisering diein Nederland snel aan populariteit wint. Het is een werkwijze waarbij docentenin teamverband een cyclus doorlopen om het leren van leerlingen te verbeteren.De cyclus bestaat uit de volgende stappen:
- Oriënteren en doelen stellen.
- Ontwerpen van de onderzoeksles met een didactiek om alle leerlingen tebereiken.
- Geven van de eerste onderzoeksles.
- Nabespreken van de eerste onderzoeksles.
- Herzien en nogmaals geven van de onderzoeksles.
- Reflecteren en delen van resultaten.
Trauma binnenstebuiten (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 22)
Het psychotrauma lijkt in de maatschappij en in de geestelijke gezondheidszorg aan eenopmars bezig. Het goede nieuws is dat het meer bespreekbaar is geworden. Het slechtenieuws is dat het impact en de gevolgen ervan niet altijd juist worden ingeschat.
Indit boek gaat het niet zozeer om wat natuurrampen of oorlogsgeweld aanrichten maarom verborgen en onzichtbare breuken of kwetsuren die ons door medemensen of zelfsvertrouwensfiguren worden aangedaan. De psychoanalyse heeft ook over deze kwestiegeen eenvoudige opvatting. Het gaat om een complexe materie met gevolgen voorvertrouwen, gehechtheid, ontwikkeling, psychosociaal en -seksueel leven enzovoort.Binnen- en buitenwereld, fantasie en realiteit, dader en slachtoffer blijken daarbij inelkaar over te lopen.
Deze bundel bevat naar goede gewoonte bijdragen uit diversetheoretische en klinische hoeken. Voor het eerst worden ze ook aangevuld met het getuigenverslagvan een ervaringsdeskundige. Leren we vaak niet het meest door goednaar onze patiënten te luisteren?
Met bijdragen van Ariane Bazan, Frédéric Declercq, Marijn Depraetere, Nele Fiers,Mieke Hoste, Mark Kinet, Nelleke J. Nicolai en Myriam Van Gael.
Trauma binnenstebuiten (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 22)
Het psychotrauma lijkt in de maatschappij en in de geestelijke gezondheidszorg aan eenopmars bezig. Het goede nieuws is dat het meer bespreekbaar is geworden. Het slechtenieuws is dat het impact en de gevolgen ervan niet altijd juist worden ingeschat.
Indit boek gaat het niet zozeer om wat natuurrampen of oorlogsgeweld aanrichten maarom verborgen en onzichtbare breuken of kwetsuren die ons door medemensen of zelfsvertrouwensfiguren worden aangedaan. De psychoanalyse heeft ook over deze kwestiegeen eenvoudige opvatting. Het gaat om een complexe materie met gevolgen voorvertrouwen, gehechtheid, ontwikkeling, psychosociaal en -seksueel leven enzovoort.Binnen- en buitenwereld, fantasie en realiteit, dader en slachtoffer blijken daarbij inelkaar over te lopen.
Deze bundel bevat naar goede gewoonte bijdragen uit diversetheoretische en klinische hoeken. Voor het eerst worden ze ook aangevuld met het getuigenverslagvan een ervaringsdeskundige. Leren we vaak niet het meest door goednaar onze patiënten te luisteren?
Met bijdragen van Ariane Bazan, Frédéric Declercq, Marijn Depraetere, Nele Fiers,Mieke Hoste, Mark Kinet, Nelleke J. Nicolai en Myriam Van Gael.
Verstandelijke beperking en psychoanalyse (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 21)
Psychoanalyse en verstandelijke beperking vormen een allesbehalve vanzelfsprekend koppel. Ze lijken mekaar zelfs uit te sluiten. Aan die wederzijdse uitsluiting liggen heel wat verschillende theoretische en praktische factoren ten grondslag met ondermeer de van oudsher ambivalente verhouding van pedagogiek en psychoanalyse, het centraal staan van cognitieve processen en leertheoretische concepten in de pedagogiek, de verstandelijke handicap als een organisch gegeven dat niet voor behandeling – zeker niet voor een psychoanalytische behandeling – vatbaar is enz. En toch … in tijden van inclusie blijkt overduidelijk dat een psychoanalytische benadering van verstandelijke handicap wel eens inclusief avant la lettre kan zijn. Die benadering maakt immers concreet werk van haar inclusief adagio: “Niets menselijks is mij vreemd, hoe vreemd die mens ook moge lijken”.
Dit boek zet aan om zelf werk te maken van je verlangen om mensen met een verstandelijke beperking te ondersteunen als volwaardig subject van verlangen, hoe gewoon of ongewoon dat ook gestalte mag krijgen ... al is het luisteren naar fluisteren.
Met bijdragen van Albert Ciccone, Johan De Groef, Karel De Vuyst, Joost Demuynck,
Jeroen Donckers, Eline Coolens, Tomas Geyskens, Simone Korff-Sausse, Steve
Oosterlinck, Régine Scelles, Stijn Vanheule, Marieke Van Isterdael, Evi Verbeke, Paul
Verhaeghe, Rudi Vermote.
Johan De Groef pedagoog en psychoanalyticus, is voormalig algemeen directeur van
Zonnelied.
Rudi Vermote is psychiater en psychoanalyticus en hoogleraar aan de KULeuven).
Verstandelijke beperking en psychoanalyse (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 21)
Psychoanalyse en verstandelijke beperking vormen een allesbehalve vanzelfsprekend koppel. Ze lijken mekaar zelfs uit te sluiten. Aan die wederzijdse uitsluiting liggen heel wat verschillende theoretische en praktische factoren ten grondslag met ondermeer de van oudsher ambivalente verhouding van pedagogiek en psychoanalyse, het centraal staan van cognitieve processen en leertheoretische concepten in de pedagogiek, de verstandelijke handicap als een organisch gegeven dat niet voor behandeling – zeker niet voor een psychoanalytische behandeling – vatbaar is enz. En toch … in tijden van inclusie blijkt overduidelijk dat een psychoanalytische benadering van verstandelijke handicap wel eens inclusief avant la lettre kan zijn. Die benadering maakt immers concreet werk van haar inclusief adagio: “Niets menselijks is mij vreemd, hoe vreemd die mens ook moge lijken”.
Dit boek zet aan om zelf werk te maken van je verlangen om mensen met een verstandelijke beperking te ondersteunen als volwaardig subject van verlangen, hoe gewoon of ongewoon dat ook gestalte mag krijgen ... al is het luisteren naar fluisteren.
Met bijdragen van Albert Ciccone, Johan De Groef, Karel De Vuyst, Joost Demuynck,
Jeroen Donckers, Eline Coolens, Tomas Geyskens, Simone Korff-Sausse, Steve
Oosterlinck, Régine Scelles, Stijn Vanheule, Marieke Van Isterdael, Evi Verbeke, Paul
Verhaeghe, Rudi Vermote.
Johan De Groef pedagoog en psychoanalyticus, is voormalig algemeen directeur van
Zonnelied.
Rudi Vermote is psychiater en psychoanalyticus en hoogleraar aan de KULeuven).
Mijn kind mishandelt me. Oudermishandeling
Kinderen die hun ouders mishandelen is een fenomeen dat meer voorkomt dan men zou denken. Veel literatuur en onderzoek bestaat er nog niet over. Dit hoeft niet te verwonderen. Het is een onderwerp dat we niet graag onder ogen zien, gewoon omdat het niet hoort dat kinderen hun ouders op een of andere manier terroriseren en zeker niet dat ze slaan.
De auteur beschrijft deze situaties op een zeer bevattelijke en concrete wijze. Alle aspecten komen aan bod. De rode draad in het boek is Christof, een vader van 45 jaar, die door zijn zoon Dieter, 17 jaar, zowel fysiek, psychologisch, verbaal als financieel wordt mishandeld. Het boek is bestemd voor iedereen die te maken heeft met deze problematiek of er meer over wil weten.
Met voorwoorden van prof. dr. Wim Van den Broeck en prof. em. dr. Ingrid Ponjaert-Kristoffersen, beiden Universiteit Brussel, en prof. dr. Annemie Desoete, Universiteit Gent.
KARL BAERT is master in de pedagogische wetenschappen en in het onderwijsmanagement. Hij is (mede)auteur van diverse uitgaven over leer-, ontwikkelings- en gedragsstoornissen bij kinderen en jongeren.
Mijn kind mishandelt me. Oudermishandeling
Kinderen die hun ouders mishandelen is een fenomeen dat meer voorkomt dan men zou denken. Veel literatuur en onderzoek bestaat er nog niet over. Dit hoeft niet te verwonderen. Het is een onderwerp dat we niet graag onder ogen zien, gewoon omdat het niet hoort dat kinderen hun ouders op een of andere manier terroriseren en zeker niet dat ze slaan.
De auteur beschrijft deze situaties op een zeer bevattelijke en concrete wijze. Alle aspecten komen aan bod. De rode draad in het boek is Christof, een vader van 45 jaar, die door zijn zoon Dieter, 17 jaar, zowel fysiek, psychologisch, verbaal als financieel wordt mishandeld. Het boek is bestemd voor iedereen die te maken heeft met deze problematiek of er meer over wil weten.
Met voorwoorden van prof. dr. Wim Van den Broeck en prof. em. dr. Ingrid Ponjaert-Kristoffersen, beiden Universiteit Brussel, en prof. dr. Annemie Desoete, Universiteit Gent.
KARL BAERT is master in de pedagogische wetenschappen en in het onderwijsmanagement. Hij is (mede)auteur van diverse uitgaven over leer-, ontwikkelings- en gedragsstoornissen bij kinderen en jongeren.
De literaire apologie, een alternatieve verdediging van het christendom
Na een lange stilte voelen christenen zich vanaf de negentiende eeuw, met name de laatste decennia, geroepen om zich weer te verdedigen tegen aanvallen op hun religie.Dat heeft enerzijds te maken met de opkomst van diverse wetenschappelijke bevindingen, anderzijds met een interne crisis, zoals recente uitkomsten van diverse rapporten laten zien. Terwijl traditionele apologeten kritiek op het christendom door ‘tegenspraak’ probeerden te weerleggen, kan men ook een literaire lijn vaststellen, waarin het religieuze individu zich veeleer op een poëtische wijze ‘uitspreekt’. In deze literaire apologie zoekt men niet zozeer de dialoog, maar presenteert men een autonome stem die zich op een eigenzinnige wijze over het fenomeen ‘religie’ buigt.
"In het boek De literaire apologie, een alternatieve verdediging van het christendom benadert Hans van Stralen het fenomeen ‘apologie’ vanuit een verrassende invalshoek: de literatuur. Van Stralen – literatuurwetenschapper en theoloog – maakt een onderscheid tussen de traditionele apologieën van veelal vroegchristelijke denkers en de meer literaire teneur die hij ontwaart in latere verweerschriften."
Lees meer (Nederlands Dagblad, p.19, 28/10/2016)
De literaire apologie, een alternatieve verdediging van het christendom
Na een lange stilte voelen christenen zich vanaf de negentiende eeuw, met name de laatste decennia, geroepen om zich weer te verdedigen tegen aanvallen op hun religie.Dat heeft enerzijds te maken met de opkomst van diverse wetenschappelijke bevindingen, anderzijds met een interne crisis, zoals recente uitkomsten van diverse rapporten laten zien. Terwijl traditionele apologeten kritiek op het christendom door ‘tegenspraak’ probeerden te weerleggen, kan men ook een literaire lijn vaststellen, waarin het religieuze individu zich veeleer op een poëtische wijze ‘uitspreekt’. In deze literaire apologie zoekt men niet zozeer de dialoog, maar presenteert men een autonome stem die zich op een eigenzinnige wijze over het fenomeen ‘religie’ buigt.
"In het boek De literaire apologie, een alternatieve verdediging van het christendom benadert Hans van Stralen het fenomeen ‘apologie’ vanuit een verrassende invalshoek: de literatuur. Van Stralen – literatuurwetenschapper en theoloog – maakt een onderscheid tussen de traditionele apologieën van veelal vroegchristelijke denkers en de meer literaire teneur die hij ontwaart in latere verweerschriften."
Lees meer (Nederlands Dagblad, p.19, 28/10/2016)
De Polders mee-maken. Bouwstenen voor beeldkwaliteit in de polders tussen Nieuwpoort en Diksmuide
’De Polders mee-maken’ houdt een pleidooi voor ruimte als een subjectieve en emotionele plek zoals mensen die zien en beleven. Het boek biedt een gids om aan de hand van bouwstenen, recepten en ingrediënten samen te werken aan de verbetering van de beeldkwaliteit van het landschap. Een grondige analyse van de polders op basis van acht bouwstenen voor beeldkwaliteit, geeft inzichten in hoe en waarom het landschap is gegroeid tot hoe het er nu uitziet. Vervolgens reikt het boek met eenvoudige schetsen en illustratieve beelden recepten aan om mee te werken aan een mooier polderlandschap.
Sylvie Van Damme is Doctor in de Stedenbouw en de Ruimtelijke Planning en gespecialiseerd in landschapsontwerp. Ze is ver-bonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent.
Pieter Foré is MSc. Landschapsarchitectuur en Planning. Hij is verbonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent en daar-naast werkzaam als zelfstandig landschapsarchitect.
De Polders mee-maken. Bouwstenen voor beeldkwaliteit in de polders tussen Nieuwpoort en Diksmuide
’De Polders mee-maken’ houdt een pleidooi voor ruimte als een subjectieve en emotionele plek zoals mensen die zien en beleven. Het boek biedt een gids om aan de hand van bouwstenen, recepten en ingrediënten samen te werken aan de verbetering van de beeldkwaliteit van het landschap. Een grondige analyse van de polders op basis van acht bouwstenen voor beeldkwaliteit, geeft inzichten in hoe en waarom het landschap is gegroeid tot hoe het er nu uitziet. Vervolgens reikt het boek met eenvoudige schetsen en illustratieve beelden recepten aan om mee te werken aan een mooier polderlandschap.
Sylvie Van Damme is Doctor in de Stedenbouw en de Ruimtelijke Planning en gespecialiseerd in landschapsontwerp. Ze is ver-bonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent.
Pieter Foré is MSc. Landschapsarchitectuur en Planning. Hij is verbonden aan de School of Arts van Hogeschool Gent en daar-naast werkzaam als zelfstandig landschapsarchitect.
Filosofie zonder grenzen
We reizen de aarde rond met het vliegtuig en virtueel via het internet,maar doen we dit ook in ons denken? Trekt filosofie en filosofieonderwijszich niet al te vaak terug binnen de veilige grenzen van ons westerswereldbeeld? Wordt het niet tijd dat wij de anderen leren begrijpen ofdat we ons door hen laten inspireren?
Dit boek geeft een kijk op de rijkdom van de levensbeschouwelijkediversiteit die zich mondiaal ontwikkeld heeft. Het bundelt de basisideeënvan belangrijke niet-westerse filosofische tradities die zich ontwikkeldhebben in China, India, Afrika, bij de indianen, in de islam enin het Jodendom. Via een heldere analyse van de basisuitgangspuntenwordt de lezer ingeleid in de verschillende interpretaties van leven enwerkelijkheid.
Het model voor comparatieve filosofie van Ulrich Libbrecht vormt debasis van waaruit onder meer de verhoudingen tot de natuur, tot hetmysterie en tot de wetenschap onderzocht worden. De droom die erdoorheenschemert, is een wereldfilosofie die alle waardevolle elementenintegreert, die leidt tot nieuwe perspectieven op zingeving, tot oprechteinteresse en verzoening en uiteindelijk tot een ''nieuwe mens''.
Filosofie zonder grenzen
We reizen de aarde rond met het vliegtuig en virtueel via het internet,maar doen we dit ook in ons denken? Trekt filosofie en filosofieonderwijszich niet al te vaak terug binnen de veilige grenzen van ons westerswereldbeeld? Wordt het niet tijd dat wij de anderen leren begrijpen ofdat we ons door hen laten inspireren?
Dit boek geeft een kijk op de rijkdom van de levensbeschouwelijkediversiteit die zich mondiaal ontwikkeld heeft. Het bundelt de basisideeënvan belangrijke niet-westerse filosofische tradities die zich ontwikkeldhebben in China, India, Afrika, bij de indianen, in de islam enin het Jodendom. Via een heldere analyse van de basisuitgangspuntenwordt de lezer ingeleid in de verschillende interpretaties van leven enwerkelijkheid.
Het model voor comparatieve filosofie van Ulrich Libbrecht vormt debasis van waaruit onder meer de verhoudingen tot de natuur, tot hetmysterie en tot de wetenschap onderzocht worden. De droom die erdoorheenschemert, is een wereldfilosofie die alle waardevolle elementenintegreert, die leidt tot nieuwe perspectieven op zingeving, tot oprechteinteresse en verzoening en uiteindelijk tot een ''nieuwe mens''.
Kaat wil niet meer op bezoek. Het ouderverstotingssyndroom
Als een kind na de echtscheiding geen contact meer wil met een van zijn ouders… Het PAS -Parental Alienation Syndrome of Ouderverstotingssyndroom is een begrip dat ingeburgerd is bijonder meer hulpverleners en juristen die zich met echtscheiding bezighouden. Niettemin wordthet begrip ook bekritiseerd. Het ouderverstotingssyndroom is niet alleen moeilijk te definiëren,het is nog veel moeilijker vast te stellen en te behandelen. Het komt voor bij heel wat vechtscheidingenen mag beschouwd worden als een van de ergste loyaliteitsconflicten en zelfs als een vormvan kindermishandeling.
Hoe kan het ouderverstotingssyndroom worden vastgesteld? Zijn er juridische of psychologischeoplossingen? En omdat de ouders, de ex-partners, veruit het grootste aandeel hebben in hetouderverstotingssyndroom, rijst de vraag of we niet beter spreken van het ex-partnerverstotingssyndroom… Dit boek is geschreven voor hulpverleners, juristen, ouders en allen die temaken hebben met echtscheiding, vechtscheiding en ouderverstoting, en ook voor de grootsteslachtoffers, de kinderen.
Kaat wil niet meer op bezoek. Het ouderverstotingssyndroom
Als een kind na de echtscheiding geen contact meer wil met een van zijn ouders… Het PAS -Parental Alienation Syndrome of Ouderverstotingssyndroom is een begrip dat ingeburgerd is bijonder meer hulpverleners en juristen die zich met echtscheiding bezighouden. Niettemin wordthet begrip ook bekritiseerd. Het ouderverstotingssyndroom is niet alleen moeilijk te definiëren,het is nog veel moeilijker vast te stellen en te behandelen. Het komt voor bij heel wat vechtscheidingenen mag beschouwd worden als een van de ergste loyaliteitsconflicten en zelfs als een vormvan kindermishandeling.
Hoe kan het ouderverstotingssyndroom worden vastgesteld? Zijn er juridische of psychologischeoplossingen? En omdat de ouders, de ex-partners, veruit het grootste aandeel hebben in hetouderverstotingssyndroom, rijst de vraag of we niet beter spreken van het ex-partnerverstotingssyndroom… Dit boek is geschreven voor hulpverleners, juristen, ouders en allen die temaken hebben met echtscheiding, vechtscheiding en ouderverstoting, en ook voor de grootsteslachtoffers, de kinderen.
Tussen authenticiteit en hypocrisie. De ambiguïteit van rituelen
De moderne mens is niet erg tuk op rituelen. Heel wat tijdgenoten kijken er sceptisch, argwanend, geërgerd of met misprijzen tegenaan. Men heeft de hedendaagse westerse samenleving kunnen beschrijven als ‘virtueel gederitualiseerd’. Zelfs in de katholieke Kerk, het rituele reservoir bij uitstek van de westerse wereld, zijn rituelen zwaar in diskrediet geraakt. Rituelen worden geacht altijd een bijklank te hebben van gekunsteldheid, valsheid, onoprechtheid, hypocrisie.
In dit boek wordt de relatie tussen ritueel en hypocrisie, wellicht voor het eerst, aan een diepgaande antropologische analyse onderworpen. Ze brengt een aantal verrassende conclusies aan het licht, die een fundamentele herdenking van de betekenis en functie van traditionele rituelen mogelijk maakt en meteen hun permanente actualiteit in het licht stelt.
Tussen authenticiteit en hypocrisie. De ambiguïteit van rituelen
De moderne mens is niet erg tuk op rituelen. Heel wat tijdgenoten kijken er sceptisch, argwanend, geërgerd of met misprijzen tegenaan. Men heeft de hedendaagse westerse samenleving kunnen beschrijven als ‘virtueel gederitualiseerd’. Zelfs in de katholieke Kerk, het rituele reservoir bij uitstek van de westerse wereld, zijn rituelen zwaar in diskrediet geraakt. Rituelen worden geacht altijd een bijklank te hebben van gekunsteldheid, valsheid, onoprechtheid, hypocrisie.
In dit boek wordt de relatie tussen ritueel en hypocrisie, wellicht voor het eerst, aan een diepgaande antropologische analyse onderworpen. Ze brengt een aantal verrassende conclusies aan het licht, die een fundamentele herdenking van de betekenis en functie van traditionele rituelen mogelijk maakt en meteen hun permanente actualiteit in het licht stelt.