Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het mobielste land ter wereld. Een dialoog over duurzame mobiliteit

 25,60

Hoewel België nog nooit zo mobiel is geweest, gaat er geen week voorbij zonder dat het verkeer ter sprake komt als bron van frustratie, vervuiling, onveiligheid en klimaatverandering. De opkomst van het ethische principe van duurzaamheid heeft het mobiliteitsdebat nog complexer gemaakt. Want hoe gaan bereikbaarheid, vlot verkeer en duurzaamheid eigenlijk samen? Tal van verwante kwesties, zoals economische marktwerking, ruimtelijke ordening, verkeersinfrastructuur en openbaar vervoer, maken het moeilijk om een heldere visie op duurzame mobiliteit te ontwikkelen.

Dit boek gaat met een frisse blik op zoek naar de mechanismen achter de mobiliteit en de opties voor een duurzamere toekomst. Geïnspireerd door Socrates doen de twee auteurs dit in dialoog met elkaar en met enkele intrigerende personages. In een aangepast decor behandelt elk hoofdstuk een aspect van het basisthema: niet alleen bereikbaarheid, de files en de vervoermiddelen komen aan bod, maar ook de ruimtelijke ordening, het logistieke systeem, verkeersveiligheid en vervoersarmoede.

Het boek richt zich tot iedereen die uit interesse, vrijwillig of professioneel, bezig is met mobiliteit, en bij uitbreiding met milieu en ruimtelijke ordening. De dialogen maken het thema licht verteerbaar, waardoor het werk geschikt is voor een breed publiek.

Een eerlijk, vlot leesbaar en erg verhelderend discours dat een onbevangen beschrijving geeft van het hedendaagse mobiliteitsdebat. [...] Een aanrader is het zeker.
Ruimte, jrg. 6, nr. 22, blz. 94

Thomas Vanoutrive is verbonden aan het Departement Transport en Ruimtelijke Economie van de Universiteit Antwerpen. Hij is geograaf en ruimtelijk planner en behaalde een dubbeldoctoraat in de toegepaste economische wetenschappen en de geografie.

Kobe Boussauw is postdoctoraal onderzoeker aan de Afdeling Mobiliteit en Ruimtelijke Planning en aan de Vakgroep Geografie van de Universiteit Gent, en is daar ook verbonden aan het Instituut voor Duurzame Mobiliteit. Hij is burgerlijk ingenieur-architect, ruimtelijk planner en doctor in de geografie.

Rocky Zutterman verzorgde de tekeningen en het omslagontwerp.

Quick View

Het mobielste land ter wereld. Een dialoog over duurzame mobiliteit

 25,60

Hoewel België nog nooit zo mobiel is geweest, gaat er geen week voorbij zonder dat het verkeer ter sprake komt als bron van frustratie, vervuiling, onveiligheid en klimaatverandering. De opkomst van het ethische principe van duurzaamheid heeft het mobiliteitsdebat nog complexer gemaakt. Want hoe gaan bereikbaarheid, vlot verkeer en duurzaamheid eigenlijk samen? Tal van verwante kwesties, zoals economische marktwerking, ruimtelijke ordening, verkeersinfrastructuur en openbaar vervoer, maken het moeilijk om een heldere visie op duurzame mobiliteit te ontwikkelen.

Dit boek gaat met een frisse blik op zoek naar de mechanismen achter de mobiliteit en de opties voor een duurzamere toekomst. Geïnspireerd door Socrates doen de twee auteurs dit in dialoog met elkaar en met enkele intrigerende personages. In een aangepast decor behandelt elk hoofdstuk een aspect van het basisthema: niet alleen bereikbaarheid, de files en de vervoermiddelen komen aan bod, maar ook de ruimtelijke ordening, het logistieke systeem, verkeersveiligheid en vervoersarmoede.

Het boek richt zich tot iedereen die uit interesse, vrijwillig of professioneel, bezig is met mobiliteit, en bij uitbreiding met milieu en ruimtelijke ordening. De dialogen maken het thema licht verteerbaar, waardoor het werk geschikt is voor een breed publiek.

Een eerlijk, vlot leesbaar en erg verhelderend discours dat een onbevangen beschrijving geeft van het hedendaagse mobiliteitsdebat. [...] Een aanrader is het zeker.
Ruimte, jrg. 6, nr. 22, blz. 94

Thomas Vanoutrive is verbonden aan het Departement Transport en Ruimtelijke Economie van de Universiteit Antwerpen. Hij is geograaf en ruimtelijk planner en behaalde een dubbeldoctoraat in de toegepaste economische wetenschappen en de geografie.

Kobe Boussauw is postdoctoraal onderzoeker aan de Afdeling Mobiliteit en Ruimtelijke Planning en aan de Vakgroep Geografie van de Universiteit Gent, en is daar ook verbonden aan het Instituut voor Duurzame Mobiliteit. Hij is burgerlijk ingenieur-architect, ruimtelijk planner en doctor in de geografie.

Rocky Zutterman verzorgde de tekeningen en het omslagontwerp.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Gek van kinderen. Online adviezen voor ouders

 30,80

Ouders geven gemiddeld het cijfer 8,4 voor adviezen die online worden verstrekt over hun opvoedingsvragen. Vijftig ouders uit Nederland en Vlaanderen komen in dit boek aan het woord. Zij maakten zich grote zorgen over hun kind. Een hele waaier van opvoedings- en gedragsproblemen passeert de revue.
Het jongste kind is één jaar oud en het oudste negentien jaar. Het gaat om problemen die typisch zijn voor deze tijd en om problemen die van alle tijden zijn, zoals: ongehoorzaam of opstandig gedrag, ruzie maken met broertjes of zusjes, agressief gedrag, stelen, seksueel ongepast gedrag, brutaal gedrag tegen de ouders, depressiviteit, problemen met leeftijdgenoten, conflicten op school, hyperactief gedrag of ADHD, autisme, zijn eigen gang gaan, liegen, ongemotiveerd zijn voor school, zich ongelukkig voelen en verslaafd aan gamen.
Het boek is bedoeld voor ouders, gezinsbegeleiders, jeugdhulpverleners, maatschappelijk werkers, leerkrachten, orthopedagogen en beleidsmensen op het terrein van jeugd en gezin.



Juliaan Van Acker, emeritus hoogleraar orthopedagogiek aan de Radbouduniversiteit in Nijmegen, heeft vooral gewerkt met de meest problematische gezinnen,vaak met ouders die gek werden van hun kinderen. Hij houdt in Antwerpen een pedagogische praktijk.

Quick View

Gek van kinderen. Online adviezen voor ouders

 30,80

Ouders geven gemiddeld het cijfer 8,4 voor adviezen die online worden verstrekt over hun opvoedingsvragen. Vijftig ouders uit Nederland en Vlaanderen komen in dit boek aan het woord. Zij maakten zich grote zorgen over hun kind. Een hele waaier van opvoedings- en gedragsproblemen passeert de revue.
Het jongste kind is één jaar oud en het oudste negentien jaar. Het gaat om problemen die typisch zijn voor deze tijd en om problemen die van alle tijden zijn, zoals: ongehoorzaam of opstandig gedrag, ruzie maken met broertjes of zusjes, agressief gedrag, stelen, seksueel ongepast gedrag, brutaal gedrag tegen de ouders, depressiviteit, problemen met leeftijdgenoten, conflicten op school, hyperactief gedrag of ADHD, autisme, zijn eigen gang gaan, liegen, ongemotiveerd zijn voor school, zich ongelukkig voelen en verslaafd aan gamen.
Het boek is bedoeld voor ouders, gezinsbegeleiders, jeugdhulpverleners, maatschappelijk werkers, leerkrachten, orthopedagogen en beleidsmensen op het terrein van jeugd en gezin.



Juliaan Van Acker, emeritus hoogleraar orthopedagogiek aan de Radbouduniversiteit in Nijmegen, heeft vooral gewerkt met de meest problematische gezinnen,vaak met ouders die gek werden van hun kinderen. Hij houdt in Antwerpen een pedagogische praktijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Experiment en traditie II. Een keuze uit opstellen en voordrachten, ingeleid door Johan van Iseghem

 29,90

Piet Thomas is, naast en vanuit zijn academische opdracht aan de KU Leuven en KU Leuven – Campus Kortrijk, een leven lang op tal van domeinen werkzaam geweest: als hoogleraar literatuur, als criticus van zowel proza als poëzie, als vertaler, als bloemlezer, als dichter en als inleider op het artistieke werk van anderen. De bijdragen die hij voor dit boek uit zijn vroeger werk selecteerde, hangen op de eerste plaats een tijdsbeeld op. Ze bieden de lezer echter ook de kans om kennis te maken met zowel de scherpe als de milde, altijd alerte Thomas. In vele debatten stelde hij zich allesbehalve neutraal op. Hij participeerde aan heersende disputen en bleef onvermoeibaar actief om bijvoorbeeld zijn poëziekritieken met afgetekende, persoonlijke inzichten te profileren.

In het deel over Nederlandstalig proza worden Louis Paul Boon, Gerard Walschap en Stijn Streuvels opgevoerd. Thomas manifesteert, naast ondubbelzinnige restricties, een uitgesproken esthetische waardering voor Walschaps narratief talent, voor zijn meesterlijke beschrijvingstechniek en voor zijn esthetisch scheppingsvermogen. Streuvels ziet hij onder meer als een beoefenaar van de observatiekunst, die visuele indrukken laat domineren en die met typeringsproza een scherpe kijk op de werkelijkheid etaleert. In het interview met Boon zal de lezer beslist genieten van de humoristische no-nonsense uitvallen van de guitige schrijver en gniffelen bij de wisselende kansen in het steekspel tussen de hoogleraar en de creatieve kunstenaar. Het derde deel, met teksten over plastische kunst, psychoanalyse en religie, werpt een licht op de achtergronden waartegen het literaire, het kritische en het literair-wetenschappelijke werk van Piet Thomas zich heeft voltrokken.

Piet Thomas is emeritus hoogleraar literatuurwetenschap en was recensent voor diverse bladen. Hij leidt ook de rubriek Religie en poëzie voor kerknet.be. Deze uitgave verschijnt bij zijn 85ste verjaardag.

Johan van Iseghem doceert Nederlandse letterkunde aan de KU Leuven – Campus Kortrijk.

Quick View

Experiment en traditie II. Een keuze uit opstellen en voordrachten, ingeleid door Johan van Iseghem

 29,90

Piet Thomas is, naast en vanuit zijn academische opdracht aan de KU Leuven en KU Leuven – Campus Kortrijk, een leven lang op tal van domeinen werkzaam geweest: als hoogleraar literatuur, als criticus van zowel proza als poëzie, als vertaler, als bloemlezer, als dichter en als inleider op het artistieke werk van anderen. De bijdragen die hij voor dit boek uit zijn vroeger werk selecteerde, hangen op de eerste plaats een tijdsbeeld op. Ze bieden de lezer echter ook de kans om kennis te maken met zowel de scherpe als de milde, altijd alerte Thomas. In vele debatten stelde hij zich allesbehalve neutraal op. Hij participeerde aan heersende disputen en bleef onvermoeibaar actief om bijvoorbeeld zijn poëziekritieken met afgetekende, persoonlijke inzichten te profileren.

In het deel over Nederlandstalig proza worden Louis Paul Boon, Gerard Walschap en Stijn Streuvels opgevoerd. Thomas manifesteert, naast ondubbelzinnige restricties, een uitgesproken esthetische waardering voor Walschaps narratief talent, voor zijn meesterlijke beschrijvingstechniek en voor zijn esthetisch scheppingsvermogen. Streuvels ziet hij onder meer als een beoefenaar van de observatiekunst, die visuele indrukken laat domineren en die met typeringsproza een scherpe kijk op de werkelijkheid etaleert. In het interview met Boon zal de lezer beslist genieten van de humoristische no-nonsense uitvallen van de guitige schrijver en gniffelen bij de wisselende kansen in het steekspel tussen de hoogleraar en de creatieve kunstenaar. Het derde deel, met teksten over plastische kunst, psychoanalyse en religie, werpt een licht op de achtergronden waartegen het literaire, het kritische en het literair-wetenschappelijke werk van Piet Thomas zich heeft voltrokken.

Piet Thomas is emeritus hoogleraar literatuurwetenschap en was recensent voor diverse bladen. Hij leidt ook de rubriek Religie en poëzie voor kerknet.be. Deze uitgave verschijnt bij zijn 85ste verjaardag.

Johan van Iseghem doceert Nederlandse letterkunde aan de KU Leuven – Campus Kortrijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De andere mogelijkheid. Beelden van kwaliteit voor mensen met een beperking

 15,50

Wat is de kwaliteit van zorg en ondersteuning die door zorginstellingen aan mensen met een verstandelijke beperking wordt geboden? En, hoe komen we aan een antwoord op deze vraag? Het gangbare antwoord luidt: door het meten van prestatie-indicatoren.
In dit boek bewandelt de auteur een andere weg: op locatie gaan kijken en met mensen praten.
De uitkomst van dit kwaliteitsonderzoek bestaat uit observaties van de dagelijkse zorgpraktijk die een beeld geven van hoe het leven van mensen met een beperking eruitziet. Vandaar Beelden van Kwaliteit. De auteur heeft een aantal van deze beelden verzameld en geeft er zijn commentaar bij. Belangrijke vragen die aan bod komen, zijn: wat zegt de tevredenheid van cliënten over de kwaliteit van de zorg? Wat is de relatie tussen kwaliteit en veiligheid? Wat is de betekenis van werk voor mensen met een beperking?
Uit zijn bespreking komt naar voren dat de kunst om goed naar cliënten te kijken, laat zien hoe het anders en beter kan. Het boek maakt duidelijk dat een vermogen om goed waar te nemen een andere mogelijkheid zichtbaar maakt.



Hans Reinders is hoogleraar ethiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam, waar hij ook de Bernard Lievegoed leerstoel bekleedt.

Quick View

De andere mogelijkheid. Beelden van kwaliteit voor mensen met een beperking

 15,50

Wat is de kwaliteit van zorg en ondersteuning die door zorginstellingen aan mensen met een verstandelijke beperking wordt geboden? En, hoe komen we aan een antwoord op deze vraag? Het gangbare antwoord luidt: door het meten van prestatie-indicatoren.
In dit boek bewandelt de auteur een andere weg: op locatie gaan kijken en met mensen praten.
De uitkomst van dit kwaliteitsonderzoek bestaat uit observaties van de dagelijkse zorgpraktijk die een beeld geven van hoe het leven van mensen met een beperking eruitziet. Vandaar Beelden van Kwaliteit. De auteur heeft een aantal van deze beelden verzameld en geeft er zijn commentaar bij. Belangrijke vragen die aan bod komen, zijn: wat zegt de tevredenheid van cliënten over de kwaliteit van de zorg? Wat is de relatie tussen kwaliteit en veiligheid? Wat is de betekenis van werk voor mensen met een beperking?
Uit zijn bespreking komt naar voren dat de kunst om goed naar cliënten te kijken, laat zien hoe het anders en beter kan. Het boek maakt duidelijk dat een vermogen om goed waar te nemen een andere mogelijkheid zichtbaar maakt.



Hans Reinders is hoogleraar ethiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam, waar hij ook de Bernard Lievegoed leerstoel bekleedt.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De foute oorlog. Schuld en nederlaag in het Vlaamse proza over de Tweede Wereldoorlog (Academisch Literair, nr. 9)

 28,70

De Tweede Wereldoorlog speelt een centrale rol in de collectieve herinnering. Heel wat opvattingen en vraagstellingen rond ideologie, ethiek en identiteit worden door de oorlogsherinnering gekleurd. Die herinnering neemt ook in literatuur een prominente plaats in. Zo bevat het Vlaamse fictionele proza alleen al zowat 300 boeken die expliciet met de Tweede Wereldoorlog aan de slag gaan.

De foute oorlog is de eerste omvattende studie van deze literaire oorlogssporen, met een speciale focus op vijf centrale thema’s: de gebeurtenissen rond mei 1940, het verzet, de collaboratie, de repressie en de jodenvervolging. Voor elk ervan biedt dit boek een overzicht van relevante romans en novelles, met analyse van thematische tendensen en inzicht in de kenmerken en ontwikkelingen van de literaire beeldvorming. De rode draad is de vaststelling dat de literaire oorlogsherinnering doordrongen is van een scherpe kritiek op het morele en politieke gedrag van de eigen gemeenschap tijdens en na de oorlog. Wordt de bezetter afgebeeld als een ongewenste maar herkenbare tegenstander, dan verschijnen leden van de eigen gemeenschap als onbetrouwbare en onberekenbare wezens. In plaats van een goede herinnering, gedragen door overwinning en bevrijding, ontstaat het beeld van een foute oorlog waarin nederlaag en schuld overheersen; een beeld dat in de Vlaamse collectieve herinnering vaak is weggedrukt, maar dat Vlaamse auteurs telkens opnieuw op het voorplan hebben gebracht.

Door zijn brede opzet, zijn aandacht voor belichte en onderbelichte thema’s, het bijeenbrengen van gecanoniseerde en vergeten auteurs, en door de toegankelijke synthese van kenmerken en ontwikkelingen in de Vlaamse literaire herinnering aan de Tweede Wereldoorlog, vormt het boek een essentiële aanvulling tot de studie van de naoorlogse Nederlandse literatuur.



Jan Lensen is als postdoctoraal onderzoeker van de Deutsche Forschungsgemeinschaft verbonden aan het Institut für Deutsche und Niederländische Philologie van de Freie Universität Berlin. Hij verricht comparatief onderzoek naar beeldvormingsprocessen van de Tweede Wereldoorlog in het hedendaagse Duitse, Nederlandse en Vlaamse proza.

Quick View

De foute oorlog. Schuld en nederlaag in het Vlaamse proza over de Tweede Wereldoorlog (Academisch Literair, nr. 9)

 28,70

De Tweede Wereldoorlog speelt een centrale rol in de collectieve herinnering. Heel wat opvattingen en vraagstellingen rond ideologie, ethiek en identiteit worden door de oorlogsherinnering gekleurd. Die herinnering neemt ook in literatuur een prominente plaats in. Zo bevat het Vlaamse fictionele proza alleen al zowat 300 boeken die expliciet met de Tweede Wereldoorlog aan de slag gaan.

De foute oorlog is de eerste omvattende studie van deze literaire oorlogssporen, met een speciale focus op vijf centrale thema’s: de gebeurtenissen rond mei 1940, het verzet, de collaboratie, de repressie en de jodenvervolging. Voor elk ervan biedt dit boek een overzicht van relevante romans en novelles, met analyse van thematische tendensen en inzicht in de kenmerken en ontwikkelingen van de literaire beeldvorming. De rode draad is de vaststelling dat de literaire oorlogsherinnering doordrongen is van een scherpe kritiek op het morele en politieke gedrag van de eigen gemeenschap tijdens en na de oorlog. Wordt de bezetter afgebeeld als een ongewenste maar herkenbare tegenstander, dan verschijnen leden van de eigen gemeenschap als onbetrouwbare en onberekenbare wezens. In plaats van een goede herinnering, gedragen door overwinning en bevrijding, ontstaat het beeld van een foute oorlog waarin nederlaag en schuld overheersen; een beeld dat in de Vlaamse collectieve herinnering vaak is weggedrukt, maar dat Vlaamse auteurs telkens opnieuw op het voorplan hebben gebracht.

Door zijn brede opzet, zijn aandacht voor belichte en onderbelichte thema’s, het bijeenbrengen van gecanoniseerde en vergeten auteurs, en door de toegankelijke synthese van kenmerken en ontwikkelingen in de Vlaamse literaire herinnering aan de Tweede Wereldoorlog, vormt het boek een essentiële aanvulling tot de studie van de naoorlogse Nederlandse literatuur.



Jan Lensen is als postdoctoraal onderzoeker van de Deutsche Forschungsgemeinschaft verbonden aan het Institut für Deutsche und Niederländische Philologie van de Freie Universität Berlin. Hij verricht comparatief onderzoek naar beeldvormingsprocessen van de Tweede Wereldoorlog in het hedendaagse Duitse, Nederlandse en Vlaamse proza.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie (Reeks Omtrent Filosofie nr 5)Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie (Reeks Omtrent Filosofie nr 5)
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie (Reeks Omtrent Filosofie nr 5)

 32,90

Dit boek biedt een kritische inleiding in de godsdienstfilosofie, aan de hand van een confrontatie tussen enerzijds G.W.F. Hegels filosofie van de monotheïstische religies en anderzijds godsdienstwetenschappelijke inzichten in en vanuit de godsdiensten zelf. Het doel is te komen tot een wijsgerige verheldering van wat deze religies kenmerkt. Wat kan een filosofische benadering van de verschillende godsdiensten, zoals die van Hegel, bijdragen aan een beter begrip ervan? Hoe zou de godsdienstfilosofie een rol kunnen spelen in het actuele debat over religie, en de verhouding daarvan tot de grondslagen van recht en politiek?

De manier waarop we over God denken en dus hoe we geloven, beïnvloedt onze moraal en ons recht, de wetten die we maken en de wijze waarop we die toepassen. Hegel had veel op met het christendom. In zijn ogen vormde het christelijk geloof ten opzichte van andere, eerdere godsdiensten een vervolmaking en een voltooiing van de religie. Filosofisch bezien is het christendom de religie van vrijheid en van verzoening van God en de mens met elkaar. Alle godsdiensten die voorafgingen aan het christendom, beschouwt hij als beperkter en eenzijdiger: de ‘ware geest’ is daarin nog onvoldoende ontwikkeld. Deze hoogst controversiële claim wordt in dit boek aan een nader, kritisch onderzoek onderworpen.


Bart Labuschagne en Timo Slootweg doceren rechtsfilosofie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Rico Sneller doceert wijsgerige antropologie aan het Instituut voor Wijsbegeerte van deze universiteit.

Reeks Omtrent Filosofie:

  1. De ethica van Spinoza
  2. Afrika en China in dialoog
  3. Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
  4. Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
  5. Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
  6. Filosofie van het verstaan. Een dialoog

Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie (Reeks Omtrent Filosofie nr 5)Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie (Reeks Omtrent Filosofie nr 5)
Quick View

Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie (Reeks Omtrent Filosofie nr 5)

 32,90

Dit boek biedt een kritische inleiding in de godsdienstfilosofie, aan de hand van een confrontatie tussen enerzijds G.W.F. Hegels filosofie van de monotheïstische religies en anderzijds godsdienstwetenschappelijke inzichten in en vanuit de godsdiensten zelf. Het doel is te komen tot een wijsgerige verheldering van wat deze religies kenmerkt. Wat kan een filosofische benadering van de verschillende godsdiensten, zoals die van Hegel, bijdragen aan een beter begrip ervan? Hoe zou de godsdienstfilosofie een rol kunnen spelen in het actuele debat over religie, en de verhouding daarvan tot de grondslagen van recht en politiek?

De manier waarop we over God denken en dus hoe we geloven, beïnvloedt onze moraal en ons recht, de wetten die we maken en de wijze waarop we die toepassen. Hegel had veel op met het christendom. In zijn ogen vormde het christelijk geloof ten opzichte van andere, eerdere godsdiensten een vervolmaking en een voltooiing van de religie. Filosofisch bezien is het christendom de religie van vrijheid en van verzoening van God en de mens met elkaar. Alle godsdiensten die voorafgingen aan het christendom, beschouwt hij als beperkter en eenzijdiger: de ‘ware geest’ is daarin nog onvoldoende ontwikkeld. Deze hoogst controversiële claim wordt in dit boek aan een nader, kritisch onderzoek onderworpen.


Bart Labuschagne en Timo Slootweg doceren rechtsfilosofie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Rico Sneller doceert wijsgerige antropologie aan het Instituut voor Wijsbegeerte van deze universiteit.

Reeks Omtrent Filosofie:

  1. De ethica van Spinoza
  2. Afrika en China in dialoog
  3. Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
  4. Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
  5. Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
  6. Filosofie van het verstaan. Een dialoog

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Orthopedagogiek: State of the art (O&A-Reeks, nr. 7)

 30,80

Hoe is het tegenwoordig met de orthopedagogiek gesteld? Wat is ‘the state of the art’? Deze uitgave biedt een update omtrent de stand van zaken in de diverse deelgebieden waar de orthopedagogiek zich mee bezig houdt. Daarbij wordt steeds de opvoedingscontext als een noodzakelijke invalshoek gehanteerd. De orthopedagogische praktijk is gefundeerd in wetenschappelijk onderzoek. In de eerste plaats is dit boek bedoeld voor allen die werkzaam zijn in het orthoagogische veld. Maar omdat het kind centraal staat in alle beschreven interventies, via de opvoeders, al of niet aangevuld met professionals met specialistische kennis en vaardigheden, is het boek van belang voor iedereen die met kinderen omgaat.
Deze publicatie markeert het 110-jarig bestaan van de Vereniging O&A – Vereniging ter bevordering van Ortho-Agogische Activiteiten, die onder meer verantwoordelijk was voor de uitgave van het Tijdschrift voor Orthopedagogiek, dat thans als maandblad verschijnt onder de titel Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.



Paul Goudena is emeritus hoogleraar pedagogiek aan de Universiteit Utrecht. Zijn focus ligt op psychologische individuatie binnen een opvoedingscontext. Tot voor kort was hij redactielid van OOP – Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Roel de Groot doceerde orthopedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was vele jaren hoofdredacteur van Tijdschrift voor Orthopedagogiek, thans OOP – Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk. Hij is coredacteur van de O&A-Reeks en directeur van het Psychologisch-Orthopedagogisch Adviesbureau, gevestigd in Hattem.
Jan Janssens is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij is ook voorzitter van de Vereniging O&A.

Quick View

Orthopedagogiek: State of the art (O&A-Reeks, nr. 7)

 30,80

Hoe is het tegenwoordig met de orthopedagogiek gesteld? Wat is ‘the state of the art’? Deze uitgave biedt een update omtrent de stand van zaken in de diverse deelgebieden waar de orthopedagogiek zich mee bezig houdt. Daarbij wordt steeds de opvoedingscontext als een noodzakelijke invalshoek gehanteerd. De orthopedagogische praktijk is gefundeerd in wetenschappelijk onderzoek. In de eerste plaats is dit boek bedoeld voor allen die werkzaam zijn in het orthoagogische veld. Maar omdat het kind centraal staat in alle beschreven interventies, via de opvoeders, al of niet aangevuld met professionals met specialistische kennis en vaardigheden, is het boek van belang voor iedereen die met kinderen omgaat.
Deze publicatie markeert het 110-jarig bestaan van de Vereniging O&A – Vereniging ter bevordering van Ortho-Agogische Activiteiten, die onder meer verantwoordelijk was voor de uitgave van het Tijdschrift voor Orthopedagogiek, dat thans als maandblad verschijnt onder de titel Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.



Paul Goudena is emeritus hoogleraar pedagogiek aan de Universiteit Utrecht. Zijn focus ligt op psychologische individuatie binnen een opvoedingscontext. Tot voor kort was hij redactielid van OOP – Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Roel de Groot doceerde orthopedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was vele jaren hoofdredacteur van Tijdschrift voor Orthopedagogiek, thans OOP – Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk. Hij is coredacteur van de O&A-Reeks en directeur van het Psychologisch-Orthopedagogisch Adviesbureau, gevestigd in Hattem.
Jan Janssens is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij is ook voorzitter van de Vereniging O&A.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. It takes a village to raise a child (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 8)

 13,30

Tot waar reikt de taak van leerkrachten om te onderwijzen en vanaf waar of op welke vlakken zijn ze ook opvoeders? En hoe zit dat bij de ouders: zij voeden op, maar vanaf waar hebben ze ook een onderwijsfunctie? Ouders en leerkrachten hebben met andere woorden verschillende, maar ook verwante verantwoordelijkheden bij de vorming van kinderen.
Dit boek vraagt zich af hoe leerkrachten en ouders, in hun respectieve onderwijs- en opvoedingsfunctie, zich samen kunnen inzetten bij de vorming van kinderen, meer bepaald bij de relationele en seksuele vorming. Het gaat daarbij vooral om de vraag hoe relationele en seksuele vorming herdacht kan worden op een manier dat ouders in ruime mate kunnen participeren aan de vorming van hun kinderen op dat vlak in de school.
Maatschappelijke veranderingen hebben er voor gezorgd dat opvoeden een gedeelde verantwoordelijkheid is van burgers, instellingen en overheden. De uitdaging is het Afrikaanse gezegde It takes a village to raise a child een modern kleedje te geven. In een schoolcontext betekent dit onder andere dat ouderbetrokkenheid erg belangrijk is. Op de basisschool ‘Ten Dorpe’ in Mortsel is het pakket voor relationele en seksuele vorming herdacht en herzien met expliciete betrokkenheid van ouders. Deze uitgave rapporteert over dit project.



Sofie Dieltjens is master in de familiale en seksuologische wetenschappen en bachelor in gezinswetenschappen. Zij is halftijds werkzaam als klinisch seksuoloog in een zelfstandige praktijk in Lier, halftijds op het Centrum voor Leerlingenbegeleiding GO!CLB in Lier en ze werkt mee in de groepspraktijk De Braam in Heist-op-den- Berg.

Patrick Meurs doceert aan het Departement Psychologie van de KU Leuven en aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van HU Brussel.


Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie

  • Nr. 1. Verborgen onder mijn buik. Zorg- en hulpverlening aan zwangere vrouwen na vroeger seksueel geweld
  • Nr. 2. De oorverdovende stilte. Omtrent pedofilie: het gepolariseerde debat voorbij
  • Nr. 3. Seksuele ontwikkeling en de rol van broers en zussen
  • Nr. 4. Sexy haar en hoofddoek. Seksuele en niet-seksuele betekenissen
  • Nr. 5. Hulpverlening bij kindermishandeling. Over individuele weerbaarheid en maatschappelijke kwetsbaarheid
  • Nr. 6. Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie
  • Nr. 7. Waarheid, durven... trauma. Seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen kinderen en jongeren
  • Nr. 8. Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. It takes a village to raise a child

  • Quick View

    Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. It takes a village to raise a child (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 8)

     13,30

    Tot waar reikt de taak van leerkrachten om te onderwijzen en vanaf waar of op welke vlakken zijn ze ook opvoeders? En hoe zit dat bij de ouders: zij voeden op, maar vanaf waar hebben ze ook een onderwijsfunctie? Ouders en leerkrachten hebben met andere woorden verschillende, maar ook verwante verantwoordelijkheden bij de vorming van kinderen.
    Dit boek vraagt zich af hoe leerkrachten en ouders, in hun respectieve onderwijs- en opvoedingsfunctie, zich samen kunnen inzetten bij de vorming van kinderen, meer bepaald bij de relationele en seksuele vorming. Het gaat daarbij vooral om de vraag hoe relationele en seksuele vorming herdacht kan worden op een manier dat ouders in ruime mate kunnen participeren aan de vorming van hun kinderen op dat vlak in de school.
    Maatschappelijke veranderingen hebben er voor gezorgd dat opvoeden een gedeelde verantwoordelijkheid is van burgers, instellingen en overheden. De uitdaging is het Afrikaanse gezegde It takes a village to raise a child een modern kleedje te geven. In een schoolcontext betekent dit onder andere dat ouderbetrokkenheid erg belangrijk is. Op de basisschool ‘Ten Dorpe’ in Mortsel is het pakket voor relationele en seksuele vorming herdacht en herzien met expliciete betrokkenheid van ouders. Deze uitgave rapporteert over dit project.



    Sofie Dieltjens is master in de familiale en seksuologische wetenschappen en bachelor in gezinswetenschappen. Zij is halftijds werkzaam als klinisch seksuoloog in een zelfstandige praktijk in Lier, halftijds op het Centrum voor Leerlingenbegeleiding GO!CLB in Lier en ze werkt mee in de groepspraktijk De Braam in Heist-op-den- Berg.

    Patrick Meurs doceert aan het Departement Psychologie van de KU Leuven en aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van HU Brussel.


    Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie

  • Nr. 1. Verborgen onder mijn buik. Zorg- en hulpverlening aan zwangere vrouwen na vroeger seksueel geweld
  • Nr. 2. De oorverdovende stilte. Omtrent pedofilie: het gepolariseerde debat voorbij
  • Nr. 3. Seksuele ontwikkeling en de rol van broers en zussen
  • Nr. 4. Sexy haar en hoofddoek. Seksuele en niet-seksuele betekenissen
  • Nr. 5. Hulpverlening bij kindermishandeling. Over individuele weerbaarheid en maatschappelijke kwetsbaarheid
  • Nr. 6. Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie
  • Nr. 7. Waarheid, durven... trauma. Seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen kinderen en jongeren
  • Nr. 8. Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. It takes a village to raise a child

  • Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Preventie morgen. Bouwstenen voor een goede praktijk.

     21,60

    Is preventie vandaag goed voor morgen? Dit boek reikt kritische analyses, tips en handvatten aan om op een constructieve, effectieve en ethisch verantwoorde manier met preventie aan de slag te gaan.

    Wie rond preventie werkt, wordt geconfronteerd met nieuwe trends, uitdagende mogelijkheden en weerbarstige knelpunten. Over het muurtje kijken en expertise bijtanken kan dan helpen om de juiste beslissingen te nemen. In dit boek delen auteurs hun kennis en ervaring vanuit verscheidene sectoren. Er komen bijdragen aan bod vanuit de welzijnssector, de gezondheidszorg, de onderwijssector, de bijzondere jeugdzorg, de drugshulpverlening, het stedelijk lokaal beleid, opvoedingsondersteuning en de criminologie. Zowel praktijkwerkers, beleidsactoren en wetenschappers belichten en ontrafelen boeiende, levende thema’s over preventie. Van emancipatorische tot evidencebased preventie, van de probleemanalyse tot de implementatie van preventie, van het risico op overdaad aan preventie tot de zoektocht naar proportionele preventie. Kortom, een rijk gevuld boek voor ieder die van ver of dichtbij met preventie te maken krijgt.


    Dieter Burssens, maatschappelijk assistent en master in de criminologische wetenschappen, is wetenschappelijk onderzoeker bij het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie.
    Peter Goris, doctor in de criminologische wetenschappen, is hoofdredacteur van het tijdschrift ALERT voor sociaal werk en politiek.
    Bie Melis, maatschappelijk assistent en master in de criminologische wetenschappen, is lector en onderzoeker aan de Karel de Grote-Hogeschool, Departement Sociaal- Agogisch Werk in Antwerpen.
    Nicole Vettenburg, doctor in de criminologische wetenschappen, was als onderzoeker verbonden aan de KU Leuven en als docente aan de UGent. Zij is eindredacteur van het tijdschrift Welwijs, wisselwerking onderwijs en welzijnswerk.
    Samen vormen zij het Team Preventie Ontwikkeling dat theorie en praktijk rond preventie verder wil ontwikkelen.

    Quick View

    Preventie morgen. Bouwstenen voor een goede praktijk.

     21,60

    Is preventie vandaag goed voor morgen? Dit boek reikt kritische analyses, tips en handvatten aan om op een constructieve, effectieve en ethisch verantwoorde manier met preventie aan de slag te gaan.

    Wie rond preventie werkt, wordt geconfronteerd met nieuwe trends, uitdagende mogelijkheden en weerbarstige knelpunten. Over het muurtje kijken en expertise bijtanken kan dan helpen om de juiste beslissingen te nemen. In dit boek delen auteurs hun kennis en ervaring vanuit verscheidene sectoren. Er komen bijdragen aan bod vanuit de welzijnssector, de gezondheidszorg, de onderwijssector, de bijzondere jeugdzorg, de drugshulpverlening, het stedelijk lokaal beleid, opvoedingsondersteuning en de criminologie. Zowel praktijkwerkers, beleidsactoren en wetenschappers belichten en ontrafelen boeiende, levende thema’s over preventie. Van emancipatorische tot evidencebased preventie, van de probleemanalyse tot de implementatie van preventie, van het risico op overdaad aan preventie tot de zoektocht naar proportionele preventie. Kortom, een rijk gevuld boek voor ieder die van ver of dichtbij met preventie te maken krijgt.


    Dieter Burssens, maatschappelijk assistent en master in de criminologische wetenschappen, is wetenschappelijk onderzoeker bij het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie.
    Peter Goris, doctor in de criminologische wetenschappen, is hoofdredacteur van het tijdschrift ALERT voor sociaal werk en politiek.
    Bie Melis, maatschappelijk assistent en master in de criminologische wetenschappen, is lector en onderzoeker aan de Karel de Grote-Hogeschool, Departement Sociaal- Agogisch Werk in Antwerpen.
    Nicole Vettenburg, doctor in de criminologische wetenschappen, was als onderzoeker verbonden aan de KU Leuven en als docente aan de UGent. Zij is eindredacteur van het tijdschrift Welwijs, wisselwerking onderwijs en welzijnswerk.
    Samen vormen zij het Team Preventie Ontwikkeling dat theorie en praktijk rond preventie verder wil ontwikkelen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Zwangerschap en obesitas. Handboek voor de zorgverlener

     40,10

    Obesitas komt steeds vaker voor. Dit betekent dat ook almaar meer zwangeren en moeders te kampen hebben met een té hoog gewicht. Dat geeft in de periode voor en tijdens de zwangerschap, de bevalling en de kraamperiode niet alleen meer problemen voor de moeder, maar heeft ook een negatieve invloed op het kind. In deze context spreekt men van een intergenerationeel probleem van obesitas. Preventie van deze chronische aandoening dient te beginnen in de periode vóór de geboorte.

    Omdat er de laatste jaren heel wat wetenschappelijk onderzoek is verricht, specifiek bij reproductieve vrouwen met een té hoog gewicht, is het hoogtijd om deze inzichten te bundelen in een overzichtelijk, wetenschappelijk gefundeerd handboek voor de betrokken zorgverleners. Dit eerste Nederlandstalige boek over dit onderwerp bevat bijdragen van (para)medische experts, clinici en onderzoekers. Het bespreekt de zorg en de begeleiding van de zwaarlijvige (obese) vrouw in de reproductieve periode (18-45 jaar). Het is bestemd voor artsen, vroedvrouwen, verpleegkundigen, diëtisten, kinesitherapeuten, psychologen en alle andere begeleiders en hulpverleners die hierbij betrokken zijn.



    Annick Bogaerts werkte als vroedvrouw op de materniteit en verloskamer van het Salvatorziekenhuis in Hasselt. Zij studeerde ook medisch-sociale wetenschappen aan de KU Leuven, waar ze promoveerde. Ze is onderzoeker binnen de expertisecel ‘Healthy Living’ van de Hogeschool UC Leuven-Limburg in Hasselt en doctor-assistent aan de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen.

    Ronald Devlieger, gynaecoloog, is afdelingshoofd feto-maternale geneeskunde bij het UZ Leuven. Hij werkt als clinicus en onderzoeker binnen UZ en KU Leuven en als consulent in het AZ Sint-Augustinus in Wilrijk.

    Quick View

    Zwangerschap en obesitas. Handboek voor de zorgverlener

     40,10

    Obesitas komt steeds vaker voor. Dit betekent dat ook almaar meer zwangeren en moeders te kampen hebben met een té hoog gewicht. Dat geeft in de periode voor en tijdens de zwangerschap, de bevalling en de kraamperiode niet alleen meer problemen voor de moeder, maar heeft ook een negatieve invloed op het kind. In deze context spreekt men van een intergenerationeel probleem van obesitas. Preventie van deze chronische aandoening dient te beginnen in de periode vóór de geboorte.

    Omdat er de laatste jaren heel wat wetenschappelijk onderzoek is verricht, specifiek bij reproductieve vrouwen met een té hoog gewicht, is het hoogtijd om deze inzichten te bundelen in een overzichtelijk, wetenschappelijk gefundeerd handboek voor de betrokken zorgverleners. Dit eerste Nederlandstalige boek over dit onderwerp bevat bijdragen van (para)medische experts, clinici en onderzoekers. Het bespreekt de zorg en de begeleiding van de zwaarlijvige (obese) vrouw in de reproductieve periode (18-45 jaar). Het is bestemd voor artsen, vroedvrouwen, verpleegkundigen, diëtisten, kinesitherapeuten, psychologen en alle andere begeleiders en hulpverleners die hierbij betrokken zijn.



    Annick Bogaerts werkte als vroedvrouw op de materniteit en verloskamer van het Salvatorziekenhuis in Hasselt. Zij studeerde ook medisch-sociale wetenschappen aan de KU Leuven, waar ze promoveerde. Ze is onderzoeker binnen de expertisecel ‘Healthy Living’ van de Hogeschool UC Leuven-Limburg in Hasselt en doctor-assistent aan de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen.

    Ronald Devlieger, gynaecoloog, is afdelingshoofd feto-maternale geneeskunde bij het UZ Leuven. Hij werkt als clinicus en onderzoeker binnen UZ en KU Leuven en als consulent in het AZ Sint-Augustinus in Wilrijk.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Sam(en) tegen spoken op school. Leesboek over faalangst

     11,40

    Dit leesboek hoort bij Spoken op school: Faalangstpreventie. Het bevat tal van situaties en ervaringen, observaties en interpretaties in verhaalvorm, gebaseerd op ware gebeurtenissen. Sam is een meisje met normale begaafdheid. Ze beschikt over alle mogelijkheden en competenties om een efficiënte en succesvolle ontwikkeling op te bouwen. Toch functioneert ze op school niet optimaal, niet op cognitief, niet op sociaal-emotioneel en niet op motorisch vlak. Ze heeft het erg moeilijk met opdrachten die meetellen voor punten. Ze stelt ongepast gedrag, maakt werkjes niet en vermijdt bepaalde situaties. Ze klaagt over buik- of hoofdpijn. Ze is maar voor weinig dingen gemotiveerd. Achter dit gedrag schuilt haar faalangst, waaraan met goed gevolg kan worden gesleuteld.



    Nathalie Cornillie is van oorsprong logopediste. Daarnaast volgde ze opleidingen tot zorgcoördinator en leerkracht buitengewoon/specifiek onderwijs. Momenteel is zij G.on-begeleidster (geïntegreerd onderwijs) bij het Medisch- Pedagogisch Instituut in Koksijde en voert ze een zelfstandige praktijk als logopediste in Oostende.

    Quick View

    Sam(en) tegen spoken op school. Leesboek over faalangst

     11,40

    Dit leesboek hoort bij Spoken op school: Faalangstpreventie. Het bevat tal van situaties en ervaringen, observaties en interpretaties in verhaalvorm, gebaseerd op ware gebeurtenissen. Sam is een meisje met normale begaafdheid. Ze beschikt over alle mogelijkheden en competenties om een efficiënte en succesvolle ontwikkeling op te bouwen. Toch functioneert ze op school niet optimaal, niet op cognitief, niet op sociaal-emotioneel en niet op motorisch vlak. Ze heeft het erg moeilijk met opdrachten die meetellen voor punten. Ze stelt ongepast gedrag, maakt werkjes niet en vermijdt bepaalde situaties. Ze klaagt over buik- of hoofdpijn. Ze is maar voor weinig dingen gemotiveerd. Achter dit gedrag schuilt haar faalangst, waaraan met goed gevolg kan worden gesleuteld.



    Nathalie Cornillie is van oorsprong logopediste. Daarnaast volgde ze opleidingen tot zorgcoördinator en leerkracht buitengewoon/specifiek onderwijs. Momenteel is zij G.on-begeleidster (geïntegreerd onderwijs) bij het Medisch- Pedagogisch Instituut in Koksijde en voert ze een zelfstandige praktijk als logopediste in Oostende.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Spoken op school: Faalangstpreventie

     24,90

    Heel wat kinderen, zowel in het basis- als in het secundair/voortgezet onderwijs, hebben faalangst. Die kan zo groot zijn dat naar school gaan een echte pijniging wordt, met alle gevolgen van dien. Het is een complexe problematiek.

    Leraren, begeleiders en ook ouders moeten eerst een goed inzicht hebben in de mogelijke oorzaken, de gevolgen, de sterktes en de zwaktes bij de kinderen. Al te vaak wordt hieraan te vluchtig voorbijgegaan. Daarna moeten ze de methodieken kennen en kunnen gebruiken om er wat aan te doen. Naast de theoretische toelichting gaat veel aandacht naar het praktische deel met een ruim pakket aan activiteiten waarmee de faalangst kan worden teruggedrongen. Als bijzonder hulpmiddel is er een apart leesboek voor de kinderen: Sam(en) tegen spoken op school. Leesboek over faalangst.

    Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.



    Nathalie Cornillie is van oorsprong logopediste. Daarnaast volgde ze opleidingen tot zorgcoördinator en leerkracht buitengewoon/specifiek onderwijs. Momenteel is zij G.on-begeleidster (geïntegreerd onderwijs) bij het Medisch- Pedagogisch Instituut in Koksijde en voert ze een zelfstandige praktijk als logopediste in Oostende.
    Kristel Geers volgde een lerarenopleiding en studeerde daarna klinische psychologie. Zij is lector aan de Hogeschool Vives, Campus Tielt.

    Quick View

    Spoken op school: Faalangstpreventie

     24,90

    Heel wat kinderen, zowel in het basis- als in het secundair/voortgezet onderwijs, hebben faalangst. Die kan zo groot zijn dat naar school gaan een echte pijniging wordt, met alle gevolgen van dien. Het is een complexe problematiek.

    Leraren, begeleiders en ook ouders moeten eerst een goed inzicht hebben in de mogelijke oorzaken, de gevolgen, de sterktes en de zwaktes bij de kinderen. Al te vaak wordt hieraan te vluchtig voorbijgegaan. Daarna moeten ze de methodieken kennen en kunnen gebruiken om er wat aan te doen. Naast de theoretische toelichting gaat veel aandacht naar het praktische deel met een ruim pakket aan activiteiten waarmee de faalangst kan worden teruggedrongen. Als bijzonder hulpmiddel is er een apart leesboek voor de kinderen: Sam(en) tegen spoken op school. Leesboek over faalangst.

    Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.



    Nathalie Cornillie is van oorsprong logopediste. Daarnaast volgde ze opleidingen tot zorgcoördinator en leerkracht buitengewoon/specifiek onderwijs. Momenteel is zij G.on-begeleidster (geïntegreerd onderwijs) bij het Medisch- Pedagogisch Instituut in Koksijde en voert ze een zelfstandige praktijk als logopediste in Oostende.
    Kristel Geers volgde een lerarenopleiding en studeerde daarna klinische psychologie. Zij is lector aan de Hogeschool Vives, Campus Tielt.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      1
      Uw winkelwagen
      Mannen zorgen. Verandering en continuïteit in zorgpatronen
       20,00
      ×