Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Domeinboek Positieve ingesteldheid
Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op de diagnostische protocollen.
De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.
Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg doorheen de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider.
Groeiboek bestaat uit vier delen: ‘Basisboek’, ‘Signaleren’ en ‘Analyse en handelen’. Deel 3: ‘Analyse en handelen’ bestaat uit aparte domeinboeken die het denkkader concretiseren en suggesties doen naar interventies. Dit is het domeinboek ‘Positieve ingesteldheid’.
Groeiboek bestaat uit de delen: Basisboek, Signaleren, Analyse en handelen.Zie ook:
Groeiboek. Basisboek
Groeiboek. Signaleren
Groeiboek. Analyse en handelen. Situering en werkwijze
Groeiboek. Analyse en handelen. Ontwikkeling van de zelfsturing
Groeiboek. Analyse en handelen. Denkontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Taalontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Zintuiglijke ontwikkeling & lichamelijke factoren
[Groeiboek. Analyse en handelen. Positieve ingesteldheid]
Groeiboek. Analyse en handelen. Sociale, emotionele en morele ontwikkeling
De auteur van Groeiboek/Positieve ingesteldheid, Mieke Wouters is psycho-pedagogisch consulent in het vrij CLB regio Hasselt. Ze bedacht mee het concept voor Groeiboek en is mede-auteur van Basisboek, Signaleren en Analyse en Handelen. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, Coördinator Basisonderwijs van het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding regio Gent en eindredacteur/coördinator van de Groeiboek-reeks voor de Vrije CLB-Koepel..
Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Domeinboek Positieve ingesteldheid
Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op de diagnostische protocollen.
De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.
Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg doorheen de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider.
Groeiboek bestaat uit vier delen: ‘Basisboek’, ‘Signaleren’ en ‘Analyse en handelen’. Deel 3: ‘Analyse en handelen’ bestaat uit aparte domeinboeken die het denkkader concretiseren en suggesties doen naar interventies. Dit is het domeinboek ‘Positieve ingesteldheid’.
Groeiboek bestaat uit de delen: Basisboek, Signaleren, Analyse en handelen.Zie ook:
Groeiboek. Basisboek
Groeiboek. Signaleren
Groeiboek. Analyse en handelen. Situering en werkwijze
Groeiboek. Analyse en handelen. Ontwikkeling van de zelfsturing
Groeiboek. Analyse en handelen. Denkontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Taalontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Zintuiglijke ontwikkeling & lichamelijke factoren
[Groeiboek. Analyse en handelen. Positieve ingesteldheid]
Groeiboek. Analyse en handelen. Sociale, emotionele en morele ontwikkeling
De auteur van Groeiboek/Positieve ingesteldheid, Mieke Wouters is psycho-pedagogisch consulent in het vrij CLB regio Hasselt. Ze bedacht mee het concept voor Groeiboek en is mede-auteur van Basisboek, Signaleren en Analyse en Handelen. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, Coördinator Basisonderwijs van het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding regio Gent en eindredacteur/coördinator van de Groeiboek-reeks voor de Vrije CLB-Koepel..
Herstel van de pedagogische dimensie in de ontwikkeling van mens en wereld
Met goed onderwijs zijn grote belangen gediend. Niet verwonderlijk dus dat politici, bestuurders en belangenbehartigers het onderwijs willen beheersen en veranderen. Zij richten zich daarbij met name op leraren, die daardoor steeds minder ruimte ervaren om een wezenlijke bijdrage te kunnen leveren aan de essentie van onderwijs: het voortdurende scheppings- en wordingsproces van ieder kind en de wereld. De pedagogische relatie tussen leraar en leerling komt zo steeds meer onder druk te staan.
Het gebrek aan professionele ruimte en het gevoel in de pedagogische relatie tekort te schieten, begint steeds meer mensen in het onderwijs te beknellen. Zij zijn de bestuurlijke drukte en de stapeling van beleid beu en willen terug naar de kern: waartoe dient het onderwijs?Om over die vraag een ‘goed gesprek’ te kunnen voeren, is een gemeenschappelijke vocabulaire noodzakelijk. In dit boek ontwikkelt en onderbouwt Dolf van den Berg die gemeenschappelijke taal, waarbij hij onder meer teruggrijpt op pedagogische thema’s en begrippen die in de afgelopen vijftig jaar ‘onder de mat’ zijn geveegd, zoals de pedagogische vrijheid, de waardigheid van elke mens, de pedagogische relatie, het wederkerig proces van geven en ontvangen, het geloof in de kracht van mensen, de hoop op de toekomst en de liefde in de vorm van voor elkaar beschikbaar zijn: het ‘jij-dat-mij-ter-harte-gaat’.
Aan allen die groots willen dromen en denken!
Herstel van de pedagogische dimensie in de ontwikkeling van mens en wereld
Met goed onderwijs zijn grote belangen gediend. Niet verwonderlijk dus dat politici, bestuurders en belangenbehartigers het onderwijs willen beheersen en veranderen. Zij richten zich daarbij met name op leraren, die daardoor steeds minder ruimte ervaren om een wezenlijke bijdrage te kunnen leveren aan de essentie van onderwijs: het voortdurende scheppings- en wordingsproces van ieder kind en de wereld. De pedagogische relatie tussen leraar en leerling komt zo steeds meer onder druk te staan.
Het gebrek aan professionele ruimte en het gevoel in de pedagogische relatie tekort te schieten, begint steeds meer mensen in het onderwijs te beknellen. Zij zijn de bestuurlijke drukte en de stapeling van beleid beu en willen terug naar de kern: waartoe dient het onderwijs?Om over die vraag een ‘goed gesprek’ te kunnen voeren, is een gemeenschappelijke vocabulaire noodzakelijk. In dit boek ontwikkelt en onderbouwt Dolf van den Berg die gemeenschappelijke taal, waarbij hij onder meer teruggrijpt op pedagogische thema’s en begrippen die in de afgelopen vijftig jaar ‘onder de mat’ zijn geveegd, zoals de pedagogische vrijheid, de waardigheid van elke mens, de pedagogische relatie, het wederkerig proces van geven en ontvangen, het geloof in de kracht van mensen, de hoop op de toekomst en de liefde in de vorm van voor elkaar beschikbaar zijn: het ‘jij-dat-mij-ter-harte-gaat’.
Aan allen die groots willen dromen en denken!
Neurocognitive Profiling of Children with Specific or Comorbid Reading Disabilities
This study concerns the question whether different reading-related neurocognitiveprofiles can be observed for reading proficiency based groupsof children, who attend the upper levels of Dutch primary education. Besidesdistinguishing between normal-to-good reading children and childrenwith Reading Disabilities (RD), subgroups are discerned for two frequentlyreported comorbidities of RD, i.e., Attention Deficit HyperactivityDisorder (ADHD) and Specific Language Impairment (SLI).
The research of this PhD thesis is organized into two empirical sectionson different branches of reading-related neurocognitive research, whichare elaborated in five studies. The first section focuses on the cognitiveprocesses of phonemic awareness and rapid automatized naming, and thefirst study specifically addresses the question as to how the severity ofRD affects the relative importance of these processes. Additionally, it isinvestigated how this works out for above-average and excellent readers.Involving the same processes, the second and third study focus on the issueof comorbidity with SLI and ADHD. The second section contains thefourth and fifth study which investigate the relatively novel link betweenword reading and two aspects of visual attention, i.e., selective attentionand orienting of attention.
In the general discussion the employed working model of reading is suppliedwith empirically based estimates of the neurocognitive effect sizes.A main conclusion of the present study is that the addition of visual attentionmeasurements to a phonological reading model provides an enhancedunderstanding of the cognitive basis of word reading, and offersinteresting new perspectives on differential-diagnostic procedures andtreatment planning.
Neurocognitive Profiling of Children with Specific or Comorbid Reading Disabilities
This study concerns the question whether different reading-related neurocognitiveprofiles can be observed for reading proficiency based groupsof children, who attend the upper levels of Dutch primary education. Besidesdistinguishing between normal-to-good reading children and childrenwith Reading Disabilities (RD), subgroups are discerned for two frequentlyreported comorbidities of RD, i.e., Attention Deficit HyperactivityDisorder (ADHD) and Specific Language Impairment (SLI).
The research of this PhD thesis is organized into two empirical sectionson different branches of reading-related neurocognitive research, whichare elaborated in five studies. The first section focuses on the cognitiveprocesses of phonemic awareness and rapid automatized naming, and thefirst study specifically addresses the question as to how the severity ofRD affects the relative importance of these processes. Additionally, it isinvestigated how this works out for above-average and excellent readers.Involving the same processes, the second and third study focus on the issueof comorbidity with SLI and ADHD. The second section contains thefourth and fifth study which investigate the relatively novel link betweenword reading and two aspects of visual attention, i.e., selective attentionand orienting of attention.
In the general discussion the employed working model of reading is suppliedwith empirically based estimates of the neurocognitive effect sizes.A main conclusion of the present study is that the addition of visual attentionmeasurements to a phonological reading model provides an enhancedunderstanding of the cognitive basis of word reading, and offersinteresting new perspectives on differential-diagnostic procedures andtreatment planning.
Evidence-based voedingsleer. Eten en weten
De voedingswetenschap is zeer complex. Boodschappen die bedachtzijn door marketingafdelingen van grote bedrijven en commerciëlevermageringsdiëten, zaaien verwarring bij de consument.
De wetenschap wil er het fijne van weten. Wat is zeker waar en wat iszeker niet waar? Op welke vragen heeft de wetenschap tot dusver geenantwoord? Misschien is ze zich van bepaalde vragen nog niet eensbewust? De auteur wil zo veel mogelijk vragen beantwoorden, evidencebased, zodat de antwoorden juist zijn. Daarmee maakt hij komaf metonverantwoorde beweringen van voedingsgoeroes, misplaatste actiesvan marketinglieden enz. Het boek is dan ook bestemd voor iedereendie betrouwbare informatie wil hebben.
Evidence-based voedingsleer. Eten en weten
De voedingswetenschap is zeer complex. Boodschappen die bedachtzijn door marketingafdelingen van grote bedrijven en commerciëlevermageringsdiëten, zaaien verwarring bij de consument.
De wetenschap wil er het fijne van weten. Wat is zeker waar en wat iszeker niet waar? Op welke vragen heeft de wetenschap tot dusver geenantwoord? Misschien is ze zich van bepaalde vragen nog niet eensbewust? De auteur wil zo veel mogelijk vragen beantwoorden, evidencebased, zodat de antwoorden juist zijn. Daarmee maakt hij komaf metonverantwoorde beweringen van voedingsgoeroes, misplaatste actiesvan marketinglieden enz. Het boek is dan ook bestemd voor iedereendie betrouwbare informatie wil hebben.
Wonen in Vlaanderen anno 2013. De bevindingen uit het Grote Woononderzoek 2013 gebundeld
Tijdens het Grote Woononderzoek 2013 werden inVlaanderen 10.000 gezinnen uitgebreid geïnterviewdover o.a. hun uitgaven voor wonen, de wijze van financiering,woonwensen en woongeschiedenis. Bovendienwerden 5.000 woningen ook grondig gescreend volgenseen methodiek gebaseerd op de kwaliteitsnormenvan de Vlaamse overheid. Dit boek bundelt de voornaamsteresultaten van het Grote Woononderzoek enplaatst deze binnen de ruimere context en historiek vande woningmarkt.
Tot de meest opvallende resultaten hoort de vaststellingdat naar schatting 1 miljoen Vlaamse woningentekortkomingen vertoont waardoor ze bij een conformiteitsonderzoekwellicht niet zouden voldoen aande Vlaamse normen. Nieuw is ook dat na een decennialangetoename van het aandeel eigenaars onderde Vlaamse bevolking dit aandeel nu afneemt. Verderbevestigen de resultaten de gekende en toenemendebetaalbaarheidsproblemen op de private huurmarkt.Dit boek is onmisbare lectuur voor wie zich een objectiefbeeld wenst te vormen van de Vlaamse woningmarktanno 2013. Voor de overheid bieden de resultatenvan het onderzoek een hulp om het beleid beter terichten op de voornaamste problemen.
Wonen in Vlaanderen anno 2013. De bevindingen uit het Grote Woononderzoek 2013 gebundeld
Tijdens het Grote Woononderzoek 2013 werden inVlaanderen 10.000 gezinnen uitgebreid geïnterviewdover o.a. hun uitgaven voor wonen, de wijze van financiering,woonwensen en woongeschiedenis. Bovendienwerden 5.000 woningen ook grondig gescreend volgenseen methodiek gebaseerd op de kwaliteitsnormenvan de Vlaamse overheid. Dit boek bundelt de voornaamsteresultaten van het Grote Woononderzoek enplaatst deze binnen de ruimere context en historiek vande woningmarkt.
Tot de meest opvallende resultaten hoort de vaststellingdat naar schatting 1 miljoen Vlaamse woningentekortkomingen vertoont waardoor ze bij een conformiteitsonderzoekwellicht niet zouden voldoen aande Vlaamse normen. Nieuw is ook dat na een decennialangetoename van het aandeel eigenaars onderde Vlaamse bevolking dit aandeel nu afneemt. Verderbevestigen de resultaten de gekende en toenemendebetaalbaarheidsproblemen op de private huurmarkt.Dit boek is onmisbare lectuur voor wie zich een objectiefbeeld wenst te vormen van de Vlaamse woningmarktanno 2013. Voor de overheid bieden de resultatenvan het onderzoek een hulp om het beleid beter terichten op de voornaamste problemen.
Op uw gezondheid
“We kunnen niet zonder gezondheidszorg en solidariteit”,zegt Geert Messiaen. Daarvoor zijn ook ziekenfondsen nodig,zowel in België als in Europa. Gezondheidszorg moetbovendien toegankelijk zijn en blijven, voor iedereen. Ditboek geeft een heldere kijk op waar we vandaag staan, watwe moeten bewaken en wat de toekomst brengt.
Op uw gezondheid
“We kunnen niet zonder gezondheidszorg en solidariteit”,zegt Geert Messiaen. Daarvoor zijn ook ziekenfondsen nodig,zowel in België als in Europa. Gezondheidszorg moetbovendien toegankelijk zijn en blijven, voor iedereen. Ditboek geeft een heldere kijk op waar we vandaag staan, watwe moeten bewaken en wat de toekomst brengt.
Schets voor een zelfanalyse
Postuum verscheen in 2004 ‘Esquisse pour une auto-analyse’van de Franse filosoof en socioloog Pierre Bourdieu. In ditboek past hij zijn theoretisch gezichtspunt van de reflexieveobjectivering consequent toe op zijn eigen persoon en op deinvloeden van zijn sociale omgeving, die hem hebben gemaakttot wat hij is: een breed georiënteerde, veelzijdige socioloog.Hij vertelt over zijn onvrede met de traditionele Franseacademische filosofie, zijn kritiek op dominante figuren alsSartre, en zijn overstap naar de destijds nauwelijks erkendesociologie. Heel ongebruikelijk voor zijn manier van schrijvenis de inkijk die hij geeft op zijn persoonlijk leven, zijn herkomstuit een eenvoudig milieu in de Béarn, het leven op een strengjongensinternaat in Pau, zijn indrukwekkende ervaringen alsmilitair en onderzoeker in de Algerijnse bevrijdingsoorlog ende als weldadig ervaren ontplooiing van een briljante student inhet intellectuele milieu van Parijs in de jaren vijftig.
Schets voor een zelfanalyse
Postuum verscheen in 2004 ‘Esquisse pour une auto-analyse’van de Franse filosoof en socioloog Pierre Bourdieu. In ditboek past hij zijn theoretisch gezichtspunt van de reflexieveobjectivering consequent toe op zijn eigen persoon en op deinvloeden van zijn sociale omgeving, die hem hebben gemaakttot wat hij is: een breed georiënteerde, veelzijdige socioloog.Hij vertelt over zijn onvrede met de traditionele Franseacademische filosofie, zijn kritiek op dominante figuren alsSartre, en zijn overstap naar de destijds nauwelijks erkendesociologie. Heel ongebruikelijk voor zijn manier van schrijvenis de inkijk die hij geeft op zijn persoonlijk leven, zijn herkomstuit een eenvoudig milieu in de Béarn, het leven op een strengjongensinternaat in Pau, zijn indrukwekkende ervaringen alsmilitair en onderzoeker in de Algerijnse bevrijdingsoorlog ende als weldadig ervaren ontplooiing van een briljante student inhet intellectuele milieu van Parijs in de jaren vijftig.
Asiel en detentie, waar een hulpverlener zijn grenzen bereikt. Psychosociale ondersteuning van asielzoekers in een gesloten setting
Zowel interculturele hulpverlening als psychodiagnostiek bij migranten envluchtelingen zijn vaak weerkerende onderwerpen. Wat houdt het in om iemandcultuursensitief psychisch te begeleiden? Hoe dienen we bepaalde gedragingente begrijpen? Welk ziektebeeld zien we? Welke tests kunnen we afnemen? Hoeinterpreteren we de testresultaten?
Er rijzen heel wat moeilijkheden bij multiculturele hulpverlening, vooral met depsychosociale begeleiding in een asielcentrum met het oog op terugkeer. Ondermeer aan de hand van ervaringen en casussen worden handvatten aangereiktvoor interculturele hulpverlening, de psychische begeleiding van vluchtelingen,de complexe verwevenheid van de asielprocedure, met allerlei persoonsgebondenfactoren, en interculturele psychodiagnostiek.
Asiel en detentie, waar een hulpverlener zijn grenzen bereikt. Psychosociale ondersteuning van asielzoekers in een gesloten setting
Zowel interculturele hulpverlening als psychodiagnostiek bij migranten envluchtelingen zijn vaak weerkerende onderwerpen. Wat houdt het in om iemandcultuursensitief psychisch te begeleiden? Hoe dienen we bepaalde gedragingente begrijpen? Welk ziektebeeld zien we? Welke tests kunnen we afnemen? Hoeinterpreteren we de testresultaten?
Er rijzen heel wat moeilijkheden bij multiculturele hulpverlening, vooral met depsychosociale begeleiding in een asielcentrum met het oog op terugkeer. Ondermeer aan de hand van ervaringen en casussen worden handvatten aangereiktvoor interculturele hulpverlening, de psychische begeleiding van vluchtelingen,de complexe verwevenheid van de asielprocedure, met allerlei persoonsgebondenfactoren, en interculturele psychodiagnostiek.
Communiceren op uw gezondheid. De stem van wetenschappers in het gezondheidsdebat
Bij de recente uitbraak van ebola ontstond paniek.Toch eist de schijnbaar onschuldige seizoensgriepjaarlijks meer slachtoffers. Waarom laten dan nietalle patiënten uit risicogroepen zich vaccineren?Welke lessen kunnen we daaruit leren? En welke rolmoeten wetenschappers spelen in het vermijden enaanpakken van deze ziektes?
Wetenschappers moeten beter communicerenop een open en transparante manier, betersamenwerken met beleidsmakers en zorgverlenersen de bevolking juist informeren.Maar hoe moet dat dan?
De auteurs illustreren met voorbeelden en anekdoteshun vaststellingen en aanbevelingen, gebaseerdop hun jarenlange ervaring in het griepveld. Zegaan in op kansen en valkuilen in de relatie met depers, op het verantwoorden van onderzoek en desamenwerking met de farmaceutische industrie, opde risico’s op desinformatie, enzovoort.
Het boek is aldus een oproep naar wetenschappers,beleidsmakers, industrie en zorgverleners omhun verantwoordelijkheid op te nemen voor eenduurzaam gezondheidsbeleid.
Met een voorwoord doorMarc Van Ranst en Roel Coutinho.
Communiceren op uw gezondheid. De stem van wetenschappers in het gezondheidsdebat
Bij de recente uitbraak van ebola ontstond paniek.Toch eist de schijnbaar onschuldige seizoensgriepjaarlijks meer slachtoffers. Waarom laten dan nietalle patiënten uit risicogroepen zich vaccineren?Welke lessen kunnen we daaruit leren? En welke rolmoeten wetenschappers spelen in het vermijden enaanpakken van deze ziektes?
Wetenschappers moeten beter communicerenop een open en transparante manier, betersamenwerken met beleidsmakers en zorgverlenersen de bevolking juist informeren.Maar hoe moet dat dan?
De auteurs illustreren met voorbeelden en anekdoteshun vaststellingen en aanbevelingen, gebaseerdop hun jarenlange ervaring in het griepveld. Zegaan in op kansen en valkuilen in de relatie met depers, op het verantwoorden van onderzoek en desamenwerking met de farmaceutische industrie, opde risico’s op desinformatie, enzovoort.
Het boek is aldus een oproep naar wetenschappers,beleidsmakers, industrie en zorgverleners omhun verantwoordelijkheid op te nemen voor eenduurzaam gezondheidsbeleid.
Met een voorwoord doorMarc Van Ranst en Roel Coutinho.
Onveilige burger en bange politiek? Van 9/11 tot Edward Snowden en verder
Als de aanslagen van 11 september 2001 ergens toe geleid
hebben, is het een angstpsychose. Niet zozeer een angstpsychose
onder burgers, waar politici zo graag naar verwijzen,
maar een onder politici zelf. Na elke aanslag doet zich een veiligheidskramp
voor, die leidt tot een reeks nieuwe maatregelen
bovenop de al bestaande. Telkens opnieuw wordt gesteld
dat nieuwe initiatieven nodig zijn omdat de oude niet voldoen.
Maar de oude maatregelen worden zelden heroverwogen en
geëvalueerd op hun efficiëntie, laat staan op hun proportionaliteits-
of ethisch gehalte.
In dit boek wordt de balans opgemaakt van het veiligheidsbeleid
in Amerika en Europa sinds 9/11. Die evaluatie gebeurt
in confrontatie met de burger- en mensenrechten. De vraag
wordt gesteld of de inbreuken op die rechten onontkoombaar
zijn en of ze eigenlijk in verhouding zijn tot het kwaad dat ze
willen voorkomen. Centraal staat dus de spanning tussen de
veiligheid en de rechten van de burger en de vraag in hoeverre
ze werkelijk rivalen zijn.
Dit is een boek dat niet alleen de realiteit in kaart brengt en
evalueert, maar ook inzichten biedt in de weerkerende, vaak
eenzijdige en kortzichtige keuzes die gemaakt worden in tijden
van terreur, en de verborgen logica die hierachter schuilt.
WIM SMIT is doctor in de theologische ethiek, gespecialiseerd in terrorisme, veiligheidsbeleid en mensenrechten. Een thematiek waarover hij ook blogt.
Onveilige burger en bange politiek? Van 9/11 tot Edward Snowden en verder
Als de aanslagen van 11 september 2001 ergens toe geleid
hebben, is het een angstpsychose. Niet zozeer een angstpsychose
onder burgers, waar politici zo graag naar verwijzen,
maar een onder politici zelf. Na elke aanslag doet zich een veiligheidskramp
voor, die leidt tot een reeks nieuwe maatregelen
bovenop de al bestaande. Telkens opnieuw wordt gesteld
dat nieuwe initiatieven nodig zijn omdat de oude niet voldoen.
Maar de oude maatregelen worden zelden heroverwogen en
geëvalueerd op hun efficiëntie, laat staan op hun proportionaliteits-
of ethisch gehalte.
In dit boek wordt de balans opgemaakt van het veiligheidsbeleid
in Amerika en Europa sinds 9/11. Die evaluatie gebeurt
in confrontatie met de burger- en mensenrechten. De vraag
wordt gesteld of de inbreuken op die rechten onontkoombaar
zijn en of ze eigenlijk in verhouding zijn tot het kwaad dat ze
willen voorkomen. Centraal staat dus de spanning tussen de
veiligheid en de rechten van de burger en de vraag in hoeverre
ze werkelijk rivalen zijn.
Dit is een boek dat niet alleen de realiteit in kaart brengt en
evalueert, maar ook inzichten biedt in de weerkerende, vaak
eenzijdige en kortzichtige keuzes die gemaakt worden in tijden
van terreur, en de verborgen logica die hierachter schuilt.
WIM SMIT is doctor in de theologische ethiek, gespecialiseerd in terrorisme, veiligheidsbeleid en mensenrechten. Een thematiek waarover hij ook blogt.
Meertaligheid onder de loep
Het belang van meertaligheid in onze hedendaagse maatschappij kan nietgenoeg benadrukt worden. Toenemende globalisering, migratie en technologischevernieuwingen maken van meertaligheid eerder de norm dan deuitzondering. Dit creëert nieuwe uitdagingen, zowel op onderzoeks- als opbeleidsvlak. Want wanneer is iemand meertalig? Wat is de invloed van deomgeving? Wat doet meertaligheid met de hersenen? Wat als een meertaligeplots een taalstoornis heeft? Welke cognitieve en affectieve factoren speleneen rol? Wat bevordert of belemmert de implementatie van meertalig onderwijs?Welke rol speelt meertaligheid bij de constructie van maatschappelijkeen individuele identiteiten? Hoe beïnvloedt meertaligheid mediaprocessenen berichtgeving?
Dit boek biedt een overzicht van de recentste inzichten over meertaligheid.Verscheidene auteurs komen aan het woord vanuit hun expertisedomein.Ze voeren onderzoek in de Belgische meertalige context, gekaderd in eenEuropees perspectief.
Meertaligheid onder de loep
Het belang van meertaligheid in onze hedendaagse maatschappij kan nietgenoeg benadrukt worden. Toenemende globalisering, migratie en technologischevernieuwingen maken van meertaligheid eerder de norm dan deuitzondering. Dit creëert nieuwe uitdagingen, zowel op onderzoeks- als opbeleidsvlak. Want wanneer is iemand meertalig? Wat is de invloed van deomgeving? Wat doet meertaligheid met de hersenen? Wat als een meertaligeplots een taalstoornis heeft? Welke cognitieve en affectieve factoren speleneen rol? Wat bevordert of belemmert de implementatie van meertalig onderwijs?Welke rol speelt meertaligheid bij de constructie van maatschappelijkeen individuele identiteiten? Hoe beïnvloedt meertaligheid mediaprocessenen berichtgeving?
Dit boek biedt een overzicht van de recentste inzichten over meertaligheid.Verscheidene auteurs komen aan het woord vanuit hun expertisedomein.Ze voeren onderzoek in de Belgische meertalige context, gekaderd in eenEuropees perspectief.
Leraren, wat boeit jullie? Theoretisch en empirisch onderzoek naar roeping binnen het professioneel zelfverstaan – Handelseditie
Het beroep van de leraar staat ter discussie. Hierbij spelen fundamentele vragen een rol.
- Kan het leraarschap beschreven en beoordeeld worden op grond van competentielijsten?
- Wordt het beroep van leraar in de nabije toekomst overbodig door educatieve computerprogramma’s?
- Hebben leraren zelf iets in te brengen in de vormgeving van hun beroep?
Zowel theoretisch als empirisch toont dit onderzoek aan dat een strikt zakelijkinstrumentele benadering onvoldoende recht doet aan de eigenheid van het leraarschap. De auteur pleit in dit kader voor een rehabilitatie van het woord roeping.
Zo blijkt uit een enquête dat veel leraren positieve associaties hebben bij roeping: zij
associëren dit begrip met een zich aangesproken weten door jonge mensen. In het verlengde
hiervan voelen leraren zich gedreven om bij te dragen aan de vorming van hun
leerlingen. Een andere opvallende uitkomst is dat veel leraren spirituele associaties
hebben bij hun leraarschap.
Ook uit de gehouden diepte-interviews blijkt dat er sprake is van roeping. Zo blijkt de
inspiratiebron voor de inzet voor leerlingen in de eigen persoonlijke en professionele
levensgeschiedenis te liggen. Deze beleving van het leraarschap draagt bij aan de
persoonlijk-professionele ontwikkeling en kan als roeping gekenschetst worden. De
analyses leiden tot een model van de professionaliteit, waarbinnen betekenisgeving en
menswaardigheid centraal staan.
Zowel theoretisch als qua onderzoek biedt deze studie interessante ingangen voor iedere professional die een menswaardige professionaliteit nastreeft binnen sectoren zoals de gezondheidszorg, hulpverlening, overheid, onderwijs en politie.
Bill Banning is theoloog en werkzaam als docent en identiteitsbegeleider. Daarnaast publiceert hij op gebied van onderwijs en levensbeschouwing. Het essay Onderwijsdier in hart en nieren. Een persoonlijke visie op groei, professionaliteit en pedagogisch vermogen (2007) diende als persoonlijke voorstudie voor dit proefschrift.
Leraren, wat boeit jullie? Theoretisch en empirisch onderzoek naar roeping binnen het professioneel zelfverstaan – Handelseditie
Het beroep van de leraar staat ter discussie. Hierbij spelen fundamentele vragen een rol.
- Kan het leraarschap beschreven en beoordeeld worden op grond van competentielijsten?
- Wordt het beroep van leraar in de nabije toekomst overbodig door educatieve computerprogramma’s?
- Hebben leraren zelf iets in te brengen in de vormgeving van hun beroep?
Zowel theoretisch als empirisch toont dit onderzoek aan dat een strikt zakelijkinstrumentele benadering onvoldoende recht doet aan de eigenheid van het leraarschap. De auteur pleit in dit kader voor een rehabilitatie van het woord roeping.
Zo blijkt uit een enquête dat veel leraren positieve associaties hebben bij roeping: zij
associëren dit begrip met een zich aangesproken weten door jonge mensen. In het verlengde
hiervan voelen leraren zich gedreven om bij te dragen aan de vorming van hun
leerlingen. Een andere opvallende uitkomst is dat veel leraren spirituele associaties
hebben bij hun leraarschap.
Ook uit de gehouden diepte-interviews blijkt dat er sprake is van roeping. Zo blijkt de
inspiratiebron voor de inzet voor leerlingen in de eigen persoonlijke en professionele
levensgeschiedenis te liggen. Deze beleving van het leraarschap draagt bij aan de
persoonlijk-professionele ontwikkeling en kan als roeping gekenschetst worden. De
analyses leiden tot een model van de professionaliteit, waarbinnen betekenisgeving en
menswaardigheid centraal staan.
Zowel theoretisch als qua onderzoek biedt deze studie interessante ingangen voor iedere professional die een menswaardige professionaliteit nastreeft binnen sectoren zoals de gezondheidszorg, hulpverlening, overheid, onderwijs en politie.
Bill Banning is theoloog en werkzaam als docent en identiteitsbegeleider. Daarnaast publiceert hij op gebied van onderwijs en levensbeschouwing. Het essay Onderwijsdier in hart en nieren. Een persoonlijke visie op groei, professionaliteit en pedagogisch vermogen (2007) diende als persoonlijke voorstudie voor dit proefschrift.