Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vessel-source pollution and coastal state jurisdiction in the South-eastern Baltic Sea

 48,00

coupons for cialis

prescription drugs coupons
Het VN-Zeerechtverdrag van 1982 is op 16 november 1994 in werking getreden. Thans zijn 134 staten en 1 internationale organisatie, de Europese Gemeenschap, partij bij dit verdrag. Deel XII van het VN-Zeerechtverdrag is volledig gewijd aan de bescherming en instandhouding van het mariene milieu. In dit boek wordt ingegaan op één aspect van deze problematiek, namelijk de mariene vervuiling door schepen. Met name wordt nagegaan hoe de statenpraktijk zich terzake heeft ontwikkeld. Daarbij wordt vooral aandacht besteed aan de situatie in de Oostelijke Baltische Zee. The 1982 United Nations Convention on the Law of the Sea entered into force on 16 November 1994. To date, 134 States and one international organization, i.e. the European Community, have become contracting parties. It therefore appeared useful to attempt to take stock on how state practice on vessel-source pollution has developed in the 18 years since the signature of the Convention.

Quick View

Vessel-source pollution and coastal state jurisdiction in the South-eastern Baltic Sea

 48,00

coupons for cialis

prescription drugs coupons
Het VN-Zeerechtverdrag van 1982 is op 16 november 1994 in werking getreden. Thans zijn 134 staten en 1 internationale organisatie, de Europese Gemeenschap, partij bij dit verdrag. Deel XII van het VN-Zeerechtverdrag is volledig gewijd aan de bescherming en instandhouding van het mariene milieu. In dit boek wordt ingegaan op één aspect van deze problematiek, namelijk de mariene vervuiling door schepen. Met name wordt nagegaan hoe de statenpraktijk zich terzake heeft ontwikkeld. Daarbij wordt vooral aandacht besteed aan de situatie in de Oostelijke Baltische Zee. The 1982 United Nations Convention on the Law of the Sea entered into force on 16 November 1994. To date, 134 States and one international organization, i.e. the European Community, have become contracting parties. It therefore appeared useful to attempt to take stock on how state practice on vessel-source pollution has developed in the 18 years since the signature of the Convention.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Loon naar Belgisch arbeidsovereenkomstenrecht. Rechtspositie, recht op loon, loonbegrip

 250,00
Bekroond met de Fernand Collin-prijs. Dit unieke boek, het resultaat van vier jaar doctoraatsonderzoek, is het eerste en tegelijk ultieme standaardwerk over hèt centrale thema van het arbeidsrecht en de arbeidsverhouding: de loonproblematiek. Met ongekende grondigheid onderzoekt de auteur zowel de rechtspositie van loon, het recht op loon als het begrip loon. Zijn haarscherpe analyses doorgronden elk probleem, schuwen geen enkel heilig huisje en geven telkens weer verrassende en innoverende oplossingen. De loonproblematiek zal na dit boek nooit meer dezelfde zijn. Loon naar Belgische arbeidsovereenkomstenrecht handelt over veel meer dan de loonproblematiek. De vele vertakkingen van de loonproblematiek in het arbeidsrecht en daarbuiten ontsnappen niet aan een kritische en vernieuwende bespreking. Bijzondere aandacht gaat onder meer naar ontslagrecht, verbintenissenrecht, giften, aansprakelijkheidsrecht en vennootschapsrecht. Ook voor wie met deze rechtsdomeinen begaan is, biedt dit boek een haast onuitputtelijke bron van informatie en inspiratie. Het geheel is overzichtelijk gestructureerd in tien titels.Toegankelijkheid en hanteerbaarheid zijn maximaal dankzij talrijke kruisverwijzingen, een exhaustief register op cassatierechtspraak en een zeer uitvoerig zaakregister.

Placeholder Image
Quick View

Loon naar Belgisch arbeidsovereenkomstenrecht. Rechtspositie, recht op loon, loonbegrip

 250,00
Bekroond met de Fernand Collin-prijs. Dit unieke boek, het resultaat van vier jaar doctoraatsonderzoek, is het eerste en tegelijk ultieme standaardwerk over hèt centrale thema van het arbeidsrecht en de arbeidsverhouding: de loonproblematiek. Met ongekende grondigheid onderzoekt de auteur zowel de rechtspositie van loon, het recht op loon als het begrip loon. Zijn haarscherpe analyses doorgronden elk probleem, schuwen geen enkel heilig huisje en geven telkens weer verrassende en innoverende oplossingen. De loonproblematiek zal na dit boek nooit meer dezelfde zijn. Loon naar Belgische arbeidsovereenkomstenrecht handelt over veel meer dan de loonproblematiek. De vele vertakkingen van de loonproblematiek in het arbeidsrecht en daarbuiten ontsnappen niet aan een kritische en vernieuwende bespreking. Bijzondere aandacht gaat onder meer naar ontslagrecht, verbintenissenrecht, giften, aansprakelijkheidsrecht en vennootschapsrecht. Ook voor wie met deze rechtsdomeinen begaan is, biedt dit boek een haast onuitputtelijke bron van informatie en inspiratie. Het geheel is overzichtelijk gestructureerd in tien titels.Toegankelijkheid en hanteerbaarheid zijn maximaal dankzij talrijke kruisverwijzingen, een exhaustief register op cassatierechtspraak en een zeer uitvoerig zaakregister.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Aandelen en echtscheiding (Hardcover)

 130,00

prednisolon tabletta

prednisolon lasertech.com
Huwen is van alle tijden. Ruzie maken ook. Het aangaan van een huwelijk evenals het verbreken ervan door echtscheiding heeft ingrijpende gevolgen voor het leven van de echtgenoten. Het vennootschapsleven waarin één of beide echtgenoten zijn betrokken, is één van de vele aspecten die door deze gebeurtenissen kan worden beïnvloed. In het eerste deel bespreekt de auteur de juridische situatie van echtgenoten die bij vennootschappen zijn betrokken en tussen wie nog een goede verstandhouding heerst. Het vermogensrechtelijk statuut van de aandelen vormt daarbij een heel belangrijk gegeven, alsook het bestuur van de eigen, onverdeelde of gemeenschappelijke aandelen. In het tweede deel wordt dezelfde vraag naar de juridische situatie van de echtgenoot-vennoot in een ander licht geplaatst: er wordt nu uitgegaan van een aantal problemen die zich kunnen stellen bij een verziekte echtelijke relatie. Vaak bestaan die erin dat een echtgenoot aandelen ''in veiligheid brengt'' of zelfs spoorloos laat verdwijnen. Naargelang de omstandigheden worden de verschillende verweermiddelen van de andere echtgenoot onderzocht, waarbij telkens wordt gepeild naar de vooren nadelen van het verweermiddel. Een ander manoeuvre kan erin bestaan ervoor te zorgen dat een echtgenoot niet langer als vennoot in de vennootschap kan functioneren. In het boek wordt uitgebreid stilgestaan bij de meest adequate oplossingen die voor dit type van manoeuvre kunnen worden aangewend. In het derde deel bekijkt de auteur de gevolgen van het uitspreken van de echtscheiding voor de aandelen van de (ex-)echtgenoten. Hun goederen, waaronder de aandelen, dienen een nieuwe bestemming te krijgen. Het zijn vooral de lotgevallen van de aandelen in de procedure van de vereffening en verdeling die in dit boek aan bod komen. Voor de bespreking wordt uitgegaan van de vier grote bewerkingen van een vereffening en verdeling, waarbij voor elke bewerking aandacht besteed wordt aan de specifieke problemen omtrent aandelen.

Quick View

Aandelen en echtscheiding (Hardcover)

 130,00

prednisolon tabletta

prednisolon lasertech.com
Huwen is van alle tijden. Ruzie maken ook. Het aangaan van een huwelijk evenals het verbreken ervan door echtscheiding heeft ingrijpende gevolgen voor het leven van de echtgenoten. Het vennootschapsleven waarin één of beide echtgenoten zijn betrokken, is één van de vele aspecten die door deze gebeurtenissen kan worden beïnvloed. In het eerste deel bespreekt de auteur de juridische situatie van echtgenoten die bij vennootschappen zijn betrokken en tussen wie nog een goede verstandhouding heerst. Het vermogensrechtelijk statuut van de aandelen vormt daarbij een heel belangrijk gegeven, alsook het bestuur van de eigen, onverdeelde of gemeenschappelijke aandelen. In het tweede deel wordt dezelfde vraag naar de juridische situatie van de echtgenoot-vennoot in een ander licht geplaatst: er wordt nu uitgegaan van een aantal problemen die zich kunnen stellen bij een verziekte echtelijke relatie. Vaak bestaan die erin dat een echtgenoot aandelen ''in veiligheid brengt'' of zelfs spoorloos laat verdwijnen. Naargelang de omstandigheden worden de verschillende verweermiddelen van de andere echtgenoot onderzocht, waarbij telkens wordt gepeild naar de vooren nadelen van het verweermiddel. Een ander manoeuvre kan erin bestaan ervoor te zorgen dat een echtgenoot niet langer als vennoot in de vennootschap kan functioneren. In het boek wordt uitgebreid stilgestaan bij de meest adequate oplossingen die voor dit type van manoeuvre kunnen worden aangewend. In het derde deel bekijkt de auteur de gevolgen van het uitspreken van de echtscheiding voor de aandelen van de (ex-)echtgenoten. Hun goederen, waaronder de aandelen, dienen een nieuwe bestemming te krijgen. Het zijn vooral de lotgevallen van de aandelen in de procedure van de vereffening en verdeling die in dit boek aan bod komen. Voor de bespreking wordt uitgegaan van de vier grote bewerkingen van een vereffening en verdeling, waarbij voor elke bewerking aandacht besteed wordt aan de specifieke problemen omtrent aandelen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Sterktes van mensen. Sterktegerichte strategieën voor het ondersteunen van mensen met een psychiatrische problematiek die strafbare feiten pleegden.

 25,70

De aanwijzingen nemen steeds meer toe: sterktegericht werken met mensen met een psychiatrische problematiek die strafbare feiten pleegden levert positieve resultaten op. Dit boek bundelt de beschikbare kennis en reikt handvatten aan om met deze aanpak in de praktijk aan de slag te gaan.

Het bevat twee bijdragen van internationale experts: Fergus McNeill (University of Glasgow, UK) en Tony Ward (Victoria University of Wellington, New Zealand) beschrijven de achtergronden en internationale toepassingen van het sterktegericht paradigma.
Vijf hoofdstukken geven daarnaast de eerste resultaten weer van een interdisciplinaire studie van de Universiteit Gent naar sterktegerichte multidisciplinaire richtlijnen, aanbevelingen en strategieën voor deze doelgroep, en samen met de doelgroep.

Hulpverleners, advocaten, magistraten, beleidsmakers en ervaringsdeskundigen zullen ongetwijfeld inspiratie vinden in deze uitgave.

GPRC - Guaranteed Peer Reviewed Content



Geen voorraad
Quick View

Sterktes van mensen. Sterktegerichte strategieën voor het ondersteunen van mensen met een psychiatrische problematiek die strafbare feiten pleegden.

 25,70

De aanwijzingen nemen steeds meer toe: sterktegericht werken met mensen met een psychiatrische problematiek die strafbare feiten pleegden levert positieve resultaten op. Dit boek bundelt de beschikbare kennis en reikt handvatten aan om met deze aanpak in de praktijk aan de slag te gaan.

Het bevat twee bijdragen van internationale experts: Fergus McNeill (University of Glasgow, UK) en Tony Ward (Victoria University of Wellington, New Zealand) beschrijven de achtergronden en internationale toepassingen van het sterktegericht paradigma.
Vijf hoofdstukken geven daarnaast de eerste resultaten weer van een interdisciplinaire studie van de Universiteit Gent naar sterktegerichte multidisciplinaire richtlijnen, aanbevelingen en strategieën voor deze doelgroep, en samen met de doelgroep.

Hulpverleners, advocaten, magistraten, beleidsmakers en ervaringsdeskundigen zullen ongetwijfeld inspiratie vinden in deze uitgave.

GPRC - Guaranteed Peer Reviewed Content



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

European Journal of Policing Studies – Jaargang 3/2 (2015) (ISSN 2034-760x) – Special issue Policing, Boundaries and the State

 40,70

Subscription details

Contents:

Introduction
A. Verhage, L. Bisschop, W. Hardyns & D. Boels

Articles

Policing, Boundaries and the State: The Changing Landscape of Sovereignty and Security. Introduction to the Edition
C. Giacomantonio (1) & H.O.I. Gundhus (2)

(1) Analyst at RAND Europe, a not-for-profit policy research institution based in Cambridge, UK and Brussels, BE.
(2) Professor at Norwegian Police University College, Research Department.

Talking to the Man. Some Gendered Reflections on the Relationship Between the Global System and Policing Subculture(s)
B. Bowling (1) & J. Sheptycki (2)

Abstract
This paper reflects on the interplay between the transnational subculture of policing and the subculture of transnational policing and pays particular attention to the encoding of masculine tropes within them. It uses the culture/subculture distinction to illuminate how gendered masculine identities help to mediate the relationship between the broader culture of control and the occupational subculture(s) of policing. The paper is part of an attempt to theorize global policing as a synecdoche of the global system, an idea that is fundamentally challenging to our ideas about the boundaries of the state. In this paper we draw attention to the specifically ‘masculinist’ nature of the discourse concerning global policing practice, which is often essentialized in dyadic terms; in extremis, in terms of chivalrous knights and rapacious Bluebeards. The paper looks at the militarization of US policing and briefly explores the global terrain of public order policing in the contemporary period, again drawing attention to the masculine tropes that pervade the scene. The paper endeavors to show how the prevalence of problematic masculine role-types in the enactment policing subculture(s) affects the global system.

Keywords: transnational policing; subculture(s); masculinity; global policing; militarization of policing

(1) Deputy Dean of The Dickson Poon School of Law.
(2) Professor of Criminology at the Faculty of Liberal Arts and Professional Studies York University Toronto, Canada.

Justifications and State Actions. EU Police Cooperation, Schengen Borders and Norwegian Sovereignty
S. Ugelvik (1)

Abstract
Building on an assessment of Norwegian policy documents from 1994 to 2012, this article provides a critical analysis of the process leading up to the Norwegian agreements with EU, primarily those concerning police cooperation. The purpose is to discuss the Norwegian Government’s justifications for entering into the agreements throughout this period. The Norwegian Government firstly argued that the pertinent agreements were imperative to maintain the free travel-arrangements already existing between the Nordic countries. This justification was shortly after moderated, and had a few years later disappeared completely. It was replaced by a former secondary argument; the pressing need for enhanced police cooperation. This article presents some of the changes the EU agreements involved for the Norwegian police. It shows a discrepancy between the policiary needs and purposes as these were presented fluctuating throughout a relatively short period of time. Further, it reveals the lack of debate concerning what may be seen as fundamental changes in the way a sovereign nation state interacts with other states and their citizens. The article discusses what it may imply when justifications turn out to be flawed due to weak foundational premises, or because of later developments, but are still repeated or circumvented, or even used tautologically, to promote a certain outcome. It finds that this may

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

European Journal of Policing Studies – Jaargang 3/2 (2015) (ISSN 2034-760x) – Special issue Policing, Boundaries and the State

 40,70

Subscription details

Contents:

Introduction
A. Verhage, L. Bisschop, W. Hardyns & D. Boels

Articles

Policing, Boundaries and the State: The Changing Landscape of Sovereignty and Security. Introduction to the Edition
C. Giacomantonio (1) & H.O.I. Gundhus (2)

(1) Analyst at RAND Europe, a not-for-profit policy research institution based in Cambridge, UK and Brussels, BE.
(2) Professor at Norwegian Police University College, Research Department.

Talking to the Man. Some Gendered Reflections on the Relationship Between the Global System and Policing Subculture(s)
B. Bowling (1) & J. Sheptycki (2)

Abstract
This paper reflects on the interplay between the transnational subculture of policing and the subculture of transnational policing and pays particular attention to the encoding of masculine tropes within them. It uses the culture/subculture distinction to illuminate how gendered masculine identities help to mediate the relationship between the broader culture of control and the occupational subculture(s) of policing. The paper is part of an attempt to theorize global policing as a synecdoche of the global system, an idea that is fundamentally challenging to our ideas about the boundaries of the state. In this paper we draw attention to the specifically ‘masculinist’ nature of the discourse concerning global policing practice, which is often essentialized in dyadic terms; in extremis, in terms of chivalrous knights and rapacious Bluebeards. The paper looks at the militarization of US policing and briefly explores the global terrain of public order policing in the contemporary period, again drawing attention to the masculine tropes that pervade the scene. The paper endeavors to show how the prevalence of problematic masculine role-types in the enactment policing subculture(s) affects the global system.

Keywords: transnational policing; subculture(s); masculinity; global policing; militarization of policing

(1) Deputy Dean of The Dickson Poon School of Law.
(2) Professor of Criminology at the Faculty of Liberal Arts and Professional Studies York University Toronto, Canada.

Justifications and State Actions. EU Police Cooperation, Schengen Borders and Norwegian Sovereignty
S. Ugelvik (1)

Abstract
Building on an assessment of Norwegian policy documents from 1994 to 2012, this article provides a critical analysis of the process leading up to the Norwegian agreements with EU, primarily those concerning police cooperation. The purpose is to discuss the Norwegian Government’s justifications for entering into the agreements throughout this period. The Norwegian Government firstly argued that the pertinent agreements were imperative to maintain the free travel-arrangements already existing between the Nordic countries. This justification was shortly after moderated, and had a few years later disappeared completely. It was replaced by a former secondary argument; the pressing need for enhanced police cooperation. This article presents some of the changes the EU agreements involved for the Norwegian police. It shows a discrepancy between the policiary needs and purposes as these were presented fluctuating throughout a relatively short period of time. Further, it reveals the lack of debate concerning what may be seen as fundamental changes in the way a sovereign nation state interacts with other states and their citizens. The article discusses what it may imply when justifications turn out to be flawed due to weak foundational premises, or because of later developments, but are still repeated or circumvented, or even used tautologically, to promote a certain outcome. It finds that this may

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

International Investment Arbitration. A Practical Handbook

 87,40

Investment Arbitration is a multi-billion dollar venture. It is an area of international dispute resolution, which has undergone tremendous growth in recent years and resulted in the signature of thousands of Bilateral Investment Treaties (BITs) between foreign states and several Multilateral Investment Treaties (MITs). Numerous disputes involving these instruments are resolved through international arbitration. Arbitral tribunals have rendered many awards ordering the payment of large sums of money.

This handbook provides an explanatory introduction into the area of investment arbitration, differentiating it from commercial arbitration and state-to-state arbitration. It examines the legal framework and the general course of an international investment arbitration. In particular, it focuses on the standards of protection in international investment agreements, the concept of jurisdiction in international investment arbitration and the arbitral award, including the notions of recognition, enforcement and execution. Moreover, this cutting-edge publication contains relevant and recent case law in the area and deals with contemporaneous issues such as the ongoing controversy regarding the future of Intra-EU BITs and Free Trade Agreements as well as the link between vulture funds and investment arbitration.

The handbook aims at arbitrators, lawyers, practitioners, academics, students and everyone with an interest in international investment arbitration.



It is written by Johan Billiet in collaboration with Maria Elenora Benini, Cari-Dee Le, Amélie Noilhac and Cecile Oosterveen.

Quick View

International Investment Arbitration. A Practical Handbook

 87,40

Investment Arbitration is a multi-billion dollar venture. It is an area of international dispute resolution, which has undergone tremendous growth in recent years and resulted in the signature of thousands of Bilateral Investment Treaties (BITs) between foreign states and several Multilateral Investment Treaties (MITs). Numerous disputes involving these instruments are resolved through international arbitration. Arbitral tribunals have rendered many awards ordering the payment of large sums of money.

This handbook provides an explanatory introduction into the area of investment arbitration, differentiating it from commercial arbitration and state-to-state arbitration. It examines the legal framework and the general course of an international investment arbitration. In particular, it focuses on the standards of protection in international investment agreements, the concept of jurisdiction in international investment arbitration and the arbitral award, including the notions of recognition, enforcement and execution. Moreover, this cutting-edge publication contains relevant and recent case law in the area and deals with contemporaneous issues such as the ongoing controversy regarding the future of Intra-EU BITs and Free Trade Agreements as well as the link between vulture funds and investment arbitration.

The handbook aims at arbitrators, lawyers, practitioners, academics, students and everyone with an interest in international investment arbitration.



It is written by Johan Billiet in collaboration with Maria Elenora Benini, Cari-Dee Le, Amélie Noilhac and Cecile Oosterveen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

1915-2015: Het verhaal van de Belgische Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst

 92,60
De Militaire Veiligheid viert haar honderdste verjaardag. Het jubileum van deze organisatie, de voorloper van de huidige Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), is de aanleiding geweest voor een tentoonstelling en de publicatie van dit bijzondere boek, het allereerste dat ooit aan deze organisatie gewijd werd. Expositie en boek samen geven een unieke kijk op de mijlpalen in haar bestaan. Opdrachten, organisatie en werking worden toegelicht evenals de uitdagingen waarmee zij vandaag geconfronteerd wordt in een toenemend mondiale samenleving. Niet alleen de knowhow van de Dienst wordt ontsloten maar ook de resultaten die hij heeft geboekt. Bepaalde vergissingen uit het verleden worden niet uit de weg gegaan. Tot slot worden sommige hardnekkige mythes over inlichtingen en spionage uit de wereld geholpen. Dit boek en de tentoonstelling “Classified” nodigen uiteindelijk ook uit om na te denken over de ethische vragen die een per definitie discrete organisatie opwekt.

À l’occasion du centenaire de la Sûreté Militaire, organisme précurseur de ce que nous connaissons aujourd’hui comme le Service Général du Renseignement et de la Sécurité (SGRS), cet ouvrage particulier lui a été consacré, une première dans son histoire, mais aussi une exposition rétrospective. L’exposition ambitionne de faire découvrir au grand public les principaux jalons de l’ histoire du Service (missions, organisation et fonctionnement) et les défis actuels auxquels il est confronté, dans un environnement de plus en plus mondialisé. Tant le livre que l’exposition ont été envisagés comme une opportunité de mettre en valeur le savoir-faire du Service et les résultats engrangés. Une analyse de certaines erreurs qui ont été commises dans l’histoire ne manque pas. Quelques mythes tenaces, sur le renseignement et l’espionnage ont également été déconstruits. Ce livre, et l’exposition « Classified » invitent lecteur et visiteur à réfléchir aux questions éthiques qui accompagnent l’existence d’un organisme nécessairement discret.

Quick View

1915-2015: Het verhaal van de Belgische Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst

 92,60
De Militaire Veiligheid viert haar honderdste verjaardag. Het jubileum van deze organisatie, de voorloper van de huidige Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), is de aanleiding geweest voor een tentoonstelling en de publicatie van dit bijzondere boek, het allereerste dat ooit aan deze organisatie gewijd werd. Expositie en boek samen geven een unieke kijk op de mijlpalen in haar bestaan. Opdrachten, organisatie en werking worden toegelicht evenals de uitdagingen waarmee zij vandaag geconfronteerd wordt in een toenemend mondiale samenleving. Niet alleen de knowhow van de Dienst wordt ontsloten maar ook de resultaten die hij heeft geboekt. Bepaalde vergissingen uit het verleden worden niet uit de weg gegaan. Tot slot worden sommige hardnekkige mythes over inlichtingen en spionage uit de wereld geholpen. Dit boek en de tentoonstelling “Classified” nodigen uiteindelijk ook uit om na te denken over de ethische vragen die een per definitie discrete organisatie opwekt.

À l’occasion du centenaire de la Sûreté Militaire, organisme précurseur de ce que nous connaissons aujourd’hui comme le Service Général du Renseignement et de la Sécurité (SGRS), cet ouvrage particulier lui a été consacré, une première dans son histoire, mais aussi une exposition rétrospective. L’exposition ambitionne de faire découvrir au grand public les principaux jalons de l’ histoire du Service (missions, organisation et fonctionnement) et les défis actuels auxquels il est confronté, dans un environnement de plus en plus mondialisé. Tant le livre que l’exposition ont été envisagés comme une opportunité de mettre en valeur le savoir-faire du Service et les résultats engrangés. Une analyse de certaines erreurs qui ont été commises dans l’histoire ne manque pas. Quelques mythes tenaces, sur le renseignement et l’espionnage ont également été déconstruits. Ce livre, et l’exposition « Classified » invitent lecteur et visiteur à réfléchir aux questions éthiques qui accompagnent l’existence d’un organisme nécessairement discret.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

IPR, Proces & Arbitrage: Over grondslagen en rechtspraktijk (Handelsversie)

 66,40

Dit boek bespreekt de grondslagen van het conflictenrecht alsmede de wijze waarop het conflictenrecht en het vreemde recht worden behandeld in gerechtelijke en arbitrale procedures.

De eerste hoofdstukken gaan in op de historische ontwikkeling van het conflictenrecht en zijn moderne grondslagen. Daarbij wordt onder meer uiteengezet op welke wijze het internationale recht (inclusief mensenrechten en investeringsverdragen) alsook het communautaire recht invloed kunnen uitoefenen op het conflictenrecht en het resultaat van de verwijzing.

De volgende hoofdstukken gaan na hoe de grondslagen van het conflictenrecht zich vertalen naar de praktijk. Daartoe onderzoekt de auteur hoe het conflictenrecht wordt behandeld in procedures bij de rechtbanken, de gerechtshoven en de Hoge Raad en hoe het procesrecht ingrijpt op die behandeling. In dat verband blijkt dat de processuele behandeling van het conflictenrecht per instantie verschilt en dat van een volledig ambtshalve conflictenrecht geen sprake is.

Vervolgens komt aan bod wat de positie is van het vreemde recht in procedures bij de rechtbanken, de gerechtshoven en de Hoge Raad, hoe de inhoud van het vreemde recht moet worden vastgesteld en wat er dient te geschieden als dat niet lukt binnen een bekwame termijn. Ook besteedt de auteur aandacht aan de conflictenrechtelijke belangeneis en het facultatief conflictenrecht.

Tot slot wordt ingegaan op de wijze waarop het conflictenrecht een rol speelt in arbitrage. In dat verband bespreekt de auteur op welke wijze het toepasselijke recht moet worden bepaald inzake de arbitrabiliteit, de bevoegd- en bekwaamheid van partijen, de arbitrageovereenkomst, de regels die het arbitraal geding betreffen en het materiële geschil dat partijen verdeeld houdt.



Niek Peters is advocaat te Amsterdam en doceert sinds 2008 het vak International Commercial Dispute Settlement Law aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Quick View

IPR, Proces & Arbitrage: Over grondslagen en rechtspraktijk (Handelsversie)

 66,40

Dit boek bespreekt de grondslagen van het conflictenrecht alsmede de wijze waarop het conflictenrecht en het vreemde recht worden behandeld in gerechtelijke en arbitrale procedures.

De eerste hoofdstukken gaan in op de historische ontwikkeling van het conflictenrecht en zijn moderne grondslagen. Daarbij wordt onder meer uiteengezet op welke wijze het internationale recht (inclusief mensenrechten en investeringsverdragen) alsook het communautaire recht invloed kunnen uitoefenen op het conflictenrecht en het resultaat van de verwijzing.

De volgende hoofdstukken gaan na hoe de grondslagen van het conflictenrecht zich vertalen naar de praktijk. Daartoe onderzoekt de auteur hoe het conflictenrecht wordt behandeld in procedures bij de rechtbanken, de gerechtshoven en de Hoge Raad en hoe het procesrecht ingrijpt op die behandeling. In dat verband blijkt dat de processuele behandeling van het conflictenrecht per instantie verschilt en dat van een volledig ambtshalve conflictenrecht geen sprake is.

Vervolgens komt aan bod wat de positie is van het vreemde recht in procedures bij de rechtbanken, de gerechtshoven en de Hoge Raad, hoe de inhoud van het vreemde recht moet worden vastgesteld en wat er dient te geschieden als dat niet lukt binnen een bekwame termijn. Ook besteedt de auteur aandacht aan de conflictenrechtelijke belangeneis en het facultatief conflictenrecht.

Tot slot wordt ingegaan op de wijze waarop het conflictenrecht een rol speelt in arbitrage. In dat verband bespreekt de auteur op welke wijze het toepasselijke recht moet worden bepaald inzake de arbitrabiliteit, de bevoegd- en bekwaamheid van partijen, de arbitrageovereenkomst, de regels die het arbitraal geding betreffen en het materiële geschil dat partijen verdeeld houdt.



Niek Peters is advocaat te Amsterdam en doceert sinds 2008 het vak International Commercial Dispute Settlement Law aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Internationale politie- en justitiesamenwerking (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 13)

 50,90
Dit boek geeft een accuraat overzicht van de internationale samenwerking door politie, justitie, douane en andere rechtshandhavingsinstanties. Alvorens in te gaan op specifieke verdragen, geeft het aan hoe in Nederland en in België de samenwerking op nationaal niveau ingericht is. Na een algemene benadering van internationale samenwerking, volgt een overzicht van de basisverdragen (Benelux, Schengen, Prüm, Zweeds kaderbesluit).

Ook de meerwaarde van internationale organisaties komt uitvoerig aan bod. De lezer krijgt tot slot een gedetailleerd overzicht van de belangrijkste Europese verdragen en andere samenwerkingsteksten. Dit overzicht wordt via een thematisch trefwoordenregister extra toegankelijk gemaakt. Dit boek richt zich op de praktijk en is bestemd voor al wie met internationale samenwerking te maken krijgt, in eigen stad of gemeente, of met buitenlandse partners.

Willy Bruggeman is voorzitter van de Federale politieraad en als bijzonder geassocieerd hoogleraar verbonden aan de leerstoel politiewetenschappen aan het Benelux Universitair Centrum.

Quick View

Internationale politie- en justitiesamenwerking (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 13)

 50,90
Dit boek geeft een accuraat overzicht van de internationale samenwerking door politie, justitie, douane en andere rechtshandhavingsinstanties. Alvorens in te gaan op specifieke verdragen, geeft het aan hoe in Nederland en in België de samenwerking op nationaal niveau ingericht is. Na een algemene benadering van internationale samenwerking, volgt een overzicht van de basisverdragen (Benelux, Schengen, Prüm, Zweeds kaderbesluit).

Ook de meerwaarde van internationale organisaties komt uitvoerig aan bod. De lezer krijgt tot slot een gedetailleerd overzicht van de belangrijkste Europese verdragen en andere samenwerkingsteksten. Dit overzicht wordt via een thematisch trefwoordenregister extra toegankelijk gemaakt. Dit boek richt zich op de praktijk en is bestemd voor al wie met internationale samenwerking te maken krijgt, in eigen stad of gemeente, of met buitenlandse partners.

Willy Bruggeman is voorzitter van de Federale politieraad en als bijzonder geassocieerd hoogleraar verbonden aan de leerstoel politiewetenschappen aan het Benelux Universitair Centrum.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Toepassing van de internationale auditstandaarden ISA en ISSAI in de publieke sector – Application des normes internationales d’audit ISA et ISSAI (Reeks ICCI 2015-3)

door
 66,90

NEDERLANDS

Onderhavig boek behandelt de toepassing van de internationale auditstandaarden International Standards on Auditing (ISA) en International Standards of Supreme Audit Institutions (ISSAI) in de publieke sector. Het start met een beschrijving van de algemene boekhoudregeling van de publieke en social profitsector in België. Vervolgens komen het materialiteitsconcept in de publieke sector (ISSAI 1320, 1450 en 1600) en de opdrachtbrief (ISA 200/210), de bevestigingsbrief (ISA 580), de management letter (ISA 260/265) en het verslag van de bedrijfsrevisor (ISA 700/705/706/710/720) aan bod.

Of de specifieke kenmerken van de publieke sector een impact hebben op de wijze waarop van de auditor wordt verwacht om te gaan met het frauderisico wordt behandeld in ISA 240/ISSAI 1240. De mate van autonomie van een overheidsinstelling kan sterk variëren, heeft een impact op de continuïteitsrisico’s en wordt tevens besproken (ISA 570/ISSAI 1570).

ISA 610 Gebruik maken van de werkzaamheden van interne auditors geeft wat duidelijkheid omtrent de interne auditfunctie en haar werkzaamheden. In de publieke sector bestaat controle erin na te gaan of de activiteiten en de verstrekte informatie van de overheidsinstelling in overeenstemming zijn met de erop van toepassing zijnde regelgeving (ISA 250).

Controle-informatie wordt in ISA 500 gedefinieerd als informatie die door de auditor wordt gebruikt om te komen tot de conclusies waarop hij zijn oordeel stoelt. Gebruiken van steekproeven bij een controle gebeurt volgens ISA 530. Ook wordt stilgestaan bij de standaard voor de kwaliteitsbeheersing van de auditor (ISQC1) en de specifieke aspecten ervan voor publieke sector audits. Een epiloog over de audit in de publieke sector sluit onderhavig boek af.

Met bijdragen van L. Acke, J. Christiaens, J. Delforge, M. De Wolf, F. Maillard, J. Ravijts, W. Rutsaert, L. Tydgat, J. Van Brabant en F. Vandendriessche.

Inhoudstafel
Woord vooraf


Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks




FRANCAIS

Le présent ouvrage traite de l’application des normes internationales d’audit International Standards on Auditing (ISA) et International Standards of Supreme Audit Institutions (ISSAI) dans le secteur public. Il commence avec une description du régime comptable général des secteurs public et non marchand en Belgique. Ensuite, le concept de matérialité dans le secteur public (normes ISSAI 1320, 1450 et 1600) et la lettre de mission (normes ISA 200/210), la lettre d’affirmation (norme ISA 580) et la lettre de recommandations (normes ISA 260/265) et le rapport du réviseur d’entreprises (normes ISA 700/705/706/710/720) sont abordés.

L’éventuel impact des caractéristiques spécifiques du secteur public sur la façon dont l’auditeur est censé réagir face aux risques de fraude est traité par les normes ISA 240/ISSAI 1240. Le degré d’autonomie d’une entité publique peut fortement varier, aura une influence sur les risques en matière de continuité et est également traité (normes ISA 570/ISSAI 1570).

La norme ISA 610 Utilisation des travaux des auditeurs internes clarifie la fonction d’audit interne et ses travaux. Le contrôle au sein du secteur public consiste à vérifier si les activités réalisées et les informations fournies par l’unité d’administration publique sont conformes à la réglementation à laquelle l’unité est soumise (norme ISA 250).

La norme ISA 500 définit les éléments probants comme étant des informations utilisées par l’auditeur pour aboutir aux conclusions sur lesquelles il fonde son opinion d’audit. L’utilisation de sondages en audit se fait conformé

Quick View

Toepassing van de internationale auditstandaarden ISA en ISSAI in de publieke sector – Application des normes internationales d’audit ISA et ISSAI (Reeks ICCI 2015-3)

door
 66,90

NEDERLANDS

Onderhavig boek behandelt de toepassing van de internationale auditstandaarden International Standards on Auditing (ISA) en International Standards of Supreme Audit Institutions (ISSAI) in de publieke sector. Het start met een beschrijving van de algemene boekhoudregeling van de publieke en social profitsector in België. Vervolgens komen het materialiteitsconcept in de publieke sector (ISSAI 1320, 1450 en 1600) en de opdrachtbrief (ISA 200/210), de bevestigingsbrief (ISA 580), de management letter (ISA 260/265) en het verslag van de bedrijfsrevisor (ISA 700/705/706/710/720) aan bod.

Of de specifieke kenmerken van de publieke sector een impact hebben op de wijze waarop van de auditor wordt verwacht om te gaan met het frauderisico wordt behandeld in ISA 240/ISSAI 1240. De mate van autonomie van een overheidsinstelling kan sterk variëren, heeft een impact op de continuïteitsrisico’s en wordt tevens besproken (ISA 570/ISSAI 1570).

ISA 610 Gebruik maken van de werkzaamheden van interne auditors geeft wat duidelijkheid omtrent de interne auditfunctie en haar werkzaamheden. In de publieke sector bestaat controle erin na te gaan of de activiteiten en de verstrekte informatie van de overheidsinstelling in overeenstemming zijn met de erop van toepassing zijnde regelgeving (ISA 250).

Controle-informatie wordt in ISA 500 gedefinieerd als informatie die door de auditor wordt gebruikt om te komen tot de conclusies waarop hij zijn oordeel stoelt. Gebruiken van steekproeven bij een controle gebeurt volgens ISA 530. Ook wordt stilgestaan bij de standaard voor de kwaliteitsbeheersing van de auditor (ISQC1) en de specifieke aspecten ervan voor publieke sector audits. Een epiloog over de audit in de publieke sector sluit onderhavig boek af.

Met bijdragen van L. Acke, J. Christiaens, J. Delforge, M. De Wolf, F. Maillard, J. Ravijts, W. Rutsaert, L. Tydgat, J. Van Brabant en F. Vandendriessche.

Inhoudstafel
Woord vooraf


Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks




FRANCAIS

Le présent ouvrage traite de l’application des normes internationales d’audit International Standards on Auditing (ISA) et International Standards of Supreme Audit Institutions (ISSAI) dans le secteur public. Il commence avec une description du régime comptable général des secteurs public et non marchand en Belgique. Ensuite, le concept de matérialité dans le secteur public (normes ISSAI 1320, 1450 et 1600) et la lettre de mission (normes ISA 200/210), la lettre d’affirmation (norme ISA 580) et la lettre de recommandations (normes ISA 260/265) et le rapport du réviseur d’entreprises (normes ISA 700/705/706/710/720) sont abordés.

L’éventuel impact des caractéristiques spécifiques du secteur public sur la façon dont l’auditeur est censé réagir face aux risques de fraude est traité par les normes ISA 240/ISSAI 1240. Le degré d’autonomie d’une entité publique peut fortement varier, aura une influence sur les risques en matière de continuité et est également traité (normes ISA 570/ISSAI 1570).

La norme ISA 610 Utilisation des travaux des auditeurs internes clarifie la fonction d’audit interne et ses travaux. Le contrôle au sein du secteur public consiste à vérifier si les activités réalisées et les informations fournies par l’unité d’administration publique sont conformes à la réglementation à laquelle l’unité est soumise (norme ISA 250).

La norme ISA 500 définit les éléments probants comme étant des informations utilisées par l’auditeur pour aboutir aux conclusions sur lesquelles il fonde son opinion d’audit. L’utilisation de sondages en audit se fait conformé

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wie kust de OR wakker? 19 perspectieven op veranderingen bij de overheid en het effect op arbeidsverhoudingen

 28,80
De initiatiefnemers van dit boek, Marloes Pomp en Bob Vermaak, constateerden dat bij de overheid inmiddels alle rek uit de vernieuwingen van de medezeggenschap is. Is de WOR nog wel geschikt anno 2014 en hoe krijgt de OR toch eindelijk die strategische positie? Heeft de OR zijn uiterste houdbaarheidsdatum bereikt?

Nieuwe vormen van medezeggenschap/participatie lijken nodig om de veranderingen in de organisatie en de omgeving aan te kunnen. Dit boek onderzoekt de thema’s vernieuwing, betrokkenheid en besluitvorming bij de overheid. Met voorwoord van minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties).

Het boek beantwoordt met 19 actuele verhalen van overheidsexperts de volgende vragen:

  • Welke veranderingen spelen er binnen de samenleving en de overheid?
  • Wat is het effect van deze veranderingen op overheidsorganisaties en haar medewerkers?
  • Hoe zijn de verhoudingen binnen de overheid op het gebied van medezeggenschap? Hoe is de participatie binnen de overheid georganiseerd?
  • Hoe denken betrokkenen over de veranderende medezeggenschap bij de overheid?
  • Met o.a. bijdragen van burgemeester Michael Sijbom (Losser), Michiel de Vries (Radboud Universiteit Nijmegen), Wim van Oosterhout (voorzitter Departmentale Ondernemingsraad van ministerie van OCW), Lex Schellevis (ondernemingsraadslid bij de provincie Gelderland, Ineke Nijhuis (voorzitter van de ondernemingsraad bij de gemeente Hengelo), Alexander Meijer (gemeentesecretaris van gemeente De Ronde Venen) en Mr. Gerard Roes (Directeur Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving).

    Quick View

    Wie kust de OR wakker? 19 perspectieven op veranderingen bij de overheid en het effect op arbeidsverhoudingen

     28,80
    De initiatiefnemers van dit boek, Marloes Pomp en Bob Vermaak, constateerden dat bij de overheid inmiddels alle rek uit de vernieuwingen van de medezeggenschap is. Is de WOR nog wel geschikt anno 2014 en hoe krijgt de OR toch eindelijk die strategische positie? Heeft de OR zijn uiterste houdbaarheidsdatum bereikt?

    Nieuwe vormen van medezeggenschap/participatie lijken nodig om de veranderingen in de organisatie en de omgeving aan te kunnen. Dit boek onderzoekt de thema’s vernieuwing, betrokkenheid en besluitvorming bij de overheid. Met voorwoord van minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties).

    Het boek beantwoordt met 19 actuele verhalen van overheidsexperts de volgende vragen:

  • Welke veranderingen spelen er binnen de samenleving en de overheid?
  • Wat is het effect van deze veranderingen op overheidsorganisaties en haar medewerkers?
  • Hoe zijn de verhoudingen binnen de overheid op het gebied van medezeggenschap? Hoe is de participatie binnen de overheid georganiseerd?
  • Hoe denken betrokkenen over de veranderende medezeggenschap bij de overheid?
  • Met o.a. bijdragen van burgemeester Michael Sijbom (Losser), Michiel de Vries (Radboud Universiteit Nijmegen), Wim van Oosterhout (voorzitter Departmentale Ondernemingsraad van ministerie van OCW), Lex Schellevis (ondernemingsraadslid bij de provincie Gelderland, Ineke Nijhuis (voorzitter van de ondernemingsraad bij de gemeente Hengelo), Alexander Meijer (gemeentesecretaris van gemeente De Ronde Venen) en Mr. Gerard Roes (Directeur Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving).

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Gedenkboek Inlichtings- en Actie Agenten

     95,00
    Tijdens de Tweede Wereldoorlog voelden talrijke Belgische burgers, mannen en vrouwen, van alle leeftijden en beroepsklassen, verontwaardigd door de bezetting van hun vaderland, zich geroepen om ‘iets’ te doen. Zij zouden uitgroeien tot een zeer bijzondere vorm van het Verzet. In totaal 18.716 erkende IAA – Inlichtingen en Actie Agenten, in 129 IAD – Inlichtingen en Actie Diensten, actief in het bezette België. Zij werden aangestuurd door de Veiligheid van de Staat in ballingschap te Londen, in samenwerking met de Britse diensten MI.6, MI.9 en SOE. Zij waren actief in: politieke, economische en militaire spionage; sabotage; psychologische oorlogsvoering; propaganda; ontsnappingslijnen; meteorologische inlichtingen; ondersteuning van gedwongen werkweigeraars; ... Minstens 4.000 van hen werden gearresteerd en 1.815 vermoord (neergeschoten, onthoofd, omgekomen in concentratiekampen ...). Dit boek brengt hun verhaal en geeft deze onbekende helden na 70 jaar een naam!

    Pendant la Seconde Guerre mondiale, nombre de citoyens belges, hommes et femmes, de tous âges et classes sociales, indignés par l’occupation de leur patrie, ont ressenti le besoin de faire « quelque chose ». Ils allaient donner naissance à une forme très particulière de la Résistance. En Belgique occupée, un total de 18.716 ARA – Agents de Renseignement et d’Action – reconnus étaient actifs au sein de 129 SRA – Services des Renseignement et d’Action, pilotés par la Sûreté de l’Etat en exil à Londres, en collaboration avec les services britanniques MI.6, MI.9 et SOE. Leurs terrains d’action? L’espionnage politique, économique et militaire; le sabotage; la guerre psychologique; la propagande; les lignes d’évasion; les informations météorologiques; le soutien aux personnes refusant le service du travail obligatoire; etc. 4.000 d’entre eux au moins ont été arrêtés et 1.815 ont trouvé la mort (abattus, décapités, dans les camps de concentration, ...). Ce livre narre leur histoire et, 70 années après celle-ci, offre enfin un nom à ces inconnus!

    Numerous Belgian citizens, men and women from all ages and social classes, were indignant by the occupation of their native country during World War II. As a result, they felt the need ‘to do something about it’ and would evolve to a special form of the Resistance. No less than 18.716 Intelligence and Action Agents (IAA) in 129 Intelligence and Action Services (IAS) operated in occupied Belgium. In cooperation with the British services MI.6, MI.9 and SOE, they were directed by the State Security in exile in London. Their fields of operation were: political, economic and military espionage; sabotage; psychological warfare; propaganda; escape lines; meteorological intelli-gence; support to people who refused the Compulsory Work Service; … At least 4.000 Intelligence and Action Agents were arrested and 1.815 were killed. They were shot to death, decapitated or killed in concentration camps). This book highlights their story and it names each of these unknown heroes, 70 years after the events.

    Placeholder Image
    Quick View

    Gedenkboek Inlichtings- en Actie Agenten

     95,00
    Tijdens de Tweede Wereldoorlog voelden talrijke Belgische burgers, mannen en vrouwen, van alle leeftijden en beroepsklassen, verontwaardigd door de bezetting van hun vaderland, zich geroepen om ‘iets’ te doen. Zij zouden uitgroeien tot een zeer bijzondere vorm van het Verzet. In totaal 18.716 erkende IAA – Inlichtingen en Actie Agenten, in 129 IAD – Inlichtingen en Actie Diensten, actief in het bezette België. Zij werden aangestuurd door de Veiligheid van de Staat in ballingschap te Londen, in samenwerking met de Britse diensten MI.6, MI.9 en SOE. Zij waren actief in: politieke, economische en militaire spionage; sabotage; psychologische oorlogsvoering; propaganda; ontsnappingslijnen; meteorologische inlichtingen; ondersteuning van gedwongen werkweigeraars; ... Minstens 4.000 van hen werden gearresteerd en 1.815 vermoord (neergeschoten, onthoofd, omgekomen in concentratiekampen ...). Dit boek brengt hun verhaal en geeft deze onbekende helden na 70 jaar een naam!

    Pendant la Seconde Guerre mondiale, nombre de citoyens belges, hommes et femmes, de tous âges et classes sociales, indignés par l’occupation de leur patrie, ont ressenti le besoin de faire « quelque chose ». Ils allaient donner naissance à une forme très particulière de la Résistance. En Belgique occupée, un total de 18.716 ARA – Agents de Renseignement et d’Action – reconnus étaient actifs au sein de 129 SRA – Services des Renseignement et d’Action, pilotés par la Sûreté de l’Etat en exil à Londres, en collaboration avec les services britanniques MI.6, MI.9 et SOE. Leurs terrains d’action? L’espionnage politique, économique et militaire; le sabotage; la guerre psychologique; la propagande; les lignes d’évasion; les informations météorologiques; le soutien aux personnes refusant le service du travail obligatoire; etc. 4.000 d’entre eux au moins ont été arrêtés et 1.815 ont trouvé la mort (abattus, décapités, dans les camps de concentration, ...). Ce livre narre leur histoire et, 70 années après celle-ci, offre enfin un nom à ces inconnus!

    Numerous Belgian citizens, men and women from all ages and social classes, were indignant by the occupation of their native country during World War II. As a result, they felt the need ‘to do something about it’ and would evolve to a special form of the Resistance. No less than 18.716 Intelligence and Action Agents (IAA) in 129 Intelligence and Action Services (IAS) operated in occupied Belgium. In cooperation with the British services MI.6, MI.9 and SOE, they were directed by the State Security in exile in London. Their fields of operation were: political, economic and military espionage; sabotage; psychological warfare; propaganda; escape lines; meteorological intelli-gence; support to people who refused the Compulsory Work Service; … At least 4.000 Intelligence and Action Agents were arrested and 1.815 were killed. They were shot to death, decapitated or killed in concentration camps). This book highlights their story and it names each of these unknown heroes, 70 years after the events.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Trauma and Mental Health in the Wake of a Technological Disaster. The Ghislenghien Gas Explosion

     56,60
    A gas explosion in Ghislenghien (Belgium, July 2004) instantly killed five firefighters, one police officer and 18 civilians. Moreover, 132 people were wounded and many of them suffered severe burn injuries.

    This book aims at clarifying the impact of a technological disaster, both phenomenologically and empirically. It also wishes to enhance the understanding of the challenges for psychological help in the wake of technological disaster.

    On the phenomenological side, the experiences of a disaster survivor are used to set the stage for a discussion on the conceptual differences between mainstream (Anglo-Saxon) trauma theories and the more classical (French) psychodynamic theories. Three chapters provide contextual information on the trauma inflicted by a massive explosion.

    On the empirical side, the focus is on the prevalence of posttraumatic stress symptoms in adult and child survivors of a massive gas explosion, in their family members as well as in family members of deceased victims. Four chapters provide a quantitative approach of trauma-related mental health disturbances in adults and children after a technological disaster.

    The results clearly indicate the influence of the degree of exposure, peritraumatic dissociation and dissatisfaction with social support on the development of posttraumatic stress symptoms. The risk for the development of four types of mental health disturbances (somatization, depression, anxiety and sleeping disturbances) was much higher in direct witnesses who have seen human damage. The epilogue discusses possible future developments for early psychophysiological stabilization of disaster victims.

    Corrigendum p. 141

    Erik De Soir is a psychologist and psychotherapist affiliated with the Royal Higher Institute of Defence and a senior lecturer in crisis psychology at the Department of Behavioral Sciences at the Royal Military Academy in Brussels (Belgium). He is also a trauma therapist and consultant at De Weg Wijzer – Center for Trauma Treatment in Leopoldsburg and an operational fire psychologist in Noord Limburg. He completed his Ph.D. on trauma and mental health in the wake of a technological disaster in 2015.

    Quick View

    Trauma and Mental Health in the Wake of a Technological Disaster. The Ghislenghien Gas Explosion

     56,60
    A gas explosion in Ghislenghien (Belgium, July 2004) instantly killed five firefighters, one police officer and 18 civilians. Moreover, 132 people were wounded and many of them suffered severe burn injuries.

    This book aims at clarifying the impact of a technological disaster, both phenomenologically and empirically. It also wishes to enhance the understanding of the challenges for psychological help in the wake of technological disaster.

    On the phenomenological side, the experiences of a disaster survivor are used to set the stage for a discussion on the conceptual differences between mainstream (Anglo-Saxon) trauma theories and the more classical (French) psychodynamic theories. Three chapters provide contextual information on the trauma inflicted by a massive explosion.

    On the empirical side, the focus is on the prevalence of posttraumatic stress symptoms in adult and child survivors of a massive gas explosion, in their family members as well as in family members of deceased victims. Four chapters provide a quantitative approach of trauma-related mental health disturbances in adults and children after a technological disaster.

    The results clearly indicate the influence of the degree of exposure, peritraumatic dissociation and dissatisfaction with social support on the development of posttraumatic stress symptoms. The risk for the development of four types of mental health disturbances (somatization, depression, anxiety and sleeping disturbances) was much higher in direct witnesses who have seen human damage. The epilogue discusses possible future developments for early psychophysiological stabilization of disaster victims.

    Corrigendum p. 141

    Erik De Soir is a psychologist and psychotherapist affiliated with the Royal Higher Institute of Defence and a senior lecturer in crisis psychology at the Department of Behavioral Sciences at the Royal Military Academy in Brussels (Belgium). He is also a trauma therapist and consultant at De Weg Wijzer – Center for Trauma Treatment in Leopoldsburg and an operational fire psychologist in Noord Limburg. He completed his Ph.D. on trauma and mental health in the wake of a technological disaster in 2015.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Luxe-uitgaven. Aftrekbaarheid, bewijsvoering en voordelen van alle aard. Analyse inzake btw en inkomstenbelastingen (Reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen, nr. 27)

     42,50
    Luxe-uitgaven zijn vaak bij controle controversiële uitgaven. Vooral exclusieve auto’s steken dermate de ogen uit van een controleur dat hij ze gemakkelijk overdreven vindt. Wanneer zijn kosten nu echter overdreven? Kan de fiscus zo eenvoudig de kosten op basis daarvan verwerpen?

    Dat is toch subjectief? Absoluut. De beoordeling van een overdreven uitgave is subjectief, echte regels bestaan hier niet voor. Een uitgave als overdreven kost beschouwen is dus niet zo eenvoudig. Inzake inkomstenbelastingen speelt het verbod op opportuniteitsbeoordeling de administratie vaak parten. Inzake btw gelden vaak eigen regels.

    In welke mate is een luxe-uitgave aftrekbaar en wie draagt de bewijslast dat een kost beroepsmatig is?

    Vaak is er sprake van een gemengd gebruik, waardoor de problematiek van de voordelen van alle aard niet veraf is. Is het voldoende een voordeel van alle aard aan te geven opdat er aftrek sowieso veilig zou zijn? Denk maar aan de luxeflats aan de kust, een helikopter, een zeiljacht, een campingcar, …? Is de btw aftrekbaar op de aankoop?

    In deel 1 van dit boek behandelt Stefan Ruysschaert de btw-aspecten, terwijl in deel 2 Wim Van Kerchove de belastinggevolgen analyseert.

    Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten. Hij is werkzaam bij de Federale Overheidsdienst Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is hoogleraar aan de faculteit Economie van de UGent en gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.

    Wim Van Kerchove heeft eveneens een economische vooropleiding genoten en is ook Adviseur bij de FOD Financiën. Hij is docent vennootschapsbelasting en publiceerde talrijke boeken inzake inkomstenbelastingen. Samen met Stefan Ruysschaert specialiseerde hij zich in de analyse van de fiscaliteit van vennootschappen en zelfstandigen vanuit het dubbele aspect: btw en inkomstenbelastingen.

    Meer over Reeks BBB - Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen

    Placeholder Image
    Quick View

    Luxe-uitgaven. Aftrekbaarheid, bewijsvoering en voordelen van alle aard. Analyse inzake btw en inkomstenbelastingen (Reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen, nr. 27)

     42,50
    Luxe-uitgaven zijn vaak bij controle controversiële uitgaven. Vooral exclusieve auto’s steken dermate de ogen uit van een controleur dat hij ze gemakkelijk overdreven vindt. Wanneer zijn kosten nu echter overdreven? Kan de fiscus zo eenvoudig de kosten op basis daarvan verwerpen?

    Dat is toch subjectief? Absoluut. De beoordeling van een overdreven uitgave is subjectief, echte regels bestaan hier niet voor. Een uitgave als overdreven kost beschouwen is dus niet zo eenvoudig. Inzake inkomstenbelastingen speelt het verbod op opportuniteitsbeoordeling de administratie vaak parten. Inzake btw gelden vaak eigen regels.

    In welke mate is een luxe-uitgave aftrekbaar en wie draagt de bewijslast dat een kost beroepsmatig is?

    Vaak is er sprake van een gemengd gebruik, waardoor de problematiek van de voordelen van alle aard niet veraf is. Is het voldoende een voordeel van alle aard aan te geven opdat er aftrek sowieso veilig zou zijn? Denk maar aan de luxeflats aan de kust, een helikopter, een zeiljacht, een campingcar, …? Is de btw aftrekbaar op de aankoop?

    In deel 1 van dit boek behandelt Stefan Ruysschaert de btw-aspecten, terwijl in deel 2 Wim Van Kerchove de belastinggevolgen analyseert.

    Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten. Hij is werkzaam bij de Federale Overheidsdienst Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is hoogleraar aan de faculteit Economie van de UGent en gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.

    Wim Van Kerchove heeft eveneens een economische vooropleiding genoten en is ook Adviseur bij de FOD Financiën. Hij is docent vennootschapsbelasting en publiceerde talrijke boeken inzake inkomstenbelastingen. Samen met Stefan Ruysschaert specialiseerde hij zich in de analyse van de fiscaliteit van vennootschappen en zelfstandigen vanuit het dubbele aspect: btw en inkomstenbelastingen.

    Meer over Reeks BBB - Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Quo vadis? Tien jaar basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden

     32,90
    Gedurende decennia werd opsluiting geregeld met een haast ondoordringbaar kluwen van omzendbrieven, zonder een duidelijk wettelijk kader. Gedetineerden hadden geen volwaardige rechtspositie en konden maar hopen op gunsten vanwege de administratie. Het recht achter de gevangenismuren leek in weinig op het recht in de vrije samenleving.

    Tien jaar geleden werd de basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden gepubliceerd. Een wet met een doordacht penologisch concept en met fundamentele principes voor de regeling van het leven achter de tralies.
    Na een decennium is het tijd om een stand van zaken op te maken.

    De bijdragen in dit boek belichten op uiteenlopende vlakken de veranderingen na een decennium basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden. Een eerste hoofdstuk behandelt de tenuitvoerlegging van de basiswet, zes hoofdstukken gaan in op diverse deelthema’s (controle en toezicht, tucht,…) en in een laatste hoofdstuk wordt vooruit gekeken naar de toekomst van de basiswet.

    Quick View

    Quo vadis? Tien jaar basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden

     32,90
    Gedurende decennia werd opsluiting geregeld met een haast ondoordringbaar kluwen van omzendbrieven, zonder een duidelijk wettelijk kader. Gedetineerden hadden geen volwaardige rechtspositie en konden maar hopen op gunsten vanwege de administratie. Het recht achter de gevangenismuren leek in weinig op het recht in de vrije samenleving.

    Tien jaar geleden werd de basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden gepubliceerd. Een wet met een doordacht penologisch concept en met fundamentele principes voor de regeling van het leven achter de tralies.
    Na een decennium is het tijd om een stand van zaken op te maken.

    De bijdragen in dit boek belichten op uiteenlopende vlakken de veranderingen na een decennium basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden. Een eerste hoofdstuk behandelt de tenuitvoerlegging van de basiswet, zes hoofdstukken gaan in op diverse deelthema’s (controle en toezicht, tucht,…) en in een laatste hoofdstuk wordt vooruit gekeken naar de toekomst van de basiswet.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Criminology, Security and Justice. Methodological and epistemological issues (GERN Research Paper Series, nr 3)

     49,40
    GERN (Groupement Européen de Recherches sur les Normativités) is a large consortium of scientific researchers in the domain of deviance and social control, more precisely studying delinquency, penal institutions, public policies of security and the importance of penal questions in society. The consortium is multidisciplinary. Today GERN is a scientific network present in ten European countries and abroad, uniting researchers of different disciplines. Each year the GERN organizes a doctoral summer school, giving PhD students from the consortium the opportunity to present and discuss their ongoing projects and research results as well as meet young and senior researchers.

    This is the third volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN. Last edition of the Summer School was held in September 2014 in Porto (Portugal). The selected theme for this Summer School was ‘Criminology, Security and Justice: methodological and epistemological issues’, searching for a fruitful debate about the methodological and epistemological aspects relevant for the development of PhD thesis. Scientific research is, in its essence, critical thinking. What is critical thinking? It is a kind of thinking that differs from magic reasoning, common sense, and speculation. Scientific evidence contrasts with belief, immediate and apparent knowledge, illusion and opinion. This is valid for every knowledge domain that claims to be scientific. It is thus true for the science of crime, criminology.

    With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the commission of crime and the formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.

    Geen voorraad
    Quick View

    Criminology, Security and Justice. Methodological and epistemological issues (GERN Research Paper Series, nr 3)

     49,40
    GERN (Groupement Européen de Recherches sur les Normativités) is a large consortium of scientific researchers in the domain of deviance and social control, more precisely studying delinquency, penal institutions, public policies of security and the importance of penal questions in society. The consortium is multidisciplinary. Today GERN is a scientific network present in ten European countries and abroad, uniting researchers of different disciplines. Each year the GERN organizes a doctoral summer school, giving PhD students from the consortium the opportunity to present and discuss their ongoing projects and research results as well as meet young and senior researchers.

    This is the third volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN. Last edition of the Summer School was held in September 2014 in Porto (Portugal). The selected theme for this Summer School was ‘Criminology, Security and Justice: methodological and epistemological issues’, searching for a fruitful debate about the methodological and epistemological aspects relevant for the development of PhD thesis. Scientific research is, in its essence, critical thinking. What is critical thinking? It is a kind of thinking that differs from magic reasoning, common sense, and speculation. Scientific evidence contrasts with belief, immediate and apparent knowledge, illusion and opinion. This is valid for every knowledge domain that claims to be scientific. It is thus true for the science of crime, criminology.

    With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the commission of crime and the formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Aspecten van continuïteit en revisorale tussenkomst – Aspects de la continuité et intervention révisorale (Reeks ICCI 2015-2)

    door
     66,90

    NEDERLANDS

    De continuïteit van een onderneming en de revisorale tussenkomst, het centrale thema van onderhavig boek, wordt ingeleid in het eerste hoofdstuk. Het tweede hoofdstuk focust op de probleemstelling en de situering van de continuïteit van de ondernemingen. Het huidig Belgisch vennootschapsrechtelijk kader inzake de aspecten van continuïteit van vennootschappen wordt geanalyseerd in het derde hoofdstuk. Het vierde hoofdstuk zoomt in op artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen, de zogenaamde waarschuwingsprocedure. Het van toepassing maken van deze waarschuwingsprocedure op de vzw’s, ivzw’s en stichtingen vormt het onderwerp van het vijfde hoofdstuk.

    Hoofdstuk zes is specifiek gewijd aan het internationaal normatief kader inzake continuïteit, ISA 570. De recente aanpassingen in de artikelen 10, 12 en 17 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen en de rol van de economische beroepsbeoefenaar maken het onderwerp uit van het zevende hoofdstuk.

    Hoofdstuk acht schetst de sociale rechten in het kader van de continuïteit van ondernemingen. Het sociaal overleg, de continuïteit van ondernemingen en de rol van de bedrijfsrevisor vormt het onderwerp van het negende hoofdstuk. Hoofdstuk tien behelst de rol van de magistratuur bij de continuïteit van ondernemingen. De Ondervoorzitter van het IBR besluit het boek met de precisering dat de bedrijfsrevisor en de commissaris een leidende rol spelen in het voorkomen van discontinuïteit.

    Met bijdragen van T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire en G. De Croock.

    Inhoudstafel
    Woord vooraf


    Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
    Meer informatie: ICCI Reeks




    FRANCAIS

    Le thème central du présent ouvrage, à savoir la continuité d’une entreprise et l’intervention du réviseur d’entreprises, est présenté dans le premier chapitre. Le deuxième chapitre se concentre sur la problématique et le contexte de la continuité des entreprises. Le cadre actuel en matière de droit des sociétés en Belgique pour ce qui concerne les aspects de la continuité des entreprises est analysé dans le troisième chapitre. Le quatrième chapitre se concentre sur l’article 138 du Code des sociétés, la procédure dite d’alerte. L’application de la procédure d’alerte imposée aux ASBL, AISBL et fondations figure au cinquième chapitre.

    Le sixième chapitre est spécifiquement dédié au cadre normatif international relatif à la continuité, à savoir la norme ISA 570. Les récentes modifications apportées aux articles 10, 12 et 17 de la loi du 31 janvier 2009 relative à la continuité des entreprises et le rôle du professionnel du chiffre sont détaillés dans le septième chapitre. Le huitième chapitre expose les droits sociaux dans le cadre de la continuité des entreprises.

    La concertation sociale, la continuité des entreprises et le rôle du réviseur d’entreprises font l’objet du neuvième chapitre. Le dixième chapitre présente le rôle de la magistrature dans la continuité des entreprises. Le Vice-président de l’IRE conclut l’ouvrage en précisant que le réviseur d’entreprises et le commissaire jouent un rôle prépondérant dans la prévention de la discontinuité.

    Avec des contributions de T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire et G. De Croock.

    Table des matières
    <a href="http://www.maklu.be/link/9789046607770vwf

    Quick View

    Aspecten van continuïteit en revisorale tussenkomst – Aspects de la continuité et intervention révisorale (Reeks ICCI 2015-2)

    door
     66,90

    NEDERLANDS

    De continuïteit van een onderneming en de revisorale tussenkomst, het centrale thema van onderhavig boek, wordt ingeleid in het eerste hoofdstuk. Het tweede hoofdstuk focust op de probleemstelling en de situering van de continuïteit van de ondernemingen. Het huidig Belgisch vennootschapsrechtelijk kader inzake de aspecten van continuïteit van vennootschappen wordt geanalyseerd in het derde hoofdstuk. Het vierde hoofdstuk zoomt in op artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen, de zogenaamde waarschuwingsprocedure. Het van toepassing maken van deze waarschuwingsprocedure op de vzw’s, ivzw’s en stichtingen vormt het onderwerp van het vijfde hoofdstuk.

    Hoofdstuk zes is specifiek gewijd aan het internationaal normatief kader inzake continuïteit, ISA 570. De recente aanpassingen in de artikelen 10, 12 en 17 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen en de rol van de economische beroepsbeoefenaar maken het onderwerp uit van het zevende hoofdstuk.

    Hoofdstuk acht schetst de sociale rechten in het kader van de continuïteit van ondernemingen. Het sociaal overleg, de continuïteit van ondernemingen en de rol van de bedrijfsrevisor vormt het onderwerp van het negende hoofdstuk. Hoofdstuk tien behelst de rol van de magistratuur bij de continuïteit van ondernemingen. De Ondervoorzitter van het IBR besluit het boek met de precisering dat de bedrijfsrevisor en de commissaris een leidende rol spelen in het voorkomen van discontinuïteit.

    Met bijdragen van T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire en G. De Croock.

    Inhoudstafel
    Woord vooraf


    Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
    Meer informatie: ICCI Reeks




    FRANCAIS

    Le thème central du présent ouvrage, à savoir la continuité d’une entreprise et l’intervention du réviseur d’entreprises, est présenté dans le premier chapitre. Le deuxième chapitre se concentre sur la problématique et le contexte de la continuité des entreprises. Le cadre actuel en matière de droit des sociétés en Belgique pour ce qui concerne les aspects de la continuité des entreprises est analysé dans le troisième chapitre. Le quatrième chapitre se concentre sur l’article 138 du Code des sociétés, la procédure dite d’alerte. L’application de la procédure d’alerte imposée aux ASBL, AISBL et fondations figure au cinquième chapitre.

    Le sixième chapitre est spécifiquement dédié au cadre normatif international relatif à la continuité, à savoir la norme ISA 570. Les récentes modifications apportées aux articles 10, 12 et 17 de la loi du 31 janvier 2009 relative à la continuité des entreprises et le rôle du professionnel du chiffre sont détaillés dans le septième chapitre. Le huitième chapitre expose les droits sociaux dans le cadre de la continuité des entreprises.

    La concertation sociale, la continuité des entreprises et le rôle du réviseur d’entreprises font l’objet du neuvième chapitre. Le dixième chapitre présente le rôle de la magistrature dans la continuité des entreprises. Le Vice-président de l’IRE conclut l’ouvrage en précisant que le réviseur d’entreprises et le commissaire jouent un rôle prépondérant dans la prévention de la discontinuité.

    Avec des contributions de T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire et G. De Croock.

    Table des matières
    <a href="http://www.maklu.be/link/9789046607770vwf

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Privacy en gegevensbescherming

     37,10
    De thematiek van deze bundel van het Leidse Mordenate College is tweeledig. Enerzijds speelt (het recht op) privacy een rol, anderzijds gegevensbescherming. Voorts wordt de thematiek benaderd vanuit verschillende perspectieven. Zo wordt het thema ‘recht op privacy’ bijvoorbeeld belicht aan de hand van onderwerpen als vrijheid van meningsuiting, persvrijheid, internetvergeetrecht en het recht van kinderen op privacy. Het thema ‘gegevensbescherming’ komt aan bod bij de behandeling van onderwerpen als big data, DNA-databanken, de ‘digitale’ overheid, het elektronisch patiëntendossier, het medisch beroepsgeheim en de decentralisatie van de jeugdzorg in Nederland. Daarnaast worden in verschillende bijdragen ook beide thema’s behandeld.

    De bundel is verschenen naar aanleiding van het congres ‘Privacy en gegevensbescherming: balanceren tussen beschermen en belemmeren’. Dit congres werd ter ere van het 25-jarig bestaan van Mordenate georganiseerd en vond plaats op 29 november 2013. Naast de bijdragen van enkele congressprekers is de bundel aangevuld met diverse bijdragen van zowel professionals als studentleden van het Mordenate College.

    Het resultaat is een breed scala aan beschouwingen die verbonden zijn met de centrale thematiek van privacy en gegevensbescherming.

    Deze uitgave is geredigeerd door Mordenates Desire van Beelen, Corinna Klostermann, Genevieve Noordeloos en Pauline Ribbers.
    Zij bevat bijdragen van M.J.W. Timmer & N. van Triet, H.J.Th.M. van Roosmalen, G.J. Zwenne, A.M.C. Emmen & R. Stolk, P.L.F. Ribbers, M.W. van Nijendaal, R.C.P. van Uden, J.H. Hulshof, D.S. Verkroost, S.A. Gawronski en J. Corthals en een voorwoord van prof. mr. H.J. Snijders.

    Geen voorraad
    Quick View

    Privacy en gegevensbescherming

     37,10
    De thematiek van deze bundel van het Leidse Mordenate College is tweeledig. Enerzijds speelt (het recht op) privacy een rol, anderzijds gegevensbescherming. Voorts wordt de thematiek benaderd vanuit verschillende perspectieven. Zo wordt het thema ‘recht op privacy’ bijvoorbeeld belicht aan de hand van onderwerpen als vrijheid van meningsuiting, persvrijheid, internetvergeetrecht en het recht van kinderen op privacy. Het thema ‘gegevensbescherming’ komt aan bod bij de behandeling van onderwerpen als big data, DNA-databanken, de ‘digitale’ overheid, het elektronisch patiëntendossier, het medisch beroepsgeheim en de decentralisatie van de jeugdzorg in Nederland. Daarnaast worden in verschillende bijdragen ook beide thema’s behandeld.

    De bundel is verschenen naar aanleiding van het congres ‘Privacy en gegevensbescherming: balanceren tussen beschermen en belemmeren’. Dit congres werd ter ere van het 25-jarig bestaan van Mordenate georganiseerd en vond plaats op 29 november 2013. Naast de bijdragen van enkele congressprekers is de bundel aangevuld met diverse bijdragen van zowel professionals als studentleden van het Mordenate College.

    Het resultaat is een breed scala aan beschouwingen die verbonden zijn met de centrale thematiek van privacy en gegevensbescherming.

    Deze uitgave is geredigeerd door Mordenates Desire van Beelen, Corinna Klostermann, Genevieve Noordeloos en Pauline Ribbers.
    Zij bevat bijdragen van M.J.W. Timmer & N. van Triet, H.J.Th.M. van Roosmalen, G.J. Zwenne, A.M.C. Emmen & R. Stolk, P.L.F. Ribbers, M.W. van Nijendaal, R.C.P. van Uden, J.H. Hulshof, D.S. Verkroost, S.A. Gawronski en J. Corthals en een voorwoord van prof. mr. H.J. Snijders.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Handleiding volkenrecht (3de uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten België & Nederland)

     41,20

    Deze Handleiding Volkenrecht is gemaakt voor studenten die een inleidende cursus in het Volkenrecht op bachelorniveau volgen.

    Het boek benadert het Volkenrecht vanuit het perspectief van de internationale verhoudingen. Centraal staat de vraag of het recht een bijdrage kan leveren tot het oplossen van problemen die zich op wereldvlak stellen. Er is gekozen voor de Engelstalige versie van de bronnen.



    Prof. dr. Koen De Feyter is hoogleraar Internationaal recht aan de Universiteit Antwerpen, waar hij onder meer Volkenrecht doceert aan de faculteiten Rechten en Politieke en Sociale wetenschappen.

    Quick View

    Handleiding volkenrecht (3de uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten België & Nederland)

     41,20

    Deze Handleiding Volkenrecht is gemaakt voor studenten die een inleidende cursus in het Volkenrecht op bachelorniveau volgen.

    Het boek benadert het Volkenrecht vanuit het perspectief van de internationale verhoudingen. Centraal staat de vraag of het recht een bijdrage kan leveren tot het oplossen van problemen die zich op wereldvlak stellen. Er is gekozen voor de Engelstalige versie van de bronnen.



    Prof. dr. Koen De Feyter is hoogleraar Internationaal recht aan de Universiteit Antwerpen, waar hij onder meer Volkenrecht doceert aan de faculteiten Rechten en Politieke en Sociale wetenschappen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Recht door zee. Hedendaags internationaal zee- en maritiem recht

     92,00

    Het recht van de zee, zowel op internationaal als nationaal vlak, is blijvend in evolutie. Naar aanleiding van het emeritaat van professor Eddy Somers, expert in internationaal zee- en maritiem recht, stelden An Cliquet en Frank Maes een uniek liber amicorum samen, met actuele ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en het maritiem recht.

    Een eerste deel handelt over ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en gaat in op de toepassing van het Zeerechtverdrag op Arctica, mariene ruimtelijke planning, mariene gebiedsbescherming, mensensmokkel op zee, piraterij, hulp en bijstand.

    Een tweede deel gaat in op het maritiem recht en omvat bijdragen inzake beveiliging van Belgische schepen, bewarend beslag op zeeschepen, ‘transportfacilitatie’, staking in de haven en de regionalisering van de binnenvaart.

    In een derde deel komen een aantal ruimere maritieme thema’s aan bod: de historiek van de breedte van de territoriale zee, havenplanologie in Vlaanderen, scheepsafval en havenontvangstinstallaties, veiligheidsmaatregelen in de havens, samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland inzake de Schelde en de estuaire vaart.

    Het geheel is opgevat als eigentijds handboek, rijk gestoffeerd voor iedereen met interesse in de zee en het zeerecht, voor academici en mensen in de praktijk! Met bijdragen van Erik Franckx, Fanny Douvere, Frank Maes, An Cliquet, Jasmine Coppens, Klaas Willaert, Gwen Gonsaeles, Walter P. Verstrepen, Clive van Aerde, Kristiaan Bernauw, Patrick Humblet, Marc De Decker, J.W.P. Prins, Jozef Cuyt, Georges Allaert, Guido Van Meel, Dirk Vernaeve, Jacques D’Havé, Antoine Vuylsteke en Marc Vantorre.

    Inclusief kleurenafbeeldingen

    Placeholder Image
    Quick View

    Recht door zee. Hedendaags internationaal zee- en maritiem recht

     92,00

    Het recht van de zee, zowel op internationaal als nationaal vlak, is blijvend in evolutie. Naar aanleiding van het emeritaat van professor Eddy Somers, expert in internationaal zee- en maritiem recht, stelden An Cliquet en Frank Maes een uniek liber amicorum samen, met actuele ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en het maritiem recht.

    Een eerste deel handelt over ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en gaat in op de toepassing van het Zeerechtverdrag op Arctica, mariene ruimtelijke planning, mariene gebiedsbescherming, mensensmokkel op zee, piraterij, hulp en bijstand.

    Een tweede deel gaat in op het maritiem recht en omvat bijdragen inzake beveiliging van Belgische schepen, bewarend beslag op zeeschepen, ‘transportfacilitatie’, staking in de haven en de regionalisering van de binnenvaart.

    In een derde deel komen een aantal ruimere maritieme thema’s aan bod: de historiek van de breedte van de territoriale zee, havenplanologie in Vlaanderen, scheepsafval en havenontvangstinstallaties, veiligheidsmaatregelen in de havens, samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland inzake de Schelde en de estuaire vaart.

    Het geheel is opgevat als eigentijds handboek, rijk gestoffeerd voor iedereen met interesse in de zee en het zeerecht, voor academici en mensen in de praktijk! Met bijdragen van Erik Franckx, Fanny Douvere, Frank Maes, An Cliquet, Jasmine Coppens, Klaas Willaert, Gwen Gonsaeles, Walter P. Verstrepen, Clive van Aerde, Kristiaan Bernauw, Patrick Humblet, Marc De Decker, J.W.P. Prins, Jozef Cuyt, Georges Allaert, Guido Van Meel, Dirk Vernaeve, Jacques D’Havé, Antoine Vuylsteke en Marc Vantorre.

    Inclusief kleurenafbeeldingen

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Labelling migrants who sell sex. A case study of Brazilians in Spain and Portugal

     25,00
    ‘Migrants who sell sex’ is a vast category which includes a variety of ever-changing and fluid experiences. These experiences, however, are often a secondary consideration when it comes to categorizing said migrants. Adapted from the homonymous publication-based doctoral thesis defended by the author at Ghent University on 30 June 2015, ‘Labelling migrants who sell sex’ explores the construction, manipulation and imposition of the labels of ‘victim of trafficking’ and ‘migrant sex worker’ and their consequences.

    Through a case study of Brazilian migrants in Spain and Portugal, this book delves into the motivations of both receiving/developed and sending/developing countries which shape their construction of the labels of migrants working in the sex industry and their application. It considers issues such as the varying definitions of these labels in national legislation and policies, the effect of the manipulation of labels on trafficking statistics, the problems faced by migrants who sell sex outside of the trafficking context and the treatment given to those labelled as (potential) victims of trafficking before and after reaching their country of destination.

    Julie Lima de Pérez earned a master’s degree in European Interdisciplinary Studies from the College of Europe (Natolin) in 2010. She moved to Belgium the following year to pursue a doctoral degree in Criminological Sciences at Ghent University.

    Quick View

    Labelling migrants who sell sex. A case study of Brazilians in Spain and Portugal

     25,00
    ‘Migrants who sell sex’ is a vast category which includes a variety of ever-changing and fluid experiences. These experiences, however, are often a secondary consideration when it comes to categorizing said migrants. Adapted from the homonymous publication-based doctoral thesis defended by the author at Ghent University on 30 June 2015, ‘Labelling migrants who sell sex’ explores the construction, manipulation and imposition of the labels of ‘victim of trafficking’ and ‘migrant sex worker’ and their consequences.

    Through a case study of Brazilian migrants in Spain and Portugal, this book delves into the motivations of both receiving/developed and sending/developing countries which shape their construction of the labels of migrants working in the sex industry and their application. It considers issues such as the varying definitions of these labels in national legislation and policies, the effect of the manipulation of labels on trafficking statistics, the problems faced by migrants who sell sex outside of the trafficking context and the treatment given to those labelled as (potential) victims of trafficking before and after reaching their country of destination.

    Julie Lima de Pérez earned a master’s degree in European Interdisciplinary Studies from the College of Europe (Natolin) in 2010. She moved to Belgium the following year to pursue a doctoral degree in Criminological Sciences at Ghent University.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Salduz Plus. Aandachtspunten bij de implementatie van de EU-richtlijn 2013/48 (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 11)

     49,40
    Tegen uiterlijk 27 november 2016 moeten de lidstaten de Europese richtlijn 2013/48/EU, betreffende de rechtsbijstand aan verdachten, implementeren in hun nationale wetgevingen. Het is nu reeds duidelijk dat de omzetting van deze richtlijn heel wat zal vergen van de strafketen, en vooral van de politiediensten.

    Voorliggend volume brengt de lezingen samen van een studiedag die het Centre for Policing and Security (CPS) aan dit thema wijdde op 4 maart 2015 te Beveren-Waas. Ze kunnen inspireren of een aanzet zijn voor discussie over het noodzakelijk wetgevend initiatief. Intussen kunnen de politiemensen, magistraten en advocaten rijkelijk putten uit de beschikbare samengebrachte kennis. Nadien zal het boek een blijvend tijdsdocument zijn dat getuigt van de overwegingen die aan de wet vooraf gingen.

    Quick View

    Salduz Plus. Aandachtspunten bij de implementatie van de EU-richtlijn 2013/48 (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 11)

     49,40
    Tegen uiterlijk 27 november 2016 moeten de lidstaten de Europese richtlijn 2013/48/EU, betreffende de rechtsbijstand aan verdachten, implementeren in hun nationale wetgevingen. Het is nu reeds duidelijk dat de omzetting van deze richtlijn heel wat zal vergen van de strafketen, en vooral van de politiediensten.

    Voorliggend volume brengt de lezingen samen van een studiedag die het Centre for Policing and Security (CPS) aan dit thema wijdde op 4 maart 2015 te Beveren-Waas. Ze kunnen inspireren of een aanzet zijn voor discussie over het noodzakelijk wetgevend initiatief. Intussen kunnen de politiemensen, magistraten en advocaten rijkelijk putten uit de beschikbare samengebrachte kennis. Nadien zal het boek een blijvend tijdsdocument zijn dat getuigt van de overwegingen die aan de wet vooraf gingen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    De toekomstpolitie. Triggers voor een voldragen debat (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 10)

     56,60

    Bij de regeringswissel in 2014 legde de ministeriële stuurgroep haar rapport neer over de toekomst van de politie in 2025. In het verlengde hiervan namen diverse universitaire equipes en studiecentra het initiatief om het rapport onder de aandacht te brengen en kritisch door te lichten. Dit boek bevat het rapport van de stuurgroep, maar tevens een selectie van de meest indringende bijdragen aan het navolgend debat.

    Er wordt ingegaan op een aantal maatschappelijke tendensen die onvermijdelijk het politiewerk in de toekomst zullen beïnvloeden, de toekomst van de politieorganisatie als zodanig en uiteraard de relatie tussen de politie en nieuwe technologieën. Het laatste deel behandelt de visietekst van de stuurgroep: ‘Een politie in verbinding. Een visie voor de politie in 2025’.

    Via deze publicatie willen de editoren maatschappelijke actoren van alle gezindten uitnodigen tot een verder debat over de toekomst van de politie in België. Zij zijn de mening toegedaan dat het noodzakelijk is om op regelmatige basis een dergelijke toekomstvisie te formuleren. De politie is immers een belangrijk instituut in de samenleving en een toekomstvisie maakt het mogelijk op nieuwe trends te anticiperen. Daarnaast hopen ze dat vooral de beleidsverantwoordelijken zich over de visie zullen uitspreken, dan wel ze aanwenden om tot concrete besluitvorming te komen.

    Quick View

    De toekomstpolitie. Triggers voor een voldragen debat (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 10)

     56,60

    Bij de regeringswissel in 2014 legde de ministeriële stuurgroep haar rapport neer over de toekomst van de politie in 2025. In het verlengde hiervan namen diverse universitaire equipes en studiecentra het initiatief om het rapport onder de aandacht te brengen en kritisch door te lichten. Dit boek bevat het rapport van de stuurgroep, maar tevens een selectie van de meest indringende bijdragen aan het navolgend debat.

    Er wordt ingegaan op een aantal maatschappelijke tendensen die onvermijdelijk het politiewerk in de toekomst zullen beïnvloeden, de toekomst van de politieorganisatie als zodanig en uiteraard de relatie tussen de politie en nieuwe technologieën. Het laatste deel behandelt de visietekst van de stuurgroep: ‘Een politie in verbinding. Een visie voor de politie in 2025’.

    Via deze publicatie willen de editoren maatschappelijke actoren van alle gezindten uitnodigen tot een verder debat over de toekomst van de politie in België. Zij zijn de mening toegedaan dat het noodzakelijk is om op regelmatige basis een dergelijke toekomstvisie te formuleren. De politie is immers een belangrijk instituut in de samenleving en een toekomstvisie maakt het mogelijk op nieuwe trends te anticiperen. Daarnaast hopen ze dat vooral de beleidsverantwoordelijken zich over de visie zullen uitspreken, dan wel ze aanwenden om tot concrete besluitvorming te komen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Advocatengedragsrecht (4de herziene uitgave)

     26,70
    Een actueel boek, dat uitsluitend gewijd is aan een beschrijving van het advocatengedragsrecht is nieuw in Nederland. Het gaat daarbij niet om een jurisprudentieoverzicht. Dat is noodzakelijk incidenteel; de tuchtrechter beperkt zich tot de vraag die aan hem wordt voorgelegd. In het onderhavige werk wordt het verhaal achter die uitspraken zichtbaar gemaakt. Het verhaal dat vertelt welk gedrag de behoorlijke advocaat betaamt en bijgevolg welk gedrag dus niet behoorlijk is. Uniek hierbij is, dat de auteur daarbij ook onderwerpen behandelt die niet in het gepubliceerde tuchtrecht aan de orde gekomen zijn.

    Deze uitgave geeft daarmee een handreiking aan hen die met de uitoefening van het tuchtrecht bezig zijn: tuchtrechters, Dekens en leden van de raden van toezicht. Uiteraard heeft - niet in de laatste plaats - ook de advocaat baat bij deze uitgave. De moderne praktijk kent immers zoveel facetten en doet de beoefenaar ervan in aanraking komen met zo veel en zo verschillende dilemma’s, dat een gids ter zake bijna een must is.

    Prof. mr. F.A.W. Bannier heeft ruime ervaring met het tuchtrecht als voormalig Deken bij de Amsterdamse Orde van Advocaten en als bijzonder hoogleraar Advocatuur (Universiteit van Amsterdam). In beide functies is hij met grote regelmaat betrokken bij tuchtrechtelijke kwesties.

    Geen voorraad
    Quick View

    Zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Advocatengedragsrecht (4de herziene uitgave)

     26,70
    Een actueel boek, dat uitsluitend gewijd is aan een beschrijving van het advocatengedragsrecht is nieuw in Nederland. Het gaat daarbij niet om een jurisprudentieoverzicht. Dat is noodzakelijk incidenteel; de tuchtrechter beperkt zich tot de vraag die aan hem wordt voorgelegd. In het onderhavige werk wordt het verhaal achter die uitspraken zichtbaar gemaakt. Het verhaal dat vertelt welk gedrag de behoorlijke advocaat betaamt en bijgevolg welk gedrag dus niet behoorlijk is. Uniek hierbij is, dat de auteur daarbij ook onderwerpen behandelt die niet in het gepubliceerde tuchtrecht aan de orde gekomen zijn.

    Deze uitgave geeft daarmee een handreiking aan hen die met de uitoefening van het tuchtrecht bezig zijn: tuchtrechters, Dekens en leden van de raden van toezicht. Uiteraard heeft - niet in de laatste plaats - ook de advocaat baat bij deze uitgave. De moderne praktijk kent immers zoveel facetten en doet de beoefenaar ervan in aanraking komen met zo veel en zo verschillende dilemma’s, dat een gids ter zake bijna een must is.

    Prof. mr. F.A.W. Bannier heeft ruime ervaring met het tuchtrecht als voormalig Deken bij de Amsterdamse Orde van Advocaten en als bijzonder hoogleraar Advocatuur (Universiteit van Amsterdam). In beide functies is hij met grote regelmaat betrokken bij tuchtrechtelijke kwesties.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      11
      Uw winkelwagen
      ×