Meesterlijk adviseren. Achtergronden en praktische wenken voor professionals
De dynamiek die zich ontspint tussen cliënt en adviseur; daar gaat dit boek over. Wat gebeurt er eigenlijk allemaal tijdens de ‘adviespraktijk’, waarom, en vooral: wat kun je eraan doen?
Paul Toebes (1956) heeft Andragologie, Bedrijfskunde en Filosofie gestudeerd. Sinds 1998 werkt hij vanuit zijn bureau Humanizing Company als onafhankelijk adviseur in een breed werkveld. Daarnaast begeleidt hij als trainer/ coach professionals in hun persoonlijke en professionele ontwikkelingen en geeft hij trainingen waaronder diverse opleidingen voor juristen en advocaten.
Meesterlijk adviseren. Achtergronden en praktische wenken voor professionals
De dynamiek die zich ontspint tussen cliënt en adviseur; daar gaat dit boek over. Wat gebeurt er eigenlijk allemaal tijdens de ‘adviespraktijk’, waarom, en vooral: wat kun je eraan doen?
Paul Toebes (1956) heeft Andragologie, Bedrijfskunde en Filosofie gestudeerd. Sinds 1998 werkt hij vanuit zijn bureau Humanizing Company als onafhankelijk adviseur in een breed werkveld. Daarnaast begeleidt hij als trainer/ coach professionals in hun persoonlijke en professionele ontwikkelingen en geeft hij trainingen waaronder diverse opleidingen voor juristen en advocaten.
Strafrechtelijke aansprakelijkheid heroverwogen. Over opzet, schuld, schulduitsluitingsgronden en straf (Softcover)
BEKROOND MET DE TWEEJAARLIJKSE MODDERMANPRIJS 2010.
WINNAAR VAN DE ERASMUS STUDIEPRIJS 2008
In dit boek wordt de interpretatie van opzet, schuld en schulduitsluitingsgronden in verband
gebracht met de doelen die ten grondslag liggen aan straf. De auteur verdedigt een Rawlsiaanse
theorie van aansprakelijkheid en straf.
Leidend beginsel is het controleprincipe: opzet, schuld en
schulduitsluitingsgronden moeten burgers controle geven over het al dan niet in aanraking
komen met het strafrecht.
De auteur betoogt dat te snel veroordeeld wordt voor culpose delicten.
Enerzijds wijst hij op de geringe gevaarlijkheid van typische culpose gedragingen.Anderzijds
waarschuwt hij voor psychologische biases die rechters ertoe nopen te snel schuld aan te
nemen.
De interpretatie van opzet vormt een heet hangijzer in de doctrine.Veel schrijvers menen dat
opzet een normatief begrip is, waarbij het niet gaat om de psychische gesteldheid van de verdachte.
De auteur betoogt daarentegen dat een psychisch opzetbegrip de voorkeur verdient. Hij
verdedigt een cognitieve interpretatie van opzet: het gaat om ‘weten’ en niet om ‘willen’.
Deze
bevindingen zijn van belang voor de grens tussen voorwaardelijk opzet en schuld. Sinds het
Porsche-arrest en de Hiv-arresten bestaat grote onduidelijkheid over het bereik van voorwaardelijk
opzet.
Alwin van Dijk studeerde rechten en psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Deze uitgave is het resultaat van promotieonderzoek bij de vakgroep strafrecht aan de zelfde universiteit.
Strafrechtelijke aansprakelijkheid heroverwogen. Over opzet, schuld, schulduitsluitingsgronden en straf (Softcover)
BEKROOND MET DE TWEEJAARLIJKSE MODDERMANPRIJS 2010.
WINNAAR VAN DE ERASMUS STUDIEPRIJS 2008
In dit boek wordt de interpretatie van opzet, schuld en schulduitsluitingsgronden in verband
gebracht met de doelen die ten grondslag liggen aan straf. De auteur verdedigt een Rawlsiaanse
theorie van aansprakelijkheid en straf.
Leidend beginsel is het controleprincipe: opzet, schuld en
schulduitsluitingsgronden moeten burgers controle geven over het al dan niet in aanraking
komen met het strafrecht.
De auteur betoogt dat te snel veroordeeld wordt voor culpose delicten.
Enerzijds wijst hij op de geringe gevaarlijkheid van typische culpose gedragingen.Anderzijds
waarschuwt hij voor psychologische biases die rechters ertoe nopen te snel schuld aan te
nemen.
De interpretatie van opzet vormt een heet hangijzer in de doctrine.Veel schrijvers menen dat
opzet een normatief begrip is, waarbij het niet gaat om de psychische gesteldheid van de verdachte.
De auteur betoogt daarentegen dat een psychisch opzetbegrip de voorkeur verdient. Hij
verdedigt een cognitieve interpretatie van opzet: het gaat om ‘weten’ en niet om ‘willen’.
Deze
bevindingen zijn van belang voor de grens tussen voorwaardelijk opzet en schuld. Sinds het
Porsche-arrest en de Hiv-arresten bestaat grote onduidelijkheid over het bereik van voorwaardelijk
opzet.
Alwin van Dijk studeerde rechten en psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Deze uitgave is het resultaat van promotieonderzoek bij de vakgroep strafrecht aan de zelfde universiteit.
Slachtoffers als zondebokken. Over de dubbelhartige bejegening van gedupeerden van misdrijven in de westerse cultuur
In dit boek gaat Jan van Dijk op zoek naar het ontstaan van de heersende slachtofferbeelden.
Hij gaat daarbij uitgebreid in op de theologische en cultuurhistorische achtergronden ervan. Daarbij komt aan het licht hoe slachtoffers als procespartij onder invloed van het christelijk denken zijn gemarginaliseerd.
De auteur zoekt naar een nieuwe identiteit van gedupeerden en pleit voor een meer respectvolle en humane bejegening.
Jan J.M. van Dijk was als hoofd onderzoek werkzaam op het Ministerie van Justitie, en als deeltijd-hoogleraar criminologie aan de Universiteit Leiden.
Hij was een van de oprichters en eerste voorzitter van Slachtofferhulp Nederland.
Sinds 1998 was hij in verschillende functies werkzaam bij de Verenigde Naties in Wenen.
Sinds 1 februari 2006 is hij verbonden aan het International Victimology Institute Tilburg.
Slachtoffers als zondebokken. Over de dubbelhartige bejegening van gedupeerden van misdrijven in de westerse cultuur
In dit boek gaat Jan van Dijk op zoek naar het ontstaan van de heersende slachtofferbeelden.
Hij gaat daarbij uitgebreid in op de theologische en cultuurhistorische achtergronden ervan. Daarbij komt aan het licht hoe slachtoffers als procespartij onder invloed van het christelijk denken zijn gemarginaliseerd.
De auteur zoekt naar een nieuwe identiteit van gedupeerden en pleit voor een meer respectvolle en humane bejegening.
Jan J.M. van Dijk was als hoofd onderzoek werkzaam op het Ministerie van Justitie, en als deeltijd-hoogleraar criminologie aan de Universiteit Leiden.
Hij was een van de oprichters en eerste voorzitter van Slachtofferhulp Nederland.
Sinds 1998 was hij in verschillende functies werkzaam bij de Verenigde Naties in Wenen.
Sinds 1 februari 2006 is hij verbonden aan het International Victimology Institute Tilburg.
Mijn tweede leven. Zoektocht naar een nieuw leven na een niet-aangeboren hersenletsel
Portretten van mensen die getroffen zijn door een NAH – Niet-Aangeboren Hersenletsel – vormen de kern van dit boek. De getuigenissen hebben één rode draad: er was een leven voor en er is een leven na de hersenaandoening. Een breuk in de levenslijn markeert deze levens. Het tweede leven is een zoektocht, niet gemakkelijk, met veel pijn, vallen en opstaan, maar biedt ook nieuwe perspectieven. Het is weliswaar niet hetzelfde maar ook het tweede leven kan zin, betekenis, vreugde en geluk brengen. Het blijft evenwel vechten en zoeken.
Het eerste deel van dit boek beschrijft de achtergrond en de gevolgen van een NAH, zowel voor volwassenen als voor kinderen en jongeren. Het tweede deel licht op basis hiervan het therapeutisch aanbod toe. Deel drie geeft een aantal aanbevelingen van ervaringsdeskundigen aan hulpverleners, een lijst met signalen voor partners en familie, psycho-educatieve adviezen voor therapeuten, patiënten en omgeving en ten slotte tips voor een blijvende motivatie. Het laatste deel bevat een synthese van het Vlaams Hersenletselplan, dat de basis vormt voor een beleid rond hersenaandoeningen.
Louis Heylen, logopedist en doctor in de medische wetenschappen, is
voormalig diensthoofd en adviseur van de Dienst Logopedie KMSL in
Turnhout en directeur van de Centra voor Ambulante Revalidatie van
Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen. Onder zijn leiding startte in
2009 het revalidatiecentrum voor Niet-Aangeboren Hersenletsels in
Turnhout. Hij is ook verbonden aan de Universiteit Antwerpen en was
gastprofessor aan de Universiteit Gent.
Griet Gysemberg is geneesheer-specialist in de fysische geneeskunde en
revalidatie, de functionele en professionele revalidatie van locomotorische
gehandicapten en in de neurologische revalidatie, was verbonden
aan het Revalidatiecentrum Leijpark in Tilburg en aan het Revalidatiecentrum
NAH te Turnhout. Momenteel is zij revalidatiearts aan het AZ
Turnhout.
Beni Kerkhofs, master en geaggregeerde in de orthopedagogiek, is algemeen
zorgcoördinator bij het Revalidatiecentrum voor Kinderen en
Jongeren in Pulderbos. Hij is ook voorzitter van het Vlaams Platform
Niet-Aangeboren Hersenletsel.
Nathalie Ansoms, master in de klinische psychologie, werkt in het Revalidatiecentrum
voor kinderen en jongeren in Pulderbos, waar zij zich gespecialiseerd
heeft in de begeleiding van kinderen en jongeren met NAH.
Zij is lid van het regionaal samenwerkingsverband NAH Antwerpen.
Mijn tweede leven. Zoektocht naar een nieuw leven na een niet-aangeboren hersenletsel
Portretten van mensen die getroffen zijn door een NAH – Niet-Aangeboren Hersenletsel – vormen de kern van dit boek. De getuigenissen hebben één rode draad: er was een leven voor en er is een leven na de hersenaandoening. Een breuk in de levenslijn markeert deze levens. Het tweede leven is een zoektocht, niet gemakkelijk, met veel pijn, vallen en opstaan, maar biedt ook nieuwe perspectieven. Het is weliswaar niet hetzelfde maar ook het tweede leven kan zin, betekenis, vreugde en geluk brengen. Het blijft evenwel vechten en zoeken.
Het eerste deel van dit boek beschrijft de achtergrond en de gevolgen van een NAH, zowel voor volwassenen als voor kinderen en jongeren. Het tweede deel licht op basis hiervan het therapeutisch aanbod toe. Deel drie geeft een aantal aanbevelingen van ervaringsdeskundigen aan hulpverleners, een lijst met signalen voor partners en familie, psycho-educatieve adviezen voor therapeuten, patiënten en omgeving en ten slotte tips voor een blijvende motivatie. Het laatste deel bevat een synthese van het Vlaams Hersenletselplan, dat de basis vormt voor een beleid rond hersenaandoeningen.
Louis Heylen, logopedist en doctor in de medische wetenschappen, is
voormalig diensthoofd en adviseur van de Dienst Logopedie KMSL in
Turnhout en directeur van de Centra voor Ambulante Revalidatie van
Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen. Onder zijn leiding startte in
2009 het revalidatiecentrum voor Niet-Aangeboren Hersenletsels in
Turnhout. Hij is ook verbonden aan de Universiteit Antwerpen en was
gastprofessor aan de Universiteit Gent.
Griet Gysemberg is geneesheer-specialist in de fysische geneeskunde en
revalidatie, de functionele en professionele revalidatie van locomotorische
gehandicapten en in de neurologische revalidatie, was verbonden
aan het Revalidatiecentrum Leijpark in Tilburg en aan het Revalidatiecentrum
NAH te Turnhout. Momenteel is zij revalidatiearts aan het AZ
Turnhout.
Beni Kerkhofs, master en geaggregeerde in de orthopedagogiek, is algemeen
zorgcoördinator bij het Revalidatiecentrum voor Kinderen en
Jongeren in Pulderbos. Hij is ook voorzitter van het Vlaams Platform
Niet-Aangeboren Hersenletsel.
Nathalie Ansoms, master in de klinische psychologie, werkt in het Revalidatiecentrum
voor kinderen en jongeren in Pulderbos, waar zij zich gespecialiseerd
heeft in de begeleiding van kinderen en jongeren met NAH.
Zij is lid van het regionaal samenwerkingsverband NAH Antwerpen.
Van de wereld. Filosofische reisimpressies van gebruiken, rituelen en sjamanisme
Van de wereld. Filosofische reisimpressies van gebruiken, rituelen en sjamanisme in de wereld is een uitzonderlijk boek. Het is ingedeeld in vier grote delen, die overeenkomen met de continenten Afrika, Oceanië, Azië en Amerika. Zelden werden gebruiken, rituelen en sjamanisme uit zoveel verschillende landen in één boek verzameld.
Dit filosofisch reisboek toont in woord en beeld hoe verschillende culturen hun gebruiken tot op vandaag nog steeds beleven. De vele foto’s illustreren het boeiende leven van de volkeren die de auteurs hebben ontmoet.
Els Heyvaert is beeldend kunstenares en illustrator.
Christian Van Kerckhove is
wetenschapper en filosoof met een bijzondere interesse voor de wijsgerige antropologie.
Over hun wereldomzeiling met hun zeiljacht Agapetos schreven ze Het geluk
leeft aan boord. Het ongeluk zeilt mee (2012). Zij zijn veelgevraagde sprekers en
hebben een uitgebreide antropologische collectie. Een deel ervan wordt uitgebouwd
tot een nog steeds rondreizende tentoonstelling over overgangsrituelen.
Een ander deel groeide uit tot de tentoonstelling Stof tot nadenken. Identiteit
verweven in textiel.
Van de wereld. Filosofische reisimpressies van gebruiken, rituelen en sjamanisme
Van de wereld. Filosofische reisimpressies van gebruiken, rituelen en sjamanisme in de wereld is een uitzonderlijk boek. Het is ingedeeld in vier grote delen, die overeenkomen met de continenten Afrika, Oceanië, Azië en Amerika. Zelden werden gebruiken, rituelen en sjamanisme uit zoveel verschillende landen in één boek verzameld.
Dit filosofisch reisboek toont in woord en beeld hoe verschillende culturen hun gebruiken tot op vandaag nog steeds beleven. De vele foto’s illustreren het boeiende leven van de volkeren die de auteurs hebben ontmoet.
Els Heyvaert is beeldend kunstenares en illustrator.
Christian Van Kerckhove is
wetenschapper en filosoof met een bijzondere interesse voor de wijsgerige antropologie.
Over hun wereldomzeiling met hun zeiljacht Agapetos schreven ze Het geluk
leeft aan boord. Het ongeluk zeilt mee (2012). Zij zijn veelgevraagde sprekers en
hebben een uitgebreide antropologische collectie. Een deel ervan wordt uitgebouwd
tot een nog steeds rondreizende tentoonstelling over overgangsrituelen.
Een ander deel groeide uit tot de tentoonstelling Stof tot nadenken. Identiteit
verweven in textiel.
Doordenken doorwerken. Intercultureel en ecosociaal denken en doen. Liber Amicorum prof. dr. Heinz Kimmerle
In doordenken doorwerken tonen vijftien filosofen alternatieve en nieuwe wegen om met de grote en complexe thema’s uit onze huidige tijd om te gaan. Als basis gebruiken ze ‘een ontwerp’ uit een boek dat zijn tijd ver vooruit bleek te zijn. In "Entwurf einer Philosophie des Wir. Schule des alternativen Denkens" uit 1983 schetst Heinz Kimmerle reeds de urgentie om ons denken te veranderen. We moeten ons hoe dan ook op een radicaal andere manier tot de wereld, tot elkaar en tot onszelf gaan verhouden. Kimmerle schetst een ontwerp voor een filosofie van het ‘wij’.
Meer dan dertig jaar nadat hij dit eerste ontwerp presenteert, lijkt in het denken van vele mensen een kantelpunt te zijn bereikt. Het is overduidelijk dat oude manieren van denken geen uitweg meer bieden. We lopen vast. Niet alleen is de urgentie van intercultureel filosoferen groter dan ooit, er is tevens behoefte aan een integrale ecofilosofie of ecosofie. Vijftien filosofen, die vanuit verschillende invalshoeken in de praktijk van alledag werken, buigen zich over deze kanteling. De noodzaak die zij al eerder vanuit het filosoferen aanvoelden, daagt hen nu uit nieuwe wegen in kaart te brengen. Ze laten zien dat denken en doen, theorie en praktijk niet tegenover elkaar staan, maar elkaar voortdurend versterken. Filosoferen is niet vrijblijvend. Het zet aan tot handelen.
Henk Oosterling is hoofddocent filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam
en al decennialang initiator, organisator en uitvoerder van succesvolle maatschappelijke
projecten waarin hij zijn denken in daden omzet.
Renate Schepen publiceerde recent samen met Heinz Kimmerle Filosofie van het
Verstaan. In haar werk als filosoof verbindt zij verschillende denkwijzen, mensen
en disciplines, met in het bijzonder aandacht voor stemmen van buiten het dominante
discours.
Doordenken doorwerken. Intercultureel en ecosociaal denken en doen. Liber Amicorum prof. dr. Heinz Kimmerle
In doordenken doorwerken tonen vijftien filosofen alternatieve en nieuwe wegen om met de grote en complexe thema’s uit onze huidige tijd om te gaan. Als basis gebruiken ze ‘een ontwerp’ uit een boek dat zijn tijd ver vooruit bleek te zijn. In "Entwurf einer Philosophie des Wir. Schule des alternativen Denkens" uit 1983 schetst Heinz Kimmerle reeds de urgentie om ons denken te veranderen. We moeten ons hoe dan ook op een radicaal andere manier tot de wereld, tot elkaar en tot onszelf gaan verhouden. Kimmerle schetst een ontwerp voor een filosofie van het ‘wij’.
Meer dan dertig jaar nadat hij dit eerste ontwerp presenteert, lijkt in het denken van vele mensen een kantelpunt te zijn bereikt. Het is overduidelijk dat oude manieren van denken geen uitweg meer bieden. We lopen vast. Niet alleen is de urgentie van intercultureel filosoferen groter dan ooit, er is tevens behoefte aan een integrale ecofilosofie of ecosofie. Vijftien filosofen, die vanuit verschillende invalshoeken in de praktijk van alledag werken, buigen zich over deze kanteling. De noodzaak die zij al eerder vanuit het filosoferen aanvoelden, daagt hen nu uit nieuwe wegen in kaart te brengen. Ze laten zien dat denken en doen, theorie en praktijk niet tegenover elkaar staan, maar elkaar voortdurend versterken. Filosoferen is niet vrijblijvend. Het zet aan tot handelen.
Henk Oosterling is hoofddocent filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam
en al decennialang initiator, organisator en uitvoerder van succesvolle maatschappelijke
projecten waarin hij zijn denken in daden omzet.
Renate Schepen publiceerde recent samen met Heinz Kimmerle Filosofie van het
Verstaan. In haar werk als filosoof verbindt zij verschillende denkwijzen, mensen
en disciplines, met in het bijzonder aandacht voor stemmen van buiten het dominante
discours.
Violence against children. A Rights-Based Discourse
This book explores the situation of violence against children (VAC) in the Caribbean context against an international backdrop. It examines the different dimensions of violence (direct, cultural and structural) and involves a sociological exploration of the factors that contribute to the high tolerance of violence that exists in the Caribbean region, with particular attention to Trinidad and Tobago. A deconstruction of the violence concept and its epistemological implications allows for a defining, refining and re-defining of the phenomenon.
The research examines the spheres of domestic violence, gender violence, violence against street children, and corporal punishment in great detail. The research adopts a rights-based analysis of the issue of VAC and incorporates an international review; it imports field research from Bangladesh, Canada, Nicaragua, and the Netherlands context to inform the study. It conducts an evaluation of T&T’s standing with respect to the implementation of the UN Convention on the Rights of the Child and puts forward sound recommendations for change. The multi-design approach uses qualitative and quantitative data analysis to assess the nation’s knowledge, attitudes, perceptions and beliefs (KAPBs) on the issue of VAC. The ultimate aim of the research is for its utilisation by everyone, especially state policy makers, to promote a ‘lowering’ of the threshold of violence- tolerance, thereby fostering a more child-friendly society.
Rona Jualla van Oudenhoven is sociologist, she is attached to ICDI – International Child Development Initiatives – in Leiden, The Netherlands. She is currently involved in social justice advocacy within a North American and international context. She continues to contribute to the debate, policy and practice regarding interventions benefitting vulnerable persons.
Violence against children. A Rights-Based Discourse
This book explores the situation of violence against children (VAC) in the Caribbean context against an international backdrop. It examines the different dimensions of violence (direct, cultural and structural) and involves a sociological exploration of the factors that contribute to the high tolerance of violence that exists in the Caribbean region, with particular attention to Trinidad and Tobago. A deconstruction of the violence concept and its epistemological implications allows for a defining, refining and re-defining of the phenomenon.
The research examines the spheres of domestic violence, gender violence, violence against street children, and corporal punishment in great detail. The research adopts a rights-based analysis of the issue of VAC and incorporates an international review; it imports field research from Bangladesh, Canada, Nicaragua, and the Netherlands context to inform the study. It conducts an evaluation of T&T’s standing with respect to the implementation of the UN Convention on the Rights of the Child and puts forward sound recommendations for change. The multi-design approach uses qualitative and quantitative data analysis to assess the nation’s knowledge, attitudes, perceptions and beliefs (KAPBs) on the issue of VAC. The ultimate aim of the research is for its utilisation by everyone, especially state policy makers, to promote a ‘lowering’ of the threshold of violence- tolerance, thereby fostering a more child-friendly society.
Rona Jualla van Oudenhoven is sociologist, she is attached to ICDI – International Child Development Initiatives – in Leiden, The Netherlands. She is currently involved in social justice advocacy within a North American and international context. She continues to contribute to the debate, policy and practice regarding interventions benefitting vulnerable persons.
De onzichtbare hand boven België. Een economische geschiedenis. Invloed van liberalisering, globalisering en europeanisering
De achttiende-eeuwse moraalfilosoof en verlichtingsdenker denker Adam Smith dacht dat het nastreven van eigenbelang in een vrije markt naar evenwicht werd geleid door een onzichtbare hand. Later werd die markt veel meer gereguleerd en nam de rol van de overheid toe. Tot een aantal economen en politici vonden dat de overheid moest terugtreden en plaatsmaken voor de krachten van de vrije markt.
Vanaf de jaren 1980 werd die liberale gedachte in de prakrijk gebracht, ook in België. Tegelijk streefden Europese staten naar een eenheidsmarkt en werden handelsbelemmeringen op wereldschaal opgeheven. De globalisering greep om zich heen. Dit boek brengt deze evolutie in beeld en zoomt nader in op de gevolgen voor België. Het is een economische geschiedenis die niet eerder werd gepubliceerd, een ontdekkingstocht door het labyrint van economische en maatschappelijke gebeurtenissen.
René De Preter genoot een economische vorming en heeft al diverse publicaties op zijn naam m.b.t. economische en maatschappelijke geschiedenis. Professioneel was hij actief in de financiële sector en bij de overheid.
De onzichtbare hand boven België. Een economische geschiedenis. Invloed van liberalisering, globalisering en europeanisering
De achttiende-eeuwse moraalfilosoof en verlichtingsdenker denker Adam Smith dacht dat het nastreven van eigenbelang in een vrije markt naar evenwicht werd geleid door een onzichtbare hand. Later werd die markt veel meer gereguleerd en nam de rol van de overheid toe. Tot een aantal economen en politici vonden dat de overheid moest terugtreden en plaatsmaken voor de krachten van de vrije markt.
Vanaf de jaren 1980 werd die liberale gedachte in de prakrijk gebracht, ook in België. Tegelijk streefden Europese staten naar een eenheidsmarkt en werden handelsbelemmeringen op wereldschaal opgeheven. De globalisering greep om zich heen. Dit boek brengt deze evolutie in beeld en zoomt nader in op de gevolgen voor België. Het is een economische geschiedenis die niet eerder werd gepubliceerd, een ontdekkingstocht door het labyrint van economische en maatschappelijke gebeurtenissen.
René De Preter genoot een economische vorming en heeft al diverse publicaties op zijn naam m.b.t. economische en maatschappelijke geschiedenis. Professioneel was hij actief in de financiële sector en bij de overheid.
In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap (Handelsversie)
Deze vraag is het uitgangspunt van In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische
betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap. Ze wordt beantwoord
vanuit vier twintigste-eeuwse denkers: Hannah Arendt, Jacques Lacan,
Michel Serres en Michael Polanyi. Aan de hand van aan hen ontleende concepten
brengt de auteur opvoeding, onderwijs en de activiteiten van opvoeders en leraren
in kaart. Opvoeding en onderwijs zijn gericht op het in de wereld laten komen
van kinderen en jongeren. Daarvoor zullen opvoeders en leraren hen niet alleen
de middelen moeten aanreiken waarmee de mens de wereld heeft ingericht, maar
hen ook in staat moeten stellen om met behulp daarvan initiatieven te nemen.
Want alleen zo kunnen ze deelgenoot worden en ‘in de wereld komen’. Daarbij gaat
het niet om identiteit, maar om subjectiviteit. Een kind of jongere verschijnt als
subject - altijd ten overstaan van anderen - als het tegen dingen aanloopt die hij
niet begrijpt, als er letterlijk en figuurlijk iets dwars komt te zitten. Dat ‘tegen iets
aanlopen’ is een communicatief gebeuren. Het proces van opvoeding en onderwijs
is geen maakproces. De houding van de leraar of opvoeder, zijn ethos, is daarbij
cruciaal, meer dan het toepassen van (wetenschappelijke) kennis.
Wouter Pols was leraar in het speciaal onderwijs en opleider in het middelbaar en
hoger beroepsonderwijs. Momenteel is hij als docent en onderzoeker verbonden
aan het kenniscentrum Talentontwikkeling van de Hogeschool Rotterdam.
In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap (Handelsversie)
Deze vraag is het uitgangspunt van In de wereld komen. Een studie naar de pedagogische
betekenissen van opvoeding, onderwijs en het leraarschap. Ze wordt beantwoord
vanuit vier twintigste-eeuwse denkers: Hannah Arendt, Jacques Lacan,
Michel Serres en Michael Polanyi. Aan de hand van aan hen ontleende concepten
brengt de auteur opvoeding, onderwijs en de activiteiten van opvoeders en leraren
in kaart. Opvoeding en onderwijs zijn gericht op het in de wereld laten komen
van kinderen en jongeren. Daarvoor zullen opvoeders en leraren hen niet alleen
de middelen moeten aanreiken waarmee de mens de wereld heeft ingericht, maar
hen ook in staat moeten stellen om met behulp daarvan initiatieven te nemen.
Want alleen zo kunnen ze deelgenoot worden en ‘in de wereld komen’. Daarbij gaat
het niet om identiteit, maar om subjectiviteit. Een kind of jongere verschijnt als
subject - altijd ten overstaan van anderen - als het tegen dingen aanloopt die hij
niet begrijpt, als er letterlijk en figuurlijk iets dwars komt te zitten. Dat ‘tegen iets
aanlopen’ is een communicatief gebeuren. Het proces van opvoeding en onderwijs
is geen maakproces. De houding van de leraar of opvoeder, zijn ethos, is daarbij
cruciaal, meer dan het toepassen van (wetenschappelijke) kennis.
Wouter Pols was leraar in het speciaal onderwijs en opleider in het middelbaar en
hoger beroepsonderwijs. Momenteel is hij als docent en onderzoeker verbonden
aan het kenniscentrum Talentontwikkeling van de Hogeschool Rotterdam.
Engagement met of zonder God. Atheïst onder missionarissen
Walter Lotens heeft op zijn reizen in Latijns-Amerika vaak missionarissen ontmoet. Markante figuren die op een zeer eigen manier een geloof vertegenwoordigen en een sociaal engagement vorm geven. Vandaar de uitgangsvraag: wat bezielt mensen om zich levenslang religieus én/of sociaal te engageren? Welke elementen verbinden die mensen die met of zonder God zich inzetten voor de medemens? En zijn hun uitgangspunten wel zo anders?
Dit boek presenteert getuigenissen van (ex)-missionarissen, priesters en leken, die de bevrijdingstheologie als inspiratiebron hebben voor hun doorgedreven sociaal engagement. De auteur legt ze voor aan notoire denkers met zeer uiteenlopende profielen gaande van een christen voor het socialisme (Jan Soetewey), een Global Social Justice watcher (Francine Mestrum), een antropoloog zonder God (Rik Pinxten), een ethisch ecoloog (Jef Crab), een trekker van de Universiteit voor Algemeen Belang (Noortje Wiesbauer), een Bijbellezende vrijmetselaar (Ronald Commers) tot twee (ex)-missionarissen (Raf Allaert en Walter De Bock). De reacties zijn zeer divers en een conclusie is er niet, wel een inleiding van Ludo Abicht. De lezer atheïst, agnost of gelovige, krijgt voldoende stof tot nadenken om zelf zijn mening te vormen.
Boekbespreking in De Groen Belg nr 1228
Walter Lotens, moraalfilosoof, wereldreiziger en freelancer, schrijft over beweging van onderuit: Latijns-Amerika, coöperaties, reizen en ‘de ontmoeting met de andere’ van Borgerhout over Nicaragua tot Bolivia en Suriname. (www.walterlotens.net)
Engagement met of zonder God. Atheïst onder missionarissen
Walter Lotens heeft op zijn reizen in Latijns-Amerika vaak missionarissen ontmoet. Markante figuren die op een zeer eigen manier een geloof vertegenwoordigen en een sociaal engagement vorm geven. Vandaar de uitgangsvraag: wat bezielt mensen om zich levenslang religieus én/of sociaal te engageren? Welke elementen verbinden die mensen die met of zonder God zich inzetten voor de medemens? En zijn hun uitgangspunten wel zo anders?
Dit boek presenteert getuigenissen van (ex)-missionarissen, priesters en leken, die de bevrijdingstheologie als inspiratiebron hebben voor hun doorgedreven sociaal engagement. De auteur legt ze voor aan notoire denkers met zeer uiteenlopende profielen gaande van een christen voor het socialisme (Jan Soetewey), een Global Social Justice watcher (Francine Mestrum), een antropoloog zonder God (Rik Pinxten), een ethisch ecoloog (Jef Crab), een trekker van de Universiteit voor Algemeen Belang (Noortje Wiesbauer), een Bijbellezende vrijmetselaar (Ronald Commers) tot twee (ex)-missionarissen (Raf Allaert en Walter De Bock). De reacties zijn zeer divers en een conclusie is er niet, wel een inleiding van Ludo Abicht. De lezer atheïst, agnost of gelovige, krijgt voldoende stof tot nadenken om zelf zijn mening te vormen.
Boekbespreking in De Groen Belg nr 1228
Walter Lotens, moraalfilosoof, wereldreiziger en freelancer, schrijft over beweging van onderuit: Latijns-Amerika, coöperaties, reizen en ‘de ontmoeting met de andere’ van Borgerhout over Nicaragua tot Bolivia en Suriname. (www.walterlotens.net)
Dubbele moord op Martin Luther King, Jr. Een definitief en historiografisch eindrapport
Martin Luther King, Jr. neemt vandaag een voorname plaats in binnen de Amerikaanse historiografie. Zijn Nobelprijs voor de Vrede, tweehonderd eredoctoraten en de oprichting van het King Memorial bevestigen die positie. In 1964 en 1965 bezocht hij Nederland en ontving een ereprijs uit de handen van koningin Juliana. Toch kwam King vroegtijdig aan zijn einde. Op 4 april 1968 werd hij vermoord door een rabiaat racist. De wereld stond even stil. Aan dit boek werkte Europees Kingdeskundige Willy Schaeken ruim twaalf jaar. Na grondige analyse verbindt hij de moordaanslag met het historische moordklimaat en de moordomstandigheden. De rol van John Edgar Hoover, de Ku Klux Klan, rechtse groeperingen, de oorlog in Vietnam, het Amerikaanse racisme gaat hij niet uit de weg. Uiteindelijk verbindt de auteur Kings laatste levensjaren met zijn personalistische visie en biedt hij een antwoord op de vraag naar Kings levenselixir.
“Historian Willy Schaeken has added to his stature as a leading King expert with
this insightful account of the civil rights leader’s assassination. By placing King’s
tragic death in the context of twentieth-century American racial relations, he helps
readers understand why it happened.”
Prof. dr. Clayborne Carson
Centennial Professor of History, R. L. Founding Director The Martin Luther King, Jr., Research
and Education Institute (Stanford University), bekroond auteur in US en Europa
“Although a lone gunman - and no one else - murdered Martin Luther King, Jr.,
Willy Schaeken shows how J. Edgar Hoover’s FBI created a ‘climate of murder’
by demonizing King. Schaeken offers a fresh and interesting perspective on King’s
strength, leadership and influence.”
Prof. dr. Adaim Fairclough
Raymond and Beverly Sackler Professor of American History and Culture (Universiteit Leiden),
bekroond auteur in US en Europa
“Willy Schaeken has produced a fascinating study of the final years of Martin
Luther King’s life and the circumstances surrounding his assassination. Schaeken’s
book should be read by anyone who wishes to know the truth about how a lowly
second rate criminal fooled the American public into accepting outrageous and
false conspiracy theories.”
Mel Ayton
Historicus (Durham University, UK) en auteur van ‘A Racial Crime. James Earl Ray and the
Murder of Dr. Martin Luther King, Jr.’ en talrijke historische boeken
Willy Schaeken is historicus, leerkracht godsdienst en Europees Kingdeskundige. Hij schreef diverse boeken over de Civil Rights Movement en artikels over Kings personalistisch-pacifistische theologie. Naast contacten met Kings familie onderhoudt hij goede banden met The Martin Luther King, Jr. Research and Education Institute te Stanford University (San Francisco).
Dubbele moord op Martin Luther King, Jr. Een definitief en historiografisch eindrapport
Martin Luther King, Jr. neemt vandaag een voorname plaats in binnen de Amerikaanse historiografie. Zijn Nobelprijs voor de Vrede, tweehonderd eredoctoraten en de oprichting van het King Memorial bevestigen die positie. In 1964 en 1965 bezocht hij Nederland en ontving een ereprijs uit de handen van koningin Juliana. Toch kwam King vroegtijdig aan zijn einde. Op 4 april 1968 werd hij vermoord door een rabiaat racist. De wereld stond even stil. Aan dit boek werkte Europees Kingdeskundige Willy Schaeken ruim twaalf jaar. Na grondige analyse verbindt hij de moordaanslag met het historische moordklimaat en de moordomstandigheden. De rol van John Edgar Hoover, de Ku Klux Klan, rechtse groeperingen, de oorlog in Vietnam, het Amerikaanse racisme gaat hij niet uit de weg. Uiteindelijk verbindt de auteur Kings laatste levensjaren met zijn personalistische visie en biedt hij een antwoord op de vraag naar Kings levenselixir.
“Historian Willy Schaeken has added to his stature as a leading King expert with
this insightful account of the civil rights leader’s assassination. By placing King’s
tragic death in the context of twentieth-century American racial relations, he helps
readers understand why it happened.”
Prof. dr. Clayborne Carson
Centennial Professor of History, R. L. Founding Director The Martin Luther King, Jr., Research
and Education Institute (Stanford University), bekroond auteur in US en Europa
“Although a lone gunman - and no one else - murdered Martin Luther King, Jr.,
Willy Schaeken shows how J. Edgar Hoover’s FBI created a ‘climate of murder’
by demonizing King. Schaeken offers a fresh and interesting perspective on King’s
strength, leadership and influence.”
Prof. dr. Adaim Fairclough
Raymond and Beverly Sackler Professor of American History and Culture (Universiteit Leiden),
bekroond auteur in US en Europa
“Willy Schaeken has produced a fascinating study of the final years of Martin
Luther King’s life and the circumstances surrounding his assassination. Schaeken’s
book should be read by anyone who wishes to know the truth about how a lowly
second rate criminal fooled the American public into accepting outrageous and
false conspiracy theories.”
Mel Ayton
Historicus (Durham University, UK) en auteur van ‘A Racial Crime. James Earl Ray and the
Murder of Dr. Martin Luther King, Jr.’ en talrijke historische boeken
Willy Schaeken is historicus, leerkracht godsdienst en Europees Kingdeskundige. Hij schreef diverse boeken over de Civil Rights Movement en artikels over Kings personalistisch-pacifistische theologie. Naast contacten met Kings familie onderhoudt hij goede banden met The Martin Luther King, Jr. Research and Education Institute te Stanford University (San Francisco).
De culinaire ziel van Nederland. Aan tafel met boeren, burgers, kooplui en zeevaarders. (Reeks Keuken en Tafel: nr 3)
Steeds meer ‘Hollandse’ chef-koks verzamelen sterren, vorken en mutsen in prestigieuze restaurantgidsen. Een ‘inhaalbeweging’ beweren sommigen en misschien hebben ze voor een stukje gelijk. Maar misschien ook weer niet.
Verbazingwekkend is de opmars allerminst. Er bestaat van oudsher een rijke regionale keuken die erg verscheiden is. Nederland heeft een stevige agrarische traditie, naast een bewogen zeevaarthistorie, gekoppeld aan een uitgesproken commerciële spirit. Dit werkt in alle opzichten verrijkend.
Hoog tijd dus om diverse bekende en vooral minder bekende facetten van de Nederlandse keuken onder de schijnwerpers te plaatsen. Vele ‘oude’ recepten geven de toon aan, worden verfijnd of herontdekt. Hoge toppen worden immers pas bereikt vanuit een brede basis. Het boek is een boeiende tocht van toen tot nu, langs het hoe en waarom van de Nederlandse culinaire ziel.
De geschiedenis van voedsel in Nederland, beschreven in bloemrijk Vlaams Nederlands. (geciteerd uit de recensie op http://www.leeskost.nl)
Een andere bespreking op https://www.mergenmetz.nl/recensies/de-culinaire-ziel-van-nederland/
Eddie Niesten (° Maastricht) werkte bij een landbouwonderzoeksinstituut in Leuven, waar hij vooral de ontwikkeling van voeding door de eeuwen heen bestudeerde. Hij geeft tal van lezingen, workshops, opleidingen rond diverse thema’s in de sfeer van landbouw en voeding. Zopas startte hij met ‘Goesting?! - Centrum voor Eet en Drinkcultuur’ aan de grens met Nederland.
De culinaire ziel van Nederland. Aan tafel met boeren, burgers, kooplui en zeevaarders. (Reeks Keuken en Tafel: nr 3)
Steeds meer ‘Hollandse’ chef-koks verzamelen sterren, vorken en mutsen in prestigieuze restaurantgidsen. Een ‘inhaalbeweging’ beweren sommigen en misschien hebben ze voor een stukje gelijk. Maar misschien ook weer niet.
Verbazingwekkend is de opmars allerminst. Er bestaat van oudsher een rijke regionale keuken die erg verscheiden is. Nederland heeft een stevige agrarische traditie, naast een bewogen zeevaarthistorie, gekoppeld aan een uitgesproken commerciële spirit. Dit werkt in alle opzichten verrijkend.
Hoog tijd dus om diverse bekende en vooral minder bekende facetten van de Nederlandse keuken onder de schijnwerpers te plaatsen. Vele ‘oude’ recepten geven de toon aan, worden verfijnd of herontdekt. Hoge toppen worden immers pas bereikt vanuit een brede basis. Het boek is een boeiende tocht van toen tot nu, langs het hoe en waarom van de Nederlandse culinaire ziel.
De geschiedenis van voedsel in Nederland, beschreven in bloemrijk Vlaams Nederlands. (geciteerd uit de recensie op http://www.leeskost.nl)
Een andere bespreking op https://www.mergenmetz.nl/recensies/de-culinaire-ziel-van-nederland/
Eddie Niesten (° Maastricht) werkte bij een landbouwonderzoeksinstituut in Leuven, waar hij vooral de ontwikkeling van voeding door de eeuwen heen bestudeerde. Hij geeft tal van lezingen, workshops, opleidingen rond diverse thema’s in de sfeer van landbouw en voeding. Zopas startte hij met ‘Goesting?! - Centrum voor Eet en Drinkcultuur’ aan de grens met Nederland.
Ethisch leiderschap in de zorg. Verkenning vanuit de zorgethiek (Quadri Committed Research, nr. 4)
Dit boek gaat over een nieuw model van leiderschap. Het is een reflectie
over leiderschap met de zorgethiek als referentiekader. Het staat stil bij
de betekenis van het zijn van de leidinggevenden in de zorg. Ze worden
verbonden met de context, de zorgcultuur waarin ze werken.
Quadri Committed Research:
Ethisch leiderschap in de zorg. Verkenning vanuit de zorgethiek (Quadri Committed Research, nr. 4)
Dit boek gaat over een nieuw model van leiderschap. Het is een reflectie
over leiderschap met de zorgethiek als referentiekader. Het staat stil bij
de betekenis van het zijn van de leidinggevenden in de zorg. Ze worden
verbonden met de context, de zorgcultuur waarin ze werken.
Quadri Committed Research:
Etty Hillesum weer thuis in Middelburg (Etty Hillesum Studies, deel 7)
De titel van het zevende deel van de serie Etty Hillesum Studies verwijst naar de opening van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum te Middelburg op 1 oktober 2015. Zo is de stad, waar Etty Hillesum op 15 januari 1914 werd geboren, een knooppunt geworden voor het internationale onderzoek naar haar persoon en nagelaten geschriften. De bundel wordt geopend met de toespraak die de Middelburgse burgemeester bij de opening van het centrum hield, gevolgd door een studie over Hillesums taalgebruik: welke stijlmiddelen wendde zij aan? Haar beperkte mogelijkheden om zich te handhaven in een tijd van vervolging en haar wens om kroniekschrijfster van het kamp Westerbork te worden zijn het onderwerp van twee studies, waarin haar confrontatie met het nationaalsocialisme centraal staat. In een volgende bijdrage wordt een vergelijking getrokken tussen Etty Hillesum en de auteur die haar het meeste heeft geïnspireerd: Rainer Maria Rilke, en in een tweede bijdrage de verschillen tussen haar en de Italiaanse schrijver Primo Levi, als het gaat om hun visie op de Sjoa. Twee artikelen handelen over aspecten van Hillesums geheel eigen vorm van religiositeit en de actualiteit daarvan voor het heden. Het biografische onderzoek naar Etty Hillesum, haar familie en haar omgeving levert steeds nieuwe resultaten op, zoals blijkt uit de bijdrage over Spiers verloofde Hertha Levi en die over de Hillesum stamboom. Ook het onderzoek naar het boek ‘Levenskunst’, waarin Etty Hillesum en Henny Tideman eens gevleugelde woorden hebben opgetekend, wordt voortgezet. Een boekbespreking besluit dit deel, waarin opnieuw zeer verschillende aspecten van het wereldwijde Etty Hillesum onderzoek aan de orde komen.
De serie Etty Hillesum Studies is een uitgave van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum te Middelburg en staat onder redactie van Klaas A.D. Smelik, Marja Clement, Meins G.S. Coetsier, Janny van der Molen, Gerrit Van Oord en Jurjen Wiersma.
Etty Hillesum weer thuis in Middelburg (Etty Hillesum Studies, deel 7)
De titel van het zevende deel van de serie Etty Hillesum Studies verwijst naar de opening van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum te Middelburg op 1 oktober 2015. Zo is de stad, waar Etty Hillesum op 15 januari 1914 werd geboren, een knooppunt geworden voor het internationale onderzoek naar haar persoon en nagelaten geschriften. De bundel wordt geopend met de toespraak die de Middelburgse burgemeester bij de opening van het centrum hield, gevolgd door een studie over Hillesums taalgebruik: welke stijlmiddelen wendde zij aan? Haar beperkte mogelijkheden om zich te handhaven in een tijd van vervolging en haar wens om kroniekschrijfster van het kamp Westerbork te worden zijn het onderwerp van twee studies, waarin haar confrontatie met het nationaalsocialisme centraal staat. In een volgende bijdrage wordt een vergelijking getrokken tussen Etty Hillesum en de auteur die haar het meeste heeft geïnspireerd: Rainer Maria Rilke, en in een tweede bijdrage de verschillen tussen haar en de Italiaanse schrijver Primo Levi, als het gaat om hun visie op de Sjoa. Twee artikelen handelen over aspecten van Hillesums geheel eigen vorm van religiositeit en de actualiteit daarvan voor het heden. Het biografische onderzoek naar Etty Hillesum, haar familie en haar omgeving levert steeds nieuwe resultaten op, zoals blijkt uit de bijdrage over Spiers verloofde Hertha Levi en die over de Hillesum stamboom. Ook het onderzoek naar het boek ‘Levenskunst’, waarin Etty Hillesum en Henny Tideman eens gevleugelde woorden hebben opgetekend, wordt voortgezet. Een boekbespreking besluit dit deel, waarin opnieuw zeer verschillende aspecten van het wereldwijde Etty Hillesum onderzoek aan de orde komen.
De serie Etty Hillesum Studies is een uitgave van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum te Middelburg en staat onder redactie van Klaas A.D. Smelik, Marja Clement, Meins G.S. Coetsier, Janny van der Molen, Gerrit Van Oord en Jurjen Wiersma.
Conférence par Soi-même, la parole au citoyen (Cahiers Campus Gelbergen Nr. 4)
Conférence par Soi-même, la parole au citoyen est un fil rouge pour ceux et celles qui souhaitent comprendre et utiliser une Conférence par Soi-même pour les familles. Lors d’une conférence des personnes en collaboration avec leur famille dressent un plan pour l’avenir. Un coordinateur de Conférence par Soi-même indépendant les aide dans l’organisation de la conférence. La conviction que tout individu, famille ou mode de ‘vivre ensemble’ dispose d’un réseau se trouve à la base de Conférence par Soi-même. Lorsque des problèmes médicaux, psychiques ou relationnels surgissent, les gens ont tendance à s’isoler. Le point de départ d’une Conférence par Soi-même repose sur le demandeur d’aide ainsi que sur le réseau qui l’entoure, lui permettant de recevoir plus de soutien pour sa cause et pour les chances de réussite lors de l’exécution du plan.
Conférence par Soi-même est un modèle de prise de décision ayant
l’ambition de garantir certains droits civiques: le droit de citoyen de
devenir (de nouveau) le véritable propriétaire de sa demande d’aide ainsi
que de garder la mainmise sur les solutions envisagées. En reconnaissant
le citoyen dans une position de décideur, celui-ci n’est pas seulement
mis en action, une possibilité de collaboration entre dispositifs de soins
formels et informels est également dégagée.
La Conférence par Soi-même est tout sauf un panacée, néanmoins, en
se focalisant sur les forces des familles et du réseau social, plutôt que
sur les problèmes de ceux-ci, la position du demandeur d’aide change
considérablement. Transposer la responsabilité des soins au sein du
réseau social n’est envisageable que lorsque le client peut prendre une
autre position. Il évolue de la position de demandeur d’aide dépendant
en personne avec une capacité décisionnelle accrue.
Mirjam Beyers (1961) a étudié au Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen de Bruxelles (HIG). Depuis 1995 et jusqu’à 2012 elle a été membre du comité de direction et collaboratrice bénévole à la Vlaamse Vereniging voor Ouders van Couveusekinderen (VVOC). Depuis 2003 elle a été impliquée dans la fondation et le développement de Conférence par Soi-même en Belgique. Elle est co-responsable de la politique de l’asbl ainsi que de la formation et du coaching des coordinateurs de Conférence par Soi-même indépendants. Conférence par Soi-même travaille en partenariat avec Campus Gelbergen.
Conférence par Soi-même, la parole au citoyen (Cahiers Campus Gelbergen Nr. 4)
Conférence par Soi-même, la parole au citoyen est un fil rouge pour ceux et celles qui souhaitent comprendre et utiliser une Conférence par Soi-même pour les familles. Lors d’une conférence des personnes en collaboration avec leur famille dressent un plan pour l’avenir. Un coordinateur de Conférence par Soi-même indépendant les aide dans l’organisation de la conférence. La conviction que tout individu, famille ou mode de ‘vivre ensemble’ dispose d’un réseau se trouve à la base de Conférence par Soi-même. Lorsque des problèmes médicaux, psychiques ou relationnels surgissent, les gens ont tendance à s’isoler. Le point de départ d’une Conférence par Soi-même repose sur le demandeur d’aide ainsi que sur le réseau qui l’entoure, lui permettant de recevoir plus de soutien pour sa cause et pour les chances de réussite lors de l’exécution du plan.
Conférence par Soi-même est un modèle de prise de décision ayant
l’ambition de garantir certains droits civiques: le droit de citoyen de
devenir (de nouveau) le véritable propriétaire de sa demande d’aide ainsi
que de garder la mainmise sur les solutions envisagées. En reconnaissant
le citoyen dans une position de décideur, celui-ci n’est pas seulement
mis en action, une possibilité de collaboration entre dispositifs de soins
formels et informels est également dégagée.
La Conférence par Soi-même est tout sauf un panacée, néanmoins, en
se focalisant sur les forces des familles et du réseau social, plutôt que
sur les problèmes de ceux-ci, la position du demandeur d’aide change
considérablement. Transposer la responsabilité des soins au sein du
réseau social n’est envisageable que lorsque le client peut prendre une
autre position. Il évolue de la position de demandeur d’aide dépendant
en personne avec une capacité décisionnelle accrue.
Mirjam Beyers (1961) a étudié au Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen de Bruxelles (HIG). Depuis 1995 et jusqu’à 2012 elle a été membre du comité de direction et collaboratrice bénévole à la Vlaamse Vereniging voor Ouders van Couveusekinderen (VVOC). Depuis 2003 elle a été impliquée dans la fondation et le développement de Conférence par Soi-même en Belgique. Elle est co-responsable de la politique de l’asbl ainsi que de la formation et du coaching des coordinateurs de Conférence par Soi-même indépendants. Conférence par Soi-même travaille en partenariat avec Campus Gelbergen.
Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Domeinboek Sociale, emotionele en morele ontwikkeling
Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op de diagnostische protocollen.
De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.
Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg in de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider. Groeiboek bestaat uit vier delen: ‘Basisboek’, ‘Signaleren’, ‘Analyse en handelen’ en ‘Continuïteit van de gedeelde zorg’. Deel 3: ‘Analyse en handelen’ bestaat uit aparte domeinboeken die het denkkader concretiseren en suggesties doen naar interventies. Dit is het domeinboek ‘Sociale, emotionele en morele ontwikkeling’.
De auteur van Groeiboek/Sociale, emotionele en morele ontwikkeling, Mieke Wouters, is psycho-pedagogisch consulent in het vrij CLB Hasselt. Ze bedacht mee het concept voor Groeiboek en is mede-auteur van Basisboek, Signaleren en Analyse en Handelen. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, coördinator basisonderwijs van het vrij CLB regio Gent en eindredacteur /coördinator van de Groeiboek- reeks voor de Vrije CLB-Koepel.
Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Domeinboek Sociale, emotionele en morele ontwikkeling
Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op de diagnostische protocollen.
De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.
Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg in de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider. Groeiboek bestaat uit vier delen: ‘Basisboek’, ‘Signaleren’, ‘Analyse en handelen’ en ‘Continuïteit van de gedeelde zorg’. Deel 3: ‘Analyse en handelen’ bestaat uit aparte domeinboeken die het denkkader concretiseren en suggesties doen naar interventies. Dit is het domeinboek ‘Sociale, emotionele en morele ontwikkeling’.
De auteur van Groeiboek/Sociale, emotionele en morele ontwikkeling, Mieke Wouters, is psycho-pedagogisch consulent in het vrij CLB Hasselt. Ze bedacht mee het concept voor Groeiboek en is mede-auteur van Basisboek, Signaleren en Analyse en Handelen. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, coördinator basisonderwijs van het vrij CLB regio Gent en eindredacteur /coördinator van de Groeiboek- reeks voor de Vrije CLB-Koepel.
Uit de schaduw van de wet. Inleiding tot de esthetica van het recht
Voor de auteur is recht – net als de religie – een vorm van kunst. Dit boek traceert en verkent de kunstzinnige en scheppende aard van het recht. Het ware recht wordt opgevat als een zoeken naar gerechtigheid die als Schoonheid moet worden aangemerkt. Deze esthetische benadering neemt afstand van het wijsgerig idealisme en het realisme, traditionele denkrichtingen die een oneigenlijke en burgerlijke rechtschapenheid entameren. Maar ook de vigerende rationalistische rechtsopvattingen, zoals het legalisme en het rechtspositivisme, worden bekritiseerd. Door de gerechtigheid met de wet en de procedure te associëren, veronachtzamen zij eveneens de fundamentele esthetische dimensie van het recht.
Vanuit de ‘religieuze wending’ in de postmoderne filosofie wordt beargumenteerd dat de esthetisch-religieuze dimensie ook buiten het geloof, in de seculiere sfeer van rechtsfilosofie en rechtsgeleerdheid, dieper inzicht verschaft. Onder verwijzing naar onder meer Nietzsche, Kierkegaard, Berdyaev en Shestov, beargumenteert Timo Slootweg dat niet in de zuivere rede, maar in de dichtkunst, de mythe en de religie de meest geschikte aanknopingspunten te vinden zijn voor een werkelijkheidsgetrouwe filosofie en wetenschap. De waarheidsopvatting van de religieuze joods-christelijke traditie blijkt van essentieel belang voor de esthetica van moraal en recht. Voor recht en rechtsvinding belooft de existentiële esthetica bovendien van praktische betekenis te zijn.
Timo Slootweg is historicus en filosoof. Hij doceert rechtsfilosofie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Uit de schaduw van de wet. Inleiding tot de esthetica van het recht
Voor de auteur is recht – net als de religie – een vorm van kunst. Dit boek traceert en verkent de kunstzinnige en scheppende aard van het recht. Het ware recht wordt opgevat als een zoeken naar gerechtigheid die als Schoonheid moet worden aangemerkt. Deze esthetische benadering neemt afstand van het wijsgerig idealisme en het realisme, traditionele denkrichtingen die een oneigenlijke en burgerlijke rechtschapenheid entameren. Maar ook de vigerende rationalistische rechtsopvattingen, zoals het legalisme en het rechtspositivisme, worden bekritiseerd. Door de gerechtigheid met de wet en de procedure te associëren, veronachtzamen zij eveneens de fundamentele esthetische dimensie van het recht.
Vanuit de ‘religieuze wending’ in de postmoderne filosofie wordt beargumenteerd dat de esthetisch-religieuze dimensie ook buiten het geloof, in de seculiere sfeer van rechtsfilosofie en rechtsgeleerdheid, dieper inzicht verschaft. Onder verwijzing naar onder meer Nietzsche, Kierkegaard, Berdyaev en Shestov, beargumenteert Timo Slootweg dat niet in de zuivere rede, maar in de dichtkunst, de mythe en de religie de meest geschikte aanknopingspunten te vinden zijn voor een werkelijkheidsgetrouwe filosofie en wetenschap. De waarheidsopvatting van de religieuze joods-christelijke traditie blijkt van essentieel belang voor de esthetica van moraal en recht. Voor recht en rechtsvinding belooft de existentiële esthetica bovendien van praktische betekenis te zijn.
Timo Slootweg is historicus en filosoof. Hij doceert rechtsfilosofie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Leren met beelden
Beelden. In onze huidige maatschappij kun je er niet naast kijken. “Een beeld zegt meer dan duizend woorden”, zegt men weleens en deze stelling is vandaag meer dan ooit waar. Nog nooit werden kinderen geconfronteerd met zoveel verschillende schermen en media. Nog nooit hadden ze zelf zo vlot toegang tot fotocamera’s, via hun smartphones, tablets of compact camera’s. En kinderen en jongeren hebben dit zeer goed begrepen: ze maken en delen foto’s dat het een lieve lust is. Ze communiceren met emoticons en selfies. Beeldgebaseerde platforms als Instagram of YouTube, zijn nog nooit zo populair geweest. Kinderen zijn niet langer enkel consument maar ook producent van beelden. Beelden zijn een communicatiemiddel op zich geworden. Ze zijn een echte taal en het is de rol van onder andere het onderwijs om kinderen ook die taal (beter) te leren spreken.
Dit boek is een hulpmiddel om kinderen zelf goede beelden te leren maken. Beelden die precies datgene vertellen wat we willen dat ze vertellen. Om kinderen te leren kijken naar beelden en hoe ze juist te interpreteren. Om beelden niet gewoon te consumeren en voor ‘waar’ aan te nemen. Maar vooral om kinderen te leren hoe met beelden te communiceren. Als leerkracht hoef je geen amateurfotograaf te zijn om dit boek te gebruiken. De uitgewerkte methodieken zorgen ervoor dat kinderen stap voor stap een leerproces doorlopen om de nodige kennis en vaardigheden op te bouwen. Bovendien krijg je heel wat achtergrondinformatie én inspiratie om de methodieken in diverse vakken in te zetten om de lessen te verrijken. Want beeldtaal is een taal, net zoals woorden dat zijn. Een taal die per definitie vakoverschrijdend werkt. Door beelden te integreren in een vakoverschrijdende aanpak, zul je merken dat de leerwinst bij de leerlingen stijgt.
Evy Raes is fotograaf en gedreven door de nieuwe mogelijkheden van beelden in onze (technologische)
maatschappij. Ze maakte naam met de fotoreeks Kom Binnen! en ze toont leraren hoe kinderen
kunnen leren met beelden.
Nel Broothaerts is pedagoge en gespecialiseerd in het uitwerken van educatie-, informatie- en communicatiemateriaal
voor kinderen, jongeren, ouders en professionelen die met hen aan de slag gaan.
Leren met beelden
Beelden. In onze huidige maatschappij kun je er niet naast kijken. “Een beeld zegt meer dan duizend woorden”, zegt men weleens en deze stelling is vandaag meer dan ooit waar. Nog nooit werden kinderen geconfronteerd met zoveel verschillende schermen en media. Nog nooit hadden ze zelf zo vlot toegang tot fotocamera’s, via hun smartphones, tablets of compact camera’s. En kinderen en jongeren hebben dit zeer goed begrepen: ze maken en delen foto’s dat het een lieve lust is. Ze communiceren met emoticons en selfies. Beeldgebaseerde platforms als Instagram of YouTube, zijn nog nooit zo populair geweest. Kinderen zijn niet langer enkel consument maar ook producent van beelden. Beelden zijn een communicatiemiddel op zich geworden. Ze zijn een echte taal en het is de rol van onder andere het onderwijs om kinderen ook die taal (beter) te leren spreken.
Dit boek is een hulpmiddel om kinderen zelf goede beelden te leren maken. Beelden die precies datgene vertellen wat we willen dat ze vertellen. Om kinderen te leren kijken naar beelden en hoe ze juist te interpreteren. Om beelden niet gewoon te consumeren en voor ‘waar’ aan te nemen. Maar vooral om kinderen te leren hoe met beelden te communiceren. Als leerkracht hoef je geen amateurfotograaf te zijn om dit boek te gebruiken. De uitgewerkte methodieken zorgen ervoor dat kinderen stap voor stap een leerproces doorlopen om de nodige kennis en vaardigheden op te bouwen. Bovendien krijg je heel wat achtergrondinformatie én inspiratie om de methodieken in diverse vakken in te zetten om de lessen te verrijken. Want beeldtaal is een taal, net zoals woorden dat zijn. Een taal die per definitie vakoverschrijdend werkt. Door beelden te integreren in een vakoverschrijdende aanpak, zul je merken dat de leerwinst bij de leerlingen stijgt.
Evy Raes is fotograaf en gedreven door de nieuwe mogelijkheden van beelden in onze (technologische)
maatschappij. Ze maakte naam met de fotoreeks Kom Binnen! en ze toont leraren hoe kinderen
kunnen leren met beelden.
Nel Broothaerts is pedagoge en gespecialiseerd in het uitwerken van educatie-, informatie- en communicatiemateriaal
voor kinderen, jongeren, ouders en professionelen die met hen aan de slag gaan.
Opvoeden in verwarrende tijden. Op zoek naar visie
Waarom levert de opvoeding van kinderen in onze huidige samenleving zoveel
problemen op? Ettelijke reality tv-programma’s gaan over opvoedingsproblemen.
Kijkcijfers wijzen uit dat ze erg populair zijn. Kijkt men uit leedvermaak?
Of veeleer uit een soort opluchting dat het er in het eigen gezin nog niet zo
kwaad aan toe gaat? In de scholen lijkt het niet veel anders. Er werd zelden
zoveel geklaagd over het onderwijs als nu, zodat sommigen zich afvragen of
de school nog wel voor haar taken bekwaam is.
De oorzaak van deze malaise is fundamenteel. Het lijkt erop dat de moderne
westerse mens in de dynamiek van de twintigste eeuw niet alleen het zicht is
kwijtgeraakt op zijn eigen zingeving, maar in samenhang daarmee ook op een
goede invulling van de opvoeding van en het onderwijs aan de jongere generatie.
Dit boek geeft een visie op een aantal problemen en de achtergronden
ervan in opvoeding en onderwijs. Daarna gaat het na in hoeverre de door
de Verenigde Naties gelanceerde idee van een cultuur van vrede en geweldloosheid
een antwoord kan zijn op de crisis van de westerse cultuur en wat
daarvan de consequenties zijn voor opvoeding en onderwijs.
Lennart Vriens is namens de Stichting Leerstoelen Vredesopbouw bijzonder hoogleraar Vredespedagogiek aan de Universiteit Utrecht. Hij publiceerde veelvuldig over vredesopvoeding en over schoolpedagogische kwesties.
Opvoeden in verwarrende tijden. Op zoek naar visie
Waarom levert de opvoeding van kinderen in onze huidige samenleving zoveel
problemen op? Ettelijke reality tv-programma’s gaan over opvoedingsproblemen.
Kijkcijfers wijzen uit dat ze erg populair zijn. Kijkt men uit leedvermaak?
Of veeleer uit een soort opluchting dat het er in het eigen gezin nog niet zo
kwaad aan toe gaat? In de scholen lijkt het niet veel anders. Er werd zelden
zoveel geklaagd over het onderwijs als nu, zodat sommigen zich afvragen of
de school nog wel voor haar taken bekwaam is.
De oorzaak van deze malaise is fundamenteel. Het lijkt erop dat de moderne
westerse mens in de dynamiek van de twintigste eeuw niet alleen het zicht is
kwijtgeraakt op zijn eigen zingeving, maar in samenhang daarmee ook op een
goede invulling van de opvoeding van en het onderwijs aan de jongere generatie.
Dit boek geeft een visie op een aantal problemen en de achtergronden
ervan in opvoeding en onderwijs. Daarna gaat het na in hoeverre de door
de Verenigde Naties gelanceerde idee van een cultuur van vrede en geweldloosheid
een antwoord kan zijn op de crisis van de westerse cultuur en wat
daarvan de consequenties zijn voor opvoeding en onderwijs.
Lennart Vriens is namens de Stichting Leerstoelen Vredesopbouw bijzonder hoogleraar Vredespedagogiek aan de Universiteit Utrecht. Hij publiceerde veelvuldig over vredesopvoeding en over schoolpedagogische kwesties.
Bouwstenen voor onderzoek in onderwijs en opleiding
Professionals in onderwijs, zorg en welzijn stimuleren op doelgerichte wijze bij kinderen en volwassenen processen van leren, ontwikkeling en zelfredzaamheid. Goed onderzoek kan waardevolle inzichten opleveren in hoe dit verloopt en hoe effectief de gekozen middelen en aanpakken zijn. Hoe doe je zulk onderzoek, hoe leer je dat en waar moet je op letten, zodat de resultaten kloppen en bruikbaar zijn?
Dit boek bevat 50 teksten in volgorde van alle fasen van onderzoek. De teksten kunnen afzonderlijk worden gelezen en bieden uitleg en achtergronden bij een aantal soorten onderzoek en bruikbare methoden en technieken, aangevuld met voorbeelden en praktische suggesties. Bij elke onderzoeksfase worden kritische aanwijzingen gegeven voor het bewaken en verhogen van de kwaliteit en de opbrengst.
Het boek is bedoeld voor studenten, docenten, professionals en onderzoekers op HBO- en WO-niveau. Het biedt een grondige kennisbasis voor het opzetten, uitvoeren, rapporteren, begeleiden, beoordelen en benutten van onderzoek. Het is een neerslag van kennis over en ervaring met het opzetten, uitvoeren en verslag doen van onderzoek, en van rijke ervaringen bij het begeleiden van onderzoeken van studenten, professionals, onderzoekers en promovendi.
Karel Stokking studeerde pedagogiek, promoveerde op enkele grondslagen van sociaalwetenschappelijk onderzoek en werkte als leerkracht, onderzoeker en opleider. Hij is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Utrecht. Veel van zijn onderzoeken gingen over invoering, verloop en effecten van verbeteringen en innovaties in onderwijs, opleiding en educatie.
Bouwstenen voor onderzoek in onderwijs en opleiding
Professionals in onderwijs, zorg en welzijn stimuleren op doelgerichte wijze bij kinderen en volwassenen processen van leren, ontwikkeling en zelfredzaamheid. Goed onderzoek kan waardevolle inzichten opleveren in hoe dit verloopt en hoe effectief de gekozen middelen en aanpakken zijn. Hoe doe je zulk onderzoek, hoe leer je dat en waar moet je op letten, zodat de resultaten kloppen en bruikbaar zijn?
Dit boek bevat 50 teksten in volgorde van alle fasen van onderzoek. De teksten kunnen afzonderlijk worden gelezen en bieden uitleg en achtergronden bij een aantal soorten onderzoek en bruikbare methoden en technieken, aangevuld met voorbeelden en praktische suggesties. Bij elke onderzoeksfase worden kritische aanwijzingen gegeven voor het bewaken en verhogen van de kwaliteit en de opbrengst.
Het boek is bedoeld voor studenten, docenten, professionals en onderzoekers op HBO- en WO-niveau. Het biedt een grondige kennisbasis voor het opzetten, uitvoeren, rapporteren, begeleiden, beoordelen en benutten van onderzoek. Het is een neerslag van kennis over en ervaring met het opzetten, uitvoeren en verslag doen van onderzoek, en van rijke ervaringen bij het begeleiden van onderzoeken van studenten, professionals, onderzoekers en promovendi.
Karel Stokking studeerde pedagogiek, promoveerde op enkele grondslagen van sociaalwetenschappelijk onderzoek en werkte als leerkracht, onderzoeker en opleider. Hij is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Utrecht. Veel van zijn onderzoeken gingen over invoering, verloop en effecten van verbeteringen en innovaties in onderwijs, opleiding en educatie.
De zes hamerslagen van de westerse rationaliteit. Van speculatief denken tot baanbrekende wetenschap
Dit boek schetst het unieke parcours van de westerse rationaliteit. Waarom heeft het zich hier kunnen voordoen en waarom niet eerder of later in andere, soms verder ontwikkelde culturen? Hoe kon het gebeuren dat ruim zesentwintig eeuwen geleden in Griekenland, in een tijdspanne van nauwelijks honderd jaar en in een gemeenschap van slechts enkele duizenden zielen, zowel de dialectische filosofie, de formele logica als de deductieve wiskunde werden geboren? Bovendien gebeurde dit zonder ambitie op enig praktisch nut maar louter voor het intellectuele genoegen van het inzicht. Gedurende meer dan twee millennia zal dit esoterische gedachtegoed, met zijn dualistische opdeling van het bestaan in een minderwaardige zintuiglijke wereld en de verheven oorden van de geest, bewaard blijven in een aangepaste of geïntegreerde versie. Om dan, door allerlei omstandigheden plots bevrijd van het metafysische en dogmatische kader, door de combinatie van waarnemen en denken, van inductie en deductie, een vruchtbare wetenschappelijke methode te ontwikkelen, die in nauwelijks drie eeuwen de beschaving drastisch zou veranderen, om ten slotte uit te monden in de schokgolven van de industrialisatie en de informatica. Een fascinerende geschiedenis met kritische contingente momenten die ook een ander verloop had kunnen kennen. Dit verhaal gaat dus over de precaire samenhang van geschiedenis, filosofie en wetenschap en de impact ervan op onze huidige samenleving.
Indien het zo is dat kennis ingebed is in een maatschappij en indien het zo
is dat maatschappijen in hun ontwikkeling niet door ‘zuivere’ wetmatigheden
gedicteerd worden, dan is het duidelijk dat contingentie een sleutelbegrip
wordt: het is zo gegaan maar het had evengoed iets helemaal anders kunnen
zijn. “Wat zou er gebeurd zijn indien …?” is de kenmerkende vraag in dit verband.
(Uit het voorwoord van Jean Paul van Bendegem)
Rik Verhulst was leraar en docent wiskunde aan het H. Pius X Instituut en later lector wiskunde aan de lerarenopleiding van de Karel de Grote Hogeschool in Antwerpen. In zijn cursus integreerde hij geschiedenis van wiskunde, wetenschap en filosofisch denken. Zijn interesse voor de samenhang van deze domeinen komt in dit boek tot uiting. Hij is ook de auteur van ‘In de ban van wiskunde. Het cultuurverschijnsel mathematica in beschaving, kunst, natuur en leven’ (Garant, 2006; 2008).
De zes hamerslagen van de westerse rationaliteit. Van speculatief denken tot baanbrekende wetenschap
Dit boek schetst het unieke parcours van de westerse rationaliteit. Waarom heeft het zich hier kunnen voordoen en waarom niet eerder of later in andere, soms verder ontwikkelde culturen? Hoe kon het gebeuren dat ruim zesentwintig eeuwen geleden in Griekenland, in een tijdspanne van nauwelijks honderd jaar en in een gemeenschap van slechts enkele duizenden zielen, zowel de dialectische filosofie, de formele logica als de deductieve wiskunde werden geboren? Bovendien gebeurde dit zonder ambitie op enig praktisch nut maar louter voor het intellectuele genoegen van het inzicht. Gedurende meer dan twee millennia zal dit esoterische gedachtegoed, met zijn dualistische opdeling van het bestaan in een minderwaardige zintuiglijke wereld en de verheven oorden van de geest, bewaard blijven in een aangepaste of geïntegreerde versie. Om dan, door allerlei omstandigheden plots bevrijd van het metafysische en dogmatische kader, door de combinatie van waarnemen en denken, van inductie en deductie, een vruchtbare wetenschappelijke methode te ontwikkelen, die in nauwelijks drie eeuwen de beschaving drastisch zou veranderen, om ten slotte uit te monden in de schokgolven van de industrialisatie en de informatica. Een fascinerende geschiedenis met kritische contingente momenten die ook een ander verloop had kunnen kennen. Dit verhaal gaat dus over de precaire samenhang van geschiedenis, filosofie en wetenschap en de impact ervan op onze huidige samenleving.
Indien het zo is dat kennis ingebed is in een maatschappij en indien het zo
is dat maatschappijen in hun ontwikkeling niet door ‘zuivere’ wetmatigheden
gedicteerd worden, dan is het duidelijk dat contingentie een sleutelbegrip
wordt: het is zo gegaan maar het had evengoed iets helemaal anders kunnen
zijn. “Wat zou er gebeurd zijn indien …?” is de kenmerkende vraag in dit verband.
(Uit het voorwoord van Jean Paul van Bendegem)
Rik Verhulst was leraar en docent wiskunde aan het H. Pius X Instituut en later lector wiskunde aan de lerarenopleiding van de Karel de Grote Hogeschool in Antwerpen. In zijn cursus integreerde hij geschiedenis van wiskunde, wetenschap en filosofisch denken. Zijn interesse voor de samenhang van deze domeinen komt in dit boek tot uiting. Hij is ook de auteur van ‘In de ban van wiskunde. Het cultuurverschijnsel mathematica in beschaving, kunst, natuur en leven’ (Garant, 2006; 2008).
Geweld tegen vrouwen met een handicap – Deel 2
Er is nood aan globaal wetenschappelijk onderzoek rond geweld, specifiek tegen vrouwen met een handicap. Globaal slaat op de onderzoekspopulatie. Alle handicaps en alle woonvormen moeten erin zitten. Caroline Tack heeft dergelijk onderzoek ondernomen. Ze verdiepte bovendien eerder onderzoek van Persephone rond de ontoegankelijkheid van vluchthuizen.
Persephone gaat in op de stereotypen rond mannen en vrouwen met een handicap. Die stereotypen hebben verregaande gevolgen op het vlak van werk, gezin en geweld. Daarna rijst de vraag hoe het Verdrag van de Verenigde Naties inzake de Rechten van Personen met een Handicap kan worden ingezet om deze stereotypen uit de wereld te krijgen.
Het boek is gegroeid uit de ervaringsdeskundigheid van vrouwen met een handicap. Het bevat een schat aan adviezen, niet alleen voor andere vrouwen met een handicap, ook voor de maatschappij, de overheid én voor onderzoekers. De bijlagen ‘Anders omgaan met agressie’ en ‘Hulp om de stilte te doorbreken’ zijn van belang voor iedereen.
Persephone vzw
Persephone vzw, vereniging van vrouwen met een handicap of een chronische
invaliderende ziekte, werkt sinds 1995 voor en door vrouwen met een handicap.
De vereniging kiest voor belangenbehartiging en sensibilisatie, zelfhulp
en informatieverspreiding. Deze doelstellingen worden nagestreefd voor onder
andere privacy en hulp, assertiviteit en zelfredzaamheid, geweld tegen vrouwen,
recht op seksualiteit, recht op moederschap en werkgelegenheid. Persephone
vzw is de eerste en nog steeds enige vereniging voor vrouwen met een handicap
in België. Ze draait sinds haar ontstaan honderd procent op ervaringsdeskundige
vrijwilligers.
Caroline Tack
Caroline Tack studeerde pedagogische wetenschappen, afstudeerrichting orthopedagogiek.
Haar masterproef ligt aan de basis van deze publicatie.
Geweld tegen vrouwen met een handicap – Deel 2
Er is nood aan globaal wetenschappelijk onderzoek rond geweld, specifiek tegen vrouwen met een handicap. Globaal slaat op de onderzoekspopulatie. Alle handicaps en alle woonvormen moeten erin zitten. Caroline Tack heeft dergelijk onderzoek ondernomen. Ze verdiepte bovendien eerder onderzoek van Persephone rond de ontoegankelijkheid van vluchthuizen.
Persephone gaat in op de stereotypen rond mannen en vrouwen met een handicap. Die stereotypen hebben verregaande gevolgen op het vlak van werk, gezin en geweld. Daarna rijst de vraag hoe het Verdrag van de Verenigde Naties inzake de Rechten van Personen met een Handicap kan worden ingezet om deze stereotypen uit de wereld te krijgen.
Het boek is gegroeid uit de ervaringsdeskundigheid van vrouwen met een handicap. Het bevat een schat aan adviezen, niet alleen voor andere vrouwen met een handicap, ook voor de maatschappij, de overheid én voor onderzoekers. De bijlagen ‘Anders omgaan met agressie’ en ‘Hulp om de stilte te doorbreken’ zijn van belang voor iedereen.
Persephone vzw
Persephone vzw, vereniging van vrouwen met een handicap of een chronische
invaliderende ziekte, werkt sinds 1995 voor en door vrouwen met een handicap.
De vereniging kiest voor belangenbehartiging en sensibilisatie, zelfhulp
en informatieverspreiding. Deze doelstellingen worden nagestreefd voor onder
andere privacy en hulp, assertiviteit en zelfredzaamheid, geweld tegen vrouwen,
recht op seksualiteit, recht op moederschap en werkgelegenheid. Persephone
vzw is de eerste en nog steeds enige vereniging voor vrouwen met een handicap
in België. Ze draait sinds haar ontstaan honderd procent op ervaringsdeskundige
vrijwilligers.
Caroline Tack
Caroline Tack studeerde pedagogische wetenschappen, afstudeerrichting orthopedagogiek.
Haar masterproef ligt aan de basis van deze publicatie.
Als het lichaam spreekt (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 6)
Psychoanalyse is, zoals bekend, een kwestie van woord en taal. Maar heeft het lichaam dan geen rechten? In de therapie is een lijf aan het woord. Woordeloos, dat wel, maar het schreeuwt evengoed onze onbewuste kronkels uit. Op het lichaam leest men de polsslag van het ‘reële’ dat, uniek en eigenzinnig, het gladde van onze verhalen doorkruist. Kunst zoekt vaak aansluiting bij die weerbarstige taal van het lichaam – een taal die ook bijvoorbeeld uit dansende, getatoeëerde, zwijgende of zelfs gedysincarneerde lichamen spreekt.
De redacteuren zijn allen bestuurslid van en redigeerden namens de Belgisch-Nederlandse Stichting Psychoanalyse en Cultuur www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Met bijdragen van Marc De Kesel, Jos de Kroon, Willem Elias, Abe Geldhof, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Rudi Laermans, Alain Platel, Michel Thys, Trees Traversier, Stijn Vanheule, Peter Verstraten en Katrien Vuylsteke Vanfleteren.
Als het lichaam spreekt (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 6)
Psychoanalyse is, zoals bekend, een kwestie van woord en taal. Maar heeft het lichaam dan geen rechten? In de therapie is een lijf aan het woord. Woordeloos, dat wel, maar het schreeuwt evengoed onze onbewuste kronkels uit. Op het lichaam leest men de polsslag van het ‘reële’ dat, uniek en eigenzinnig, het gladde van onze verhalen doorkruist. Kunst zoekt vaak aansluiting bij die weerbarstige taal van het lichaam – een taal die ook bijvoorbeeld uit dansende, getatoeëerde, zwijgende of zelfs gedysincarneerde lichamen spreekt.
De redacteuren zijn allen bestuurslid van en redigeerden namens de Belgisch-Nederlandse Stichting Psychoanalyse en Cultuur www.stichtingpsychoanalyseencultuur.eu
Met bijdragen van Marc De Kesel, Jos de Kroon, Willem Elias, Abe Geldhof, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Rudi Laermans, Alain Platel, Michel Thys, Trees Traversier, Stijn Vanheule, Peter Verstraten en Katrien Vuylsteke Vanfleteren.
Een loopbaan van betekenis
Zelf betekenis geven aan de (levens)loopbaan is van toenemend belang in een geïndividualiseerde samenleving en op een ongewisse arbeidsmarkt. Niet de werkgever of de overheid maar het individu zelf wordt verantwoordelijk voor bestaanszekerheid en persoonlijke groei. Politici geven als vanzelfsprekend het onderwijs de opdracht om leerlingen en studenten voor te bereiden op (over)leven in een onzekere maatschappij. Het onderwijs hen leren hoe ze hun (levens)loopbaan kunnen vormgeven. Het is de vraag of – en zo ja, onder welke condities – het onderwijs hieraan kan voldoen.
Dit boek gaat over hoe betekenisvolle loopbanen kunnen worden vormgegeven. Het bevat de uitgewerkte lezingen en presentaties van sprekers op het congres ‘Een loopbaan van betekenis’, dat ter gelegenheid van het afscheid van Frans Meijers als lector aan De Haagse Hogeschool werd georganiseerd.
Diverse auteurs uit wetenschap en praktijk geven een geschakeerd beeld van een hedendaagse visie op loopbaanontwikkeling en -begeleiding. Verschillende perspectieven komen aan bod, zoals economische en beleidsmatige invalshoeken, maar ook creatieve benaderingen maken onderdeel uit van deze bundel. Meijers zelf blikt in een hoofdstuk terug op zijn bijdrage aan de ontwikkeling van en het onderzoek naar loopbaanoriëntatie en -begeleiding in Nederland. Ten slotte komen een aantal mensen aan het woord, die grote invloed hebben gehad op het werk van Frans Meijers, over gebeurtenissen en mensen die voor en in hun eigen loopbaan van betekenis zijn geweest.
Prof. dr. Marinka Kuijpers is bijzonder hoogleraar ‘Leeromgeving en Leerloopbanen in het (v)mbo’ aan de Open Universiteit en lector ‘Pedagogiek van de Beroepsvorming’ aan de Haagse Hogeschool. Zij heeft een onderneming ‘CarPe Carrière- Perspectief’ en is bestuurder/directeur van de ‘Loopbaangroep’.
Dr. Reinekke Lengelle is docent aan Athabasca University (Canada’s Open University) en aan de Haagse Hogeschool. Ze werkt als zelfstandig trainer in Edmonton.
Een loopbaan van betekenis
Zelf betekenis geven aan de (levens)loopbaan is van toenemend belang in een geïndividualiseerde samenleving en op een ongewisse arbeidsmarkt. Niet de werkgever of de overheid maar het individu zelf wordt verantwoordelijk voor bestaanszekerheid en persoonlijke groei. Politici geven als vanzelfsprekend het onderwijs de opdracht om leerlingen en studenten voor te bereiden op (over)leven in een onzekere maatschappij. Het onderwijs hen leren hoe ze hun (levens)loopbaan kunnen vormgeven. Het is de vraag of – en zo ja, onder welke condities – het onderwijs hieraan kan voldoen.
Dit boek gaat over hoe betekenisvolle loopbanen kunnen worden vormgegeven. Het bevat de uitgewerkte lezingen en presentaties van sprekers op het congres ‘Een loopbaan van betekenis’, dat ter gelegenheid van het afscheid van Frans Meijers als lector aan De Haagse Hogeschool werd georganiseerd.
Diverse auteurs uit wetenschap en praktijk geven een geschakeerd beeld van een hedendaagse visie op loopbaanontwikkeling en -begeleiding. Verschillende perspectieven komen aan bod, zoals economische en beleidsmatige invalshoeken, maar ook creatieve benaderingen maken onderdeel uit van deze bundel. Meijers zelf blikt in een hoofdstuk terug op zijn bijdrage aan de ontwikkeling van en het onderzoek naar loopbaanoriëntatie en -begeleiding in Nederland. Ten slotte komen een aantal mensen aan het woord, die grote invloed hebben gehad op het werk van Frans Meijers, over gebeurtenissen en mensen die voor en in hun eigen loopbaan van betekenis zijn geweest.
Prof. dr. Marinka Kuijpers is bijzonder hoogleraar ‘Leeromgeving en Leerloopbanen in het (v)mbo’ aan de Open Universiteit en lector ‘Pedagogiek van de Beroepsvorming’ aan de Haagse Hogeschool. Zij heeft een onderneming ‘CarPe Carrière- Perspectief’ en is bestuurder/directeur van de ‘Loopbaangroep’.
Dr. Reinekke Lengelle is docent aan Athabasca University (Canada’s Open University) en aan de Haagse Hogeschool. Ze werkt als zelfstandig trainer in Edmonton.





