Kleine filosofie van het vrijen
In deze filosofische benadering van de seksuele ervaring introduceertAnn Van Sevenant de term ‘buitenwaarts vrijen’. Daarnaast bespreekt zetraditionele onderwerpen als het ideaal van eenwording of de spiritueledimensie van seksuele liefde, maar ook hedendaagse thema’s als eenzameseks, ontrouw, het geveinsd orgasme en impotentie.
In dit boek vindt de lezer nieuwe invalshoeken voor de problematiekrond de man-vrouw verhouding, seksuele vrijheid, (huwelijks)trouw,menopauze, de mythe van eindeloos genot, de toenadering van degeslachten, seksuele onvrede, enz. Het boek sluit af met voorstellen toteen ‘cultuur van het vrijen’.
Kleine filosofie van het vrijen
In deze filosofische benadering van de seksuele ervaring introduceertAnn Van Sevenant de term ‘buitenwaarts vrijen’. Daarnaast bespreekt zetraditionele onderwerpen als het ideaal van eenwording of de spiritueledimensie van seksuele liefde, maar ook hedendaagse thema’s als eenzameseks, ontrouw, het geveinsd orgasme en impotentie.
In dit boek vindt de lezer nieuwe invalshoeken voor de problematiekrond de man-vrouw verhouding, seksuele vrijheid, (huwelijks)trouw,menopauze, de mythe van eindeloos genot, de toenadering van degeslachten, seksuele onvrede, enz. Het boek sluit af met voorstellen toteen ‘cultuur van het vrijen’.
A pioneer of milieu therapy. The life and work of Maxwell Jones
The book can be considered complementary to another volume published by Garant: ‘DeNieuwe Therapeutische Gemeenschap’ [The New Therapeutic Community] (Broekaertet al.,1996), in which the concept-based therapeutic community for substance abusers isthoroughly elaborated.
This book is intended for students and professionals, from a broad variety of contextsand disciplines, who are interested in (social) psychiatry, (democratic) therapeutic communitiesand milieu therapy.
A pioneer of milieu therapy. The life and work of Maxwell Jones
The book can be considered complementary to another volume published by Garant: ‘DeNieuwe Therapeutische Gemeenschap’ [The New Therapeutic Community] (Broekaertet al.,1996), in which the concept-based therapeutic community for substance abusers isthoroughly elaborated.
This book is intended for students and professionals, from a broad variety of contextsand disciplines, who are interested in (social) psychiatry, (democratic) therapeutic communitiesand milieu therapy.
Kleinschalig genormaliseerd wonen voor mensen met dementie. Het antwoord op 101 vragen
Deze uitgave is een inspiratiebron voor iedereen diemee wil bouwen aan een gediversifieerd woon- enzorglandschap voor ouderen.
Kleinschalig genormaliseerd wonen voor mensen met dementie. Het antwoord op 101 vragen
Deze uitgave is een inspiratiebron voor iedereen diemee wil bouwen aan een gediversifieerd woon- enzorglandschap voor ouderen.
Onderwijsinnovatie: geen verzegelde lippen meer
Deze uitgave is bedoeld voor bestuurders en leidinggevenden in het onderwijs. De auteurs – en de lezers – nemen de tijd voor een moment rust en houden even de adem in. Van de schaduw van de oude innovaties willen ze weg, omdat de prijs van ingevoerde innovaties voor menigeen te hoog was. Immers, een docent of leidinggevende is veel gecompliceerder dan allerlei schematische verklaringen willen en kunnen wijsmaken. Mensen in het onderwijs zie je niet als huizen, bomen en sterren. Professionals eisen vrijheid van meningsuiting als compensatie voor de vrijheid van denken die ze in het verleden node gemist hebben. Hun ervaringen moeten in woorden worden gevangen als een stap naar hun vrijheid.
De auteurs hebben moeite met al de regelneven in het onderwijs en het negatieve mensbeeld waarover zoveel bestuurders en leidinggevenden beschikken. Er ligt helaas soms veel zelfgenoegzaamheid in de overtuiging waarmee beleidsmakers en bestuurders nog steeds oordelen over innovaties uitspreken. Daarom zijn docenten meesters in het zwijgen geworden. Kent men elkaar nog genoeg? Beleidsmakers en bestuurders kleineren zich onnodig als ze geen tegenspraak dulden. Tegenspraak is echter de brandstof van het denken. En: de ander mag er zijn. Als dit niet meer kan in het onderwijs, leidt dit tot het psychisch doden van een mens.
Te veel mensen in het onderwijs worden “ongewild afhankelijk” van anderen. In welke mate mogen en kunnen anderen iemands vrijheid in de innovatie bepalen? Om deze en andere vragen te beantwoorden wordt kracht geput uit het Rijnlandmodel met aandacht voor de kernkwaliteiten van professionals. De ontwikkelde beschrijvingen, onderwijsportretten en loopbaancurven doen de lippen ontsluiten: geen verzegelde lippen meer.
Dolf van den Berg is hoogleraar aan TiasNimbas – Business School, Tilburg University in association with Eindhoven University of Technology. Hij is emeritus hoogleraar onderwijsinnovatie/verandermanagement aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. De medeauteurs zijn collegahoogleraren, leidinggevenden, onderwijsconsulenten en docenten.
Onderwijsinnovatie: geen verzegelde lippen meer
Deze uitgave is bedoeld voor bestuurders en leidinggevenden in het onderwijs. De auteurs – en de lezers – nemen de tijd voor een moment rust en houden even de adem in. Van de schaduw van de oude innovaties willen ze weg, omdat de prijs van ingevoerde innovaties voor menigeen te hoog was. Immers, een docent of leidinggevende is veel gecompliceerder dan allerlei schematische verklaringen willen en kunnen wijsmaken. Mensen in het onderwijs zie je niet als huizen, bomen en sterren. Professionals eisen vrijheid van meningsuiting als compensatie voor de vrijheid van denken die ze in het verleden node gemist hebben. Hun ervaringen moeten in woorden worden gevangen als een stap naar hun vrijheid.
De auteurs hebben moeite met al de regelneven in het onderwijs en het negatieve mensbeeld waarover zoveel bestuurders en leidinggevenden beschikken. Er ligt helaas soms veel zelfgenoegzaamheid in de overtuiging waarmee beleidsmakers en bestuurders nog steeds oordelen over innovaties uitspreken. Daarom zijn docenten meesters in het zwijgen geworden. Kent men elkaar nog genoeg? Beleidsmakers en bestuurders kleineren zich onnodig als ze geen tegenspraak dulden. Tegenspraak is echter de brandstof van het denken. En: de ander mag er zijn. Als dit niet meer kan in het onderwijs, leidt dit tot het psychisch doden van een mens.
Te veel mensen in het onderwijs worden “ongewild afhankelijk” van anderen. In welke mate mogen en kunnen anderen iemands vrijheid in de innovatie bepalen? Om deze en andere vragen te beantwoorden wordt kracht geput uit het Rijnlandmodel met aandacht voor de kernkwaliteiten van professionals. De ontwikkelde beschrijvingen, onderwijsportretten en loopbaancurven doen de lippen ontsluiten: geen verzegelde lippen meer.
Dolf van den Berg is hoogleraar aan TiasNimbas – Business School, Tilburg University in association with Eindhoven University of Technology. Hij is emeritus hoogleraar onderwijsinnovatie/verandermanagement aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. De medeauteurs zijn collegahoogleraren, leidinggevenden, onderwijsconsulenten en docenten.
Handelingsplanning in het basisonderwijs
De auteurs staan naast het systematische en cyclische proces stil bijde verschillende niveaus van handelingsplanning die elkaar voortdurendwederzijds beïnvloeden: het schoolwerkplan, het groepshandelingsplanen het individueel handelingsplan.
De betrokkenheid van leerkrachten, paramedici, psychologisch en pedagogischpersoneel, kinderen en ouders vormen de rode draad indit dynamisch proces. Handelingsplanning is immers meer dan sterielpapierwerk. Het is een manier van werken, ingebed in een ontwikkelings-en teamgericht klimaat.
Handelingsplanning in het basisonderwijs
De auteurs staan naast het systematische en cyclische proces stil bijde verschillende niveaus van handelingsplanning die elkaar voortdurendwederzijds beïnvloeden: het schoolwerkplan, het groepshandelingsplanen het individueel handelingsplan.
De betrokkenheid van leerkrachten, paramedici, psychologisch en pedagogischpersoneel, kinderen en ouders vormen de rode draad indit dynamisch proces. Handelingsplanning is immers meer dan sterielpapierwerk. Het is een manier van werken, ingebed in een ontwikkelings-en teamgericht klimaat.
Sporen naar verandering. Behandeling van seksueel delinquent gedrag
In een eerste deel worden de verschillende therapeutische sporen beschreven aande hand van voorbeelden uit de praktijk. Er is het spoor van de residentiële behandelingen dat van de ambulante behandeling, waarin ook aandacht is voor debehandeling van plegers met een verstandelijke beperking. Het uiteindelijke doelvan de behandeling is de pleger opnieuw in de maatschappij te plaatsen. In eentweede deel komen alle aspecten van dit proces aan bod, van het optimaliserenvan de veiligheid van de maatschappij tot het zoeken naar een zinvolle en positieveinvulling van de toekomst van een pleger. In een laatste deel wordt aandacht besteedaan de behandelaars van seksuele delinquenten. Het dagelijks omgaan metdeze doelgroep heeft immers ook een impact op de individuele hulpverlener en opeen team.
In een maatschappij waar de discussie rond plegers steeds weer hoog oplaait,schetst dit boek een meer genuanceerd en realistisch beeld van deze mensen enwat van een behandeling kan worden verwacht.
Sporen naar verandering. Behandeling van seksueel delinquent gedrag
In een eerste deel worden de verschillende therapeutische sporen beschreven aande hand van voorbeelden uit de praktijk. Er is het spoor van de residentiële behandelingen dat van de ambulante behandeling, waarin ook aandacht is voor debehandeling van plegers met een verstandelijke beperking. Het uiteindelijke doelvan de behandeling is de pleger opnieuw in de maatschappij te plaatsen. In eentweede deel komen alle aspecten van dit proces aan bod, van het optimaliserenvan de veiligheid van de maatschappij tot het zoeken naar een zinvolle en positieveinvulling van de toekomst van een pleger. In een laatste deel wordt aandacht besteedaan de behandelaars van seksuele delinquenten. Het dagelijks omgaan metdeze doelgroep heeft immers ook een impact op de individuele hulpverlener en opeen team.
In een maatschappij waar de discussie rond plegers steeds weer hoog oplaait,schetst dit boek een meer genuanceerd en realistisch beeld van deze mensen enwat van een behandeling kan worden verwacht.
Zwart op wit. De intrede van allochtonen op de arbeidsmarkt
Hoe komt het dat werkgevers de openstaande vacatures niet kunnen of willenopvullen met allochtone jongeren? Waarom vinden allochtonen minder vlot deweg naar een stabiele baan?
Dit boek brengt de arbeidsmarktintrede van allochtone jongeren in kaart engaat na in welke mate de beroepspositie beïnvloed wordt door toegeschreven(etnische en sociale achtergrond en geslacht) en verworven kenmerken (onderwijsniveauen onderwijsresultaat). Dit gebeurt door allochtone en autochtonejongeren systematisch met elkaar te vergelijken op basis van een grootschaligepeiling bij 9.000 Vlaamse jongeren die uitgevoerd werd door de interuniversitaireonderzoeksgroep SONAR – Studiegroep van ONderwijs naar ARbeidsmarkt.
Dit onderzoek sluit aan bij het eerder verschenen onderzoek Wit krijt schrijftbeter: Schoolloopbanen van allochtone jongeren in beeld. Daarin bleek de problematischeachterstand van allochtonen in het Vlaamse onderwijs. In dit boek wordtnagegaan in welke mate die onderwijsachterstand de directe oorzaak is voor deachterstand van allochtonen op de arbeidsmarkt. Of zijn er andere factoren diede kansen van allochtonen beïnvloeden?
Zie ook de andere delen in dit onderzoek naar de onderwijs- en arbeidsloopbanen van allochtonen in Vlaanderen:
Zwart op wit. De intrede van allochtonen op de arbeidsmarkt
Hoe komt het dat werkgevers de openstaande vacatures niet kunnen of willenopvullen met allochtone jongeren? Waarom vinden allochtonen minder vlot deweg naar een stabiele baan?
Dit boek brengt de arbeidsmarktintrede van allochtone jongeren in kaart engaat na in welke mate de beroepspositie beïnvloed wordt door toegeschreven(etnische en sociale achtergrond en geslacht) en verworven kenmerken (onderwijsniveauen onderwijsresultaat). Dit gebeurt door allochtone en autochtonejongeren systematisch met elkaar te vergelijken op basis van een grootschaligepeiling bij 9.000 Vlaamse jongeren die uitgevoerd werd door de interuniversitaireonderzoeksgroep SONAR – Studiegroep van ONderwijs naar ARbeidsmarkt.
Dit onderzoek sluit aan bij het eerder verschenen onderzoek Wit krijt schrijftbeter: Schoolloopbanen van allochtone jongeren in beeld. Daarin bleek de problematischeachterstand van allochtonen in het Vlaamse onderwijs. In dit boek wordtnagegaan in welke mate die onderwijsachterstand de directe oorzaak is voor deachterstand van allochtonen op de arbeidsmarkt. Of zijn er andere factoren diede kansen van allochtonen beïnvloeden?
Zie ook de andere delen in dit onderzoek naar de onderwijs- en arbeidsloopbanen van allochtonen in Vlaanderen:
De leerwerkplaats handelingsgericht werken om competent te blijven. Een balans in diagnostiek en begeleiding – LEOZ Deelproject 9
De context en positionering van de leerwerkplaats enhet handelingsgericht werken waren hierbij de belangrijksteuitgangspunten. Bij professionalisering middelseen leerwerkplaats diagnostiek en begeleiding werdenvier spanningsvelden onderscheiden: handelingsgerichtwerken en handelingsgerichte diagnostiek, praktijknabijen praktijkveraf, programma- en vraaggericht, opleidenen zakelijke dienstverlening. Ook de ontwikkelingen vanpassend onderwijs en inclusie vragen om een herbezinningvan de veranderende rol van de opleider. Zonderpraktijkleren is het onmogelijk om bij te dragen aan deonderwijsvraagstukken uit het veld en om bij te blijven inde nieuwe ontwikkelingen.
Deze uitgave maakt deel uit van een project van LEOZ– Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg, een initiatiefvan WOSO – Werkverband Opleidingen SpeciaalOnderwijs.
De leerwerkplaats handelingsgericht werken om competent te blijven. Een balans in diagnostiek en begeleiding – LEOZ Deelproject 9
De context en positionering van de leerwerkplaats enhet handelingsgericht werken waren hierbij de belangrijksteuitgangspunten. Bij professionalisering middelseen leerwerkplaats diagnostiek en begeleiding werdenvier spanningsvelden onderscheiden: handelingsgerichtwerken en handelingsgerichte diagnostiek, praktijknabijen praktijkveraf, programma- en vraaggericht, opleidenen zakelijke dienstverlening. Ook de ontwikkelingen vanpassend onderwijs en inclusie vragen om een herbezinningvan de veranderende rol van de opleider. Zonderpraktijkleren is het onmogelijk om bij te dragen aan deonderwijsvraagstukken uit het veld en om bij te blijven inde nieuwe ontwikkelingen.
Deze uitgave maakt deel uit van een project van LEOZ– Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg, een initiatiefvan WOSO – Werkverband Opleidingen SpeciaalOnderwijs.
Spelenderwijs wijzer worden. Spel, speelgoed en het opgroeiende kind
De auteur denkt daar anders over. Het spel vormt volgens hem één van de beste – zo niet de beste – vorm van leren voor het leven. Het zorgt voor een vlotte kennismaking met de wereld rondom, het stimuleert creativiteit en zelfredzaamheid, en het is bovendien een belangrijke motor van de sociale interactie; allerlei vaardigheden die in het latere leven van pas komen. Spelen is echter ook niet vrijblijvend. Het is iets dat door ouders, opvoeders en de schoolomgeving op de juiste wijze gestimuleerd dient te worden. Daarom worden hier ook duidelijke richtlijnen aangereikt, die iedereen in staat stellen om de heilzaamheid van het spelen voor de ontwikkeling van het kind te optimaliseren.
Roel de Groot, orthopedagoog, was verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij is voorzitter van de Nationale Speelraad en hoofdredacteur van Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Spelenderwijs wijzer worden. Spel, speelgoed en het opgroeiende kind
De auteur denkt daar anders over. Het spel vormt volgens hem één van de beste – zo niet de beste – vorm van leren voor het leven. Het zorgt voor een vlotte kennismaking met de wereld rondom, het stimuleert creativiteit en zelfredzaamheid, en het is bovendien een belangrijke motor van de sociale interactie; allerlei vaardigheden die in het latere leven van pas komen. Spelen is echter ook niet vrijblijvend. Het is iets dat door ouders, opvoeders en de schoolomgeving op de juiste wijze gestimuleerd dient te worden. Daarom worden hier ook duidelijke richtlijnen aangereikt, die iedereen in staat stellen om de heilzaamheid van het spelen voor de ontwikkeling van het kind te optimaliseren.
Roel de Groot, orthopedagoog, was verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij is voorzitter van de Nationale Speelraad en hoofdredacteur van Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Behoud van talent (Nivoz-Thema’s, deel 3)
Om deze en andere vragen draait het in Behoud van Talent. In ditboek, dat de weerslag is van het NIVOZ-programma Talent, Beleiden Economie, is het woord aan zes vooraanstaande sprekers, diezich bewegen op het snijvlak van onderwijs en samenleving.
Onze kinderen, maar ook wijzelf in ons streven naar ‘een levenlang leren’, verdienen leraren en mentoren die ons stimulerenonze persoonlijke talenten te ontwikkelen. Juist door mensen nietover één kam te scheren en talent op te vatten als een breed begrip,schept onderwijs mogelijkheden voor groei, voor emancipatie,voor gelijkwaardigheid, voor een duurzame samenleving. Eenboek voor iedereen die van leren houdt.
Behoud van talent (Nivoz-Thema’s, deel 3)
Om deze en andere vragen draait het in Behoud van Talent. In ditboek, dat de weerslag is van het NIVOZ-programma Talent, Beleiden Economie, is het woord aan zes vooraanstaande sprekers, diezich bewegen op het snijvlak van onderwijs en samenleving.
Onze kinderen, maar ook wijzelf in ons streven naar ‘een levenlang leren’, verdienen leraren en mentoren die ons stimulerenonze persoonlijke talenten te ontwikkelen. Juist door mensen nietover één kam te scheren en talent op te vatten als een breed begrip,schept onderwijs mogelijkheden voor groei, voor emancipatie,voor gelijkwaardigheid, voor een duurzame samenleving. Eenboek voor iedereen die van leren houdt.
Exploring quality assurance for interprofessional education in health and social care
Exploring quality assurance for interprofessional education in health and social care
De gemotiveerde leerling (Nivoz-Serie, nr. 4)
Een leraar vertelde ons: “Mijn leerlingen zijn vaak niet gemotiveerd. Ik krijg er geen vatop.” Is motivatie inderdaad zo’n black box? Allerminst, zoals blijkt uit dit vierde deel in deNIVOZ-reeks. In de afgelopen decennia is veel onderzoek verricht, dat ons helpt motivatieen demotivatie bij kinderen te verklaren. Maar ook de leerlingen zelf kunnen ons veelvertellen over wat het onderwijs hen moet bieden om motivatie vast te kunnen houdenen uit te bouwen. De gemotiveerde leerling verbindt wetenschappelijke beschouwingen metervaringen in de klas.
Volg NIVOZ op een reis langs internationaal onderzoek, Nederlandse schoolvoorbeeldenen onderwijs op het witte doek. Dit is een boek over intrinsieke motivatie, over flow enover de natuurlijke behoefte van ieder mens om te leren.
De gemotiveerde leerling (Nivoz-Serie, nr. 4)
Een leraar vertelde ons: “Mijn leerlingen zijn vaak niet gemotiveerd. Ik krijg er geen vatop.” Is motivatie inderdaad zo’n black box? Allerminst, zoals blijkt uit dit vierde deel in deNIVOZ-reeks. In de afgelopen decennia is veel onderzoek verricht, dat ons helpt motivatieen demotivatie bij kinderen te verklaren. Maar ook de leerlingen zelf kunnen ons veelvertellen over wat het onderwijs hen moet bieden om motivatie vast te kunnen houdenen uit te bouwen. De gemotiveerde leerling verbindt wetenschappelijke beschouwingen metervaringen in de klas.
Volg NIVOZ op een reis langs internationaal onderzoek, Nederlandse schoolvoorbeeldenen onderwijs op het witte doek. Dit is een boek over intrinsieke motivatie, over flow enover de natuurlijke behoefte van ieder mens om te leren.
