Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het onzekere voor het zekere. Kwetsbaarheid als kracht in loopbaandialogen

 30,80

Meestal wordt als vanzelfsprekend aangenomen dat in goede loopbaangesprekken alles draait om cognitieve reflectie. In de gesprekken die in het onderwijs met leerlingen worden gevoerd, is van een dergelijke reflectie meestal geen sprake. Studenten en loopbaanbegeleiders zijn veelal gefocust op ‘reflectie doen’ en niet op ‘reflectief zijn’. Reflectief zijn is het vermogen om open te staan voor nieuwe inzichten en ervaringen. Dit betekent eerst en vooral stil staan bij concrete ervaringen die ons raken en ruimte maken voor de ideeën en intuïties die daaruit kunnen groeien. Studenten noch loopbaanbegeleiders hebben de ervaring dat ze reflectie stoelen op – in de woorden van Norman E. Amundson – “embeddedness in being”.

Paradoxaal genoeg zijn het vaak onzeker makende gebeurtenissen in het leven, zogenoemde grenservaringen, die ons kunnen verleiden tot openheid en receptiviteit. Grenservaringen maken ons kwetsbaar. Het is een natuurlijke reactie om deze kwetsbaarheid zowel voor onszelf als voor anderen te verbergen, maar het is ook een potentiële bron van kracht. Kwetsbaarheid wordt kracht wanneer men de moed heeft om niet meteen te vluchten voor de onzekerheid dan wel ze te overschreeuwen. Deze moed wordt ontwikkeld in een dialoog met begeleiders die de negatieve gevoelens durven te accepteren die onzekerheid veroorzaakt, en die nieuwe en creatieve manieren kunnen aanbieden om de kwetsbaarheid te laten uitgroeien tot een nieuw inzicht, tot inspiratie en tot daadkracht.

Om te zorgen dat reflectie niet slechts een activiteit is die met wilskracht moet worden uitgevoerd, is het belangrijk om ruimte en tijd te scheppen voor een meer contemplatieve vorm van reflectie. Daarvoor is openheid en receptiviteit nodig, zowel aan de kant van de leerling als aan de kant van de begeleider of coach. Er moet letterlijk en op een intentionele manier tijd en ruimte zijn voor angst en pijn en het ‘nog niet weten’.



Peter den Boer is lector keuzeprocessen en loopbaanleren bij ROC West-brabant en daarnaast directeur van het onderzoeksbureau Onderzoekend Leren (www.onderzoekend-leren. nl).
Wim van Beers is psycholoog en organisatieadviseur. Hij was directielid bij schouten en Nelissen en is nu als coach werkzaam binnen Compositionwork (www.compositionwork. com).
Arnoud Evers is als universitair docent verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Mark Franklin is directeur van CareerCycles (www.careercycles.com), een organisatie voor loopbaanmanagement in Toronto.
Krina Huisman is junior onderzoeker bij saxion Hogeschool, waar ze werkt voor de lectoraten Ethics and Global Citizenship en Ethics and Living Technology.
Gaby Jacobs is als lector verbonden aan Fontys Hogescholen en als docent aan de Universiteit voor Humanistiek.
Joseph Kessels is als hoogleraar ‘Opleidingskundig leiderschap‘ verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Andrea Klaeijsen is als universitair docent verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Karel Kreijns is als universitair docent verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Agnieszka Konopka is psycholoog. Zij is als coach werkzaam binnen Compositionwork (www.compositionwork.com). Daarnaast is zij verbonden aan het International Institute for the Dialogical self.
Marinka Kuijpers is als bijzonder hoogleraar ‘Leeromgeving en Leerloopbanen in het (v) mbo’ verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit. Zij is tevens directeur van ‘De Loopbaangroep’ (www.loopbaangroep.nl) en lector ‘Pedagogiek van de beroepsvorming’ aan de Haagse Hogeschool.
Reinekke Lengelle is als docent verbonden aan Athabasca University (Canada’s Open Universiteit). Daarnaast werkt ze als zelfstandig trainer/coach in Edmonton (www.blacktulippress. com) en is ze verbonden aan De Haagse Hogeschool.
Frans Meijers is lector Pedagogiek van de beroepsvorming aan De Haagse Hogeschool hij heeft daarnaast een onderzoeks- en adviesbureau (www.frans-meijers.nl).
Kariene Mittendorff is Associate lector studieloopbaanbegeleiding bij saxion Hogescholen in Deventer. Daarnaast heeft ze een advies- en onderzoeksbureau (www.mittendorffonderwijsadvies. nl).
Sjoerd-Jeroen Moenandar is als universitair docent verbonden aan de leerstoelgroep Algemene Literatuurwetenschap van de Faculteit der Letteren van de Rijksuniversiteit Groningen.
Michiel de Ronde is psycholoog en als docent, onderzoeker en leersupervisor verbonden aan de academie Mens & Organisatie van de Christelijke Hogeschool Ede. Hij is tevens hoofdredacteur van het Tijdschrift voor begeleidingskunde.
Barbara Sher is levens- en loopbaancoach (www.barbarasher.com). Zij geeft cursussen en workshops die de nadruk leggen op het belang van netwerken voor loopbaanontwikkeling.
Wiel Veugelers is hoogleraar Educatie aan de Universiteit voor Humanistiek; hij is tevens verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.
Kara Vloet is als docent-onderzoeker verbonden aan het Fontys Educatief Centrum (FEC) en de Pedagogische Technische Hogeschool (PTH) in Eindhoven.
Wim Wardekker was, voordat hij met pensioen ging, lector Pedagogische Kwaliteit van Onderwijs aan de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle en docent bij de vakgroep Onderwijspedagogiek en Theoretische Pedagogiek van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Gerard Wijers is directeur van het Instituut voor beroepskeuze- en Loopbaanpsychologie/ IbLP in Hilversum.

Quick View

Het onzekere voor het zekere. Kwetsbaarheid als kracht in loopbaandialogen

 30,80

Meestal wordt als vanzelfsprekend aangenomen dat in goede loopbaangesprekken alles draait om cognitieve reflectie. In de gesprekken die in het onderwijs met leerlingen worden gevoerd, is van een dergelijke reflectie meestal geen sprake. Studenten en loopbaanbegeleiders zijn veelal gefocust op ‘reflectie doen’ en niet op ‘reflectief zijn’. Reflectief zijn is het vermogen om open te staan voor nieuwe inzichten en ervaringen. Dit betekent eerst en vooral stil staan bij concrete ervaringen die ons raken en ruimte maken voor de ideeën en intuïties die daaruit kunnen groeien. Studenten noch loopbaanbegeleiders hebben de ervaring dat ze reflectie stoelen op – in de woorden van Norman E. Amundson – “embeddedness in being”.

Paradoxaal genoeg zijn het vaak onzeker makende gebeurtenissen in het leven, zogenoemde grenservaringen, die ons kunnen verleiden tot openheid en receptiviteit. Grenservaringen maken ons kwetsbaar. Het is een natuurlijke reactie om deze kwetsbaarheid zowel voor onszelf als voor anderen te verbergen, maar het is ook een potentiële bron van kracht. Kwetsbaarheid wordt kracht wanneer men de moed heeft om niet meteen te vluchten voor de onzekerheid dan wel ze te overschreeuwen. Deze moed wordt ontwikkeld in een dialoog met begeleiders die de negatieve gevoelens durven te accepteren die onzekerheid veroorzaakt, en die nieuwe en creatieve manieren kunnen aanbieden om de kwetsbaarheid te laten uitgroeien tot een nieuw inzicht, tot inspiratie en tot daadkracht.

Om te zorgen dat reflectie niet slechts een activiteit is die met wilskracht moet worden uitgevoerd, is het belangrijk om ruimte en tijd te scheppen voor een meer contemplatieve vorm van reflectie. Daarvoor is openheid en receptiviteit nodig, zowel aan de kant van de leerling als aan de kant van de begeleider of coach. Er moet letterlijk en op een intentionele manier tijd en ruimte zijn voor angst en pijn en het ‘nog niet weten’.



Peter den Boer is lector keuzeprocessen en loopbaanleren bij ROC West-brabant en daarnaast directeur van het onderzoeksbureau Onderzoekend Leren (www.onderzoekend-leren. nl).
Wim van Beers is psycholoog en organisatieadviseur. Hij was directielid bij schouten en Nelissen en is nu als coach werkzaam binnen Compositionwork (www.compositionwork. com).
Arnoud Evers is als universitair docent verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Mark Franklin is directeur van CareerCycles (www.careercycles.com), een organisatie voor loopbaanmanagement in Toronto.
Krina Huisman is junior onderzoeker bij saxion Hogeschool, waar ze werkt voor de lectoraten Ethics and Global Citizenship en Ethics and Living Technology.
Gaby Jacobs is als lector verbonden aan Fontys Hogescholen en als docent aan de Universiteit voor Humanistiek.
Joseph Kessels is als hoogleraar ‘Opleidingskundig leiderschap‘ verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Andrea Klaeijsen is als universitair docent verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Karel Kreijns is als universitair docent verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit.
Agnieszka Konopka is psycholoog. Zij is als coach werkzaam binnen Compositionwork (www.compositionwork.com). Daarnaast is zij verbonden aan het International Institute for the Dialogical self.
Marinka Kuijpers is als bijzonder hoogleraar ‘Leeromgeving en Leerloopbanen in het (v) mbo’ verbonden aan het Welten Instituut van de Open Universiteit. Zij is tevens directeur van ‘De Loopbaangroep’ (www.loopbaangroep.nl) en lector ‘Pedagogiek van de beroepsvorming’ aan de Haagse Hogeschool.
Reinekke Lengelle is als docent verbonden aan Athabasca University (Canada’s Open Universiteit). Daarnaast werkt ze als zelfstandig trainer/coach in Edmonton (www.blacktulippress. com) en is ze verbonden aan De Haagse Hogeschool.
Frans Meijers is lector Pedagogiek van de beroepsvorming aan De Haagse Hogeschool hij heeft daarnaast een onderzoeks- en adviesbureau (www.frans-meijers.nl).
Kariene Mittendorff is Associate lector studieloopbaanbegeleiding bij saxion Hogescholen in Deventer. Daarnaast heeft ze een advies- en onderzoeksbureau (www.mittendorffonderwijsadvies. nl).
Sjoerd-Jeroen Moenandar is als universitair docent verbonden aan de leerstoelgroep Algemene Literatuurwetenschap van de Faculteit der Letteren van de Rijksuniversiteit Groningen.
Michiel de Ronde is psycholoog en als docent, onderzoeker en leersupervisor verbonden aan de academie Mens & Organisatie van de Christelijke Hogeschool Ede. Hij is tevens hoofdredacteur van het Tijdschrift voor begeleidingskunde.
Barbara Sher is levens- en loopbaancoach (www.barbarasher.com). Zij geeft cursussen en workshops die de nadruk leggen op het belang van netwerken voor loopbaanontwikkeling.
Wiel Veugelers is hoogleraar Educatie aan de Universiteit voor Humanistiek; hij is tevens verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.
Kara Vloet is als docent-onderzoeker verbonden aan het Fontys Educatief Centrum (FEC) en de Pedagogische Technische Hogeschool (PTH) in Eindhoven.
Wim Wardekker was, voordat hij met pensioen ging, lector Pedagogische Kwaliteit van Onderwijs aan de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle en docent bij de vakgroep Onderwijspedagogiek en Theoretische Pedagogiek van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Gerard Wijers is directeur van het Instituut voor beroepskeuze- en Loopbaanpsychologie/ IbLP in Hilversum.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kunst van Vesalius (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 4)

 35,00

Dit cahier staat in het teken van de 500ste verjaardag van de geboorte van Andreas Vesalius (1514-1564).
Vesalius-experten en -adepten gaan in op zijn leven en werken, op zijn vernieuwende inzichten in de anatomie van het menselijk lichaam, zijn invloed door de eeuwen heen op het medisch denken tot op heden toe.
Bijzondere nadruk ligt op de iconografie in Vesalius’ Fabrica en Epitome, die als nieuw expressiemedium zowel artsen als kunstenaars heeft bekoord en heeft aangezet tot het kopiëren en navolgen van de schitterende renaissancetekeningen.
De hedendaagse hernieuwde interesse voor Vesalius’ teksten en afbeeldingen komt in dit cahier dan ook duidelijk uit de verf.


>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)


Robrecht Van Hee studeerde geneeskunde aan de Universiteit te Gent. Hierna bekwaamde hij zich tot chirurg in Breda en Nijmegen, waar hij promoveerde tot doctor in de geneeskunde. Als hoogleraar chirurgie en medische geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen was hij vooral werkzaam in de transplantatie- en endocriene heelkunde. Daarnaast wijdde hij zich aan medisch-historisch onderzoek, in het bijzonder van de Lage Landen in de 16de eeuw. Hij presenteerde de figuur van Vesalius tijdens de verkiezing van ‘De Grootste Belg’ in 2004. Hij is auteur van meer dan 400 publicaties en redacteur van onder meer Geschiedenis der Geneeskunde, Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, Journal of Medical Biography en Studium.

Quick View

Kunst van Vesalius (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 4)

 35,00

Dit cahier staat in het teken van de 500ste verjaardag van de geboorte van Andreas Vesalius (1514-1564).
Vesalius-experten en -adepten gaan in op zijn leven en werken, op zijn vernieuwende inzichten in de anatomie van het menselijk lichaam, zijn invloed door de eeuwen heen op het medisch denken tot op heden toe.
Bijzondere nadruk ligt op de iconografie in Vesalius’ Fabrica en Epitome, die als nieuw expressiemedium zowel artsen als kunstenaars heeft bekoord en heeft aangezet tot het kopiëren en navolgen van de schitterende renaissancetekeningen.
De hedendaagse hernieuwde interesse voor Vesalius’ teksten en afbeeldingen komt in dit cahier dan ook duidelijk uit de verf.


>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)


Robrecht Van Hee studeerde geneeskunde aan de Universiteit te Gent. Hierna bekwaamde hij zich tot chirurg in Breda en Nijmegen, waar hij promoveerde tot doctor in de geneeskunde. Als hoogleraar chirurgie en medische geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen was hij vooral werkzaam in de transplantatie- en endocriene heelkunde. Daarnaast wijdde hij zich aan medisch-historisch onderzoek, in het bijzonder van de Lage Landen in de 16de eeuw. Hij presenteerde de figuur van Vesalius tijdens de verkiezing van ‘De Grootste Belg’ in 2004. Hij is auteur van meer dan 400 publicaties en redacteur van onder meer Geschiedenis der Geneeskunde, Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, Journal of Medical Biography en Studium.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wie is katholiek? Op zoek naar de katholieke identiteit

 18,70

Sommige intellectuelen zijn van oordeel dat het verhelderend en bevrijdend is te ontdekken dat de mens er alleen maar bij wint wanneer hij er de voorkeur aan geeft zonder identiteit, en vooral zonder religieuze identiteit, door het leven te gaan. Ze pleiten dan ook voor het aanbreken van een nieuw tijdperk, dat van de ‘postidentiteit’. Onderzoekers stellen echter vast dat de zoektocht naar elementen die in staat zijn te fungeren als bouwstenen voor een individuele en collectieve identiteit, nooit zo intensief is geweest als in onze dagen. Zij spreken van een echte obsessie met identiteit en van een identitaire koorts. Ook in christelijke milieus wordt met het probleem van de identiteit geworsteld. Op alle niveaus zijn christenen op zoek naar hun identiteit. Men beschrijft dat zoeken als ‘een vraag die het postmoderne christelijke bewustzijn obsedeert’, bestempelt het als ‘het belangrijkste probleem voor het rooms-katholicisme, en karakteriseert het als ‘de grote beproeving voor het christendom’.
De auteur gaat na waaruit de christelijke identiteit, meer in het bijzonder die van de roomskatholieke versie van het christendom, precies bestaat. Hij besluit met een oproep tot de roomskatholieke gelovigen van West-Europa om zich, op grond van wat hen wezenlijk tot ‘katholieken’ maakt, eendrachtig in te spannen om hun geloof opnieuw een gezicht te geven, in de verwarde wereld waarin zij leven. Dat lijkt onder meer een voorwaarde te zijn voor het slagen van de nieuwe evangelisatie van het oude continent.



Valeer Neckebrouck, doctor in de sociale antropologie en in de theologie, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven. Hij doceerde ook aan de Universiteit van Tilburg en was gastprofessor aan de Universidad Intercontinental van Mexico-stad. Hij deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns-Amerika en is de auteur van een dertigtal boeken, etnografische monografieën en theologische essays.

Quick View

Wie is katholiek? Op zoek naar de katholieke identiteit

 18,70

Sommige intellectuelen zijn van oordeel dat het verhelderend en bevrijdend is te ontdekken dat de mens er alleen maar bij wint wanneer hij er de voorkeur aan geeft zonder identiteit, en vooral zonder religieuze identiteit, door het leven te gaan. Ze pleiten dan ook voor het aanbreken van een nieuw tijdperk, dat van de ‘postidentiteit’. Onderzoekers stellen echter vast dat de zoektocht naar elementen die in staat zijn te fungeren als bouwstenen voor een individuele en collectieve identiteit, nooit zo intensief is geweest als in onze dagen. Zij spreken van een echte obsessie met identiteit en van een identitaire koorts. Ook in christelijke milieus wordt met het probleem van de identiteit geworsteld. Op alle niveaus zijn christenen op zoek naar hun identiteit. Men beschrijft dat zoeken als ‘een vraag die het postmoderne christelijke bewustzijn obsedeert’, bestempelt het als ‘het belangrijkste probleem voor het rooms-katholicisme, en karakteriseert het als ‘de grote beproeving voor het christendom’.
De auteur gaat na waaruit de christelijke identiteit, meer in het bijzonder die van de roomskatholieke versie van het christendom, precies bestaat. Hij besluit met een oproep tot de roomskatholieke gelovigen van West-Europa om zich, op grond van wat hen wezenlijk tot ‘katholieken’ maakt, eendrachtig in te spannen om hun geloof opnieuw een gezicht te geven, in de verwarde wereld waarin zij leven. Dat lijkt onder meer een voorwaarde te zijn voor het slagen van de nieuwe evangelisatie van het oude continent.



Valeer Neckebrouck, doctor in de sociale antropologie en in de theologie, is emeritus hoogleraar aan de KU Leuven. Hij doceerde ook aan de Universiteit van Tilburg en was gastprofessor aan de Universidad Intercontinental van Mexico-stad. Hij deed jarenlang etnografisch onderzoek in Afrika en Latijns-Amerika en is de auteur van een dertigtal boeken, etnografische monografieën en theologische essays.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Met vreugde in het leven staan (Fracarita-reeks, nr. 3)

 21,30

Kunnen we vandaag nog echte vreugde beleven als gelovigen, als dragers van een “Blijde Boodschap”? Straalt de Kerk, als drager van die boodschap, voldoende die vreugde uit? En welke remedie kan die boodschap ons bieden om ook bij de tegenslagen van het leven die diepe vreugde te bewaren en te koesteren?

Deze vragen wil de auteur in dit boek trachten te beantwoorden, en wel in drie bewegingen. Vooreerst zoekt hij de bron van de ware vreugde en komt bij God uit, God die liefde is. Maar Gods liefde vindt haar afstraling in de mens, en zo ook Gods vreugde, en terecht noemt hij de mens de vindplaats van Gods vreugde. Het is vanuit deze twee bewegingen dat de derde geboren wordt: de opgave om met vreugde het Evangelie als blijde boodschap te beleven.

Dit is geen boek waarin men tien knepen vindt om gelukkig te worden. Daar zijn andere werken voor. Maar wel een spirituele bezinning, als bij toeval samenvallend met de exhortatie van Paus Franciscus over de “Vreugde van het Evangelie”.



René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracaritareeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.

Quick View

Met vreugde in het leven staan (Fracarita-reeks, nr. 3)

 21,30

Kunnen we vandaag nog echte vreugde beleven als gelovigen, als dragers van een “Blijde Boodschap”? Straalt de Kerk, als drager van die boodschap, voldoende die vreugde uit? En welke remedie kan die boodschap ons bieden om ook bij de tegenslagen van het leven die diepe vreugde te bewaren en te koesteren?

Deze vragen wil de auteur in dit boek trachten te beantwoorden, en wel in drie bewegingen. Vooreerst zoekt hij de bron van de ware vreugde en komt bij God uit, God die liefde is. Maar Gods liefde vindt haar afstraling in de mens, en zo ook Gods vreugde, en terecht noemt hij de mens de vindplaats van Gods vreugde. Het is vanuit deze twee bewegingen dat de derde geboren wordt: de opgave om met vreugde het Evangelie als blijde boodschap te beleven.

Dit is geen boek waarin men tien knepen vindt om gelukkig te worden. Daar zijn andere werken voor. Maar wel een spirituele bezinning, als bij toeval samenvallend met de exhortatie van Paus Franciscus over de “Vreugde van het Evangelie”.



René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracaritareeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Filosofie van het verstaan. Een dialoog (Reeks Omtrent Filosofie nr 6)

 20,50

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat iedereen zich thuis voelt in onze steden? Hoe gaan we om met verschillende culturele feesten en rituelen? Hoe benaderen we ons gemeenschappelijk verleden, dat voor verschillende culturele groepen een andere lading heeft? Of hoe gaan we om met de uiteenlopende opvattingen over homoseksualiteit of de verhouding man-vrouw?

Dit zijn enkele voorbeelden van vraagstukken waarbij de ‘kunst van het verstaan’ ingezet zou kunnen worden. Het is immers niet alleen belangrijk om inzicht te krijgen in ‘de ander’, maar ook in ons eigen denkpatroon. In steden met een grote culturele diversiteit kunnen dialogen tussen de verschillende bevolkingsgroepen de wederzijdse erkenning en ook het wederzijdse begrip aanzienlijk bevorderen. Het is een manier om elkaar te ‘verstaan’.

Heinz Kimmerle heeft zich de voorbije 25 jaar bekwaamd in ‘de kunst van het interculturele verstaan’. En juist daaraan lijkt behoefte te zijn in onze huidige maatschappij met diverse culturen terwijl er niet altijd evenveel begrip is voor elkaars cultuur. In dit boek onderzoeken de auteurs of dit filosofisch academische werk op het gebied van intercultureel verstaan, een basis kan bieden voor een praktisch dialoogmodel voor het omgaan met de uitdagingen in steden met een grote culturele diversiteit. Zo komen zij tot een model voor dialogen in de dagelijkse praktijk en onderzoeken hoe dit kan leiden tot een meer dialogische levenshouding, die ook op andere gebieden (politiek of economisch) ingezet kan worden. Zij gaan niet alleen in gesprek met elkaar, maar krijgen ook nieuwe inzichten over hun eigen manier van naar de wereld kijken.


Heinz Kimmerle is emeritus hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam waar hij een leerstoel had in ‘interculturele filosofie’. Hij heeft als gastprofessor lesgegeven op verschillende universiteiten in Kenia, Ghana en Zuid- Afrika. In 2003 ontving hij een eredoctoraat van de University of South Africa in Pretoria. Hij heeft gepubliceerd op de gebieden hermeneutiek, dialectiek, filosofie van de menswetenschappen, filosofie van de religie, differentiefilosofie en interculturele filosofie.
Renate Schepen is afgestudeerd in wijsbegeerte aan de VU in Amsterdam in de richting praktische en ethische filosofie. Zij heeft gestudeerd aan de University of Ghana in Legon en aan de Universidad de La República in Montevideo. Zij faciliteert dialogen in het bedrijfsleven, op scholen en in de stad. Daarnaast werkt ze als trainer voor de Vrijwilligersacademie in Amsterdam, waar ze o.a. trainingen geeft in de Socratische dialoog.

Reeks Omtrent Filosofie:

  1. De ethica van Spinoza
  2. Afrika en China in dialoog
  3. Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
  4. Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
  5. Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
  6. Filosofie van het verstaan. Een dialoog

Quick View

Filosofie van het verstaan. Een dialoog (Reeks Omtrent Filosofie nr 6)

 20,50

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat iedereen zich thuis voelt in onze steden? Hoe gaan we om met verschillende culturele feesten en rituelen? Hoe benaderen we ons gemeenschappelijk verleden, dat voor verschillende culturele groepen een andere lading heeft? Of hoe gaan we om met de uiteenlopende opvattingen over homoseksualiteit of de verhouding man-vrouw?

Dit zijn enkele voorbeelden van vraagstukken waarbij de ‘kunst van het verstaan’ ingezet zou kunnen worden. Het is immers niet alleen belangrijk om inzicht te krijgen in ‘de ander’, maar ook in ons eigen denkpatroon. In steden met een grote culturele diversiteit kunnen dialogen tussen de verschillende bevolkingsgroepen de wederzijdse erkenning en ook het wederzijdse begrip aanzienlijk bevorderen. Het is een manier om elkaar te ‘verstaan’.

Heinz Kimmerle heeft zich de voorbije 25 jaar bekwaamd in ‘de kunst van het interculturele verstaan’. En juist daaraan lijkt behoefte te zijn in onze huidige maatschappij met diverse culturen terwijl er niet altijd evenveel begrip is voor elkaars cultuur. In dit boek onderzoeken de auteurs of dit filosofisch academische werk op het gebied van intercultureel verstaan, een basis kan bieden voor een praktisch dialoogmodel voor het omgaan met de uitdagingen in steden met een grote culturele diversiteit. Zo komen zij tot een model voor dialogen in de dagelijkse praktijk en onderzoeken hoe dit kan leiden tot een meer dialogische levenshouding, die ook op andere gebieden (politiek of economisch) ingezet kan worden. Zij gaan niet alleen in gesprek met elkaar, maar krijgen ook nieuwe inzichten over hun eigen manier van naar de wereld kijken.


Heinz Kimmerle is emeritus hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam waar hij een leerstoel had in ‘interculturele filosofie’. Hij heeft als gastprofessor lesgegeven op verschillende universiteiten in Kenia, Ghana en Zuid- Afrika. In 2003 ontving hij een eredoctoraat van de University of South Africa in Pretoria. Hij heeft gepubliceerd op de gebieden hermeneutiek, dialectiek, filosofie van de menswetenschappen, filosofie van de religie, differentiefilosofie en interculturele filosofie.
Renate Schepen is afgestudeerd in wijsbegeerte aan de VU in Amsterdam in de richting praktische en ethische filosofie. Zij heeft gestudeerd aan de University of Ghana in Legon en aan de Universidad de La República in Montevideo. Zij faciliteert dialogen in het bedrijfsleven, op scholen en in de stad. Daarnaast werkt ze als trainer voor de Vrijwilligersacademie in Amsterdam, waar ze o.a. trainingen geeft in de Socratische dialoog.

Reeks Omtrent Filosofie:

  1. De ethica van Spinoza
  2. Afrika en China in dialoog
  3. Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
  4. Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
  5. Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
  6. Filosofie van het verstaan. Een dialoog

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De medische renaissance van de twaalfde eeuw: zoektocht naar kennis en vernieuwing in de ziekenzorg (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 3)

 25,60

Dit themanummer uit de reeks Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg is gewijd aan de belangrijke vernieuwing die zich in de twaalfde eeuw in West-Europa, met Vlaanderen als kerngebied, voltrok op het vlak van de geneeskundige kennis en de ziekenzorg. Dank zij Latijnse vertalingen van Arabische teksten kwam de oud-Griekse medische leer opnieuw aan het licht, wat voor het eerst sinds de oudheid een theoretisch kader bezorgde aan de Westerse medische gedachtegang. Naast de ziekenzorg in de handen van de clerus, begonnen leken zelf stadshospitalen te stichten en de zorg van de zieken op zich te nemen. Dit ging gepaard met een begin van medische specialisatie. Het boek belicht vanuit een medischhistorisch standpunt infectieziekten die in de twaalfde eeuw ophef maakten – lepra en scrofulose – en voedingsziekten – hongersnood en het Sint- Antoniusvuur. Treffende voorbeelden uit die tijd focussen op ziektepreventie en -behandeling.

Deze publicatie richt zich niet alleen tot (para)medisch of historisch geschoolden maar ook tot een ruimer publiek.


>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)


Johan R. Boelaert is internist-nefroloog (KU Leuven en Parijs). Hij werkte tot 2007 als clinicus in het Brugse Sint-Janshospitaal (AZ Sint-Jan). Hij bouwde er ook de afdeling infectieziekten uit en verrichtte onderzoek over infectieziekten bij patiënten aan dialyse en over HIV. Hij is actief in de Brugse medisch-historische werkgroep ‘Montanus’. Hij schreef onder meer Zes eeuwen infectie in Brugge, 1200-1800 (2011, Leuven). Zijn interesse in de middeleeuwse medische geschiedenis vormt de aanzet tot dit cahier over de twaalfde-eeuwse vooruitgang in de medische kennis en vernieuwing in de ziekenzorg.

Quick View

De medische renaissance van de twaalfde eeuw: zoektocht naar kennis en vernieuwing in de ziekenzorg (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 3)

 25,60

Dit themanummer uit de reeks Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg is gewijd aan de belangrijke vernieuwing die zich in de twaalfde eeuw in West-Europa, met Vlaanderen als kerngebied, voltrok op het vlak van de geneeskundige kennis en de ziekenzorg. Dank zij Latijnse vertalingen van Arabische teksten kwam de oud-Griekse medische leer opnieuw aan het licht, wat voor het eerst sinds de oudheid een theoretisch kader bezorgde aan de Westerse medische gedachtegang. Naast de ziekenzorg in de handen van de clerus, begonnen leken zelf stadshospitalen te stichten en de zorg van de zieken op zich te nemen. Dit ging gepaard met een begin van medische specialisatie. Het boek belicht vanuit een medischhistorisch standpunt infectieziekten die in de twaalfde eeuw ophef maakten – lepra en scrofulose – en voedingsziekten – hongersnood en het Sint- Antoniusvuur. Treffende voorbeelden uit die tijd focussen op ziektepreventie en -behandeling.

Deze publicatie richt zich niet alleen tot (para)medisch of historisch geschoolden maar ook tot een ruimer publiek.


>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)


Johan R. Boelaert is internist-nefroloog (KU Leuven en Parijs). Hij werkte tot 2007 als clinicus in het Brugse Sint-Janshospitaal (AZ Sint-Jan). Hij bouwde er ook de afdeling infectieziekten uit en verrichtte onderzoek over infectieziekten bij patiënten aan dialyse en over HIV. Hij is actief in de Brugse medisch-historische werkgroep ‘Montanus’. Hij schreef onder meer Zes eeuwen infectie in Brugge, 1200-1800 (2011, Leuven). Zijn interesse in de middeleeuwse medische geschiedenis vormt de aanzet tot dit cahier over de twaalfde-eeuwse vooruitgang in de medische kennis en vernieuwing in de ziekenzorg.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Sam Superman … en hoe een stemming draaien kan

 23,70

Sam is een jongen zoals er vele jongens zijn, en ook meisjes. Soms denkt Sam dat hij alles kan. En durft hij ook alles. Hij zweeft dan in zijn hoofd en krijgt het hoog in zijn bol. Dat vinden anderen niet leuk. Maar soms voelt Sam zich helemaal niet lekker. Hij is die dag lusteloos, verdrietig, zelfs angstig. Dan kruipt hij liever weg in bed. Hij wil het liefst alleen zijn. Dat vinden anderen ook niet leuk.
Dit prentenboek helpt om ervaringen van almacht en onmacht bij kinderen en volwassenen bespreekbaar te maken. Deze gevoelens gaan soms voorbij, maar ze kunnen ook geregeld terugkeren of blijven overheersen. Ze ondermijnen dan het welbevinden van het kind of de volwassene.
Ouders, grote zus en broer, juffen en meesters, begeleiders, hulpverleners, … krijgen op een website toegelicht wanneer, waarom en hoe ze dit boek kunnen gebruiken. Ze vinden er ook suggesties en werkbladen. Ga hiervoor naar www.dl.garant-uitgevers.eu en geef de code in die op blz. 2 van dit boek staat.



Ayse Dogan (tekst) werkt als zelfstandig klinisch psycholoog en cliëntgerichtexperiëntieel psychotherapeut. Ze is als leertherapeut verbonden aan een Postgraduaat Opleiding Psychotherapie. Zij heeft ervaring met zowel jong als oud in verscheidene gezondheidsorganisaties.
Katrien Cuyvers (illustratie) werkt al geruime tijd als ergotherapeut binnen de psychiatrie. Ze maakt deel uit van een ambulant team dat psychiatrische thuisbegeleiding biedt.

Quick View

Sam Superman … en hoe een stemming draaien kan

 23,70

Sam is een jongen zoals er vele jongens zijn, en ook meisjes. Soms denkt Sam dat hij alles kan. En durft hij ook alles. Hij zweeft dan in zijn hoofd en krijgt het hoog in zijn bol. Dat vinden anderen niet leuk. Maar soms voelt Sam zich helemaal niet lekker. Hij is die dag lusteloos, verdrietig, zelfs angstig. Dan kruipt hij liever weg in bed. Hij wil het liefst alleen zijn. Dat vinden anderen ook niet leuk.
Dit prentenboek helpt om ervaringen van almacht en onmacht bij kinderen en volwassenen bespreekbaar te maken. Deze gevoelens gaan soms voorbij, maar ze kunnen ook geregeld terugkeren of blijven overheersen. Ze ondermijnen dan het welbevinden van het kind of de volwassene.
Ouders, grote zus en broer, juffen en meesters, begeleiders, hulpverleners, … krijgen op een website toegelicht wanneer, waarom en hoe ze dit boek kunnen gebruiken. Ze vinden er ook suggesties en werkbladen. Ga hiervoor naar www.dl.garant-uitgevers.eu en geef de code in die op blz. 2 van dit boek staat.



Ayse Dogan (tekst) werkt als zelfstandig klinisch psycholoog en cliëntgerichtexperiëntieel psychotherapeut. Ze is als leertherapeut verbonden aan een Postgraduaat Opleiding Psychotherapie. Zij heeft ervaring met zowel jong als oud in verscheidene gezondheidsorganisaties.
Katrien Cuyvers (illustratie) werkt al geruime tijd als ergotherapeut binnen de psychiatrie. Ze maakt deel uit van een ambulant team dat psychiatrische thuisbegeleiding biedt.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Mijn ouders gaan uit elkaar. Wat nu?

 17,40

Een scheiding is een alles doordringende situatie die grote gevolgen heeft voor het hele gezin. Voor het kind wordt alles anders en ontstaat een lange tijd van onzekerheid. Het is belangrijk dat hier voldoende tijd en aandacht aan wordt besteed, zodat het kind de scheiding van zijn ouders een plaats kan geven en de nieuwe situatie kan verwerken.

Dit praat- en werkboek voor kinderen tussen 4 en 10 jaar oud, van wie de ouders gaan scheiden of al uit elkaar zijn, is een hulpmiddel voor ouders en professionals bij individuele begeleiding. Het brengt ouders en hun kind bij elkaar om samen de scheiding te verwerken. De elf hoofdstukken zijn zowel gericht op de geschiedenis van het gezin als op de toekomst na de scheiding van de ouders. Het is de bedoeling dat het kind gaat ervaren dat wat het voelt bij de scheiding normaal is, en dat meer begrip voor de situatie, duidelijkheid en rust bij het kind ontstaat.

Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.



Lisette Besselink volgde de opleiding voor sociaal-pedagogisch werker en daarna de pedagogiekopleiding aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt als zorgprofessional met kinderen en jongeren voor SDW en Careflex in heel Nederland.

Quick View

Mijn ouders gaan uit elkaar. Wat nu?

 17,40

Een scheiding is een alles doordringende situatie die grote gevolgen heeft voor het hele gezin. Voor het kind wordt alles anders en ontstaat een lange tijd van onzekerheid. Het is belangrijk dat hier voldoende tijd en aandacht aan wordt besteed, zodat het kind de scheiding van zijn ouders een plaats kan geven en de nieuwe situatie kan verwerken.

Dit praat- en werkboek voor kinderen tussen 4 en 10 jaar oud, van wie de ouders gaan scheiden of al uit elkaar zijn, is een hulpmiddel voor ouders en professionals bij individuele begeleiding. Het brengt ouders en hun kind bij elkaar om samen de scheiding te verwerken. De elf hoofdstukken zijn zowel gericht op de geschiedenis van het gezin als op de toekomst na de scheiding van de ouders. Het is de bedoeling dat het kind gaat ervaren dat wat het voelt bij de scheiding normaal is, en dat meer begrip voor de situatie, duidelijkheid en rust bij het kind ontstaat.

Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.



Lisette Besselink volgde de opleiding voor sociaal-pedagogisch werker en daarna de pedagogiekopleiding aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt als zorgprofessional met kinderen en jongeren voor SDW en Careflex in heel Nederland.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Spiegelschrift. Handleiding voor de mentor-coach van de beginnende leraar

 14,40

Elk jaar zetten duizenden leraren hun eerste stappen in onderwijs. Binnen de vijf jaar verlaten vele startende leraren definitief het onderwijs. Het betreft helaas vaak degelijke en gemotiveerde leraren die het om uiteenlopende redenen voor bekeken houden.

Het beroep van leraar wordt dan ook hoe langer hoe complexer. Een uitgebreid coachingtraject voor alle beginnende leraren is beslist noodzakelijk. Het Spiegelschrift is een meerwaarde voor dit traject. Het biedt refl ectie-opdrachten aan als aanzet tot een echt gesprek tussen de mentor en de beginnende leraar. De oefeningen helpen stil te staan bij de taken en gevoelens van de leraar, het omgaan met collega’s en de schoolcultuur. Dit alles op maat van en met respect voor de behoeften van de beginnende leraar, de school en de mentor-coach.

De oefeningen zijn niet enkel gericht op het groeiproces van de beginnende leraar, maar bieden de kans om alles in ‘spiegelschrift’ te bekijken. Dit zet de mentor-coach en de school aan tot verbreding.

In de handleiding voor de mentor-coach staan concrete tips rond het uitbouwen van een coachingtraject. Daarnaast bevat ze achtergrondinformatie die de aangereikte oefeningen in het werboek kaderen binnen het theoretische discours. Elke oefening bevat ook extra materiaal om ze verder uit te diepen. Dit biedt de mentor-coach de kans om een coachingtraject op maat uit te stippelen.



Lies Belmans is theologe en filosofe. Ze is godsdienstleraar aan het Sint-Dimpnacollege in Geel. An Luyten is psychologe. Ze geeft opvoedkunde in het technisch en beroepsonderwijs en ze is mentor-coach voor beginnende leraren bij Ursulinen Mechelen.

Quick View

Spiegelschrift. Handleiding voor de mentor-coach van de beginnende leraar

 14,40

Elk jaar zetten duizenden leraren hun eerste stappen in onderwijs. Binnen de vijf jaar verlaten vele startende leraren definitief het onderwijs. Het betreft helaas vaak degelijke en gemotiveerde leraren die het om uiteenlopende redenen voor bekeken houden.

Het beroep van leraar wordt dan ook hoe langer hoe complexer. Een uitgebreid coachingtraject voor alle beginnende leraren is beslist noodzakelijk. Het Spiegelschrift is een meerwaarde voor dit traject. Het biedt refl ectie-opdrachten aan als aanzet tot een echt gesprek tussen de mentor en de beginnende leraar. De oefeningen helpen stil te staan bij de taken en gevoelens van de leraar, het omgaan met collega’s en de schoolcultuur. Dit alles op maat van en met respect voor de behoeften van de beginnende leraar, de school en de mentor-coach.

De oefeningen zijn niet enkel gericht op het groeiproces van de beginnende leraar, maar bieden de kans om alles in ‘spiegelschrift’ te bekijken. Dit zet de mentor-coach en de school aan tot verbreding.

In de handleiding voor de mentor-coach staan concrete tips rond het uitbouwen van een coachingtraject. Daarnaast bevat ze achtergrondinformatie die de aangereikte oefeningen in het werboek kaderen binnen het theoretische discours. Elke oefening bevat ook extra materiaal om ze verder uit te diepen. Dit biedt de mentor-coach de kans om een coachingtraject op maat uit te stippelen.



Lies Belmans is theologe en filosofe. Ze is godsdienstleraar aan het Sint-Dimpnacollege in Geel. An Luyten is psychologe. Ze geeft opvoedkunde in het technisch en beroepsonderwijs en ze is mentor-coach voor beginnende leraren bij Ursulinen Mechelen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Transmediaplanning. Strategieën en technieken

 31,90

Dit boek over de werking van reclame richt zich in eerste instantie op gevorderde studenten communicatiemanagement maar biedt tevens een exhaustief kader voor reflectie aan al wie van dichtbij of veraf geboeid is door reclame en haar werking.

Reclame wordt gesitueerd binnen het bredere kader van marketingcommunicatie en daarbij herleid tot waar het om gaat: namelijk één van de communicatieinstrumenten die ingezet kunnen worden om een marketingdoelstelling te bereiken. Vervolgens komen de theorie over en de praktijk van reclame aan de orde.



Anne-Marie Cotton studeerde Romaanse Filologie en Marketing aan de Universiteit Gent, waar ze ook de Lerarenopleiding volgde. Aan de Université de Lille I (IAE) behaalde ze een D.E.S.S. en Administration des Entreprises. Ze werkte als account in de reclame (Grey Belgium, Partner Saatchi&Saatchi / J. Walter Thompson en Mirror GGK) en is sinds 1992 lector aan de opleiding Communicatiemanagement van de Arteveldehogeschool in Gent. Ze coördineert een Europees Master programma in public relations (MARPE) en vervulde de mandaten van President, Secretaris-generaal en Director of Public Relations and Administration van Euprera, de European PR Education & Research Association.

Geen voorraad
Quick View

Transmediaplanning. Strategieën en technieken

 31,90

Dit boek over de werking van reclame richt zich in eerste instantie op gevorderde studenten communicatiemanagement maar biedt tevens een exhaustief kader voor reflectie aan al wie van dichtbij of veraf geboeid is door reclame en haar werking.

Reclame wordt gesitueerd binnen het bredere kader van marketingcommunicatie en daarbij herleid tot waar het om gaat: namelijk één van de communicatieinstrumenten die ingezet kunnen worden om een marketingdoelstelling te bereiken. Vervolgens komen de theorie over en de praktijk van reclame aan de orde.



Anne-Marie Cotton studeerde Romaanse Filologie en Marketing aan de Universiteit Gent, waar ze ook de Lerarenopleiding volgde. Aan de Université de Lille I (IAE) behaalde ze een D.E.S.S. en Administration des Entreprises. Ze werkte als account in de reclame (Grey Belgium, Partner Saatchi&Saatchi / J. Walter Thompson en Mirror GGK) en is sinds 1992 lector aan de opleiding Communicatiemanagement van de Arteveldehogeschool in Gent. Ze coördineert een Europees Master programma in public relations (MARPE) en vervulde de mandaten van President, Secretaris-generaal en Director of Public Relations and Administration van Euprera, de European PR Education & Research Association.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

GoogleMania 1 (ICT-lijn, nr. 18)

 46,20

Vrij letterlijk kun je “21st century skills” beschouwen als het samenhangende geheel van vaardigheden die nodig zijn om als persoon goed te kunnen functioneren in de 21e eeuw. De vaardigheden die in een kennissamenleving extra aandacht verdienen, zijn ‘samenwerking’, ‘kennisconstructie’, ‘ICT-gebruik’, ‘probleemoplossend denken en creativiteit’ en ‘planmatig werken’.

Voordat iemand vlot alle “21st century skills” kan toepassen, is het belangrijk om goed overweg te kunnen met de basisvaardigheden op en rond het internet en in de cloud. In dit boek worden de basisvaardigheden en de “21st century skills” aangeleerd via de Google Apps-toepassingen. Om de lezer-gebruiker aan te moedigen is het geheel in meteen bruikbare stappen opgebouwd, zodat hij al snel heel wat kan doen met de pc. Hij leert daarbij zowel binnen een app te werken als verscheidene apps te combineren om tot een creatief resultaat te komen.

Het boek is zowel voor onderwijs als voor zelfstudie bestemd.



Emmy Leleu is docent-coördinator aan de Afdeling Informatica van het CVO – Centrum voor Volwassenenonderwijs “Drie Hofsteden”, met vestigingen in Kortrijk, Menen en Tielt..

Quick View

GoogleMania 1 (ICT-lijn, nr. 18)

 46,20

Vrij letterlijk kun je “21st century skills” beschouwen als het samenhangende geheel van vaardigheden die nodig zijn om als persoon goed te kunnen functioneren in de 21e eeuw. De vaardigheden die in een kennissamenleving extra aandacht verdienen, zijn ‘samenwerking’, ‘kennisconstructie’, ‘ICT-gebruik’, ‘probleemoplossend denken en creativiteit’ en ‘planmatig werken’.

Voordat iemand vlot alle “21st century skills” kan toepassen, is het belangrijk om goed overweg te kunnen met de basisvaardigheden op en rond het internet en in de cloud. In dit boek worden de basisvaardigheden en de “21st century skills” aangeleerd via de Google Apps-toepassingen. Om de lezer-gebruiker aan te moedigen is het geheel in meteen bruikbare stappen opgebouwd, zodat hij al snel heel wat kan doen met de pc. Hij leert daarbij zowel binnen een app te werken als verscheidene apps te combineren om tot een creatief resultaat te komen.

Het boek is zowel voor onderwijs als voor zelfstudie bestemd.



Emmy Leleu is docent-coördinator aan de Afdeling Informatica van het CVO – Centrum voor Volwassenenonderwijs “Drie Hofsteden”, met vestigingen in Kortrijk, Menen en Tielt..

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Culturised Early Childhood Development. The Well-being and Healthy Development of Young Boys and Girls

 22,00

This book argues that the worldwide trend of turning children into ‘early learners’ at ever younger ages is detrimental to their well-being and healthy development. Instead, ECD – Early Childhood Education efforts should foremost be a ‘culturising’ endeavour.

Culturised ECD is here seen as an enjoyable and wholesome process that challenges and engages children. It fosters their curiosity and eagerness to be active and to explore, enables them to use their faculties, talents and skills, and contributes to their development as well-rounded persons since it helps them in valuing, searching for, finding, contributing to and creating beauty and meaning in life as well as appreciating the connectedness of things organic and inorganic. It also engenders children with hope and “the audacious attempt to galvanize and energize, to inspire and to invigorate world-weary people”. It is the totality of those activities that enables young boys and girls to participate in things that are meaningful, pleasing and good. It recognises that ECD is all-encompassing and should therefore be much more than providing children with ‘schooling’.

The following issues are addressed, culturised ECD and its:

  • effect on the well-being of children; this regardless of their future, inside or outside the school or employment market
  • impact on the longer-term development of children; do they become more resilient, experience fewer obstacles when enrolling in formal basic education and when adults, will they fare better, socially and economically?
  • relevance when faced with such ‘hot topics’ as violence, discrimination and social exclusion of children.
  • contribution to reducing poverty and inequality, or helping young boys and girls, both as children and later as adults, to cope with both.



The authors, Nico van Oudenhoven, originally a child psychologist, and Rona Jualla van Oudenhoven, an educational sociologist, are both connected to ICDI – International Child Development Initiatives, located in Amsterdam (The Netherlands).

Quick View

Culturised Early Childhood Development. The Well-being and Healthy Development of Young Boys and Girls

 22,00

This book argues that the worldwide trend of turning children into ‘early learners’ at ever younger ages is detrimental to their well-being and healthy development. Instead, ECD – Early Childhood Education efforts should foremost be a ‘culturising’ endeavour.

Culturised ECD is here seen as an enjoyable and wholesome process that challenges and engages children. It fosters their curiosity and eagerness to be active and to explore, enables them to use their faculties, talents and skills, and contributes to their development as well-rounded persons since it helps them in valuing, searching for, finding, contributing to and creating beauty and meaning in life as well as appreciating the connectedness of things organic and inorganic. It also engenders children with hope and “the audacious attempt to galvanize and energize, to inspire and to invigorate world-weary people”. It is the totality of those activities that enables young boys and girls to participate in things that are meaningful, pleasing and good. It recognises that ECD is all-encompassing and should therefore be much more than providing children with ‘schooling’.

The following issues are addressed, culturised ECD and its:

  • effect on the well-being of children; this regardless of their future, inside or outside the school or employment market
  • impact on the longer-term development of children; do they become more resilient, experience fewer obstacles when enrolling in formal basic education and when adults, will they fare better, socially and economically?
  • relevance when faced with such ‘hot topics’ as violence, discrimination and social exclusion of children.
  • contribution to reducing poverty and inequality, or helping young boys and girls, both as children and later as adults, to cope with both.



The authors, Nico van Oudenhoven, originally a child psychologist, and Rona Jualla van Oudenhoven, an educational sociologist, are both connected to ICDI – International Child Development Initiatives, located in Amsterdam (The Netherlands).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    25
    Uw winkelwagen
    ×