Heel-meesters (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 2)
Dit deel uit de reeks Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg is gewijd aan grote figuren en belangwekkende ontwikkelingen uit de geneeskundige zorg. Het overspant de vijf eeuwen van de medische geschiedenis.
Het cahier bundelt bijdragen over grote medici, onder anderen Andreas Vesalius, Jan Palfijn, Guillaume Dupuytren, Aladar Petz, Aron Izak Kropveld, Antoine Louis, Nicolas-Philippe Ledru en John Gibbon. Maar het handelt evenzeer over aandoeneingen bij Italiaanse hertogen en pausen, over de bezenuving van de baarmoeder of over de ziekte van Addison bij John F. Kennedy.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Bob Van Hee studeerde geneeskunde van 1960 tot 1967 aan de Universiteit Gent en werd chirurg in Breda en Nijmegen.
Daarna was hij hoofddocent Chirurgie en Geschiedenis der Geneeskunde aan de Universiteit Antwerpen.
Hij is redacteur van Geschiedenis der Geneeskunde, journal of Medical Biography en Studium.
Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden aan de Universiteit Leiden.
Hij publiceerde onder meer over verkeer in het Romeinse Rijk.
Hij is eindredacteur van Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Heel-meesters (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 2)
Dit deel uit de reeks Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg is gewijd aan grote figuren en belangwekkende ontwikkelingen uit de geneeskundige zorg. Het overspant de vijf eeuwen van de medische geschiedenis.
Het cahier bundelt bijdragen over grote medici, onder anderen Andreas Vesalius, Jan Palfijn, Guillaume Dupuytren, Aladar Petz, Aron Izak Kropveld, Antoine Louis, Nicolas-Philippe Ledru en John Gibbon. Maar het handelt evenzeer over aandoeneingen bij Italiaanse hertogen en pausen, over de bezenuving van de baarmoeder of over de ziekte van Addison bij John F. Kennedy.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Bob Van Hee studeerde geneeskunde van 1960 tot 1967 aan de Universiteit Gent en werd chirurg in Breda en Nijmegen.
Daarna was hij hoofddocent Chirurgie en Geschiedenis der Geneeskunde aan de Universiteit Antwerpen.
Hij is redacteur van Geschiedenis der Geneeskunde, journal of Medical Biography en Studium.
Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden aan de Universiteit Leiden.
Hij publiceerde onder meer over verkeer in het Romeinse Rijk.
Hij is eindredacteur van Cahiers Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Qur’anic Term Translation. A Semantic Study from Arabic Perspective (ATI-Academic Publications, n° 7)
This book is mainly concerned with the meaning and English translation of Qur’anic terms which are therefore, analyzed both out of and in context.
This book establishes a method of investigation and analysis that linguists and translators could adopt when embarking on analysis of lexical items of the Qur’an and/or when translating it.
Owing to the intrinsic difficulties inherent in the translation of the Qur’an, analytical studies on Qur’anic terms are almost unheard of, in spite of the fact that many are the works that deal with the Qur’an in all languages.
Bearing in mind that ‘perfect’ translation is no more than an illusion, and that absolute synonymy is nothing but a myth, establishing the meaning of specialized Qur’anic terms with any degree of accuracy is an extremely daunting task, especially when addressing this issue in a language that is not that of the Qur’an.
The
present work is an attempt to bring the Qur’an a step closer to both
the general reader as well as the specialized researcher. In addition
to the semantic study of the Qur’anic terms and investigating their
translations in six other renowned works, this book also addresses
a number of important linguistic and cultural issues that no
serious researcher of the Qur’an can afford to miss. Its depth of
analysis and extensive notes are meant to save the reader the extraordinary
effort required to check a multitude of works necessary
to understand the issues at stake.
Ahmed Allaithy obtained his PhD in Comparative Translation of
the Holy Qur’an from the University of Durham, UK. He is an Associate
Professor of Translation, and the current President of Arabic
Translators International (ATI) (www.atinternational.org). He
is also the General Editor of ATI-Academic Series, and ATI-Literary
Series (Arabic Literature Unveiled). He is an established translator
and linguist, writer and poet with many works to his credit. He is a
specialist in Translation Studies, Arabic Language, Qur’anic Studies,
Arabic Rhetoric and Intercultural Communication.
Qur’anic Term Translation. A Semantic Study from Arabic Perspective (ATI-Academic Publications, n° 7)
This book is mainly concerned with the meaning and English translation of Qur’anic terms which are therefore, analyzed both out of and in context.
This book establishes a method of investigation and analysis that linguists and translators could adopt when embarking on analysis of lexical items of the Qur’an and/or when translating it.
Owing to the intrinsic difficulties inherent in the translation of the Qur’an, analytical studies on Qur’anic terms are almost unheard of, in spite of the fact that many are the works that deal with the Qur’an in all languages.
Bearing in mind that ‘perfect’ translation is no more than an illusion, and that absolute synonymy is nothing but a myth, establishing the meaning of specialized Qur’anic terms with any degree of accuracy is an extremely daunting task, especially when addressing this issue in a language that is not that of the Qur’an.
The
present work is an attempt to bring the Qur’an a step closer to both
the general reader as well as the specialized researcher. In addition
to the semantic study of the Qur’anic terms and investigating their
translations in six other renowned works, this book also addresses
a number of important linguistic and cultural issues that no
serious researcher of the Qur’an can afford to miss. Its depth of
analysis and extensive notes are meant to save the reader the extraordinary
effort required to check a multitude of works necessary
to understand the issues at stake.
Ahmed Allaithy obtained his PhD in Comparative Translation of
the Holy Qur’an from the University of Durham, UK. He is an Associate
Professor of Translation, and the current President of Arabic
Translators International (ATI) (www.atinternational.org). He
is also the General Editor of ATI-Academic Series, and ATI-Literary
Series (Arabic Literature Unveiled). He is an established translator
and linguist, writer and poet with many works to his credit. He is a
specialist in Translation Studies, Arabic Language, Qur’anic Studies,
Arabic Rhetoric and Intercultural Communication.
Verslaving en persoonlijkheidsstoornissen
Verslaving en persoonlijkheidsstoornissen zijn twee problemen die op zich al voor heel wat moeilijkheden zorgen. Geregeld komen ze samen voor. Zij vormen dan een combinatie waarop niet enkel hulpverleners in de verslavingszorg hun tanden stuk bijten. Deze mensen vinden we op andere momenten van hun leven ook terug in tal van vormen van hulpverlening: geestelijke gezondheidszorg, algemene welzijnszorg, justitiële hulpverlening … Soms is er geen georganiseerde hulp en wegen ze zwaar op hun omgeving.
Dit boek doorbreekt het therapeutisch pessimisme dat vaak te horen valt. Zonder naïef te zijn wil het bijdragen aan meer begrip, meer hoop en realistische verwachtingen in het denken over en behandelen van deze moeilijke problematiek. Bijzondere aandacht krijgen de antisociale en de borderline persoonlijkheidsstoornis. Hoe manifesteert deze combinatie zich in het dagelijkse leven? Erg belangrijk is de herkenbaarheid, in de hoop dat die ook erkenning biedt van de grote last, niet alleen voor de betrokkenen zelf, maar ook voor hun omgeving en voor hulpverleners. Maar herkenning en erkenning betekenen niet berusting of gelatenheid. Tegelijk worden vanuit de kennis over verslaving en aan de hand van denkschema’s uit werkzame therapieën over persoonlijkheidsstoornissen handvatten aangereikt voor het omgaan met deze mensen en hun problemen.
Peter De Bruyn is klinisch psycholoog en gedragstherapeut. Hij heeft een jarenlange ervaring in de drugshulpverlening, achtereenvolgens in ADIC – Antwerps Drug Interventie Centrum – en De Spiegel, begeleidingscentra van drugverslaafden. Binnen het opleidingsaanbod van de VAD, de Vlaamse koepelvereniging van organisaties op het terrein van alcohol en andere drugs, verzorgt hij vormingen rond verslavingsgedrag, groepswerk binnen (semi-)residentiële behandeling en de dubbeldiagnose verslaving-persoonlijheidsstoornissen.
Verslaving en persoonlijkheidsstoornissen
Verslaving en persoonlijkheidsstoornissen zijn twee problemen die op zich al voor heel wat moeilijkheden zorgen. Geregeld komen ze samen voor. Zij vormen dan een combinatie waarop niet enkel hulpverleners in de verslavingszorg hun tanden stuk bijten. Deze mensen vinden we op andere momenten van hun leven ook terug in tal van vormen van hulpverlening: geestelijke gezondheidszorg, algemene welzijnszorg, justitiële hulpverlening … Soms is er geen georganiseerde hulp en wegen ze zwaar op hun omgeving.
Dit boek doorbreekt het therapeutisch pessimisme dat vaak te horen valt. Zonder naïef te zijn wil het bijdragen aan meer begrip, meer hoop en realistische verwachtingen in het denken over en behandelen van deze moeilijke problematiek. Bijzondere aandacht krijgen de antisociale en de borderline persoonlijkheidsstoornis. Hoe manifesteert deze combinatie zich in het dagelijkse leven? Erg belangrijk is de herkenbaarheid, in de hoop dat die ook erkenning biedt van de grote last, niet alleen voor de betrokkenen zelf, maar ook voor hun omgeving en voor hulpverleners. Maar herkenning en erkenning betekenen niet berusting of gelatenheid. Tegelijk worden vanuit de kennis over verslaving en aan de hand van denkschema’s uit werkzame therapieën over persoonlijkheidsstoornissen handvatten aangereikt voor het omgaan met deze mensen en hun problemen.
Peter De Bruyn is klinisch psycholoog en gedragstherapeut. Hij heeft een jarenlange ervaring in de drugshulpverlening, achtereenvolgens in ADIC – Antwerps Drug Interventie Centrum – en De Spiegel, begeleidingscentra van drugverslaafden. Binnen het opleidingsaanbod van de VAD, de Vlaamse koepelvereniging van organisaties op het terrein van alcohol en andere drugs, verzorgt hij vormingen rond verslavingsgedrag, groepswerk binnen (semi-)residentiële behandeling en de dubbeldiagnose verslaving-persoonlijheidsstoornissen.
Profeten zwijgen niet. Omtrent José Comblin en bevrijdingstheologie
Een periode loopt ten einde. Zich verschuilen in overtuigingen van het
verleden die niet langer functioneren, kan niet langer. Wat de toekomst
brengt, is niet duidelijk. Het huidige rooms-katholieke kerksysteem
verkeert in een diepe crisis. Het christendom staat voor nieuwe uitdagingen.
In die context is een figuur als José Comblin, Belg van geboorte, uiterst
welkom. Deze pionier van de bevrijdingstheologie heeft ontzettend
veel betekend voor het kerkleven in Latijns-Amerika. In zijn geschriften
graaft hij door de lagen van de (kerk)geschiedenis heen naar de evangelische
kern. Hij kijkt naar de toekomst en schetst er inspirerende
lijnen voor. Deze publicatie laat zijn profetische stem op verschillende
wijzen weerklinken. Met zijn eigen woorden en via getuigenissen van
mensen die hem hebben meegemaakt. Zo kan dit boek voor jong en
oud een bron zijn om vanuit evangelische inspiratie aan maatschappijen
kerkverandering te werken.
Carlo Corten: Ex-Fidei-Donum-priester van het bisdom Antwerpen. 13
jaar werkzaam in Brazilië. Daarna monitor bij beschutte werkplaats MIN
(Antwerpen). Gepensioneerd sinds 2010.
Greet Schaumans: Oud-verantwoordelijke projecten Brazilië bij Broederlijk
Delen.
Jan Soetewey: Voormalig vrijgestelde van Christenen voor het Socialisme
(CvS). Actief in de Werkgroep Bevrijdingstheologie en het Bijbelcollectief
van CvS.
Luis (Ludo) Vandaele: Als priester 19 jaar werkzaam geweest in de volkswijken
van Campina Grande, dichtbij Serra Redonda, waar hij enkele keren
José Comblin ontmoette. Terug in België werkte hij eerst bij Broederlijk
Delen op de projectendienst voor Brazilië en later als sociale werker
in de multiculturele sector.
Didier Vanderslycke: Maatschappelijk werker, priester van het Bisdom
Antwerpen en lid van de Beweging voor Missionair Engagement. Nationaal
secretaris van KMS (Kerkwerk Multicultureel Samenleven) en
pastor in lokale kerkgemeenschappen (H. Drievuldigheid in Berchem
en Franciscus Xaverius in Borgerhout). Betrokken bij organisaties rond
immigratie en integratie. Voorzitter van OR.C.A. Organisatie voor Clandestiene
Arbeidsmigranten.
Luc Vankrunkelsven: Norbertijn van Averbode en landbouwspecialist.
Oprichter van ‘Wervel’ (Werkgroep voor Rechtvaardige en Verantwoorde
Landbouw). Van 2003 tot 2008 woonde hij afwisselend in Brazilië en
België. Ook nu nog vertoeft hij geregeld in Brazilië. Hij schreef veel artikels
en opiniestukken en een tiental boeken.
Profeten zwijgen niet. Omtrent José Comblin en bevrijdingstheologie
Een periode loopt ten einde. Zich verschuilen in overtuigingen van het
verleden die niet langer functioneren, kan niet langer. Wat de toekomst
brengt, is niet duidelijk. Het huidige rooms-katholieke kerksysteem
verkeert in een diepe crisis. Het christendom staat voor nieuwe uitdagingen.
In die context is een figuur als José Comblin, Belg van geboorte, uiterst
welkom. Deze pionier van de bevrijdingstheologie heeft ontzettend
veel betekend voor het kerkleven in Latijns-Amerika. In zijn geschriften
graaft hij door de lagen van de (kerk)geschiedenis heen naar de evangelische
kern. Hij kijkt naar de toekomst en schetst er inspirerende
lijnen voor. Deze publicatie laat zijn profetische stem op verschillende
wijzen weerklinken. Met zijn eigen woorden en via getuigenissen van
mensen die hem hebben meegemaakt. Zo kan dit boek voor jong en
oud een bron zijn om vanuit evangelische inspiratie aan maatschappijen
kerkverandering te werken.
Carlo Corten: Ex-Fidei-Donum-priester van het bisdom Antwerpen. 13
jaar werkzaam in Brazilië. Daarna monitor bij beschutte werkplaats MIN
(Antwerpen). Gepensioneerd sinds 2010.
Greet Schaumans: Oud-verantwoordelijke projecten Brazilië bij Broederlijk
Delen.
Jan Soetewey: Voormalig vrijgestelde van Christenen voor het Socialisme
(CvS). Actief in de Werkgroep Bevrijdingstheologie en het Bijbelcollectief
van CvS.
Luis (Ludo) Vandaele: Als priester 19 jaar werkzaam geweest in de volkswijken
van Campina Grande, dichtbij Serra Redonda, waar hij enkele keren
José Comblin ontmoette. Terug in België werkte hij eerst bij Broederlijk
Delen op de projectendienst voor Brazilië en later als sociale werker
in de multiculturele sector.
Didier Vanderslycke: Maatschappelijk werker, priester van het Bisdom
Antwerpen en lid van de Beweging voor Missionair Engagement. Nationaal
secretaris van KMS (Kerkwerk Multicultureel Samenleven) en
pastor in lokale kerkgemeenschappen (H. Drievuldigheid in Berchem
en Franciscus Xaverius in Borgerhout). Betrokken bij organisaties rond
immigratie en integratie. Voorzitter van OR.C.A. Organisatie voor Clandestiene
Arbeidsmigranten.
Luc Vankrunkelsven: Norbertijn van Averbode en landbouwspecialist.
Oprichter van ‘Wervel’ (Werkgroep voor Rechtvaardige en Verantwoorde
Landbouw). Van 2003 tot 2008 woonde hij afwisselend in Brazilië en
België. Ook nu nog vertoeft hij geregeld in Brazilië. Hij schreef veel artikels
en opiniestukken en een tiental boeken.
[On]gewenste immigratie? Gezinshereniging in België tot 1980
Dit boek beschrijft het ontstaan van het Belgisch beleid inzake gezinshereniging en de evolutie ervan tot 1980.
Gezinshereniging betekent dat een buitenlander die in België verblijft, zich laat vervoegen door zijn gezin. Meestal wordt die hereniging voorgesteld als een praktijk van na de arbeidsimmigratiestop van 1974. Het is inderdaad in de jaren 1970 dat migratie om familiale redenen de belangrijkste vorm van immigratie in België wordt, maar het fenomeen bestaat al sinds het einde van de jaren 1920. Ook voor de jaren 1970 beïnvloedde gezinshereniging het migratiebeleid en kon ze zelfs voor problemen zorgen, zoals blijkt uit dit boek.
Deze publicatie is de eerste historische monografie over gezinshereniging in België.
Ze besteedt bijzondere aandacht aan de totstandkoming van het beleid, aan
de actoren en factoren die daarop een invloed hadden en aan de problematisering
van de gezinshereniging. Bovendien worden de historische ontwikkelingen
geplaatst tegenover het hedendaagse kader.
Dit werk werd bekroond met de Prijs 2013 van GCIS – Fethullah Gülen Chair for
Intercultural Studies.
[On]gewenste immigratie? Gezinshereniging in België tot 1980
Dit boek beschrijft het ontstaan van het Belgisch beleid inzake gezinshereniging en de evolutie ervan tot 1980.
Gezinshereniging betekent dat een buitenlander die in België verblijft, zich laat vervoegen door zijn gezin. Meestal wordt die hereniging voorgesteld als een praktijk van na de arbeidsimmigratiestop van 1974. Het is inderdaad in de jaren 1970 dat migratie om familiale redenen de belangrijkste vorm van immigratie in België wordt, maar het fenomeen bestaat al sinds het einde van de jaren 1920. Ook voor de jaren 1970 beïnvloedde gezinshereniging het migratiebeleid en kon ze zelfs voor problemen zorgen, zoals blijkt uit dit boek.
Deze publicatie is de eerste historische monografie over gezinshereniging in België.
Ze besteedt bijzondere aandacht aan de totstandkoming van het beleid, aan
de actoren en factoren die daarop een invloed hadden en aan de problematisering
van de gezinshereniging. Bovendien worden de historische ontwikkelingen
geplaatst tegenover het hedendaagse kader.
Dit werk werd bekroond met de Prijs 2013 van GCIS – Fethullah Gülen Chair for
Intercultural Studies.
Internet als methodiek in de jeugdzorg. Een extra taal
Wie met jongeren werkt, heeft uiteraard hun digitale revolutie opgemerkt. Dagelijks online zijn is een must geworden in de huidige jongerencultuur. Ook in de hulpverlening voeren de jongeren de druk op om meer online te zijn, vragen ze om meer en betere computers en vertonen ze allerhande gedrag op de verschillende social networksites. De hulpverlening weet soms niet goed hoe hiermee om te gaan, laat staan dat er bij hulpverleners nog meer vragen bestaan over het inzetten van het internet als instrument binnen de hulpverlening.
Deze uitgave reikt handvatten aan om social media ook te gebruiken om jongeren te begeleiden. Stap voor stap wordt uitgelegd hoe hulpverleners binnen de eigen organisatie op een veilige manier op het digitale spoor kunnen geraken en hoe ze effectief de social media kunnen gebruiken om met jongeren te werken. Een aantal kant-en-klare methoden worden uitgelegd en geïllustreerd om aan de slag te gaan met jongeren in de hulpverlening. Deze methoden zijn ontwikkeld en uitgeprobeerd in verschillende organisaties binnen de jeugdzorg.
Hoofdstuk 1-3: Jo Van Hecke & Davy Nijs
Hoofdstuk 4: Jo Van Hecke & Jan Dekelver
Hoofdstuk 5: Jo Van Hecke
Jo Van Hecke, gezinsbegeleider, is verbonden aan Tonuso, een organisatie die focust op communicatie en veerkracht bij jongeren, gevestigd in Brussel.
Davy Nijs, orthopedagoog, is docent-onderzoeker aan de KHLim – Katholieke Hogeschool Limburg in Hasselt.
Jo Van Hecke en Davy Nijs zijn ook de initiatiefnemers van e-hulp Vlaanderen.
Jan Dekelver is onderzoekscoördinator Mens en Maatschappij aan de KHK – Katholieke Hogeschool Kempen in Geel en onderzoeker aan de KU Leuven, Departement Elektrotechniek – ESAT.
Internet als methodiek in de jeugdzorg. Een extra taal
Wie met jongeren werkt, heeft uiteraard hun digitale revolutie opgemerkt. Dagelijks online zijn is een must geworden in de huidige jongerencultuur. Ook in de hulpverlening voeren de jongeren de druk op om meer online te zijn, vragen ze om meer en betere computers en vertonen ze allerhande gedrag op de verschillende social networksites. De hulpverlening weet soms niet goed hoe hiermee om te gaan, laat staan dat er bij hulpverleners nog meer vragen bestaan over het inzetten van het internet als instrument binnen de hulpverlening.
Deze uitgave reikt handvatten aan om social media ook te gebruiken om jongeren te begeleiden. Stap voor stap wordt uitgelegd hoe hulpverleners binnen de eigen organisatie op een veilige manier op het digitale spoor kunnen geraken en hoe ze effectief de social media kunnen gebruiken om met jongeren te werken. Een aantal kant-en-klare methoden worden uitgelegd en geïllustreerd om aan de slag te gaan met jongeren in de hulpverlening. Deze methoden zijn ontwikkeld en uitgeprobeerd in verschillende organisaties binnen de jeugdzorg.
Hoofdstuk 1-3: Jo Van Hecke & Davy Nijs
Hoofdstuk 4: Jo Van Hecke & Jan Dekelver
Hoofdstuk 5: Jo Van Hecke
Jo Van Hecke, gezinsbegeleider, is verbonden aan Tonuso, een organisatie die focust op communicatie en veerkracht bij jongeren, gevestigd in Brussel.
Davy Nijs, orthopedagoog, is docent-onderzoeker aan de KHLim – Katholieke Hogeschool Limburg in Hasselt.
Jo Van Hecke en Davy Nijs zijn ook de initiatiefnemers van e-hulp Vlaanderen.
Jan Dekelver is onderzoekscoördinator Mens en Maatschappij aan de KHK – Katholieke Hogeschool Kempen in Geel en onderzoeker aan de KU Leuven, Departement Elektrotechniek – ESAT.
Sociaal ondernemerschap in de participatiesamenleving. Van de brave naar de eigenwijze burger
De ontwikkelingen rond sociaal ondernemerschap zijn de laatste jaren heel snel gegaan. Volgens Bornstein en Davis (2010) zijn we inmiddels toe aan sociaal ondernemerschap 3.0. Aanvankelijk ging de aandacht vooral uit naar sociaal ondernemers als vernieuwende denkers en doeners met een grote maatschappelijke impact (1.0). Vervolgens werd de focus verlegd van de oprichters naar het excellent organiseren van sociaal ondernemerschap (2.0). Bij het huidige social entrepeneurship 3.0 gaat het om burgers die zijn toegerust om als changemakers te denken en handelen. Zij werken krachtig samen met anderen om maatschappelijke veranderingen te realiseren.
De manieren waarop ondernemende burgers werken aan maatschappelijke kwesties en maatschappelijke verandering, worden in dit essayistische boek vanuit uiteenlopende invalshoeken belicht. Theorie en praktijk van sociaal ondernemerschap worden in samenhang geanalyseerd. De praktijk is in Rotterdam onderzocht, de thuisbasis van het lectoraat Dynamiek van de Stad dat het onderzoek deed. Uit het onderzoek blijkt dat actieve Rotterdammers in alledaagse praktijken op eigen initiatief en risico de stad beter willen maken. Sommigen zijn daarbij – soms tegen wil en dank – ‘sociaal ondernemer’ geworden.
Deze publicatie doet verslag van een actie- en
literatuuronderzoek naar sociaal ondernemerschap
3.0. Het biedt aanknopingspunten voor een publiek
debat over de rol van sociaal ondernemerschap in
de participatiesamenleving. De bundel is bedoeld
voor professionals in beleid en beroepspraktijk, voor
studenten op hogescholen en universiteiten, en voor
burgers die geïnteresseerd zijn in ondernemerschap
voor de publieke zaak.
Erik Sterk studeerde bestuurskunde aan de Erasmus
Universiteit Rotterdam en is verbonden aan
het lectoraat Dynamiek van de Stad.
Maurice Specht
studeerde filosofie aan de Universiteit van
Amsterdam en is gepromoveerd op een studie
naar burgerparticipatie in drie Europese steden.
Guido Walraven
studeerde geschiedenis en internationale
betrekkingen aan de Rijksuniversiteit
Groningen en is lector Dynamiek van de Stad.
Meer informatie over het lectoraat:
www.inholland.nl/dynamiekvandestad
Sociaal ondernemerschap in de participatiesamenleving. Van de brave naar de eigenwijze burger
De ontwikkelingen rond sociaal ondernemerschap zijn de laatste jaren heel snel gegaan. Volgens Bornstein en Davis (2010) zijn we inmiddels toe aan sociaal ondernemerschap 3.0. Aanvankelijk ging de aandacht vooral uit naar sociaal ondernemers als vernieuwende denkers en doeners met een grote maatschappelijke impact (1.0). Vervolgens werd de focus verlegd van de oprichters naar het excellent organiseren van sociaal ondernemerschap (2.0). Bij het huidige social entrepeneurship 3.0 gaat het om burgers die zijn toegerust om als changemakers te denken en handelen. Zij werken krachtig samen met anderen om maatschappelijke veranderingen te realiseren.
De manieren waarop ondernemende burgers werken aan maatschappelijke kwesties en maatschappelijke verandering, worden in dit essayistische boek vanuit uiteenlopende invalshoeken belicht. Theorie en praktijk van sociaal ondernemerschap worden in samenhang geanalyseerd. De praktijk is in Rotterdam onderzocht, de thuisbasis van het lectoraat Dynamiek van de Stad dat het onderzoek deed. Uit het onderzoek blijkt dat actieve Rotterdammers in alledaagse praktijken op eigen initiatief en risico de stad beter willen maken. Sommigen zijn daarbij – soms tegen wil en dank – ‘sociaal ondernemer’ geworden.
Deze publicatie doet verslag van een actie- en
literatuuronderzoek naar sociaal ondernemerschap
3.0. Het biedt aanknopingspunten voor een publiek
debat over de rol van sociaal ondernemerschap in
de participatiesamenleving. De bundel is bedoeld
voor professionals in beleid en beroepspraktijk, voor
studenten op hogescholen en universiteiten, en voor
burgers die geïnteresseerd zijn in ondernemerschap
voor de publieke zaak.
Erik Sterk studeerde bestuurskunde aan de Erasmus
Universiteit Rotterdam en is verbonden aan
het lectoraat Dynamiek van de Stad.
Maurice Specht
studeerde filosofie aan de Universiteit van
Amsterdam en is gepromoveerd op een studie
naar burgerparticipatie in drie Europese steden.
Guido Walraven
studeerde geschiedenis en internationale
betrekkingen aan de Rijksuniversiteit
Groningen en is lector Dynamiek van de Stad.
Meer informatie over het lectoraat:
www.inholland.nl/dynamiekvandestad
Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid (Reeks Omtrent Filosofie nr 4)
De Franse existentialist Jean-Paul Sartre heeft altijd een problematische verhouding tot het humanisme gehad. In zijn roman ‘Walging’ walgt hoofdpersoon Antoine Roquentin van het humanisme van de autodidact. Jaren later verklaart Sartre dat het existentialisme een humanisme is. Geen christelijk humanisme, zoals bij de filosofen Karl Jaspers en Gabriel Marcel bijvoorbeeld, maar een goddeloos humanisme. De vraag is of het humanisme van Sartre wel echt goddeloos is? Om hierop een antwoord te vinden, leest en herleest de auteur het hoofdwerk van Sartre: ‘Het zijn en het niet’, samen met enkele van zijn andere (literaire) werken.
Dit boek is geen zuiver filosofische analyse van een meesterwerk,
maar is geschreven vanuit een maatschappelijk engagement. Als
Sartre de ‘condition humaine’ ontkent, zo stelt de auteur, geeft hij
elke mogelijkheid tot samen leven op. Voor Sartre is de ander de
hel. Christian Van Kerckhove gaat uiterst verfijnd en rustig te werk.
Zijn analyse is vlijmscherp, snijdt tot op het bot maar getuigt tegelijk
van een liefde voor de meesterfilosoof en zijn existentialisme.
Christian Van Kerckhove is wetenschapper, filosoof en wereldreiziger.
Hij doceert ‘filosofie’ en ‘sociale filosofie en ethiek’ aan de
opleiding Sociaal Werk, Faculteit Mens en Welzijn, Hogeschool
Gent. Tevens is hij voorzitter van de opleidingscommissie Sociaal
Werk en coördinator van ‘Mix!t. Forum voor studie, documentatie
en vorming rond samen-leven’.
Reeks Omtrent Filosofie:
- De ethica van Spinoza
- Afrika en China in dialoog
- Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
- Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
- Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
- Filosofie van het verstaan. Een dialoog
Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid (Reeks Omtrent Filosofie nr 4)
De Franse existentialist Jean-Paul Sartre heeft altijd een problematische verhouding tot het humanisme gehad. In zijn roman ‘Walging’ walgt hoofdpersoon Antoine Roquentin van het humanisme van de autodidact. Jaren later verklaart Sartre dat het existentialisme een humanisme is. Geen christelijk humanisme, zoals bij de filosofen Karl Jaspers en Gabriel Marcel bijvoorbeeld, maar een goddeloos humanisme. De vraag is of het humanisme van Sartre wel echt goddeloos is? Om hierop een antwoord te vinden, leest en herleest de auteur het hoofdwerk van Sartre: ‘Het zijn en het niet’, samen met enkele van zijn andere (literaire) werken.
Dit boek is geen zuiver filosofische analyse van een meesterwerk,
maar is geschreven vanuit een maatschappelijk engagement. Als
Sartre de ‘condition humaine’ ontkent, zo stelt de auteur, geeft hij
elke mogelijkheid tot samen leven op. Voor Sartre is de ander de
hel. Christian Van Kerckhove gaat uiterst verfijnd en rustig te werk.
Zijn analyse is vlijmscherp, snijdt tot op het bot maar getuigt tegelijk
van een liefde voor de meesterfilosoof en zijn existentialisme.
Christian Van Kerckhove is wetenschapper, filosoof en wereldreiziger.
Hij doceert ‘filosofie’ en ‘sociale filosofie en ethiek’ aan de
opleiding Sociaal Werk, Faculteit Mens en Welzijn, Hogeschool
Gent. Tevens is hij voorzitter van de opleidingscommissie Sociaal
Werk en coördinator van ‘Mix!t. Forum voor studie, documentatie
en vorming rond samen-leven’.
Reeks Omtrent Filosofie:
- De ethica van Spinoza
- Afrika en China in dialoog
- Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
- Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
- Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
- Filosofie van het verstaan. Een dialoog
Grenzen aan verandering. Wel (of niet) moeten, kunnen, willen, mogen veranderen
Verandering is van een accidenteel en tijdelijk fenomeen verworden tot een permanent en structureel gegeven. Verandering is voor organisaties zelfs existentieel geworden. Toch blijft verandering voor velen een duister en angstaanjagend fenomeen. Ook managers weten vaak niet wat het fenomeen juist inhoudt en hoe zij er het best mee omgaan opdat het constructief zou zijn.
De auteur gaat na hoe om het even welke organisatie kan omgaan met, zowel gewilde als opgelegde, verandering, ook in een situatie van ingrijpende verandering, zoals bij crisis. Een belangrijke vraag is of er geen grenzen zijn aan verandering en wat verantwoord ondernemen, of bedrijfsethiek, leert over de aanpak en technische middelen bij verandering. Het gaat om een ethische reflectie, die leert dat verandering gekaderd moet worden in een visie van respect voor alle betrokkenen. Het boek loodst de lezer door een spiegelpaleis vol reflecties over wat we menen verantwoord en onverantwoord te zijn bij veranderingen in organisaties. Het einde van de tocht is meer inzicht en meer zelfvertrouwen om verandering met de nodige omzichtigheid en wijsheid tegemoet te treden, zodat ze oplevert wat ervan wordt verhoopt.
Herman Siebens, doctor in de onderwijskunde, is directeur van het Koninklijk Technisch Atheneum in Wemmel. Hij is ook voorzitter van het netwerk van Vlaamse hotelscholen en ondervoorzitter van het Europese netwerk. Daarnaast is hij ook ondervoorzitter van SOK – Schooloverstijgend Kwaliteitsnetwerk. Hij heeft ettelijke publicaties over beroeps- en bedrijfsethiek op zijn naam. De auteur heeft heel wat ervaring met verandermanagement in secundair onderwijs en in social-profitorganisaties.
Grenzen aan verandering. Wel (of niet) moeten, kunnen, willen, mogen veranderen
Verandering is van een accidenteel en tijdelijk fenomeen verworden tot een permanent en structureel gegeven. Verandering is voor organisaties zelfs existentieel geworden. Toch blijft verandering voor velen een duister en angstaanjagend fenomeen. Ook managers weten vaak niet wat het fenomeen juist inhoudt en hoe zij er het best mee omgaan opdat het constructief zou zijn.
De auteur gaat na hoe om het even welke organisatie kan omgaan met, zowel gewilde als opgelegde, verandering, ook in een situatie van ingrijpende verandering, zoals bij crisis. Een belangrijke vraag is of er geen grenzen zijn aan verandering en wat verantwoord ondernemen, of bedrijfsethiek, leert over de aanpak en technische middelen bij verandering. Het gaat om een ethische reflectie, die leert dat verandering gekaderd moet worden in een visie van respect voor alle betrokkenen. Het boek loodst de lezer door een spiegelpaleis vol reflecties over wat we menen verantwoord en onverantwoord te zijn bij veranderingen in organisaties. Het einde van de tocht is meer inzicht en meer zelfvertrouwen om verandering met de nodige omzichtigheid en wijsheid tegemoet te treden, zodat ze oplevert wat ervan wordt verhoopt.
Herman Siebens, doctor in de onderwijskunde, is directeur van het Koninklijk Technisch Atheneum in Wemmel. Hij is ook voorzitter van het netwerk van Vlaamse hotelscholen en ondervoorzitter van het Europese netwerk. Daarnaast is hij ook ondervoorzitter van SOK – Schooloverstijgend Kwaliteitsnetwerk. Hij heeft ettelijke publicaties over beroeps- en bedrijfsethiek op zijn naam. De auteur heeft heel wat ervaring met verandermanagement in secundair onderwijs en in social-profitorganisaties.
Ouder worden in een veranderende samenleving (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 1)
Vanuit verschillende invalshoeken schetsen de auteurs een kader van wat ouder worden vandaag betekent. Theoretische benaderingen worden gecombineerd met verhalen uit de praktijk. Telkens gaat het om een kritische benadering van de context waarin zij de gevolgen van ouder worden in een diverse samenleving ervaren. Onder meer de behoefte aan een aangepaste kijk op arbeid, gezondheidzorg en implicaties van interculturaliteit op de zorgsector komen aan bod. De bijdragen komen van academici, van mensen die werken in de praktijk van die diversiteit en uit de vakbondswereld. Verder geeft het boek zowel een kijk op interculturele zorg vanuit het Oost-Vlaams Diversiteitscentrum OdiCE als op het concept van Kwaliteit van Leven. Ook fragmenten uit het levensverhaal van een acteur komen aan bod. Daardoor geeft het boek een breed beeld op de betekenis van ouderdom in de samenleving vanuit politiek, cultureel, sociaal en persoonlijk perspectief.
Charlotte De Kock, Eva Vens, Yasmina Beljoudi en Christian Van Kerckhove zijn verbonden aan de Hogeschool Gent. Deze uitgave is de eerste in de reeks Sociale Wetenschappen Kruispunten, een initiatief van Mix!t, Forum voor studie, documentatie en vorming rond samen/leven van de faculteit Mens en Welzijn, Hogeschool Gent.
Ouder worden in een veranderende samenleving (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 1)
Vanuit verschillende invalshoeken schetsen de auteurs een kader van wat ouder worden vandaag betekent. Theoretische benaderingen worden gecombineerd met verhalen uit de praktijk. Telkens gaat het om een kritische benadering van de context waarin zij de gevolgen van ouder worden in een diverse samenleving ervaren. Onder meer de behoefte aan een aangepaste kijk op arbeid, gezondheidzorg en implicaties van interculturaliteit op de zorgsector komen aan bod. De bijdragen komen van academici, van mensen die werken in de praktijk van die diversiteit en uit de vakbondswereld. Verder geeft het boek zowel een kijk op interculturele zorg vanuit het Oost-Vlaams Diversiteitscentrum OdiCE als op het concept van Kwaliteit van Leven. Ook fragmenten uit het levensverhaal van een acteur komen aan bod. Daardoor geeft het boek een breed beeld op de betekenis van ouderdom in de samenleving vanuit politiek, cultureel, sociaal en persoonlijk perspectief.
Charlotte De Kock, Eva Vens, Yasmina Beljoudi en Christian Van Kerckhove zijn verbonden aan de Hogeschool Gent. Deze uitgave is de eerste in de reeks Sociale Wetenschappen Kruispunten, een initiatief van Mix!t, Forum voor studie, documentatie en vorming rond samen/leven van de faculteit Mens en Welzijn, Hogeschool Gent.
Mensgericht sociaal ondernemen
In hun opdrachtverklaring omschrijven christelijke zorg- en welzijnsorganisaties hun missie, visie en waarden. In het specifieke zorg- en ondersteuningsaanbod kunnen cliënten die identiteit concreet ervaren en waarderen. Met behulp van MVO – Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen – zoeken de auteurs in dit boek naar nieuwe vormen om in de huidige context beleidsmatig en professioneel een mensgerichte invulling te geven aan de organisatie-identiteit.
- Hoe kan de identiteit worden vervat in strategische keuzes?
- Hoe kunnen sociale ondernemingen beleidsmatig een antwoord bieden op actuele maatschappelijke behoeften?
- Hoe treden medewerkers het best in relatie met hun cliënten? Hoe kan daaruit de aandacht blijken voor diegenen die maatschappelijk worden gemarginaliseerd?
- Aan welke leiderschapsstijl wordt de voorkeur gegeven? Waardoor wordt die geïnspireerd?
- Wat verstaan we onder meetbaarheid?
- Op welke manier kan het mensgerichte karakter van de organisatie worden getoetst?
- Welke rol kan zorgethiek spelen in de besluitvorming?
- Hoe kan die in sociale ondernemingen een referentiekader vormen voor de dagelijkse praktijk?
Met bijdragen van:
Donal Dorr (Kiltegan), Bart Hansen (Emmaüs), Thijs Smeyers (Caritas Vlaanderen), Thijs Tromp (Reliëf), Bernadette Van den Heuvel (Zorgnet Vlaanderen).
Dominiek Lootens, filosoof en doctor in de theologie, is vormingsverantwoordelijke bij Caritas Antwerpen, Dienst Navorming voor Gezondheids- en Welzijnsvoorzieningen, en als stafmedewerker bij CCV regio Caritas.
Mensgericht sociaal ondernemen
In hun opdrachtverklaring omschrijven christelijke zorg- en welzijnsorganisaties hun missie, visie en waarden. In het specifieke zorg- en ondersteuningsaanbod kunnen cliënten die identiteit concreet ervaren en waarderen. Met behulp van MVO – Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen – zoeken de auteurs in dit boek naar nieuwe vormen om in de huidige context beleidsmatig en professioneel een mensgerichte invulling te geven aan de organisatie-identiteit.
- Hoe kan de identiteit worden vervat in strategische keuzes?
- Hoe kunnen sociale ondernemingen beleidsmatig een antwoord bieden op actuele maatschappelijke behoeften?
- Hoe treden medewerkers het best in relatie met hun cliënten? Hoe kan daaruit de aandacht blijken voor diegenen die maatschappelijk worden gemarginaliseerd?
- Aan welke leiderschapsstijl wordt de voorkeur gegeven? Waardoor wordt die geïnspireerd?
- Wat verstaan we onder meetbaarheid?
- Op welke manier kan het mensgerichte karakter van de organisatie worden getoetst?
- Welke rol kan zorgethiek spelen in de besluitvorming?
- Hoe kan die in sociale ondernemingen een referentiekader vormen voor de dagelijkse praktijk?
Met bijdragen van:
Donal Dorr (Kiltegan), Bart Hansen (Emmaüs), Thijs Smeyers (Caritas Vlaanderen), Thijs Tromp (Reliëf), Bernadette Van den Heuvel (Zorgnet Vlaanderen).
Dominiek Lootens, filosoof en doctor in de theologie, is vormingsverantwoordelijke bij Caritas Antwerpen, Dienst Navorming voor Gezondheids- en Welzijnsvoorzieningen, en als stafmedewerker bij CCV regio Caritas.
Vis voor elke lijn
We eten te weinig vis. Vlees vervangen door vis verlaagt de slechte cholesterol, vette vis verhoogt de goede cholesterol. Vette vis is zowat de enige natuurlijke bron van de omega 3-vetzuren EPA en DHA. Een tekort aan essentiele vetzuren kan kinderen retardaties doen oplopen ten opzichte van hun genetische mogelijkheden, zoals een mindere ontwikkeling van de hersenen en het netvlies. Vermoedelijk dragen visvetzuren bij tot het verminderen van welvaartsziekten als hart- en vaatstoornissen, diabetes type 2, overgewicht en bepaalde kankers. En vis levert noodzakelijke stoffen als jodium, vitamine B3, vitamine B12, selenium, zink, …
Dit boek brengt visrecepten bij elkaar die gemakkelijk te
bereiden zijn en met een minimum aan vet. Gezond dus.
En je hoeft geen keukenprins(es) te zijn om een heerlijke
vismaaltijd op tafel te toveren.
Chris Kerfs is zelfstandig diëtiste in Turnhout. Zij beheert ook de informatieve website www.dietisteonline.com. Zij publiceerde diverse boeken over gezond eten.
Vis voor elke lijn
We eten te weinig vis. Vlees vervangen door vis verlaagt de slechte cholesterol, vette vis verhoogt de goede cholesterol. Vette vis is zowat de enige natuurlijke bron van de omega 3-vetzuren EPA en DHA. Een tekort aan essentiele vetzuren kan kinderen retardaties doen oplopen ten opzichte van hun genetische mogelijkheden, zoals een mindere ontwikkeling van de hersenen en het netvlies. Vermoedelijk dragen visvetzuren bij tot het verminderen van welvaartsziekten als hart- en vaatstoornissen, diabetes type 2, overgewicht en bepaalde kankers. En vis levert noodzakelijke stoffen als jodium, vitamine B3, vitamine B12, selenium, zink, …
Dit boek brengt visrecepten bij elkaar die gemakkelijk te
bereiden zijn en met een minimum aan vet. Gezond dus.
En je hoeft geen keukenprins(es) te zijn om een heerlijke
vismaaltijd op tafel te toveren.
Chris Kerfs is zelfstandig diëtiste in Turnhout. Zij beheert ook de informatieve website www.dietisteonline.com. Zij publiceerde diverse boeken over gezond eten.





