Polariteits- en informatiegeneeskunde
€ 17,90
Het menselijk lichaam is, zoals alle leven op aarde, onderhevig aan de wetten van de natuur of de fysica. De spanning tussen een positief en een negatief geladen pool is daarbij een basisbeginsel, een structuur waarrond alle leven is opgebouwd. Polariteits- of informatiegeneeskunde bekijkt het lichaam vanuit deze invalshoek en geeft zo een opmerkelijke nieuwe invulling van begrippen als `gezond zijn'', `ziekte'' en therapeutische behandelingen.
Inzichten uit zowel de westerse als de traditionele oosterse geneeskunde vinden er een synthese. Iemand is gezond wanneer de cellen van alle organen goed functioneren. Indien de celstofwisseling een bepaald ritme aanhoudt, `weten'' cellen welke functies ze moeten vervullen. In dit opzicht leunt deze geneeskunde aan bij de genetica. Is dit ritme verstoord, dan treden ziekteverschijnselen op. Deze verstoring kan veroorzaakt worden door bepaalde scheikundige stoffen, want die zijn ook te beschrijven in termen van hun karakteristieke fysische eigen-schappen, zoals elektrische lading, elektromagnetische lading en calorische waarde. Hier slaat polariteitsgeneeskunde de brug naar de traditionele oosterse geneeskunde, want ook de Japanse begrippen yin en yang refereren naar deze fysische eigenschappen.`Yange'' stoffen hebben een positief elektrisch karakter en zijn in staat de celstofwisseling te vertragen. Hierdoor ontstaan stagnatie en opstapeling van afvalstoffen. `Yinne'' stoffen vertonen een negatief elektrisch karakter en bewerkstelligen net het tegenovergestelde. Ze wijzigen het celmilieu zodanig dat een toename van het celtransport en de celspanning optreedt. Deze dualiteit vormt de basis van het verschijnsel `polariteit'' en de toepassingen in de polariteitsgeneeskunde. Welke implicaties hebben deze inzichten voor de medische praktijk? De auteur beschrijft veel voorkomende aandoeningen als kanker, diabetes, chronisch vermoeidheidsyndroom enz. als polariteitstoornissen en legt uit hoe ze biofysisch behandeld kunnen worden. Ook de belangrijkste toepassingen van de informatiegeneeskunde komen concreet aan bod. Voeding, medicatie, voedingssupplementen, kruiden, plantenextracten en homeopathische middelen kunnen onze celstofwisseling beïnvloeden. Ook emotionele en mentale processen, en de toestand van onze leefomgeving, grijpen in belangrijke mate in.
Annik Mollen is arts. Zij maakt deel uit van een groepspraktijk in Antwerpen.
Inzichten uit zowel de westerse als de traditionele oosterse geneeskunde vinden er een synthese. Iemand is gezond wanneer de cellen van alle organen goed functioneren. Indien de celstofwisseling een bepaald ritme aanhoudt, `weten'' cellen welke functies ze moeten vervullen. In dit opzicht leunt deze geneeskunde aan bij de genetica. Is dit ritme verstoord, dan treden ziekteverschijnselen op. Deze verstoring kan veroorzaakt worden door bepaalde scheikundige stoffen, want die zijn ook te beschrijven in termen van hun karakteristieke fysische eigen-schappen, zoals elektrische lading, elektromagnetische lading en calorische waarde. Hier slaat polariteitsgeneeskunde de brug naar de traditionele oosterse geneeskunde, want ook de Japanse begrippen yin en yang refereren naar deze fysische eigenschappen.`Yange'' stoffen hebben een positief elektrisch karakter en zijn in staat de celstofwisseling te vertragen. Hierdoor ontstaan stagnatie en opstapeling van afvalstoffen. `Yinne'' stoffen vertonen een negatief elektrisch karakter en bewerkstelligen net het tegenovergestelde. Ze wijzigen het celmilieu zodanig dat een toename van het celtransport en de celspanning optreedt. Deze dualiteit vormt de basis van het verschijnsel `polariteit'' en de toepassingen in de polariteitsgeneeskunde. Welke implicaties hebben deze inzichten voor de medische praktijk? De auteur beschrijft veel voorkomende aandoeningen als kanker, diabetes, chronisch vermoeidheidsyndroom enz. als polariteitstoornissen en legt uit hoe ze biofysisch behandeld kunnen worden. Ook de belangrijkste toepassingen van de informatiegeneeskunde komen concreet aan bod. Voeding, medicatie, voedingssupplementen, kruiden, plantenextracten en homeopathische middelen kunnen onze celstofwisseling beïnvloeden. Ook emotionele en mentale processen, en de toestand van onze leefomgeving, grijpen in belangrijke mate in.
Annik Mollen is arts. Zij maakt deel uit van een groepspraktijk in Antwerpen.
Polariteits- en informatiegeneeskunde
€ 17,90
Het menselijk lichaam is, zoals alle leven op aarde, onderhevig aan de wetten van de natuur of de fysica. De spanning tussen een positief en een negatief geladen pool is daarbij een basisbeginsel, een structuur waarrond alle leven is opgebouwd. Polariteits- of informatiegeneeskunde bekijkt het lichaam vanuit deze invalshoek en geeft zo een opmerkelijke nieuwe invulling van begrippen als `gezond zijn'', `ziekte'' en therapeutische behandelingen.
Inzichten uit zowel de westerse als de traditionele oosterse geneeskunde vinden er een synthese. Iemand is gezond wanneer de cellen van alle organen goed functioneren. Indien de celstofwisseling een bepaald ritme aanhoudt, `weten'' cellen welke functies ze moeten vervullen. In dit opzicht leunt deze geneeskunde aan bij de genetica. Is dit ritme verstoord, dan treden ziekteverschijnselen op. Deze verstoring kan veroorzaakt worden door bepaalde scheikundige stoffen, want die zijn ook te beschrijven in termen van hun karakteristieke fysische eigen-schappen, zoals elektrische lading, elektromagnetische lading en calorische waarde. Hier slaat polariteitsgeneeskunde de brug naar de traditionele oosterse geneeskunde, want ook de Japanse begrippen yin en yang refereren naar deze fysische eigenschappen.`Yange'' stoffen hebben een positief elektrisch karakter en zijn in staat de celstofwisseling te vertragen. Hierdoor ontstaan stagnatie en opstapeling van afvalstoffen. `Yinne'' stoffen vertonen een negatief elektrisch karakter en bewerkstelligen net het tegenovergestelde. Ze wijzigen het celmilieu zodanig dat een toename van het celtransport en de celspanning optreedt. Deze dualiteit vormt de basis van het verschijnsel `polariteit'' en de toepassingen in de polariteitsgeneeskunde. Welke implicaties hebben deze inzichten voor de medische praktijk? De auteur beschrijft veel voorkomende aandoeningen als kanker, diabetes, chronisch vermoeidheidsyndroom enz. als polariteitstoornissen en legt uit hoe ze biofysisch behandeld kunnen worden. Ook de belangrijkste toepassingen van de informatiegeneeskunde komen concreet aan bod. Voeding, medicatie, voedingssupplementen, kruiden, plantenextracten en homeopathische middelen kunnen onze celstofwisseling beïnvloeden. Ook emotionele en mentale processen, en de toestand van onze leefomgeving, grijpen in belangrijke mate in.
Annik Mollen is arts. Zij maakt deel uit van een groepspraktijk in Antwerpen.
Inzichten uit zowel de westerse als de traditionele oosterse geneeskunde vinden er een synthese. Iemand is gezond wanneer de cellen van alle organen goed functioneren. Indien de celstofwisseling een bepaald ritme aanhoudt, `weten'' cellen welke functies ze moeten vervullen. In dit opzicht leunt deze geneeskunde aan bij de genetica. Is dit ritme verstoord, dan treden ziekteverschijnselen op. Deze verstoring kan veroorzaakt worden door bepaalde scheikundige stoffen, want die zijn ook te beschrijven in termen van hun karakteristieke fysische eigen-schappen, zoals elektrische lading, elektromagnetische lading en calorische waarde. Hier slaat polariteitsgeneeskunde de brug naar de traditionele oosterse geneeskunde, want ook de Japanse begrippen yin en yang refereren naar deze fysische eigenschappen.`Yange'' stoffen hebben een positief elektrisch karakter en zijn in staat de celstofwisseling te vertragen. Hierdoor ontstaan stagnatie en opstapeling van afvalstoffen. `Yinne'' stoffen vertonen een negatief elektrisch karakter en bewerkstelligen net het tegenovergestelde. Ze wijzigen het celmilieu zodanig dat een toename van het celtransport en de celspanning optreedt. Deze dualiteit vormt de basis van het verschijnsel `polariteit'' en de toepassingen in de polariteitsgeneeskunde. Welke implicaties hebben deze inzichten voor de medische praktijk? De auteur beschrijft veel voorkomende aandoeningen als kanker, diabetes, chronisch vermoeidheidsyndroom enz. als polariteitstoornissen en legt uit hoe ze biofysisch behandeld kunnen worden. Ook de belangrijkste toepassingen van de informatiegeneeskunde komen concreet aan bod. Voeding, medicatie, voedingssupplementen, kruiden, plantenextracten en homeopathische middelen kunnen onze celstofwisseling beïnvloeden. Ook emotionele en mentale processen, en de toestand van onze leefomgeving, grijpen in belangrijke mate in.
Annik Mollen is arts. Zij maakt deel uit van een groepspraktijk in Antwerpen.
Winterfeesten en gebak. Mythen, folklore en tradities
€ 24,30
Gebak hoort bij elke feestviering en vele gebaksoorten hebben een lange en boeiende geschiedenis,
die samen met de origine van het feest terug gaat tot heidense gebruiken en de Romeinse vieringen.
Op Allerheiligen eten we pannenkoeken (of zielenkoeken). Op andere feesten eten we wafels, waarbij we het ook hebben over lukken, oblies en zelfs over wafelijzers. Sinterklaas en Sint-Maarten brengen steevast speculaas (of is het speculoos) of moeten we het nu toch “Goed Heylickmaker” noemen, gezien de vele legendes? Wat zijn koekplanken en wat is hun symbolische betekenis? Er zijn ook nog klaaspeerden, stroenten, crottes enz. Zelfs de kleine nik-nakskens hebben een interessante geschiedenis.
In dit zorgvuldig geïllustreerde boek krijgen ook historische, traditionele en vernieuwende recepten een eigen plaatsje. Het hoe, het waarom, hun ontstaan en hun geschiedenis, doorspekt met legenden, volkse gebruiken en getuigenissen geven een nieuwe dimensie aan het feestgebeuren en het gebak dat er bijhoort.
André Delcart is verkoopsverantwoordelijke bij een staalgroothandel. Hij volgde ook een opleiding tot bakker en tot kok. Eerder verscheen van hem het bijzondere boek over mosterd.
Op Allerheiligen eten we pannenkoeken (of zielenkoeken). Op andere feesten eten we wafels, waarbij we het ook hebben over lukken, oblies en zelfs over wafelijzers. Sinterklaas en Sint-Maarten brengen steevast speculaas (of is het speculoos) of moeten we het nu toch “Goed Heylickmaker” noemen, gezien de vele legendes? Wat zijn koekplanken en wat is hun symbolische betekenis? Er zijn ook nog klaaspeerden, stroenten, crottes enz. Zelfs de kleine nik-nakskens hebben een interessante geschiedenis.
In dit zorgvuldig geïllustreerde boek krijgen ook historische, traditionele en vernieuwende recepten een eigen plaatsje. Het hoe, het waarom, hun ontstaan en hun geschiedenis, doorspekt met legenden, volkse gebruiken en getuigenissen geven een nieuwe dimensie aan het feestgebeuren en het gebak dat er bijhoort.
André Delcart is verkoopsverantwoordelijke bij een staalgroothandel. Hij volgde ook een opleiding tot bakker en tot kok. Eerder verscheen van hem het bijzondere boek over mosterd.
Winterfeesten en gebak. Mythen, folklore en tradities
€ 24,30
Gebak hoort bij elke feestviering en vele gebaksoorten hebben een lange en boeiende geschiedenis,
die samen met de origine van het feest terug gaat tot heidense gebruiken en de Romeinse vieringen.
Op Allerheiligen eten we pannenkoeken (of zielenkoeken). Op andere feesten eten we wafels, waarbij we het ook hebben over lukken, oblies en zelfs over wafelijzers. Sinterklaas en Sint-Maarten brengen steevast speculaas (of is het speculoos) of moeten we het nu toch “Goed Heylickmaker” noemen, gezien de vele legendes? Wat zijn koekplanken en wat is hun symbolische betekenis? Er zijn ook nog klaaspeerden, stroenten, crottes enz. Zelfs de kleine nik-nakskens hebben een interessante geschiedenis.
In dit zorgvuldig geïllustreerde boek krijgen ook historische, traditionele en vernieuwende recepten een eigen plaatsje. Het hoe, het waarom, hun ontstaan en hun geschiedenis, doorspekt met legenden, volkse gebruiken en getuigenissen geven een nieuwe dimensie aan het feestgebeuren en het gebak dat er bijhoort.
André Delcart is verkoopsverantwoordelijke bij een staalgroothandel. Hij volgde ook een opleiding tot bakker en tot kok. Eerder verscheen van hem het bijzondere boek over mosterd.
Op Allerheiligen eten we pannenkoeken (of zielenkoeken). Op andere feesten eten we wafels, waarbij we het ook hebben over lukken, oblies en zelfs over wafelijzers. Sinterklaas en Sint-Maarten brengen steevast speculaas (of is het speculoos) of moeten we het nu toch “Goed Heylickmaker” noemen, gezien de vele legendes? Wat zijn koekplanken en wat is hun symbolische betekenis? Er zijn ook nog klaaspeerden, stroenten, crottes enz. Zelfs de kleine nik-nakskens hebben een interessante geschiedenis.
In dit zorgvuldig geïllustreerde boek krijgen ook historische, traditionele en vernieuwende recepten een eigen plaatsje. Het hoe, het waarom, hun ontstaan en hun geschiedenis, doorspekt met legenden, volkse gebruiken en getuigenissen geven een nieuwe dimensie aan het feestgebeuren en het gebak dat er bijhoort.
André Delcart is verkoopsverantwoordelijke bij een staalgroothandel. Hij volgde ook een opleiding tot bakker en tot kok. Eerder verscheen van hem het bijzondere boek over mosterd.
Iedereen veilig
€ 13,90
Snelheidsduivels in de winkelstraat, inbraken in woningen, afvalrommel
in de wijk, overlast op straat, lawaai… Voor een groot deel is dat
de verantwoordelijkheid van de gemeente.
Dit boek gaat over veiligheid in de gemeente, zowel stad als dorp. Veiligheid voor iedereen. En veiligheid in de ruimste betekenis. Veiligheidszorg moet dan ook sociaal zijn. Niet iedereen heeft met dezelfde veiligheidsproblemen te maken. Sommige mensen zijn kwetsbaarder, wegens hun afkomst, hun opleiding, hun arbeidsomstandigheden, de buurt waarin ze wonen, hun leeftijd enz. Om iedereen gelijk te behandelen, moet de veiligheidszorg aangepast verdeeld worden, rekening houdend met de kwetsbaarheid van de betrokkenen.
Een sociaal veiligheidsbeleid heeft de bedoeling iedereen te helpen. Te beginnen bij preventie en eindigend bij slachtoff erhulp. Zo ontstaat er een veiligheidsketen waarin iedereen betrokken is.
Het boek is ontstaan vanuit samenspraak, tegenspraak en discussie met insiders, specialisten, buitenstaanders en vooral ook met zovele mensen-in-de-straat bij toevallige of gewilde ontmoetingen die hun mening gaven over ‘veiligheid’. Het geeft vele, meteen herkenbare voorbeelden.
Iedereen veilig gaat over iedereen en is bestemd voor iedereen. Maar zeker voor iedereen die een aparte verantwoordelijkheid draagt: burgemeesters, gemeenteraadsleden, gemeentediensten, politie, justitie, wijkverenigingen enz.
Ludwig Vandenhove is burgemeester van Sint-Truiden, sp.a-senator en voorzitter van de commissie Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden. Ten slotte is hij specialist in veiligheidsaangelegenheden.
Dit boek gaat over veiligheid in de gemeente, zowel stad als dorp. Veiligheid voor iedereen. En veiligheid in de ruimste betekenis. Veiligheidszorg moet dan ook sociaal zijn. Niet iedereen heeft met dezelfde veiligheidsproblemen te maken. Sommige mensen zijn kwetsbaarder, wegens hun afkomst, hun opleiding, hun arbeidsomstandigheden, de buurt waarin ze wonen, hun leeftijd enz. Om iedereen gelijk te behandelen, moet de veiligheidszorg aangepast verdeeld worden, rekening houdend met de kwetsbaarheid van de betrokkenen.
Een sociaal veiligheidsbeleid heeft de bedoeling iedereen te helpen. Te beginnen bij preventie en eindigend bij slachtoff erhulp. Zo ontstaat er een veiligheidsketen waarin iedereen betrokken is.
Het boek is ontstaan vanuit samenspraak, tegenspraak en discussie met insiders, specialisten, buitenstaanders en vooral ook met zovele mensen-in-de-straat bij toevallige of gewilde ontmoetingen die hun mening gaven over ‘veiligheid’. Het geeft vele, meteen herkenbare voorbeelden.
Iedereen veilig gaat over iedereen en is bestemd voor iedereen. Maar zeker voor iedereen die een aparte verantwoordelijkheid draagt: burgemeesters, gemeenteraadsleden, gemeentediensten, politie, justitie, wijkverenigingen enz.
Ludwig Vandenhove is burgemeester van Sint-Truiden, sp.a-senator en voorzitter van de commissie Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden. Ten slotte is hij specialist in veiligheidsaangelegenheden.
Iedereen veilig
€ 13,90
Snelheidsduivels in de winkelstraat, inbraken in woningen, afvalrommel
in de wijk, overlast op straat, lawaai… Voor een groot deel is dat
de verantwoordelijkheid van de gemeente.
Dit boek gaat over veiligheid in de gemeente, zowel stad als dorp. Veiligheid voor iedereen. En veiligheid in de ruimste betekenis. Veiligheidszorg moet dan ook sociaal zijn. Niet iedereen heeft met dezelfde veiligheidsproblemen te maken. Sommige mensen zijn kwetsbaarder, wegens hun afkomst, hun opleiding, hun arbeidsomstandigheden, de buurt waarin ze wonen, hun leeftijd enz. Om iedereen gelijk te behandelen, moet de veiligheidszorg aangepast verdeeld worden, rekening houdend met de kwetsbaarheid van de betrokkenen.
Een sociaal veiligheidsbeleid heeft de bedoeling iedereen te helpen. Te beginnen bij preventie en eindigend bij slachtoff erhulp. Zo ontstaat er een veiligheidsketen waarin iedereen betrokken is.
Het boek is ontstaan vanuit samenspraak, tegenspraak en discussie met insiders, specialisten, buitenstaanders en vooral ook met zovele mensen-in-de-straat bij toevallige of gewilde ontmoetingen die hun mening gaven over ‘veiligheid’. Het geeft vele, meteen herkenbare voorbeelden.
Iedereen veilig gaat over iedereen en is bestemd voor iedereen. Maar zeker voor iedereen die een aparte verantwoordelijkheid draagt: burgemeesters, gemeenteraadsleden, gemeentediensten, politie, justitie, wijkverenigingen enz.
Ludwig Vandenhove is burgemeester van Sint-Truiden, sp.a-senator en voorzitter van de commissie Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden. Ten slotte is hij specialist in veiligheidsaangelegenheden.
Dit boek gaat over veiligheid in de gemeente, zowel stad als dorp. Veiligheid voor iedereen. En veiligheid in de ruimste betekenis. Veiligheidszorg moet dan ook sociaal zijn. Niet iedereen heeft met dezelfde veiligheidsproblemen te maken. Sommige mensen zijn kwetsbaarder, wegens hun afkomst, hun opleiding, hun arbeidsomstandigheden, de buurt waarin ze wonen, hun leeftijd enz. Om iedereen gelijk te behandelen, moet de veiligheidszorg aangepast verdeeld worden, rekening houdend met de kwetsbaarheid van de betrokkenen.
Een sociaal veiligheidsbeleid heeft de bedoeling iedereen te helpen. Te beginnen bij preventie en eindigend bij slachtoff erhulp. Zo ontstaat er een veiligheidsketen waarin iedereen betrokken is.
Het boek is ontstaan vanuit samenspraak, tegenspraak en discussie met insiders, specialisten, buitenstaanders en vooral ook met zovele mensen-in-de-straat bij toevallige of gewilde ontmoetingen die hun mening gaven over ‘veiligheid’. Het geeft vele, meteen herkenbare voorbeelden.
Iedereen veilig gaat over iedereen en is bestemd voor iedereen. Maar zeker voor iedereen die een aparte verantwoordelijkheid draagt: burgemeesters, gemeenteraadsleden, gemeentediensten, politie, justitie, wijkverenigingen enz.
Ludwig Vandenhove is burgemeester van Sint-Truiden, sp.a-senator en voorzitter van de commissie Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden. Ten slotte is hij specialist in veiligheidsaangelegenheden.
De mythe van de gelukkige kindertijd. Zoektocht naar het miskende kind in onszelf
€ 23,60
Veel mensen zijn ervan overtuigd dat ze een goede kindertijd hebben gehad. Toch geven velen blijk van het tegenovergestelde: Ze zijn ontevreden over hun leven of voelen zich ongelukkig en depressief, zitten slecht in hun vel. Ze blijven echter halsstarrig vasthouden aan de mythe van een gelukkige kindertijd. Negatieve ervaringen uit de vroege kindertijd werken ongewild en onbewust door in het volwassen leven. Als kind gebruikten we overlevingsmechanismen om onveilige vormen van hechting te kunnen overleven. Maar alles wat ons als kind is aangedaan en alles wat is nagelaten in de vervulling van onze basisbehoeften vormt de kern van miskenning en die breekt op latere leeftijd op.
‘Het miskende kind in onszelf’ is een veelgebruikt begrip geworden. Het is een verzamelnaam voor de negatieve ervaringen in de kindertijd, die door hun onbewuste werking veel invloed uitoefenen op het functioneren als volwassenen. Dit boek is een verdere uitwerking van het oorspronkelijke begrip ’miskenning’. Het behandelt de miskenning van het kind in al zijn vormen. Fundamenteel is dat de miskenning gezien wordt vanuit de ervaring van het jonge kind. Voor het kwetsbare kind is miskenning ‘misbehandeling’.
Het miskende kind dat volwassenen in zich dragen, kan zeer vroeg ontstaan zijn, zelfs vóór de geboorte. Vroege miskenningen treden op in de symbiotische fase, die loopt van de conceptie tot en met de psychologische geboorte. Latere vormen van miskenning verwijzen veeleer naar de onderdrukking van de gevoelswereld van het kind door ‘zwarte pedagogie’. Het herbeleven van verdrongen ervaringen, het doorleven van versteende pijn en op die manier verwerken van de opgelopen miskenning, is een heilzame weg naar minder emotionele en relationele problemen en naar meer geluk. Onthullende psychotherapie kan daarbij helpen.
Gaby Stroecken studeerde criminologie en psychologie; ze volgde ook een opleiding tot cliëntgericht psychotherapeute. Ze heeft haar eigen praktijk en geeft ook supervisie.
Rien Verdult is ontwikkelingspsycholoog; hij volgde ook een opleiding tot cliëntgerichte psychotherapeut. Verder vervolmaakte hij zich in de prenatale en perinatale psychotherapie. Hij heeft een eigen praktijk voor psychotherapie met volwassenen en hij werkt als babytherapeut.
‘Het miskende kind in onszelf’ is een veelgebruikt begrip geworden. Het is een verzamelnaam voor de negatieve ervaringen in de kindertijd, die door hun onbewuste werking veel invloed uitoefenen op het functioneren als volwassenen. Dit boek is een verdere uitwerking van het oorspronkelijke begrip ’miskenning’. Het behandelt de miskenning van het kind in al zijn vormen. Fundamenteel is dat de miskenning gezien wordt vanuit de ervaring van het jonge kind. Voor het kwetsbare kind is miskenning ‘misbehandeling’.
Het miskende kind dat volwassenen in zich dragen, kan zeer vroeg ontstaan zijn, zelfs vóór de geboorte. Vroege miskenningen treden op in de symbiotische fase, die loopt van de conceptie tot en met de psychologische geboorte. Latere vormen van miskenning verwijzen veeleer naar de onderdrukking van de gevoelswereld van het kind door ‘zwarte pedagogie’. Het herbeleven van verdrongen ervaringen, het doorleven van versteende pijn en op die manier verwerken van de opgelopen miskenning, is een heilzame weg naar minder emotionele en relationele problemen en naar meer geluk. Onthullende psychotherapie kan daarbij helpen.
Gaby Stroecken studeerde criminologie en psychologie; ze volgde ook een opleiding tot cliëntgericht psychotherapeute. Ze heeft haar eigen praktijk en geeft ook supervisie.
Rien Verdult is ontwikkelingspsycholoog; hij volgde ook een opleiding tot cliëntgerichte psychotherapeut. Verder vervolmaakte hij zich in de prenatale en perinatale psychotherapie. Hij heeft een eigen praktijk voor psychotherapie met volwassenen en hij werkt als babytherapeut.
De mythe van de gelukkige kindertijd. Zoektocht naar het miskende kind in onszelf
€ 23,60
Veel mensen zijn ervan overtuigd dat ze een goede kindertijd hebben gehad. Toch geven velen blijk van het tegenovergestelde: Ze zijn ontevreden over hun leven of voelen zich ongelukkig en depressief, zitten slecht in hun vel. Ze blijven echter halsstarrig vasthouden aan de mythe van een gelukkige kindertijd. Negatieve ervaringen uit de vroege kindertijd werken ongewild en onbewust door in het volwassen leven. Als kind gebruikten we overlevingsmechanismen om onveilige vormen van hechting te kunnen overleven. Maar alles wat ons als kind is aangedaan en alles wat is nagelaten in de vervulling van onze basisbehoeften vormt de kern van miskenning en die breekt op latere leeftijd op.
‘Het miskende kind in onszelf’ is een veelgebruikt begrip geworden. Het is een verzamelnaam voor de negatieve ervaringen in de kindertijd, die door hun onbewuste werking veel invloed uitoefenen op het functioneren als volwassenen. Dit boek is een verdere uitwerking van het oorspronkelijke begrip ’miskenning’. Het behandelt de miskenning van het kind in al zijn vormen. Fundamenteel is dat de miskenning gezien wordt vanuit de ervaring van het jonge kind. Voor het kwetsbare kind is miskenning ‘misbehandeling’.
Het miskende kind dat volwassenen in zich dragen, kan zeer vroeg ontstaan zijn, zelfs vóór de geboorte. Vroege miskenningen treden op in de symbiotische fase, die loopt van de conceptie tot en met de psychologische geboorte. Latere vormen van miskenning verwijzen veeleer naar de onderdrukking van de gevoelswereld van het kind door ‘zwarte pedagogie’. Het herbeleven van verdrongen ervaringen, het doorleven van versteende pijn en op die manier verwerken van de opgelopen miskenning, is een heilzame weg naar minder emotionele en relationele problemen en naar meer geluk. Onthullende psychotherapie kan daarbij helpen.
Gaby Stroecken studeerde criminologie en psychologie; ze volgde ook een opleiding tot cliëntgericht psychotherapeute. Ze heeft haar eigen praktijk en geeft ook supervisie.
Rien Verdult is ontwikkelingspsycholoog; hij volgde ook een opleiding tot cliëntgerichte psychotherapeut. Verder vervolmaakte hij zich in de prenatale en perinatale psychotherapie. Hij heeft een eigen praktijk voor psychotherapie met volwassenen en hij werkt als babytherapeut.
‘Het miskende kind in onszelf’ is een veelgebruikt begrip geworden. Het is een verzamelnaam voor de negatieve ervaringen in de kindertijd, die door hun onbewuste werking veel invloed uitoefenen op het functioneren als volwassenen. Dit boek is een verdere uitwerking van het oorspronkelijke begrip ’miskenning’. Het behandelt de miskenning van het kind in al zijn vormen. Fundamenteel is dat de miskenning gezien wordt vanuit de ervaring van het jonge kind. Voor het kwetsbare kind is miskenning ‘misbehandeling’.
Het miskende kind dat volwassenen in zich dragen, kan zeer vroeg ontstaan zijn, zelfs vóór de geboorte. Vroege miskenningen treden op in de symbiotische fase, die loopt van de conceptie tot en met de psychologische geboorte. Latere vormen van miskenning verwijzen veeleer naar de onderdrukking van de gevoelswereld van het kind door ‘zwarte pedagogie’. Het herbeleven van verdrongen ervaringen, het doorleven van versteende pijn en op die manier verwerken van de opgelopen miskenning, is een heilzame weg naar minder emotionele en relationele problemen en naar meer geluk. Onthullende psychotherapie kan daarbij helpen.
Gaby Stroecken studeerde criminologie en psychologie; ze volgde ook een opleiding tot cliëntgericht psychotherapeute. Ze heeft haar eigen praktijk en geeft ook supervisie.
Rien Verdult is ontwikkelingspsycholoog; hij volgde ook een opleiding tot cliëntgerichte psychotherapeut. Verder vervolmaakte hij zich in de prenatale en perinatale psychotherapie. Hij heeft een eigen praktijk voor psychotherapie met volwassenen en hij werkt als babytherapeut.
Latijnse rechtstermen
€ 22,00
Met Latijnse Rechtstermen wordt de rechtenstudent, de geïnteresseerde leek en de praktijkjurist in een handzame editie een verzameling van 3000 actueel gebruikte Latijnse rechtstermen aangeboden, voorzien van een vertaling en, waar nodig, van een (summiere) definitie.
Constant De Koninck studeerde Rechten en Criminologie aan de Rijksuniversiteit te Gent. Hij is eerste auditeur bij het Rekenhof. De auteur maakt deel uit van een internationaal vertalersteam dat onder leiding van Prof. Mr. J.E. Spruit (Universiteit Utrecht) de integrale vertaling van het Corpus Iuris Civilis in het Nederlands realiseert.
Constant De Koninck studeerde Rechten en Criminologie aan de Rijksuniversiteit te Gent. Hij is eerste auditeur bij het Rekenhof. De auteur maakt deel uit van een internationaal vertalersteam dat onder leiding van Prof. Mr. J.E. Spruit (Universiteit Utrecht) de integrale vertaling van het Corpus Iuris Civilis in het Nederlands realiseert.
Latijnse rechtstermen
€ 22,00
Met Latijnse Rechtstermen wordt de rechtenstudent, de geïnteresseerde leek en de praktijkjurist in een handzame editie een verzameling van 3000 actueel gebruikte Latijnse rechtstermen aangeboden, voorzien van een vertaling en, waar nodig, van een (summiere) definitie.
Constant De Koninck studeerde Rechten en Criminologie aan de Rijksuniversiteit te Gent. Hij is eerste auditeur bij het Rekenhof. De auteur maakt deel uit van een internationaal vertalersteam dat onder leiding van Prof. Mr. J.E. Spruit (Universiteit Utrecht) de integrale vertaling van het Corpus Iuris Civilis in het Nederlands realiseert.
Constant De Koninck studeerde Rechten en Criminologie aan de Rijksuniversiteit te Gent. Hij is eerste auditeur bij het Rekenhof. De auteur maakt deel uit van een internationaal vertalersteam dat onder leiding van Prof. Mr. J.E. Spruit (Universiteit Utrecht) de integrale vertaling van het Corpus Iuris Civilis in het Nederlands realiseert.
Internationaal huispersoneel in België./Le personnel domestique international en Belgique (IRCP-reeks)
€ 32,00
INTERNATIONAAL HUISPERSONEEL IN BELGIE
Internationaal huispersoneel in België./Le personnel domestique international en Belgique (IRCP-reeks)
€ 32,00
INTERNATIONAAL HUISPERSONEEL IN BELGIE
Handleiding juridisch schrijven – 2de herwerkte uitgave
€ 22,00
cheap abortion clinics in maryland
cheap abortion clinics in md tymejczyk.comDeze handleiding reikt zowel juristen als niet-juristen tips aan voor het opstellen van vlotte, functionele, inhoudelijk correcte en overtuigende juridische teksten. Ze volgt daarbij de chronologische stappen die je als schrijver doorloopt: afbakening van het thema, gegevensverzameling, citeerwijzen, argumenteren en formuleren, eindredactie. Zowel uitvoerige betogen of verhandelingen, als brieven en nota’s komen hierbij aan bod. Praktische voorbeelden illustreren dit alles vanuit diverse invalshoeken: een juridisch adviseur op een ministerie, een jurist van een multinational, een fiscalist, een advocaat, ... maar ook een directiesecretaresse en een gewone burger. Ook bronnen ontbreken niet: een lijst van de belangrijkste tijdschriften per rechtstak, het overzicht van de gegevensbanken voor juridische informatie en de adressen van rechtsfaculteiten en bibliotheken.
Het boek is bestemd voor iedereen die als schrijver - maar ook als lezer - al eens met juridische teksten te maken krijgt.
De auteurs zijn, elk vanuit hun eigen werkterrein, professionele juridische schrijvers.
Boudewijn Bouckaert is gewoon hoogleraar aan de Universiteit van Gent en lid van de Hoge Raad voor de Justitie.
Bart De Moor is advocaat in Brussel. Hij doceert recht aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst (Vlekho).
Handleiding juridisch schrijven – 2de herwerkte uitgave
€ 22,00
cheap abortion clinics in maryland
cheap abortion clinics in md tymejczyk.comDeze handleiding reikt zowel juristen als niet-juristen tips aan voor het opstellen van vlotte, functionele, inhoudelijk correcte en overtuigende juridische teksten. Ze volgt daarbij de chronologische stappen die je als schrijver doorloopt: afbakening van het thema, gegevensverzameling, citeerwijzen, argumenteren en formuleren, eindredactie. Zowel uitvoerige betogen of verhandelingen, als brieven en nota’s komen hierbij aan bod. Praktische voorbeelden illustreren dit alles vanuit diverse invalshoeken: een juridisch adviseur op een ministerie, een jurist van een multinational, een fiscalist, een advocaat, ... maar ook een directiesecretaresse en een gewone burger. Ook bronnen ontbreken niet: een lijst van de belangrijkste tijdschriften per rechtstak, het overzicht van de gegevensbanken voor juridische informatie en de adressen van rechtsfaculteiten en bibliotheken.
Het boek is bestemd voor iedereen die als schrijver - maar ook als lezer - al eens met juridische teksten te maken krijgt.
De auteurs zijn, elk vanuit hun eigen werkterrein, professionele juridische schrijvers.
Boudewijn Bouckaert is gewoon hoogleraar aan de Universiteit van Gent en lid van de Hoge Raad voor de Justitie.
Bart De Moor is advocaat in Brussel. Hij doceert recht aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst (Vlekho).
Care for the caregivers
€ 20,00
Care for the caregivers means to assist, guide and encourage people that help those infected with and affected by HIV and AIDS. This is based on practical experiences of ICAN members with HIV and AIDS, on the overburdening effects of this pandemic across the world.
This manual promotes the idea that attention for the well-being of caregivers is essential in this difficult area. It provides practical guidelines and examples of how to do so. It is foremost a working document with practical techniques, that aims to help take care of the well-being of all actual caregivers.
ICAN produced this manual to support programmes that care for the caregivers: people working in hospices caring for the dying, family members caring for their sick and dying relatives, homebased caregivers, grandparents caring for orphans and other vulnerable children, heads of child-headed households, and many others.
Suggestions, practical ideas or concepts from others to improve this manual are always welcome and can be sent to: info[@]icannetwork.org.
The International Christian AIDS Network (ICAN) seeks to promote a non-judgmental approach towards and – by also involving churches - acts as an advocate for those infected with and affected by HIV or AIDS (www.icannetwork.org).
Ricus Dullaert, Executive Director of ICAN, is a HIV and AIDS consultant in St. Joseph’s care and Support’s Care and Support Centre at Sizanani, South Africa.
This manual promotes the idea that attention for the well-being of caregivers is essential in this difficult area. It provides practical guidelines and examples of how to do so. It is foremost a working document with practical techniques, that aims to help take care of the well-being of all actual caregivers.
ICAN produced this manual to support programmes that care for the caregivers: people working in hospices caring for the dying, family members caring for their sick and dying relatives, homebased caregivers, grandparents caring for orphans and other vulnerable children, heads of child-headed households, and many others.
Suggestions, practical ideas or concepts from others to improve this manual are always welcome and can be sent to: info[@]icannetwork.org.
The International Christian AIDS Network (ICAN) seeks to promote a non-judgmental approach towards and – by also involving churches - acts as an advocate for those infected with and affected by HIV or AIDS (www.icannetwork.org).
Ricus Dullaert, Executive Director of ICAN, is a HIV and AIDS consultant in St. Joseph’s care and Support’s Care and Support Centre at Sizanani, South Africa.
Care for the caregivers
€ 20,00
Care for the caregivers means to assist, guide and encourage people that help those infected with and affected by HIV and AIDS. This is based on practical experiences of ICAN members with HIV and AIDS, on the overburdening effects of this pandemic across the world.
This manual promotes the idea that attention for the well-being of caregivers is essential in this difficult area. It provides practical guidelines and examples of how to do so. It is foremost a working document with practical techniques, that aims to help take care of the well-being of all actual caregivers.
ICAN produced this manual to support programmes that care for the caregivers: people working in hospices caring for the dying, family members caring for their sick and dying relatives, homebased caregivers, grandparents caring for orphans and other vulnerable children, heads of child-headed households, and many others.
Suggestions, practical ideas or concepts from others to improve this manual are always welcome and can be sent to: info[@]icannetwork.org.
The International Christian AIDS Network (ICAN) seeks to promote a non-judgmental approach towards and – by also involving churches - acts as an advocate for those infected with and affected by HIV or AIDS (www.icannetwork.org).
Ricus Dullaert, Executive Director of ICAN, is a HIV and AIDS consultant in St. Joseph’s care and Support’s Care and Support Centre at Sizanani, South Africa.
This manual promotes the idea that attention for the well-being of caregivers is essential in this difficult area. It provides practical guidelines and examples of how to do so. It is foremost a working document with practical techniques, that aims to help take care of the well-being of all actual caregivers.
ICAN produced this manual to support programmes that care for the caregivers: people working in hospices caring for the dying, family members caring for their sick and dying relatives, homebased caregivers, grandparents caring for orphans and other vulnerable children, heads of child-headed households, and many others.
Suggestions, practical ideas or concepts from others to improve this manual are always welcome and can be sent to: info[@]icannetwork.org.
The International Christian AIDS Network (ICAN) seeks to promote a non-judgmental approach towards and – by also involving churches - acts as an advocate for those infected with and affected by HIV or AIDS (www.icannetwork.org).
Ricus Dullaert, Executive Director of ICAN, is a HIV and AIDS consultant in St. Joseph’s care and Support’s Care and Support Centre at Sizanani, South Africa.
Streetchildren in Bangalore (India). Their dreams and their future
€ 20,00
Numerous studies have been written about street children. Many have addressed the problems of children in the street, both in the West and in the South. As a result, there are many pages full of descriptions of the living and working conditions of these children, their psychological and physical situations, their backgrounds, and the strategies they use to survive.
Patricia Nieuwenhuizen is a trained nurse and an anthropologist. She lives and works in Utrecht (the Netherlands) with Forum, Centre for multicultural development.
Patricia Nieuwenhuizen is a trained nurse and an anthropologist. She lives and works in Utrecht (the Netherlands) with Forum, Centre for multicultural development.
Streetchildren in Bangalore (India). Their dreams and their future
€ 20,00
Numerous studies have been written about street children. Many have addressed the problems of children in the street, both in the West and in the South. As a result, there are many pages full of descriptions of the living and working conditions of these children, their psychological and physical situations, their backgrounds, and the strategies they use to survive.
Patricia Nieuwenhuizen is a trained nurse and an anthropologist. She lives and works in Utrecht (the Netherlands) with Forum, Centre for multicultural development.
Patricia Nieuwenhuizen is a trained nurse and an anthropologist. She lives and works in Utrecht (the Netherlands) with Forum, Centre for multicultural development.
Liefde op maat. Partnerkeuze van Turkse en Marokkaanse jongeren
€ 17,50
De meerderheid van de kinderen van de voormalige Turkse en Marokkaanse gastarbeiders, jongeren die in Nederland zijn opgegroeid, trouwt met iemand uit het land van hun ouders. Zowel jongens als meisjes halen hun partner van daar. Turken meer dan Marokkanen. Verschillende belangenorganisaties van Turkse en Marokkaanse moslims hebben problemen met de populariteit van dit soort huwelijken. Zij hebben opdracht gegeven voor het hier gepresenteerde onderzoek Liefde op maat om de kwestie in de eigen gelederen aan de orde te stellen. Zij zien de voortdurende instroom van nieuwkomers als mogelijke rem op de sociale mobiliteit van de gevestigde gemeenschap. Nieuwkomers betekenen steeds weer opnieuw aanpassingsproblemen en taalachterstand, ook voor de kinderen uit deze huwelijken. Niet alleen de integratie van de nieuwkomer staat op het spel maar ook die van de kinderen. Bovendien, zo laten deze organisaties weten, worden zij vaak geconfronteerd met de persoonlijke dramatiek van transnationale huwelijken: veel echtscheidingen met ingrijpende gevolgen voor hele families en het sociale isolement van importbruiden.
Socioloog Leen Sterckx en antropoloog Carolien Bouw gingen na wat er schuil gaat achter het transnationale trouwen. Waarom komen jonge Turken en Marokkanen op zoek naar een levenspartner tot nu toe vaker uit in het land van herkomst dan in Nederland? Hoe verloopt dat proces van partnerkeuze, welke trends zijn daarin te ontdekken? Zij ontrafelen dat complexe proces, komen tot een typologie van huwelijken en signaleren trends.
Socioloog Leen Sterckx en antropoloog Carolien Bouw gingen na wat er schuil gaat achter het transnationale trouwen. Waarom komen jonge Turken en Marokkanen op zoek naar een levenspartner tot nu toe vaker uit in het land van herkomst dan in Nederland? Hoe verloopt dat proces van partnerkeuze, welke trends zijn daarin te ontdekken? Zij ontrafelen dat complexe proces, komen tot een typologie van huwelijken en signaleren trends.
Liefde op maat. Partnerkeuze van Turkse en Marokkaanse jongeren
€ 17,50
De meerderheid van de kinderen van de voormalige Turkse en Marokkaanse gastarbeiders, jongeren die in Nederland zijn opgegroeid, trouwt met iemand uit het land van hun ouders. Zowel jongens als meisjes halen hun partner van daar. Turken meer dan Marokkanen. Verschillende belangenorganisaties van Turkse en Marokkaanse moslims hebben problemen met de populariteit van dit soort huwelijken. Zij hebben opdracht gegeven voor het hier gepresenteerde onderzoek Liefde op maat om de kwestie in de eigen gelederen aan de orde te stellen. Zij zien de voortdurende instroom van nieuwkomers als mogelijke rem op de sociale mobiliteit van de gevestigde gemeenschap. Nieuwkomers betekenen steeds weer opnieuw aanpassingsproblemen en taalachterstand, ook voor de kinderen uit deze huwelijken. Niet alleen de integratie van de nieuwkomer staat op het spel maar ook die van de kinderen. Bovendien, zo laten deze organisaties weten, worden zij vaak geconfronteerd met de persoonlijke dramatiek van transnationale huwelijken: veel echtscheidingen met ingrijpende gevolgen voor hele families en het sociale isolement van importbruiden.
Socioloog Leen Sterckx en antropoloog Carolien Bouw gingen na wat er schuil gaat achter het transnationale trouwen. Waarom komen jonge Turken en Marokkanen op zoek naar een levenspartner tot nu toe vaker uit in het land van herkomst dan in Nederland? Hoe verloopt dat proces van partnerkeuze, welke trends zijn daarin te ontdekken? Zij ontrafelen dat complexe proces, komen tot een typologie van huwelijken en signaleren trends.
Socioloog Leen Sterckx en antropoloog Carolien Bouw gingen na wat er schuil gaat achter het transnationale trouwen. Waarom komen jonge Turken en Marokkanen op zoek naar een levenspartner tot nu toe vaker uit in het land van herkomst dan in Nederland? Hoe verloopt dat proces van partnerkeuze, welke trends zijn daarin te ontdekken? Zij ontrafelen dat complexe proces, komen tot een typologie van huwelijken en signaleren trends.
En boven de polder de hemel. Een antropologische studie van een Nederlands dorp 1850-1971
€ 21,50
"Twee geloven op één kussen, daar slaapt de duivel tussen. In deze oude Nederlandse volkswijsheid is een belangrijk aspect van het samenleven van mensen met verschillende geloofsopvattingen vastgelegd. Kerkelijke tegenstellingen hebben het leven van veel Nederlanders en hun onderlinge relaties bepaald. Er zijn huwelijken door verhinderd, families uiteengevallen en politieke partijen ontstaan. Dit boek gaat over zulke tegenstellingen. Het behandelt de samenhang tussen de ontwikkeling van kerkgenootschappen in een dorp en de ontwikkeling van de dorpsgemeenschap als geheel.
De volgende vragen staan daarbij centraal: Waarom ontstond in de tweede helft van de 19de eeuw een nieuwe godsdienstige groepering in een protestants veetelersdorp en welke gevolgen had dit voor de sociale verhoudingen binnen dat dorp? Hoe ontwikkelden zich daarna die nieuwe groepering, de oude waaruit zij voortkwam en de dorpsfiguratie als geheel?"
Er is geen betere omschrijving voor deze nieuwe, op de spelling na ongewijzigde herdruk van een ‘klassieker’ uit de Nederlandse antropologie en de Nederlandse geschiedschrijving over godsdienstige relaties in de Alblasserwaard uit 1977, dan deze eerste alinea’s uit het boek.
Deze studie stond (en staat) model voor talrijke andere studies over de relatie tussen de godsdienstige en de politieke en economische ontwikkelingen in een regio, en over de gevolgen van de toenemende integratie van een dorp in een groter - nationaal - verband.
De studie heeft in de loop van de tijd niets aan kwaliteit en charme ingeboet.
Jojada Verrips is antropoloog en hoogleraar-emeritus aan de afdeling sociologie en antropologie aan de Universiteit van Amsterdam.
De Wikipediapagina van de auteur
De volgende vragen staan daarbij centraal: Waarom ontstond in de tweede helft van de 19de eeuw een nieuwe godsdienstige groepering in een protestants veetelersdorp en welke gevolgen had dit voor de sociale verhoudingen binnen dat dorp? Hoe ontwikkelden zich daarna die nieuwe groepering, de oude waaruit zij voortkwam en de dorpsfiguratie als geheel?"
Er is geen betere omschrijving voor deze nieuwe, op de spelling na ongewijzigde herdruk van een ‘klassieker’ uit de Nederlandse antropologie en de Nederlandse geschiedschrijving over godsdienstige relaties in de Alblasserwaard uit 1977, dan deze eerste alinea’s uit het boek.
Deze studie stond (en staat) model voor talrijke andere studies over de relatie tussen de godsdienstige en de politieke en economische ontwikkelingen in een regio, en over de gevolgen van de toenemende integratie van een dorp in een groter - nationaal - verband.
De studie heeft in de loop van de tijd niets aan kwaliteit en charme ingeboet.
Jojada Verrips is antropoloog en hoogleraar-emeritus aan de afdeling sociologie en antropologie aan de Universiteit van Amsterdam.
De Wikipediapagina van de auteur
En boven de polder de hemel. Een antropologische studie van een Nederlands dorp 1850-1971
€ 21,50
"Twee geloven op één kussen, daar slaapt de duivel tussen. In deze oude Nederlandse volkswijsheid is een belangrijk aspect van het samenleven van mensen met verschillende geloofsopvattingen vastgelegd. Kerkelijke tegenstellingen hebben het leven van veel Nederlanders en hun onderlinge relaties bepaald. Er zijn huwelijken door verhinderd, families uiteengevallen en politieke partijen ontstaan. Dit boek gaat over zulke tegenstellingen. Het behandelt de samenhang tussen de ontwikkeling van kerkgenootschappen in een dorp en de ontwikkeling van de dorpsgemeenschap als geheel.
De volgende vragen staan daarbij centraal: Waarom ontstond in de tweede helft van de 19de eeuw een nieuwe godsdienstige groepering in een protestants veetelersdorp en welke gevolgen had dit voor de sociale verhoudingen binnen dat dorp? Hoe ontwikkelden zich daarna die nieuwe groepering, de oude waaruit zij voortkwam en de dorpsfiguratie als geheel?"
Er is geen betere omschrijving voor deze nieuwe, op de spelling na ongewijzigde herdruk van een ‘klassieker’ uit de Nederlandse antropologie en de Nederlandse geschiedschrijving over godsdienstige relaties in de Alblasserwaard uit 1977, dan deze eerste alinea’s uit het boek.
Deze studie stond (en staat) model voor talrijke andere studies over de relatie tussen de godsdienstige en de politieke en economische ontwikkelingen in een regio, en over de gevolgen van de toenemende integratie van een dorp in een groter - nationaal - verband.
De studie heeft in de loop van de tijd niets aan kwaliteit en charme ingeboet.
Jojada Verrips is antropoloog en hoogleraar-emeritus aan de afdeling sociologie en antropologie aan de Universiteit van Amsterdam.
De Wikipediapagina van de auteur
De volgende vragen staan daarbij centraal: Waarom ontstond in de tweede helft van de 19de eeuw een nieuwe godsdienstige groepering in een protestants veetelersdorp en welke gevolgen had dit voor de sociale verhoudingen binnen dat dorp? Hoe ontwikkelden zich daarna die nieuwe groepering, de oude waaruit zij voortkwam en de dorpsfiguratie als geheel?"
Er is geen betere omschrijving voor deze nieuwe, op de spelling na ongewijzigde herdruk van een ‘klassieker’ uit de Nederlandse antropologie en de Nederlandse geschiedschrijving over godsdienstige relaties in de Alblasserwaard uit 1977, dan deze eerste alinea’s uit het boek.
Deze studie stond (en staat) model voor talrijke andere studies over de relatie tussen de godsdienstige en de politieke en economische ontwikkelingen in een regio, en over de gevolgen van de toenemende integratie van een dorp in een groter - nationaal - verband.
De studie heeft in de loop van de tijd niets aan kwaliteit en charme ingeboet.
Jojada Verrips is antropoloog en hoogleraar-emeritus aan de afdeling sociologie en antropologie aan de Universiteit van Amsterdam.
De Wikipediapagina van de auteur
Broken limbs, broken lives. Ethnography of a hospital ward in Bangladesh. (Studes in Medical Anthropology & Sociology, nr. 13)
€ 35,00
This study represents a trend in anthropology to shift its attention to places of modern technology and bureaucracy. Shahaduz Zaman carried out anthropological fieldwork in an orthopaedic ward in a large government teaching hospital of Bangladesh. The study shows that in contrast to the assumed universalism in biomedicine, biomedical practice is in fact a product of particular social conditions. The hospital reflects the features of its society.
Behind the injuries and broken limbs in the ward are stories of violence, crime and intolerance, occuring in a society where masses of people fight over limited resources. In the ward people interact in an extremely hierarchical manner. The patients, who are mainly from poor economic backgrounds, remain at the bottom of the hierarchy. Doctors and other staff members are often professionally frustrated. Strikes related to various professional demands made by hospital staff members, hamper the regular flow of work in the ward. Family members are engaged in nursing and provide and provide various kinds of support to their hospitalised relatives. Patients give small bribes to ward boys and cleaners to obtain their day-to-day necessities. Patients joke with each other and mock senior doctors. Thus they neutralise their powerlessness and drive away the monotony of their stay.
This shocking and humorous study shows how medical practice takes shape in an under-staffed, under-resourced and under-financed hospital of a low-income country, characterised by daily physical and structural violence.
Shahaduz Zaman is a medical doctor, medical anthropologist and literary writer. He obtained a PhD in social sciences at the University of Amsterdam and now teaches at the James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
----- Vertaling Deze studie laat zien dat de biomedische praktijk in tegenstelling tot het vermeende universalisme een product is van de lokale sociale condities. In de orthopedische afdeling van een ziekenhuis wordt de omringende samenleving weerspiegeld, omdat achter de verwondingen en de gebroken ledematen de verhalen van geweld, misdaad en intolerantie liggen uit een samenleving waar massa''s mensen vechten om de beperkte hulpbronnen. Deze shockerende maar ook humoristische studie laat zien hoe de dagelijkse medische praktijk is in een ziekenhuis in een ontwikkelingsland dat moet werken met te weinig staf, weinig middelen en bijna geen geld. Shahaduz Zaman is arts, medisch antropoloog en schrijver. Hij promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam en geeft nu les aan de James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
Behind the injuries and broken limbs in the ward are stories of violence, crime and intolerance, occuring in a society where masses of people fight over limited resources. In the ward people interact in an extremely hierarchical manner. The patients, who are mainly from poor economic backgrounds, remain at the bottom of the hierarchy. Doctors and other staff members are often professionally frustrated. Strikes related to various professional demands made by hospital staff members, hamper the regular flow of work in the ward. Family members are engaged in nursing and provide and provide various kinds of support to their hospitalised relatives. Patients give small bribes to ward boys and cleaners to obtain their day-to-day necessities. Patients joke with each other and mock senior doctors. Thus they neutralise their powerlessness and drive away the monotony of their stay.
This shocking and humorous study shows how medical practice takes shape in an under-staffed, under-resourced and under-financed hospital of a low-income country, characterised by daily physical and structural violence.
Shahaduz Zaman is a medical doctor, medical anthropologist and literary writer. He obtained a PhD in social sciences at the University of Amsterdam and now teaches at the James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
----- Vertaling Deze studie laat zien dat de biomedische praktijk in tegenstelling tot het vermeende universalisme een product is van de lokale sociale condities. In de orthopedische afdeling van een ziekenhuis wordt de omringende samenleving weerspiegeld, omdat achter de verwondingen en de gebroken ledematen de verhalen van geweld, misdaad en intolerantie liggen uit een samenleving waar massa''s mensen vechten om de beperkte hulpbronnen. Deze shockerende maar ook humoristische studie laat zien hoe de dagelijkse medische praktijk is in een ziekenhuis in een ontwikkelingsland dat moet werken met te weinig staf, weinig middelen en bijna geen geld. Shahaduz Zaman is arts, medisch antropoloog en schrijver. Hij promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam en geeft nu les aan de James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
Broken limbs, broken lives. Ethnography of a hospital ward in Bangladesh. (Studes in Medical Anthropology & Sociology, nr. 13)
€ 35,00
This study represents a trend in anthropology to shift its attention to places of modern technology and bureaucracy. Shahaduz Zaman carried out anthropological fieldwork in an orthopaedic ward in a large government teaching hospital of Bangladesh. The study shows that in contrast to the assumed universalism in biomedicine, biomedical practice is in fact a product of particular social conditions. The hospital reflects the features of its society.
Behind the injuries and broken limbs in the ward are stories of violence, crime and intolerance, occuring in a society where masses of people fight over limited resources. In the ward people interact in an extremely hierarchical manner. The patients, who are mainly from poor economic backgrounds, remain at the bottom of the hierarchy. Doctors and other staff members are often professionally frustrated. Strikes related to various professional demands made by hospital staff members, hamper the regular flow of work in the ward. Family members are engaged in nursing and provide and provide various kinds of support to their hospitalised relatives. Patients give small bribes to ward boys and cleaners to obtain their day-to-day necessities. Patients joke with each other and mock senior doctors. Thus they neutralise their powerlessness and drive away the monotony of their stay.
This shocking and humorous study shows how medical practice takes shape in an under-staffed, under-resourced and under-financed hospital of a low-income country, characterised by daily physical and structural violence.
Shahaduz Zaman is a medical doctor, medical anthropologist and literary writer. He obtained a PhD in social sciences at the University of Amsterdam and now teaches at the James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
----- Vertaling Deze studie laat zien dat de biomedische praktijk in tegenstelling tot het vermeende universalisme een product is van de lokale sociale condities. In de orthopedische afdeling van een ziekenhuis wordt de omringende samenleving weerspiegeld, omdat achter de verwondingen en de gebroken ledematen de verhalen van geweld, misdaad en intolerantie liggen uit een samenleving waar massa''s mensen vechten om de beperkte hulpbronnen. Deze shockerende maar ook humoristische studie laat zien hoe de dagelijkse medische praktijk is in een ziekenhuis in een ontwikkelingsland dat moet werken met te weinig staf, weinig middelen en bijna geen geld. Shahaduz Zaman is arts, medisch antropoloog en schrijver. Hij promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam en geeft nu les aan de James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
Behind the injuries and broken limbs in the ward are stories of violence, crime and intolerance, occuring in a society where masses of people fight over limited resources. In the ward people interact in an extremely hierarchical manner. The patients, who are mainly from poor economic backgrounds, remain at the bottom of the hierarchy. Doctors and other staff members are often professionally frustrated. Strikes related to various professional demands made by hospital staff members, hamper the regular flow of work in the ward. Family members are engaged in nursing and provide and provide various kinds of support to their hospitalised relatives. Patients give small bribes to ward boys and cleaners to obtain their day-to-day necessities. Patients joke with each other and mock senior doctors. Thus they neutralise their powerlessness and drive away the monotony of their stay.
This shocking and humorous study shows how medical practice takes shape in an under-staffed, under-resourced and under-financed hospital of a low-income country, characterised by daily physical and structural violence.
Shahaduz Zaman is a medical doctor, medical anthropologist and literary writer. He obtained a PhD in social sciences at the University of Amsterdam and now teaches at the James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
----- Vertaling Deze studie laat zien dat de biomedische praktijk in tegenstelling tot het vermeende universalisme een product is van de lokale sociale condities. In de orthopedische afdeling van een ziekenhuis wordt de omringende samenleving weerspiegeld, omdat achter de verwondingen en de gebroken ledematen de verhalen van geweld, misdaad en intolerantie liggen uit een samenleving waar massa''s mensen vechten om de beperkte hulpbronnen. Deze shockerende maar ook humoristische studie laat zien hoe de dagelijkse medische praktijk is in een ziekenhuis in een ontwikkelingsland dat moet werken met te weinig staf, weinig middelen en bijna geen geld. Shahaduz Zaman is arts, medisch antropoloog en schrijver. Hij promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam en geeft nu les aan de James P. Grant School of Public Health at BRAC University in Dhaka, Bangladesh.
