Gezondheidszorg, een snelweg met kruispunten
We kunnen niet zonder gezondheidszorg en solidariteit.Daarom zijn ziekenfondsen nodig.Dat is mijn filosofie.
Het sociale liberalisme, eigen aan de Liberale Mutualiteiten,speelt nog altijd een belangrijke rol in onze maatschappij.Als dit voor sommigen paternalistisch klinkt, is dit hun zaak,niet mijn benadering.
Gezondheidszorg, een snelweg met kruispunten
We kunnen niet zonder gezondheidszorg en solidariteit.Daarom zijn ziekenfondsen nodig.Dat is mijn filosofie.
Het sociale liberalisme, eigen aan de Liberale Mutualiteiten,speelt nog altijd een belangrijke rol in onze maatschappij.Als dit voor sommigen paternalistisch klinkt, is dit hun zaak,niet mijn benadering.
Oedipus heerst!? (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 7)
Toen Freud zijn oedipuscomplex op Sophocles’ klassieke tragedie entte,was de portee dat in iedere jongen een Oedipus schuilt (‘je suis Oedipe’).Maar een alomtegenwoordige figuur hoeft niet enkel op bevestiging terekenen; hij roept ook weerstand op en kan tot vehikel worden gemaaktvoor herbezinning. Wat is de status van Oedipus anno nu? Heerst hij nogsteeds – als een koning dan wel als een ‘maladie (d’amour)’? In deze bundelzijn de bijdragen bijeengebracht van de studiedag op 31 oktober 2015,aangevuld met enkele speciaal voor de gelegenheid geschreven artikelen.De figuur van Oedipus is het uitgangspunt in beschouwingen over ondermeer de klassieke tragedie; de problematiek van de dwangneurose; demoeder in het werk van kinderloze mannelijke auteurs; het denkenvan Deleuze en Guattari; het toneelwerk van Mulisch en Claus; dedebuutroman van Alain Robbe-Grillet; het oeuvre van Willem FrederikHermans.
Oedipus heerst!? (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 7)
Toen Freud zijn oedipuscomplex op Sophocles’ klassieke tragedie entte,was de portee dat in iedere jongen een Oedipus schuilt (‘je suis Oedipe’).Maar een alomtegenwoordige figuur hoeft niet enkel op bevestiging terekenen; hij roept ook weerstand op en kan tot vehikel worden gemaaktvoor herbezinning. Wat is de status van Oedipus anno nu? Heerst hij nogsteeds – als een koning dan wel als een ‘maladie (d’amour)’? In deze bundelzijn de bijdragen bijeengebracht van de studiedag op 31 oktober 2015,aangevuld met enkele speciaal voor de gelegenheid geschreven artikelen.De figuur van Oedipus is het uitgangspunt in beschouwingen over ondermeer de klassieke tragedie; de problematiek van de dwangneurose; demoeder in het werk van kinderloze mannelijke auteurs; het denkenvan Deleuze en Guattari; het toneelwerk van Mulisch en Claus; dedebuutroman van Alain Robbe-Grillet; het oeuvre van Willem FrederikHermans.
Met andere ogen naar onderwijs en opvoeding kijken
Dankzij de enorme vooruitgang in de hersenwetenschappen begrijpen we steeds beter hoe onze hersenen functioneren en ons gedrag beïnvloeden. Het terrein van de neurowetenschappen en -filosofie bevindt zich doorgaans echter buiten het gezichtsveld van onderwijsbestuurders, -begeleiders, leidinggevenden en leraren. Voor zover men er al kennis van neemt, zal men doorgaans slecht uit de voeten kunnen met de uitkomsten ervan.
Wat zijn de consequenties van de recente inzichten uit deze wetenschappen voor opvoeding en onderwijs? De auteur beschrijft ze in dit essay. Recente, fundamentele studies over pedagogiek en onderwijs reppen met geen woord over neurowetenschappelijke inzichten, terwijl die wel van belang kunnen zijn. Vaker de grenzen van je eigen discipline overstijgen, om met andere ogen naar onderwijs en opvoeding te kijken, verdient aanbeveling, aldus de auteur.
Dolf van den Berg is emeritus hoogleraar Onderwijskunde aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Zijn expertise ligt op het gebied van innovatie, leiderschap en professionaliteit. Hij doet onderzoek, begeleidt promovendi en ondersteunt diverse onderwijsinstanties.
Met andere ogen naar onderwijs en opvoeding kijken
Dankzij de enorme vooruitgang in de hersenwetenschappen begrijpen we steeds beter hoe onze hersenen functioneren en ons gedrag beïnvloeden. Het terrein van de neurowetenschappen en -filosofie bevindt zich doorgaans echter buiten het gezichtsveld van onderwijsbestuurders, -begeleiders, leidinggevenden en leraren. Voor zover men er al kennis van neemt, zal men doorgaans slecht uit de voeten kunnen met de uitkomsten ervan.
Wat zijn de consequenties van de recente inzichten uit deze wetenschappen voor opvoeding en onderwijs? De auteur beschrijft ze in dit essay. Recente, fundamentele studies over pedagogiek en onderwijs reppen met geen woord over neurowetenschappelijke inzichten, terwijl die wel van belang kunnen zijn. Vaker de grenzen van je eigen discipline overstijgen, om met andere ogen naar onderwijs en opvoeding te kijken, verdient aanbeveling, aldus de auteur.
Dolf van den Berg is emeritus hoogleraar Onderwijskunde aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Zijn expertise ligt op het gebied van innovatie, leiderschap en professionaliteit. Hij doet onderzoek, begeleidt promovendi en ondersteunt diverse onderwijsinstanties.
Wetenschapsethisch manifest. Blauwdruk van een vernieuwde universiteit.
Geregeld klaagt er een stem over mistoestanden aan de universiteiten. Jonge vorsers zouden kampen met mentale problemen. Academici zouden onder al te grote werkdruk staan. De media rapporteren over opleidingen die uitdoven, over een fraudegeval of over een conflict tussen onderzoekers. De universitaire overheden erkennen dat er weleens een probleem de kop opsteekt, maar minimaliseren zo snel en efficiënt mogelijk de omvang daarvan. Heimelijk wordt er geprutst waar het knelt, in de hoop dat het allemaal niet zo’n vaart zal lopen. Het ongenoegen stijgt daarentegen: studenten, assistenten en hoogleraren verenigen zich, houden symposia en zoeken naar oplossingen.
Dit boek is niet alleen getuige van al wat er misloopt in de universitaire wereld, het biedt ook een oplossing aan een compleet scheefgegroeide situatie. Gedreven door de marktlogica van de maatschappij waarin de universiteit ingebed ligt, concentreren de academici zich thans vooral op publicaties. De kwaliteit van het onderwijs, van het onderzoek en van het academische leven lijdt hieronder. Maar de complexiteit van de academische wereld vraagt om een bijzondere aanpak. De auteur beschrijft een holistische benadering om de academici weer te laten excelleren in onderwijs, onderzoek en dienstverlening.
“Universiteiten staan steeds vaker in het brandpunt van de belangstelling. Studenten
verwachten een goede toekomst met een universitair diploma, de samenleving oplossingen
voor de grote hedendaagse problemen, bedrijven nieuwe innovaties en winstgevende toepassingen.
Dat legt een grote druk op de universiteiten, die daar op verschillende wijzen
mee omgaan. De discussies over de toekomst van de universiteit laaien dus op. En dat is
goed, omdat universiteiten ook de traditionele waarden van onafhankelijkheid, objectiviteit
en waarheidsvinding moeten koesteren. De spanning tussen die waarden en de hedendaagse
verwachtingen is groot, zoals Gustaaf Cornelis in zijn boek beschrijft.”
Dr. Karl Dittrich, Voorzitter VSNU - Vereniging van Universiteiten (Nederland)
Gustaaf C. Cornelis doceert wetenschapsfilosofie aan de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen. Hij studeerde wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit Brussel, Universiteit Gent en de Atheense Polytechnische Universiteit. Hij is auteur van diverse wetenschapsfilosofische artikels en boeken, waaronder Francis Bacon ‘twittert’: de nieuwe academie.
Wetenschapsethisch manifest. Blauwdruk van een vernieuwde universiteit.
Geregeld klaagt er een stem over mistoestanden aan de universiteiten. Jonge vorsers zouden kampen met mentale problemen. Academici zouden onder al te grote werkdruk staan. De media rapporteren over opleidingen die uitdoven, over een fraudegeval of over een conflict tussen onderzoekers. De universitaire overheden erkennen dat er weleens een probleem de kop opsteekt, maar minimaliseren zo snel en efficiënt mogelijk de omvang daarvan. Heimelijk wordt er geprutst waar het knelt, in de hoop dat het allemaal niet zo’n vaart zal lopen. Het ongenoegen stijgt daarentegen: studenten, assistenten en hoogleraren verenigen zich, houden symposia en zoeken naar oplossingen.
Dit boek is niet alleen getuige van al wat er misloopt in de universitaire wereld, het biedt ook een oplossing aan een compleet scheefgegroeide situatie. Gedreven door de marktlogica van de maatschappij waarin de universiteit ingebed ligt, concentreren de academici zich thans vooral op publicaties. De kwaliteit van het onderwijs, van het onderzoek en van het academische leven lijdt hieronder. Maar de complexiteit van de academische wereld vraagt om een bijzondere aanpak. De auteur beschrijft een holistische benadering om de academici weer te laten excelleren in onderwijs, onderzoek en dienstverlening.
“Universiteiten staan steeds vaker in het brandpunt van de belangstelling. Studenten
verwachten een goede toekomst met een universitair diploma, de samenleving oplossingen
voor de grote hedendaagse problemen, bedrijven nieuwe innovaties en winstgevende toepassingen.
Dat legt een grote druk op de universiteiten, die daar op verschillende wijzen
mee omgaan. De discussies over de toekomst van de universiteit laaien dus op. En dat is
goed, omdat universiteiten ook de traditionele waarden van onafhankelijkheid, objectiviteit
en waarheidsvinding moeten koesteren. De spanning tussen die waarden en de hedendaagse
verwachtingen is groot, zoals Gustaaf Cornelis in zijn boek beschrijft.”
Dr. Karl Dittrich, Voorzitter VSNU - Vereniging van Universiteiten (Nederland)
Gustaaf C. Cornelis doceert wetenschapsfilosofie aan de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen. Hij studeerde wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit Brussel, Universiteit Gent en de Atheense Polytechnische Universiteit. Hij is auteur van diverse wetenschapsfilosofische artikels en boeken, waaronder Francis Bacon ‘twittert’: de nieuwe academie.
Huiswerk Bikkels. Handboek voor middelbare scholieren.
Huiswerk Bikkels is een onmisbaar handboek voor beginnende
middelbare scholieren. Met praktische tips, stappenplannen
en best-bewaarde-huiswerk-geheimen, kunnen
leerlingen vanaf het allereerste begin gestructureerd en efficiënt hun
huiswerk aanpakken.
Het boek bestaat uit drie delen:
- motivatie
- plannen en organiseren
- studievaardigheden.
Huiswerk Bikkels is een aanvulling op de eerdere uitgave Brugklas Bikkels; een boek dat zich richt op het zelfverzekerd en relaxed leren omgaan met alle veranderingen in het middelbaar onderwijs. Samen bieden de twee boeken een grondige basis, zowel op leerinhoudelijk als op sociaal-emotioneel gebied.
Inke Brugman is orthopedagoog en oprichter van Spectrum Brabant
en Bikkeltrainingen.nl. Zij is auteur van onder meer Bikkels in de dop,
Brugklas Bikkels en andere titels uit de Bikkel-reeks.
Renate van Leeuwen is leerkracht en innovatiemanager bij Spectrum
Brabant. Zij is de drijvende kracht achter de ontwikkeling van diverse
Bikkeltrainingen en co-auteur van onder meer Bikkeltjes met lef.
Lenneke Bazen werkt al jaren bij Spectrum Brabant als groepscoördinator
en studiecoach. Zij is gespecialiseerd in het begeleiden van
leerlingen met autisme en ADHD.
De tekeningen zijn van Roger van der Weide. Hij is afgestudeerd aan
De Eindhovense School (tegenwoordig Sint-Lucas) en de Unit Academie
en werkt nu als animator.
Huiswerk Bikkels. Handboek voor middelbare scholieren.
Huiswerk Bikkels is een onmisbaar handboek voor beginnende
middelbare scholieren. Met praktische tips, stappenplannen
en best-bewaarde-huiswerk-geheimen, kunnen
leerlingen vanaf het allereerste begin gestructureerd en efficiënt hun
huiswerk aanpakken.
Het boek bestaat uit drie delen:
- motivatie
- plannen en organiseren
- studievaardigheden.
Huiswerk Bikkels is een aanvulling op de eerdere uitgave Brugklas Bikkels; een boek dat zich richt op het zelfverzekerd en relaxed leren omgaan met alle veranderingen in het middelbaar onderwijs. Samen bieden de twee boeken een grondige basis, zowel op leerinhoudelijk als op sociaal-emotioneel gebied.
Inke Brugman is orthopedagoog en oprichter van Spectrum Brabant
en Bikkeltrainingen.nl. Zij is auteur van onder meer Bikkels in de dop,
Brugklas Bikkels en andere titels uit de Bikkel-reeks.
Renate van Leeuwen is leerkracht en innovatiemanager bij Spectrum
Brabant. Zij is de drijvende kracht achter de ontwikkeling van diverse
Bikkeltrainingen en co-auteur van onder meer Bikkeltjes met lef.
Lenneke Bazen werkt al jaren bij Spectrum Brabant als groepscoördinator
en studiecoach. Zij is gespecialiseerd in het begeleiden van
leerlingen met autisme en ADHD.
De tekeningen zijn van Roger van der Weide. Hij is afgestudeerd aan
De Eindhovense School (tegenwoordig Sint-Lucas) en de Unit Academie
en werkt nu als animator.
Toegewijde dokters. Waarom de niet-medische competenties geen bijzaak zijn. (Catharina-reeks, nr. 6)
Geneeskunde is een steeds specialistischer vak geworden. Logisch dus dat in de artsenopleiding veel tijd en energie gestoken wordt in de medisch inhoudelijke en technische kant. Tegelijkertijd vraagt de praktische uitoefening van het artsenberoep in een ziekenhuis, zorginstelling of huisartsenpraktijk een breed pallet aan andere vaardigheden. Een gesprek voeren met patiënt en familie om tot een behandelingsbesluit te komen is meer dan alleen medische kennis aanreiken. Niet alles wat kan leidt tot een goede uitkomst. Vanuit politiek en samenleving worden kostenbewustzijn en efficiency gevraagd. De media volgen het handelen van artsen op de voet - niet alleen de succesverhalen. Wetenschappelijk gezien blijven er grote uitdagingen die inzet vragen, en daarnaast mag de existentiële kant van ziek- zijn, leven en dood geen onbekend terrein blijven voor de medicus practicus. De arts van nu en morgen moet van vele markten thuis zijn.
Aan de opleiders de taak een goed evenwicht te vinden tussen deze uiteenlopende eisen van breedte en specialistische diepte. Door de wetenschappelijk- technologische profilering van de geneeskunde raakten deze zogenaamde niet-medische competenties lang overschaduwd. De laatste jaren groeit echter de overtuiging dat bij goede medische zorg ook de persoon van de dokter in het geding is, en dat de cultivering van deze competenties daarvoor doorslaggevend kan zijn.
De bijdragen aan deze bundel zijn geschreven vanuit deze overtuiging. Het zijn beschouwingen door (ervarings)deskundigen vanuit eigen praktijk of wetenschappelijk onderzoek. Door de inzichten en ervaringen die zij daarin hebben opgedaan te delen, beogen ze deze ontwikkeling in de artsenopleiding mee te stimuleren.
Frank Smeenk (longarts), Harm Rutten (chirurg-oncoloog) en Eric van de Laar (klinisch
ethicus) werken in het Catharina Ziekenhuis Eindhoven en vormen de redactie
van deze publicatie.
Het boek bevat bijdragen van: Drs. Geert van der Aa,
Dr. Piet Batenburg,
Drs. Hennie van Bavel,
Dr. Harmen Bijwaard,
Dr. Lukas Dekker,
Dr. Nicolette Hijweege,
Prof. Mr. Joep H. Hubben,
Dr. Eric van de Laar,
C.M.H (Kim) Naus,
Lokien (Xavier) van Nunen Msc,
Dr. Jan Peil,
Prof. Dr. J.Z.T. Pieper,
Prof. dr. Ans van der Ploeg,
Dr. Daniela Schulz,
Dr. Wim Smeets,
Dr. Thijs Tromp,
Prof. dr. Harm Rutten,
Prof. dr. Frank Smeenk,
Dr. Bart van Straten,
Dennis van Veghel Msc en
Nicky Westerhof Msc.
Dit boek is het zesde deel in de Catharina-reeks (Levensbeschouwing en ethiek in de gezondheidszorg):
Toegewijde dokters. Waarom de niet-medische competenties geen bijzaak zijn. (Catharina-reeks, nr. 6)
Geneeskunde is een steeds specialistischer vak geworden. Logisch dus dat in de artsenopleiding veel tijd en energie gestoken wordt in de medisch inhoudelijke en technische kant. Tegelijkertijd vraagt de praktische uitoefening van het artsenberoep in een ziekenhuis, zorginstelling of huisartsenpraktijk een breed pallet aan andere vaardigheden. Een gesprek voeren met patiënt en familie om tot een behandelingsbesluit te komen is meer dan alleen medische kennis aanreiken. Niet alles wat kan leidt tot een goede uitkomst. Vanuit politiek en samenleving worden kostenbewustzijn en efficiency gevraagd. De media volgen het handelen van artsen op de voet - niet alleen de succesverhalen. Wetenschappelijk gezien blijven er grote uitdagingen die inzet vragen, en daarnaast mag de existentiële kant van ziek- zijn, leven en dood geen onbekend terrein blijven voor de medicus practicus. De arts van nu en morgen moet van vele markten thuis zijn.
Aan de opleiders de taak een goed evenwicht te vinden tussen deze uiteenlopende eisen van breedte en specialistische diepte. Door de wetenschappelijk- technologische profilering van de geneeskunde raakten deze zogenaamde niet-medische competenties lang overschaduwd. De laatste jaren groeit echter de overtuiging dat bij goede medische zorg ook de persoon van de dokter in het geding is, en dat de cultivering van deze competenties daarvoor doorslaggevend kan zijn.
De bijdragen aan deze bundel zijn geschreven vanuit deze overtuiging. Het zijn beschouwingen door (ervarings)deskundigen vanuit eigen praktijk of wetenschappelijk onderzoek. Door de inzichten en ervaringen die zij daarin hebben opgedaan te delen, beogen ze deze ontwikkeling in de artsenopleiding mee te stimuleren.
Frank Smeenk (longarts), Harm Rutten (chirurg-oncoloog) en Eric van de Laar (klinisch
ethicus) werken in het Catharina Ziekenhuis Eindhoven en vormen de redactie
van deze publicatie.
Het boek bevat bijdragen van: Drs. Geert van der Aa,
Dr. Piet Batenburg,
Drs. Hennie van Bavel,
Dr. Harmen Bijwaard,
Dr. Lukas Dekker,
Dr. Nicolette Hijweege,
Prof. Mr. Joep H. Hubben,
Dr. Eric van de Laar,
C.M.H (Kim) Naus,
Lokien (Xavier) van Nunen Msc,
Dr. Jan Peil,
Prof. Dr. J.Z.T. Pieper,
Prof. dr. Ans van der Ploeg,
Dr. Daniela Schulz,
Dr. Wim Smeets,
Dr. Thijs Tromp,
Prof. dr. Harm Rutten,
Prof. dr. Frank Smeenk,
Dr. Bart van Straten,
Dennis van Veghel Msc en
Nicky Westerhof Msc.
Dit boek is het zesde deel in de Catharina-reeks (Levensbeschouwing en ethiek in de gezondheidszorg):
Word voor beginners (ICT-lijn, nr. 19)
Wie wil kennismaken met Word, vindt hier een zorgvuldig beschreven route. Het
boek is zowel
bedoeld voor onderwijs als voor zelfstudie.
Bij elk onderwerp zijn er heel wat doe-activiteiten. De verschillende aspecten
van Word
worden telkens onmiddellijk getoetst via praktijkoefeningen en per hoofdstuk
samengevat.
Op het einde van het boek bezit de lezer een grondige kennis van de
basisbegrippen van
Word en is hij in staat om zelf professionele documenten aan te maken.
Een oefening wordt ieder hoofdstuk verder uitgebouwd. Op een bijhorende website
staan naast de oefeningen ook de opgeloste voorbeelden.
Het boek sluit af met een aantal portfolio-opdrachten, werkstukken waarbij je
vanaf
een leeg document een professioneel geheel samenstelt.
Emmy Leleu is verbonden aan het CVO - Centrum voor volwassenenonderwijs in Kortrijk. Naast ict-coördinator is ze een Google certified trainer, social media consultant en webmaster.
Word voor beginners (ICT-lijn, nr. 19)
Wie wil kennismaken met Word, vindt hier een zorgvuldig beschreven route. Het
boek is zowel
bedoeld voor onderwijs als voor zelfstudie.
Bij elk onderwerp zijn er heel wat doe-activiteiten. De verschillende aspecten
van Word
worden telkens onmiddellijk getoetst via praktijkoefeningen en per hoofdstuk
samengevat.
Op het einde van het boek bezit de lezer een grondige kennis van de
basisbegrippen van
Word en is hij in staat om zelf professionele documenten aan te maken.
Een oefening wordt ieder hoofdstuk verder uitgebouwd. Op een bijhorende website
staan naast de oefeningen ook de opgeloste voorbeelden.
Het boek sluit af met een aantal portfolio-opdrachten, werkstukken waarbij je
vanaf
een leeg document een professioneel geheel samenstelt.
Emmy Leleu is verbonden aan het CVO - Centrum voor volwassenenonderwijs in Kortrijk. Naast ict-coördinator is ze een Google certified trainer, social media consultant en webmaster.
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 5)
De ‘renaissance’ is een grote culturele beweging die ontstondin Italië in de veertiende en vijftiende eeuw. Zekerde aankomende zestiende eeuw gold als de ultieme eeuwvan de ‘wedergeboorte’. Terwijl de term veelal met betrekkingtot het artistieke milieu wordt gehanteerd, spreekt menin de evolutie van het denken en de geesteswetenschappenook vaak van het parallelle ‘humanisme’. Het collectieve denkenverschoof meer naar de kracht van het individu, het paradigmavan het ‘godsbeeld’ zou plaatsmaken voor het ‘mensbeeld’, dat eenuniverseel karakter moest uitstralen. De hierbij geformuleerde denkbeeldenworden in dit cahier enigszins bijgesteld om de lezer zo tot nieuweinzichten te bewegen.
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) kenmerkt zich door eensteeds wederkerend spanningsveld tussen continuïteit en een soort van discontinuïteitsdenken.Als het ware een tweeopdeling. Enerzijds prescriptieve kennis, dievaak letterlijk werd overgeleverd en niet-zelden klakkeloos werd overgenomen.Anderzijds de propositionele kennis, die voortborduurde op nieuwe ideeën enkennis, niet-zelden ontleend uit empirie en een eerste aanzet tot wetenschappelijkexperiment. Beide tendensen konden naast elkaar bestaan, maar raakten vaak inelkaar vervlochten. Deze these lijkt aannemelijker te zijn dan een strikte dichotomieop het spanningsveld te blijven verdedigen.
Aan de hand van de hier geformuleerde, onderbouwde hypothesen kan de lezerzijn eigen conclusies trekken. Afhankelijk van zijn achtergrond en intentie kunnenze nogal uiteenlopend zijn. Dit lijkt ons echter veeleer een troef dan een ‘handicap’,temeer omdat op die manier het debat in de cultuur- en medische geschiedenislevendig blijft.
>>Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 5)
De ‘renaissance’ is een grote culturele beweging die ontstondin Italië in de veertiende en vijftiende eeuw. Zekerde aankomende zestiende eeuw gold als de ultieme eeuwvan de ‘wedergeboorte’. Terwijl de term veelal met betrekkingtot het artistieke milieu wordt gehanteerd, spreekt menin de evolutie van het denken en de geesteswetenschappenook vaak van het parallelle ‘humanisme’. Het collectieve denkenverschoof meer naar de kracht van het individu, het paradigmavan het ‘godsbeeld’ zou plaatsmaken voor het ‘mensbeeld’, dat eenuniverseel karakter moest uitstralen. De hierbij geformuleerde denkbeeldenworden in dit cahier enigszins bijgesteld om de lezer zo tot nieuweinzichten te bewegen.
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) kenmerkt zich door eensteeds wederkerend spanningsveld tussen continuïteit en een soort van discontinuïteitsdenken.Als het ware een tweeopdeling. Enerzijds prescriptieve kennis, dievaak letterlijk werd overgeleverd en niet-zelden klakkeloos werd overgenomen.Anderzijds de propositionele kennis, die voortborduurde op nieuwe ideeën enkennis, niet-zelden ontleend uit empirie en een eerste aanzet tot wetenschappelijkexperiment. Beide tendensen konden naast elkaar bestaan, maar raakten vaak inelkaar vervlochten. Deze these lijkt aannemelijker te zijn dan een strikte dichotomieop het spanningsveld te blijven verdedigen.
Aan de hand van de hier geformuleerde, onderbouwde hypothesen kan de lezerzijn eigen conclusies trekken. Afhankelijk van zijn achtergrond en intentie kunnenze nogal uiteenlopend zijn. Dit lijkt ons echter veeleer een troef dan een ‘handicap’,temeer omdat op die manier het debat in de cultuur- en medische geschiedenislevendig blijft.
>>Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Maximaal Megataal
Maximaal Megataal: Een boek vol tips voor meer taal, meer denken en meer onderwijstijd in de tweede en derde kleuterklas. De lang verwachte opvolger van Minimaal Maxitaal: Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en de eerste kleuterklas.
Kleuters met een sterk ontwikkelde taal- en denkvaardigheid kennen meer schoolsucces dan minder vaardige klasgenootjes. Om alle kleuters van de tweede en derde kleuterklas (groepen 1 en 2) maximale ontplooiingskansen te schenken op het vlak van taal- en denkvaardigheid, voorziet Maximaal Megataal in een ‘handig’ kader: de taal-denkhand.
‘Dankzij het handje geef ik veel meer autonome denkkansen aan mijn vierjarigen. Dat past perfect bij hun leeftijd: ze willen graag zelfstandig worden en ze zijn zo nieuwsgierig naar de wereld om zich heen.’ Juf Liesbet
Naast de taal-denkhand biedt Maximaal Megataal ook inspiratie om negen routines en activiteiten die dagelijks of vaak terugkeren, zoals het onthaal, het keuzemoment en het fruitmoment krachtiger bij de ontwikkelingsbehoeften van de vier- en vijfjarigen te laten aansluiten. De keuze voor deze negen momenten is gebaseerd op recent onderzoek in Vlaanderen en Brussel.
‘Ik heb mijn onthaal helemaal omgegooid. Ik ben meer bezig met de essentie: het onthalen van de kleuters en hun ouders en ik pas natuurlijk de taal-denkhand toe. Ik sta nu nog dichter bij mijn kleuters en we kunnen veel sneller aan het werk.’ Juf Jamillah
Maximaal Megataal
Maximaal Megataal: Een boek vol tips voor meer taal, meer denken en meer onderwijstijd in de tweede en derde kleuterklas. De lang verwachte opvolger van Minimaal Maxitaal: Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en de eerste kleuterklas.
Kleuters met een sterk ontwikkelde taal- en denkvaardigheid kennen meer schoolsucces dan minder vaardige klasgenootjes. Om alle kleuters van de tweede en derde kleuterklas (groepen 1 en 2) maximale ontplooiingskansen te schenken op het vlak van taal- en denkvaardigheid, voorziet Maximaal Megataal in een ‘handig’ kader: de taal-denkhand.
‘Dankzij het handje geef ik veel meer autonome denkkansen aan mijn vierjarigen. Dat past perfect bij hun leeftijd: ze willen graag zelfstandig worden en ze zijn zo nieuwsgierig naar de wereld om zich heen.’ Juf Liesbet
Naast de taal-denkhand biedt Maximaal Megataal ook inspiratie om negen routines en activiteiten die dagelijks of vaak terugkeren, zoals het onthaal, het keuzemoment en het fruitmoment krachtiger bij de ontwikkelingsbehoeften van de vier- en vijfjarigen te laten aansluiten. De keuze voor deze negen momenten is gebaseerd op recent onderzoek in Vlaanderen en Brussel.
‘Ik heb mijn onthaal helemaal omgegooid. Ik ben meer bezig met de essentie: het onthalen van de kleuters en hun ouders en ik pas natuurlijk de taal-denkhand toe. Ik sta nu nog dichter bij mijn kleuters en we kunnen veel sneller aan het werk.’ Juf Jamillah
Het volgrecht van de kunstenaar
Auteurs van werken van grafische of beeldende kunst hebben rechtop een vergoeding wanneer hun werken (schilderijen, beeldhouwwerken,etsen, …) worden doorverkocht met tussenkomst van eenprofessionele kunsthandelaar, zoals een galerij of veilinghuis. Dezevergoeding wordt aangeduid als het volgrecht. De wettelijke regelinginzake het volgrecht is recent grondig gewijzigd.
In dit boek wordt de vernieuwde regeling inzake het volgrecht grondigbesproken. Aan bod komt de vraag welke werken en welke transactiesonder de regeling inzake het volgrecht vallen, wat het tarief is,wie het volgrecht verschuldigd is en wie er recht op heeft. Ook wordtuitgebreid toegelicht waar, wanneer, hoe en door wie aangiftes vandoorverkopen dienen te gebeuren. Tot slot wordt aangegeven hoekunstenaars op de hoogte kunnen komen van de doorverkopen vanhun werken, op welke wijze zij hun volgrecht kunnen opeisen en totwanneer.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Het volgrecht van de kunstenaar
Auteurs van werken van grafische of beeldende kunst hebben rechtop een vergoeding wanneer hun werken (schilderijen, beeldhouwwerken,etsen, …) worden doorverkocht met tussenkomst van eenprofessionele kunsthandelaar, zoals een galerij of veilinghuis. Dezevergoeding wordt aangeduid als het volgrecht. De wettelijke regelinginzake het volgrecht is recent grondig gewijzigd.
In dit boek wordt de vernieuwde regeling inzake het volgrecht grondigbesproken. Aan bod komt de vraag welke werken en welke transactiesonder de regeling inzake het volgrecht vallen, wat het tarief is,wie het volgrecht verschuldigd is en wie er recht op heeft. Ook wordtuitgebreid toegelicht waar, wanneer, hoe en door wie aangiftes vandoorverkopen dienen te gebeuren. Tot slot wordt aangegeven hoekunstenaars op de hoogte kunnen komen van de doorverkopen vanhun werken, op welke wijze zij hun volgrecht kunnen opeisen en totwanneer.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Recepten voor een gezonde receptie
Heerlijk toch, recepties?
Of ze ook zo ‘gezond’ zijn?
Dat kan perfect en ook nog lekker.
Dit boek brengt recepten bij elkaar om een lijnvriendelijke receptie te organiseren. En dit zonder extra moeite. Met hapjes waarbij je geen of wel een keuken nodig hebt. Tegelijk geven duidelijke overzichten aan wat en hoeveel je nodig hebt naar gelang van de feesttijd en het aantal gasten. Meteen een handige boodschappenlijst. Recepties zijn voortaan altijd gezond.
Recepten voor een gezonde receptie
Heerlijk toch, recepties?
Of ze ook zo ‘gezond’ zijn?
Dat kan perfect en ook nog lekker.
Dit boek brengt recepten bij elkaar om een lijnvriendelijke receptie te organiseren. En dit zonder extra moeite. Met hapjes waarbij je geen of wel een keuken nodig hebt. Tegelijk geven duidelijke overzichten aan wat en hoeveel je nodig hebt naar gelang van de feesttijd en het aantal gasten. Meteen een handige boodschappenlijst. Recepties zijn voortaan altijd gezond.
Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 6. Le Comité permanent R dans sa relation avec le Parlement et certains acteurs du pouvoir exécutif –
Les services de renseignement qui agissent dans un cadre par naturesecret peuvent induire une certaine méfiance chez le citoyen. Danscette période troublée que nous traversons, le grand public se doitd’être informé sur le fonctionnement des services de renseignementbelges et le contrôle de ces derniers.
Pierre angulaire du système de contrôle, cet ouvrage cherche àapporter une analyse objective du travail réalisé par Comité R dans sarelation avec les acteurs politiques avant la sixième réforme de l’Etat.Ce livre cherche ainsi, sans prétention, à contribuer au développementde la culture du renseignement en Belgique ou, dans une certainemesure, à lever le voile sur certains préjugés.
Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 6. Le Comité permanent R dans sa relation avec le Parlement et certains acteurs du pouvoir exécutif –
Les services de renseignement qui agissent dans un cadre par naturesecret peuvent induire une certaine méfiance chez le citoyen. Danscette période troublée que nous traversons, le grand public se doitd’être informé sur le fonctionnement des services de renseignementbelges et le contrôle de ces derniers.
Pierre angulaire du système de contrôle, cet ouvrage cherche àapporter une analyse objective du travail réalisé par Comité R dans sarelation avec les acteurs politiques avant la sixième réforme de l’Etat.Ce livre cherche ainsi, sans prétention, à contribuer au développementde la culture du renseignement en Belgique ou, dans une certainemesure, à lever le voile sur certains préjugés.