Filter
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

‘Voltooid leven’. Themanummer Filosofie & Praktijk – Jrg. 42 (2021) nr. 4.

 15,00
Inmiddels heeft de nieuwe regeringsploeg op het bordes gestaan. Een van de hete hangijzers die daarbij op de achtergrond aanwezig waren betreft het conceptwetsvoorstel 'voltooid leven', ingediend door Pia Dijkstra namens regeringspartij D66. In dit nummer van F&P is er aandacht voor dit thema, met als uitgangspunt de bijdrage “Een liberale, humanistische kritiek op een ‘voltooid leven’-wet” door Kevin Yuill. Op deze tekst van een lezing die Yuill eind vorig jaar hield, volgen korte commentaren van Maarten Verkerk, Ton Vink, Annemarieke van der Woude en Suzanne van den Eynden. Het geheel wordt kort ingeleid door Theo Boer. De teksten van de oorspronkelijk in het Engels gehouden voordrachten zijn naar het Nederlands vertaald, onder toevoeging van enkele voetnoten.

In zijn Minima Philosophica “De gevolgen van het escapisme voor het natuurbeleid” gaat Jozef Keulartz in op de zich steeds meer opdringende vraag naar de rechtvaardiging van de bijzondere positie die de mens zichzelf toekent ten opzicht van de wereld van dier én plant. Hoe groot mag dat verschil zijn? Hoe klein mag je het maken?

Een enigszins vergelijkbare thematiek wordt aangesneden in “Ik kan het niet alleen”, de bijdrage aan dit nummer van Jan Bransen. “Het hyper-individualistische mensbeeld dat we ons sinds de Verlichting hebben eigengemaakt staat op gespannen voet met het fundamentele besef dat ieder van ons een buitengewoon klein en kwetsbaar deel is van iets dat ontzaglijk veel groter is dan onszelf, zowel in materiële, sociale als existentiële zin.” En die positie heeft consequenties: “Onze vanzelfsprekende levenstaak– dat ieder van ons het eigen leven op eigen kracht tot een succes moet maken – lijkt niet te realiseren in een wereld die onder crises gebukt gaat: de vluchtelingencrisis, wooncrisis, energiecrisis, coronacrisis, schuldencrisis, volksvertegenwoordigingscrisis, ‘fake news’-crisis, klimaatcrisis.'' Ter geruststelling kan Bransen aan de titel van dit artikel: Ik kan het niet alleen toevoegen: ''Gelukkig hoef ik het ook niet alleen.''

Daarna blijft ook Michiel Korthals met zijn bijdrage “Het bijzondere van een deugdzaam mens” in dezelfde thematische omgeving. Korthals schreef zijn bijdrage in het kader van een essaywedstrijd die de Vereniging van Ethici in Nederland uitschreef bij gelegenheid van haar 50-jarig bestaan. De opdracht en uitdaging waarop Korthals met zijn prijswinnende essay reageerde, luidde: “schrijf een filosofische verhandeling voor of tegen de claim dat over deugdzame mensen niets boeiends te melden valt”. Zijn bijdrage bevat “een goed tegenvoorbeeld voor de luie uitspraak dat het leven van deugdzame mensen saai en langdradig is”. Immers: “Eén voorbeeld is voldoende om die nergens op gebaseerde universele uitspraak te falsifiëren.”

De rubriek Signalementen vormt zoals gebruikelijk de afsluiting van F&P.

Ton Vink



Geen voorraad
Quick View

‘Voltooid leven’. Themanummer Filosofie & Praktijk – Jrg. 42 (2021) nr. 4.

 15,00
Inmiddels heeft de nieuwe regeringsploeg op het bordes gestaan. Een van de hete hangijzers die daarbij op de achtergrond aanwezig waren betreft het conceptwetsvoorstel 'voltooid leven', ingediend door Pia Dijkstra namens regeringspartij D66. In dit nummer van F&P is er aandacht voor dit thema, met als uitgangspunt de bijdrage “Een liberale, humanistische kritiek op een ‘voltooid leven’-wet” door Kevin Yuill. Op deze tekst van een lezing die Yuill eind vorig jaar hield, volgen korte commentaren van Maarten Verkerk, Ton Vink, Annemarieke van der Woude en Suzanne van den Eynden. Het geheel wordt kort ingeleid door Theo Boer. De teksten van de oorspronkelijk in het Engels gehouden voordrachten zijn naar het Nederlands vertaald, onder toevoeging van enkele voetnoten.

In zijn Minima Philosophica “De gevolgen van het escapisme voor het natuurbeleid” gaat Jozef Keulartz in op de zich steeds meer opdringende vraag naar de rechtvaardiging van de bijzondere positie die de mens zichzelf toekent ten opzicht van de wereld van dier én plant. Hoe groot mag dat verschil zijn? Hoe klein mag je het maken?

Een enigszins vergelijkbare thematiek wordt aangesneden in “Ik kan het niet alleen”, de bijdrage aan dit nummer van Jan Bransen. “Het hyper-individualistische mensbeeld dat we ons sinds de Verlichting hebben eigengemaakt staat op gespannen voet met het fundamentele besef dat ieder van ons een buitengewoon klein en kwetsbaar deel is van iets dat ontzaglijk veel groter is dan onszelf, zowel in materiële, sociale als existentiële zin.” En die positie heeft consequenties: “Onze vanzelfsprekende levenstaak– dat ieder van ons het eigen leven op eigen kracht tot een succes moet maken – lijkt niet te realiseren in een wereld die onder crises gebukt gaat: de vluchtelingencrisis, wooncrisis, energiecrisis, coronacrisis, schuldencrisis, volksvertegenwoordigingscrisis, ‘fake news’-crisis, klimaatcrisis.'' Ter geruststelling kan Bransen aan de titel van dit artikel: Ik kan het niet alleen toevoegen: ''Gelukkig hoef ik het ook niet alleen.''

Daarna blijft ook Michiel Korthals met zijn bijdrage “Het bijzondere van een deugdzaam mens” in dezelfde thematische omgeving. Korthals schreef zijn bijdrage in het kader van een essaywedstrijd die de Vereniging van Ethici in Nederland uitschreef bij gelegenheid van haar 50-jarig bestaan. De opdracht en uitdaging waarop Korthals met zijn prijswinnende essay reageerde, luidde: “schrijf een filosofische verhandeling voor of tegen de claim dat over deugdzame mensen niets boeiends te melden valt”. Zijn bijdrage bevat “een goed tegenvoorbeeld voor de luie uitspraak dat het leven van deugdzame mensen saai en langdradig is”. Immers: “Eén voorbeeld is voldoende om die nergens op gebaseerde universele uitspraak te falsifiëren.”

De rubriek Signalementen vormt zoals gebruikelijk de afsluiting van F&P.

Ton Vink



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Bedrijfskunde – de essentie (4e gewijzigde ed.)

 70,00
Wie de ambitie heeft om te gaan ondernemen of dat al doet, moet van vele markten op zijn minst een behoorlijke basiskennis hebben. Deze uitgave brengt die kennis bij elkaar. Na een inleidend hoofdstuk over wat ondernemen wil zeggen, overloopt ze één na één alle essentiële elementen, zoals belangrijke economische begrippen, vennootschapsvormen met speciale aandacht voor de ‘handelszaak’, boekhouding, jaarrekening, kostprijscalculatie, investering, budgettering, financiële analyse,… Een apart hoofdstuk is besteed aan het opstarten van een eigen onderneming.
De auteur voegt vele voorbeelden en cases toe. Zo wordt de jaarrekening besproken aan de hand van reële gegevens van een bestaand bedrijf.

“Dit boek lijkt dik, maar leest als een trein...”
Robin Demeeter, ondernemer pur sang

“Als je het reilen en zeilen van een onderneming wil kennen, is dit boek echt de moeite”
Prof. dr. Ronald Buyl

“Poelaert verstaat de kunst om concrete zaken in verband met de onderneming aan te brengen. Geen overbodige ballast ... alleen de kern van bedrijfseconomie wordt toegelicht. Het hoofdstuk over boekhouden en kostprijscalculatie is een juweeltje van pedagogische aanpak. Eerst kort de theorie en dan onmiddellijk toegepast in realistische cases.”
Francis Cornelis, boekhouder

“Dit boek puilt uit van concrete en toepasbare bedrijfskundige concepten. De opbouw van het boek is zodanig dat de lezer stap voor stap inzicht krijgt in de operationele en fnanciële werking van de onderneming. Kostprijscalculatie wordt vaak gezien als een moeilijke opdracht. Met dit boek krijgt de lezer tools in handen die het berekenen van kostprijzen van producten plots eenvoudig maken...”
Karel van den Berghe, bedrijfsleider Globis

“Een must voor elke verantwoordelijke manager...”
Lode Degeyter, algemeen directeur van de Hogeschool West-Vlaanderen

“Dit schitterende boek kan ik elke beginnende ondernemer aanraden.”
Steve Stevens, ondernemer en manager Durf Ondernemen UGent

“Beschouw dit werk maar als een referentie in de beginselen van bedrijfseconomie. De verdienste is vooral dat het boek elke ondernemer en manager zal weten te prikkelen: van economische concepten tot vennootschapsvormen over kostprijscalculatie en fnanciële analyse van de onderneming. Alles wordt in een bevattelijke taal concreet en helder gebracht. Een aanrader...”
Kurt Cofyn, Chief Operating Ofcer Cargill

“Ondernemen is risico durven nemen. Ondernemen is durven buiten de lijntjes kleuren. Ondernemen vereist daarnaast ook grondige kennis van de economische context waarbinnen men opereert. Verder is men het aan zichzelf verplicht om een minimum aan fnanciële bagage te hebben. Dit vlot geschreven boek helpt je moeiteloos op weg...”
Pol Descamps, oud-directeur-beheerder eigenaar Barco Industries

“Bedrijfskunde is een breed studiegebied. Poelaert is erin geslaagd om de 5 kernaspecten ervan duidelijk en helder te belichten. De cases geven duidelijk inzicht in soms complexe vraagstukken...”
Dirk Laverge, docent economie aan de Hogeschool West-Vlaanderen

-- Heb jij de nodige ondernemersvaardigheden? Test het in dit boek.

Moet ik echt een bvba’tje opzetten of doe ik gewoon een eenmanszaak? Is een eenmanszaak belast via de personenbelasting of via de vennootschapsbelasting?

Hoe lees ik een balans? En een resultatenrekening?

Hoe wordt de winst in de onderneming uiteindelijk “bestemd”?

Afschrijven? Waarom doet men dat? Wat is het nut voor de vennootschap ervan? Waarom zijn afschrijvingskosten geen kaskosten en zijn kosten van huur dat wel?

Als ik als ondernemer iemand aanneem als bediende, wat is dan grosso modo de kost van die persoon voor de onderneming?

Ik maak in mijn onderneming winst kwartaal na kwartaal. Toch staat er op de bankrekening van de onderneming onvoldoende geld. Hoe komt dat toch?

Ik wil een onderneming starten en heb schrik van alle administratieve rompslomp. Waar kan ik terecht?

Hoe kan ik als ondernemer beter mijn boekhouder begrijpen, opvolgen en zelfs kritisch “teasen”?

Moet ik echt een boekhouding kunnen voeren om te ondernemen?

Ik wil investeren in een machine. Hoe bereken ik het rendement van mijn investering?

Hoe kan ik als ondernemer de kost van mijn producten/diensten/departementen berekenen?

Het zijn allemaal praktische vragen waarop je in dit boek een helder antwoord krijgt.



.Ludo Poelaert</b is professor bedrijfseconomie, bedrijfsmanagement en ondernemerschap aan de UGent, faculteit Toegepaste Wetenschappen.

Tevens staat hij met beide voeten in het bedrijfsleven en leidt hij een onderneming die zich toespitst op het coachen van managers en zelfstandigen. De ervaring hiervoor haalde hij uit zijn verleden als manager in diverse topondernemingen, zoals Apple Computer, Air Belgium, Adecco en Barry Callebaut.

Ludo deed ervaring op als verkoper, business unit manager, algemeen directeur, vicepresident en afgevaardigd bestuurder. Zo leerde hij het “management metier” door en door kennen.

In navolging van zijn eerste boek “Financieel beheer voor managers”, eveneens uitgegeven door Garant, schreef hij dit basiswerk Bedrijfskunde | De essentie.

Quick View

Bedrijfskunde – de essentie (4e gewijzigde ed.)

 70,00
Wie de ambitie heeft om te gaan ondernemen of dat al doet, moet van vele markten op zijn minst een behoorlijke basiskennis hebben. Deze uitgave brengt die kennis bij elkaar. Na een inleidend hoofdstuk over wat ondernemen wil zeggen, overloopt ze één na één alle essentiële elementen, zoals belangrijke economische begrippen, vennootschapsvormen met speciale aandacht voor de ‘handelszaak’, boekhouding, jaarrekening, kostprijscalculatie, investering, budgettering, financiële analyse,… Een apart hoofdstuk is besteed aan het opstarten van een eigen onderneming.
De auteur voegt vele voorbeelden en cases toe. Zo wordt de jaarrekening besproken aan de hand van reële gegevens van een bestaand bedrijf.

“Dit boek lijkt dik, maar leest als een trein...”
Robin Demeeter, ondernemer pur sang

“Als je het reilen en zeilen van een onderneming wil kennen, is dit boek echt de moeite”
Prof. dr. Ronald Buyl

“Poelaert verstaat de kunst om concrete zaken in verband met de onderneming aan te brengen. Geen overbodige ballast ... alleen de kern van bedrijfseconomie wordt toegelicht. Het hoofdstuk over boekhouden en kostprijscalculatie is een juweeltje van pedagogische aanpak. Eerst kort de theorie en dan onmiddellijk toegepast in realistische cases.”
Francis Cornelis, boekhouder

“Dit boek puilt uit van concrete en toepasbare bedrijfskundige concepten. De opbouw van het boek is zodanig dat de lezer stap voor stap inzicht krijgt in de operationele en fnanciële werking van de onderneming. Kostprijscalculatie wordt vaak gezien als een moeilijke opdracht. Met dit boek krijgt de lezer tools in handen die het berekenen van kostprijzen van producten plots eenvoudig maken...”
Karel van den Berghe, bedrijfsleider Globis

“Een must voor elke verantwoordelijke manager...”
Lode Degeyter, algemeen directeur van de Hogeschool West-Vlaanderen

“Dit schitterende boek kan ik elke beginnende ondernemer aanraden.”
Steve Stevens, ondernemer en manager Durf Ondernemen UGent

“Beschouw dit werk maar als een referentie in de beginselen van bedrijfseconomie. De verdienste is vooral dat het boek elke ondernemer en manager zal weten te prikkelen: van economische concepten tot vennootschapsvormen over kostprijscalculatie en fnanciële analyse van de onderneming. Alles wordt in een bevattelijke taal concreet en helder gebracht. Een aanrader...”
Kurt Cofyn, Chief Operating Ofcer Cargill

“Ondernemen is risico durven nemen. Ondernemen is durven buiten de lijntjes kleuren. Ondernemen vereist daarnaast ook grondige kennis van de economische context waarbinnen men opereert. Verder is men het aan zichzelf verplicht om een minimum aan fnanciële bagage te hebben. Dit vlot geschreven boek helpt je moeiteloos op weg...”
Pol Descamps, oud-directeur-beheerder eigenaar Barco Industries

“Bedrijfskunde is een breed studiegebied. Poelaert is erin geslaagd om de 5 kernaspecten ervan duidelijk en helder te belichten. De cases geven duidelijk inzicht in soms complexe vraagstukken...”
Dirk Laverge, docent economie aan de Hogeschool West-Vlaanderen

-- Heb jij de nodige ondernemersvaardigheden? Test het in dit boek.

Moet ik echt een bvba’tje opzetten of doe ik gewoon een eenmanszaak? Is een eenmanszaak belast via de personenbelasting of via de vennootschapsbelasting?

Hoe lees ik een balans? En een resultatenrekening?

Hoe wordt de winst in de onderneming uiteindelijk “bestemd”?

Afschrijven? Waarom doet men dat? Wat is het nut voor de vennootschap ervan? Waarom zijn afschrijvingskosten geen kaskosten en zijn kosten van huur dat wel?

Als ik als ondernemer iemand aanneem als bediende, wat is dan grosso modo de kost van die persoon voor de onderneming?

Ik maak in mijn onderneming winst kwartaal na kwartaal. Toch staat er op de bankrekening van de onderneming onvoldoende geld. Hoe komt dat toch?

Ik wil een onderneming starten en heb schrik van alle administratieve rompslomp. Waar kan ik terecht?

Hoe kan ik als ondernemer beter mijn boekhouder begrijpen, opvolgen en zelfs kritisch “teasen”?

Moet ik echt een boekhouding kunnen voeren om te ondernemen?

Ik wil investeren in een machine. Hoe bereken ik het rendement van mijn investering?

Hoe kan ik als ondernemer de kost van mijn producten/diensten/departementen berekenen?

Het zijn allemaal praktische vragen waarop je in dit boek een helder antwoord krijgt.



.Ludo Poelaert</b is professor bedrijfseconomie, bedrijfsmanagement en ondernemerschap aan de UGent, faculteit Toegepaste Wetenschappen.

Tevens staat hij met beide voeten in het bedrijfsleven en leidt hij een onderneming die zich toespitst op het coachen van managers en zelfstandigen. De ervaring hiervoor haalde hij uit zijn verleden als manager in diverse topondernemingen, zoals Apple Computer, Air Belgium, Adecco en Barry Callebaut.

Ludo deed ervaring op als verkoper, business unit manager, algemeen directeur, vicepresident en afgevaardigd bestuurder. Zo leerde hij het “management metier” door en door kennen.

In navolging van zijn eerste boek “Financieel beheer voor managers”, eveneens uitgegeven door Garant, schreef hij dit basiswerk Bedrijfskunde | De essentie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Themanr Kleio jrg. 51 nr. 1/2. (jan.-apr.2022). Feestnummer bis. Vijftig jaar Kleio!

 10,00
Feestnummer bis

Kleio's gouden jubileum resulteerde vorige jaargang in een themanummer, dat hier een vervolg krijgt.

Met de rubriek 'In de spits' bieden we ook in dit nummer zicht op belangrijke recente tendensen in het brede domein van de klassieke studies: mentaliteitsgeschiedenis in een wereld van 'woke', huidige trends in de studie van de retoriek van de Romeinse late republiek, aandacht voor valentiegrammatica, typologie en computationele benaderingen in de Griekse taalkunde, hoe de papyroloog op de digitale trein is gestapt, evoluties in het onderzoek naar de interpretatiegeschiedenis van het Romeins recht aan middeleeuwse en vroegmoderne universiteiten, hoe geografische computertechnieken onze kennis over Romeinse wegenbouw verrijken, hoe de Neolatijnse studies ons o.a. verrassen met literaire creaties in genres als het epos en de science fiction, hoe receptiegeschiedenis vandaag de vinger legt op eeuwenlang gebruik van de klassieken ter promotie van een eurocentrisch wereldbeeld en tegelijk een nieuw, ruimer perspectief biedt.

De rubriek 'Onbekend, onbemind' promoot teksten die niet tot de typische schoolcanon behoren. Ook het artikel van Tom Ingelbrecht over de Narcissus van John Clapham sluit daarbij aan. In het luik 'Publieke stemmen' geven prominente deelnemers aan het cultureel-maatschappelijk debat mee hoe ze vandaag tegen de klassieken als discipline en als schoolvak aankijken. De klassieke talen en antieke culturen blijven duidelijk inspireren.

Koen Vandendriessche



Geen voorraad
Quick View

Themanr Kleio jrg. 51 nr. 1/2. (jan.-apr.2022). Feestnummer bis. Vijftig jaar Kleio!

 10,00
Feestnummer bis

Kleio's gouden jubileum resulteerde vorige jaargang in een themanummer, dat hier een vervolg krijgt.

Met de rubriek 'In de spits' bieden we ook in dit nummer zicht op belangrijke recente tendensen in het brede domein van de klassieke studies: mentaliteitsgeschiedenis in een wereld van 'woke', huidige trends in de studie van de retoriek van de Romeinse late republiek, aandacht voor valentiegrammatica, typologie en computationele benaderingen in de Griekse taalkunde, hoe de papyroloog op de digitale trein is gestapt, evoluties in het onderzoek naar de interpretatiegeschiedenis van het Romeins recht aan middeleeuwse en vroegmoderne universiteiten, hoe geografische computertechnieken onze kennis over Romeinse wegenbouw verrijken, hoe de Neolatijnse studies ons o.a. verrassen met literaire creaties in genres als het epos en de science fiction, hoe receptiegeschiedenis vandaag de vinger legt op eeuwenlang gebruik van de klassieken ter promotie van een eurocentrisch wereldbeeld en tegelijk een nieuw, ruimer perspectief biedt.

De rubriek 'Onbekend, onbemind' promoot teksten die niet tot de typische schoolcanon behoren. Ook het artikel van Tom Ingelbrecht over de Narcissus van John Clapham sluit daarbij aan. In het luik 'Publieke stemmen' geven prominente deelnemers aan het cultureel-maatschappelijk debat mee hoe ze vandaag tegen de klassieken als discipline en als schoolvak aankijken. De klassieke talen en antieke culturen blijven duidelijk inspireren.

Koen Vandendriessche



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

DJDJD. Een pilootstudie van een vragenlijst over denken, weten en waarheid

 18,50
DJDJD is de afkorting van de Dacht Je Dat Je Dacht-vragenlijst, waarbij men uitgedaagd wordt om te denken over denken. Mensen gaan er vaak vanuit dat ze goed denken en staan er niet bij stil dat ze denkfouten zouden maken. Velen beseffen zelfs niet dat je kan denken over denken!
DJDJD gaat niet zozeer over welke denkfouten je zelf maakt… als je dat al kan weten van jezelf. De lijst trekt met zijn 50 items vooral na hoe je denkt over denken. Met DJDJD kan je denkfouten leren erkennen en herkennen en leer je waarheid en vooral onwaarheid te vinden. Twijfelen mag! Er is zelfs een twijfelanalyse beschikbaar.
DJDJD verwijst natuurlijk naar het boek Dacht je dat je dacht? van Jos Peeters, maar het is niet noodzakelijk het bij de hand te nemen, al kan dat wel helpen. In DJDJD worden trouwens ook zaken aangesneden die niet in het boek staan.
Via een beperkte pilootstudie werd de lijst onderzocht zodat ieder ook zijn score kan vergelijken. DJDJD is voor ieder denkend mens geschikt! Het boek is er niet alleen voor diagnostisch aangelegde psychologen en filosofen maar is nuttig voor scholieren in het middelbaar onderwijs tot academici van allerlei slag en van krantenlezers en journalisten tot psychotherapeuten.
'DJDJD' en 'Dacht je dat je dacht' zijn ook als set te koop.

Jos Peeters, Leuven, is diagnostisch, therapeutisch en gerechtelijk psycholoog. Hij werkte jarenlang in het Jongerencentrum Cidar, een diagnostisch centrumin het jongerenwelzijn. Hij geraakte meer en meer gefascineerd door de wereld van denken, weten en waarheid. In 2016 verscheen van hem het boek Dacht je dat je dacht? (Garant).

Quick View

DJDJD. Een pilootstudie van een vragenlijst over denken, weten en waarheid

 18,50
DJDJD is de afkorting van de Dacht Je Dat Je Dacht-vragenlijst, waarbij men uitgedaagd wordt om te denken over denken. Mensen gaan er vaak vanuit dat ze goed denken en staan er niet bij stil dat ze denkfouten zouden maken. Velen beseffen zelfs niet dat je kan denken over denken!
DJDJD gaat niet zozeer over welke denkfouten je zelf maakt… als je dat al kan weten van jezelf. De lijst trekt met zijn 50 items vooral na hoe je denkt over denken. Met DJDJD kan je denkfouten leren erkennen en herkennen en leer je waarheid en vooral onwaarheid te vinden. Twijfelen mag! Er is zelfs een twijfelanalyse beschikbaar.
DJDJD verwijst natuurlijk naar het boek Dacht je dat je dacht? van Jos Peeters, maar het is niet noodzakelijk het bij de hand te nemen, al kan dat wel helpen. In DJDJD worden trouwens ook zaken aangesneden die niet in het boek staan.
Via een beperkte pilootstudie werd de lijst onderzocht zodat ieder ook zijn score kan vergelijken. DJDJD is voor ieder denkend mens geschikt! Het boek is er niet alleen voor diagnostisch aangelegde psychologen en filosofen maar is nuttig voor scholieren in het middelbaar onderwijs tot academici van allerlei slag en van krantenlezers en journalisten tot psychotherapeuten.
'DJDJD' en 'Dacht je dat je dacht' zijn ook als set te koop.

Jos Peeters, Leuven, is diagnostisch, therapeutisch en gerechtelijk psycholoog. Hij werkte jarenlang in het Jongerencentrum Cidar, een diagnostisch centrumin het jongerenwelzijn. Hij geraakte meer en meer gefascineerd door de wereld van denken, weten en waarheid. In 2016 verscheen van hem het boek Dacht je dat je dacht? (Garant).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hoop in filosofisch perspectief – Filosofie & Praktijk jg 42 nr. 3 (2021)

 15,00
Dit derde nummer van F&P in de jaargang 42 is een themanummer, gewijd aan de betekenis van hoop en wordt gevuld door de bijdragen aan het symposium Hoop in filosofisch perspectief georganiseerd door de Vereniging van Ethici in Nederland (VvEN). Het symposium vond plaats op vrijdag 1 oktober 2021 in Utrecht, en aldaar presenteerden Roel Kuiper, Claudia Blöser, Willem Lemmens en Justine van Lawick hun lezingen over hoop.

De verschillende bijdragen aan het symposium worden ingeleid door Heleen Torringa, bestuurslid van de VvEN, in haar introductie “Thema Hoop, of: Waarom je van filosofie kunt houden” en een ander VvEN-bestuurslid, Eric Boot, verzorgt een uitgebreide invulling van de rubriek Minima Philosophica met “Een apologie voor het coronatoegangsbewijs”, tevens relevant voor andere coronamaatregelen.

Alvorens dit nummer van F&P wordt besloten door de gebruikelijke rubriek “Signalementen” is er nóg een bijdrage van een VvEN-bestuurslid, een boekbespreking “De benen van rabbi Hillel”, een bespreking van De getemde mens. Waar komt (volgens u) onze moraal vandaan?, onder redactie van Martin Harlaar. De bespreking is meer precies van de hand van een voormalig bestuurslid van de VvEN, tevens voormalig redactielid van F&P: Patrick Delaere. Op 2 november j.l. overleed Patrick na een kort en hevig ziekbed op 67-jarige leeftijd. De redactie zal zijn inbreng met zekerheid missen, maar wenst eerst en vooral de familie van Patrick veel sterkte toe met dit verlies dat een voortijdig eind aan veel plannen betekent. Graag verwijst de redactie naar het In Memoriam in dit nummer van F&P, gewijd aan deze Homo viator of “wegaflegger, levenswandelaar, passant”.



Geen voorraad
Quick View

Hoop in filosofisch perspectief – Filosofie & Praktijk jg 42 nr. 3 (2021)

 15,00
Dit derde nummer van F&P in de jaargang 42 is een themanummer, gewijd aan de betekenis van hoop en wordt gevuld door de bijdragen aan het symposium Hoop in filosofisch perspectief georganiseerd door de Vereniging van Ethici in Nederland (VvEN). Het symposium vond plaats op vrijdag 1 oktober 2021 in Utrecht, en aldaar presenteerden Roel Kuiper, Claudia Blöser, Willem Lemmens en Justine van Lawick hun lezingen over hoop.

De verschillende bijdragen aan het symposium worden ingeleid door Heleen Torringa, bestuurslid van de VvEN, in haar introductie “Thema Hoop, of: Waarom je van filosofie kunt houden” en een ander VvEN-bestuurslid, Eric Boot, verzorgt een uitgebreide invulling van de rubriek Minima Philosophica met “Een apologie voor het coronatoegangsbewijs”, tevens relevant voor andere coronamaatregelen.

Alvorens dit nummer van F&P wordt besloten door de gebruikelijke rubriek “Signalementen” is er nóg een bijdrage van een VvEN-bestuurslid, een boekbespreking “De benen van rabbi Hillel”, een bespreking van De getemde mens. Waar komt (volgens u) onze moraal vandaan?, onder redactie van Martin Harlaar. De bespreking is meer precies van de hand van een voormalig bestuurslid van de VvEN, tevens voormalig redactielid van F&P: Patrick Delaere. Op 2 november j.l. overleed Patrick na een kort en hevig ziekbed op 67-jarige leeftijd. De redactie zal zijn inbreng met zekerheid missen, maar wenst eerst en vooral de familie van Patrick veel sterkte toe met dit verlies dat een voortijdig eind aan veel plannen betekent. Graag verwijst de redactie naar het In Memoriam in dit nummer van F&P, gewijd aan deze Homo viator of “wegaflegger, levenswandelaar, passant”.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De geneeskunde in de bloeitijd van de scholastiek, 1200-1347 (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 16)

 25,00
Dit cahier handelt over de medische geschiedenis in de bloeitijd van de scholastiek (1200-1347) en bestaat uit drie delen. Deel één focust op de universitaire scholastische leermethode voor de kandidaat-medicus. Deze methode wordt aan de hand van voorbeelden belicht (het oog, de vrouwelijke borst, de overdracht van ziekten). Na de dertiende-eeuwse encyclopedisten richten we ons naar de medicus Bernard van Gordon en de chirurg Hendrik van Mondeville, die beiden rond 1300 een belangrijk medisch boek nalieten. Deel twee behandelt de zorg voor de zieke mens en het dode lichaam. De volgende onderwerpen komen aan bod: de preventieve zorg, de diversiteit van de Vlaamse vrouwen betrokken in de ziekenzorg, de getuigenissen van twee patiënten, de hongersnood van 1315-1317 en ten slotte de verscheidene zorgmethodes voor het dode lichaam. Deel drie begeeft zich met de volgende topics naar de ‘franjes’ van de geneeskunde: een encyclopedist die de medici onbekwaam acht, verscheidene legenden die de spot drijven met belangrijke artsen uit de oudheid, uitspraken van het kerkelijk recht over de mannelijke impotentie en ten slotte de prille verschijning van het vrouwelijke decolleté.



Johan R. Boelaert was internist-nefroloog (KU Leuven en Parijs). Hij werkte als clinicus in het Brugse St-Janshospitaal (AZ St-Jan). Hij bouwde er ook een afdeling infectieziekten uit en verrichtte onderzoek over infectieziekten bij dialysepatiënten en over HIV. Hij is actief in de Brugse medisch-historische werkgroep ‘Montanus’. Hij schreef onder meer Zes eeuwen infectie in Brugge, 1200-1800 (2011, Leuven) en verzorgde vier cahiers uit deze reeks (nummers 3, 6, 12 en 14).

Quick View

De geneeskunde in de bloeitijd van de scholastiek, 1200-1347 (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 16)

 25,00
Dit cahier handelt over de medische geschiedenis in de bloeitijd van de scholastiek (1200-1347) en bestaat uit drie delen. Deel één focust op de universitaire scholastische leermethode voor de kandidaat-medicus. Deze methode wordt aan de hand van voorbeelden belicht (het oog, de vrouwelijke borst, de overdracht van ziekten). Na de dertiende-eeuwse encyclopedisten richten we ons naar de medicus Bernard van Gordon en de chirurg Hendrik van Mondeville, die beiden rond 1300 een belangrijk medisch boek nalieten. Deel twee behandelt de zorg voor de zieke mens en het dode lichaam. De volgende onderwerpen komen aan bod: de preventieve zorg, de diversiteit van de Vlaamse vrouwen betrokken in de ziekenzorg, de getuigenissen van twee patiënten, de hongersnood van 1315-1317 en ten slotte de verscheidene zorgmethodes voor het dode lichaam. Deel drie begeeft zich met de volgende topics naar de ‘franjes’ van de geneeskunde: een encyclopedist die de medici onbekwaam acht, verscheidene legenden die de spot drijven met belangrijke artsen uit de oudheid, uitspraken van het kerkelijk recht over de mannelijke impotentie en ten slotte de prille verschijning van het vrouwelijke decolleté.



Johan R. Boelaert was internist-nefroloog (KU Leuven en Parijs). Hij werkte als clinicus in het Brugse St-Janshospitaal (AZ St-Jan). Hij bouwde er ook een afdeling infectieziekten uit en verrichtte onderzoek over infectieziekten bij dialysepatiënten en over HIV. Hij is actief in de Brugse medisch-historische werkgroep ‘Montanus’. Hij schreef onder meer Zes eeuwen infectie in Brugge, 1200-1800 (2011, Leuven) en verzorgde vier cahiers uit deze reeks (nummers 3, 6, 12 en 14).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Aandachtige betrokkenheid als pedagogische grondhouding – Een onderzoek naar de pedagogische betekenis van aandachtige betrokkenheid in onderwijs

 32,50
Wat bedoelen we als we zeggen dat we aandachtig betrokken zijn bij een kind? En wat is de pedagogische betekenis van die ‘aandachtige betrokkenheid’? In dit boek reikt Lisette Bastiaansen antwoorden aan op vragen over aandacht en betrokkenheid in relatie tot de pedagogische dimensie van onderwijs.
Geïnspireerd door een theorie van presentie en door het werk van een aantal grote pedagogen formuleert ze allereerst een theorie van ‘aandachtige betrokkenheid’.
Daarbij laat ze zien dat ‘aandachtige betrokkenheid’ in de basis drie verschillende aandachtsbewegingen kent. Kern van het boek vormen vijftien in onderwijspraktijken opgetekende portretten van ‘aandachtige betrokkenheid’. In en langs deze portretten laat Lisette Bastiaansen zien hoe ‘aandachtige betrokkenheid’ zich in de praktijk van alledag manifesteert. Ook brengt ze in beeld wat het van leraren en leidinggevenden vraagt om aandachtig betrokken te kunnen zijn. Tot slot geeft ze aan wat ‘aandachtige betrokkenheid’ pedagogisch gezien kan brengen.
In haar betoog laat Bastiaansen zien dat ‘aandachtige betrokkenheid’ een zachte kracht betreft. Deze zachte kracht wordt gebouwd op een grondtoon van kleine, op het eerste gezicht haast onzichtbare kruimels van aandacht en betrokkenheid. Liefdevol ruimte makend, wakker aanwezig en tegelijkertijd afscheidend begrenzend, lukt het de aandachtig betrokken leraar om de leerling uit te nodigen en uit te dagen de eigen zelfstandigheid en vrijheid op te pakken. Kortom, ‘aandachtige betrokkenheid’ kan beschouwd worden als dé pedagogische grondhouding van leraren.


Lisette Bastiaansen doet al geruime tijd onderzoek naar ‘aandachtige betrokkenheid’. Naast haar onderzoekswerk begeleidt ze mensen en organisaties bij hun pedagogische opdracht en werkt ze als toezichthouder. Ook is ze als bestuurslid erbonden aan het Relation Centered Education Network, een wereldwijd netwerk van onderzoekers en beleidsmakers die de menselijke relatie binnen onderwijs willen verbeteren en versterken.

Quick View

Aandachtige betrokkenheid als pedagogische grondhouding – Een onderzoek naar de pedagogische betekenis van aandachtige betrokkenheid in onderwijs

 32,50
Wat bedoelen we als we zeggen dat we aandachtig betrokken zijn bij een kind? En wat is de pedagogische betekenis van die ‘aandachtige betrokkenheid’? In dit boek reikt Lisette Bastiaansen antwoorden aan op vragen over aandacht en betrokkenheid in relatie tot de pedagogische dimensie van onderwijs.
Geïnspireerd door een theorie van presentie en door het werk van een aantal grote pedagogen formuleert ze allereerst een theorie van ‘aandachtige betrokkenheid’.
Daarbij laat ze zien dat ‘aandachtige betrokkenheid’ in de basis drie verschillende aandachtsbewegingen kent. Kern van het boek vormen vijftien in onderwijspraktijken opgetekende portretten van ‘aandachtige betrokkenheid’. In en langs deze portretten laat Lisette Bastiaansen zien hoe ‘aandachtige betrokkenheid’ zich in de praktijk van alledag manifesteert. Ook brengt ze in beeld wat het van leraren en leidinggevenden vraagt om aandachtig betrokken te kunnen zijn. Tot slot geeft ze aan wat ‘aandachtige betrokkenheid’ pedagogisch gezien kan brengen.
In haar betoog laat Bastiaansen zien dat ‘aandachtige betrokkenheid’ een zachte kracht betreft. Deze zachte kracht wordt gebouwd op een grondtoon van kleine, op het eerste gezicht haast onzichtbare kruimels van aandacht en betrokkenheid. Liefdevol ruimte makend, wakker aanwezig en tegelijkertijd afscheidend begrenzend, lukt het de aandachtig betrokken leraar om de leerling uit te nodigen en uit te dagen de eigen zelfstandigheid en vrijheid op te pakken. Kortom, ‘aandachtige betrokkenheid’ kan beschouwd worden als dé pedagogische grondhouding van leraren.


Lisette Bastiaansen doet al geruime tijd onderzoek naar ‘aandachtige betrokkenheid’. Naast haar onderzoekswerk begeleidt ze mensen en organisaties bij hun pedagogische opdracht en werkt ze als toezichthouder. Ook is ze als bestuurslid erbonden aan het Relation Centered Education Network, een wereldwijd netwerk van onderzoekers en beleidsmakers die de menselijke relatie binnen onderwijs willen verbeteren en versterken.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Zonder zorgen ouder worden – Basisthema’s voor jong en oud

 19,50
Zonder zorgen ouder worden, dat willen we allemaal, maar toch blijkt dat niet evident te zijn. Van jongs af aan maken we ons over allerlei zaken zorgen en dit vaak omdat we niet voldoende op de hoogte zijn. Een goede kennis van en meer informatie over de belangrijke levensthema’s kan hierbij helpen en ons de rust brengen die we allemaal verdienen.
Uniek aan dit boek is dat het de verschillende basisthema’s bundelt en behandelt, zoals: familieconflicten vermijden en oplossen; de woonvorm als starter en op het verdere levenspad; levenslang leren; jouw keuzes voor je welbevinden, bij wilsonbekwaamheid, bij het levenseinde en erna; je financiële regie in eigen handen, enz.
Met heel wat weetjes en 190 tips voor jong en oud.


Claudia De Groot is juriste en human resources manager. In het verleden was ze belastingadviseur en had ze een bemiddelingspraktijk voor conflicten bij het ouder worden. Haar passie voor de thema’s van het zonder zorgen ouder worden deelt ze als auteur en als spreker bij lezingen. Zij is grote fan van het levenslang leren, minnelijke oplossingen bij familiale conflicten en van een mooi afscheid. Als alleenstaande ouder met kinderen van de Millennialen Z-generatie en met familie en vrienden in verschillende levensfasen beseft ze ten volle het belang van de basisthema’s voor jong en oud.

Quick View

Zonder zorgen ouder worden – Basisthema’s voor jong en oud

 19,50
Zonder zorgen ouder worden, dat willen we allemaal, maar toch blijkt dat niet evident te zijn. Van jongs af aan maken we ons over allerlei zaken zorgen en dit vaak omdat we niet voldoende op de hoogte zijn. Een goede kennis van en meer informatie over de belangrijke levensthema’s kan hierbij helpen en ons de rust brengen die we allemaal verdienen.
Uniek aan dit boek is dat het de verschillende basisthema’s bundelt en behandelt, zoals: familieconflicten vermijden en oplossen; de woonvorm als starter en op het verdere levenspad; levenslang leren; jouw keuzes voor je welbevinden, bij wilsonbekwaamheid, bij het levenseinde en erna; je financiële regie in eigen handen, enz.
Met heel wat weetjes en 190 tips voor jong en oud.


Claudia De Groot is juriste en human resources manager. In het verleden was ze belastingadviseur en had ze een bemiddelingspraktijk voor conflicten bij het ouder worden. Haar passie voor de thema’s van het zonder zorgen ouder worden deelt ze als auteur en als spreker bij lezingen. Zij is grote fan van het levenslang leren, minnelijke oplossingen bij familiale conflicten en van een mooi afscheid. Als alleenstaande ouder met kinderen van de Millennialen Z-generatie en met familie en vrienden in verschillende levensfasen beseft ze ten volle het belang van de basisthema’s voor jong en oud.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Implementatiegids voor innovaties in het onderwijs

 17,50
De innovatie is te veel werk voor de school, Leerkrachten zijn niet gemotiveerd om de innovatie te gebruiken, Binnen de school worden leerkrachten onvoldoende ondersteund bij de invoering van de vernieuwing, … Dit zijn ongetwijfeld enkele van de problemen waar je als schoolinterne of -externe professional betrokken bij de implementatie van schoolse innovaties mee vertrouwd bent. Hoewel er heel wat effectieve (preventieve of welzijnsbevorderende) schoolse innovaties bestaan, zijn professionals en onderzoekers het erover eens dat ze hun doelstellingen niet steeds bereiken. Dit is onder meer het gevolg van een ontoereikende implementatie.
In deze gids krijg je per fase van de implementatie (adoptie, invoering en borging) een overzicht van concrete adviezen en good practices uit de Vlaamse praktijk om als professional de implementatie van innovaties in de school te faciliteren. De gids is bedoeld voor elke (schoolinterne of -externe) trainer, coach, procesbegeleider, directeur, zorgcoördinator, leerkracht, … betrokken bij het implementatieproces.


Dr. Geertje Leflot is lector en praktijkonderzoeker bij de opleiding Toegepaste Psychologie aan Thomas More Hogeschool Antwerpen-Mechelen vzw. Haar onderwijs en onderzoek is gericht op de implementatie en effectiviteit van (preventieve) schoolse innovaties.

Quick View

Implementatiegids voor innovaties in het onderwijs

 17,50
De innovatie is te veel werk voor de school, Leerkrachten zijn niet gemotiveerd om de innovatie te gebruiken, Binnen de school worden leerkrachten onvoldoende ondersteund bij de invoering van de vernieuwing, … Dit zijn ongetwijfeld enkele van de problemen waar je als schoolinterne of -externe professional betrokken bij de implementatie van schoolse innovaties mee vertrouwd bent. Hoewel er heel wat effectieve (preventieve of welzijnsbevorderende) schoolse innovaties bestaan, zijn professionals en onderzoekers het erover eens dat ze hun doelstellingen niet steeds bereiken. Dit is onder meer het gevolg van een ontoereikende implementatie.
In deze gids krijg je per fase van de implementatie (adoptie, invoering en borging) een overzicht van concrete adviezen en good practices uit de Vlaamse praktijk om als professional de implementatie van innovaties in de school te faciliteren. De gids is bedoeld voor elke (schoolinterne of -externe) trainer, coach, procesbegeleider, directeur, zorgcoördinator, leerkracht, … betrokken bij het implementatieproces.


Dr. Geertje Leflot is lector en praktijkonderzoeker bij de opleiding Toegepaste Psychologie aan Thomas More Hogeschool Antwerpen-Mechelen vzw. Haar onderwijs en onderzoek is gericht op de implementatie en effectiviteit van (preventieve) schoolse innovaties.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Le système des drapeaux de Sensoa pour adultes – Permettre de discuter des comportements sexuels (transgressifs) des adultes

 29,95
Le système des drapeaux Sensoa est une méthode qui facilite les discussions au sujet des comportements sexuels, transgressifs ou non. La publication du système des drapeaux propose des situations illustrées de comportements sexuels (éventuellement transgressifs) et un système de couleurs de drapeaux pour évaluer chaque situation et son niveau de gravité. L’évaluation se fait à l’aide de six critères. L’évaluation de la gravité du comportement est une partie importante du processus: elle fournit des indications sur les réponses à donner et le suivi à mettre en place. Ce système permet à toutes les parties prenantes de comprendre les fondements des comportements sexuellement acceptables et sexuellement transgressifs.
Cette méthode est une version étayée et adaptée du système des drapeaux pour les professionnel-les travaillant avec des enfants et des jeunes (Frans & Franck, 2010, 2014). Dans la version pour adultes, l’accent est mis sur les professionnel·les qui s’occupent des adultes et veillent à créer un environnement favorable à leur santé sexuelle. Toutefois, plus encore qu’avec les enfants et les jeunes, les bénéficiaires impliqué·es dans les situations émettront eux·elles aussi leur propre jugement, orienteront consciemment leurs actions et les évalueront.
La méthode est destinée à être utilisée à titre professionnel à trois niveaux, à savoir :
- Au niveau des bénéficiaires : en tant qu’outil pédagogique pour discuter avec les bénéficiaires d’un comportement sexuel dans lequel ils·elles sont ou pourraient être impliqué·es ;
- Au niveau de l’équipe et des professionnel·les : la méthode peut être utilisée pour réfléchir à la manière d’évaluer certaines situations, à la façon de les traiter et aux compétences nécessaires pour le faire.
- Au niveau de l’organisation : on peut travailler de manière proactive ou réactive à une meilleure politique institutionnelle, sur la base d’une réflexion à propos des incidents, des manquements, des évolutions, etc.
Des situations fictives, des exercices et des outils sont disponibles sur www.vlaggensysteem.be.



Erika Frans (°1957) est socio-pédagogue et psychologue de la santé et travaille depuis trente ans pour Sensoa et CGSO Trefpunt en tant que formatrice, coordinatrice, chargée de projet et experte. Des thèmes tels que l’éducation sexuelle, le développement sexuel et les comportements sexuels transgressifs sont au coeur de ses activités en tant que professionnelle. En 2008, avec ses collègues, elle a développé le système des drapeaux Sensoa comme méthode pour discuter des comportements sexuels transgressifs. L’accueil très positif l’a incitée à poursuivre la mise en pratique de cette méthode pour les adultes.

Quick View

Le système des drapeaux de Sensoa pour adultes – Permettre de discuter des comportements sexuels (transgressifs) des adultes

 29,95
Le système des drapeaux Sensoa est une méthode qui facilite les discussions au sujet des comportements sexuels, transgressifs ou non. La publication du système des drapeaux propose des situations illustrées de comportements sexuels (éventuellement transgressifs) et un système de couleurs de drapeaux pour évaluer chaque situation et son niveau de gravité. L’évaluation se fait à l’aide de six critères. L’évaluation de la gravité du comportement est une partie importante du processus: elle fournit des indications sur les réponses à donner et le suivi à mettre en place. Ce système permet à toutes les parties prenantes de comprendre les fondements des comportements sexuellement acceptables et sexuellement transgressifs.
Cette méthode est une version étayée et adaptée du système des drapeaux pour les professionnel-les travaillant avec des enfants et des jeunes (Frans & Franck, 2010, 2014). Dans la version pour adultes, l’accent est mis sur les professionnel·les qui s’occupent des adultes et veillent à créer un environnement favorable à leur santé sexuelle. Toutefois, plus encore qu’avec les enfants et les jeunes, les bénéficiaires impliqué·es dans les situations émettront eux·elles aussi leur propre jugement, orienteront consciemment leurs actions et les évalueront.
La méthode est destinée à être utilisée à titre professionnel à trois niveaux, à savoir :
- Au niveau des bénéficiaires : en tant qu’outil pédagogique pour discuter avec les bénéficiaires d’un comportement sexuel dans lequel ils·elles sont ou pourraient être impliqué·es ;
- Au niveau de l’équipe et des professionnel·les : la méthode peut être utilisée pour réfléchir à la manière d’évaluer certaines situations, à la façon de les traiter et aux compétences nécessaires pour le faire.
- Au niveau de l’organisation : on peut travailler de manière proactive ou réactive à une meilleure politique institutionnelle, sur la base d’une réflexion à propos des incidents, des manquements, des évolutions, etc.
Des situations fictives, des exercices et des outils sont disponibles sur www.vlaggensysteem.be.



Erika Frans (°1957) est socio-pédagogue et psychologue de la santé et travaille depuis trente ans pour Sensoa et CGSO Trefpunt en tant que formatrice, coordinatrice, chargée de projet et experte. Des thèmes tels que l’éducation sexuelle, le développement sexuel et les comportements sexuels transgressifs sont au coeur de ses activités en tant que professionnelle. En 2008, avec ses collègues, elle a développé le système des drapeaux Sensoa comme méthode pour discuter des comportements sexuels transgressifs. L’accueil très positif l’a incitée à poursuivre la mise en pratique de cette méthode pour les adultes.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Cognitieve en fijnmotorische stimulatie bij jonge kinderen met autisme en een verstandelijke beperking – Aangepaste en constructieve begeleiding.

 47,50
Jonge kinderen met autisme en een verstandelijke beperking cognitief stimuleren is telkens opnieuw een hele uitdaging. Het leervermogen van deze kinderen wordt dubbel belast door enerzijds het feit dat de hersenen op een andere manier informatie verwerken en anderzijds door de verminderde capaciteit van de hersenwerking. Een individueel aangepaste en autispecifieke behandeling, waarbij structuur en visualisatie centraal staan, moeten het kind helpen zijn omgeving, taken en opdrachten beter te begrijpen. Maar hoe doe je dat? Dit boek is een leidraad om functionele vaardigheden op peuter- en kleuterniveau specifiek en hiërarchisch in kleine stappen aan te passen. Door ze in verschillende niveaus in te delen en ze zorgvuldig te groeperen, kan ook een kind dat geen taal begrijpt in zijn ontwikkeling gestimuleerd worden. Het werkconcept ‘De trap van begeleiding’ geeft diverse leerniveaus chronologisch weer en linkt ze onmiddellijk aan de meest geschikte manier van begeleiden om een positief leerklimaat te creëren. De hele werkwijze is geïllustreerd met praktijkvoorbeelden, tips en fotomateriaal. Het boek is in de eerste plaats bedoeld voor ergotherapeuten, leerkrachten en hulpverleners, maar ook ouders kunnen het gebruiken om hun kind thuis in zijn ontwikkeling te stimuleren.

Sigrid Huygen werkt als ergotherapeut in de Appelboom, een revalidatiecentrum voor jonge kinderen met een autismespectrumstoornis in Genk. Ze is er verantwoordelijk voor de cognitieve en fijnmotorische training van (laag)functionerende peuters en kleuters met autisme.

Quick View

Cognitieve en fijnmotorische stimulatie bij jonge kinderen met autisme en een verstandelijke beperking – Aangepaste en constructieve begeleiding.

 47,50
Jonge kinderen met autisme en een verstandelijke beperking cognitief stimuleren is telkens opnieuw een hele uitdaging. Het leervermogen van deze kinderen wordt dubbel belast door enerzijds het feit dat de hersenen op een andere manier informatie verwerken en anderzijds door de verminderde capaciteit van de hersenwerking. Een individueel aangepaste en autispecifieke behandeling, waarbij structuur en visualisatie centraal staan, moeten het kind helpen zijn omgeving, taken en opdrachten beter te begrijpen. Maar hoe doe je dat? Dit boek is een leidraad om functionele vaardigheden op peuter- en kleuterniveau specifiek en hiërarchisch in kleine stappen aan te passen. Door ze in verschillende niveaus in te delen en ze zorgvuldig te groeperen, kan ook een kind dat geen taal begrijpt in zijn ontwikkeling gestimuleerd worden. Het werkconcept ‘De trap van begeleiding’ geeft diverse leerniveaus chronologisch weer en linkt ze onmiddellijk aan de meest geschikte manier van begeleiden om een positief leerklimaat te creëren. De hele werkwijze is geïllustreerd met praktijkvoorbeelden, tips en fotomateriaal. Het boek is in de eerste plaats bedoeld voor ergotherapeuten, leerkrachten en hulpverleners, maar ook ouders kunnen het gebruiken om hun kind thuis in zijn ontwikkeling te stimuleren.

Sigrid Huygen werkt als ergotherapeut in de Appelboom, een revalidatiecentrum voor jonge kinderen met een autismespectrumstoornis in Genk. Ze is er verantwoordelijk voor de cognitieve en fijnmotorische training van (laag)functionerende peuters en kleuters met autisme.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Narcissus revisited. Van Shelley tot Fleabag (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 14)

 24,90
Narcisme mag dan van alle tijden zijn, in onze laatmoderne mentaliteit is het springlevender dan ooit. Geen wonder dus dat het thema ook vandaag nog tot reflectie noopt. In Narcissus revisited: van Shelley tot Fleabag buigt een keur van essayisten zich over dit onderwerp, en wel door, elk vanuit een eigen specialisme, in te zoomen op een specifieke uiting ervan in domeinen als literatuur, film, televisieserie, filosofie en psychoanalytische praktijk. Telkens wordt nagegaan hoe ‘narcisme’ daar ofwel wordt gethematiseerd ofwel, ongethematiseerd, toch een rol van belang speelt.

Met bijdragen van Janneke van der Leest, Marc De Kesel, Peter Verstraten, Marc Hebbrecht, Frans Schalkwijk, Sjef Houppermans, Ptolemaeus Sirks, Jacob Henselmans en Ruud Welten.

Deze uitgave is het werk van de Vlaams-Nederlandse Stichting Psychoanalyse & Cultuur.



Sjef Houppermans is als gastonderzoeker verbonden aan Lucas. Hij combineert stilistische, filosofische en psychoanalytische vertrekpunten in zijn onderzoek. Hij publiceerde studies over onder anderen Proust, Beckett, Simon, Roussel en Robbe-Grillet.

Peter Verstraten is opleidingsvoorzitter Film- en Literatuurwetenschap in Leiden. Hij publiceerde o.m. Dutch Post-war Fiction Film through a Lens of Psychoanalysis (Amsterdam University Press, 2021), Humour and Irony in Dutch Post-war Fiction Film (Amsterdam University Press, 2016) en Film Narratology (University of Toronto Press, 2009).

Marc De Kesel, filosoof, is als bijzonder hoogleraar verbonden aan de Radboud Universiteit en het Titus Brandsma Instituut, beide in Nijmegen. Vanuit filosofisch perspectief doet hij aan onderzoek in domeinen als religie- en mystiektheorie, holocaustreceptie, lacaniaanse theorie en kunst- & cultuurkritiek. Recent verscheen van hem Het Münchhausenparadigma. Waarom Freud en Lacan ertoe doen (Nijmegen: Vantilt, 2019) en Ik God & mezelf. Mystiek als deconstructie (Amsterdam: Sjibbolet, 2021).

Quick View

Narcissus revisited. Van Shelley tot Fleabag (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 14)

 24,90
Narcisme mag dan van alle tijden zijn, in onze laatmoderne mentaliteit is het springlevender dan ooit. Geen wonder dus dat het thema ook vandaag nog tot reflectie noopt. In Narcissus revisited: van Shelley tot Fleabag buigt een keur van essayisten zich over dit onderwerp, en wel door, elk vanuit een eigen specialisme, in te zoomen op een specifieke uiting ervan in domeinen als literatuur, film, televisieserie, filosofie en psychoanalytische praktijk. Telkens wordt nagegaan hoe ‘narcisme’ daar ofwel wordt gethematiseerd ofwel, ongethematiseerd, toch een rol van belang speelt.

Met bijdragen van Janneke van der Leest, Marc De Kesel, Peter Verstraten, Marc Hebbrecht, Frans Schalkwijk, Sjef Houppermans, Ptolemaeus Sirks, Jacob Henselmans en Ruud Welten.

Deze uitgave is het werk van de Vlaams-Nederlandse Stichting Psychoanalyse & Cultuur.



Sjef Houppermans is als gastonderzoeker verbonden aan Lucas. Hij combineert stilistische, filosofische en psychoanalytische vertrekpunten in zijn onderzoek. Hij publiceerde studies over onder anderen Proust, Beckett, Simon, Roussel en Robbe-Grillet.

Peter Verstraten is opleidingsvoorzitter Film- en Literatuurwetenschap in Leiden. Hij publiceerde o.m. Dutch Post-war Fiction Film through a Lens of Psychoanalysis (Amsterdam University Press, 2021), Humour and Irony in Dutch Post-war Fiction Film (Amsterdam University Press, 2016) en Film Narratology (University of Toronto Press, 2009).

Marc De Kesel, filosoof, is als bijzonder hoogleraar verbonden aan de Radboud Universiteit en het Titus Brandsma Instituut, beide in Nijmegen. Vanuit filosofisch perspectief doet hij aan onderzoek in domeinen als religie- en mystiektheorie, holocaustreceptie, lacaniaanse theorie en kunst- & cultuurkritiek. Recent verscheen van hem Het Münchhausenparadigma. Waarom Freud en Lacan ertoe doen (Nijmegen: Vantilt, 2019) en Ik God & mezelf. Mystiek als deconstructie (Amsterdam: Sjibbolet, 2021).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    5
    Uw winkelwagen
    Publiek gaan! Politiserend handelen in het sociaal werk
     62,00
    Wiskunst
    Wiskunst
    Aantal: 1
    Prijs: 35,90
     35,90
    Daan. Een nieuw leven voor een sok met een gaatje
     22,00
    ×