Filter
Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachtenInformatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten

 32,80

Schoolleiders en leerkrachten ervaren dat ze doeltreffender gebruik kunnen maken van de informatie waarover ze beschikken om problemen waarmee ze geconfronteerd worden te begrijpen en het hoofd te bieden. Vanuit de overtuiging dat informatiegebruik een meerwaarde kan betekenen voor het nemen van beleids- en praktijkbeslissingen, zetten scholen informatiegebruik dan ook steeds prominenter op hun agenda. Hun streven is om via informatie aspecten van de eigen onderwijsprocessen en -resultaten in kaart te brengen en verder te ontwikkelen. De aandacht voor informatiegebruik wordt daarnaast geprikkeld door verwachtingen van buiten de school. Schoolleiders en leerkrachten zijn zoekende in hoe ze informatie kunnen aanwenden om verantwoording af te leggen voor hun onderwijsprocessen en -resultaten. Beide streefdoelen realiseren blijkt echter bijzonder moeilijk te zijn. Het beschikbare informatieaanbod is vaak niet afgestemd op informatiebehoeften, belangrijke informatiebronnen ontbreken en het is aangewezen vaardigheden en attitudes doelbewust verder te ontwikkelen.

Dit boek biedt wetenschappelijk gefundeerde inzichten in hoe en waarom Vlaamse schoolleiders en leerkrachten verschillende soorten informatie aanwenden. Het beschrijft bestaande initiatieven en geeft inzicht in de randvoorwaarden die tot succesvol informatiegebruik kunnen bijdragen. Het boek formuleert aan de hand van richtinggevende principes concrete aanbevelingen om het informatiegebruik in scholen verder te ondersteunen. Op die manier vormt het een houvast, zowel voor schoolleiders en leerkrachten die aan een informatiecultuur wensen te werken als voor hun begeleiders en beleidsmakers die een context wensen te creëren die informatiegebruik in scholen mee mogelijk maakt.



Roos Van Gasse, Jan Vanhoof, Paul Mahieu en Peter Van Petegem zijn verbonden aan het IOIW – Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen – van de Universiteit Antwerpen. Ze maken deel uit van de onderzoeksgroep Edubron (www.edubron.be).

Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachtenInformatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten
Quick View

Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten

 32,80

Schoolleiders en leerkrachten ervaren dat ze doeltreffender gebruik kunnen maken van de informatie waarover ze beschikken om problemen waarmee ze geconfronteerd worden te begrijpen en het hoofd te bieden. Vanuit de overtuiging dat informatiegebruik een meerwaarde kan betekenen voor het nemen van beleids- en praktijkbeslissingen, zetten scholen informatiegebruik dan ook steeds prominenter op hun agenda. Hun streven is om via informatie aspecten van de eigen onderwijsprocessen en -resultaten in kaart te brengen en verder te ontwikkelen. De aandacht voor informatiegebruik wordt daarnaast geprikkeld door verwachtingen van buiten de school. Schoolleiders en leerkrachten zijn zoekende in hoe ze informatie kunnen aanwenden om verantwoording af te leggen voor hun onderwijsprocessen en -resultaten. Beide streefdoelen realiseren blijkt echter bijzonder moeilijk te zijn. Het beschikbare informatieaanbod is vaak niet afgestemd op informatiebehoeften, belangrijke informatiebronnen ontbreken en het is aangewezen vaardigheden en attitudes doelbewust verder te ontwikkelen.

Dit boek biedt wetenschappelijk gefundeerde inzichten in hoe en waarom Vlaamse schoolleiders en leerkrachten verschillende soorten informatie aanwenden. Het beschrijft bestaande initiatieven en geeft inzicht in de randvoorwaarden die tot succesvol informatiegebruik kunnen bijdragen. Het boek formuleert aan de hand van richtinggevende principes concrete aanbevelingen om het informatiegebruik in scholen verder te ondersteunen. Op die manier vormt het een houvast, zowel voor schoolleiders en leerkrachten die aan een informatiecultuur wensen te werken als voor hun begeleiders en beleidsmakers die een context wensen te creëren die informatiegebruik in scholen mee mogelijk maakt.



Roos Van Gasse, Jan Vanhoof, Paul Mahieu en Peter Van Petegem zijn verbonden aan het IOIW – Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen – van de Universiteit Antwerpen. Ze maken deel uit van de onderzoeksgroep Edubron (www.edubron.be).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling

 33,50

Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op de diagnostische protocollen.

De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.

Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg in de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider.

Groeiboek bestaat uit vier delen: ‘Basisboek’, ‘Signaleren’, ‘Analyse en handelen’ en ‘Continuïteit van de gedeelde zorg’. Deel 3: ‘Analyse en handelen’ bestaat uit aparte domeinboeken die het denkkader concretiseren en suggesties doen naar interventies. Dit is het domeinboek ‘Motorische ontwikkeling’.

Groeiboek bestaat uit de delen: Basisboek, Signaleren, Analyse en handelen.
Zie ook:
Groeiboek. Basisboek
Groeiboek. Signaleren
Groeiboek. Analyse en handelen. Situering en werkwijze
Groeiboek. Analyse en handelen. Ontwikkeling van de zelfsturing
Groeiboek. Analyse en handelen. Denkontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Taalontwikkeling
[Groeiboek. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling]
Groeiboek. Analyse en handelen. Zintuiglijke ontwikkeling & lichamelijke factoren


De auteur van Groeiboek/Motorische ontwikkeling, Christine De Medts, is pedagogisch begeleider bij de Pedagogische Begeleidingsdienst in het Bisdom Gent en praktijkassistent aan UGent. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, Coördinator Basisonderwijs van het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding regio Gent en eindredacteur/coördinator van de Groeiboek-reeks.

Quick View

Groeiboek. Zorg- en volgsysteem voor kleuters. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling

 33,50

Groeiboek is een hulpmiddel bij de uitbouw van een zorgbeleid in de kleuterschool. Het is ontwikkeld voor de kleuterleidster en het zorgteam om extra zorg te bieden aan de kleuters die dat nodig hebben. Het handelingsgericht samenwerken en het zorgcontinuüm is het kader van waaruit wordt gewerkt. Groeiboek situeert zich op het niveau van verhoogde zorg en uitbreiding van zorg. Het concretiseert deze niveaus, in aansluiting op de diagnostische protocollen.

De kleuterleidster signaleert haar bezorgdheid en maakt systematisch een analyse. Hiermee ontdekt ze de onderwijsbehoeften van de kleuter en komt ze tot doelgericht handelen. Verschillende hulpmiddelen, zoals een overzicht van mogelijke hypothesen, observatielijsten en ontwikkelingslijnen, helpen haar hierbij.

Groeiboek ondersteunt op deze manier de systematiek en de continuïteit van de extra zorg in de kleuterschool. Dat leidt tot een gedeelde zorg met de ouders, de kleuterleidster, het zorgteam en de leerlingbegeleider.

Groeiboek bestaat uit vier delen: ‘Basisboek’, ‘Signaleren’, ‘Analyse en handelen’ en ‘Continuïteit van de gedeelde zorg’. Deel 3: ‘Analyse en handelen’ bestaat uit aparte domeinboeken die het denkkader concretiseren en suggesties doen naar interventies. Dit is het domeinboek ‘Motorische ontwikkeling’.

Groeiboek bestaat uit de delen: Basisboek, Signaleren, Analyse en handelen.
Zie ook:
Groeiboek. Basisboek
Groeiboek. Signaleren
Groeiboek. Analyse en handelen. Situering en werkwijze
Groeiboek. Analyse en handelen. Ontwikkeling van de zelfsturing
Groeiboek. Analyse en handelen. Denkontwikkeling
Groeiboek. Analyse en handelen. Taalontwikkeling
[Groeiboek. Analyse en handelen. Motorische ontwikkeling]
Groeiboek. Analyse en handelen. Zintuiglijke ontwikkeling & lichamelijke factoren


De auteur van Groeiboek/Motorische ontwikkeling, Christine De Medts, is pedagogisch begeleider bij de Pedagogische Begeleidingsdienst in het Bisdom Gent en praktijkassistent aan UGent. Ze werkte voor dit domeinboek samen met Reinilde Lambert, Coördinator Basisonderwijs van het Vrij Centrum voor Leerlingbegeleiding regio Gent en eindredacteur/coördinator van de Groeiboek-reeks.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Edward Poppe, een heilige voor deze tijd (Fracarita-reeks, nr. 4)

 16,40

Paus Johannes Paulus II verklaarde de Vlaamse priester Edward Poppe op 3 oktober 1999 zalig. Dit werd voorafgegaan door een lang proces waarbij de faam van heiligheid grondig werd onderzocht. Met de zaligverklaring heeft de Kerk formeel bevestigd wat men in Vlaanderen, en ook daarbuiten, reeds lang beaamde: priester Edward Poppe was een uitzonderlijk man, een diep bewogen priester die de persoonlijke heiligheid als het enige objectief stelde in zijn leven.

Maar wat is de betekenis van Edward Poppe, die toch een priesterbeeld vertegenwoordigt dat ver weg ligt? Hij heeft inderdaad in een andere tijd geleefd, zowat 100 jaar geleden, maar de wijze waarop hij invulling gaf aan de roeping om heilig te worden, heeft hij zo persoonlijk ingevuld, dat dit ook vandaag een bron van inspiratie mag zijn. Dit boek maakt een wandeling door het leven van Edward Poppe en staat stil bij de verschillende elementen die zijn spiritualiteit kleuren.



René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracarita-reeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.

Quick View

Edward Poppe, een heilige voor deze tijd (Fracarita-reeks, nr. 4)

 16,40

Paus Johannes Paulus II verklaarde de Vlaamse priester Edward Poppe op 3 oktober 1999 zalig. Dit werd voorafgegaan door een lang proces waarbij de faam van heiligheid grondig werd onderzocht. Met de zaligverklaring heeft de Kerk formeel bevestigd wat men in Vlaanderen, en ook daarbuiten, reeds lang beaamde: priester Edward Poppe was een uitzonderlijk man, een diep bewogen priester die de persoonlijke heiligheid als het enige objectief stelde in zijn leven.

Maar wat is de betekenis van Edward Poppe, die toch een priesterbeeld vertegenwoordigt dat ver weg ligt? Hij heeft inderdaad in een andere tijd geleefd, zowat 100 jaar geleden, maar de wijze waarop hij invulling gaf aan de roeping om heilig te worden, heeft hij zo persoonlijk ingevuld, dat dit ook vandaag een bron van inspiratie mag zijn. Dit boek maakt een wandeling door het leven van Edward Poppe en staat stil bij de verschillende elementen die zijn spiritualiteit kleuren.



René Stockman is de generale overste van de Broeders van Liefde. Hij begon zijn loopbaan aan het Instituut Guislain in Gent, waar hij onder meer conservator is van het Museum Guislain. Hij promoveerde in de maatschappelijke gezondheidszorg aan de KU Leuven en is nu ook gastdocent aan diverse universiteiten. De Fracarita-reeks is een initiatief van de Broeders van Liefde.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Francis Bacon “twittert”. De nieuwe academie (Reeks Omtrent Filosofie nr 7)

 23,10

Francis Bacon (1561-1626) was een belangrijk Engels staatsman en invloedrijk humanistisch filosoof. Zijn publicaties liggen aan de oorsprong van onze moderne visie op het wetenschappelijk onderzoek. Toch is hij vandaag weinig bekend: in overzichtswerken komt hij nauwelijks aan bod en er verschijnt relatief weinig over hem. Dit boek brengt Bacons ideeën opnieuw voor het volle voetlicht. Bacon schreef toegankelijke teksten: essays, manifesten voor een nieuwe wetenschap en zelfs een fictief verhaal over een ideale kennismaatschappij. Zijn stijl was helder en vaak aforistisch, met bondige en sprankelende zinnen die we vandaag zonder dralen zouden retweeten.

Dit eigenzinnige boek bespreekt de belangrijkste juridische, filosofische en wetenschapsethische inzichten van Bacon, verweven met diens intrigerende levenswandel. Zijn uitspraken zijn door de auteur gemoderniseerd en voorgesteld als tweets. Bacons beschouwingen zouden ook vandaag wel eens het verschil kunnen maken in de wetenschappelijke wereld die stilaan in het slop raakt door de vermarkting van de universiteit.



Gustaaf C. Cornelis doceert onder andere wetenschapsethiek, -filosofie en -geschiedenis aan de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen. Hij studeerde wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit Brussel, de Universiteit Gent en de Atheense Polytechnische Universiteit. Hij publiceert over diverse wetenschaps-filosofische onderwerpen in zowel populariserende als vakliteratuur.

Quick View

Francis Bacon “twittert”. De nieuwe academie (Reeks Omtrent Filosofie nr 7)

 23,10

Francis Bacon (1561-1626) was een belangrijk Engels staatsman en invloedrijk humanistisch filosoof. Zijn publicaties liggen aan de oorsprong van onze moderne visie op het wetenschappelijk onderzoek. Toch is hij vandaag weinig bekend: in overzichtswerken komt hij nauwelijks aan bod en er verschijnt relatief weinig over hem. Dit boek brengt Bacons ideeën opnieuw voor het volle voetlicht. Bacon schreef toegankelijke teksten: essays, manifesten voor een nieuwe wetenschap en zelfs een fictief verhaal over een ideale kennismaatschappij. Zijn stijl was helder en vaak aforistisch, met bondige en sprankelende zinnen die we vandaag zonder dralen zouden retweeten.

Dit eigenzinnige boek bespreekt de belangrijkste juridische, filosofische en wetenschapsethische inzichten van Bacon, verweven met diens intrigerende levenswandel. Zijn uitspraken zijn door de auteur gemoderniseerd en voorgesteld als tweets. Bacons beschouwingen zouden ook vandaag wel eens het verschil kunnen maken in de wetenschappelijke wereld die stilaan in het slop raakt door de vermarkting van de universiteit.



Gustaaf C. Cornelis doceert onder andere wetenschapsethiek, -filosofie en -geschiedenis aan de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen. Hij studeerde wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit Brussel, de Universiteit Gent en de Atheense Polytechnische Universiteit. Hij publiceert over diverse wetenschaps-filosofische onderwerpen in zowel populariserende als vakliteratuur.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Dromen van een mooie oude dag… ook voor mensen met een verstandelijke beperking

 15,40

Een rustige oude dag – het is iets waar we allemaal van dromen. Minder moeten, maar nog veel kunnen – en daar van mogen genieten, dat is veelal het achterliggende idee. We gunnen het iedereen en we hopen dat het ook voor onszelf zo mag gaan. En wanneer dit niet langer evident blijkt, hopen we dat er anderen zijn om ons te helpen, te ondersteunen, te troosten. Die evolutie naar een grotere afhankelijkheid van anderen gaat voor sommigen als vanzelf; voor anderen is het een moeizaam proces van afstaan en verliezen wat men niet kwijt wil. En er zijn de enkelingen die op hoge leeftijd hun omgeving verbazen met hun blijvende vitaliteit.

Dat is niet anders voor de mensen die we in De Lovie vzw dag in dag uit professioneel bijstaan. Vanuit een grote bekommernis om het welzijn van de senioren die we begeleiden, is deze visietekst ontstaan; niet met de overtuiging kant-en-klare antwoorden te bieden voor elk mogelijk probleem, wel met de bedoeling een kapstok mee te geven, een denkkader waaraan het eigen handelen, de begeleiding van die ene unieke persoon, kan worden getoetst. Hiermee willen we een inspiratiebron zijn voor al wie interesse heeft of zich inzet voor de ondersteuning van senioren met een verstandelijke handicap.



Quick View

Dromen van een mooie oude dag… ook voor mensen met een verstandelijke beperking

 15,40

Een rustige oude dag – het is iets waar we allemaal van dromen. Minder moeten, maar nog veel kunnen – en daar van mogen genieten, dat is veelal het achterliggende idee. We gunnen het iedereen en we hopen dat het ook voor onszelf zo mag gaan. En wanneer dit niet langer evident blijkt, hopen we dat er anderen zijn om ons te helpen, te ondersteunen, te troosten. Die evolutie naar een grotere afhankelijkheid van anderen gaat voor sommigen als vanzelf; voor anderen is het een moeizaam proces van afstaan en verliezen wat men niet kwijt wil. En er zijn de enkelingen die op hoge leeftijd hun omgeving verbazen met hun blijvende vitaliteit.

Dat is niet anders voor de mensen die we in De Lovie vzw dag in dag uit professioneel bijstaan. Vanuit een grote bekommernis om het welzijn van de senioren die we begeleiden, is deze visietekst ontstaan; niet met de overtuiging kant-en-klare antwoorden te bieden voor elk mogelijk probleem, wel met de bedoeling een kapstok mee te geven, een denkkader waaraan het eigen handelen, de begeleiding van die ene unieke persoon, kan worden getoetst. Hiermee willen we een inspiratiebron zijn voor al wie interesse heeft of zich inzet voor de ondersteuning van senioren met een verstandelijke handicap.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vergadering in het gezin

 12,30

Een 8-jarige die aan zijn papa vraagt om te vergaderen. Klinkt het vreemd in de oren? De auteurs van dit boek, een echtpaar met drie jonge kinderen, vergaderen geregeld met hun kroost over ‘gezinszaken’. Hun gezin is dit intussen gewend en wil het niet meer missen. De kinderen schuiven elke week vrolijk mee aan tafel om samen te vergaderen. Het werkt om het dagelijkse leven te structureren en het zet de kinderen aan om een handje toe te steken in huis. Samen met takenlijstjes en een beloningssysteem vormen de wekelijkse vergaderingen de draaischijf van het gezin. Los daarvan genieten ze ook allemaal samen van deze gezellige momenten.

In dit boek staat beschreven hoe de ouders tot dit bijzondere concept kwamen en hoe het vorm kreeg in hun gezin. Het werpt een blik op de inhoud van hun gezinsvergaderingen, de lijstjes en de beloningen. Hoe reageren de kinderen hierop? Wat brengt het teweeg in huis? Wat werkt wel, wat niet? En op welke manier? Niet alleen de ouders zijn blij met dit vergadersysteem, ook hun kinderen hebben er deugd van. ‘We moeten nog vergaderen!’ klinkt het regelmatig.

De auteurs delen hierbij hun enthousiasme en bieden meteen ook een praktische leidraad om zelf met dit concept aan de slag te gaan. Zij beschouwen het als inspiratiebron voor rust, structuur en gezelligheid in huis.



Vanessa Vannijvel, criminoloog van opleiding, is stafl id bij het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg in Leuven.

Wim Van Loon, communicatiewetenschapper, werkt als webdeveloper in de reclamesector.

Samen zijn ze eigenaar van Lekkerhageland.be, een webwinkel vol Hagelandse streekproducten.

Quick View

Vergadering in het gezin

 12,30

Een 8-jarige die aan zijn papa vraagt om te vergaderen. Klinkt het vreemd in de oren? De auteurs van dit boek, een echtpaar met drie jonge kinderen, vergaderen geregeld met hun kroost over ‘gezinszaken’. Hun gezin is dit intussen gewend en wil het niet meer missen. De kinderen schuiven elke week vrolijk mee aan tafel om samen te vergaderen. Het werkt om het dagelijkse leven te structureren en het zet de kinderen aan om een handje toe te steken in huis. Samen met takenlijstjes en een beloningssysteem vormen de wekelijkse vergaderingen de draaischijf van het gezin. Los daarvan genieten ze ook allemaal samen van deze gezellige momenten.

In dit boek staat beschreven hoe de ouders tot dit bijzondere concept kwamen en hoe het vorm kreeg in hun gezin. Het werpt een blik op de inhoud van hun gezinsvergaderingen, de lijstjes en de beloningen. Hoe reageren de kinderen hierop? Wat brengt het teweeg in huis? Wat werkt wel, wat niet? En op welke manier? Niet alleen de ouders zijn blij met dit vergadersysteem, ook hun kinderen hebben er deugd van. ‘We moeten nog vergaderen!’ klinkt het regelmatig.

De auteurs delen hierbij hun enthousiasme en bieden meteen ook een praktische leidraad om zelf met dit concept aan de slag te gaan. Zij beschouwen het als inspiratiebron voor rust, structuur en gezelligheid in huis.



Vanessa Vannijvel, criminoloog van opleiding, is stafl id bij het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg in Leuven.

Wim Van Loon, communicatiewetenschapper, werkt als webdeveloper in de reclamesector.

Samen zijn ze eigenaar van Lekkerhageland.be, een webwinkel vol Hagelandse streekproducten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het wordende denken (Cahiers Campus Gelbergen Nr. 3)

 29,90

De wereld verandert. In elk geval wordt de wereld kleiner en hebben wereldburgers (in)direct meer met elkaar te maken. Media leveren 24 uur per dag informatie aan die de wereldburger voortdurend confronteert met wat zijn naaste meemaakt, van honger tot verlies, van genot tot megawinst. De wereldburger is, meestal ondanks zichzelf, partij geworden in de levens van naasten zonder dat hij ze ‘kent’. Noch het establishment, noch de familie, noch de politieke elite, noch het economisch gewin kunnen de wereldburger ervan ontslaan zijn eigen antwoord te formuleren op kwesties waarin hij rechtstreeks betrokken is als ingezetene van een land in oorlog, honger, welvaart, crisis of als lid van een familie in conflict … Dit gegeven legt een onmiskenbare druk op de kwaliteit van communicatie. Hoe communiceren wij? Wat zeggen wij aan wie veraf is, aan wie dichtbij staat? Hoe zien wij de ander? Welke eisen leggen we onszelf op en hoe staat dit in verhouding tot een relatie met de ander? Als het andere voortdurend op onze huid zit, hoe denken we het andere?

De relevantie van de artikelen in deze publicatie – voortgekomen uit een praktijk van gespreksvoering – ligt vooral in de kwestie van verantwoordelijkheid die steeds opnieuw besproken en belicht wordt. Wat betekent ‘antwoorden’, hoe verloopt dit in de communicatie en welke feitelijke, morele en emotionele omstandigheden hebben invloed op of ‘het antwoordende oordeel’ wel of niet gebeurt?



Leo Beyers (1933-2012) was acteur, regisseur en filosoof. Vlak na de Tweede Wereldoorlog werkte hij op jonge leeftijd als slagersjongen. Vanaf zijn 24ste maakte hij de overstap naar het theater. Na het conservatorium in Antwerpen en Studio Herman Teirlinck volgde een carrière als toneel-, televisie- en filmacteur, (opera)regisseur en docent. Begin jaren zeventig gaf hij gedurende een korte periode leiding aan De Nieuwe Komedie in Den Haag. In 1981 moest hij vanwege zijn gezondheid een punt zetten achter zijn theatercarrière. Dit was tevens het moment waarop hij zijn dramaturgische blik op de filosofie integreerde in zijn werk. Leo Beyers was de inspirator van Campus Gelbergen, voorheen Academie Leo Beyers voor Kunsten en Leefwetenschappen (1995-2010). Zijn communicatieanalyse-onderzoek vormde de inhoudelijke basis voor de Campus. Beyers’ expertise is terug te vinden in de filosofie, drama en analyse van hoe? en waarom zo? wij communiceren.

Quick View

Het wordende denken (Cahiers Campus Gelbergen Nr. 3)

 29,90

De wereld verandert. In elk geval wordt de wereld kleiner en hebben wereldburgers (in)direct meer met elkaar te maken. Media leveren 24 uur per dag informatie aan die de wereldburger voortdurend confronteert met wat zijn naaste meemaakt, van honger tot verlies, van genot tot megawinst. De wereldburger is, meestal ondanks zichzelf, partij geworden in de levens van naasten zonder dat hij ze ‘kent’. Noch het establishment, noch de familie, noch de politieke elite, noch het economisch gewin kunnen de wereldburger ervan ontslaan zijn eigen antwoord te formuleren op kwesties waarin hij rechtstreeks betrokken is als ingezetene van een land in oorlog, honger, welvaart, crisis of als lid van een familie in conflict … Dit gegeven legt een onmiskenbare druk op de kwaliteit van communicatie. Hoe communiceren wij? Wat zeggen wij aan wie veraf is, aan wie dichtbij staat? Hoe zien wij de ander? Welke eisen leggen we onszelf op en hoe staat dit in verhouding tot een relatie met de ander? Als het andere voortdurend op onze huid zit, hoe denken we het andere?

De relevantie van de artikelen in deze publicatie – voortgekomen uit een praktijk van gespreksvoering – ligt vooral in de kwestie van verantwoordelijkheid die steeds opnieuw besproken en belicht wordt. Wat betekent ‘antwoorden’, hoe verloopt dit in de communicatie en welke feitelijke, morele en emotionele omstandigheden hebben invloed op of ‘het antwoordende oordeel’ wel of niet gebeurt?



Leo Beyers (1933-2012) was acteur, regisseur en filosoof. Vlak na de Tweede Wereldoorlog werkte hij op jonge leeftijd als slagersjongen. Vanaf zijn 24ste maakte hij de overstap naar het theater. Na het conservatorium in Antwerpen en Studio Herman Teirlinck volgde een carrière als toneel-, televisie- en filmacteur, (opera)regisseur en docent. Begin jaren zeventig gaf hij gedurende een korte periode leiding aan De Nieuwe Komedie in Den Haag. In 1981 moest hij vanwege zijn gezondheid een punt zetten achter zijn theatercarrière. Dit was tevens het moment waarop hij zijn dramaturgische blik op de filosofie integreerde in zijn werk. Leo Beyers was de inspirator van Campus Gelbergen, voorheen Academie Leo Beyers voor Kunsten en Leefwetenschappen (1995-2010). Zijn communicatieanalyse-onderzoek vormde de inhoudelijke basis voor de Campus. Beyers’ expertise is terug te vinden in de filosofie, drama en analyse van hoe? en waarom zo? wij communiceren.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk (Omtrent Logopedie, nr. 5)

 50,40

Deze herwerkte editie van het boek ‘Stemstoornissen’ is bedoeld voor logopedisten en NKO-artsen met bijzondere interesse voor het onderzoek en de behandeling van stemstoornissen. Voor studenten biedt dit boek een volledig referentiekader van alle relevante aspecten van de stemzorg. Voor professionelen is het een handig naslagwerk waarvan de volledige inhoud aangepast werd aan het ICF-referentiekader, de actueel geldende internationale richtlijnen en ‘best clinical practices’. Een trefwoordregister werd in deze editie toegevoegd. Het referentiekader van de auteurs is duidelijk multidisciplinair: medische en logopedische aspecten worden geïntegreerd tot één geheel zoals in de klinische praktijk. Diagnostische en therapeutische procedures worden kritisch benaderd en geconcretiseerd aan de hand van typische zorgpaden en casuïstiek.



Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair Revalidatiecentrum voor Communicatiestoornissen aan het UZ Antwerpen en hoofddocent aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding logopedische en audiologische wetenschappen van de Universiteit Gent, onder meer voor het vak stemstoornissen, en co-organisator van de postacademische vorming stemstoornissen.
Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is voormalig diensthoofd en adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout en directeur van de Centra voor Ambulante Revalidatie van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen, en van het revalidatiecentrum voor Niet-Aangeboren Hersenletsels te Turnhout. Hij is verbonden aan de Universiteit Antwerpen als postdocoraal onderzoeker en aan de Universiteit Gent als gastprofessor. Hij is auteur van een groot aantal publicaties rond onder meer stem, stotteren, taal, afasie en wetgeving. Hij was achtereenvolgens bestuurslid en voorzitter van de Belgische Beroepsvereniging voor Logopedisten (1973-1980), en voorzitter en gedelegeerd bestuurder van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten (1980-2013). Daarnaast is hij al vele jaren co-organisator van de postacademische vorming stemstoornissen.
Fons Mertens is logopedist en voormalig adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout. Hij bouwde een jarenlange expertise op in de behandeling van stemstoornissen en is betrokken bij talrijke onderzoeken en projecten op het vlak van stem. Daarnaast is hij al vele jaren co-organisator van de postacademische vorming stemstoornissen.
Jan Vanderwegen is NKO- en revalidatiearts met bijzondere interesse in stem- en slikstoornissen. Hij is actief betrokken bij de Dysphagia Research Society en de Belgian Society for Swallowing Disorders. Hij consulteert in het UMC Sint-Pieter (Brussel) en doceert Anatomie en Fysiologie aan de Thomas More hogeschool (Antwerpen).
Paul Van de Heyning is gewoon hoogleraar en diensthoofd van de afdeling NKO, Hoofd- en Halschirurgie van het UZ Antwerpen. Hij bouwde de stemkliniek van het UZA tot een belangrijk referentiecentrum voor stemstoornissen. Hij is promotor van talrijke onderzoeksprojecten en doctoraten, die uitmondden in toonaangevende internationale publicaties en erkenning.




Omtrent Logopedie:
  • Nr. 1: Mijn stem, mijn beroep (uitverkocht)
  • Nr. 2: Taaltherapie bij kinderen
  • Nr. 3: Ik oefen mijn stem
  • Nr. 4: Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten
  • Nr. 5: Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk
  • Nr. 6: Werken aan stem
  • Nr. 7: Dysfagie
  • Geen voorraad
    Quick View

    Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk (Omtrent Logopedie, nr. 5)

     50,40

    Deze herwerkte editie van het boek ‘Stemstoornissen’ is bedoeld voor logopedisten en NKO-artsen met bijzondere interesse voor het onderzoek en de behandeling van stemstoornissen. Voor studenten biedt dit boek een volledig referentiekader van alle relevante aspecten van de stemzorg. Voor professionelen is het een handig naslagwerk waarvan de volledige inhoud aangepast werd aan het ICF-referentiekader, de actueel geldende internationale richtlijnen en ‘best clinical practices’. Een trefwoordregister werd in deze editie toegevoegd. Het referentiekader van de auteurs is duidelijk multidisciplinair: medische en logopedische aspecten worden geïntegreerd tot één geheel zoals in de klinische praktijk. Diagnostische en therapeutische procedures worden kritisch benaderd en geconcretiseerd aan de hand van typische zorgpaden en casuïstiek.



    Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het Universitair Revalidatiecentrum voor Communicatiestoornissen aan het UZ Antwerpen en hoofddocent aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding logopedische en audiologische wetenschappen van de Universiteit Gent, onder meer voor het vak stemstoornissen, en co-organisator van de postacademische vorming stemstoornissen.
    Louis Heylen is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is voormalig diensthoofd en adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout en directeur van de Centra voor Ambulante Revalidatie van Turnhout, de Zuiderkempen en Mechelen, en van het revalidatiecentrum voor Niet-Aangeboren Hersenletsels te Turnhout. Hij is verbonden aan de Universiteit Antwerpen als postdocoraal onderzoeker en aan de Universiteit Gent als gastprofessor. Hij is auteur van een groot aantal publicaties rond onder meer stem, stotteren, taal, afasie en wetgeving. Hij was achtereenvolgens bestuurslid en voorzitter van de Belgische Beroepsvereniging voor Logopedisten (1973-1980), en voorzitter en gedelegeerd bestuurder van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten (1980-2013). Daarnaast is hij al vele jaren co-organisator van de postacademische vorming stemstoornissen.
    Fons Mertens is logopedist en voormalig adviseur van de Dienst Logopedie KMSL te Turnhout. Hij bouwde een jarenlange expertise op in de behandeling van stemstoornissen en is betrokken bij talrijke onderzoeken en projecten op het vlak van stem. Daarnaast is hij al vele jaren co-organisator van de postacademische vorming stemstoornissen.
    Jan Vanderwegen is NKO- en revalidatiearts met bijzondere interesse in stem- en slikstoornissen. Hij is actief betrokken bij de Dysphagia Research Society en de Belgian Society for Swallowing Disorders. Hij consulteert in het UMC Sint-Pieter (Brussel) en doceert Anatomie en Fysiologie aan de Thomas More hogeschool (Antwerpen).
    Paul Van de Heyning is gewoon hoogleraar en diensthoofd van de afdeling NKO, Hoofd- en Halschirurgie van het UZ Antwerpen. Hij bouwde de stemkliniek van het UZA tot een belangrijk referentiecentrum voor stemstoornissen. Hij is promotor van talrijke onderzoeksprojecten en doctoraten, die uitmondden in toonaangevende internationale publicaties en erkenning.




    Omtrent Logopedie:
  • Nr. 1: Mijn stem, mijn beroep (uitverkocht)
  • Nr. 2: Taaltherapie bij kinderen
  • Nr. 3: Ik oefen mijn stem
  • Nr. 4: Gezondheidswetgeving en sociale zekerheid voor logopedisten
  • Nr. 5: Stemstoornissen. Handboek voor de klinische praktijk
  • Nr. 6: Werken aan stem
  • Nr. 7: Dysfagie
  • Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Internationale economie – Zevende druk

     49,90

    ‘De wereld is een dorp geworden’. Iedereen wordt zich meer bewust van de enorme onderlinge afhankelijkheid van nationale economieën. Dat bewustzijn is niet van recente datum, maar groeit nu exponentieel.
    Voor dit boek is geen gespecialiseerde kennis van economie vereist. Het legt alles zorgvuldig en geduldig uit. Daarbij kozen de auteurs voor een grafische bespreking en uitdieping van de thema’s, met beperkte wiskundige uitwerkingen. Het uiteindelijke resultaat is wel een uitgebreide en grondige kennis van de internationale economie of van deelaspecten ervan. Verspreid over het hele boek lichten boxen specifieke topics toe.



    Ludo Cuyvers en Rob Embrechts zijn emeritus hoogleraar economie aan de Universiteit Antwerpen en gasthoogleraar aan diverse buitenlandse universiteiten. Glenn Rayp doceert aan de Universiteit Gent, Trudo Dejonghe aan de Thomas More-Hogeschool in Antwerpen.

    Quick View

    Internationale economie – Zevende druk

     49,90

    ‘De wereld is een dorp geworden’. Iedereen wordt zich meer bewust van de enorme onderlinge afhankelijkheid van nationale economieën. Dat bewustzijn is niet van recente datum, maar groeit nu exponentieel.
    Voor dit boek is geen gespecialiseerde kennis van economie vereist. Het legt alles zorgvuldig en geduldig uit. Daarbij kozen de auteurs voor een grafische bespreking en uitdieping van de thema’s, met beperkte wiskundige uitwerkingen. Het uiteindelijke resultaat is wel een uitgebreide en grondige kennis van de internationale economie of van deelaspecten ervan. Verspreid over het hele boek lichten boxen specifieke topics toe.



    Ludo Cuyvers en Rob Embrechts zijn emeritus hoogleraar economie aan de Universiteit Antwerpen en gasthoogleraar aan diverse buitenlandse universiteiten. Glenn Rayp doceert aan de Universiteit Gent, Trudo Dejonghe aan de Thomas More-Hogeschool in Antwerpen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Anthropology as a Driver for Tourism Research

     34,90

    This book was inspired by the strongly increasing cross-fertilization between anthropological research and tourism studies. It provides a rich and comprehensive overview of key topics within contemporary international research related to the anthropology of tourism, including theoretical and methodological issues, field studies, ethnographic museum policy and the anthropological contributions to tourism policy research and cultural tourism studies.

    These contents make the book suitable for researchers, lecturers and students in the fields of anthropology and tourism, as well as for policymakers and practitioners working in the culture and museum sectors, the tourism industry and government service. Thanks to the special attention the editors paid to unlocking the texts for interested laymen, culture seekers and travel lovers will also appreciate the wealth of observations, descriptions and analyses that will undoubtedly broaden their outlook on people and places around the globe.



    Wil Munsters is professor of Tourism and Culture and director of the Research Centre for Tourism and Culture at Zuyd University of Applied Sciences (the Netherlands).

    Marjan Melkert is a researcher at the Research Centre for Tourism and Culture and a senior lecturer at the Academy of Fine Arts and Design at Zuyd University of Applied Sciences.

    Quick View

    Anthropology as a Driver for Tourism Research

     34,90

    This book was inspired by the strongly increasing cross-fertilization between anthropological research and tourism studies. It provides a rich and comprehensive overview of key topics within contemporary international research related to the anthropology of tourism, including theoretical and methodological issues, field studies, ethnographic museum policy and the anthropological contributions to tourism policy research and cultural tourism studies.

    These contents make the book suitable for researchers, lecturers and students in the fields of anthropology and tourism, as well as for policymakers and practitioners working in the culture and museum sectors, the tourism industry and government service. Thanks to the special attention the editors paid to unlocking the texts for interested laymen, culture seekers and travel lovers will also appreciate the wealth of observations, descriptions and analyses that will undoubtedly broaden their outlook on people and places around the globe.



    Wil Munsters is professor of Tourism and Culture and director of the Research Centre for Tourism and Culture at Zuyd University of Applied Sciences (the Netherlands).

    Marjan Melkert is a researcher at the Research Centre for Tourism and Culture and a senior lecturer at the Academy of Fine Arts and Design at Zuyd University of Applied Sciences.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Eerst vasthouden, dan loslaten. Het Emancipatorisch Methodisch Kader: houvast voor hulpverleners

     15,40

    Bij de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking komen emancipatie, zelfbepaling en andere burgerschapsmodellen almaar meer aan bod. Iedereen is in de weer om deze mensen een plaats te geven met volwaardige rechten en plichten. Zeker hulpverleners proberen dit dagelijks in de praktijk te zetten. Deze paradigmaverschuiving heeft alle actoren in de social profit in het burgerschapsmodel gekatapulteerd. Cliënten voelen zich niet alleen geëmancipeerd, maar ook soms eenzaam, geïsoleerd en onveilig. Iedereen, ook de samenleving in haar geheel, is op zoek naar houvast.
    In het spanningsveld tussen zelfbeschikking van de cliënt en de verantwoordelijkheid als hulpverlener heeft de auteur het EMK – Emancipatorisch Methodisch Kader ontwikkeld, dat niet alleen kansen tot zelfontplooiing voor de cliënten garandeert, maar ook veiligheid voor hem en zijn begeleiders. Het EMK beschrijft het emancipatieproces in een relationeel, instrumenteel, evaluatief en strategisch kader, rijkelijk geïllustreerd met praktijksituaties. Het boek is bestemd voor alle betrokkenen in de social profit.



    Karel De Corte studeerde psychologische en pedagogische hulpverlening, richting orthopedagogiek aan de Universiteit Gent. Hij is verbonden aan Den Dries in Evergem, een centrum dat volwassenen met verstandelijke beperkingen woonondersteuning biedt. Daarnaast geeft hij training en vorming over gentle teaching, downsyndroom en het burgerschapsparadigma.

    Quick View

    Eerst vasthouden, dan loslaten. Het Emancipatorisch Methodisch Kader: houvast voor hulpverleners

     15,40

    Bij de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking komen emancipatie, zelfbepaling en andere burgerschapsmodellen almaar meer aan bod. Iedereen is in de weer om deze mensen een plaats te geven met volwaardige rechten en plichten. Zeker hulpverleners proberen dit dagelijks in de praktijk te zetten. Deze paradigmaverschuiving heeft alle actoren in de social profit in het burgerschapsmodel gekatapulteerd. Cliënten voelen zich niet alleen geëmancipeerd, maar ook soms eenzaam, geïsoleerd en onveilig. Iedereen, ook de samenleving in haar geheel, is op zoek naar houvast.
    In het spanningsveld tussen zelfbeschikking van de cliënt en de verantwoordelijkheid als hulpverlener heeft de auteur het EMK – Emancipatorisch Methodisch Kader ontwikkeld, dat niet alleen kansen tot zelfontplooiing voor de cliënten garandeert, maar ook veiligheid voor hem en zijn begeleiders. Het EMK beschrijft het emancipatieproces in een relationeel, instrumenteel, evaluatief en strategisch kader, rijkelijk geïllustreerd met praktijksituaties. Het boek is bestemd voor alle betrokkenen in de social profit.



    Karel De Corte studeerde psychologische en pedagogische hulpverlening, richting orthopedagogiek aan de Universiteit Gent. Hij is verbonden aan Den Dries in Evergem, een centrum dat volwassenen met verstandelijke beperkingen woonondersteuning biedt. Daarnaast geeft hij training en vorming over gentle teaching, downsyndroom en het burgerschapsparadigma.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Partnerrelatie, intimiteit en seksualiteit in de tweede levenshelft (Reeks Senioren in de maatschappij, nr. 2)

     25,60

    Liefde op latere leeftijd … onmiddellijk verschijnen er ingetogen taferelen voor het geestesoog. Een ouder koppel, arm in arm en stapvoets op weg naar de markt. Meneer enigszins hardhorig en mevrouw moeilijk te been. Tederheid kan niet ontbreken. Mevrouw herhaalt driemaal dat ze nog een brood wil halen en glimlacht wanneer haar man het eindelijk begrijpt. Meneer ondersteunt liefdevol zijn echtgenote bij het oversteken van de straat. Uiteraard denkt niemand aan een scene waarin passionele seks plaatsvindt tussen deze twee mensen, hijgend van genot in de slaapkamer, kledij overal. Die tijd is al lang voorbij. Mensen op latere leeftijd hebben immers geen behoefte meer aan lichamelijke intimiteit. Maar is dat wel zo?

    Het staat vast dat een langdurige relatie voor velen het welbevinden bevordert. Bovendien ervaren partners verrassend genoeg de grootste tevredenheid in de latere jaren van hun relatie. Die worden omschreven als het toppunt van wederzijds engagement en intimiteit. Men koestert de band en zorgt voor elkaar. Maar ook op seksueel vlak hebben de meeste koppels in de tweede levenshelft hoegenaamd niet te klagen. Wat karakteriseert nu een langdurige relatie en hoe zet de seksuele ontwikkeling zich verder op latere leeftijd? Is het zo dat een dementie steeds het einde betekent van de verbondenheid? Wat na een scheiding of het overlijden van de geliefde? Vijfenvijftig plussers op zoek naar een nieuwe relatie bevolken meer en meer datingsites en andere ontmoetingsplaatsen. En wanneer een hulpbehoevende oudere verhuist naar een zorginstelling, stopt de behoefte aan nabijheid en warmte evenmin. Soms leidt dit tot situaties waarin sprake is van seksueel grensoverschrijdend gedrag.

    Dit boek behandelt een breed spectrum aan thema’s met betrekking tot intimiteit en seksualiteit op latere leeftijd. Het beoogt niet een handleiding te zijn, maar veeleer een inspiratiebron voor ervaringsdeskundigen en een introductie voor beginnende hulpverleners.



    Quick View

    Partnerrelatie, intimiteit en seksualiteit in de tweede levenshelft (Reeks Senioren in de maatschappij, nr. 2)

     25,60

    Liefde op latere leeftijd … onmiddellijk verschijnen er ingetogen taferelen voor het geestesoog. Een ouder koppel, arm in arm en stapvoets op weg naar de markt. Meneer enigszins hardhorig en mevrouw moeilijk te been. Tederheid kan niet ontbreken. Mevrouw herhaalt driemaal dat ze nog een brood wil halen en glimlacht wanneer haar man het eindelijk begrijpt. Meneer ondersteunt liefdevol zijn echtgenote bij het oversteken van de straat. Uiteraard denkt niemand aan een scene waarin passionele seks plaatsvindt tussen deze twee mensen, hijgend van genot in de slaapkamer, kledij overal. Die tijd is al lang voorbij. Mensen op latere leeftijd hebben immers geen behoefte meer aan lichamelijke intimiteit. Maar is dat wel zo?

    Het staat vast dat een langdurige relatie voor velen het welbevinden bevordert. Bovendien ervaren partners verrassend genoeg de grootste tevredenheid in de latere jaren van hun relatie. Die worden omschreven als het toppunt van wederzijds engagement en intimiteit. Men koestert de band en zorgt voor elkaar. Maar ook op seksueel vlak hebben de meeste koppels in de tweede levenshelft hoegenaamd niet te klagen. Wat karakteriseert nu een langdurige relatie en hoe zet de seksuele ontwikkeling zich verder op latere leeftijd? Is het zo dat een dementie steeds het einde betekent van de verbondenheid? Wat na een scheiding of het overlijden van de geliefde? Vijfenvijftig plussers op zoek naar een nieuwe relatie bevolken meer en meer datingsites en andere ontmoetingsplaatsen. En wanneer een hulpbehoevende oudere verhuist naar een zorginstelling, stopt de behoefte aan nabijheid en warmte evenmin. Soms leidt dit tot situaties waarin sprake is van seksueel grensoverschrijdend gedrag.

    Dit boek behandelt een breed spectrum aan thema’s met betrekking tot intimiteit en seksualiteit op latere leeftijd. Het beoogt niet een handleiding te zijn, maar veeleer een inspiratiebron voor ervaringsdeskundigen en een introductie voor beginnende hulpverleners.



    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      3
      Uw winkelwagen
      Vergadering in het gezin
      Vergadering in het gezin
      Aantal: 1
      Prijs: 12,30
       12,30
      Informatiegebruik door schoolleiders en leerkrachten
       32,80
      ×